Bijlage 2 'Mobiliteitsplan 2026-2035 Gemeente Maasgouw'
Tekst van het document
Mobiliteitsplan 2026 - 2035 Gemeente Maasgouw 1
RA+ ingenieurs is de handelsnaam van RA Infra B.V., ingeschreven bij de KvK onder nummer 17106713
Sittard 6135 KB | 7
Colofon
Valkenswaard 5552 CL | 4
Referentie
Vught 5261 LM | 12
Onze referentie: 24073.1 D.14 RAmobiliteit 02-D dhe Datum: 21 juli 2025 Revisie: D Datum revisie: 21 oktober 2025
Opdrachtgever Gemeente Maasgouw Maasbracht
Contactpersoon
Contactpersoon RA+ ingenieurs
Bram Teeuwen
Dirk van der Heijden
Auteur(s) Dirk van der Heijden
Steven Boelaars
d.vdheijden@ra-plus.nl
s.boelaars@ra-plus.nl
Adviseur verkeer & mobiliteit
Projectingenieur verkeer & mobiliteit
RA+ ingenieurs B.V. is ingeschreven bij de kamer van koophandel onder nummer 17106713. Op de dienstverlening van RA+ ingenieurs is De Nieuwe Regeling 2011 (DNR 2011) van toepassing, welke op ra-plus.nl/rechtsverhouding-dnr2011/ is in te zien. RA+ ingenieurs verwerkt uw persoonsgegevens met inachtneming van de geldende wet- en regelgeving. In onze privacyverklaring wordt u hierover nader geïnformeerd. De privacyverklaring treft u aan op onze website ra-plus.nl/privacyverklaring/. RA+ ingenieurs aanvaardt geen aansprakelijkheid behoudens voor zover de door RA + ingenieurs verplicht afgesloten beroepsaansprakelijkheidsverzekering in voorkomend geval aanspraak op een uitkering geeft.
ra-plus.nl
Inhoud
3
1.
Algemeen
5
6.
Bereikbaar
34
1.1. 1.2. 1.3.
Een nieuw mobiliteitsplan Totstandkoming Opbouw & leeswijzer
5 6 6
6.1. 6.2. 6.3.
Behouden en versterken bereikbaarheid Openbaar vervoer Vrachtverkeer
34 34 36
2.
Situatieschets
8
7.
Aantrekkelijk & leefbaar
38
2.1.
Waar staan we nu?
8
3.
Mobiliteitsvisie
13
7.1. 7.2. 7.3.
Verhogen kwaliteit leefomgeving Balans leefomgeving en bezoekersstromen Parkeren
38 38 39
3.1. 3.2.
Wat willen we bereiken? Uitwerking in vier bouwstenen
13 13
8.
Programma
43
8.1. 8.2.
Aan de slag Meerjarenuitvoeringsprogramma
43 43
4.
Verkeersveilig
16
4.1. 4.2. 4.3.
Maak van de nul een punt Veilige infrastructuur Veilig verkeersgedrag
16 16 23
5.
Duurzaam & gezond
26
5.1. 5.2. 5.3.
Verduurzamen verplaatsingsgedrag Actieve mobiliteit Duurzame mobiliteitsvormen
26 26 30
4
1.
Algemeen
1.1.
Een nieuw mobiliteitsplan
Maasgouw
wordt
gezien
als
een
rekening houdt met de actuele (beleids-)ontwikkelingen op lokaal en bovenlokaal niveau.
aantrekkelijke
woon-
en
recreatiegemeente. Op- en aan de Maasplassen vindt veel toerisme en recreatieve
bedrijvigheid
plaats.
De
historische
kernen
en
natuurgebieden zijn trekpleisters voor recreanten, zowel uit Maasgouw als daarbuiten. In de dorpen is het goed wonen en werken, in een landschappelijk
fraaie
omgeving
en
de
natuur
dichtbij
[bron:
Omgevingsvisie Maasgouw 2022].
Met al deze voorzieningen ontstaat ook een mobiliteitsbehoefte bij verschillende doelgroepen. Mobiliteit is over de jaren flink veranderd. Zo neemt onder andere de omvang van het verkeer toe en worden de voertuigen op de weg steeds groter. Samen met lokale (ruimtelijke) ontwikkelingen vraagt dit om een veilig en bereikbaar wegennet om Maasgouw ook de komende jaren aantrekkelijk te houden om te wonen, te ondernemen en te bezoeken/recreëren. In de afgelopen jaren heeft de gemeente Maasgouw aan de hand van het ‘Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan, Verkeersbeleid 2015-2025’ (GVVP) richting gegeven aan het beleid en maatregelen op het gebied van verkeer en mobiliteit. Met het verstrijken van de looptijd van het GVVP ontstaat tevens de behoefte aan een nieuwe integrale visie die
5
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet moet lokaal beleid worden verankerd in het gemeentelijk omgevingsplan. Hierin komt de (fysieke) leefomgeving centraal te staan bij de implementatie van een nieuw mobiliteitsbeleid. Verkeer en mobiliteit maakt integraal onderdeel uit van de Omgevingsvisie en is ook een opgave van de Omgevingsvisie Maasgouw (2022). Vanuit het voorgaande is de behoefte aanwezig voor een actueel mobiliteitsplan voorzien van een programma met opgaven voor het bereiken van de visie.
1.2.
Totstandkoming
De visie – wat willen we bereiken – staat in hoofdstuk 3. De opgaven bij deze visie zijn opgehangen aan vier bouwstenen. De uitwerking ervan is
Het mobiliteitsplan zien we als een plan van en voor de Maasgouwse
per bouwsteen omschreven in de hoofdstukken 4 t/m 7. Tenslotte staat
samenleving. Dit beleidsplan, inclusief de bijbehorende situatieschets, is
in hoofdstuk 8 het programma wat we in de komende periode gaan doen
opgemaakt in overleg met:
qua maatregelen en activiteiten.
+
de verschillende beleidsdomeinen binnen de gemeente;
+
inwoners van de gemeente Maasgouw (enquête als onderdeel van de situatieschets);
+
externe stakeholders, waaronder: een vertegenwoordiging van dorpsraden, werkgroepen, basisscholen, Fietsersbond, sociaal inclusiepanel en ondernemers(verenigingen).
+
1.3.
de gemeenteraad (via themabijeenkomsten).
Opbouw & leeswijzer
Bij aanvang is allereerst in beeld gebracht waar we nu staan en met welke ontwikkelingen we te maken hebben op het gebied van mobiliteit (= situatieschets). De resultaten van deze stap zijn in de bijbehorende achtergrondrapportage ‘Mobiliteitsplan 2026 – 2035’ opgenomen. In hoofdstuk 2 zijn de belangrijkste bevindingen van de situatieschets verwoord.
6
7
2.
Situatieschets
2.1.
Waar staan we nu?
De situatieschets staat aan de basis van dit mobiliteitsplan. Het is een samenvatting van de analyse die heeft plaatsgevonden naar de stand van zaken, aandachtspunten, opgaven en kansen op het gebied van verkeer en mobiliteit. Hiervoor is gebruik gemaakt van de input van inwoners uit een
enquête
en
participatiebijeenkomsten
met
stakeholders.
Aanknopingspunten vanuit andere beleids- en uitvoeringsplannen zijn daarbij meegenomen. Voor meer gedetailleerde achtergrondinformatie wordt verwezen naar de achtergrondrapportage behorende bij dit mobiliteitsplan. Unieke structuur en kernkwaliteiten Maasgouw heeft door het waterlandschap een unieke ruimtelijke structuur.
Hierdoor
zijn
vier
verschillende
deelgebieden
te
onderscheiden, namelijk: ‘Brachterland’, ‘Eiland in de Maas’, ‘Land van Thorn’ en ‘Rondom Heel’. Elk deelgebied heeft zijn kernkwaliteiten die bijdragen aan de omgevingskwaliteit en ruimtelijke beleving van het landelijke gebied. Zo dragen Stevensweert, Thorn en Wessem bij aan de cultuurhistorie. En hebben Beegden en Ohé en Laak een fraaie landschappelijke omgeving. Door het vele water staat (water)recreatie centraal in en rondom verschillende kernen. De gemeente bestaat uit 10 kernen waarbij Maasbracht en Heel een centrumfunctie vervullen.
8
Kwaliteit fysieke leefomgeving terugkerend thema
Met de verdere vergrijzing van de bevolking in Maasgouw blijven ouderen
Verschillende lokale en bovenlokale beleids- en uitvoeringsplannen zijn
een belangrijke risicogroep.
gescand op de betekenis voor verkeer en mobiliteit. Dit voor de verbinding met andere beleidsthema’s en domeinen (integraliteit). In het geheel gezien is het behoud en het versterken van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving het terugkerend thema. Dit is de lijn waaraan de beleidsdocumenten zijn opgesteld. Deze leefomgeving moet uitnodigend zijn en inclusief zijn zodat een ieder (veilig) kan deelnemen aan het verkeer. Verkeersveiligheid blijft een aandachtspunt Het aantal ongevallen en slachtoffers schommelt over de afgelopen jaren. In de jaren 2023-2024 is het aantal ongevallen en slachtoffers licht toegenomen ten opzichte van het gemiddelde in de jaren ervoor.
