Voorjaarsnota 2021 08062021 corr def.pdf
Tekst van het document
Voorjaarsnota gemeente Losser
2021-2025
Inhoud 1. Inleiding ............................................................................................................................3 2. Financiële samenvatting ..................................................................................................6 3. Middelenkader ..................................................................................................................8 4. Afwijkingen begrotingsuitvoering 2021 ........................................................................ 11 4.1 Financiële afwijkingen .................................................................................................... 12 4.2 Inhoudelijke afwijkingen.................................................................................................. 15 5. Continuïteit dienstverlening .......................................................................................... 17 5.1 Continuïteit dienstverlening - exploitatiebudgetten.......................................................... 18 5.2 Continuïteit dienstverlening - investeringen .................................................................... 22 6. Bedrijfsvoering ...............................................................................................................
24 6.1 Bedrijfsvoering exploitatie............................................................................................... 25 6.2 Bedrijfsvoering-investeringen ......................................................................................... 29 7. Gehonoreerde prioriteiten ............................................................................................. 31 7.1 Prioriteiten exploitatie ..................................................................................................... 32 7.2 Gehonoreerde Investeringen .......................................................................................... 41 Bijlage: Uitgangspunten Voorjaarsnota 2021 ................................................................... 48
2
1. Inleiding Voor u ligt de Voorjaarsnota 2021 t/m 2025 van de gemeente Losser. De Voorjaarsnota beschrijft de financiële en beleidsmatige afwijkingen in het begrotingsjaar 2021, stelt de budgettaire kaders voor de Programmabegroting 2022 en benoemt meerjarig de financiële doorvertaling van beleidsmatige prioriteiten. In dit eerste hoofdstuk schetsen we een aantal belangrijke ontwikkelingen waar Losser mee te maken krijgt en de beleidsuitdagingen die hieruit voortvloeien. Onder ‘Financieel’ gaan we kort in op het financieel perspectief en op de voorstellen aan de Raad. Vervolgens benoemen we de planning voor het besluitvormingsproces en de opbouw van deze Voorjaarsnota. Uitdagingen lokaal beleid Investeren in de gemeenschap De leefbaarheid van de dorpskernen komt op termijn onder druk te staan, onder meer door vergrijzing en migratie van jonge inwoners. Ons beleid is erop gericht om de leefbaarheid en de sociale cohesie te stimuleren. Dat doen we onder meer met onze Woonvisie 2021 – 2031 waarmee we kaders bieden voor realisatie van woningen voor gebleken behoefte die aansluit bij de vraag van starters en senioren. Maar ook door verbindingen in onze samenleving via participatie in cultuur en sport te stimuleren via subsidies en faciliteiten.
Het is onze overtuiging dat door nu te stimuleren in onze samenleving, wij die aantrekkelijke woongemeente blijven met sprankelende kernen. Een gemeente waarin jeugd zich kan ontwikkelen en eenieder zich veilig voelt. Een gemeente waarin participatie door de samenleving een groot goed is. Wij willen daarom investeren in: • participatie van de samenleving; • het ontwikkelen van een toekomstige visie op mobiliteit; • het aanpakken van de voornaamste veiligheidsvraagstukken; • het subsidiëren en ondersteunen van het verenigingsleven, in het bijzonder de door corona hard getroffen cultuursector; • een groene leefomgeving met duurzame bestrijding van eikenprocessierupsen en invasieve soorten. Werkgeverschap Ook willen we investeren in onze gemeente als aantrekkelijke werkgever en het flexibeler kunnen werken, niet in de laatste plaats om onze dienstverlening voor onze inwoners zo goed mogelijk aan te bieden. We hebben de ambitie om te investeren in verschillende specifieke thema’s om op deze zaken een extra impuls te geven. Investeren in de kernen In de diverse kernen zijn meerdere projecten gestart om te komen tot lokale kulturhuzen en aanpassingen in de fysieke leefomgeving.
Zo werken we onder meer in Losser aan de uitvoering van het Parapluplan met investeringen in het centrum, in Glane en Beuningen aan kulturhuzen, in de Lutte aan de herinrichting van het centrum en in Overdinkel aan een gebiedsgerichte aanpak. Bovendien investeren we in alle kernen en het buitengebied in het vervangen van riolering en het wegenonderhoud. Om enkele projecten te versnellen heeft de raad in 2020 extra middelen beschikbaar gesteld. Voor meerdere kernen geldt dat er een vervolg noodzakelijk is op eerdere en actuele investeringen. Zonder uitputtend te willen zijn noemen we hier de centrumontwikkeling in de Lutte, de stedenbouwkundige ontwikkelingen in het centrum van Losser, de doorontwikkeling van de gebiedsgerichte aanpak in Overdinkel, het op te stellen uitvoeringsprogramma op basis van de kwaliteitsimpuls Glane en de gewenste herinrichting van enkele wegen in Beuningen. Bij die fysieke investeringen houden we rekening met de belangen van de direct betrokken inwoners en met klimaatadaptatie. Vergrijzing en sociaal domein Het sociaal domein legt een fors beslag op de beschikbare financiële middelen van de gemeente Losser. De zich aandienende vergrijzing en Losser leidt zonder twijfel tot een nog
3
hogere zorgvraag. Specifiek is daarbij te denken aan de wens van een groter aantal mensen om langer zelfstandig thuis te blijven wonen, de grotere druk bij de mantelzorgers en op de daarmee corresponderende vraag naar gemeentelijke zorg. We willen meer regie krijgen op de zorgkosten, door antwoorden te vinden op de genoemde maatschappelijke ontwikkelingen. Het leren van het uitvoeren van pilots helpt ons daarbij om structurele uitgaven in het sociaal domein te reduceren. Invloed landelijke ontwikkelingen Naast de lokale ambities zien we ook landelijke beleidsvoornemens die al dan niet in uitvoering zijn gebracht en welke een directe invloed hebben op onze samenleving. Doorwerking Klimaatakkoord De landelijke maatregel die ongetwijfeld eenieder van ons, direct of indirect gaat raken is het Klimaatakkoord. In juni 2019 heeft het kabinet het Klimaatakkoord gepresenteerd. Intentie is om samen met medeoverheden, diverse geledingen uit de samenleving, inwoners en bedrijfsleven, de doelstellingen en maatregelen uit het Klimaatakkoord uit te voeren. Om hier een succes te maken, is het nodig dat de verschillende overheden ambities, besluiten en uitvoering nauw op elkaar afstemmen, in samenwerking met de maatschappij. Hiervoor is nodig dat de rijksoverheid regie neemt en duidelijkheid richting inwoners geeft over de noodzaak van de grootschalige opwekking van duurzame energie.
Binnen deze aanpak behouden de decentrale overheden hun eigen afwegingsruimte en kunnen deze eigen en integrale afwegingen maken, die over de verschillende beleidsterreinen heen reiken. De uitvoering van het Klimaatakkoord is volop in ontwikkeling en vraagt in de komende jaren veel aandacht. De concrete financiële effecten voor onze gemeente zijn nog ongewis. Gevolgen Wet Inburgering 2022 De druk om meer mensen naar werk of maatschappelijke participatie te begeleiden neemt toe. Dit houdt verband met de extra taken op het terrein van begeleiding van mensen met een arbeidshandicap en statushouders. Naar verwachting ontvangen gemeenten vanaf 2022 wel een vergoeding voor de directe kosten van inzet van loonkostensubsidie. De kosten die gemeenten maken om iemand aan werk te helpen en houden, worden niet volledig en structureel vergoed. De nieuwe Wet Inburgering treedt naar verwachting in 2022 in werking, ook die wet betekent een intensivering van de behoefte aan begeleiding naar werk en participatie. Invoering Omgevingswet Recentelijk is de invoering van de Omgevingswet opnieuw uitgesteld. In het bijzonder levert de invoering van het digitale stelsel op dit moment de nodige vertraging op. Met deze wet hebben gemeenten de mogelijkheid om de leefomgeving met meer overzichtelijke regels, in samenhang in te richten.
