CConstaterende datMedemblik
Koppel je AI →
Document · PDF

01 Bijlage 1 Programma stedelijk water en riolering 2023-2027 (DOC-22-601169)

Gemeenteraad 1 december 2022, gemeente MedemblikBij agendapunt: Vaststellen Programma stedelijk water en riolering 2023-2027 (pfh. H. Nederpelt)35.359 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Programma stedelijk water en riolering 2023-2027 Regio Westfriesland Deelrapport gemeente Medemblik 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Inhoudsopgave Samenvatting

4

1

Inleiding

10

1.1

Gezamenlijk optrekken met een nieuw PSWR

10

1.2

Van GRP naar omgevingsgericht programma

10

1.3

Anticiperen op klimaatverandering

11

1.4

Doelstelling en geldigheidsduur

11

1.5

Leeswijzer

11

2

Beeld van de huidige situatie

13

2.1

Kenmerken

13

2.2

Terugblik vorige planperiode

14

2.3

Aandachtspunten deze planperiode

17

3

Visie en ambitie

18

4

Strategie en verankering

23

4.1

Afspraken met betrekking tot de waterketen Westfriesland

23

4.2

Zorgplicht stedelijk afvalwater

23

4.3

Zorgplicht hemelwater

26

4.4

Zorgplicht grondwater

31

4.5

Oppervlaktewater

33

4.6

Bedrijfsvoering

35

Uitvoeringsagenda

41

5.1

Gezamenlijk programma

41

5.2

Gemeentelijk uitvoeringsprogramma

42

5.2.1

Planvorming en onderzoek

42

5.2.2

Cyclisch onderhoud

42

5.2.3

Vervangings- en verbeteringsmaatregelen

43

5.2.4

Facilitair

44

5

6

2

Middelen

45

6.1

Personele middelen

45

6.2

Financiële middelen

46

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

6.2.1

Uitgangspunten

46

6.2.2

Uitgaven

48

6.2.3

Kostendekking

49

6.2.4

Risico’s

55

Bijlagen Bijlage A Begrippen en definities

56

Bijlage B Wetgeving

64

Bijlage C Lozingspunten

71

Bijlage D Ontwikkelingen

92

Bijlage E Evaluatie

94

Bijlage F Afspraken Bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst waterketen Noorderkwartier

99

Bijlage G Kostendekking

100

Bijlage H Ongerioleerde percelen

115

Colofon

116

3

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Samenvatting Voor u ligt de samenvatting van het Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) gemeente Medemblik 2023 2027. Het PSWR is een beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken weergeeft. Naast de afvalwaterzorgplicht behandelt het ook de zorgplichten hemelwater en grondwater. De zeven gemeenten binnen de samenwerkingsregio Westfriesland (Drechterland, Enkhuizen, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer en Stede Broec), het hoogheemraadschap Hollands-Noorderkwartier (HHNK) en PWN Drinkwaterbedrijf Noord-Holland werken intensief samen op het gebied van stedelijk waterbeheer. Binnen deze samenwerking geven ze het rioleringsbeleid gezamenlijk vorm. In de Bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst Samenwerking Waterketen Westfriesland (2021-2030) is als doelstelling opgenomen om het beheer van de afvalwaterketen uit te voeren tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. Hiermee worden kosten over de hele afvalwaterketen bedoeld, dus inclusief zuiveringskosten. Om deze doelstelling te kunnen behalen is besloten om het programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) gezamenlijk in de regio op te stellen. Het opstellen van gezamenlijk rioleringsbeleid vertaalt zich in het samenvoegen van bestaande en toekomstige beleidslijnen om te komen tot een eensluidende visie en gezamenlijke ambities en strategieën.

Speerpunten hierbij zijn afstemmen en voorsorteren op de Omgevingswet, risicogestuurd beheer, verbeteren van het functioneren en op elkaar afstemmen van de middelen en maatregelen. Omdat de gemeenten in o.a. historisch, geografisch en organisatorisch opzicht van elkaar verschillen kent het PSWR daarnaast een gemeentespecifieke uitwerking. Het gaat dan met name om de evaluatie, een beschrijving van de huidige situatie, de benodigde middelen en maatwerk met betrekking tot bepaalde strategieën. Het uitvoeringsprogramma is een combinatie van activiteiten die gezamenlijk en gemeentespecifiek worden opgepakt. Het Hoogheemraadschap was nauw betrokken bij het opstellen van dit PSWR.

Waarom het Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR)? Gemeenten zijn vanuit de huidige wetgeving (Wet Milieubeheer) verplicht om periodiek een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vast te laten stellen. Na het van kracht worden van de Omgevingswet is het GRP niet langer een wettelijk verplichte planvorm, maar kunnen elementen hiervan opgaan in respectievelijk de omgevingsvisie, -plan en programma. De planperiode van het huidige GRP Medemblik (2017-2021, tussentijds verlengd tot eind 2022) loopt ten einde. Hoewel de wettelijke verplichting tot het opstellen van een rioleringsplan komt te vervallen is besloten om wel een nieuw plan op te stellen. Het rioleringsplan is immers een effectief planinstrument gebleken om de rioleringszorg te borgen en activiteiten af te stemmen. De omgevingsvisie is een – verplicht door de gemeenteraad op te stellen – integrale visie met strategische beleidskeuzen voor de fysieke leefomgeving en voor de lange termijn. In een omgevingsplan dienen decentrale overheden al hun regels met betrekking tot de leefomgeving bijeen te brengen in één gebiedsdekkende regeling. Om zo goed mogelijk te kunnen aansluiten op de omgevingsvisie en op het omgevingsplan hebben we de traditionele opzet van het huidige rioleringsplan aangepast.

Dit programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) bevat nu bouwstenen voor de omgevingsvisie, bouwstenen voor het omgevingsplan en een concreet maatregelenprogramma. In dit programma leggen we nog steeds vast hoe we ervoor zorgen dat we aan de zorgplichten voldoen, welke kosten ermee zijn gemoeid en welke inzet van financiële en personele middelen hiervoor nodig is. Dit vormt de beleidsmatige basis voor de rioolheffing.

Waar staan we? Om invulling te geven aan de drie zorgplichten riolering beheren en onderhouden we als gemeente onderstaande voorzieningen.

4

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Systeemonderdeel Vrijverval riolering

Riolering onder druk Gemalen Randvoorzieningen Externe overstorten HWA-uitlaten Bijzondere hemelwatervoorzieningen (bijv. wadi) IBA’s Lamellenafscheiders Olieafscheiders: Kolken DT riolering Meetpunten

Type Gemengd Vuilwater Hemelwater Drukleidingen Persleidingen Hoofdgemalen Pompunits drukriolering Bergbezinkbassins (Dubbele) bergingsleidingen Met randvoorziening Zonder randvoorziening - inclusief nooduitlaten Inclusief drainage-uitlaten

Slibvangput voor lichte minerale vloeistoffen Als onderdeel van HWA riolering Grondwater Geen onderdeel van meetnet, paar peilbuizen die vanuit projecten deels blijven staan en worden ingezet voor grondwatermetingen

Omvang 92 95 89 44 41 129 568 3 2 5 106 346 4 19 1 1 18.500 1 10

Eenheid km km km km km st st st st st st st st st st st st km st

De toestand van de rioleringsobjecten (rioolstrengen, rioolgemalen, minigemalen, kolken, schuiven en kleppen) is over het algemeen redelijk tot goed. Het rioolstelsel functioneert onder de meeste omstandigheden naar behoren. Optredende verstoringen worden over het algemeen adequaat opgelost. Enkele aandachtspunten voor deze planperiode zijn: • Het ondervinden van hinder door water op straat wordt getoetst met de ‘klassieke’ leidraadbuien vanuit de Kennisbank. De riolering in Medemblik werd in de afgelopen planperiode nog getoetst op bui 8, maar de wens is om naar bui 9 te gaan. • Het toetsen van schade door neerslag is afhankelijk van het gebied. In bestaand gebied volgt de norm uit het ambitieniveau dat de raad in 2021 vaststelde. Daarbij hoort een toetsing bij een (blok)bui van 60mm in een uur. Bij nieuwbouw ligt de norm op 70 mm in een uur. Deze volgt uit de intentieovereenkomst klimaatbestendige nieuwbouw MRA en Noord-Holland, die de gemeente in februari 2022 met tientallen andere partijen is aangegaan. • Voor het meten van de grondwaterstanden wordt nu de huidige modelstudie van de klimaatatlas gebruikt van het Hoogheemraadschap Holland Noorderkwartier. In de komende planperiode houden we de verandering in grondwaterstanden op de lange termijn aan als maatstaf.

