CConstaterende datLoon op Zand
Koppel je AI →
Document · PDF

15-12-2022 GEWIJZIGD Bijlage 1. Belastingtarieven en verordeningen 2023.docx

Raadsvergadering 15 december 2022, gemeente Loon op ZandBij agendapunt: Raadsvoorstel over belasting-, leges- en retributieverordeningen 202323.326 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Belastingtarieven en verordeningen 2023

1

Kaatsheuvel l Loon op Zand l De Moer

Inhoudsopgave Blz. 1. Inleiding:

3

2. Leeswijzer

4

3.

5

Samenvatting

4. Verordeningen, tarieventabellen en toelichtingen a. Verordening Afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten 2023, incl. bijbehorende tarieventabel b. Verordening Rioolheffing 2023 c. Verordening Vermakelijkhedenretributie 2023 d. Verordening Marktgelden 2023 e. Legesverordening 2023, incl. bijbehorende tarieventabel f. Verordening Toeristenbelasting 2023 g. Verordening Onroerendezaakbelasting 2023 h. Verordening Hondenbelasting 2023 i. Verordening Reclamebelasting 2023 j. Retributieverordening 2023

2

9 17 22 24 26 46 50 54 57 63

1. Inleiding De begrotingsvoorstellen van het college zijn op 3 november 2022 door uw raad aangenomen. De voorstellen betreffen onder andere; - Het tarief afvalstoffenheffing is gebaseerd op 100% structurele kostendekkendheid. - Het tarief voor rioolheffing is gebaseerd op 100% structurele kostendekkendheid.; - De tarieven vermakelijkhedenretributie zijn berekend conform het profijtbeginsel (naar € 0,19 per bezoeker); - Marktgelden worden verhoogd met 2,4%; - Overige leges en heffingen worden verhoogd met 2,4 %, met uitzondering van de door het Rijk bepaalde tarieven, enkele tarieven die gelijk zijn gebleven ten opzichte van 2022 en enkele tarieven die met onderbouwde redenen zijn gewijzigd - De tarieven toeristenbelasting wijzigen niet ten opzichte van de tarieven in 2022; - De opbrengsten van de onroerendezaakbelasting worden met 2,4% verhoogd; - Voor de hondenbelasting zijn de tarieven naar beneden bijgesteld vanwege een verlaging van € 20.000,- op de totaalopbrengst; - De reclamebelastingtarieven wijzigen (de percentages van de heffingsmaatstaf) ten opzichte van 2022. In de begroting 2023 is de paragraaf lokale heffingen opgenomen. Hierin zijn opbrengsten, de tarieven en de uitgangspunten van de onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en reinigingsrecht, rioolheffing, hondenbelasting, toeristenbelasting en leges voor het jaar 2023 opgenomen.

Deze tarieven zijn indicatief, om deze te formaliseren, moeten deze opgenomen worden in diverse belastingverordeningen welke door uw raad moeten worden vastgesteld voor het jaar 2023. In deze nota treft u de betreffende belastingtarieven en verordeningen aan.

3

2. Leeswijzer Van alle heffingen en belastingen zijn de verordeningen opgenomen en bij een aantal heffingen is de bijbehorende tarieventabel opgenomen.

4

3. Samenvatting 1. Reinigingsheffingen Onder deze heffingen vallen de reinigingsrechten (voor het ophalen van bedrijfsvuil) en de afvalstoffenheffing (voor het ophalen van huisvuil).