De impact van de Omgevingswet op de samenleving is zowel op korte als op lange termijn. Ondanks het waarschijnlijke uitstel van de wet, vraagt de voorbereiding op de invoering in de komende tijd veel inzet. De eerder door de raad gevormde reserve ten behoeve van de implementatie lijkt vooralsnog voldoende. Sluitende jaarschrijven Vorig jaar heeft het college het voornemen uitgesproken om in de Voorjaarsnota 2021 maatregelen te nemen om de jaarschijf 2024 financieel te laten sluiten. Met dit document presenteren wij u een nota waarin de jaarschijven 2021 t/m 2025 structureel sluitend zijn. Met inachtneming van de exploitatiekosten en investeringen die nodig zijn voor de continuering van onze huidige dienstverlening en een adequate bedrijfsvoering, biedt het financieel perspectief mogelijkheden om aanvullende keuzes te maken in ons gemeentelijk beleid. Planning Voorjaarsnota • 10 juni : Aanbieding stukken aan de gemeenteraad • 22 juni : Oordeelsvormend overleg gemeenteraad • 6 juli : Besluitvormend overleg gemeenteraad De vastgestelde Voorjaarsnota 2021 wordt verwerkt in de Programmabegroting 2022.
4
Leeswijzer In hoofdstuk 2 is een kort financieel resumé van de voorliggende nota opgenomen. Uitgaande van het meerjarenperspectief uit de Programmabegroting 2021 en het geactualiseerde middelenkader, wordt het financieel meerjarenperspectief 2021-2025 geschetst en geeft het het budgettaire effect weer van onze voorstellen aan de gemeenteraad. In hoofdstuk 3 is het Financieel middelenkader gepresenteerd. Hierin lichten wij het totaaloverzicht van het middelenkader van het huidig kalenderjaar en de komende vier jaren toe. Bovendien beschrijft het de financiële risico’s waarmee deze Voorjaarsnota is omgeven. Hoofdstuk 4 beschrijft de beleidsmatige en financiële afwijkingen bij de uitvoering van de Programmabegroting 2021 (gebaseerd op peildatum 15 april 2021). In hoofdstuk 5 geven wij een overzicht van de exploitatiekosten en investeringen die het college noodzakelijk acht om het huidige niveau van dienstverlening te continueren. In hoofdstuk 6 geven wij een overzicht van de exploitatiekosten en investeringen die het college noodzakelijk acht voor het in stand houden van een adequate bedrijfsvoering. Hoofdstuk 7 biedt vervolgens het inzicht in de keuzes die, binnen de financiële ruimte met inachtneming van de noodzakelijkheden in H5 en H6, beschikbaar is, zijn gemaakt (/of spreken over voorstellen) In de bijlage vindt u de uitgangspunten voor deze Voorjaarsnota 2021 t/m 2025.
5
2. Financiële samenvatting In dit hoofdstuk 2 geven we een korte samenvatting van de voorliggende nota, op financieel vlak. Daartoe presenteren we achtereenvolgens1: A) Meerjarenperspectief 2021 t/m 2025. Uitgaande van het meerjarenperspectief uit de begroting 2021 en het geactualiseerde middelenkader. Zie voor toelichting en risicoanalyse hoofdstuk 3. B) Overzicht kosten noodzakelijke exploitatiekosten en investeringen op het gebied van continuïteit dienstverlening en adequate bedrijfsvoering. Zie voor een toelichting hoofdstuk 5 en hoofdstuk 6. C) Overzicht kosten gehonoreerde prioriteiten Zie voor een toelichting hoofdstuk 7. D) Geprognosticeerd begrotingsresultaat 2021 t/m 2025. Betreft het resultaat dat overblijft nadat de kosten onder B en C zijn verrekend met het meerjarenperspectief 2021 t/m 2025. E) Onderscheid incidenteel en structureel karakter. In dit onderdeel geven we aan welk deel van het begrotingsresultaat een incidenteel en welk deel een structureel karakter heeft. A) Het meerjarenperspectief 2021 t/m 2025 Tabel 2.1: Financieel perspectief 2021-2025
Financieel perspectief Resultaat PB 2021 Saldo financieel middelenkader
2021 257.576 572.347
2022 731.175 483.926
2023 2024 2025 268.838 -269.236 -353.236 840.543 776.610 1.290.608
Totaal
829.923 1.215.101 1.109.381
507.374
937.372
De basis voor actualisatie van het middelenkader is de Programmabegroting 2021, in combinatie met het meerjarenperspectief 2022-2024 (zie toelichting pagina 9 Programmabegroting 2021). De jaarschijf 2025 is nieuw ten opzichte van de Programmabegroting 2021. Uitgangspunt voor deze jaarschijf is het begrotingssaldo 2024. B) Overzicht noodzakelijke exploitatiekosten en investeringen op het gebied van continuïteit dienstverlening en adequate bedrijfsvoering, incl. ‘besparingen’ Tabel 2.2: Noodzakelijke exploitatiekosten en investeringen dienstverlening en bedrijfsvoering
Specificatie kosten Continuïteit dienstverlening Nodig voor bedrijfsvoering Besparingen
2021 -631.960 -292.000 704.916
2022 2023 2024 -784.879 -783.556 -721.359 -426.850 -216.106 -77.479 788.973 789.347 1.129.497
2025 -494.764 -63.308 465.828
Totaal voorstel directie:
-219.044
-422.756 -210.315
-92.244
330.659
1 Een min-teken in de hierna volgende tabellen betekent dat sprake is van een negatief bedrag.
6
C) Overzicht lasten gehonoreerde prioriteiten Tabel 2.3: Gehonoreerde prioriteiten
Lasten honorering wensen Totaal gehonoreerd
2021 -875.000
2022 2023 2024 -792.100 -557.162 -593.722
2025 -822.924
D) Het geprognosticeerd begrotingsresultaat (A – (B+C)) Tabel 2.4: Geprognosticeerd resultaat na verwerking van noodzakelijke kosten en gehonoreerde prioriteiten
Prognose begroting Financieel perspectief Lasten noodzakelijke prioriteiten Lasten gehonoreerde wensen
2021 2022 2023 2024 829.923 1.215.101 1.109.381 507.374 -219.044 -422.756 -210.315 330.659 -875.000 -792.100 -557.162 -593.722
Totaal
-264.121
246
341.904
2025 937.372 -92.244 -822.924
244.311
22.204
E) Structureel en incidenteel saldo Het onderscheid tussen incidentele en structurele baten en lasten is van belang. Dit om aan te kunnen tonen dat zowel op de korte als de lange termijn geen structurele lasten worden gedekt met incidentele baten. Dit blijkt uit de regel ‘Structureel saldo’ in de tabel beneden. Wij streven zowel naar een feitelijk, als naar een structureel en reëel sluitend financieel meerjarenperspectief. Uit de volgende tabel blijkt dat deze ambitie in de voorliggende Voorjaarsnota is gerealiseerd. Tabel 2.5: Verloop incidenteel en structureel saldo Incidenteel/structureel saldo
2021
Totaal saldo VJN 2021
-264.121
totaal incidenteel bestaand
2023
2024
2025
246
341.904
244.311
22.204
-175.000
525.000
302.000
84.000
0
totaal incidenteel nieuw
-550.938
-797.089
23.216
-189.682
4.837
totaal incidenteel saldo (B)
-725.938
-272.089
325.216
-105.682
4.837
Structureel Saldo (A-B)
461.817
272.335
16.688
349.993
17.367
7
2022
3. Middelenkader Dit hoofdstuk geeft inzicht in de beschikbare middelen voor de periode 2021-2025. Tabel 3.1 Financieel middelenkader Financieel middelenkader
2021
2022
2023
2024
2025
1 Resultaat PB 2021
257.576
731.175
268.838
-269.236
-353.236
2 Algemene uitkering
635.514
125.254
-159.643
-144.519
745.125
3 Onvoorzien
-53.936
97.404
307.587
408.423
408.423
4 Actualisering kosten bedrijfsvoering
-275.421
-269.043
-279.636
-287.166
-169.745
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
-184.714
-229.964
-278.380
24.195
49.138
43.682
830.684 1.067.967
527.985
5 Ontwikkelingen opbrengst OZB 6 Toeristenbelasting
200.000
7 Restitutie Fundament 2020 jaarrekening
100.000
8 Actualisatie kapitaallasten
-33.709
-167.462
9 Inc. Effect onderuitputting 2021 en wijziging pitstop
321.880
80.000
-9.786
-2.369
11 Loon-/prijscompensatie 2021-2025
269.679
595.519
12 Dividend Wadinko
-23.375
-23.375
0
0
0
13 Verbonden partijen (Odt, Vrt en Regio Twente)
67.006
-56.787
-52.146
-33.587
-41.320
14 Actualisatie winstneming grondexploitaties
-259.829
33.195
76.754
-103.682
4.837
15 Actualisatie Vpb grondexploitaties
-215.676
-178.409
227.462
Totaal
829.923 1.215.101 1.109.381
507.374
937.372
10 Treasury
Toelichting financieel middelenkader 1. Resultaat Programmabegroting 2021 Vertrekpunt voor actualisatie van het middelenkader is het resultaat, zoals verwerkt in de, in november 2020 door de Raad vastgestelde, Programmabegroting 2021. 2. Algemene uitkering De meicirculaire 2020 is de basis geweest voor het opstellen van de Programmabegroting 2021. In de actualisatie van het middelenkader zijn de effecten van de septembercirculaire 2020 verwerkt. Dit in overeenstemming met de geformuleerde uitgangspunten (zie bijlage 1). Voor de jaren 2021 tot en met 2024 is dit effect van de septembercirculaire op het middelenkader, mede door de indexering (zie ook punt 11) negatief (het rijk hoeft immers minder compensatie aan gemeenten uit te keren voor loonen prijsstijgingen). Actualisatie van de jaarschijf 2025 levert echter een voordeel op van bijna € 750.000 (dit houdt verband met de loon- en prijsindex voor 2025, zie ook punt 9). Verder is geanticipeerd op het bericht van het rijk (en in het bedrag van de algemene uitkering verwerkt), dat in 2021 incidenteel extra geld voor jeugdzorg wordt uitgetrokken. Voor Losser gaat het incidenteel om € 644.000. De financiële verhouding tussen rijk en gemeenten is in beweging.
