CConstaterende datLosser
Koppel je AI →
Document · PDF

TAM-omgevingsplan, Hoofdstuk 22h, Buitengebied, Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Raadsvergadering 2 juni 2026, gemeente LosserBij agendapunt: TAM-Omgevingsplan Buitengebied Nijenhaerweg 16 Beuningen26.309 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Copyright 2025 Borgerink Groendesign. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Borgerink Groendesign BV.

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

Inhoud

ORGERINK GROENDESIGN Creatieve vormgeving

Hoofdstuk 1 Inleiding 4 1.1. Aanleiding 1.2 Het huidige erf Hoofdstuk 2 Analyse 5 - 6 2.1. Historie Hoofdstuk 3

Huidige situatie 7 t/m 9

Hoofdstuk 4

Nieuwe erfinrichting

Erfinrichtingstekening 12

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

Inhoudsopgave

10 - 11

1. Inleiding

Beuningen

1.1 Aanleiding Dit voorliggende rapport geeft een ruimtelijke onderbouwing van het toekomstige erf. De landschappelijke inpassing van het erf wordt in woord en beeld toegelicht.

1.2 Het huidige erf Het huidige erf bestaat uit een karakteristieke woonboerderij met bijgebouwen. De initiatiefnemer is op zoek naar een nieuwe invulling van het erf. Door deel te nemen aan de Rood voor Rood regeling kunnen er op het erf een tweetal compensatiewoningen gerealiseerd worden met bijbehorende bijgebouwen. Daarnaast wordt er in de karakteristieke woonboerderij een extra woning geraliseerd.

4

De nieuwe invulling van het erf brengt ook mee dat de toegankelijkheid op het erf wordt aangepast. De aanwezige verharding had behorende bij de agrarische activiteiten op het erf nog een functie maar in de nieuwe situatie wordt bekeken of er meer groen voor in de plaats kan komen.

Oldenzaal Figuur 1. Erf initiatiefnemers - blauw omcirkeld - Nijenhaerweg 16 Beuningen (Bron: Atlas Overijssel)

Figuur 2. Het huidige erf - karakteristieke woonboerderij met bijgebouwen.

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

2. Analyse

ORGERINK GROENDESIGN

2.1 Historie

Creatieve vormgeving

langzamerhand een tweedeling van de beide erven. In de periode 19001935 zijn veel woeste gronden in gebruik genomen als agrarische gronden. Diverse houtopstanden zijn door d tensiveringen van de landbouw verdwenen waardoor het landschap opener is geworden.

In figuur 4 staat de kaart van jaar 1935. Te zien is dat het erf sinds dat jaar een ondergeschikte ontsluiting heeft gekregen op de Nijenhaerweg. Ook het westelijk gelegen erf heeft het erf ontsloten via de Voortmansweg. Er ontstaat

Figuur 3. Historische kaarten jaar 1906. (Bron: topotijdreis.nl)

5

Figuur 4. Historische kaarten jaar 1935. (Bron: topotijdreis.nl)

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

Analyse

Het erf is op de historische kaart van het jaar 1906 goed waarneembaar. Op de kaart van 1860 bestaat het vermoeden dat het erf ook al zichtbaar is maar dat is niet met zekerheid te zeggen. We kunnen wel vaststellen dat het erf langs de esrand is gepositioneerd, zoals ook in figuur 3 goed is te zien. Destijds was het erf nog niet ontsloten op de Nijenhaerweg zoals in de huidige situatie het geval is. De ontsluitingsweg liep naar het noorden, dwars over de es. Ook het westelijk gelegen erf (nu ontsloten op de Voortmansweg) was ontsloten op dezelfde weg. Het landschap was kleinschalig met veel essen en woeste gronden.

In het jaar 1955 heeft het erf een definitieve ontsluiting gekregen op de Nijenhaerweg, zoals ook te zien is in figuur 5. De woeste gronden zijn veelal verdwenen en in gebruik genomen voor het agrarisch gebruik. De zuidelijk gelegen percelen ten op zichte van het erf waren voor 1955 ook voorzien van bos(percelen). Echter vanaf 1955 is er begonnen met het bos om te vormen naar agrarische gronden. Richting het jaar 1988, zie figuur 6, is het bos compleet verdwenen tot aan de verbindingsweg Nijenhaerweg - Voortmansweg. Door de nieuwe ontsluiting is de noordelijk gelegen weg, midden over de es, niet meer noodzakelijk en daarom ook vanaf 1988 omgevormd naar een toegangspad naar de agrarische percelen. Landschappelijke landschapselementen op de perceelsgrenzen zijn aanwijsbaar door de jaren heen volledig of grotendeels verdwenen waardoor we in de huidige situatie restanten zien van de oorspronkelijke landschapskenmerkende houtstructuren.

Figuur 5. Historische kaarten jaar 1955. (Bron: topotijdreis.nl)

6

Figuur 6. Historische kaarten jaar 1988. (Bron: topotijdreis.nl)

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

3. Huidige situatie

ORGERINK GROENDESIGN

De onderstaande foto’s is een weergave van het huidige erf.

Creatieve vormgeving

7 Figuur 7. Zicht vanaf de ontsluitingsweg naar de karakteristieke woonboerderij

Figuur 8. De bomen op het erf blijven zoveel als mogelijk behouden.

4 Figuur 10. De te slopen schuren

2

3 Figuur 9. De te slopen schuren.

5

6

Figuur 11. De woning op het erf met links de voormalige erfontsluitingsweg te midden over de es.

Figuur 12. Zicht naar het westelijk gelegen erf, in de huidige situatie ontsloten op de Voortmansweg.

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

Huidige situatie

1

7 Figuur 13. Kippenhok krijgt een nieuwe plek op het erf.

8 Figuur 14. De fruitboomgaard ten noorden van het erf.

9 Figuur 15. De zuidwestelijke erfrand is voorzien van erfbeplanting.

8

10 Figuur 16. De huidige ontsluitingsweg voorzien van een bomenrij.

11

12

Figuur 17. Aan de noordzijde van het erf ligt nog de es, openheid is een belangrijke factor.

Figuur 18. Aanwezige beplanting op het erf wordt zoveel als mogelijk behouden óf verplant.

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

ORGERINK GROENDESIGN Creatieve vormgeving

8 11

16

3

5

4

2

9

1 10

7 12 1

Figuur 19. Overzichtskaart behorende bij de figuur 7 t/m figuur 18

9

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

Huidige situatie

6

4. Nieuw erfinrichting Het erf ligt in het essenlandschap. Een kenmerk van dit landschapstype is dat de gebouwen speels rondom een centraal erf moeten worden geplaatst. Dat hebben we op dit erf gedaan door een rol te geven aan de bestaande bomen op het erf, namelijk het middelpunt van het erf. De toegangsweg loopt rond over het erf waarbij de twee compensatiewoningen worden geschakeld aan deze toegangsweg. De oriëntatie van de nieuwe woningen is gericht op het omliggende landschap. De zuidelijke groene omzoming wordt verschoven naar de erfgrenssituatie van de initiatiefnemer. De huidige zuidelijke houtopstand/singel bestaat uit voornamelijk inlandse eiken die op één boom na geen toekomstwaarde hebben omdat de singel de afglopen jaren niet op de juiste wijze is onderhouden. De inlandse eik die behouden blijft, wordt weer opgenomen in een groene omzooming van het erf. De groene omzoming wordt vormgegeven door de aanplant van inheems plantmateriaal. Er ontstaat een duurzame groene omzoming welke ervoor zorgt dat de nieuwe woningen en bijgebouwen gron 10 worden ingepast op het Twentse erf.

Figuur 20. Eindbeeld groene omzooming met enkele overstaanders

Hiernaast zijn enkele sfeerbeelden opgenomen van de nieuwe landschapselementen. Door deze eindbeelden te borgen blijft het erf goed ingepast. De toegepaste beplanting is een welkome aanvulling voor de biodiversiteit en past op deze plek in het landschap. Het hemelwater van het erf wordt opgevangen in de poel alvorens het water kan infiltreren in de bodem óf via een overstort in de omliggende agrarische percelen kan infiltreren. Schuttingen en hoge opgaande exoten moeten in het buitengebied voorkomen worden. Rondom de woning is een tuin voorzien. Hier is ruimte voor de meer cultuurlijke beplanting.

