{Vervallen door gebrekkige zoekfunctie} Bijlage 1. Kadernota 2026
Tekst van het document
Kadernota 2026
Inhoudsopgave
Inleiding .........................................................................................................................................................................3 Leeswijzer .....................................................................................................................................................................4 Kaders en uitgangspunten voor begroting 2026 ...........................................................................................................5 Venster 1. Bestuur en dienstverlening ..........................................................................................................................6 Venster 2. Gemeenschappen .......................................................................................................................................9 Venster 3. Omgeving en economische ontwikkeling ..................................................................................................13 Ombuigingen...............................................................................................................................................................18 Meerjarig financieel perspectief ..................................................................................................................................21
2
Inleiding Op één moment in het jaar kijken we naar het verleden (jaarrekening), naar het heden (bestuursrapportage) en naar de toekomst (kadernota). Met het vaststellen van de kadernota, bepaalt de raad de kaders en spelregels waarbinnen het college een voorstel voor de programmabegroting 2026 en de meerjarenraming 2027 – 2029 zal opstellen. Dit zijn de financiële kaders die zorgen voor de financieel-technische uitgangspunten. Daarnaast zijn er de beleidsvoornemens die voortvloeien uit bijvoorbeeld het coalitieakkoord en wettelijke verplichtingen. In onze gemeente leven plannen, wensen en ambities. Het Rijk voegt daar allerlei eisen aan toe terwijl ook vanuit ontwikkelingen in de samenleving, dichtbij en verder weg, steeds nieuwe uitdagingen op ons pad komen. Van de hervormingsagenda jeugdzorg, het vormen van een goede sociale basis voor onze inwoners en het opvangen van statushouders en asielzoekers, tot het invoeren van maatregelen om duurzaamheid en klimaatneutraliteit in de gemeente te vergroten, tot het bouwen van een nieuw multifunctionele accommodatie in Loon op Zand. Deze opeenstapeling van wensen, eisen en ontwikkelingen dwingt het gemeentebestuur tot keuzes maken en prioriteiten stellen. We streven naar een financieel gezonde gemeente en dit is alleen mogelijk als we keuzes maken. De gemeente Loon op Zand staat voor een financiële opgave.
De combinatie van ambities, uitvoering wettelijke taken en het Ravijnjaar 2026 zorgt voor druk op onze begroting. Tegelijkertijd willen we blijven bouwen aan een gemeente die klaar is voor de toekomst – met oog voor leefbaarheid, duurzaamheid en voorzieningen voor onze inwoners. In februari 2025 gaf de gemeenteraad een adviesrichting voor ombuigingen aan. Het college heeft de adviesrichting zoveel mogelijk opgevolgd en presenteert deze op hoofdlijnen in deze Kadernota. De aangenomen moties met financiële gevolgen, worden indien mogelijk in de begroting 2026 opgenomen. In deze Kadernota nemen we een financieel meerjarenperspectief op. Waarin we een onderscheidt maken in feitelijke kaders en ontwikkelingen (Voorjaarsnota, CAO ontwikkelingen, actualisatie kapitaallasten, autonome ontwikkelingen) die nog onzeker zijn. Door dit onderscheidt, geven we expliciet inzicht in het 'mogelijke' meerjarig financieel perspectief. Dit maakt duidelijk welke onzekerheden er nog spelen en welke financiële ruimte (of druk) daaruit kan voortvloeien. Zo ondersteunen we het gesprek over prioriteiten en maken we transparant welke keuzes er op termijn mogelijk of nodig zijn.
3
Leeswijzer Ten tijde van het schrijven van deze kadernota hebben we te maken met onzekerheden en is nog niet alle noodzakelijke informatie beschikbaar om een volledig actueel meerjarenperspectief te kunnen presenteren. We geven u een financieel perspectief, waarin de volgende onzekerheden zitten: het percentage voor inflatie / CPI uit de meicirculaire is nog niet bekend, in dit document hanteren wij 2,6% (gemiddelde 2025 jan-mrt) en voor de salarissen 4%; de concept cijfers van onze gemeenschappelijke regelingen zijn bekend, maar nog niet bestuurlijk goedgekeurd; de concept jaarrekening van onze gemeente is bekend, maar nog niet bestuurlijk goedgekeurd. Komende periode ontvangt u documenten die informatie geven over de gemeente financiën. uitvoering geven aan ingediende moties die financiële gevolgen hebben. Jaarrekening 2024: geeft inzicht in het financieel resultaat over 2024. De jaarrekening leert ons op een aantal activiteiten dat wij onze budgetten structureel moeten bijstellen. Deze bijstellingen verwerken wij in de bestuursrapportage over 2025 (Berap 2025). Berap 2025: geeft inzicht in de afwijkingen op de budgetten uit de begroting 2025. We verwerken hierin onder andere de meicirculaire, de besluiten die de gemeenteraad en het college heeft genomen die leiden tot bijstelling van de budgetten en de inzichten vanuit de jaarrekening.
Dit document is het vertrekpunt voor het opstellen van de programmabegroting 2026 en de meerjarenraming 2027-2029. Kadernota 2026: geeft inzicht in de ambities, wettelijke opgaven en voorzetting bestaand beleid en de bezuinigingen die nodig zijn om financieel gezond te blijven. Met dit document bepaalt de raad de kaders en spelregels waarbinnen het college een voorstel voor de programmabegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029 zal opstellen. Raadsinformatiebrief Meicirculaire 2025: geeft inzicht in de financiële middelen die de gemeente Loon op Zand vanuit het gemeentefonds komende jaren gaat ontvangen. De Meicirculaire is belangrijk voor het meerjarenperspectief. Op basis hiervan berekenen we hoe de algemene uitkering uit het gemeentefonds zich gaat ontwikkelen en van welke concrete indexeringspercentages we uit gaan. Ook in de RIB Meicirculaire geven we u een zo actueel mogelijk beeld van de financiële basis waarop we de programmabegroting 2026 en meerjarenraming 2027 – 2029 gaan voorbereiden. De Kadernota is ingedeeld in vensters en per venster beschrijven we wat we in 2026 gaan doen. Dit verdelen we in de categorie, nieuw beleid, wettelijke verplichting of voortzetten bestaand beleid. In de begroting vertalen we dit in concrete speerpunten.
De toelichting van deze voorstellen sluiten we aan bij de systematiek van de financiële toelichtingen in de andere planning en control producten. Een positief effect laten we zien met een voordeel en een negatief effect laten we zien met een “-“ teken nadeel. De bedragen in de tabellen zijn in euro’s en ronden we af in duizenden. We sluiten het Venster af met ontwikkelingen of risico’s die nog niet met zekerheid financieel gemaakt kunnen worden. Na de beschrijving van de vensters volgt een hoofdstuk Ombuigingen. Hierin lichten we de ombuigingen en onderzoeken die we gaan uitvoeren in het kader van de ombuigingen toe. De Kadernota sluiten we af met een meerjarig financieel perspectief.
4
Kaders en uitgangspunten voor begroting 2026 Jaarlijks stelt de raad in de kadernota de financiële kaders en spelregels vast. Ze zijn het kader waarbinnen we het streven naar financiële rust en stabiliteit verder vormgeven. Bij het opstellen van de begroting 2026 hanteren wij de volgende uitgangspunten: − −
−
− − −
De berekening Algemene uitkering maken we op basis van de meicirculaire 2025 en tegen lopende prijzen; Voor de meerjarenbegroting gaan we uit van een indexering op baten en lasten. Ten opzichte van de begroting 2025 (op basis van Berap 2025) passen we een indexering toe, die gelijk is aan de ontwikkeling CPI1 meicirculaire 2025, met de volgende opmerkingen: a. We volgen de contracten waarbinnen we specifieke afspraken maakten over indexering; b. Conform het coalitieakkoord indexeren we de Onroerende zaak belasting (OZB) -opbrengst met maximaal de CPI uit de meicirculaire 2024; c. Verhogen we de toeristenbelasting tot het landelijk gemiddelde € 3,93, zoals vastgesteld in de begroting 2026, dit is exclusief € 0,50 adviesrichting raad; d. Indexeren we de vermakelijkhedenretributie met de CPI uit de meicirculaire; e. De reclamebelasting volgt de opgave van de Stichting Ondernemers Loon op Zand (SOL); f. De hondenbelasting volgt de lijn van de OZB; g. Voor bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen sluiten we aan bij de afspraken die we hierover met de regiogemeenten maakten; h. We hanteren voor opbrengsten afvalstoffenheffing, rioolheffing en leges een kostendekkend tarief; Voor loon- en salarisontwikkelingen sluiten we aan bij de meest actuele inzichten. We berekenen de totale loonsom op basis van het maximum van de functieschaal.
