CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapportage H1 2021 Sociaal Domein DEF PDF

Commissie Samenleving en Financiën 23 november 2021, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Halfjaar rapportage Sociaal Domein9.217 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Rapportage Sociaal Domein 01-01-2021 t/m 30-06-2021

32eedddf

Inhoud Inleiding ................................................................................................................................................... 3 1. Stand van zaken PvA Sociaal Domein ................................................................................................ 4 2. Jeugd ................................................................................................................................................... 6 Inleiding ................................................................................................................................................ 6 Instroom ............................................................................................................................................... 6 Verwijzingen ......................................................................................................................................... 7 Uitstroom .............................................................................................................................................. 7 Aantal lopende individuele voorzieningen ........................................................................................... 8 Begroting en uitgaven eerste halfjaar 2021 Jeugdwet ........................................................................

8 Bezwaar en beroep Jeugd ................................................................................................................... 8 Toelichting Jeugd ................................................................................................................................. 9 3. Wmo 2015 ......................................................................................................................................... 13 Inleiding .............................................................................................................................................. 13 Instroom ............................................................................................................................................. 13 Uitstroom ............................................................................................................................................ 14 Aantal lopende maatwerkvoorzieningen ............................................................................................ 14 Begroting en uitgaven eerste halfjaar 2021 Wmo.............................................................................. 15 Bezwaar en beroep Wmo ..................................................................................................................

15 Toelichting Wmo ................................................................................................................................ 16 4. Schuldhulpverlening, peutertoeslag, minimabeleid en statushouders .............................................. 20 Inleiding .............................................................................................................................................. 20 Schuldhulpverlening ........................................................................................................................... 20 Minimaregelingen ............................................................................................................................... 21 Peutertoeslag ..................................................................................................................................... 21 Collectieve zorgverzekering ............................................................................................................... 22 Bezwaar en beroep minimaregelingen .............................................................................................. 22 Huisvesting statushouders .................................................................................................................

22 Begroting en uitgaven minimaregelingen 2021 ................................................................................. 23 5. Participatiewet ................................................................................................................................... 25

2

Inleiding De rapportage Sociaal Domein over het eerste halfjaar van 2021 geeft u wederom een overzicht van de ondersteuning die we bieden binnen de Jeugdwet, de Wmo 2015 en de Participatiewet. Voor het eerst voegen we ook een hoofdstuk toe met daarin de voortgang van het Plan van Aanpak voor het Sociaal Domein. In oktober 2020 is dit door uw raad vastgesteld. De stuurgroep en de projectgroep zijn binnen de gemeentelijke organisatie hiermee aan de slag gegaan. Het verslag van de projectleider met de stand van zaken medio 2021 kunt u terug vinden in hoofdstuk 1. Om ook de dagelijkse praktijk van het Gebiedsteam en van onze inwoners dichterbij te brengen, hebben we na elk hoofdstuk een “Sociaal verhaal” toegevoegd. Dit zijn verhalen met geanonimiseerde praktijkcasussen, die eerder gepubliceerd zijn op het intranet van de gemeente Maasdriel. De opzet van deze rapportage is u verder bekend. In figuur 1 is het model opgenomen dat is toegepast in deze rapportage. Dit model bestaat uit drie lagen (inwoner, gemeente en budget). Met dit model geven we duiding aan de gepresenteerde cijfers. Aan de basis staat de inwoner: wat zeggen de gepresenteerde cijfers over de ervaringen van de inwoners uit de gemeente Maasdriel? Bij het onderdeel ‘gemeente’ kan gedacht worden aan de kwaliteit van de dienstverlening, de toegankelijkheid en de wachtlijst.

De derde laag betreft de beschikbare financiële middelen. Hoe vertalen de gepresenteerde cijfers zich in de bestedingen en welke trends zijn daarin te onderkennen?

Figuur 1 - Model duiding cijfers halfjaarrapportage

Indien figuren in deze rapportage het cijfer ‘0’ bevatten, betekent dit dat 5 of minder producten zijn afgegeven. Het is gebruikelijk om dergelijke lage aantallen niet te vermelden omdat ze in dat geval herleidbaar kunnen zijn naar specifieke personen.

3

1. Stand van zaken PvA Sociaal Domein Het ambitieuze Plan van Aanpak Sociaal Domein (oktober 2020) ligt goed op schema. In mei 2021 is gekozen voor continueren van de huidige organisatievorm voor het gebiedsteam. Op 18 mei heeft de projectleider een toelichting gegeven op deze keuze aan de commissie S&F. Vanaf half 2022 moet zichtbaar en merkbaar worden voor de inwoners dat de dienstverlening van de gemeente meer integraal, sneller en laagdrempeliger wordt. Om dit ambitieuze plan vorm te geven zijn er binnen de gemeente werkgroepen actief die alle gewenste veranderingen voortvarend aanpakken. Dat gebeurt onder andere met de opening van twee locaties waar inwoners makkelijk en in een prettige sfeer informatie, advies en afspraken kunnen krijgen van en met de gemeente en andere maatschappelijke organisaties. De voorbereidingen hiervoor zijn in volle gang. Gesprekken worden gevoerd met belanghebbenden van de locaties en maatschappelijke partners (o.a. welzijn, huisartsen en onderwijs) waarmee we intensief zullen samenwerken. Verder blijft het voor burgers ook mogelijk een afspraak te maken op het gemeentehuis. Momenteel worden er oriënterende gesprekken gevoerd met 6 partijen (3 partijen aan de beide zijden van de A2).

Over de gewenste werkwijze op de locaties overleggen wij met een klankbordgroep bestaande uit vertegenwoordigers van cliëntenorganisaties, vrijwilligerswerk en welzijnsorganisatie. In oktober vindt de eerste bijeenkomst plaats. We zijn in gesprek met de huisartsen en onderwijsinstellingen hoe de samenwerking het best vorm kan worden gegeven. Met de scholen uit het basisonderwijs wordt er eind 2021 een studiedag georganiseerd waar medewerkers van het wijkteam, individuele begeleiders van de scholen, beleidsmedewerkers van de gemeente en directeuren van de scholen afspreken hoe we het beste kunnen samenwerken vanuit het principe: voorkomen is beter dan genezen. Dit kan resulteren in een aanpak op maat die het beste bij de school past. Met de huisartsen zijn we in overleg hoe we de samenwerking verder kunnen intensiveren. De resultaten van de pilot POH Jeugd-GGZ zijn bemoedigend. We zien een afname van het aantal doorverwijzingen naar geïndiceerde zorg. Ook in deze samenwerking zal gekeken worden welke aanpak het beste past bij de huisartsenpraktijk. Opties van spreekuren in de huisartsenpraktijk door wijkteammedewerkers zijn daarbij mogelijk. Om de druk op de geïndiceerde zorg en de budgetten sociaal domein te ontlasten worden er preventieve voorzieningen ontwikkeld die vroegtijdig voorkomen dat burgers onnodig in grotere problemen raken.

Het wijkteam zoekt hiervoor de samenwerking met Buurtzorg/Buurtteam Zaltbommel. Deze schaalgrootte kan nodig zijn om een volwaardig aanbod aan de burgers te kunnen aanbieden. Meer outreachend en integraal werken vraagt ook om transformatie van de huidige werkwijzen. Binnen de zorg in het algemeen is er sprake van overregulering en behoefte aan het werken volgens vaste protocollen. Wetgeving en wenselijkheid voor de praktijk kunnen elkaar in de weg zitten. Daarom worden alle wet- en regelgeving en onze bedrijfsvoering doorgelicht met de onderliggende vraag hoe kunnen we onze burgers zo snel en goed mogelijk ondersteunen. De bedrijfsvoering, mogelijkheden tot ontschotten van diensten en meer preventief werken worden naar de laatste inzichten binnen het sociaal domein ontwikkeld. Dit vergt een cultuuromslag die met veel enthousiasme door de medewerkers wordt opgepakt. In 2022 gaan de nieuwe contracten Wmo/jeugd in. Een goede aanleiding om het contractmanagement vanuit de gemeente verder te verbeteren. Beleid(MO) en uitvoering(SD) werken aan een model waarin het mogelijk wordt om met de aanbieders te kijken of de inhoudelijke en financiële doelstellingen van het contract worden gehaald. Het doel is om de twee locaties in het late voorjaar van 2022 te openen. Eén locatie in Hedel/Ammerzoden en één locatie in Kerkdriel/Velddriel.