• We hebben voor de komende planperiode behoefte aan een beter beeld van het functioneren van WKO’s en de mogelijke impact van (nieuwe) lozingspunten op de kwaliteit van grondwater. Dat vraagt meer analyse van de lozingspunten en wat er dan geloosd wordt. Ook afspraken over debieten zijn momenteel niet helder en moeten we de komende periode verbeteren. In onze strategie voor de komende planperiode houden we zoveel als mogelijk rekening met deze aandachtspunten

Wat willen we? Bij het uitvoeren van de gemeentelijke watertaken streven we, binnen de beschikbare middelen en mogelijkheden, de volgende doelen na: Algemeen • Beperken van kostenstijging rioleringszorg: • Beperken van de kwetsbaarheid van de organisatie: 5

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

• •

Bijdragen aan klimaatadaptatie Bijdragen aan de ambitie van regio Westfriesland om tot de top 10 van meest aantrekkelijke regio’s van Nederland te gaan behoren

Stedelijk afvalwater • Doelmatige inzameling en transport van stedelijk afvalwater • Voorkomen van ongewenste emissies/gezondheidsrisico’s en beperken overlast voor de omgeving • Bijdragen aan een duurzame verwerking van afvalwater en een optimale inrichting van de waterketen Hemelwater • Doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater • Beperken van het risico op wateroverlast • Beperken van de milieubelasting op bodem en oppervlaktewater Grondwater • Voorkomen van structurele grondwaterover- en -onderlast, afgestemd op de functie van het gebied/object • Bijdragen aan de aanvulling van de grondwatervoorraad in droogtegevoelige gebieden Oppervlaktewater • Borgen bergings- en ontwateringsfunctie van het stedelijk oppervlaktewater Drinkwater • Bijdragen aan de bescherming van drinkwatervoorzieningen Het PSWR laat zien hoe we naast de invulling van onze zorgplichten stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater samen met onze waterpartners de komende jaren ook een bijdrage leveren aan het behalen van maatschappelijke doelen.

Bij rioolrenovatie, (her)ontwikkelingen of herinrichting van de openbare ruimte willen we kansen pakken om, bij voorkeur samen met inwoners, ook een bijdrage te kunnen leveren aan een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving, betere waterkwaliteit en ecologie (kaderrichtlijn water), de energietransitie, circulaire economie (levensduurverlenging/hergebruik materialen), versterking van de biodiversiteit en duurzame mobiliteit. Daarom zijn in het PSWR de volgende bouwstenen voor in de omgevingsvisie opgenomen: • • • •

Beschermen van de gezondheid Beschermen van de fysieke leefomgeving en bijdragen aan omgevingskwaliteit Bijdragen aan een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving Bijdragen aan de energietransitie en een circulaire economie

Wat gaan we doen? Om invulling te geven aan onze zorgtaken en ambities continueren we onze reguliere beheer- en onderhoudswerkzaamheden en voeren we specifieke activiteiten uit om invulling te geven aan de doelen en strategie. In het PSWR zijn deze werkzaamheden in hoofdlijnen beschreven en verdeeld in de taakvelden Planvorming, Onderzoek, Onderhoud, Maatregelen en Facilitair. Belangrijke activiteiten tijdens de aankomende planperiode zijn: • • • • • • • • • 6

Inrichten van de omgeving (ondergrond en bovengrond) op waterrobuuste manier (zie ook klimaatadaptatiestratie) Doorlopen van watertoetsprocedure bij planologische wijzigingen om grondwateroverlast te voorkomen. Onderling te delen van grondwatermetinggegevens in de regio en op uniforme (centrale) wijze te ontsluiten. Opstellen regelgeving voor oppervlaktewater dat niet is aangewezen als zwemwater Doorontwikkelen van de aanpak risicogestuurd beheer Via actieve communicatie verder vergroten van het waterbewustzijn bij inwoners, bedrijven en organisaties. Calamiteitenplannen opstellen in regionaal band, waarin we nadenken over hoe we de drinkwatervoorziening en afvalwaterverwerking tijdens (langdurige) uitval toch kunnen waarborgen. In regionaal verband analyseren van energieverbruik en aanbod van afvalwater in de afvalwaterketen (per zuiveringskring) om dit zo goed mogelijk af te stemmen op de vraag, zowel kwantitatief als qua samenstelling. Personele capaciteit op orde brengen Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

• •

Opstellen van duidelijke eigendoms- en beheergrenzen van riolering in een verordening Vestigen recht van opstal bij openbare riolen op private percelen

Wat kost het? Om invulling te kunnen geven aan de activiteiten uit dit PSWR heffen we rioolheffing bij inwoners en bedrijven. Voor de aankomende planperiode worden hogere kosten verwacht dan in voorgaande jaren. Dit wordt veroorzaakt door een vervangingspiek in de komende dertig jaar, maar ook door noodzakelijke maatregelen voor klimaatadaptatie, hogere kosten vanwege inflatie en bv. hogere energiekosten. Om tot een kostendekkend tarief te komen hebben we een financiële doorrekening van de rioolheffing over 60 jaar gemaakt. Uitgangspunt bij de berekening is dat we naast inkomsten vanuit de rioolheffing, geen andere inkomsten hebben voor de invulling van de gemeentelijke watertaken.

Op een zeker moment zijn riolen in de gemeente Medemblik aan vervanging toe. De aankomende jaren gaan we veel riolen vervangen of renoveren. Grote investeringen in de riolering worden traditioneel gekapitaliseerd. Naar analogie van een woninghypotheek zijn de kapitaalslasten (vanwege de optredende rentelasten) hierdoor hoger dan het investeringsbedrag. Een alternatief is om te sparen voor toekomstige investeringen. Bij de berekening van het kostendekkingsplan is rekening gehouden met een rente van 0,5%. Wanneer de rente stijgt, voorkomen we met sparen (hoogoplopende) rentelasten. De koepelorganisatie van riolerend Nederland ‘Stichting RIONED’ beveelt gemeenten aan om de financieringswijze van investeringen om te vormen naar ‘sparen vooraf’. In Medemblik hanteren we sinds 2013 een spaarmethodiek.

Als we de huidige spaarmethodiek voortzetten voorkomen we het activeren van investeringen volledig, omdat we voldoende spaarbedragen kunnen inzetten. Daar staat wel iets tegenover. Omdat het investeringsvolume in de gemeente Medemblik de komende periode omhooggaat, brengt het volledig sparen voor investeringen een sterke stijging van de heffing met zich mee. Om dat te voorkomen zijn er twee varianten doorgerekend. Daarbij streven we ernaar om zoveel mogelijk investeringen te betalen via de spaarvoorziening, maar er worden nog wel restinvesteringen geactiveerd en afgelost over de gebruiksduur van de betreffende asset. Hoe ambitieuzer de variant in het financieren van investeringen vanuit de spaarvoorziening (en daarmee het verlagen van de restschuld), hoe hoger de heffing op korte termijn moet worden. De kenmerken van de drie berekende financieringsvarianten zijn hieronder toegelicht. Tabel 1: Kenmerken berekende varianten voor gemeente Medemblik

Variant

Financieringsmethodiek

A: sparen vooraf – 100%

In deze variant financieren we vervangingsinvesteringen volledig vanuit spaarbedragen. Hierbij ontstaan geen nieuwe boekwaarden en rentelasten uit nieuwe investeringen.

B: sparen vooraf – 75%

In de eerste helft van de beschouwde periode worden ongeveer 25% van investeringen geactiveerd. Overige investeringen worden vanuit spaarbedragen gefinancierd. Dit leidt tot een restschuld van € 20,2 miljoen in 2051, vier keer zo hoog als de huidige restschuld.