We indexeren de loonkosten conform de Caoafspraken voor de jaren waarvoor die afspraken gelden. Voor de overige jaren passen we de algemene indexeringsgrondslag toe (loonvoet overheid); Het integraal rentepercentage stellen we voorlopig vast op 1%; Het bedrag voor onvoorziene uitgaven begroting 2025 en volgende jaren is € 25.000 per jaar; Op investeringen groter dan € 25.000 schrijven we lineair af, tenzij door de raad hierover anders is besloten.
Het college behoudt de ruimte om gemotiveerd af te wijken van genoemde uitgangspunten als de doorrekeningen, in aanloop naar de begrotingsbehandeling, hier aanleiding toe geven.
1 CPI = Consumenten Prijs Index.
5
Venster 1. Bestuur en dienstverlening Onze visie op bestuur en organisatie Loon op Zand is een sterke, zelfstandige gemeente, waarin de inwoner centraal staat. Hierbij past een krachtige organisatie die vooruitkijkt. We blijven investeren in onze organisatie als noodzakelijke randvoorwaarde om de ambities in een veranderende samenleving mogelijk te maken. Onze dienstverlening sluit aan bij de behoeften van onze inwoners. Als bestuur handelen we zoals in het dagelijks leven: op basis van gelijkwaardigheid, behulpzaam en met respect voor ieders rol en taak. Het organiseren van een open dialoog met de raad en de samenleving draagt bij aan een krachtig bestuur.
Onze ambitie De organisatie werkt sinds 2024 in een nieuwe domeinstructuur waarin we integraliteit stimuleren en zorgen voor een goede aansluiting bij de vereiste wendbaarheid en veranderende wereld. We zien ons als organisatie gesteld voor een ombuigingsoperatie vanwege de verminderende rijksbijdrage. Dit vergt het nodige van de organisatie, maar voorop blijft staan dat we blijven doen wat goed is voor onze inwoners, bedrijven en betrokkenen.
Ontwikkelingen komende jaren Vernieuwen en ontwikkelen Met de bedrijfsvoering op orde komt er meer tijd en energie beschikbaar voor reflectie én aandacht voor de toekomst. Op basis van evaluatie van eerder doorgevoerde ontwikkelingen zetten we stappen om tot een optimale bedrijfsvoering en dienstverlening te komen. Met als focus hoe we gebruik kunnen maken van onze sterktes om in te spelen op kansen die zich voordoen. Toegevoegde waarde leveren voor onze inwoners, vanuit een organisatie die staat. En net dat stapje meer doen voor een hoge klanttevredenheid vanuit bevlogen medewerkers. In 2026 richten we ons op het benutten van de werkplek van de toekomst voor (digitale) samenwerking en kwaliteitsbevordering van de primaire en ondersteunende processen. Dienstverlening In onze dienstverlening staan inwoners en ondernemers centraal. Richting 2026 zetten we stappen om onze dienstverlening eenduidig, online, multichannel en inclusief te organiseren. De kanalenstrategie is het kompas bij de inrichting van onze dienstverlening. We streven ernaar dat inwoners en ondernemers ons ervaren als een samenhangende organisatie, ongeacht via welk kanaal zij contact met ons opnemen. In 2026 werken we deze strategie verder uit en borgen we deze in onze organisatie. We blijven investeren in het verbeteren van de klantbeleving.
Dit doen we door het uitvoeren van klantreizen, het versterken van de samenwerking tussen het Klantcontactcentrum (KCC) en de vakafdeling en door aandacht op de telefonische bereikbaarheid te houden. In 2026 evalueren we of het huidige klantcontactsysteem toekomstbestendig is en voldoende aansluit bij de ambities van de organisatie. Deze evaluatie leidt tot een besluit over het continueren of vervangen van het klantcontactsysteem. Om inzicht te krijgen in de waardering van onze dienstverlening, voeren we in 2026 een onderzoek uit naar klanttevredenheid. Hiervoor sluiten we mogelijk aan op de burgerpeiling indicator voor klanttevredenheid vanuit de VNG (waar staat je gemeente). In de loop van 2025 wordt bepaald of aanbesteding noodzakelijk is en welke kosten hieraan verbonden zijn. Informatie Beheer Informatie is van essentieel belang voor onze dienstverlening, besluitvorming en verantwoording. De informatie wordt momenteel in verschillende systemen beheerd, zoals het document management systeem Corsa, vakapplicaties en netwerkschijven. Deze systemen zijn geschikt voor tijdelijk beheer en vindbaarheid, maar onvoldoende gericht op duurzame opslag en publieke toegankelijkheid. Om te voldoen aan de archiefwetgeving en onze informatie voor lange termijn veilig te stellen, bereiden wij ons in 2026 voor op de aansluiting bij het e-depot van het Regionaal Archief Tilburg.
Het e-depot is een betrouwbare en toekomstbestendige opslag van documenten. De eerste digitale overbrenging wordt verwacht in 2027. Hiermee zetten we een belangrijke stap richting digitale archivering. Burgerzaken We signaleren een toenemende complexiteit in casuïstiek, zoals aanvragen voor briefadressen en adresonderzoeken. En de vraag naar reisdocumenten is vanaf 2024 fors gestegen. Door deze ontwikkelingen schiet de huidige formatie tekort, wat de kwaliteit van de Basisregistratie (BRP) onder druk zet en we de afgelopen jaren externen inhuren om ons te helpen bij de werkzaamheden. Om de continuïteit en kwaliteit binnen Burgerzaken te borgen, vragen wij tijdelijke uitbreiding van 2 Fte voor de duur van drie jaar. Hiermee wordt structurele kennis
6
opgebouwd en vermindert de afhankelijkheid van het jaarlijks inwerken van uitzendkrachten. Deze uitbreiding draagt tevens bij aan een soepele personele overgang, aangezien binnen vier jaar twee medewerkers met pensioen gaan. De gemeente voldoet aan de normen van de zelfevaluatie BRP en Reisdocumenten en dit willen we ook in 2026 behouden. Nieuwe landelijke eisen stellen dat we beschikken over een vastgesteld beleidsdocument ‘Kwaliteit BRP’ om processen en kwaliteitsborging structureel te toetsen. Om signalen vanuit de Landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA) en adresonderzoeken effectief te behandelen, stellen we voor een gemeentelijke werkgroep op te richten waarin meerdere teams zijn vertegenwoordigd. Door interne samenwerking en betere afstemming met partners verbetert de weerbaarheid van de BRP. Ook vragen we meer aandacht voor identiteitsvaststelling en fraudepreventie, volgens de landelijke richtlijnen. Veilige samenleving In 2025 is veel achterstallig uitvoeringsbeleid opgepakt en aangescherpt. We blijven inzetten op de gestelde prioriteiten. In 2026 gaan we deze prioriteiten uit het beleid evalueren en voorbereiden op nieuw beleid. In 2026 moet meer duidelijk zijn hoe we inzetten op de opgaven polarisatie & radicalisering- en de crisisorganisatie gezien de huidige geopolitieke ontwikkelingen.
