CConstaterende datMaasgouw
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Uitvoeringsprogramma 2022 MER-OD def_1

01. Raadsvergadering 22 februari 2022, gemeente MaasgouwBij agendapunt: Voorstel tot Financiering Uitvoeringsprogramma MER OD 202235.816 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

50

15

Project Aanpak Ondermijning (flexteam/ondermijning: sexinrichtingen, hoarding, hennep/woningsluitingen)

100

Juridische advisering ruimtelijke ordening (bestemmingsplannen, projecten en adviesverzoeken) incl ondersteuning bij beroep

100

Juridische advisering gemeenten overig (beleidsadvisering /verordeningen/ projectadvisering PM, specifieke advisering reclame/water/verkeer) Juridische uren voor langlopende cq bovengemiddeld zware bezwaar- en beroepzaken Mediation

175

150 150

VVGB-project juridische ondersteuning / handhaving en projectleiding Juridische kwaliteitszorg overig (incl. bestuurlijke vragen) Subtotaal

73

110

0

40 1425

Lokale projecten/aandachtspunten MG Activiteit Project Aanpak onrechtmatige bewoning recreatiewoningen Project Omgevingswet Project Boschmolenplas (planvoorraad vakantiewoningen)

Aantal

Kengetal Capaciteit 450 390

MG

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 3346 2,4 Benodigd

5765

4,12

200

Project toezicht locaties arbeidsmigranten

50

VVGB-project juridische ondersteuning / handhaving en projectleiding 300 75

Project De Heus Project Aanpak Ondermijning (flexteam/ondermijning: sexinrichtingen, hoarding, hennep/woningsluitingen) Juridische advisering ruimtelijke ordening (bestemmingsplannen, projecten en adviesverzoeken) Juridische advisering gemeenten overig (beleidsadvisering/verordeningen/ projectadvisering PM, bevolkingscontroles, specifieke advisering reclame/water/verkeer/aanpak verloedering) Juridische kwaliteitszorg overig (incl. bestuurlijke vragen) Juridische uren voor langlopende cq bovengemiddeld zware bezwaar- en beroepzaken Mediation Subtotaal

75

75

125 50

0

200 100 2090

74

Lokale projecten/aandachtspunten RD Activiteit Project Omgevingswet Project Aanpak onrechtmatige bewoning recreatiewoningen

Aantal

Kengetal Capaciteit 320

RD

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 1680 1,2 Benodigd 3745 2,67

200

Project toezicht locaties arbeidsmigranten

50

Juridische uren voor langlopende cq bovengemiddeld zware bezwaar- en beroepzaken

125

Juridische ondersteuning bij civielrechtelijke conflicten (gebruik gemeentegrond etc)

25

Juridische kwaliteitszorg overig (incl. bestuurlijke vragen)

40 120

Juridische ondersteuning WKO Ondersteuning acties Ondermijning (Criminaliteitsbestrijding, flexteam, aanpak ondermijning, hennep/woningsluiting, hoarding, etc.)

60 Project Woonwagenlocaties Juridische advisering ruimtelijke ordening (bestemmingsplannen, projecten en adviesverzoeken) Juridische advisering gemeenten overig (beleidsadvisering/verordeningen/ projectadvisering PM, specifieke advisering reclame/water/verkeer) VVGB-project juridische ondersteuning / handhaving en projectleiding Mediation Subtotaal

100

25

75

0

45 125 1310

75

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

4.3.2 Bodem

In onderstaand rekenblad worden alle activiteiten binnen het taakveld bodem beschreven die in 2022 uitgevoerd gaan worden. Globaal betreft het de volgende werkzaamheden:            

onderhouden, gebruiken en toegankelijk maken van informatie uit het Bodeminformatiesysteem; afhandelen van meldingen in het kader van het Besluit bodemkwaliteit (BBK); ondersteunen en adviseren in het kader van vergunningverlening, toezicht en handhaving en het in dat kader toetsen van bodemonderzoeken; advisering in het kader van een principeverzoek of afwijkingsbesluit; advisering aan gemeenten met betrekking tot de bodemaspecten bij een planologische ontwikkeling (bestemmingsplan, partiële herziening, etc.); advisering aan gemeenten met betrekking tot bodemaspecten bij een civieltechnische ontwikkeling; het beantwoorden van overige adviesvragen van de gemeenten mbt het aspect bodem; het beantwoorden van klantvragen die specifiek over het aspect bodem gaan; uitvoering/begeleiding van bodemsaneringen; het initiëren/actualiseren van lokaal bodembeleid, waarbij de landelijke ontwikkelingen kaderstellend zijn (Structuurvisie Ondergrond, Omgevingswet, etc.); deelname aan overlegstructuren bodem zoals het Regio-overleg bodem/kennisoverleg RUD, het BBL en de Limburgse Werkgroep Bouwstoffen en Grondstromen (LWBG); deelname in diverse regionale afstemmingsprojecten met betrekking tot asbest in bodem, grondwaterverontreiniging, nul- en eindsituatie, PFAS, etc.

De in onderhavig rekenblad opgenomen aantallen en kengetal per activiteit zijn gebaseerd op de ervaringscijfers van de afgelopen jaren. Voor 2022 hebben slechts enkele marginale wijzigingen plaatsgevonden in de kengetallen (‘plussen en minnen’). Wel zijn de geraamde aantallen bijgesteld op de werkelijke verwachting voor 2022, op onderdelen samenhangend met de te verwachten (hogere) werkvoorraad vanuit vergunningverlening. Projecten Van de specialist bodem wordt inzet gevraagd in het traject van implementatie van de ‘Omgevingswet’. Ook zullen in 2022 uren worden besteed aan het voorbereiden van de zogenoemde ‘warme overdracht’ van bodem(sanerings)taken van provincie naar gemeenten (MER-OD). Dit is een gevolg van de nieuwe bodemregels van de Omgevingswet. Het voorbereiden van deze warme overdracht – waarvan de consequenties voor de benodigde capaciteit langzaam duidelijker worden (mede op basis van een in RUDverband uitgevoerde analyse door een extern bureau) – gebeurt in regionaal verband via de deskundigenpool bodem van de RUD. Hierin heeft de MER-OD een voortrekkers- en voorzittersrol.

76

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Tot slot nemen de bodemspecialisten van de MER-OD deel aan regionale/provinciale overleggremia over bodem en grondwater en is er tijd beschikbaar om deel te nemen aan projectoverleggen bij gemeenten daar waar het gaat om belangwekkende ruimtelijke ontwikkelingen waarin het aspect bodem ‘aan de voorkant’ dient te worden meegewogen.

Conclusie benodigde capaciteit S-bodem Voor de bodemtaken die in 2022 moeten worden uitgevoerd, is net iets te weinig capaciteit voorhanden. Echter, het verwachte tekort is zo gering, dat hier op voorhand geen acties op te hoeven worden genomen. Zodra de beschikbare capaciteit daadwerkelijk onvoldoende blijkt om de taken adequaat uit te kunnen voeren, kan alsnog extra formatie worden gehaald binnen onze netwerkorganisatie RUD Limburg Noord. Voor wat betreft de wijze waarop met de financiële consequenties van een grotere capaciteitsvraag wordt omgegaan, wordt verwezen naar hoofdstuk 6 (‘Wat gaat het kosten?’).