Figuur 2: verkeersslachtoffers naar vervoerswijze 2020-2024
Het ongevallenbeeld op de gemeentelijke wegen is vrij verspreid. Vanuit een risicogestuurde aanpak komen wel aandachtslocaties naar voren. Dit zijn vooral 50 km/uur wegen door de kernen. Snelheid is daarbij een belangrijke
indicator
voor
het
veiligheidsrisico.
De
grootste
snelheidsovertredingen doen zich vooral voor op de doorgaande wegen
Figuur 1: ongevallenbeeld 2020-2024 gemeente Maasgouw
in en tussen de kernen. Overige aandachtslocaties zijn schoolroutes en schoolomgevingen. Enkele gebieden, zowel binnen als buiten de
Kijkend naar de betrokkenen zien we dat bij de doelgroep kwetsbare
bebouwde kom zijn nog niet ingericht als verblijfsgebied (30 en 60 km/u-
verkeersdeelnemers
zones). Vanuit de stakeholders is aangegeven dat diverse bestaande 30
relatief
veel
ongevallen
met
slachtoffers
plaatsvinden. De groepen waarin de meeste slachtoffers voorkomen zijn jongeren (12 t/m 24 jaar) en ouderen (60 jaar en ouder).
9
km/u-zones niet adequaat zijn ingericht.
Fietsgebruik blijft achter
aandachtspunt. Daarnaast wordt op diverse locaties overlast ervaren als
In de regio Midden Limburg wordt minder gefietst dan gemiddeld. De vele
gevolg van geluid en/of trillingen.
waterwegen zorgen voor uitdagingen/natuurlijke grenzen met betrekking tot de bereikbaarheid tussen (omliggende) kernen. Ondanks deze
Toerisme en recreatie verhoogt de druk op de leefbaarheid in
ruimtelijke structuur zien we potentie om het fietsgebruik te stimuleren.
verblijfsgebieden
Dit
Binnen Maasgouw gaat specifiek aandacht uit naar het toerisme en
is
zeker een uitdaging
bij
een toenemend
autobezit
en
-afhankelijkheid.
recreatie. Naast de voordelen is er ook een keerzijde door de verkeersaantrekkende werking van diverse voorzieningen in de
Bereikbaarheid is goed, aandachtspunten zijn er zeker
gemeente. Dit betreft zowel verblijfsaccommodaties als voorzieningen
De bereikbaarheid van Maasgouw wordt in het algemeen positief
voor dagrecreatie. Door de seizoensgebonden activiteiten zorgt dit op
gewaardeerd voor de verschillende vervoerwijzen. Door de ligging aan
piekmomenten voor extra bezoekersstromen met de auto. Het gevolg is
de A2, A73 en N273 is er snel een aansluiting te vinden op het
dat in diverse kernen (Ohé en Laak, Stevensweert, Thorn) knelpunten
hoofdwegennet.
worden ervaren die de leefbaarheid negatief beïnvloeden.
Het
openbaar
vervoer
bedient
alle
kernen.
Aandachtspunt zijn de aansluitingen op de A2 bij Maasbracht en Wessem. Dit zijn zogenaamde halve aansluitingen. Hierdoor lopen
Kansen voor verduurzamen verplaatsingsgedrag
bepaalde routes naar de A2 door verblijfsgebieden heen. De ligging van
Duurzaamheid
bedrijventerrein Koeweide (noorden van Maasbracht) zorgt voor vrachtverkeer door het centrumgebied. Dit is vanwege de verblijfsfunctie een ongewenste ontwikkeling.
is
een
belangrijk nationaal thema en komt
in
verschillende
beleidsplannen
van
de
gemeente Maasgouw terug. Op doorgaande wegen in de kernen staat de leefbaarheid en
Hierbij wordt een koppeling
verkeersveiligheid onder druk
gemaakt
Verschillende ‘doorgaande’ wegen in de kernen hebben relatief veel
mobiliteit. De auto is voor veel
verkeer te verwerken waardoor verkeersoverlast wordt ervaren. De
inwoners een belangrijk vervoersmiddel. Tegen 2030 moeten alle nieuwe
situatie wordt als onveilig ervaren en de oversteekbaarheid is daarbij een
auto’s in Nederland emissieloos rijden. De groei van het aantal elektrische
met
duurzame
auto’s in de laatste jaren zal zich dan ook voortzetten. De
10
laadinfrastructuur moet hier dan ook op aansluiten met een efficiënt laadnetwerk. Voorbereidingen hiervoor vinden plaats binnen de Regionale Aanpak Laadinfrastructuur Zuid 2024-2030. Voor het verduurzamen van het verplaatsingsgedrag liggen er kansen voor de fiets. Deelmobiliteit kan hier ook een bijdrage in leveren. Uit opgehaalde informatie blijkt dat er momenteel weinig interesse is voor het principe van (elektrische) deelauto’s.
11
12
3.
Mobiliteitsvisie
3.1.
Wat willen we bereiken?
Binnen de Omgevingsvisie is mobiliteit één van de omgevingswaarden
De kwaliteit van de fysieke leefomgeving staat centraal binnen deze bouwstenen. De fysieke leefomgeving is een terugkerend thema binnen diverse gemeentelijke beleids-/uitvoeringsplannen.
bij de beleidsuitvoering. Hierbij is mobiliteit geen doel op zich. Het gaat juist om het organiseren van deze mobiliteit op een (meer) duurzame manier. De visie van dit mobiliteitsplan richt zich dan ook op: een veilig en bereikbaar wegennet om de gemeente Maasgouw voor iedereen aantrekkelijk te houden om te wonen, te ondernemen en te bezoeken/recreëren.
3.2.
Uitwerking in vier bouwstenen Figuur 3: bouwstenen mobiliteitsplan
De visie vertalen we op hoofdlijnen door naar opgaven. Deze opgaven zijn gekoppeld aan vier bouwstenen. Deze bouwstenen geven richting aan waar we met mobiliteit aan willen bijdragen. Hierbij is aansluiting gezocht bij de beleidskaders en de resultaten van de situatieschets. Met de bouwstenen zetten we in op een:
13
1.
verkeersveilig Maasgouw
2.
duurzaam & gezond Maasgouw
3.
bereikbaar Maasgouw
4.
aantrekkelijk & leefbaar Maasgouw
Verkeersveilig Maasgouw Binnen onze gemeente willen we dat zoveel mogelijk weggebruikers zich veilig voelen in het verkeer. Verkeersveiligheid heeft dan ook hoge prioriteit. Dit wordt een steeds grotere uitdaging met een toenemende verkeersomvang en nieuwe vervoersmiddelen die steeds sneller zijn en meer ruimte claimen. Denk hierbij aan de opkomst van elektrische fietsen, bakfietsen en fatbikes. De (ongeval)risico’s zien we ook terug bij onze kwetsbare verkeersdeelnemers zoals kinderen en ouderen. Daar
willen we iets aan doen. Niet alleen ter bescherming van deze
vervoer en per fiets. Dit ondanks de ruimtelijke structuur met
doelgroepen, maar ter bescherming van iedereen.
waterwegen. Juist deze bereikbaarheid willen we behouden en waar mogelijk versterken.
Daarnaast draagt de verkeersveiligheidsaanpak onder andere bij aan het terugdringen van de maatschappelijke kosten en gelijke kansen voor een
Een goede bereikbaarheid voor onze samenleving draagt bij aan:
ieder. Een veilige inrichting zorgt ervoor dat kwetsbare groepen ook
economische groei en werkgelegenheid, sociale verbondenheid en
kunnen deelnemen aan het verkeer.
toegankelijkheid van voorzieningen. Ondanks de goede bereikbaarheid zijn er diverse locaties waar overlast wordt ervaren van (doorgaand) verkeer. Minder overlast heeft een positief effect op de kwaliteit van onze
Duurzaam & gezond Maasgouw De gemeente Maasgouw is een aantrekkelijke gemeente om in te
leefomgeving.
verblijven. Wel zien we dat het gebruik van de auto nog altijd een belangrijke rol inneemt. Dat leidt op diverse locaties tot knelpunten. Daar
Aantrekkelijk & leefbaar Maasgouw
willen we verandering in aanbrengen door kansen te benutten voor het
Vanwege de unieke karakteristieken is Maasgouw een aantrekkelijke
verduurzamen van ons verplaatsingsgedrag. De fiets neemt hierin een
gemeente als het gaat om recreatie en toerisme. Niet alleen vanwege het
belangrijke rol in. Het fietsgebruik blijft in onze gemeente achter en daar
vele water, maar ook de historische kernen met een rijke geschiedenis
liggen
Naast
en aantrekkelijke fiets- en wandelroutes. Dit trekt op momenten veel
duurzaamheidsdoelen dragen meer verplaatsingen met de fiets of te voet
bezoekers/toeristen aan. Tegelijkertijd zorgt dit op (piek)momenten voor
bij aan de gezondheid van deze verkeersdeelnemers. Als gevolg
extra verkeer en belasting op de leefomgeving waardoor overlast wordt
profiteert de omgeving van minder verkeersoverlast door minder verkeer.
ervaren. De recreatie brengt ons namelijk ook veel, daarom is het goed
kansen
om
het
autogebruik
te
reduceren.
om daar balans in te vinden. Los van recreatie en toerisme, staat de eigen Bereikbaar Maasgouw Over het algemeen is Maasgouw per auto goed bereikbaar. Dit komt door de ligging aan de A2/A73 en aan de noordzijde met de provinciale weg N273 (Napoleonsbaan). Inwoners ervaren dat niet alleen voor de autobereikbaarheid, maar ook voor verplaatsingen met het openbaar
14
leefomgeving steeds meer onder druk door toenemend autobezit. Dit leidt tot een grotere vraag naar parkeermogelijkheden. Met kaders willen we richting aangeven hoe daar in de toekomst mee om te gaan. De volgende hoofdstukken geven de uitwerking van iedere bouwsteen weer waarbij is ingezoomd op de ambitie en de bijhorende opgaven.
