CConstaterende datLosser
Koppel je AI →
Document · PDF

TAM-omgevingsplan Lossersestraat 75 te De Lutte

Raadsvergadering 30 juni 2026, gemeente LosserBij agendapunt: Vaststellen TAM-Omgevingsplan Lossersestraat 75 De Lutte26.500 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

47

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22d, Buitengebied, Lossersestraat 75 De Lutte Vastgesteld Artikel 3 (Toepassingsbereik) 1. De besluiten op grond van artikel 22.1, onder a, van Omgevingswet zijn niet van toepassing voor zover het gaat over regels opgenomen in een besluit als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet op de locatie, bedoeld in het derde lid. 2. De regels in afdeling 22.2, met uitzondering van paragraaf 22.2.7.3, en afdeling 22.3 zijn niet van toepassing voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit hoofdstuk. 3. De regels in dit hoofdstuk zijn van toepassing op de locatie TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22d, Buitengebied, Lossersestraat 75 te De Lutte, waarvan de geometrische bepaalde planobjecten zijn vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0168.TAM22D-0401 zoals vastgelegd op https://www.ruimtelijkeplannen.nl. 13.2.4 Begripsbepalingen Het TAM-omgevingsplan is een regeling opgesteld op grond van de Omgevingswet en maakt onderdeel uit van het nieuwe deel van het omgevingsplan. De begripsbepalingen uit de bijlage van de Omgevingswet zijn van rechtswege van toepassing op regelingen op grond van de Omgevingswet (art. 1.1 Omgevingswet) en dus ook op het TAM-omgevingsplan. Begripsbepalingen in dit TAMomgevingsplan kunnen niet afwijken van begripsbepalingen uit de Omgevingswet.

Het TAMomgevingsplan bevat daarom uitsluitend aanvullende begripsbepalingen. Tevens zijn de begripsbepalingen uit de AMvB’s en Omgevingsregeling van toepassing verklaard. Begripsbepalingen uit de AMvB’s en de Omgevingsregeling zijn namelijk niet rechtstreeks van toepassing op het omgevingsplan. 13.2.5 Aanvraagvereisten In paragraaf 22.5.2 van het omgevingsplan zijn aanvullende aanvraagvereisten opgenomen voor vergunningaanvragen die betrekking hebben op het tijdelijk deel van het omgevingsplan (o.a. binnenplanse afwijkingen uit bestemmingsplannen). Deze aanvullende aanvraagvereisten zijn niet automatisch van toepassing op dit TAM-omgevingsplan, aangezien deze onderdeel is van het nieuwe deel van het omgevingsplan. In artikel 11 is daarom de volgende bepaling opgenomen: Artikel 11 lid 1 (Aanvraagvereisten) De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit hoofdstuk.

13.3

Verantwoording van de regels

13.3.1 Toedeling functies aan locaties Een TAM-omgevingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit TAM-omgevingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Voor de juridische regels is aansluiting gezocht bij het bestemmingsplan ‘Partiële herziening Buitengebied, verzamelplan 2022’, die onderdeel uitmaakt van het tijdelijk omgevingsplan van de gemeente Losser. Voor het grootste deel zijn de regels uit bestemmingsplan ‘Partiële herziening Buitengebied, verzamelplan 2022’ ongewijzigd overgenomen in dit TAM-omgevingsplan. Op enkele plaatsen is gekozen om andere regels op te nemen of regels weg te laten. Hieronder worden deze keuzes verantwoord. ‘Bedrijf’ De gronden binnen de functie ‘Bedrijf’ mogen worden gebruikt voor één bedrijf onder categorie 1 en 2 uit de Staat van Bedrijfsactiviteiten. Er is voor gekozen om voor de hele locatie de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – loon- en grondverzetbedrijf’ op te nemen, gezien de beoogde situatie. Aan de noordoostzijde van de locatie is de aanduiding ‘bedrijfswoning’ opgenomen. Voor het maximum BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

48

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22d, Buitengebied, Lossersestraat 75 De Lutte Vastgesteld oppervlak aan bedrijfsgebouwen is ervoor gekozen om deze per aanduiding te regelen. In totaal is er in de beoogde situatie 8.250 m2 aan bedrijfsbebouwing aanwezig. Ter plaatse van het bouwvlak is daarom de aanduiding ‘maximale oppervlakte (m2): 8.250’ opgenomen. Tot slot is ervoor gekozen om de locatie van enkele bedrijfsactiviteiten specifiek te regelen middels de aanduidingen: • • • •

‘specifieke vorm van bedrijf – storten van puin’, voor het storten van puin ‘specifieke vorm van bedrijf – plaatsen van containers voor het opslaan van gescheiden afval’, voor het plaatsen van containers voor het opslaan van gescheiden afval ‘specifieke vorm van bedrijf – schoonmaken van rijplaten’, voor het schoonmaken van rijplaten ‘specifieke vorm van bedrijf – wasplaats voor landbouw- en grondverzetmachines’, voor de wasplaats voor landbouw- en grondverzetmachines

‘Natuur – Natuur en bos’ De gronden binnen de functie ‘Natuur – Natuur en bos’ mogen onder meer worden gebruikt voor natuur en het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de cultuurhistorische, natuurlijke en landschappelijke waarden. Er is voor gekozen om het bouwen van gebouwen niet toe te staan. De gronden hebben de functie ‘Natuur – Natuur en bos’ gekregen in het kader van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO). Het bouwen van gebouwen op gronden met de functie ‘Natuur – Natuur en bos’ gaat in tegen de bepaalde KGO-investering. Het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, blijft wel toegestaan om de gronden te kunnen beheren en onderhouden. Tot slot is met de aanduiding ‘specifieke vormen van verkeer – calamiteitenverkeer’ geborgd dat een noodweg wordt aangelegd waar uitsluitend calamiteitenverkeer gebruik van kan maken. ‘Waarde – Archeologie 2’ De gronden binnen de functie ‘Waarde – Archeologie 2’ hebben zijn, behalve voor de andere daar voorkomende functies mede bedoeld voor het behoud en de bescherming van de gebieden met een hoge verwachtingswaarde. De regels voor deze functie zijn ongewijzigd overgenomen uit de regels van bestemmingsplan ‘Partiële herziening Buitengebied, verzamelplan 2022’.

Overige zones In bestemmingsplan ‘Partiële herziening Buitengebied, verzamelplan 2022’ zijn binnen het plangebied de aanduidingen ‘reconstructiewetzone – extensiveringsgebied’ en ‘reconstructiewetzone – verwevingsgebied’ opgenomen. De aanduiding ‘reconstructiewetzone – verwevingsgebied’ staat toe dat verschuiving, dan wel uitbreiding van de intensieve veehouderij voor bestaande bedrijven mogelijk is onder voorwaarden. Ter plaatse van de aanduiding ‘reconstructiewetzone – extensiveringsgebied’ is dit niet toegestaan. In het plangebied is echter geen intensieve veehouderij aanwezig. De regels van deze aanduidingen hebben dus geen meerwaarde en zijn daarom niet overgenomen in de regels van dit TAM-omgevingsplan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

49

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22d, Buitengebied, Lossersestraat 75 De Lutte Vastgesteld

Bijlagen bij de ruimtelijke motivering Bijlage 1

KGO-plan

Bijlage 2

Notitie ladder voor duurzame ontwikkeling

Bijlage 3

Watertoets

Bijlage 4

Akoestisch onderzoek

Bijlage 5

Bodemonderzoek

Bijlage 6

Stikstof

Bijlage 7

M.e.r. notitie

Bijlage 8

Reactienota zienswijzen

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

50

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22d, Buitengebied, Lossersestraat 75 te De Lutte

Bijlagen toelichting

Bijlagen toelichting (vastgesteld)

3

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22d, Buitengebied, Lossersestraat 75 te De Lutte

Bijlage 1 KGO-plan

4

Bijlagen toelichting (vastgesteld)

KGO-PLAN Terreinuitbreiding loon- en grondverzetbedrijf Volker Lossersestraat 75, De Lutte 27-11-2025 Status - definitief