77

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Activiteit Specialistisch advies bodem, bouwstoffen en water Advisering bodemonderzoeken (incl historisch onderzoek) tbv wabo omgevingsvergunning incl. afwijkingsbesluiten Advisering principeverzoeken Advisering bodemonderzoeken overig (civieltechnisch, sanering, etc.) beoordeling nulsituatie bodemonderzoek Beoordeling tussentijds bodemonderzoek beoordelen eindsituatie onderzoek(incl nazorgmaatregelen) Advisering ruimtelijke plannen Ontheffing storten buiten de inrichting Melding bodemenergiesysteem Melding grondstromen (BBK) afhandelen melding + toezicht BUS melding Beschikking evaluatie BUS Beschikking bodem (Wbb) Adviesvragen gemeente Klantcontacten Subtotaal

78

Totaal Totaal aantal aantal ES MG

Totaal aantal RD

Totaal aantal MER

Percentage Percentage Percentage Aantal Aantal Aantal Aantal uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren Kengetal Capaciteit Capaciteit Capaciteit Capaciteit ES MG RD ES MG RD MER MER ES MG RD MER

75 10

90 35

60 3

225 48

100% 100%

100% 100%

100% 100%

75 10

90 35

60 3

225 48

1 1

75 10

90 35

60 3

225 48

10

8

5

23

100%

100%

100%

10

8

5

23

3

30

24

15

69

1

1

1

3

100%

100%

100%

1

1

1

3

8

8

8

8

24

1

1

1

3

100%

100%

100%

1

1

1

3

8

8

8

8

24

1 4 0 5

1 4 0 5

1 4 0 3

3 12 0 13

100% 100% 100% 100%

100% 100% 100% 100%

100% 100% 100% 100%

1 4 0 5

1 4 0 5

1 4 0 3

3 12 0 13

8 3 15 1

8 12 0 5

8 12 0 5

8 12 0 3

24 36 0 13

28 0 0 0 5 30 170

18 0 0 0 5 25 193

12 0 0 0 3 20 113

58 0 0 0 13 75 476

100% 100% 100% 100% 100% 100%

100% 100% 100% 100% 100% 100%

100% 100% 100% 100% 100% 100%

28 0 0 0 5 30 170

18 0 0 0 5 25 193

12 0 0 0 3 20 113

58 0 0 0 13 75 476

4 15 15 0 1 0,5

112 0 0 0 5 15 288

72 0 0 0 5 12,5 279,5

48 0 0 0 3 10 178

232 0 0 0 13 38 746

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

overlegstructuren (regiooverleg/kennisgroep RUD, BBL, LWBG) Project Omgevingswet (incl. Project 'Warme Overdracht en implementatie bodemtaken') Grote projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, etc. Diverse regionale afstemmingsprojecten (asbest in bodem / diffuse grondwaterverontreiniging / nul- en eindsituatie)

Klachten en meldingen ES Activiteit Afhandeling klachten en meldingen Subtotaal

Lokale projecten/aandachtspunten MG Activiteit

25

Klachten en meldingen MG Activiteit Afhandeling klachten en meldingen Subtotaal

Lokale projecten/aandachtspunten RD Activiteit

0

Aantal

Aantal

79

Klachten en meldingen RD Activiteit Afhandeling klachten en meldingen Subtotaal

488

0,35

25 200

Kengetal Capaciteit 0 0 0

Kengetal Capaciteit

25 20

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 1170 0,8357143

Benodigd Verschil

540 631

0,39 0,5

115 25

50

0

Aantal

Aantal

overlegstructuren (regiooverleg/kennisgroep RUD, BBL, LWBG) Project Omgevingswet (incl. Project 'Warme Overdracht en implementatie bodemtaken') Grote projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, etc. Diverse regionale afstemmingsprojecten (asbest in bodem / diffuse grondwaterverontreiniging / nul- en eindsituatie) Subtotaal

0,0

25

overlegstructuren (regiooverleg/kennisgroep RUD, BBL, LWBG) VVGB-project Project Omgevingswet (incl. Project 'Warme Overdracht en implementatie bodemtaken') Herstructurering Natte Bedrijventerreinen Grote projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, etc. Diverse regionale afstemmingsprojecten (asbest in bodem / diffuse grondwaterverontreiniging / nul- en eindsituatie) Subtotaal

Benodigd

in fte 0

125

MG

Subtotaal

Capaciteit in uren Beschikbaar

Kengetal Capaciteit

ES

Aantal

25 260

Kengetal Capaciteit 0 0 0

25

95

20

0

Aantal

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 1521 1,0864286

Kengetal Capaciteit

25 165

Kengetal Capaciteit 0 0 0

RD

Lokale projecten/aandachtspunten ES Activiteit

Benodigd

343

0,25

Verschil

1178

0,8

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

4.3.3 Externe veiligheid (omgevingsveiligheid)

In onderstaand rekenblad worden alle activiteiten binnen het taakveld externe veiligheid (EV) beschreven die in 2022 uitgevoerd gaan worden. In de afgelopen jaren was sprake van subsidiemogelijkheden (via het Provinciale Uitvoeringsprogramma Omgevingsveiligheid) ter financiering van EV-taken. Deze subsidie is per 1-1-2021 vervangen door een bijdrage aan gemeenten via de Algemene Uitkering. Deze gelden vormen een dekkingsmiddel voor de kosten van de MER-OD op het gebied van dit taakveld. In RUD-verband is een gezamenlijk uitvoeringsprogramma Omgevingsveiligheid opgesteld. Dit moet de in de regio aanwezige kennis op het gebied van omgevingsveiligheid bundelen, zodat meer specialisatie en robuustheid kan ontstaan op dit vakgebied. Gestreefd wordt naar een (waarschijnlijk) drietal specialisten die in de hele regio kunnen worden ingezet voor het uitvoeren van de reguliere wettelijke taken op het gebied van omgevingsveiligheid. De MER-OD gaat één van deze specialisten werven. Globaal betreft het de volgende werkzaamheden: 

       

het adviseren/inbrengen van de aspecten EV in het kader van vergunningverlening (incl. APV/evenementen), toezicht en handhaving, het nemen van een afwijkingsbesluit en principeverzoeken; het bijhouden van de EV-situatie op de risicokaart; het vaststellen van de EV-situatie op basis van de circulaire Risiconormering vervoer gevaarlijke stoffen (RNVGS); advisering ten aanzien van het verantwoorden van het Groepsrisico; het beantwoorden van adviesvragen van de gemeenten mbt het aspect externe veiligheid, incl. advisering in het kader van ruimtelijke plannen en projecten; raadplegen Risicoregister Gevaarlijke Stoffen (RRGS) en het informatiesysteem overige rampen (ISOR); toetsen ontvankelijkheid QRA en het inhoudelijk beoordelen van het resultaat van een QRA; maken van QRA’s met behulp van EV-rekenmodellen (eenvoudige CAROLA berekeningen); het signaleren van relevante beleidsontwikkelingen binnen het taakveld EV, het hierover adviseren aan de gemeenten en indien gewenst opstellen van EV-beleid;

Het maken van QRA’s waarvoor complexe berekeningen dienen te worden uitgevoerd, kan in voorkomende gevallen worden uitbesteed.

80

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

De in onderhavig rekenblad opgenomen aantallen per activiteit zijn gebaseerd op de ervaringscijfers van de afgelopen jaren. Er hebben enkele kleine wijzigingen plaatsgevonden, maar die hebben niet of nauwelijks effect op de totale, verwachte werkvoorraad voor de specialisten externe veiligheid. Projecten De specialist externe veiligheid van de MER-OD participeert in 2022 slechts in één project: ondersteuning in het proces naar implementatie van de ‘Omgevingswet’. Conclusie benodigde capaciteit S-EV Voor de taken op het gebied van Externe Veiligheid, die door de gemeenten bij de MER-OD in 2022 worden afgenomen, is momenteel geen eigen capaciteit voorhanden. Om die reden wordt wederom capaciteit ingehuurd vanuit de RUD-samenwerking. Van belang daarbij te vermelden is dat er in 2021 een ontwikkeling in gang is gezet om voor wat betreft de uitvoering van de taken op het gebied van omgevingsveiligheid meer vanuit een deskundigenpool, gefaciliteerd door de RUD, te werken. Concreet: een aantal specialisten die de krachten bundelen en de hele regio Noord Limburg bedienen met hun vakkennis. Zo ontstaat meer robuustheid en specialisatie. De MER-OD wil graag één van deze EV-specialisten gaan werven en – naast het primair inzetten voor de MER-gemeenten – ook inzetten in de regio. De wervingsprocedure is in gang gezet.

