Programmabegroting 2024-2027 gemeenteraad
Tekst van het document
2024
0
Totaal 6.72a Jeugdhulp begeleiding 6.72b Jeugdhulp behandeling
Totaal
2023 Totaal 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf
0
0
498
0
512
0
0
512
1. Begroting 2023
0
1.408
0
0
1.408
0
1.410
0
0
1.410
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
37
0
0
37
0
1.408
0
0
1.408
0
1.447
0
0
1.447
1. Begroting 2023
0
460
0
0
460
0
474
0
0
474
2. Voorjaarsnota 2023
0
200
0
0
200
0
200
0
0
200
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
18
0
0
18
0
660
0
0
660
0
692
0
0
692
1. Begroting 2023
0
50
0
0
50
0
50
0
0
50
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
1
0
0
1
0
50
0
0
50
0
51
0
0
51
1. Begroting 2023
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
2. Voorjaarsnota 2023
0
0
0
0
0
0
120
0
0
120
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
3
0
0
3
0
0
0
0
0
0
123
0
0
123
1. Begroting 2023
0
365
0
0
365
0
366
0
0
366
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
10
0
0
10
0
365
0
0
365
0
375
0
0
375
1. Begroting 2023
0
30
0
0
30
0
30
0
0
30
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
1
0
0
1
0
30
0
0
30
0
31
0
0
31
Totaal 6.74c Gesloten plaatsing 6.82 Geëscaleerde zorg 18-
Totaal 6.82 Geëscaleerde zorg 186.82a Jeugdbescherming
Totaal 6.82a Jeugdbescherming 6.82b Jeugdreclassering
Totaal 6.82b Jeugdreclassering
38
Totaal
498
Totaal 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf 6.74c Gesloten plaatsing
2024
0
Totaal 6.74a Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf
Totaal
2023 7.1 Volksgezondheid
1. Begroting 2023
0
945
0
0
3. Begroting 2024
0
0
0
0
945
0
1. Begroting 2023
-3.375
2.574
3. Begroting 2024
0
958
0
0
0
0
0
945
0
180
0
0
179
0
1.137
0
0
1.137
0
0
-801
-3.652
2.837
0
0
-815
0
0
0
0
-464
309
0
0
-154
-3.375
2.574
0
0
-801
-4.116
3.146
0
0
-970
1. Begroting 2023
-2.588
2.089
0
0
-499
-2.674
2.162
0
0
-513
2. Voorjaarsnota 2023
-34
59
0
0
25
0
0
0
0
0
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-65
224
0
0
159
-2.622
2.148
0
0
-474
-2.739
2.386
0
0
-353
1. Begroting 2023
-4
864
0
0
860
-4
842
0
0
838
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-7
96
0
0
88
-4
864
0
0
860
-12
937
0
0
926
1. Begroting 2023
-1
21
0
0
20
-1
21
0
0
21
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
-3
0
0
-3
-1
21
0
0
20
-1
19
0
0
18
1. Begroting 2023
-63
1.892
0
0
1.830
-63
1.062
0
0
998
2. Voorjaarsnota 2023
0
-120
0
0
-120
0
-120
0
0
-120
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-38
191
0
0
153
-63
1.772
0
0
1.710
-101
1.133
0
0
1.032
1. Begroting 2023
-3.360
2.718
0
0
-642
-1.108
977
0
0
-131
2. Voorjaarsnota 2023
-50
0
0
0
-50
-414
0
0
0
-414
Totaal 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer
Totaal 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen
Totaal 7.5 Begraafplaatsen 8.1 Ruimtelijke ordening
Totaal 8.1 Ruimtelijke ordening 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)
39
Totaal 0
Totaal 7.2 Riolering 7.3 Afval
2024
945
Totaal 7.1 Volksgezondheid 7.2 Riolering
Totaal
958
2023 3. Begroting 2024
Totaal 8.3 Wonen en bouwen Eindtotaal
40
2024
Totaal
0
0
0
0
0
0
-272
0
0
-272
-3.411
2.718
0
0
-693
-1.522
704
0
0
-818
1. Begroting 2023
-452
1.175
0
0
724
-460
1.061
0
0
601
2. Voorjaarsnota 2023
0
532
-500
0
32
0
107
-75
0
32
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-60
184
0
0
124
-452
1.707
-500
0
755
-520
1.352
-75
0
757
-17.607
56.699
-2.198
1.220
38.114
-17.337
55.406
-942
1.080
38.207
Totaal 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) 8.3 Wonen en bouwen
Totaal
Tabel 2.1.2 (bedragen x € 1.000) 2024
Totaal
Taakveld
Soort
Kostenverdeling
Meicirculaire 2023
Verbonden partijen
Sociaal Domein
Afval en riolering
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden
Baten
-57
0
0
0
0
-57
Lasten
71
0
0
0
0
71
14
0
0
0
0
14
Baten
-149
0
0
0
0
-149
Lasten
211
0
0
0
0
211
63
0
0
0
0
63
Baten
-8
0
0
0
0
-8
Lasten
14
0
0
0
0
14
6
0
0
0
0
6
Baten
-5
0
0
0
0
-5
Lasten
7
0
-14
0
0
-8
2
0
-14
0
0
-13
Baten
-10
0
0
0
0
-10
Lasten
20
0
-68
0
0
-48
10
0
-68
0
0
-58
Baten
-39
0
0
0
0
-39
Lasten
33
0
222
0
0
255
-6
0
222
0
0
216
Baten
-1
0
0
0
0
-1
Lasten
-20
0
0
0
0
-20
-21
0
0
0
0
-21
Baten
-1
0
0
0
0
-1
Lasten
35
-1
0
0
0
34
Totaal 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 2.1 Verkeer en vervoer
Totaal 2.1 Verkeer en vervoer 2.4 Economische Havens en waterwegen
Totaal 2.4 Economische Havens en waterwegen 2.5 Openbaar vervoer
Totaal 2.5 Openbaar vervoer 3.3 Bedrijfsloket en regelingen
Totaal 3.3 Bedrijfsloket en regelingen 3.4 Economische promotie
Totaal 3.4 Economische promotie 4.2 Onderwijshuisvesting
Totaal 4.2 Onderwijshuisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
2024 Totaal 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 5.1 Sportbeleid en activering
34
-1
0
0
0
33
1
-105
0
0
0
-104
1
-105
0
0
0
-104
Baten
-17
0
0
0
0
-17
Lasten
35
0
0
0
0
35
18
0
0
0
0
18
Baten
-1
0
0
0
0
-1
Lasten
2
0
0
0
0
2
1
0
0
0
0
1
Baten
0
0
0
0
0
0
Lasten
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Baten
-1
0
0
0
0
-1
Lasten
1
0
0
0
0
1
0
0
0
0
0
0
Baten
-48
0
0
0
0
-48
Lasten
93
0
33
0
0
127
45
0
33
0
0
79
Baten
-6
0
0
0
0
-6
Lasten
177
0
2
0
0
178
171
0
2
0
0
173
Baten
-3
0
0
0
0
-3
Lasten
174
0
92
450
0
716
171
0
92
450
0
713
Lasten
Totaal 5.1 Sportbeleid en activering 5.2 Sportaccommodaties
Totaal 5.2 Sportaccommodaties 5.3 Cultuurpresentatie, productie en participatie
Totaal 5.3 Cultuurpresentatie, productie en participatie 5.4 Musea
Totaal 5.4 Musea 5.5 Cultureel erfgoed
Totaal 5.5 Cultureel erfgoed 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Totaal 5.7 Openbaar groen en (openl.) recreatie 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
Totaal 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
Totaal 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
42
Totaal
2024 6.3 Inkomensregelingen
Baten
-1
0
0
0
0
-1
Lasten
-71
189
12
0
0
130
-72
189
12
0
0
129
Baten
0
0
0
0
0
0
Lasten
-83
0
0
0
0
-83
-83
0
0
0
0
-83
Baten
-3
0
0
0
0
-3
Lasten
124
0
0
0
0
124
121
0
0
0
0
121
Baten
-9
0
0
0
0
-9
Lasten
131
0
0
0
0
131
122
0
0
0
0
122
Baten
-1
0
0
0
0
-1
Lasten
497
0
0
0
0
497
497
0
0
0
0
497
-302
0
0
0
0
-302
-302
0
0
0
0
-302
35
0
0
0
0
35
35
0
0
0
0
35
23
0
0
0
0
23
23
0
0
0
0
23
2
0
0
0
0
2
2
0
0
0
0
2
24
166
0
0
0
190
24
166
0
0
0
190
Totaal 6.3 Inkomensregelingen 6.4 WSW en beschut werk
Totaal 6.4 WSW en beschut werk 6.5 Arbeidsparticipatie
Totaal 6.5 Arbeidsparticipatie 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
Totaal 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
Totaal 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 6.71a Huishuishoudelijke hulp (WMO)
Lasten
Totaal 6.71a Huishuishoudelijke hulp (WMO) 6.71b Begeleiding (WMO)
Lasten
Totaal 6.71b Begeleiding (WMO) 6.71c Dagbesteding (WMO)
Lasten
Totaal 6.71c Dagbesteding (WMO) 6.72 Maatwerkdienstverlening 18-
Lasten
Totaal 6.72 Maatwerkdienstverlening 186.72a Jeugdhulp begeleiding Totaal 6.72a Jeugdhulp begeleiding
43
Totaal
Lasten
2024 6.72b Jeugdhulp behandeling
Lasten
Totaal 6.72b Jeugdhulp behandeling 6.72c Jeugdhulp dagbesteding
Lasten
Totaal 6.72c Jeugdhulp dagbesteding 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig
Lasten
Totaal 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig 6.73a Pleegzorg
Lasten
Totaal 6.73a Pleegzorg 6.73b Gezinsgericht
Lasten