Holmersweg 48 7241 ME Lochem T: 06-30256970 E: jcundall@toftontwerp.nl

Inhoudsopgave

Inhoudsopgave 1. Inleiding ..............................................................................................................................2 2. Beleidskader .......................................................................................................................3 3. Huidige en gewenste situatie Lossersestraat 75 ....................................................................4 4. Aanvullende kwaliteitsimpulsen ...........................................................................................9 5. Conclusie .......................................................................................................................... 12

Bijlagen Lossersestraat 75 -

Landschapsinpassingsplan Lossersestraat 75, de Lutte Beplantingsadvies en beheer Lossersestraat 75, de Lutte Offerte realisatie landschapsinpassingsplan Lossersestraat 75, De Lutte

Het Sanderink bos -

Revalidatie plan het Sanderink bos Offerte realisatie maatregelen het Sanderink bos

Landgoed het Lage Kavik -

Beplantingsplan Landgoed het Lage Kavik Beplantingsadvies en beheer Landgoed het Lage Kavik Offerte realisatie maatregelen Landgoed het Lage Kavik

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

1

1. Inleiding

1. Inleiding Dit Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO)- plan brengt in beeld de voorgenomen uitbreiding van loon- en grondverzetbedrijf Volker, gevestigd aan de Lossersestraat 75 in de Lutte. De intentie van loon- en grondverzetbedrijf Volker is haar bedrijfsperceel uit te breiden op gronden met een agrarische bestemming. Een oppervlakte van 8.242m2 agrarische gronden zal worden omgezet naar een bedrijfsbestemming. De uitbreiding zal ruimte bieden voor twee nieuw te bouwen loodsen met een totale oppervlakte van 2000m2. De loodsen zullen aan de noordelijke grens van het beoogde terrein gebouwd worden. Op 14 november 2023 heeft de gemeente Losser in principe ingestemd met deze uitbreiding (zaaknummer 21Z02060 en kenmerk 23002310). Zij is voornemens haar medewerking te blijven verlenen mits aan de KGO-voorwaarden voldaan wordt. De KGO-voorwaarden zijn in dit geval maatwerk en zijn bepaald binnen de kaders van het provinciale beleidsinstrument van de KGO. Gemeente Losser heeft geen eigen KGO-beleid. De KGO-investering dient de uitbreiding van loon- en grondverzetbedrijf Volker in evenwicht te stellen door de ruimtelijke kwaliteit in de gemeente te versterken. Een goed ruimtelijk ontwerp is nodig om deze beoogde streefdoel te behalen.

Loon- en grondverzetbedrijf Volker is ten eerste voornemens de ruimtelijke kwaliteit van het plangebied te verbeteren en de uitbreiding zorgvuldig in het landschap te passen. Daarnaast, om voldoende kwaliteitsprestatie te bieden, is de initiatiefnemer van plan om op twee andere locaties binnen de gemeente een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit te realiseren. Deze locaties zijn afgestemd met de gemeente en mogen worden meegeteld in de KGO-berekening. In totaal worden er dus op drie locaties geïnvesteerd in de ruimtelijke kwaliteit, hieronder op een rij gezet: -

Het terrein van loon- en grondverzetbedrijf Volker waar de gewenste uitbreiding plaats vindt (Lossersestraat 75) Het naastgelegen perceel ‘het Sanderink bos’ (aan de Postweg) Landgoed het Lage Kavik (Lage Kaviksweg)

Voor alle drie locaties is er een plan opgesteld om de ruimtelijke kwaliteit te verbeteren. Elke locatie heeft een eigen opgave en de verbetering in ruimtelijke kwaliteit is daarop afgestemd. Op het terrein zelf van loon- en grondverzetbedrijf Volker is er een landschapsinpassingsplan gemaakt om de uitbreiding van het terrein zorgvuldig in de omgeving te passen. Bij het Sanderink bos gaat het om maatregelen en beheer om het bos te revitaliseren. Op landgoed het Lage Kavik is de ambitie de ecologische en landschappelijke kwaliteit te verbeteren in het kader van de rijke cultuurhistorie van het landschap. Het streefdoel de ecologische waarde te versterken is een algehele ambitie en vormt een belangrijk uitgangspunt bij alle drie locaties. De landschappelijke adviezen zijn reeds afgestemd met de gemeente Losser en worden in dit KGO-plan weergegeven. Tevens worden de uitvoeringskosten van de te nemen landschappelijke inrichtingsmaatregelen in beeld gebracht om de totale KGO-investering te calculeren.

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

2

2. Beleidskader

2. Beleidskader 2.1 Omgevingsvisie Overijssel en Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving De Omgevingsvisie Overijssel schetst verschillende ontwikkelingsperspectieven voor de fysieke leefomgeving van Overijssel. De perspectieven beschrijven hoe functies kunnen gecombineerd worden en welke beleids- en kwaliteitsambities daarbij horen. Op hoofdlijnen is het beleid gericht op de versterking van kwaliteit van natuur en landschap. Voor alle nieuwe en grootschalige ontwikkelingen in het buitengebied dient een goede ruimtelijke inpassing plaats te vinden; dit is de basisinspanning. Liggend aan de ontwikkeling kan zijn dat naast deze basisinspanning aanvullende kwaliteitsprestaties verricht moeten worden. De Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving is als instrument ontwikkeld om ontwikkelingen in de groene omgeving te faciliteren en aan te duiden welke kwaliteitsprestaties nodig zijn. Hoofddoel is dat ontwikkelingsruimte en de kwaliteitsambities voor de groene omgeving in balans blijven. Het bepalen van de aanvullende kwaliteitsprestaties is maatwerk. De provincie Overijssel biedt gemeenten de ruimte om een eigen beleidsinvulling te formulieren aan het KGO-beleid. Zoals reeds benoemd in de inleiding heeft gemeente Losser geen eigen KGO-beleid, de KGO-prestaties is binnen gemeente Losser maatwerk.

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

3

3. Huidige en gewenste situatie Lossersestraat 75

3. Huidige en gewenste situatie Lossersestraat 75 3.1 Ligging van het plangebied Het plangebied ligt ten zuiden van het dorp de Lutte aan de Lossersestraat 75. Het plangebied bestaat uit de kadastrale percelen met de nummers 7947, 7948, 7104, 10105 en 10507. Binnen het plangebied, op het bestaande bedrijfsterrein, staan diverse gebouwen waaronder meerdere loodsen en stellingen, en een bedrijfswoning. Tevens zijn opslaglocaties voor gescheiden afval en bouwmaterialen. Er is een ruim parkeervak voor machines. In de nabij omgeving, verspreid langs de Lossersestraat, zijn er meerdere woonerven en één bedrijf gevestigd. Weilanden en enkele bospercelen wisselen zich af, en de Lutterbeek stroomt er kronkelend tussendoor. In afbeelding 3.1 is een kaart opgenomen waarop de ligging van het plangebied in de directe omgeving wordt weergeven. In afbeelding 3.2 is een luchtfoto opgenomen met een indicatieve begrenzing van het plangebied. Postweg

Afbeelding 3.1 Locatie plangebied (bron kaart: pdok.nl)

Afbeelding 3.2 Indicatieve begrenzing van het plangebied (bron luchtfoto: pdok.nl)

3.2 Geldend bestemmingsplan Het plangebied is gelegen binnen het omgevingsplan van de gemeente Losser (bestemmingsplan ‘Buitengebied Veegplan 2013’ i.c.m. met het bestemmingsplan ‘Partiële herziening Buitengebied, verzamelplan 2022’ van gemeente Losser ‘Buitengebied’). In afbeelding

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

4

3. Huidige en gewenste situatie Lossersestraat 75

3.3 is een uitsnede van de verbeelding weergegeven. Het plangebied is met een oranje kader omlijnd.

Afbeelding 3.3 Plangebied in relatie tot het bestemmingsplan Buitengebied Gemeente Losser (bron kaart: omgevingswet.overheid.nl)

Het plangebied valt deels onder ‘Bedrijf’ en deels onder ‘Agrarisch 1’ dat samenvalt met ‘Waarde – Natuur en landschap’. De voorgenomen terreinuitbreiding is dus in strijd met het bestemmingsplan. Met een TAM-omgevingsplan wordt de hierna beschreven ontwikkeling mogelijk gemaakt.