81

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Activiteit Specialistisch advies vergunningen en toezicht daarop

Totaal Totaal aantal aantal ES MG

Specialistisch advies ruimtelijke procedures (afwijkingsbesluiten, principeverzoeken) Risico inventarisatie en registratie (RRGS/REV)

Totaal aantal MER

52

52

44

160

160

130

27

27

8

8

247

247

EV advies bij beleid Kennisnetwerk Subtotaal

Totaal aantal RD

Percentage Percentage Percentage Aantal Aantal Aantal Aantal uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren Kengetal Capaciteit Capaciteit Capaciteit Capaciteit ES MG RD ES MG RD MER MER ES MG RD MER 100%

100%

100%

52

52

44

148

0,5

26

26

22

74

450

100%

100%

100%

160

160

130

450

1

160

160

130

450

22

76

100%

100%

100%

27

27

22

76

1

27

27

22

76

7

23

100%

100%

100%

8

8

7

23

5

203

549

247

247

203

697

40 13 266

40 14 267

35 11 220

115 38 753

Activiteit Grote projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, kennisdeling, etc. Project Omgevingswet Subtotaal

Aantal

Kengetal Capaciteit

1 1 2

25 25

ES

Lokale projecten/aandachtspunten ES

15 25 40

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 1562 1,1

Benodigd Verschil

306 1256

0,22 0,9

82

Lokale projecten/aandachtspunten RD Activiteit Grote projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, kennisdeling, etc. Project Omgevingswet Subtotaal

Aantal

Kengetal Capaciteit

15 25 40

Aantal

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 137 0,1

Benodigd Verschil

307

0,22

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 514 0,4

Kengetal Capaciteit

RD

Activiteit Grote projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, kennisdeling, etc. Project Omgevingswet Subtotaal

MG

Lokale projecten/aandachtspunten MG

0

15 25 40

Benodigd Verschil

260 254,0

0,19 0,2

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

4.3.4 Geluid

In onderstaand rekenblad worden alle activiteiten binnen het taakveld Geluid beschreven die in 2022 uitgevoerd gaan worden. Globaal betreft het de volgende werkzaamheden: 

   

adviseren over geluidsaspecten (inclusief het beoordelen van een akoestische rapportage en het evt opleggen van voorschriften). Het betreft o.a. de advisering bij: evenementen, bij het opleggen van maatwerkvoorschriften bij Amvb-bedrijven, klachten, zienswijzen/bezwaar ten aanzien van het aspect geluid, principeverzoeken en bij aanvragen om een omgevingsvergunning. het beantwoorden van adviesvragen van de gemeenten mbt het aspect geluid, incl. de advisering in het kader van ruimtelijke plannen, planologische ontwikkelingen en projecten; afgeven van een ontheffing hogere grenswaarde; Geluidsaneringen van woningen vanwege wegverkeerslawaai die op de A-lijst staan vermeld in het kader van de Investeringsbudgetregeling Stedelijke Vernieuwing (ISV); Actualiseren en up to date houden van de zoneboekhouding van de gezoneerde industrieterreinen, alsmede het adviseren over ontwikkelingen op een gezoneerd industrieterrein; het signaleren van relevante beleidsontwikkelingen binnen het taakveld geluid, het hierover adviseren aan de gemeenten en indien gewenst opstellen van geluidbeleid;

De in onderhavig rekenblad opgenomen aantallen per activiteit zijn gebaseerd op de ervaringscijfers van de afgelopen jaren. Er hebben enkele kleine wijzigingen plaatsgevonden, maar die hebben niet of nauwelijks effect op de totale, verwachte werkvoorraad voor de specialisten geluid. Projecten Voor het onderdeel ‘geluid’ zijn er – behoudens de inzet ten behoeve van de implementatie van de ‘Omgevingswet’ en het ‘VVGB-project’ – geen specifieke projecten aan de orde. Wel wordt ondersteuning gevraagd in ruimtelijke plannen en projecten van de gemeente en daar waar aan de orde zijn werkzaamheden benodigd in het kader van de uitvoering van landelijk beleid.

Conclusie benodigde capaciteit S-geluid Voor de taken op het gebied van geluid, die in 2022 door de gemeenten bij de MER-OD worden afgenomen, is onvoldoende capaciteit voorhanden. Dit maakt de inzet van flexibele schil noodzakelijk. Deze behoefte aan externe inhuur zal naar verwachting in 2022 nog iets hoger liggen – mede vanwege de inzet ten behoeve van de Omgevingswet – dan in 2021. Voor wat betreft de wijze waarop wordt omgegaan met de financiële consequenties van een grotere capaciteitsvraag, wordt verwezen naar hoofdstuk 6 (‘Wat gaat het kosten?’).

83

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Activiteit Specialistisch advies geluid en trillingen Advisering principeverzoeken Advisering bij planologische ontwikkelingen (Waboafwijkingsbesluiten) Advisering Waboomgevingsvergunning bouwen

Totaal Totaal aantal aantal ES MG

Totaal aantal RD

Totaal aantal MER

Percentage Percentage Percentage Aantal Aantal Aantal Aantal uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren uitvoeren Kengetal Capaciteit Capaciteit Capaciteit Capaciteit ES MG RD ES MG RD MER MER ES MG RD MER

15

50

10

75

100%

100%

100%

15

50

10

75

4

60

200

40

300

45

40

25

110

100%

100%

100%

45

40

25

110

5

225

200

125

550

45

40

30

115

100%

100%

100%

45

40

30

115

2,5

112,5

100

75

288

Advisering klachten, bezwaar/beroep, zienswijzen Advisering diversen (vragen gemeente) Beoordeling akoestische rapportage Milieuadvies bij ruimtelijke plannen (geluid) advies over geluidsaspecten incl. te hanteren voorschriften (maatwerk) Uitvoeren akoestisch onderzoek

3

3

2

8

100%

100%

100%

3

3

2

8

16

48

48

32

128

5 25 15

3 20 9

2 15 8

10 60 32

100% 100% 100%

100% 100% 100%

100% 100% 100%

5 25 15

3 20 9

2 15 8

10 60 32

4 0 8

20 0 120

12 0 72

8 0 64

40 0 256

25 0

13 0

13 0

51 0

100% 100%

100% 100%

100% 100%

25 0

13 0

13 0

51 0

6 0

150 0

78 0

78 0

306 0

Advies zonebeheer/onderhoud zoneboekhouding Advisering APV Hogere grenswaarde ontheffing Subtotaal

4 12 4 198

4 13 4 199

2 5 2 114

10 30 10 511

100% 100% 100%

100% 100% 100%

100% 100% 100%

4 12 4 198

4 13 4 199

2 5 2 114

10 30 10 511

16 4 10

64 48 40 887,5

64 52 40 866

32 20 20 494

160 120 100 2247,5

84

Lokale projecten/aandachtspunten RD Activiteit Overleggroepen geluid Sanering (meerjarenprogramma) Grote (ruimtelijke) projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, etc. Omgevingswet VVGB-project Subtotaal

85

1

Kengetal Capaciteit 4 8 40 40

50

3

Aantal 2 1

1

2

Aantal 2 1

3

Kengetal Capaciteit 4 8 40 40

25

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 1400 1 Benodigd 1040,5 0,74 Verschil 359,5 0,3

50 40 15 153

MG

Lokale projecten/aandachtspunten MG Activiteit Overleggroepen geluid Sanering (meerjarenprogramma) Grote (ruimtelijke) projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, etc. Omgevingswet VVGB-project Subtotaal Klachten en meldingen MG