Figuur 21. Eindbeeld fruitboomgaard

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

ORGERINK GROENDESIGN Creatieve vormgeving

Figuur 22. Tussen de percelen worden gemengde hagen geplant, zodat er meer privacy ontstaat.

Figuur 24. Een natuurlijke poel zorgt voor natuurlijke infiltratie van het hemelwater.

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

Nieuwe erfinrichting

Figuur 23. Solitaire bomen worden op het erf geplant, maar ook op de overgang erf naar landschap.

11

Beplantingsplan - landschappelijke inpassing erf 1: Erfbos - omzooming erf - 85m2 Vuilboom - Frangula alnus > 15 stuks Gelderse roos - Viburnum opulus > 15 stuks Kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 15 stuks Krent - Amelanchier lamarckii > 10 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 15 stuks Vlier - Sambucus nigra > 15 stuks Plantmaat 80-100, 1st/m2, driehoeksverband Beheer: 1e 3 jaar uitmaaien, vervolgens 1x10 jaar max 20% dunnen. 2: Bomenrij - esrand beplanten met bomen - 3 stuks Zomerlinde - Tilia platyphyllos > 3 stuks Boommaat 14-16, hoogstam, variërende tussenafstanden. 3: Hoogstam fruitboomgaard - 6 stuks Appel, peer, pruim, kers > 6 stuks. Boommaat 10-12, hoogstam, tussenafstand 6 meter.

1

4: Wadi t.b.v. waterberging Wadi ontgraven, afkoppelen hemelwater, ter infiltratie in de bodem. Taluds en bodem inzaaien met een meerjarig inheems kruidenmengsel. Beheer: 2x per jaar maaien, maaisel na 4-5 dagen afharken en afvoeren.

2

21

5: Erfbos - omzooming erf - 270m2 Vuilboom - Frangula alnus > 45 stuks Gelderse roos - Viburnum opulus > 45 stuks Kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 45 stuks Krent - Amelanchier lamarckii > 40 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 45 stuks Vlier - Sambucus nigra > 45 stuks Plantmaat 80-100, 1st/m2, driehoeksverband Beheer: 1e 3 jaar uitmaaien, vervolgens 1x10 jaar max 20% dunnen.

LSR00A 03273G0000

3 4

6: Erfbos - omzooming erf - 110m2 Vuilboom - Frangula alnus > 15 stuks Gelderse roos - Viburnum opulus > 25 stuks Kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 25 stuks Krent - Amelanchier lamarckii > 10 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 15 stuks Vlier - Sambucus nigra > 20 stuks Plantmaat 80-100, 1st/m2, driehoeksverband Zomerlinde - Tilia platyphyllos > 2 stuks Boommaat 14-16, hoogstam, variërende tussenafstanden. Beheer: 1e 3 jaar uitmaaien, vervolgens 1x10 jaar max 20% dunnen.

Bestaande woning

16

6

9

Nieuwe woning

5

17

,3

3

3,5

7: Erfbos - omzooming erf - 230m2 Vuilboom - Frangula alnus > 40 stuks Gelderse roos - Viburnum opulus > 40 stuks Kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 40 stuks Krent - Amelanchier lamarckii > 40 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 40stuks Vlier - Sambucus nigra > 40 stuks Plantmaat 80-100, 1st/m2, driehoeksverband Winterlinde - Tilia cordata > 2 stuks Zoete kers - Prunus avium > 2 stuks Tamme kastanje - Castanea sativa > 2 stuks Boommaat 14-16, hoogstam, variërende tussenafstanden. Beheer: 1e 3 jaar uitmaaien, vervolgens 1x10 jaar max 20% dunnen.

6

9

8

10

8

12

12

8: Hoogstam fruitboomgaard - 5 stuks Appel, peer, pruim, kers > 5 stuks. Boommaat 10-12, hoogstam, tussenafstand 6 meter.

10

9 5,9

11

8

LEGENDA:

8 8 ,9

15

99

12

5,1

6

10: Gemengde haag - 24 meter Veldesdoorn - Acer campestre > 64 stuks Liguster - Ligustrum vulgare > 64 stuks. Haagmaat 60-100cm, dubbele plantrij, 7 stuks per meter.

9

Aanwezige bomen

9: Solitaire bomen - 2 stuks Walnoot - Juglans regia > 2 stuks. Boommaat 14-16, hoogstam, solitaire aanplant.

10

15

Compensatiewoning

Compensatiewoning

21

11: Boom planten in de rij - 1 stuks Zomerlinde - Tilia platyphyllos > 1 stuks Boommaat 14-16, hoogstam, planten in de rij.

Aanwezig houtopstanden, houtsingels en erfbosjes

12: Erfbos - omzooming erf - 180m2 Vuilboom - Frangula alnus > 30 stuks Gelderse roos - Viburnum opulus > 35 stuks Kardinaalsmuts - Euonymus europaeus > 35 stuks Krent - Amelanchier lamarckii > 20 stuks Lijsterbes - Sorbus aucuparia > 30 stuks Vlier - Sambucus nigra > 30 stuks Plantmaat 80-100, 1st/m2, driehoeksverband Beheer: 1e 3 jaar uitmaaien, vervolgens 1x10 jaar max 20% dunnen.

13 Verwijderen bomen

7

Nieuwe (fruit)bomen

13: Bomenrij - 2 stuks Winterlinde - Tilia cordata > 2 stuks Boommaat 14-16, hoogstam, variërende tussenafstanden. Nieuwe erfbos / houtsingel

Planning: na vaststelling bestemmingsplan wordt in het 1e plantseizoen (najaar) - elementen 1 t/m 5 gerealiseerd / geplant. Binnen één jaar na voltooiing van de compensatiewoningen worden in het najaar de elementen 6 t/m 13 geplant.

Verwijderen hagen

LSR00A 03747G0000 Nieuwe hagen

Landschapstype: Essenlandschap Project

Erfinrichtingstekening Tijkotte

Compensatiewoning - 2 stuks incl. bijgebouwen. Nieuwe woning in karakteristiek gebouw incl. bijgebouw.

Planlocatie

Nijenhaarweg 16 te Beuningen Getekend door

Niels Borgerink Laatste gewijzigd op

17-09-2025

Te slopen opstallen

Datum

26-03-2025 Paginaformaat

A2 liggend Schaal

1 : 500

Figuur 25. Erfinrichtingstekening Nijenhaerweg 16 - Beuningen (ov)

Rapportage Landschappelijke inpassing - Nijenhaerweg 16 te Beuningen (ov) - september 2025

Bezoekadres/Postadres: Westenveldweg 9 7634 PW Tilligte Contact: Telefoon: (0541) 725 005 Mobiel: (06) - 531 988 54 E-mail: info@borgerinkgroendesign.nl w w w . b o r g e ri n k g r o e n d e sig n . nl

ORGERINK GROENDESIGN Creatieve vormgeving

WWW.BORGERINKGROENDESIGN.NL

Bijlage 4

Digitale watertoets

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22h, Buitengebied, Nijenhaerweg 16 te Beuningen NL.IMRO.0168.TAM22H-0401

68

Het wateradvies

Het wateradvies Het wateradvies helpt u om aan de hand van de locatie van uw ruimtelijke plan en een aantal vragen te toetsen of u de belangen van het Waterschap raakt. Indien dit het geval is krijgt u tekst en uitleg over het vervolg proces.

