01 DOC-24-795046 - Bestemmingsplan Zuiderweg 12A
Tekst van het document
dat een hoofdgebouw (gedeeltelijk) wordt voorzien van een plat dak; d. het bepaalde in lid 3.2.2 in die zin dat bijbehorende bouwwerken minder dan 2,00 m achter, c.q. vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van een hoofdgebouw c.q. het verlengde daarvan worden gebouwd; e. het bepaalde in lid 3.2.2 sub b in die zin dat de gezamenlijke oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw wordt vergroot tot ten hoogste 100 m², mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van
72/119
de aangrenzende gronden. 3.5 Specifieke gebruiksregels Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van een woonhuis voor meer dan één woning; b. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning; c. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horeca; d. het gebruik van gronden en bouwwerken voor kleinschalige beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten, zodanig dat: 1. de omvang van de activiteit meer dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing (bedrijfswoning en bijbehorende bouwwerken) met een maximum van 50 m² bedraagt; 2. er afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefklimaat in de omgeving; 3. het gebruik nadelige invloed heeft op de normale afwikkeling van het verkeer; 4. er niet wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid; 5. er detailhandel plaatsvindt, met uitzondering van kleinschalige verkoop in verband met de beroepsmatige en bedrijfsmatige activiteiten; 6. de activiteit niet wordt uitgeoefend door de bewoner en/of de werknemers; 7. opslag van goederen in het kader van de bedrijfsvoering plaatsvindt; e. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor verblijfsrecreatieve doeleinden, anders dan waarvoor in het verleden planologische medewerking is verleend; f. het gebruik van een woonhuis voor de huisvesting van buitenlandse werknemers; g.
het gebruik van de gronden ten behoeve van een paardrijbak; h. het buiten (bedrijfs)gebouwen stallen, parkeren, opslaan of aanwezig hebben van boten, auto’s, caravans, vrachtauto's, aanhangwagens en vergelijkbare voertuigen, tenzij dat redelijkerwijs aanvaardbaar kan worden geacht, gezien het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 3.6 Afwijken van de gebruiksregels 3.6.1 Logiesverstrekking Mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, een goede milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kan met omgevingsvergunning worden afgeweken van het bepaalde in lid 16.5 onder b en e in die zin dat op percelen waar de woonfunctie aanwezig is, gronden en bouwwerken worden gebruikt voor logiesverstrekking ten behoeve van recreatieve bewoning, mits: a. de oppervlakte voor logiesverstrekking niet meer bedraagt dan 40% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bedrijfswoning en de bijbehorende bouwwerken op het bouwperceel tot een maximum van 60 m²; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de verkeersontsluiting- en parkeersituatie (de eventuele extra benodigde parkeerplaatsen worden op eigen terrein gerealiseerd).
3.6.2 Theetuin Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.5 sub c in die zin dat bij een woonhuis een theetuin wordt gevestigd, mits: a. de schenkerij binnen de bestaande bebouwing wordt gevestigd; b. een klein buitenterras ten behoeve van de theetuin mag worden aangelegd;
73/119
c. de bedrijfsvloeroppervlakte ten behoeve van de theetuin maximaal 50 m² mag bedragen; d. parkeren op eigen erf plaatsvindt; e. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
74/119
Artikel 4
Waarde - Archeologie 2
4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: het behoud van de aldaar in of op de grond aanwezige archeologische waarden. 4.2 Bouwregels 4.2.1 Omgevingsvergunning voor het bouwen Voor bouwwerken waarbij grondroerende werkzaamheden over een oppervlakte groter dan 100 m² en dieper dan 0,35 m onder het maaiveld plaatsvinden moet alvorens een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt verleend, zijn aangetoond dat: a. geen archeologische waarden aanwezig zijn; dan wel b. dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; dan wel c. dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten niet kunnen worden verstoord. 4.2.2 Voorwaarden omgevingsvergunning voor het bouwen Indien blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen kunnen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning voor het bouwen: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c.
de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg. 4.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.3.1 Vergunningplichtige werken en werkzaamheden Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is ongeacht het bepaalde in de regels bij de andere op de gronden van toepassing zijnde bestemmingen een omgevingsvergunning vereist: a. het aanbrengen van diepwortelende beplanting of bomen over een groter oppervlak dan 100 m²; b. het rooien of vellen van houtopstanden over een groter oppervlak dan 100 m²; c. de aanleg van verhardingen met een groter oppervlak dan 100 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m; d. het afgraven, ophogen of egaliseren van gronden met een groter oppervlak dan 100 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m; e. het graven, verbreden of dempen van sloten alsmede het aanleggen en intensiveren van drainage over of met een groter oppervlak dan 100 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m; f. het in de grond brengen van voorwerpen over een groter oppervlak dan 100 m² op een grotere diepte dan 0,35 m; g. het verrichten van graafwerkzaamheden over een groter oppervlak dan 100 m² en dieper dan 0,35 m; h.
het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur over een groter oppervlak dan 100 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m.
75/119
4.3.2 Uitzondering Het bepaalde in 4.3.1 is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die: a. het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen, waaronder begrepen het vervangen van drainagewerken en het sleufloos draineren; b. reeds in uitvoering zijn ten tijde van het van kracht worden van het plan; c. in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen worden uitgevoerd, mits verricht door een daartoe bevoegde instantie. 4.3.3 Toetsingscriteria De in 4.3.1 genoemde omgevingsvergunning wordt slechts verleend, mits: a. is aangetoond dat geen archeologische waarden aanwezig zijn, dan wel; b. is aangetoond dat de archeologische waarden door de werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden niet onevenredig worden geschaad, dan wel; c. is aangetoond dat de archeologische waarden door de werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden kunnen worden verstoord. 4.3.4 Voorwaarden omgevingsvergunning Indien blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden kunnen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c.
de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg. 4.4 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen in die zin dat de bestemming 'Waarde - Archeologie 2' geheel of gedeeltelijk wordt verwijderd, indien op basis van archeologisch onderzoek door een archeologisch deskundige is aangetoond dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn.