C: sparen vooraf – 50%

In de eerste helft van de beschouwde periode worden ongeveer 50% van investeringen geactiveerd. Overige investeringen worden vanuit spaarbedragen gefinancierd. Dit leidt tot een restschuld van € 30,8 miljoen in 2051, zes keer zo hoog als de huidige restschuld.

Als (rest)investeringen worden geactiveerd – zoals in variant B en C – leidt dit tot een boekwaarde, ofwel een restschuld. Uit de boekwaarde volgen kapitaallasten (rente- en afschrijvingslasten) voor een bepaalde duur. Investeringen uit het verleden leiden in alle drie de varianten nog tot boekwaarde in de planperiode. Figuur 1 laat het verschil in gecombineerde boekwaardeverloop in de beschouwde periode zien tussen de drie varianten.

7

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Figuur 1: Boekwaardeverloop gemeente Medemblik volgens drie varianten in periode 2022-2081 (prijspeil 2022).

De verwachte uitgaven, gecombineerd met de financieringsmethode en het boekwaardeverloop dat daaruit volgt, leiden tot een lastenpatroon. De jaarlijks benodigde inkomsten zijn omgerekend naar een rioolheffing per equivalente heffingseenheid. Uitgedrukt in getallen leiden de benodigde inkomsten in getallen tot de volgende tarieven gedurende de planperiode (exclusief inflatie): Tabel 2: Benodigde heffing volgens drie varianten gedurende planperiode (prijspeil 2022)

Jaar 2021 (pp 2021)

Variant A: sparen vooraf – 100% € 209,57

Variant B: sparen vooraf – 75% € 209,57

Variant C: sparen vooraf – 50% € 209,57

2022

€ 199,57

€ 199,57

€ 199,57

2023

€ 203,14 (+1,8%)

€ 203,14 (+1,8%)

€ 203,14 (+1,8%)

2024

€ 219,39 (+8,0%)

€ 203,14

€ 203,14

2025

€ 236,94 (+8,0%)

€ 203,14

€ 203,14

2026

€ 255,89 (+8,0%)

€ 203,14

€ 203,14

2027

€ 268,69 (+5,0%)

€ 203,14

€ 203,14

In Figuur 2 is het verwachte heffingsverloop in de beschouwde periode weergegeven volgens de drie varianten. De weergegeven rioolheffing is tegen vast prijspeil (2022). Om een kostendekkende rioolheffing te behouden, dient de heffing jaarlijks te worden geïndexeerd op basis van de optredende inflatie.

8

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Figuur 2: Heffingsverloop gemeente Medemblik volgens drie varianten in periode 2022-2081 (prijspeil 2022).

De heffing moet in alle berekende varianten omhoog in de beschouwde periode, omdat de lasten stijgen. Volgens variant A moet deze stijging het eerst plaatsvinden en volgens variant C kan deze het verst naar achteren worden geschoven in de tijd. Volledig sparen is dus op korte termijn duurder dan gedeeltelijk activeren. De keerzijde hiervan is dat onze restschuld niet afneemt, maar juist toeneemt. Toekomstige generaties zullen deze restschuld moeten aflossen. Met inzet van onze spaarvoorziening, voorkomen we groeiende rentelasten en hoge restschulden in de toekomst. Wanneer we investeringen in de eerste helft van de beschouwde periode gedeeltelijk activeren (25% in variant B en 50% in variant C) groeit de restschuld zelfs tot respectievelijk vier (variant B) en zes (variant C) keer onze huidige restschuld. Wanneer we volledig sparen (variant A) zijn we in 2054 – wanneer de in het verleden geactiveerde investeringen zijn afgelost – volledig restschuldvrij. Bovendien dient rekening gehouden te worden met de huidige, lage rentestand van 0,5%. Als de rente in de toekomst stijgt dan zal de rente op geactiveerde investeringen meestijgen. Deze rentelastenverhoging komt op dat moment direct en volledig ten laste van de rioolheffing.

Door zoveel mogelijk gebruik te maken van een spaarsystematiek worden we als gemeente – voor wat betreft de rioolheffing – aanzienlijk minder afhankelijk van veranderingen op de financiële markten. Concluderend kan gesteld worden dat de verlaging van de (riolering)boekwaarde leidt tot meer zekerheid in de lastenontwikkeling en meer stabiliteit in het benodigde heffingstarief. Als gemeente Medemblik willen we het vooruitschuiven van lasten naar toekomstige generaties beperken. Bovendien willen we een stabiel heffingsverloop. We willen daarentegen ook een acceptabele heffing voor onze inwoners. Om deze redenen is variant B als voorkeursvariant in het PSWR opgenomen.

Hoe gaan we het doen? We continueren de samenwerking in de regio Westfriesland. Deze samenwerking benutten we bij het overdragen van kennis en ervaring. Om invulling te geven aan goed en doelmatig rioleringsbeheer in Medemblik, zijn intern voldoende personele middelen nodig. De bestaande formatie voor stedelijk waterbeheer in de gemeente Medemblik bedraagt 3,7 fte binnendienst en 2 fte buitendienst. De ervaring van de afgelopen planperiode heeft ons geleerd dat werkzaamheden zoals databeheer onder druk staan bij de huidige formatie. Deze periode dient ons databeheer op orde gebracht te worden. Bovendien hebben we de ambitie om aan de slag te gaan met een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van de openbare ruimte. Tot slot is er in deze planperiode ongeveer 1 fte nodig voor het regelen van zakelijk rechten. De benodigde formatie hebben wij in beeld gebracht op basis van de rekentool ‘Personele middelen’ vanuit de Kennisbank Riolering en bedraagt 5,5 fte binnendienst en 2 fte buitendienst. 9

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

1

Inleiding

Er zijn maar weinig mensen die beseffen hoe belangrijk riolering is. Weet u bijvoorbeeld dat riolering en de drinkwatervoorziening sinds de 19e eeuw meer voor de volksgezondheid hebben betekend dan de hele medische wetenschap daarna? Pas als het mis dreigt te gaan en er bijvoorbeeld stank‐ of wateroverlast optreedt, krijgt riolering aandacht. Verder gaat de inzameling en het transport van afvalwater vaak ongemerkt aan de inwoners voorbij. Toch worden dagelijks veel inspanningen verricht om deze kostbare infrastructuur goed te beheren. Bij het woord riool zijn we nog vaak geneigd te denken aan een buis onder de grond. Maar in toenemende mate spelen bovengrondse voorzieningen een rol om extreme buien op te kunnen vangen. En zoals iedereen wel merkt aan de nieuwsberichten komt deze laatste categorie steeds vaker voor als gevolg van klimaatverandering. We kunnen ons tegen het overtollige water proberen te wapenen met beton en kostbare buizen, maar dat is niet voldoende. De hoosbuien worden steeds heftiger en talrijker. We moeten de openbare ruimte gaan benutten om tijdelijk grote hoeveelheden regenwater op te vangen en gedoseerd af te voeren naar het oppervlaktewater, de ondergrond of een andere omgeving. De onder- en bovengrondse infrastructuur raken steeds meer met elkaar verweven.

Daarom is het van belang om goede beleidsafwegingen te maken bij inrichting en beheer van de openbare ruimte, bescherming van bodem en waterkwaliteit en de zorg voor het totale watersysteem. Met de komst van de nieuwe Omgevingswet staat de fysieke leefomgeving centraal. Met deze wet kunnen we vanuit een krachtige visie op de leefomgeving, via juridische instrumenten en programma’s, bijdragen aan de ambitie van regio Westfriesland om tot de top 10 van meest aantrekkelijke regio’s van Nederland te gaan behoren.