3.3 Gewenste ontwikkeling Zoals in de inleiding omschreven, zal het bestaande bedrijfsterrein in een noordelijke richting uitgebreid worden met een oppervlakte van circa 8250m2. Twee nieuw te bouwen loodsen van elk 50x20m worden gebouwd tegen de noordelijke grens aan. Het overige uit te breiden terrein wordt met H-klinkers bestraat. De terreinuitbreiding dient aan brandveiligheid normen te voldoen. Als eis is vastgesteld een retentie vijver/natuur bassin te realiseren met een inhoud van minimaal 250m3. Deze vijver wordt in de noordoosthoek van het plangebied aangelegd. Bovendien, ten behoeve van de brandveiligheid, wordt een inrit gerealiseerd dat het uit te breiden gedeelte van het bedrijfsterrein met de Postweg ontsluit. Dit inrit zal van grasstenen voorzien worden. KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

5

3. Huidige en gewenste situatie Lossersestraat 75

De afbeelding hieronder brengt de situatietekening van architect Harry Kamphuis van het uit te breiden terrein in beeld.

Afbeelding 3.4 Uitsnede situatietekening gewenste uitbreiding (Harry Kamphuis Architect Do-204)

3.4 Ruimtelijke kwaliteitsplan Voor het plangebied is door Toft Landschapsontwerp een ruimtelijk kwaliteitsplan gemaakt. Het plan stelt de landschappelijke inpassing van de wenselijke uitbreiding als prioriteit. Kort samengevat zijn de uitgangspunten hierbij: -

De herinrichting van het plangebied dient bij te dragen aan de cultuurhistorische context en gebiedskenmerken van het landschap. De abiotische omstandigheden dienen als uitgangspunt bij de samenstelling van het plantenassortiment, en daarbij de biodiversiteit in de omgeving bevordert.

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

6

3. Huidige en gewenste situatie Lossersestraat 75

Hieronder wordt een uitknipsel van het ruimtelijke kwaliteitsplan weergegeven, en daarna een overzicht van het beplantingsadvies. Het volledige plan is te vinden als bijlage in dit KGO-plan.

Afbeelding 3.5 Uitsnede ruimtelijke kwaliteitsplan Lossersestraat 75

In te richten terrein Bestaand groen Nieuw aan te leggen groen

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

7

3. Huidige en gewenste situatie Lossersestraat 75

Afbeelding 3.6 Uitsnede beplantingsadvies Lossersestraat 75

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

8

4. Aanvullende kwaliteitsimpulsen

4. Aanvullende kwaliteitsimpulsen Boven op de basisinspanning vinden aanvullende kwaliteitsimpulsen plaats om het evenwicht tussen de gewenste ontwikkelingsruimte en de ambities voor de groene omgeving te borgen. De aanvullende kwaliteitsimpulsen zullen op twee locaties plaats vinden; op het naastgelegen perceel ‘het Sanderink bos’, en op landgoed het Lage Kavik. Dit hoofdstuk zal de extra kwaliteitsimpulsen op deze locaties nader toelichten.

4.1 het Sanderink bos Het Sanderink bos, met kadastrale perceelnummer 10508, is gelegen aan de Postweg, ten noordoosten van het te ontwikkelen terrein van de initiatiefnemers. Het perceel wordt met een oranje omlijning indicatief weergegeven op de luchtfoto hieronder.

Loon- en grondverzetbedrijf Volker

Afbeelding 4.1 Luchtfoto locatie het Sanderinkbos (bron luchtfoto: pdok.nl)

Het Sanderink bos grenst met het te ontwikkelen terrein. De landschappelijke inpassing van de wenselijke uitbreiding van het bedrijfsterrein en dit bosperceel zullen wat betreft natuur en landschap één aaneengesloten geheel vormen. Een robuuste groene structuur wordt gecreëerd dat voor zowel de landschappelijke inpassing als voor de biodiversiteit ten goede zal komen. De kwaliteitsimpuls voor het Sanderinkbos neemt de vorm van een revitalisatie plan waar beheer en verjonging centraal staan. De uitgangspunten hierbij, beknopt op een rij, staan hieronder. Het uitgebreide advies, gemaakt in de basis door Toft landschapsontwerp, en aangevuld door adviesbureau Welhuis, is aan dit rapport als bijlage toegevoegd. KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

9

4. Aanvullende kwaliteitsimpulsen

-

Waardevolle elementen handhaven zoals de openplekken, dood hout in het bos, de variëteit in structuur en assortiment, en de onderlaag van varens. Verwijderen van opslag van de Amerikaanse eik ter preventie van de dominantie van deze soort Pleksgwijs natuurlijke verjonging in het bos stimuleren, waarbij de dominantie van bramen op sommige plekken dient beperkt te worden Inplant van nieuwe bomen om de volgende generatie van bomen te garanderen

4.2 Landgoed het Lage Kavik Landgoed het lage Kavik, Gelegen aan de Lage Kaviksweg in de Lutte vormt de tweede locatie voor de aanvullende KGO-investering. Het landgoed wordt met een oranje omlijning indicatief weergegeven op de luchtfoto hieronder.

Afbeelding 4.2 Luchtfoto omvang Landgoed het Lage Kavik (bron luchtfoto: pdok.nl)

Op landgoed het Lage Kavik is de ambitie de huidige landschappelijke kwaliteiten te verbeteren door de rijke cultuurhistorie van deze locatie te versterken en de biodiversiteit te verrijken. De kwaliteitsimpuls wordt vormgegeven door een landschaps/beplantingsplan en aansluitend

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

10

4. Aanvullende kwaliteitsimpulsen

beplantingsadvies. De uitgangspunten die op landgoed het Lage Kavik aan de orde zijn, staan hieronder kort beschreven. Het uitgebreide advies is aan dit rapport als bijlage toegevoegd. -

Het versterken van het kampenlandschap door vervallen groene elementen te herstellen, en bestaande groene elementen te versterken De groene elementen die als leefomgeving voor biodiversiteit fungeren met elkaar verbinden

Een uitsnede van het plan wordt hieronder weergegeven.

Afbeelding 4.3 Uitsnede beplantingsplan Landgoed het Lage Kavik

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

11

5. Conclusie

5. Conclusie De gemeente Losser biedt uitbreidingsruimte in de groene omgeving mits dat dit in evenwicht staat met de groene ambities en beoogde ruimtelijke kwaliteit. De beoordeling door de gemeente Losser of het evenwicht is behaald is maatwerk. Met dit rapportage zijn de ruimtelijke kwaliteitsimpulsen, of te wel de KGO-investering, die het evenwicht waarborgen aangetoond.

KGO-plan loon- en grondverzetbedrijf Volker

27 november 2025

12

LOSSERSESTRAAT 75, DE LUTTE Indicatieve schaal: 1:2000 (A3)

Het in te richten terrein t.b.v. de landschappelijke inpassing van het uitgebreide bedrijfsterrein van loonen grondverzetbedrijf Volker dient zich aan te sluiten bij de landschappelijke kenmerken van de nabij omgeving. Langs de Lossersestraat en Lutterbeek liggen een aantal erven die samen met de groene landschappelijke elementen zoals boomsingels, struweelhagen en solitaire bomen een kleinschalig landschap creëren. De nieuwe inrichting sluit zich bij deze kleinschaligheid aan. Langs de Postweg zien we een jongontginningslandschap van rechte blokken en stroken. Bos percelen en weilanden wisselen ze zich af. De nieuwe inrichting sluit zich bovendien bij deze structuur aan.

Nieuw aan te leggen groen

tte rb ee

Losserse

straat

Bestaande enkele rij jonge eiken

Nieuw aan te leggen natuulijke vijver 250m3. t.b.v. brand/verzekering Rondom plekken met inheemse struweel, zoals grauwe wilg, meidoorn

Bestaande enkele rij elzen Pos

Inrit/uitrit brandweer Deze dient overzichtelijk te zijn

Bestaande dubbele rij eiken. De eiken staan dicht op elkaar waardoor er geen sprake is van een beeldbepalende laan. Het nieuw aan te leggen bosperceel zal daarom geen afbreuk doen aan deze eiken. Struweelhaag op aardenwal

Natuurgras rondom de natuurlijke vijver. Mengsel nader te bepalen

Nieuw te planten solitaire eik

Dichte houtwal met enkele overstaanders Inheemse soorten woorden hiervoor gebruikt zoals meidoorn, hazelaar, sporkehout, euonymus en lijsterbes. Boomvormers zoals eik, berk, els. Weiland/natuurgras Deze openruimte sluit zich aan bij het kleinschalige landschap van de erven langs de Lutterbeek. De bestaande sloot/greppel is goed beleefbaar in het landschap. Mengsel nader te bepalen.

