Buitengebied herziening 2017, Luttel Inghweg 2 Bijlagen bij de toelichting (1)
Tekst van het document
BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED HERZIENING 2017, LUTTEL INGHWEG 2 NL.IMRO.0263.BP1160-VG01
vastgesteld
Buitengebied herziening 2017, Luttel Inghweg 2
Inhoudsopgave Bijlagen bij de toelichting
3
Bijlage 1
Geuronderzoek
4
Bijlage 2
Akoestisch onderzoek industrielawaai
35
Bijlage 3
Bodemonderzoek
240
Bijlage 4
Aerius berekening
261
Bijlage 5
Voortoets
282
Bijlage 6
Nota van zienswijzen
317
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2017, Luttel Inghweg 2 NL.IMRO.0263.BP1160-VG01
2 - 322
Bijlagen bij de toelichting
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2017, Luttel Inghweg 2 NL.IMRO.0263.BP1160-VG01
3 - 322
Bijlage 1
Geuronderzoek
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2017, Luttel Inghweg 2 NL.IMRO.0263.BP1160-VG01
4 - 322
Geuronderzoek Slachterij Hooijmans
Rapportnummer: WND534-0001-GEUR-v1
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
Opdrachtgever:
Aeres Milieu
Contactpersoon:
De heer G. Reuver
Onderzoek:
Geuronderzoek Slachterij Hooijmans
Rapportnummer:
WND534-0001-GEUR-v1
Datum:
2 mei 2018
Uitgevoerd door:
WINDMILL Milieu I Management I Advies Postbus 5 6267 ZG Cadier en Keer Tel. 043 407 09 71 www.adviesburowindmill.nl info@wmma.nl
Contactpersoon:
ing. J.M.W. Geurts
2
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
Inhoudsopgave 1 Inleiding ..................................................................................... 4 2 Uitgangspunten......................................................................... 5 2.1
Situering en omschrijving .......................................................................................... 5
3 Toetsingskader ......................................................................... 7 3.1 3.2 3.3
Algemeen toetsingskader geur vergunningverlening ............................................... 7 Gebruikelijke toetsingswaarden ................................................................................ 7 Voorgestelde toetsingskader .................................................................................... 8
4 Invoergegevens rekenmodel .................................................. 10 4.1 4.1.1 4.1.2 4.2 4.3 4.3.1 4.3.2
Rekenmodel ............................................................................................................ 10 Algemeen ................................................................................................................ 10 Terreinruwheid ........................................................................................................ 10 Toetspunten ............................................................................................................ 11 Bronnen .................................................................................................................. 11 Gehanteerde emissiekengetallen ........................................................................... 12 Beschouwde situatie ............................................................................................... 13
5 Rekenresultaten ...................................................................... 15 6 Conclusie................................................................................. 16
Bijlagen I II III
Emissiebepaling Invoergegevens rekenmodel Rekenresultaten
3
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
1
Inleiding In opdracht van Aeres milieu is door Windmill Milieu en Management een geuronderzoek uitgevoerd in verband met het wijzigen van het bestemmingsplan voor de locatie gelegen aan de Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel. De herziening van het bestemmingsplan betreft de bedrijfsactiviteiten van slachterij Hooijmans. Doel van het onderzoek is inzicht te geven in de mogelijke geurimmissie vanwege de inrichting naar de bestaande woningen in de omgeving. In de nu voorliggende rapportage is verslag gedaan van de uitgangspunten, rekenresultaten en conclusies van het uitgevoerde geuronderzoek.
4
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
2 2.1
Uitgangspunten Situering en omschrijving Het plan behelst het planologisch mogelijk maken van de bedrijfsactiviteiten van slachterij Hooijmans gelegen aan de Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel. Figuur 2.1 geeft een geografisch overzicht van de ligging van het plan en de omgeving.
Figuur 2.1: Plangebied
Figuur 2.2. geeft een overzicht van de indeling van het terrein.
5
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
Figuur 2.2. situatieschets indeling bedrijfsterrein
6
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
3 3.1
Toetsingskader Algemeen toetsingskader geur vergunningverlening 1
De brief van de Minister van VROM van 30 juni 1995 vormt de basis voor de beoordeling van geurbelaste situaties. De essentie van deze brief is dat het bevoegd gezag dient vast te stellen welk niveau van geurhinder in een bepaalde situatie nog acceptabel is, en dat maatregelen ter bestrijding van geuroverlast moeten worden 2 bepaald in overeenstemming met het ALARA-principe . In 2005 is het begrip ALARA in de Wet milieubeheer vervangen door het begrip BBT (Beste Beschikbare Technieken). Deze Beste Beschikbare Technieken moeten worden toegepast om een hoog beschermingsniveau van het milieu te bereiken. Als instrumentarium voor het bepalen van het acceptabel hinderniveau is in hoofdstuk 3 3 van de Handleiding geur de hindersystematiek geur opgenomen. Indien geur relevant is, toetst het bevoegd gezag aan de Brefs (Europees kader), Rijksbeleid dan wel lokaal geurbeleid. Het bevoegd gezag bepaalt of sprake is van een aanvaardbaar hinderniveau voor geur of dat aanvullende maatregelen nodig zijn. Als het bevoegd gezag het hinderniveau van de activiteit als aanvaardbaar beschouwt, wordt de vergunning voor wat betreft geur verleend. Het bevoegd gezag motiveert haar besluit over het aanvaardbaar hinderniveau en legt dit vast in de considerans.
3.2
Gebruikelijke toetsingswaarden 4
Voor de vleesindustrie was in de Nederlandse emissierichtlijn lucht (NeR) een “Bijzondere Regeling B5” opgenomen. In de Bijzondere Regeling werd ingegaan op de reikwijdte, de relevante emissiebronnen, het acceptabele hinderniveau en de eventuele maatregelen om geurhinder te beperken. Hinder 3 In de Bijzondere Regeling is bepaald dat een geurbelasting van 3 ge/m als 98 percentiel ter plaatse van te beschermen geurgevoelige objecten niet mag worden overschreden. Wanneer geurreducerende maatregelen worden getroffen moet in ieder geval aan deze waarde worden voldaan. Wanneer de geurconcentratie ligt tussen 1,1 3 en 3 ge/m als 98 percentiel dient het bevoegd bestuursorgaan af te wegen of maatregelen ter verdere reductie nodig zijn. Voor de beoordeling van de situatie moet gebruik worden gemaakt van de hindersystematiek geur. Beneden een berekende 3 geurconcentratie van 1,1 ge/m als 98 percentiel zijn maatregelen niet noodzakelijk. De emissiefactoren in de tabellen in deze regeling zijn afgeleid uit de bedrijfstakstudie (Rapport:'Bedrijfstakstudie geur vleesindustrie', PRA rapportnummer pvf493a3, 1994, in opdracht van het Productschap voor Vee, Vlees en Eieren). Voor meer achtergrondinformatie en berekeningsvoorbeelden wordt daarnaar verwezen.
1
opgenomen in de NeR ALARA staat voor ‘As Low As Reasonably Achievable’ 3 Handleiding geur: bepalen van het aanvaardbaar hinderniveau van industrie en bedrijven (niet veehouderijen) 4 De NeR is thans vervangen door de Handleiding luchtemissies bij bedrijven 2
7
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
De kans op geurhinder wordt vaak beoordeeld aan de hand van geurcontouren. Een geurcontour geeft een geurimmissieconcentratie in combinatie met een bepaalde overschrijdingsfrequentie (uitgedrukt als percentielwaarde) weer. Een geurbelasting van 3 1 ouE/m als 98-percentiel van de uurgemiddelde concentratie geeft aan dat de 3 geurconcentratie van 1 ouE/m gedurende 2% van de tijd (minder dan 176 uur per jaar) wordt overschreden. 3
Een geurconcentratie van 1 ouE/m is gedefinieerd als de geurconcentratie waarbij van een groep mensen met een gemiddeld reukvermogen (panel geselecteerd volgens NEN-EN 13725) de helft van de mensen de geur nog net kan onderscheiden van 3 3 geurvrije lucht (1 ouE/m komt overeen met 2 ge/m ). Maatregelen Voor slachterijen zijn maatregelen onder te verdelen naar aard, nl. organisatorisch/good-housekeeping maatregelen, procesgeïntegreerde maatregelen en nageschakelde technieken. De navolgende maatregelen vallen onder ‘good housekeeping'. • • • • •
Schoonhouden van de wasplaats Douche installaties in de varkensstallen ter beperking van stress Schoonhouden van vloeren en wanden Dagelijkse afvoer van destructiemateriaal Vermindering van druipwater
Los van deze good-housekeeping maatregelen zijn per soort slachterij en per onderscheiden bron in de Bijzonder Regeling B5 de mogelijke maatregelen aangegeven waaruit een selectie gemaakt kan worden ten behoeve van het voldoen aan de gewenste geurreductie.