Op basis van de check is onderstaande nodig 1. Korte procedure

Op basis van onderstaande locatie

14-08-2025 11:22

1

https://hetwateradvies.nl

Het wateradvies

Vragen en antwoorden uit de check 1 Gaat het om een ruimtelijk plan dat uitsluitend een functiewijziging van bestaande bebouwing inhoudt?

nee

Worden in het plan meer dan 10 wooneenheden gerealiseerd?

nee

Is er in of rondom het plangebied wel eens sprake (geweest) van wateroverlast of grondwateroverlast?

nee

Ligt binnen plangebied (een beschermingszone) van een watergang of waterkering?

nee

Maakt het plan deel uit van een groter plan, zoals een masterplan/ stedenbouwkundige visie?

nee

Wordt water aangelegd, gedempt of aangepast?

nee

Wordt recreatief medegebruik van watergangen of gronden in beheer van het waterschap mogelijk gemaakt?

nee

Bedraagt het verschil tussen de hoogte van de weg en nee de bovenzijde van de begane-grondvloer minder dan 30 centimeter? Is de afstand tussen de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) en de bovenzijde van de begane-grondvloer kleiner dan 80cm?

nee

Zijn er kansen voor afkoppelen van bestaand verhard oppervlak?

nee

Is in het plangebied sprake van slecht doorlatende lagen nee in de ondergrond? Worden bedrijfsmatige activiteiten uitgevoerd, waardoor het afstromende hemelwater verontreinigd kan raken?

nee

Worden er materialen gebruikt waardoor het afstromende hemelwater verontreinigd kan raken?

nee

Neemt in het plan het verharde oppervlak van bebouwing en bestrating toe met meer dan 1500m2?

nee

Wordt regenwater gescheiden van het afvalwater afgevoerd?

ja

Ligt in of nabij het plangebied een zonering zuiveringtechnisch werk?

nee

Ligt het plangebied in een zonering waterwingebieden Drenthe?

nee

Ligt het plangebied in een zonering grondwaterbeschermingsgebieden Drenthe?

nee

Ligt het plangebied in een zonering waterwingebieden Overijssel?

nee

Ligt het plangebied in een zonering grondwaterbeschermingsgebieden Overijssel?

nee

Ligt het plangebied in een zonering Natura 2000?

nee

14-08-2025 11:22

2

https://hetwateradvies.nl

Het wateradvies

Details 1. Korte procedure Op basis van uw locatie en gegeven antwoorden blijkt dat u waterschapsbelangen raakt. U volgt de korte procedure.

Wat moet ik doen? Gebruik alstublieft de knop “DIRECT AANVRAGEN” om uw aanvraag voor een wateradvies daadwerkelijk naar het waterschap te versturen. Hiervoor is een eenmalige registratie benodigd. De korte procedure houdt in dat u zelfstandig een waterparagraaf opstelt, waarin u toelicht hoe u op een goede manier omgaat met de relevante wateraspecten. U kunt hiervoor onze adviezen gebruiken en de standaardwaterparagraaf. Deze hebben we onder het kopje ‘achtergrond’ toegevoegd. Wij verzoeken u deze waterparagraaf aan te passen aan de gegevens van uw plan en de relevante wateraspecten. We vragen u deze waterparagraaf voor advies aan ons voor te leggen. Wanneer wij een positief advies verlenen kunt u de waterparagraaf invoegen in de ruimtelijke onderbouwing van het plan.

Achtergrondinformatie

14-08-2025 11:22

3

https://hetwateradvies.nl

Het wateradvies Waterparagraaf ‘toekomstgericht waterbeheer’

Ruimtelijke ordening en water zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en worden sterk beïnvloed door de klimaatverandering. Er is meer ruimte nodig voor water, omdat klimaatverandering zorgt voor hoge piekafvoeren in de zomer en een gemiddeld hogere waterafvoer in de winter. Het gaat ook om langduriger periodes van droogte en om extreem warm weer, waar vooral stedelijk gebied last van kan hebben. Ook veranderingen in ruimtegebruik hebben gevolgen voor het waterbeheer. Het waterschap wil vroegtijdig meedenken over plannen en ontwikkelingen om samen met de gemeente en andere partners te zoeken naar de bijdrage die water kan leveren aan de verbetering van de leefomgeving.

Het waterschap Vechtstromen zorgt voor het water in uw omgeving. Vanuit het leidend principe ‘Water en mens in hun element’ draagt het waterschap bij aan ruimtelijke kwaliteit en een duurzame leefomgeving. De zorg voor waterveiligheid, schoon water en voldoende water vraagt structureel aandacht en is continu in beweging. Dat doet het waterschap door het (grond)waterpeil te beheren, rioolwater te zuiveren en te zorgen voor schoon water in beken, sloten en rivieren en te zorgen voor stevige dijken. Als belangrijkste speerpunt voor de periode 2022-2027 ziet het waterschap de opgave om zijn gebied veerkrachtiger te maken tegen klimaatverandering. Hiervoor werkt het waterschap toe naar een andere balans van vasthouden-bergen-afvoeren (voorraadbeheer), rekening houdend met de meest recente inzichten over de snelheid van klimaatverandering.

In het waterbeheerprogramma 2022-2027 heeft het waterschap zijn doelen en werkzaamheden weergegeven in vier thema’s.

Klimaatrobuust gebied Het doel is het beheer, het onderhoud en de inrichting van het regionaal watersysteem zodanig te invullen, dat jaarrond een optimale balans tussen te nat en te droog wordt bereikt en tegelijkertijd inwoners, bedrijven en medeoverheden voldoende weerbaar zijn tegen de onvermijdelijke gevolgen van extreem weer.

Veilig gebied Het waterschap zorgt voor veilige dijken, nu en in de toekomst. Onze ambitie is dat in 2050 de waterkeringen voldoen aan de nieuwe normen voor waterveiligheid, en dat we daarbij wendbaar inspelen op ontwikkelingen. We voeren ons beheer op een duurzame wijze uit en werken aan behoud en verhoging van de biodiversiteit van de dijken.

Circulaire Economie en Energietransitie Het waterschap wil in het uitvoeren van zijn primaire taak zoveel mogelijk bijdragen aan het beperken van klimaatverandering. Daarbij willen we in 2050 onderdeel zijn van een 100% circulaire economie waarin we onze taken klimaatneutraal uitvoeren.

Gezonde leefomgeving Als waterschap zorgen we voor een schoon en gezond watersysteem voor de mensen en de natuur in het gebied. Wij streven ernaar dat het water in onze leefomgeving geschikt is voor verschillende maatschappelijke functies en dat het geen risico’s oplevert voor de volksgezondheid. Ons doel is een oppervlaktewatersysteem te bereiken dat optimaal is voor ecologisch functioneren en biodiversiteit en natuurwaarden daarbinnen en -buiten bevordert.

De samenhang van de wateropgaven met andere opgaven in het gebied vraagt om nauwe samenwerking met gemeenten, provincies, inwoners en bedrijven. Om de waterbelangen bij ruimtelijke ontwikkelingen tijdig en goed in beeld te krijgen en mee te kunnen wegen, gebruiken we de (digitale) watertoets.

Relevante wateraspecten Wateroverlast Door de ontwikkelingen in het plangebied neemt het verhard oppervlak toe met m2. Daarnaast is het mogelijk om ook bestaand verhard oppervlak af te koppelen van het rioolstelsel zodat de kans op wateroverlast door toekomstige regenbuien wordt verminderd. Het gaat hierbij om m2. Om wateroverlast te 14-08-2025 11:22

4

https://hetwateradvies.nl

Het wateradvies voorkomen wordt het hemelwater niet afgevoerd naar het rioolstelsel maar volgens de trits vasthouden - bergen – afvoeren behandeld. Het hemelwater wordt ter plaatse geborgen in infiltratie- of waterbergende voorzieningen met een volume van m3. De dimensioneringsberekeningen van de diverse voorzieningen zijn opgenomen in de bijlage bij het bestemmingsplan. Op deze wijze kan regenbui T=100+10% worden opgevangen in het plangebied tot aan maaiveld of op maaiveld geborgen worden zonder dat waterschade optreedt, en vertraagd worden afgevoerd.

Bij voorkeur worden natte en laaggelegen gebieden, beekdalen, regionale bergingsgebieden en overstromingsvlaktes niet bebouwd. Het plangebied beoogt geen kapitaalintensieve bouwwerken in deze gebieden. Wateroverlast voor het plangebied wordt voorkomen door <maatregelen noemen zoals ophogen, kades aanleggen oid>.

Waterkwaliteit Het plan maakt geen functies mogelijk die tot verslechtering van de waterkwaliteit leiden. Om de kwaliteit van het water te waarborgen, worden de volgende maatregelen getroffen: een bodempassage in een berm/ wadi/ filtering d.m.v. een helofytenfilter, chemisch filter of mechanisch filter.

