CConstaterende datMaasgouw
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 3 ingekomen zienswijze gebundeld anoniem

01. Raadsvergadering 22 februari 2022, gemeente MaasgouwBij agendapunt: Voorstel tot vaststellen Omgevingsvisie Maasgouw28.618 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Wij spannen ons in om het resultaat te bereiken dat u voor ogen staat, maar garanderen niet dat dit resultaat daadwerkeiijk wordt bereikt.

Artikel 5; Bewaring van stukken Nadat wij onze werkzaamheden voor u hebben beeindigd. sluiten wij het dossier. Als u op dat moment niet lets anders met ons afspreekt en wij ook niet om andere redenen tot lets anders gehouden zijn. archiveren wij de stukken uit het dossier. U kunt deze stukken nog opvragen tot vijf jaar nadat wij onze werkzaamheden voor u hebben beeindigd. Na verloop van deze vijf jaar mogen wij de stukken vernietigen.

Artikel 7; De betaling van onze facturen

1. Tenzij u lets anders met ons hebt afgesproken of wij lets anders op onze factuur aangeven, moet u al onze facturen binnen veertien dagen na de factuurdatum betalen. U mag niets van het factuurbedrag aftrekken of met het factuurbedrag verrekenen, en u mag uw betaling ook niet opschorten. 2. Als u onze factuur niet binnen de betalingstermijn voldoet, bent u van rechtswege in verzuim. U bent dan de wettelijke rente over het factuurbedrag verschuldigd. Wettelijke rente is de rente van de arti­ keien 6:119 e.v. Burgerlijk Wetboek. 3. Als u in verzuim bent, komen ook de kosten voor uw rekening die wij in en buiten rechte moeten maken om u tot nakoming van uw verplichtingen te bewegen. 4. Als u onze factuur niet of niet op tijd betaalt, kunnen wij een incassoprocedure started voor de burgerlijke rechter of voor de Geschillencommissie Advocatuur. Artikel 8: Onze aansprakelijkheid voor beroepsfouten

1. De aansprakelijkheid voor eventuele beroepsfouten van Linssen cs Advocaten, daaronder begrepen onze vennoten in persoon, onze werknemers en onze medewerkers, is steeds beperkt tot het bedrag dat onze beroepsaansprakelijkheidsverzekering uitkeert, vermeerderd met het eigen risico dat wij onder die verzekering dragen. De inhbud en omvang van onze beroepsaansprakeli|kheidsverzekering overtreffen ruimschoots de eisen die de Nederlandse Orde van Advocaten stelt. Desgewenst ontvangt u van ons een extract van onze beroepsaansprakelijkheidspolis. 2. Als onze aansprakelijkheidsverzekeraar om welke reden dan ook geen uitkering doet, is onze aansprakelijkheid beperkt tot driemaal het loon dat wij in de desbetreffende zaak in rekening hebben gebracht in het jaar waarin wij de beroepsfout hebben gemaakt.

Artikel 10: De bevoegde rechter in Civiele procedures Als u de overeenkomst met ons bent aangegaan in een zakelijke hoedaningheid en wij een civielrechtelijke procedure tegen u aanhangig willen maken op grond dat u uw verplichtingen uit onze overeenkomst niet of niet goed bent nagekomen, is - naast de rechter die door de wet als bevoegde rechter wordt aangewezen - de kantonrechter te Tilburg bevoegd als onze vordering een geldvordering betreft van ten hoogste € 25.000,00 en de rechtbank Zeeland-West-Brabant bevoegd als het een andere vordering betreft.

Linssen In 2019 zijn de gesprekken met de gemeente opgestart. Vanuit de ambtenaren en vanuit het college was er een positieve grondhouding voor ontwikkeling van een zonnepark in dit gebied. Dat heeft de grondslag gevormd voor cliente om het plan verder uit te werken. Het initiatief is afkomstig van de grondeigenaren en zij zijn samen met cliente gaan werken aan de vormgeving van het plan.

Het nader onderzoek heeft geresulteerd in een principeverzoek dat in januari 2021 bij de gemeente Maasgouw is ingediend. Als bijiage 2 treft u het principeverzoek aan. De beoogde locatie voor het zonnepark Osen ligt verspreid over een zestal percelen. Het gebied grenst aan de zuidkant aan een dijk onder beheer van Rijkswaterstaat. Ten noorden van de locatie ligt 'De Slaag'. Aan de overkant van de Maas ligt de Essent Clauscentrale. Het voorgestelde gebied ligt niet in direct zicht van omwonenden. De gronden hebben momenteel de bestemming 'Agrarisch met waarden', alsmede een dubbelbestemming 'Waterstaat - Stroomvoerend rivierbed'. Cliente heeft in het principeverzoek reeds zorgvuldig uitgewerkt dat maatregelen worden genomen terzake de kans dat het gebied overstroomt bij hoogwater. De zonnepanelen komen op een hogere draagstructuur, die extra versterkt is om de grotere krachten door wind en water op te kunnen nemen. Deze draagconstructie is eveneens geschikt voor bescherming tegen beschadiging door stromend water. De zonnepanelen komen op 1,5 meter hoogte te liggen zodat waterschade wordt voorkomen. Cliente heeft naar aanleiding van het hoogwater van juli 2021 ook door fysiek onderzoek ter plaatse vastgesteld dat het voorlopig technisch ontwerp afdoende is. Een draagconstructie van 1,5 meter is gelet op de hoogte van de waterstand bij overstroming afdoende.

De draagconstructie is voorts geschikt voor de stroming van het water. Ter plaatse is vastgesteld dat geen sprake is geweest van veel stroming in het gebied, maar van stilstaand stijgend water.

Voorts heeft cliente reeds onderzocht en met de gemeente besproken hoe het park landschappelijk zal worden ingepast. Uitgangspunt is dat bij de inpassing het bestaande landschap wordt gerespecteerd en blijft behouden. De bestaande kwalitatieve structuren blijven zoveel mogelijk behouden en worden versterkt. Cliente wil bij de realisatie van het zonnepark direct investeren in natuurontwikkeling ter plaatse. Daarover is ook reeds overleg gevoerd met Het Limburgs Landschap. Een geconcretiseerd plan van welke natuur exact direct ontwikkeld zal worden, wordt opgesteld in samenspraak met Het Limburgs Landschap. Een groot voordeel van het direct investeren in natuurontwikkeling is dat daarmee nu reeds gevolg wordt gegeven aan de visie voor het gebied. Onze cliente heeft het principeverzoek ingediend in januari 2021. In de periode nadien is er verder overleg gevoerd met de gemeente, met Het Limburgs Landschap, met het Waterschap, Rijkswaterstaat en andere betrokkenen waaronder ook de LLTB. De grondhouding van alle partijen is zeer positief. Ook vanuit rivierkundig perspectief zijn er geen bezwaren. Het is een doordacht plan dat passend is op de locatie, bijdraagt aan de doelstelling voor duurzame energie en bijdraagt aan de beoogde transitie naar natuur op deze locatie. Bovendien zijn er geen nadelige effecten voor omwonenden.

2

Linssen

o

Vervolgens is het principeverzoek aangehouden vanwege de ontwikkeling van een beleidskader. Het beleidskader is thans vervat in het voorliggende ontwerp van de nieuwe Omgevingsvisie. Tot grote teleurstelling en ontsteltenis van onze cliente is er ondanks het concrete plan en het voorliggende principeverzoek geen gevolg op gekomen in de visie. In het ontwerp is voorzien in een selectie van twee zoekgebieden waar het opwekken van duurzame energie afweegbaar is. Op pagina 13 van het ontwerp staat het volgende: "Duurzame opwekking van energie kan alleen in de daarvoor geseiecteerde gebieden piaats vinden onder voorbehoud van een landschapstoets."

In onderstaande figuur is een uitsnede van de visiekaart opgenomen. Daarop is zichtbaar dat het gebied waar het zonnepark Osen is beoogd, een groen-blauwe natuurzone is ingetekend en niet als gebied voor duurzame energie is aangewezen. Tevens zijn de enige twee aangewezen gebieden voor duurzame energie ingetekend met het raster.