De officiële afronding van het plan van aanpak is voorzien op 1 juli 2022. Uit het projectbudget wat ter beschikking is gesteld zijn hoofdzakelijk uitgaven gedaan voor de inhuur van de projectleider, zoals beschreven in de toelichting op het projectbudget. Bij de verdere concretisering zullen de uitgaven volgen uit de andere categorieën van het projectbudget. In de volgende halfjaarrapportage zullen we een overzicht opnemen met de financiële stand van zaken.

4

Intermezzo – Sociaal verhaal #1 Schrijnende thuissituatie Een jonge vrouw, 27 jaar, meldt zich bij de gemeente. Zij woont samen met haar partner. Mevrouw weet het allemaal even niet meer. Ze wil van alles, maar niks lukt. De consulent uit het gebiedsteam van de gemeente komt op huisbezoek. Die treft een aanzienlijk vervuilde woonruimte aan. Mevrouw heeft de gordijnen dicht zitten en rookt een sigaretje op de bank. De kattendrollen liggen rondom het aanrecht. Op de tafel liggen allerlei spullen. In de gang staan de dozen tot aan het plafond opgestapeld. De katten die rondlopen zitten onder de wondjes en missen overal plukken haar. Mevrouw geeft aan dat haar partner aan het werken is.

Psychische klachten Mevrouw staat inmiddels al enkele jaren onder behandeling voor psychische klachten zoals straatvrees en ptss. Helaas loopt dit niet goed. Ze komt niet op afspraken die plaatsvinden op de kliniek. Ze komt dan ook niet of nauwelijks buiten haar woning. Haar dagen vult mevrouw door creatief bezig te zijn (kaarten maken, haken e.d.). Hiernaast probeert ze het huishouden te doen. Ze kan echter de hele dag vanaf de bank kijken naar de blikjes energiedrank die op tafel staan. Opruimen van de blikjes lukt de ene dag wel, de andere dag niet. In haar hoofd is dit een hele strijd die veel energie kost. Verder probeert mevrouw haar universitaire studie te volgen. Dit lukt nu niet goed en ze doet daar op dit moment niets voor. De gordijnen zitten dicht, omdat zij zich bedreigd voelt door de hangjeugd in haar omgeving. Deze vallen haar en haar partner lastig. Als ze de gordijnen open heeft dan kijkt zij de hele dag angstig naar buiten. Mevrouw weet heel goed hoe haar hoofd werkt, maar het lukt haar niet om dit te veranderen.

Schuldhulp Het gezin staat onder bewindvoering en volgt een traject Schuldhulpverlening via onze gemeente. De consulent uit het gebiedsteam van de gemeente stelt samen met mevrouw en diens partner een plan op. Dit doen we samen met de behandelinstelling, Schuldhulpverlening en de bewindvoerder. WMO begeleiding wordt ingezet om mevrouw te ondersteunen en te activeren. Op aankaarten van de WMO-consulent wordt gekeken of mevrouw over kan van klinische behandeling naar behandeling aan huis. Na enkele maanden kan de behandeling van mevrouw thuis verder.

Positief de toekomst in Een jaar later is het tijd voor de herbeoordeling van de WMO. De woning is opgeruimd én schoongemaakt. Er staan wel nog redelijk wat spullen zonder vaste plek, maar aanzienlijk minder dan voorheen. De behandeling is nu goed van de grond gekomen. Mevrouw durft voor het eerst in jaren weer alleen naar buiten te gaan. Nog eens drie maanden na de start van het traject heeft het gezin ook het traject van Schuldhulpverlening bijna succesvol afgerond. Bovendien is mevrouw bijna klaar met haar studie. Mevrouw durft haar woning weer voorzichtig alleen te verlaten. Maar het allerbelangrijkste is dat mevrouw niet meer neerslachtig, zwaarmoedig en onverzorgd is. Ze komt nu zelfverzekerd over en zit goed in haar vel. Zij heeft haar ogen weer gericht op de toekomst en op het leven.

5

2. Jeugd Inleiding Dit hoofdstuk bevat de cijfers over de jeugdhulp. We presenteren allereerst de figuren met de instroom, de uitstroom, het aantal jeugdproducten in zorg, alsmede de begroting en de gerealiseerde uitgaven over het eerste halfjaar 2021. Bij elk figuur is een legenda en een korte toelichting opgenomen. De inhoudelijke toelichting is vanaf pagina 8 weergegeven.

Instroom Onder instroom verstaan we het aantal afgegeven nieuwe (zorg)producten in deze periode. Het aantal producten hoeft niet gelijk te zijn aan het aantal beschikkingen (besluiten). Eén beschikking kan meerdere producten bevatten. De instroomcijfers zijn weergegeven in figuur 2. Opvallend is de significante afname van de instroom in de Jeugd-GGZ ten opzichte van het eerste halfjaar over 2020. In het tweede halfjaar is het aantal nieuwe verwijzingen traditioneel lager dan het eerste halfjaar. Ter vergelijking ook: in het eerste halfjaar van 2019 stroomden 139 nieuwe cliënten in, in het tweede halfjaar 2019 waren dit 107 cliënten.

Figuur 2 – Instroomcijfers jeugd

6

Verwijzingen In de figuren 3 en 5 is de onderverdeling gemaakt naar type verwijzer van de nieuwe instroom in het eerste halfjaar van 2021. De figuren 4 en 6 bevatten de vergelijkende cijfers uit het eerste halfjaar van 2020.

Figuur 3 – Verwijzers instroom 1ste halfjaar 2021

Figuur 5 – Verwijzers instroom 1ste halfjaar 2020

Figuur 4 – Verwijzers instroom 1ste halfjaar 2021 J-GGZ

Figuur 6 – Verwijzers instroom 1ste halfjaar 2020 J-GGZ

Uitstroom Als uitstroom meten we het aantal uitgestroomde jeugdigen in een bepaalde periode. Dit betreft een momentopname. Op een later moment kan een deel van deze jeugdigen weer in zorg komen.

Figuur 7 – Uitstroomcijfers jeugd

7

Aantal lopende individuele voorzieningen

Jeugd GGZ Jeugd ambulant Jeugdbescherming Jeugd residentieel Pleegzorg Landelijke inkoop

Ge m id 20 del 18 d e -2 02 1

Categorieën

ja nu ar i-1 8 de ce m be r -1 ju ni 8 -1 9 de ce m be r -1 ju ni 9 -2 0 de ce m be r -2 ju ni 0 -2 1

Tabel 1 toont het verloop in het aantal lopende individuele voorzieningen vanaf begin 2018 tot heden. Eén jeugdige kan meerdere individuele voorzieningen tegelijk hebben.

198

238

263

247

283

289

271

256

187

165

179

168

170

188

178

176

36

45

50

55

54

50

53

49

16

12

13

12

11

14

14

13

22

23

25

24

28

31

29

26

13

13

16

14

8

9

7

11

Legenda Rode cijfers - aantal individuele voorzieningen hoger dan gemiddelde voor periode 2018-2021 Zwarte cijfers - aantal individuele voorzieningen gelijk aan het gemiddelde voor periode 2018-2021 Groene cijfers - aantal individuele voorzieningen lager dan gemiddelde voor periode 2018-2021 Tabel 1 – Ontwikkeling in aantal individuele voorzieningen per categorie

Begroting en uitgaven eerste halfjaar 2021 Jeugdwet Tabel 2 bevat een overzicht van de gerealiseerde uitgaven voor de Jeugdwet over het eerste halfjaar 2021, de begroting over 2021 en de vergelijkende cijfers met de uitgaven over het jaar 2020.