1.1

Gezamenlijk optrekken met een nieuw PSWR

De zeven gemeenten in de samenwerkingsregio Westfriesland (Drechterland, Enkhuizen, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer en Stede Broec), het hoogheemraadschap Hollands-Noorderkwartier (HHNK) en PWN Drinkwaterbedrijf Noord-Holland werken intensief samen op het gebied van stedelijk waterbeheer. Binnen dit regionale samenwerkingsverband uitten de gemeenten in 2020 de wens om de eerstvolgende herziening van het gemeentelijk rioleringsbeleid gezamenlijk vorm te geven. De gezamenlijke herziening is als afspraak opgenomen in de Bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst Samenwerking Waterketen Westfriesland (2021-2030), die de betrokken partijen eind 2020 sloten. Het opstellen van gezamenlijk rioleringsbeleid vertaalt zich in het samenvoegen van bestaande en toekomstige beleidslijnen om te komen tot een eensluidende visie en gezamenlijke ambities en strategieën. Speerpunten in dat proces zijn afstemmen en voorsorteren op de Omgevingswet, risicogestuurd beheer, verbeteren van het functioneren en op elkaar afstemmen van de middelen en maatregelen. De opdracht voor het opstellen van het PSWR is eind 2020 regionaal aanbesteed met Medemblik als penvoerder. Arcadis verwierf de opdracht. Omdat de gemeenten in o.a. historisch, geografisch en organisatorisch opzicht van elkaar verschillen kent het PSWR naast het regionale beleidsmatige deel een gemeentespecifieke uitwerking.

Die besteedt aandacht aan de evaluatie, een beschrijving van de huidige situatie, de benodigde middelen en maatwerk met betrekking tot bepaalde strategieën. Na uitvoering liggen er dus zeven gemeentelijke rioleringsplannen, bestaande uit een identiek gemeenschappelijk (regionaal) deel en een specifiek gemeentelijk deel. Het uitvoeringsprogramma is een combinatie van activiteiten die gezamenlijk en gemeentespecifiek worden opgepakt. Het Hoogheemraadschap was nauw betrokken bij het opstellen van dit PSWR.

1.2

Van GRP naar omgevingsgericht programma

Na het van kracht worden van de Omgevingswet is het GRP niet langer een wettelijk verplichte planvorm, maar kunnen elementen hiervan opgaan in respectievelijk de omgevingsvisie, -plan en -programma. Hoewel de wettelijke verplichting tot het opstellen van een rioleringsplan komt te vervallen is besloten om wel een nieuw plan op te stellen. Het rioleringsplan is immers een effectief planinstrument gebleken om de rioleringszorg te borgen en activiteiten af te stemmen. 10

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

De omgevingsvisie is een – verplicht door de gemeenteraad op te stellen – integrale visie met strategische beleidskeuzen voor de fysieke leefomgeving en voor de lange termijn. In een omgevingsplan dienen decentrale overheden al hun regels met betrekking tot de leefomgeving bijeen te brengen in één gebiedsdekkende regeling. Om zo goed mogelijk te kunnen aansluiten op de omgevingsvisie en op het omgevingsplan hebben we de traditionele opzet van het huidige rioleringsplan aangepast. Dit programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) bevat nu bouwstenen voor de omgevingsvisie, bouwstenen voor het omgevingsplan en een concreet maatregelenprogramma. In dit programma leggen we nog steeds vast hoe we ervoor zorgen dat we aan de zorgplichten voldoen, welke kosten ermee zijn gemoeid en welke inzet van financiële en personele middelen hiervoor nodig is. Dit vormt de beleidsmatige basis voor de rioolheffing.

1.3

Anticiperen op klimaatverandering

Het klimaat is aan het veranderen en dit leidt tot meer extremen. Het wordt natter, droger en warmer en dit brengt grote uitdagingen met zich mee voor de hemelwater- en grondwaterzorg. De aanwezige voorzieningen zijn niet op deze extremen ingericht. En hoewel de neerslag zo goed als mogelijk wordt verwerkt Groeit het besef dat de neerslagextremen dit niet meer uitsluitend met grotere rioolbuizen zijn op te vangen. Een integrale aanpak is noodzakelijk, met name in samenwerking met de inrichting en het beheer van de bovengrond. Deze aanpak richt zich op afstemming binnen de waterketen, in de openbare ruimte (klimaatadaptatie) en op particulier terrein, waarbij we de bewustwording en het handelingsperspectief rondom klimaatadaptatie willen versterken. In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) zijn doelstellingen opgenomen om vanaf 2020 klimaatbestendig te handelen en in 2050 een klimaatbestendige leefomgeving te hebben. De gemeenten in regio Westfriesland hebben in 2021 een gezamenlijke ambitie en strategie met betrekking tot ruimtelijke (klimaat)adaptatie vastgesteld. De ambitie die is gericht op het gelijkhouden van het beschermingsniveau (niveau B). Bij deze ambitie is ook een strategie geformuleerd, zie website Strategie Klimaatadaptatie Westfriesland 2050 (Sway-rapportage).

Om tot de keuze van het gewenste beschermingsniveau te komen is een klimaatstresstest uitgevoerd en de risicodialoog gevoerd. De effecten van klimaatverandering zijn op het niveau van Westfriesland, de gemeenten en pilotwijken in beeld gebracht. De stresstest geeft weer waar effecten kunnen optreden in het klimaat van 2050. Daarnaast geven de kaarten weer waar bepaalde kwetsbare functies zich, bij een gelijkblijvende inrichting, bevinden. Zie website Stresstest (Swayrapportage).

1.4

Doelstelling en geldigheidsduur

Het PSWR is een beleidsplan waarmee we de gemeentelijke watertaken op hoofdlijnen invullen. We leggen vast wat we willen bereiken en wat de rolverdeling is tussen overheid en inwoners/bedrijven ten aanzien van afval-, hemel-, en grondwater. Het PSWR vervult vier hoofdfuncties: 1. Kader gemeentelijke zorgplichten overzicht beleidskeuzes en ambities ten aanzien van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater en bijdragen aan de zorgplichten oppervlaktewater en drinkwater.

2. Interne afstemming met andere vakdisciplines binnen de gemeentelijke organisatie en met onze waterpartners.

3. Externe afstemming met o.a. bewoners en bedrijven, ontwikkelaars en bouwbedrijven.

4. Continuïteit en voortgangsbewaking vanwege de relatief lange levensduur van stedelijke watervoorzieningen en kapitaalintensieve investeringen is een lange termijn aanpak essentieel (begroting, investeringen en evaluatie).

Als gemeente kunnen we zelf de geldigheidsduur van het programma vaststellen. De geldigheidsduur van dit Programma Stedelijk Water en Riolering is vijf jaar: 2023 tot en met 2027. Evaluatie van de voortgang en eventuele tussentijdse bijstelling van het programma vindt plaats als zich grote veranderingen voordoen.

1.5

Leeswijzer

De opzet van voorliggend PSWR is als volgt: Hoofdstuk 2 geeft een beeld van de huidige situatie. Aandachtspunten die hieruit naar voren komen vormen samen met nieuwe ontwikkelingen het vertrekpunt voor het beleid. Hoofdstuk 3 11

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

beschrijft onze visie en ambities op de gemeentelijke watertaken binnen vier belangrijke thema’s vanuit de Omgevingswet: • • • •

Beschermen van de gezondheid Beschermen van de leefomgeving Bijdragen aan een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving Bijdragen aan de energietransitie en een circulaire economie

In hoofdstuk 4 staan onze strategische invulling van de beleidsvrijheid van de drie gemeentelijke watertaken en wijze van “sturing” centraal. Onze voorgenomen activiteiten en bijbehorende benodigde middelen om ze te kunnen uitvoeren zijn opgenomen in hoofdstukken 5 (uitvoeringsagenda) en 6 (middelen) van dit PSWR. Zaken die meer gerelateerd zijn aan beheer en onderhoud zijn opgenomen in de bijlagen. In de lichtgroene tekstblokken (hoofdstuk 3) hebben we bouwstenen opgenomen voor de Omgevingsvisie; in de lichtoranje tekstblokken (hoofdstuk 4) bouwstenen voor in het Omgevingsplan.

