02 Regionale detailhandelsvisie West-Friesland_onderzoeksrapport
Tekst van het document
2.
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland
Westfriese gemeenten 12 juni 2024
2
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
Inhoudsopgave 1
Inleiding
3
2
Trends voor West-Friesland
4
2.1 2.1.1 2.1.2 2.2 2.2.1 2.2.2
3
Ontwikkelingen vraag 3.1 3.2 3.3 3.4
4
Trends aan de vraagzijde ........................................................................ 4 De vijf meest bepalende trends .............................................................. 4 Wat betekenen deze trends voor de winkelstructuur en -gebieden in West-Friesland? .................................................................................... 7 Trends aan de aanbodzijde ..................................................................... 8 De vijf meest bepalende trends .............................................................. 8 Wat betekenen deze trends voor de winkelstructuur en -gebieden in West-Friesland? .................................................................................... 9
Koopstromen .......................................................................................... 11 Demografische en woningbouwontwikkeling ..................................... 16 Toeristische bestedingen ...................................................................... 19 Werkgelegenheid ................................................................................... 20
Ontwikkelingen aanbod 4.1 4.2 4.3 4.3.1 4.4
11
22
Beschrijving winkelaanbod op regioniveau ......................................... 22 Beschrijving winkelaanbod op gemeenteniveau ................................ 23 Beschrijving winkelaanbod op winkelgebied-niveau .......................... 25 Winkelstructuur ...................................................................................... 25 Plancapaciteit en initiatieven: 12.620 m² wvo...................................... 28
5
Confrontatie vraag-aanbod
30
6
Bijlage
31
6.1 6.2 6.3 6.4 6.5
Definities en begrippen ......................................................................... 31 Kerngegevens recreatieve centra ......................................................... 33 Kerngegevens volumineuze clusters.................................................... 34 Kerngegevens centrale boodschappencentra ..................................... 35 Kerngegevens ondersteunende boodschappencentra ....................... 43
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
1 Inleiding Net als op veel plekken in het land staat de detailhandel in de regio West-Friesland onder druk. Hoewel de leegstand relatief beperkt is (4,8% in oktober 2022), hebben structurele ontwikkelingen (zoals internetwinkelen, demografie, consumentengedrag) haar weerslag de komende jaren. Bovendien is door de coronacrisis het consumentengedrag en economisch klimaat, zeker voor detailhandel, acuut en ingrijpend veranderd. Provincie Noord-Holland vraagt van de regio’s periodiek een regionale detailhandelsvisie op te stellen. In dat licht is de bestaande regionale detailhandelsvisie uit 2015 in dit document geactualiseerd. In deze regionale detailhandelsvisie ligt de focus op het versterken en veerkrachtiger maken van de detailhandelsstructuur in West-Friesland. Het voeren van een regionaal beleid is een noodzaak, omdat de schaal waarop consumenten en marktpartijen opereren gemeentegrenzen overstijgen. Regionale samenwerking is hierbij van belang. Regio West-Friesland De regio West-Friesland bestaat uit zeven gemeenten. Hoorn is hiervan de meest verstedelijkte gemeente, met de woonkernen Hoorn, Zwaag en Blokker. Stede Broec en Enkhuizen zijn ook relatief verstedelijkt. Medemblik is de qua oppervlakte de grootste gemeente, met woonkern Medemblik als belangrijkste kern.
De gemeente Drechterland, Koggenland en Opmeer hebben een meer landelijk karakter met een relatief lage bevolkingsdichtheid. Figuur 1: Overzichtskaart van de regio
Bron: Stec Groep, 2020.
Leeswijzer In dit document - het onderzoeksrapport – leest u de belangrijkste feiten, cijfers en ontwikkelingen in de Westfriese detailhandel en detailhandelsstructuur. Telkens wordt, waar mogelijk, vergeleken met de situatie van de vorige regionale detailhandelsvisie (2015). Dit document dient als achtergrond bij de regionale visie. Het onderzoeksrapport bevat geen beleidsaanbevelingen- of richtingen.
3
4
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
2 Trends voor West-Friesland Het consumentengedrag verandert, en daarmee ook het marktperspectief voor fysieke winkels. Zo hebben consumenten steeds meer mogelijkheden om zelf te bepalen waar (online of fysiek) en wanneer (24/7) hij gaat winkelen. Dit heeft gevolgen voor de detailhandelsstructuur van regio’s en gemeenten. In dit hoofdstuk staan we stil bij de meest bepalende trends die van invloed zijn op de detailhandelsstructuur in West-Friesland.
2.1 Trends aan de vraagzijde 2.1.1 De vijf meest bepalende trends De behoefte van de consument verandert en daarmee de rol van de winkel(gebieden) De voorheen groeiende winkelmarkt is een verdringingsmarkt geworden. Hierdoor is de concurrentie tussen centra toegenomen. Met name kleine (dorps en stads)centra met supermarkten, wijk- en buurtcentra PDV-locaties (zoals woonboulevards) doen het goed in de markt; net als diverse grote binnensteden. Kernverzorgende centra zijn relevant voor de inwoners vanwege het boodschappenprofiel en nabijheid van voorzieningen, grote binnensteden vanwege het complete aanbod en sterke functiemix (cultuur, horeca, bioscoop, economie, et cetera). In middelgrote centra met weinig onderscheidend vermogen en grote concurrentiedruk is de winkelfunctie de afgelopen vijf á tien jaar juist sterk teruggelopen, met oplopende leegstand als gevolg. Figuur 2: Ontwikkeling winkelvoorraad naar type centrum in Nederland 115 105 95 85 75 2012
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
2020
Kernverzorgende centra
Middelgrote centra
Binnensteden
Wijk- en buurtcentra
PDV-locaties
Verspreide bewinkeling
2021
Bron: Locatus, 2022; bewerking Stec Groep, 2022.
Fysiek winkelen: van kopen naar beleven Winkelen wordt steeds meer een vrijetijdsbesteding of een dagje uit. Hierbij stelt de consument hogere eisen aan het productaanbod en de omgeving (onderscheidend karakter, sfeer en service). Naast deze uitstraling van centrumgebieden krijgen horecagelegenheden, cultuur, ontspanning en dienstverlening een steeds belangrijker functie in winkelgebieden. Deze functies bepalen de sfeer en worden gebruikt als ontmoetings- en werkplek. Naast de aanwezigheid van verschillende functies is er ook een steeds verdergaande behoefte en tendens naar menging van activiteiten; het zogenaamde ‘blurring’. Hierbij kan er gedacht worden aan winkels met horecagelegenheden of restaurants die streekproducten verkopen. Supermarkten steeds vaker drager van (kleinere) winkelkernen- en centra De bestedingen in supermarkten groeien al meerdere jaren op rij. Supermarktketens willen profiteren van deze groei en onderscheiden zich meer dan ooit in de markt. Veel supermarkten hebben plannen voor modernisering, uitbreiding of verplaatsing. In de supermarktbranche is zowel sprake van schaalvergroting (AH XL, Jumbo Foodmarkt), als van schaalverkleining (AH-to-go, Jumbo City, Spar City). Supermarkten
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
5
stemmen concepten bewuster af op de wensen van de consument: (a) kleine to-go winkels voor snelheid op drukke passantenroutes, (b) middelgrote supermarkten die dichtbij de woning zijn en via een breed assortiment inspelen op gemak, en (c) XXL supermarkten voor optimale beleving en foodconcepten. Door de concurrentie en populariteit van supermarkten neemt het aantal traditionele buurtwinkels af. In sommige gebieden vergroot dit de afstand van winkels voor bewoners en neemt als gevolg hiervan ook de leefbaarheid af. Naast de trend dat het supermarktaanbod stijgt, neemt tegelijkertijd de recreatieve winkelfunctie in met name kleine stadscentra en dorpscentra af. Supermarkten worden daardoor steeds vaker drager van winkelgebieden. De groei bij supermarkten heeft ook een keerzijde. Speciaalzaken zoals de bakker, slager en groentezaak verliezen het steeds vaker van de supermarkt. Juist deze speciaalzaken maken winkelgebieden dragen bij aan de diversiteit een uniek profiel. Tot slot zetten diverse supermarktketens volop in op het thuisbezorgen van boodschappen. Op termijn betekent dit mogelijk dat er minder behoefte is aan verdere schaalvergroting van supermarkten. Bovendien veranderd mede hierdoor veranderd de functie van de supermarkt verder (meer inzet op vers, gemak, specialistisch assortiment, horecafunctie).