Aantal 2 1

25 35 25 133

Kengetal Capaciteit 4 8 10 10

15 25 10 68

RD

Lokale projecten/aandachtspunten ES Activiteit Overleggroepen geluid Sanering (meerjarenprogramma) Grote (ruimtelijke) projecten, deelname projectteam, vooroverleg gevoelige ontwikkelingen, bestuurlijk overleg, etc. Omgevingswet VVGB-project Subtotaal

ES

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 980 0,7 Benodigd

999

0,71

Verschil

-19

0,0

Capaciteit in uren in fte Beschikbaar 238 0,17 Benodigd 562 0,40

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

4.3.5 Brandveiligheid

De specialisten die zich bezig houden met brandpreventie voeren in 2022 de volgende taken uit op het gebied van toetsing en toezicht in het kader van brandveilig gebruik:       

Afhandelen meldingen brandveilig gebruik; Advisering tav het aspect brandveiligheid bij aanvragen omgevingsvergunningen (bouwen, ro, milieu) en vergunningaanvragen op grond van de APV; Periodieke controles brandveiligheid bouwwerken met vergunning brandveilig gebruik / melding brandveilig gebruik; Ondersteuning voor het aspect brandveiligheid bij evenementen; Controle brandveiligheid bij sexinrichtingen Ondersteuning vanuit het aspect brandveiligheid bij complexe bouw-, milieu- en horecacontroles; Afhandelen van klachten/meldingen mbt het aspect brandveiligheid. Voor specifieke brandveiligheidsaspecten bij aangevraagde omgevingsvergunningen en evenementenvergunningen wordt indien nodig advies van de Veiligheidsregio ingewonnen.

Omdat de beschikbare capaciteit niet toereikend is om alle activiteiten met betrekking tot de advisering bij vergunningaanvragen en het toezicht 100% te kunnen uitvoeren zijn er kwantitatieve keuzes gemaakt. Dit betekent dat er keuzes zijn gemaakt in het aantal uit te voeren controles en de wijze waarop wordt omgegaan met de advisering bij vergunningaanvragen/meldingen. De uitkomst van de risicoanalyse is hierbij leidend geweest. Met betrekking tot de advisering bij omgevingsvergunningaanvragen voor het onderdeel bouwen worden de activiteiten met de hoogste risico’s (woonfunctie voor niet zelf redzame personen, gezondheidszorgfunctie, bijeenkomstfunctie etc.) 100% door de brandpreventiemedewerker uitgevoerd en de activiteiten met een lager risico tussen de 10% en de 50%. De rest wordt door de vergunningverleners bouwen uitgevoerd. Alle omgevingsvergunningaanvragen voor het onderdeel bouwen die bij de MER-gemeenten ontvangen worden, worden dus getoetst op brandveiligheid (daar waar brandveiligheid aan de orde is). Hierbij is dus een onderscheid gemaakt in aanvragen die door de brandpreventiemedewerker worden getoetst en aanvragen die door de vergunningverleners bouwen worden getoetst.

Hierbij zij opgemerkt dat de betreffende vergunningverleners bouwen die de brandveiligheidstoets uitvoeren speciaal hiervoor opgeleid zijn dan wel zullen worden zodat aan de hiervoor vereiste opleidingseisen wordt voldaan. De specialisten brandveiligheid springen met hun deskundigheid bij waar nodig. Met betrekking tot evenementen geeft de brandpreventiemedewerker advies over alle aanvragen om C-evenementen en B-evenementen en over een gedeelte van de A-evenementen (kleinere feesten).

86

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Daarnaast zijn er bij het aantal uit te voeren controles ook kwalitatieve (en daarmee kwantitatieve) keuzes gemaakt. Bij de periodieke gebruikscontroles wordt prioriteit gegeven aan gevoelige gebouwen. Dit kan zijn omdat het gebouw zelf een bepaalde complexiteit vanuit het aspect brandveiligheid bezit, dan wel omdat er grote groepen mensen gelijktijdig kunnen verblijven en/of sprake is van een beperkte mate van zelfredzaamheid. Voor meer informatie over deze brandveiligheidscontroles en de uitwerking in aantallen en uren zie de rekenbladen van vergunningverlening bouwen (4.1.2), toezicht milieu (4.2.1) en toezicht bouwen (4.2.2). Projecten Er is één specifiek project (uitsluitend) op het gebied van brandveiligheid voorzien voor 2022: de afronding van het onderzoek naar de gevelbekleding van zorgcentrum De Eghte (een en ander naar aanleiding landelijke oproep ministerie om onderzoek naar brandveiligheid gevels hoogbouw / onderzoek uit te voeren door externe partij in opdracht van instelling zelf met MER-OD als toetser). Daarnaast participeren de brandveiligheidsspecialisten vanuit hun deskundigheid in de (bouw)toezichts-projecten voor de drie MER-gemeenten. In alle drie de MER-gemeenten worden de toezichthouders brandveiligheid daar waar nodig/gewenst ingezet in het kader van het project ‘Aanpak Ondermijning’ en ‘Omgevingswet’.

In Maasgouw en Roerdalen wordt nog inzet gevraagd in het kader van de projecten ‘Aanpak onrechtmatige bewoning recreatieparken’ en ‘Toezicht locaties arbeidsmigranten’. Echt-Susteren zijn er verder de specifieke projecten ‘Keurmerk Veilig Ondernemen’ en ‘Wolfskoul’. Voor Roerdalen het project ‘Woonwagenlocaties’. Daarnaast zijn er beperkte uren geraamd voor ad hoc bestuurlijke prioriteiten. Tot slot is er nog een beperkt aantal uren geraamd voor het leveren van brandveiligheidskennis in het VVGB-project (zie ook paragraaf 4.4.1).

Conclusie benodigde capaciteit brandveiligheid Voor de taken op het gebied van brandveiligheid in 2022 is – uitgaande van de vaste bezetting / nulmeting 2013 – onvoldoende capaciteit voorhanden. Dit heeft overigens alleen betrekking op de brandveiligheidstaken op het gebied van vergunningverlening (dat heeft te maken met de toegenomen aantallen aangevraagde omgevingsvergunningen). Om die taken desondanks adequaat te kunnen uitvoeren, is de inzet van extra menskracht nodig. Daartoe wordt flexibele schil ingezet. Voor de uitvoering van de toezichtstaken brandpreventie is wél voldoende capaciteit voorhanden binnen de vaste formatie van de MER-OD. Daarbij dient echter in acht te worden genomen dat niet alle preventietaken voor 100% worden uitgevoerd. Op basis van de beschikbare capaciteit worden kwalitatieve keuzes gemaakt. De werkzaamheden richten zich op de zaken waarbij de grootste veiligheids- en gezondheidsrisico’s aan de orde zijn, een en ander is in lijn met de omgevingsrecht-breed toegepaste risicoanalyse. Daarbij is een constatering dat de inzet van de toezichthouders brandveiligheid in projecten steeds groter wordt, waardoor de druk op de uitvoering van de reguliere toezichtstaken toeneemt. Er is nauwelijks speelruimte meer om extra taken op te pakken.

Dit is een zorgpunt, waarover in 2022 – zeker in de aanloop naar de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (accentverschuiving van bouwtoezicht naar brandveiligheidstoezicht?) – met de gemeenten het gesprek zal worden gevoerd. Bovendien is – zoals ook opgemerkt bij de vergunningverleningstaken – het werk van de specialisten brandveiligheid voor een groot deel vraaggestuurd, maw: er kan niet op voorhand exact worden aangegeven hoeveel uren brandveiligheid benodigd zullen zijn. Een en ander hangt bijvoorbeeld in grote mate af van het aantal omgevingsvergunningen dat in 2022 zal worden aangevraagd. Indien zou blijken dat nóg meer capaciteit nodig zou zijn bij de toetsing van het aspect brandveiligheid bij aanvragen omgevingsvergunningen, kan snel worden opgeschaald.