3.3
Voorgestelde toetsingskader Ruimtelijk bestaat het toetsingskader voor geur uit vier stappen overeenkomstig de 5 VNG-publicatie . De locatie is gelegen in een gemengd gebied. In de directe omgeving bevindt zich bedrijvigheid afgewisseld met woonbestemming. Stap 1 bestaat uit het toetsen aan de richtafstand voor het aspect geur. Indien de richtafstand wordt gerespecteerd kan verdere toetsing voor het aspect geur in beginsel achterwegen blijven. Stap 2: Indien de richtafstand wordt overschreden is inpassing mogelijk bij een geurbelasting 3 van maximaal 0,55 ouE/m als 98-percentiel bij een hedonische waarde van H=-1. Deze hedonische waarde is ontleend aan de richtinggevende waarde van de Bijzondere Regeling zoals bepaald in het hierop gebaseerde PRA onderzoek pvf493a3. Bij een 3 geurconcentratie van 0,55 ouE/m als 98-percentiel is de kans op hinder gering. Stap 3: Indien stap 2 niet toereikend is, kan gemotiveerd een geurbelasting aanvaardbaar 3 worden geacht bij een geurbelasting van maximaal 1,5 ouE/m als 98-percentiel bij een hedonische waarde van H=-2.
5
VNG Bedrijven en milieuzonering Editie 2009
8
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
Stap 4: Bij een hogere geurbelasting dan aangegeven in stap 3 zal buitenplanse inpassing doorgaans niet mogelijk zijn. Indien het bevoegd gezag niettemin tot inpassing wil overgaan dient het dit grondig te onderzoeken, onderbouwen en motiveren waarbij tevens de cumulatie met de reeds aanwezige geurbelasting moet worden betrokken.
9
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
4 4.1
Invoergegevens rekenmodel Rekenmodel
4.1.1 Algemeen Ten behoeve van de bepaling van de geurbelasting in de omgeving van de inrichting vanwege de aangevraagde activiteiten is een verspreidingsmodel opgesteld. Als basis voor het opgestelde model zijn de door opdrachtgever en via het kadaster verkregen tekeningen gehanteerd. De omgeving van de inrichting is gemodelleerd op basis van het door MilieuCoördinator opgestelde akoestisch onderzoek. Het rekenmodel is opgesteld met behulp van het programma “Geomilieu, versie 4.30 – module STACKSG” (releasedatum 6 juni 2017). Dit programma rekent op basis van STACKS (Short Term Air-pollutant Concentrations Kema modelling System). De verspreidingsberekeningen worden uitgevoerd conform het Nieuw Nationaal Model. Het Nieuw Nationaal Model (NNM) beschrijft het transport en de verdunning van stoffen in de atmosfeer op basis van het Gaussisch pluimmodel. Het betreft een “lange termijn” berekening en de beschouwde periode bedraagt derhalve tenminste één jaar. De gebruikte meteorologische gegevens bestaan uit uurgemiddelde gegevens van onder meer de windrichting, de windsnelheid, de zonne-instraling en de temperatuur. Het NNM berekent op verschillende gridpunten en discrete immissiepunten de immissieconcentratie voor elk afzonderlijk uur van de beschouwde periode.
Hieruit wordt berekend gedurende welk percentage van de jaarlijkse uren (de overschrijdingsfrequentie) een bepaalde uurgemiddelde concentratie wordt overschreden. In de onderstaande tabel 4.1 zijn de gehanteerde parameters verspreidingsberekening met het Nieuw Nationaal Model weergegeven.
voor
de
Tabel 4.1: gehanteerde parameters voor de verspreidingsberekening met het NNM parameter
gehanteerd
meteorologische periode
1-1-1995 tot 31-12-2004
ruwheidslengte z0
0,40
meteorologisch referentiepunt
Automatisch bepaald
gebruikte meteorologische gegevens
Nederland
Receptorhoogte
1,5 m
Steekproef
100%
Component
geur
4.1.2 Terreinruwheid De terreinruwheid, symbool z0 [m], is een effectieve maat voor de hoeveelheid en hoogte van obstakels op de grond. De aanwezigheid van vegetatie, gebouwen en andere structuren is een belangrijke factor voor de verspreiding van stoffen in de atmosfeer: een ruw oppervlak veroorzaakt afremming van de wind aan de grond, waardoor een zekere mate van (mechanische) turbulentie wordt gegenereerd en zich een hoogteafhankelijk windprofiel instelt. Andere benamingen voor ruwheidslengte zijn ruwheid, terreinruwheid, ruwheidshoogte en oppervlakteruwheid.
10
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
In Nederland varieert de ruwheidslengte van minder dan een centimeter tot enkele meters. Bij iedere verspreidingsberekening moet één ruwheidslengte worden ingevoerd. Deze wordt bepaald op basis van de terreinruwheid rondom bron en receptor(en). De terreinruwheid z0 [m] in het vervaardigde rekenmodel is automatische bepaald via de PreSRM tool op basis van de door het ministerie van I&M vrijgegeven ruwheidskaart van Nederland op 0,40 m.
4.2
Toetspunten De Handleiding geur schrijft voor dat de geurimmissie dient te worden bepaald ter plaatse van geurgevoelige objecten. In bijlage 2 van de genoemde Handleiding is uitwerking gegeven aan het begrip geurgevoelig object. In voorliggende situatie betekent dit dat de geurimmissie ter plaatse van de omliggende verspreid liggende woningen en aaneengesloten woonbebouwing (woonkernen) wordt bepaald. Andere geurgevoelige objecten zijn in de nabije omgeving niet gelegen. In de directe omgeving van de inrichting liggen woningen van derden. De geurcontour in de directe omgeving van de slagerij is inzichtelijk gemaakt met behulp van een grid. In bijlage II zijn de invoergegevens aangaande de immissiepunten opgenomen.
4.3
Bronnen Bij slachterij Hooijmans worden schapen, runderen, paarden en geiten geslacht. Bij de beoordeling van de geuremissie van de geiten wordt aangesloten bij de emissie vanwege schapen en voor de geuremissie vanwege paarden wordt aangesloten bij de emissie vanwege runderen. In het brancheonderzoek worden voor schapen- en runderslachterijen diverse geurbronnen beschreven. Deze geurbronnen zijn ook bij Hooijmans aanwezig, waarbij de volgende opmerkingen worden geplaatst: Aanvoer en lossen: De aanvoer van de dieren vindt plaats per vrachtwagen en personenwagen met veekar. Aan de achterzijde van de slachterij worden de dieren in de buitenlucht gelost en overgebracht naar de wachtruimten (stallen). Voordat de wagens het terrein weer verlaten worden deze gereinigd en gedesinfecteerd. De dieren worden maximaal 1 dag van te voren aangevoerd. Globaal genomen is de aanvoercapaciteit gelijk aan de slachtcapaciteit;. Wachtruimten: De wachtruimten bevinden zich aan de achterzijde van de inrichting. De mest uit de wachtruimten wordt zoveel mogelijk droog verwijderd en tijdelijk opgeslagen in een gesloten container. Verbloedingsruimte inclusief slachthal: De aangevoerde dieren worden in de slachthal gebracht en verdoofd. Vervolgens wordt een halssnede aangebracht waarna de dieren 'verbloeden'.
Het bloed wordt opgevangen in een gesloten container en afgevoerd als hoog risico materiaal. Na het uitbloeden worden de dieren onthuid. Na deze bewerkingen komen de karkassen in de schone slachtafdeling waar de organen worden verwijderd. Maagdarm pakketten worden gescheiden opgevangen en voor verdere verwerking afgevoerd. De vrijkomende slachtproducten worden verwerkt tot producten voor menselijke consumptie en diervoeding. Opslagen: Binnen de inrichting wordt het bloed en de mest opgeslagen in afgesloten containers die zich buiten op het terrein van de inrichting bevinden. De restproducten van het slachtproces worden binnen de inrichting opgeslagen in een gekoelde inpandige cel. Voor alle opslagen geldt dat deze aan het eind van de dag (dus dagvers) worden opgehaald.