Effecten coronapandemie: centra en ondernemers hard geraakt; omzetten deels hersteld De coronapandemie heeft grote impact op de economie. Juist voorzieningen in centra, zoals detailhandel, horeca en leisure, zijn geconfronteerd met uitzonderlijk hoge omzetverliezen (zie figuren 3 en 4 op volgende pagina). Voor de winkelmarkt geldt dat structurele veranderingen van voor de coronacrisis versterkt doorzetten. Mode, schoenen- en luxewinkels hebben last van een sterke vraaguitval. Supermarkten, drogisterijen, bouw-, huis- en tuinproducten en online webshops doen het juist uitstekend. In de horeca lagen de omzetniveaus van 2020 en 2021 sterk onder dat van pre-corona. Enkel fastfood/bezorgen heeft een sterke impuls gekregen functioneert beter dan pre-corona. In de meest recente cijfers, tweede kwartaal 2022, is sterk herstel zichtbaar in de horeca met omzetten van 20% tot 30% hoger pre-corona in zowel restaurants, cafés als verblijfsaccommodaties. De lange termijneffecten van de coronapandemie op centrumgebieden is ongewis. Vooralsnog is er geen stijging van leegstand waarneembaar. Dit heeft twee oorzaken: steunpakketten en lege winkels zijn regelmatig getransformeerd naar woningen. Tegelijkertijd zijn buffers bij ondernemers verkleind en zijn (belasting)schulden opgebouwd die moeten worden terugbetaald.
De combinatie met hoge energiekosten, inflatie en personeelstekorten zet de rendabiliteit verder onder druk. Een aantal duidelijke ontwikkelingen sinds de coronapandemie: • het aandeel online bestedingen is sterk gestegen (zie navolgende paragraaf); • (inter)nationale filiaalbedrijven zijn hun winkelportefeuille verder gaan verkleinen ten koste van middelgrote en kleinere centra; • consumenten zijn vaker lokaal inkopen gaan doen. Een Westfries voorbeeld zijn de Westfriese stalletjes, waarbij boeren producten direct aan de consument verkopen; • bezorgdiensten zijn sterk gegroeid, zoals maaltijdbezorging als flitsbezorging. Een negatief effect zijn darkstores in winkelstraten, waartegen gemeenten steeds strenger optreden.
6
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
Figuur 3: Omzet fysieke winkels 2015-2021 150
Doe-het-zelf
140
Meubels en inrichting
130
Supermarkten
120
Speciaalzaken
110
Drogisterijen
100
Vrije tijd
90
Consumentenelektronica
80
Kleding
70 2015
2016
2017
2018
2019
2020
2021
Schoenen
Bron: CBS, 2022; Bewerking Stec Groep, 2022.
Figuur 4: Omzet horeca 2015-2021 150 140 130 120 110 100 90 80 70 60
Fastfood Restaurants Verblijfsaccommocaties Cafés
2015
2016
2017
2018
2019
2020
2021
Bron: CBS, 2022; Bewerking Stec Groep, 2022.
Internet steeds prominentere aankoopplaats, in het bijzonder tijdens en post-corona Afgelopen jaren is het aantal internetaankopen sterk toegenomen. Nederlandse webshops hebben in 2020 €24 miljard omgezet. Dat bedrag liep in 2021 op tot ruim €30 miljard (Thuiswinkel.org). In de coronaperiode zijn consumenten steeds meer gewend geraakt aan online aankopen, waaronder doelgroepen die voorheen nauwelijks online aankopen deden zoals ouderen. De toenemende internetaankopen betekenen dat er minder euro’s worden verdiend in de fysieke winkels. Uit het recente koopstromenonderzoek 2021 (zie figuur 5) blijkt dat de afvloeiing in alle branches is gestegen, in het bijzonder in elektronica, mode, huishoudelijk en sport- en spel. Juist deze branches zijn sterk vertegenwoordig in centrumgebieden. In branches op perifere locaties (zoals woonboulevard) zijn online bestedingen nauwelijks toegenomen. Uit diverse onderzoeken (van o.a. Retailagenda, ABN Amro en Colliers) blijkt dat consumenten ook na de coronaperiode verwachten vaker online te shoppen.
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
Figuur 5: Afvloeiing omzet naar online webshops per winkelbranche
Bron: KSO Randstad & Brabant 2021.
2.1.2 Wat betekenen deze trends voor de winkelstructuur en -gebieden in West-Friesland? Trends De behoefte van de consument verandert en daarmee de rol van de winkel(gebieden)
Betekenis voor West-Friesland Succesvolle winkelgebieden spelen in op de behoefte van de consument. Dit betekent dat het winkelen steeds vaker op die plekken plaatsvindt waar een volwaardig aanbod en passend profiel voor het dan gewenste motief te vinden is. Het binden van koopkracht aan de eigen gemeente is hiermee extra uitdagend, zeker op het vlak van recreatief en doelgericht winkelen. Corona zet deze ‘gewoonte’ in ieder geval op korte termijn op zijn kop, hierover later meer. Voor West-Friesland zetten we de succesfactoren voor winkelgebieden op basis van de winkelmotieven (recreatief winkelen, boodschappen doen en doelgericht winkelen) op een rij.
Figuur 6: Succesfactoren voor winkelgebieden West-Friesland
Fysiek winkelen: van kopen naar beleven
Consumenten worden steeds kritischer, in het bijzonder bij recreatieve winkelgebieden. Consumenten zijn veelal zeer goed geïnformeerd over de (samenstelling van) winkels, winkelgebieden en het productaanbod op concurrerende aankoopkanalen zoals internet. Bovendien en mobiliteit neemt toe; men is bereid verder te reizen voor een uniek of volwaardig centrum. Voor de Westfriese recreatieve centra betekent volop inzetten op onderscheidend vermogen, uitgaande van de kernkwaliteiten van de locatie en de ondernemers. Onderscheidend vermogen zit in sfeer, gastvrijheid, service, winkelaanbod en voorzieningenmix, maar ook randvoorwaarden zoals bereikbaarheid en parkeren.
7
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
Supermarkten steeds vaker drager van (kleinere) winkelkernen en -centra
Effecten coronapandemie: centra en ondernemers hard geraakt, omzetten deels hersteld
Internet steeds prominentere aankoopplaats, in het bijzonder tijdens en postcorona
8
Speciaalzaken hebben de grootste overlevingskansen wanneer ze in nabijheid van een supermarkt gevestigd zijn en een duidelijke zichtrelatie hebben. Ook voor overig dagelijks aanbod zoals een drogist is de aanwezigheid van een supermarkt belangrijk. Het belang van een sterk dagelijks winkelaanbod in een kleine centra was al evident. Als gevolg van de autonome trends, versterkt door corona, neemt het belang van een sterk dagelijks aanbod in middelgrote centra eveneens toe. Het behoud en versterken van het supermarkt(aanbod) (trekkracht) is daarbij het meest relevant. Voornamelijk fullservice supermarkten vervullen deze functie op dit moment. De discounters (zoals Lidl en Aldi) vormen hierop een goede aanvulling. Gelet op het grote aantal investeringsplannen van supermarkten is het van belang supermarktinitiatieven zoveel mogelijk te laten landen binnen de bestaande winkelstructuur en de centra met toekomstperspectief. Tot slot betekent de toenemende thuisbezorging door supermarkten mogelijk dat schaalvergroting van supermarkten minder gaat spelen. De coronacrisis creëert een tweedeling in West-Friesland in functioneren tussen enerzijds de recreatieve centra (Hoorn, Enkhuizen en Medemblik) en anderzijds de boodschappen-, wijk- en buurtcentra en perifere concentraties. De recreatieve centra worden met name geconfronteerd met teruglopend winkelbezoek.
Dit leidt mogelijk tot nieuwe gaten in de winkelstraten en versterkte noodzaak tot leegstandsaanpak en transformatie. Functieverbreding (horeca, bedrijven, sport, maatschappelijk, cultuur, wonen) is hierbij een kansrijk alternatief. Tegelijkertijd geven consumenten aan in coronatijd voor winkelaankopen de eigen woonplaats te verkiezen boven andere plaatsen. Bovendien neemt binnenlands toerisme toe, in het bijzonder de zomermaanden. Beide ontwikkelingen bieden kansen voor de Westfriese winkelcentra op korte termijn. Of sprake zal zijn van een structureel effect is nog onbekend. Tot slot is de toenemende bezorgeconomie is een aandachtspunt, in het bijzonder regulering rondom dark-stores. Een verdere opkomst van online winkelen zorgt uiteindelijk voor een afnemende en veranderende behoefte aan fysieke winkels. Dit raakt met name winkelbranches die onlinegevoelig zijn, zoals de mode- en schoenenbranche en vrijetijdswinkels. De samenstelling van winkelbranches in winkelgebieden maakt dat met name de recreatieve winkelgebieden kwetsbaar zijn voor toenemende online bestedingen. Het profiel van deze gebieden zal daardoor nog meer verkleuren naar verblijfs- en ontmoetingslocaties in plaats van pure kooplocaties.
