Bijlage 1 Omgevingsplan
Tekst van het document
Er is aansluiting gezocht bij het vigerende tijdelijke deel van het omgevingsplan met betrekking tot de thematische regels. 5.3.2
Gebiedsgerichte regels
Er is aansluiting gezocht bij het vigerende tijdelijke deel van het omgevingsplan met betrekking tot de gebiedsgerichte regels. 5.3.3
Overige regels
Er is aansluiting gezocht bij het vigerende tijdelijke deel van het omgevingsplan met betrekking tot de overige regels.
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel – Hoofdstuk 22g
47
6
Uitvoerbaarheid
6.1
Economisch
6.1.1
Financieel economische uitvoerbaarheid
In plaats van een uitvoerbaarheidstoets zal het omgevingsplan een onuitvoerbaarheidstoets bevatten. Het omgevingsplan mag namelijk geen regels bevatten die op voorhand onuitvoerbaar zijn. Conform de memorie van toelichting zal in gevallen waarin een activiteit alleen kan worden gerealiseerd wanneer de gemeente belangrijke voorinvesteringen doet, de toelichting bij het omgevingsplan passages moeten bevatten over de dekking van deze investeringen en de opzet van het eventuele kostenverhaal. Conclusie Dit initiatief is niet evident onuitvoerbaar. Gelet op de kleinschaligheid van de voorgenomen ontwikkeling en de geringe ruimtelijke impact in het gebied waar deze ontwikkeling voorzien is kan worden gesteld dat het plan binnen een redelijke termijn uitvoerbaar is. 6.1.2
Kostenverhaal
Kostenverhaal geldt voor kostenverhaalplichtige activiteiten. Dat zijn: aangewezen bouwactiviteiten en aangewezen activiteiten vanwege gebruikswijzigingen. Tussen gemeente en initiatiefnemer zal is een anterieure overeenkomst worden gesloten waarmee de financiële uitvoerbaarheid van het plan wordt gewaarborgd. Door initiatiefnemer is een nadeelcompensatieanalyse uitgevoerd. 6.1.3
Nadeelcompensatie
Nadeelcompensatie binnen de Omgevingswet gaat over besluiten of maatregelen: •
die rechtstreeks werkende rechten en verplichtingen voor burgers en bedrijven bevatten
•
die rechtstreeks gevolgen hebben voor burgers en bedrijven door verandering van de fysieke leefomgeving
De schadeoorzaken zijn limitatief opgesomd in artikel 15.1 van de Omgevingswet. Dit betekent dat de wet de schadeoorzaken uitputtend regelt. Er zijn dus geen andere schadeoorzaken mogelijk dan die in de Omgevingswet staan. Staat een schadeoorzaak niet in artikel 15.1 dan is voor taken en bevoegdheden van de Omgevingswet ook de Awb-regeling niet mogelijk. Schadeoorzaken zijn bijvoorbeeld: •
een omgevingsvergunning of het weigeren daarvan
•
een regel in het omgevingsplan. Deze moet rechtstreekse rechten of verplichtingen voor burgers en bedrijven bevatten
•
een maatwerkvoorschrift
Als een omgevingsplan regelt dat voor een activiteit een omgevingsvergunning nodig is, is niet het omgevingsplan de schadeoorzaak. Dat is in die situatie de omgevingsvergunning. Als het projectbesluit het omgevingsplan verandert, geldt het projectbesluit als schadeveroorzakend besluit. Dit regelt artikel 15.1, lid 3 van de Omgevingswet. Het bestuursorgaan dat het projectbesluit neemt, besluit dan ook over de aanvraag om schadevergoeding.
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel – Hoofdstuk 22g
48
6.2
Maatschappelijk
6.2.1
Participatie
Door de initiatiefnemer zijn de omwonenden geïnformeerd via een brief met bijgevoegd een informatieboekje van het inbreidingsplan met een planvisualisatie die huis aan huis is verspreid. De brief is als bijlage bij de motivering gevoegd. 6.2.2
Zienswijzen
Tegen het ontwerpbesluit bestaat de mogelijkheid om zienswijzen te dienen. Deze kunnen geen betrekking hebben op een omgevingsvergunning voor een afwijkactiviteit die in het omgevingsplan moet worden omgezet (bedoeld in artikel 4.17 Omgevingswet). Hiermee wordt voorkomen dat een toegestane activiteit bij de omzetting in het omgevingsplan opnieuw ter discussie kan worden gesteld. Vanaf 22 december 2025 tot en met 1 februari 2026 hebben ter inzage gelegen: •
het ontwerp wijzigingsbesluit TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel, gemeente Maasdriel;
•
het concept beeldkwaliteitsplan inbreidingsplan Koningin Wilhelminastraat 49.
Gedurende de periode van de terinzagelegging zijn er vier zienswijzen ingediend. De zienswijzen alsmede de reactie van de gemeente zijn opgenomen in de Nota van Zienswijzen (separate bijlage). 6.2.3
Beroep
Afdeling 3.4 Awb is van toepassing op de voorbereiding van een omgevingsplan of de wijziging van een omgevingsplan. Tegen het besluit tot vaststelling van een omgevingsplan of het wijzigen van een omgevingsplan kan rechtstreeks beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in eerste en enige aanleg. Dezelfde procedure is van toepassing op de afwijzing van een verzoek tot wijziging van een omgevingsplan. Tegen een beschikking krachtens een omgevingsplan waarbij maatwerkvoorschriften worden gesteld, of waarbij wordt toegestaan gelijkwaardige maatregelen te treffen, staat (na de bezwaarfase) beroep in eerste aanleg open bij de rechtbank met de mogelijkheid van hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als een dergelijke beschikking wordt geweigerd, geldt hetzelfde. Het omgevingsplan treedt in werking vier weken nadat van het omgevingsplan mededeling is gemaakt. Een verzoek om een voorlopige voorziening heeft niet automatisch schorsende werking.
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel – Hoofdstuk 22g
49
7
Conclusie
Gemeenten moeten ervoor zorgen dat de regels in het omgevingsplan leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (art. 4.2 lid 1 Omgevingswet). Deze beleidsvrije taak is een vervolg op het criterium van een goede ruimtelijke ordening uit de Wet ruimtelijke ordening (Wro), maar dan in de bredere strekking van de fysieke leefomgeving. De gemeente kan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het omgevingsplan bereiken door: •
regels aan activiteiten te stellen voor (een gedeelte van) het grondgebied.