76/119
Artikel 5
Waarde - Archeologie 3
5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: het behoud van de aldaar in of op de grond aanwezige archeologische waarden. 5.2 Bouwregels 5.2.1 Omgevingsvergunning voor het bouwen Voor bouwwerken waarbij grondroerende werkzaamheden over een oppervlakte groter dan 500 m² en dieper dan 0,40 m onder het maaiveld plaatsvinden moet alvorens een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt verleend, zijn aangetoond dat: a. geen archeologische waarden aanwezig zijn; dan wel b. dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; dan wel c. dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten niet kunnen worden verstoord. 5.2.2 Voorwaarden omgevingsvergunning voor het bouwen Indien blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen kunnen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning voor het bouwen: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c.
de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg. 5.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.3.1 Vergunningplichtige werken en werkzaamheden Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is ongeacht het bepaalde in de regels bij de andere op de gronden van toepassing zijnde bestemmingen een omgevingsvergunning vereist: a. het aanbrengen van diepwortelende beplanting of bomen over een groter oppervlak dan 500 m²; b. het rooien of vellen van houtopstanden over een groter oppervlak dan 500 m²; c. de aanleg van verhardingen met een groter oppervlak dan 500 m² en op een grotere diepte dan 0,40 m; d. het afgraven, ophogen of egaliseren van gronden met een groter oppervlak dan 500 m² en op een grotere diepte dan 0,40 m; e. het graven, verbreden of dempen van sloten alsmede het aanleggen en intensiveren van drainage over of met een groter oppervlak dan 500 m² en op een grotere diepte dan 0,40 m; f. het in de grond brengen van voorwerpen over een groter oppervlak dan 500 m² op een grotere diepte dan 0,40 m; g. het verrichten van graafwerkzaamheden over een groter oppervlak dan 500 m² en dieper dan 0,40 m; h.
het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur over een groter oppervlak dan 500 m² en op een grotere diepte dan 0,40 m.
77/119
5.3.2 Uitzondering Het bepaalde in 5.3.1 is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die: a. het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen, waaronder begrepen het vervangen van drainagewerken en het sleufloos draineren; b. reeds in uitvoering zijn ten tijde van het van kracht worden van het plan; c. in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen worden uitgevoerd, mits verricht door een daartoe bevoegde instantie. 5.3.3 Toetsingscriteria De in 5.3.1 genoemde omgevingsvergunning wordt slechts verleend, mits: a. is aangetoond dat geen archeologische waarden aanwezig zijn, dan wel; b. is aangetoond dat de archeologische waarden door de werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden niet onevenredig worden geschaad, dan wel; c. is aangetoond dat de archeologische waarden door de werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden kunnen worden verstoord. 5.3.4 Voorwaarden omgevingsvergunning Indien blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden kunnen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c.
de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg. 5.4 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen door de bestemming 'Waarde - Archeologie 3' geheel of gedeeltelijk te verwijderen indien op basis van archeologisch onderzoek door een archeologisch deskundige is aangetoond dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn.
78/119
Hoofdstuk 3 Artikel 6
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
79/119
Artikel 7
Algemene bouwregels
7.1 Bestaande afwijkende maatvoering Met betrekking tot bestaande maten gelden de volgende regels: a. De op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen die meer bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden. b. De op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen die minder bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden. c. In geval van herbouw is het bepaalde onder a en b slechts van toepassing, indien de herbouw op dezelfde plaats plaatsvindt. 7.2 Ondergronds bouwen a. Op plaatsen waar hoofd- en bijbehorende bouwwerken zijn of gelijktijdig worden gebouwd mag eveneens ondergronds gebouwd worden, direct aansluitend mogen in- dan wel uitritten ten behoeve van de ondergrondse bouwwerken worden gebouwd. b. De verticale diepte mag bij ondergronds bouwen niet meer bedragen dan 4 m. c. Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde onder a voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken op andere locaties dan onder het hoofdgebouw of bijgebouw mits hierdoor de in het gebied aanwezige waarden niet onevenredig worden aangepast en er geen bezwaren zijn uit waterhuishoudkundig oogpunt.
80/119
Artikel 8
Algemene gebruiksregels
8.1 Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken, in gebruik geven of laten gebruiken van gronden en bouwwerken op een wijze of tot doel strijdig met de bestemming; b. gebruik van gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens ten behoeve van een seksinrichting en/of escortbedrijf, raamprostitutie en straatprostitutie; c. gebruik van gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens ten behoeve van een smartshop, een growshop en een headshop, alsmede het gebruik van opstallen voor het telen, bewerken en verhandelen van soft- en harddrugs; d. het gebruik van gronden en bouwwerken als standplaats voor kampeermiddelen met uitzondering van de gronden die zijn bestemd voor 'Recreatie' of de gronden waarvoor omgevingsvergunning wordt verleend op basis van een afwijking op het gebruik; e. het gebruik van gronden voor opslag van schroot, afbraak- en bouwmaterialen, anders dan ten behoeve van de uitvoering van krachtens de bestemming toegelaten bouwactiviteiten, werken en werkzaamheden; f. het gebruik van gronden voor het storten van puin en afvalstoffen; g. het gebruik van leegstaande gebouwen voor de huisvesting van buitenlandse werknemers; h. het gebruik van gronden en bouwwerken voor gasboringen, gaswinning en winning van schaliegas; i.