De volgende onderwerpen zijn actueel: de tekorten binnen het ‘Sociaal domein’ (in relatie tot de te lage rijksvergoeding), de opgelegde rijkskortingen (‘abonnementensysteem’, ‘opschalingskorting’) en het rijksvoornemen voor de herverdeling van het gemeentefonds, die voor Losser negatief dreigt uit te pakken. Het college kiest voor een neutrale insteek,
8
door geen rekening te houden met meevallers, noch met mogelijke tegenvallers. Hiermee wordt naar onze mening een afgewogen en verantwoord risico genomen. 3. Onvoorzien Jaarlijks vindt een opschoning plaats van stelposten, die ontstaan door onder andere de doorbelasting van lonen en kapitaallasten. Ook de actualisering van het rekeningschema in verband met de inrichting van de nieuwe organisatie is hierin meegenomen. Tenslotte is in de jaarrekening 2020 al aangegeven dat het budget voor de subsidie aan stichting Fundament op ‘Algemene baten en lasten’ staat. Daarbij is aangekondigd dat dit budget bij de Voorjaarsnota 2021 op de juiste plek zou komen te staan. Hiermee wordt dit geëffectueerd. Ten slotte merken we op dat op deze plek nog de volgende structurele stelposten zijn opgenomen: een positieve ‘Post onvoorzien’ van € 60.000 en een negatieve post ‘Onderuitputting kapitaallasten’ van € 100.000. De Raad heeft tot het opnemen van beide posten besloten. 4. Actualisering kosten bedrijfsvoering Het betreft de ontwikkeling in diverse posten die te maken hebben met bedrijfsvoering. Hierin is de ontwikkeling in de salariskosten van ons personeel (periodieken, inschaling e.d.) opgenomen. Daarnaast ook het volgende.
In de voorjaarsnota 2020 heeft de Raad ingestemd met het voorstel dat de gemeente Losser een risicotoeslag voor ziektekosten voor personeel vergoedt aan de gemeente Enschede. De loonsom waarover deze risicotoeslag geldt neemt als gevolg van taakuitbreiding en indexatie toe. Dit onderdeel gaat om ruim € 10.000. 5. Ontwikkelingen opbrengst Onroerende zaakbelastingen De jaarrekening 2020 laat een voordeel zien op de ontvangen Ozb-opbrengsten. Uit analyse blijkt dat dit voordeel structureel is en zich de afgelopen jaren ook heeft voorgedaan. Actualisatie van de raming op dit punt levert een voordeel van € 50.000 op. Het gaat om ingeschatte hogere inkomsten op basis van de huidige tarieven. 6. Toeristenbelasting Vanwege Corona wordt voor 2020 en 2021 uitstel van betaling verleend voor de Toeristenbelasting. In de jaarrekening 2020 hebben we om deze reden geen Toeristenbelasting ontvangen, aangezien geen voorlopige aanslagen zijn opgelegd. De opbrengsten over 2020 worden uiteindelijk via de definitieve belastingaanslag in 2021 ontvangen. De opbrengsten over 2021 worden in 2022 ontvangen. In combinatie met de voorlopige aanslag Toeristenbelasting, die in 2022 (naar verwachting) weer zal worden opgelegd, gaan we uit van een (incidenteel) voordeel van € 200.000 in dat jaar. 7.
Restitutie Fundament 2020 jaarrekening De accountant heeft in de jaarrekening 2020 van de stichting Fundament een fout geconstateerd. Hierdoor ontvangt Losser nog een bedrag van € 100.000 terug in 2021. Het gaat om een incidenteel voordeel. 8. Actualisatie kapitaallasten De kapitaallasten zijn geactualiseerd. Het hier opgenomen effect bestaat uit twee elementen. Allereerst is daar het effect van de pitstopprojecten. De Raad heeft het college gevraagd om prioriteit te geven aan het uitvoeren van een aantal investeringen. De lasten hiervan zijn op een aantal punten naar voren gehaald. Het (nadelig) effect op het middelenkader is hier verwerkt. Een tweede punt is de actualisatie van de kapitaallasten van bestaande investeringen. Dit leidt tot een klein nadelig structureel effect van ongeveer € 30.000 per jaar. 9. Incidenteel effect onderuitputting/Pitstop De actualisatie van de jaarschijf 2021 laat een positief saldo zien. Rekening houdend met de structurele stelpost ‘Onderuitputting’ van € 100.000, is het effect bijna € 290.000 positief. Dit heeft een incidenteel karakter.
9
Door de wijzigingen in verband met de Pitstopprojecten is in 2022 sprake van een incidenteel voordeel van € 80.000 (zie punt hiervoor). 10. Treasury We hebben in maart 2021 een nieuwe langlopende lening afgesloten. Hierbij is gelet op de huidige lage rente al geanticipeerd op een aantal toekomstige investeringen. Voor 2021 en 2022 is daardoor sprake van een klein nadeel. En hoewel we voorzichtigheidshalve in het meerjarenperspectief rekening houden met een stijgende rente (0,5% stijging per jaar) levert dat toch een structureel voordeel op in het meerjarenperspectief dat oploopt tot bijna € 50.000 in 2025. 11. Loon-/prijscompensatie 2021-2025 In de Voorjaarsnota passen we de loon- en prijscompensatie aan. Hiervoor gelden de uitgangspunten zoals die door het college zijn vastgesteld en in een raadsinformatie van 30 maart 2021 met de Raad zijn gedeeld (bijlage 1 van deze nota). Deze uitgangspunten zijn gebaseerd op de Macro Economische Verkenning van het Centraal Plan Bureau (CPB). De door het CPB berekende indexaties, vallen over de hele linie lager uit, voor zowel lonen als prijzen (cumulatief gaat het om 3-5%). Aangezien we in de Programmabegroting 2021 rekening hebben gehouden met een hogere indexering, betekent dit een voordeel dat oploopt tot ruim € 1 miljoen in 2024.
Het voordeel valt voor de jaarschijf 2025 lager uit, omdat de nieuwe indexatie in deze jaarschijf logischerwijze nog verwerkt moet worden, aangezien deze jaarschijf voor het eerst in het Losserse meerjarenperspectief wordt betrokken. Het voordeel van € 528.000 in deze jaarschijf moet dan ook in relatie worden gebracht met het voordeel in 2025 van de algemene uitkering (€ 745.000 bij punt 2). 12. Dividend Wadinko Van Wadinko wordt geen dividenduitkering ontvangen. Dit houdt verband met de Coronabijdrage die zij van het rijk heeft ontvangen. Om die reden mag Wadinko geen dividend uitkeren. Het nadelig effect is over 2021 en 2022 ruim € 23.000 per jaar. 13. Verbonden partijen De effecten van de (concept)begrotingen 2022 van de verschillende verbonden partijen zijn hier verwerkt. Ook de effecten van de jaarrekeningen 2020 (Losser ontvangt van ODT en VRT geld terug) zijn hier afzonderlijk als ‘incidenteel voordeel’ verwerkt. 14. Actualisatie winstneming grondexploitaties. Bij de jaarrekening 2020 zijn de grondexploitatie en de verwachte winstnemingen geactualiseerd. Dit heeft geleid tot een aangepaste reeks voor de winstnemingen, die in het huidige middelenkader is opgenomen. 15. Actualisatie Vennootschapsbelasting grondexploitaties.