Loon- en grondverzetbedrijf Volker

zichtlijn (bestaande

handhaven)

k

Bestaand bos 'Sanderink' Een gevarieerd en grotendeels vitaal bos van o.a. eik, grove den, berk en beuk.

Bestaand groen

Lu

De bodem van het in te richten terrein, en tevens van de bospercelen langs de Postweg in de nabij omgeving, bestaat uit zeer ondiepe keileem en potklei (KX). De grondwatertrap is IVc. De combinatie van deze bodem en grondwatertrap beloofd gunstig voor veel inheemse boom en struik soorten. Dit is immers terug te zien in de bestaande bospercelen die gevarieerd zijn.

In te richten terrein

tw e

g

Nieuw aan te leggen bosperceel Het stuk grond tussen de verplichte houtwal langs de grens van het bedrijfsterrein en de Postweg meet op zijn smalst 25m en op zijn breedst 35m; het is een smalle strook. Door deze ruimte in te richten als bos wordt er een 'blok' gecreëerd dat zich in de schaal en de structuur van de omgeving goed past. Inheemse soorten worden toegepast zoals, eik, lijsterbes, en linde.

Opdrachtgever: Architect H. Kamphuis Getekend: J.Cundall Datum: 27-11-2025

Beplantingsadvies Lossersestraat 75, De Lutte 27-11-2025 De inheemse en streekeigen soorten gekozen zijn afgestemd op de bodemsoort van het terrein: ondiepe keileem en potklei (KX).

A: Dichte houtwal met enkele overstaanders Een oppervlakte van circa 900m² wordt ingeplant met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 400 stuks bosplantsoen nodig. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging. Overstaanders in bosplantsoen 6 stuks. maat 14/16 Overstaanders handmatig geplant

1

A: Dichte houtwal met enkele overstaanders Esdoorn

Acer pseudoplatanus

3st.

maat 14/16

Hazelaar

Corylus avellana

60st.

Bp.

Inlandse eik

Quercus robur

3st.

maat 14/16

Kardinaalsmuts

Euonymus europaeus

50st.

Bp.

Krentenboompje

Amelanchier lamarckii

60st.

Bp.

Lijsterbes

Sorbus aucuparia

30st.

Bp.

Meidoorn

Crataegus monogyna

90st.

Bp.

Sleedoorn

Prunus spinosa

60st.

Bp.

Vuilboom

Rhamnus frangula

50st.

Bp.

Bp. = bosplantsoen

B: Dichte houtwal met enkele overstaanders Een oppervlakte van circa 500m² wordt ingeplant met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 220 stuks bosplantsoen nodig. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging. Overstaanders in bosplantsoen 3 stuks. maat 14/16 Overstaanders handmatig geplant

B: Dichte houtwal met enkele overstaanders Esdoorn

Acer pseudoplatanus

2st.

maat 14/16

Hazelaar

Corylus avellana

40st.

Bp.

Inlandse eik

Quercus robur

1st.

maat 14/16

Kardinaalsmuts

Euonymus europaeus

20st.

Bp.

Krentenboompje

Amelanchier lamarckii

30st.

Bp.

Lijsterbes

Sorbus aucuparia

20st.

Bp.

Meidoorn

Crataegus monogyna

60st.

Bp. 2

Sleedoorn

Prunus spinosa

30st.

Bp.

Vuilboom

Rhamnus frangula

20st.

Bp.

Bp. = bosplantsoen

C: Gemengd bos Een Eiken-Haagbeukenbos wordt aangeplant. Deze bosgemeenschap bevindt zich op, onder andere, keileem, en komt in de nabij omgeving van De Lutte voor. Inlandse eik, Haagbeuk, Winter linde en Zoetekers zijn de kenmerkende soorten. Gewone esdoorn komt enkel voor. Hazelaar, Wilde lijsterbes, Meidoorn, Vuilboom en Vlier vormen de struiklaag. Er worden zowel boomvormers als struikvormers geplant. Door ook struikvormers te planten wordt er een gevarieerde bosstructuur gecreëerd die de biodiversiteit ondersteunt. Een struiklaag vermindert stormschade, uitdroging en vorstschade. Bovendien hebben de struikvormers een verzorgend rol wat betreft de natuurlijke takreiniging van de bomen; de bomen worden op natuurlijke wijze ‘opgesnoeid’. Een oppervlakte van circa 7380m² wordt ingeplant. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 3,280 stuks nodig. 40% struikvormers: bosplantsoen 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. circa 1,310 stuks 60% boomvormers: veren of te wel spillen. Circa 1,970 stuks Machinaal geplant. Om duidelijke rijen te voorkomen wellicht de rijen in de lengte van het perceel met een lichte bocht planten. Willekeurig individuele menging.

Struikvormers circa 1,310 stuks Hazelaar: Corylus avellana 30% Lijsterbes: Sorbus aucuparia 15% Meidoorn: Crataegus monogyna 30% Vlier: Sambucus nigra 10% Vuilboom: Rhamnus frangula 15% Boomvormers 1,970 stuks Esdoorn: Acer pseudoplatanus 5% Haagbeuk: Carpinus betula 30% Inlandse eik: Quercus robur 35% Winter linde: Tilia cordata 20% Zoete kers: Prunus avium 10%

3

C: Gemengd Bos Esdoorn

Acer pseudoplatanus

100 st.

Spil

Haagbeuk

Carpinus betula

590 st.

Spil

Hazelaar

Corylus avellana

390 st.

Bp.

Inlandse eik

Quercus robur

690 st.

Spil

Lijsterbes

Sorbus aucuparia

195 st.

Bp.

Meidoorn

Crataegus monogyna

395 st.

Bp.

Vlier

Sambucus nigra

130 st.

Bp.

Vuilboom

Rhamnus frangula

195 st.

Bp.

Winter linde

Tilia cordata

395 st.

Spil

Zoete kers

Prunus avium

200 st.

Spil

D: Struweel vijverrand Een oppervlakte van circa 240m² wordt ingeplant met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 105 stuks bosplantsoen nodig. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging. D: Struweel vijverrand Hazelaar

Corylus avellana

65 st.

Bp.

Meidoorn

Crataegus monogyna

15 st.

Bp.

Vuilboom

Rhamnus frangula

25 st.

Bp.

E: Struweel vijverrand Een oppervlakte van circa 100m² wordt ingeplant met inheemse bosplantsoen . Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 45 stuks bosplantsoen nodig. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging.

E: Stuweel vijverrand Grauwe wilg

Salix cinerea

45 st.

Bp.

4

F: Solitaire Inlandse eik Éen soltaire eik – Quercus robur wordt aangeplant Boom minimaal maat 14/16

G: Struweelhaag op aardenwal Een oppervlakte van circa 980m², oftewel 700m² met een uitgroeistrook langs de verharding, wordt ingeplant met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) Voor 700m² is 310 stuks bosplantsoen nodig. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging. G: Stuweelhaag Gele kornoelje

Cornus mas

40 st.

Bp.

Hazelaar

Corylus avellana

50 st.

Bp.

Hulst

Ilex aquifolium

30 st.

Bp. met kluit

Krentenboompje

Amelanchier lamarckii

60 st.

Bp.

Meidoorn

Crataegus monogyna

60 st.

Bp.

Rode kornoelje

Cornus sanguinea

30 st.

Bp.

Vuilboom

Rhamnus frangula

40 st.

Bp.

H: Struweelhaag Een oppervlakte van circa 490m², oftewel 300m² met een uitgroeistrook langs de verharding, wordt ingeplant met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) Voor 300m² is 135 stuks bosplantsoen nodig. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging. G: Stuweelhaag Gele kornoelje

Cornus mas

20 st.

Bp.

Hazelaar

Corylus avellana

30 st.

Bp.

Hulst

Ilex aquifolium

10 st.