Riolering en Afvalwaterketen Een toename van het afvalwater heeft effect op het functioneren van de afvalwaterketen. Het (gemeentelijk) rioolstelsel, de gemalen (overnamepunten) en de rioolwaterzuiveringsinstallatie kunnen de toename van afvalwater van verwerken zonder daarmee het milieu zwaarder te belasten. Het hemelwater wordt niet aangesloten op het rioolstelsel en zal ter plaatse infiltreren/geborgen worden. Voor onderhoud aan het rioolpersleidingenstelsel is bereikbaarheid noodzakelijk, hiertoe is een zonering rondom de persleiding opgenomen in de verbeelding. Tot slot worden in de milieuzone van de RWZI of rioolgemaal geen hindergevoelige functies opgenomen, die het functioneren van de installatie nu of in de toekomst kunnen belemmeren.

Grondwaterbeheer De ontwikkeling leidt niet tot wijziging van de grondwaterstand. Er wordt niet gebouwd in een gebied met een hoge grondwaterstand of kwel. De bouwwijze is aangepast aan de grondwaterstand en zettingsgevoeligheid van de bodem door ophoging van het maaiveld, kruipruimteloos bouwen, waterdicht bouwen, passende fundering, etc. Om de bestaande grondwaterstanden op peil te houden worden maatregelen genomen om neerslag in de bodem te infiltreren of in andere voorzieningen vast te houden of te bergen.

Recreatie In het plangebied zijn de volgende (nieuwe) aan het water gekoppelde recreatieve functies opgenomen: . Voor zover van dergelijke actieve recreatieve functies een vergunning van het waterschap nodig is, zal deze worden aangevraagd. In het plangebied zijn geen cultuurhistorische waterobjecten aanwezig. De cultuurhistorische waarde wordt door de planontwikkeling niet aangetast.

14-08-2025 11:22

5

https://hetwateradvies.nl

Bijlage 5

Verkennend bodemonderzoek

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22h, Buitengebied, Nijenhaerweg 16 te Beuningen NL.IMRO.0168.TAM22H-0401

74

Verkennend Bodemonderzoek

Project:

2024-244

Locatie:

Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Verkennend Bodemonderzoek

Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Opdrachtgever:

Maatschap Tijkotte Rode Veldweg 4 7596 NB Rossum

Adviesbureau:

Dumea Bornsestraat 24 7597 NE Saasveld

Status:

Definitief

Versie:

1

Datum versie:

25 maart 2025

Projectnummer:

2024-244

Auteur:

Joost Stevelink*

Paraaf:

Kwaliteitscontrole:

Niek Hesselink*

Paraaf:

Veldwerkers:

Mark Morsink, Ruud Steggink (in opleiding)*

*De vermelde personen zijn akkoord met de openbaring van zijn of haar persoonsgegevens in het kader van de AVG-privacy wetgeving.

2024-244

25-03-2024

Pagina 2 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Inhoudsopgave

Pagina

1

Inleiding

4

2

Vooronderzoek

5

3

4

5

2.1 Locatie gegevens

5

2.2 Algemene informatie locatie

5

2.3 Eerder uitgevoerd (bodem)onderzoek

5

2.4 Directe omgeving locatie

6

2.5 Regionale bodemopbouw en geohydrologie

7

2.6 Vooronderzoek PFAS

7

2.7 Vooronderzoek 5707 Asbest

8

2.8 Visuele inspectie bodemoppervlak op asbest

8

Onderzoeksprogramma

9

3.1 Hypothesestelling

9

3.2 Onderzoeksopzet

10

3.3 Analysestrategie

10

Onderzoeksresultaten

13

4.1 Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen

13

4.2 Analyseresultaten

14

4.3 Toetsing van de hypothese

17

4.4 Toetsing aan de noodzaak tot vervolgonderzoek

17

Samenvatting en conclusie

18

Bijlage I:

Situering van de locatie

Bijlage II:

Situering van de locatie

Bijlage III:

Overzichtstekening boorpunten

Bijlage IV:

Boorstaten

Bijlage V:

Analysecertificaten en Overschrijdingstabellen

Bijlage VI:

Foto's

2024-244

25-03-2024

Pagina 3 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

1

Inleiding

In opdracht van Maatschap Tijkotte heeft Dumea een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Nijenhaerweg 16 te Beuningen. De regionale ligging van de locatie is weergegeven in bijlage I. In onderhavig onderzoek is het verkennend bodemonderzoek uitgebreid met een asbest in grondonderzoek. Aanleiding van het onderzoek is in het kader van de voorgenomen omgevingsplanwijziging, sloop- en nieuwbouwactiviteiten. Doel van het onderzoek is het door middel van een steekproef conform het soort bodemonderzoek, nagaan van de huidige kwaliteit van de grond op de locatie. Het onderzoek is niet bedoeld om de exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven. Het verkennend onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen: •

NEN 5725 Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek (NEN5725:2023);

•

NEN 5740 Bodem - Landbodem - strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond (NEN5740:2023);

•

NEN 5707 Bodem – Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem. (NEN

•

5707+C2:2017) NEN 5897 Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat (NEN5897+C2:2017)

•

BRL SIKB Protocol 2001 “Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen”

•

BRL SIKB Protocol 2002 “Het nemen van grondwatermonsters”

•

BRL SIKB Protocol 2018 “Locatie inspectie en monsterneming van asbest in bodem"

Dumea is een handelsnaam van Terra Agribusiness. Het procescertificaat van Terra Agribusiness en het hierbij behorende keurmerk (BRL SIKB 2000) zijn van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundig veldwerk, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, en de overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium. Om de onafhankelijkheid van het onderzoek te waarborgen, verklaart Terra Agribusiness op geen enkele wijze gelieerd te zijn aan de te onderzoeken projectlocatie, zowel in juridische, financiële of personele sfeer. De opbouw van dit rapport wordt als volgt weergegeven: •

vooronderzoek naar historie en bodemgesteldheid;

•

opstellen van een hypothese;

•

opstellen van een onderzoeksstrategie;

•

resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek;

•

conclusies, aanbevelingen en samenvatting.

In geval van klachten kan de opdrachtgever zich wenden tot Dumea en zo nodig tot de certificerendeinstelling (Normec). 2024-244

25-03-2024

Pagina 4 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

2

Vooronderzoek

Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de onderzoeksstrategie op de locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De onderstaande informatie is afkomstig uit: Tabel 1 Bronnen vooronderzoek Bron

Omschrijving

www.ahn.nl

AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland)

www.bodemloket.nl

Bodemloket van Nederland

www.topotijdreis.nl

Historische kaarten

www.dinoloket.nl

Ondergrond gegevens van Nederland

BAG viewer

Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG)

Gemeente Losser

Historische informatie van de gemeente

Omgevingsdienst Twente

Historische informatie van de omgevingsdienst

Bodematlas Provincie Overijssel

Bodem gerelateerde informatie van de Provincie Overijssel

Informatie Opdrachtgever

Maatschap Tijkotte

Inspectie onderzoekslocatie

Visueel inspectie van de locatie

2.1

Locatie gegevens

Gegevens over de locatie zijn weergegeven in onderstaande tabel Tabel 2 Locatiegegevens Adres onderzoekslocatie

Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Kadastrale gemeente

Losser

Sectie

A

Percelen

3747

Oppervlakte van de onderzoekslocatie

< 7000 m2

Eigenaar/ gebruiker

-

Korte beschrijving van de onderzoekslocatie

De onderzoekslocatie bestaat uit een voormalig agrarisch erf

Bebouwing

Op de onderzoekslocatie staat een woning met meerdere (varkens)schuren

Verharding

De onderzoekslocatie is deels verhard met klinkers en beton

2.2

Algemene informatie locatie

De locatie betreft een voormalig agrarisch bedrijf. Op de locatie is een boerderijwoning met een aantal schuren aanwezig. Initiatiefnemer is voornemens de agrarische bebouwing te slopen, de bestemming te wijzigen van agrarisch naar wonen en twee woningen te realiseren. Op historische kaarten is vanaf 1906 bebouwing te zien. Volgens het BAG-register zijn de boerderijwoning en de ligboxenstal gebouwd in 1950. De overige schuren zijn volgens het register gebouwd in 1960 en 2006. Op de kaarten is te zien dat afgelopen decennia wisselende bebouwing aanwezig is geweest op de locatie. In 1982 is een oprichtingsvergunning verleend. In 1988 is een melding op grond van het Besluit mestbassins milieubeheer geaccepteerd. In 2003 is een aanvraag ingediend voor het oprichten en in werking hebben van een melkrundveehouderij met enige stieren.