87

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

4.3.6 Luchtkwaliteit

Volgens de kwaliteitscriteria 2.2 dient het specialisme Luchtkwaliteit op de aldaar beschreven wijze te worden georganiseerd. Het gaat om het borgen van een aantal taakonderdelen: het bepalen of van een onderzoekplicht of noodzaak sprake is (1), het (laten) uitvoeren van luchtonderzoeken conform het NNM en CAR-model (2), het (laten) uitvoeren van luchtonderzoeken conform complexe rekenmodellen (3), het beoordelen van rapportages van externe bureaus (4), het beoordelen van geurrapportages (5) en het uitvoeren van emissiemetingen en geuronderzoeken (6). Bij de oprichting van de MER-OD is er nadrukkelijk voor gekozen om het specialisme Luchtkwaliteit niet in te richten binnen de eigen organisatie, maar bij gebleken behoefte te halen uit de RUD Limburg Noord. Slechts voor het uitvoeren van de activiteiten 4 en 6 is – hoewel formeel niet wordt voldaan aan de eisen die de kwaliteitscriteria hiervoor stellen - binnen de MER-OD kennis voorhanden, waardoor de opdrachtgevers kunnen worden voorzien van de benodigde adviezen waar nodig. De activiteit 4 is nu expliciet beschreven in dit Uitvoeringsprogramma, naast twee andere taken die niet expliciet in de kwaliteitscriteria zijn beschreven: beoordeling principeverzoeken en bijhouden van registratie in het kader van Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit.

Met name de behoefte aan het beoordelen van principeverzoeken op het aspect luchtkwaliteit is de afgelopen tijd toegenomen. Met name in de gemeente Maasgouw wordt de beoordeling van een principeverzoek aangevlogen vanuit een zo breed mogelijke toetsing aan relevante aspecten, ook luchtkwaliteit. Hiervoor zijn in dit UP meer uren geraamd dan voorheen, een ander conform de wens van de opdrachtgever. Zie hiervoor het rekenblad ‘Vergunningverlening milieu’, paragraaf 4.1.1 (pagina 31). Het beoordelen van een geurrapportage (activiteit 6) valt onder de werkzaamheden van de vergunningverleners milieu (agrarisch). Voor de overige taakonderdelen (1 t/m 3 en 5) wordt – indien vanuit een van de drie gemeenten een verzoek daartoe wordt ontvangen – deze taak gehaald uit de RUD Limburg Noord.

88

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

4.3.7 Groen en ecologie

De landelijke kwaliteitscriteria schrijven voor dat elke organisatie, die zich bezighoudt met taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving ook expertise moet bezitten ten aanzien van het specialisme ‘Groen en ecologie’. In de MER-OD was deze specialistische kennis nog niet aanwezig. Door de drie MER-gemeenten was bij de start van de MER-OD ervoor gekozen om dit specialistische taakveld vooralsnog niet in te vullen, mede gelet op de nog beperkte vraag naar deze expertise alsmede met het oog op mogelijke formatieve en dus financiële consequenties. In 2015 is de vraag vanuit de gemeenten bij de MEROD neergelegd om te kunnen adviseren op het gebied van groene wetgeving. In 2015 en 2016 is daarom bij een specifieke medewerker van de MEROD inhoudelijke kennis ontwikkeld (opleiding Natuurwetgeving en ecologie), zodat kan worden voorzien in deze behoefte. In 2016 is deze ondersteuning op het vakgebied ‘groen’ al stevig geleverd aan gemeenten (al dan niet indirect via uitgevoerde toetsingen in het kader van vergunningverlening). Vanaf 2017 is deze ondersteuning alleen maar toegenomen, een en ander als gevolg van het toenemende belang van dit aspect. Belangrijke ontwikkeling in dat verband is de inwerkingtreding van de Wet Natuurbescherming per 1 januari 2017.

Met de inwerkingtreding van deze wet kan de op basis daarvan te verlenen Natuurvergunning (vooralsnog facultatief) gaan ‘aanhaken’ bij de omgevingsvergunning (bouwen/ro/milieu) en wordt de gemeente (MER-OD) daarmee 1e loket voor natuurvergunningen. Hierdoor is een nieuwe rol voor de gemeente (MER-OD) ontstaan. Deze nieuwe rol dient adequaat georganiseerd te worden. Hiervoor is capaciteit en kennis nodig. Beide onderdelen zijn in dit Uitvoeringsprogramma geborgd. Er is een inschatting gemaakt van de benodigde capaciteit. Zie hiervoor het rekenblad behorende bij paragraaf 4.1.1. Met het ontwikkelen van dit specialisme wordt ook – zeker in samenhang met de andere (overigens ook zeer beperkt aanwezige) groenspecialisten in de RUD Limburg Noord – voor dit onderdeel voldaan aan de kwaliteitscriteria. Ook zal regelmatig overleg plaatsvinden tussen de specialist groen/ecologie van de MER-OD en de (beleids)medewerkers groen van de gemeenten. Afstemming tussen beide taakonderdelen is noodzakelijk om te komen tot een goede werkverdeling. Afbakening op basis van de taken zoals die zijn beschreven in de kwaliteitscriteria 2.2 (casu quo de Wet VTH) geldt daarbij als uitgangspunt. Behoudens enkele kleine verschuivingen (‘plussen en minnen’) is er voor wat betreft de benodigde capaciteit voor dit taakveld in 2022 niet veel gewijzigd.

Van belang om hier nog te vermelden dat voor de MER-OD (gemeenten) géén toegang is georganiseerd (in verband met kosten) tot de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). Ter compensatie heeft de MER-OD een contract afgesloten met bureau Regelink, dat de MER-OD indien nodig adviseert over complexe ecologische vraagstukken.

89

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

4.4 Projecten Niet alle werkzaamheden worden gedurende het gehele jaar en/of gedurende opeenvolgende jaren uitgevoerd. Naast seizoensinvloeden wordt een deel van het werk ook projectmatig uitgevoerd. Het werken in projecten maakt het gemakkelijk om in te spelen op actualiteiten en/of bestuurlijke wensen. In het jaarlijkse uitvoeringsprogramma wordt telkens aandacht besteed aan de projecten die gedurende de programmaperiode worden uitgevoerd. Projecten kunnen binnen de gehele RUD of binnen de afzonderlijke gemeenten worden uitgevoerd, afhankelijk van de couleur locale. Ook in dit uitvoeringsprogramma van de drie MER-gemeenten treft u beide varianten aan. Hieronder in 4.4.2 worden de projecten die voor 2022 zijn opgenomen in dit programma kort toegelicht. Eerst een korte toelichting op het reeds sinds 1-1-2014 lopende VVGB-project. 4.4.1 Project VVGB-bedrijven

Per 1 januari 2014 is het bevoegd gezag van in totaal 45 inrichtingen overgedragen van de provincie Limburg aan de MER-gemeenten. Inmiddels is dat aantal omlaag gegaan: per 1-10-2021 Maasgouw 26, Echt-Susteren 9 en Roerdalen 4. Dit heeft te maken met diverse omstandigheden: een aantal bedrijven bleek toch provinciaal te zijn en aantal bedrijven heeft de activiteiten inmiddels beëindigd. Voor de resterende 39 inrichtingen betekent dit dat de gemeenten Wabo-breed bevoegd gezag zijn voor vergunningverlening, toezicht en handhaving bij deze inrichtingen. Een deel van de VVGB-taken lag tot en met 2020 bij een separate organisatorische eenheid: de Uitvoeringseenheid VVGB (UE), gevestigd in Roermond. In de UE zijn in 2014 4,5 fte aan (voormalig) provinciale medewerkers hierin ondergebracht, die verantwoordelijk waren voor de uitvoering van de milieutaken met betrekking tot deze VVGB-bedrijven. De gemeenten in Noord Limburg namen verplicht diensten af van deze UE. Vanuit de RUD is, op verzoek van de gemeente Roermond, gevraagd aan Arena Consulting om een onderzoek uit te voeren naar de toekomstige positie van de UE. De aanleiding betrof met name de niet ingevulde formatieruimte bij de UE; het aanbod op de arbeidsmarkt voor structurele aanvulling van de UE is beperkt, waardoor het werk van de UE niet volledig verzet kon worden.