het gebruik van gronden en bouwwerken voor de stalling en opslag van aan het oorspronkelijk gebruik onttrokken voer-, vaar- en/of vliegtuigen; j. het gebruik van gronden, gebouwen en/of overkappingen waarbij een toename plaatsvindt van de stikstofemissie als gevolg van een wijziging van dieraantallen, diersoorten en/of andere stalsystemen vanaf het betreffende agrarische bedrijf of de betreffende gronden; k. het gebruik van gronden en bouwwerken voor zonnepanelen anders dan op daken van gebouwen of overkappingen. 8.2 Afwijken van de gebruiksregels 8.2.1 Toename ammoniakemissie Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 8 lid 8.1 onder j. in die zin dat een toename van de bestaande ammoniakemissie wordt toegestaan, mits: a. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast om, in geval op vergunningenniveau toename van de bestaande ammoniakemissie is toegestaan, de strijdigheid tussen de vergunning en de planregels op te heffen; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, de landschappelijke en natuurlijke waarden van de gronden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 8.2.2 Afwijking zonnepanelen anders dan op daken Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 8 lid 8.1 onder k. in die zin dat zonnepanelen anders dan op daken van gebouwen of overkappingen worden geplaatst, mits: a.
de zonnepanelen uitsluitend op bouwpercelen binnen de daarvoor op de verbeelding opgenomen bestemmingsvlakken of binnen de bouwvlakken binnen de op de verbeelding aangeduide agrarische bedrijfskavels worden toegelaten;
81/119
b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, de landschappelijke, cultuurhistorische en natuurlijke waarden en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden. 8.2.3 Huisvesting buitenlandse werknemers Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 8 lid 8.1 sub g. in die zin dat: a. leegstaande gebouwen al dan niet in combinatie met interne bouwactiviteiten worden gebruikt voor de huisvesting van buitenlandse werknemers, mits: 1. het leegstaande gebouwen betreft die zich op locaties bevinden, waar reeds stedelijke functies zijn toegestaan; 2. de leegstaande gebouwen na aanpassing voldoen aan de Woningwet; 3. per perceel ten hoogste 60 buitenlandse werknemers worden gehuisvest; 4. minimaal 40% van de huisvestingsplekken wordt ingericht als eenpersoons slaapkamers; 5. er geen sprake is van onevenredige schade voor de aangrenzende (agrarische) bedrijven, in die zin dat de bedrijven in hun ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt; 6. tevens wordt voldaan aan de op dat moment van toepassing zijnde beleidsregels (die zijn neergelegd in de 'Beleidsregels huisvesting buitenlandse buitenlandse werknemers gemeente Medemblik' van 18 november 2021, dan wel een opvolger daarvan); 7.
geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; b. het bepaalde ten aanzien van het gebruik van gronden en bouwwerken al dan niet in combinatie met interne bouwactiviteiten worden gebruikt voor de huisvesting van meer dan 60 buitenlandse werknemers, mits: 1. per kern ten hoogste 300 huisvestingsplekken op een huisvestingslocatie voor buitenlandse werknemers zijn toegestaan, verspreidt over ten hoogste twee huisvestingslocaties; 2. minimaal 40% van de huisvestingsplekken wordt ingericht als eenpersoons slaapkamers; 3. het aantal te huisvesten buitenlandse werknemers wordt afgestemd op de omvang en ligging van de bebouwing, de bereikbaarheid van de locatie, en de ligging ten opzichte van de voorzieningen; 4. de huisvesting plaatsvindt op een afstand van ten minste 50 m ten opzichte van nabijgelegen woningen; 5. er geen sprake is van onevenredige schade voor de aangrenzende (agrarische) bedrijven, in die zin dat de bedrijven in hun ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt; 6. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
8.3 Ondergeschikte functie Een ondergeschikte functie mag een omvang hebben van niet meer dan 30% van de vloeroppervlakte van het hoofdgebouw, tenzij in de betreffende bestemming een andere maatvoering gekoppeld is aan de ondergeschikte functie.
82/119
Artikel 9
Algemene afwijkingsregels
Mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de sociale veiligheid, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kan met omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. de in deze regels gegeven maten, afmetingen en percentages tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages. b. de bestemmingsregels en toestaan dat bestemmingsgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; c. deze regels en toestaan dat het bouwvlak in geringe mate wordt overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; d. deze regels ten behoeve van de overschrijding van de voorgevelrooilijn voor de bouw van een luifel aan de voorgevel van een hoofdgebouw, geen woning zijnde, met dien verstande dat: 1. de overschrijding van de voorgevelrooilijn niet meer mag bedragen dan 2 m; 2. de bouwhoogte van de luifel niet meer mag bedragen dan de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw; 3. er geen bezwaren bestaan vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid. e. deze regels en toestaan dat openbare nutsgebouwtjes, wachthuisjes ten behoeve van het openbaar vervoer, telefooncellen, gebouwtjes ten behoeve van de bediening van kunstwerken, toiletgebouwtjes, en naar aard daarmee gelijk te stellen gebouwtjes worden gebouwd, met dien verstande dat: 1.
de inhoud per gebouwtje niet meer dan 50 m³ mag bedragen; 2. de bouwhoogte niet meer dan 3,5 m mag bedragen; f. deze regels ten aanzien van de maximaal toegestane bouwhoogte van andere bouwwerken en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken wordt vergroot: 1. ten behoeve van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, tot niet meer dan 40 m; 2. ten behoeve van waarschuwings- en/of communicatiemasten tot niet meer dan 40 m; 3. ten behoeve van overige andere bouwwerken tot niet meer dan 10 m; g. deze regels ten aanzien van de maximaal toegestane bouwhoogte van gebouwen ten behoeve van een overschrijding van deze maximaal toegestane bouwhoogte voor plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische ruimten, met dien verstande dat: 1. de maximale oppervlakte van de vergroting niet meer mag bedragen dan 10% van het betreffende platte dakvlak of de horizontale projectie van het schuine dakvlak; 2. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 1,25 maal de maximaal toegestane bouwhoogte van het betreffende gebouw. h. het bepaalde ten aanzien van het bouwen van gebouwen binnen het bouw- c.q. bestemmingsvlak in die zin dat de grenzen van het bouw- c.q. bestemmingsvlak naar de buitenzijde worden overschreden door: 1. plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen en schoorstenen; 2. gevel- en kroonlijsten en overstekende daken; 3.
ingangspartijen, luifels, balkons en galerijen; mits de bouwgrens met niet meer dan 1,5 m wordt overschreden.