•
functieaanduidingen met de toegelaten activiteiten (met regels) te koppelen aan locaties
Alle regels in het omgevingsplan samen moeten leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De gemeente moet daarbij rekening houden met alle betrokken belangen. Hoe dit evenwicht er precies uitziet, hangt af van de wijze waarop de betrokken belangen worden gewogen. Net als bij de beoordeling van een goede ruimtelijke ordening heeft het bevoegd gezag beleidsruimte bij het bepalen welke belangen bij botsing prevaleren. De maatschappelijke doelen van de Omgevingswet (artikel 1.3 Omgevingswet) geven richting over welke belangen in deze afweging mee te nemen. Bij de evenwichtige toedeling van functies aan locaties moet de gemeente in ieder geval rekening houden met het belang van het beschermen van de gezondheid (artikel 2.1 lid 4 Omgevingswet) en een aantal aspecten uit het Bkl. Hiervoor zijn algemene instructieregels opgesteld. In paragraaf 7.1 wordt gemotiveerd dat gelet op het beleidskader en de effecten op de fysieke leefomgeving er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Hierin komt de afweging van alle betrokken belangen tot uitdrukking. De conclusie is dat alles overwegende de ontwikkeling aanvaardbaar is.
7.1
Een evenwichtige toedeling van functies aan locaties
Alle regels in het omgevingsplan samen moeten leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De gemeente moet daarbij rekening houden met alle betrokken belangen. Is sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties? Om dit te kunnen beoordelen zijn alle voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten (voor zover betrekking hebbend op de gevraagde activiteit) nader onderzocht en afgewogen (zie de hoofdstukken 2, 3, 4 en 5). Op basis hiervan kan er worden concludeert dat de wijziging van het omgevingsplan Maasdriel waarmee dit initiatief wordt mogelijk gemaakt voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 7.1.1
Doelen van de wet (1.3 Ow)
Het initiatief om 10 woningen centraal gelegen in Hedel te realiseren als herontwikkeling van de bestaande bedrijfslocatie, draagt op een evenwichtige manier bij aan zowel het beschermen als het benutten van de leefomgeving. Door duurzame bouwmaterialen en energiezuinige installaties te gebruiken, wordt de veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit gewaarborgd, terwijl de intrinsieke waarde van de natuur niet aangetast worden. Tegelijkertijd voorziet het project in de maatschappelijke behoeften door de realisatie van een gevarieerd woningbouwplan die aansluit op de ontwikkeling van de ruimte en een leefomgeving creëert die voldoet aan de wensen en eisen van de gemeenschap. Dit initiatief toont aan dat stedelijke ontwikkeling en milieubescherming hand in hand kunnen gaan, resulterend in een harmonieuze en duurzame toekomst voor Hedel.
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel – Hoofdstuk 22g
50
7.1.2
Gemeentelijk beleid
De herontwikkeling van de bestaande bedrijfslocatie centraal gelegen in Hedel 10 nieuwbouwwoningen draagt op verschillende manieren bij en sluit positief aan op het gemeentelijk beleid van Maasdriel. Het initiatief sluit naadloos aan op het woningbouwbeleid door een divers programma aan te bieden dat voorziet in de behoeften van verschillende doelgroepen, zoals jonge gezinnen, ouderen en starters. Stedenbouwkundig gezien past het project uitstekend in de omgeving. De nieuwe woningen worden ontworpen met behoud, al dan niet versterking, van de bestaande ruimtelijke structuur en architectonische stijl van de kern Hedel. Dit zorgt ervoor dat de nieuwbouw harmonieus integreert met de omliggende bebouwing en de historische charme van het dorp behoudt. Ruimtelijk gezien biedt de herontwikkeling een efficiënte benutting van de beschikbare ruimte binnen de bestaande dorpskern. Het plan voorziet in een logische invulling van de ruimte en voorkomt een verdere verspreiding van functies waarmee er sprake is van duurzaam ruimtegebruik. Door de centrale ligging van de nieuwe woningen worden bewoners gestimuleerd om gebruik te maken van lokale voorzieningen en openbaar vervoer, wat de verkeersdruk vermindert en bijdraagt aan een duurzamere leefomgeving. Daarnaast sluit het project aan op het gemeentelijk beleid dat gericht is op het behoud en de verbetering van de omgevingskwaliteit.
Door gebruik te maken van duurzame bouwmaterialen en energiezuinige installaties, zoals zonnepanelen en warmtepompen, wordt de ecologische voetafdruk van de nieuwbouw geminimaliseerd. Dit draagt bij aan de doelstellingen van de gemeente op het gebied van klimaatadaptatie en milieubescherming. 7.1.3
Algemene instructieregels Bkl
Navolgend wordt op hoofdlijnen gemotiveerd op welke manier en bij het toedelen van functies aan locaties rekening is gehouden met de instructieregels. Een nadere uitwerking hiervan is opgenomen in hoofdstuk 4 van onderhavige ruimtelijke motivering. Waarborgen van de veiligheid •
een standaardwaarde voor het plaatsgebonden risico van een activiteit van 1 op de 1.000.000 per jaar voor beperkt kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare locaties (art. 5.11 Bkl). o
In de nabijheid van het plangebied zijn geen risicobronnen met bijbehorende risicocontouren gesitueerd die van invloed zijn op het plangebied.
•
de kans op het overlijden van een groep van tien of meer personen per jaar als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval veroorzaakt door een activiteit voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties binnen een aandachtsgebied brand, explosies of gifwolk (5.15 Bkl). o
In de nabijheid van het plangebied zijn geen risicobronnen met bijbehorende risicocontouren gesitueerd die van invloed zijn op het plangebied.
Beschermen van de waterbelangen •
de gevolgen voor het beheer van watersystemen (art. 5.37 Bkl). o
Voor het initiatief is er een weging van de waterbelangen opgesteld. Hierbij is er gekeken naar de verharding, watergangen en status watergangen, wateropgave (compensatie), afvoerrichting, drooglegging, afvalwater (lozen), hemelwater en waterkering. Ook geeft het document aan hoe er invulling is gegeven aan het Water- en rioleringsplan Bommelerwaard 2022-2026 en het Hemelwaterbeleid gemeente Maasdriel (2022).
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel – Hoofdstuk 22g
51
Beschermen van de gezondheid en van het milieu •
het geluid door activiteiten op geluidgevoelige gebouwen (5.59 Bkl). o
Met het initiatief worden er geluidgevoelige gebouwen gerealiseerd. In de omgeving van het plangebied zijn echter geen milieuhinderlijke functies aanwezig die een belemmering vormen voor deze ontwikkeling.
•
het geluid door wegen en spoorwegen op geluidgevoelige gebouwen (5.78l). o
Met het initiatief worden er geluidgevoelige gebouwen gerealiseerd. Het plangebied ligt in een geluidsaandachtsgebied van verschillende gemeentewegen. Daarom is er voor het initiatief een akoestisch onderzoek uitgevoerd.