12

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

2

Beeld van de huidige situatie

2.1

Kenmerken

Ons rioleringssysteem bestaat in hoofdzaak uit vrijvervalriolering, riolering onder druk (mechanische riolering), rioolgemalen, persleidingen en een beperkt aantal lokale zuiveringsvoorzieningen. Bij vrijvervalriolering wordt het afvalwater getransporteerd door de zwaartekracht. Bij riolering onder druk wordt het afvalwater getransporteerd via een veelvoud aan kleine pompen, door middel van overdruk (drukriolering). Rioolgemalen met persleidingen zorgen voor transport over grotere afstand. Het afvalwater wordt bij een aantal overnamepunten overgedragen aan het Hoogheemraadschap. Het schap zorgt voor verder transport en zuivering van het afvalwater. De lokale zuiveringsvoorzieningen bestaan uit IBA’s. In totaal is er in de gemeente Medemblik ca. 362 km aan leidingen, waarvan 76% vrijverval en 24% onder druk. Ter beperking van de vuillast op het oppervlaktewater hebben wij in het kader van emissiereductie bij een aantal vuilbelastende lozingspunten in het gemengde rioolstelsel randvoorzieningen aangebracht. Deze voorzieningen bergen overtollig regenwater en laten het vuil bezinken voordat het overstort op het oppervlaktewater. Op andere plaatsen is die emissiereductie met afkoppelen of andere maatregelen bereikt. Op veel plaatsen loost overtollig regenwater direct op het oppervlaktewater.

Het geloosde regenwater afkomstig van gescheiden en verbeterd gescheiden riolering is in het algemeen schoner dan het geloosde regenwater afkomstig van gemengde riolering. Als gevolg van afkoppelen van verhard oppervlak neemt de vuilbelasting van deze lozingspunten geleidelijk af. De tabel hieronder geeft een overzicht van de belangrijkste voorzieningen in de gemeente.In Bijlage C is een overzicht van de lozingspunten opgenomen. Tabel 3: Kenmerken riolering Medemblik

Systeemonderdeel Vrijverval riolering

Riolering onder druk Gemalen Randvoorzieningen Externe overstorten HWA-uitlaten Bijzondere hemelwatervoorzieningen (bijv. wadi) IBA’s Lamellenafscheiders Olieafscheiders: Kolken DT riolering Meetpunten

Type Gemengd Vuilwater Hemelwater Drukleidingen Persleidingen Hoofdgemalen Pompunits drukriolering Bergbezinkbassins (Dubbele) bergingsleidingen1 Met randvoorziening Zonder randvoorziening - inclusief nooduitlaten Inclusief drainage-uitlaten

Slibvangput voor lichte minerale vloeistoffen Als onderdeel van HWA riolering Grondwater Geen onderdeel van meetnet, paar peilbuizen die vanuit projecten deels blijven staan en worden ingezet voor grondwatermetingen

Omvang 92 95 89 44 41 129 568 3 2 5 106 346 4 19 1 1 18.500 1 10

Eenheid km km km km km st st st st st st st st st st st st km st

De toestand van de rioleringsobjecten is over het algemeen redelijk tot goed. De riool- en minigemalen, kolken, schuiven en kleppen worden periodiek geïnspecteerd. De onderhoudsstaat van deze objecten is over het redelijk tot goed. Een blinde vlek wordt gevormd door de persleidingen. Ze zijn vaak moeilijk bereikbaar, slecht toegankelijk en

1 In GRP 2017-2021 per abuis niet vermeld

13

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

lastig te inspecteren. Dat zorgt voor een gebrekkig inzicht in de kwaliteit van deze objecten. Van de kwaliteit van de drainage hebben we eveneens een heel beperkt beeld.

Aanleg lengte riolering (km)

120 100 80 60

Hemelwater riolering Vuilwater riolering

40

Gemengde riolering 20 0

Figuur 2-1: Leeftijdsopbouw riolering gemeente Medemblik.

Voor inzicht in de staat van het stedelijk watersysteem volgen we de ontwikkeling van de kwaliteit van het rioolstelsel. Van een groot deel van de aanwezige objecten (rioolstrengen, rioolgemalen, minigemalen, kolken, schuiven en kleppen) inspecteren we periodiek de onderhoudstoestand. Het merendeel van de objecten wordt gevormd door de vrijverval rioolleidingen. Uit het inspectiebeeld komt naar voren dat ca. driekwart van de rioolstrengen geen mankementen vertoont. Van de strengen met mankementen vertoont meer dan de helft één of meer problemen met de waterdichtheid. Meestal gaat het om een lokale lekkage van de leidingen bij een inlaat of aansluiting met de volgende buis. Vanwege de hoge grondwaterstanden in onze gemeente gaat het bijna altijd om infiltratie, waarbij (grond)water van buitenaf de buis in stroomt. Dat leidt tot onbedoelde en ondoelmatige inzameling en transport van grondwater. Bovendien kan wortelingroei extra problemen veroorzaken. Er kunnen zelfs gaten onder het wegdek ontstaan, doordat grond met het infiltratiewater in de buis spoelt. Afzonderlijke problemen met stabiliteit van buizen of met afstroming van het stelsel komen nauwelijks voor. Circa één op de tien rioolstrengen vertoont een gecombineerd probleem. Vaak gaat het daarbij om een combinatie van mankementen met betrekking tot waterdichtheid en stabiliteit.

Het rioolstelsel functioneert onder de meeste omstandigheden naar behoren. Optredende verstoringen worden over het algemeen adequaat opgelost. Ervaren beheerders, een eigen buitendienst, een up-to-date storings- en alarmeringssysteem en goede afspraken met onderhoudspartijen zijn daarin belangrijke factoren. Bij extremen, zoals lange droogte of intensieve neerslag komen op verschillende locaties kwetsbaarheden naar boven, zoals gevoeligheid voor verstoppingen en wateroverlast.

2.2

Terugblik vorige planperiode

Om indien nodig de koers te kunnen bijstellen of de aandacht te verleggen, blikken we terug op de afgelopen planperiode 2017-2021, die tussentijds werd verlengd tot eind 2022. Het resultaat van deze evaluatie is opgenomen in bijlage D. Samengevat ontstaat het volgende beeld: Achterblijvende investeringen door vertraging en uitstel De investeringen bleven de afgelopen periode achter bij de plannen uit het GRP 2017-2021. Enerzijds is dat het gevolg van projectvertraging bij ingrepen in de openbare ruimte. Die worden sinds enige tijd gecombineerd in integrale projecten van gemeentelijke beheerders en externe netbeheerders. Vertraging ontstaat bijvoorbeeld door participatietrajecten, onderzoek naar mogelijkheden warmtetransitie, etc. Anderzijds zijn investeringen achtergebleven als gevolg van uitstel. In het kader van klimaatadaptatie moet de werking van de riolering worden getoetst bij zwaardere buien. In het licht van besluitvorming en doelmatige besteding van middelen zijn ingrepen in de riolering hierdoor uitgesteld. Enkele voorbeelden zijn de herinrichting van de wijk ‘Ruigeweid’ in Midwoud, herinrichting van het 14

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Ganker in Nibbixwoud; herinrichting van de Kleingouw in Andijk en de herinrichting van het Gedempt Achterom in Medemblik. Besparende renovatie- en onderhoudsmethodes Naast minder investeringen zijn er de afgelopen periode ook besparingen geweest. In sommige gevallen zorgen nieuwe inzichten en methodes bij vervanging van riolering voor lagere kosten. Zo wordt vaker een binnenbekleding (relining) in de buis toegepast dan waar in het GRP vanuit werd gegaan. Een voorbeeld is de Tripkouw in Midwoud. Daarnaast vonden ingrepen plaats op basis van de werkelijke technische levensduur; die is soms langer dan de theoretische levensduur waarmee in het GRP is gerekend. Ook het risicogestuurd beheer gaat inmiddels al een tijd goed en de besparingen zijn ruim bereikt. Verloop van inspectie Inspectie van het rioolstelsel is de afgelopen periode uitgevoerd conform een meerjarenplanning. De inspectie had ook leidend moeten zijn voor de jaarplannen, maar dat is door gebrek aan capaciteit niet goed van de grond gekomen. De inspectie is regionaal aanbesteed voor een periode van vier jaar. Monitoren van het rioolstelsel met sensoren is de afgelopen periode niet gebeurd. Er is wel de wens om dat te doen, maar momenteel is er te weinig capaciteit voor. Riolering in het buitengebied De niet aangesloten percelen in het buitengebied zijn goed in beeld.