2024-244

25-03-2024

Pagina 5 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Uit milieutekeningen blijkt dat een dieseltank aanwezig is geweest. Tevens heeft kleinschalige opslag plaatsgevonden van bestrijdingsmiddelen en zuur. In de centraal gelegen schuur heeft olieopslag plaatsgevonden. Uit historische kaarten blijkt dat de onderzoekslocatie vanaf 1906 tot 1975 is aangemerkt als boomgaard. Er is verder geen bodemrelevante informatie van de onderzoekslocatie bekend bij de geraadpleegde bronnen.

2.3

Eerder uitgevoerd (bodem)onderzoek

Voor zover bekend zijn er in het verleden op de locatie geen bodemonderzoeken uitgevoerd.

2.4

Directe omgeving locatie

De onderzoekslocatie bevindt zich in het buitengebied van Beuningen. In de directe omgeving bevinden zich enkele woonhuizen, agrarische bedrijven en landbouwpercelen. De directe omgeving wordt op historische kaarten aangeduid als “Nijenhaer” en “Veldhoek”. Aan de Nijenhaerweg 19 te Beuningen is een indicatief bodemonderzoek uitgevoerd in 1993 (Geofox, 34390/PC/jb, juli 1993). Aanleiding van dit onderzoek vormde de voorgenomen bouwplannen. In dit onderzoek zijn lichte verhogingen aangetroffen in de grond en in grondwater. Er is verder geen bodemrelevante informatie van de directe omgeving van de onderzoekslocatie bekend welke mogelijk invloed heeft gehad op de bodemkwaliteit ter plaatse van onderzoekslocatie.

2024-244

25-03-2024

Pagina 6 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

2.5

Regionale bodemopbouw en geohydrologie

De regionale geohydrologische bodemopbouw is weergegeven in onderstaande figuur. Figuur 1 Geologisch opbouw landelijk model DGM v2.2

De boorlocatie bevindt zich circa 46 meter boven NAP. De regionale grondwaterstroming is noordwestelijk.

2.6

Vooronderzoek PFAS

PFAS komt op verschillende manieren in het grond- en grondwatersysteem in Nederland terecht. Bij lokaal gebruik en calamiteiten leidt dit tot het 'klassieke' bron-grondwaterpluim beeld. Het meest verdacht voor PFAS in het milieu zijn die locaties waar PFAS worden geproduceerd. Ook brandweer-oefen-plaatsen waar met grote regelmaat brandblusschuim is toegepast, zijn verdacht. Er zijn echter ook vele andere toepassingen van PFAS die kunnen leiden tot een grond- of grondwaterverontreiniging. In het handelingskader van het Expertisecentrum PFAS zijn alle bedrijfsactiviteiten en toepassingen beschreven waar PFAS wordt gebruikt en de kans dat daarbij PFAS in het milieu vrijkomt. Uit historisch onderzoek van onderhavig onderzoekslocatie blijkt dat geen van de beschreven toepassingen uit het handelingskader plaats heeft gevonden op of nabij de onderzoekslocatie. Op basis van de verkregen informatie kan gesteld worden dat de onderzoekslocatie als onverdacht gedefinieerd kan worden met betrekking tot PFAS in de bodem.

2024-244

25-03-2024

Pagina 7 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

2.7

Vooronderzoek 5707 Asbest

Uit de verkregen historische informatie blijkt dat vanaf circa 1954 bebouwing op de locatie aanwezig is. Het is mogelijk dat tijdens (ver)bouwwerkzaamheden asbest in de gebouwen verwerkt is. De daken van de schuren bevatten (in het verleden) asbesthoudende dakbedekking. Er zijn geen (voormalige) druppelzones waar het lekwater van de asbesthoudende dakbedekking rechtstreeks in de onbeschermde bodem terechtkomt. Uit informatie van de opdrachtgever blijkt dat op de meest zuidelijke schuur nooit asbesthoudende dakbedekking heeft op gezeten. De ligboxenstal is altijd voorzien geweest van dakgoten met degelijke afvoerpijpen. De centraal gelegen schuur is herbouwd. Door de bouw is de grond rondom de schuur volledig geroerd waardoor een eventuele voormalige druppelzone niet meer te definiëren is. Door het jarenlange gebruik van de locatie als agrarisch erf wordt de locatie als verdacht beschouwd met betrekking tot de aanwezigheid van asbest in de bodem. 2.8

Visuele inspectie bodemoppervlak op asbest

Op 5 maart 2025 is de locatie visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest. De maaiveldinspectie is uitgevoerd conform de NEN 5707. Het maaiveld van de onderzoekslocatie is verdeeld in stroken van ongeveer 1m breed en is strook voor strook in 2 richtingen haaks op elkaar geïnspecteerd. In onderstaande tabel zijn de resultaten van de maaiveldinspectie beknopt weergegeven. Tabel 3 Maaiveldinspectie NEN 5707 Aandachtsgebied

Opmerking

Oppervlakte geïnspecteerde locatie

<7000 m2

Conditie toplaag

Droog

Beperkingen van de inspectie

Neerslag: geen, >25% verharding, >25% vegetatie

Weersomstandigheden

Zicht: > 50m

Asbestverdacht materiaal op maaiveld aangetroffen?

Nee

Opmerking

De maaiveldinspectie werd beperkt door de verharding en de vegetatie

Resultaat maaiveld inspectie Ter plaatse van de onderzoekslocatie is geen asbestverdacht materiaal op het maaiveld aangetroffen.

2024-244

25-03-2024

Pagina 8 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

3

Onderzoeksprogramma

3.1

Hypothesestelling

Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn voor de locatie één of meer hypotheses geformuleerd ten aanzien van grond en grondwaterverontreiniging. Op basis van het historisch vooronderzoek blijkt dat de locatie een voormalige agrarische bedrijfslocatie betreft. Naar aanleiding van de bevindingen van het historisch vooronderzoek wordt de locatie als verdacht beschouwd en wordt als best passende strategie VED-HE gehanteerd. De bovengrond van de onderzoekslocatie kan als verdacht worden beschouwd met betrekking tot de chemische parameters alsmede asbest. In het kader van de NEN5740 en NEN5707 dient de bovengrond onderzocht te worden conform onderzoeksstrategie VED-HE. De ondergrond kan als onverdacht beschouwd worden. De voormalige dieseltank wordt onderzocht conform de strategie VEP. Ter plaatse van de voormalige olieopslag zal een boring worden geplaatst en zal met behulp van een oliedetectiepan worden beoordeeld of er aanwezigheid is van olie-achtige stoffen. De voormalige opslag van bestrijdingsmiddelen en zuur worden niet als verdachte deellocatie meegenomen, gezien het feit dat het slechts geringe hoeveelheden betrof. Omdat de locatie in het verleden in gebruik is geweest als boomgaard zal de bovengrond tevens onderzocht worden op bestrijdingsmiddelen (OCB’s).