Categorie Jeugd - Jeugdhulp ambulant Jeugd - Jeugdbescherming Jeugd - Jeugd GGZ Jeugd - Landelijke inkoop Jeugd - Pleegzorg Jeugd - Residentieel Jeugd - ADHD ziekenhuiszorg Totaal

Uitgaven H1 2021 € 732.866 € 200.757 € 873.729 € 93.780 € 226.595 € 591.044 € 10.300 € 2.729.071

Budget H1 2021 € 600.000 € 225.000 € 565.000 € 100.000 € 200.000 € 475.000 € 20.000 € 2.185.000

Uitgaven H1 2020 € 591.977 € 236.144 € 771.780 € 69.223 € 187.013 € 450.882 € 16.397 € 2.323.416

Tabel 2 – Jeugd begroting versus realisatie eerste halfjaar 2021

Bezwaar en beroep Jeugd In het eerste halfjaar van 2021 is één bezwaarschrift ontvangen in het kader van de Jeugdwet. Dit bezwaarschrift is later ingetrokken door de indieners. Signalen van onvrede nemen we serieus, het gebiedsteam pakt deze pro-actief op. Door deze signalen in vroegtijdig stadium met elkaar op te lossen is het indienen van een klacht of bezwaar meestal niet nodig.

8

Toelichting Jeugd Inwoner Als gemeente zetten we ons in voor goede en adequate zorg voor onze inwoners en voor jeugdigen. Adequate hulp aansluitend op de behoefte is in het belang van onze inwoners. Onze inzet is om dit zo licht mogelijk, zo kort mogelijk en zo efficiënt mogelijk te doen. We willen de zorg zo organiseren dat zoveel mogelijk snel en adequate hulp geleverd wordt. Zo besparen we ook op duurdere hulp. In de praktijk zien we dat we de jeugdige steeds sneller de hulp kunnen geven waar hij behoefte aan heeft. Relevante vragen daarbij zijn: is het in het belang van de inwoner als drie keer hetzelfde traject ingezet wordt? Hoe voorkomen we zorgmijding en inefficiënte inzet van zorg? Een concreet voorbeeld van onze aanpak uit het achterliggende halfjaar blijkt uit de analyse van de verwijzingen door huisartsen in de achterliggende paar jaar. Het aantal nieuwe verwijzingen door huisartsen neemt af. Wel zien we veel aanvragen voor herindicaties door zorgaanbieders. Huisartsen worden door de zorgaanbieders daar vaak niet meer bij betrokken. We zijn hierover in gesprek met de huisartsen om te kijken hoe we ook op dit punt goede en adequate zorg voor onze jeugdigen kunnen realiseren.

Uit deze inleiding volgt eigenlijk als vanzelf de vervolgvraag: wat merkten onze inwoners hier nu van in het achterliggende jaar? En hoe het ging het met de jeugdigen in de eerste helft van 2021? In het algemeen kan opnieuw gesteld worden dat de coronacrisis niet heeft geleid tot een significante toename van het aantal jeugdcasussen. De verwachte boeggolf van uitgestelde zorg is niet gekomen. Landelijk is het vermoeden wel nog steeds dat sprake is van zorg ‘achter de voordeur’, waarbij nu nog niet bekend is wat de omvang en ernst is. De jeugdhulp blijft daardoor nu op een bekend niveau. Een zorgelijke ontwikkeling is het aantal jongeren dat te kampen heeft met Long Covid. Punt van zorg vormen daarnaast de onderwijsachterstanden. In de vorige rapportage beschreven we een ander gevolg van de coronacrisis, namelijk eenzaamheid bij jongeren. Met het amendement eenzaamheid heeft u als raad ook middelen ter beschikking gesteld voor deze problematiek. Jongerenwerkers hebben zich in het achterliggende halfjaar actief ingezet om in elke kern (buiten)activiteiten voor jongeren te organiseren, met als doel een aanbod te bieden om jongeren meer in verbinding te brengen. Verder is een training georganiseerd met Stichting Join us voor professionals om eenzaamheid onder jongeren te herkennen. Uitvloeisel hiervan is een brede aanpak eenzaamheid jeugd met de ketenpartners.

Bij het gebiedsteam is het aantal binnengekomen signalen van kindermishandeling opnieuw niet toegenomen. Aanbieders en professionals geven wel aan dat gezinnen waar al problematiek speelde, deze problematiek erger is geworden en er meer escalaties zijn. Deze gezinnen zijn echter wel in beeld. Het beschreven doel uit de vorige halfjaarrapportage, namelijk bij alle ketenpartners scherp krijgen en houden van deze mogelijke problematiek is daarmee ook gerealiseerd. In het eerste kwartaal van 2021 zijn er veel meldingen van Veilig Thuis binnengekomen1. Veilig Thuis heeft inmiddels een bureau ingeschakeld om haar eigen processen en de wachttijden meer op orde te krijgen. Een casus wordt nu nog regelmatig te vroeg afgeschaald naar het gebiedsteam. Het gebiedsteam moet dan acuut aan de slag, en kan daardoor andere meldingen niet oppakken op dat moment. De ingezette middelen uit de reserve Veilig Thuis in de vorm van tijdelijk extra medewerkers voor 2021 en begin 2022 zijn daarom nog hard nodig. Een positieve ontwikkeling is dat we een gestage daling van de interne wachtlijst zien. Eind juni stonden 23 op de interne wachtlijst (waarvan 7 herindicaties). Per september 2021 is dit gedaald naar 14. De inzet van extra FTE om de interne wachtlijst terug te dringen en de gevolgen van corona te beperken werpt daarmee zijn vruchten af.

Aanmeldingen blijven screenen we voortdurend op urgentie om het escalatierisico zoveel mogelijk te ondervangen. Daarnaast is er structureel overleg met de gedragswetenschappers uit het gebiedsteam over de interne wachtlijst. Dit betreft jeugdigen waarbij op basis van de gemaakte inschattingen geen (directe) veiligheidsof escalatierisico’s aanwezig zijn.

1

https://maasdriel.raadsinformatie.nl/document/10560928/1/210830_Kwartaalrapp_VT_april-juni_2021_DEF 9

Op de lengte van de wachtlijst bij gecontracteerde zorgaanbieders hebben we geen invloed. Helaas zet de trend door dat de externe wachtlijsten onverminderd lang blijven. Als gemeente hebben we onlangs nog een mailing uit gedaan naar de zorgaanbieders om dit signaal onder de aandacht te brengen. We blijven actief zoeken naar mogelijkheden binnen het bestaande aanbod van aanbieders. Bij de nieuwe inkoopronde vanaf 2022 is dit ook een prominent onderdeel van de ontwikkeltafels met aanbieders.

Gemeente In deze paragraaf nemen we u mee in onze beleidsvorming rondom de jeugdhulp. Deze beleidsvorming heeft als doel om de beschreven doelen onder het kopje ‘Inwoner’ te realiseren. Ook willen we hiermee zoveel mogelijk grip op zorg realiseren. Graag verwijzen we naar de raadsinformatiebrief2 uit februari 2021 over de belangrijkste ontwikkelingen in het jeugdbeleid. In deze brief is een update gegeven over stand van zaken van de uitvoeringsplannen jeugd en gezondheid. In deze brief is onder andere een toelichting gegeven op de doorontwikkeling van het gebiedsteam, toekomstgericht werken en de toekomstcoach, pilot POH-JGGZ en algemene voorzieningen voor jeugd. De nieuwe inkoopronde 2022 inzake de Jeugdwet en de Wmo 2015 (huishoudelijke hulp, dagbesteding en begeleiding) is inmiddels in volle gang. De aanbieders zijn gecontracteerd en we zijn gestart met de implementatie hiervan in de organisatie. Zoals beschreven in de vorige halfjaarrapportage zijn de gemeenten Maasdriel en Zaltbommel gezamenlijk begonnen met Integrale Vroeg Hulp (IVH)3. Al eerder rapporteerden we dat de genoemde verwachtingen zowel in aantallen als in dienstverlening gerealiseerd worden. Ook is dit project een belangrijke bouwsteen voor het realiseren van de beschreven doelstellingen onder het kopje ‘Inwoner’.