15
4.
Verkeersveilig
4.1.
Maak van de nul een punt
Met het SPV wordt ingezet op een verkeersveiligheidsbeleid dat meer gebaseerd is op risicosturing: het voorkomen van ongevallen door de
Onze ambitie richten we op het verbeteren van de verkeersveiligheid
grootste risico’s binnen het verkeerssysteem – zoals gevaarlijke locaties,
door in te zetten op het:
omstandigheden of gedragingen – tijdig en doelgericht aan te pakken.
+ verminderen van het aantal verkeersslachtoffers (objectieve veiligheid); + minimaliseren
van
het
gevoel
van
verkeersonveiligheid
(subjectieve veiligheid);
4.2.
Veilige infrastructuur
Een veilige infrastructuur is van belang om het aantal ongevallen en
+ stimuleren van veilig verkeersgedrag en het ontmoedigen van onveilig verkeersgedrag.
slachtoffers terug te dringen en het gevoel van onveiligheid te minimaliseren. Daarnaast moet de weginrichting bijdragen om de kwetsbare verkeersdeelnemers zo veel mogelijk te beschermen. Dit
Met deze ambitie sluiten we ook aan op de ambitie van
het
Regionaal
Orgaan
Verkeersveiligheid
willen we bereiken door de volgende opgaven op te pakken: +
Limburg (ROVL): ‘Maak van de nul een punt’. De ambitie staat voor nul verkeersslachtoffers, want
conform de wegencategorisering; +
onveilige locaties (objectief / subjectief) onderzoeken en waar nodig aanpakken (meeliften met beheer/onderhoud);
ieder slachtoffer is één te veel. + Voor het bereiken van de ambitie zetten we met de opgaven in op een
realiseren van een herkenbare en eenduidige weginrichting
realiseren van veilige schoolomgevingen en schoolthuisroutes voor zowel basis- als voortgezet onderwijs.
veilige infrastructuur en veilig verkeersgedrag bij de verschillende doelgroepen. De opgaven sluiten aan op de risicothema’s van het
Weginrichting
Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) gemeente Maasgouw dat in
Om het verkeer veilig en vlot te kunnen afwikkelen over de wegen die
2023 is vastgesteld.
daarvoor geschikt zijn, werken we met een hiërarchische opbouw van het wegennet (wegencategorisering). Deze wegencategorisering is in lijn met
16
de visie van Duurzaam Veilig. Elke weg heeft hierin een duidelijke functie.
Stroomweg
Gebiedsontsluitingsweg
Herkenbaarheid en uniformiteit zijn hierbij belangrijk. Vanuit herkenbaarheid zijn wegen zo ingericht dat weggebruikers direct zien welk gedrag van hem/haar wordt verwacht.
En
voor
een
een
juiste
verwachting
helpt
uniforme
weginrichting.
Binnen
categorisering
onderscheiden
de
wegenwe
- 100 / 120 / 130 km/uur
- 80 km/uur
- rijrichtingscheiding fysiek
- rijrichtingscheiding fysiek / markering
- voorrang
(dubbele asstreep)
- oversteekvoorzieningen ongelijkvloers
- geen snelheidsremming - voorrang
landelijk de volgende wegfuncties die
- oversteekvoorzieningen bij
we ook in Maasgouw overnemen:
kruispunten
+
stroomwegen;
+
gebiedsontsluitingswegen;
+
erftoegangswegen.
Erftoegangsweg
Ieder wegtype heeft zijn eigen kwaliteitseisen. Het doel is om op termijn alle
wegen
in
te
richten
volgens
deze
kwaliteitseisen.
De
wegencategorisering moet dan ook als een wensbeeld worden gezien. Als dat niet helemaal lukt, zoeken we een oplossing die zo goed mogelijk past bij het mobiliteitsplan.
- 60 km/uur - kantmarkering bij wegen van hogere orde - snelheidsremming - voorrang gelijkwaardig - geen oversteekvoorzieningen (bij voorkeur)
Figuur 4: kwaliteitseisen wegen buiten de bebouwde kom
17
Gebiedsontsluitingsweg
Erftoegangsweg
In figuur 6 is het wensbeeld voor de wegencategorisering afgebeeld. Dit wensbeeld betreft een actualisatie op basis van het GVVP 2015-2025. Uitgangspunten bij deze actualisatie zijn: +
het merendeel van de wegen buiten de bebouwde kom heeft een maximumsnelheid van 60 km/uur;
+
binnen de bebouwde kom verlagen we de maximumsnelheden op een aantal wegen naar 30 km/uur. Dit geldt niet alleen voor verblijfsgebieden die nog niet in een 30 km/u-zone vallen, maar
- 50 km/uur
- 30 km/uur
- rijrichtingscheiding fysiek of /
- geen rijrichtingscheiding
markering (dubbele asstreep)
- voorrang gelijkwaardig
- voorrang
- snelheidsremming
- snelheidsremming eventueel op
- geen oversteekvoorzieningen (bij
kruispunten of oversteekvoorziening
voorkeur)
snelheden bijdragen aan de verkeersveiligheid. Niet alleen objectief
- parkeren in vakken naast de rijbaan
- parkeren op rijbaan / in vakken
(daling ongevalsrisico en letselsernst), maar ook subjectief (verbetering
Gebiedsontsluitingsweg 30 km/u
ook voor enkele ‘doorgaande’ wegen door kernen. Achterliggende gedachte bij de snelheidsverlagingen is dat lagere
ervaren verkeersveiligheid). Dit illustreren we aan de hand van de stopafstand – zie onderstaande afbeelding [www.vvn.nl]. Bij 50 km/uur is de totale stopafstand 26 meter. Wanneer een automobilist bij 30 km/uur plotseling moet stoppen dan bedraagt deze stopafstand 13 meter. De remweg neemt dan fors af.
-
30 km/uur
-
geen rijrichtingscheiding (1x2) / overrijdbare middenstrook strook (bij 2x1)
-
voorrang
-
snelheidsremming op kruispunten
-
oversteekvoorzieningen (bij voorkeur geconcentreerd oversteken)
-
parkeren in vakken naast de rijbaan
Figuur 5: kwaliteitseisen wegen binnen de bebouwde kom
18
Op basis van het wensbeeld zijn er nog diverse wegen en gebieden die in
aanmerking
komen
voor
een
snelheidsverlaging.
Deze
zijn
weergegeven in figuur 7. Onderstaand is een opsomming gemaakt van de verschillende wegen en gebieden binnen en buiten de bebouwde kom. Wegen afwaarderen van 80 naar 60 km/uur Op enkele wegen/wegvakken geldt nog een maximumsnelheid van 80 km/uur. Op de volgende wegen buiten de bebouwde kom is een snelheidsverlaging naar 60 km/uur beoogd. +
Heerstraat Zuid tussen Beegden en Heel;
+
Heelderweg en Heerbaan tussen Panheel en Heel;
+
Sint Antoniusstraat in Panheel;
+
Meers/Thornerweg tussen Thorn en Wessem;
+
Bunkerhaven in Maasbracht;
+
Stationsweg in Brachterbeek.
Achterliggende gedachte hierbij is dat 80 km/uur alleen acceptabel is bij: vrijliggende fietsvoorzieningen, een voldoende brede rijbaan en voldoende wegvaklengte waar de doorstroming veilig kan plaatsvinden. De Verlengde Oude Maasweg is bewust op 80 km/uur gehandhaafd. Dit om ‘sluipverkeer’ door de verblijfsgebieden van Stevensweert en Ohé en Laak
zoveel
mogelijk
te
voorkomen.
Uitvoering
van
de
snelheidsverlagingen op de diverse wegen lift waar mogelijk mee met het programma van Beheer en Onderhoud en het Meerjarenprogramma van Figuur 6: wensbeeld wegencategorisering
19
het Team Beheer Openbare Ruimte (BOR).