Op dit moment zitten we veelal nog in de lerende en verkennende fase en zijn we voornemens om deze kennis spoedig om te zetten in concrete interventies. We willen in samenwerking met procesregie ook meer inzetten op de maatwerk gedachte binnen de zorg- en veiligheidsketen. Dit doen we onder andere door het evalueren van hoogcomplexe zaken en te leren van waar de doorbraak in dergelijke casuïstiek zit. In 2025 hebben we een duidelijk onderscheid gemaakt tussen leefbaarheid en veiligheid in samenwerking met de gebiedsregisseurs uit het sociaal domein. Dit onderscheid wordt in 2026 verder uitgewerkt met de buurtpreventieteams om gerichter op thema’s in te kunnen spelen en collectieve thema’s goed te beleggen bij de juiste mensen. Informatiemanagement, -veiligheid en -beheer Informatieveiligheid We blijven investeren in het versterken van informatieveiligheid. We bouwen verder aan overzicht en inzicht in onze informatiehuishouding en treffen waar nodig maatregelen om de veiligheid van onze informatie verder te waarborgen. Met de inwerkingtreding van de Cyberbeveiligingswet eind 2025, worden de wettelijke eisen rondom informatieveiligheid aangescherpt en op hetzelfde niveau gezet als de privacy in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) In dat kader zijn trainingen en opleiding van bestuur en medewerkers vereist.
Applicaties Verdergaande digitalisering en het steeds meer “versaasen’ (naar de Cloud brengen van applicaties) is onomkeerbaar en heeft impact op ons applicatielandschap en op de kosten. Niet alleen projectmagie uitgaven nemen toe, maar vooral ook de structurele kosten voor beheer en licenties. Door te faseren en scherp te kiezen wat echt nodig is proberen we de kosten beheersbaar te houden. Desondanks is stijging van kosten boven de reguliere indexeringen reëel en onvermijdelijk. Nieuwe digitale werkplek De implementatie van de nieuwe digitale werkplek, op basis van Microsoft 365 vindt in 2025 plaats. Dit biedt kansen om meer taken op het gebied van Functioneel Beheer intern op te pakken en vormt een solide basis voor de ontwikkeling van data gedreven werken, onder andere via de tools als Power Apps en Power BI. Binnen Equalit, ons samenwerkingsverband op ICT gebied, is een principebesluit genomen om over te stappen van een gezamenlijke (single tenant) naar een afzonderlijke (Multi-tenant) Microsoft omgeving per deelnemer. De gevolgen hiervan voor kosten en beheer zijn nog niet volledig in beeld. Tegelijkertijd groeit binnen de organisatie de behoefte aan sturingsinformatie en data-analyse. Om hier effectief op in te spelen is aanvullende capaciteit voor functioneel beheer/ data-analyse noodzakelijk.
Wat willen we gaan doen Nieuw beleid Projecten De wettelijke verplichtingen, doorontwikkeling van bestaande producten, veranderende voorwaarden voor de beveiliging rondom ICT nemen kosten met zich mee. Deze veranderingen zijn vaak onvoorspelbaar. We kijken vooruit, willen mee in de ontwikkelingen en moeten up-to-date blijven, zeker in het kader van informatiebeveiliging en wetgeving. Voor de uitvoering van deze ontwikkelen is incidenteel projectbudget nodig.
7
Voortzetten bestaand beleid Informatiemanagement, -veiligheid, -beheer De werkplek van de toekomst of te wel de digitale werkplek vraagt ondersteuning van functioneel beheer. De applicaties binnen Microsoft 365 zijn voortdurend in beweging, denk aan co-pilot, Power Apps en doorontwikkeling van de bekende applicaties zoals Word, Outlook en Excel. Daarnaast is er in de organisatie een toenemende behoefte aan data-gedreven werken. Deze ontwikkelingen, alsmede de tenant splitsing, vragen om extra ondersteuning. Door de versaasing, de huidige werkzaamheden en projecten is het niet mogelijk om hieraan invulling te geven. Uitbreiding van de formatie met 1 fte is nodig om de werkplek van de toekomst te realiseren. Burgerzaken We willen inspelen op de toekomstige ontwikkelingen en de kwaliteit voor basisregistratie personen waarborgen. De afgelopen jaren speelden we hierop in door ‘structurele’ inhuur van derden. Gezien het feit dat de werkzaamheden komende jaren blijven toenemen en binnen nu en 4 jaar ervaren en kundige medewerkers de pensioengerechtigde leeftijd bereiken, willen we tijdelijk 2 fte aan het team toevoegen. Dit is nodig om de werkzaamheden, kennis, kunde en continuïteit binnen burgerzaken te waarborgen. Autonome ontwikkeling Software, licenties en contracten De ontwikkeling in software gaat hard.
De software, licenties en contracten hebben betrekking op de voor de bedrijfsvoering noodzakelijke applicaties, het onderhoud daarvan, de updates en upgrades en noodzakelijke vervangingen om zo de steeds verder gaande digitalisering te kunnen volgen. De kosten die hierdoor ontstaan worden niet alleen gedekt met de inflatie. Een structurele verhoging van dit budget is nodig om de ontwikkelingen, zoals versaasing, te kunnen implementeren. Veiligheid Gemeente Loon op Zand heeft de opvang van zwerfdieren ingekocht bij het dierenasiel Waalwijk, net als andere regiogemeentes. Per 2026 volgt een verhoging van de gemeentelijke bijdrage, naar een bedrag van €1,20 per inwoner per jaar. Hiermee waarborgen wij de blijvende inzet en continuïteit van het dierenasiel. Naast de gemeentelijke bijdrage per inwoner per jaar volgt een bijdrage per opgevangen dier. Dit bedrag varieert logischerwijs per jaar.
Financiële consequenties Categorieën en maatregelen Nieuw beleid Projecten binnen informatiemanagement, -veiligheid, -beheer Voortzetten bestaand beleid en pilots Formatie informatiemanagement, -veiligheid, -beheer Formatie burgerzaken Autonome ontwikkeling* Software, licenties, opslag - versaasing ** Dierenambulance – dierenopvang Gemeenschappelijke regeling Regio Hart van Brabant (incl. Midpoint) Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant Belastingsamenwerking midden west Brabant Venster 0 en 1
2026
2027
2028
2029
-102 -150
-102 -150
-102 -150
-102 0
-50 -12
-50 -12
-50 -12
-50 -12
-12 1 -63 -563
-19 -6 -68 -407
-25 -15 -70 -424
-32 -81 -103 -380
-175
* Dit is gebaseerd op een schatting, omdat indexen of cijfers nog niet definitief zijn. ** De software als dienst aangeboden en niet meer als product, de gegevens worden in de cloud opgeslagen.
Overige ontwikkelingen en risico’s
Indien de ambities, wettelijke verplichtingen en voortgang pilot – projecten niet worden gehonoreerd, vormen zij een risico voor de bedrijfsvoering en kunnen we de kwaliteit niet waarborgen.
8
Venster 2. Gemeenschappen De opgaven binnen het Sociaal Domein
Vanuit het sociaal domein werken we met de visie ‘In de buurt, Aan de buurt’ 2022-2027. De kern van deze visie is erop gericht dat: - Inwoners in hun eigen omgeving een gelukkig leven leiden; - Inwoners het verschil maken voor en met elkaar; - Inwoners, zowel individueel en als gemeenschap, zoveel mogelijk in staat zijn om met eigen- of gemeenschappelijke kracht de uitdagingen van het leven aan te gaan; - De toegang tot zorg en ondersteuning doorontwikkeld gaat worden om deze beschikbaar te houden voor de meest kwetsbare inwoners. Vanuit onze visie zette we in op drie opgaven: 1) Sterke gemeenschappen Sterke gemeenschappen richt zich op het versterken van de sociale infrastructuur en het stimuleren van initiatieven die ervoor zorgen dat inwoners naar elkaar omzien en elkaar ondersteunen. Verenigingen en maatschappelijke organisaties spelen hierin een essentiële rol. In 2026 zullen we inzetten op laagdrempelige algemeen collectieve en algemeen selectieve voorzieningen binnen ons voorliggende veld. Het is voor ons essentieel om de sociale basis te versterken. 2) Sterke toegang Sterke Toegang, richt zich op het verbeteren van de bereikbaarheid en beschikbaarheid van ondersteuning voor inwoners.