•
het geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen op geluidgevoelige gebouwen in een geluidaandachtsgebied (5.78s Bkl). o
Met het initiatief worden er geluidgevoelige gebouwen gerealiseerd. Het plangebied ligt niet in een geluidsaandachtsgebied van rijks- of provinciale wegen. Logischerwijs zorgt dit niet voor belemmeringen voor het initiatief.
•
het geluid als gevolg van verkeersaantrekkende werking (indirecte hinder) op bestaande geluidgevoelige gebouwen (5.78af Bkl). o
In het kader van indirecte hinder is aanvullend akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de toename van verkeersbewegingen als gevolg van het plan. Uit dit onderzoek blijkt dat de maximale toename van de geluidbelasting op bestaande woningen 1,3 dB bedraagt. Deze toename blijft onder de drempelwaarde van 1,5 dB zoals opgenomen in artikel 5.78af van het Bbl. Hiermee is sprake van een aanvaardbare situatie en vormt indirecte hinder geen belemmering voor het initiatief.
•
trillingen door activiteiten in trillinggevoelige ruimten van trillinggevoelige gebouwen (5.83 Bkl). o
Met het initiatief worden er trillinggevoelige gebouwen opgericht. Het meest nabijgelegen spoor is echter gelegen op ruim 700 meter afstand ten oosten van het plangebied. Ook zijn er in de nabijheid geen trillingveroorzakende activiteiten aanwezig. Logischerwijs zorgt dit niet voor belemmeringen voor het initiatief.
•
de slagschaduw door windturbines in verblijfsruimten van slagschaduwgevoelige gebouwen (5.89c Bkl). o
De planlocatie is centraal gelegen in het bestaand stedelijk gebied van Hedel. In de directe omgeving van het plangebied zijn geen windturbines aanwezig. Logischerwijs kan er dan ook worden gesteld dat er ook geen sprake is van slagschaduw ter plaatse van de beoogde nieuwbouwwoningen.
•
de geur door activiteiten op geurgevoelige gebouwen (5.92 Bkl). o
In de directe omgeving liggen echter geen agrarische bedrijven in de vorm van veehouderijen. Het initiatief ligt volgens het gemeentelijk geurbeleid niet binnen een geurcontour van een agrarisch bedrijf. Het plangebied is gelegen binnen een zone waar een goed leefklimaat heerst.
Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed •
het belang van het behoud van cultureel erfgoed, met inbegrip van bekende of aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten (art. 5.130 Bkl).
•
het belang van het behoud van de uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoed (art. 5.131 Bkl). o
In de directe nabijheid van het plangebied zijn waardevolle cultuurhistorische waarden aanwezig waar rekening mee wordt gehouden, dusdanig dat het plan geen aantasting van deze waarden heeft.
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel – Hoofdstuk 22g
52
7.2
Handhaving
Het Omgevingsplan Maasdriel is bindend voor zowel de overheid als de burger. De primaire verantwoordelijkheid voor controle en handhaving ligt bij de gemeente. Handhaving houdt in elke handeling die erop gericht is de naleving van regelgeving te bevorderen of een overtreding te beëindigen. Het doel van handhaving is om de duurzame bescherming van mens en omgeving te waarborgen. De handhaafbaarheid van een omgevingsplan is met name afhankelijk van het draagvlak van de regels onder de burgers en van de duidelijkheid van de regels.
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel – Hoofdstuk 22g
53
Vertaling naar omgevingsplanregeling Het strikt handhaven van vergunningen, regels en procedures geeft duidelijkheid en maakt de samenleving veiliger. Het gedogen moet worden tegengegaan. Overbodige regels en onduidelijke regelgeving zijn daarom getracht zoveel mogelijk achterwege te laten. De regels zijn zodanig op elkaar afgestemd dat interpretatie- en uitvoeringsproblemen zo veel mogelijk worden voorkomen, en, dat zodoende handhavingssituaties worden voorkomen.
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel – Hoofdstuk 22g
54
Separate bijlagen Bijlage 1: Quickscan flora en fauna Bijlage 2: Bodemrapport Bijlage 3: Weging van het waterbelang Bijlage 4: Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Bijlage 5: Stikstofnotitie Bijlage 6: Beeldkwaliteitsplan Bijlage 7: Aanvullend ecologisch onderzoek Bijlage 8: Akoestisch onderzoek toename geluid Bijlage 9: Participatie Bijlage 10: Verkennend en nader asbestonderzoek Bijlage 11: Nota van zienswijzen
REGELS
TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het faciliteren van gebiedsontwikkeling op de locatie Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel en is als een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk [22g]) opgenomen in het omgevingsplan van de gemeente Maasdriel. Dit hoofdstuk is bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening, bedoeld in artikel 1.2.1, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen. De in dit op https://www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit plan) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk [22g] van het omgevingsplan van de gemeente Maasdriel. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '[22g]' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord ‘Bijlage’, na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage ‘[22g]’ gelezen worden.
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Inhoudsopgave Regels
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3
Inleidende bepalingen Toepassingsbereik Begripsbepalingen Meet- en rekenbepalingen
4 4 5 9
Hoofdstuk 2 Artikel 4
Specifieke regels over functies Wonen - Woongebied
10 10
Hoofdstuk 3 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11
Algemene regels over functies Toepassingsbereik Aanvraagvereisten Specifieke beoordelingsregels bouwen Gebruiksactiviteiten algemeen Anti-dubbeltelregel Maatwerkvoorschrift Omgevingsplanactiviteit – Algemeen
15 15 16 17 18 19 20 21
Hoofdstuk 4 Artikel 12
Thematische regels ter bescherming van waarden Waarde – Archeologie
24 24
Hoofdstuk 5 Artikel 13
Overgangsregels Overgangsrecht bouwwerken
27 27
Status: vastgesteld
2
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Regels
Status: vastgesteld
3
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Hoofdstuk 1 Artikel 1
1.1
Inleidende bepalingen
Toepassingsbereik
Omgevingsplan Maasdriel
Dit plan wijzigt het omgevingsplan gemeente Maasdriel in die zin dat na hoofdstuk 22 van het omgevingsplan gemeente Maasdriel [een hoofdstuk 22g] wordt ingevoegd, bestaande uit de regels van dit plan. 1.2
Tijdelijk omgevingsplan - bestemmingsplan
1. De besluiten op grond van artikel 22.1, onder a, van Omgevingswet zijn niet van toepassing voor zover het gaat over regels opgenomen in een besluit als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet op de locatie, bedoeld in 1.4. 2. Het bepaalde in lid 1 geldt niet voor het bestemmingsplan 'Parapluherziening verkamering woningen 2020' met identificatienummer 'NL.IMRO.0263.BP1207-VG01'. 3. Het bepaalde in lid 1 geldt niet voor het bestemmingsplan ‘Parapluherziening parkeren 2022’ met identificatienummer ‘NL.IMRO.0263.BP1217-VG01’. 1.3
Tijdelijk omgevingsplan - bruidsschat
De regels in afdeling 22.2, met uitzondering van de regels van paragraaf 22.2.7.3, en afdeling 22.3 zijn niet van toepassing voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit plan. 1.4
Verwijzing naar verbeelding
De regels van dit plan zijn van toepassing op de locatie TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel, waarvan de geometrische bepaalde planobjecten zijn vervat in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0263.TAMOP22g-ON01.