Twee keer per jaar organiseren we een overleg met alle huisartsen, waarbij ook externe partijen worden uitgenodigd voor kennisdeling. We zien dat de samenwerking tussen de huisartsen en de gemeente zich steeds verder ontwikkelt. In de zomer van 2021 is de dossieruitwisseling tussen huisartsen en gemeente geïntroduceerd. Daarvoor zijn we aangesloten bij het communicatieplatform van de huisartsen. Een andere positieve ontwikkeling blijkt uit een intern uitgevoerde analyse op de verwijzingen over de periode 2019-2021. Op basis hiervan kunnen we een aantal voorzichtige conclusies trekken: -

Het aantal verwijzingen naar zorgaanbieders daalt bij bijna alle huisartsen. Over de gehele linie daalt het aantal van 265 in 2019 naar circa 200 (inschatting) over 2021; Opvallend is dat de instroom van nieuwe jeugdigen nog veel harder daalt. Hier is sprake van een significante daling; Bij veel jeugdigen is sprake van diverse herindicaties gedurende de jaren. In het overleg met de huisartsen wordt besproken of dit aansluit bij de initiële bedoeling van de huisarts bij de verwijzing en in hoeverre deze jeugdigen nog in beeld zijn bij de huisarts.

Ook in de samenwerking met het onderwijs wordt volop geïnvesteerd. De gemeente is aangesloten bij het samenwerkingsverband van scholen uit het Primair Onderwijs. Verder is er structurele inzet van 1 vaste consulent per school. Door de consulenten vindt bespreking plaats van casuïstiek vanuit de basisscholen. Ook wordt geïnvesteerd in School-Maatschappelijk Werk op het Cambium College en is er structureel overleg door de senior van het gebiedsteam met de beleidsadviseur onderwijs en de directrice van het samenwerkingsverband.

2

https://maasdriel.raadsinformatie.nl/document/9764361/1/RIB%20stand%20van%20zaken%20uitvoeringsplann en%20jeugd%20en%20gezondheid_def 3 IVH is een methode binnen de jeugdzorg die zich richt op het vroegtijdig onderkennen van ontwikkelingsproblematiek en/of gedragsproblematiek bij kinderen van nul tot zeven jaar, en in een zo vroeg mogelijk stadium ondersteuning verlenen aan kind en ouder(s). 10

Budget In Tabel 2 zijn de Jeugdwet-uitgaven over het eerste halfjaar weergegeven. Tabel 2 biedt tevens een vergelijking met de begroting 2021 en de gerealiseerde uitgaven over dezelfde periode voorgaand jaar. De totale bestedingen over het eerste halfjaar bedragen € 2.732.000. Dit betreft een stijging van € 400.000 ten opzichte van dezelfde periode in 2020. Deze stijging is te verklaren door: -

-

Jaarlijkse indexatie van de tarieven. Voor 2021 was een indexatie van 3,24% van toepassing, waardoor de uitgaven met € 75.000 zijn gestegen; Stijging uitgaven jeugdhulp ambulant met € 150.000. Dit is in lijn met de geschetste ontwikkelingen in de rapportage over het tweede halfjaar 2020 en in deze rapportage. Als gevolg van de coronacrisis is er een toename in a) het aantal lopende voorzieningen en b) de complexiteit/zwaarte van de casuïstiek. Ook is hierin opgenomen € 30.000 voor overbruggingszorg in 2021; Stijging uitgaven residentiële zorg met € 150.000. Dit hangt samen met de instroom van 3 nieuwe cliënten op basis van externe verwijzing. Staat tegenover dat 1 cliënt is verhuisd naar een andere gemeente.

De kosten in Jeugd-GGZ blijven onverminderd hoog, namelijk 1/3de van de zorguitgaven aan jeugdhulp. Ook in 2021 zijn door de lange wachttijden in de (Jeugd-)GGZ meerdere verblijfplaatsen langdurig bezet geweest. Positieve ontwikkeling is wel dat het aantal cliënten dat permanent verblijft op een dergelijke verblijfplaats afneemt. De bijbehorende kosten dalen daardoor ook. Dat de kosten hoog blijven komt overeen met de uitgevoerde analyse zoals beschreven onder het kopje ‘Gemeente’. Bij de jeugdhulp ambulant is er sprake van een stijging van de uitgaven, zoals al eerder beschreven. Goed om daarbij op te merken dat bij deze categorie in 2020 juist een daling in de uitgaven zichtbaar was van € 70.000 (ondanks hogere tarieven in 2020 als gevolg van de indexatie). De aanleiding voor de kosten van overbruggingszorg is onder andere het grote aantal Veilig Thuis meldingen in het eerste kwartaal van 2021, toename van het aantal aanmeldingen bij het gebiedsteam en tijdelijke uitval van medewerkers. Omdat de inschatting was dat de interne wachtlijst te lang kon worden is er voor gekozen om incidenteel overbruggingszorg in te zetten. Tijdens deze overbruggingszorg werd ook de onderzoeksfase voor het gebiedsteam voorbereid. Het gebiedsteam is daarna voor alle jeugdigen individueel nagegaan of al dan niet zorg ingezet moest worden.

Zoals zichtbaar in tabel 1 is het aantal individuele voorzieningen bij jeugd residentieel relatief beperkt. Dit betreft hoofdzakelijk externe verwijzingen waar de gemeente geen invloed op kan uitoefenen. De hoogte van de uitgaven over geheel 2021 is afhankelijk van eventuele nieuwe verwijzingen of uitstroom van cliënten. De daling in het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen zorgt voor dalende uitgaven aan Jeugdbescherming4.Dit is in lijn met de bevindingen uit de 2de halfjaarrapportage over 2020, namelijk dat de gecertificeerde instellingen een afname van de nieuwe instroom zagen. Dat het aantal lopende voorzieningen per juni 2021 (zie tabel 3) desondanks gestegen is, komt doordat diverse trajecten in het vrijwillige kader zijn ingezet door de leerplichtambtenaar van de gemeente Maasdriel5. Voor de overige categorieën zijn geen afwijkende ontwikkelingen zichtbaar.

4

Voor de jaren vanaf 2022 is de verwachting dat de uitgaven zullen stijgen door gemaakte regionale afspraken

https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/nieuws/een-contract-en-een-tarief-voor-jeugdbeschermers.17512875.lynkx 5

https://maasdriel.raadsinformatie.nl/document/10508406/1/Jaarverslag_leerplicht_2020-2021 11

Intermezzo – Sociaal verhaal #2 Een mevrouw van 53 jaar meldt zich bij de gemeente. Ze woont in een huurwoning waarbij ze in het verleden een aanbouw heeft gerealiseerd. Mevrouw heeft een combinatie van lichamelijke en psychiatrische beperkingen (psychoses). Ze heeft enkele vragen over haar huurwoning en is door haar bewindvoerder doorverwezen naar de gemeente.

Regelgeving en geldstromen Mevrouw wil graag verhuizen. Om daarvoor in aanmerking te komen moet ze, van de woningstichting, eerst haar woning in originele staat terugbrengen. Dit betekent dat de aanbouw moet worden afgebroken, maar dat geld heeft ze niet. Daarnaast lukt het haar niet om het overzicht te krijgen wat betreft regelgeving en geldstromen. Het helpt ook niet mee wanneer bewindvoerder en woningstichting aangeven dat de gemeente hiervoor een ‘potje’ heeft om dit op te lossen. De gemeente heeft mevrouw laten weten dat zij hierin niets kunnen betekenen. Wel heeft de gemeente voorgesteld om een gesprek met mevrouw en haar begeleider aan te gaan om te kijken wat er mogelijk is om een nieuwe start te maken.

Zelfredzaamheid Aangezien mevrouw zelf verantwoordelijk is voor de kosten rondom het afbreken van de aanbouw, is verhuizen geen optie. Echter heeft mevrouw wel behoefte aan hulp. Ze wil graag een toilet op de bovenverdieping en een traplift. Mevrouw is nog jong en de gemeente legt aan een arts voor of een traplift in haar situatie niet anti-revaliderend is. Daarnaast is een po-stoel al een oplossing voor een tweede toilet boven. Mevrouw reageerde daar snel op: ze had een beter idee! Als ze nou van de aanbouw een slaapkamer maakt, dan hoeft ze niet meer ’s nachts naar beneden. De gemeente vindt dit een goed idee en geeft haar complimenten voor haar creatieve oplossing. Mevrouw vraagt haar kinderen om haar bed beneden te zetten.