83/119
Artikel 10 Algemene aanwijzingsregels 10.1 Algemeen Burgemeester en wethouders kunnen, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de milieusituatie, de sociale veiligheid, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, het plan wijzigen in die zin dat: a. het beloop of profiel va wegen of aansluitingen van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft; b. bouwvlakken worden verschoven, mits de oppervlakte van het bouwvlak niet wordt vergroot.
84/119
Artikel 11 Overige regels 11.1 Verwijzing naar andere wettelijke regelingen Waar in dit plan wordt verwezen naar andere wettelijke regelingen, wordt geduid op de regelingen zoals die luidden op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het bestemmingsplan. 11.2 Voldoende parkeergelegenheid a. Een nieuw bouwwerk, verandering van een bouwwerk, verandering van gebruik van een bouwwerk of van gronden - al dan niet gecombineerd - , waarvan een behoefte aan parkeergelegenheid wordt verwacht, is niet toegestaan wanneer op het bouwperceel of in de omgeving daarvan niet in voldoende parkeergelegenheid is voorzien en in stand wordt gehouden; b. bij een omgevingsvergunning, dan wel bij de beoordeling of het gebruik in overeenstemming is met het bestemmingsplan wordt aan de hand van op dat moment van toepassing zijnde beleidsregels (die zijn neergelegd in de Nota Parkeernormen van 6 maart 2014, dan wel de opvolger dan die regel) bepaald of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid; c. bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in sub a en worden toegestaan dat in minder dan voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien, mits dit geen onevenredige afbreuk doet aan de parkeersituatie.
85/119
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
Artikel 12 Overgangsrecht 12.1 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a met maximaal 10 %. c. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder omgevingsvergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 12.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. e. Voormalige agrarische bedrijfsgebouwen die onder het overgangsrecht zijn gebracht mogen worden gebruikt overeenkomstig een veldschuur.
86/119
Artikel 13 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels, behorende bij het bestemmingsplan Opperdoes - Zuiderweg 12A van de gemeente Medemblik.
87/119
88/119
Bijlagen regels
89/119
90/119
Bijlage 1
91/119
Bedrijfsactiviteiten
AFSTANDEN IN METERS
0112 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0121 0122 0122 0122 0123 0124 0124 0124 0124 0124 0125 0125 0125 0125 0125 0125
VISUEEL
BODEM
LUCHT
10
10
30
C
10
30
2
1
G
1
B
L
VERKEER
GROOTSTE AFSTAND
CATEGORIE
GEVAAR
-
GELUID
0111, 0113
01 011, 012, 013 011, 012, 013, 016 011, 012, 013 011, 012, 013 011, 012, 013 0113 0113 0163 011 0141, 0142 0143, 0145 0143 0145 0146 0147 0147 0147 0147 0147 0149 0149 0149 0149 0149 0149
INDICES
STOF
01
-
OMSCHRIJVING
GEUR
-
SBI-2008
nummer
SBI-1993
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen)
0
Tuinbouw:
1
- bedrijfsgebouwen
10
10
30
C
10
30
2
1
G
1
B
L
2
- kassen zonder verwarming
10
10
30
C
10
30
2
1
G
1
B
L
3 4 5 6 7
- kassen met gasverwarming - champignonkwekerijen (algemeen) - champignonkwekerijen met mestfermentatie - bloembollendroog- en prepareerbedrijven - witlofkwekerijen (algemeen)
10 30 100 30 30
10 10 10 10 10
30 30 30 30 30
C C C C C
10 10 10 10 10
30 30 100 30 30
2 2 3.2 2 2
1 1 1 1 1
G G G G G
1 1 1 1
B B B B
L
Fokken en houden van rundvee
100
30
30
C
0
100
3.2
1
G
1
50 50 200
30 30 30
30 30 50
C C C
0 0 0
50 50 200
3.1 3.1 4.1
1 1 1
G G G
1 1 1
200 200 200 100
30 30 50 30
50 50 50 50
C C C C
0 0 0 0
200 200 200 100
4.1 4.1 4.1 3.2
1 1 1 1
G G G G
1 1 1 1
200 100 30 100 10
30 30 0 0 0
30 30 50 30 30
C C C C C
0 0 10 10 10
200 100 50 100 30
4.1 3.2 3.1 3.2 2
1 1 1 1 1
G G G G G
1 1 1 1 1
0 1 2 0 1 2 3 4 0 1 2 3 4 5
Fokken en houden van overige graasdieren: - paardenfokkerijen - overige graasdieren Fokken en houden van varkens Fokken en houden van pluimvee: - legkippen - opfokkippen en mestkuikens - eenden en ganzen - overig pluimvee Fokken en houden van overige dieren: - nertsen en vossen - konijnen - huisdieren - maden, wormen e.d. - bijen
D D
D
0125
0149
6
0130 014 014 014