Bp. met kluit

Krentenboompje

Amelanchier lamarckii

20 st.

Bp.

Meidoorn

Crataegus monogyna

30 st.

Bp.

Rode kornoelje

Cornus sanguinea

15 st.

Bp. 5

Vuilboom

Rhamnus frangula

10 st.

Bp.

I: Struweelhaag op aardenwal Een oppervlakte van circa 1030m², oftewel 750m² met een uitgroeistrook langs de verharding/schuur kant, wordt ingeplant met inheemse bosplantsoen. Soorten die in de schaduw van de schuren kunnen dijen zijn gekozen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) Voor 750m² is 335 stuks bosplantsoen nodig. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging. I: Stuweelhaag Haagbeuk

Carpinus betula

60 st.

Spil

Hulst

Ilex aquifolium

35 st.

Bp. met kluit

Meidoorn

Crataegus monogyna

40 st.

Bp.

Krentenboompje

Amelanchier lamarckii

40 st.

Bp.

Rode kornoelje

Cornus sanguinea

80 st.

Bp.

Vuilboom

Rhamnus frangula

80 st.

Bp.

J: Winter Lindes ‘Rancho’ Drie cultivars van de winterlinde – Tilia cordata ‘Rancho’ wordt aangeplant Boom minimaal maat 14/16 Een cultivar wordt gekozen omdat deze bomen zullen verharding moeten kunnen verdragen, en ook een smalle groeiruimte.

Aanleg en beheer van bosplantsoen en spillen Ten eerste is een goede grondbewerking nodig voor succesvolle aanslag. Nieuwe aanplant vindt bij voorkeur in het najaar plaats. Water geven aan het bosplantsoen is in principe niet noodzakelijk, maar als droogte aanhoudt wel. In het jaar na aanplant dient de beplanting te worden gecontroleerd op uitval en waar nodig ingeboet. Er is in de eerste groeifase van bosplantsoen geen beheer nodig. Bij de jonge bomen of te wel spillen is het noodzakelijk om in de eerste jaren dubbele koppen te snoeien. Na 6-8 jaar, afhankelijk van de groeisnelheid, worden dunningen uitgevoerd. Dunningen vinden plaats om de gewenste planten te bevoordelen. Dit vindt plaats bij voorkeur in de winter. Verder opsnoeien van de bomen is mogelijk. De spillen kunnen het best met een bamboestok aangeplant worden om steun te bieden en om rechte groei te stimuleren. Aanplant en beheer van de bomen Ten eerste is een goede grondbewerking nodig voor succesvolle aanslag. Nieuwe aanplant vindt bij voorkeur in het najaar plaats. Aan de bomen wordt gedurende de eerste jaren na aanplant in droge periodes water 6

gegeven. In het jaar na aanplant dient de beplanting te worden gecontroleerd op uitval en waar nodig ingeboet. Alle bomen aanplanten met boompaal en wild beschermer. Boompalen dienen de eerste 4 jaar extra steun te geven en kunnen daarna weggehaald worden. Boompalen van Larix gaan 4 jaar mee en zijn daarom het meest geschikt. De boompaal mag niet te hoog zijn; bomen dienen te kunnen meebewegen met de wind om een gezonde en sterke wortelgroei te bevorderen. Snoei om dubbele koppen te voorkomen en een gezonde, rechte groei te hanteren.

K en L: Natuurgras Het grasland dat overblijft wordt doorgezaaid om de diversiteit aan soorten uit te breiden. Het natuurgras kan geweid of gemaaid worden. Met een speciaal mengsel wordt er doorgezaaid, bijvoorbeeld het doorzaai mengsel van Cruydhoeck ‘KG3 Kruidenrijk grasland - kleigrond’. Aanleg en beheer van doorgezaaid natuurgras Het gras dient kort gemaaid te worden en daarna met een eg opengetrokken. Het mengsel zaaien in september of oktober. Zaai met een doorzaaimachine 2,5 kilo per hectare. Als het mengsel ontkiemd is, is een lichte maai gunstig om de groeiomstandigheden van de kruiden te bevoordelen. Het natuurgras wordt niet bemest en er wordt geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt. Tweemaal per jaar (gefaseerd) maaien en hooien.

7

Advies revalidatie het Sanderink bos, De Lutte 06-05-2024 Inleiding Het bos aan de Postweg ‘Sanderink’ was als eerst als bos ingericht rond 1900. Hiervoor behoorde het perceel tot een uitgestrekt heidegebied. Ook de naastliggende percelen waren ontgonnen en als bos ingericht in deze periode. In de loop der tijd zijn veel van de bospercelen veranderd in weiland. Zodoende heeft een blokvormig landschap zich ontwikkeld met afwisselende percelen van bos en weide. Omdat het landschap nog relatief veel bos kent is het landschap vrij besloten van karakter. Het Sanderink bos vormt een belangrijk onderdeel van dit landschap en het versterken van dit bos zorgt dat het landschap zijn karakteristieke halfopen en blokvormige structuur behoudt. Omdat het bos meer dan een eeuw heeft zich kunnen ontwikkelen is er een rijke variëteit aan vegetatie ontstaan met zowel een kroon-, struweel- als een kruiden-laag, en bovendien ook dood hout. Hiermee is het bos een belangrijke en consistente leefomgeving geworden voor vogelsoorten, kleine zoogdieren en insecten. Om deze optimale structuur te behouden is er onderhoud nodig in de vorm van bijsturing zodat een op enkele plekken verjonging in het bos gestimuleerd wordt. Ook inplant wordt aangeraden. Door deze verjonging en inplant is de continuïteit van deze leefomgeving voor de fauna die zich al meer als een eeuw hier gevestigd heeft gewaarborgd.

Zowel kleine zoogdieren als vogels hebben baat bij de variëteit aan structuur in het bos, insecten (en dus indirect zoogdieren en vogels) bij het dode hout, en vlinder soorten bij de warmere openplekken. Bovendien, als de naast liggende poel gerealiseerd is, zal dit bos een belangrijk leefomgeving vormen voor salamanders en kikker soorten in de herfst en winter maanden. Door het bos loopt een bosweggetje ten behoeve van de ontsluiting van het weiland erachter. Algemene indruk Over het algemeen maakt het bos een goede eerste indruk; het bos is gevarieerd en heeft zowel een kroon-, struweel- als een kruiden-laag. Tot het assortiment behoren eik, beuk, berk, grove den, lijsterbes en hazelaar. De bomen zijn gezond; de beuken vitaal ondanks een aantal droge jaren. De grove dennen zijn niet op tijd gedund waardoor ze een iele groeiwijze kennen; de sterkste zullen er op ten dure de over hand nemen. Hier en daar staat dood hout wat prima is voor de biodiversiteit. Opslag van Amerikaanse eiken is gesignaleerd, vooral aan de randen van het bosperceel en langs het bosweggetje. Er is weinig verjonging in het bos aanwezig; geen zaailingen van grove den of eik, bijvoorbeeld. Dit komt grotendeels door de dikke, onverstoorde blad laag dat kiemen belemmerd, maar ook door pleksgewijs dominantie van bramen. Het bos kent een aantal openplekken van verschillende groottes.

De openplekken middenin het bosperceel kenmerken zich door een matige groei van varens en zijn waardevolle opwarm-plekken voor vlinders en dieren. Ze voegen variëteit toe aan de opbouw van het 1

bos. Openplekken komen ook voor langs de Postweg en het bosweggetje. Deze plekken kenmerken zich door de dominantie van bramen. Advies Te handhaven: -

De openplekken middenin het bos Dood hout in het bos De variëteit in structuur en assortiment Onderlaag van varens

Te verbeteren/actie punten -

-

Verwijderen van opslag Amerikaanse eik Dunnen van het bos om de vitaliteit van de toekomst bomen te garanderen Pleksgewijs verjonging in het bos stimuleren – zie de luchtfoto en foto’s hieronder voor een indicatie van de locaties. Waar de openplekken gedomineerd zijn door bramen, kan verjonging met het juiste beheer gestimuleerd worden. De bramen dienen fijn geklepeld te worden en het bos bodem verstoord zodat de natuurlijke zaadbank een kans krijgt. Dankzij de leeftijd van het bos zal een zaadbank aanwezig zijn. Pleksgewijs inplant van nieuwe bomen om de volgende generatie van bomen te borgen. Dit vindt plaats waar dunningen plaats hebben gevonden en waar de bramen verwijderd worden. Er dienen enkele plekken in het bos echter open te blijven want dit bevordert een rijkere biodiversiteit.