Grip op de situatie Er is nog een andere vraag die mevrouw voor de gemeente heeft. Ze vraagt zich af of de gemeente iets kan betekenen voor het onderhoud van haar tuin. De buurt klaagt al langer over hoe haar tuin eruit ziet, maar vanwege haar lichamelijke problemen kan ze de tuin niet zelf onderhouden. Vanuit de gemeente is met haar afgesproken dat er een aanvraag wordt gedaan bij de welzijnsorganisatie. Door goed met haar te communiceren en terugkoppeling te geven over uitkomsten en regelgevingen, bleek mevrouw in staat op grip te krijgen op haar situatie.

12

3. Wmo 2015 Inleiding Dit hoofdstuk bevat de cijfers over de Wmo 2015 (hierna: Wmo). We presenteren allereerst de figuren met de instroomcijfers, de uitstroomcijfers en het aantal lopende maatwerkvoorzieningen in de Wmo, de begroting voor 2020 en de gerealiseerde uitgaven. Vervolgens is een tekstuele toelichting opgenomen op basis van het model zoals zichtbaar in figuur 1.

Instroom Regiotaxi: het aantal uitgegeven vervoerspassen voor de regiotaxi. Hulpmiddelen: rolstoelen, scootmobielen, etc. Woonvoorzieningen: het aantal toegekende woningvoorzieningen en woningaanpassingen. Wmo Begeleiding en dagbesteding: het aantal toegekende maatwerkvoorzieningen voor begeleiding, dagbesteding en vervoer. Deze categorie bestaat uit twee doelgroepen: - (jong)volwassenen met autisme, psychiatrische aandoening, niet-aangeboren hersenletsel, LVB; - ouderen, onder wie dementerenden Hulp bij het huishouden: zowel zorg in natura (ZIN) als vanuit persoonsgebonden budget (PGB).

Figuur 8 – Instroomcijfers Wmo

13

Uitstroom Onder uitstroom verstaan we het aantal uitgestroomde cliënten uit de Wmo in de betreffende periode. Dit betreft meestal uitstroom als gevolg van overlijden, verhuizing naar een andere gemeente of overgang naar de Wet Langdurige Zorg. Overigens blijft een deel van de cliënten die overgaan naar de Wlz, ook cliënt voor de Wmo (voor regiotaxi, hulpmiddelen of woonvoorzieningen).

Figuur 9 – Uitstroomcijfers Wmo

Aantal lopende maatwerkvoorzieningen

Regiotaxi Hulp bij het huishouden Begeleiding & dagbesteding Hulpmiddelen Woonvoorziening

Ge m id 20 del 18 d e -2 02 1

Categorie

ja nu ar i-1 8 de ce m be r -1 ju ni 8 -1 9 de ce m be r -1 ju ni 9 -2 0 de ce m be r -2 ju ni 0 -2 1

Tabel 3 bevat het verloop in het aantal actieve maatwerkvoorzieningen bij de Wmo over de periode 2018 tot heden. Bij bijvoorbeeld woonvoorzieningen betreffen dit de gerealiseerde en actieve voorzieningen (zoals trapliften en tilliften) waarvoor de gemeente Maasdriel huur- en/of onderhoudskosten verschuldigd is.

551

581

593

610

645

609

606

599

460

460

503

532

546

551

583

519

257

272

281

263

266

283

310

276

319

327

333

303

307

309

310

315

123

126

131

97

118

135

150

126

Legenda Rode cijfers - aantal individuele voorzieningen hoger dan gemiddelde voor periode 2018-2021 Zwarte cijfers - aantal individuele voorzieningen gelijk aan het gemiddelde voor periode 2018-2021 Groene cijfers - aantal individuele voorzieningen lager dan gemiddelde voor periode 2018-2021

Tabel 3 – Aantal lopende maatwerkvoorzieningen Wmo

14

Begroting en uitgaven eerste halfjaar 2021 Wmo Tabel 4 bevat een overzicht van de gerealiseerde uitgaven voor de Wmo over het eerste halfjaar van 2021, de begroting over 2021 en de vergelijkende cijfers met de uitgaven over het eerste halfjaar van 2020. Categorie Uitgaven H1 2021 Wmo - Huishoudelijke hulp € 846.951 Wmo - Begeleiding en dagbesteding € 728.395 Wmo - Hulpmiddelen € 197.139 Wmo - Regiotaxi € 107.857 Wmo - Woningvoorzieningen € 158.599 Wmo - diversen -€ 81 Totaal € 2.038.861

Budget H1 2021 € 787.500 € 788.250 € 200.000 € 100.000 € 101.500 € 616 € 1.977.866

Uitgaven H1 2020 € 835.413 € 836.793 € 211.741 € 101.586 € 151.246 € 2.008 € 2.138.788

Tabel 4 – Wmo begroting versus realisatie eerste halfjaar 2021

Bezwaar en beroep Wmo In het eerste halfjaar van 2021 is één bezwaarschrift ontvangen in het kader van de Wmo. Het betreffende besluit is naar aanleiding hiervan herzien. Verder loopt er nog één bezwaarprocedure op een ingediend bezwaar in 2020.

15

Toelichting Wmo Inwoner Voor de Wmo geldt hetzelfde als de Jeugdwet: als gemeente zetten we ons in voor goede en adequate zorg voor onze (kwetsbare) inwoners. Adequate hulp aansluitend op de behoefte is in het belang van onze inwoner. Onze inzet is ook bij de Wmo om dit zo licht mogelijk, zo kort mogelijk en zo efficiënt mogelijk te doen. Dit sluit aan bij de wettelijke verplichting vanuit de Wmo, namelijk inwoners de goedkoopst-adequate oplossing te bieden. Kunnen we hierbij 100% tevredenheid realiseren? Helaas niet. Wel merken we in onze dagelijkse praktijk dat de overgrote meerderheid van de inwoners daadwerkelijk geholpen is. De inzet om beperkingen te compenseren maakt het verschil in het leven van onze inwoners. Door de uitvoering van het Plan van Aanpak willen we dit verder verbeteren. Zeker ook voor de oudere inwoners van onze gemeente is het van belang dat onze dienstverlening integraal, sneller en laagdrempelig wordt aangeboden. In het achterliggende halfjaar hebben we als gevolg van de coronacrisis meer spoedaanvragen gekregen doordat uitgestelde operaties ingehaald worden, waarbij vaak acuut huishoudelijke hulp en regiotaxi benodigd is. Ook zien we een toename van het aantal voorzieningen. Ook bij de oudere inwoners zien we diverse cliënten die kampen met Long Covid. Dit geeft spanningen voor bijvoorbeeld de zelfredzaamheid en in relaties.

Dit raakt alle Wmo disciplines. Positief is dat alle zorg en ondersteuning door kon gaan in het achterliggende halfjaar, met handhaving van de geldende basisregels. Vanuit het coronafonds eenzaamheid zijn veel activiteiten opgezet in 2021. Per kern is een budget ter beschikking gesteld, waaruit samen met de dorpsraden en lokale verenigingen activiteiten worden georganiseerd. Bij de meeste kernen zijn deze activiteiten gepland in het 2de halfjaar van 2021. Verder organiseren Stichting Kompas Bommelerwaard en Welzijn Bommelerwaard diverse activiteiten, waaronder de Nationale Balkonbeweegdag6, aanbod van sportieve en creatieve activiteiten in de zomerperiode 7, een theaterstuk over eenzaamheid8 en extra inzet bij de Week van de Eenzaamheid. In het achterliggende halfjaar nam de mobiliteit van ouderen toe, onder andere door de toegenomen vaccinatiegraad. Toch blijft de zorg over (ouderen)mishandeling en geweld in relaties en gezinnen een actueel onderwerp. Mensen die niet zichtbaar willen zijn voor zorg- of hulpverlening verdwijnen nog steeds makkelijker uit beeld. In het gebiedsteam functioneert een aandachtsfunctionaris huiselijk geweld en (kinder)mishandeling. Elk signaal dat hierop duidt proberen we te onderzoeken. Ook financiële uitbuiting van ouderen valt hieronder. Uit de landelijke cijfers blijkt ook dat het beroep op mantelzorgers onverminderd hoog blijft.