De gemeente zet in 2026 in op een Sterk Lokaal Team, ondersteund door wijkteams, die makkelijk vindbaar zijn voor inwoners die hulp zoeken, en die tegelijk proactief aanwezig zijn wanneer er signalen zijn dat mensen ondersteuning nodig hebben. Met het Sterk Lokaal Team maken we de beweging van individuele zorg met een indicatie naar meer voorliggende ondersteuning. Het Sterk Lokaal Team biedt indicatievrije ondersteuning. Hiermee willen we de inzet van specialistische hulp en maatwerkvoorzieningen gaan beperken. 3) Grip op het sociaal domein Grip op het sociaal domein, is verweven in bovenstaande opgaven. Grip op het sociaal domein gaat over het behoud van een betaalbaar en duurzaam systeem van zorg en ondersteuning. Door te investeren in de meest effectieve maatregelen en het monitoren van resultaten, wil de gemeente de toekomstbestendigheid van het sociaal domein waarborgen en de kosten beheersen. In deze kadernota worden oude maatregelen omgebogen, zodat zij beter aansluiten bij de visie die wij vanuit het sociaal domein beogen.
De verweving van de opgaven in één beleidskader In 2025 starten we met het opstellen van een nieuw beleidskader voor het sociaal domein. Dat helpt ons om duidelijke keuzes te maken: doen we de juiste dingen en doen we die op de goede manier? Hierin maken we gebruik van een opbouw in vier treden: van algemene voorzieningen voor iedereen tot maatwerk voor wie het echt nodig heeft. We zorgen ervoor dat inwoners uitgaan van hun eigen kracht, indien nodig gebruik kunnen maken van voorliggende voorzieningen en lichte ondersteuning. Zo blijft de dure, individuele zorg beschikbaar voor hen die dat echt nodig hebben.
9
In deze kadernota kiezen we bewust voor nieuw beleid voor oud beleid. We zetten bestaande middelen slimmer in en sluiten beter aan op de behoefte van onze inwoners. Hiermee houden we zorg betaalbaar en toegankelijk, ook in de toekomst.
Wat willen we gaan doen Wettelijke verplichting Pilot deelhulpmiddelen, van een eigen scootmobiel als individueel geïndiceerd maatwerk naar een deelvoorziening Door de veranderende wetgeving mogen scootmobielen niet meer worden gestald in gangen van wooncomplexen in verband met brandveiligheid. De VNG adviseert om te investeren in deelsystemen. Wij gaan scootmobielpools inrichten waar dit noodzakelijk is en onderzoeken de mogelijkheden om dit uit te breiden. Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden van een breng- en haalservice. We onderzoeken de mogelijkheden voor scootmobiel en driewielfietsen. Met de inzet hiervan blijven we voorzien in de vervoersbehoefte, vergroten we de zelfredzaamheid en richten we ons op duurzaamheid. De inzet van een pool, verdient zichzelf terug, omdat minder maatwerkvoorzieningen worden verstrekt. Omvorming ontwikkelingsgerichte dagbesteding Vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 wordt er ingezet op de begeleiding van mensen om hen zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving te laten blijven. Dit wordt onder andere gedaan door middel van dagbesteding. Indicatievrije dagbesteding gaat terug naar de bedoeling en de eenvoud. Inwoners kunnen zonder een indicatie gebruik maken van een voorliggende voorziening. Geen stempel, geen drempel. We zorgen ervoor dat het aanbod lokaal en laagdrempelig is.
We versterken met deze voorziening de sociale basis, waarbij we de focus leggen op de inwonersontwikkeling en waarbij we de financiële prikkels voor zorgaanbieders weghalen. In 2026 willen we ontwikkelingsgerichte dagbesteding omvormen naar voorliggende indicatievrije dagbestedingsvoorzieningen. Inwoners kunnen zonder Wmo indicatie binnenlopen bij aanbieders van indicatievrije dagbesteding. De aanbieder kijkt of de inwoner past binnen de betreffende doelgroep. Wanneer er geen passend aanbod is binnen de indicatievrije dagbesteding, dan wordt er gekeken naar de mogelijkheden binnen het voorliggende veld of in het laatste geval naar een maatwerkvoorziening. We geloven hiermee in de kracht van de gemeenschap. Met de omvorming van ontwikkelingsgerichte dagbesteding hoeven inwoners minder lang te wachten op een indicatie en kunnen zij rechtstreeks contact opnemen met de aanbieder. De inwoner houdt zelf regie om dagbesteding te vinden die bij zijn interesse en kwaliteiten past, eventueel mt behulp van de gemeente. De zorgaanbieder kijkt of de inwoner daadwerkelijk de zorgbehoefte heeft die past bij de voorziening die zij aanbieden, is het geen zorgbehoefte dan verwijzen zij de inwoner door naar de maatschappelijke activeringscoaches. Door het maken van subsidieafspraken krijgt de inwoner de zorg die nodig is.
De subsidieverordening indicatievrije dagbesteding ligt eind 2025 – begin 2026 ter besluitvorming bij de raad. Na vaststelling rollen we de omvorming van ontwikkelingsgerichte dagbesteding uit. Door het afbouwen van de indicaties, verdient deze ontwikkeling zichzelf terug. Uitvoering Wet inburgering 2021 De gemeente heeft de uitvoering van de Wet inburgering 2021 in 2025 geëvalueerd. Op basis van deze evaluatie is beoordeeld of er wijzigingen in de uitvoering nodig zijn. De Wet Inburgering 2021 legt de verantwoordelijkheid bij de gemeente voor de begeleiding van inburgering plichtige nieuwkomers. Het doel is om deze nieuwkomers zo snel mogelijk te laten deelnemen aan de samenleving, waarbij de nadruk ligt op taalverwerving en participatie. Ook in 2026 zetten we in op het zo snel mogelijk laten deelnemen aan de lokale samenleving voor nieuwkomers. Dit doen we door het bevorderen van de Nederlandse taalvaardigheid, opbouwen van sociaal netwerk, stimuleren van zelfredzaamheid en participatie, versnellen van acceptatie en integratie binnen onze gemeente. De middelen die het Rijk beschikbaar stelt via de specifieke uitkering (SPUK) zetten wij hiervoor in. Voortzetten bestaand beleid Uitbreiding capaciteit VV Uno Animo In 2024 is een krediet van € 125.000 beschikbaar gesteld voor de aanleg van een extra natuurgrasveld voor VV Uno Animo, dit is conform het vastgestelde sportbeleid.
De offertes voor de aanleg hiervan zijn hoger dan het krediet en de aankoop van een aangrenzend perceel voor de realisatie is lastiger dan verwacht. Samen met VV Uno Animo spraken we over een oplossing voor het extra natuurgrasveld. We stelden een alternatief voor: een natuurgrasveld omzetten naar kunstgras. De kosten hiervoor zijn hoger, maar het aantal speeluren en maatschappelijke doeleinden neemt toe. Het aanleggen van een kunstgrasveld is duurder en dit dekken we met een restant krediet uit 2024 voor hekwerken sportvelden. De VV Uno Animo is zelfverantwoordelijk voor het
10
betalen van de kosten die ontstaan van het omzetten van gras naar kunstgras. Zodra de financiering met de vereniging rond is, starten we met de realisatie van het kunstgras. Bestuur, beheer en vrijwillige inzet van maatschappelijke accommodaties bundelen en professionaliseren. In de vorm van een pilot zette we in 2024 en 2025 een accommodatiegebonden sociaalwerker in om de Huis van de Wijk functie (ontmoeten en ondersteunen, algemeen en selectief collectief aanbod) te ontwikkelen voor en door inwoners in Kaatsheuvel. We realiseren een groter vrij toegankelijk hulpaanbod. Hiermee pakken we problemen snel aan en voorkomen we de inzet van specialistische zorg. De resultaten van de pilot zijn positief en we breiden de piloturen uit met 1 fulltime medewerker. Dit om door te kunnen pakken op kwantitatieve (benuttingsgraad) en kwalitatieve verbetering van het collectieve aanbod (maatschappelijke impact) en de exploitatie & beheer van maatschappelijke accommodaties. Hierbij ook rekening houdend met vrijwillige inzet. Ook in de kernen Loon op Zand en de Moer faciliteren we zo het ontstaan van Huis van de Wijk functie voor en door inwoners. De uitbreiding dekken we door het anders inzetten van budgetten en middelen voor ‘toegankelijke mentale gezondheidszorg’ vanuit IZA-middelen.