De bij punt 14 aangegeven actualisatie van de grondexploitaties en de verwachte winstnemingen, leidt eveneens tot een bijstelling voor de ‘te betalen’ en ‘te ontvangen’ Vennootschapsbelasting (Vpb). Bij de oorspronkelijke berekening is ervan uitgegaan dat over een periode van tien jaar totaal € 300.000 betaald zou moeten worden. Aangezien in de komende drie jaren forse pieken en dalen in de Vpb-verplichting ontstaan, zijn de naar verwachting ‘te betalen’ en te ‘ontvangen’ bedragen in dit schema opgenomen. Het over de periode van tien jaar te betalen bedrag van per saldo € 300.000 is overigens nog steeds actueel.
10
4. Afwijkingen begrotingsuitvoering 2021 In dit hoofdstuk rapporteren we financiële en beleidsmatige afwijkingen in het begrotingsjaar 2021, ten opzichte van de Programmabegroting 2021. Waar nodig volgt een korte toelichting op de geconstateerde afwijkingen.
11
4.1 Financiële afwijkingen In onderstaande tabel zijn de financiële afwijkingen ten opzichte van de Programmabegroting 2021 weergegeven. Onder de tabel staat een toelichting. Als een ‘minteken’ (-) voor een bedrag staat, betekent dit dat sprake is van een financieel nadelige ontwikkeling. Tabel 4.1 Financiële afwijkingen ten opzichte van de Programmabegroting
Onderwerp
2021
1
Lagere opbrengst verkoop groenstroken
-€ 20.404
2
Onderzoek binnensportaccommodaties NOT
-€ 15.000
3
Leerlingenvervoer
€ 30.000
4a
Werken in Losser (WIL)
-€ 275.650
4b
WiL
€ 270.581
5
Maatwerkvoorzieningen (Wmo)
€ 154.335
6
Maatwerkdienstverlening 18+
-€ 101.906
7a
IOAW
€ 100.000
7b
IOAZ
€ 30.000
8
Lasten BUIG uitkeringen
€ 100.000
9a
Begeleiding gedupeerden kinderopvangtoeslag affaire
-€ 14.160
9b
Begeleiding gedupeerden kinderopvangtoeslag affaire
€ 14.160
10a Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK)
-€ 54.552
10b Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK)
€ 54.552
11a Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO), deel 1
-€ 325.203
11b Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO), deel 1
€ 325.203
11c Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO), deel 2
-€ 433.206
11d Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO), deel 2
€ 433.206
12
€ 20.000
Kinderopvang algemeen
Totaal
€ 291.956
Toelichting op de financiële afwijkingen over 2021 1) Lagere opbrengst verkoop groenstroken Bij de Voorjaarsnota 2020 is besloten dat, op basis van de afnemende capaciteit aan verkoopbare groenstroken, de begrote opbrengst neerwaarts bijgesteld wordt, van € 30.000 in 2019 naar € 10.000 in 2023 (met jaarlijkse stappen van € 5.000). Op basis van de huidige kennis en inzichten, mede op basis van de opgaven die zich aandienen ten aanzien van klimaatadaptatie en biodiversiteit, is het niet reëel een structurele opbrengt uit 'verkopen groenstroken' in te boeken. Om die reden wordt de raming aangepast. Als incidenteel stukjes snippergroen worden verkocht, wordt de opbrengst als eenmalige bate bij de jaarrekening verantwoord.
12
2) Onderzoek binnensportaccommodaties NOT Op 2 februari 2021 heeft het college ingestemd met het onderzoek naar de mogelijkheden van samenwerking tussen NOT-gemeenten op het gebied van binnensportaccommodaties. Met dit besluit heeft het college tevens ingestemd met het beschikbaar stellen van € 15.000 voor het uitvoeren van het onderzoek. Ook de colleges van de andere NOT-gemeenten hebben ingestemd met het beschikbaar stellen van € 15.000 (per gemeente). 3) Leerlingenvervoer De kosten voor het leerlingenvervoer zijn lager dan verwacht, waardoor dit budget bijgesteld kan worden. 4) Werken in Losser (WIL) WiL detacheert een groep SW-medewerkers naar het Servicebedrijf. Daarvoor was over meerdere jaren een reeks van inleenvergoedingen in de WiL-begroting opgenomen. Als gevolg van een sterker verloop onder deze medewerkers, is die reeks inleenvergoedingen aangepast. Door het grote verloop kunnen immers minder productieve uren ten behoeve van het Servicebedrijf worden gemaakt. Mede door het slinken van de populatie sw bij het Servicebedrijf, heeft het Servicebedrijf moeten investeren in capaciteit (voormannen/vakmensen om de openbare ruimte minimaal op B-niveau te kunnen blijven onderhouden met de afgenomen sw-populatie en de nieuwe doelgroepmedewerkers vanuit de p-wet. Daarnaast werken we nog met marktpartijen die voor ons werkzaamheden verrichten in de openbare ruimte.
Hierbij merken we in de praktijk dat de nieuwe instroom vanuit de participatiewet minder vaardig/zelfredzaam is dan de gemiddelde sw-medewerker. Bij deze nieuwe doelgroep hoort derhalve meer begeleiding en de output is gemiddeld genomen minder. Per saldo leidt dit tot lagere salariskosten voor WiL,maar ook lagere te ontvangen inleenvergoedingen. In 2021 komt daar als gevolg van de Coronacrisis nog een extra omzetverlies bij, bij de groepsdetachering van het Servicebedrijf. 5) Maatwerkvoorzieningen Wmo Dit voordeel is het gevolg van de volgende ontwikkelingen: a) voor de hulpmiddelen en diensten zullen de kosten de komende jaren toenemen. Dit komt doordat er momenteel een aanbesteding loopt en de verwachting is dat er een prijsstijging van 10% wordt doorgevoerd. b) daarnaast verwachten we dat het aantal woonaanpassingen zal dalen. Dit komt doordat we meer passend gaan bouwen (Woonvisie). c) de ondersteuning met name in de vorm van pgb neemt af. Dit in tegenstelling tot de landelijke stijgende lijn. De daling is het gevolg van het ingezet beleid met betrekking tot pgb. 6) Maatwerkdienstverlening 18+ De kosten voor de huishoudelijke ondersteuning stijgen. Een verklaring voor deze stijging komt onder andere voort uit de toenemende ondersteuningsvraag die voortkomt uit de vergrijzing en de ‘aanzuigende werking’ van het abonnementstarief.
7) IOAW/IOAZ Het aantal personen dat gebruikt maakt van de IOAW-regeling neemt de afgelopen jaren af. Het gebruik van de IOAZ blijft constant. De begroting wordt hierop aangepast. 8) Lasten BUIG-uitkeringen Het gemiddeld aantal uitkeringen is in 2020, ondanks de coronacrisis, verder gedaald waardoor voor 2021 een aframing kan plaatsvinden.
13
9) Begeleiding gedupeerden kinderopvangtoeslag affaire Het gaat om hulp aan gedupeerden van de toeslagenproblematiek. Besteding kan nog tot en met 2023 plaatsvinden. Dekking is aanwezig in de betreffende (door het college voorgestelde) bestemming van het jaarrekeningresultaat 2020. Het gaat om een budget dat door het rijk is verstrekt. 10) Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK) De gemeente biedt via deze regeling ondersteuning voor het geval een inkomen aanzienlijk gedaald is door de coronacrisis en daardoor de noodzakelijke kosten niet meer kunnen worden betaald. Ook hiervoor is dekking aanwezig in de betreffende bestemming van het jaarrekeningresultaat 2020. Ook hier gaat om een budget dat door het rijk is verstrekt. 11) Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO), eerste en tweede deel De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is een van de maatregelen van het kabinet om ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. Ook deze regeling wordt door de gemeente uitgevoerd. Via de voorgestelde resultaatbestemming 2020 is ook hiervoor dekking aanwezig in 2021.
12) Kinderopvang algemeen Alle GGD-controles zijn uitgevoerd en liggen op schema. De kosten vallen lager uit dan geraamd.
14
4.2 Inhoudelijke afwijkingen In deze paragraaf schetsen we enkele algemene relevante beleidsmatige ontwikkelingen welke van invloed zijn op onze dienstverlening en bedrijfsvoering in 2021.