In 2021 is het eerste uitvoeringsplan voor het mantelzorgbeleid tot stand gekomen. Hierin is veel aandacht voor respijtzorg, waarmee mantelzorgers zoveel mogelijk worden ontzien. Als gemeente hebben we een aanvraag ingediend voor Rijkssubsidie om mogelijkheden voor verbeterde toegang van mantelzorgregelingen te onderzoeken en te stimuleren. Uit CBS cijfers komt verder naar voren dat het risico op depressie/angststoornissen onder jongvolwassenen is toegenomen9. Vaak is er sprake van een combinatie van problematieken op alle leefgebieden. Afhankelijkheden, verslaving, depressies, woonproblemen, schuldproblemen: ze horen vaak bij elkaar. Door de maatschappelijke ontwikkelingen liggen de risico’s meer voor het oprapen. Het belang van integraal werken wordt hierdoor onderstreept. Bij de betreffende casussen is nauw contact met collega’s van schuldhulpverlening en minimaregelingen en met de woningstichtingen. Ook in ketenoverleg is hier aandacht voor en door de ‘Vroeg eropaf-aanpak’ proberen we zo vroeg mogelijk de problematiek te onderkennen.

6

https://www.carillon.nl/nieuws/algemeen/1070602/nationale-balkon-beweegdag-is-hot https://kompasbommelerwaard.nl/doe-mee-in-maasdriel/ 8 https://www.bommelerwaardgids.nl/nieuws/algemeen/saam-brengt-toneelstuk-over-eenzaamheid/ 9 https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2021/26/risico-op-angststoornis-of-depressie-onder-jongvolwassenentoegenomen 7

16

Ook bij de Wmo is er sprake van wachtlijsten. Op landelijk niveau soms zelf zeer lange wachtlijsten10. Binnen onze gemeente zien we veel uitval bij aanbieders. Hierdoor zijn spoedvragen lastiger in te vullen en komen regelmatig niet de vertrouwde krachten bij onze inwoners over de vloer. Soms is er ook geen vervanging beschikbaar. Vanuit de gemeente is hier voortdurend aandacht voor. We proberen dit onder meer te ondervangen door de mogelijkheden na te gaan om nieuwe aanbieders vanaf 1-1-2022 vervroegd te kunnen inzetten.

Gemeente In hoofdstuk 2 over de Jeugdwet is de stand van zaken al toegelicht inzake de nieuwe inkoopcontracten voor huishoudelijke hulp en begeleiding & dagbesteding vanaf 2022. Bij begeleiding en dagbesteding is vaker sprake van multi-problematiek, zoals al eerder geschetst. In relatief veel casussen is daarom zwaardere ondersteuning nodig. Dit blijkt ook uit de cijfers zoals weergegeven in tabel 5. Samenhangend hiermee zien we vanuit de Jeugdwet en Wmo een hogere uitstroom van jongvolwassenen naar Beschermd Wonen. Dit is een taak van de Centrumgemeente ’s-Hertogenbosch. Als gemeente zijn we wel de mogelijkheden van lokale huisvesting voor Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen voor deze doelgroep aan het onderzoeken. We willen namelijk voorkomen dat er een gat ontstaat voor jongvolwassenen tussen 18 en 23 jaar die nog geen indicatie voor Beschermd Wonen hebben, maar die bijvoorbeeld ook geen kamertraining kunnen volgen en daardoor tussen wal en schip vallen.

1ste halfjaar 2020

2de halfjaar 2020

1ste halfjaar 2021

Begeleiding

Niet complex 30

17

Niet complex 17

17

Niet complex 35

Dagbesteding

5

3

9

2

6

4

Vervoer

6

-

8

-

8

-

Instroom

41

20

34

19

49

28

Complex

Complex

Complex 24

Tabel 5 – specificatie instroomcijfer Wmo begeleiding en dagbesteding

Bij de regiotaxi is sprake van een afbouw van de provinciale subsidie over een aantal jaren. De provincie gaat bovendien zelf het OV-vangnet per 1-1-2022 vormgeven. Op plaatsen waar geen regulier OV is, zal de provincie zorgdragen voor adequate alternatieven zoals buurtbusjes, etc. Dat geeft de gemeenten meer mogelijkheden om de regiotaxi naar lokale behoefte in te richten. In de Regio Rivierenland is in 2021 daarom opnieuw gekeken naar hoe de regiotaxi optimaal voor sociaal-recreatief vervoer kan worden ingezet. Vanuit de Regio Rivierenland zijn ook een aantal regionale besparingsopties gelanceerd, waar de gemeente Maasdriel ook in participeert. Aanvullend zijn ook suggesties vanuit de regio voor lokale besparingsopties onderzocht. Op basis van de uitgevoerde data-analyse blijkt dat deze opties niet bijdragen aan een adequate inzet van de regiotaxi en dat er vermoedelijk juist een waterbedeffect ontstaat naar andere, duurdere voorzieningen. Voor de woonvoorzieningen lopen, in samenwerking met de gemeente Zaltbommel, de gesprekken door met de woningcorporaties binnen de Bommelerwaard. Indien mogelijk worden in het convenant ook afspraken gemaakt over situaties waarin een medische of sociale urgentie reden voor verhuizing is.

Indien er mogelijkheden zijn voor verhuizing van inwoners met een beperking naar een bestaande aangepaste woning, dan worden daar op individuele basis al afspraken over gemaakt met woningcorporaties. Voor de kinderopvangtoeslag-affaire vervullen gemeenten een belangrijke rol om de getroffen gezinnen te ondersteunen. In het achterliggende halfjaar hebben we alle getroffen gezinnen gesproken waarvan we de gegevens door hadden gekregen vanuit de Belastingdienst of die zichzelf bij ons hadden gemeld binnengekomen. We hebben deze gezinnen actief benaderd en hulp aangeboden als dat nodig was. Bij de meeste gezinnen was gelukkig geen extra inzet benodigd en voldeed het huidige aanbod. Waar nodig hebben we vanuit de KOT-gelden de benodigde extra inzet in laten zetten.

10

https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/nieuws/drie-jaar-wachten-op-huishoudelijke-hulp.18439086.lynkx 17

Per 1 januari 2021 is samen met de Regio Rivierenland een contract afgesloten voor de levering van trapliften. Als pilot is voor dit contract ook een contractmanager ingezet door de regio, waarbij ook Maasdriel participeert. Vanuit de administratie is er nauw contact met de betreffende contractmanager. Ook is per 1 januari 2021 de nieuwe deelovereenkomst voor de hulpmiddelen ingegaan. Op dit moment wordt geëxperimenteerd met een virtueel depot, om de herverstrekking van hulpmiddelen te bevorderen. Problemen zijn er op dit moment met name bij het meeverhuizen van hulpmiddelen. Zorgkantoren en andere gemeenten willen de hulpmiddelen vaak niet overnemen. (Voormalige) inwoners moet dan vervolgens lang wachten op een ander, nieuw hulpmiddel. Aangezien de inwoner niet zonder het betreffende hulpmiddel kan, kunnen wij deze ook niet innemen. Op kosten van de gemeente Maasdriel blijft een hulpmiddel hierdoor soms maandenlang nog in gebruik, waarbij ook de opbrengsten uit terugverkoop van het hulpmiddel niet worden gerealiseerd nog. Uit belang van de inwoner is dit echter de enige mogelijkheid. Voor het meeverhuizen van hulpmiddelen met inwoners zijn landelijk convenanten opgesteld in de achterliggende periode.

Uit de uitgevoerde analyse door de gemeente Maasdriel en Zaltbommel, na landelijke signalen, blijkt echter dat het doel van de convenanten goed is maar de beschreven uitvoering de problemen in de praktijk niet oplost. Daarom zijn de convenanten vooralsnog niet ondertekend door beide gemeenten. Bij de klassieke Wmo-taken (hulpmiddelen, woonvoorzieningen en huishoudelijke hulp) zagen we in 2021 een interne wachtlijst ontstaan. Door een opnamestop bij aanbieders van huishoudelijke hulp en door de enorme toename van het aantal aanvragen blijven, ondanks grote inzet van de betrokken consulenten, aanvragen langer wachten dan gebruikelijk bij dit cluster. Uitval van collega’s als gevolg van ziekte heeft hier geen positieve invloed op. We proberen dit zo goed mogelijk te ondervangen. Uit een ontvangen rapportage van buurtbemiddeling blijkt dat er 12 aanvragen zijn ontvangen in het eerste halfjaar van 2021 (ter vergelijking: eerste halfjaar 2020 waren dit 7 meldingen). Dit blijkt daarmee in een behoefte te voorzien.