3

Linssen 2. Principeverzoek en positieve grondhouding

In een omgevingsvisie legt een gemeente vast hoe ze de taken invult om haar ambities en beleidsdoelen te halen. Er moet instaan hoe het beleid doorwerkt en welke middelen daarvoor worden ingezet. De omgevingsvisie is het nieuwe instrument onder de Omgevingswet. Vooral van belang is dat in de visie wordt bepaald wat de hoofdlijnen zijn voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving, wat de voorgenomen ontwikkelingen zijn, van het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied. Onder 'ontwikkeling' valt volgens artikel 3.2 Omgevingswet de aanleg van bijvoorbeeld infrastructuur en ontwikkelingen terzake energietransitie c.q. duurzame energie-opwekking. Zonneparken vallen dus onder ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie is dus bij uitstek het instrument om een duidelijk en zorgvuldig beleidskader te bieden voor waar wel en/of waar niet zonneparken toe te staan. Waarbij rekening dient te worden gehouden met reeds op handen zijnde (concrete) ontwikkelingen. In het ontwerp lijkt er nu voor te zijn gekozen om slechts twee gebieden aan te wijzen als potentieel gebied voor zonneparken en om de rest van het gehele grondgebied per definitie uit te sluiten. Het gebied Osen is daarmee nu beoogd te worden uitgesloten voor realisatie van een zonnepark.

De handelwijze van de gemeente is daarmee in de eerste plaats in strijd met het vertrouwen dat wordt ontleend aan de positieve grondhouding die namens het college is uitgesproken. De positieve uitlatingen over het voorgenomen plan Zonnepark Osen zijn het startsein geweest om het plan verder uit te werken en om te investeren in onderzoek en planvorming. Ook heeft Greenbuddies reeds voldoende capaciteit (betaaid) gereserveerd bij het hoogspanningsstation in Merum. De benodigde netaansluiting is gegarandeerd.

In navolging op de gevoerde gesprekken is ook een formeel principeverzoek ingediend. Daarbij zat de gewenste en noodzakelijke onderbouwing voor het verlenen van medewerking aan het plan. Vervolgens is het principeverzoek aangehouden - is cliente in de wacht gezet - in afwachting van het vormgeven van een beleidskader. Gelet op het uitgedragen vertrouwen kan nu niet aan het concrete initiatief van cliente voorbij worden gegaan. Er is sprake van een concreet initiatief, dat al sinds januari 2021 kenbaar is, het plan is voiledig onderbouwd en kan dan ook bij de vaststelling van de omgevingsvisie zijn beoordeeld terzake de ruimtelijke aanvaardbaarheid. Het is duidelijk wat het initiatief is, op welke percelen het is voorzien en het is ruim op tijd kenbaar gemaakt. Onder deze omstandigheden dient uw raad het voorliggende plan vanzelfsprekend mee te nemen bij de totstandkoming van de omgevingsvisie. Indien het nu zonder motivering en ondanks het reeds lopende traject niet wordt meegenomen in de visie en zelfs wordt

4

Linssen uitgesloten, dan is dat in strijd met het vertrouwensbeginsel, met de vereiste zorgvuldigheid en in strijd met de motiveringsplicht.

Het plan is concreet, tijdig kenbaar, ruimtelijk inpasbaar en past bovendien binnen de doelstelling van de gemeente aangaande de fysieke leefomgeving. Het verzoek is dan ook om: 1) de locatie Osen aan te duiden als 'te ontwikkelen gebied voor duurzame energie' of 2) de locatie Osen aan te duiden als 'Opwek duurzame energie afweegbaar' (zijnde zoekgebied). 3. Zorgvuldigheidsbeginsel De gemeenteraad heeft bij het vaststellen van een omgevingsvisie een bepaalde afwegingsruimte. Die ruimte is evenwel begrensd en uw raad is gebonden aan de plicht tot belangenafweging en het zorgvuldigheidsbeginsel.

In het geval van het plan voor zonnepark Osen is er sprake van een concreet initiatief dat niet in de voorbereiding van de omgevingsvisie is betrokken. Er wordt in ieder geval met geen woord over gerept in de visie en dat wekt vanzelfsprekend bevreemding. Op zichzelf is deze handelwijze ook onzorgvuldig. Er is tot aan het moment dat het ontwerp ter inzage kwam overleg gevoerd met de betrokken partijen, Het Limburgs Landschap, het Waterschap, grondeigenaren en met de gemeente, en daarmee was het plan dan ook volledig bekend. De voorbereiding lijkt er derhalve te zijn geweest, maar het resultaat is op geen enkele wijze in het ontwerp van de visie terecht gekomen. Het zonder een argument niet meenemen van het plan is onzorgvuldig. Weliswaar is een Omgevingsvisie niet gericht op specifieke individuele plannen maar het beleidsmatig niet meenemen van een gebied terwiji bekend is dat daar concrete plannen zijn en worden voorbereid is onrechtmatig. Te meer nu niet gemotiveerd kan worden waarom het gebied niet aangewezen kan worden. Enerzijds is er wel participatie en transparantie geweest in het voortraject, maar bij het daadwerkelijk ter inzage komen van het ontwerp is de transparantie volledig verdwenen. De resultaten van de participatie aan de voorzijde zijn op onzorgvuldige wijze achterwege gelaten.

Uit het ontwerp voIgt dat er twee gebieden zijn aangewezen als zoekgebied (duurzame energie afweegbaar) en dat de rest van het grondgebied is uitgesloten voor opwekking van duurzame energie. Dit gaat ver en heeft verstrekkende gevolgen. Beleidsmatig aan de voorkant ontwikkelingen blokkeren kan uiteraard alleen maar als daar goede argumenten voor zijn. In het ontwerp is echter op geen enkele wijze inzicht geboden in de afwegingen die zijn gemaakt om deze twee gebieden wel aan te wijzen en het gebied Osen uit te sluiten. Slechts zeer beperkt voIgt uit het ontwerp hoe wordt omgegaan met de opgave voor opwekking van duurzame energie. Onderstaand zijn de passages over zonne-energie uit het ontwerp opgenomen.

5

Linssen Op pagina 9 staat het volgende: "Uit de RES voor Noord- en Midden-Limburg blijkt dat er in Maasgouw beperkte mogeiijkheden zijn voor het grootschalig opwekken van duurzame energie. Vanwege planologsiche beperkingen en iandschappeiijke kwaiiteiten is windenergie nagenoeg uitgesloten. Na uitsluiting van het natuurnetwerk Limburg en enkele landschappelijk kwetsbare gebieden, komen er voor zonne-energie maar enkele gebieden in aanmerking. Aantasting van het landschap door zonnevelden is ook daar niet gewenst, zodat we zonne-energie in die gebieden afweegbaar hebben gesteld. Tegelijkertijd staan we voor de opgave om duurzame energie op te werken. Het landschappelijk raamwerk helpt om die afweging te kunnen maken."

Op pagina 13 staat: "Duurzame opwekking van energie kan alleen in de daarvoor geselecteerde gebieden plaats vinden onder voorbehoud van een landschapstoets."

Op pagina 26 staat: "Daarnaast staat het agrarisch cultuurlandschap ook open voor andere functies, zoals het opwekken van duurzame energie (zoals zonnevelden in de daarvoor aangewezen zoekgebieden) of recreatie. Voorwaarde is dat nieuwe ontwikkeUngen landschappelijk in te passen zijn, dan wel dat er op andere wijze wordt bijgedragen aan de kwaliteit van het landschap."

Op pagina 28 staat:

"De gemeente hanteert twee criteria bij het toetsen van initiatieven voor zonne-energie: • iandschappeiijke kwaliteit. (...) • Lokaal draagviak en lokale baten (...)" Uit het ontwerp van de visie voIgt niet dat de gebieden zorgvuldig zijn onderzocht. Het plan Osen is niet in beeld gebracht en er voIgt derhalve ook niet waarom het gebied wel of niet geschikt wordt geacht voor realisatie van een zonnepark. Voorts blijkt ook niet hoe de afweging heeft plaatsgehad dat de twee gebieden die wel zijn aangewezen als zoekgebied wel in aanmerking moeten komen. De twee zoekgebieden zijn naar het oordeel van cliente ongeschikt en de realisatie van een zonnepark in die gebieden is onhaalbaar.

Het zuidelijke zoekgebied wordt omringd door omwonenden. Er bevindt zich een woonwijk in het midden van het gebied. Voorts heeft daar nog geen onderzoek onder grondeigenaren plaatsgevonden. Voornoemde in tegenstelling tot het plan Osen. Dat gebied is geheel uit het zicht van alle omwonenden en de grondeigenaren werken reeds mee aan realisatie van het zonnepark.