Daarnaast riep het afwijkende organisatie- en financieringsconstruct van de UE jaarlijks veel vragen op in de gesprekken tussen de gemeente Roermond/UE en de partners die diensten van de UE af (dienden te) nemen. De conclusie van de onderzoekers was dat de UE, in 2020 nog bestaande uit 1 FTE, als afzonderlijk organisatorisch en financieel construct eindig was. Besluitvorming in de colleges van de bij de RUD aangesloten gemeenten, heeft geleid tot opheffing van dezer UE. Dat impliceert dat nu alle VVGBtaken (met uitzondering van de complexe RO-procedures, deze worden uitgevoerd door de moedergemeenten) integraal zijn ondergebracht bij de MER-OD. De daartoe benodigde uren en daarbij behorende financiering maakt onderdeel uit van dit UP.

90

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Inhoud VVGB-project In 2014 is geconstateerd dat bij een aanzienlijk aantal VVGB-inrichtingen sprake is van een niet geringe mate van ‘achterstallig onderhoud’ en er in veel gevallen per direct een vergunningverleningsprocedure en/of een handhavingstraject doorlopen moest worden. Met het doorlopen en goed afronden hiervan wordt de situatie bij de VVGB-inrichtingen in projectvorm genormaliseerd. De verwachting bestond dat deze normalisatie in de eerste helft van 2017 kon worden afgerond. Dit bleek helaas niet haalbaar. Met name als gevolg van weerstand bij de bedrijven zelf en planologische belemmeringen (die weer te maken hadden met aspecten rondom geluidzonering) was lange tijd vergunningverlening bij een groot aantal bedrijven niet mogelijk. Ook de complexe organisatiestructuur rondom het VVGB-project (taken verdeeld over Uitvoeringseenheid Roermond, MER-OD en gemeenten) is niet bevorderlijk geweest voor een efficiënte afhandeling van de dossiers. Sinds medio 2018 zit er meer schot in de zaak. Enerzijds doordat er strakker wordt gestuurd op het nakomen van afspraken (vanuit de werkgroep VVGB), anderzijds omdat inmiddels planologisch beter kan worden doorgepakt vanwege de beschikbaarheid van een uitgevoerd geluidonderzoek. Door dit onderzoek zijn de meeste van deze planologische belemmeringen weggenomen.

En ook de opheffing van de Uitvoeringseenheid Roermond (zie hierboven) zal gaan bijdragen aan een betere projectvoortgang. In 2021 zullen de belangrijkste dossiers (zowel qua vergunningverlening als qua handhaving) verder opgepakt en waar mogelijk afgerond worden. Alle inrichtingen beschikken na afronding van het project over een actuele en correcte vergunning en op het bedrijfsterrein zijn geen illegale situaties aanwezig. Gaandeweg, aansluitend aan het normalisatieproject, worden de inrichtingen steeds toegevoegd aan het reguliere vergunningverlening-, toezicht- en handhavingsprogramma. Voor de kosten die met deze extra vvgb-werkzaamheden gemoeid zijn, zijn middelen vanuit het Gemeentefonds beschikbaar gesteld. Zowel voor de normalisatiewerkzaamheden waren extra middelen beschikbaar (2014-2016) als voor het uitvoeren van de reguliere vvgb-werkzaamheden (vanaf 2017). Afhankelijk van het aantal inrichtingen en de aard en omvang van die inrichtingen is het budget, dat eerder aan de provincies beschikbaar werd gesteld, verdeeld over de gemeenten. Vanaf 2017 (het normalisatietraject is qua financiering ten einde) zijn de gemeenten en daarmee de MEROD teruggevallen op het ‘reguliere vvgb-budget’. Met dit budget kunnen de werkzaamheden ten behoeve van de VVGB-inrichtingen, zoals aangeduid in de diverse rekenbladen in dit UP worden gefinancierd.

Het beschikbare reguliere budget, aangevuld met de middelen die worden ‘omgebogen’ van de Uitvoeringseenheid naar de MER-OD zal naar verwachting voldoende zijn, het eventueel resterende budget kan worden ingezet ter financiering van de overige UP-werkzaamheden van de betreffende gemeente. In schema samengevat zijn dit de verwachte uren als gevolg van het VVGB-project voor 2022:

VVGB MG VVGB ES VVGB RD VVGB tot

Uren VVGB MEROD (UP'22) 940 390 175 1505

91

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Deze urenraming 2022 is ten opzichte van 2020 en 2021 naar beneden bijgesteld. Gebleken is dat de in de afgelopen jaren steeds geraamde uren aan de hoge kant zijn geweest, waardoor aan het eind van het jaar (bij de eindafrekening van het UP) deze uren steeds weer moesten worden verrekend tussen MER-OD en gemeenten. De geraamde urenbesteding door de MER-OD aan dit VVGB-project is derhalve gebaseerd op de daadwerkelijk verwachte urenbesteding en dus niet op de (initieel gehanteerde) kentallen van de provincie waardoor steeds te veel uren werden geraamd. Uiteindelijk zal ook op basis van werkelijke urenbesteding worden afgerekend.

4.4.2 Andere projecten Uitvoeringsprogramma 2022

In onderstaande tabel is een samenvatting per project weergegeven en worden de totale beschikbare uren per project vermeld.

Project

Toelichting

Uren

MER-brede projecten (worden door alle MER-gemeenten uitgevoerd) Omgevingswet

De voorbereidingen op de Omgevingswet (OW) zijn al aan de gang, maar zullen in 2022 intensiever worden en daarmee een grote impact gaan hebben op de MER-OD. Om de MER-OD voor te kunnen bereiden op de minimale eisen van de OW is een projectorganisatie opgezet, die bestaat uit twee projectleiders en 12 werkgroepen die aan de slag zijn/gaan met o.a. de volgende onderwerpen: - Ontwerp initiatievenproces - Ontwerp vergunningenproces - Legesverordening - Wet kwaliteitsborging bouwen - Advisering gemeenten bij opstellen/voorbereiding omgevingsplannen/omgevingsvisie - In beeld brengen Bruidsschat - Voorbereiding toepasbare regels - Voorbereiding omslag milieuregels (zgn MBA's) - Erfgoedverordening/ruimtelijke kwaliteit

MG 2010 uur

ES 2550 uur

RD 1505 uur

Het opleidingstraject (zowel harde trainingen/cursussen mbt kennis als de doorontwikkeling mbt houding/gedrag) worden niet doorberekend. Parallel aan het OW-spoor loopt het digitale spoor mbt Squit20/20, de koppeling op het DSO en de ontwikkelingen met betrekking tot dienstverlening. Die uren zitten in het Squit-project en het project ‘Ontwikkelingen dienstverlening’, zie hierna.

92

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

De totale ureninzet voor 2022 ten behoeve van de implementatie van de Omgevingswet is door de MEROD berekend op 6065 uur.

Ontwikkelingen dienstverlening

Implementatie Squit2020

Voor een uitgebreide beschrijving van dit project: zie ook paragraaf 1.1 van dit Uitvoeringsprogramma. Onder de noemer Omgevingswet is al iets gezegd over dienstverlening. De relatie tussen OW en dienstverlening is heel sterk.

MG 200 uur ES 250 uur

Maar de ontwikkelingen op het gebied van dienstverlening zijn veel breder dan dat. Er ligt een projectagenda dienstverlening, waarin de MER-OD participeert en ondersteunt. Denk aan ontwikkelingen rondom zaakgericht werken, verbetertraject DIV, aanpassing telefonie, doorontwikkeling websites, opstellen e-formulieren. Al deze deelprojecten hebben te maken met de MER-OD en vragen inzet. Een deel van die inzet zit in de uren van onze kwaliteitsmedewerkers, maar een deel van die uren kan niet worden opgevangen met de huidige bezetting. Daarvoor hebben de uitdagingen en de uitgesproken ambitie te veel impact.