11
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
4.3.1 Gehanteerde emissiekengetallen NeR Zoals reeds beschreven zal ten behoeve van de bepaling van de geuremissie van de slachterij worden aangesloten bij de emissiekengetallen uit de Bijzondere Regeling B5 uit de NeR. Navolgende tabel geeft een weergave van de emissiekengetallen voor de bepaling van de geuremissie ten gevolge van de slachterij. Tabel 4.1: Overzicht emissiekengetallen voor de berekening van de geuremissie uit de NeR 6
Bron
Berekening geuremissie volgens NeR [10 ge/h] Schapen/geiten
Rundvee
Aanvoer en lossen
0,0056 × S
0,073 × R
Schoonmaken lege wagens
Inbegrepen bij aanvoer
Inbegrepen bij aanvoer
Stallen
0,002 × S
0,031 × R
Verbloedingsruimte en slachthal
0,061 × H
0,560 × H
Verwerking maag- darmenpakket
n.v.t.
n.v.t.
Opslag huiden
0,002 × H
0,008 × H
Opslag restproducten
Inpandig gekoeld
Inpandig gekoeld
Overslag restproduct (per 10 min.)
10
10
H = aantal dieren geslacht per uur S = aantal schapen per uur aangevoerd
H = aantal dieren geslacht per uur R = aantal runderen per uur aangevoerd
De overige restproducten worden gekoeld opgeslagen in gesloten koelcellen. Dit is een maatregel, die tot een aanzienlijke emissievermindering tot gevolg heeft. De emissie van deze bronnen kunnen niet meer gekwantificeerd worden met behulp van de emissiekengetallen. De emissie van de koelcellen met restproducten is derhalve bepaald op basis beschikbare emissiemetingen. De overslag van het opgeslagen restproduct betreft een ‘fluctuerende’ bron vanwege het afwisselend en kortstondige karakter van de activiteit. 6
Uit het eerder uitgevoerde geuronderzoek is gebleken dat de geuremissie ten gevolgen van het slachten van schapen en geiten maatgevend is ten opzichte van het slachten van rundvee. Derhalve wordt in het uitgevoerde onderzoek worst-case uitgegaan van het slachten van schapen en geiten. Inpandige activiteit De bedrijfstakstudie die ten grondslag ligt aan de bijzondere regeling uit de NeR is sinds 1994 niet meer geactualiseerd. Activiteiten vinden, mede door hygiëne-eisen, anders plaats dan de destijds beschouwde activiteit met bijhorend emissiekengetal. Het kengetal geldend voor aanvoer en lossen en voor het schoonmaken van lege vrachtwagens is van toepassing op situaties waarin de betreffende activiteiten in de buitenlucht plaatsvinden. Voor de activiteit ‘aanvoer en lossen’ is dat in de onderhavige situatie niet het geval. Indien activiteiten inpandig plaatsvinden treedt er een emissie reducerend effect op. Het gebouw waarin de activiteit plaatsvindt heeft een afschermende werking, waardoor er minder geur wordt geëmitteerd vergeleken met de zelfde activiteit in de buitenlucht. Het emissie reducerend effect van het inpandig brengen van activiteiten werd in de bedrijfstakstudie gekwantificeerd voor die situatie, waarin er op dat moment (medio jaren 90) het inpandig brengen van activiteiten het meest voorkwam: het lossen van
6
Geurcontouren slachterij W. Hooijmans v.o.f., 26 mei 2009, 9T9581.01/R0001/Nijm, Royal Haskoning
12
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
pluimvee bij pluimveeslachterijen. Het inpandig brengen van activiteiten levert 80% reductie op ten opzichte van een uitpandige activiteit. De bedrijfstakstudie is sinds 1994 niet meer geactualiseerd. Destijds was het normaal om vrachtwagens in de buitenlucht te reinigen evenals het laden en lossen. Thans vindt deze activiteit, mede door hygiëne-eisen, overal inpandig plaats en wordt standaard de reductiefactor van 80% toegepast. Gekoelde opslag restproduct Alle restproducten van de slachterij worden inpandig, gekoeld opgeslagen. Ten 7 behoeve van een geuronderzoek voor een slachterij zijn emissiemetingen uitgevoerd ten behoeve de inpandig gekoelde opslag van restproducten. Op basis van de uitgevoerde emissiemetingen bedraagt de geuremissie 0,34 MouE /h (=0,68 Mge/h). Overslag restproduct De overslag van het opgeslagen restproduct betreft een ‘fluctuerende’ bron vanwege het afwisselend en kortstondige karakter van de activiteit. Voor de omrekening van de geuremissie van een fluctuerende bron wordt de navolgende vergelijking toegepast. 𝐸𝑢𝑢𝑟𝑔𝑒𝑚𝑖𝑑𝑑𝑒𝑙𝑑 = 𝐸𝑚𝑜𝑚𝑒𝑛𝑡𝑎𝑎𝑛 ∗ √𝑓 Waarin: Euurgemiddeld = uurgemiddelde geuremissie Emomentaan= momentane geuremissie tijdens de uurfractie f = uurfractie
4.3.2 Beschouwde situatie De slachterij is gedurende maximaal 5 dagen per week in werking (dagelijks slachten). Gedurende een werkdag worden maximaal 250 schapen/geiten per dag geslacht. Op basis van een slachttempo van 25 schapen per uur bedraagt de slachttijd 10 uren per dag. De totale bedrijfstijd is vermeerderd met één uur pauze en één uur schoonmaken en bedraagt derhalve 12 uur. Eenmaal per jaar, gedurende het islamitische offerfeest (ritueel slachten), wordt in afwijking van de vigerende vergunning gedurende drie dagen continu (24 uur per dag) slachtingen uitgevoerd. De capaciteit op deze dagen bedraagt 1.000 dieren per dag. In onderhavig onderzoek wordt uitgegaan van 50 weken dagelijks slachten en één week per jaar ritueleel slachten. Aan het einde van de dag wordt het slachtafval (dus dagvers) opgehaald. Er wordt ervan uitgegaan dat maximaal gedurende 14 uur per werkdag opslag van restproduct plaatsvindt. De overslag van restproduct vindt éénmaal per dag plaats na afronding van de slachtactiviteiten. De overslag van restproduct neemt circa 30 minuten in beslag. Gedurende het ritueel slachten wordt ervan uitgegaan dat de overslag van restproducten tweemaal per dag plaatsvindt. Navolgende tabel geef een weergave van de gehanteerde uitgangspunten voor de geurberekening.
7
Geuronderzoek Ebergen Vlees BV te Lith, EBER11A5, PRA Odournet bv, 10 januari 2012
13
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
Tabel 4.2: Uitgangspunten voor de berekening van de geuremissie
Activiteit
Dagelijks slachten
Ritueel slachten
Aantal slachtingen per week per dag
1.250 250
3.000 1.000
Bedrijfstijd dagen per week uren per dag weken per jaar
5 12 50
3 24 1
Aantal slachtingen per uur
25
50
Inpandig gekoeld opslag restproduct opslag duur [uren]
14
24
De te beschouwen slachtcapaciteit van de inrichting van Hooijmans komt niet boven 5 runderen/paarden ofwel 54 schapen/geiten per uur. De Bijzondere Regeling B5 uit de NeR stelt voor dergelijke capaciteiten dat de bepaling van de geuremissie achterwege kan blijven. Tabel 4.3: Overzicht emissiekengetallen voor de berekening van de geuremissie
Bron
Dagelijks slachten Emissie [106 ge/h]
Aanvoer en lossen
0,2 × 0,0056 × 25 = 0,028
Uren
Ritueel slachten Emissie [106 ge/h]
Uren
3.000
0,2 × 0,0056 × 50 = 0,056
72 72
Stallen
0,002 × 25 = 0,05
3.000
0,002 × 50 = 0,1
Verbloedingsruimte en slachthal
0,061 × 25 = 1,525
3.000
0,061 × 50 = 3,05
72
0,002 × 25 = 0,05
3.500
0,002 × 50 = 0,1
72
Opslag restproducten
0,68
3.500
0,68
72
Overslag restproduct
10 × (30/60) = 7,07
250
10 × (30/60) = 7,07
6
Opslag huiden
In bijlage I is de volledige emissiebepaling opgenomen. Bijlage II geeft de invoergegevens van het rekenmodel.