6

Linssen Het noordelijke zoekgebied bevindt zich grotendeels op het water en dat betreft een inen uitvaartgeul. Er is daar veel stroming in het gebied en derhalve ongeschikt. Voor beide gebieden heeft voorts te gelden dat er geen capaciteit meer beschikbaar is bij elektriciteitscentrales voor een aansluiting van een zonnepark. Greenbuddies heeft voor het plan Osen reeds capaciteit gereserveerd waardoor de netaansluiting is verzekerd. Ook terzake de Zonneladder (Omgevingsvisie provincie Limburg) is de locatie Osen zeer geschikt. De gronden in het zuidelijke zoekgebied hebben een veel hogere agrarische waarde ter vergelijking met Osen, waar de grond laagwaardig is vanuit agrarisch perspectief. Indien en voor zover uw raad van oordeel is dat de twee zoekgebieden na zorgvuldig onderzoek potentie hebben voor opwekking van duurzame energie, dan geldt nog altijd dat nu niet blijkt hoe de begrenzing van die beide gebieden is bepaald. Het noordelijke gebied bij de Clauscentrale eindigt nu bij de Maas. Het noordelijke gebied omvat de Clauscentrale, het perceel ten noorden, het water 'Molengreend' en de in- en uitvaartgeul. Er wordt niet verklaard waarom de grens van dit zoekgebied niet reikt tot aan De Slaag zodat het gebied Osen daarbinnen valt. Het zoekgebied bij de Clauscentrale kan aansluiten op het gebied bij Osen.

Het is thans echter volledig onduidelijk of hier onderzoek naar is verricht.

Tot slot is van belang dat het zonnepark op de locatie in Osen niet strijdig is met de voorliggende visie van het uiteindelijk realiseren van een groen-blauwe natuurzone. Het zonnepark kan zodanig worden ingepast dat de natuurlijke omgeving wordt bevorderd. Een zonnepark zoals Greenbuddies beoogt draagt al direct bij aan de natuurwaarden in het gebied. Het is het voornemen om in termen van de ontwikkeling van een groenblauwe zone direct het land na afbouw van het zonnepark geheel naar natuur te transformeren. In een proces van 'rewilding' wil Greenbuddies de gekochte grond inpassen met verschillende lokale flora en fauna. Arcadis is partner van Greenbuddies terzake het rewilden van het gebied. Inmiddels heeft Arcadis ook al een rewilding-plan opgesteld. Een afschrift van het rewilding-plan is bijgevoegd als bijiage 3. Met het rewilding-plan wordt er al direct gewerkt aan de visie van de gemeente. Het zonnepark wordt zorgvuldig landschappelijk ingepast. Door ruimte te geven aan natuurontwikkeling levert het zonnepark een bredere bijdrage aan een duurzaam landschap.

Het zonnepark Osen draagt bij een aan duurzaam landschap, draagt bij aan de opgave voor duurzame energieopwekking, alle grondeigenaren zijn enthousiast, de netaansluiting is gereserveerd, er wordt uitvoerig meegewerkt met de lokale energie cobperatie om lokale investeringen te bevorderen en er is geen hinder voor omwonenden.

Voornoemde is reeds uitgewerkt in het principeverzoek en nadere onderzoeken voor uitwerking en detaillering van het plan worden voortgezet.

7

Linssen Uit niets blijkt dat bij de voorbereiding van het ontwerp het plan voor zonnepark Osen zorgvuldig is betrokken. Het voorliggende plan past binnen de visie van de gemeente. Het is onzorgvuldig en daarmee in strijd met artikel 3:2 jo 3:4 Awb om zonder enig inzicht te bieden in de achtergrond, de keuzes en afweging van de gemeente het gebied Osen uit te sluiten voor zonneparken. Een zorgvuldige afweging onder deze omstandigheden dient er naar het oordeel van Greenbuddies toe te leiden dat: 1) de locatie Osen wordt aangeduid als 'te ontwikkelen gebied voor duurzame energie' of 2) de locatie Osen wordt aangeduid als 'Opwek duurzame energie afweegbaar' (zijnde zoekgebied).

4. Motiveringsgebreken

Uit het ontwerp van de omgevingsvisie voIgt zoals gezegd niet dat zorgvuldig is onderzocht of het concreet voorliggende plan voor het zonnepark Osen als te ontwikkelen gebied of als zoekgebied moet worden opgenomen in de visie. Er is niet zorgvuldig in beeld gebracht in welke gebieden reeds een ontwikkeling speelt en in welke gebieden wel of niet sprake kan zijn van een afweging om er duurzame energie te gaan opwekken. Slechts zeer summier wordt gesteld dat er twee gebieden zijn aangewezen als zoekgebied en dat daarbij twee criteria worden gehanteerd, namelijk landschappelijke kwaliteit en lokaal draagviak en lokale baten. Nog vooropgesteld dat het initiatief voor Osen aan deze criteria voldoet, geldt dat is nagelaten te motiveren waarom het initiatief van Osen geen te ontwikkelen gebied betreft of een zoekgebied is.

Voorts is nagelaten te motiveren waarom de twee zoekgebieden wel zijn aangewezen. Zonder een deugdelijke en kenbare motivering is die aanwijzing willekeurig.

Het aanwijzen van slechts twee zoekgebieden en de rest van het grondgebied uitsluiten voor ontwikkeling van duurzame energie is een zeer vergaand besluit. Deze omgevingsvisie beoogt duidelijke kaders te scheppen om daaraan toekomstige ontwikkelingen te toetsen. Het uitsluiten van de rest van het grondgebied kan niet zonder een zeer zorgvuldige en deugdelijke en kenbare motivering. Die ontbreekt op dit moment voiledig. Reeds ook om die reden kan de visie niet ongewijzigd worden vastgesteld. De visie is aangaande het uitsluiten van de rest van het grondgebied voor ontwikkeling van duurzame energie bovendien innerlijk tegenstrijdig. In het ontwerp van de omgevingsvisie wordt flexibiliteit gepretendeerd. Het aan de voorkant uitsluiten van ontwikkelingen is conflicterend met de idee van het bieden van flexibiliteit teneinde ontwikkelingen juist te faciliteren. Uit het ontwerp voIgt nu dat aan de voorkant beleidsmatig ontwikkelingen binnen het gehele grondgebied worden geblokkeerd. Dat kan vanzelfsprekend alleen als daar goede gemotiveerde argumenten voor zijn. Daarvan blijkt nu in het geheel niet. Er is derhalve voor uw raad geen grondslag om over te gaan tot uitsluiting van ontwikkelingen van duurzame energie op grondgebied buiten de

8

Linssen A

zoekgebieden. Zoals in het geval van het zonnepark Osen zijn er meerdere locaties denkbaar waarbinnen aan de algemene beleidsuitgangspunten uit de Omgevingsvisie kan worden voldaan. Uitsluiten van die gebieden wekt dan bevreemding, te meer daar de wel aangewezen zoekgebieden niet per se of om een duidelijke reden hoog scoren. Eerder is het provinciaal beleid en de Zonneladder al kort genoemd en die spreekt ook van uitsluitingsgebieden. Dan moet het echter gaan om gebieden die om een concrete redenen worden uitgesloten. De uitzonderlijke redenen waarom het voor de hand ligt een gebied uit te sluiten moeten dan uiteraard worden gemotiveerd. Dat gebeurt met deze omgevingsvisie niet terwiji het grootste gedeelte van het grondgebied wordt uitgesloten. Typerend in het kader van het voorgaande is het reeds vergunde plan 'Zonneweide Hofstraat Maasbracht'. Dit plan is onherroepelijk vergund op 19 november 2020 maar ligt nadrukkelijk buiten de in de Omgevingsvisie aangewezen gebieden. Dit is vanzelfsprekend tegenstrijdig en geeft reeds aan dat de visie onvoldoende zorgvuldig is voorbereid en gemotiveerd.

Het ontwerp van de omgevingsvisie is in strijd met de motiveringsplicht ex artikel 3:46 Awb. Er is geen motivering gegeven voor het aanwijzen van de twee gebieden. Waarom die gebieden wel en het gebied Osen niet? En er is geen motivering gegeven voor het uitsluiten van de rest van het grondgebied van de gehele gemeente. Dit is pertinent in strijd met de motiveringsplicht. Er is in het geheel geen inzicht verschaft in de door het bestuur gevoigde gedachtegang.