0150 016 016 016
0 1 2
014
016
3
014 0142 02
016 0162 02
4
02
02
-
020 05 05 0501.1 0501.2 0502
021, 022, 024 03 03 0311 0312 032
0502 0502 10 10 103 11 11 111 111
032 032 08 08 089 06 06 061, 062 061
0 1
111
062
2
111 14
062 08
3 -
14 1421 1421 1421
08 0812 0812 0812
0 1 2
- overige dieren
30
10
30
C
0
30
100
30
30
C
0
100
30 30
10 10
50 30
10 10
50 30
30
10
50
10
30 30
10 10
30 30
Bosbouwbedrijven
10
10
50
VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Zeevisserijbedrijven Binnenvisserijbedrijven Vis- en schaaldierkwekerijen
100 50
0 0
100 50
C C
50 10
- oester-, mossel- en schelpenteeltbedrijven - visteeltbedrijven
100 50
30 0
50 50
C C
TURFWINNING Turfwinningbedrijven
50
50
100
100
0
30
Akker-en/of tuinbouw in combinatie met het fokken en houden van dieren (niet intensief) Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations
2
1
G
1
3.2
1
G
1
3.1 2
2 1
G G
1 1
50
3.1
2
G
1
10 0
30 30
2 2
1 1
G G
1 1
0
50
3.1
1
G
1
100 50
3.2 3.1
2 1
G G
2 1
0 0
100 50
3.2 3.1
1 1
G G
1 1
C
10
100
3.2
2
G
2
200
C
200
R
200
4.1
1
G
2
B
0
500
C
200
R
500
5.1
1
G
1
B
50
0
700
C
Z
200
R
700
5.2
1
G
1
B
10 10
100 200
200 700
Z
10 10
4.1 5.2
2 2
G G
1 2
C
D
D
-
-
0 1 2 -
BOSBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. BOSBOUW
AARDOLIE- EN AARDGASWINNING Aardolie- en aardgaswinning: - aardoliewinputten - aardgaswinning incl. gasbeh.inst.: < 10.000.000 N m3/d - aardgaswinning incl. gasbeh.inst.: >= 10.000.000 N m3/d WINNING VAN ZAND, GRIND, KLEI, ZOUT, E.D. Steen-, grit- en krijtmalerijen (open lucht): - algemeen - steenbrekerijen
R
200 700
D
L
144 145 15
0893 0899 10, 11
-
15 151 151 151 151
10, 11 101, 102 101, 102 101 101
0 1 2 3
151
101
4
151
101
5
151
101
6
151
101, 102
7
- loonslachterijen
8 0 1 2 3 4 5 6 0 1 2
- vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden met p.o. < 2.000 m² Visverwerkingsbedrijven: - drogen - conserveren - roken - verwerken anderszins: p.o.> 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² Aardappelprodukten fabrieken: - vervaardiging van aardappelproducten - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m²
0
Groente- en fruitconservenfabrieken:
1
151 152 152 152 152 152 152 152 1531 1531 1531 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1541
108 102 102 102 102 102 102 102 1031 1031 1031 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 104101
Zoutwinningbedrijven Mergel- en overige delfstoffenwinningbedrijven
3.2 5.1
2 3
G G
1 3
3.2 5.2 4.2
2 2 2
G G G
1 2 2
100
3.2
2
G
2
30
50
3.1
1
G
1
50
10
50
3.1
1
G
1
0
50
10
50
3.1
1
G
1
50
0
50
10
50
3.1
2
G
1
700 200 300 300 100 50
100 0 0 10 10 10
200 100 50 50 50 30
C C C C
30 30 0 30 30 10
700 200 300 300 100 50
5.2 4.1 4.2 4.2 3.2 3.1
2 2 1 2 1 1
G G G G G G
2 2 2 2 1 1
300 50
30 10
200 50
C
50 50
300 50
4.2 3.1
2 1
G G
2 1
- jam
50
10
100
C
10
100
3.2
1
G
1
2
- groente algemeen
50
10
100
C
10
100
3.2
2
G
2
3
- met koolsoorten
100
10
100
C
10
100
3.2
2
G
2
4
- met drogerijen
300
10
200
C
30
300
4.2
2
G
2
5 0
- met uienconservering (zoutinleggerij) Vervaardiging van ruwe plantaardige en dierlijke
300
10
100
C
10
300
4.2
2
G
2
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Slachterijen en overige vleesverwerking: - slachterijen en pluimveeslachterijen - vetsmelterijen - bewerkingsinrichting van darmen en vleesafval - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m²
50 10
10 200
100 500
C C
30 50
100 500
100 700 300
0 0 0
100 100 100
C C C
50 30 50
R R
100 700 300
100
0
100
C
50
R
50
0
50
C
30
0
50
R R
D
D
B
oliën en vetten: 1541 1541
104101 104101
1 2
1542 1542 1542 1543 1543 1543 1551 1551
104102 104102 104102 1042 1042 1042 1051 1051
0 1 2 0 1 2 0 1
1551 1551 1551 1551 1552 1552 1561 1561 1561 1561 1562 1562 1562 1571 1571 1571
1051 1051 1051 1051 1052 1052 1061 1061 1061 1061 1062 1062 1062 1091 1091 1091
2 3 4 5 1 2 0 1 2
1571
1091
3
1571 1571 1571 1572 1581
1091 1091 1091 1092 1071
4 5 6
1581 1581
1071 1071
1 2
0 1 2 0 1 2
0