2.2 Trends aan de aanbodzijde 2.2.1 De vijf meest bepalende trends Winkelmarkt sterk in beweging: wegvallen middensegment en opkomst concepten In het winkelbestand ontstaat steeds meer een tweedeling van enerzijds laaggeprijsde formules (Action/Primark/SoLow/Hornbach) en anderzijds exclusieve merken (Rituals, Hunkemöller, Hugo Boss). Het middensegment staat in veel winkelbranches onder druk. Veel van deze retailers zijn bezig met herpositionering en hernieuwd locatiebeleid, met minder winkels op betere locaties (A-locaties en winkelgebieden met voldoende marktgebied). Winkelformules in alle segmenten zetten vol in op merk- en conceptontwikkeling. Daarbij staat beleving en service voorop, afgestemd op de beoogde doelgroep. Dit leidt tot andere vastgoedwensen. In de grootste binnensteden zetten retailers in op brandstores. In middelgrote centra zien we enerzijds (buitenlandse) marktvraag voor grotere formules en bijbehorende (middel)grote winkeloppervlakten. Anderzijds is sprake van verkleining van winkels en superspecialisatie. Daarin is minder plaats voor schappen en meer ruimte voor klantcontact en multi-channel. Denk hierbij ook aan de kleine ondernemer (ambacht, nicheproduct of duurzame karakter) die een heel andere blik heeft op vastgoed, ondernemen en huurcontracten.
Vaak ontbreekt ruimte voor dit soort ondernemers in (planmatig) ontwikkelde winkelcentra, net als passende huurprijzen om goed te kunnen ondernemen. Dit komt vernieuwing niet ten goede in winkelgebieden. Toenemende menging in centra van functies en formules De scheidslijnen tussen winkels, horeca en dienstverlening vervagen. Voor de consument biedt dit nieuwe en aantrekkelijke (winkel)omgevingen. Er is steeds meer sprake van ‘blurring’, oftewel functiemenging op de verkoopvloer. Bijvoorbeeld een schoenen kopen bij de kapper of horeca in een kledingwinkel. In andere centrumvoorzieningen zoals de makelaardij, uitzendbranche, reisbureaus en banken zijn consumenten zich sterk online gaan oriënteren. Zo zijn internet en social media niet meer weg te denken in het zoek- en koopproces van woningzoekenden of het boeken van een vakantie. Hoewel persoonlijk contact nog steeds van groot belang is, gebeurt dit in minder vestigingen dan voorheen. Wel kiezen deze dienstverlenende branches er steeds vaker om zich te vestigen op sterke en drukke locaties om zo zichtbaar te zijn voor
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
9
consumenten. Winkelhuurprijsdalingen zorgen in toenemende mate ervoor dat deze locaties in beeld komen. Daarbij staat met name service centraal. Bij kappers en schoonheidssalons groeit het aantal zelfstandigen fors. Daarbij wordt steeds vaker vanuit huis of bij de klant gewerkt in plaats van in de centra, mede vanwege lagere kosten en grotere flexibiliteit. Wel komen in centra nieuwe kapper-concepten op, zoals barbiers en budget-kappers. Technologische ontwikkelingen bepalen hoe, waar en wanneer producten worden gekocht én geleverd Ook fysiek-online vervagen de grenzen. In de winkelbranche geldt dat formules en ondernemers die inspelen op multichannel het meest succesvol zijn, waarbij de fysieke winkel de online positie versterkt en andersom. De noodzaak om winkels te bezoeken neemt af als gevolg van e-commerce, virtual reality technieken en slimme pasprogramma’s. De functie van de winkel en voorziening verandert. We denken in dit verband aan meer ruimte voor ophalen, testen en retourneren, maar ook een groeiend belang van service en vakkennis om de consument te verleiden. Online en offline is steeds meer geïntegreerd, denk aan online kopen en offline ophalen, maar ook aan online verkoopzuilen in fysieke winkels. Ook vinden steeds meer slimme toepassingen plaats.
In nieuwe fysieke winkels van Amazon bijvoorbeeld wordt het assortiment van de winkel maar tot een bepaalde hoogte door ‘de mens’ ingericht. Slimme data en algoritmes bepalen meer dat 75% van het assortiment in de winkel, afgestemd op lokale online koopgegevens. Ambulante handel onder druk door concurrentie winkels, food steeds prominenter Het marktaandeel van de ambulante handel is binnen de totale detailhandelssector de afgelopen jaren licht afgenomen. Markten en standplaatsen zijn niet altijd meer de meest logische aankoopplaats voor verse en/of goedkope producten. Supermarkten bieden een steeds completer aanbod voor goede prijzen en discountformules zijn flink opgekomen. Met name de non-foodbranche op de markt staat sterk onder druk; het aantal ondernemers neemt met gemiddeld 100 per jaar af. Tegelijkertijd is in de foodbranche het aantal bedrijven de afgelopen tien jaar toegenomen. Opkomst boerderijwinkels Het aantal boerderijwinkels in Nederland neemt toe. In deze winkels worden producten van het eigen boerenbedrijf verkocht. Ze zijn steeds meer bepalend voor de beleving van gemeente voor toeristen, spelen in op begrip tussen en waardering voor boer en burger, en passen in voorkeuren van een deel van de consumenten om voedselkilometers te reduceren en lokaal te eten.
De coronasituatie waarin met name in de eerste periode boerenbedrijven geconfronteerd werden met overschotten door het niet af kunnen zetten van producten heeft geleid tot een versnelling van deze trend. 2.2.2 Wat betekenen deze trends voor de winkelstructuur en -gebieden in West-Friesland? Trends Winkelmarkt sterk in beweging: wegvallen middensegment en opkomst concepten
Toenemende menging in centra van functies en formules
Technologische ontwikkelingen bepalen hoe,
Betekenis voor West-Friesland In het algemeen is er sprake van een krimpende markt voor niet-dagelijkse fysieke winkels. Ketens die zich herpositioneren laten kleinere (dorps)centra steeds vaker links liggen en concentreren in grotere wijk- en stadscentra. In veel gevallen betekent deze trend minder fysieke winkels, waarbij de vestigingen die onder gemiddeld functioneren uit het straatbeeld verdwijnen. Zeeman, Blokker en Intertoys zijn hier sprekende voorbeelden van. Dit zal ook zijn weerslag hebben op Westfriese centra. Tegelijkertijd komen er ook nieuwe concepten en formules op, zoals Action. Ter behoud van de voorzieningenfunctie van steden en dorpen is van belang deze zoveel mogelijk in de bestaande structuur te concentreren. Niet alleen het speelveld voor de Westfriese detailhandel veranderd, maar ook dat van andere centrumvoorzieningen. Gelet op passantenstromen en bestedingspotentie ligt de uitdaging voor de Westfriese centra om het winkelgebied zoveel mogelijk compact te maken/houden en dit te spikkelen met andere centrumvoorzieningen, maar ook wonen. Juist huurprijsdalingen bieden kansen voor functieverandering en transformatie om menging plaats te laten vinden. Hierbij spelen planologisch-juridische maatregelen een rol, net als een fysieke (leegstands)aanpak. Deze trend vraagt om sterk en vooruitstrevend ondernemerschap van centrumondernemers in West-Friesland.