Totaal 6.73b Gezinsgericht 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig
Lasten
Totaal 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf
Lasten
Totaal 6.74a Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf
Lasten
Totaal 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf 6.74c Gesloten plaatsing
Lasten
Totaal 6.74c Gesloten plaatsing 6.82 Geëscaleerde zorg 18-
Lasten
Totaal 6.82 Geëscaleerde zorg 186.82a Jeugdbescherming
Lasten
Totaal 6.82a Jeugdbescherming 6.82b Jeugdreclassering Totaal 6.82b Jeugdreclassering
44
Lasten
Totaal 36
0
0
0
0
36
36
0
0
0
0
36
8
0
0
0
0
8
8
0
0
0
0
8
14
0
0
0
0
14
14
0
0
0
0
14
5
0
0
0
0
5
5
0
0
0
0
5
9
0
0
0
0
9
9
0
0
0
0
9
13
0
0
0
0
13
13
0
0
0
0
13
37
0
0
0
0
37
37
0
0
0
0
37
18
0
0
0
0
18
18
0
0
0
0
18
1
0
0
0
0
1
1
0
0
0
0
1
3
0
0
0
0
3
3
0
0
0
0
3
10
0
0
0
0
10
10
0
0
0
0
10
1
0
0
0
0
1
1
0
0
0
0
1
2024 7.1 Volksgezondheid
Totaal
Baten
0
0
0
0
0
0
Lasten
23
0
157
0
0
180
23
0
157
0
0
179
Baten
-514
0
0
0
50
-464
Lasten
209
0
0
0
100
309
-305
0
0
0
151
-154
Baten
-224
0
0
0
160
-65
Lasten
138
0
0
0
86
224
-87
0
0
0
246
159
Baten
-7
0
0
0
0
-7
Lasten
36
0
60
0
0
96
28
0
60
0
0
88
Baten
0
0
0
0
0
0
Lasten
0
0
-3
0
0
-3
0
0
-3
0
0
-3
Baten
-38
0
0
0
0
-38
Lasten
191
0
0
0
0
191
153
0
0
0
0
153
-272
0
0
0
0
-272
-272
0
0
0
0
-272
Baten
-60
0
0
0
0
-60
Lasten
183
1
0
0
0
184
Totaal 8.3 Wonen en bouwen
123
1
0
0
0
124
Eindtotaal
694
249
492
450
397
2.282
Totaal 7.1 Volksgezondheid 7.2 Riolering
Totaal 7.2 Riolering 7.3 Afval
Totaal 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer
Totaal 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen
Totaal 7.5 Begraafplaatsen 8.1 Ruimtelijke ordening
Totaal 8.1 Ruimtelijke ordening 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)
Lasten
Totaal 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) 8.3 Wonen en bouwen
45
2.2. Programma Wendbare organisatie en transparant bestuur
We hebben te maken met een externe omgeving die steeds complexer wordt en waarbij ontwikkelingen elkaar steeds sneller opvolgen. Daarbij hebben we te maken met de uitvoering van landelijke en Europese wet- en regelgeving. Tegen de achtergrond van deze dynamische omgeving willen we inspelen op ontwikkelingen in de maatschappij, zodat het mooi wonen blijft in Losser. Dit willen we met en voor de samenleving doen. Door de snel veranderende wereld om ons heen, zullen we als gemeentelijke organisatie steeds vooruit moeten blijven kijken en continu moeten door ontwikkelen om onze doelen te kunnen blijven bereiken. Hiervoor moeten we als gemeente wendbaar zijn. Kortom: Maatschappelijk effect: ‘We spelen in op ontwikkelingen in de samenleving, waarbij wettelijke taken worden uitgevoerd en doelen met en voor inwoners, bedrijven en organisaties worden gerealiseerd; wendbaar, betrouwbaar en transparant’ De opgave ‘Wendbare organisatie, betrouwbaar en transparant openbaar bestuur’ is ondersteunend aan de inhoudelijke opgaven en verbindt de binnenwereld met de buitenwereld. Dat wil zeggen, binnen door ontwikkelen om buiten de juiste dingen te kunnen doen. De inzet van inwonerparticipatie is daarbij van eminent belang. De doorontwikkeling hiervan is een continue proces dat ook in 2024 in verschillende facetten zijn beslag krijgt.
De gemeentelijke organisatie (medewerkers en bestuur) zijn in staat om inwonerparticipatie op een doeltreffende manier in te zetten binnen oriënterende fasen, besluitvormings-, uitvoeringstrajecten en projecten. We werken met verschillende participatie- en communicatie-instrumenten en zetten deze zo goed mogelijk in. We dragen bij aan verkleining van de afstand tussen inwoners en gemeente/bestuur en benutten het potentieel in de samenleving.
Doel A. Competente medewerkers die werken vanuit de kernwaarden van de organisatie Om competente medewerkers te vinden, binden en behouden wordt het programma Opgavegerichte personeelsstrategie dat in 2023 is gestart gecontinueerd. Binnen dit programma vallen vijf projecten die lopen t/m 2026. Resultaten 2024: a. Projectplan Werving & selectie (waaronder ontwikkeling eigen werkgeversmerk en optimaliseren ‘Werken bij Losser’ website) is uitgevoerd. b. Op basis van onze HR-visie is een ontwikkelplan voor coachend en dienend leiderschap gerealiseerd. Dit plan vormt de basis van een continu proces van leiderschapsontwikkeling. c. Het onboardingsprogramma is afgerond. d. Op basis van beleid dat is vastgesteld in 2023 ronden we het Projectplan Duurzame inzetbaarheid en vitaliteit af en starten we met de uitvoering daarvan. Dit project loopt door in 2025 en 2026. e. De motie ‘Benchmark omvang en samenstelling gemeentelijke organisatie in vergelijking tot andere gemeenten’ wordt opgeleverd. De benchmark moet inzicht geven in de omvang en samenstelling van formatie in relatie tot de taken en ambities waar de gemeente voor staat. Dit zegt nog niet of je met die formatie ook je doelen kunt realiseren.
Daarom maken we een koppeling tussen de benchmark en de strategische personeelsplanning (ambities en capaciteit in relatie tot kennis en kunde die hiervoor nodig zijn) die voor 2024 was ingepland. f. Actieplan aan de hand van de uitkomsten van de weerbaarheidsscan wordt opgesteld, waarbij ook integriteit wordt meegenomen Aan welke global goals draagt het bij?
Doel B. De gemeentelijke organisatie stuurt, werkt en verantwoordt vanuit de maatschappelijke opgaven Hiervoor werken we opgavegericht, waarbij we meer en meer de samenleving betrekken in de doelen die we realiseren. In 2024 ronden we de inrichting van de processen en systemen rondom opgavegericht werken af. Processen en systemen zijn er om opgavegericht werken te faciliteren. Het is uiteindelijk een cultuuromslag die niet geregeld is met alleen het inrichten van systemen en processen, maar die vraagt om dienend leiderschap, verbinding met de buitenwereld en continu reflecteren, leren en door ontwikkelen. Communicatie speelt hierbij een belangrijke rol. Resultaten 2024: a. Opgavegerichte P&C is ingericht, zichtbaar in P&C-documenten en georganiseerd aan de achterkant (onder andere aanpassen financieel systeem en Financiële verordening). b. Rollen rondom opgavegericht werken (raad, college, organisatie, buitenwereld) zijn vastgelegd. c. Draagvlak: alle betrokkenen binnen de gemeentelijke organisatie voor wie dat relevant is, weten waarom we opgavegericht werken, wat het is en wat zijn/haar rol hierin is. d. Visie op de lerende organisatie is opgesteld.
47
Inwonerparticipatie Het uitvoeringsplan doorontwikkeling inwonerparticipatie wordt geëffectueerd, waarin onderstaande onderdelen zijn meegenomen: a. Er wordt uitvoering gegeven aan het opleidingsplan op het terrein van inwonerparticipatie. b. Op basis van opgedane ervaringen met jongerenparticipatie binnen het sociaal domein is jongerenparticipatie vormgegeven binnen overige opgaven. c. Inwonerparticipatie is ingezet binnen de (door) ontwikkeling van het opgavegericht werken. d. De kinderraad en de kinderburgemeester zijn ontwikkeld tot breed gedragen participatie-vormen. e. De quick scan lokale democratie is afgerond. Eventuele verbeterpunten aan de hand van de quickscan op het gebied van inwonerparticipatie, communicatie en dienstverlening worden in 2024 en verder uitgewerkt. f. We maken gebruik van ervaringsdeskundigheid binnen de verschillende opgaven. Aan welke global goals draagt het bij?