Ontwikkelingen in verband met (gevolgen) Corona De Coronacrisis laat ook in 2021 een indruk achter op de publieksdienstverlening van de gemeente Losser en de interne organisatie. Hieronder wordt de impact die corona heeft op een aantal beleidsterreinen nader uitgewerkt. Sociaal domein De verwachting is dat als gevolg van de corona(maatregelen) op (korte) termijn een groter beroep wordt gedaan op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet, de Participatiewet en Schuldhulpverlening. Mede gezien onze ervaring in de afgelopen periode, waarin we de aard en ernst van problematiek ten gevolge van de coronamaatregelen zagen toenemen, verwachten we dat er binnen gezinnen problemen zijn ontstaan die zich later openbaren. De gevolgen op de kosten zijn nog niet goed te overzien. Ook verwachten we een toename van het aantal mensen dat een beroep zal doen op schuldhulpverlening en/of Participatiewetuitkering als de corona ondersteuningsmaatregelen ophouden of werkzoekenden aan het einde van hun WW periode komen. Het aantal Participatiewetuitkering is het afgelopen kwartaal langzaam gestegen. Het aantal mensen dat met een loonkostensubsidie aan het werk is gegaan is in 2020 sterker gestegen dan vooraf verwacht.
Ondernemers De coronamaatregelen hebben impact op veel ondernemers. Met name winkeliers, hotels & horeca, de evenementensector, toeleveranciers en groepsaccommodaties ondervinden in 2021 veel beperkingen. Ook na gedeeltelijke heropening zullen de gevolgen nog voelbaar zijn. In 2021 voert de gemeente diverse coronamaatregelen uit: de regeling Tijdelijke ondersteuning zelfstandig ondernemers (Tozo) en de regeling Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (Tonk). De Tozo-regeling is uitbesteed aan de Regionale organisatie voor zelfstandigen (ROZ). De Tonk voeren we zelf uit. Voor de uitvoering van deze regelingen ontvangt de gemeente middelen, zowel voor de verstrekkingen als voor de uitvoering. Impact ambtelijk- en bestuurlijke organisatie De Coronacrisis heeft een blijvend effect op de ambtelijke en bestuurlijke organisatie. Flexibel werken heeft noodgedwongen een vlucht genomen. De organisatie is deels al zo gefaciliteerd, dat medewerkers vanuit kantoor, thuis en vanaf andere locaties kunnen werken. De verwachting is dat na de coronacrisis de invulling van het werken structureel gaat veranderen. Om de continuïteit van het realiseren van onze opgaven met inwoners, bedrijven en organisaties goed te kunnen blijven borgen - ook als de situatie rondom corona verandert – is het noodzakelijk om flexibel werken verder vorm te geven.
Daarmee geven we tegelijk deels invulling aan opgavegericht werken (de opgave bepaalt waar en wanneer we werken). De gemeente Losser heeft in het kader van goed werkgeverschap een verantwoordelijkheid richting haar werknemers te zorgen dat zij gefaciliteerd worden om op een goede, gezonde manier tijd- en plaatsonafhankelijk hun werk uit te voeren. In 2021 en verder wordt flexibel werken verder vormgegeven en ingevuld. We onderzoeken wat hiervoor nodig is. Hierbij worden onder andere aanpassingen aan het gebouw en (digitale) (thuiswerk)faciliteiten meegenomen. Op dit moment is duidelijk dat er financiële consequenties zijn, maar is de omvang daarvan nog onbekend. Daarom treft u nog geen (ingeschat) benodigd budget aan in deze voorjaarsnota. Als deze tijdig bekend zijn worden deze alsnog meegenomen in de begroting. Anders zullen wij een separaat voorstel voorleggen.
15
Algemene ontwikkelingen sociaal domein Het sociaal domein wordt meer en meer geconfronteerd met de nodige variabelen en autonome kostenstijgingen. Zo trekt duurdere zorginzet ingevolge de Jeugdwet een sterke financiële wissel op het budget. Daarnaast zijn de aanzuigende werking door de invoering van het abonnementstarief in de Wmo, de toenemende vergrijzing en de te verwachten toename van cliënten (onder andere onder jeugdigen en arbeidsgehandicapten) indicatoren dat de uitgaven zullen toenemen en de budgetten verder onder druk komen te staan.
Eventuele gevolgen uitstel Omgevingswet Formeel moet de Eerste Kamer er nog over besluiten, maar alles wijst op nieuw uitstel van de invoering van de Omgevingswet. De landelijke digitale voorziening levert nog niet alle functionaliteiten die nodig zijn en mede hierdoor loopt de levering van de lokale digitale systemen ook vertraging op. Ook onze gemeente ervaart inmiddels vertraging in de leverantie van de benodigde software. Het is nog niet duidelijk of en welke gevolgen dit heeft voor de mate waarin in 2021 investeringen moeten worden gedaan.
16
5. Continuïteit dienstverlening In dit hoofdstuk benoemen we noodzakelijke uitgaven voor continuering van het huidige niveau van dienstverlening. In de eerste paragraaf komen de exploitatiebudgetten aan de orde. In paragraaf 5.2 de investeringen. Wij hanteren de volgende definitie voor het begrip ‘continuïteit dienstverlening’: Alle activiteiten die door de gemeente Losser nu al worden uitgevoerd om een zeker niveau en die alleen blijvend op hetzelfde niveau kunnen worden uitgevoerd door extra budget toe te voegen.
17
5.1 Continuïteit dienstverlening - exploitatiebudgetten Onder de tabel staat een toelichting op de exploitatiebudgetten. Als een ‘minteken’ (-) voor een bedrag staat, betekent dit dat sprake is van een financieel nadelige ontwikkeling. Tabel 5.1 Overzicht prioriteiten exploitatie Continuïteit dienstverlening
Onderwerp
2021
2022
2023
2024
2025
1
Areaal uitbreiding Dinkel-Zuid
-€ 16.000
-€ 16.000
-€ 16.000
-€ 16.000
2
Areaal uitbreiding Kerkebos
-€ 8.400
-€ 8.400
-€ 8.400
-€ 8.400
3 4a
Afspraak onderhoud Parochietuin Areaal uitbreiding Saller
-€ 43.200
-€ 43.200
-€ 43.200
-€ 43.200
4b
Areaal uitbr. Wonen ad Dinkel
-€ 8.100
-€ 8.100
-€ 8.100
-€ 8.100
5
-€ 15.555
-€ 11.531
-€ 11.741
-€ 11.741
6
Opbrengst verkoop groenstroken Startersleningen
-€ 11.250
-€ 11.250
-€ 11.250
-€ 11.250
7
Leerlingenvervoer
€ 30.000
€ 30.000
€ 30.000
€ 30.000
8a
Werken in Losser (WiL)
-€ 292.337
-€ 318.497
-€ 354.731
8b
Werken in Losser
€ 354.091
€ 330.449
€ 614.536
9
Soc. Med. ind. kinderopvang
-€ 95.000
-€ 95.000
-€ 95.000
-€ 95.000
10
Maatwerkvoor. Wmo
€ 154.882
€ 178.898
€ 234.961
€ 185.828
11
Maatwerkdienstverlening 18+
-€ 105.037
-€ 106.766
-€ 79.390 -€ 118.660
12
Bijstelling raming jeugdbudget
-€ 124.000 -€ 130.000
-€ 146.000
-€ 72.000 -€ 156.000
13a IOAW
€ 100.000
€ 100.000
€ 100.000
€ 100.000
13b IOAZ
€ 30.000
€ 30.000
€ 30.000
€ 30.000
14
Lasten BUIG uitkeringen
€ 100.000
€ 100.000
€ 100.000
€ 100.000
15
Kinderopvang algemeen
€ 20.000
€ 20.000
€ 20.000
€ 20.000
16
Vernieuwing website
€ -60.000
17
Kapitaallasten
€ -21.547
€ -21.413
€ 408.138
-€ 28.936
Totaal
-€ 5.000
-€ 95.000
€ -18.812 -€ 219.000
€ 4.094
€ 5.791
Toelichting onderdelen continuïteit van dienstverlening 1) Areaal uitbereiding; gebiedsontwikkeling Dinkel Zuid Conform de lijn uit de vastgestelde beleidsnota Wegen, worden de budgetten voor de areaaluitbreidingen en de daarmee gemoeide onderhoudskosten opgevoerd. 2) Areaal uitbereiding; Kerkebos De Lutte (paden en watergangen) Onderdeel van de Kwaliteitsimpuls De Lutte (raadsbesluit maart 2017), is de ontwikkeling van het Centrumplein. Hiertoe is het noodzakelijk afspraken te maken met diverse grondeigenaren. De afgelopen twee à drie jaar is hier aan gewerkt en inmiddels is dit proces grotendeels afgerond. Zoals in de Pitstop-projectkaart B3 vermeld moeten de afspraken met
18
het parochiebestuur Lumen Christi nog worden vastgelegd in een overeenkomst. De gesprekken hierover bevinden zich in een afrondende fase. Onderdeel van de overeenkomst is dat de gemeente het Kerkebos mag gebruiken voor waterberging en -afvoer (klimaatdoelstellingen) en dat de padenstructuur onderdeel kan worden van het recreatieftoeristisch netwerk (doelstellingen vrije tijdseconomie). Tegelijkertijd wordt hiermee voorzien in een latent maatschappelijk probleem ten aanzien beschikbaarheid van vrijwilligers. 3) Verlenging onderhoudsafspraken / areaal uitbreiding; Parochietuin Losser Via het raadsbesluit over de aankoop van de ondergrond van het Martinusplein besloten over het uitvoeren van tien jaar onderhoud (t/m 2024) door de gemeente van het Parochiepark naast de RK-kerk te Losser. In de visie Parapluplan centrum Losser is als kernkwaliteit van het centrum ingegaan op de groene plekken. De ambitie is om deze beter te ontsluiten. Eén van deze groene plekken is het parochiepark. Uit de centrumvisie is het project 'Beken&Bleken van Losser voortgekomen. Van hieruit wordt de komende jaren, in nauwe samenwerking met de Parochie en met behulp van verworven subsidies, gewerkt aan een herinrichting van het Parochiepark. Daarmee draagt het park structureel bij aan beleidsdoelstellingen op het gebied van leefbaarheid, klimaatadaptatie, vrije tijdseconomie en cultureel erfgoed.