Wegen afwaarderen van 50 naar 30 km/uur Op de volgende wegen is binnen de bebouwde kom de functie van GOW30 beoogd. Dit is vooral ingegeven om de verblijfsfunctie meer centraal te stellen en dat de ruimte ontbreekt om deze wegen veilig in te richting bij een maximumsnelheid van 50 km/uur (aanwezigheid vrijliggende fietsvoorzieningen en behoud minimale doorstroming). +
Heerstraat Noord en Heerstraat Zuid in Beegden;
+
Heerbaan in Heel;
+
Heelderweg, Sint Antoniusstraat en Pater Jac. Schreursweg in Panheel;
+
Sportlaan in Stevensweert;
+
Tipstraat, Havenstraat, Echterstraat, Molenweg, Hoofdstraat, Kloosterstraat in Maasbracht;
+
Kruisweg, Kerkstraat, Kloosterstraat, Kempweg en Stationsweg in Brachterbeek.
Zoals gezegd passen bovenstaande wijzigingen in het beeld om toe te werken naar het wensbeeld. Dit vindt op termijn plaats door de koppeling te leggen met de meerjarenplanning van infrastructurele projecten en projecten waarbij bijvoorbeeld de riolering aan vervanging toe is (integrale aanpak). Vandaar dat er ook geen prioritering is meegegeven. De kansen voor vergroenen moeten hierbij worden meegenomen om zo hittestress en wateroverlast tegen te gaan.
Figuur 7: voorstel afwaardering snelheid voor diverse wegen en gebieden
20
Verblijfsgebieden inrichten naar 30 en 60 km/uur
voor de chauffeurs. Het effect op de reistijd bij een snelheidsverlaging
Binnen de gemeente bevinden zich nog enkele verblijfsgebieden die nog
van 80 naar 60 km/uur kan groter zijn. Met name de busmaatschappij ziet
niet ingericht zijn als een 30 km/u-zone (binnen de bebouwde kom) of 60
hier nog wel de nodige uitdagingen voor een betrouwbare lijnvoering.
km/u-zone (buiten de bebouwde kom). Deze gebieden willen we de
Wens is om vroegtijdig in het ontwerpproces betrokken te zijn om mee te
komende periode inrichten als verblijfsgebied. Het gaat dan om:
denken bij een nieuwe inrichting van de GOW30 en bij een snelheidsverlaging van 80 naar 60 km/uur.
+
60 km/u-zone omgeving Thorn;
+
30 km/u-zone Brachterbeek en Linne;
+
30 km/u-zone Stevensweert;
Bij een snelheidsverlaging moet niet alleen de aandacht uitgaan naar de
+
30 km/u zone Ohé en Laak – op verschillende wegvakken geldt
fysieke inrichting. Voor een aanpassing van het verkeersgedrag is het
nu nog een hogere snelheid. Deze wegvakken worden
tevens wenselijk om kansen te benutten als het gaat om voorlichting.
toegevoegd aan omliggende 30 km/u-zones; +
30 km/u-zone Maasbracht.
Komgrenzen Een
actie
uit
het
vorige
Vanuit de stakeholders is aangegeven dat diverse verblijfsgebieden
gemeentelijk
onvoldoende
de
Vervoerplan was het uniform
maximumsnelheid staat hier ter discussie. Kenmerken is onder andere:
inrichten van komgrenzen. Dit
brede rijbanen en het ontbreken van snelheidsremmende maatregelen.
zodat de snelheids-overgangen
zijn
ingericht.
De
geloofwaardigheid
van
Verkeer-
en
bij het in- en uitrijden van de bebouwde kom herkenbaar en
Afstemming busmaatschappij en Veiligheidsregio Bij
de
opmaak
van
dit
mobiliteitsplan
heeft
ook
afstemming
duidelijk zijn. Deze actie zetten
plaatsgevonden met de busmaatschappij en de Veiligheidsregio. Het
we
voort
en
maakt
ook
afwaarderen van 50 naar 30 km/uur geeft over het algemeen weinig
onderdeel
uit
van
het
problemen.
programma van het Strategisch
Van
belang
is
wel
dat
er
sprake
is
van
een
stabiele/betrouwbare lijnvoering. Behoud van voorrang en geen tot
Plan
weinig
gemeente Maasgouw. Overige
obstakels
dan
wel
barrières
inbouwen
(drempels
en
versmallingen). Niet alleen voor de reistijd, maar zeker ook arbotechnisch
21
Verkeers-veiligheid
komlocaties liften mee met herinrichtingen van de betreffende wegen.
Bij de (her)inrichting van wegen zijn voor de details de ontwerprichtlijnen
Een veilige schoolomgeving moet bijdragen om verplaatsingen met de
uit het ‘Handboek Inrichting Maasgouw 2023-2026’ (HIM) van de
fiets of te voet te stimuleren. Voor elke basisschool willen we een
gemeente Maasgouw van toepassing. Aanbevolen wordt om bij de
schoolzone realiseren. Een schoolzone is een omgeving die met
volgende
opvallende en herkenbare weginrichting de weggebruikers attendeert op
actualisatie
van
het
HIM
de
uitgangspunten
uit
dit
mobiliteitsplan waar relevant in te verwerken.
de aanwezigheid van een school. Serviceproviders kunnen helpen om het verkeer rond scholen veiliger te maken. Zo kan informatie over schoolzones worden gedeeld
Aanpak onveilige locaties Het objectieve ongevallenbeeld in Maasgouw is vrij verspreid, echte concentraties van ongevallen zijn er niet. Mocht dat in de toekomst wel zijn, willen we daar onderzoek naar doen om de aanleiding ervan te achterhalen. Dit om gerichte maatregelen te kunnen treffen. Dit geldt ook voor locaties die als onveilig worden ervaren.
acties. Eventuele maatregelen moeten veelal meeliften met het programma van beheer en onderhoud. Maar daarnaast is er altijd wel ruimte voor quick-win maatregelen om situaties te verbeteren. Denk aan
kleinschalige
maatregelen
zoals
verkeersborden
en
markeringen. Veilige schoolomgeving & routes Kinderen zijn een kwetsbare doelgroep in het verkeer. We willen stimuleren dat ze zoveel mogelijk met de fiets of te voet naar school komen. Dit is niet alleen gezond en duurzaam, maar bevordert ook de ervaringen in het verkeer voor zelfstandige deelname.
22
navigatiesystemen
en
reisapps.
Automobilisten
ontvangen
dan
een
waarschuwing
wanneer
ze
een schoolzone naderen of wanneer kinderen oversteken,
Er zijn geen (extra) middelen beschikbaar voor het oppakken van deze
hierbij
via
bijvoorbeeld bij het begin en einde van de schooldag. Op basis van een proef in 2024 op verschillende locaties in Nederland wordt gewerkt aan een landelijke uitrol. Basis hiervoor is dat er daadwerkelijk een schoolzone is ingericht en digitaal wordt ontsloten in betreffende databases. Voor een herkenbare en uniforme (weg)inrichting van deze schoolzone starten we in overleg met de basisscholen met de opmaak van een blauwdruk. Deze blauwdruk moet uiteindelijk de richtlijnen bevatten hoe deze zones uniform in te richten binnen Maasgouw.
4.3.
Veilig verkeersgedrag
Ongeveer 95% van de ongevallen ontstaan door een menselijke fout. Naast een veilige infrastructuur is het belangrijk om aandacht te hebben voor het verkeersgedrag. Met de inzet op veilig verkeersgedrag en het ontmoedigen van onveilig gedrag willen we ongevallen (en slachtoffers) zoveel mogelijk voorkomen. Om dit te bereiken richten de opgaven zich op het: +
continueren inzet op verkeerseducatie op basisscholen;
+
actief voorlichten van weggebruikers door aansluiting te zoeken op de campagnekalender;
Een veilige infrastructuur is één aspect. Aandacht voor het gedrag kan
+
bevorderen van een veilig verkeersgedrag van risicogroepen;
en mag niet ontbreken in combinatie met handhaving. Met een integrale
+
intensiveren van handhaving voor het ontmoedigen van onveilig
aanpak kan het meeste worden bereikt. Om de kansen te verkennen
gedrag.
willen we jaarlijks met de scholen gerichte activiteiten opstarten om ouders en leerlingen te verleiden om vaker de fiets te pakken of te voet
Vanuit de provincie Limburg (Regionaal Orgaan Verkeersveiligheid
naar school te komen.
Limburg) worden voor het basis- en voortgezet onderwijs activiteiten aangeboden om verkeerseducatie op scholen vorm te geven. Dit onder
In het najaar 2025 start een pilot op basisschool De Maasparel in
de noemer van de ‘Verkeersactieve school’. Een Verkeersactieve school
Stevensweert. Bij positieve ervaringen willen we deze activiteiten
is een school die in alle groepen/leerjaren aandacht besteedt aan
doorzetten naar de andere scholen in de gemeente. Enkele scholen
theoretische en praktische verkeerseducatie en oog heeft voor een
worden in de komende jaren vernieuwd. Met de planning van de
verkeersveilige schoolomgeving en school-thuisroutes.
activiteiten is het goed om hier op aan te sluiten zodat eventueel werk met werk kan worden gemaakt.
In de gemeente Maasgouw zijn alle basisscholen een ‘Verkeersactieve school’. Dit blijven we stimuleren en faciliteren door de inzet te continueren in samenwerking met de provincie Limburg.