Locaties waar natuurlijke verjonging, en inplant, gestimuleerd kan worden.

B

Postweg

C

A

Bron: pdok.nl

2

Locatie A

Locatie C

Locatie B

Aanleg en beheer van bosplantsoen en spillen Ten eerste is een goede grondbewerking nodig voor succesvolle aanslag. Nieuwe aanplant vindt bij voorkeur in het najaar plaats. Water geven aan het bosplantsoen is in principe niet noodzakelijk, maar als droogte aanhoudt wel. In het jaar na aanplant dient de beplanting te worden gecontroleerd op uitval en waar nodig ingeboet. Er is in de eerste groeifase van bosplantsoen geen beheer nodig. Bij de jonge bomen of te wel spillen is het noodzakelijk om in de eerste jaren dubbele koppen te snoeien. Na 6-8 jaar, afhankelijk van de groeisnelheid, worden dunningen uitgevoerd. Dunningen vinden plaats om de gewenste planten te bevoordelen. Dit vindt plaats bij voorkeur in de winter. Verder opsnoeien van de bomen is mogelijk. De spillen kunnen het best met een bamboestok aangeplant worden om steun te bieden en om rechte groei te stimuleren. Bescherming tegen wildvreet zal nodig zijn.

3

LANDGOED HET LAGE KAVIK, DE LUTTE

Beplantingsplan

Indicatieve schaal: 1:1500 (A3)

Het Lage Kavik Het landschap van en in de omgeving van landgoed het Lage Kavik dateert terug naar rond 1850. De erven, kronkelende wegen, kampen, het stromende beekje in de dal, en de bijhorende groene elementen zoals houtwallen en bosschages zijn voor meer dan anderhalf eeuw een vanzelfsprekend ensemble geweest. In de loop der jaren zijn de groene elementen in aantal achteruit gegaan en het kampenlandschap is enigszins daardoor verwaterd. Door deze elementen op het Lage Kavik te herstellen of te versterken wordt het karakteristieke kampenlandschap versterkt. De biodiversiteit, die zich ook ruim anderhalf eeuw zich hier heeft kunnen vestigen en ontwikkelen krijgt een meer robuuste leefomgeving met meer leef en voedsel mogelijkheden. De verspreide groene elementen worden in verbinding gebracht door de weg volledig met een bomenrij te begeleiden. Hierdoor kan kleine zoogdieren, insecten en vogels zich makkelijker verspreiden.

5

4

Hog

e Ka

v ik s

weg

6 3

Bestaand groen (locatie indicatief) Nieuw te planten groen +60,25

+52,52

Hoogte (bron ahn.nl)

Nieuw te planten Groen

La

+60,25

g

a eK

v ik

sw

eg

+48,87

+55,65

1. 4275m² gemengd bosplantsoen

7

Gooreerdgronden: lemig fijn zand GT: Ib

2

2. 1370m² gemengd bosplantsoen Gooreerdgronden: lemig fijn zand GT: Ib 3. 150m² gemengd bosplantsoen

1

Gooreerdgronden: lemig fijn zand GT: Ib 4. 200m² gemengd bosplantsoen Gooreerdgronden: lemig fijn zand GT: IIc 5. Solitaire zomereik Hoge bruine enkeerdgronden 6. 550m² gemengd bosplantsoen Hoge bruine enkeerdgronden GT: IVc 7. Bomenrij van zomereiken Gooreerdgronden: lemig fijn zand

Opdrachtgever: Dhr. H. Kamphuis Getekend: J.Cundall Datum: 27-1-2023

Beplantingsadvies Landgoed Het Lage Kavik, De Lutte 27-1-2023 De inheemse en streekeigen soorten gekozen zijn afgestemd op de bodemsoorten van het terrein: - Goordeerdgronden: lemig fijn zand - Hoge bruine enkeerdgronden

1. Gemengd bosplantsoen: elzen-eiken bos 4275m² met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 1900 stuks bosplantsoen. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging. Soorten afgestemd op: - Goordeerdgronden: lemig fijn zand - GT Ib - Een overgangs vegetatie van beekdalen naar hogere gronden. 60% Boomvormers: zomereik, esdoorn, zwarte els (1140 stuks) 40 % Struikvormers: lijsterbes, Gelderse roos, sporkehout, boswilg, hazelaar (760 stuks)

1: Gemengd bosplantsoen: elzen-eiken bos Boswilg

Salix caprea

100st.

Bp.

Esdoorn

Acer pseudoplatanus

240st.

Bp.

Gelderse roos

Viburnum opulus

100st.

Bp.

Hazelaar

Corylus avellana

150st.

Bp.

Lijsterbes

Sorbus aucuparia

180st.

Bp.

Sporkehout

Frangula alnus

230st.

Bp.

Zomereik

Quercus robur

450st.

Bp.

Zwarte els

Alnus glutinosa

450st.

Bp.

Bp. = bosplantsoen

2: Gemengd bosplantsoen: elzenbos 1370m² met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 610 stuks bosplantsoen. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Machinaal geplant. Individuele menging. Soorten afgestemd op: - Goordeerdgronden: lemig fijn zand - GT Ib - Deze stuk ligt wat lager in het landschap; een gemeenschap op een natte, lemig zandbodem. 1

- 60% Boomvormers: zwarte els, zachte berk, zomereik (370 stuks) - 40 % Struikvormers: lijsterbes, Gelderse roos, sporkehout, zwartebes (240 stuks)

2: Gemengd bosplantsoen: Elzenbos Gelderse roos

Viburnum opulus

40st.

Bp.

Lijsterbes

Sorbus aucuparia

50st.

Bp.

Vuilboom

Rhamnus frangula

70st.

Bp.

Zachte berk

Betula pubescens

120st.

Bp.

Zomereik

Quercus robur

70st.

Bp.

Zwarte els

Alnus glutinosa

180st.

Bp.

Zwartebes

Ribes nigrum

80st.

Bp.

Bp. = bosplantsoen

3: Gemengd bosplantsoen: struweel 150m² met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 70 stuks bosplantsoen. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Groepen van 3-7 maken Soorten afgestemd op: - Goordeerdgronden: lemig fijn zand - GT Ib - Deze stuk heeft een zonnige positie en een relatief natte bodem. - 100 % Struikvormers: vlierbes, sleedoorn en hazelaar. 70 stuks

3: Gemengd bosplantsoen: stuweel Hazelaar

Corylus avellana

20st.

Bp.

Sleedoorn

Prunus spinosa

30st.

Bp.

Vlier

Sambucus nigra

20st.

Bp.

Bp. = bosplantsoen

2

4: Gemengd bosplantsoen: struweel 200m² met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 90 stuks bosplantsoen. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Groepen van 3-7 maken Soorten afgestemd op: - Goordeerdgronden: lemig fijn zand - GT IIc - Deze stuk kent een zonnig-halfschaduw positie en een relatief natte bodem. - 100 % Struikvormers: vlierbes, sleedoorn, hazelaar en meidoorn. 90 stuks

4: Gemengd bosplantsoen: struweel Hazelaar

Corylus avellana

30st.

Bp.

Meidoorn

Crataegus monogyna

20st.

Bp.

Sleedoorn

Prunus spinosa

20st.

Bp.

Vlier

Sambucus nigra

20st.

Bp.

Bp. = bosplantsoen

5: Solitaire zomereik Éen soltaire eik – Quercus robur wordt aangeplant Boom minimaal maat 14/16

3

6: Struweelhaag 550m² met inheemse bosplantsoen. Verspringend verband van 1,5m x 1,5m (anderhalve meter tussen de plantrijen, en 1,5m in de rij) 245 stuks bosplantsoen. 60/90 A kwaliteit gekweekt plantgoed. Groepen van 3-7 maken Soorten afgestemd op: - Hoge bruine enkeerdgronden - GT IVc - Deze stuk kent een zonnige positie en een rijke bodem. In zomer-droogte kan deze bodem zeer droog worden. - 100 % Struikvormers: meidoorn, krenten, hondsroos, lijsterbes, hulst, kardinaalsmuts - met enkele boomvormers: zoetekers

6: Gemengd bosplantsoen: struweelhaag Euonymus europaeus

Kardinaalsmuts

30st.