Centrummanagement en winkeliersverenigingen kunnen een rol spelen om
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
waar en wanneer producten worden gekocht én geleverd Ambulante handel onder druk door concurrentie winkels, food steeds prominenter
Opkomst boerderijwinkels
10
gezamenlijk stappen te zetten op het vlak van technologie, digitalisering en multichannel. Gezamenlijke verkoop- en bezorgplatforms zijn hier een voorbeeld van. (Week)markten voegen veel toe aan centra. De markt blijft publiekstrekker, ook in WestFriesland. Zo is zij een (extra) bezoekreden, draagt de markt bij aan de economische vitaliteit van centrumgebieden en heeft het een belangrijke ontmoetingsfunctie. Bovendien bezoekt bijna 70% van de marktbezoekers andere winkels en centrumfuncties. De markt levert een belangrijke bijdrage aan de levendigheid van het centrum, het toeristisch profiel en het verbreden van de bezoekersmix in het centrum. Omdat de aankoopfunctie van de markt minder belangrijk wordt, neemt het belang van sfeer en beleving toe in de Westfriese winkelgebieden. Dit is landelijk terug te zien in de populariteit van thematische markten. Bovendien speelt de ambulante handel in op de toenemende belangstelling van consumenten voor duurzaamheid, authenticiteit en biologische producten. Dit is terug te zien in het aantal streek- en biomarkten met regionale producten. Hier zijn combinaties mogelijk met lokale boerderijwinkels. De opkomst van boerderijwinkels speelt in op een consumentenbehoefte. Om de lokale centrumgebieden sterk te kunnen houden zijn tegelijkertijd beperkingen wenselijk voor de ontwikkeling van winkelactiviteiten in buitengebieden.
Zo kunnen er regels worden gesteld aan verkoop aan consumenten bij de boer, zodat hier geen verkapte normale winkel of zelfs supermarkt ontstaat.
11
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
3 Ontwikkelingen vraag We staan dit hoofdstuk stil bij factoren die de toekomstige vraag naar winkelruimte in West-Friesland beïnvloeden. We kijken naar demografische en woningbouwontwikkelingen, toerisme en werkgelegenheid. Allereerst staan we stil bij de huidige vraagsituatie op basis van koopstroomgegevens.
3.1 Koopstromen In 2011, 2016, 2018 en 2021 is er een grootschalig koopstromenonderzoek uitgevoerd, het Koopstromenonderzoek Randstad & Noord-Brabant (hierna: KSO). We vatten de belangrijkste gegevens samen. Telkens wordt onderscheid gemaakt daar de motieven ‘boodschappen’, ‘recreatief’ en ‘doelgericht’. Relatief hoge koopkrachtbinding in West-Friesland West-Friesland onderscheidt zich positief ten opzichte van andere regio’s in Noord-Holland waar het gaat om binding voor zowel boodschappen, doelgericht als recreatief. Dit betekent dat inwoners van WestFriesland aankopen bij relatief vaak in de eigen regio doen. Naast lokale gebondenheid liggen verklaringen in de aanwezigheid van een grotere binnenstad (Hoorn) en groot perifeer cluster Hof van Holland. Regio West-Friesland kent een koopkrachtbinding voor boodschappen van 91% (zie tabel 1). Voor recreatieve en doelgerichte aankopen is de koopkrachtbinding respectievelijk 47% en 67%. Wel neemt in alle motieven (boodschappen, doelgericht en recreatief) de koopkrachtbinding licht af. Dit wordt verklaard door de toename van online aankopen (zie later dit hoofdstuk). Kijken we op gemeenteniveau dan is zichtbaar dat de gemeente Hoorn een hoge koopkrachtbinding heeft in alle motieven.
In de gemeenten Drechterland en Koggenland is de koopkrachtbinding het laagst 1; inwoners in deze gemeenten zijn bovengemiddeld georiënteerd op andere gemeenten in West-Friesland (in het bijzonder Hoorn). De koopkrachttoevloeiing voor boodschappen is het hoogst in de gemeente Opmeer (20%). De gemeente Stede Broec heeft een relatief hoge koopkrachttoevloeiing voor recreatieve uitgaven (61%). De gemeente Opmeer het hoogste percentage doelgerichte koopkrachttoevloeiing (69%), ondanks een daling ten opzichte van 2018. Tabel 1: Koopkrachtbinding 2 op gemeenteniveau (in %) Boodschappen Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec WestFriesland
Recreatief
Doelgericht
2021 62% 86% 92% 68% 83% 72% 84%
2018 60% 87% 93% 72% 86% 82% 83%
2016 60% 91% 91% 68% 84% 83% 84%
2021 5% 29% 48% 10% 18% 23% 42%
2018 7% 34% 47% 9% 21% 23% 44%
2016 5% 32% 57% 11% 22% 26% 45%
2021 10% 41% 65% 27% 29% 36% 46%
2018 9% 45% 70% 29% 28% 36% 52%
2016 11% 43% 72% 29% 31% 46% 49%
91%
-
-
47%
-
-
67%
-
-
Een mogelijke oorzaak is een beperkte diversiteit in supermarktformules in beide gemeenten en oriëntatie op andere gemeenten voor recreatieve en doelgerichte aankopen. 2 Koopkrachtbinding: het aandeel van de totale bestedingen (fysiek en online) van inwoners in de gemeente dat binnen de eigen gemeente in fysieke winkels wordt uitgegeven 1
12
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
Tabel 2: Koopkrachttoevloeiing 3 op gemeenteniveau (in %) Boodschappen Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec WestFriesland
Recreatief
Doelgericht
2021 12% 11% 12% 12% 16% 20% 15%
2018 12% 15% 16% 15% 16% 25% 17%
2016 12% 16% 13% 13% 15% 20% 15%
2021 44% 29% 47% 32% 29% 39% 61%
2018 45% 37% 51% 39% 28% 53% 53%
2016 28% 36% 48% 38% 29% 25% 56%
2021 56% 27% 45% 28% 46% 69% 48%
2018 54% 25% 48% 26% 40% 74% 52%
2016 49% 27% 46% 26% 37% 65% 45%
4%
-
-
13%
-
-
13%
-
-
Bron: KSO, 2021, bewerking Stec Groep 2022.
Sterke verwevenheid binnen de regio, Hoorn sterke aantrekkingskracht In figuren 7, 8 en 9 zijn de koopstromen te zien tussen gemeenten in West-Friesland. Er is sterke verwevenheid te zien binnen de regio: consumenten doen regelmatig aankopen bij andere gemeenten in de regio. Vooral bij boodschappen is dit goed zichtbaar: alle gemeenten trekken een zekere mate van bestedingen naar zich toe waarbij in het bijzonder Hoorn, Medemblik en Stede Broec. Wanneer per gemeente de koopkrachttoevloeiing wordt afgezet tegen koopkrachtafvloeiing (excl. online) binnen WestFriesland ontstaat nader inzicht in de onderlinge verhoudingen in de regio. Tabel 4 geeft dit nader weer. Voor boodschappen geldt dat de gemeenten Hoorn, Medemblik en Stede Broec de meeste koopkracht naar zich toe te trekken en vanuit Drechterland en Koggenland bestedingen het meest weglekken. Bij de doelgerichte en recreatieve aankopen is duidelijk zichtbaar dat de detailhandel in Hoorn veel bestedingen naar zich toetrekt, met de binnenstad en woonboulevard als unieke trekkers in de regio. Daarnaast valt op dat Stede Broec zowel in de motieven recreatief en doelgericht veel bestedingen van andere gemeenten in West-Friesland aantrekt (met name vanuit Medemblik, Drechterland en Enkhuizen). De verklaring ligt in centrum Bovenkarspel (Streekhof).
Zij heeft, na binnenstad Hoorn, inmiddels het grootste winkelaanbod in de regio en daarmee sterke aantrekkingskracht. Daarmee heeft zij de positie als tweede centrum van WestFriesland op zich genomen. Figuur 7: Interne koopstromen boodschappen gemeenteniveau (links) en afvloeiing (rechts) Afvloeiing naar… Online Overig randstad Overig Nederland
% 4% 3% 1%
Koopkrachttoevloeiing: het aandeel van de omzet van de detailhandel dat afkomstig is van bezoekers van buiten de eigen gemeente (incl. toerisme)
3
13
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
Figuur 8: Interne koopstromen recreatief gemeenteniveau (links) en afvloeiing (rechts) Afvloeiing naar… Online Overig Randstad Overig Nederland
% 37% 13% 0%
Figuur 9: Interne koopstromen doelgericht gemeenteniveau (links) en afvloeiing (rechts)
Afvloeiing naar… Online Overig randstad Overig Nederland
Bron: I&O Research 2021, bewerking Stec Groep 2022
Tabel 4: Toevloeiing minus afvloeiing (fysieke bestedingen) binnen West-Friesland (in mln. €) Gemeente Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec
boodschappen
doelgericht
recreatief
-12.905.000 -746.000 16.596.000 -6.931.000 3.271.000 63.000 4.904.000
-14.310.000 -4.316.000 32.675.000 -7.148.000 -20.390.000 -1.286.000 16.091.000
-18.060.000 -5.718.000 43.012.000 -7.983.000 -18.427.000 1.787.000 12.484.000
Bron: KSO, 2021, bewerking Stec Groep 2022.