Gelet op de ernstige motiveringsgebreken kan de visie niet ongewijzigd worden vastgesteld. CONCLUSIE Cliente verzoekt u de zienswijze gegrond te verklaren en de omgevingsvisie gewijzigd vast te stellen. Cliente verzoekt u primair om de percelen waar het zonnepark Osen is beoogd te voorzien van een aanduiding 'te ontwikkelen zonnepark'. Subsidiair verzoekt zij u om het gebied aan te wijzen als zoekgebied 'Opwek duurzame energie afweegbaar'. Tevens verzoekt cliente u om de rest van het grondgebied niet aan te merken als uitsluitingsgebied.

9

Bijiage 1

Linssen c.s. Advocaten Postbus 246 5000 AE TILBURG

GEMEENTE

MAASGOUW.

GEMEENTEBLAD

Nr. 322683 23 September 2021

Officiele uitgave van de gemeente Maasgouw

Ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw Op 1 juli 2022 treedt (naar verwachting) de Omgevingswet in working. De Omgevingswet verplicht gemeenten om een omgevingsvisie op te stellen voor de hele fysieke leefomgeving en haar grondgebied.

Burgemeester en wethouders van Maasgouw maken op grond van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 10.7 van het Omgevingsbesluit bekend dat de ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw voor een ieder ter inzage ligt. Omgevingsvisie Maasgouw Samen met ketenpartners, belangenorganisaties en inwoners is gewerkt aan het opstellen van de Omgevingsvisie Maasgouw. Deze visie brengt verschillende beleidskaders met elkaar in verband en zorgt voor een overkoepelend integraal afwegingskader voor nieuwe initiatieven. De Omgevingsvisie Maasgouw is opgesteld in de geest van de Omgevingswet en vormt de basis voor het nog op te stellen toekomstige gemeente brede Omgevingsplan.

De Omgevingsvisie Maasgouw bevat het beleid voor de fysieke leefomgeving op hoofdlijnen voor de toekomst van de gemeente Maasgouw. Ruimtelijke kwaliteit, duurzaamheid en gezondheid zijn hierin de belangrijkste na te streven basisprincipes. De Omgevingsvisie Maasgouw geeft hiermee richting aan ruimtelijk-maatschappelijke ambities en vraagstukken.

Wat ligt ter inzage? De ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw ligt ter inzage.

Voor welk gebied is dit? De ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw betreft het hele grondgebied van de gemeente Maasgouw.

Wanneer ligt dit ter inzage? De ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw ligt vanaf vrijdag 24 September 2021 tot en met donderdag 4 november 2021 (dus gedurende zes weken) ter inzage. Wear is dit raadpleegbaar? 1.

2.

3. 4.

De ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw is raadpleegbaar in de informatieruimte van het gemeentehuis in Maasbracht, Markt 36 in Maasbracht (op werkdagen, tijdens de openingstijden van het gemeentehuis, behalve tijdens de avondopenstelling). In verband met de maatregelen tegen co­ rona zijn er aangepaste openingstijden voor het gemeentehuis. Het inzien van de ontwerp-Omge­ vingsvisie Maasgouw kan van maandag t/m vrijdag op afspraak tussen 9.00 en 12.00 uur. Een afspraak kunt u maken via het algemene nummer van de gemeente Maasgouw, 0475-85 25 00. Voorts wordt iedereen in de gelegenheid gesteld de ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw op het gemeentehuis, Markt 36 in Maasbracht, langs elektronische weg te raadplegen (op werkdagen, tijdens de openingstijden van het gemeentehuis, behalve tijdens de avondopenstelling). In verband met de maatregelen tegen corona zijn er aangepaste openingstijden voor het gemeentehuis. Het elektronisch raadplegen van de ontwerp-omgevingsvisie op het gemeentehuis kan van maandag t/m vrijdag op afspraak tussen 9.00 en 12.00 uur. Een afspraak kunt u maken via het algemene nummer van de gemeente Maasgouw, 0475 - 85 25 00. De ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw wordt tevens langs elektronische weg beschikbaar gesteld via www.gemeentemaasgouw.nl. Verder kunt u de ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw langs de elektronische weg op www.ruimtelijkeplannen.nl raadplegen.

Zienswijzen

Gedurende de termijn van terinzagelegging kan eenieder schriftelijk of mondeling een zienswijze over de ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw kenbaar maken. Een schriftelijke zienswijze kunt u richten aan de gemeenteraad van Maasgouw, Postbus 7000, 6050 AA MAASBRACHT. Voor het indienen van een mondelinge zienswijze moet u een afspraak maken.

1

Gemeenteblad 2021 nr. 322683

23 September 2021

GEMEENTE

MAASGOUW. Informatiebijeenkomst Op donderdag 7 oktober 2021 vanaf 19.00 uur zal in CC Don Bosco in Heel een informatiebijeenkomst worden georganiseerd waarop de ontwerp-Omgevingsvisie Maasgouw nader zal worden toegelicht.

Verdere informatie over de exacte inhoud en locatie van deze bijeenkomst zal bekend worden gemaakt via de gebruikelijke informatiekanalen van de gemeente Maasgouw. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Marcel Geurts of Maurice Borgignons van het team Fysiek Domein, tel. (0475) 85 25 00.

2

Gemeenteblad 2021 nr. 322683

23 September 2021

Bijiage 2

Linssen c.s. Advocaten Postbus 246 5000 AE TILBURG

JANUARI 2021

ZONNEPARK OSEN PRINCIPEVERZOEK

UDDIES

1

Inieiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging en grens besluit gebied 1.3 Vigerend bestemmingsplan 1.4 Leeswijzer 2. Gebieds- en projectbeschrijving 2.1 Gebiedsbeschrijving 2.2 Besluitprofiel 2.3 De Zonneweide 2.4 Landschappelijke Inpassing 3. Beleidskader 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Regionaal en Gemeentelijk Beleid 4. Onderzoek aspecten 4.1 Archeologie en cultuurhistorie 4.2 Bedrijven en milieuzonering 4.3 Bodem 4.4 Ecologie 4.4.1 Beschermde soorten 4.4.2 Beschermde gebieden 4.5 Externe Veiligheid 4.6 Geluid 4.7 Geurhinder 4.8 Kabels en leidingen 4.9 Luchtkwaliteit Water 4.10 4.11 M.e.r. beoordeling 5. Procedure en uitvoerbaarheid 5.1 Procedure 5.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 5.2.1 Vooroverleg 5.2.2 Zienswijzen 1.

5.3 Economische uitvoerbaarheid

2

1: Inleiding

1.1: Aanleiding

Het idee voor de ontwikkeling van een zonnepark op de specifieke locaties in Osen (Maasgouw) is enkele jaren geleden ontstaan tijdens een ontmoeting op de Universiteit Eindhoven van oudstudenten Eric Giessen en Jos Schlangen.

Eric Giessen is geboren en heeft zijn jeugd doorgebracht in Pol (Heel) en een van de percelen in het plangebied is in eigendom van zijn familie. De familie Giessen is zeer betrokken bij de energietransitie en staat zeer positief tegenover dit initiatief. Jos Schlangen, ook afkomstig uit Limburg, is sinds eind jaren 80 werkzaam in de zonne-energie en heeft wereldwijd reeds vele projecten mogen ontwikkelen en bouwen. De laatste jaren is hij met name actief op de Nederlandse markt en heeft zich uitsluitend gespecialiseerd in de ontwikkeling en realisatie van grote grondgebonden solar-projecten.

Als directeur van Greenbuddies Energy BV heeft Jos Schlangen een unieke samenwerking kunnen opzetten met het bedrijf Greenbuddies (afkomstig uit Praag) dat reeds vele jaren in Nederland en Europa grote zonneparken bouwt en investeringsmaatschappij KGAL uit Miinchen. KGAL herinvesteert gelden van institutionele beleggers en (Nederlandse) pensioenfondsen in met name duurzame energieprojecten.