23
Voor het vergroten van de bewustwording van het gedrag van
In de afgelopen periode is een start gemaakt met het programma
weggebruikers worden jaarlijks diverse campagnes uitgevoerd. Bekende
‘Doortrappen’. Ambitie hierbij is dat senioren zo lang mogelijk veilig
campagnes zijn onder andere: BOB, fietsverlichting en “MONO - met
kunnen blijven fietsen. Het programma speelt voornamelijk in op
aandacht op de weg”. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
bewustwording en gedragsverandering bij de oudere fietser om zo het
stelt ieder jaar een landelijke kalender op voor voorlichtingscampagnes
risico op ongevallen te verlagen. Op lokaal niveau streven we naar een
over verkeersveiligheid. Per item op deze kalender gaan we aanvullend
groter bereik van deze doelgroep. Voor de doelgroep jongeren wordt
op de landelijke en provinciale communicatie dit structureel op lokaal
momenteel een (regionaal) programma uitgewerkt met activiteiten.
niveau voorlichten aan onze inwoners en weggebruikers. Daarbij wordt
Daarbij wordt gekeken hoe deze doelgroep het beste kan worden bereikt.
gekeken hoe deze doelgroepen het beste kunnen worden bereikt. Meer informatie
over
de
landelijke
campagnes
is
te
vinden
op:
www.komveiligthuis.nl/.
Ook handhaving blijft een belangrijke pijler voor de verkeersveiligheid. Samen met de politie zetten we waar mogelijk in op meer handhaving op de locaties en doelgroepen.
Voor het stimuleren van veilig gedrag zetten we ons in voor ‘Permanente Verkeerseducatie’ (PVE). PVE wil zeggen een levenlang (aan)leren, oefenen en verbeteren van verkeerskennis en -gedrag. Dit is dan ook gericht op alle leeftijdsgroepen. Voor activiteiten sluiten we aan op initiatieven vanuit de provincie en/of regio. De focus daar ligt nu op risicogroepen zoals senioren (60+) en jongeren in de leeftijd 17-24 jaar. Dit zijn ook de risicogroepen die in Maasgouw naar voren zijn gekomen (zie situatieschets).
24
25
5.
Duurzaam & gezond
5.1.
Verduurzamen verplaatsingsgedrag
Binnen de bouwsteen duurzaam & gezond richt de ambitie zich op het
Dit doen we door met de opgaven te richten op: +
stimuleren van het fietsgebruik met de focus op afstanden tot 15 kilometer (gebruik elektrische fiets) en het utilitaire gebruik. Dit
verduurzamen van het verplaatsingsgedrag door de modal split te
willen we doen door het:
beïnvloeden om het autogebruik te reduceren. De modal split geeft de
o
verdeling weer van het totale aantal verplaatsingen over de verschillende
kwaliteit te verbeteren (meeliften bij kansen en het
vervoerwijzen.
programma van beheer en onderhoud); o
Uit de situatieschets blijkt dat in de regio het aandeel autoverplaatsingen o
situatie (veel waterwegen) zien we kansen om de modal split te positief van duurzame mobiliteitsvormen. De duurzame mobiliteitsvormen zijn
+
stimuleren verplaatsingen te voet door het: o
verbeteren van de toegankelijkheid door een inclusieve inrichting van de openbare ruimte;
o
Actieve mobiliteit
vergroten van de bewustwording van de voordelen van fietsen door gerichte voorlichting en campagnes.
onder andere gericht op deelmobiliteit en elektrisch rijden.
5.2.
faciliteren van voldoende en goede fietsparkeerplaatsen;
ruim 10% hoger is dan het landelijk gemiddelde. Ondanks de lokale te beïnvloeden door in te zetten op actieve mobiliteit en het faciliteren
waar mogelijk verbeteren van het fietsnetwerk door de
stimuleren van het recreatief bewegen.
Stimuleren fietsgebruik
Actieve mobiliteit richt zich op verplaatsingen door zelf te bewegen, zoals
Binnen de gemeente zien we potentie om het fietsen te stimuleren. Er zijn
lopen of fietsen. Deze manieren van verplaatsen bieden de nodige
diverse verplaatsingen over een afstand van 0 tot 7,5 kilometer en 7,5 tot
voordelen omdat het gezonde en duurzame manieren zijn. In het kader
15 kilometer waar we nu nog veel autoverplaatsingen zien. Dit zijn ideale
van verduurzamen willen we het gebruik van deze vervoerswijzen verder
fietsafstanden, zeker met de elektrische fiets die de fietsbereikbaarheid
stimuleren ten koste van het autogebruik.
vergroot. En daar liggen juist kansen om de modal split te beïnvloeden.
26
Basis hiervoor is het verbeteren van de kwaliteit van de belangrijkste routes. Hiervoor is een netwerk van routes nodig en criteria waaraan deze routes (idealiter) aan moeten voldoen. De routes moeten comfortabel, aantrekkelijk en (sociaal) veilig zijn zodat het fietsnetwerk uitnodigt tot gebruik. Uitgangspunt is een fijnmazig fietsnetwerk van kwaliteit. Hiervoor is een wensbeeld voor de fiets opgemaakt bestaande uit (zie figuur 8): +
regionaal netwerk (inclusief hoogwaardig netwerk);
+
lokaal netwerk (utilitair);
+
het recreatief fietsnetwerk.
Maasgouw en Roermond werken al een aantal jaar samen aan het tot stand brengen van een fietsverbinding tussen Linne en Merum langs de Maas.
Er
heeft
een
haalbaarheidsstudie
met
tracéverkenning
plaatsgevonden. Hieruit is een voorkeurstracé gekomen. De provincie Limburg heeft toegezegd een bedrag van € 120.000 te willen bijdragen in de uitvoeringsfase van het traject. Komend jaar zal nodig zijn voor onderzoeken en vergunningen (met name aan Roermondse zijde). Ook volgt er nog een inspraakmogelijkheid. Realisatie van de verbinding is een lang gekoesterde wens
waarmee een aantrekkelijke verbinding
ontstaat tussen Maasgouw en Roermond.
Figuur 8: wensbeeld fietsnetwerk
27
HOOGWAARDIGE FIETSROUTE
REGIONALE FIETSROUTE
DOORFIETSROUTE
Aan de verschillende type fietsverbindingen zijn kwaliteitseisen gekoppeld als het gaat om de inrichting ervan, deze zijn weergegeven in figuur 9. Hiermee stellen we een toetsingskader voor een veilige en herkenbare inrichting van het fietsnetwerk. Dit kader vormt het wensbeeld per type fietsverbinding zodat met werkzaamheden en projecten
(bijvoorbeeld
een
herinrichting)
naar
het
gewenste
kwaliteitsniveau kan worden toegewerkt.
Vrijliggende voorziening met fietsers in de
Gemengd gebruik (ETW30), fietsstroken
Een fietsstraat is toepasbaar bij (meer dan) voldoende fietsverkeer om
voorrang
(GOW30 / ETW60), vrijliggende voorziening
Verharding: beton of asfalt
(ETW60 / GOW50 / GOW80)
het beeld en gedrag te ondersteunen. Daarnaast moet de fietsstraat
Breedte: ≥ 4,00 m
Verharding: (bij voorkeur) asfalt
onderdeel zijn van het fietsnetwerk. Een fietsstraat wordt niet toegepast
Breedte: fietsstroken 1,70-2,25m, fietspad 1ri.
bij een hoofdroute voor het autoverkeer en/of bij veel doorgaand
≥2,30m, fietspad 2ri. ≥2,70m
autoverkeer (≥ 2.000 à 2.500 mvt/etmaal).
LOKALE FIETSROUTE
RECREATIEVE FIETSROUTE
Het fietsparkeren is uiteraard ook een belangrijk criterium om de fiets te nemen. Goede en veilige stallingen bij voorzieningen mogen dan ook niet ontbreken – zie paragraaf 7.3. Aanvullend op de fysieke inrichting willen we met voorlichting en campagnes onze inwoners verleiden om vaker de fiets te nemen. Zo Gemengd gebruik (ETW30), fietsstroken
Gemengd gebruik (ETW60)
(GOW30 / ETW60), vrijliggende voorziening
Verharding: onverhard / verhard (asfalt)
(ETW60)
Breedte: afhankelijk van gebruik
Verharding: (bij voorkeur) asfalt Breedte:
fietsstroken
1,70-2,25m,
fietspad
1ri. ≥2,30m, fietspad 2ri. ≥2,70m
kunnen we meeliften met initiatieven vanuit de landelijk overheid. Zo is onlangs de fietscampagne ‘Kort Ritje? Da’s zo gefietst!’ gelanceerd. Deze campagne moet mensen motiveren om voor korte afstanden de fiets te pakken in plaats van de auto. Daarnaast biedt dit mobiliteitsplan ook de ruimte om aan te haken bij regionale activiteiten vanuit Midden Limburg
Figuur 9: kwaliteitseisen fietsnetwerken
28
Bereikbaar en aanvullend eigen campagnes/voorlichting te ontwikkelen.