Voorliggende voorzieningen; Inzet ondersteuning van een bredere doelgroep die niet mee kan komen vanwege (beginnende) cognitieve problemen, hun mantelzorgers en naasten. We gaan voor inwoners met (beginnende) cognitieve problemen het voorliggend aanbod uitbreiden, zodat we hen en hun mantelzorgers beter kunnen ondersteunen. Waar eerder specifiek werd ingezet op dementieondersteuning, verschuift de focus naar een bredere doelgroep met geheugen- en cognitieve problematiek, ongeacht de oorzaak. Deze ontwikkeling sluit aan bij de gemeentelijke visie In de buurt, Aan de buurt en Sterke Gemeenschap, evenals bij de ambitie om de sociale basis te versterken en ondersteuning vroegtijdig en dichtbij te organiseren. Daarmee voorkomen we zwaardere zorg en ontlasten we mantelzorgers — in lijn met onze focus op laagdrempelige ondersteuning en het coalitieakkoord. De werkzaamheden van de dementieconsulenten, zoals voorlichting, groepsondersteuning en signalering, worden voortgezet binnen het voorliggend veld en opgeschaald voor een bredere doelgroep. Ook medewerkers van wijkteams en de Sterke Lokale Teams worden toegerust om cognitieve problemen vroegtijdig te herkennen. Deze aanpak draagt bij aan het vergroten van de zelfredzaamheid, het versterken van sociale netwerken en het verhogen van de kwaliteit van leven.
We zorgen zo voor een duurzame, toekomstbestendige ondersteuning binnen onze gemeenschap. De kosten dekken we in 2026 met GALA-middelen en overige budgetten. Na 2025 zijn aanvullende financiële middelen nodig om deze werkzaamheden te kunnen blijven uitvoeren. Algemene voorziening voor inwoners met niet aangeboren hersenletsel (NAH) en hun verzorgers. In onze gemeente ontbreekt momenteel een passend voorliggend aanbod voor inwoners met niet-aangeboren hersenletsel (NAH). Veel van deze inwoners maken nu gebruik van maatwerkvoorzieningen, vaak in de vorm van een PGB, omdat het huidige gemeentelijke aanbod onvoldoende aansluit op hun behoeften. Dit leidt niet alleen tot hogere kosten, maar ook tot een situatie waarin deze doelgroep niet de ondersteuning ontvangt die hen daadwerkelijk verder helpt. Een aanzienlijk deel van de inwoners die gebruik maakt van ontwikkelingsgerichte dagbesteding heeft NAH. Het ontbreekt hen aan een toegankelijke plek dichtbij huis (aanbod slechts buiten de gemeente) waar ontmoeting, ontspanning en talentontwikkeling centraal staan. Ook mantelzorgers geven aan behoefte te hebben aan een meer structurele vorm van ondersteuning. Daarom gaan we werken aan een algemene voorziening voor deze doelgroep.
Een laagdrempelige plek in de gemeente of binnen een regionaal initiatief, waar gelijkgestemden elkaar kunnen ontmoeten en ondersteuning krijgen van deskundigen. Deze voorziening draagt bij aan zelfredzaamheid en participatie, en vermindert de noodzaak voor individuele maatwerkvoorzieningen. In 2025 onderzoeken we hoe we dit het beste kunnen vormgeven, zodat we in de loop van 2026 kunnen starten met de uitvoering. Hiermee zetten we een belangrijke stap naar structureel en collectief aanbod dat past bij de behoefte van inwoners met NAH en hun mantelzorgers — in onze eigen gemeente. De benodigde middelen voor het vormen van deze algemene voorziening ontstaan uit oud beleid, omdat de PGB’s en maatwerkvoorzieningen afnemen.
Nieuw beleid Digitaal ondertekenen voor poststukken vanuit Zorgned In het sociaal domein zetten we een stap richting efficiëntere werkprocessen door het mogelijk te maken dat inwoners poststukken digitaal kunnen ondertekenen via Zorgned. Deze maatregel sluit aan bij de gemeentelijke kanalenstrategie en draagt bij aan het verkorten van doorlooptijden, het verminderen van administratieve handelingen en het verhogen van de gebruiksvriendelijkheid voor zowel inwoners als medewerkers. Waar voorheen papieren formulieren per post heen en weer werden gestuurd, kan met digitale ondertekening het proces aanzienlijk worden versneld. Zo realiseren we een toekomstbestendig en klantgericht proces binnen het sociaal domein.
11
Een deel van de inwoners is nog afhankelijk van fysieke post, dit percentage zal in de toekomst afnemen. Hierdoor neemt de efficiëntiewinst toe. Inwoners die met fysieke post werken, blijven op dezelfde manier onze dienstverlening ervaren. De kosten voor het digitaal ondertekenen van poststukken verdient zichzelf terug. Voor de implementatie (incidentele kosten) zetten we andere budgetten in. De structurele kosten zijn onderdeel van software, licenties en contracten. De implementatie kosten zijn incidenteel en de onderhoudskosten licentie, SaaS onderhoudskosten cliëntportaal en de kosten TPM verklaring Logius DigiD zijn structureel.
Financiële Consequenties Categorieën en maatregelen Nieuw beleid Digitaal Ondertekenen Poststukken Zorgned Wettelijke verplichting Aanschaf scootmobielen & driewielerfietsen pool Voortzetting bestaand beleid en pilots Kunstgrasveld Uno Animo ** Accommodatie gebonden Sociaal medewerker dekking Accommodatie gebonden Sociaal medewerker Mantelzorg Ombuiging Dementieconsulenten GALA *** PGB inwoners niet aangeboren hersenletsel Ombuiging ZIN ontwikkelingsgerichte dagbesteding ZIN Dagbesteding inwoners niet aangeboren hersenletsel Autonome ontwikkeling Prognoses sociaal domein * Gemeenschappelijke regeling Baanbrekers GGD Venster 2
2026
2027
2028
2029
-10
0
0
0
-8
-8
-8
-8
-18 100 -130 57 65 20 -85
-18 100 -130 57 65 20 -85
-18 100 -130 57 65 20 -85
-18 100 -130 57 65 20 -85
-102
-207
-314
-423
210 -45 54
207 -45 -44
284 -45 -74
275 -45 -192
* Dit is gebaseerd op een schatting, op basis van verwachte volumegroei. ** De lasten m.b.t. het nieuwe kunstgrasveld voor Uno Animo hebben betrekking op de kapitaallasten volgend uit de investering. Bedrag is gebaseerd op de omvang van het voorgestelde krediet (271K), en een verwachte levensduur van 15 jaar. *** De inzet van dementieconsulenten werd in voorgaande jaren bekostigd vanuit het budget mantelzorg (57K). Vanaf 2026 worden de kosten i.v.m. ‘dementievriendelijke gemeente’ bekostigt uit GALA-middelen (46K). Dit betreft een specifieke uitkering vanuit het Rijk.
Investeringen Omschrijving Kunstgrasveld Uno Animo* Restant krediet hekwerken 2024
Huidig Krediet
Voorstel
75 196
+196 -196
Nieuw Krediet 271 0
Ontwikkelingen en risico’s
Binnen dit venster zijn er geen risico’s of ontwikkelingen.
12
Venster 3. Omgeving en economische ontwikkeling Onze visie op het fysiek domein In 2024 hebben we de Omgevingsvisie vastgesteld. Deze visie vormt onze langetermijnroute voor onze fysieke leefomgeving tot 2040. Hierin zijn de belangrijkste doelen en ambities opgenomen op het gebied van wonen, werken, ondernemers, mobiliteit, duurzaamheid en recreatie. De Omgevingsvisie is een antwoord op maatschappelijke ontwikkelingen en trends, en een middel om de unieke kwaliteiten van onze gemeente te behouden en te versterken. Hoe ziet Loon op Zand er in 2040 uit? Wat voor woonwijken, dorpskernen, bedrijventerreinen en buitengebieden willen we dan hebben? Waar creëren we ruimte voor starters en senioren? Hoe zorgen we voor meer groen in de buurt, aantrekkelijke winkelstraten en behoud van de dorpse sfeer? En hoe beschermen we ons waardevolle buitengebied? Om richting te geven aan deze ambities, zijn zes speerpunten geformuleerd: • • • • • •
Duurzame groene dorpen – In 2040 leven we in dorpen die duurzaam en groen zijn ingericht. Recreatie in balans – We versterken ons recreatief aanbod, met oog voor harmonie en plezier. Iedereen doet mee – We zorgen ervoor dat iedereen, op eigen kracht, actief kan deelnemen aan onze samenleving. Slim bereikbaar – We werken aan slimme, toekomstgerichte mobiliteit. Toekomstbestendige centra – Onze dorpskernen blijven levendig, aantrekkelijk en passend bij de tijd. All-inclusive landschap – We koesteren een landschap waar iedereen van kan genieten.