Doel C. Informatievoorziening is zodanig ingericht dat de organisatie in staat is om wendbaar, betrouwbaar en transparant te opereren Dienstverlening Vanuit de Visie op dienstverlening wordt gewerkt vanuit vijf ontwikkelsporen: 1. flexibele dienstverlening (plaats- tijd en kanaalonafhankelijk) 2. digitale dienstverlening klaar voor de toekomst 3. inclusieve dienstverlening 4. samen met de samenleving en 5. professionele en lerende cultuur. Op deze ontwikkelsporen wordt voortgebouwd op basis van de vorderingen gemaakt in 2023. Resultaten 2024: a. Servicenormen zijn uniform beschreven, gemonitord en voldoen voor minimaal 80%. b. Behoefteonderzoek naar de zichtbaarheid van de gemeente is uitgevoerd. c. De rollen en taken ten aanzien van Dimpact zijn belegd. d. De ondersteuningsmogelijkheden voor inwoners met een beperking zijn verkend en worden actief aangeboden; e. Brieven richting de inwoners en onze partners worden in dit traject verbeterd (Direct Duidelijk); f. Het instrument ‘inwonersreis’ is ontwikkeld en geïmplementeerd. g. Afspraken zijn gemaakt met onze samenwerkingspartners (o.a. Enschede en GBTwente) over dienstverlening; h. Er is een meetbaar positieve score op contacten via het KCC. Het streven is een score van 90%. i. Inwoners ervaren een adequate afwikkeling van hun vraag.
48
Datagedreven werken a. Data-analist en coördinator datagedreven werken zijn aangetrokken en de rollen en verantwoordelijkheden zijn gedefinieerd. b. Onze organisatie is getraind op een aantal basisvaardigheden met betrekking tot datagedreven werken. c. De processen om te komen tot dataproducten zijn beschreven en houden rekening met privacy en ethische vraagstukken. Bridge a. Visie, beleid en architectuur ten aanzien van informatiebeheer is vastgesteld. b. Mensen, middelen en organisatie zijn ingericht conform de vereisten uit de kwaliteitszorg en het handboek vervanging. c. De eventuele achterstanden in de archivering zijn weggewerkt. Common Ground De implementatie van Open Online (techniek achter de website), open formulieren (generieke webformulier-component) en Signalen (Meldingen openbare ruimte) is uitgevoerd. Wet Open Overheid (WOO) a. Opleidingsplan is opgesteld en in werking gezet. b. De werkprocessen voor zowel actieve als passieve publicatie zijn ingericht.
Aan welke global goals draagt het bij?
Lasten en baten per taakveld, programma Wendbare organisatie Programma Wendbare organisatie
Realisatie 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
1.837
1.733
1.429
1.418
1.427
1.427
0
132
0
0
0
0
555
679
750
699
722
732
8.220
8.867
11.125
10.180
10.098
10.066
0.5 Treasury
497
496
429
525
621
676
0.61 OZB woningen
444
445
475
475
474
474
6
33
39
39
38
38
0.8 Overige baten en lasten
1.085
1.309
1.684
1.722
2.655
2.922
0.9 Vennootschapsbelasting [VpB]
151
-27
-11
62
44
45
1.609
1.744
1.926
1.919
1.919
1.918
422
583
643
608
607
606
Lasten 0.1 Bestuur 0.10 Mutatie reserves 0.2 Burgerzaken 0.4 Ondersteuning organisatie
0.64 Belastingen Overig
1.1 Crisisbeheersing en Brandweer 1.2 Openbare orde en Veiligheid
49
Totaal - Lasten
14.826
15.994
18.490
17.645
18.605
18.904
0.1 Bestuur
527
0
0
0
0
0
0.2 Burgerzaken
329
274
339
345
373
386
0.4 Ondersteuning organisatie
187
199
261
263
262
262
0.5 Treasury
785
1.378
946
939
932
966
4.653
3.950
4.308
4.390
4.390
4.390
0.62 OZB- niet woningen
548
1.643
1.796
1.830
1.830
1.830
0.64 Belastingen Overig
1
0
3
3
2
2
0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds
44.831
44.597
47.124
48.952
46.850
47.848
0.8 Overige baten en lasten
442
0
69
69
69
69
0.9 Vennootschapsbelasting [VpB]
30
0
0
0
0
0
1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
0
0
2
2
2
2
1.2 Openbare orde en Veiligheid
14
15
15
15
15
15
52.347
52.056
54.862
56.808
54.725
55.770
258
1.352
2.223
1.999
800
0
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
7.340
-83
-995
1.227
-2.273
933
Totaal - Storting reserves
7.597
1.269
1.228
3.226
-1.473
933
1.064
2.355
2.193
1.193
1.193
393
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
795
966
871
839
1.040
997
Totaal - Onttrekking reserves
1.859
3.321
3.064
2.032
2.233
1.390
-31.783
-38.114
-38.207
-37.968
-39.826
-37.324
Baten
0.61 OZB woningen
Totaal - Baten
Storting reserves 0.10 Mutatie reserves
Onttrekking reserves 0.10 Mutatie reserves
Wendbare organisatie
50
De financiële toelichting is schematischer en meer op hoofdlijnen vormgegeven. In onderstaande tabel (2.2.1) ziet u de herkomst van de bedragen (begroting 2023, Voorjaarsnota 2023 en nagekomen ontwikkelingen na de VJN2023), gevolgd door tabel 2.2.2 met een specificatie van de ontwikkelingen na de VJN2023. Een nadere toelichting op de werkwijze treft u aan in de Leeswijzer.
51
Tabel 2.2.1 (bedragen x € 1.000) 2023
Totaal
Taakveld
Onderdeel
0.1 Bestuur
1. Begroting 2023
0
1.729
0
0
1.729
2. Voorjaarsnota 2023
0
4
0
0
3. Begroting 2024
0
0
0
0
1.733
0
1. Begroting 2023
0
132
2. Voorjaarsnota 2023
0
3. Begroting 2024
0.10 Mutatie reserves
Onttrekking Storting reserves reserves
0
1.719
0
0
1.719
4
0
5
0
0
5
0
0
0
-295
0
0
-295
0
1.733
0
1.429
0
0
1.429
-2.355
1.352
-871
0
0
-943
1.723
780
0
0
0
0
0
0
-1.000
500
-500
0
0
0
0
0
0
0
-250
0
-250
0
132
-2.355
1.352
-871
0
0
-2.193
2.223
30
1. Begroting 2023
-274
679
0
0
405
-278
590
0
0
312
2. Voorjaarsnota 2023
0
0
0
0
0
-53
53
0
0
0
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-8
107
0
0
99
-274
679
0
0
405
-339
750
0
0
411
1. Begroting 2023
-199
8.867
0
0
8.668
-202
8.606
0
0
8.404
2. Voorjaarsnota 2023
0
0
0
0
0
0
232
0
0
232
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-59
2.287
0
0
2.228
-199
8.867
0
0
8.668
-261 11.125
0
0
10.864
1. Begroting 2023
-1.128
496
0
0
-632
-1.145
524
0
0
-621
2. Voorjaarsnota 2023
-250
0
0
0
-250
-90
0
0
0
-90
Totaal 0.10 Mutatie reserves 0.2 Burgerzaken
Totaal 0.2 Burgerzaken 0.4 Ondersteuning organisatie
Totaal 0.4 Ondersteuning organisatie 0.5 Treasury
Lasten Onttrekking Storting reserves reserves
Totaal Laste n
Totaal 0.1 Bestuur
Baten
2024 Baten
2023 3. Begroting 2024
0
0
0
0
289
-94
0
0
195
496
0
0
-882
-946
429
0
0
-516
1. Begroting 2023
-3.950
445
0
0
-3.505
-4.022
459
0
0
-3.564
2. Voorjaarsnota 2023
0
0
0
0
0
-170
0
0
0
-170
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-115
16
0
0
-99
-3.950
445
0
0
-3.505
-4.308
475
0
0
-3.833
1. Begroting 2023
-1.643
0
0
0
-1.643
-1.674
0
0
0
-1.674
2. Voorjaarsnota 2023
0
0
0
0
0
-117
0
0
0
-117
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-5
0
0
0
-5
-1.643
0
0
0
-1.643
-1.796
0
0
0
-1.796
1. Begroting 2023
0
33
0
0
33
0
34
0
0
34
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-3
6
0
0
3
0
33
0
0
33
-3
39
0
0
37
1. Begroting 2023
-44.408
0
0
0
-44.408
-44.720
0
0
0
-44.720
2. Voorjaarsnota 2023
-189
0
0
0
-189
-1.330
0
0
0
-1.330
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-1.075
0
0
0
-1.075
-44.597
0
0
0
-44.597
-47.124
0
0
0
-47.124
1. Begroting 2023
0
1.343
0
0
1.343
0
2.133
0
0
2.133
2. Voorjaarsnota 2023
0
-34
0
0
-34
0
2.505
0
0
2.505
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-69
-2.954
0
0
-3.023
0
1.309
0
0
1.309
-69
1.684
0
0
1.615
Totaal 0.62 OZB- niet woningen 0.64 Belastingen Overig
Totaal 0.64 Belastingen Overig 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds
Totaal 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten
Totaal 0.8 Overige baten en lasten
53
Totaal
0
Totaal 0.61 OZB woningen 0.62 OZB- niet woningen
2024
-1.378
Totaal 0.5 Treasury 0.61 OZB woningen
Totaal
2023 0.9 Vennootschapsbelasting [VpB]
Totaal 1.2 Openbare orde en Veiligheid Eindtotaal
54
Totaal
0
-207
0
0
-207
0
36
0
0
36
2. Voorjaarsnota 2023
0
180
0
0
180
0
-46
0
0
-46
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
-27
0
0
-27
0
-11
0
0
-11
1. Begroting 2023
0
1.744
0
0
1.744
0
1.769
0
0
1.769
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