% 21% 11% 0%
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
14
Binnenstad Hoorn grootste aankooplocatie De binnenstad van Hoorn trekt als grootste aankooplocatie de meeste bestedingen uit de regio naar zich toe. Andere aankooplocaties met een bovenlokale aantrekkingskracht zijn woonboulevard Hof van Hoorn, centrum Medemblik, centrum Enkhuizen, winkelcentrum Streekhof (gemeente Stede Broec) en centrum Zwaagdijk (gemeente Medemblik) en centrum Hoogwoud (gemeente Opmeer). Andere winkelgebieden hebben hoofdzakelijk een lokale verzorgingsfunctie. Alkmaar, Dijk en Waard en Amsterdam grootste concurrerende locaties In figuur 9 is te zien waar inwoners van West-Friesland buiten de regio hun aankopen doen, specifiek voor recreatieve en doelgerichte aankopen. Voor recreatieve aankopen zijn de binnensteden van Alkmaar en Dijk en Waard (met name centrum Middenwaard) de grootste concurrerende locaties. Inwoners doen in beide gemeenten circa 5,5% van hun totale recreatieve bestedingen. Amsterdam volgt met ruim 4%. Voor doelgerichte aankopen is Amsterdam het grootste alternatief, verspreid over diverse concurrerende locaties in de gemeente. Daarop volgen Alkmaar (met name Alkmaar Overstad) en Dijk en Waard (met name woonstrip Beveland). Figuur 10: Afvloeiing West-Friesland naar andere gemeenten recreatief (links) en doelgericht (rechts)
Bron: KSO, 2021, bewerking Stec Groep 2022.
Online bestedingen sterk gestegen In figuur 10 is te zien hoe de koopkrachtafvloeiing (bestedingen die niet plaatsvinden bij fysieke winkels in West-Friesland) zich heeft ontwikkeld over de jaren. Dit is zowel uitgesplitst naar online als fysieke winkels buiten de regio. Daarin is duidelijk zichtbaar dat inwoners van West-Friesland, net als het landelijk beeld, steeds vaker aankopen online doen. Dit geldt in het bijzonder voor recreatieve aankopen: lag dit aandeel in 2016 nog op ruim 20%, anno 2021 is dit 28%. Voor doelgerichte aankopen is sprake van een stijging van 9% naar bijna 15%. Voor boodschappen is het aantal online bestedingen relatie beperkt met ruim 2%. Wel heeft er sinds 2018 een verdubbeling plaatsgevonden en is de relatieve toename in de afgelopen jaren
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
15
daarmee het sterkst. Online bestedingen hebben in de coronaperiode, in het bijzonder in 2020, landelijk een sterke toevlucht genomen. In 2022 is landelijk sprake van enige afkoeling, waarbij de niveaus nog wel fors boven die van voor de coronaperiode liggen. Figuur 10: Koopkrachtafvloeiing in % naar online (linkerfiguur) 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% boodschappen 2016
doelgericht 2018
recreatief
2021
Bron: KSO, 2021; bewerking Stec Groep 2022.
Afnemende bestedingen van buiten de regio, detailhandel steeds meer afhankelijk van eigen inwoners In figuur 11 zetten we de totaalbestedingen in de Westfriese detailhandel door consumenten van buiten de regio voor de jaren 2018 en 2021 op een rij. Daarin is een daling te zien. Waar in 2018 nog ruim €109 miljoen werd uitgegeven door consumenten van buiten de regio, ligt dit anno 2021 op ruim €84 miljoen. Dit is een afname van bijna een kwart. Dit betekent dat de Westfriese detailhandel steeds meer afhankelijk is van bestedingen door eigen inwoners. Figuur 11: Winkelbestedingen West-Friesland door bezoekers buiten de regio4 (toevloeiing, in mln. €) 120 100 80 60 40 20 2018
2021
Bron: I&O Research, 2021 & 2018; bewerking Stec Groep, 2022.
Winkelbestedingen West-Friesland toegenomen, vooral in boodschappen, wonen en doe-het-zelf In figuur 12 geven we de bestedingen bij fysieke winkels in West-Friesland weer naar artikelgroep. De detailhandel in West-Friesland zet jaarlijks ruim €1 miljard om. In 2016 lag dit nog op bijna €900 miljoen. Ruim de helft van de bestedingen vindt plaats aan boodschappen. In de periode 2016-2021 zijn de 4
Specifieke gegevens totaalbestedingen van toevloeiing van buiten de regio zijn enkel beschikbaar voor de jaren 2018 en 2021.
16
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
bestedingen aan boodschappen toegenomen met 13%. Binnen de recreatieve bestedingen is het beeld zeer divers. In de artikelgroepen ‘huishoudelijke artikelen’ en ‘sport- en spel artikelen’ daalde de omzet met respectievelijk 40% en 29%, terwijl de groep ‘media en hobby artikelen’ juist toenam met 26%. De artikelgroepen van de doelgerichte bestedingen zijn vrijwel allemaal gestegen. Vooral aankopen in woninginrichting en doe-het-zelf zijn toegenomen. Hier is een duidelijke relatie met de woningbouwopgave en het effect dat in de coronaperiode veel consumenten thuis zijn gaan klussen. Absoluut nam de omzet het sterkst af in de modebranche met circa €5,4 miljoen. De omzet nam het hardst toe in de dagelijkse boodschappen met circa €62,5 miljoen. Op gemeenteniveau groeide de winkelomzet van boodschappen in alle gemeenten. De recreatieve omzet steeg het hardst in de gemeenten Stede Broec (+ €3,4mln.), te verklaren door de revitalisering van winkelcentrum Streekhof. In de gemeente Hoorn is de recreatieve omzet juist gedaald met circa € 9 miljoen. Figuur 12: Bestedingen fysieke winkels West-Friesland naar artikelgroep (in mln. €) 0
100
200
300
400
500
600
2016 2018
dagelijkse boodschappen
2021
0
20
40
60
80
100
120
huishoudelijke artikelen mode media en hobby artikelen sport- en spel artikelen
2016
overig recreatief
2018
doe-het-zelf artikelen
2021
elektronica tuinartikelen en planten woninginrichting overig doelgericht Bron: Koopstromenonderzoek Randstad & Brabant, 2021; Bewerking Stec Groep, 2022.
3.2 Demografische en woningbouwontwikkeling Prognose: Ruim 5.000 extra inwoners tot en met 2030 De regio West-Friesland kent ruim 217.000 inwoners. Hoorn heeft van de zeven gemeenten de meeste inwoners (34%), gevolgd door Medemblik (21%). In gemeente Opmeer wonen de minste inwoners in de regio. De bevolking van West-Friesland is iets ouder dan gemiddeld in Nederland. 17% in West-Friesland tegenover 15% in Nederland bevindt zich in de leeftijdscategorie van 65 tot 80 jaar. Aan de hand van de bevolkingsprognose 2021-2050 van provincie Noord-Holland is er gekeken naar de toekomstige te verwachten inwonersgroei voor 2030. Er wordt een positieve bevolkingsontwikkeling van circa 5.100 (+2,3%) verwacht over de gehele regio West-Friesland. Met name de sterke verwachte bevolkingsgroei in Hoorn (+3.200) speelt hier een belangrijke rol in. Na Hoorn wordt de grootste toename verwacht in Medemblik (+1.100) en Drechterland (+400).
17
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
De regio West-Friesland en provincie Noord-Holland hebben eind 2020 het woonakkoord 2020-2025 gesloten. Daarbij wordt onder andere ingezet op versnelling van de woningbouwopgave. Er wordt geconstateerd dat er een toenemende populariteit is voor woningen in de regio, mede door een verhuisstroom vanuit de MRA. Door inzet op woonkwaliteit en bereikbaarheid verwacht West-Friesland meer nieuwe inwoners aan te trekken dan de verwachte groei van de woningbehoefte. Tabel 3: Aantal inwoners en prognose regio West-Friesland Gemeente Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal West-Friesland
Aantal inwoners medio 2022 (CBS) 20.100 18.800 74.700 23.400 45.900 12.200 22.100 217.200
Aantal verwachte inwoners 2030 (NH) 20.500 18.900 77.900 23.400 47.000 12.300 22.300 222.300
Groei/daling t.o.v. 2022 400 100 3.200 0 1.100 100 200 5.100
Bron: CBS, juli 2022; Bevolkingsprognose Noord-Holland 2021-2050; Bewerking Stec Groep, 2022. Voor de gemeente Medemblik zijn door de gemeente aangeleverde prognose-gegevens gebruikt.