De komende jaren werken we deze speerpunten verder uit in beleid en acties. Onze ambitie hierbij en ontwikkeling komende jaren De Omgevingsvisie is leidend voor de ontwikkeling van onze gemeente. Of het nu gaat om wonen, werken, ondernemen of recreëren – Loon op Zand is een fijne plek om te zijn. Duurzaamheid staat centraal. We investeren in meer groen van hoge kwaliteit en streven ernaar dat onze wijken in 2040 grotendeels energieneutraal en klimaatbestendig zijn. Dit doen we samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Het Actieprogramma Duurzaamheid vormt hiervoor de basis. Onze gemeente blijft economisch vitaal. Zowel inwoners als toeristen weten de weg te vinden naar onze natuur, het recreatief aanbod en onze vitale kernen. We willen het toeristisch en recreatief aanbod versterken en verbreden, met als doel een belangrijke bijdrage te leveren aan de ambitie van regio Midden-Brabant om koploper te worden in gezinsrecreatie. Groei is welkom, mits die in balans is met onze leefomgeving. De concrete acties hiervoor zijn vastgelegd in het Actieprogramma Economische en Toeristisch-Recreatieve Visie. De huidige woningmarkt vraagt om flexibiliteit en lef. We blijven willen doorgroeien naar 25.000 inwoners en bieden ruimte aan een gevarieerd woningaanbod voor verschillende doelgroepen.
De prioriteit ligt op herstructurering binnen de bestaande bebouwing, met uitbreidingen als dat nodig is. Een inclusieve samenleving is voor ons belangrijk, iedereen moet kunnen meedoen en zich prettig voelen in zijn of haar leefomgeving. Gezondheid is een belangrijk thema. Buiten spelen en bewegen in de openbare ruimte levert hieraan een bijdrage. De kaders zijn opgenomen in het Speelruimtebeleidsplan, dat wordt uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. Ook op het gebied van bereikbaarheid zetten we stappen. In 2040 willen we beter bereikbaar zijn en tegelijkertijd minder verkeersdruk ervaren. Door slimme mobiliteitsoplossingen te omarmen, streven we naar groei zonder extra belasting van onze woonwijken en natuur. Deze ambities komen in de Mobiliteitsvisie 2040. We geven onze centra een nieuwe impuls. Hun rol als winkelgebied verandert, maar juist dat biedt kansen. We willen de centra nauwer verbinden met de recreatiesector, het winkelaanbod versterken en de leefbaarheid vergroten. Groene inrichting en herontwikkeling spelen daarbij een belangrijke rol. Samen met onze inwoners zetten we de stap naar minder afval. We streven naar de reductie en laten onze inwoners wennen aan het systeem van gedifferentieerde tarieven. Hiermee stimuleren we inwoners hun afval beter te scheiden en te reduceren.
De gemeente hecht veel waarde aan de betrokkenheid van inwoners bij de ontwikkeling van hun leefomgeving. Bij projecten zoals infrastructuur, openbare ruimte of woningbouw worden bewoners vanaf het begin betrokken. Dit vergroot het draagvlak en zorgt voor betere plannen, afgestemd op de lokale behoeften. In een tijd waarin polarisatie toeneemt, speelt gezamenlijke besluitvorming een belangrijke rol in het versterken van onderling begrip en
13
vertrouwen tussen inwoners en overheid. Participeren moeten we leren, zowel gemeente als samenleving – en dat doen we samen. De koers is uitgezet, nu is het tijd voor actie. We gaan onze ambities vertalen naar concrete beleidsstukken en programma’s. Ook werken we verder aan de Omgevingsplannen. Door integraal te kijken naar alle aspecten van de fysieke leefomgeving, willen we de kwaliteit van wonen, werken en recreëren in onze gemeente behouden én versterken. Wat willen we gaan doen Wettelijke verplichting Omgevingsplan en omgevingsprogramma Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Deze wet vereist uiterlijk per 1 januari 2032 één omgevingsplan voor het totale grondgebied. Momenteel beschikt de gemeente over meerdere bestemmingsplannen. De overgang naar een omgevingsplan betekent dat alle bestaande plannen moeten worden omgebouwd, wat aanzienlijke inzet en capaciteit vraagt in de komende jaren. De Omgevingsvisie van Loon op Zand is in 2024 door de raad vastgesteld. De strategische doelen uit deze visie vormen de ontwikkeling van programma’s en beleid. De programma's hebben betrekking op alle beleidsterreinen van de fysieke leefomgeving, maar ook het sociale domein. Het realiseren van deze visie vraagt om een integrale benadering, waarbij de verbinding tussen de fysieke en sociale opgaven centraal staat.
Het is van belang dat we organisatiebreed samenwerken met aandacht voor regie, coördinatie en een projectmatige aanpak. Voor 2026 zijn er middelen gereserveerd om de voortgang van deze trajecten te waarborgen. In de Kadernota 2027 wordt een andere toelichting gegeven op de voortgang, de behaalde resultaten en de inzet die nodig is om aan de verplichtingen van de Omgevingswet te voldoen. Verbrandingsbelasting en CO2 heffing Op basis van de Wet belasting op milieugrondslag (Wbm) wordt afvalstoffenbelasting geheven. Komende jaren gaat de CO2 heffing zorgen voor een significante verhoging van de kostprijs voor het verbranden van Huishoudelijk Restafval (HRA). Het doel van deze heffing is het stimuleren van afvalscheiding/ recyclage en een meer circulaire economie en het beperken van CO2 uitstoot. Voor 2026 zal de stijging beperkt zijn, maar komende jaren verwachten we een stijging van de kosten. Deze kostenstijging berekenen we door in de afvalstoffenheffing. Voortzetten bestaand beleid Verkeersveiligheid (omgeving) In het coalitieakkoord is vastgelegd dat we staan voor een verkeersveilige gemeente. In focuspunt 7 is opgenomen dat we actief optreden bij hotspots met veel ongevallen en dat we extra inzetten op de veiligheid van fietsers en voetgangers. Het verbeteren van de verkeersveiligheid kan vaak met kleine ingrepen in de infrastructuur.
Op dit moment is er geen structureel budget om dergelijke maatregelen snel en doeltreffend uit te voeren. Met een budget kunnen meldingen m.b.t. de verkeersveiligheid, waarbij een kleine aanpassing aan de infrastructuur nodig is, snel en adequaat worden opgelost. Voor begroting 2026 onderzoeken we de mogelijkheid de kosten voor parkeervergunningen in de omgeving van de Efteling op te nemen in de vermakelijkhedenretributie. Ook hebben we inkomsten uit het verhalen van schades aan verkeersborden. Hiermee ontstaat ruimte in het budget voor verkeersveiligheid om snel in te spelen op knelpunten in de leefomgeving. Leges kabels en leidingen en daaruit voorkomende onderhoudskosten (omgeving) Er zijn steeds meer bedrijven die in onze openbare ruimte aan de gang gaan met kabels en leidingen. Dit kunnen dataleveranciers zijn met bijvoorbeeld glasvezel, maar ook Enexis met het vervangen of uitbreiden van het aanwezige netwerk. We zien dat we hierdoor meer degeneratiekosten krijgen: de wegen worden niet goed teruggelegd en er is sprake van nazakkingen. Dit zorgt voor extra kosten bij het dagelijks beheer van wegen. Op basis van een benchmark van onze leges die we hiervoor heffen zien we dat hier nog ruimte is om deze kosten te dekken. We heffen leges voor het uitvoeren van werkzaamheden ten behoeve van kabels en leidingen.