- p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Margarinefabrieken: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Zuivelprodukten fabrieken: - gedroogde produkten, p.c. >= 1,5 t/u - geconcentreerde produkten, verdamp. cap. >=20 t/u - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j - melkprodukten fabrieken v.c. >= 55.000 t/j - overige zuivelprodukten fabrieken Consumptie-ijsfabrieken: p.o. > 200 m² - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Meelfabrieken: - p.c. >= 500 t/u - p.c. < 500 t/u Grutterswarenfabrieken Zetmeelfabrieken: - p.c. < 10 t/u - p.c. >= 10 t/u Veevoerfabrieken: - destructiebedrijven - beender-, veren-, vis-, en vleesmeelfabriek - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. < 10 t/u water - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. >= 10 t/u water - mengvoeder, p.c. < 100 t/u - mengvoeder, p.c. >= 100 t/u Vervaardiging van voer voor huisdieren Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens - v.c. >= 7500 kg meel/week
200 300
30 50
100 300
C C
Z
30 50
R R
200 300
4.1 4.2
3 3
G G
2 3
B B
200 300
10 10
100 300
C C
Z
100 200
R R
200 300
4.1 4.2
3 3
G G
2 3
B B
100 200
10 10
200 300
C C
Z
30 50
R R
200 300
4.1 4.2
3 3
G G
2 3
B
200
100
500
C
Z
50
R
500
5.1
3
G
2
200 50 100 50 50 10
30 0 0 50 0 0
500 100 300 300 100 30
C C C C C
Z
50 50 50 50 50 0
R R R R R
500 100 300 300 100 30
5.1 3.2 4.2 4.2 3.2 2
3 2 3 3 2 1
G G G G G G
2 1 2 2 2 1
200 100 50
100 50 100
300 200 200
C C C
100 50 50
R R
300 200 200
4.2 4.1 4.1
2 2 2
G G G
2 2 2
200 300
50 100
200 300
C C
30 50
R R
200 300
4.1 4.2
1 2
G G
2 3
700 700
30 100
200 100
C C
50 30
R
700 700
5.2 5.2
3 3
G G
3 3
300
100
200
C
30
300
4.2
2
G
2
700 200 300 200
200 50 100 100
300 200 300 200
C C C C
50 30 50 30
700 200 300 200
5.2 4.1 4.2 4.1
3 3 3 2
G G G G
3 3 3 2
30 100
10 30
30 100
C C
30 100
2 3.2
1 2
G G
1 2
Z
Z
Z
Z Z
10 30
R
D
D D
1582 1583 1583 1583
1072 1081 1081 1081
0 1 2
1584 1584
10821 10821
0 1
Banket, biscuit- en koekfabrieken Suikerfabrieken: - v.c. < 2.500 t/j - v.c. >= 2.500 t/j Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - Cacao- en chocoladefabrieken: p.o. > 2.000 m²
2
- cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m²
1584
10821
1584 1584
10821 10821
3 4
1584
10821
5
1584 1585 1586 1586 1586 1587 1589 1589.1 1589.2 1589.2 1589.2 1589.2 1591 1592 1592 1592
10821 1073 1083 1083 1083 108401 1089 1089 1089 1089 1089 1089 110101 110102 110102 110102 1102 t/m 1104 1105 1106 1107 12 12 120 13
6
1593 t/m 1595 1596 1597 1598 16 16 160 17
0 1 2
0 1 2
0 1 2
-
100
10
100
C
500 1000
100 200
300 700
C C
500
50
100
30
100
3.2
2
G
2
100 200
R R
500 1000
5.1 5.3
2 3
G G
2 3
100
50
R
500
5.1
2
G
3
30
50
30
100
3.2
2
G
2
30 300
10 30
30 50
10 30
R
30 300
2 4.2
1 2
G G
1 2
100
30
50
30
R
100
3.2
2
G
2
10 10
30 50
2 3.1
1 2
G G
1 2
10 10 10 30 50
500 100 200 200 200
5.1 3.2 4.1 4.1 4.1
2 2 2 2 2
G G G G G
1 1 1 2 2
100 300 200 300
3.2 4.2 4.1 4.2
2 2 2 2
G G G G
2 2 2 2
200 300
4.1 4.2
1 2
G G
2 3
30 300 300 100
2 4.2 4.2 3.2
1 2 2 3
G G G G
1 2 2 2
200
4.1
2
G
1
Z
- cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² - Suikerwerkfabrieken met suiker branden - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. > 200 m² - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² Deegwarenfabrieken Koffiebranderijen en theepakkerijen: - koffiebranderijen - theepakkerijen Vervaardiging van azijn, specerijen en kruiden Vervaardiging van overige voedingsmiddelen Bakkerijgrondstoffenfabrieken Soep- en soeparomafabrieken: - zonder poederdrogen - met poederdrogen Bakmeel- en puddingpoederfabrieken Destilleerderijen en likeurstokerijen Vervaardiging van ethylalcohol door gisting: - p.c. < 5.000 t/j - p.c. >= 5.000 t/j
30 50
10 30
30 10
500 100 200 200 200
30 10 30 30 50
200 30 50 50 50
100 300 200 300
10 50 50 30
50 50 50 200
C
10 50 30 30
200 300
30 50
200 300
C C
30 50
Vervaardiging van wijn, cider e.d. Bierbrouwerijen Mouterijen Mineraalwater- en frisdrankfabrieken
10 300 300 10
0 30 50 0
30 100 100 100
C C C
0 50 30 50
VERWERKING VAN TABAK Tabakverwerkende industrie
200
30
50
C
C
30
R
R
R R
R R
D
D
B B
B
17 171 172 172 172 173 174, 175 1751
13 131 132 132 132 133 139 1393
-
176, 177 18
139, 143 14
18 181
14 141
182
141
183 19
142, 151 19
19 191 192 193 20
15 151,152 151 152
20 2010.1 2010.2 2010.2 2010.2 202
16 16101 16102 16102 16102 1621
203, 204, 205
162
0
203, 204, 205 205 21
162 162902 17
1
21 2111 2112
17 1711 1712
-
0 1 2
VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Bewerken en spinnen van textielvezels Weven van textiel: - aantal weefgetouwen < 50 - aantal weefgetouwen >= 50 Textielveredelingsbedrijven Vervaardiging van textielwaren Tapijt-, kokos- en vloermattenfabrieken Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen
10
50
100
30
100
3.2
2
G
1
10 10 50 10 100
10 30 0 0 30
100 300 50 50 200
0 50 10 10 10
100 300 50 50 200
3.2 4.2 3.1 3.1 4.1
2 3 2 1 2
G G G G G
1 2 2 1 2
0
10
50
10
50
3.1
1
G
2
30
0
50
0
50
3.1
1
G
1
10
10
30
10
30
2
2
G
2
50
10
10
10
50
3.1
1
G
300 50 50
30 10 10
100 30 50
10 10 10
300 50 50
4.2 3.1 3.1
2 2 2
0
50
100
50
100
3.2
200 10 100
30 30 30
50 50 100
10 10 10
200 50 100
0
30
100
0
0 10
30 10
50 30
0 0
200
100
200
Z
B B
L
1
B
L
G G G
2 2 1
B
L
2
G
2
4.1 3.1 3.2
2 2 3
G G G
2 1 2
B B B
L
100
3.2
2
G
2
50 30
3.1 2
1 1
G G
1 1
200
4.1
3
G
2
-
VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont
-
VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederfabrieken Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) Schoenenfabrieken
D
0 1 2
HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Houtzagerijen Houtconserveringsbedrijven: - met creosootolie - met zoutoplossingen Fineer- en plaatmaterialenfabrieken Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken
R
-
0
VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN Vervaardiging van pulp Papier- en kartonfabrieken:
C
50
R
2112 2112 2112 212 2121.2 2121.2 2121.2 22
1712 1712 1712 172 17212 17212 17212 58
22 221 2221 2222 2222.6 2223 2223 2224 2225 223 23
58 581 1811 1812 18129 1814 1814 1813 1814 182 19
23 231 2320.1 2320.2 2320.2 2320.2 233 24
19 191 19201 19202 19202 19202 201, 212, 244 20
24 2411 2411 2411 2411 2412 2413 2413 2413
20 2011 2011 2011 2011 2012 2012 2012 2012
1 2 3 0 1 2 -
A B
- p.c. < 3 t/u - p.c. 3 - 15 t/u - p.c. >= 15 t/u Papier- en kartonwarenfabrieken Golfkartonfabrieken: - p.c. < 3 t/u - p.c. >= 3 t/u
50 100 200 30
30 50 100 30
50 200 300 100
C C C C
30 50
30 30
100 200
C C
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Drukkerijen van dagbladen Drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen Grafische afwerking Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media
0 30 30 10 0 30 30 30 0
0 0 0 0 0 0 0 0 0
10 100 100 30 10 30 10 30 10
AARDOLIE-/STEENKOOLVERWERK. IND.; BEWERKING SPLIJT-/KWEEKSTOFFEN Cokesfabrieken Aardolieraffinaderijen Smeeroliën- en vettenfabrieken Recyclingbedrijven voor afgewerkte olie Aardolieproduktenfabrieken n.e.g.
1000 1500 50 300 300
700 100 0 0 0
1000 1500 100 100 200
Splijt- en kweekstoffenbewerkingsbedrijven
10
10
100
VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN Vervaardiging van industriële gassen: - luchtscheidingsinstallatie v.c. >= 10 t/d lucht - overige gassenfabrieken, niet explosief - overige gassenfabrieken, explosief Kleur- en verfstoffenfabrieken Anorg. chemische grondstoffenfabrieken: - niet vallend onder "post-Seveso-richtlijn" - vallend onder "post-Seveso-richtlijn"
10 100 100 200
0 0 0 0
700 500 500 200
C C C C
100 300
30 50
300 500
C C
Z Z
Z
30 50 100 30
R R R R
50 200 300 100
3.1 4.1 4.2 3.2
1 2 3 2
G G G G
2 2 2 2
30 30
R R
100 200
3.2 4.1
2 2
G G
2 2
10 100 100 30 10 30 30 30 10
1 3.2 3.2 2 1 2 2 2 1
1 3 3 1 1 2 2 2 1
P G G P G G G G G
1 2 2 1 1 1 1 1 1
2 3 2 2 2
G G G G G
3 3 2 2 2
B B B B B B
0 10 10 0 0 0 10 10 0
C
D
B B B
L
B B
-
A B C
C C
Z Z
100 1500 30 50 50
R R R R R
1500
1000 1500 100 300 300
D
5.3 6 3.2 4.2 4.2
L L L L L
1500
D
6
1
G
2
3 3 3 3
G G G G
3 3 3 3
B
L L L
2 3
G G
3 3
B B
L L
0 1 2 3 0 1 2
Z
100 100 300 200
R R R R
700 500 500 200
D
5.2 5.1 5.1 4.1
300 700
R R
300 700
D D
4.2 5.2
2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.2 2414.2 2414.2 2415 2416 242 242 242 243 2441 2441 2441 2442 2442 2442 2451 2452 2461 2462 2462 2462 2464 2466 2466
20141 20141 20141 20141 20141 20141 20149 20149 20149 2015 2016 202 202 202 203 2110 2110 2110 2120 2120 2120 2041 2042 2051 2052 2052 2052 205902 205903 205903
247 25
2060 22
25 2511 2512 2512 2512
22 221101 221102 221102 221102
A0 A1 A2 B0 B1 B2 0 1 2
0 1 2 0 1 2 0 1 2
0 1 2 A B