Status: vastgesteld
4
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Artikel 2
2.1
Begripsbepalingen
Van toepassing verklaring
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van toepassing op dit plan. 2.2
Aanvullende begrippen
In aanvulling op het bepaalde in 2.1 worden voor de toepassing van de regels in dit plan de begrippen als bedoeld in 2.3 tot en met 2.19gehanteerd. 2.3
Plan
Het TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g Omgevingsplan Maasdriel met identificatienummer NL.IMRO.0263.TAMOP22g-ON01 van de gemeente Maasdriel bestaande uit: a. de geometrisch bepaalde planobjecten zoals vervat in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0263.TAMOP22g-ON01; b. de in dit plan opgenomen regels, en; c. de daarbij behorende bijlagen. 2.4
Aan huis gebonden bedrijf
Het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid ,gericht op consumentenverzorging, geheel of overwegend door middel van handwerk, waarvan de omvang zodanig is dat de activiteit in een woning en/of de daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend. 2.5
Aan huis verbonden beroep
Het in een woning en/of bij die woning behorend (al dan niet vrijstaand) bijgebouw uitoefenen van een beroep of beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, met behoud van de woonfunctie. 2.6
Aaneengebouwd
onder aaneengebouwd wordt verstaan dat het hoofdgebouw van een woning naar twee zijden door scheidsmuren van naastgelegen hoofdgebouwen is begrensd, met uitzondering van de hoofdgebouwen die de aldus gevormde rij beëindigen. 2.7
Bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 2.8
Bed & Breakfast
een voorziening gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt, als ondergeschikte toeristisch-recreatieve activiteit. Onder een bed & breakfast-voorziening wordt niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid.
Status: vastgesteld
5
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
2.9
Begane grond
de onderste bouwlaag van een gebouw, niet zijnde een kelder. 2.10
Bestaand
bij gebruik: aanwezig op het moment van het van kracht worden van dit plan; bij bouwwerken: aanwezig op het moment van de terinzagelegging van het ontwerp van dit plan. 2.11
Bouwgrens
de grens van een bouwvlak. 2.12
Bouwlaag
een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van een kelder en de ruimte(n) in de kap. 2.13
Bouwperceelgrens
een grens van een bouwperceel. 2.14
Bouwvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten. 2.15
Bouwwijze
De wijze van bouwen van een woning, te weten vrijstaand, twee-aaneen, aaneengebouwd of gestapeld, waarbij: ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand' wordt het hoofdgebouw van een woning niet begrensd door scheidsmuren van andere hoofdgebouwen; ter plaatse van de aanduiding 'twee-aaneen' wordt het hoofdgebouw van een woning naar één zijde door een scheidsmuur van een naastgelegen hoofdgebouw begrensd; ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' wordt hoofdgebouw van een woning naar twee zijden door scheidsmuren van naastgelegen hoofdgebouwen begrensd, met uitzondering van de hoofdgebouwen die de aldus gevormde rij beëindigen; ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' wordt in één gebouw, bestaande uit meer lagen, meer woningen gebouwd. 2.16
Detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending overwegend anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 2.17
Evenement
activiteit gericht op het bereiken van een algemeen of besloten publiek voor informerende, educatieve, sportieve, culturele, en/of levensbeschouwelijke doeleinden;
Status: vastgesteld
6
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
2.18
Functie
Het gebruiksdoel dat een onderdeel van de fysieke leefomgeving op een bepaalde locatie heeft. 2.19
Gebruik
De wijze waarop gronden en bouwwerken worden gebruikt, waarbij het kan gaan om functies en gebruiksactiviteiten. 2.20
Gestapeld
woningen boven een andere woning of functie. 2.21
Horeca
een bedrijf of instelling waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt en/of waarin bedrijfsmatig logies wordt verstrekt. de horecabedrijven zijn in drie categorieën te onderscheiden: categorie 1: vormen van horeca-activiteiten waar in hoofdzaak maaltijden, (alcoholische) dranken en/of logies worden verstrekt en waarvan de exploitatie doorgaans in de avonduren of zowel overdag als in de avonduren plaatsvindt, zoals een café, restaurant, hotel en pension; categorie 2: vormen van horeca-activiteiten die qua exploitatievorm aansluiten bij winkelvoorzieningen, waar naast kleinere etenswaren in hoofdzaak alcoholvrije dranken worden verstrekt, en waarvan de exploitatie zowel overdag als in de vroege avonduren plaatsvindt, zoals een lunchroom, broodjeszaak, ijssalon, cafetaria, snackbar, automatiek; categorie 3: vormen van horeca-activiteiten waarbij in hoofdzaak alcoholische drank wordt verstrekt en waarvan de exploitatie doorgaans in de avonduren plaatsvindt, een aantasting van het woon- en leefklimaat veroorzaakt en een grote druk op de openbare orde met zich meebrengt, zoals bardancings, discotheken, nachtclubs en coffeeshops. 2.22
Kelder
een overdekte, met wanden omsloten, voor mensen toegankelijke ruimte, beneden of tot ten hoogste 0,5 m boven de kruin van de weg, waaraan het bouwperceel is gelegen. 2.23
Kinderdagverblijf
opvang van kinderen in een crèche of daarmee vergelijkbaar verblijf, gedurende één of meer dagdelen per week, het hele jaar door; 2.24
Kleinschalige dienstverlening
Dienstverlening in een omvang, vergelijkbaar met de omvang van een aan huis verbonden beroep met maximaal vijf werkzame personen. 2.25
Locatievlak
Een geometrisch bepaald vlak dat is aangewezen voor een functie. 2.26
Maatschappelijk
voorzieningen ten behoeve van openbaar bestuur, religie, verenigingsleven, cultuur, onderwijs, opvoeding, gezondheidszorg en openbare dienstverlening.