14
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
5
Rekenresultaten Navolgend is de berekende geurimmissie middels contouren gepresenteerd. Bijlage III geeft een overzicht van de totale rekenresultaten.
Figuur 5.1: Contouren geurimmissiebelasting [ouE/m3 als 98-percentiel]
Uit de rekenresultaten blijkt dat de geurimmissie ter plaatse van de woning gelegen aan 3 de Veersteeg 13 ten hoogste 0,74 ouE/m als 98-percentiel bedraagt. Het voorgestelde 3 strengste toetsingskader van 0,55 ouE/m als 98-percentiel wordt niet gerespecteerd. Er 3 wordt echter wel ruimschoots voldaan aan het toetsingskader van 1,5 ou E/m als 98percentiel. Ter plaatse van alle overige woningen wordt wel voldaan aan het voorgestelde 3 strengste toetsingskader van 0,55 ouE/m als 98-percentiel.
15
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
WND534-0001-GEUR-v1 / 2 mei 2018
6
Conclusie In opdracht van Aeres milieu is door Windmill Milieu en Management een geuronderzoek uitgevoerd in verband met het wijzigen van het bestemmingsplan voor de locatie gelegen aan de Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel. De herziening van het bestemmingsplan betreft de bedrijfsactiviteiten van slachterij Hooijmans. Doel van het onderzoek is inzicht te geven in de mogelijke geurimmissie vanwege de inrichting naar de bestaande woningen in de omgeving. Uit de rekenresultaten blijkt dat de geurimmissie ter plaatse van de woning gelegen aan 3 de Veersteeg 13 ten hoogste 0,74 ouE/m als 98-percentiel bedraagt. Het voorgestelde 3 strengste toetsingskader van 0,55 ouE/m als 98-percentiel wordt niet gerespecteerd. Er 3 wordt echter wel ruimschoots voldaan aan het toetsingskader van 1,5 ouE/m als 98percentiel. Ter plaatse van alle overige woningen wordt wel voldaan aan het voorgestelde 3 strengste toetsingskader van 0,55 ouE/m als 98-percentiel.
WINDMILL MILIEU I MANAGEMENT I ADVIES
ing. J.M.W. Geurts
16
www.adviesburowindmill.com www.milieucoordinator.nl www.milieuadvies.nl www.milieuadviesbureau.nl
I. BIJLAGE Emissiebepaling
Emissiebepaling Geur Hooijmans Dagelijks slachten #
Bron
Emissie 6
[10 ge/h] 03 / 04 Aanvoer en lossen
Emissie
Uren
[ouE/s]
6
[10 ge/h]
Emissie 6
[10 ouE/h]
Emissie
Uren
[ouE/s]
0,2 × 0,0056 × 50 0,014
3,89
3.000
0,025
6,94
3.000
0,056
0,028
7,78
72
0,05
13,89
72
1,525
423,61
72
0,002 × 50
0,061 × 25 1,525
09 / 10 Opslag huiden
[10 ouE/h]
Emissie
0,002 × 25 0,05
07 / 08 Verbloedingsruimte en slachthal
6
0,2 × 0,0056 × 25 0,028
05 / 06 Stallen
Emissie
Ritueel slachten
0,1 0,061 × 50
0,7625
211,81
3.000
0,002 × 25
3,05 0,002 × 50
0,05
0,025
6,94
3.500
0,1
0,05
13,89
72
Opslag restproducten
0,68
0,34
94,44
3.500
0,68
0,34
94,44
72
11 / 12 Overslag restproduct *
7,07
3,54
981,94
250
7,07
3,54
981,94
6
02
* Fluctuerende bron: E uurgem = E momentaan * (uurfractie) = 10 * (30/60) = 7,07
II. BIJLAGE Invoergegevens rekenmodel
Bijlage II Rapport: Model:
Invoergegevens rekenmodel Lijst van model eigenschappen v1
Model eigenschap Omschrijving Verantwoordelijke Rekenmethode
v1 jge STACKS-G
Aangemaakt door Laatst ingezien door Model aangemaakt met
jge op 30-3-2018 jge op 2-5-2018 Geomilieu V4.30
GCN referentiepunt Rekenperiode Terreinruwheid Custom meteo Store journal files Custom emission file Calculation type Improved Low wind speed calculation
X: -999.00 Y: -999.00 1-1-1995 tot 31-12-2004 0.4 Nee Nee Nee Uurgemiddeld Nee
Geomilieu V4.30
2-5-2018 10:01:51
Bijlage II Model: Groep:
Invoergegevens rekenmodel v1 Geur - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Luchtkwaliteit - STACKS-G
Groep
Geomilieu V4.30
ItemID 823
Grp.ID 0
Datum 12:06, 1 mei 2018
1e kid -8233
NrKids 1
Naam 01
Omschr. Veersteeg 13
Vorm Punt
X 150153,68
Y 421022,73
2-5-2018 10:03:17
Bijlage II Model: Groep: Naam
Invoergegevens rekenmodel v1 Geur - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Grids, voor rekenmethode Luchtkwaliteit - STACKS-G
Omschr.
Geomilieu V4.30
DeltaX 2
DeltaY 2
2-5-2018 10:03:17
Bijlage II Model: Groep:
Invoergegevens rekenmodel v1 Geur - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Schoorstenen, voor rekenmethode Luchtkwaliteit - STACKS-G
Naam 02 03 04 05 06
Omschr. Inpandige opslag restproduct aanvoer en lossen (dagelijksl) aanvoer en lossen (ritueel) Stallen (dagelijksl) Stallen (ritueell)
Hoogte 8,60 1,50 1,50 8,60 8,60
Int.diam. 1,00 1,00 1,00 1,00 1,00
Ext.diam. 1,10 1,10 1,10 1,10 1,10
Geur 47,22 3,89 7,78 6,94 13,89
Inert gas 0,00000000 0,00000000 0,00000000 0,00000000 0,00000000
Flux 0,100 0,100 0,100 0,100 0,100
Gas temp 285,0 285,0 285,0 285,0 285,0
Warmte 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000
Geb.bron Ja Ja Ja Ja Ja
Bedr. uren 3572,00 3000,00 72,00 3000,00 72,00
00-01 False False False False False
01-02 False False False False False
02-03 False False False False False
03-04 False False False False False
07 08 09 10 11
Verbloedingsruimte en slachthal (dagelijksl) Verbloedingsruimte en slachthal (ritueel) Opslag huiden (dagelijksl) Opslag huiden (ritueel) Overslag restproduct (normaal)
8,60 8,60 8,60 8,60 1,50
1,00 1,00 1,00 1,00 1,00
1,10 1,10 1,10 1,10 1,10
211,81 423,61 6,94 13,89 981,94
0,00000000 0,00000000 0,00000000 0,00000000 0,00000000
0,100 0,100 0,100 0,100 0,100
285,0 285,0 285,0 285,0 285,0
0,000 0,000 0,000 0,000 0,000
Ja Ja Ja Ja Ja
3000,00 72,00 3500,00 72,00 250,00
False False False False False
False False False False False
False False False False False
False False False False False
12
Overslag restproduct (ritueell)
1,50
1,00
1,10
981,94
0,00000000
0,100
285,0
0,000
Ja
6,00
False
False
False
False
Geomilieu V4.30
2-5-2018 10:03:17
Bijlage II Model: Groep:
Invoergegevens rekenmodel v1 Geur - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Schoorstenen, voor rekenmethode Luchtkwaliteit - STACKS-G
Naam 02 03 04 05 06
04-05 False False False False False
05-06 False False False False False
06-07 True True True True True
07-08 True True True True True
08-09 True True True True True
09-10 True True True True True
10-11 True True True True True
11-12 True True True True True
12-13 True True True True True
13-14 True True True True True
14-15 True True True True True
15-16 True True True True True
16-17 True True True True True
17-18 True True True True True
18-19 False False False False False
19-20 False False False False False
20-21 False False False False False
21-22 False False False False False
22-23 False False False False False
23-24 False False False False False
Monday True True True True True
Tuesday True True True True True
Wednesday True True True True True
Thursday True True True True True
Friday True True True True True
07 08 09 10 11
False False False False False
False False False False False
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
False False False False False
False False False False False
False False False False False
False False False False False
False False False False False
False False False False False
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
12
False
False
True
True
True
True
True
True
True
True
True
True
True
True
False
False
False
False
False
False
True
True
True
True
True
Geomilieu V4.30
2-5-2018 10:03:17
Bijlage II Model: Groep: Naam 02 03 04 05 06
Invoergegevens rekenmodel v1 Geur - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Schoorstenen, voor rekenmethode Luchtkwaliteit - STACKS-G
Saturday False False False False False