Woningbouw: plannen voor 12.500 woningen tot 2030, waarvan 4.200 harde plancapaciteit De totale planvoorraad woningbouw tot 2030 komt uit op 12.504 woningen in West-Friesland. Dit leidt deels tot bevolkingstoename (zie hiervoor) en voorziet deels in veranderende woonvoorkeuren en huishoudenssamenstellingen. De grootste aantal geplande woningen tot 2030 betreffen de projecten Bangert en Oosterpolder (Hoorn, 900 woningen), Pelmolenpad e.o. (Hoorn, 625 woningen), Gommerwijk West-West (Enkhuizen, 510 woningen) en Buitenstad (Hoorn, 500). In onderstaande tabel zijn de plannen samengevat naar planstatus. Tabel 4: Woningbouwplannen West-Friesland Gemeente Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal
Onherroepelijk 333 531 2.146 273 426 89 430 4.228
Totaal 1.697 1.153 5.910 1.175 925 356 1.288 12.504
Bron: Monitor plancapaciteit woningbouw provincie Noord-Holland, augustus 2022; Bewerking Stec Groep, 2020.
Ruim 1.700 woningen gepland in of bij winkelgebieden Het totaal aantal plannen voor woningen in of bij winkelgebieden ligt op 15, met een totaal van 1.744 woningen. Het overgrote deel van de woningen is gepland in op nabij de binnenstad van Hoorn. Dit behelst onder andere de gebiedsontwikkeling Pelmolenpad, Stationsgebied Noord, Stationsgebied Zuid en Nieuw Noord 36-38 Huesmolen. Andere grotere woningbouwplannen in of nabij winkelgebieden zijn de woningbouwontwikkelingen Venhuizen Centrum West (250 woningen), Andijk Asoniavelden (80 woningen), Zilverstraat-Hoogstraat in centrum Enkhuizen (50 woningen), Locatie Koenis BV in centrum Opmeer (44 woningen) en locatie handelskade in centrum Obdam (36 woningen). In navolgende tabel geven we de plannen voor woningbouw weer. Tabel 5: Woningbouwplannen in of direct tegen Westfriese winkelgebieden Winkelgebied
Gemeente
Aantal geplande woningen (hard en zacht)
Plannen
18
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
• • • • • •
Centrum Andijk
Medemblik
95
Centrum Enkhuizen
Enkhuizen
75
Centrum Hoogwoud
Opmeer
8
Centrum Hoorn NH
Hoorn
1.204
• • • •
Centrum Medemblik Centrum Obdam Centrum Opmeer Centrum Venhuizen
Medemblik Koggenland Opmeer Drechterland
16 36 44 266
• • • • •
Andijk Asoniavelden: 80 woningen Andijk Middenweg: 15 woningen Zilverstraat - Hoogstraat: 50 woningen Vijzeltuin SMC: 25 woningen Herenweg 61a Hoogwoud: 2 woningen Burg. Hoogenboomlaan 35 Hoogwoud: 6 woningen Pelmolenpad: 625 woningen Stationsgebied Noord: 450 woningen Stationsgebied Zuid: 80 woningen Nieuw Noord 36-38 Huesmolen: 49 woningen Medemblik MAZ: 16 woningen Locatie handelskade 3: 36 woningen Locatie Koenis BV: 44 woningen Oude gemeentehuis locatie Venhuizen: 16 woningen Venhuizen Centrum West: 250 woningen
Bron: Monitor plancapaciteit woningbouw provincie Noord-Holland, 1 juni 2020; Bewerking Stec Groep, 2022.
Meeste woningbouwplannen in kernen Hoorn, Enkhuizen, Obdam en Bovenkarspel/Grootebroek Op kernniveau zijn in Hoorn met afstand de meeste woningbouwplannen met ca. 7.612 woningen. Daarna volgen Stede Broec (ca. 1.388), Enkhuizen (ca. 1.186), Hoogkarspel (ca. 589), Obdam (ca. 371), Medemblik (ca. 311) en Spanbroek (ca. 264). Ook in andere kernen zijn woningbouwplannen aanwezig (zie onderstaand figuur). Inwonersgroei als gevolg van woningbouw in kernen draagt bij aan het economisch draagvlak voor de detailhandel. Dit geldt in het bijzonder voor winkelbranches die vallen onder boodschappen (supermarkten, speciaalzaken en drogisterijen), omdat de lokale koopkrachtbinding doorgaans hoog is. In de recreatieve en doelgerichte sector is het directe extra economisch draagvlak beperkter. Figuur 13: Overzicht woningbouwplannen in West-Friesland (aantallen vanaf 25 woningen)
Bron: Monitor plancapaciteit woningbouw provincie Noord-Holland, augustus 2022; Bewerking Stec Groep, 2020.
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
19
3.3 Toeristische bestedingen Toeristische bedelingen ruim 1% in detailhandelsomzet, vooral in centra Enkhuizen en Hoorn hoog Toeristen in West-Friesland spenderen indicatief jaarlijks ruim €14 miljoen in fysieke winkels, zo blijkt uit het koopstromenonderzoek Randstad 2021 & Noord-Brabant 5. De toeristische bestedingen in WestFriesland bestaan voor 74% uit binnenlands toerisme, en 26% uit buitenlands toerisme. De omzetbijdrage van toerisme op de totale detailhandelsomzet voor West-Friesland volgens het koopstromenonderzoek 1,4%. Zij vormen daarmee een beperkte, maar desalniettemin waardevolle een aanvulling op de totaalbestedingen. Dit geldt zeker voor een aantal kernen. De toeristische bestedingen zijn het grootst in de gemeente Enkhuizen met circa €3,8 miljoen; circa 5% van de winkelbestedingen in de gemeente. Ook de gemeenten Hoorn en Medemblik ontvangen beiden een aanzienlijk aantal toeristische bestedingen van respectievelijk €3,6 miljoen, omgerekend respectievelijk 1% en 2% van de totale omzet. Toerisme groeit sterk in Noord-Holland en daarmee de kansen voor de detailhandel In Noord-Holland groeit het aantal overnachtingen door toeristen al jaren sterk (pre-corona). In de periode 2012-2019 groeide het aantal overnachtingen van 21 miljoen naar 35 miljoen. Met name het aantal overnachtingen van bezoekers uit het buitenland steeg fors met ruim 80%.
De aanzienlijke groei van het toerisme in Amsterdam speelt hierin een grote rol, maar ook buiten Amsterdam groeide het toerisme. Het binnenlands toerisme steeg met circa 40%. Uit onderzoek van provincie Noord-Holland (2015) blijkt dat in regio Noord-Holland-Noord 34% van de binnenlandse toeristen tijdens het bezoek doet aan funshoppen. Uitgaande van een gemiddeld bestedingsbedrag van € 33 per dag (exclusief overnachting) waarvan een kwart uitgegeven aan winkels, liggen er volop kansen voor de detailhandel in West-Friesland. Dit geldt tevens voor dagrecreatie. Uit onderzoek van CBS (2019) blijkt dat dagrecreanten circa €37 uitgeven aan winkelen. Als gevolg van de coronasituatie is het toerisme in Noord-Holland in 2020 en 2021 sterk gekelderd. Dit geldt vooral voor het buitenlands toerisme. Het binnenlands toerisme veerde op, in het bijzonder in de zomermaanden, met uitzondering van de grote steden. De komende jaren wijzen uit in welk tempo het toerisme hersteld en wat dit betekent de detailhandel in West-Friesland. Uit een inventarisatie overnachtingscijfers (pre-corona) bij de verschillende Westfriese gemeenten Medemblik, Enkhuizen en Drechterland blijkt de grote toeristische aantrekkingskracht van de regio. In de gemeente Medemblik lag het aantal overnachtingen in 2019 op 561.000; een stijging van meer dan 18% sinds 2015 (475.000 overnachtingen).
In de gemeenten Enkhuizen en Drechterland lag het aantal overnachtingen in 2019 op respectievelijk 120.000 en 21.000. Voor de gemeente Medemblik zijn tevens het aantal dag-recreatieve bezoeken onderzocht. In 2019 lag dit aantal op ruim 1,2 miljoen. De totale toegevoegde waarde van de toeristische sector in regio West-Friesland komt uit op bijna €150 miljoen, zo blijkt uit onderzoek van I&O Research (2019). Figuur 14: Aantal overnachtingen in logiesaccommodaties in Noord-Holland (in miljoenen aantallen)
Het koopstromenonderzoek betreft geen directe meting van bestedingen door toeristen, maar een indicatieve schatting op basis van gegevens van het CBS voor bestedingskengetallen en werkgelegenheidsgegevens van LISA uit de toeristische sector.