-2
157
0
0
155
0
1.744
0
0
1.744
-2
1.926
0
0
1.924
1. Begroting 2023
-15
583
0
0
568
-15
575
0
0
560
3. Begroting 2024
0
0
0
0
0
0
68
0
0
68
-15
583
0
0
568
-15
643
0
0
628
-52.056
15.994
-2.355
1.352
-37.066
-54.862 18.490
-2.193
2.223
-36.342
Totaal 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer 1.2 Openbare orde en Veiligheid
2024
1. Begroting 2023
Totaal 0.9 Vennootschapsbelasting [VpB] 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
Totaal
Tabel 2.2.2 (bedragen x € 1.000) 2024 Actuele Taakveld
Soort
0.1 Bestuur
Lasten
Kostenverdeling
Meicirculaire 2023
Verbonden partijen
75
0
-369
0
-295
75
0
-369
0
-295
0
0
0
-250
-250
0
0
0
-250
-250
Baten
-8
0
0
0
-8
Lasten
102
5
0
0
107
94
5
0
0
99
Baten
-59
0
0
0
-59
Lasten
2.237
0
50
0
2.287
2.178
0
50
0
2.228
Baten
289
0
0
0
289
Lasten
-94
0
0
0
-94
195
0
0
0
195
Baten
-115
0
0
0
-115
Lasten
21
0
-5
0
16
-94
0
-5
0
-99
-5
0
0
0
-5
-5
0
0
0
-5
Baten
-3
0
0
0
-3
Lasten
6
0
0
0
6
3
0
0
0
3
0
-1.075
0
0
-1.075
0
-1.075
0
0
-1.075
-2.698
0
-426
0
-3.124
-2.698
0
-426
0
-3.124
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Baten
-2
0
0
0
-2
Lasten
16
0
141
0
157
14
0
141
0
155
68
0
0
0
68
68
0
0
0
68
-170
-1.069
-610
-250
-2.099
Totaal 0.1 Bestuur 0.10 Mutatie reserves
Onttrekking reserves
Totaal 0.10 Mutatie reserves 0.2 Burgerzaken
Totaal 0.2 Burgerzaken 0.4 Ondersteuning organisatie
Totaal 0.4 Ondersteuning organisatie 0.5 Treasury
Totaal 0.5 Treasury 0.61 OZB woningen
Totaal 0.61 OZB woningen 0.62 OZB- niet woningen
Baten
Totaal 0.62 OZB- niet woningen 0.64 Belastingen Overig
Totaal 0.64 Belastingen Overig 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds
Baten
Totaal 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten
Lasten
Totaal 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting
Lasten
Totaal 0.9 Vennootschapsbelasting 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
Totaal 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer 1.2 Openbare orde en Veiligheid Totaal 1.2 Openbare orde en Veiligheid Eindtotaal
Totaal
Lasten
Afval en riolering
Toelichting baten en lasten taakveld treasury Tabel 2.2.3 (bedragen x € 1.000) Onderdeel
2023
2024
Verschil 2024-2023
Baten Beleggingen
679
521
-157
Rente & Treasury overige
699
424
-275
1.378
946
-432
Beleggingen
0
0
0
Deelnemingen nutsbedrijven
0
0
0
Geldleningen uitzettingen 1 jaar
2
2
0
Rente & Treasury overige
494
427
67
Totaal Lasten
496
429
66
Eindtotaal
882
516
-366
Totaal Baten Lasten
Toelichting baten De baten uit de beleggingen vallen in 2024 bijna € 160.000 lager uit dan in 2023. Oorzaak is dat we in 2023 rekening hebben gehouden met een extra dividenduitkering van Twence. De omslagrente in de Gemeentebegroting 2024 is ten opzichte van de begroting 2023 verlaagd van 0,7% naar 0,4%. Hierdoor dalen de baten op het onderdeel Rente & Treasury. Toelichting lasten Voor de extra investeringen die we de komende jaren doen hebben we inmiddels ook nieuwe leningen afgesloten. We hebben geprobeerd om vorig jaar met een extra lening te profiteren van de lage rente. Dat is gelukt, en in 2024 hoeven we geen nieuwe leningen af te sluiten. Maar we zien nu dat de rente stijgt. En om de toekomstige investeringen te kunnen financieren moeten we de komende jaren extra leningen afsluiten. Daar houden we in ons perspectief rekening mee, hierdoor stijgen de rentelasten de komende jaren. Doorbelasting rente aan de programma's en taakvelden Net als de kosten van de bedrijfsvoering (zie de uitgebreide toelichting onder taakveld 0.8 in dit programma) worden de totale kosten van de treasury (lees: betaalde rente) op basis van de boekwaarde van de investeringen en grondexploitaties toegerekend aan de programma's en taakvelden. In de onderstaande tabel is dit per programma en taakveld in beeld gebracht.
Het betreft een technische verdeling, die geen effect op het resultaat heeft en niet inhoudelijk wordt toegelicht. Aangezien in de begroting 2023 nog het programma Dienstverlening (in de voorliggende begroting vervangen door 'wendbare organisatie') was opgenomen, wordt die programmanaam nog in onderstaande tabel gebruikt. Tabel 2.2.4 (bedragen x € 1.000) Programma/taakveld Baten Wendbare organisatie
56
2023
2024
Programma/taakveld
2023
2024
0.5 Treasury
-530
-351
Totaal Wendbare organisatie
-530
-351
Totaal Baten
-530
-351
Kostenplaatsen
36
22
Totaal kostenplaatsen
36
22
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden
35
21
2.1 Verkeer en vervoer
110
77
3.3 Bedrijfsloket en regelingen
0
0
3.4 Economische promotie
1
0
4.2 Onderwijshuisvesting
100
57
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
2
1
5.1 Sportbeleid en activering
0
0
5.2 Sportaccommodaties
53
30
5.3 Cultuurpresentatie, productie en participatie
0
0
5.4 Musea
0
0
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
2
1
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
4
2
179
134
7.3 Afval
2
1
7.4 Milieubeheer
0
0
8.1 Ruimtelijke ordening
3
0
8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)
1
0
8.3 Wonen en bouwen
5
2
Totaal Onmeunig Losser
497
327
0.1 Bestuur
0
0
0.2 Burgerzaken
3
2
0.4 Ondersteuning organisatie
2
0
0.8 Overige baten en lasten
0
0
Totaal Wendbare organisatie
5
2
Totaal lasten
539
351
Eindtotaal
9
0
Lasten Kostenplaatsen
Onmeunig mooi Losser
7.2 Riolering
Wendbare organisatie
Naast de toerekening van rente aan de taakvelden brengen we in de programma's en taakvelden ook de afschrijvingen tot uitdrukking. Op basis van de bijlage in de Financiële verordening worden investeringen gedurende een door de raad vastgestelde termijn afgeschreven. De lasten worden verwerkt in de programma's en taakvelden. Op de balans
57
vindt jaarlijks voor eenzelfde bedrag een verlaging van de boekwaarde van de investeringen plaats. Dit is terug te vinden in het verloop van de post 'Materiële vaste activa' op de balans. In onderstaande tabel zijn de afschrijvingslasten per programma en taakveld weergegeven. Deze afschrijvingslasten vloeien voort uit de investeringen die in het verleden zijn gedaan. Het verschil tussen 2024 en 2023 wordt veroorzaakt door de investeringen, waarvan we verwachten dat die in 2023 in gebruik worden genomen en waarvan de afschrijving start in 2024. Een tweede factor zijn de investeringen die in 2023 volledig zijn afgeschreven. De totale afschrijvingslasten dalen in 2024 licht ten opzichte van 2023 door de voorgenomen extra investeringen, om vervolgens in de jaren er na weer te stijgen. Ook voor deze tabel geldt hetgeen bij tabel 2.2.4 is gesteld over het programma Dienstverlening. Tabel 2.2.5 (bedragen x € 1.000)
Programma/Taakveld
2023
2024
2025
2026
2027
Lasten
4.170
4.137
4.658
5.078
5.235
Kostenplaatsen
637
610
638
694
622
Kostenplaatsen
637
610
638
694
622
Onmeunig mooi Losser
3.410
3.433
3.926
4.289
4.519
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden
125
137
131
257
257
2.1 Verkeer en vervoer
931
1.109
1.482
1.706
1.749
3.3 Bedrijfsloket en regelingen
5
10
10
10
10
3.4 Economische promotie
16
16
16
16
16
4.2 Onderwijshuisvesting
502
510
503
499
690
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
26
26
26
26
26
5.1 Sportbeleid en activering
2
2
2
2
2
5.2 Sportaccommodaties
344
342
342
339
339
5.3 Cultuurpresentatie, productie en participatie 0
0
0
0
0
5.4 Musea
1
1
1
1
1
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
20
20
20
26
26
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
24
23
23
22
22
7.2 Riolering
994
1.212
1.344
1.360
1.356
7.3 Afval
18
18
18
18
18
7.4 Milieubeheer
1
1
1
1
1
8.1 Ruimtelijke ordening
393
0
0
0
0
8.3 Wonen en bouwen
6
6
6
6
6
Wendbare organisatie
123
95
95
95
95
0.1 Bestuur
4
4
4
4
4
0.2 Burgerzaken
91
91
91
91
91
Programma/Taakveld
2023
2024
2025
2026
2027
58
0.4 Ondersteuning organisatie
6
0
0
0
0
0.8 Overige baten en lasten
23
0
0
0
0