Sunday False False False False False
January True True True True True
February True True True True True
March True True True True True
April True True True True True
May True True True True True
June True True True True True
July True True True True True
August True True True True True
September True True True True True
October True True True True True
November True True True True True
December True True True True True
07 08 09 10 11
False False False False False
False False False False False
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
True True True True True
12
False
False
True
True
True
True
True
True
True
True
True
True
True
True
Geomilieu V4.30
2-5-2018 10:03:17
III. BIJLAGE Rekenresultaten
Bijlage III
Rekenresultaten
Rapport: Model: Resultaten voor model: Naam 01
Omschrijving Veersteeg 13
Geomilieu V4.30
Resultatentabel v1 v1
X coördinaat 150153,68
Y coördinaat 421022,73
98% [ouE/m³] 0,74
2-5-2018 10:04:07
Bijlage 2 Akoestisch onderzoek industrielawaai
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2017, Luttel Inghweg 2 NL.IMRO.0263.BP1160-VG01
35 - 322
AKOESTISCH ONDERZOEK voor de inrichting gelegen aan de
LUTTEL INGHWEG 2 TE KERKDRIEL
14 juni 2019
Colofon Rapport: Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel Rapportnummer: 3483ao0115 v6 Status: definitief Datum: 14 juni 2019
Opdrachtgever Willem Hooijmans Slachterij Vee- Vleeshandel Luttel Inghweg 2 5331 PN Kerkdriel
Contactpersoon Den Hollander Advocaten De heer Mr. J van Groningen Postbus 50 3240 AB Middelharnis 0187 – 48 50 00 jvangroningen@denhollander.nl
Opdrachtnemer G&O Consult Postbus 12 5845 ZG Sint Anthonis www.go-consult.nl
Burgemeester Wijtvlietlaan 1 5764 PD De Rips
Contactpersoon De heer J. Meijers Adviseur 0493 – 597 505 jmeijers@go-consult.nl
©JUNI 2019
G&O CONSULT, POSTBUS 12, NL-5845 ZG SINT ANTHONIS, TEL: (0493) 597505 FAX: (0493) 597509 WWW.GO-CONSULT.NL
ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN. NIETS UIT DEZE UITGAVE MAG WORDEN VERVEELVOUDIGD DOOR MIDDEL VAN DRUK, FOTOKOPIE, MICROFILM, GELUIDSBAND, ELEKTRONISCH OF OP WELKE ANDERE WIJZE DAN OOK, EN EVENMIN IN EEN GEAUTOMATISEERD GEGEVENSBESTAND WORDEN OPGESLAGEN, ZONDER VOORAFGAANDE SCHRIFTELIJKE TOESTEMMING VAN G&O CONSULT. AAN DE INHOUD VAN DIT RAPPORT KUNNEN GEEN RECHTEN WORDEN ONTLEEND. G&O CONSULT VERWERPT ELKE AANSPRAKELIJKHEID VOOR EEN ANDER GEBRUIK VAN DEZE TEKST DAN VOOR DE SITUATIE WAARVOOR HIJ WORDT UITGEBRACHT. DE INFORMATIE IN DEZE TEKST IS ONDER VOORBEHOUD EN KAN VERANDERD WORDEN ZONDER VOORAFGAANDE KENNISGEVING.
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
2
INHOUDSOPGAVE
HOOFDSTUK 1 HOOFDSTUK 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 HOOFDSTUK 3 3.1 3.2 3.3 3.4 HOOFDSTUK 4 4.1 4.2 4.3 4.4 HOOFDSTUK 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 HOOFDSTUK 6 6.1 6.2 6.3
INLEIDING ...............................................................6 GESTELDE EISEN......................................................7 Toetsingskader ruimtelijke ordening .......................7 Toetsingskader wet milieubeheer ...........................8 Vigerende vergunningsvoorschriften ......................9 Toetsing berekende waarden..................................9 Indirecte hinder ....................................................10 BEDRIJFSSITUATIE .................................................11 Bedrijfsactiviteiten ................................................11 Representatieve bedrijfssituatie (RBS) ..................11 Regelmatige afwijking (RA-RBS) ............................13 Incidentele bedrijfssituatie (IBS) ...........................13 REKENMETHODE...................................................16 Rekenmethode .....................................................16 Modellering ..........................................................16 Rekenparameters .................................................17 Toegepaste bronvermogens .................................17 RESULTATEN .........................................................19 Aard van het geluid ...............................................19 Rekenpunten ........................................................19 Resultaten
............................................................20 Beoordeling geluidbelasting tuin/buitenruimte ....21 Indirecte hinder ....................................................22 CONCLUSIE ...........................................................24 Bespreking resultaten ...........................................24 Maatregelen en beste beschikbare technieken .....25 Conclusie ..............................................................29
Bijlage 1:
Geluidmetingen en rekenbladen
Bijlage 2:
Figuren en invoergegevens rekenmodel
Bijlage 3:
Resultaten directe hinder
Bijlage 4:
Resultaten indirecte hinder
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
3
SAMENVATTING In opdracht van de heer W. Hooijmans is door G&O Consult een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de inrichting aan de Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel. De inrichting is voornemens om een wasplaats op te richten en in gebruik te gaan nemen. Daarnaast is men voornemens om tijdens het offerfeest een wachtruimte voor dieren in de buitenlucht te creëren aan de achterzijde (westzijde) van de inrichting. Op basis van het vigerende bestemmingsplan bestaan hier geen mogelijkheden voor. Door Plan W wordt een herziening van het bestemmingsplan voorbereid om de voorgenomen verandering mogelijk te maken. Dit onderzoek betreft tevens een actualisatie van bestaande activiteiten. Er is hierbij geen sprake van nieuwe activiteiten. Op basis van de inventarisatie van de activiteiten, is een geluidsmodel opgezet waarbij het langtijdgemiddelde geluidsniveau, het maximaal geluidsniveau en de indirecte hinder is berekend. Tevens wordt een uitspraak gedaan over het woon- en leefklimaat bij omliggende woningen. Alhoewel de typering gemengd gebied goed verdedigbaar is, wordt ten aanzien van de omliggende woningen van derden uitgegaan van de waarden vermeld in stap 2 uit de publicatie “bedrijven en milieuzonering” van 45 dB(A) etmaalwaarde voor het langtijdgemiddeld geluidniveau en 65 dB(A) etmaalwaarde voor het maximaal geluidsniveau.
Voor wat betreft de toetsing van de indirecte hinder is aangesloten met de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A). Dit sluit grotendeels aan bij de waarden welke zijn opgenomen in de vigerende vergunning waarvan de voorschriften eveneens van toepassing zijn op de inrichting. Figuur 1___________________ Luchtfoto (Bron: BAG Viewer)
Uit de berekeningen volgt dat met de representatieve bedrijfssituatie na het treffen van maatregelen de toetswaarden van 45 dB(A) voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau en de 65 dB(A) etmaalwaarde voor het maximale geluidniveau op omliggende geluidsgevoelige objecten worden overschreden. De indirecte hinder voldoet niet aan de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A). Het betreft hier reeds bestaande en vergunde activiteiten (aanvoer van dieren, afvoer van vlees, afvoer van afval (vast en vloeibaar), het komen en gaan van bezoekers, het in bedrijf zijn van de technische ruimte, koeling en ventilatie, en de activiteiten met betrekking tot het offerfeest). Met de wijziging zijn geen nieuwe activiteiten voorzien.