RD 200 uur

Het project 'Implementatie Squit2020' gaat ook in 2022 een grote impact op de MER-OD hebben. Er was zeker geen rekening gehouden met een dergelijke lange uitloop van dit project, maar de aanhoudende technische problemen met de te leveren applicatie zorgen voor veel vertraging en extra (oplopende) kosten bij alle Limburgse gemeenten die verenigd zijn in dit omvangrijke ICT-project (SGIV). Inzet van projectmedewerkers duurt immers langer. Niet alleen projectleider, kwaliteitsmedewerkers en applicatiebeheerder moeten langer worden ‘vrij gemaakt’ voor dit project, maar ook alle key-users (Squit2020 specialisten onder de medewerkers) en alle andere medewerkers moeten langer testen en oefenen met het nieuwe pakket. Belangrijke nevenprojecten van deze implementatie zijn de verbetering van het DIVproces (OD heeft last van archief-issues) en AVG-proof organiseren van de werkprocessen (denk aan anonimiseren van persoonlijke gegevens in dossiers). Al met al zijn uren nodig voor: Het totale productieverlies van deze implementatie wordt ook – net als in 2021 – ingeschat op bijna 2 fte

MG 770 uur ES 770 uur RD 625 uur

93

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

MER-OD breed.

Aanpak Ondermijning

Inzet MER-OD is noodzakelijk bij aanpak ondermijning: - controles hennep / woningsluitingen - sexinrichtingen - acties vanuit RIEC Verder capaciteit geraamd voor aanpak 'verwarde personen'.

MG 250 uur ES 375 uur RD 200 uur

Vanwege de nauwe relatie tussen genoemde onderdelen en een effectievere planning/inzet van mensen, is dit in tegenstelling tot voorgaande jaren onder één – strikt genomen niet helemaal dekkende – noemer (Ondermijning) gebracht.

Energietransitie

Door de MER-OD wordt momenteel een aantal taken op het gebied van energie uitgevoerd. Dit zijn de belangrijkste: - advisering energie-aspect bij milieubedrijfscontroles - uitvoering energiebesparingscontroles - advisering aspect energie ihkv vergunningverlening - toetsen jaarlijkse energiebesparingsonderzoeken - inzet tbv regionale samenwerking energie (RES)

MG 25 uur ES 100 uur RD 50 uur

Naast de wettelijke taken op het gebied van energie, levert de MER-OD in 2022 nog extra uren aan de drie gemeenten, eea ter advisering in het kader van ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid (bijv. advisering bij zonne- en windenergieprojecten, educatie op scholen en evt extra controles). Per gemeente is deze inzet anders qua aard en omvang, afhankelijk van de specifieke ambitie. De projecturen die hier zijn benoemd, betreffen uitsluitend deze extra inzet. Lokale projecten gemeente Maasgouw Programmatische aanpak vakantieparken/ Aanpak onrechtmatige bewoning / Veilig recreëren

De MER-OD levert al jaren een bijdrage in de handhaving van illegale bewoning van recreatiewoningen. Ook voor 2022 zijn wederom uren geraamd.

600

De Heus

Juridische ondersteuning vanuit de MER-OD in dit dossier.

75

94

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Project inhaalslag exploitatievergunningen campings/recreatieparken

Er dient een inhaalslag plaats te vinden met betrekking tot het verlenen van exploitatievergunningen aan campings en recreatieparken. Dit vindt projectmatig plaats in 2022.

100

Toezicht locaties arbeidsmigranten

De MER-OD ondersteunt de gemeente in het uitvoeren van een controles op locaties waar arbeidsmigranten verblijven.

110

Project vakantiewoningen Boschmolenplas

De vergunningsituatie bij het recreatiepark Boschmolenplas dient te worden opgeschoond. Veel vergunningen worden niet gebruikt. Een deel van deze vergunningen wordt ingetrokken om ruimte te maken voor nieuwe initiatieven.

250

Lokale projecten Echt-Susteren De Eghte

Actualisatie APV

Afronding brandveiligheidsonderzoek gevelbekleding (voortkomend uit Grenfelltower-incident). Door De Eghte wordt onderzoeksrapport aangeleverd, dat moet worden getoetst. Werkzaamheden aan actualisatie van de APV, inclusief noodzakelijke wijzigingen die die OW met zich meebrengt.

35

100

De Wolfskoul

Deelname MER-OD aan gemeentelijke werkgroep die handhavingsactie in 2023 voorbereidt.

45

KVO De Berk

"Conform voorgaande jaren uren reserveren voor toezicht in het kader van Keurmerk Veilig Ondernemen.

60

De MER-OD levert al jaren een bijdrage in de handhaving van illegale bewoning van recreatiewoningen. Ook voor 2022 zijn wederom uren geraamd. Dit betreft de inzet van de MER-OD bij toezicht op en handhaving van overtredingen op de diverse woonwagenlocaties binnen de gemeente. Eea vanuit Actieplan Woonwagens 2020.

250

De MER-OD ondersteunt de gemeente in het uitvoeren van een viertal controles (risicogestuurd en steekproefsgewijs) op locaties waar arbeidsmigranten verblijven.

100

Lokale projecten Roerdalen Aanpak onrechtmatige bewoning recreatiewoningen

Ondersteuning aanpak woonwagenlocaties

Toezicht locaties arbeidsmigranten

200

95

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

4.5 Overige werkzaamheden 4.5.1 ‘Resttaken’

Zoals reeds beschreven in paragraaf 1.4 zijn de drie opdrachtgevers verantwoordelijk voor het beleid ten aanzien van de taken die in de MER-OD zijn ondergebracht. De MER-OD is verantwoordelijk voor de uitvoering van de aan haar toebedeelde taken. Deze taken zijn zoveel mogelijk geconcretiseerd in dit uitvoeringsprogramma. Desalniettemin is van een aantal taken soms wat lastig te duiden of deze nu tot de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever behoren dan wel onderdeel uitmaken van het takenpakket van de MER-OD. Het gaat bijvoorbeeld om een aantal taken op het terrein van de Huisvestingswet 2014, Leegstandswet, Natuurschoonwet, Ontgrondingenwet, Reconstructiewet concentratiegebieden, Winkeltijdenwet, Woningwet, Wet Basisregistratie Ondergrond, Waterwet, toezicht op nachtregisters, maar ook om enkele (juridisch ondersteunende) taken op het gebied van veiligheid/openbare orde. Het is niet praktisch om deze ‘grensgevallen’ per wet/regeling op te sommen en uit te werken. Veel meer ligt het in de rede dat ten aanzien van deze taken per keer dat zich die noodzaak voordoet in goed overleg wordt gekozen voor een oplossing. Dat kan in het ene geval betekenen dat de opdrachtgever de taak op zich neemt, in het andere geval de MER-OD, maar nog beter: de taak in goede onderlinge samenwerking oppakken.

Deze afstemming vindt in eerste instantie plaats door de beleidsregisseur/accountmanager van de opdrachtgever en de regisseur aan de zijde van de MER-OD. Anno 2021 is de constatering dat er nog maar weinig discussie bestaat over de taken van de MER-OD. Voor zover dit wel aan de orde is, wordt in goed overleg naar een oplossing gezocht.