Eindtotaal
4.170
4.137
4.658
5.078
5.235
Doorbelasting kosten bedrijfsvoering per programma en taakveld In onderstaande tabel (2.2.6) hebben we de effecten van de interne verrekening (de mutatie) van de kosten van de bedrijfsvoering per programma en taakveld voor de jaren 2023 en 2024 in beeld gebracht. Zoals we in de leeswijzer hebben aangegeven richten we ons in de toelichting op taakvelden op de overige afwijkingen ten opzichte van de Gemeentebegroting 2023. Omdat de onderstaande verdeeleffecten een technische achtergrond hebben worden de mutaties ten opzichte van 2023 inhoudelijk niet verder toegelicht. Ook voor deze tabel geldt hetgeen bij tabel 2.2.4 is gesteld over het programma Dienstverlening. Tabel 2.2.6 (bedragen x € 1.000) Programma/taakveld
2023
Baten
2024 0
0
Kostenplaatsen
261
882
Kostenplaatsen
261
882
Onmeunig mooi Losser
-62
-548
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden
-1
-57
2.1 Verkeer en vervoer
-11
-159
2.4 Economische Havens en waterwegen
0
-8
2.5 Openbaar vervoer
0
-5
3.3 Bedrijfsloket en regelingen
0
-2
3.4 Economische promotie
0
-18
4.2 Onderwijshuisvesting
-22
-23
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
0
0
5.2 Sportaccommodaties
-1
-1
5.3 Cultuurpresentatie, productie en participatie
0
-1
5.4 Musea
-1
-1
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
-12
-58
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
-4
-8
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
0
-3
6.3 Inkomensregelingen
0
-1
6.4 WSW en beschut werk
0
0
6.5 Arbeidsparticipatie
0
-3
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
0
-2
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
0
-1
7.1 Volksgezondheid
0
0
7.2 Riolering
-7
-64
Programma/taakveld
59
2023
2024
7.3 Afval
-4
-58
7.4 Milieubeheer
0
-8
8.1 Ruimtelijke ordening
0
-36
8.3 Wonen en bouwen
0
-30
Wendbare organisatie
-199
-334
0
0
-199
-261
0.64 Belastingen Overig
0
-3
0.8 Overige baten en lasten
0
-69
1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
0
-2
Lasten
0
0
Dienstverlening
207
0
Dienstverlening
207
0
Fysiek
90
0
Fysiek
90
0
Kostenplaatsen
-21.687
-24.380
Kostenplaatsen
-21.687
-24.380
Onmeunig mooi Losser
11.062
12.285
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden
171
243
2.1 Verkeer en vervoer
792
997
2.4 Economische Havens en waterwegen
50
64
2.5 Openbaar vervoer
10
16
3.3 Bedrijfsloket en regelingen
62
74
3.4 Economische promotie
65
93
4.2 Onderwijshuisvesting
47
48
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
208
215
5.1 Sportbeleid en activering
17
17
5.2 Sportaccommodaties
587
626
5.3 Cultuurpresentatie, productie en participatie
57
57
5.4 Musea
17
17
1.287
1.378
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
200
224
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
1.239
1.388
6.3 Inkomensregelingen
967
862
6.4 WSW en beschut werk
-176
-161
6.5 Arbeidsparticipatie
842
940
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
861
946
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
0
497
7.1 Volksgezondheid
25
26
0.2 Burgerzaken 0.4 Ondersteuning organisatie
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Programma/taakveld
60
2023
2024
7.2 Riolering
772
871
7.3 Afval
534
638
7.4 Milieubeheer
102
122
8.1 Ruimtelijke ordening
808
957
8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)
179
0
8.3 Wonen en bouwen
966
1.129
6.71a Huishuishoudelijke hulp (WMO)
376
0
10.328
12.095
0.1 Bestuur
329
385
0.2 Burgerzaken
373
477
8.604
10.454
0.5 Treasury
2
2
0.61 OZB woningen
37
47
0.64 Belastingen Overig
11
16
0.8 Overige baten en lasten
520
180
1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
55
71
1.2 Openbare orde en Veiligheid
396
462
0
0
Wendbare organisatie
0.4 Ondersteuning organisatie
Eindtotaal
61
3. Paragrafen Dit hoofdstuk bevat de verplichte paragrafen volgens de richtlijnen van het BBV. Ze geven inzicht in de financiële positie van de gemeente. De hierin behandelde onderwerpen zijn programma-overstijgend. De paragrafen zijn:
62
Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Openbaarheidsparagraaf Woo
3.1. Lokale heffingen Lokale heffingen hebben tot doel dat de gemeente door het verwerven van eigen middelen dekking vindt van haar uitgaven in het kader van de uitvoering van de gemeentelijke taken. De vaststelling van de tarieven door de gemeenteraad is gepland in december 2023. De lokale heffingen bestaan uit de gemeentelijke belastingen, rechten en retributies. Deze vormen een belangrijke inkomstenbron voor de gemeente. Lokale belastingen worden onderscheiden in heffingen waarvan de besteding gebonden dan wel ongebonden is. Ongebonden lokale heffingen (als de Onroerende zaakbelastingen) worden tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. De besteding is niet gebonden aan een bepaalde taak. Gebonden heffingen, zoals de afvalstoffen- en rioolheffing, worden verantwoord op het betreffende programma en worden niet tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. Voor het betalen van rechten en retributies verricht de gemeente diensten. Denk aan publieksdienstverlening en bouwvergunningen. De kosten van de gemeentelijke dienstverlening worden doorberekend in de tarieven. De paragraaf Lokale Heffingen geeft inzicht in de diverse gemeentelijke belastingen en de consequenties daarvan voor de inwoners van Losser. a. De geraamde inkomsten Overzicht inkomsten gemeentelijke heffingen (bedragen x € 1.000) Omschrijving lokale last realisatie begroting 2022 2022 Afvalstoffenheffing
begroting 2023
begroting 2024
2.307
2.162
2.277
2.282
Begraafplaatsrechten
1
1
1
1
BIZ
90
102
111
121
Forensenbelasting
31
22
24
26
Hondenbelasting
1
0
0
0
Leges burgerzaken
327
256
274
339
Leges omgevingsvergunning
432
394
428
466
Leges overig
154
45
45
45
Marktgelden
12
15
15
15
4.601
3.570
3.950
4.308
OZB eigenaren niet-woning
0
978
1.065
1.162
OZB gebruikers niet-woning
548
531
578
634
3.143
3.065
3.391
3.802
419
425
245
299
12.066
11.566
12.405
13.499
OZB eigenaren woning
Rioolheffing Toeristenbelasting Totaal
Van elke euro die huishoudens en bedrijven in Nederland aan belastingen en sociale premies betalen ging in 2023 3,2% naar de gemeenten. De decentrale overheden nemen samen 4,6% voor hun rekening, de rijksoverheid 95,4%.
63
De gemeente Losser heft in 2023 voor een bedrag van € 13,6 miljoen aan belastingen en retributies. b. Beleid ten aanzien van de lokale heffingen Landelijk No cure – no pay bij de uitvoering van de Wet WOZ wordt aangepakt Gemeenten moeten een vergoeding betalen als via de zogenoemde ‘no cure – no pay’ (NCNP) bureaus de WOZ -waarde van woningen en bedrijven wordt aangepast. Voor de betreffende bureaus is sprake van een verdienmodel. Dit leidt tot hogere kosten in het heffingenproces. De grote toename van het aantal bureaus heeft een aantal maatschappelijk ongewenste gevolgen: 1. De uitvoering van de Wet WOZ loopt vast. 2. De rechters komen te weinig toe aan andere zaken. 3. De relatie met de burger formaliseert. 4. In 2021 keerden de gemeenten samen € 18 miljoen uit aan kostenvergoedingen. De staatssecretaris heeft een plan van aanpak naar de Tweede Kamer gestuurd. Hierin zijn maatregelen opgenomen die zich richten op het wegnemen van de financiële prikkel om namens belanghebbenden te procederen, alleen met als doel een proceskostenvergoeding te ontvangen. Met de VNG wordt gewerkt aan de verdere uitwerking van de nieuwe regels, die vanaf 2024 moeten worden ingevoerd. Gemeentelijk Ontwikkeling tarieven De tarieven voor de riool- en afvalstoffenheffingen worden geraamd op basis van het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt gestreefd naar 100% kostendekking.
Kanttekening daarbij is dat in de Voorjaarsnota 2023 financiële ruimte is gereserveerd voor een lastenverlichting in 2024 van € 250.000 voor de afvalstoffenheffing.