Status: vastgesteld
7
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
2.27
Openbare nutsvoorziening
een bouwwerk dat ten dienste staat van het openbaar energietransport dan wel de telecommunicatie, zoals een schakelkast, een elektriciteitshuisje en een verdeelstation. 2.28
Overkapping
een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met maximaal één gesloten wand. 2.29
Portiek
overdekte ruimte voor de ingang van een gebouw of leidend naar de ingang van een gebouw. 2.30
Seksinrichting
de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig is, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. 2.31
Standplaats
een openbare (voor het publiek toegankelijke) en in de openlucht gelegen plaats voor het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, waarbij gebruik wordt gemaakt van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen, een stal of een tafel. 2.32
Twee-aaneen
onder twee-aaneen wordt verstaan dat het hoofdgebouw van een woning naar één zijde door een scheidsmuur van een naastgelegen hoofdgebouw is begrensd; 2.33
Voorgevel
de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de meest gezichtsbepalende gevel. 2.34
Vrijstaande woning
onder vrijstaand wordt verstaan dat het hoofdgebouw van een woning niet begrensd is door scheidsmuren van andere hoofdgebouwen; 2.35
Wonen
het huisvesten van één huishouden in een woning/wooneenheid. 2.36
Woning
Een complex van ruimten, krachtens zijn indeling geschikt en bestemd voor de huisvesting van één huishouden, met de daarbij behorende niet voor bewoning bestemde bergingen, stallingsruimten alsmede kantoor- en/of praktijkruimten, welke in de woning worden opgericht dan wel daaraan.
Status: vastgesteld
8
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Artikel 3
3.1
Meet- en rekenbepalingen
Meetbepalingen
In aanvulling op en indien van toepassing in afwijking van het bepaalde in artikel 22.24, gelden de volgende meetbepalingen: 3.2
Dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 3.3
Goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel, uitgezonderd dakkapellen. 3.4
Inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 3.5
Bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 3.6
Oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein. 3.7
Diepte van een woning
de buitenwerks gemeten afstand tussen de voorgevel en de achtergevel van de woning. 3.8
Bebouwingspercentage
het percentage van een bouwperceel dat met gebouwen mag worden bebouwd. 3.9
Het peil
1. in geaccidenteerd terrein (in de nabijheid van dijken): ten hoogste 15 cm boven het gemiddelde oorspronkelijke omliggende terrein; 2. in vlak terrein, voor zover dat oorspronkelijk hoger ligt dan de kruin van de weg: ten hoogste 15 cm boven het oorspronkelijke terrein; 3. in vlak terrein, voor zover dat oorspronkelijk lager ligt dan de kruin van de weg: ten hoogste 15 cm boven de kruin van de weg.
Status: vastgesteld
9
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Hoofdstuk 2 Artikel 4
4.1
Specifieke regels over functies
Wonen - Woongebied
Toepassingsbereik
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0263.TAMOP22g-ON01 is aangewezen als 'Wonen - Woongebied' 4.2
Toedeling van functies aan locaties
Een locatie die is aangewezen als 'Wonen - Woongebied' heeft de volgende functies: a. wonen; b. aan-huis-verbonden beroep in overeenstemming met artikel 4.4.1. met de daarbij behorende ondergeschikte voorzieningen c. d. e. f. g.
tuinen, erven en andere groenvoorzieningen; parkeervoorzieningen en overige verhardingen; watergangen; waterretentievoorzieningen; en, voorzieningen voor waterzuivering en -infiltratie.
4.3
Gebruiksactiviteit – verboden
4.3.1
Algemeen
Het is verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet ten dienste staat van de in 4.2genoemde functies van de gronden. 4.3.2
Specifiek
Het is in ieder geval verboden om vrijstaande bijbehorende bouwwerken te gebruiken voor (zelfstandige) bewoning. 4.4
Gebruiksactiviteit – nadere regels
4.4.1
Aan-huis-verbonden beroep
Het is alleen toegestaan ruimten binnen de woning, met inbegrip van bijbehorende bouwwerken te gebruiken voor een aan huis verbonden beroep als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. het gebruik is ondergeschikt aan de woonfunctie; b. het gebruik niet meer bedraagt dan maximaal 40% van het vloeroppervlak van de woning, met inbegrip van gerealiseerde bijbehorende bouwwerken, tot ten hoogste 45 m²; c. degene die de activiteiten uitvoert de bewoner van de woning is; d. er geen detailhandel of groothandel plaatsvindt, uitgezonderd een beperkte verkoop als ondergeschikte activiteit en wel in verband met de aan huis verbonden activiteit; en e. de noodzakelijke parkeervoorzieningen op eigen terrein worden gesitueerd.
Status: vastgesteld
10
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
4.5
Gebruiksactiviteit – Aan-huis-verbonden bedrijf
4.5.1
Vergunningplicht
Het is verboden zonder omgevingsvergunning gronden en bouwwerken te gebruiken voor een aan-huis-verbonden-bedrijf. 4.5.2
Beoordelingsregels
1. De omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit aan-huis-verbonden-bedrijf wordt alleen verleend als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. het gebruik ondergeschikt blijft aan de woonfunctie; b. het betreft bedrijfsactiviteiten die vallen onder categorie 1 of 2 als genoemd in Bijlage 1 Staat van inrichtingen dan wel uit een oogpunt van invloed op het woon- en leefmilieu vergelijkbaar zijn met de bedrijven; c. maximaal 40% van het vloeroppervlak van de woning, met inbegrip van de bijbehorende bouwwerken, tot ten hoogste 50 m² mag worden gebruikt voor het aan huis verbonden bedrijf; d. degene die de activiteiten zal uitvoeren is bewoner van de woning; e. de voor het aan huis verbonden bedrijf noodzakelijke parkeervoorzieningen op eigen terrein zijn gesitueerd; f. het bedrijf dient qua aard, milieubelasting en uitstraling te passen in een woonomgeving; en g. er mag geen detailhandel of groothandel plaatsvinden, uitgezonderd een beperkte verkoop als ondergeschikte activiteit en wel in verband met de aan huis verbonden activiteit; h. er ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' rekening wordt gehouden met het monument, zodanig dat het monument niet beschadigd of ontsiert mag raken door de activiteit of eventuele gevolgen hiervan. 2.
Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving. 4.6
Omgevingsplanactiviteit – Bouwwerken – Algemeen
4.6.1
Functionele relatie
Bouwwerken zijn alleen toegestaan als zij ten dienste staan van de functies genoemd in 4.2. 4.6.2
Toegestane bouwwerken
Op de gronden als bedoeld onder 4.2mogen uitsluitend worden gebouwd: a. Hoofdgebouwen; b. Bijbehorende bouwwerken; c. Bouwwerken geen gebouwen zijnde. 4.7
Omgevingsplanactiviteit – Bouwwerken – Hoofdgebouwen
4.7.1
Beoordelingsregels
1. De omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit bouwwerken voor het bouwen van hoofdgebouwen wordt alleen verleend als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. het hoofdgebouw bestaat uit maximaal het aantal woningen zoals met de aanduiding 'maximum aantal woningen' is aangegeven en volgens de bouwwijze zoals per bouwvlak met de aanduiding Status: vastgesteld
11
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g 'bouwaanduiding' is aangegeven: Bouwaanduiding
bouwwijze
(vrij)
vrijstaand
(tae)
twee-aaneen
(aeg)
aaneengebouwd
(gs)
gestapeld
(nul)
nultredenwoning
b. hoofdgebouwen mogen uitsluitend worden gesitueerd binnen het bouwvlak; c. de afstand van hoofdgebouwen tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan: bij vrijstaande woningen tot beide zijdelingse perceelsgrenzen: 3 m; bij vrijstaande geschakelde woningen tot één van de zijdelingse perceelsgrenzen 3 m en tot de zijdelingse perceelgrens gelegen aan het interne openbaargebied minimaal 1 m; bij twee-aaneengebouwde woningen tot één van de zijdelingse perceelsgrenzen: 2 m; bij hoekpercelen van aaneengebouwde en gestapelde woningen, tot één van de zijdelingse perceelsgrenzen: 1 m; d. de goothoogte van hoofdgebouwen mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goothoogte (m)' is aangegeven; e. de bouwhoogte van hoofdgebouwen mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; f. hoofdgebouwen mogen plat of met een kap worden afgedekt. In het laatste geval bedraagt de dakhelling minimaal 30° en maximaal 65°; g. onderkeldering is toegestaan tot een diepte van maximaal 3,5 m, uitgezonderd onderkeldering voor zwembaden waarbij de diepte maximaal 6 m mag bedragen; h. een toegang van buitenaf tot kelders uitsluitend aan de achtergevel mag worden gesitueerd; i. de bovenkant van de begane grondvloer niet boven peil mag liggen; j.
voor het hoofdgebouw met bouwaanduiding twee-aaneen (tae) aan de Koningin Wilhelminastraat geldt een gezamenlijk geluid op de gevel van 56 dB; k. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' rekening wordt gehouden met het monument, zodanig dat het monument niet beschadigd of ontsiert mag raken door de activiteit of eventuele gevolgen hiervan. 2. Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving. 4.8
Omgevingsplanactiviteit – Bouwwerken – Bijbehorende bouwwerken
4.8.1
Beoordelingsregels
1. De omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit bouwwerken voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken wordt alleen verleend als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend worden gesitueerd in het bouwvlak en ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen', onverminderd het bepaalde onder b; b. op de gronden die zijn gelegen voor de naar de weg gekeerde bouwgrens, mag bij elke woning ten hoogste één bijbehorend bouwwerk in de vorm van een portiek of erker worden gebouwd. Voor de portiek of erker geldt een oppervlakte van maximaal 6 m² en een hoogte van maximaal 3 m; c. per bouwperceel mogen de volgende bebouwingspercentages niet worden overschreden: 30% voor vrijstaande woningen [vrij]; 40% voor twee-aaneen woningen [tae]; 50% voor aaneengebouwde woningen [aeg]; d. op elk bouwperceel mag de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' niet meer bedragen dan 50 m², onverminderd het bepaalde onder c.; Status: vastgesteld
12
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g e. als het oppervlak van het bouwperceel meer dan 400 m² bedraagt, mag de onder d. genoemde oppervlakte worden vermeerderd met 10% van deze overmaat tot een totale bebouwde oppervlakte van bijbehorende bouwwerken van maximaal 150 m²; de onder c. genoemde bebouwingspercentages mogen hierbij niet worden overschreden; f. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3 m bedragen, de bouwhoogte maximaal 5 m; g. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' rekening wordt gehouden met het monument, zodanig dat het monument niet beschadigd of ontsiert mag raken door de activiteit of eventuele gevolgen hiervan. 2. Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving. 4.9
Omgevingsplanactiviteit – Bouwwerken geen gebouw zijnde
In aanvulling op artikel 22.27 en 22.36 omgevingsplan Maasdriel en artikel 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving geldt het verbod van artikel 22.26 omgevingsplan Maasdriel niet voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. overkappingen en pergola's: 1. worden gebouwd op en/of achter de denkbeeldige lijn in het verlengde van de voorgevel van het hoofdgebouw: 2. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3 m, met dien verstande dat de bebouwde oppervlakte van overkappingen per bouwperceel maximaal 50 m² mag bedragen, met dien verstande dat het in 6.6.3 onder c. bedoelde bebouwingspercentage niet mag worden overschreden; en b. de bouwhoogte van erfafscheidingen en/of terreinafscheidingen gelegen achter de naar de weg gekeerde bouwgrens of in het verlengde daarvan alsmede overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 2 m. 4.10
Maatwerkvoorschriften
Bij de beslissing omtrent het verlenen van een omgevingsvergunning kan het bevoegd gezag maatwerkvoorschriften stellen met betrekking tot de situering en maatvoering van bebouwing, indien en voor zover dit noodzakelijk is: a. b. c. d.
om de ruimtelijke samenhang met de overige bebouwing veilig te stellen; om een milieuhygiënisch verantwoorde situering te bevorderen; om een onevenredige inbreuk op het aanwezige woon- en leefmilieu te voorkomen; om een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende terreinen te voorkomen.
4.11
Voorwaardelijke verplichting
4.11.1
Bodemsanering
Het gebruiken van de gronden en bouwwerken conform lid 4.2is uitsluitend toegestaan nadat de bodemsanering overeenkomst het door bevoegd gezag goedgekeurde saneringsplan of BUS-melding is uitgevoerd, de uitgevoerde sanering is goedgekeurd en de leeflaag overeenkomstig dit saneringsplan of BUS-melding in stand wordt gehouden. 4.11.2
Waterberging
Voor het voorzien in voldoende waterberging gelden de volgende regels: a. een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het omgevingsplan Maasdriel wordt alleen verleend nadat afdoende is verzekerd dat wordt voorzien in voldoende waterberging; Status: vastgesteld
13
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g b. Het gebruiken en het (doen) laten gebruiken van de gronden waarop de onder a. bedoelde omgevingsvergunning betrekking heeft, is slechts toegestaan wanneer voldoende waterberging in stand wordt gehouden; c. Onder voldoende waterberging als genoemd onder a. en b. wordt voor dit plangebied verstaan dat wordt voldaan aan de realisatie van waterberging conform het waterhuishoudkundige plan zoals opgenomen in Bijlage 2 bij deze regels. 4.11.3
Onderzoek ontplofbare oorlogsresten
Het bouwen op en het gebruik van de gronden ter plaatse van de functie 'Wonen - Woongebied' is uitsluitend toegestaan indien een opsporingsproces conform het CS-OOO is uitgevoerd en de gronden zijn vrijgegeven.