De lijst met blokkeringen van de rioolheffing (percelen die niet zijn aangesloten) is jaarlijks bijgewerkt. We hanteerden het uitgangspunt van de smalle zorgplicht. Bij de doelmatigheidstoets is voor kleine nieuwe huishoudelijke lozingen (< 6 i.e.) op ruime afstand van buisriolering een drempelbedrag gehanteerd. In niet doelmatige situaties werd in samenspraak met het Hoogheemraadschap en Provincie afgezien van invulling van de gemeentelijke zorgplicht. Doorgaans werd daar door de perceeleigenaar een verbeterde septic tank (VST) als minimale voorziening geplaatst. De beheer- en onderhoudskosten van de IBA’s die rond 2005 in het kader van de sanering van ongezuiverde lozingen zijn geplaatst vallen fors hoger uit dan begroot. De bestuurders van de gemeenten met IBA's in Noorderkwartier en HHNK hebben in juli 2021 besloten dat deze IBA's in de komende jaren worden uitgefaseerd. Voor grotere lozingen, o.a. vanuit groepslocaties, hanteerden we de toepasselijke regelgeving uit het Activiteitenbesluit. De handelwijze bij bedrijfslozingen hing af van aard en omvang van de lozing. Afspraken rondom gemeentelijke riolering in particulier terrein In de afgelopen planperiode is onderzoek uitgevoerd naar het aantal situaties met gemeentelijke rioolleidingen in particulier terrein. Deze inventarisatie is afgerond.

Het blijkt dat bij circa 1500 percelen geen afspraken met de eigenaar zijn vastgelegd. Dat brengt risico's met zich mee. Er zijn modelovereenkomsten opgesteld om deze situaties alsnog goed te regelen. Vergroten van minigemalen Minigemalen zijn in de afgelopen periode hier en daar opgewaardeerd in verband met grote lozers van proceswater. Met het plaatsen van een extra pomp werd de bedrijfszekerheid vergroot. Databeheer Als gevolg van een structureel tekort aan personele capaciteit was het verwerken van nieuwe rioolinspectiebeelden en revisies niet altijd haalbaar. Deze planperiode willen we onze beheerdata goed op orde brengen én houden. IP-gebaseerde communicatie In verband met de behoefte aan adequate storingsdoormelding en afhandeling van deze meldingen werden er in de afgelopen planperiode veel dataverbindingen opgewaardeerd. Het grootste gedeelte van de rioolgemalen en relevante minigemalen werd voorzien van een IP-gebaseerde communicatie. Zicht op kwetsbare plekken t.a.v. grondwater De grondwaterzorgplicht is in 2017 door Wareco verder uitgewerkt in een rapport Grondwaterbeleid gemeente Medemblik 2017-2020, met het kenmerk KG08D RAP20171123 en datum 18-12-2017. Dit rapport is opgesteld als achtergronddocument bij het GRP 2017-2021 en zou worden meegenomen in een tussentijdse actualisatie van het plan. Deze actualisatie heeft alleen niet plaatsgevonden.

Het rapport Grondwaterbeleid gemeente Medemblik 20172020 kent dus geen formele status. Bij de uitvoering van de zorgplicht grondwater is desondanks wel gebruik gemaakt 15

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

van de aanbevelingen uit het rapport. Bij nieuwe plannen en ontwikkelingen wordt grondwater meegenomen bij de waterhuishouding om problemen zoveel mogelijk te voorkomen. Er is geen basismeetnet voor grondwater maar er is wel zicht op de kwetsbare plekken. Er is de afgelopen periode geen nadrukkelijke invulling gegeven aan een loket voor grondwaterproblemen. Men weet de gemeente goed te vinden. Gezien de klimaatverandering is er een toenemende aandacht voor een stabiele grondwaterstand. Daartoe wordt nu vaker vaak in plaats van een HWA een drainage transportleiding met een drempel aangelegd, om uitzakking van de grondwaterspiegel in droge perioden te voorkomen en het (vertraagd) afvoeren in natte omstandigheden te bevorderen. Projecten rondom klimaatadaptatie In het kader van klimaatadaptatie wordt nieuwe riolering per definitie gescheiden uitgevoerd, om schone en vuile afvalwaterstromen bij de bron te scheiden. Alleen bij projecten op kleine schaal in gebieden met een gemengd rioolstelsel wordt wel eens een uitzondering gemaakt om een verscheidenheid van systemen op een klein oppervlak te voorkomen. Dit is conform de strategie uitgevoerd. Daarnaast is de afgelopen periode ingezet op communicatie richting inwoners (middels digitale kanalen en de lokale krant) om hen te informeren over omgang met het riool. Of er ook gedragsverandering heeft plaatsgevonden is lastig te meten.

Vanaf 2018 is voor klimaatadaptatie gewerkt aan een ambitie en strategie. Dat gebeurde in regionaal verband en conform het stappenplan uit het DPRA2. Begin 2021 heeft de raad de ambitie en strategie vastgesteld, eind 2021 gevolgd door een uitvoeringsagenda. In de praktijk wordt bijvoorbeeld ook al gewerkt aan droogtebestendigheid van stedelijk groen. Klimaatbestendig inrichten in het bestaand gebied wordt momenteel voor de thema’s wateroverlast en droogte vanuit de exploitatie riolering betaald. Voor overige klimaatthema’s (hitte, bodemdaling, waterkwaliteit, gevolgen van overstroming) is nog geen expliciet besluit over financiering. Op dit moment komen budgetten voor klimaatadaptatie-activiteiten die niet aan de rioolheffing worden toegerekend deels vanuit de reserve Duurzaamheid, deels uit andere budgetten. Daarnaast boren wij als gemeente subsidiebronnen aan van bijvoorbeeld het Rijk, de Provincie en het Hoogheemraadschap. Financiële verankering van activiteiten klimaatadaptatie en een expliciete keuze over de toerekening van activiteiten aan de rioolheffing is een aandachtspunt. Borgen van integrale werkwijze Wat betreft integraal werken zijn de afgelopen planperiode stappen gezet. De bewustwording van integraliteit is toegenomen en er is groeiende uitwisseling en samenwerking tussen afdelingen en andere organisaties.

Voor stedelijk water en klimaatadaptatie worden zaken o.a. vastgelegd in de omgevingsvisie, een voorbeeldenboek (Inspiratieboek) en de Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR). Het integraal borgen is dus al goed op weg. Samenwerking waterketen Westfriesland De samenwerking in de regio Westfriesland is goed. Onder het Bestuursakkoord water 2011 – met een looptijd tot 2020 - waren de doelen van de samenwerking waterketen: kostenbesparing (minder meerkosten), verhogen kwaliteit werkprocessen, vergroten duurzaamheid en het verminderen van personele kwetsbaarheid. Op basis van een programmaplan hebben de gemeenten en HHNK in Westfriesland aan deze doelen gewerkt. Westfriesland is één van vijf deelregio’s, die gezamenlijk met het Hoogheemraadschap en PWN de werkregio Noorderkwartier vormen. Ook de samenwerking in Noorderkwartier was erg succesvol. De besturen van de betrokken organisaties wilden daarom een vervolg aan de samenwerking geven. Eind 2020 sloten zij een nieuwe samenwerkingsovereenkomst voor de periode 2021-2030 (bijlage F). Elke deelregio sloot daarnaast een eigen overeenkomst, waarin de speerpunten van die regio zijn opgenomen. In 2020 werd het jaarlijkse kostendoel3 ruimschoots behaald. Wel zijn door personele kwetsbaarheid wat minder maatregelen uitgevoerd dan gepland.

Dat vertaalt zich op het oog ook als een besparing, terwijl het gaat om een uitgestelde investering. Het doel van de kwaliteit van de werkprocessen is grotendeels behaald. Het laaghangend fruit is geplukt. De wat lastiger processen kostten meer inspanning, die in combinatie met personele kwetsbaarheid tot langere doorlooptijd leidden. Duurzaamheid bleef wat achter. Verder ervaart de regio moeite om de huidige beheersystemen up-to-date te krijgen. In de samenwerkingsregio is afgesproken om de gemeentelijke stelsels digitaal en goed inzichtelijk te maken. Hierbij zouden gegevens over de

2 Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie; dit is een onderdeel van het Deltaprogramma 3 Kostendoel BAW: 12,5% lagere ‘meerkosten’ in de waterketen in 2020, vergeleken met de raming uit 2010.