Op basis van een benchmark is duidelijk geworden dat onze tarieven te laag zijn. Ook zien we dat we aantal tarieven nog niet hebben ingevoerd zoals tarieven voor aanvullende werkzaamheden, voor meldingen die niet in de gestelde termijn zijn aangemeld en voor straatwerk als herstel niet na 10 dagen is uitgevoerd. We verwachten met aanpassing van de leges (extra inkomsten) de kosten die we maken bij het beheer van wegen door degeneratie te kunnen dekken. Actieplan duurzaamheid (duurzaamheid) Duurzaamheid is een van de speerpunten uit het coalitieakkoord van de gemeente Loon op Zand: “We sluiten aan bij de klimaatdoelstellingen van Parijs. Om deze doelstellingen te halen werken we nauw samen met inwoners, 14
ondernemers en maatschappelijke organisaties.”. Deze ambitie is ook verankerd in de Omgevingsvisie Loon op Zand 2040. “In 2040 hebben we duurzame, groene dorpen. Bovendien willen we dat in 2040 een groot deel van onze wijken energieneutraal en klimaatadaptief is. Ook willen we dat onze wijken sociaal in balans zijn.” Om deze ambitie te realiseren is in 2025 het Actieplan Duurzaamheid vastgesteld. Dit plan beschrijft de koers voor de komende jaren op het gebied van de energietransitie en warmtetransitie. In 2026 gaan we onder meer met de volgend onderwerpen aan de slag: - Soortenbescherming Maatregelen ten behoeve van bijvoorbeeld beschermde soorten in het kader van de Landelijke aanpak natuurversterking in het stedelijk gebied (NVI) en het op te stellen SoortenManagementPlan. - Energieopwekking: We ontwikkelen een energiesysteemvisie waarin de richting wordt geschetst voor toekomstige energieopwekking, opslag en distributie. De visie is de basis voor acties en nieuwe projecten. De uitvoering van het actieplan past binnen de beschikbare financiële middelen. Afvalstoffenheffing (duurzaamheid) De gemeenteraad heeft in 2023 het Grondstoffenbeleidsplan vastgesteld. Dit beleid stelt dat we de hoeveelheid restafval terugdringen in 2025 naar < 100 kg per inwoner. Met de invoering van Diftar in 2024, zien we een daling van het aantal kilogram restafval per inwoner.
In 2026 blijven we inzetten op het dalen van het aantal kilogram restafval per inwoner, dit doen we door een optimalisatie van het vaste en variabele deel van de afvalstoffenheffing. We verhogen in 2026 het variabel deel, om een prijsprikkel te geven om afvalscheiding te stimuleren en zouden het vastrecht kunnen verlagen. Inwoners die goed afval scheiden betalen hierdoor minder heffing. Actieprogramma Economische en toeristische-recreatieve visie (Economische ontwikkeling) In 2026 zetten we de uitvoering van het actieprogramma behorend bij de Economische en toeristische-recreatieve visie, die in 2023 door het college is vastgesteld, voort. Dit programma vloeit vooruit het coalitieakkoord en loopt tot en met 2027. Daarnaast starten we in 2026 met de voorbereiding van een vervolg op het programma. Doel is dat Loon op Zand in 2030 bekend staat als een groene, recreatieve en ondernemende gemeente, waar ondernemers de kansen benutten om zo goed mogelijk te ondernemen met respect voor de omgeving, bewust van de cultuurhistorie en met oog voor de lokale gemeenschap. Centrumontwikkeling Kaatsheuvel en Loon op Zand (Economische ontwikkeling) We werken aan de toekomst van de centra Loon op Zand en Kaatsheuvel. In december 2024 is het toekomstperspectief voor het centrum van Kaatsheuvel vastgesteld.
Voor het centrum van Loon op Zand is een uitgangspuntennotitie door het college vastgesteld, deze wordt verder uitgewerkt tot een toekomstperspectief. Voor de voortzetting van deze trajecten namen we in de begroting 2025 en meerjarenraming 2026 financiële middelen op. Nieuw beleid Speelruimtebeleidsplan (omgeving) In 2025 is het Speelruimtebeleidsplan vastgesteld. Dit plan vormt de basis voor de ontwikkeling van speel- en beweegruimte binnen de gemeente Loon op Zand richting 2035. We zetten in op bewegen in een natuurrijke groene omgeving, op een duurzame en schone manier voor iedereen. De omvattende titel is ‘Samen actief spelen & bewegen”. De ambities zijn onderverdeeld in vier pijlers: Ambitie 1 – Een divers en uitdagend speellandschap Ambitie 2 – Sporten, bewegen en ontmoeten voor iedereen Ambitie 3 – Speel- en beweegruimte voor mens en milieu Ambitie 4 – Goede beweegruimte creëren we samen De ambities worden verder geconcretiseerd in een uitvoeringsprogramma. Westkant (wonen) In 2026 start de realisatie van woningbouw op de locatie van de Westkant. In de gesloten overeenkomst is vastgelegd dat de inrichting van de omliggende openbare ruimte een hoogwaardige aansluiting krijgt op het aangrenzende park. Hiermee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan de ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid van het gebied.
Voor de inrichting van deze openbare ruimte wordt een plan opgesteld. De kosten voor de inrichting van de openbare ruimte dekken we uit de opbrengsten van de grondverkoop. Uitwerking woonzorgvisie (wonen) In 2025 stellen we de woonzorgvisie op. De opgaven op de beleidsterreinen wonen, zorg en welzijn zijn groot en urgent. We zien stijgende zorgkosten, een vastzittende woningmarkt, een toename van instroom vluchtelingen en arbeidsmigranten en een sterk groeiende vergrijzing. Tegelijkertijd neemt het aantal mensen met een kwetsbaarheid en / of een chronische aandoening toe. Deze ontwikkelingen vragen visie. Doel van de visie is om 15
voor alle aandachtsgroepen – waaronder ouderen, mensen met lichamelijke of psychische beperking en andere kwetsbare inwoners – voldoende passende, betaalbare woningen en voorzieningen beschikbaar te maken. We streven daarbij naar een evenwichtige spreiding de gemeenten in de regio Hart van Brabant. En zetten we in op zorg en ondersteuning dichtbij huis. We kijken naar het versterken van ambulante en wijkgerichte voorzieningen die het mogelijk maken dat inwoners langer zelfstandig kunnen blijven wonen in hun vertrouwde omgeving. De uitwerking van de woonzorgvisie wordt eind 2025 vastgesteld. Aansluitend volgt de uitvoeringsagenda waarin de opgaven concreet worden vertaald. Afhankelijk van deze uitwerking wordt er voor de begroting van 2027 een voorstel voorbereid. Gemeentelijk erfgoed/monumentenbeleid In lijn met het coalitieakkoord werken we aan nieuw erfgoedbeleid, dat in 2025 wordt vastgesteld. Het beleid geeft richting aan hoe we ons Loons erfgoed willen behouden, beschermen en toegankelijk maken voor toekomstige generaties. Het nieuwe beleid bevat ambities om erfgoed beter zichtbaar te maken en te verankeren in ruimtelijke en maatschappelijke ontwikkelingen. Hiervoor is structureel budget voor archeologisch en juridisch advies nodig. Deze kosten zitten nu verspreid over verschillende budgetten, dit willen we centraliseren onder een begrotingspost.
In 2026 werken we aan de aanwijzing van het MASt gebied tot gemeentelijk monument. De onderzoeken die hiervoor nodig zijn, passen op dit moment niet binnen het beschikbare budget. Aanvullen middelen zijn nodig om dit traject te kunnen uitvoeren. Financiële consequenties Categorieën en maatregelen Nieuw beleid Kleine infrastructurele verkeersveiligheidsmaatregelen Parkeervergunningen i.r.t. vermakelijkhedenretributie Uitvoering erfgoedbeleid Aanwijzing MAsT gebied Kapitaallasten groene inpassing herontwikkeling Westkant Dekking uit reserve kapitaalasten - Groen Westkant Voortzetting bestaand beleid - pilots – projecten Leges kabels en leidingen Inkomsten schadevergoedingen Degeneratiekosten Autonome ontwikkeling * Indexaties contracten – overeenkomsten Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant Venster 3
2026
2027
2028
2029
-50 22 -10 -15 0 0
-50 22 0 0 0 0
-50 22 0 0 -3 3
-50 22 0 0 -3 3
70 28 -70
70 28 -70
70 28 -70
70 28 -70
-40
-40
-40
-40
37 -28
35 -5
36 -4
13 -27
* Dit is gebaseerd op een schatting, omdat indexen of cijfers nog niet definitief zijn.