Al meteen aan het begin van de planvorming voor dit initiatief is samenwerking gezocht met de eigenaren van de buurpercelen te weten de familie Verlinde en Maasgrind BV om zodoende het project een voldoende omvang te geven om succesvolle ontwikkeling te kunnen waarborgen. Ook deze grondeigenaren ondersteunen dit initiatief.

1.2: Ligging en Grens Besluitgebied.

Het besluitgebied voor het voorgenomen Zonnepark Osen is verdeeld over verschillende percelen vallend onder de gemeente Maasgouw. De verschillende percelen zijn verdeeld langs de Maas aan de kant van Heel. Zie hieronder op de kaart de in paars gekleurde percelen die ter sprake komen voor het besluitgebied. Meer specifieke informatie over de ligging en grens besluitgebied is te vinden in hoofdstuk 2.

3

1.3: Vigerend Bestemmingsplan:

Alle percelen in kwestie voor het geplande project zonnepark Osen zijn door de gemeente vastgesteld met bestemming 'agrarisch met waarden'. Er is reeds een partiele herziening in de bestemmingsplannen geweest met als doel twee percelen die in aanmerking komen van bestemming natuur terug naar bestemming agrarisch met waarden. Hieronder kaart 1 (voor de herziening van 2 percelen van natuur naar agrarisch met waarden) en kaart 2 (de herziening van 2 percelen van natuur naar agrarisch met waarden): Heel - Panheel zvr\<\z\_ri ri/->/->r>r»ri

gemeente Musgouw

bestenvnngsplan oohenoepdHk (2015-05 2 7) PUKIHft

191461 9.353350.4

Enke'bestemmini

Dubbe bestemming

C3

•--t- ' GeCiedsaanduidmg

'> ww Gebieduariduiding

4

©

©

1e particle herziening Heel

Pdnheel gefneente Maasgouu

bestemmingspbn

vasteesteld (2020 09 22) MFKMIFO

IFNTfN

KIMMIRXI*!

19,461 9. 355550»

Enkelbestemming Agrarisch met Waarden

Oudbeibcstemmini

Wsterstaat - Stroomvoerend rrviert>ed

CebiedsMnduitfing geluidfone - iMustne

GebtedsMnchjidinf milwuzone - roerdilslenk 3

Verder is er sprake van een dubbelbestemming - het gehele gebied in kwestie functioneert als 'stroom voerend rivierbed'. Hier zijn bepaalde voorwaarden aan gehecht, deze zijn terug te vinden in hoofdstuk 3 met betrekking tot beleid. Verder zijn in bijiage 1.0 de gesprekken gespecificeerd en de betreffende berekeningendoor Rijkswaterstaat. 1.4; Leeswijzer

Dit principeverzoek is als voIgt opgebouwd: hoofdstuk 2 bevat een gedetailleerde beschrijving van het gebied rondom het geplande zonnepark en de bijbehorende algemene project-beschrijving. Vervolgens behandelt hoofdstuk 3 het omgevingsbeleid en al les wat daar aan de orde komt; beginnen bij rijksbeleid (met specifieke aandacht voor het beleid rondom de bouw in een stoom voerend rivierbed), dan provinciaal beleid om uiteindelijk op gemeentelijk beleid uit te komen. Hoofdstuk 4 bevat alle nodige aspecten voortkomend uit het omgevingsonderzoek. Hoofdstuk 5 is een verdieping in de procedures rondom onder andere het draagviak, lokale participatie en alles wat daar mee te maken heeft. Bij iedere sectie is een conclusie bijgevoegd waarin geconstateerd wordt of het besproken punt wel of geen belemmering voor de Zonnepark Osen veroorzaakt.

5

2.

Gebieds- en projectbeschrijving

2.1

Gebiedsbeschrijving

Het plangebied voor het voorgestelde project Zonnepark Osen ligt verspreid over verschillende percelen aan de Maas vallend onder de gemeente Maasgouw. In de kaart hieronder is de specifieke locatie te zien in het geel:

Aan de zuidkant van het voorgestelde park ligt een dijk onder beheer van Rijkswaterstaat. Echter, deze dijk loopt af tot de hoogte van de rest van het landschap in het westen van het plangebied, de dijk heeft dus momenteel een beperkte functie. Ten noorden van het plangebied ligt een gedeelte water genoemd 'De Slaag', hier kunnen plezierboten aanmeren en ligt ook een wandelpad. Aan de overkant van de Maas in het zicht van het voorgestelde plangebied ligt de Essent Clauscentrale. Het voorgestelde gebied ligt niet in direct zicht van omwonenden noch aan de noord noch aan de zuidkant. Op onderstaande kaart zijn de verschillende percelen nogmaals in geel weergegeven. De blauwe percelen behoren toe tot Rijkswaterstaat en groen is het natuur/recreatie gebied in bezit van Limburg Landschap. De scheiding tussen de dijk (blauw)en het plangebied (geel)is een openbare weg in bezit van de Provincie Limburg.

6

- HEEOIC 04416G0000 - HEEOIC 03841G0000

- HEEOIC 03845G0000 - HEEOIC 03850G0000 - HEEOIC 04348G0000 - HEEOIC 04743G0000

2.2

Besluitprofiel

2.2.1

De Zonneweide

Zoals aangegeven in sectie 1.3 ligt het plangebied in het overspoelgebied van de Maas. Hierdoor is het niet mogelijk om de bebouwde kom uit te breiden in het plangebied. Het plangebied is op dit moment gedeeltelijk in gebruik als agrarische grond. Doordat het zonnepark zal komen te staan op een weide waar overstroming van de Maas mogelijk is, zullen er bepaalde maatregelen genomen worden om ervoor te zorgen dat er geen schade kan ontstaan aan het zonnepark en de omiiggende regio bij overstroming.

In het verleden is het probleem van plaatsing van een zonnepark in een overstromingsgebied opgelost door de zonnepanelen op een hogere draagstructuur te plaatsen, die extra versterkt is om de grotere krachten door wind op te kunnen nemen. Deze versterking heeft als tweede functie het beschermen van de draagstructuur tegen beschadiging door stromend water. In de praktijk komen de

7

zonnepanelen dan op 1.5 meter hoogte liggen, ruim voldoende om waterschade te voorkomen. Onderstaande foto's is deze oplossing zichtbaar van een al bestaand zonnepark:

Zoals hierboven in de foto's aangetoond is de oplossing van een hogere en sterkere draagstructuur voldoende om schade door water te voorkomen, en is het een methode die in te praktijk al met succes wordt toegepast.

2.2.2

Landschappelijke Inpassing

Er is in het kader van het voorgestelde zonnepark Osen een uitgebreid landschappelijk inpassingsplan opgesteld, deze is voiledig te zien in de bijiagen. Hiervoigt een korte samenvatting van de belangrijkste aspecten in het landschappelijk inpassingsplan. Er is uitdrukkelijk rekening gehouden met de natuurlijke omgeving ten noorden van de planlocatie, zowel als de hoogspanningsmasten en andere al bestaande elementen in het landschap die onveranderd zullen blijven. Hierdoor zorgen wij ervoor dat het zonnepark geen negatief effect heeft op natuurgebieden noch al bestaande zakelijke rechten op de betreffende percelen (zie informatie over kabels en leidingen in sectie 4.8). Het gehele onderzoek is uitgevoerd door Labeltien en is te vinden in de bijiagen.

8

Hoofdstuk 3: Beleid 3.1.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Op 13 maart 2012 is vastgesteld de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) waarin het Rijk ambities voor Nederland in 2040 zorgvuldig uitlegt. Uitgaande van de verantwoordelijkheden van het Rijk zijn deze ambities uitgewerkt in rijksdoelen tot 2028 en is aangegeven welke nationale belangen daarbij aan de orde zijn. Overheden, burgers en bedrijven krijgen de ruimte om zelf oplossingen te creeren. In de Structuurvisie infrastructuur en Ruimte worden drie hoofddoelen genoemd voor de middellange termijn (2028):

Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland; 2) Het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; 3) Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. 1)

Het Rijk streeft naar duurzame, hernieuwbare energievoorziening en het decentraliseren van de elektriciteitsinfrastructuur op de langere termijn. Het doel is het aandeel duurzame energiebronnen als wind, zon, biomassa en bodemenergie in de landelijke energievoorziening te vergroten. De ambitie is dat Nederland in 2040 een competitief internationaal energienetwerk bevat en dat de energietransitie ver gevorderd is. Het is hoofdzakelijk de taak van provincies en gemeenten om voldoende ruimte te bieden en voldoende stimulans te creeren voor duurzame energievoorzieningen. Het rijksbeleid voor (duurzame) energie richt zich met name op grootschalige windenergie op land en op zee, doordat hier een grote invioed op de omgeving en de omvang van pas komt. Voor het overige wordt de verantwoordelijkheid voor het realiseren van duurzame energievoorzieningen neergelegd bij de decentrale overheden zoals provincies en gemeenten. Conclusie

Aangezien het rijk streeft naar een soepele energie transitie naar duurzame bronnen als wind en zon, past het voorgestelde project Zonnepark Osen in het geheel van de ambities gesteld voor de middellange termijnvisie. Dee drie punten hierboven weergeven worden gewaarborgd. Echter, Zonnepark Osen valt niet onder directe verantwoordelijkheid van het Rijk - deze ligt decentraal bij provincies en gemeenten. Hieruit kan worden geconcludeerd dat er geen nationale belangen uit de SVIR direct van toepassing zijn.