Budget In tabel 4 zijn de Wmo-uitgaven over het eerste halfjaar weergegeven. Tabel 4 biedt tevens een vergelijking met de begroting 2020 en de gerealiseerde uitgaven over dezelfde periode voorgaand jaar. De totale bestedingen over het eerste halfjaar bedragen € 2.040.000. Dit betreft een daling van € 100.000 ten opzichte van dezelfde periode in 2020. Oorzaak van deze daling zijn lagere uitgaven aan begeleiding ad € 90.000 en hulpmiddelen ad € 15.000. De categorieën met de grootste Wmo-uitgaven betreffen de huishoudelijke hulp en begeleiding en dagbesteding. Voor huishoudelijke hulp zijn de uitgaven vergelijkbaar met de vorige periode. Wel zien we in het tweede kwartaal weer een hoge instroom van nieuwe cliënten. Het aantal voorzieningen voor huishoudelijke hulp is door de gemeente niet te beïnvloeden. Bij begeleiding en dagbesteding zetten we sinds het eerste halfjaar 2020 in op het afschalen van maatwerkvoorzieningen, meer voorliggende voorzieningen en aanbod van trajecten bij Farent. Hierdoor zijn de uitgaven ook in het achterliggende halfjaar afgenomen. In lijn met de beschreven ontwikkelingen in de voorgaande paragrafen is er in het achterliggende halfjaar wel een toename geweest in het aantal lopende voorzieningen. Bij de hulpmiddelen zien we de eerste effecten van de contractwijziging per 1 januari 2021. Het aantal ingezette hulpmiddelen is tamelijk stabiel.

Bij de woonvoorzieningen blijven de uitgaven onverminderd hoog. De hoofdmoot van deze uitgaven bestaan uit een beperkt aantal woningaanpassingen. Bij de grotere/duurdere woningaanpassingen is standaard een bouwkundig en ergonomisch adviseur betrokken, waarbij het doel is om zowel adequaat als goedkoop de benodigde aanpassingen te realiseren. De betrokken Wmo-consulenten krijgen bovendien als onderdeel van het Plan van Aanpak scholing specifiek in complexe woningaanpassingen, omdat de verwachting is dat deze trend blijvend is.

18

Intermezzo – Sociaal verhaal #3 Een meneer meldt zich bij de gemeente. Hij heeft hulp nodig in de huishouding. Na hem telefonisch gesproken te hebben, spreken wij met hem af dat er een thuiszorgorganisatie bij hem op bezoek komt.

Schimmel Een dag later ontvangen wij een mail van de thuiszorgorganisatie. De woning van meneer zit vol schimmel. Dit is slecht voor de gezondheid en de organisatie laat haar medewerkers daar niet werken voordat het huis schimmelvrij is. Ze adviseren om een schoonmaakbedrijf in te schakelen, maar dat kan de meneer helaas niet betalen.

Overleg met meneer Wij nemen contact op met meneer. Tijdens dit telefoongesprek blijkt dat hij niet weet dat hij last heeft van schimmel in zijn huis. Normaal gesproken waren we bij hem op bezoek gegaan en hadden wij samen gekeken naar waar de schimmel zit. Door de coronamaatregelen is dit helaas niet mogelijk. We gaan daarom op zoek naar andere oplossingen. Zo stellen we voor dat hij op internet op zoek gaat naar hoe schimmels eruit zien en om dat te vergelijken met zijn muren.

Zwarte puntjes Even later hebben we elkaar weer aan de telefoon. Meneer geeft aan dat hij nu ziet dat de zwarte puntjes op zijn wanden schimmels zijn. Samen bespreken we hoe we dit kunnen oplossen. Al snel komt hij zelf met een oplossing. Hij koopt anti-schimmelspray en vraagt iemand binnen zijn familie om hiermee de schimmel te verwijderen. Een week later is het probleem opgelost. Nergens in zijn huis is nog schimmel te vinden. De thuiszorgorganisatie kan langskomen om hem te helpen.

Complimenten Wij als gemeente zijn blij als een cliënt zijn probleem zelf inziet en er direct mee aan de slag gaat. In dit voorbeeld is de familie ingeschakeld en zijn ze samen met een oplossing gekomen. Voor deze manier van handelen hebben wij meneer onze complimenten gegeven. Zelf was hij ook trots!

19

4. Schuldhulpverlening, peutertoeslag, minimabeleid en statushouders Inleiding In dit hoofdstuk presenteren we cijfers omtrent de schuldhulpverlening, het minimabeleid, de peutertoeslag en de huisvesting van statushouders.

Schuldhulpverlening Figuur 10 geeft een overzicht van nieuwe aanmeldingen voor trajecten schuldhulpverlening, het aantal trajecten dat is afgesloten en het aantal lopende trajecten. In 2021 is het aantal aanmeldingen licht toegenomen, wat in lijn is met verwachting. In de vorige halfjaarrapportage is al beschreven dat de aanmeldingen die binnenkomen vaak meer aandacht vragen en dat inwoners vaak op meerdere vlakken ondersteuning kunnen gebruiken. Verder was het aandeel van de aanmeldingen waarbij inwoners ZZP-er of op een andere manier ondernemer zijn of waren, toegenomen. Dit vergt specialisatie en vaak een langere adem. Dit is ook terug te zien in het aantal afgesloten trajecten in het eerste halfjaar 2021. Hierdoor stijgt ook het aantal nog lopende dossiers. De inzet van de twee budgetcoaches blijft in een behoefte voorzien. Bij de helft van de nieuw binnengekomen trajecten wordt (ook) budgetcoaching ingezet.

Figuur 10 - Schuldhulpverlening

20

Minimaregelingen Figuur 11 geeft een totaaloverzicht van alle minimaregelingen (bijzondere bijstand, maatschappelijke participatie en individuele inkomenstoeslag). Voor de minimaregelingen is geen wachtlijst. Aanvragen worden ruim binnen de wettelijke termijn afgehandeld. De cijfers zijn niet exact op casusniveau te bepalen. De cijfers betreffen een momentopname.

Figuur 11 – Minimaregelingen: totaal

Peutertoeslag Figuur 12 geeft een overzicht van de toekenningen peutertoeslag. Vanaf 1 januari 2018 is de Wet harmonisatie kinderopvang in werking getreden. Sindsdien verstrekt de gemeente een tegemoetkoming aan ouders met een kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst. De 54 binnengekomen aanvragen in het eerste halfjaar bevatten 29 heronderzoeken. Dit betreft herzieningen omdat bijvoorbeeld het inkomen van de inwoner is gewijzigd. Nieuwe aanvragen betreffen met name gezinnen waarbij kinderen 2 jaar zijn geworden in de achterliggende periode.

Figuur 12 - Peutertoeslag

21

Collectieve zorgverzekering De gemeente Maasdriel biedt al jaren een collectieve zorgverzekering voor minima aan. Vanaf 1 januari 2020 is VGZ de enige aanbieder van de collectieve zorgverzekering. De ontwikkeling in het aantal verzekerden via de collectieve zorgverzekering voor minima is zichtbaar in figuur 13. Per 1 januari 2021 is het aantal inwoners met een collectieve zorgverzekering bij VGZ gestegen naar 465.

Figuur 13 – Verzekerden collectieve zorgverzekering voor minima

Bezwaar en beroep minimaregelingen In de eerste helft van 2021 zijn 3 bezwaarschriften ontvangen voor de minimaregelingen. 1 hiervan is ongegrond verklaard en 2 zijn ingetrokken door de bezwaarmaker. Er zijn geen beroepsprocedures of voorlopige voorzieningen geweest.

Huisvesting statushouders Alle gemeenten hebben van het Rijk een opdracht gekregen tot het huisvesten van statushouders. Deze taak kan worden gesplitst in twee onderdelen: 1) het begeleiden van gezinnen bij het inrichten van de woning en het wonen in de toegewezen buurt en 2) het toewijzen van woningen. Het eerste onderdeel is ondergebracht bij de stichting Vluchtelingenwerk. Het tweede aspect voert de gemeente uit in samenwerking met de woningbouwcorporaties. De cijfers hiervan zijn opgenomen in figuur 14. Uit landelijke cijfers bleek eerder al dat de huisvestingsopgave voor gemeenten over 2021 verdubbeld is ten opzichte van 202011. De gemeente Maasdriel slaagt er relatief goed in om te voldoen aan de opgelegde taakstelling. In de praktijk kost het wel veel inspanning om deze taakstelling te realiseren.