Bp.

Hondsroos

Rosa canina

50st.

Bp.

Hulst

Ilex aquifolium

10st.

Met kluit

Krentenboompje

Amelanchier lamarckii

50st.

Bp.

Lijsterbes

Sorbus aucuparia

25st.

Bp.

Meidoorn

Crataegus monogyna

80st.

Bp.

Zoete kers

Prunus avium

7st.

Maat 10/12

Bp. = bosplantsoen

7: Rij van zomereiken 11 bomen Quercus robur 6m afstand tussen de bomen in de rij Boom maat 14/16

Aanleg en beheer Aanleg en beheer van bosplantsoen Ten eerste is een goede grondbewerking nodig voor succesvolle aanslag. Nieuwe aanplant vindt bij voorkeur in het najaar plaats. Water geven aan het bosplantsoen is in principe niet noodzakelijk, maar als droogte aanhoudt wel. Ter verwachting heeft het bosplantsoen op de hogere gelegen gronden in de eerste groeijaren water nodig in de zomer. In het jaar na aanplant dient de beplanting te worden gecontroleerd op uitval en waar nodig ingeboet. Er is in de eerste groeifase van bosplantsoen geen beheer nodig. Na 6-8 jaar, afhankelijk 4

van de groeisnelheid, worden dunningen uitgevoerd. Dunningen vinden plaats om de gewenste planten te bevoordelen. Dit vindt plaats bij voorkeur in de winter. Opsnoeien van de bomen is mogelijk, maar in principe zorgen de stuiken voor een natuurlijke takreiniging van de bomen; de bomen worden op natuurlijke wijze ‘opgesnoeid’. Aanplant en beheer van de bomen Ten eerste is een goede grondbewerking nodig voor succesvolle aanslag. Nieuwe aanplant vindt bij voorkeur in het najaar plaats. Aan de bomen wordt gedurende de eerste jaren na aanplant in droge periodes water gegeven. In het jaar na aanplant dient de beplanting te worden gecontroleerd op uitval en waar nodig ingeboet. Alle bomen aanplanten met boompaal en wild beschermer. Boompalen dienen de eerste 4 jaar extra steun te geven en kunnen daarna weggehaald worden. Boompalen van Larix gaan 4 jaar mee en zijn daarom het meest geschikt. De boompaal mag niet te hoog zijn; bomen dienen te kunnen meebewegen met de wind om een gezonde en sterke wortelgroei te bevorderen. Snoei om dubbele koppen te voorkomen en een gezonde, rechte groei te hanteren.

5

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22d, Buitengebied, Lossersestraat 75 te De Lutte

Bijlage 2 Notitie ladder voor duurzame ontwikkeling

40

Bijlagen toelichting (vastgesteld)

Notitie ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’

De Lutte, Lossersestraat 75

Datum 29-04-2026

Definitief

Notitie ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ De Lutte, Lossersestraat 75

1. Inleiding De voorliggende notitie ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ heeft betrekking op de Lossersestraat 75 in het buitengebied van De Lutte. Ter plaatse bestaat het voornemen om het aldaar gevestigde loon-en grondverzetbedrijf uit te breiden. De ontwikkeling wordt planologisch mogelijk gemaakt door een wijziging van het omgevingsplan. Vanuit het ruimtelijk spoor is toetsing aan de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ benodigd.

2. Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder is geïntroduceerd in de voorloper van de NOVI: de Structuurvisie voor Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Bro gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigd en geoptimaliseerd instrument. De Ladder is beleidsneutraal vanuit het Bro omgezet naar de Omgevingswet en is sinds 1 januari 2024 opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). De Ladder is een instructieregel die is opgesteld met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand (5.129g lid 2 Bkl). De ladder is van toepassing op een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen wordt beoordeeld of er echt behoefte is aan die stedelijke ontwikkeling en of rekening is gehouden met de mogelijkheden om binnen het stedelijk gebied of binnen het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien. De instructieregel regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de Ladder is vereist.

Er zijn inmiddels meerdere gerechtelijke uitspraken geweest over het begrip ‘stedelijke ontwikkeling’. Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt dat de vraag wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in grote mate casuïstisch wordt beantwoord. Zo heeft de Afdeling uitgemaakt dat de bouw van 11 woningen niet als stedelijke ontwikkeling wordt gezien (ABRvS 16 september 2015;ECLI:NL:RVS:2015:2921).

3. Gewenste ontwikkeling De initiatiefnemer is voornemens om ter plaatse van het projectgebied het loon-en grondverzetbedrijf in oppervlakte uit te breiden. Tevens wil de initiatiefnemer een loods realiseren. Om de impact op de Groene Omgeving te compenseren is er een Kwaliteits Impuls Groene Omgeving (KGO) benodigd. Voor het plan betekent dit dat er in het projectgebied aan de Losserstraat 75 in De Lutte, maar ook op het landgoed Het Lage Kavik en bij het Sanderinkbos nieuwe vormen van groen moeten worden aangelegd. Ook wordt er een natuurvijver gerealiseerd. Het struweel, de planten en bomen wordt gerealiseerd op de gronden waar nu nog enkel gras groeit. Of op locaties in het bos waar nog beplanting ontbreekt. De aanplanting van groen dient ter kwaliteitsimpuls om de ruimtelijke kwaliteit te versterken. Aangezien de voorliggende ontwikkeling voorziet in het uitbreiden van een bedrijfsperceel. Het gaat om een significante uitbreiding van het bedrijfsperceel, namelijk zo’n 2.000m2 aan bvo. Gesteld kan worden dat het om die reden gaat om een nieuwe, stedelijke ontwikkeling. Toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking is daarmee noodzakelijk. Hierna wordt de ontwikkeling getoetst aan de Ladder.

4. Toetsing van de ontwikkeling aan de Ladder Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘stedelijk gebied’ en een ‘stedelijke ontwikkeling’. Stedelijk gebied: Op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit toegelaten stedenbouwkundig samenstel van bebouwing voor wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel en horeca, en de daarbij behorende openbare of sociaal-culturele voorzieningen en infrastructuur, met uitzondering van stedelijk groen aan de rand van die bebouwing en lintbebouwing langs wegen, waterwegen of waterkeringen;

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

1

Notitie ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ De Lutte, Lossersestraat 75 Een stedelijke ontwikkeling is de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is. Bij de toetsing aan de ladder worden beide onderdelen van de Ladder meegenomen: • •

de behoefte aan de stedelijke ontwikkeling; als die stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied: de mogelijkheden om binnen dat stedelijk gebied of binnen dat stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien.

Is er sprake van een stedelijke ontwikkeling? Voor de Ladder wordt in het beginsel een ondergrens van 500 m² bvo aangehouden. Daarmee is er met het voornemen sprake van een stedelijke ontwikkeling. Het voornemen voorziet in het realiseren van 8200 m² aan bedrijventerrein en de bouw van 2000 m² aan bvo. Daarmee is sprake van een stedelijke ontwikkeling. Is de stedelijke ontwikkeling nieuw? Daarnaast moet worden beoordeeld of de stedelijke ontwikkeling nieuw is. Daarvan is in beginsel sprake als het nieuwe omgevingsplan meer bebouwing mogelijk maakt dan er op grond van het voorheen geldende planologische regime aanwezig was. Op grond van het geldende planologische regime is er bedrijfsbebouwing toegestaan binnen het bouwoppervlak. De voorgenomen ontwikkeling gaat uit van het uitbreiden van het bedrijventerrein en de realisatie van twee loodsen buiten het bouwvlak. Er is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De ladder voor duurzame verstedelijking is dus van toepassing. Wat is het verzorgingsgebied? Voordat de behoefte in beeld kan worden gebracht, moet ten eerste duidelijk zijn wat het ruimtelijk verzorgingsgebied voor de ontwikkeling betreft. De behoefte moet worden bepaald binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied. De aard en de omvang van de ontwikkeling zijn leidend voor het schaalniveau waarop de ruimtebehoefte moet worden afgewogen.