Tijdens het veldwerk wordt de locatie geïnspecteerd en zullen de boringen zintuiglijk worden beoordeeld. Bij zintuiglijk bijzondere waarnemingen kan de strategie nog worden aangepast. De volgende deellocaties en hypotheses worden aangehouden: Tabel 4 Deellocaties en hypothese NEN5740 Locatie

Hypothese

Verdachte stoffen

Opmerking

Gehele locatie

Verdacht (VED-HE)

Zware metalen, PAK, OCB’s

-

Vml dieseltank

Verdacht (VEP)

Minerale olie

-

Verkennend bodemonderzoek NEN5707 Het asbest in grondonderzoek heeft tot doel het globaal vaststellen van het gemiddelde asbestgehalte van de deellocatie (ruimtelijke eenheid) en het vaststellen van de globale omvang van een eventueel aanwezige asbestverontreiniging. Tabel 5 Deellocaties en hypothese NEN5707 Locatie

Hypothese

Verdachte stoffen

Opmerking

Gehele locatie

Verdacht (VED-HE)

Asbest in grond

-

2024-244

25-03-2024

Pagina 9 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

3.2

Onderzoeksopzet

De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 5 maart 2025 (plaatsing peilbuizen en monstername grond), 14 maart 2025 (monstername grondwater). De positie van de boorlocaties zijn weergegeven in bijlage III. Tabel 6 Onderzoeksopzet NEN 5740 (VED-HE & VEP) Locatie

Ondiepe boringen1

Diepe boringen2

Peilbuizen

Analyses grond

Analyses water

Gehele locatie

15

3

1

3x STAP* + OCB’s

1x STAP*

Vml dieseltank

2

-

1

1x Minerale olie

1x Minerale olie + BTEXN

* STAP: Standaard stoffenpakket grond en grondwater 1

Ondiepe boringen standaard tot 0,5 m-mv.

2

Diepe boringen tot de grondwaterstand met een minimum van1,0 m-mv en een maximum van 2,0 m-mv.

Tabel 7 Onderzoeksopzet NEN5707 Locatie

Proefgaten ondiep1

Proefgaten met diepe boring2

Analyses asbest in grond3

Gehele locatie

15

3

3

1

Ondiep proefgat standaard 0,3m x 0,3m x 0,5m (lxbxh).

2

Standaard proefgat van 0,3m x 0,3m x 0,5m (lxbxh) diep doorgeboord met edelmanboor Ø 12cm.

3

Analyse conform NEN5898; aantal analyses asbest in materiaal op basis van zintuiglijke waarnemingen in het veld.

3.3

Analysestrategie

Ten behoeve van het analytisch onderzoek zijn op het laboratorium mengmonsters samengesteld. In de onderstaande tabel is de samenstelling van de monsters verwerkt. De aangetroffen situatie ten tijde van de uitvoering van de veldwerkzaamheden gaf geen aanleiding tot het aanpassen van de onderzoeksstrategie. Tabel 8 Analyse onderzochte monsters NEN 5740 Analyse monster

Traject (m-mv)

Deelmonsters

Analyse

BM1

0,08 - 0,50

14 (0,08 - 0,50) 15 (0,08 - 0,50) 17 (0,08 - 0,50) 24 (0,08 - 0,50)

NEN 5740 standaard+struct+OCB(incl vbh) (AS3000)

BM2

0,00 - 0,50

08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) 19 (0,10 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50)

NEN 5740 standaard+struct+OCB(incl vbh) (AS3000)

08-1

0,00 - 0,50

08 (0,00 - 0,50)

Lood (Pb) (AS3000)

09-1

0,00 - 0,50

09 (0,00 - 0,50)

Lood (Pb) (AS3000)

19-1

0,10 - 0,50

19 (0,10 - 0,50)

Lood (Pb) (AS3000)

22-1

0,00 - 0,50

22 (0,00 - 0,50)

Lood (Pb) (AS3000)

20-1

0,00 - 0,50

20 (0,00 - 0,50)

Lood (Pb) (AS3000)

21-1

0,00 - 0,50

21 (0,00 - 0,50)

Lood (Pb) (AS3000)

BM3

0,00 - 0,50

12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,50) 18 (0,08 - 0,50)

NEN 5740 standaard+struct+OCB(incl vbh) (AS3000)

BM4

0,07 - 0,50

01 (0,07 - 0,50) 02 (0,07 - 0,50) 03 (0,07 - 0,50)

Minerale Olie GC (AS3000)

2024-244

25-03-2024

Pagina 10 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

OM1

0,50 - 1,50

01 (0,50 - 1,00) 01 (1,00 - 1,50) 05 (0,50 - 1,00) 05 (1,00 - 1,50) 07 (0,50 - 1,00) 07 (1,00 - 1,50)

AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb

OM2

0,50 - 1,50

18 (0,50 - 1,00) 18 (1,00 - 1,50) 19 (0,50 - 1,00) 19 (1,00 - 1,50)

AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb

Analyse monster

Traject (m-mv)

Analyse

Pb1wm1

2,00 - 3,00

NEN 5740gw standaardpakket (AS3000)

Pb4wm1

2,00 - 3,00

NEN 5740gw standaardpakket (AS3000)

Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab BV. Alle analyses zijn AS3000 erkende verrichtingen.

Motivatie analysestrategie gehele locatie Conform de NEN5740 strategie VED-HE-NL, dienen er 3 grondmonsters in de verdachte laag geanalyseerd te worden. Op basis van het historische gebruik van de locatie is de bovengrond de meest verdachte laag. Op basis van zintuiglijke waarnemingen en het beoogde gebruik van de onderzoekslocatie is besloten om 3 mengmonsters van de bovengrond (BM1, BM2 en BM3) en tevens 2 mengmonsters van de ondergrond (OM1 en OM2) te analyseren. Daarnaast zijn ten behoeve van de verhoging in het mengmonster BM2 separate monsters geselecteerd.

Tabel 9 Analyse onderzochte monsters NEN5707 & NEN5897 Analyse monster

Traject (m-mv)

Deelmonster

Analyse

MM1

0,08 - 0,50

14 (0,08 - 0,50) 15 (0,08 - 0,50) 17 (0,08 - 0,50) 24 (0,08 - 0,50)

Asbest NEN5898 (10 kg)

MM2

0,00 - 0,50

08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) 19 (0,10 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50)

Asbest NEN5898 (10 kg)

MM3

0,00 - 0,50

12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,50) 18 (0,08 - 0,50)

Asbest NEN5898 (10 kg)

MM4

0,00 - 0,60

07 (0,00 - 0,20) 07 (0,00 - 0,20) 11 (0,10 - 0,60) 11 (0,10 - 0,60) 23 (0,08 - 0,50) 23 (0,08 - 0,50)

Asbest NEN5898 (25 kg)

Alle monsters ten behoeve van de NEN 5707 zijn geanalyseerd door ACMAA Laboratorium te Deurningen.

Gezien de zintuiglijke waarnemingen kan gesteld worden dat de homogeniteit van de verschillende inspectiegaten voldoende aanwezig is.

2024-244

25-03-2024

Pagina 11 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden bleek onder een deel van de verharding een puinfundatie aanwezig te zijn. Voor dit deel is de onderzoeksstrategie aangepast naar ‘afgedekte funderingslagen’ uit de NEN 5897. De exacte omvang van de puinlaag is niet vast te stellen doordat deze zich onder een verharding bevindt en heterogeen verdeeld voor kan komen. De puinlaag bij deze boorpunten is bemonsterd en geanalyseerd op asbest. De resultaten van dit onderzoek dient als indicatief te worden beschouwd omdat formeel gesproken niet is voldaan uit een strategie van de NEN 5897. Tijdens de veldwerkzaamheden is het niet gelukt om de omvang van de puinlaag vast te stellen.