5
20
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
30 25 20 15 10 5 2012
2013
2014
2015
2016 Binnenland
2017
2018
2019
2020
2021
Buitenland
Bron: CBS, 2022; Bewerking Stec Groep, 2022.
3.4 Werkgelegenheid Sterke banenontwikkeling in West-Friesland De economie van West-Friesland is sterk regionaal geworteld, mede door de ligging van de regio. Het lokale midden- en kleinbedrijf is van groot belang. Het totaal aantal banen in de regio ligt op bij 87.000 (bron: LISA, 2021). Dit is een forse stijging ten opzichte van 2017 toen het aantal banen op 84.100 lag. Er is een relatief lage werkloosheid in West-Friesland. Dit is te verklaren aan de hand van de vele werkgelegenheid en het sterk ontwikkelde midden- en kleinbedrijf in nabije regio’s. Detailhandel vormt 11% van totaal aantal banen Het aantal banen in de detailhandel ligt op 9.700 (bron: Monitor Detailhandel 2021-2022, provincie NoordHolland). De sector vormt ruim 11% van de regionale economie. Sinds 2016 nam het aantal banen bovendien toe met bijna 340. In het jaar 2021 is voor het eerst sprake van een lichte daling van het aantal banen in de detailhandel (-1%). Binnen West-Friesland is nemen gemeenten Hoorn (41%) en Medemblik (18%) het grootste aandeel banen in de detailhandel op zich. Met name werknemers van buiten de regio die in West-Friesland werken vormen een potentiële plus op de detailhandelsbestedingen. We verwachten daarbij met name een plus in dagelijkse bestedingen, bijvoorbeeld voor aankoop van lunch of boodschappen op weg naar huis. Dit geldt ook voor woonwerkstromen binnen West-Friesland.
Een werknemer die werkt in een andere gemeente of woonplaats dan de eigen zal meer geneigd zijn af en toe winkelaankopen te doen in de plaats waar de persoon werkt. Buitenlandse/tijdelijke werknemers van toenemend belang in West-Friesland West-Friesland kent een grote populatie buitenlandse/tijdelijke werknemers. Bovendien zijn de aantallen sterk gegroeid in de afgelopen jaren, van 2.300 in 2010 naar 9.700 in 2018. We baseren ons daarbij om de meest recent beschikbare informatie (bron: Decisio, 2020). De groei bedraagt gemiddeld 20% per jaar, tegen een Nederlands gemiddelde van 16%. Medemblik en Koggenland 6 zijn de belangrijkste werkgemeenten binnen West-Friesland. Circa 60% van alle buitenlandse/tijdelijke werknemers werkt in een van deze twee gemeenten. In deze gemeenten vindt ook de grootste stijging plaats. De gemeenten Hoorn (1.600) en Medemblik (1.100) zijn de belangrijkste woongemeenten voor geregistreerd woonachtige buitenlandse/tijdelijke werknemers. Decisio (2020) schat in dat de vraag naar het aantal buitenlandse/tijdelijke werknemers toeneemt naar de 16.900 tot 19.500. Het gaat hierbij om een jaarlijkse groei van tussen de 4,7% en 6% en om een toename van 7.200 tot 9.800. Dit betreft een prognose. De mate Doordat een groot uitzendbureau is gevestigd in de gemeente Koggenland worden deze werknemers meegeteld bij de eigen gemeente.
Deze werknemers werken echter deels in de gemeente Koggenland..
6
21
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
waarin woningen voor deze doelgroepen worden gerealiseerd is sterk bepalend of er voorzien kan worden in de geprognosticeerde vraag. Deze groep werknemers zorgen voor een extra plus in de detailhandel van West-Friesland en kunnen bovendien leiden tot een andere samenstelling van het winkelbestand. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de opkomst van een Poolse supermarkt. We verwachten dat buitenlandse/tijdelijke werknemers een eigen bestedingspatroon hebben in Nederland in de detailhandel, meer gericht op dagelijkse bestedingen, vrije tijdsartikelen en mode. Bestedingen in woninginrichting, tuinartikelen en planten en elektronica zijn beperkt. Figuur 15: Ontwikkeling buitenlandse/tijdelijke werknemers in West-Friesland 12000 10000 8000 6000 4000 2000 0
9700
2300
2010
3400
2011
2600
3100
2012
2013
Bron: Decisio, 2020; Bewerking Stec Groep, 2020.
5700
5900
5700
6100
2014
2015
2016
2017
2018
22
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
4 Ontwikkelingen aanbod In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de aanbod- en winkelstructuur van de regio West-Friesland. Daarbij wordt telkens vergeleken met het jaar 2015, wanneer de vorige regionale detailhandelsvisie is vastgesteld. We gaan trapsgewijs in op het winkelaanbod op regio-, gemeente- en winkelgebied-niveau. Ook staan we stil bij plannen en initiatieven die spelen de komende jaren.
4.1 Beschrijving winkelaanbod op regioniveau Winkelvloeroppervlak gestegen met 1% sinds 2015 West-Friesland telt 979 winkels met een gezamenlijk winkelvloeroppervlakte van 367.985 m² (wvo). De branche ‘in/om huis’ is met afstand het grootst in winkelvloeroppervlakte. Hierna volgen de branches ‘mode en luxe’ en ‘dagelijks’ met respectievelijk 261 en 308 verkooppunten en 50.981 en 83.149 m2 (wvo). Het winkelvloeroppervlak (excl. leegstand) binnen regio West-Friesland is vrijwel gelijk gebleven met een stijging van 1% ten opzichte van 2015. De verschillende branches afzonderlijk hebben zich echter uiteenlopend ontwikkeld. In de branche ‘mode en luxe’ is het aanbod met ruim 11.100 m² wvo (-18%) fors gedaald. De branche ‘in/om huis’ is licht gedaald met 4.541 m2 wvo (-2%). In de branches ‘dagelijks’, ‘vrije tijd’, en ‘detailhandel overig’ steeg het winkelvloeroppervlak juist met respectievelijk 8.261 m² wvo (+11%), 5.171 (+34%) en 5.329 (+24%). Sterke terugloop in aantal winkels met 14% Sinds 2015 daalde het aantal winkels in alle branches. In totaal was sprake van een daling van 166 winkels (-14%). Met name in de ‘mode en luxe’ (-77) en ‘in/om huis’ (-63) was de daling groot. Het gemiddeld winkelvloeroppervlak per winkel in West-Friesland ligt op 376 m² wvo. Winkels in West-Friesland zijn daarmee aanzienlijk groter dan het Noord-Hollands gemiddelde van 281 m² wvo.
Het gemiddelde grotere wvo winkels in West-Friesland wordt veroorzaakt door de aanwezigheid een ruim aanbod in de branche ‘in/om huis’ (en specifiek tuincentra en bouwmarkten) en supermarkten in de branche ‘dagelijks’. Dit zijn beide type winkels met een groot gemiddeld wvo. Het aandeel zelfstandige winkelondernemers ligt in West-Friesland op 60%. In Noord-Holland ligt dit op 64%. West-Friesland kent daarmee relatief minder zelfstandige winkelondernemers en relatief meer formule-winkels. Tabel 6: Winkelaanbod naar branche regio West-Friesland Dagelijks Mode en luxe Vrije tijd In/om huis Detailhandel overig Totaal winkelaanbod (excl. leegstand) Leegstand
WVO 2022 83.149 50.981 20.534 186.175 27.146 367.985 18.588
WVO 2015-2022 8.261 -11.100 5.171 -4.541 5.329 3.120 -16.538
Bron: Locatus, december 2015 & oktober 2022; Bewerking Stec Groep, 2022.
7
VKP = Verkooppunt
VKP 7 2022 308 261 74 276 60 979 105
VKP 2015-2022 -1 -77 -19 -63 -6 -166 -33
23
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
Figuur 16: Winkelaanbod naar branche regio West-Friesland (in m² wvo) -
50.000
100.000
150.000
200.000
250.000
Dagelijks Mode & Luxe Vrije Tijd In/Om Huis
2015 2022
Detailhandel Overig Leegstand Bron: Locatus, december 2015 & oktober 2022; Bewerking Stec Groep, 2022.