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
4
Gemotiveerd wordt verzocht aan te sluiten bij de waarden voortvloeiende uit Stap 3 van de publicatie bedrijven en milieuzonering. De activiteiten met betrekking tot het offerfeest en de aan- en afvoer van diversen worden bezien als afwijkende bedrijfssituaties en worden ook als zodanig aangevraagd. Deze activiteiten komen jaarlijks bezien beperkt voor. Omwonenden zullen hierbij niet langdurig blootstaan aan de hoger geluidbelastingen die zich hierbij voordoen. Ter hoogte van omliggende woningen van derden is sprake van een goed woonen leefklimaat. Het aspect geluid behoeft de bestemmingsplan herziening en vergunningverlening niet in de weg te staan.
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
5
HOOFDSTUK
1
INLEIDING
In opdracht van de heer W. Hooijmans is door G&O Consult een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de inrichting aan de Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel. Slachterij Hooijmans is een bestaande inrichting waarvoor in 2013 een Omgevingsvergunning voor de activiteiten milieu is verleend (kenmerk O765). De inrichting is voornemens om een wasplaats op te richten en in gebruik te gaan nemen. Daarnaast is de wens om tijdens het islamitisch offerfeest een wachtruimte voor dieren in de buitenlucht te creëren aan de achterzijde (westzijde) van de inrichting. Op basis van het vigerende bestemmingsplan bestaan hier geen mogelijkheden voor. Door Plan W wordt een herziening van het bestemmingsplan voorbereid om de voorgenomen verandering mogelijk te maken. Dit onderzoek betreft tevens een actualisatie van de huidige activiteiten. Ten opzichte van de vergunde situatie zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: • • •
Aanvoer vee in de nachtperiode neemt iets toe; Aanvoer vee in de nachtperiode enkel via de zuidelijke inrit, om geluidspieken in de nacht te voorkomen; Opnemen incidentele bedrijfssituatie tijdens offerfeest (10 dagen incl. op- en afbouw).
Op basis van de inventarisatie van de activiteiten, is een geluidsmodel opgezet waarbij het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau, het maximaal geluidsniveau en de indirecte hinder is berekend. Tevens wordt een uitspraak gedaan over het woon- en leefklimaat bij omliggende woningen. Figuur 2___________________ Voorgenomen situatie Bron: Geling Advies Niet op schaal
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
6
HOOFDSTUK
2
2.1
GESTELDE EISEN
TOETSINGSKADER RUIMTELIJKE ORDENING Het betreft een voorgenomen verandering van het plangebied welke gereguleerd dient te worden middels een bestemmingsplan herziening. In dat geval worden de resultaten van het geluidsonderzoek aan de waarden uit de publicatie Bedrijven en Milieuzonering getoetst. Volgens deze publicatie geldt indien de richtafstand (stap 1) voor het aspect geluid behorende bij onderhavige inrichting niet toereikend is dat stap 2 gevolgd dient te worden. Indien stap 2 niet toereikend is kan stap 3 en tot slot stap 4 worden gevolgd. De publicatie gaat uit van twee omgevingstypen. Omgevingstype rustige woonwijk en rustig buitengebied: Een rustige woonwijk is een woonwijk die ingericht is op het principe van functiescheiding. Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies (zoals bedrijven of kantoren) voor. Langs de randen (de overgang naar mogelijke bedrijfsfuncties is weinig verstoring door verkeer. Een vergelijkbaar omgevingstype qua aanvaardbare milieubelasting is een rustig buitengebied (eventueel inclusief verblijfsrecreatie, een stilte gebied of een natuurgebied.
Omgevingstype gemengd: Een gemengd gebied is een gebied met matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en klein bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. Gebieden die direct langs de hoofdinfrastructuur liggen behoren eveneens tot de omgevingstype gemengd. Hier kan de verhoogde milieubelasting voor geluid de toepassing van kleinere richtafstanden rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend.
In stap 2 is een geluidonderzoek noodzakelijk waarbij toetsing aan de waarden opgenomen in tabel 2.1 dient plaats te vinden: Tabel 2.1__________________ Waarden conform bedrijven en milieuzonering.
Langetijdgemiddeld geluidsniveau LAr, LT
Dag
Avond
Nacht
45 dB(A)
40 dB(A)
35 dB(A)
Maximale geluidniveau
65 dB(A)
60 dB(A)
55 dB(A)
Verkeersaantrekkende werking
50 dB(A)
45 dB(A)
40 dB(A)
50 dB(A)
45 dB(A)
40 dB(A)
Maximale geluidniveau
70 dB(A)
65 dB(A)
60 dB(A)
Verkeersaantrekkende werking
50 dB(A)
45 dB(A)
40 dB(A)
Gebiedstype rustige woonwijk Stap 2
Langtijd gemiddeld beoordelingsniveau
Gebiedstype gemengd gebied Langtijd gemiddeld beoordelingsniveau
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
7
Indien stap 2 niet toereikend is dient toetsing plaats te vinden aan de waarden aan stap 3 welke zijn weergegeven in onderstaande tabel 2.2: Tabel 2.2__________________ Waarden conform bedrijven en milieuzonering.
Langetijdgemiddeld geluidsniveau LAr, LT
Dag
Avond
Nacht
Langtijd gemiddeld beoordelingsniveau
50 dB(A)
45 dB(A)
40 dB(A)
Maximale geluidniveau
70 dB(A)
65 dB(A)
60 dB(A)
Verkeersaantrekkende werking
50 dB(A)
45 dB(A)
40 dB(A)
Langtijd gemiddeld beoordelingsniveau
55 dB(A)
50 dB(A)
45 dB(A)
Maximale geluidniveau*
70 dB(A)
65 dB(A)
60 dB(A)
Verkeersaantrekkende werking
65 dB(A)
60 dB(A)
55 dB(A)
Gebiedstype rustige woonwijk Stap 3
Gebiedstype gemengd gebied
* exclusief piekgeluiden door aan- en afrijdend verkeer. Het bevoegd gezag dient hierbij te motiveren waarom het deze geluidbelasting in de concrete situatie acceptabel acht waarbij tevens de cumulatie met eventueel reeds aanwezige geluidsbelasting moet worden betrokken. Bij een hogere geluidbelasting dan aangegeven in stap 3 zal een bestemmingswijziging doorgaans niet mogelijk zijn. Indien het bevoegd gezag de voorgenomen ontwikkeling niettemin toch wenselijk acht, dient het dit met stap 4 grondig te onderzoeken, onderbouwen en motiveren, waarbij tevens de cumulatie met eventueel reeds aanwezige geluidbelasting moet worden betrokken.
2.2
TOETSINGSKADER WET MILIEUBEHEER Naast de bestemmingsplan herziening wordt er een omgevingsvergunning voor de activiteit milieu aangevraagd. Hierdoor dient er ook toetsing plaats te vinden aan de geluidsnormen uit de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening. Door de gemeente Maasdriel is geen nota industrielawaai opgesteld waardoor de resultaten van het geluidsonderzoek aan de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening kunnen worden getoetst. Volgens deze handreiking worden bij het vaststellen van grenswaarden 3 elementen onderscheiden: • De richtwaarde welke afhankelijk is van de aard van de omgeving; • De grenswaarde van 50 dB(A) waarboven in het algemeen in toenemende mate hinder zal optreden; • De ontheffingen van bovengenoemde waarden op grond van een bestuurlijk afwegingsproces. Toepassing van het bovenstaande dient gedifferentieerd te worden naar nieuwe en bestaande inrichtingen. Voor zowel nieuwe als bestaande inrichtingen geldt dat bij een eerste toetsing de aanbevolen richtwaarden gehanteerd dienen te worden die, afhankelijk van de aard van de woonomgeving, kunnen variëren van Letmaal 40 dB(A) tot 50 dB(A). Overeenkomstig de Handreiking Industrielawaai en vergunningverlening kenmerkt de omgeving van de inrichting zich als “Rustige woonwijk”. Hiervoor zijn, overeenkomstig de handreiking, de volgende richtwaarden van toepassing:
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
8
Tabel 2.3__________________ Richtwaarden Handreiking industrielawaai en vergunningverlening
Langetijdgemiddeld geluidsniveau LAr, LT
Dag
Avond
Nacht
Landelijke omgeving
40 dB(A)
35 dB(A)
30 dB(A)
Rustige woonwijk, weinig verkeer
45 dB(A)
40 dB(A)
35 dB(A)
Woonwijk in de stad
50 dB(A)
45 dB(A)
40 dB(A)
Overschrijding van de richtwaarde is mogelijk tot het referentieniveau van het omgevingsgeluid. Dit referentieniveau wordt ter plaatse door metingen bepaald (L95-niveau), dan wel berekend uit de optredende geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer. (LAr, LT – 10dB(A)). De hoogste van de beide waarden is maatgevend voor het referentieniveau van het omgevingsgeluid. Behalve aan de grenswaarden voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau moeten beperkingen gesteld worden aan het optredende maximale geluidsniveau LAmax, gemeten in de meterstand “fast”. Gestreefd dient te worden naar het voorkomen van incidentele verhogingen van het geluid groter dan 10 dB(A) ten opzichte van het equivalente niveau over de betreffende periode. Lagere maximale geluidsniveaus worden, gezien de van nature aanwezige geluiden, niet als hinderlijk beschouwd. In die gevallen waarbij niet aan de grenswaarden kan worden voldaan, kunnen op basis van de afwijkingsbevoegdheid wegens bijzondere omstandigheden hogere maximale geluidsniveaus worden vergund. Echter, op basis van de beschikbare kennis omtrent hinder door maximale geluidsniveaus wordt echter sterk aanbevolen de maximale geluidsniveaus voor de dag-, avonden nachtperiode van respectievelijk 70 dB(A), 65 dB(A) en 60 dB(A) niet te overschrijden.