Het ruimtelijk verzorgingsgebied van de voorliggende ontwikkeling is primair lokaal. De uitbreiding van het bedrijfsperceel ten behoeve van het loon-en grondverzet bedrijf is er, omdat de bedrijfsvoering op andere locaties wordt beëindigd. Hiermee worden de werkzaamheden gecentraliseerd op het terrein aan de Lossersestraat. Ten aanzien van het verzorgingsgebied wordt daarom uitgegaan van de gemeente Losser. Wat is de behoefte? Kwantitatief Voor Losser geldt dat bedrijventerreinen schaars zijn en zorgvuldig moeten worden benut. Externe inventarisaties, zoals ‘Behoefte naar bedrijventerreinen in de toekomst’ (Stec Groep, 2025) vermelden voor Losser circa 46 ha aan bedrijventerrein (totaal areaal), met geen of zeer beperkte directe uitgiftevoorraad te maken heeft. Dit bevestigt dat inbreiding op bestaande kavels of gerichte uitbreidingen bij zittende bedrijven de primaire oplossingsrichting is. In het collegevoorstel over het voornemen stelt de gemeente dat de uitbreiding van het loon-en grondverzetbedrijf Volker BV van essentieel belang is voor het behoud van de agrarische functies in het gebied. De Omgevingsvisie Losser 2040 zet expliciet in op behoud/het aantrekken van werkgelegenheid en constateert dat bedrijventerreinen in trek zijn.

Voor De Lutte is zeer beperkte ruimte voor nieuwe bedrijvigheid beschikbaar; benutten en versterken van de bestaande structuren en zorgvuldig ruimtegebruik zijn leidend. De visie onderstreept het belang van ondernemerschap en werklocaties, maar met landschappelijke inpassing en zorgvuldige keuzes per kern. Deze beleidslijn legitimeert uitbreidingen die aantoonbaar nodig zijn en goed worden ingepast. In regionaal perspectief (Twente) zijn programmeringsafspraken gemaakt om de vraag en aanbod van werklocaties te balanceren en onnodige nieuwe hectares te voorkomen; dit stimuleert optimalisatie en revitalisatie bij zittende bedrijven. De voorgenomen uitbreiding sluit daarbij aan: kleinschalige, vraaggestuurde uitbreiding aansluitend op een bestaande bedrijfslocatie in plaats van nieuwe uitleglocaties.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

2

Notitie ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ De Lutte, Lossersestraat 75 Ter algemene context: in Overijssel bevindt ruim een derde van de banen zich op bedrijventerreinen; vitale, toekomstbestendige terreinen blijven daarom cruciaal voor regionale economie en mkb. Dit onderstreept het belang van doelmatig ruimtegebruik voor werklocaties. Geconcludeerd wordt dat er een reële, actuele en locatiespecifieke behoefte is aan 8.200 m² extra bedrijventerrein (waarvan 2.000 m² bvo in twee loodsen) om het ter plaatse gevestigde loon- en grondverzetsbedrijf te voorzien van een duurzaam toekomstperspectief. Schaarste aan direct beschikbare kavels in Losser en de beleidslijn uit de Omgevingsvisie bevestigen dat gerichte uitbreiding bij een zittend bedrijf het aangewezen instrument is. Kwalitatief Een loon- en grondverzetbedrijf kent plek- en projectgebonden capaciteitsvragen (infra, kabels & leidingen, woningbouw, energie- en klimaatprojecten). De bedrijfsvoering vraagt ruimtelijk intensieve faciliteiten (opstelplaatsen, opslag van grond/puin/rijplaten, stalling en onderhoud zwaar materieel). In de huidige situatie is de ruimte krap; efficiënte en veilige logistiek (intern verkeer, keertijden, scheiden van stromen) is beperkt. De uitbreiding biedt: • Capaciteitsgroei en continuïteit (minder uitwijk naar externe terreinen/opslag).

• Veiligheid/kwaliteit (logistiek scheiden, overdekte stalling, milieuzones binnen het erf). • Minder verkeersbewegingen door bundeling op één plek en minder ritten naar satellietlocaties. Deze behoefte is locatiespecifiek (aansluiting op de bestaande bedrijfsvoering en bestaande investeringen in Lossersestraat 75) en tijdig (actuele orderportefeuille en sectorvraag). Dit is conform de toelichting bij de Ladder: naast regionale cijfers mag concrete, bedrijfsspecifieke behoefte onderbouwen waarom uitbreiding reëel/noodzakelijk is. Ligt het voornemen in bestaand stedelijk gebied? Ontwikkelingen buiten stedelijk gebied en buiten stedelijk groen aan de rand van de bebouwing eisen een extra afweging. Dan moet rekening worden gehouden met de mogelijkheden om in dat stedelijk gebied en stedelijk groen in de behoefte te voorzien. Het projectgebied ligt niet binnen bestaand stedelijk gebied aangezien de voorgenomen uitbreiding plaatsvindt op een agrarisch bedrijfsperceel. Dergelijke functies worden niet beschouwd als ‘bestaand stedelijk gebied’. Hiervoor is de noodzaak voor de beoogde uitbreiding beschreven. Het bedrijf is van oudsher gevestigd op deze locatie en het bedrijf heeft de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in deze locatie. Door deze investeringen is het onwenselijk dat het volledige bedrijf wordt verplaatst naar een bedrijventerrein elders.

Een dergelijk scenario zou leiden tot kapitaalvernietiging. Om de gewenste uitbreiding van het bedrijf te faciliteren door een deel van de bedrijfsvoering op een bestaand bedrijventerrein te realiseren is om bedrijfstechnische redenen onhaalbaar. In een dergelijk scenario is sprake van een versnipperd bedrijf, wat een duurzame bedrijfsvoering onhaalbaar maakt. Verder is van belang dat het perceel landschappelijk goed wordt ingepast, zodat er geen onevenredige inbreuk van het landschap plaatsvindt. Er moet dan ook een zwaarder gewicht worden toegekend aan het belang van de uitbreiding van het bedrijf op de reeds bestaande locatie, dan een eventuele benutting van beschikbare gronden elders in de regio door herstructurering, transformatie of anderszins.

5. Conclusie Met de voorgenomen omgevingsplanwijziging voor de Lossersestraat 75 wordt er een nieuwe stedelijke ontwikkeling planologisch mogelijk gemaakt. Voor een dergelijke ontwikkeling geldt een motiveringsvereiste. In deze notitie ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ is aangetoond dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een concrete behoefte, grenzend aan het bestaand stedelijk gebied. De ontwikkeling is daarmee in overeenstemming met de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ en voldoet aan de instructieregel zoals opgenomen in artikel 5.129g van het Bkl.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

3

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22d, Buitengebied, Lossersestraat 75 te De Lutte

Bijlage 3 Watertoets

Bijlagen toelichting (vastgesteld)

45

Aanvraagformulier

Normale procedure in Vechtstromen Algemene informatie Aanvraag gestart Aanvraag ingediend Aanvraagnummer Bevoegd gezag E-mailadres Naam aanvraag

28-08-2025 10:51 28-08-2025 10:57 00065558 Vechtstromen hendrik@bjz.nu Normale procedure

Op basis van onderstaande locatie

28-08-2025 10:57

1

Aanvraagformulier

Vragen en antwoorden uit de aanvraag Contactgegevens Wat is uw naam?

Hendrik Pries

Wat is uw emailadres?

hendrik@bjz.nu

Wat is uw telefoonnummer?

06 23 83 52 95

Doet u een aanvraag namens uzelf?

Nee

Namens wie vraagt u een watertoets aan?

Harry Kamphuis

Wat is het emailadres van de initiatiefnemer?

harrybna@hetnet.nl

Wat is het telefoonnummer van de initiatiefnemer?

0653158006

Is er contact geweest met de gemeente?

Ja

Geef hier de naam van de contactpersoon van de gemeente.

Niels van Benthem

Wat is het emailadres van de contactpersoon?

n.vanbenthem@losser.nl

Plangegevens Wat is de naam van het plan?

De Lutte, Lossersestraat 75

Geef een korte omschrijving van het plan.

Uitbreiding bedrijventerrein, toevoegen natuur en bos

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Losser&id=494d9dc0-6f48-4ac8-a068-465b144f9512