16

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

mate van belang van leidingen in het beheersysteem worden toegevoegd als basis voor de stap naar risicogestuurd beheer. Dat is niet iedere gemeente gelukt en daarom is het uniformeren van de beheerpakketten nog niet goed van de grond gekomen. In Figuur 2-2 is het resultaat van de deelregio Westfriesland 2019 tegen het doel in 2020 uitgezet.

Figuur 2-2: Realisatie doelen afvalwaterketen in 2019 ten opzicht van doelen 2020 in samenwerkingsregio Westfriesland

2.3

Aandachtspunten deze planperiode

Vanuit de gemeentelijke evaluatie zijn onderstaande aandachtspunten naar voren gekomen. In onze strategie voor de komende planperiode houden we daar zoveel als mogelijk rekening mee. Norm voor hinder door water op straat Het ondervinden van hinder door water op straat wordt getoetst met de ‘klassieke’ leidraadbuien vanuit de Kennisbank. De riolering in Medemblik werd in de afgelopen planperiode nog getoetst op bui 8, maar de wens is om naar bui 9 te gaan. Norm voor schade door neerslag Het toetsen van schade door neerslag is afhankelijk van het gebied. In bestaand gebied volgt de norm uit het ambitieniveau dat de raad in 2021 vaststelde. Daarbij hoort een toetsing bij een (blok)bui van 60mm in een uur. Bij nieuwbouw ligt de norm op 70 mm in een uur. Deze volgt uit de intentieovereenkomst klimaatbestendige nieuwbouw MRA en Noord-Holland, die de gemeente in februari 2022 met tientallen andere partijen is aangegaan. Meten van grondwaterstanden Voor het meten van de grondwaterstanden wordt nu de huidige modelstudie van de klimaatatlas gebruikt van het Hoogheemraadschap Holland Noorderkwartier. In de komende planperiode houden we de verandering in grondwaterstanden op de lange termijn aan als maatstaf.

Analyseren van lozingspunten We hebben voor de komende planperiode behoefte aan een beter beeld van het functioneren van WKO’s en de mogelijke impact van (nieuwe) lozingspunten op de kwaliteit van grondwater. Dat vraagt meer analyse van de lozingspunten en wat er dan geloosd wordt. Ook afspraken over debieten zijn momenteel niet helder en moeten we de komende periode verbeteren.

17

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

3

Visie en ambitie

Dit Programma Stedelijk Water en Riolering laat zien hoe we naast de invulling van onze zorgplichten stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater samen met onze waterpartners de komende jaren ook een bijdrage leveren aan het behalen van maatschappelijke doelen. Het gemeentelijke waterbeheer staat niet op zich, maar is continu in beweging door diverse uitdagingen en ontwikkelingen. De belangrijkste ontwikkelingen en de relatie met het PSWR zijn beschreven in Bijlage C. Met het uitvoeren van de watertaken die voortkomen uit de zorgplichten riolering beschermen we de fysieke leefomgeving. Bij rioolrenovatie, (her)ontwikkelingen of herinrichting van de openbare ruimte willen we kansen pakken om, bij voorkeur samen met inwoners, ook een bijdrage te kunnen leveren aan een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving, betere waterkwaliteit en ecologie (kaderrichtlijn water), de energietransitie, circulaire economie (levensduurverlenging/hergebruik materialen), versterking van de biodiversiteit en duurzame mobiliteit. De groen gekleurde blokken in dit hoofdstuk zijn bouwstenen voor de omgevingsvisie. Beschermen van de gezondheid Gezondheid staat en blijft op nummer één en is ook niet voor niets een verplicht te beschrijven onderdeel in de omgevingsvisie. De rioleringszorg blijft hier een grote bijdrage aan leveren.

We blijven ons huishoudelijk afvalwater binnen en buiten de bebouwde omgeving zo doelmatig en gecontroleerd mogelijk verwerken en de kans op ongewenste lozingen verkleinen. Bij voorkeur via voorzieningen die het huishoudelijk afvalwater zoveel als mogelijk ingesloten houden tot aan de RWZI waar het weer wordt gezuiverd. De lozing van medicijnresten, organische microverontreinigingen en microplastics op het oppervlaktewater vormen op de lange(re) termijn een bedreiging voor onze gezondheid. Om het risico te beperken grijpen we in op díe plaatsen waar dit het meest (kosten)efficiënt is. Bijvoorbeeld bij de RWZI en/of bij ziekenhuizen, verzorgingscentra e.d. We voorkomen grondwaterverontreiniging en beschermen ons drinkwater door vervuilende activiteiten te weren of gecontroleerd te houden. Op eventuele locaties met grote bodemverontreinigingen zijn we voorzichtig met infiltratie van hemelwater om verspreiding te voorkomen. Bij de introductie van bovengrondse hemelwateropvangvoorzieningen waken we ervoor dat (zeker bij meervoudig ruimtegebruik) er geen nieuwe gezondheidsrisico’s ontstaan, bijvoorbeeld door foutaansluitingen of een voor muggen te aantrekkelijke omgeving. Door ruimtegebrek zullen we bovengrondse functies moeten combineren. Voor het combineren van water en groen zien we voldoende mogelijkheden.

Het combineren van wateropvang en spelen willen we liever niet, gelet op mogelijke gezondheidsrisico’s.

Beschermen van de fysieke leefomgeving en bijdragen aan omgevingskwaliteit Met de invulling van de wettelijke zorgplichten riolering beperken we de kans op (grond)wateroverlast, beschermen we de omgeving/het milieu én bevorderen we hiermee ook een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving. In de wetenschap dat de weersextremen toenemen zullen we moeten accepteren dat hinder als gevolg van water op straat vaker voorkomt. Ook zal hierdoor de kans op waterschade toenemen. De ambitie is gericht op het gelijk houden van het huidige beschermingsniveau tegen wateroverlast. Inwoners en bedrijven zullen in 2050 ondanks klimaatverandering even vaak hinder of schade ervaren als nu. Ten behoeve van de oppervlaktewaterkwaliteit leiden we relatief schoon hemelwater zoveel als mogelijk en op een gecontroleerde wijze door de bodem voordat het wordt geloosd op oppervlaktewater. Relatief vuil regenwater afkomstig van industrieterreinen, marktpleinen e.d. blijven we op een kostenefficiënte manier naar de zuivering transporteren. De aanleg van hemelwaterriolering is bij nieuwbouw geen vanzelfsprekendheid meer, perceeleigenaren dienen bij een dergelijke keuze het hemelwater dan op eigen terrein te verwerken. Voor een aantrekkelijke regio sturen we samen met de waterbeheerder op een goede kwaliteit van ons stads- en dorpswater.

In beleid en uitvoering zorgen we ervoor dat het aantal riooloverstortingen niet

18

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

toeneemt en door ons handelen de waterkwaliteit niet verslechtert. Gelet op klimaatverandering is dat nog een hele opgave, aangezien de geloosde hoeveelheden zullen toenemen bij meer langdurige of meer hevige neerslag en bij langdurige droogte de kans op botulisme en blauwalgen toeneemt. Door verhard oppervlak van de riolering te blijven afkoppelen in combinatie met rioolvervanging/reconstructies verlagen we de druk op het rioleringssysteem en hiermee de milieudruk. Op deze manier dragen we bij aan het behalen van de KRW-doelen (Europese Kaderrichtlijn Water). Het grondwaterpeil willen we zoveel als mogelijk laten fluctueren binnen een acceptabele bandbreedte . Locaties met een relatief hoge grondwaterstand achten we minder geschikt voor bebouwing. Op locaties met een relatief hoge grondwaterstand kunnen we het maaiveld verhogen, zodat we voldoende ontwateringsdiepte creëren voor nieuwbouw. Hiervoor verzamelen we praktijkmetingen. In gebieden met een risico op grondwateroverlast verbeteren we de ontwatering in combinatie met grote reconstructies/herontwikkelingen.