De afdeling bestuursrechtspraak heeft bij herhaling geoordeeld dat bij waarden lager dan 70 dB(A) etmaalwaarde niet gevreesd behoeft te worden voor onduldbare hinder.
2.3
VIGERENDE VERGUNNINGSVOORSCHRIFTEN In de vigerende vergunning van 2013 zijn geluidvoorschriften opgenomen. De vergunning is verleend, waarbij een akoestisch onderzoek is uitgevoerd door Geurts Technisch Adviseurs te Oss (rapportnummer 8.4673, d.d. 24 oktober 2007). In dit onderzoek wordt vermeld dat ”Uit referentiemetingen uitgevoerd door de gemeente Maasdriel is gebleken dat de norm van 45 dB(A) etmaalwaarde in deze omgeving realistisch is”. Deze meting is gedateerd en andere planontwikkelingen hebben doorgang gevonden of gaan binnen afzienbare termijn plaatsvinden.
2.4
TOETSING BEREKENDE WAARDEN De voorgenomen activiteiten sluiten gelet op de omvang en afmetingen van het bedrijf het beste aan bij de categorie loonslachterij waarbij voor het aspect geluid een richtafstand van 50 meter van toepassing is. Binnen 50 meter van de inrichting zijn woningen van derden gelegen waardoor het aspect geluid getoetst dient te worden aan de volgende stappen uit de publicatie “bedrijven en milieuzonering”. De inrichting en de omliggende geluidsgevoelige objecten liggen in het buitengebied. Doch in de omgeving zijn meerdere bedrijven gevestigd. Ten zuidoosten van de huidige planlocatie is een nieuwe woonwijk in ontwikkeling en al grotendeels gerealiseerd. Ten noorden van de planlocatie wordt aan de Grote Inghweg een intensiveringsgebied voor glastuinbouw voorzien. De Provinciale weg N831 is op minder dan 300 meter gelegen. Vervolgens kan nog worden gemeld dat de woningen aan de Veersteeg te beschouwen zijn als lintbebouwing.
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
9
Voor de ontwikkeling van de zuidoostelijk gelegen woonwijk is met het akoestisch onderzoek Kinderdagverblijf / Buiten Schoolse Opvang uitgegaan van Gemengd gebied met een toetsing aan de normen uit het Activiteitenbesluit. Dit onderzoek is gekoppeld aan het bestemmingsplan “Kerkdriel Noord herziening 2015, Kersenbuurt”. Gesteld kan worden dat alhier sprake is van een gemengd gebied. Figuur 3___________________ Plaatselijk situatie Bron: Ruimtelijkeplannen.nl Niet op schaal
Vooralsnog wordt uitgegaan van de normering welke behoort bij een rustige woonwijk/rustig buitengebied, ter bescherming van de omwonenden. Wat betreft het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) zal toetsing plaatsvinden aan: • 45 dB(A) in de dagperiode (tussen 07.00 en 19.00 uur); • 40 dB(A) in de avondperiode (tussen 19.00 en 23.00 uur); • 35 dB(A) in de nachtperiode (tussen 23.00 en 07.00 uur). Wat betreft de maximale geluidsniveaus (LAmax) zal toetsing plaatsvinden aan: • 65 dB(A) in de dagperiode (tussen 07.00 en 19.00 uur); • 60 dB(A) in de avondperiode (tussen 19.00 en 23.00 uur); • 55 dB(A) in de nachtperiode (tussen 23.00 en 07.00 uur).
2.5
INDIRECTE HINDER In het kader van de ruimtelijke ordening wordt er naast een beoordeling van de geluidsemissie ten gevolge van de activiteiten binnen de inrichting, ook gevraagd om een beoordeling van de activiteiten buiten het terrein van de inrichting, voor zover dit direct verband heeft met de aan- en afvoerbewegingen voor de onderhavige inrichting. Dit verkeer dient beoordeeld te worden op basis van de equivalente geluidsniveaus door de berekende etmaalwaarde te toetsen aan de voorkeurgrenswaarde van 50 dB(A) overeenkomstig met stap 2 uit de publicatie Bedrijven en Milieuzonering. Deze normering is voor zowel toetsing in het kader van Ruimtelijke ordening als in het kader van de Wet Milieubeheer gelijk.
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
10
HOOFDSTUK
3.1
3
BEDRIJFSSITUATIE
BEDRIJFSACTIVITEITEN Na informatie te hebben ingewonnen bij de opdrachtgever en diens adviseurs, blijkt dat er binnen de inrichting op een dag de in paragraaf 3.2 beschreven bedrijfsactiviteiten plaatsvinden.
3.2
REPRESENTATIEVE BEDRIJFSSITUATIE (RBS) Met de representatieve bedrijfssituatie zijn de activiteiten in het model gevoerd, overeenkomstig onderstaande opsomming. De (meer-)wekelijkse en dagelijkse activiteiten zijn gezamenlijk in 1 etmaal gemodelleerd. Echter met dit onderzoek wordt hiervan afgeweken en wordt de situatie berekend waarbij het gehele parkeerterrein bezet is. Aanvoer vee De slachtcapaciteit varieert dagelijks en bedraagt ten hoogste 60 grootvee eenheden per dag met een maximum van 125 grootvee eenheden per week. De transsportbewegingen zijn daarom gebaseerd op de aanwezige logboeken, waarbij is uitgegaan van een drukke dag. Hiervoor is gekozen omdat de laadcapaciteit van de voertuigen verschilt maar ook de beladingsgraad. Om die reden kan er voor dit onderzoek niet een 1 op 1 relatie worden gelegd tussen het transportmiddel en het aantal aangevoerde dieren. De aanvoer van vee op het bedrijf kan zowel met vrachtwagens, tractoren met veewagen en personenwagens met een trailer geschieden. In de dagperiode worden ten hoogste 6 vrachten vee middels vrachtwagens van derden aangevoerd, 3 vrachten in de avondperiode en 3 vrachten in de nachtperiode (tussen 05:00 en 07:00 uur, mobiele bron 03). Het feitelijke lossen (geluid producerende tijdsdeel) van een vrachtwagen met vee duurt op basis van waarnemingen ter plaatse ten hoogste 10 minuten per vracht (puntbron 03).
Tijdens het achteruitrijden is sprake van het in bedrijf zijn van een achteruitrijsignalering (mobiele bron 09). Met een tractor worden 2 vrachten met vee aangevoerd in de dagperiode en 1 vracht in de avondperiode (mobiele bron 04). Het feitelijke lossen (geluidsproducerende tijdsdeel) van een tractor met vee duurt op basis van waarnemingen ter plaatse ten hoogste 5 minuten per vracht (puntbron 04).