Stimuleren verplaatsingen te voet
+
door logische, overzichtelijke en sociaal veilige routes (geleiding).
Ondanks dat inwoners in de enquête aangeven dat zij zich (bijna)
Het gaat hierbij om de toepassing van auditieve informatie,
dagelijks of meerdere keren per week te voet verplaatsen, zetten we
gidslijnen, geleidelijnen en attentievlakken. Uitgangspunt hierbij
meer wandelen ten doel. Dit doen we enerzijds door het faciliteren van
zijn:
goede (inclusieve) voetgangersvoorzieningen en anderzijds door aan te
o
geleidelijnen toepassen wanneer gidslijnen ontbreken;
haken op het beleidsprogramma ‘Bewegen Ontmoeten Spelen en
o
geleidelijnen altijd toepassen bij haltes voor openbaar vervoer;
Sporten’ (BOSS). Dit is een nieuwe, integrale manier van kijken naar de inrichting van de buitenruimte op een speelsere en prikkelende manier.
o
enkel op hoofdlooproutes in verblijfsgebieden, openbare ruimte
gemeentehuis,
Inclusieve inrichting
een openbare ruimte die toegankelijk, bruikbaar en veilig is voor alle mensen. Voor kwetsbare verkeersdeelnemers is het extra belangrijk dat zij zich te voet kunnen verplaatsen. Lopen is voor sommige mensen namelijk de enige manier om zich in de openbare ruimte te bewegen en zo mee te doen in de maatschappij. Ook voor minder valide mensen moet
publieke bibliotheek
voorzieningen e.d.)
of
(zoals speciale
voorzieningen (zoals zorginstellingen).
We willen in Maasgouw een sociaal inclusieve gemeente zijn voor onze inwoners en bezoekers, ook op het gebied van mobiliteit. Dat wil zeggen
rondom
Bij plannen voor herinrichting van de openbare ruimte of bij nieuwe ontwikkelingen willen wij het sociaal inclusiepanel betrekken in de planvorming. Zo kunnen zij vroegtijdig hun aandachtspunten inbrengen en het ontwerpproces volgen. Het is belangrijk dat zij een vaste partner zijn in het participatie- en projectproces.
de openbare ruimte toegankelijk zijn om zich te kunnen verplaatsen. Specifieke aandachtlocaties die in de participatie naar voren zijn In de openbare ruimte werken we aan herkenbare en toegankelijke voorzieningen op looproutes. Dit leidt tot de volgende richtlijnen: +
een minimale breedte van 1,5 meter voor voetpaden en in de centra en bij voorzieningen voor kinderen en ouderen minimaal 1,8 meter;
+
29
een vrije doorloopruimte van 0,9 meter;
gekomen: centra (aanwezigheid van obstakels) en de Dorpsstraat/ Raadhuisstraat in Ohé en Laak (ontbreken voetgangersvoorzieningen). Voor Ohé en Laak wordt dit onderzocht wanneer een reconstructie op de planning staat.
Inzet BOSS
Autodelen biedt kansen, maar kent ook duidelijke uitdagingen in
Overal in de gemeente Maasgouw liggen kansen om de buitenruimte
landelijke gebieden zoals in Maasgouw. Enkele uitdagingen hierbij zijn:
meer uitdagend en uitnodigend te maken voor BOSS. Dit geldt voor alle
+
behoefte is verspreid door lage bevolkingsdichtheid;
doelgroepen van kinderen (buitenspelen) tot senioren (zelfredzaam
+
voorzieningen zijn vaker verder weg (zoals winkels, scholen,
blijven). De opgestelde gemeentelijke beleidsnota geeft de integrale visie
werk). Hierdoor zijn mensen (vaker) afhankelijk van eigen
weer voor de bebouwde kom van Maasgouw voor de periode tot 2040.
vervoer;
Beleidsuitgangspunten vormen de kaders voor de uitvoering van deze visie.
+
mensen zijn vaak gewend aan 24/7 beschikking te hebben over een eigen auto. Het autobezit is iets vanzelfsprekend.
Met de inrichting van de openbare ruimte wordt ingezet op een sterk
Vanuit bovenstaande overwegingen nemen we een faciliterende rol in als
netwerk van aantrekkelijke, uitdagende en gevarieerde ruimtes, plekken
het gaat om autodelen. Daarnaast blijven we de ontwikkelingen volgen in
en routes over de hele gemeente. Naast de inrichting moeten activiteiten
de regio en daarbuiten. Wanneer zich interessante kansen aandoen,
ook zorgen voor de stimulans om buiten in beweging te komen.
beoordelen we de haalbaarheid en levensvatbaarheid. Dit kan bijvoorbeeld
5.3.
Duurzame mobiliteitsvormen
Deelmobiliteit Met deelmobiliteit wordt in het algemeen ingezet op minder auto’s. Insteek hierbij is om vervoermiddelen samen te gebruiken in plaats van dat iedereen er zelf één bezit. Een lager autobezit draagt bij aan minder auto’s in de dorpen en straten en daarmee een lagere parkeerdruk.
30
zijn
bij
initiatieven
vanuit
inwoners
of
een
projectontwikkelaar. Deze initiatieven willen we in de openbare ruimte faciliteren door het beschikbaar stellen van een parkeerplaats en laadvoorzieningen ingeval van een elektrische deelauto. Daarnaast willen deze initiatieven ondersteunen op het gebied van communicatie en voorlichting voor een optimaal en waar mogelijk een breder gebruik van de beschikbare deelauto’s.
Elektrisch rijden
Waterstaat is het project LoLa (Logisitiek Laden) gestart. Ook hier zet
De auto heeft en blijft binnen de gemeente Maasgouw een belangrijke rol
men in op een dekkend netwerk van laadfaciliteiten. In de RAL-regio
vervullen in het verplaatsingsgedrag. Wel willen we inzetten om deze
wordt gezocht naar kansen voor de realisatie van een laadplein.
autoverplaatsingen zo duurzaam mogelijk maken. Dit door het verder
Afstemming over de mogelijkheden moet regionaal plaatsvinden.
faciliteren van het elektrisch rijden. Basis hiervoor is de beschikking over voldoende laadvoorzieningen (dekkend en toekomstbestendig), zodat
STOMP als ontwerpprincipe
opladen geen belemmering vormt voor de groei van elektrisch vervoer.
Voor duurzame verplaatsingen willen we bij (gebieds)ontwikkelingen
Een toenemend gebruik biedt tevens voordelen voor het milieu (minder uitstoot).
meer de nadruk leggen op STOMP als ontwerpprincipe. De menselijke maat is vanuit dit gedachtegoed het uitgangspunt.
Voor de verdere uitrol van de laadinfrastructuur binnen de gemeente
Bij de toepassing van STOMP kijken we
Maasgouw continueren we de bestaande samenwerking binnen de
eerst Stappen (lopen) en vervolgens naar
Regionale Aanpak Laadinfrastructuur (RAL). Deze samenwerking loopt
Trappen (fietsen),
tot 2030. Vanuit de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL)
Mobility as a Service (deelmobiliteit) en tot
organiseren de provincies Noord-Brabant en Limburg een collectieve
slot de Particuliere auto.
aanpak voor uitbreiding van (publieke) laadinfrastructuur.
Met dit principe is een ruimere en prominentere plek in het straatbeeld
Openbaar Vervoer,
georganiseerd voor de kwetsbare en actieve verkeersdeelnemers. Dit komt ten goede aan een aantrekkelijke leef- en verblijfsomgeving, Aanvragen voor laadpaallocaties zijn enerzijds gebaseerd op analyse van
hetgeen mensen stimuleert om zich vaker te voet of per fiets te
de laadbehoefte en groeiprognoses en anderzijds kunnen particulieren
verplaatsen en elkaar meer te ontmoeten. Daarnaast is de ruimteclaim
een aanvraag doen voor een laadpaal in de eigen omgeving. Als
van lopen en fietsen kleiner dan die van openbaar vervoer en auto
gemeente blijven we verantwoordelijk waar we de laadinfrastructuur
waardoor er ook meer ruimte is voor andere opgaven zoals
wordt
klimaatadaptatie, waterberging en meer groen [CROW].
geplaatst.
In
de
gemeentelijke
laadvisie
(2022)
staan
uitgangspunten verwoord hoe om te gaan met deze ontwikkeling.
Deze opgave heeft dan ook een link met de bouwsteen ‘aantrekkelijk &
Naast de elektrificatie van het autoverkeer zijn er ook ontwikkelingen
leefbaar’ gericht op de kwaliteit van de fysieke leefomgeving.
gaande bij het vrachtverkeer. Vanuit het Ministerie van Infrastructuur en
31
Wat betekent het toepassen van dit ontwerpprincipe voor de situatie in Maasgouw? Bij ontwerpopgaven zetten we in op het stimuleren van het gewenste gedrag en kijken we naar: +
aantrekkelijke en veilige voetgangers- en fietsvoorzieningen door de vervoerwijzen fiets en lopen in het ontwerpproces prioriteit te geven bij de (her)inrichting van straten en gebieden;
+
goede bereikbaarheid met openbaar vervoer en waar mogelijk deelmobiliteit;
+
beperken van ruimte en gemak voor privéauto’s door bijvoorbeeld
minder
parkeerplekken,
lagere
snelheid
en
autoluwe zones. Het principe helpt bij het maken van keuzes die bijdragen aan een gezonde, leefbare en duurzame omgeving. Op veel plekken kunnen de verschillende modaliteiten naast elkaar worden ingepast. Maar er doen zich ook situaties voor waar de modaliteiten elkaar in de weg zitten door de aanwezige beperkte (openbare) ruimte. Bij deze vraagstukken biedt STOMP het handvat voor het maken van bewuste en expliciete keuzes.