19

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Bijdragen aan een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving Gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk hebben afgesproken om in 2020 klimaatadaptatiebeleid vastgelegd te hebben om in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust ingericht te zijn (Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie 2018). Door samen te werken met andere partijen in de openbare ruimte en op particulier terrein kunnen we onze gemeente voorbereiden op de gevolgen van klimaatverandering. Sinds 2018 zijn we al gezamenlijk aan de slag om onze klimaatadaptatie ambities te verankeren in beleid en uitvoering. Bij de aanleg of vervanging van verhard oppervlak houden we rekening met extreme buien. We stellen voorwaarden om in (of in de directe nabijheid van) de nieuwe ontwikkeling bij voorkeur het hemelwater te infiltreren in de bodem en als dat niet gaat het oppervlaktewater te verruimen en hierop te lozen. Vooral in droogtegevoelige gebieden willen we het hemelwater zoveel mogelijk vasthouden om langdurig droge perioden te kunnen overbruggen en de vegetatie beter in stand te kunnen houden. Bij herinrichting van de openbare ruimte houden we rekening met het risico op wateroverlast. Voor straten met een risico op ernstige hinder willen we naast de normale verwerking ook (bovengrondse) wateropvang om zwaardere buien te kunnen opvangen en vertraagd af te voeren.

Kwetsbare infrastructuur zoals ontsluitingswegen en tunnels en straten met een hoog risico op waterschade beschermen we extra goed. Zo blijven belangrijke locaties als ziekenhuizen en hulpverleningsgebouwen goed bereikbaar, ook onder meer extreme weersomstandigheden. Van onze inwoners en ondernemers verwachten we dat ze meewerken om water zo duurzaam mogelijk te verwerken. We kunnen dit als overheden immers niet alleen, een groot deel van het verhard oppervlak ligt namelijk op particulier terrein.

20

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Bijdragen aan de energietransitie en een circulaire economie Door de energietransitie neemt de druk op de ondergrond toe, er komen immers leidingen bij voor warmtetransport. Bij rioolaanleg of rioolvervanging zullen we daarom meer dan voorheen rekening moeten houden met het ondergronds ruimtebeslag. We groeien door naar integraal programmeren en dragen bij aan het beter in beeld brengen van de ondergrond. We blijven doorgaan met het scheiden en ontvlechten van schone en vuile waterstromen. Met het verlengen van de levensduur van riolering door sleufloze technieken zoals relining of rioolreparaties nemen de kansen af voor het scheiden van waterstromen of een gecombineerde aanpak van boven- en ondergrond. We brengen daarom kansrijke locaties voor relinen en afkoppelen vroegtijdig in kaart ter bevordering van een planmatige aanpak. Met het oog op energie- en grondstoffenterugwinning en het beperken van de kans op wateroverlast, zorgen we met de gescheiden inzameling dat eventueel water op straat hygiënischer van kwaliteit is. Zo verlagen we het gezondheidsrisico van (opspattend) water op straat. We zetten de huidige koers van afvalwaterinzameling voort, maar houden oog voor meer doelmatige oplossingen. Hergebruik van materiaal zien we niet als doel, maar als middel om een bijdrage te kunnen leveren aan de circulaire economie.

Lange termijn doelen Bij het uitvoeren van de gemeentelijke watertaken streven we, binnen de beschikbare middelen en mogelijkheden, de volgende doelen na: Algemeen • Beperken van kostenstijging rioleringszorg: • Beperken van de kwetsbaarheid van de organisatie: • Bijdragen aan klimaatadaptatie • Bijdragen aan de ambitie van regio Westfriesland om tot de top 10 van meest aantrekkelijke regio’s van Nederland te gaan behoren Stedelijk afvalwater • Doelmatige inzameling en transport van stedelijk afvalwater • Voorkomen van ongewenste emissies/gezondheidsrisico’s en beperken overlast voor de omgeving • Bijdragen aan een duurzame verwerking van afvalwater en een optimale inrichting van de waterketen Hemelwater • Doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater • Beperken van het risico op wateroverlast • Beperken van de milieubelasting op bodem en oppervlaktewater Grondwater • Voorkomen van structurele grondwaterover- en -onderlast, afgestemd op de functie van het gebied/object • Bijdragen aan de aanvulling van de grondwatervoorraad in droogtegevoelige gebieden Oppervlaktewater • Borgen bergings- en ontwateringsfunctie van het stedelijk oppervlaktewater Drinkwater • Bijdragen aan de bescherming van drinkwatervoorzieningen

21

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

Bewaken van de voortgang Met het periodiek actualiseren van dit PSWR kunnen we tijdig bijsturen op nieuwe ontwikkelingen. Het is gebruikelijk dat dit plan om de ca. vijf jaar wordt geactualiseerd. Met de komst van de Omgevingswet is het denkbaar dat de planperiode meer afhankelijk gaat worden van andere programma’s om zo gezamenlijk het omgevingsprogramma te vormen. Voor de effectiviteit van ons beleid gebruiken we (naast theoretische berekeningen) de gemeten waterkwaliteit en het verloop van het aantal meldingen met betrekking tot (grond)wateroverlast, rioolinstortingen en stank. Met het periodiek uitvoeren van klimaatstresstesten (wateroverlast, hittestress, droogte) houden we een vinger aan de pols met betrekking tot de voortgang die we boeken met de aanpak van locaties die vanuit het oogpunt van klimaatextremen kwetsbaar zijn. Het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier doet ditzelfde voor waterveiligheid.

22

Datum: 18 oktober 2022

PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2027

4

Strategie en verankering

Om het wensbeeld zoals omschreven in de visie te bereiken stellen we per planperiode een uitvoeringsprogramma op en stellen we zo nodig de beleidskoers bij. Met de Omgevingswet ontstaat meer vrijheid in beleid (“ja mits” in plaats van “nee tenzij”). We staan hiermee voor de keuze om hetgeen we willen juridisch goed te verankeren of te werken op vertrouwensbasis. In algemene zin houden we vast aan de bestaande koers en de bijbehorende beleidskaders. Dit betekent dat we overwegend inzetten op reguleren en bijsturen/loslaten op punten waar we vinden dat het doelmatiger kan. De beleidsregels gaan we opnemen in het omgevingsplan. Waar van toepassing is dit weergegeven in de licht oranje gekleurde kaders. Samen met de waterverordening van het waterschap weet de gebruiker dan goed waar deze aan toe is bij een ruimtelijke ontwikkeling en bij het gebruik van de riolering.

4.1

Afspraken met betrekking tot de waterketen Westfriesland

In de Bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst waterketen Noorderkwartier 2021-2030 hebben de inliggende gemeenten, het Hoogheemraadschap en PWN afspraken gemaakt. Deze afspraken zijn opgenomen in Bijlage F De zeven Westfriese gemeenten en het Hoogheemraadschap hebben de regionale speerpunten uitgewerkt in de Bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst waterketen Westfriesland 2021-2030 . Deze afspraken zijn als volgt: • • •

Opstellen gezamenlijk rioleringsbeleid; Gemeenten en waterschap leggen afspraken vast in afvalwaterakkoorden Gemeenten en waterschap verbeteren het functioneren van de afvalwaterketen zowel kwantitatief als kwalitatief door: – Rioolvreemd water te verminderen – VGS-stelsels waar mogelijk om te bouwen naar GS-stelsels – Beter zicht en grip op indirecte lozingen – Opsporen en herstellen foutaansluitingen – Doelgericht te meten en te monitoren – Verkenning optimalisatiemogelijkheden afvalwaterketen – Inventarisatie kansen hergebruik en terugwinning stoffen/energie • Partijen voeren de waterketentaken doelmatig uit door: – Te streven naar eenzelfde format voor de meerjarenplannen – Te zorgen voor inzicht in ligging en toestand van de aanwezige voorzieningen – Gezamenlijk in beeld te brengen hoe incidenten kunnen worden afgehandeld en dit vast te leggen in een calamiteitenplan Bij de strategische uitwerking van de zorgplichten is met deze afspraken rekening gehouden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Medemblik&id=738debd5-1a88-4e89-b2e5-da9264b854b5