2024-244

25-03-2024

Pagina 12 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

4

Onderzoeksresultaten

4.1

Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen

In bijlage V zijn de visuele waarnemingen in de vorm van boorprofielen weergegeven. Veldwaarnemingen De bovengrond bestaat uit matig fijn zand, licht tot sterk siltig en plaatselijk zwak humeus. De ondergrond bestaat uit licht zandig leem. In de onderstaande tabel zijn de zintuiglijk waargenomen bijzonderheden weergegeven: Tabel 10 Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Boring/Gat

Diepte boring (m -mv)

Traject (m -mv)

Grondsoort

Waargenomen bijzonderheden

01

3,50

0,07 - 0,50

Zand

zwak baksteenhoudend, geen olie-water reactie

0,50 - 1,00

Leem

geen olie-water reactie

1,00 - 1,50

Leem

geen olie-water reactie

1,50 - 2,00

Leem

geen olie-water reactie

02

0,50

0,07 - 0,50

Zand

geen olie-water reactie

03

0,50

0,07 - 0,50

Zand

geen olie-water reactie

04

0,70

0,07 - 0,50

Zand

opvulzand

0,50 - 0,70

Zand

sterk puinhoudend, Gestaakt puin

Zand

geen olie-water reactie

06

0,50

0,00 - 0,50

07

1,50

0,00 - 0,20

volledig metselpuin

0,20 - 0,50

Zand

sterk leemhoudend

08

0,50

0,00 - 0,50

Zand

sterk leemhoudend

09

0,50

0,00 - 0,50

Zand

sterk leemhoudend

11

1,00

0,10 - 1,00

14

0,50

0,08 - 0,50

Zand

zwak puinhoudend, zwak grindhoudend

15

0,50

0,08 - 0,50

Zand

zwak puinhoudend, zwak grindhoudend

17

0,50

0,08 - 0,50

Zand

zwak puinhoudend

18

1,50

0,08 - 0,50

Zand

sterk leemhoudend

19

1,50

0,10 - 0,50

Zand

sterk leemhoudend

23

0,50

0,08 - 0,50

24

0,50

0,08 - 0,50

volledig metselpuin, Gestaakt puin ca. 70 % puin (geen bodem)

volledig metselpuin, ca. 80 % puin (geen bodem) Zand

zwak puinhoudend

Er is geen asbestverdacht materiaal aan het oppervlak, in de inspectiegaten en boringen aangetroffen Plaatselijk zijn in enkele inspectiegaten laagjes straatzand aangetroffen. Deze laagjes zijn dusdanig gering van omvang en in zwakke mate aanwezig dat hier geen separate laag van onderscheiden kan worden. Onder een deel van de schuren is een mestkelder aanwezig waardoor inpandig onderzoek hier niet mogelijk is. De woning is bewoond. De kwaliteit van de bodem onder de opstallen wordt niet slechter verwacht dan de bodemkwaliteit naast de opstallen. Ter plaatse van gat 07, 11 en 23 is een puinlaag aangetroffen. De puinlaag voldoet niet aan de definitie bodem. Er zijn zintuiglijk geen asbestverdachte materialen waargenomen. Van de gaten is separaat een mengmonster samengesteld.

2024-244

25-03-2024

Pagina 13 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

De mengmonsters BM1 en MM1 zijn samengesteld uit de individuele licht puinhoudende grondmonsters van de bovengrond, centraal gelegen op het erf. De mengmonsters BM2 en MM2 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond, westelijk gelegen op het erf. De mengmonsters BM3 en MM3 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond, oostelijk gelegen op het erf. Het mengmonster BM4 is samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond ter plaatse van de voormalige dieseltank. Het mengmonster MM4 is samengesteld uit de individuele monsters van de puinlaag. De mengmonsters OM1 en OM2 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de ondergrond van de onderzoekslocatie. De mengmonsters ten behoeve van de NEN5740 zijn samengevoegd door AL-West Agrolab. De mengmonsters ten behoeve van de NEN5707 zijn tijdens het veldwerk samengevoegd.

Grondwater De filterbuis wordt minimaal een halve meter beneden de grondwaterspiegel geplaatst, waarna de dichte buis tot iets boven maaiveld wordt gemonteerd en afgedicht met bentoniet om instroom van oppervlaktewater te voorkomen. In onderstaande tabel zijn de gegevens betreffende de grondwaterbemonstering opgenomen: Tabel 11 Metingen grondwater Peilbuis

Filterdiepte (m -mv)

Grondwaterstand (m -mv)

pH (-)

EC (µS/cm)

Troebelheid (NTU)

Pb01wm1

2,50 - 3,50

1,10

6,3

638

3,85

Pb05wm1

2,00 - 3,00

0,97

6,0

438

7,52

Geen van de gemeten waarden wijkt duidelijk af van de waarde, welke gezien de natuurlijke omstandigheden verwacht kan worden.

4.2

Analyseresultaten

De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven in bijlage V. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab. Deze analyses zijn allen AS3000 erkende verrichtingen. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5707 zijn geanalyseerd door ACMAA Laboratorium te Deurningen. Tabel 12 Kwaliteitsklassen grond (T101 Omgevingswet) Kwaliteitseis

Ondergrens van kwaliteitsklasse

Bovengrens van kwaliteitsklasse

Voormalige benaming (voor inwerkingtreding Omgevingswet

Landbouw/natuur

-

Landbouw/natuur

Achtergrondwaarde

Wonen

Landbouw/natuur

Wonen

Klasse Wonen

Industrie

Wonen

Industrie

Klasse Industrie

Matig verontreinigd

Industrie

Interventiewaarde bodemkwaliteit

Niet toepasbaar en niet sterk verontreinigd (beneden interventiewaarde)

Sterk verontreinigd

Interventiewaarde bodemkwaliteit

-

Niet toepasbaar en sterk verontreinigd (boven interventiewaarde)

2024-244

25-03-2024

Pagina 14 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Tabel 13 Beoordeling aan de interventiewaarde bodemkwaliteit landbodem (T130 Omgevingswet) Omvang bodemvolume grondverzet <25 m3

Kwaliteitseis Kleiner of gelijk aan de Interventiewaarde

Omvang bodemvolume grondverzet >25 m3

Geen regels

Algemene regels uit Bal

Groter dan Interventiewaarde Geen regels of bruidsschat

Algemene regels uit Bal (zwaardere variant)

In de Omgevingswet is de toetsing voor grondwater komen te vervallen. Derhalve zal het grondwater getoetst worden aan het toetsingskader van de Wet bodembescherming.

Tabel 14 Toetsingskader Wbb (grondwater) Concentratie

Betekenis

Opmerking

Code

≤ streefwaarde

Niet verontreinigd

Geen aanvullend onderzoek nodig

-

> streefwaarde ≤ T-waarde

Licht verontreinigd

Geen aanvullend onderzoek nodig

*

> T-waarde ≤ I-waarde

Matig verontreinigd

Mogelijk nader bodemonderzoek noodzakelijk

**

> I-waarde

Sterk verontreinigd

Nader bodemonderzoek noodzakelijk; ***

mogelijk sprake van ernstige bodemverontreiniging

Toelichting: De halve som van de AW- en I-waarden ((AW+I)/2 = T-waarde) is een toetsingswaarde waarboven er een vermoeden is van grondwaterverontreiniging. Door middel van aanvullend onderzoek moet dit vermoeden worden getoetst. De I-waarden zijn de ‘interventiewaarden’. Als de I-waarde voor een stof wordt overschreden in meer dan meer dan 100 m3 grondwater (bodemvolume), dan wordt gesproken van een geval van ernstige bodemverontreiniging.

Tabel 15 Analyseresultaten NEN 5740 Beoordeling interventiewaarde

Monster

Traject (m-mv)

Samenstelling

Verhogingen

Kwaliteitsklasse

BM1

0,08 - 0,50

14 (0,08 - 0,50) 15 (0,08 - 0,50) 17 (0,08 - 0,50) 24 (0,08 - 0,50)

alfa-HCH++, DDD+, PAK+

Industrie

Voldoet aan interventiewaarde

BM2

0,00 - 0,50

08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) 19 (0,10 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50)

Pb++

Industrie

Voldoet aan interventiewaarde

08-1

0,00 - 0,50

08 (0,00 - 0,50)

-

Landbouw/natuur

Voldoet aan interventiewaarde

09-1

0,00 - 0,50

09 (0,00 - 0,50)

Pb+

Wonen

Voldoet aan interventiewaarde

19-1

0,10 - 0,50

19 (0,10 - 0,50)

-

Landbouw/natuur

Voldoet aan interventiewaarde

22-1

0,00 - 0,50

22 (0,00 - 0,50)

Pb+

Wonen

Voldoet aan interventiewaarde

20-1

0,00 - 0,50

20 (0,00 - 0,50)

-

Landbouw/natuur

Voldoet aan interventiewaarde

21-1

0,00 - 0,50

21 (0,00 - 0,50)

-

Landbouw/natuur

Voldoet aan interventiewaarde

BM3

0,00 - 0,50

12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50)

-

Landbouw/natuur

Voldoet aan interventiewaarde

2024-244

25-03-2024

Pagina 15 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

16 (0,00 - 0,50) 18 (0,08 - 0,50) BM4

0,07 - 0,50

01 (0,07 - 0,50) 02 (0,07 - 0,50) 03 (0,07 - 0,50)