Wettelijk Beleid Stroom voerend rivierbed.

9

De planlocatie bevindt zich in een stroom voerend rivierbed. Dit heeft wettelijke gevolgen voor bebouwing op het gebied. Zie hieronder artikel 33 van Waterstaat betreffend Stroom Voerend Rivierbed: Artikel 33 Waterstaat - Stroom voerend rivierbed

33.1 Bestemmingsomschrijving 33.1.1 De voor 'Waterstaat - Stroom voerend rivierbed' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor:

a.

Het beschermen en behouden van de beschikbare afvoer- en bergingscapaciteit van het

b.

Het behouden van de mogelijkheid tot rivierverruiming door verbreding en verlaging.

rivierbed;

33.1.2 Voor

zover

de

gronden

tevens

zijn

gelegen

binnen

de

overige

aangewezen

dubbelbestemmingen, bestemmingen en aanduidingen, zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met in-achtname van de voorrangsregels uit artikel 44.

33.2

Bouwregels

33.2.1 Stroom voerend rivierbed

Op de tot 'Waterstaat - Stroom voerend rivierbed' bestemde gronden mogen geen bouwwerken warden opgericht. Bestaande bouwwerken mogen in hun huidige omvang warden gehandhaafd. 33.2.2 Bergend rivierbed

Terplaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waterstaat - bergend rivierbed' mogen in afwijking van het bepaalde onder 22.2.1 wel bouwwerken warden opgericht, mits voldaan wordt aan de

volgende voorwaarden: De situering en uitvoering van bouwwerken dient zodanig te zijn dat het veilig functloneren

van waterstaatswerken is gewaarborgd; De situering en uitvoering van bouwwerken dient zodanig te zijn dat er geen sprake is van een

feitelijke belemmering van toekomstige vergroting van de afvoer- of bergingscapaciteit; De situering en uitvoering van bouwwerken dient zodanig te zijn dat de waterstandsverhoging of de afname van het bergend vermogen zo gering mogelijk is;

De resterende, blijvende waterstandseffecten of de afname van het bergend vermogen moeten duurzaam warden gecompenseerd, waarbij de financiering en tijdige realisering van de maatregelen gezekerd moet zijn.

33.3 Ontheffing van de bouwregels 33.3.1 Ontheffing oprichten bouwwerken

Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen ten behoeve van:

a.

De volgende riviergebonden activiteiten:

1.

De aanleg of wijziging van waterstaatkundige (kunst)werken;

10

2.

De realisatie van voorzieningen voor een betere en veiligere afwikkeling van de beroeps- en recreatievaart;

3.

De realisatie van natuur;

4.

De realisatie van voorzieningen die onlosmakelijk met de waterrecreatie zijn verbonden;

5.

De winning van oppervlaktedelfstoffen;

b.

De volgende niet-rivier gebonden activiteiten:

1.

Een activiteit met een groot openbaar belong die redelijkerwijs niet buiten het rivierbed kan worden gerealiseerd;

2.

Een

activiteit met

een

zwaarwegend bedrijfseconomisch

belong

voor

bestaande

grondgebonden agrarische bedrijven die redelijkerwijs niet buiten het rivierbed kan worden

gerealiseerd;

3.

Een activiteit die per soldo meer ruimte voor de rivier oplevert op een rivierkundig bezien aanvaardbare locatie;

Mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

De situering en uitvoering van bouwwerken dient zodanig te zijn dat het veilig functioneren

van waterstaatswerken is gewaarborgd; De situering en uitvoering van bouwwerken dient zodanig te zijn dat er geen sprake is van een feitelijke belemmering van toekomstige vergroting van de afvoer- of bergingscapaciteit;

De situering en uitvoering van bouwwerken dient zodanig te zijn dat de waterstandsverhoging

of de afname van het bergend vermogen zo gering mogelijk is; De resterende, blijvende waterstandseffecten of de afname van het bergend vermogen moeten duurzaam worden gecompenseerd, waarbij de financiering en tijdige realisering van

de maatregelen gezekerd moet zijn; Specifiek voor bouwwerken ten behoeve van de onder b.3. Genoemde activiteiten, de

gevraagde rivierverruimingsmaatregelen genomen worden, waarbij de financiering en tijdige

realisering van de maatregelen gezekerd moet zijn;

De andere aan deze gronden gegeven bestemmingen moeten het oprichten van bouwwerken

toelaten. Conclusie

De bovenstaande wetgeving op het gebied van stroom voerend rivierbed zorgt ervoor dat er nader overleg met Rijkswaterstaat plaats heeft moeten vinden betreffend de algemene beperkingen die gelden in de planlocatie. Er zijn gedurende de tweede helft van 2020 meerdere gesprekken geweest tussen Greenbuddies en Rijkswaterstaat waaruit blijkt dat Rijkswaterstaat vooralsnog een positieve houding in neemt voor de ontwikkeling van het zonnepark. Betreffend alle hierboven genoemde voorwaarden ontstaan er geen belemmeringen vanuit aspecten zoals veiligheid, waterstandseffecten of waterberging capaciteit. In conclusie kan er worden geconstateerd dat de bouwregels betreffend een stroom voerend rivierbed geen belemmeringen veroorzaken in de planlocatie.

11

3.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking

In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) de ladder voor duurzame verstedelijking geintroduceerd om de schaarse ruimte zo zorgvuldig mogelijk te gebruiken. Per 1 juli 2017 luidt het tweede lid van art 3.1.6 als voIgt: "De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaandstedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stede/ijk gebied in die behoefte kan worden voorzien." De eerste vraag die hierbij naar voren komt is of een zonneweide dient te worden gezien als 'stedelijke ontwikkeling'. Volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’, is een zonneweide niet aan te merken als stedelijke ontwikkeling in de zin van de zogenaamde 'Ladder voor duurzame verstedelijking'. Dit betekent dat een toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking niet van toepassing is.

Desalniettemin is sprake van veel behoefte aan duurzame energieprojecten, waaronder zonneparken. De Rijksoverheid wil dat in 2020 14% van alle gebruikte energie in Nederland uit duurzame bronnen komt en in 2030 moey dat minimaal 27% zijn. In 2050 moet de energievoorziening bijna helemaal duurzaam zijn. Een transitie naar een duurzame energievoorziening is van zeer groot belang vanwege de afnemende beschikbaarheid van fossiele brandstoffen en van Internationale energieleveranciers, ook wordt het tegengaan van de klimaatverandering als cruciaal gezien. Zonne-energie speelt een steeds grotere rol om ervoor te zorgen dat Nederland in 2050 een duurzaam energiesysteem heeft. Door middel van zonnepanelen wordt de straling van de zon omgezet naar elektriciteit zonder dat er CO2 bij vrijkomt, samen met windenergie is het de belangrijkste vorm van energie waarvan Nederland wil profiteren om een duurzaam energiesysteem te realiseren. Om voldoende duurzame energie op te \wekken en de toenemende energie eisen van onze samenleving voor te blijven, zijn zowel zonnepanelen op daken als op de grond nodig. Met het voorliggende initiatief wordt hieraan bijgedragen. Conclusie

Geconcludeerd kan worden dat het voorstel Zonnepark Osen direct bijdraagt aan nationale, provinciale en gemeentelijke stappen die worden gezet voor het verduurzamen van het Nederlandse Energiesysteem met betrekking tot de ladder van duurzame verstedelijking. Hoewel zonneweides niet per se binnen het kader van een 'stedelijke ontwikkeling' valt, is het voorgestelde project deel van Gemeente Maasgouw, liggend aansluitend op het bewoonde gebied, maar niet direct in zicht. Er is gebleken uit uitspraken door de raad van state dat zonneweides in het algemeen zich niet goed lenen om binnen een bestaand stedelijk gebied te worden gerealiseerd. De locatie kan dus als zeer passend beoordeeld worden aangezien het geen overlast geeft aan omwonenden ondanks dat het dicht bij de bebouwde kom is gesitueerd.