Investeringen Omschrijving Westkant infrastructuur
Nieuw Krediet 120
16
Overige ontwikkelingen en risico’s Voor de komende jaren signaleren we een aantal relevante ontwikkelingen en risico’s die mogelijk financiële impact hebben: Areaal openbare ruimte Door de woningbouwontwikkelingen in onze kernen neemt het areaal openbare ruimte toe. Dit vraagt om structurele uitbreiding van het onderhoudsbudget. In 2026 betreft dit onder andere: de locatie van de flexwoningen, De Els (fase 1 en park), een deel van Westwaard en Salmrijck. Voor 2027 staan onder meer Park Wijtenburg, Van Lierpark, Leo Hendrik, De Els fase 3 en 4, de Westkant en een volgende fase van Westwaard op de planning. In de begroting 2026 worden de onderhoudskosten voor deze uitbreidingen in beeld gebracht. Contracten en aanbestedingen In 2026 verlopen diverse contracten, waarvoor nieuwe aanbestedingen nodig zijn. Het gaat om: - inzameling papier/karton, KCA en glas - verstrekking van parkeervergunningen - toezicht - gladheidsbestrijding - toegangspassensysteem - inzameling van luiers en incontinentiemateriaal De uitkomsten van deze aanbestedingen kunnen een financieel effect op de begroting hebben, zowel positief als negatief. Woonwagens In het kader van de uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens willen we extra woonwagenstandplaatsen realiseren voor zogeheten spijtoptanten. De beoogde locatie is een uitbreiding van de bestaande woonwagenlocatie aan de Capelsestraat.
Hiervoor is een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk, aangezien de betreffende gronden in het vigerende plan “Rechtvaart 2010” zijn bestemd als groen. De procedure hiervoor is gestart. Casade is betrokken bij de verhuur en realisatie. De financiële consequenties van deze ontwikkeling zijn op dit moment nog niet bekend.
17
Ombuigingen De financiële ruimte van de gemeente staat komende jaren onder druk. We zien een stijgende vraag naar maatschappelijke voorzieningen, hogere uitvoeringskosten, grote investeringen en toenemende structurele lasten, terwijl de groei van inkomsten achterblijft. Dit vraagt om keuzes. Vooraf aan deze kadernota verkenden we waar en hoe we binnen de bestaande begroting ruimte kunnen creëren door kritisch te kijken naar uitgaven, efficiënter te werken en mogelijk activiteiten anders of niet meer uit te voeren. In februari 2025 heeft de raad een adviesrichting voor de ombuigingen gegeven. De adviesrichting die de raad heeft aangegeven, waarbij het risico laag is en de ambities en het bestaande beleid niet of nauwelijks beïnvloeden, zijn in deze Kadernota opgenomen. Ook adviseerde de raad om een aantal onderzoek te verrichten die tot ombuigingen kunnen leiden, ook deze staan in de Kadernota. Omdat het financieel resultaat van de onderzoeken niet bekend is, vindt hiervan geen vertaling in onderstaande tabel plaats. In de begroting 2026 en het meerjarenperspectief 2027-2029 verwachten we deze wel mee te nemen. De ombuigingen zijn erop gericht de financiële gezondheid van de gemeente op de lange termijn te waarborgen, zonder de ambities en kernwaarden van Loon op Zand uit het oog te verliezen.
Daarbij blijven we inzetten op een evenwichtige afweging tussen het behouden van kwaliteit van dienstverlening en het realiseren van een sluitende begroting. Ombuigingen Budget aanpassingen Venster 0 en 1 Dagelijks onderhoud panden Verlagen budget trainees Venster 2 Taakstelling jeugdzorg Taakstelling Wmo Hbh Stoppen met integrale vroeghulp Venster 3 Taakstelling openbaar groen Minder inhuur expertise tbv bouw en wonen Minder inzet op advieswerk OMWB Taakstelling civiele werken Minder schade verkeersregelinstallaties Totaal ombuigingen
2026 265
2027 265
2028 265
2029 265
35 110
35 110
35 110
35 110
350 350 60
350 350 60
350 350 60
350 350 60
219 25 86 20 20 1.540
219 25 86 20 20 1.540
219 25 86 20 20 1.540
219 25 86 20 20 1.540
De ombuigingen hoger dan € 25.000 lichten we hieronder toe. Budgetaanpassingen Dit betreffende aanpassingen op het budget, die geen of minimale impact hebben op het beleid. Dagelijks onderhoud panden Het dagelijks onderhoud van gemeentelijke panden richten we vanaf 2026 efficiënter en doelmatiger in. Dit doen we door inspecties en controles zoveel mogelijk te combineren en alleen onderhoud uit te voeren dat op dat moment noodzakelijk is. Hierbij blijft de kwaliteit en veiligheid van de panden gewaarborgd. Door deze gerichtere aanpak kunnen we besparen op uitvoeringskosten, zonder concessies te doen aan de staat en het functioneren van de gebouwen. Trainees Voor 2026 wordt het budget trainees verlaagd. Deze besparing realiseren we door minder trainees gelijktijdig aan te stellen en toch blijven we investeren in de ontwikkeling van jong talent. Taakstelling Wmo Hulp in Huishouden De gemeente heeft de wettelijke taak om passende ondersteuning te bieden aan inwoners die hulp nodig hebben in hun dagelijkse huishouding. De Wmo biedt deze ondersteuning, zodat mensen zelfstandig kunnen blijven wonen en meedoen in de samenleving. De taakstelling op hulp bij huishouden is bedoeld om de zorg goed te organiseren, met oog voor de mensen die écht afhankelijk zijn van professionele ondersteuning, en tegelijkertijd bij te dragen aan de financiële duurzaamheid van de gemeente.
Een taakstelling betekent dat we keuzes moeten maken waarin we gericht blijven op het bieden van zorg die echt noodzakelijk is voor de zelfstandigheid van onze inwoners, maar tegelijkertijd zullen we strikter kijken naar de indicaties en de omvang van de hulp. We sluiten aan bij de visie van de gemeente om zorg en ondersteuning zoveel mogelijk binnen het voorliggend veld te organiseren. Waar mogelijk
18
stimuleren we eigen kracht en inzet van informele zorg, zoals mantelzorgers en vrijwilligers. Ook kijken we naar mogelijkheden om vanuit de Sterke Lokale Teams en Sterke Toegang hieraan bij te dragen. Wij kijken beter naar de besteding van de beschikbare middelen. Taakstelling Jeugdzorg Het is een uitdaging om de jeugdzorg toekomstbestendig te maken. De jeugdzorg in Loon op Zand staat onder druk door stijgende kosten en een toename van de vraag naar specialistische zorg. Daarom maakte het Rijk een hervormingsagenda jeugdzorg. De gemeente Loon op Zand wil het gebruik van gespecialiseerde jeugdzorg kritisch bekijken en tegelijkertijd meer inzetten op voorliggende voorzieningen en preventieve maatregelen. Zoals de hervormingsagenda voorstelt. Met de ontwikkeling van Sterke Lokale Teams en Sterke Toegang willen we niet alleen de kosten beheersen, maar ook de zorg beter afstemmen op de behoeften van jongeren, zodat zij sneller en effectiever de juiste ondersteuning ontvangen. Dit draagt bij aan het bevorderen van de zelfredzaamheid van jongeren en gezinnen, met als uiteindelijk doel hen te helpen een stabieler en gelukkiger leven op te bouwen. Stoppen met integrale vroeghulp Vanaf 2026 stoppen we met het inkomen van integrale vroeghulp bij MEE de Meent. Deze ondersteuning was gericht op vroegtijdige begeleiding van inwoners met een licht verstandelijke beperking.