32
33
6.
Bereikbaar
6.1.
Behouden en versterken bereikbaarheid
+
Voor de bouwsteen bereikbaarheid richt de ambitie zich op het behouden
+
behouden en waar mogelijk verbeteren van de bereikbaarheid van de bestaande buslijnen;
en versterken van de bestaande bereikbaarheid van voorzieningen.
behouden en waar mogelijk verbeteren van de bereikbaarheid van de wensbus (geen onderdeel van de concessie);
Daarnaast is de ambitie gericht op het (waar mogelijk) aanpakken van
+
inzetten op toegankelijke haltevoorzieningen;
overlastlocaties door het aanbieden van alternatieven voor het
+
volgen van landelijke en regionale ontwikkelingen als het gaat om
(doorgaand) verkeer.
Publieke Mobiliteit.
Uit de situatieschets is het beeld gekomen dat Maasgouw over het
Met de opgaven willen we ervoor zorgen dat het openbaar vervoer een
algemeen een goede bereikbaarheid heeft en dat ook zo wordt ervaren.
toegankelijke vorm van mobiliteit blijft. Dit met de insteek dat:
Dit geldt niet alleen voor het auto- en fietsverkeer, maar ook voor andere
+
vervoerswijzen waaronder het openbaar vervoer. Uiteraard zijn er
jongeren en werkenden een alternatief hebben voor onder andere verplaatsingen van/naar school/werk;
wensen voor verbeteringen. Met de opgaven ligt de focus vooral op het
+
voor ouderen zodat zij langer zelfstandig mobiel (kunnen) zijn;
openbaar vervoer en het vrachtverkeer.
+
onder andere voor minima, statushouders het openbaar vervoer eenvoudig en laagdrempelig te maken. Dit zodat deze
6.2.
Openbaar vervoer
Alle kernen binnen de gemeente Maasgouw zijn binnen de huidige concessie voorzien van openbaar vervoer. Deze concessie loopt tot en met 2031 met de provincie Limburg als concessiehouder. Ondanks de beperkte invloed die de gemeente heeft op de concessie ligt voor Maasgouw de focus van de opgaven op de volgende aspecten:
34
doelgroepen maximaal de kans krijgen om te participeren in de samenleving.
Toekomstbestendig openbaar vervoer
Uit de inventarisatie blijkt dat enkele haltes binnen de gemeente nog niet
We blijven de ontwikkelingen volgen en hebben periodiek overleg met de
voldoen aan de uitgangspunten voor een toegankelijke halte. De opgave
vervoerder – Arriva binnen de huidige concessie – om deze samen te
richt zich dan ook om deze laatste bushaltes aan te passen. Het gaat om
bespreken in combinatie met kansen voor verbeteringen. Hierbij hebben
de volgende locaties:
we aandacht voor de busroutes en de haltedichtheid binnen kernen in
+
relatie tot acceptabele loopafstanden. Doorgaans bedraagt deze
Brachterbeek: Kloosterstraat (beide kanten - t.h.v. kruising Hofstraat);
loopafstand 400 meter tot de halte.
+
Maasbracht: Echterstraat (beide kanten - t.h.v. kruising Julianalaan);
Wensbus Een vorm van aanvullend vervoer is de wensbus binnen de gemeente
In de afgelopen jaren zijn diverse bushaltes toegankelijk gemaakt. Een toegankelijke bushalte is een halte die zo is ingericht dat alle reizigers, inclusief mensen in een rolstoel, met een rollator, of met een visuele beperking, gemakkelijk zelfstandig kunnen in- en uitstappen. Kenmerken van een toegankelijke halte zijn onder andere: verhoogd perron, voldoende breedte, obstakelvrij, geleidelijn en opstapvlak.
35
Panheel: Pater Jac. Schreursweg (beide kanten - t.h.v. Stevensweert: Roumerweg (westkant - t.h.v. huisnummer 5); Thorn: Meers (oostkant - t.h.v. steenfabriek Wienerberger).
opgave richt zich op het behoud van het vervoer en momenteel wordt
Toegankelijke bushaltes
+ +
zelfstandig te kunnen blijven deelnemen aan maatschappelijk verkeer. De
gemeente. Dit biedt inwoners meer reismogelijkheden.
Ohé en Laak: Dorpsstraat (beide kanten - t.h.v. huisnummer 65); huisnummer 1);
Maasgouw. Doel van de wensbus om inwoners de mogelijkheid te bieden
bekeken om het aantal bestemmingen uit te breiden binnen en buiten de
+
Meedoen pas Om het openbaar vervoer voor de doelgroep minima toegankelijk te houden biedt Arriva de zogenaamde ‘Meedoen Pas’. Deze pas is een gebruiksklare persoonlijke OV-chipkaart die gemeenten kunnen inzetten om
openbaar
vervoer
voor
deze
doelgroep
eenvoudiger
en
laagdrempeliger te maken. De gemeente Maasgouw verkent samen met diverse regiogemeenten en de provincie Limburg de mogelijkheden om op dit initiatief aan te haken. De afdeling Sociaal Domein is hierbij aangehaakt.
6.3.
Vrachtverkeer
Binnen de gemeente bevinden zich enkele bedrijventerreinen waarbij het vrachtverkeer door de ligging gebruik maakt van het onderliggend wegennetwerk. De opgave voor het vrachtverkeer richt zich op: +
het sturen van vrachtverkeer via voorkeursroutes om eventuele overlast in verblijfsgebieden zoveel mogelijk tegen te gaan.
Ondanks de ligging aan de A2 en A73 is de bereikbaarheid voor vrachtverkeer wel een aandachtspunt. Dit geldt met name voor bedrijventerrein Koeweide in het noorden van Maasbracht. Vanwege de halve aansluiting (43 Maasbracht) is de ontsluiting verre van ideaal. Dit zorgt voor relatief veel vrachtverkeer door het centrum van Maasbracht (Molenweg). Een dergelijk verblijfsgebied met diverse voorzieningen is niet geschikt als ontsluitingsroute voor doorgaand vrachtverkeer. Op dit moment is er geen geschikt alternatief voorhanden om het verkeer te sturen via voorkeursroutes. In de Centrumvisie Maasbracht, die momenteel wordt opgesteld, is dit een belangrijk thema. Voor de eventuele aanpak van dit probleem leggen we de link met de Centrumvisie. Als uitwerking van deze visie is een werkgroep geformeerd – met ondernemers van zowel Koeweide als het centrum – om te verkennen of er alsnog alternatieve routes mogelijk zijn voor het vrachtverkeer. Dit met het doel om de verkeersveiligheid en leefbaarheid in het centrum van Maasbracht te vergroten. Bij het vinden van alternatieve oplossingen is het bestuurlijk uitgangspunt dat er geen nieuwe knelpunten elders mogen ontstaan.
36
37
7.
Aantrekkelijk & leefbaar
7.1.
Verhogen kwaliteit leefomgeving
Een ander opgave is het thema parkeren. Dit kan een relatie hebben met het voorgaande, maar is zeker ook een aandachtspunt in woongebieden.
Voor de bouwsteen aantrekkelijk & leefbaar richten we onze ambitie op
In sommige situaties is het aantal parkeermogelijkheden beperkt
het verhogen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving die
waardoor de druk op de omgeving toeneemt. Zowel inwoners als
toegankelijk en aantrekkelijk is om te verblijven en waar eventuele
bezoekers willen vaak zo dicht mogelijk bij de bestemming parkeren.
overlast tot een minimum wordt beperkt. Zoals aangegeven in het ‘Beleidskader Waardevol Toerisme Maasgouw
7.2.
Balans leefomgeving en bezoekersstromen
2024-2027’ is Maasgouw een fijne gemeente om in te leven. Het
Niet alleen in Nederland maar ook in Maasgouw groeit de omvang van
landschap vormt hiervoor de basis met het vele water en het groen die
het toerisme. Toerisme is waardevol (onder andere werkgelegenheid en
de woonkernen omarmen. De omgevingsvisie beschrijft eveneens deze
inkomsten) maar maatregelen zijn ook nodig om de verdere groei te
karakteristieken waarbij een focus ligt op de ruimtelijke kwaliteit.
beheersen zonder de kwaliteit van de leefomgeving aan te tasten. Het draagvlak voor toerisme neemt op een aantal locaties (en momenten) al
Maasgouw is ook een gemeente met een rijk toeristisch-recreatief
af door ervaren overlast in de directe omgeving.
aanbod. Dit zorgt ook voor een verkeersaantrekkende werking, zeker in de periode april t/m oktober. De waterrecreatie zorgt in de zomerperiode
De opgave om een goede balans tussen recreatie en toerisme enerzijds
voor extra piekmomenten van bezoekersaantallen. Deze bezoekers
en rust en leefbaarheid voor inwoners anderzijds te bereiken richt zich
zorgen ook voor een druk op het gebied en daarmee de leefomgeving
op:
van onze inwoners. Vandaar dat de opgaven gericht zijn op het zoeken naar balans tussen de recreatiemogelijkheden met de aanwezige bezoekersstromen en de leefomgeving.