* ABRvS 23 januari 2019, ECLI:NL:RVS:2019;178.

12

3.1.3 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)

De AMvB Ruimte wordt in juridische termen aangeduid als Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Met uitzondering van enkele onderdelen is het Barro eind december 2011 in werking getreden. Hierna zijn nog enkele aanvullingen/wijzigingen in werking getreden. In de AMvB zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. De AMvB Ruimte is gericht op doorwerking van de nationale belangen in bestemmingsplannen. Het gaat om de

volgende nationale belangen: Rijksvaarwegen. Project Mainportontwikkeling Rotterdam. Kustfundament. Grote rivieren. Waddenzee en waddengebied. Defensie. Hoofdwegen en landelijke spoorwegen. Elektriciteitsvoorziening. Buisleidingen van nationaal belang voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. Natuurnetwerk Nederland (NNN). Primaire waterkeringen buiten het kustfundament. IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte). Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. Ruimtereservering parallelle Kaagbaan.

Conclusie Het plangebied voor zonnepark Osen heeft te maken met drie van de bovenstaande nationale belangen: grote rivieren aangezien het project langs de Maas ligt, Elektriciteitsvoorziening aangezien het voorgenomen project grootschalig elektriciteit op gaat wekken, en primaire waterkeringen buiten het kustfundament aangezien aan de zuidkant van de planlocatie een dijk ligt. De planlocatie ligt in een stroom voerend rivierbed, hierbij komt Artikel 2.4.4 van het Besluit Algemene Regels Ruimtelijke Ordening van pas, deze is nauw verbonden met Artikel 33 van Rijkswaterstaat betreffend stroom voerend rivierbed. In het zojuist benoemde artikel 2.4.4 wordt toegelicht betreffend de uitzonderingen die worden gemaakt voor projecten die op een stroom voerend rivierbed uitgevoerd kunnen worden. De opwekking van zonne-energie en windenergie wordt toegestaan indien het project niet redelijkerwijs buiten het rivierbed gerealiseerd kan worden. Dit is wat betreft zonnepark Osen het geval, er is beperkte ruimte beschikbaar in de regio waar het voorgestelde project niet storend is bij bewoners en natuurgebied. De planlocatie is ideaal aangezien er geen zicht op is vanuit natuurgebieden of omwonende gebieden. De uitzondering in artikel 2.4.4 in het Barro geld dus in dit geval - betreffend grote rivieren zijn er geen belemmeringen.

Betreffend artikel 2.8 (elektriciteitsvoorziening) in het Barro zijn er geen belemmeringen betreffend het voorgestelde zonnepark Osen, aangezien het een duurzaam initiatief is dat minder dan 500MW opwekt.

De dijk ten zuiden van het plangebied valt onder het begrip 'waterkering buiten het kustfundament’. Hierdoor is Greenbuddies het afgelopen half jaar veel in gesprek geweest met Rijkswaterstaat. Belangrijk is dat de huidige functie van de dijk op geen enkel punt belemmerd wordt door het voorgestelde zonnepark Osen. Het zonnepark zal komen te liggen achter de dijk, waardoor het pad op

13

de dijk noch de dijk zelf aangetast zou worden. Wei is er overleg met Rijkswaterstaat over de mogelijkheid om bepaalde omvormers en degelijke niet-overstroming bestendige materialen op een verhoogt gebied te plaatsen, het meest voor de hand liggend verhoogt gebied is tegen de dijk aan. Deze discussies lopen tot zover positief en zullen in de komende maanden worden voortgezet.

3.2 Provinciaal beleid 3.2.1 Provinciaal omgevingsplan Limburg 2014 Op 12 december 2014 is het Provinciaal Omgevingsplan 2014 (POL2014) vastgesteld. In het POL2014 is op de kaart 'Zonering Limburg' een onderscheid gemaakt in diverse soorten gebieden, elk met eigen herkenbare kernkwaliteiten. Voor de verschillende zones liggen er verschillende opgaven en ontwikkelingsmogelijkheden.

De geconsolideerde versie van het POL2014 schetst een ambitieus beeld van hoe de energietransitie het meest effectief doorgezet kan worden. Hierbij wordt in sectie 5.5.2 geconstateerd dat ca 1200 windturbines van 3MW of meer nodig zijn - er wordt vastgesteld dat dit vanwege beperkte ruimte en draagviak voor windturbines in Limburg geen mogelijkheid is. Vervolgens richt het POL2014 zich op de inzet van beide grootschaligen dakoppervlak zonne-energie. Om een realistisch alternatief voor de 1200 windturbines te creeren zou er ca 80 km^ aan zonneparken moeten komen. Dit zou 14% van het Limburgs energieverbruik van duurzame oorsprong creeren. Duurzame energie

In het POL2014 wordt het versnellen van de energietransitie als een belangrijke uitdaging gezien. Op het gebied van energie is er een forse transitie nodig naar energiebesparing en duurzame opwekking om ervoor te zorgen dat landelijke, provinciale en gemeentelijke ambities. Daarvoor moeten alle mogelijke duurzame bronnen waar mogelijk ingezet worden. De Limburgse ambitie is gericht op een transitie naar een schone, betaalbare en leveringszekere energievoorziening die positief samengaat met, en bijdraagt aan regionale economische ontwikkeling, innovatie, werkgelegenheid en het aanpakken van het klimaatprobleem. Hierbij wordt aangesloten bij de nationale doelstellingen voor de energietransitie - in de vorige secties toegelicht.

In het POL2014 is aangegeven dat duurzaam opgewekte energie uit bronnen komt die hernieuwbaar zijn (wind, water, zon, biomassa). Het aandeel ervan is ten tijde van de vaststelling van het POL2014 ingeschat op 3 tot 4%. De inzet is om dit aandeel te laten toenemen tot 14% in 2020, conform het Nationaal Energieakkoord. Hierbij wordt zoveel mogelijk ingezet op een lokale of regionale aanpak, waarbij de uitgaven voor energie zo veel mogelijk ten goede komen aan de Limburgse economie. Regionale energievisies nemen in de aanpak van duurzame energie een belangrijke plaats in. Deze regionale energievisies worden opgesteld door de regionaal samenwerkende gemeenten en provincies in samenspraak met marktpartijen. Hierin zullen de volgende aspecten worden uitgewerkt: huidig energieverbruik, besparingsopties, mogelijkheden voor hernieuwbare energieopwekking, het ruimtebeslag van deze mogelijkheden en de economische effecten. Dit moet uitmonden in concrete opgaven en aanpak per regio. De regionale energievisie wordt momenteel uitgewerkt in de 'Regionale Energie Strategie Noord- en Midden-Limburg'. Vatstelling hiervan is vooralsnog voorzien in 2021.

14

Conclusie

Betreffend het voorgestelde zonnepark Osen zijn er geen belemmeringen vanuit het provinciaal beleid, noch in het POL2014 noch de voortkomende RES Noord-Midden Limburg. In beide deze beleidstukken wordt aangegeven dat windenergie op grote schaal te veel ruimte in neemt en er is weinig draagviak voor. Hierdoor moet er gericht worden op zonne-energie (grootschalig en boven op daken van o.a. bedrijfsterreinen). Zonnepark Osen zal actief bijdragen aan de verduurzaming van de provincie Limburg voor de komende 25 jaar, daardoor wordt het bereiken van de doelen geconstateerd in het POL2014 zowel als de RES Noord-Midden Limburg versnelt zonder de belemmeringen die grote windturbines met zich meebrengen. 3.2.2 Omgevingsverordening Limburg 2014

De provincie Limburg heeft op 12 december 2014 de Omgevingsverordening Limburg 2014 vastgesteld. Hierin staan de regels die nodig zijn om het omgevingsbeleid van het POL2014 juridische binding te geven.