Om dit te borgen is het wenselijk ook het, specifiek op deze doelstellingen gerichte onderhoud, structureel in eigen beheer te nemen. 4) Areaal uitbereiding; Saller IIA, IIB, IIC en Wonen aan de Dinkel Betreft uitbreiding van areaal ten gevolge van realisatie van diverse nieuwbouwwijken. Tijdens de bouwfase komen onderhoudskosten ten laste van de GREX. Vanaf het moment van oplevering van de Bouwrijpfase en de overdracht naar de beheerorganisatie, dienen de onderhoudskosten gedekt te kunnen worden uit de beheerbudgetten. 5) Lagere opbrengst verkoop groenstroken Verwezen wordt naar de toelichting bij deze post, in hoofdstuk 4. 6) Startersleningen Naast een vergoeding van 0,5% op de uitstaande leningdeel vraagt het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn) vanaf 2022 een bijdrage in de beheerskosten. Jaarlijks wordt het percentage geïndexeerd op basis van de Consumentenprijsindex (CPI). 7) Leerlingenvervoer Verwezen wordt naar de toelichting bij deze post, in hoofdstuk 4. 8) Werken in Losser Verwezen wordt naar de toelichting bij deze post, in hoofdstuk 4. 9) Sociaal medische indicatie kinderopvang (smi) Er worden meer smi trajecten geïndiceerd. Smi is voorliggend en gericht op preventie jeugdzorg. De kinderopvang geeft structuur en ondersteuning aan kinderen met problematische thuissituaties, waarvan ouders niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag.
Hierdoor wordt inzet van zwaardere zorg voorkomen. Het betreft openeind financiering. Het budget Jeugd is in samenhang hiermee verlaagd. 10) Maatwerkvoorzieningen (Wmo) Zie de toelichting bij deze post, in hoofdstuk 4. 11) Maatwerkdienstverlening 18+ Verwezen wordt naar de toelichting bij deze post, in hoofdstuk 4. 12) Bijstelling raming jeugdbudget Op basis van de meest recente informatie, is de verwachting dat het jeugdbudget in 2021 te laag is. Er is nog steeds een groei aan jeugdigen met een hulpvraag, waarbij de vraag complexer (en dus duurder) wordt. Daar komt bij dat door de Coronamaatregelen niet de volledige zorg is ingezet voor 2020. In 2021 zal dit wel het geval zijn. Hierbij zijn de gevolgen
19
van en na de Coronamaatregelen op het jeugdbudget nog onzeker. Vandaar dat we het bedrag op dienen te hogen. 13) IOAW/IOAZ Verwezen wordt naar de toelichting bij deze post, in hoofdstuk 4. 14) Lasten BUIG-uitkeringen Verwezen wordt naar de toelichting bij deze post, in hoofdstuk 4. 15) Kinderopvang algemeen Verwezen wordt naar de toelichting bij deze post, in hoofdstuk 4. 16) Vernieuwing website Het gaat om een upgrade en eventueel een nieuw CMS voor de website Losser.nl. Bedoeld om gebruikerservaring voor inwoners en ‘look & feel’ te verbeteren en mogelijk ook te besparen op jaarlijkse kosten. 17) Kapitaallasten Zie paragraaf 5.2. Noodzakelijk voor exploitatie – geen budget gekoppeld Tarievenverhoging Twence Er is een eerste voorstel opgesteld door Twence. Hieruit blijkt dat de tarieven omhoog gaan. De verwachting is dat ondertekening in december kan plaatsvinden. Eventuele tariefverhogingen worden, conform de bestaande gedragslijn, via de afvalstoffenheffing verrekend.
20
21
5.2 Continuïteit dienstverlening - investeringen Onder de tabel staat een toelichting op de investeringen. Tabel 5.2 Overzicht prioriteiten investeringen Continuïteit dienstverlening
Onderwerp 1
Vervangen openbare verlichting, jaarschijf 2025 2a Kwaliteitsimpuls / vernieuwing openbare ruimte Vogelbuurt, fase I icm ruimtelijke ontwikkelingen en autonome opgaven 2b Kwaliteitsimpuls / vernieuwing openbare ruimte Vogelbuurt, fase I icm ruimtelijke ontwikkelingen en autonome opgaven 3 Diverse spel- en lesmaterialen + verbeteren uitstraling zwemzalen 4 Herinrichting omgeving De Muchte
Start investering
Einde investering
Investeringsbedrag € 200.000
2025 2025 en verder 2022 2022
2023
€ 50.000
€ 16.000 2022
€ 250.000
20 20
€ 50.000
2023
2022 2022
Afschrijving
20
10 20
1) Vervangen openbare verlichting, jaarschijf 2025 Het college heeft een vervangingsplan voor de openbare verlichting vastgesteld. Onderdeel van dit plan is het gefaseerd opnemen van vervangingskredieten voor dit doel, in de periode 2020 t/m 2027.
2) Kwaliteitsimpuls / vernieuwing openbare ruimte Vogelbuurt, fase I icm ruimtelijke ontwikkelingen en autonome opgaven De technische staat van de infrastructurele voorzieningen in de openbare ruimte in de Vogelbuurt (Roofvogelbuurt en Watervogelbuurt) zijn "einde levensduur" en derhalve aan vervanging toe. Het (structureel) vervangingskrediet voor wegen en riolering is inmiddels voor tien jaar, structureel (via GRP) geregeld. De kredieten zijn dan ook beschikbaar voor sectorale vervanging en het terugbrengen van de bestaande inrichtingssituatie. Echter, de werkwijze in Losser is om de vervangingsopgave aan te grijpen om hogere beleidsdoelstellingen te bereiken en 'werk met werk te maken'. Hiervoor is het MIP het instrument in combinatie met een integrale gebiedsbenadering en -visie. In fase I van de Roofvogelbuurt speelt dit nadrukkelijk door recente ontwikkelingen rondom de locatie 'voormalige Martinuskerk', de Wegwijzer, het verbeteren van de omgeving van de wijkvoorzieningen. Verder speelt de ontsluiting van dit gebied vanaf de rotonde Arendstraat/Gronausestraat, klimaatadaptatie en dus de vervangingsopgave in de openbare ruimte, waarbij de wijk tegelijkertijd ingericht kan worden als een 30 km/uur zone. Voor fase I zijn, via het MIP, de financiële middelen voor sectorale vervanging van voorzieningen in de openbare ruimte, gereserveerd.