64
De voor 2024 geldende tarieven voor de overige belastingen en rechten stijgen met een inflatiecorrectie, uiteraard met uitzondering van die tarieven, die het rijk heeft vastgesteld/gemaximeerd. Op basis van het Centraal Economisch Plan wordt uitgegaan van 4,1 %. c. Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen In de Gemeentewet zijn de belastingen die door gemeenten mogen worden geheven, limitatief opgesomd. De gemeente is vrij in de besteding van de opbrengst van de ongebonden heffingen (algemene belastingen). Voor gebonden heffingen geldt dat de geraamde opbrengsten niet hoger zijn dan de geraamde kosten voor het verlenen van de diensten. De gemeentelijke belastingen en retributies die in 2024 in Losser worden geheven zijn: Ongebonden belastingen Forensenbelasting Op grond van artikel 223 van de Gemeentewet kunnen gemeenten forensenbelasting heffen. De forensenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel. Met de forensenbelasting kunnen gemeenten de kosten van bepaalde voorzieningen ook verhalen op mensen die niet in de gemeente wonen, maar wel gebruik maken van de voorziening. Onroerende-zaakbelastingen Op basis van artikel 220 van de Gemeentewet kunnen gemeenten onroerendezaakbelastingen (OZB) heffen. De OZB is een algemene belasting. De opbrengst is onderdeel van de algemene middelen. Belastingplichtigen zijn:
eigenaren van woningen; eigenaren van niet-woningen; gebruikers van niet-woningen.
De grondslag voor de berekening van de OZB is de WOZ-waarde van de onroerende zaak. Deze wordt jaarlijks opnieuw bepaald. Toeristenbelasting Op grond van artikel 224 van de Gemeentewet kunnen gemeenten Toeristenbelasting heffen voor overnachtingen van personen binnen de gemeente die niet als ingezetene in de gemeente zijn ingeschreven. Voor zover de belasting wordt geheven van degene die gelegenheid tot verblijf biedt, is deze bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt. De doelstelling is hetzelfde als bij forensenbelasting, namelijk dat de kosten van bepaalde voorzieningen worden omgeslagen naar personen die er wel gebruik van maken, maar niet in de gemeente wonen. Gebonden belastingen Afvalstoffenheffing De wettelijke basis voor het heffen van afvalstoffenheffing is geregeld in artikel 15.33 van de Wet Milieubeheer. Op basis van de Wet Milieubeheer heeft de gemeente de wettelijke taak om zorg te dragen voor de inzameling van afvalstoffen die afkomstig zijn van particuliere
65
huishoudens. De inwoners van Losser zijn de belastingplichtigen. Zij zijn verplicht afvalstoffenheffing te betalen, ook als zij geen afval voor inzameling aanbieden. De heffing wordt geheven van de gebruiker van een perceel waarvoor de gemeente een wettelijke plicht tot inzameling heeft en de inzamelverplichting ook nakomt. Rioolheffing De wettelijke basis voor het heffen van rioolheffing ligt in artikel 228a van de Gemeentewet. In de rioolheffing worden kosten doorgerekend die verbonden zijn aan het in stand houden van het gemeentelijk rioleringsstelsel. De hiermee gemoeid zijnde kosten worden met de rioolheffing verhaald op de eigenaren van woningen en niet-woningen en de gebruikers van objecten die meer dan 500 m3 afvalwater lozen. Bijdrage Bedrijven Investering Zones (BIZ) Op basis van de Wet Bedrijven investeringszones kan een Bijdrage Bedrijven Investering Zones worden opgelegd. Met deze bijdrage kunnen bedrijven in een bepaald gebied binnen de gemeente worden verplicht om voor een periode van maximaal vijf jaar een financiële bijdrage te leveren. Deze bijdrage wordt gebruikt om investeringen in het betreffende gebied ter bevordering van de leefbaarheid, de veiligheid, de ruimtelijke kwaliteit of nader publiek belang in de openbare ruimte te bekostigen. Bij de uitvoering wordt om doelmatigheidsredenen zoveel mogelijk aangesloten bij de Wet WOZ en de OZB.
Voor het centrum van Losser is voor de periode 2022-2026 een nieuwe BIZ vastgesteld. Leges en rechten De mogelijkheid tot het heffen van leges is geregeld in artikel 229, lid 1, b van de Gemeentewet. De gemeente levert op aanvraag van individuele burgers een uiteenlopend pakket aan diensten. Door het heffen van leges worden de kosten die hiervoor worden gemaakt in principe verhaald op de burger die de dienst afneemt. Voorbeelden zijn het verstrekken van een paspoort of het verlenen van een vergunning. Degene die de dienst aanvraagt betaalt ook de leges. De heffingsmaatstaf is zeer divers en wordt vermeld in de tarieventabel die hoort bij de legesverordening. Ongebonden belastingen:
Gebonden belastingen:
Forensenbelasting
Afvalstoffenheffing
Toeristenbelasting
Bijdrage Bedrijven Investering Zone
Onroerendezaakbelasting
Leges en Rechten Rioolheffing
De mate van kostendekkendheid van de gebonden belastingen in 2024 volgt uit het onderstaande overzicht: Bedragen x € 1.000 Activiteitgroep Afvalstoffenheffing (afvalstoffenverordening) Kwijtscheldingen Afvalstoffenheffing Rioolheffing Kwijtschelding rioolheffing
66
Lasten Overhead BTW Totale Heffingen Overige Totaal Kostendekkendheid taakvelden lasten (baten) baten baten 2.386
251
291
2.928
2.282
707
2.989
100,0%
62
0
0
62
0
0
0
0
3.322
430
376
4.128
3.802
330
4.132
100,0%
4
0
0
4
0
0
0
0
Activiteitgroep
Lasten Overhead BTW Totale Heffingen Overige Totaal Kostendekkendheid taakvelden lasten (baten) baten baten
Subtotaal Heffingen
5.774
680
667
7.122
6.153
969
7.122
100,0%
Leges algemene Dienstverlening (Leges Titel 1 Legesverordening)
932
7
21
959
378
79
457
47,7%
Leges dienstverlening vallend onder de fysieke leefomgeving/vergunningen (Leges Titel 2 Legesverordening)
1.275
0
42
1.317
492
1
493
37,5%
Leges dienstverlening vallend onder Europese dienstrichtlijn (leges Titel 3 Legesverordening)
0
0
0
0
0
1
1
374,7%
Subtotaal Leges
2.207
7
63
2.277
870
81
952
41,8%
Totaal
7.981
687
730
9.398
6.955
1.118
8.073
85,9%
d. Woonlastenontwikkeling Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) publiceert jaarlijks de Atlas van lokale lasten. Per gemeente worden de woonlasten van een woning vergeleken met een voor die gemeente gemiddelde waarde. De tariefsaanpassingen voor de OZB, afval- en rioolheffing leiden voor een gemiddeld gezin (met eigen woning) tot de volgende woonlastenontwikkeling voor 2024: Woonlastenontwikkeling
2020
2021
2022
2023
2024
OZB eigenaren (2024: 4,1% lastenverhoging)
368,04
375,77
380,66
405,56
422,19
Afvalstoffenheffing (meerpersoons)
207,24
222,00
223,78
232,03
231,59
Rioolheffing
263,76
277,59
291,96
314,40
348,60
TOTAAL
839,04
875,36
896,40
951,98
1.002,38
e. Kwijtscheldingsmogelijkheden De gemeente moet bij het vaststellen van kwijtschelding landelijke regels toepassen. Binnen deze mogelijkheden zijn de volgende eigen beleidskeuzes gemaakt:
67
Voor de OZB en de afvalstoffenheffing is kwijtschelding mogelijk, waardoor minima geen woonlasten betalen; Voor extra containers wordt geen kwijtschelding afvalstoffenheffing verleend; Bij de normkosten van bestaan wordt uitgegaan van 100% van de bijstandsnorm; Ondernemers voor de privébelastingen zijn gelijkgesteld met particulieren; Kosten voor kinderopvang worden in aanmerking genomen als uitgaven bij de berekening van de betalingscapaciteit en Bij de normkosten van bestaan voor AOW’ers wordt uitgegaan van 100% van de netto AOW-norm.
Tabel: kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2024 (bedragen x € 1.000) Gemeentebelasting
2024
Afvalstoffenheffing
62
OZB
12
Rioolheffing
4
Hondenbelasting
1
Totaal
79
68
3.2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen geeft een indicatie van de mate waarin de gemeente tegenvallers kan opvangen zonder dat de uitvoering van taken in gevaar komt. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit (de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken) en de benodigde weerstandscapaciteit (alle risico’s waarvoor geen dekkingsmaatregelen zijn getroffen en die van materiele betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie). Het verhoudingsgetal, beschikbare weerstandscapaciteit ten opzichte van de benodigde weerstandscapaciteit noemen we het ratio weerstandsvermogen. In de nota Weerstandsvermogen is aangegeven dat de gewenste ratio van het weerstandsvermogen 1,4 - 2,0 is. Oftewel de beschikbare weerstandscapaciteit dient minimaal 140% tot 200% van de benodigde weerstandscapaciteit te bedragen. Relevante wetgeving en gemeentelijk beleid De wetgeving en het gemeentelijk beleid voor het weerstandvermogen zijn vastgelegd in:
Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (art. 9, 11 en 26). Financiële verordening gemeente Losser. Nota Weerstandsvermogen en risicomanagement. Nota Reserves en voorzieningen.
Het wettelijke kader van BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) stelt dat de paragraaf betreffende het weerstandsvermogen ten minste moet bevatten: 1. 2. 3. 4.
Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; Een inventarisatie van de risico’s; Het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s; Een kengetal voor de: 1. (a) Netto schuldquote; (b) Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; 2. Solvabiliteitsratio; 3. Grondexploitatie; 4. Structurele exploitatieruimte; 5. Belastingcapaciteit.