3.3 Regionaal en gemeentelijk beleid 3.3.1 Regionale Energie Strategie Noord- en Midden-Limburg

De gemeenten in Noord— en Midden-Limburg werken gezamenlijk aan een 'Regionale Energie Strategie' (RES). In de RES staan concrete maatregelen waarmee de regio gaat bijdragen aan de overkoepelende doelstellingen en afspraken zoals vastgelegd in het nationale Klimaatakkoord als uitwerking van de Internationale klimaatafspraken van Parijs (2015). Deze dienen uiteindelijk te leiden tot een CO2-reductie in 2030 van ten minste 49% ten opzichte van het jaar 1990.

Om de plannen uit te werken is Nederland opgedeeld in 30 regio's. Maasgouw maakt onderdeel uit van de regio Noord- en Midden-Limburg Een van de belangrijkste doelstellingen voor de 30 regio's betreft het realiseren van in totaal 35 terra wattuur (TWh) aan opwekkingscapaciteit voor duurzame elektriciteit met windturbines op land ("wind—op—land") en zonneweides ("zon-op-land") per 2030. Dat is naast de 49 TWh die gaat worden opgewekt via windmolens op zee en de 7 TWh (kleinschalige opwekking) middels zonnepanelen op daken.

Binnen de regio Noord en Midden-Limburg wordt gewerkt aan de RES, die in 2021 gereed zal zijn. In de op 21 april 2020 vastgestelde 'Uitgangspuntennotitie RES' is aangegeven dat sprake zal zijn van een energiemix voor Noord en Midden-Limburg die bestaat uit een combinatie van verschillende technologieen gekoppeld aan nieuwe innovatieve vormen van opwekking. Op basis van de Quintestudie Energietransitiemodel (ETM), d.d. 15 augustus 2019 is aangegeven dat voor de regio een potentie wordt voorzien van 1,0 tot 1,4 Twh aan zonne-energie in 2030. De constructie van Zonnepark Osen binnen de planlocatie draagt bij aan het bereiken van deze doelstelling.

15

3.3.2 Structuurvisie Maasgouw 2030 De gemeenteraad van Maasgouw heeft op 5 juli 2012 de 'Structuurvisie Maasgouw 2030' vastgesteld. In de structuurvisie is het ruimtelijk beleid van de gemeente Maasgouw per thema behandeld. Vervolgens is er per gebied een visie uitgewerkt. Energie Ten aanzien van duurzame energieopwekking is aangegeven dat Windturbines een groot visueelruimtelijk effect op open ruimten hebben. De verstedelijking wordt over een groot gebied zichtbaar en ook treden nadelige effecten op voor de vogelstand en is sprake van een toename van de geluidsbelasting. Dit maakt toepassing van windturbines in of aansluitend op het verstedelijk gebied van Maasgouw niet reeel en wenselijk. Aangegeven is dat het rendement van maatschappelijke investeringen in deze wijze van energieopwekking doelmatiger kan worden aangewend door te participeren in een van de regionale windenergiecentra, zoals deze vooral in de open landschappen op Duits grondgebied worden ontwikkeld.

Het afwijzen van windenergie als duurzame energiebron betekent dat in Maasgouw krachtig naar toepassing van overige duurzame energiebronnen wordt gestreefd. Aangegeven is dat nieuw, aanvullend beleid dient te worden ontwikkeld. Zo moet de gemeente samen met ondernemers innovatieve projecten initieren op het gebied van duurzame energievoorziening met zonne-energie, bodemwarmte en biomassa. Vanuit deze achtergrond past de realisatie van de zonneweide binnen het besluitgebied binnen het algemene gemeentelijke streven naar verduurzaming van energieopwekking.

16

Legenda ■•tiHK en landidiap umnwotn

rwtuur

ntauwvnaluur/agrMKhnMuurtMheB r"1 plaucrr CS! nmnZOOO I.JjwwwpU. / recreaiiaplM 4—»KologlKh>Mrfainding l.nauurpiai

P771 KologMch* owbandinguont

CO landbouw

book

Hierboven op de kaart te zien is de structuurvisie van gemeente Maasgouw. Doordat het betreffende gebied tot voor kort nog een natuurbestemming was, is dit nog in groen gekleurd. Echter staat de piji er die aangeeft dat het betreffende gebied naar landbouw is veranderd. Dit maakt het mogelijk om zonnepark Osen te realiseren.

Conclusie Het gemeentelijk beleid van de gemeente Maasgouw is geheel in overeenstemming met het voorgestelde zonnepark Osen. Dit is voornamelijk door het feit dat gemeente Maasgouw zich wil inzetten op het ontwikkelen van duurzame energiebronnen anders dan grote windturbines (deze hebben weinig draagviak). Zonne-energie op grote schaal is een goede oplossing hiervoor, parken blijven staan voor een duur van 25 jaar waardoor originele agrarische bestemmingsplannen weer kunnen worden voortgezet. Het betreffende gebied heeft geen bestemmingsplannen die van belang zijn voor de uitbereiding van de bebouwde kom, en is daardoor geen belemmering voor de lokale bevolking - meer hierover en over het algemene draagviak is te vinden in hoofdstuk 5.

17

Hoofdstuk 4: Onderzoek aspecten 4.1 Archeologie en Cultuurhistorie

4.1.1 Archeologie Op onderstaande kaart is te zien dat het betreffende gebied geen archeologische waarden heeft. Dit is vastgesteld onder andere door het feit dat de drie percelen (HEEOIC O3850GOOOO, HEEOIC 04348G0000, HEEOIC 04743G0000) afgegraven zijn voor grindwinning. Hierdoor is er geen kans op archeologische vondsten in de toekomst. De betreffende percelen aan de noord/oost kant van het gebied hebben een archeologische waarde die als "laag" is vastgesteld.

18

Conclusie Het kan worden geconcludeerd dat er op het vlak van archeologie geen belangen in het betreffende gebied zijn door onder andere het ontgrinden dat in het verleden al heeft plaatsgevonden. De overige percelen zijn niet beoordeeld als waardevol vanuit een archeologisch perspectief. Het is duidelijk dat het voorgestelde Zonnepark Osen geen negatieve invioed heeft op archeologische waarden.

4.1.2 Cultuurhistorie Geconstateerd kan worden dat - uit de kaarten van ruimtelijke plannen (zie 4.1.1) - er geen cultuurhistorische elementen in of rondom het betreffende gebied liggen. Ten noordwesten van het plangebied ligt een AMK-terrein met nummer 16.748. Dit terrein ligt aan de overkant van het water & recreatiegebied "De Slaag". Het plangebied voor Zonnepark Osen is van uit water & recreatiegebied "De Slaag" niet zichtbaar.

Conclusie Er zijn geen cultuurhistorische factoren in de directe omgeving die negatief worden aangetast door het voorgestelde Zonnepark Osen.

4.2 Bedrijven en milieuzonering

Het voorgestelde gebied ligt uit het zicht van de bewoners in gemeente Maasgouw, en wordt verder afgeschermd van recreatie activiteiten (bijvoorbeeld plezierbootjes) door een bomen-en-struik randt die zal worden bijgehouden. Verder kan er geconcludeerd worden dat er geen belangen van bedrijven op het gebied zijn die gehinderd zouden kunnen worden door het voorgestelde projectZonnepark Osen. Er lopenelektriciteitskabels boven de drie noordoostelijke percelen (HEEOIC 04416G0000, HEEOIC 03841G0000, HEEOIC 03845G0000) - deze worden beheerd door Tennet. Volgens procedure wordt Tennet op voorhand op de hoogte gesteld van alle betreffende plannen - geconcludeerd kan worden dat er geen hinder voor bedrijven in de omgeving kan worden veroorzaakt door het plan zonnepark Osen. 4.3 Bodem De constructie van een zonnepark houdt in dat er palen verankerd worden in de bodem (zie 2.2.1). Hierdoor is er geen sprake van afvoer van grond. Ook is te zien in de vorige paragrafen dat er geen belangen zijn met betrekking tot archeologie en cultuurhistorie. Kortom, er zijn geen hindernissen voor het plaatsen van zonnepanelen voor wat betreft de bodem van het geplande gebied.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Maasgouw&id=ffaf31f3-7a02-4904-a358-7232129b6d24