+ toeristische kernen en gebieden bij voorkeur autoluw maken waarbij bezoekers per auto aan de randen worden opgevangen; + bij (nieuwe) toeristische ontwikkelingen vindt een toetsing en beoordeling plaats van de effecten van de verkeersaantrekkende werking.
38
Met deze aspecten wordt aangesloten op uitgangspunten zoals verwoord
Beoordeling verkeerseffecten
in de vigerende beleidskaders en -programma’s:
Bij (nieuwe) initiatieven/ontwikkelingen vindt vroegtijdig een toetsing en
+
Beleidskader Waardevol Toerisme Maasgouw 2024-2027;
beoordeling plaats van de verkeersaantrekkende werking en de gevolgen
+
Beleidsvisie Ohé en Laak – toerisme en recreatie;
voor de toekomstige verkeersafwikkeling. Op deze manier ontstaat
+
Verkeers- en parkeerplan Thorn 2030.
inzicht in hoeverre (compenserende) maatregelen wenselijk dan wel noodzakelijk zijn. Voor Ohé en Laak is in de Beleidsvisie vanuit Toerisme
Autoluwe kernen
en Recreatie in het toetsingskader opgenomen dat er geen substantiële
Bij toeristische kernen en gebieden willen we het bezoekersverkeer
toename van de verkeersintensiteit mag plaatsvinden die de druk op de
zoveel mogelijk aan de rand(en) opvangen en faciliteren met voorzieningen ter plaatse. Dit om te voorkomen dat het bezoekersverkeer gebruik maakt van ongewenste routes door verblijfsgebieden. Voor
leefomgeving kan aantasten of verhogen. Wanneer dit het geval is dienen compenserende maatregelen te worden getroffen, waarmee mogelijke overlast in de toekomst wordt opgevangen.
maatregelen in de openbare ruimte denken we aan voldoende parkeerplekken op strategische locaties, spreiding van verschillende soorten weggebruikers en voldoende stallingsvoorzieningen voor fietsers (zie paragraaf 7.3).
7.3.
Parkeren
Zoals eerder aangehaald is en blijft de auto een belangrijk vervoermiddel in Maasgouw. Niet alleen voor onze inwoners maar ook voor bezoekers
Voor het spreiden van recreanten stellen we voor in samenwerking met recreatie en toerisme de mogelijkheden van zogenaamde Toeristische Overstap Punten (TOP’s) te verkennen. Een TOP is een startpunt voor bezoekers die het achterliggende gebied willen ontdekken, met voldoende parkeergelegenheid en horeca. We willen goede en aantrekkelijke voorzieningen aanbieden waarmee we gastvrij zijn voor bezoekers, maar tegelijkertijd ook de overlast voor inwoners beperken. Een mogelijkheid is om op een TOP-locatie (elektrische) leenfietsen beschikbaar te stellen.
39
(dagelijkse
boodschappen,
winkelen
en
recreatie/toerisme).
Parkeerruimte blijft dan ook belangrijk en is op sommige locaties schaars. De vraag is hoe we in de toekomst om willen gaan met het thema parkeren. De opgave gaat uit van het realiseren van voldoende parkeeraanbod bij bestaande (openbare) voorzieningen en bij ruimtelijke ontwikkelingen. Binnen de opgave maken we onderscheid naar het parkeren in woonwijken en dorpscentra.
Parkeren in woonwijken
+
waar mogelijk inzetten op geclusterd parkeren op afstand. Zo kan
Beperkte ruimte en/of een toenemend autobezit zorgt steeds vaker voor
de kwaliteit van de leefomgeving worden verhoogd door een
ervaren
verkeers/-autoluwe straat en ontstaat er meer ruimte voor groen
hinder
van
geparkeerde
voertuigen.
En
ongewenst
en speelruimte.
parkeergedrag zorgt vaak voor een verkeersonveilige en visuele verrommeling van het straatbeeld in de openbare ruimte.
Parkeren in dorpscentra Bij meldingen over het parkeren wordt per situatie gekeken naar
Op veel plekken in Maasgouw kan men gratis parkeren. Dit is voor
optimalisatiemogelijkheden en alternatieve (parkeer)mogelijkheden in de
bezoekers dan ook aantrekkelijk om met de auto naar de centra te rijden
omgeving. Dit in samenhang met de andere beleidsterreinen (groen,
en te parkeren. Bij enkele centrumlocaties binnen de kernen wordt een
water,
niet
hoge parkeerdruk ervaren, waaronder in: Wessem, Maasbracht en Heel.
vanzelfsprekend vanwege andere beleidsdoelen, zoals het vergroenen
Aan de andere kant wordt het parkeren op deze locaties als ‘positief’
en het tegengaan van hittestress (verharden).
ervaren. De beleving van gebruikers speelt een grote rol in de
beheer).
Extra
parkeerruimte
creëren
is
daarbij
beoordeling van parkeren. Bij nieuwe ontwikkelingen maken we gebruik van vastgestelde parkeernormen per functie, deze zijn vastgelegd in de notitie
Parkeren blijft belangrijk voor de bereikbaarheid en vitaliteit van de
‘Parkeernormen en Parkeerbijdrage regeling Gemeente Maasgouw
centra. Voldoende beschikbare parkeerplaatsen voor alle aanwezige
(2010)’. De regeling is verouderd en vraagt om een actueel
doelgroepen (bezoekers en inwoners) is van belang voor de kwaliteit van
toetsingskader. Het is wenselijk om een nieuwe Nota Parkeernormen op
de leefomgeving in deze gebieden. Voor dit thema zetten we in op:
te maken. Hierbij kan beter worden ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen
+
stimuleren om met de fiets of lopend de centra te bezoeken. Dit
zoals de parkeernormen bij sociale woningbouw en tiny houses.
valt onder het thema actieve mobiliteit en voor de betreffende
Uitgangspunten voor actualisatie zijn:
activiteiten zie paragraaf 5.2;
40
+
faciliteren van voldoende veilige stallingsvoorzieningen voor
+
realistische balans tussen vraag en aanbod;
+
parkeren voor de deur is niet altijd langer houdbaar. Acceptatie
fietsers. Dit draagt positief bij aan fietsstimulering. Voor een
van langere (acceptabele) loopafstanden is niet te voorkomen. Bij
optimaal gebruik is het van belang om deze voorzieningen op de
wonen bedraagt deze afstand maximaal 100 meter voor
juiste plek te situeren. Met het aanbieden van stallingen wordt
bewoners;
tevens een verrommeling van het straatbeeld door het wildstallen
+
van fietsen tegen gegaan. In de te actualiseren Nota
Vrachtwagenparkeren
Parkeernormen is er tevens aandacht voor het fietsparkeren. Zo
Op verschillende locaties in de gemeente, waaronder in de omgeving van
kan ook bij nieuwe ontwikkelingen in voldoende stallingen
het bedrijventerreintje aan de Sint Joosterweg in Maasbracht, is overlast
worden voorzien. Vanwege een toenemend gebruik van de
als gevolg van het vrachtwagenparkeren. In de APV gemeente
scootmobiel is het tevens wenselijk om daar rekening mee te
Maasgouw is vastgelegd waar het vrachtwagenparkeren is toegestaan.
houden in centra;
Met handhaving moet worden getracht om de overlast tegen te gaan.
bij knelpunten kan een vorm van parkeerregulering worden
Om overlast tegen te gaan wordt ook op bovenlokaal niveau gekeken
overwogen. Bij voorzieningen kan een blauwe zone (gebruik
naar oplossingen voor het vrachtwagenparkeren. Wanneer kansen zich
parkeerschijf) een mogelijkheid zijn.
aandoen om mee te liften vindt een afweging plaats van de mogelijkheden.
Voor het centrum van Heel is een centrumvisie gemaakt. De gemeenteraad heeft inmiddels ook een positief besluit genomen over de centrumvisie van Maasbracht. Nu is het belangrijk om door te pakken met de uitwerking. Bij beide visies is er aandacht voor het parkeren. Hoe met het parkeren om te gaan, komt aan de orde bij de verdere uitwerking van deze visies. Bij de centrumvisie van Heel is een koppeling gelegd met de Heerbaan. Mogelijk ontstaat er een meekoppelkans om aanwezige verkeersproblemen aan te pakken. Dit moet in een breder perspectief worden bekeken, met aandacht voor de Dorpsstraat. In deze straat wordt ‘sluipverkeer’ ervaren en staat de leefbaarheid onder druk door onder andere hoge snelheden.