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
11
Met een personenwagen met veewagentjes worden 6 vrachten vee aangevoerd in de dagperiode, 1 vracht de avondperiode en 5 vrachten in de nachtperiode (tussen 05 – 07:00 uur, mobiele bron 05). Het lossen van een personenwagentrailer met vee duurt ten hoogste 5 minuten per vracht (puntbron 05). Tijdens het lossen van de dieren zijn de motoren van de voertuigen uitgeschakeld. Bij de aanvoer van de dieren is de bedrijfsvoering erop gericht om dieren niet langer dan 12 uur te hebben staan binnen de inrichting, om te voorkomen dat de dieren binnen de inrichting gevoerd dienen te worden en de dieren niet nuchter geslacht kunnen worden. Door deze eis is aanvoer in de avond en nachtperiode niet uit te sluiten. Ook kan het door eisen aan transport en rijtijden voorkomen dat dieren in de avond- en nachtperiode moeten worden gelost. Van de te lossen vrachten in de nachtperiode wordt 1 vracht in de periode van 23:00 tot 5:00 uur gelost en de overige vrachten worden in de periode van 5:00 uur tot 7:00 uur gelost. Daar komt bij dat dieren in de avond- en nachtperiode minder stress ervaren. Afvoer vlees De afvoer van vlees op het bedrijf kan zowel met vrachtwagens als met bestelwagens geschieden. Hiervoor bezoeken ten hoogste 4 bestelwagens het bedrijf in de dagperiode, 1 in de avondperiode en 1 in de nachtperiode (mobiele bron 02).
Het laden van de bestelwagen duurt ten hoogste 10 minuten per vracht (puntbron 02). Daarnaast bezoeken ten hoogste 4 vrachtwagens het bedrijf in de dagperiode, 3 in de avondperiode en 1 in de nachtperiode (mobiele bron 01). Het laden van de vrachtwagens duurt ten hoogste 20 minuten per vracht (puntbron 01). Tijdens het achteruitrijden van de vrachtwagens is een achteruitrijsignalering in bedrijf (mobiele bron 08). Tijdens het laden zijn de koelmotoren en de motoren van de voertuigen uitgeschakeld. Afvoer afval Ten hoogste 1 keer per dag wordt slachtafval (inclusief bloed, mest e.d.) afgevoerd. Hiervoor bezoekt 1 vrachtwagen van derden het bedrijf in hetzij aan het einde van de dagperiode hetzij de avondperiode (mobiele bron 06). Het laden van het afval containers duurt ten hoogste 20 minuten (puntbron 06). Eventueel motorgeluid zit in de laadactiviteit inbegrepen. Tijdens het achteruitrijden is een achteruitrijsignalering hoorbaar (mobiele bron 10). Bezoekers Ten behoeve van de bedrijfsmatige activiteiten vinden 16 bewegingen in de dagperiode, 16 bewegingen in de avondperiode en 4 bewegingen in de nachtperiode plaats met een personenauto (mobiele bron 07). Wasplaats De wasplaats is gedurende 4 uur in de dagperiode in bedrijf, 1 uur in de avonden 1 uur en 45 minuten in de nachtperiode (puntbronnen 16 t/m 21). Tijdens het in bedrijf zijn van de wasplaats is de deur gesloten.
In bijlage 1 is een berekening opgenomen van de afstralende gevels en daken. Tijdens het reinigen is de motor van het betreffende voertuig uitgeschakeld.
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
12
Technische ruimte De technische ruimte is gedurende 11 uur in de dagperiode in bedrijf, gedurende 2 uur in de avondperiode en 1,5 uur in de nachtperiode (puntbronnen 14 en 15). In bijlage 2 is een berekening opgenomen van de afstralende gevels en daken. Koeling en ventilatie De airco’s zijn gedurende 10 uur in de dagperiode in bedrijf en 3 uur in de avondperiode (puntbronnen 11 en 12). De condensors zijn gedurende 11 uur in de dagperiode in bedrijf, 2 uur in de avondperiode en 1,5 uur in de nachtperiode (puntbron 10). De ventilatoren zijn op 90% van het toerental in de dag- en avondperiode in bedrijf en op 50% in de nachtperiode (puntbron 07 en 08). Doordat de ventilatoren op een lager toerental draaien, vindt er een reductie plaats van het bronvermogen overeenkomstig onderstaande formule van Beranek: ∆ = 50 × log Waarin:
3.3
∆L = Demping geluidsvermogen; N1 = Toerental vol vermogen; N2 = Toerental verlaagd vermogen.
REGELMATIGE AFWIJKING (RA-RBS) Aan- en afvoer diversen Ten hoogste 1 keer per week bezoekt 1 vrachtwagen van derden het bedrijf voor de aan- of afvoer van diversen. Het betreft hier de afvoer van spoelwater (12 keer per jaar), de afvoer van de inhoud van de vetvangput (12 keer per jaar), of wordt er diesel op het bedrijf aangevoerd (12 keer per jaar). Deze activiteiten vinden niet op dezelfde dag of binnen dezelfde week plaats. Met het onderzoek is het ledigen van de vetvangpunt als maatgevend beschouwd gelet op de maatgevende positie en duur van de activiteit. Hiervoor bezoekt ten hoogste 1 vrachtwagen van derden het bedrijf in de dagperiode (mobiele bron 11). Het overpompen duurt ten hoogste 20 minuten (puntbron 09).
3.4
INCIDENTELE BEDRIJFSSITUATIE (IBS) Gedurende 10 dagen per jaar vinden er extra activiteiten plaats binnen de inrichting ten behoeve van het offerfeest. Deze vinden in afwijking van de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening aaneengesloten plaats. Door de Afdeling bestuursrechtspraak wordt in de uitspraak van 24 juli 2002 met zaaknummer 200100451 onder andere aangegeven dat afgeweken kan worden indien het uit praktische overwegingen niet zinvol is deze activiteiten evenredig over het jaar verdeeld te verrichten. Gelet op de activiteiten in relatie tot het religieuze offerfeest is het niet zinvol en praktisch om deze te verdelen over een langere periode voorafgaand aan het offerfeest. Binnen dit aantal dagen zitten 2 of 3 dagen voor het offerfeest zelf en enkele dagen voor het inrichten van het terrein achter de slachterij en het opruimen hiervan. Het stallen van de schapen en de vrachtwagen voor de afvoer van het slachtafval worden aan de achterzijde van de inrichting gesitueerd buiten de inrichtingsgrenzen. Voor deze activiteiten wordt afzonderlijk een ontheffing aangevraagd op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening. Op de 1e dag worden de hekken geplaatst voor de dierenverblijven en worden de voerruiven geplaatst. Het plaatsen van de hekken en ruiven geschiedt handmatig. Op de 2e dag worden de dierenverblijven handmatig ingestrooid met hooi en of stro.
Daarbij kan het voorkomen dat op de 1e of 2e dag hooi en of stro wordt aangevoerd. Het hooi of stro wordt middels een loader naar achter gereden. Het gaat hierbij om ten hoogste 12 bewegingen.
Akoestisch onderzoek Luttel Inghweg 2 te Kerkdriel
13
Op de 3e dag worden de eerste schapen aangevoerd. De aanvoer van de dieren vindt ook op de volgende dagen plaats. Op de 2e of 3e dag worden tenten opgebouwd op het voorterrein, dit voor bezoekers om bij slecht weer te kunnen schuilen, vlees uit te leveren en om een gebedsruimte te creëren. In de afgelopen jaren is eveneens een hooibalen scherm opgericht geweest en een krattenscherm aan de noordzijde van de inrichting. De stapelhoogte is echter beperkt waardoor deze schermen weinig effect hebben gehad op de geluiduitstraling. Hiertoe was een loader enige tijd in bedrijf in de dagperiode. Op de 4e dag komen bezoekers een dier uitzoeken en start de verkoop. Op de 5e dag komen eveneens bezoekers om een dier uit te zoeken en gaat de verkoop door. Op de 6e, 7e en 8e dag is het offerfeest. Het offerfeest is regulier 2 dagen maar kan in sommige jaren ook 3 dagen beslaan omdat de kalenders van de moslimgemeenschappen afwijken van elkaar. Tijdens het offerfeest worden dieren aangevoerd, gekeurd door de NVWA, bezichtigd, verkocht, geslacht. Laad en transport activiteiten van vlees en slachtafval vindt plaats op deze dagen. Op de 8e, 9e en 10e dag wordt er opgeruimd. De tenten worden afgebroken, stro/hooi/mest wordt middels enkele bewegingen met een loader afgevoerd. De in voorbereiding zijnde bestemmingsherziening laat het stallen van de dieren binnen de inrichting toe.