De paragraaf is conform deze opbouw. Inventarisatie van de beschikbare weerstandscapaciteit Met beschikbare weerstandscapaciteit bedoelen we alle middelen en mogelijkheden waarover de gemeente Losser beschikt om tegenvallers te bekostigen. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat in de gemeente Losser uit de Algemene risicoreserve en de reserve Grondexploitatie. In de nota Weerstandsvermogen en risicomanagement staat dat 'stille reserves' geen onderdeel uitmaken van de beschikbare weerstandscapaciteit. Algemene risicoreserve Zoals uit de tabel "Algemene risico reserve" (hoofdstuk 4 "Financiële positie”) blijkt, is de stand van de Algemene risicoreserve ultimo 2023 € 22.274.000. In genoemde tabel wordt ook een overzicht gegeven van de verwachte ontwikkeling van de Algemene reserve over de periode 2024 tot en met 2027. De stand van de Reserves Grondexploitatie is eind 2023 € 919.000.
69
Onderstaande tabel laat zien dat de beschikbare weerstandscapaciteit ultimo 2023 € 23.193.000 is. Beschikbare weerstandscapaciteit ultimo 2023 Componenten: Algemene risicoreserve
22.274.000
Reserves risico's grond
919.000
Stille reserves, gebouwen en gronden
Prognose stand eind jaar 2023
23.193.000
Inventarisatie van de risico's In de vastgestelde nota Weerstandsvermogen en risicomanagement is aangegeven dat het risicomanagement, net zoals de bepaling van de stille reserves, aan de P&C cyclus wordt gekoppeld. De risico's worden daardoor periodiek onder de aandacht gebracht en bijgesteld. Dit heeft voor de Gemeentebegroting 2024 slechts geleid tot kleine wijzigingen in de geïnventariseerde risico's. Uitgangspunten bij de beoordeling van de risico's zijn:
Normale bedrijfsvoering risico's niet bij de risico's worden opgenomen. Risico's van diverse afdelingen die een gelijksoortige oorzaak hebben worden samengevoegd. Verzekerde risico's worden niet meer opgenomen (denk bijvoorbeeld aan de aansprakelijkheidsverzekering).
Het totaal van de geïnventariseerde risico's bedraagt € 3.666.000. Dit is hoger dan de omvang van de geïnventariseerde risico's in de begroting 2023, toen de omvang van de risico's nog € 3.201.000 was. Dit komt vooral doordat een tweetal nieuwe risico's is opgenomen, namelijk faillissement bedrijven met als gevolg bijstand en juridische inzet handhaving. Het betreft hier het geschatte financiële gevolg van alle geïnventariseerde risico's, exclusief de risico's van de grondexploitaties. De risico's van de grondexploitatie worden afzonderlijk in beeld gebracht. Een simulatie laat zien dat, om het totale risico te kunnen afdekken, een weerstandscapaciteit van € 1.477.000 noodzakelijk is. Met behulp van een risicoscore kunnen de risico's worden geprioriteerd en wordt inzichtelijk welke risico's het meest belangrijk zijn. In onderstaande tabel worden de tien grootste risico's weergegeven. De 10 grootste risico's in de Gemeentebegroting 2024 Nummer Onderwerp Risico 1
2
70
Invloed
Schommelingen in de conjunctuur
Als gevolg van schommelingen in de conjunctuur kunnen zowel aan de kosten- als de opbrengsten kant onvoorziene nadelige incidentele effecten optreden.
20,28%
Overige onvoorziene risico's
Overige onvoorziene risico's, calamiteiten binnen gemeente, politiek/bestuur zit soms nog erg dicht op de uitvoering, extreem weer, bedrijfsongeval, datalek, overig onvoorzien.
13,78%
Nummer
Onderwerp
Risico
3
Budget Jeugd
Door open eindfinanciering en een onvolledig beeld van de uitgaven is het budget Jeugd mogelijk niet toereikend en moeilijk beheersbaar.
Invloed 10,23%
4
Algemene uitkering gemeentefonds
Uitkering gemeentefonds wordt lager.
5
Garantstellingen
Door de leningverstrekker wordt een beroep gedaan op de garantstellingen die de gemeente Losser heeft afgegeven voor leningen die door partners zijn aangegaan. Het gaat om: Bibliotheek Losser, St. Martinihoeve, Soc. Cult. Werk Losser, Muziekschool, Böggelrieders en Daansers, KVV Losser, EHBO Losser, Woningstichting Domijn.
6,73%
Door open eindfinanciering en een onvolledig beeld van de uitgaven is het budget Wmo mogelijk niet toereikend en moeilijk beheersbaar.
5,12%
6
Budget Wmo
8,90%
7
Derden stellen gemeente aansprakelijk
Derden stellen gemeente aansprakelijk.
8
Daling van omgevingsaanvragen
De invoering van de Omgevingswet kan niet los worden gezien van de Wet Kwaliteitsborging, die gevolgen gaat hebben voor de vergunningverlening en leges inkomsten. Er zijn mogelijk financiële consequenties waarbij gedacht kan worden aan personele kosten en minder leges.
3,82%
Faillissement bedrijven met als gevolg instroom bijstand.
Stabiliteit van bedrijven waar mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werken kan ongewis zijn.
3,82%
Juridische inzet handhaving
Door toenemende "mondigheid" meer juridische procedures bij handhaving. Ook het vraaggestuurd handhaven (handhavingsverzoek) kan dit werkveld onder spanning zetten.
3,80%
9
10
4,59%
Risico's grondexploitatie Naast projectgebonden risico’s kijken we bij de grondexploitatie ook naar niet projectgebonden risico’s. Deze risico’s zijn vaak niet beïnvloedbaar binnen de projecten en liggen op het vlak van macro-economische trends en wet- en regelgeving van hogere overheden. Te denken valt aan spreidingsrisico’s rondom gehanteerde parameters. Hiermee ontstaat een vollediger beeld van de risico’s binnen de grondexploitaties. Ten opzichte van de jaarrekening 2022 is de vereiste weerstandscapaciteit onveranderd en bedraagt € 730.000. Benodigde weerstandcapaciteit: De geïnventariseerde risico’s zijn de basis voor de risicosimulatie die uitgevoerd wordt, om te berekenen welk bedrag nodig is om deze risico’s in financiële zin af te dekken. Uit de gevolgde risicosimulatie volgt dat 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 2.207.000 (€ 1.477.000 voor de geïnventariseerde risico's in de bedrijfsvoering/beleid en € 730.000 voor de risico's van de grondexploitaties). Beschikbare weerstandscapaciteit: De weerstandscapaciteit bestaat in de gemeente Losser uit de Algemene risicoreserve en de vrij aanwendbare andere reserves. De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt ultimo 2023 € 23.193.000. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, wordt afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit.
De uitkomst van die berekening
71
vormt het ratio weerstandsvermogen. De gemeente streeft hierbij een ratio weerstandsvermogen tussen de 1,4 en 2,0 na. Oftewel de beschikbare weerstandscapaciteit dient minimaal 140% tot 200% van de benodigde weerstandscapaciteit te bedragen. Ratio weerstandsvermogen eind 2023 = € 23.193.000 : € 2.207.000 = 10,5. De ratio van 10,5 is stijging ten opzichte van de ratio zoals in de Jaarrekening 2022 zoals die inmiddels door de raad is vastgesteld. De ratio in de JR 2022 was 8,8. Deze stijging wordt vooral veroorzaakt door het toenemen van de beschikbare weerstandscapaciteit, door de resultaatbestemming van de jaarrekening 2022. Ontwikkeling in het ratio weerstandsvermogen Vanaf 2011 worden inventarisaties uitgevoerd om alle mogelijke risico’s in beeld te krijgen. Met ingang van 2012 is periodiek een risico-inventarisatie uitgevoerd om na te gaan of het aantal risico’s en de omvang van de financiële gevolgen van de risico’s zijn gewijzigd. Daarnaast kunnen ook maatregelen worden getroffen die de risico’s verkleinen. De tabel hieronder geeft een overzicht van de ontwikkeling van het ratio weerstandsvermogen vanaf deze eerste inventarisatie in 2011. Ontwikkeling ratio weerstandsvermogen
313131313131- 3131313131311212121212121212121212122012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023
Ratio weerstandsvermogen
0,23
0,41
0,69
1,34
1,87
2,4
2,8
2,5
4,2
9,6
8,8
10,5
In de Nota Weerstandsvermogen en risicomanagement is aangegeven dat wanneer het weerstandsvermogen nog niet voldoet alle meevallers respectievelijk het rekeningresultaat prioritair bestemd wordt om het weerstandsvermogen weer op een financieel verantwoord niveau te brengen. Deze situatie is niet aan de orde. Prognose ratio weerstandsvermogen 2024 en verder (bedragen x € 1.000) Component 2023 2024 2025
2026
2027
Aanwezig weerstandsvermogen
23.194.000
21.534.000
23.060.000
19.533.000
19.254.000
Benodigd weerstandsvermogen
2.207.000
2.207.000
2.207.000
2.207.000
2.207.000
10,5
9,8
10,4
8,8
8,7
Prognose ratio weerstandsvermogen
In bovenstaande tabel is de verwachte ontwikkeling ratio weerstandsvermogen weergegeven bij gelijkblijvende risico's. De weergegeven ratio's zijn berekend inclusief het jaarresultaat 2022 en alle toevoegingen aan de Algemene risicoreserve die zijn vastgesteld in de begroting tot en met 2024. Financiële kengetallen Het BBV schrijft voor dat in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing, in aanvulling op de ratio weerstandsvermogen, een verplichte set van vijf financiële kengetallen moet worden opgenomen. De invoering van de set van vijf kengetallen is bedoeld om de financiële positie inzichtelijker te maken. Kengetallen worden veel gebruikt als analyse-instrument. Kengetallen hebben als voordeel dat, bij correct gebruik, gemeenten op relevante onderdelen rationeel met elkaar vergeleken kunnen worden. Er kleven ook nadelen aan het gebruik van kengetallen:
72
Kengetallen hebben slechts betrekking op het verleden en geven geen zekerheid over de toekomst. Kengetallen zijn veelal slechts een momentopname. Kengetallen zijn vaak gebaseerd op aannames (veronderstellingen).