Organ. chemische grondstoffenfabrieken: - niet vallend onder "post-Seveso-richtlijn" - vallend onder "post-Seveso-richtlijn" Methanolfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j - p.c. >= 100.000 t/j Vetzuren en alkanolenfabrieken (niet synth.): - p.c. < 50.000 t/j - p.c. >= 50.000 t/j Kunstmeststoffenfabrieken Kunstharsenfabrieken e.d. Landbouwchemicaliënfabrieken: - fabricage - formulering en afvullen Verf, lak en vernisfabrieken Farmaceutische grondstoffenfabrieken: - p.c. < 1.000 t/j - p.c. >= 1.000 t/j Farmaceutische produktenfabrieken: - formulering en afvullen geneesmiddelen - verbandmiddelenfabrieken Zeep-, was- en reinigingsmiddelenfabrieken Parfumerie- en cosmeticafabrieken Kruit-, vuurwerk-, en springstoffenfabrieken Lijm- en plakmiddelenfabrieken: - zonder dierlijke grondstoffen - met dierlijke grondstoffen Fotochemische produktenfabrieken Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken Overige chemische produktenfabrieken n.e.g. Kunstmatige synthetische garen- en vezelfabrieken
300 1000
10 30
200 500
C C
300 700
R R
300 1000
100 200
0 0
200 300
C C
4.2 5.3
2 2
G G
3 2
B B
100 200
R R
200 300
4.1 4.2
2 3
G G
2 3
B B
300 500 500 700
0 0 300 30
200 300 500 300
C C C C
100 200 500 500
R R R R
300 500 500 700
4.2 5.1 5.1 5.2
2 3 3 3
G G G G
2 3 3 3
B B B B
L L L L
300 100 300
50 10 30
100 30 200
C C C
1000 500 300
R R R
1000 500 300
5.3 5.1 4.2
3 2 3
G G G
3 2 2
B B B
L
200 300
10 10
200 300
C C
300 500
R R
300 500
4.2 5.1
1 2
G G
2 2
B B
L L
50 10 300 300 30
10 10 100 30 10
50 30 200 50 50
50 10 100 50 1000
R
3.1 2 4.2 4.2 5.3
2 2 3 2 1
G G G G G
1 1 2 2 2
B
L
R R V
50 30 300 300 1000
B
100 500 50 50 200
10 30 10 10 30
100 100 100 50 100
C
50 50 50 50 200
R R R
100 500 100 50 200
3.2 5.1 3.2 3.1 4.1
3 3 3 3 2
G G G G G
2 2 2 2 2
B B B B B
L
300
30
300
C
200
R
300
4.2
3
G
3
B
L
300
50
300
C
100
R
300
4.2
2
G
2
B
50 200
10 50
30 100
30 50
R
50 200
3.1 4.1
1 2
G G
1 2
B
C C
Z
Z
D D
D D
D
0 1 2
VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF Rubberbandenfabrieken Loopvlakvernieuwingsbedrijven: - vloeropp. < 100 m2 - vloeropp. >= 100 m2
L
B
-
L L
L L
2513 252 252 252
2219 222 222 222
0 1 2
252 26
222 23
3 -
26 261 261 261 261 261 2615 262, 263 262, 263 262, 263 264 264 2651 2651 2651 2652 2652 2652 2653 2653 2653 2661.1 2661.1
23 231 231 231 231 231 231 232, 234 232, 234 232, 234 233 233 2351 2351 2351 235201 235201 235201 235202 235202 235202 23611 23611
0 1 2 3 4 0 1 2 A B 0 1 2 0 1 2 0 1 2 0 1
2661.1
23611
2
2661.1 2661.2 2661.2 2661.2 2662
23611 23612 23612 23612 2362
3 0 1 2
Rubber-artikelenfabrieken Kunststofverwerkende bedrijven: - zonder fenolharsen - met fenolharsen - productie van verpakkingsmateriaal en assemblage van kunststofbouwmaterialen VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN Glasfabrieken: - glas en glasprodukten, p.c. < 5.000 t/j - glas en glasprodukten, p.c. >= 5.000 t/j - glaswol en glasvezels, p.c.< 5.000 t/j - glaswol en glasvezels, p.c. >= 5.000 t/j Glasbewerkingsbedrijven Aardewerkfabrieken: - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW - vermogen elektrische ovens totaal >= 40 kW Baksteen en baksteenelementenfabrieken Dakpannenfabrieken Cementfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j - p.c. >= 100.000 t/j Kalkfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j - p.c. >= 100.000 t/j Gipsfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j - p.c. >= 100.000 t/j Betonwarenfabrieken: - zonder persen, triltafels en bekistingtrille - met persen, triltafels of bekistingtrillers, p.c. < 100 t/d - met persen, triltafels of bekistingtrillers, p.c. >= 100 t/d Kalkzandsteenfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j - p.c. >= 100.000 t/j Mineraalgebonden bouwplatenfabrieken
100
10
50
50
R
100
200 300
50 50
100 100
100 200
R R
50
30
50
30
30 30 300 500 10
30 100 100 200 30
100 300 100 300 50
10 30 30 50
10 50 200 200
30 100 200 200
10 30
300 500
500 1000
30 50
200 500
30 50
C
Z
C
Z
30 50 30 50 10
R R
D
3.2
1
G
2
200 300
4.1 4.2
2 2
G G
2 2
50
3.1
2
G
1
100 300 300 500 50
3.2 4.2 4.2 5.1 3.1
1 2 1 2 1
G G G G G
1 2 1 2 1
L L L L
2 3.2 4.1 4.1
1 2 2 2
G G G G
1 2 2 2
L L L
B
10 30 30 100
R
30 100 200 200
Z
30 50
R R
500 1000
5.1 5.3
2 3
G G
2 3
200 300
Z
30 50
R R
200 500
4.1 5.1
2 3
G G
2 3
200 500
200 300
Z
30 50
R R
200 500
4.1 5.1
2 3
G G
2 3
B
10
100
200
30
200
4.1
2
G
2
B
10
100
300
30
300
4.2
2
G
2
B
30
200
700
Z
30
700
5.2
3
G
3
B
10 30 50
50 200 50
100 300 100
Z
30 30 30
100 300 100
3.2 4.2 3.2
2 3 2
G G G
2 3 2
C C
B
L