Figuur 14 - Huisvesting statushouders

11

https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/nieuws/huisvesting-statushouders-bijna-overal-eenzware.15734929.lynkx 22

Begroting en uitgaven minimaregelingen 2021 Figuur 15 bevat een overzicht van de verwachte uitgaven over geheel 2021. Figuur 16 bevat ter vergelijking ook de begroting over 2021 en de werkelijke uitgaven over 2020.

Figuur 15 – Minimaregelingen

23

Intermezzo – Sociaal verhaal #4 Snel hulp in heftige situatie De telefoon ging begin 2021. Een dochter belde, nadat bij haar moeder ALS was vastgesteld. Bij deze ernstige ziekte worden de zenuwcellen die de spieren aansturen aangetast. Een heftige situatie, waarbij de collega’s van Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) er alles aan doen om op de kortst mogelijke termijn diverse voorzieningen te regelen. Met adequate medewerking van een ergotherapeut en een leverancier van hulpmiddelen, kregen we dat dezelfde week voor elkaar. Twee dagen nadat moeder thuiskwam, kreeg ze een aangepaste rolstoel voor binnen, korte tijd daarna een speciale douchestoel. Ook kon zij gebruik maken van de regiotaxi, kreeg ze hulp bij het huishouden en binnenkort volgt er een elektrische rolstoel voor buiten zodat aanvraagster zich zo lang mogelijk zelfstandig kan verplaatsen.

Ontzorgen Nadat de Wmo-collega’s de voorzieningen voor moeder regelden, belde de dochter opnieuw. Zij bedankte de gemeente en de collega die haar hielp in het bijzonder, omdat we de tijd namen om naar haar persoonlijke verhaal te luisteren. Zij gaf aan dat zij haar verhaal niet goed kwijt kon bij anderen. Haar netwerk heeft geen ervaring met de snelle aftakeling van een moeder. Bij zo’n impactvol verhaal bieden de collega’s van het gebiedsteam vooral een luisterend oor en regelen ze op de achtergrond zo snel mogelijk wat ze moeten regelen om te ontzorgen.

24

5. Participatiewet Werkzaak Rivierenland (hierna: Werkzaak) is de uitvoeringsorganisatie voor werk en inkomen in de regio Rivierenland, waaronder de gemeente Maasdriel. Werkzaak begeleidt mensen bij het vinden en behouden van werk. Zij versterkt werkzoekenden, medewerkers en werkgevers bij het ontdekken, benutten en vergroten van talenten. Daarnaast biedt Werkzaak inkomensondersteuning aan degenen die het nodig hebben of werk aan in een aangepaste omgeving. Bijstandsgerechtigden zijn onderverdeeld in 4 klantprofielen. Om eenduidig het onderscheid te maken tussen de verschillende klantprofielen worden alle bijstandsgerechtigden getoetst met een landelijk erkend instrument. De bijstandsgerechtigden uit klantprofiel 1,2 en 3 hebben de potentie om in meer of mindere mate economisch zelfstandig te zijn. Werkzaak ondersteunt hen zowel op het gebied van inkomen (rechtmatigheid) als op het gebied van arbeidsinschakeling (doelmatigheid). Bijstandsgerechtigden uit klantprofiel 4 (hierna: kp4) zijn niet in staat om zelfstandig meer dan 20% van het wettelijk minimumloon te verdienen. Hun belastbaarheid is beperkt en de afstand tot de arbeidsmarkt is te groot. Werkzaak biedt deze doelgroep wel ondersteuning op het gebied van inkomen, maar niet richting werk. De (participatie)begeleiding van deze groep wordt tot op heden gedaan door de gemeenten.

Voor de gemeente Maasdriel is de begeleiding van deze groep uitbesteed aan Welzijn Bommelerwaard. Activiteiten trajectbegeleidster kp4 De trajectbegeleidster van Welzijn Bommelerwaard verleent aan deze cliënten individuele begeleiding om sociale redzaamheid, sociale activering en maatschappelijke participatie te bevorderen en een sociaal isolement te doorbreken en/of te voorkomen. Ook heeft de trajectbegeleidster contacten met vrijwilligersorganisaties en zorgpartners. Van belang is dat deze cliënten op hun eigen niveau kunnen deelnemen aan de samenleving. Er bevinden zich aan het einde van het eerste halfjaar 65 mensen in kp4 (eind 2020: 68 mensen). De volgende gegevens geven een beeld van de ontwikkelingen binnen deze groep: -

30 personen ouder dan 55 jaar; 2 personen onder de 55 jaar hebben aangegeven aan het werk te willen. Daarmee heeft de trajectbegeleidster oriënterende gesprekken over de mogelijkheden; 1 persoon onder de 55 jaar is aangemeld in het traject om naar klantprofiel 3 te gaan; 4 personen onder de 55 jaar zitten in een traject naar passende dagbesteding; 5 personen, waarvan 3 onder de 55 jaar zijn in gesprek over passende activiteiten/vrijwilligerswerk.

In het begin van de corona periode ging de aandacht, ook landelijk, vooral uit naar zorgen voor de mensen om je heen. Doordat de coronaperiode nu al zo lang duurt komen mensen er achter dat zorgen voor jezelf ook belangrijk is om het zorgen voor de ander vol te kunnen houden. Duidelijk wordt dat veel bijstandsgerechtigden die ook mantelzorger zijn op zoek zijn naar de juiste balans hierin. In gesprekken wordt duidelijk dat veel bijstandsgerechtigden te maken hebben met schaamte- en schuldgevoelens over niet kunnen werken, schulden hebben, hulp nodig hebben en dat ze voelen alsof ze minder aan kunnen dan de “gemiddelde Nederlander”. Dat vrijwilligerswerk eigenwaarde kan geven, maar dat je wel eigenwaarde nodig hebt om aan vrijwilligerswerk te durven beginnen. Ook hierin in het vinden van balans belangrijk. Tijdens de intensieve samenwerking met reeds betrokken hulpverleningspartijen is duidelijk geworden dat de meeste hulpverleners betrokken bij mensen uit kp4 over onvoldoende informatie beschikken over de mogelijkheden in de regio op het gebied van zorg en welzijn. Veelal zijn het partijen van buiten de Bommelerwaard. De samenwerking met elkaar maakt dat we stappen kunnen zetten met de mensen uit klantprofiel 4.

De trajectbegeleidster heeft de informatie en kan mee op onderzoek voor passende mogelijkheden, de hulpverlener kan de cliënt ondersteunen om de stappen te zetten en te blijven zetten.

25

Maandelijkse rapportage Naar aanleiding van de coronacrisis is afgesproken om de gemeenten maandelijks te informeren over de stand van zaken van de begroting van Werkzaak. De rapportages over 2021 zijn reeds eerder toegestuurd aan uw raad12. De rapportages laten de ontwikkelingen zien van het uitkeringsbestand en de ontwikkeling van de werkelijke kosten afgezet tegen het deel van de begroting dat Werkzaak verwacht. Ontwikkeling aantallen In het tweede halfjaar van 2020 daalde het uitkeringsbestand, doordat veel jongere inwoners aan het werk konden. In 2021 zien we een stabilisatie. De verwachting is dat het uitkeringsbestand zal groeien in de komende jaren, onder meer als gevolg van de coronacrisis. Werkzaak houdt deze ontwikkeling nauwlettend in de gaten. De rapportage van Werkzaak bevat ook een bijlage per gemeente. In de gemeente Maasdriel is zichtbaar dat het aantal personen dat inkomensondersteuning (exclusief Tozo) ontvangt gedaald is van 210 per december 2020 naar 207 per juni 2021. Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo) De Tozo was een van de maatregelen van het kabinet om zelfstandige ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. In lijn met de maatschappelijke ontwikkelingen is de Tozo steeds verder afgebouwd in 2021. Per 1 oktober 2021 wordt de Tozo stopgezet13.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10730850/1