Er is echter een voorbereidingskrediet nodig om een integrale inrichtingsvisie voor de gehele wijk te maken, gericht onderzoek te doen en schetsontwerpen voor fase I (openbare ruimte in combinatie met ruimtelijke ontwikkelingen, invulling klimaatopgave en een verkeersveilige inrichting) te laten vervaardigen. Op basis van de visie en een raadsbesluit daarover kan een uitvoeringsprogramma worden opgesteld en overgegaan worden op een gefaseerde uitvoering. Vanuit autonome vervangingskredieten is circa € 1.000.000 gereserveerd voor fase I van de Vogelbuurt. De extra kosten die uitstijgen boven reguliere vervanging worden inzichtelijk gemaakt op basis van de inrichtingsvisie. 3) Diverse spel- en lesmaterialen en het verbeteren uitstraling zwemzalen Vervanging en uitbreiding van spel- en lesmaterialen voor de bezoekende kinderen, zwemlessen en diverse aquasportieflessen. Daarnaast de aankleding en uitstraling van de zwemzalen verbeteren. Na 16 jaren gebruik, hebben deze ruimten een opfrisbeurt nodig om zodoende de aantrekkelijkheid voor de bezoekers te waarborgen. 4) Herinrichting omgeving De Muchte De openbare ruimte rondom het gebied van de voormalige De Muchte/Muziekschool is aan groot onderhoud/vervanging toe en is om die reden opgenomen in het MIP.
Via het MIP kunnen middelen vanuit het GRP en groot onderhoud en/of vervanging van wegen, openbare verlichting en groen goed worden afgestemd op de planning van andere (ruimtelijke) ontwikkelingen. Vanwege de concrete initiatieven in 2018, om mogelijk een zorgcentrum en/of woningen te realiseren op het terrein van de voormalige De Muchte/Muziekschool, is bij de vaststelling van de Programma-begroting 2019 een (synergie)krediet van € 250.000 beschikbaar gesteld om de kans te benutten om met relatief beperkte aanvullende middelen te komen tot een integrale buurtvernieuwing (bundelen van beleidsdoelen en opgaven). De kapitaallasten van deze investering vielen echter buiten de reikwijdte van het meerjarenperspectief van de Programmabegroting 2019 en zijn derhalve niet verwerkt in de financiële administratie. De ontwikkeling van het plangebied “De Muchte” is inmiddels concreet. Op 11 mei 2021 heeft ons college ingestemd met de herontwikkeling van dit gebied en zal rond de zomer een voorstel hieromtrent voorleggen aan de Raad. Hierbij wordt onderhavig voorstel uit de programmabegroting 2019 gevolgd, waardoor de kapitaallasten voor het synergiekrediet (€ 250.000) verwerkt worden in het meerjarenperspectief van de begroting 2022 (voor het jaar 2023 met uitloop naar 2024).
6. Bedrijfsvoering In dit hoofdstuk benoemen we de voor de bedrijfsvoering noodzakelijke uitgaven. In de eerste paragraaf komen de exploitatiebudgetten aan de orde. In paragraaf 6.2 de investeringen. Wij hanteren de volgende definitie voor het begrip bedrijfsvoering: Alle uitgaven in menskracht, (technische) middelen en (beleids)kaders die noodzakelijk zijn om de taken van de gemeente te kunnen uitvoeren. Het betreft hier bedrijfsvoering in ruime zin, dus niet puur de klassieke PIOFACH-disciplines.
24
6.1 Bedrijfsvoering exploitatie In onderstaande tabel zijn de prioriteiten aangegeven. Onder de tabel staat een toelichting. Als een ‘minteken’ (-) voor een bedrag staat, betekent dit dat sprake is van een financieel nadelige ontwikkeling. Tabel 6.1 Overzicht prioriteiten exploitatie Bedrijfsvoering
2021
Onderwerp
2022
2023
2024
2025
1
Inwonerparticipatie
-€ 20.000
-€ 20.000
€0
€0
2
Melddesk
-€ 5.250
-€ 5.250
-€ 5.250
-€ 5.250
3
Profilering arbeidsmarkt.
-€ 20.500
-€ 20.500
-€ 20.500
4
Naris
-€ 6.500
-€ 3.500
-€ 3.500
-€ 3.500
5
Cultuur
6
Identiteitsfraude
-€ 8.000
-€ 8.000
-€ 8.000
-€ 8.000
7
Applicatiebeheer
-€ 50.000
€0
€0
€0
8
Inwerkprogramma nieuwe raad
€ -20.000
€ -10.000
9
Nota Kapitaalgoederen
€ -35.000
10 Opstellen Groenbeleidsvisie
€ -50.000
€ -40.229
€ -46.558
-€ 12.000 -€ 65.000
-€ 25.000
-€ 100.000
11 Onderzoek Afvalbrengpunt
€ -25.000
12 Formatie secr. bezw. commissie
€ -15.000
€ -30.000
€ -15.000
13 Datagedreven sturing
€ -75.000
€ -150.000
€ -100.000
14 Kapitaallasten
€
€
€ -33.856
Totaal
-
-6.600
-€ 292.000 -€ 426.850 -€ 216.106 -€ 77.479 -€ 63.308
Toelichting op de onderdelen exploitatie bedrijfsvoering 1) Inwonerparticipatie Met de inzet van de online participatieplatforms Citizen Lab en ‘Pak an Pak over’ is een jaarlijkse bijdrage in de onderhoud en ontwikkelkosten van € 20.000 gemoeid. Citizen Lab wordt ingezet voor, door de gemeente in te zetten, inwonerparticipatie binnen beleidsontwikkeling en projecten. 'Pak an Pak over' is een digitaal platform dat door de gezamenlijke dorpsraden wordt ingezet voor inwonerinitiatieven in het kader van ‘Right to challenge’. Eind 2023 vindt een evaluatie plaats. Afhankelijk hiervan wordt beoordeeld of deze participatieplatforms blijvend worden ingezet. 2) Jaarlijkse kosten Melddesk De reguliere kosten van Melddesk zijn vastgelegd in de Dienstverleningsovereenkomst (dvo) met Enschede. Behalve deze kosten, zijn er nog aanvullende kosten van Melddesk. Deze kosten zijn in de dvo niet gedekt. Deze aanvullende kosten betreffen de jaarlijkse licentiekosten (€1.000) en MMI (€ 2.500) van de ‘Mijn Gemeente App’ en € 2.500 variabele kosten voor upgrade en ondersteuning. 3) Profilering werving en selectie arbeidsmarkt Investeren in de aantrekkelijkheid van de gemeente Losser als werkgever aan de binnenkant (via de ‘employee-journey’) én investeren in continue communicatie van het werkgeversmerk Losser naar de buitenwereld. In de dagelijkse praktijk merken wij dat het invullen van
25
vacatures steeds moeizamer verloopt. Het investeren op Losser als goede werkgever en mooie woongemeente vraag structureel een investering. Na evaluatie wordt besloten over de blijvende inzet van deze profilering. 4) Systeem Naris In het Beleidskader verbonden partijen, dat in april 2019 door de gemeenteraad is vastgesteld, is aangegeven dat de gemeente Losser de risico’s die verbonden partijen met zich meebrengen op een meer objectieve wijze wil vaststellen. Daarbij is aangegeven dat men daarvoor gebruik wil maken van een risicomanagementsysteem voor verbonden partijen. Naris is een systeem dat door meerdere Twentse gemeenten wordt gebruikt, daardoor kunnen de werkzaamheden worden geminimaliseerd. Met de aansluiting bij Naris is een jaarlijks bedrag aan licentiekosten gemoeid van € 3500. Ook is het eerste jaar een incidenteel budget nodig voor de te maken implementatiekosten. 5) Cultuur Door langdurig ziekte van de medewerker cultuur, het stopzetten van culturele activiteiten als gevolg van Corona en het binnenhalen van de subsidie voor de erfgoeddeal, willen we extra formatie inzetten om het aanbod van (maatschappelijke) voorzieningen in de gemeente Losser aan te laten sluiten bij de lokale behoefte en een impuls te geven vanwege het nadeel dat de coronacrisis heeft gehad voor de cultuursector.
6) Identiteitsfraude In 2021 zal in een pilot in Enschede worden onderzocht op welke wijze gezichts- en documentherkenningsapparatuur en -software het beste ingezet kan worden om identiteitsfraude te voorkomen. Eind 2021 zal dit resulteren in een advies of deze voorziening wordt ingezet tegen ID-fraude. Afhankelijk van de gemaakte keuzes in Enschede, zal dit invloed hebben op de publieksdienstverlening in Losser rondom reisdocumenten en rijbewijzen, met extra investeringen tot gevolg. 7) Applicatiebeheer Door diverse projecten als gevolg van wetswijzingen, zoals PGB2.0 en digitale toegankelijkheid, dient het Losserse team van functioneel applicatiebeheer tijdelijk uitgebreid te worden.