4.5.2 Nieuwe ontwikkelingen/nieuwe wetgeving

Reeds in hoofdstuk 1 is aangegeven hoe vorm en inhoud wordt gegeven aan het opdrachtgever- en opdrachtnemerschap casu quo het te introduceren account-model. Onderdeel van de samenwerking tussen opdrachtgever en opdrachtnemer is de vraag hoe wordt omgegaan met belangrijke (landelijke) ontwikkelingen of nieuwe wet- of regelgeving. Hiervan kan in zijn algemeenheid worden gezegd dat de MER-OD een signalerende en adviserende taak heeft. Zeker daar waar het de expertise betreft die (nagenoeg) volledig in de MER-OD is ondergebracht, is de opdrachtgever afhankelijk van de signalerende en adviserende rol van de MER-OD. In het uitvoeringsprogramma is hiervoor dan ook voldoende capaciteit gereserveerd (bijvoorbeeld bij juristen en milieuspecialisten). Daar waar het gaat om ontwikkelingen of nieuwe wetgeving die breder is dan de taken die aan de MER-OD zijn bedeeld, ligt er gedeelde verantwoordelijkheid van opdrachtgever en –nemer of zelfs uitsluitend een taak voor de opdrachtgever. Dit zal per keer verschillend zijn. Van belang is dat hierover een adequate informatie-uitwisseling plaatsvindt tussen gemeente en MER-OD. Concreet kan dit uitmonden in concrete themabijeenkomsten van medewerkers van gemeenten en MER-OD waarin nieuwe ontwikkelingen en wetgeving worden besproken. In de begeleiding hiervan is een voorname rol weggelegd voor de regieteams/regiefunctionarissen/accountmanagers.

4.5.3 Flexibiliteit/PM

In dit uitvoeringsprogramma zijn alle taken zo volledig mogelijk beschreven en is daar waar mogelijk rekening gehouden met een stukje flexibiliteit/PM. Er zijn bijvoorbeeld PM-uren gereserveerd bij de juridisch medewerkers en bij de toezichthouders (voor o.a. ad hoc – bestuurlijke – prioriteiten of onvoorziene deelname in veiligheidsprojecten). Deze flexibiliteit is beperkt. Daar waar meer flexibiliteit gewenst is of inzet van medewerkers van de MER-OD wordt gevraagd in werkzaamheden

96

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

of projecten die niet in dit uitvoeringsprogramma zijn opgenomen, wordt zoveel mogelijk aan de wens van de opdrachtgever voldaan. In onderling overleg kan worden besloten om dit als een extra taak te zien dan wel deze nieuwe taak – op basis van een bestuurlijk gewogen keuze – in te ruilen tegen een taak die wel in het uitvoeringsprogramma is opgenomen. De MER-OD zal zich in elk geval ten alle tijden volledig inspannen om de gevraagde capaciteit te leveren.

97

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

5. De 3e W: Wanneer gaan we dat doen? Het uitvoeringsprogramma bestaat voornamelijk uit reguliere wettelijke taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Lokaal kan er voor worden gekozen om specifiek gewenste projecten uit te voeren. De reguliere wettelijke taken zoals toezichtcontroles en het verlenen van vergunningen worden gedurende het betreffende jaar uitgevoerd. Deze taken zijn bovendien grotendeels vraaggestuurd. Het plannen van werkzaamheden op het gebied van vergunningverlening is om die reden lastig. Toezichtsactiviteiten (bijv. bedrijfscontroles) worden daarentegen wel per team gepland die worden vertaald naar individuele werkplannen. Via de kwartaalrapportages worden de opdrachtgevers geïnformeerd over de voortgang van de vraaggestuurde en geplande werkzaamheden. Lokaal kan er voor worden gekozen om projecten onderdeel van dit uitvoeringsprogramma te laten uitmaken. Deze projecten zijn al kort en bondig beschreven in paragraaf 4.4.2 van dit uitvoeringsprogramma. Zeker de omvangrijke projecten die door de opdrachtgevers worden gewenst, worden nog uitgewerkt in concrete projectopdrachten en voorzien van een planning. Op basis van de uitgewerkte projectopdrachten wordt aan de opdrachtgevers kwartaalgewijs in de bestuurlijke kwartaaldashboards van de MER-OD of zo nodig frequenter verantwoording afgelegd.

98

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

6. De 4e W: Wat gaat het kosten? Voor de drie gemeenten is sprake van de programmering van meer output in 2022. De toename is niet terug te voeren op één specifiek onderdeel, maar is het resultaat van de ‘plussen’ en ‘minnen’ van alle taakonderdelen van de MER-OD, waarbij de geraamde extra reguliere uren in verband met de nog steeds – in vergelijking met enkele jaren geleden – hoge aantallen omgevingsvergunningen, het daarmee samenhangende verhoogde bouwtoezicht, de toegenomen aantallen meldingen (met name klachten over bouwactiviteiten), het toegenomen aantal klantcontacten, de toegenomen juridische werkzaamheden, alsmede de – bovenop de reguliere taken – gevraagde projecten (voor 2022 met name de impact van de voorbereidingen op de Omgevingswet) uiteraard zorgen voor een stevige ‘plus’ qua urenclaim op de MER-OD. Hieronder staat de geraamde output 2022 per gemeente aangegeven in uren.

Schema uit UP2022-in-1-oogopslag

Voor de basisuren (de uren die staan aangegeven in de gekleurde balken) worden door de gemeenten – al sinds 2013 – aan de MER-OD de zogenoemde basisbijdragen betaald. Dit zijn de middelen die gekoppeld zijn aan de formatie die in 2013 de overstap heeft gemaakt van de gemeenten naar de MER-OD (geïndexeerd met de wijzigingen in cao en anderszins reguliere aanpassingen, alsmede per 1-1-2020 vermeerderd met middelen voor het kunnen opvangen van verzuim). Deze basisbijdrage wijzigt bovendien jaarlijks op grond van de output T-2: de vaste bijdrage 2022 is met andere woorden aangepast aan de onderlinge verhouding tussen de gemeenten ten aanzien van de werkelijke productie-output 2020 van de MER-OD. De benodigde uren aan additionele dienstverlening (de zwarte balken) is het verschil tussen de totale productieraming 2022 en de beschikbare middelen op basis van de basisbijdragen. Financiering vanuit de gemeenten van deze benodigde additionele dienstverlening door de MER-OD is een voorwaarde voor het kunnen uitvoeren van dit UP2022. De drie gemeenten hebben aangegeven deze benodigde middelen aan de MER-OD ter beschikking te stellen.

99

Uitvoeringsprogramma 2022 MER-Omgevingsdienst

Bij het organiseren van de dekking voor de bovengenoemde financiering van de additionele dienstverlening kan een aantal inkomstenstromen worden ingezet. Op de eerste plaats zijn dit de aan de gemeenten toegekende middelen ten behoeve van het VVGB-project (decentralisatiemiddelen Gemeentefonds). De beschikbare middelen voor dit VVGB-project zijn immers hoger dan nodig voor de uitvoering ervan. Als tweede mogelijke bron voor een eventueel noodzakelijke extra financiering kan de door de MER-OD mogelijk gerealiseerde extra taakstelling worden ingezet. Dat kan alleen als deze extra taakstelling ook daadwerkelijk aan de orde is. Ten tijde van het opstellen van dit uitvoeringsprogramma was het jaarrekeningresultaat van de MER-OD nog niet bekend. Een derde mogelijkheid is het inzetten van middelen die beschikbaar zijn uit een daartoe geoormerkt project of begrotingspost van de gemeente, bijvoorbeeld de inkomsten uit leges. Ook kan waar mogelijk ingezet worden op kwantitatieve keuzes bij de uitvoering van de opgedragen werkzaamheden, m.a.w.: er kunnen taken opnieuw worden geprioriteerd.

De MER-OD zal de genoemde toename aan output (de additionele dienstverlening) voor de gemeenten flexibel organiseren tegen het voor 2022 bestuurlijk vastgestelde RUD-tarief van € 83 per uur, dit door gebruik te maken van de beschikbare capaciteit binnen de netwerk RUD samenwerking dan wel middels externe inhuur. Met kwartaalrapportages wordt de output gemonitord.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Maasgouw&id=70d77341-e58a-4748-b22f-f41acf6246e3