Financiële kengetallen Rekening 2022
Begroting 2023
Raming 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
1A netto schuldquote
31,5%
42,9%
79,0%
78,2%
83,8%
77,9%
1B netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
31,5%
34,4%
79,0%
78,2%
83,8%
77,9%
2
solvabiliteitsratio
40,4%
37,6%
37,5%
37,5%
35,0%
34,3%
3
structurele exploitatieruimte
5,7%
1,4%
4,8%
4,7%
0,4%
-1,1%
4
grondexploitatie
-1,5%
9,9%
-0,4%
-0,1%
-1,0%
-1,3%
5
belastingcapaciteit
110,5%
105,3%
106,2%
Om meer inzicht in de financiële positie te bieden, worden de kengetallen in onderlinge relatie beschouwd en van een adequate toelichting voorzien. De kengetallen maken daarmee inzichtelijk(er) over hoeveel (financiële) ruimte de gemeente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Hierbij wordt in de tabel de ontwikkeling over de jaren in beeld gebracht. In de JR2022 hebben we de kengetallen in lijn gebracht met de laatste voorschriften uit het BBV. Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten op de exploitatie drukken. Omdat er bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal terug worden betaald, wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt door het kengetal te berekenen zowel inclusief, als exclusief de doorgeleende gelden. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast. De VNG hanteert een kritische waarde 130%, hier bevinden zowel de netto schuldquote inclusief als exclusief de doorgeleende gelden met respectievelijk 79,0% beduidend onder. De gemeente bevindt zich hiermee in de categorie gemeenten met het laagste risico.
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is op de langere termijn aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Deze ratio geeft de mate aan waarin de gemeentelijke bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Anders gezegd: het aandeel van het eigen vermogen in het totaal vermogen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe gezonder de gemeente. Met een score van 37,5% behoren we tot de categorie gemeenten met een gemiddeld risico. Structurele exploitatieruimte Dit financiële kengetal geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Zoals in de tabel weergegeven, is er voor de jaren 2024 tot en met 2027, met uitzondering van de jaarschijf 2027, sprake van een positief saldo structurele exploitatieruimte. De gemeente bevindt zich hiermee in de categorie gemeenten met het laagste risico.
73
Kengetal grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grondpositie (boekwaarde) zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Dit kengetal alleen heeft slechts een beperkte waarde. De relatie vraag en aanbod woningbouw of bedrijventerrein, planning et cetera spelen een hierbij tevens een cruciale rol. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. Dit kengetal laat al jaren een dalende trend zien, omdat steeds meer grondexploitaties worden afgesloten. De gemeente bevindt zich met het percentage -0,4% in de categorie gemeenten met het laagste risico. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen, wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde waarde in die gemeente. De belastingcapaciteit scoort met 106,2% boven het landelijk gemiddelde. Het kengetal is daarmee een fractie hoger dan in de begroting 2023, maar lager dan in de jaren ervoor. We vallen inmiddels niet meer in de groep gemeenten met het hoogste risico. Voor het kengetal ‘belastingcapaciteit’ 2024 is het volgende van belang.
Overeenkomstig de definitie die de regelgeving voorschrijft, wordt de Losserse geraamde belastingdruk over 2024 afgezet tegen de gemiddelde landelijke belastingdruk over 2023 (Bron: Atlas van de lokale lasten 2023 van het Centrum voor Onderzoek van de Lagere Overheden (COELO) .
74
3.3. Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Gemeenten beschikken over kapitaalgoederen zoals groenvoorzieningen en plantsoenen, wegen, bruggen, riolering, water, vijvers, sport- en speelvoorzieningen, gebouwen, c.a. Deze gemeentelijke eigendommen, noodzakelijk voor een goede leefomgeving, vertegenwoordigen een grote waarde. Investeren in onderhoud en vervanging is noodzakelijk om deze kapitaalgoederen ook op lange termijn in stand te houden. In juli 2013 is de “Nota Kapitaalgoederen Openbare Ruimte” door de raad vastgesteld. Op basis van deze overkoepelende strategische nota is en wordt gewerkt om de gehele integrale - beheercyclus te optimaliseren en te verankeren in de gemeentelijke beleidscyclus. Centraal bij de beheercyclus staat de strategie om, vanuit het integraal beheer en inrichting van de openbare ruimte, mede invulling te geven aan de geformuleerde Opgaven en strategische beleidsdoelen van de gemeente, zowel inhoudelijk als qua proces. In 2024 ligt de nadruk op het integreren van de processen rondom het beheer van de kapitaalgoederen binnen de brede implementatie van de Omgevingswet en het Opgavegericht werken. Om de integraliteit in werkprocessen in de praktijk te borgen wordt in 2024 ervaring opgedaan met de medio 2023 ingerichte 'opgavedialoog Fysiek / Omgevingstafel'.
Deze opgavedialoog staat in directe verbinding met het MIP welke ten behoeve van het opgavegericht werken wordt doorontwikkeld tot een Integraal, dynamisch, meerjarig investerings- en onderhoudsprogramma voor de fysieke leefomgeving (MIP 2.0). Middels het MIP 2.0 wordt erop gestuurd om brede maatschappelijke opgaven te verbinden met autonome ontwikkelingen en investeringen in de fysieke leefomgeving in het algemeen en de openbare ruimte in het bijzonder. Hiermee wordt bijgedragen aan de strategische beleidsdoelen en -opgaven van de gemeente. Verder wordt gewerkt aan voorbereidende werkzaamheden om de visie op de kwaliteit openbare ruimte (verbrede Nota Kapitaalgoederen) op te stellen en deze op een zodanige wijze in te richten dat hiermee invulling wordt gegeven aan de Omgevingsvisie Losser en aan de geformuleerde Opgaven. Kaders/Doelen In het coalitieakkoord 2022-2026 “Groeien door ambitie” is aangegeven dat gehecht wordt aan een goede kwaliteit van de leefomgeving. Met investeringen in de openbare ruimte wordt beoogd meer te bereiken dan alleen een schone, hele en veilige leefomgeving. De inrichtingskwaliteit gaat steeds nadrukkelijker een rol spelen bij het creëren van aantrekkelijke buurten en wijken en wordt de verbinding gelegd met sociale structuren.
Daarnaast komen grote opgaven zoals de warmte- en energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit en circulaire economie steeds dichterbij. Samen met de vervangingsopgave in de openbare ruimte leidt dit tot de strategische keuze om te richten op een integrale, opgavegerichte en gebiedsgerichte aanpak. Via het MIP worden onderhoudsgelden en vervangingsinvesteringen in de openbare ruimte zodanig ingezet dat deze ook optimaal bijdragen aan de gemeentelijke doelstellingen, bestuurlijke ambities en maatschappelijke opgaven. Voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte betekent dit dat het MIP verder wordt uitgewerkt en jaarlijks wordt geactualiseerd. Ook wordt de al langer gehanteerde werkwijze doorontwikkeld om meerwaarde te creëren ten behoeve van het Opgavegericht werken en besturen.
75
Dit beleid heeft middels de voorgaande Begrotingen en voorjaarsnota’s geleid tot het vrijmaken van investeringsruimte voor investeringen in de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Dit betreft aanvullende dekking van uitvoeringsprogramma’s die behoren bij bijvoorbeeld: de Kwaliteitsimpuls De Lutte, de gebiedsgerichte aanpak Beuningen, de Kwaliteitsimpuls Glane, Centrumontwikkelingen Losser, "Beken&Bleken van Losser"(Erfgoeddeal) en integrale herinrichtingsprojecten welke bijdragen aan gemeentelijke beleidsdoelen zoals verkeersveiligheid en bereikbaarheid, klimaatadaptatie, recreatieve infrastructuur, duurzaamheid en investeringen in vitale dorpscentra. Om de ambitie van de vastgestelde onderhoudskwaliteit te behalen wordt de volgende strategie gevolgd. De onderhoudswerkzaamheden worden gestuurd op het door de raad vastgestelde onderhoudsniveau. Het verloop van de technische kwaliteit en van de onderhoudskwaliteit van de voorzieningen in de openbare ruimte wordt intensief gevolgd (middels kwaliteitsinspecties en schouwrondes). Met het vaststellen van de beleidsnota’s op het gebied van riolering en water, wegen en openbare verlichting, inclusief het beschikbaar komen van vervangingskredieten zijn belangrijke stappen gezet om beter ‘grip’ op de kapitaalgoederen te krijgen.