8) Inwerkprogramma nieuwe Raad In maart 2022 wordt een nieuwe gemeenteraad geïnstalleerd. Voor het inwerkprogramma van de nieuwe Raad is een extra budget nodig. 9) Nota Kapitaalgoederen openbare ruimte / Visie Kwaliteit openbare ruimte In het coalitieakkoord is vastgelegd dat we een discussie gaan voeren over de gewenste onderhoudskwaliteit in onze openbare ruimte. Daarnaast vereist de BBV dat gemeenten beschikken over recente beheerplannen en dat er inzicht is in achterstallig onderhoud en het beleid ten aanzien van vervangingsinvesteringen. Dit sluit aan bij een eerdere begrotingsbrief van de provincie en onderzoek van de Rekenkamercommissie over het beheer van de kapitaalgoederen. De verwachting is dat Losser in 2022 beschikt over beheer- en vervangingsplannen voor de meeste beheerdisciplines. Tegelijkertijd zal de Omgevingsvisie Losser een kaderstellende rol vervullen. Vanaf dat moment kan gestart worden met de actualisatie van de overkoepelende Nota Kapitaalgoederen Openbare ruimte, die ingaat op zowel de onderhoudskwaliteit als de inrichtingskwaliteit en daarmee een integrale visie op de kwaliteit van de openbare ruimte vormt. Ook de inzet die het Servicebedrijf kan leveren wordt hierbij betrokken.
Met deze nota neemt de Raad strategische besluiten over de kwaliteit van de openbare ruimte, in relatie tot de strategische beleidsdoelen en ambities, zoals beoogd in het coalitieakkoord. 10) Opstellen Groenbeleidsvisie in samenhang met continuering Servicebedrijf In het coalitieakkoord 2018-2022 is opgenomen dat, in relatie tot de discussie over de gewenste onderhoudskwaliteit in de openbare ruimte, ook wordt gekeken op welke wijze de
26
continuering van het Servicebedrijf kan plaatsvinden. Verreweg de meeste inzet van het Servicebedrijf is gericht op het dagelijks beheer van groenvoorzieningen. Om deze reden is het groenbeleid een belangrijk instrument om hieraan sturing te geven. Tegelijkertijd is Groen de nog ontbrekende onderligger om te komen tot een integrale visie over de kwaliteit van de openbare ruimte. Kortom; de groenbeleidsvisie is een essentiële bouwsteen in twee speerpunten uit het coalitieakkoord. 11) Onderzoek toekomstbestendigheid Afvalbrengpunt In 2020 is een eerste verkennend onderzoek gedaan naar de toekomstbestendigheid van het Afvalbrengpunt. De resultaten zijn gepresenteerd aan de Raad en deze gaf aan dat het een basisvoorziening is voor de gemeente Losser en dat aanvullend onderzoek moet worden gedaan. In het aanvullend onderzoek zal worden onderzocht of en hoe en op de huidige locatie een toekomstbestendig Afvalbrengpunt kan worden gebouwd. Ook zal een hierbij behorende kostenraming worden opgesteld. 12) Formatie secretaris bezwarencommissie Door de extra inzet op de handhaving komen meer bezwaren bij onze gemeente binnen. De afhandeling kost meer tijd en past niet meer binnen de huidige formatie. 13) Vormgeven datagedreven sturing In de door het college vastgestelde nota Organisatie-ontwikkeling is aangegeven dat de gemeente Losser een door data gedreven organisatie wil zijn.
Het doel van het project is, middels een leer-/ pilotomgeving, het duidelijk krijgen welke waarde data bedreven werken oplevert voor de Gemeente Losser. Deze waarde kan zowel monetair (lagere kosten) als niet monetair (betere klantbeleving) zijn. Dit wordt gedaan door te experimenteren en leren met data en de resultaten te kwantificeren. We leiden een groep mensen op om ‘databedreven’ te werken en gaan gedurende deze opleiding aan de slag met vraagstukken van onze gemeente. Dit zorgt voor een directe koppeling tussen het geleerde en de praktijk. Gaandeweg leren we wat nuttig, zinvol en haalbaar is om zo tot een definitieve invulling te komen van datagedreven sturing. In het voorjaar van 2023 ligt er een voorstel voor een definitieve invulling van datagedreven sturing, op basis van de ervaringen in dit pilotproject. De kosten van de pilot datagedreven sturing zijn € 325.000. Dit bedrag is als volgt opgebouwd: Compensatie in te zetten interne uren: Minimaal zes personen * 1/5 (een dagdeel in de week) x € 82.500 (loonkosten/ jaar) x twee jaar: afgerond € 200.000. Projectkosten deelname Enschede: 1/5 dagdeel per week gedurende twee jaar: € 75.000. Externe begeleiding/ deskundigheid inbreng/ opleiding & training, kosten: € 50.000. Totale kosten: € 325.000.
14) Kapitaallasten Zie paragraaf 6.2. Noodzakelijk voor exploitatie – geen budget gekoppeld In dit onderdeel wordt inzicht gegeven in toekomstige prioriteiten, waar op dit moment nog geen budget voor wordt gevraagd, omdat bijvoorbeeld de beleidsvoorbereiding of bestuurlijke besluitvorming nog niet is afgerond. Investering in huisvesting en thuiswerkfaciliteiten Zoals eerder al in het hoofdstuk onder effecten Corona beschreven, wordt onderzocht welke investeringen nodig zijn, doordat de organisatie van het werken bij de gemeente Losser blijvend zal veranderen. De noodzakelijke investeringen in de kantoorhuisvesting en thuiswerkfaciliteiten zijn nu nog niet te becijferen. Bij de Programmabegroting 2022 is hier mogelijk meer over bekend.
27
Uitvoeringsbudget dienstverlening Naar verwachting wordt uiterlijk in het vierde kwartaal van 2021 de visie op dienstverlening vastgesteld. Op basis van deze visie zal in 2022 gewerkt worden aan een uitvoeringsplan dienstverlening. Op basis van dit plan dienen in 2022, 2023 en latere jaren, acties te worden ondernomen die bijdragen aan het ontwikkelen van een toekomstbestendige dienstverlening aan inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden. Op dit moment kan nog geen inschatting worden gemaakt van de omvang van de investering, dit zal naar verwachting begin 2022 in beeld kunnen worden gebracht. De kosten zullen dan worden betrokken bij de Voorjaarsnota 2022. Invoering Wet Open Overheid De Wet Open Overheid (WOO), is net als vele andere wet- en regelgeving, een gegeven. Dat betekent dat we geen keus hebben in het wel of niet implementeren daarvan. Voor de WOO hebben gemeenten acht jaar de tijd en het rijk heeft (beperkt) middelen beschikbaar gesteld. De WOO sluit aan bij de signalensessie van ‘Goed Bestuur’ en dan met name op het onderdeel transparantie en vergroten van vertrouwen. Op dit moment loopt een onderzoek om te bepalen wat de impact is voor gemeente Losser en welke (bestuurlijke) keuzes aanvullend moeten worden gemaakt inzake ambities voor openheid. Dit onderzoek is niet voor de Voorjaarsnota afgerond.
Gezien de hiervoor genoemde feiten over implementatietraject en compensatie door het rijk, worden nu geen aanvullende middelen gevraagd.
28
6.2 Bedrijfsvoering-investeringen
Onder de tabel staat een toelichting op de investeringen. Tabel 6.2 Overzicht prioriteiten investeringen Bedrijfsvoering
Onderwerp
1a Jaarlijkse inruil van tracties
Start investering
Einde investering
2021
2021
Investeringsbedrag
Afschr
€ 50.000 8
1b Jaarlijkse inruil van tracties
2022
€ 50.000
2022
8 1c Jaarlijkse inruil van tracties
2023
€ 50.000
2023
8 1d Jaarlijkse inruil van tracties
2024
€ 50.000
2024
8 1e Jaarlijkse inruil van tracties
€ 275.000
2025
8 2
Vervanging systeem leerlingenvervoer
2021
2022
€ 100.000 5
1) Jaarlijkse verkoop/ inruil van tracties (vijf jaarschijven) Bij de jaarlijkse verkoop en/of inruil van tracties vloeien de opbrengsten momenteel (om boekhoudkundige redenen) terug naar de algemene middelen. Deze opbrengsten zijn echter nodig voor de aanschaf van nieuwe materialen voor het Servicebedrijf.