-

Landbouw/natuur

Voldoet aan interventiewaarde

OM1

0,50 - 1,50

01 (0,50 - 1,00) 01 (1,00 - 1,50) 05 (0,50 - 1,00) 05 (1,00 - 1,50) 07 (0,50 - 1,00) 07 (1,00 - 1,50)

-

Landbouw/natuur

Voldoet aan interventiewaarde

OM2

0,50 - 1,50

18 (0,50 - 1,00) 18 (1,00 - 1,50) 19 (0,50 - 1,00) 19 (1,00 - 1,50)

-

Landbouw/natuur

Voldoet aan interventiewaarde

Pb01wm1

2,50 - 3,50

Pb01

Naftaleen*

Pb05wm1

2,00 - 3,00

Pb05

-

+ groter dan landbouw/natuur

* groter dan streefwaarde

++ groter dan wonen

** groter dan tussenwaarde

+++ groter dan industrie

*** groter dan interventiewaarde

++++ groter dan matig verontreinigd

Naar aanleiding van de matige verhoging lood in het bovengrondmengmonster BM2 zijn de separate deelmonsters geanalyseerd op lood. Monsterpunt 20-1 en 21-1 zijn eveneens geanalyseerd op de aanwezigheid van lood om zodoende de kwaliteit van de bodem ter plaatse te kunnen bepalen.

Tabel 16 Analyseresultaten NEN 5707 & NEN5897 Monster

Traject (m-mv)

Samenstelling

Matrix

Resultaat

MM1

0,08 - 0,50

14 (0,08 - 0,50) 15 (0,08 - 0,50) 17 (0,08 - 0,50) 24 (0,08 - 0,50)

Asbest in grond

5,8 mg/kg ds*

MM2

0,00 - 0,50

08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) 19 (0,10 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50)

Asbest in grond

Bevat geen asbest

MM3

0,00 - 0,50

12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,50) 18 (0,08 - 0,50)

Asbest in grond

Bevat geen asbest

MM4

0,00 - 0,60

07 (0,00 - 0,20) 07 (0,00 - 0,20) 11 (0,10 - 0,60) 11 (0,10 - 0,60) 23 (0,08 - 0,50) 23 (0,08 - 0,50)

Asbest in puin

0,7 mg/kg ds

Het resultaat in bovenstaand tabel is het gewogen asbestgehalte berekend door het gehalte aan serpentijn asbest te vermeerderen met 10 maal het gehalte aan amfibool asbest. * Van de zeeffractie <0,5 mm is maximaal 10 gram kwalitatief beoordeeld en deze bevat asbestverdachte vezels.

In de fractie <0,5mm van MM1 zijn asbestverdachte vezels aangetroffen. Dit geeft aanleiding tot een SEM-analyse. Echter wordt niet verwacht dat middels een SEM-analyse de interventiewaarde zal worden overschreden.

2024-244

25-03-2024

Pagina 16 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

4.3

Toetsing van de hypothese

Onderdeel

Deellocatie

Gestelde hypothese

Hypothese verworpen of aangenomen

NEN 5740

Gehele locatie

Verdacht

Grotendeels verworpen

NEN 5740

Vml dieseltank

Verdacht

Grotendeels verworpen

NEN 5707

Gehele locatie

Verdacht

Grotendeels verworpen

4.4

Toetsing aan de noodzaak tot vervolgonderzoek

Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Gehele locatie De matige verhoging lood in het bovengrondmengmonster BM2 geeft formeel aanleiding voor het laten uitvoeren van een nader onderzoek. Dit nader onderzoek is reeds uitgevoerd door uitsplitsing van het verhoogde mengmonster. Op basis van de uitsplitsing is geen nader onderzoek meer noodzakelijk. Vml dieseltank Op basis van de onderzoeksresultaten bestaat er geen aanleiding voor het laten uitvoeren van een nader onderzoek.

Verkennend bodemonderzoek NEN5707 & NEN5897 Gehele locatie Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In de mengmonsters is analytisch geen asbest aangetoond of de gewogen asbestgehalten zijn ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.

2024-244

25-03-2024

Pagina 17 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

5

Samenvatting en conclusie

Op een locatie gelegen aan de Nijenhaerweg 16 te Beuningen, kadastraal bekend gemeente: Losser, Sectie: A, nummer(s): 3747 is op 5 maart 2025 een verkennend bodemonderzoek conform NEN5740 en 5707/5897 uitgevoerd. De locatie betreft een voormalig agrarisch bedrijf. Op de locatie is een boerderijwoning met een aantal schuren aanwezig. Initiatiefnemer is voornemens de agrarische bebouwing te slopen, de bestemming te wijzigen van agrarisch naar wonen en twee woningen te realiseren. Naar aanleiding van de bevindingen van het historisch vooronderzoek wordt de locatie als verdacht beschouwd in het kader van de NEN5740 en de NEN5707. Verkennend bodemonderzoek NEN5740 Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn boringen en inspectiegaten uitgevoerd ten behoeve van een bodemonderzoek conform de NEN5740 en NEN5707. Gehele locatie In de bovengrondmengmonsters en in de ondergrondmengmonsters zijn geen verhogingen aangetroffen boven de interventiewaarde. In het mengmonster BM2 is tevens een matige verhoging lood aangetroffen. Naar aanleiding van deze matige verhoging zijn de separate deelmonsters van BM2 geanalyseerd op lood. In de separaat geanalyseerde deelmonsters zijn enkel verhogingen lood aangetroffen ten opzichte van de achtergrondwaarde. Het verschil in gehaltes tussen het mengmonster en de deelmonsters wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de heterogeniteit van de monsters.

In het grondwatermonster Pb05wm1 zijn geen verhogingen aangetroffen aangetroffen. Vml dieseltank In het bovengrondmengmonster BM4 zijn geen verhogingen aangetroffen. In het grondwatermonster Pb01wm1 is een lichte verhoging naftaleen aangetroffen.

Verkennend bodemonderzoek NEN5707 "asbest in bodem" & NEN5897 “asbest in puin” Tijdens de maaiveld- inspectie zijn ter plaatse van de onderzoekslocatie geen asbestverdachte materialen op het maaiveld aangetroffen. Gehele locatie Ter plaatse van de locatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In de mengmonsters is analytisch geen asbest aangetoond of de gewogen asbestgehalten zijn ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek.

2024-244

25-03-2024

Pagina 18 van 25

Verkennend bodemonderzoek Nijenhaerweg 16 te Beuningen

Algemeen Op basis van onderhavig onderzoek wordt een nader bodemonderzoek voor deze locatie niet noodzakelijk geacht. De onderzoekslocatie wordt vanuit milieuhygiënisch oogpunt geschikt geacht voor het beoogde gebruik. De bovengrond valt in de bodemkwaliteitsklasses Landbouw/natuur, Wonen en Industrie. De ondergrond valt in de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/natuur. Aangezien geen partijkeuring conform het Regeling Bodemkwaliteit is uitgevoerd, dienen de resultaten in het kader van de Rbk als indicatief beschouwd te worden. Er heeft geen onderzoek naar de parameters PFAS plaats gevonden. Bij afvoer van grond zal dit wellicht alsnog in een later stadium moeten worden uitgevoerd. Als grond van de locatie vrijkomt, moet er rekening mee worden gehouden dat deze niet zonder meer elders toepasbaar is. De toepassing van grond elders moet worden gemeld via het ‘Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)’.

Hoewel het verrichte veld- en laboratoriumonderzoek volgens de geldende normen zijn uitgevoerd, dienen de onderzoeksresultaten met enige voorzichtigheid te worden gehanteerd. Door de bodem steekproefsgewijs te onderzoeken is ernaar gestreefd om een representatief beeld te krijgen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en het grondwater. Het is echter nooit uit te sluiten dat er lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het grondwater voorkomen. Het uitgevoerde onderzoek is verkennend en betreft een momentopname.

2024-244

25-03-2024

Pagina 19 van 25

Bijlage I Situering van de locatie

Bijlage II Situering van de locatie

Bijlage III Overzichtstekening boorpunten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Losser&id=8b613353-9ce7-4898-be63-9f005111f6fb