4.2 Beschrijving winkelaanbod op gemeenteniveau Gemeente Hoorn dominante positie in winkelstructuur In gemeente Hoorn ligt met afstand het grootste winkelaanbod in de regio (41%). De gemeenten Medemblik (15%), Stede Broec (11%) en Opmeer (10%) volgen. In gemeenten Drechterland (8%) Koggenland (7%) en Enkhuizen (7%) is het winkelaanbod het kleinst. In alle branches voert de gemeente Hoorn het grootste winkelaanbod. Verder valt op dat in de gemeenten Stede Broec, Medemblik en Enkhuizen een relatief groot aanbod ‘mode en luxe’ aanwezig is. In de branche ‘in/om huis’ is na Hoorn het aanbod het grootst in de gemeenten Medemblik en Opmeer. Tuincentrum De Boet in de gemeente Opmeer (20.765 m² wvo) en Mammoet Woongigant (6.165 m² wvo) en Mobiel Interieur (5.500 m² wvo) in de gemeente Medemblik verklaren het grote winkelaanbod in deze branche. Hoge winkeldichtheid in de gemeente Opmeer De winkeldichtheid (het aantal winkelmeters per inwoner) is het hoogst in de gemeenten Stede Broec (3,6 m² wvo per inwoner), Opmeer (3,2) en Hoorn (2,0). De gemeente Koggenland (1,1) kent de laagste winkeldichtheid binnen de regio West-Friesland. De hoge winkeldichtheid in Opmeer wordt verklaard door de aanwezigheid van tuincentrum De Boet. Uiteenlopende ontwikkelingen winkelaanbod binnen West-Friesland Er hebben grote verschuivingen plaatsgevonden in winkelaanbod sinds 2015.
In de gemeenten Hoorn (+7.196 m² wvo), Opmeer (+3.497 m² wvo), Drechterland (+2.591 m² wvo), Stede Broec (+2.050 m² wvo) en Enkhuizen (+282 m² wvo) steeg het winkelaanbod sinds 2015. In de gemeenten Medemblik (-8.075 m² wvo), Koggenland (-4.421 m² wvo) was juist sprake van een daling. In de dagelijkse branche neemt in vrijwel alle gemeenten het winkelaanbod toe, waarbij het sterkst in Hoorn en Medemblik. De gemeenten Drechterland en Enkhuizen hebben beide een lichte daling in de dagelijkse branche. In de branche ‘mode en luxe’ daalt het aanbod het sterkst in de gemeente Hoorn, wat verklaard kan worden door dat het grootste deel van de branche ‘mode en luxe’ in de regio aanwezig is in de binnenstad van Hoorn. In de branche ‘vrije tijd’ is het aanbod nagenoeg stabiel gebleven, met uitzondering van de gemeente Hoorn waar het aanbod steeg met 5.329 m² wvo. Deze toename komt volledig tot stand door een forse uitbreiding van kampeer/outletwinkel Karsten Travelstore met circa 4.000 m2 wvo. In de branche ‘in/om huis’ is het beeld zeer divers. In de gemeente Medemblik is sprake van een flinke daling (-9.418 m² wvo). Oorzaken hiervoor zijn onder andere sluiting van wooncentrum De Zeehoek en de winkel Budget Home Store XL en verkleining van de winkel Mobiel Interieur. Ook in de gemeente Koggeland was een flinke daling in de branche ‘in/om huis’.
Dit wordt verklaard door de sluiting van De MeubelHoeve en de verkleining van het ROKO wooncentrum. In de gemeenten Hoorn (+3.346 m² wvo) en Drechterland (+3.531 m² wvo) steeg aan aanbod juist aanzienlijk.
24
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
Leegstand West-Friesland onder frictieniveau, forse afname sinds 2015 Momenteel staat 18.588 m² wvo leeg in West-Friesland. Vertaald naar leegstandspercentage is dit 3,3% van het totaal winkelvloeroppervlak. Dit ligt onder een gezond frictieniveau 8. De winkelleegstand is het hoogst in de gemeenten Enkhuizen (5,8%), Stede Broec (3,8%), Hoorn (3,7%) en Medemblik (3,5%) en laagst in de gemeenten Drechterland (0,9%), Opmeer (0,9%) en Koggeland (2,3%). Sinds 2015 is de leegstand fors afgenomen met 16.538 m² wvo vanaf een leegstandniveau van 6,1%. Vooral in de gemeenten Hoorn en Stede Broec nam het leegstaand winkelvloeroppervlak sterk af. In de gemeente Medemblik nam de leegstand in vierkante meters het meest toe. Leegstandspercentages op gemeenteniveau geven geen volledig beeld van de actuele situatie in de winkelgebieden zelf. Grote winkelvloeroppervlakten van met name tuincentra, bouwmarkten en meubelzaken drukken doorgaans de leegstandspercentages op gemeenteniveau omlaag. We gaan daarom in navolgende paragraaf in op de situatie in de winkelgebieden. Tabel 7: Winkelvloeroppervlak West-Friesland naar gemeenten en branche (2022) Gemeente Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec West-Friesland
Dagelijks 5.463 8.634 29.764 6.585 18.641 4.851 9.211 83.149
Mode & Luxe 740 6.272 23.517 2.487 6.887 2.386 8.692 50.981
In/Om Huis 16.833 7.929 70.283 14.790 28.002 28.537 19.801 186.175
Vrije Tijd 255 1.753 15.728 685 1.235 290 588 20.534
Overig 5.095 2.209 11.415 1.160 1.995 2.127 3.145 27.146
Totaal 28.386 26.797 159.443 26.600 59.854 38.736 43.888 386.573
Leegstand 385 2.484 8.736 893 3.094 545 2.451 18.588
Leegstand (in % wvo) 9 0,9% 5,8% 3,7% 2,3% 3,5% 0,9% 3,8% 3,3%
Tabel 8: Winkelvloeroppervlak West-Friesland naar gemeenten en branche (2015-2022) Gemeente
Dagelijks
Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec West-Friesland
-164 -100 2.925 163 2.926 1.267 1.244 8.261
Mode en Luxe -35 -619 -8.213 -89 -1.948 176 -372 -11.100
Vrije Tijd
In/Om Huis
-25 428 5.329 1 -395 70 237 5.171
3.531 -66 3.346 -4.416 -9.418 657 1.825 -4.541
Detailhandel Overig -716 639 3.809 -80 760 1.327 -410 5.329
Totaal detailhandel 2.591 282 7.196 -4.421 -8.075 3.497 2.050 3.120
Leegstand 185 -1.310 -11.854 -379 1.350 -1.306 -3.224 -16.538
Figuur 17: Winkelvloeroppervlak West-Friesland naar gemeenten in branche (2022) Stede Broec Opmeer Medemblik Koggenland Hoorn Enkhuizen Drechterland 0
20.000 Dagelijks
40.000
60.000
Mode & Luxe
80.000
100.000
120.000
140.000
Vrije Tijd
In/Om Huis
Overig
Leegstand
160.000
180.000
Bron: Locatus, oktober 2022; Bewerking Stec Groep
8 Een leegstandsniveau van 4 tot 5% wordt beschouwd als een gezond frictieniveau. Enige mate van leegstand is nodig om ruimte te bieden voor nieuwe toetreders en verplaatsingen. 9 Van de leegstand wordt 2/3 toegerekend aan detailhandel en 1/3 aan niet-detailhandelsfuncties conform de definitie van Locatus.
Onderzoeksrapport Regionale detailhandelsvisie West-Friesland 20.195
25
4.3 Beschrijving winkelaanbod op winkelgebied-niveau 4.3.1 Winkelstructuur De winkelstructuur van West-Friesland is ingedeeld in de volgende typen winkelgebieden: • Recreatieve centra • Centrale boodschappencentra • Ondersteunende boodschappencentra • Volumineus cluster De winkelstructuur in West-Friesland bestaat uit 27 winkelgebieden. Hiervan zijn er 3 recreatieve centra (Enkhuizen, Hoorn en Medemblik), 14 centrale boodschappencentra, 9 ondersteunende boodschappencentra en 2 volumineuze clusters. Ook is er een ruim aanbod verspreide bewinkeling 10. Sinds 2015 is winkelcentrum Hollandse Cirkel (Hoorn) toegevoegd aan de regionale winkelstructuur. In navolgende kaart geven we de locaties van de verschillende winkelgebieden weer. Figuur 18: Overzicht locaties winkelgebieden West-Friesland