Status: vastgesteld
14
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Algemene regels over functies
Toepassingsbereik
De regels in dit hoofdstuk gelden in aanvulling op en indien dit nader is bepaald in afwijking van de regels in Hoofdstuk 2
Status: vastgesteld
15
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Artikel 6
Aanvraagvereisten
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van het omgevingsplan Maasdriel, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit plan. In het bijzonder geldt dat: 1. het bepaalde in artikel 22.284 van toepassing is op een aanvraag om omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit voor werken en werkzaamheden in dit plan; en a. het bepaalde in 22.286 van toepassing is op een aanvraag om omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit inhoudende een gebruiksactiviteit of bouwactiviteit in dit plan. b. In aanvulling op het bepaalde onder 1 worden bij de aanvraag om omgevingsvergunning die gegevens en bescheiden overlegd die naar het oordeel van het bevoegde gezag noodzakelijk zijn voor een toets aan de aan de omgevingsvergunning verbonden beoordelingsregels.
Status: vastgesteld
16
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Artikel 7
7.1
Specifieke beoordelingsregels bouwen
Algemeen
Bij de beoordeling van het bepaalde ten aanzien van het bouwen in Hoofdstuk 2 van dit plan worden buiten beschouwing gelaten: a. plinten, pilasters, kozijnen, standleidingen voor hemelwater, gevelversieringen, wanden voor ventilatiekanalen, liftopbouwen en schoorstenen, gevel- en kroonlijsten en overstekende daken, overbouwingen, bloemenkozijnen, balkons, galerijen en luifels, erkers mits de bouwgrens, waaraan de voorgevel gelegen is, met niet meer dan 1,5 m overschrijden; b. ondergrondse funderingen en ondergrondse bouwwerken, voor zover deze de bouwgrens met niet meer dan 1 m overschrijden; c. goten en ondergrondse afvoerleidingen en inrichtingen voor de verzameling van water en rioolstoffen. 7.2
Aanvullende beoordelingsregel - Beeldkwaliteitsplan
Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het omgevingsplan Maasdriel wordt alleen verleend als naar het oordeel van het bevoegd gezag wordt voldaan aan het beeldkwaliteitsplan zoals opgenomen in Bijlage 3.
Status: vastgesteld
17
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Artikel 8
8.1
Gebruiksactiviteiten algemeen
Strijdig gebruik
1. Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet in overeenstemming is het een aan een locatie gegeven functie en de daarop betrekking hebbende regels voor gebruiksactiviteiten. 2. Het is in ieder geval verboden om de gronden en bouwwerken te gebruiken voor: a. een seksinrichting; b. zelfstandige bewoning, waar het betreft vrijstaande bijgebouwen; c. het huisvesten van tijdelijke werknemers; d. het uitoefenen van een bed & breakfast; e. het uitoefenen van een kinderdagverblijf; f. als opslag-, stort- en of lozingsplaats van al dan niet aan het gebruik onttrokken goederen, grond, stoffen en materialen, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is ten behoeve van de functies die zijn toegestaan. 3. In afwijking van het eerste lid kan alleen een omgevingsvergunning worden verleend voor de gebruiksactiviteiten opgenomen in het artikel Omgevingsplanactiviteiten – algemeen (Artikel 11) en indien voldaan wordt aan de beoordelingsregels zoals opgenomen in dat artikel.
Status: vastgesteld
18
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Artikel 9
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Status: vastgesteld
19
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Artikel 10
Maatwerkvoorschrift
Met een maatwerkvoorschrift kunnen nadere eisen worden gesteld ten aanzien van de hoogte van het maaiveld en peilhoogte als dit voor een goede inrichting en afwatering van de gronden en aangrenzende percelen noodzakelijk is.
Status: vastgesteld
20
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Artikel 11
Omgevingsplanactiviteit – Algemeen
11.1
Omgevingsplanactiviteit - Gebruiksactiviteit - Huisvesting tijdelijke werknemers
11.1.1
Vergunningplicht
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in 8.1 onder c voor het huisvesten van meer dan 1 huishouden. 11.1.2
Beoordelingsregels
1. De omgevingsvergunning wordt verleend als: a. huisvesting noodzakelijk is van ter plaatse werkzame tijdelijke werknemers; b. de huisvesting uitsluitend op eigen terrein bij het bedrijf binnen de bedrijfswoning van de eigenaar/hoofdbewoner plaatsvindt; c. het aantal te huisvesten tijdelijke werknemers de capaciteit van de bedrijfswoning conform de geldende regelgeving niet te boven gaat; d. de huisvesting geen onevenredige toename van de omgevingseffecten tot gevolg heeft of kan hebben; e. bestaande waarden en belangen niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast; f. geen dusdanige verkeersaantrekkende werking ontstaat of kan ontstaan, dat verkeersoverlast ontstaat en daardoor het treffen van infrastructurele maatregelen (herinrichten/aanleggen van wegen en/of parkeervoorzieningen buiten het terrein van het bedrijf) noodzakelijk wordt; g. de woon- en verblijfskwaliteit in de directe omgeving niet onevenredig wordt of kan worden aangetast; h. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' rekening wordt gehouden met het monument, zodanig dat het monument niet beschadigd of ontsiert mag raken door de activiteit of eventuele gevolgen hiervan. 2.
Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving. 11.2
Omgevingsplanactiviteit - Gebruiksactiviteit - Bed&breakfast
11.2.1
Vergunningplicht
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in 8.1 onder d voor het uitoefenen van een bed & breakfast. 11.2.2
Beoordelingsregels
1. De omgevingsvergunning wordt verleend als: a. de woonfunctie als hoofdfunctie gehandhaafd blijft, waarbij de oppervlakte die wordt gebruikt voor bed & breakfast maximaal 40% van het vloeroppervlak van de woning of het aangebouwde bijbehorende bouwwerk bedraagt, met een maximum van 50 m²; b. de bed & breakfast binnen de bestaande bebouwingsmogelijkheden wordt gerealiseerd; c. voor de bed & breakfast in voldoende parkeergelegenheid en bergingsmogelijkheden op het eigen perceel wordt voorzien; d. er geen onevenredig nadelige gevolgen voor het woon- en leefklimaat van omwonenden en de bedrijfsvoering van omliggende bedrijven ontstaan;
Status: vastgesteld
21
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g e. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' rekening wordt gehouden met het monument, zodanig dat het monument niet beschadigd of ontsiert mag raken door de activiteit of eventuele gevolgen hiervan. 2. Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving. 11.3
Omgevingsplanactiviteit - Gebruiksactiviteit - Evenementen
11.3.1
Vergunningplicht
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in 8.1 onder e voor het toestaan van evenementen. 11.3.2
Beoordelingsregels
1. De omgevingsvergunning wordt verleend als: a. het evenement duurt maximaal 7 dagen, inclusief opbouwen, inrichten, afbreken en opruimen; b. er vindt geen horeca ter plaatse plaats, anders dan ondergeschikt en inherent aan het toegestane evenement; c. er vindt geen detailhandel ter plaatse plaats, anders dan ondergeschikt en inherent aan het toegestane evenement, met uitzondering van vlooien- en/of rommelmarkten; d. er treden geen onomkeerbare gevolgen voor het landschap op; e. de belangen van de betreffende bestemmingen worden niet onevenredig aangetast; f. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; g. belangen van derden worden niet onevenredig geschaad; h. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van in de omgeving aanwezige architectonische, cultuurhistorische of natuurwaarden; i. de belangen van in de nabijheid gelegen functies verzetten zich niet tegen het gebruik van de betreffende bestemmingen voor het evenement. j. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' rekening wordt gehouden met het monument, zodanig dat het monument niet beschadigd of ontsiert mag raken door de activiteit of eventuele gevolgen hiervan. 2.
Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving. 11.4
Omgevingsplanactiviteit - Gebruiksactiviteit - Kinderdagverblijf
11.4.1
Vergunningplicht
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in 8.1 onder f voor het uitoefenen van een kinderdagverblijf bij een woning; 11.4.2
Beoordelingsregels
1. De omgevingsvergunning wordt verleend als: a. de hoofdfunctie gehandhaafd blijft, waarbij de oppervlakte die wordt gebruikt voor het kinderdagverblijf maximaal 40% van het vloeroppervlak van de woning en het aangebouwde bijbehorend bouwwerk bedraagt, met een maximum van 50 m²; b. het kinderdagverblijf binnen de bestaande bebouwingsmogelijkheden wordt gerealiseerd; c. de verkeersintensiteit en inrichting van de weg, waaraan het kinderdagverblijf is gelegen, van
Status: vastgesteld
22
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g dien aard zijn, dat het gebruik voor het brengen en halen van de kinderen de verkeersveiligheid niet in de weg staat; d. voor het kinderdagverblijf in voldoende parkeergelegenheid en bergingsmogelijkheden op het eigen perceel wordt voorzien; e. er geen onevenredig nadelige gevolgen voor het woon- en leefklimaat van omwonenden en de bedrijfsvoering van omliggende bedrijven ontstaan; f. uit de noodzakelijke milieu- en/of andere onderzoeken blijkt dat de gronden geschikt zijn voor het gebruik als kinderdagverblijf. g. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' rekening wordt gehouden met het monument, zodanig dat het monument niet beschadigd of ontsiert mag raken door de activiteit of eventuele gevolgen hiervan. 2. Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving. 11.5
Omgevingsplanactiviteit – bouwwerken – nutsvoorziening
11.5.1
Beoordelingsregels
1. Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 wordt, in afwijking van het bepaalde in Hoofdstuk 2 van dit plan, alleen verleend voor het oprichten van een gebouw voor een openbare nutsvoorziening, het openbaar vervoer of het weg- en railverkeer, mits de bebouwde oppervlakte niet meer dan 25 m² en de hoogte niet meer dan 5 m bedraagt. 2. Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving.
Status: vastgesteld
23
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g
Hoofdstuk 4 waarden Artikel 12
12.1
T hematische regels ter bescherming van
Waarde – Archeologie
Voorrangsbepaling
De regels in dit artikel hebben voorrang op de regels in hoofdstuk 2 en 3 van dit plan. 12.2
Toepassingsbereik
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0263.TAMOP22g-ON01 is aangewezen als 'Waarde – Archeologie'. 12.3
Toedeling van functies aan locatie
Een locatie die is aangewezen als 'Waarde – Archeologie' heeft als functie het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. 12.4
Omgevingsplanactiviteit – bouwwerken
12.4.1
Aanvullende beoordelingsregels
1. De omgevingsvegunning voor een omgevingsplanactiviteit bouwwerken wordt alleen verleend als naar oordeel van het bevoegd gezag: a. de archeologische waarden in voldoende mate zijn zeker gesteld; of b. er geen archeologische waarden aanwezig zijn; of c. de archeologische waarden niet of niet onevenredig worden geschaad. 2. Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bescherming monument' winnen zij schriftelijk advies in bij de adviescommissie fysieke leefomgeving. 12.4.2
Aanvullende aanvraagvereisten
1. Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning wordt een deskundig archeologisch rapport overgelegd waarin: a. de archeologische waarden van de gronden in voldoende mate zijn vastgesteld, en; b. in voldoende mate is aangegeven hoe de archeologische waarden worden beschermd en behouden. 2. Een deskundige rapport is niet nodig als naar het oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. 12.4.3
Aanvullende vergunningvoorschriften
Het bevoegd gezag kan, in het belang van bescherming en behoud van de archeologische waarden, één of meerdere van de volgende voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen;
Status: vastgesteld
24
Bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Koningin Wilhelminastraat 49 te Hedel Hoofdstuk 22g c. de verplichting de activiteit die leidt tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties; d. nadere eisen aan de situering van bouwwerken, de inrichting en het gebruik van gronden. 12.4.4
Uitzondering
Het bepaalde in dit artikel 12.4 geldt niet bij: a. Vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken waarbij de bestaande fundering wordt gebruikt en de oppervlakte niet vergroot. 12.5
Omgevingsplanactiviteit – werken en werkzaamheden
12.5.1
Vergunningplicht
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning de volgende werken of werkzaamheden uit te voeren: 1. grondwerken, waartoe worden gerekend het afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, ophogen en ook het vergraven, wegruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren en het aanleggen van drainage; 2. het verlagen en verhogen van het waterpeil; 3. het aanleggen of rooien van bos of boomgaard, waarbij stobben worden verwijderd; 4. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; 5. het aanleggen en verwijderen van verhardingen ten behoeve van wegen, paden, parkeergelegenheden en andere oppervlakteverhardingen; 6. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of andere wijze indrijven van voorwerpen; 12.5.2
Uitzondering vergunningplicht
Het verbod van 12.5.1 geldt niet voor werken en werkzaamheden die: a. het normale beheer en onderhoud betreffen; b. onderdeel uitmaken van een archeologisch onderzoek of daarop gericht zijn; c. de archeologische waarden niet onevenredig kunnen schaden, hetgeen met archeologisch onderzoek is aangetoond en het bevoegd gezag heeft ingestemd; d. worden uitgevoerd op en in gronden waarvan met archeologisch onderzoek is aangetoond dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn en het bevoegd gezag heeft ingestemd; e. betreffen het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen of ontgronden is vereist; f. mogen worden uitgevoerd krachtens een al verleende omgevingsvergunning; g. al in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; 12.5.3
Beoordelingsregels
1. De omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit werken en werkzaamheden wordt alleen verleend als: a. de archeologische waarden in voldoende mate zijn zeker gesteld; of b. er geen archeologische waarden aanwezig zijn; of c. de archeologische waarden niet of niet onevenredig worden geschaad. 2. Voordat het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 1 winnen zij schriftelijk advies in bij de archeologisch deskundige over de vraag of door het verlenen van de omgevingsvergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en zo ja welke voorwaarden dienen te worden gesteld.