Het tarief voor afvalstoffenheffing baseren we op basis van 100% kostendekkendheid. 2. Rioolheffingen Deze rechten worden geheven van de gebruiker van een eigendom van waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. De tarieven worden berekend op basis van 100% kostendekkendheid. 3. Vermakelijkhedenretributie Voor het berekenen van de retributie wordt gebruikgemaakt van het profijtbeginsel. De heffingsgrondslag is afhankelijk gesteld van parameters, welke bestaan uit lasten die de gemeente heeft ten behoeve van de dagrecreant. Het tarief wordt verlaagd naar € 0,19 per betalende bezoeker. 4. Marktgelden De marktgelden worden verhoogd met 2,4% per verkoopplaats en kwartaalabonnement per verkoopplaats op de wekelijkse markt. 5. Leges Ten aanzien van de leges kan het volgende worden medegedeeld: - in zijn algemeenheid worden de tarieven met het CPI van 2,4 % verhoogd; - de maximumtarieven van de paspoorten en de identiteitsbewijzen zijn van Rijkswege vastgesteld; - de leges rijbewijzen zijn eveneens van Rijkswege gemaximeerd; - leges omgevingsvergunningen: deze worden verhoogd met 2,4 %. 6. Retributies De tarieven zijn ten opzichte van 2022 gelijk gebleven, met uitzondering van de tarieven voor uitvoering evenementen, welke zijn verhoogd. 7. Toeristenbelasting Deze tarieven worden voor het jaar 2023 gehandhaafd op hetzelfde niveau van 2022. 8.

Onroerende zaakbelastingen Van alle onroerende zaken zijn de waarden bepaald naar het waarde niveau per 1 januari 2022. Deze nieuwe waarden gelden voor het belastingjaar 2023 en zijn de heffingsgrondslag voor de onroerende zaakbelasting 2023. Dit betekent dat jaarlijks een tariefsaanpassing plaats moet vinden door de waardestijgingen en/of -dalingen 9. Hondenbelasting De totaalopbrengst van de hondenbelasting is met € 20.000,- naar beneden bijgesteld, waardoor de tarieven licht dalen ten opzichte van 2022. 10. Reclamebelasting De tarieven wijzigen (de percentages van de heffingsmaatstaf) ten opzichte van 2022. Voor de 3 gebieden is de reclamebelasting opgenomen in één gezamenlijke “Verordening Reclamebelasting 2023”.

5

Overzicht van de tarieven voor belastingjaar 2022 en belastingjaar 2023 Was-wordt overzicht

tarief 2022

tarief 2023

afvalstoffenheffing éénpersoonshuishouden

€ 225,12

€ 241,44

afvalstoffenheffing meerpersoonshuishouden

€ 306,84

€ 328,20

Reinigingsrechten

€ 371,28

€ 397,20

€ 37,30

€ 37,30

140 liter

€ 101,54

€ 101,54

240 liter

€ 126,97

€ 126,97

140 liter

€ 128,07

€ 128,07

240 liter

€ 211,93

€ 211,93

€ 85,00

€ 85,00

per m3

€ 40,00

€ 40,00

Achterlaten afvalstoffen op milieustraat Een personenauto 1 tik

€ 32,83

€ 32,83

Een personenauto met aanhanger (niet zijnde een tandemasser) 2 tikken

€ 65,67

€ 65,67

Een auto met grijs-bedrijfswagenkenteken 2 tikken

€ 65,67

€ 65,67

Een personenauto met tandemasser 3 tikken

€ 98,50

€ 98,50

Een auto met grijs-bedrijfswagenkenteken met aanhanger/tandemasser 3 tikken

€ 98,50

€ 98,50

€ 210,00

€ 210,00

Afvalstoffenheffing en reinigingsrechten

Container papier extra papiercontainer per jaar Container GFT-afval

Container restafval

Omwisselen container omwisselen container restafval of GFT-afval in ander formaat eenmalig Ophalen grof huisvuil

Rioolheffing a. voor een hoeveelheid van 1m3 tot en met 250 m3 water b.

voor een hoeveelheid van 251 m3 tot en met 500 m3 water

€ 357,00

€ 357,00

c.

voor een hoeveelheid van 501 m3 tot en met 750 m3 water

€ 504,00

€ 504,00

d.

voor een hoeveelheid van 751 m3 tot en met 1.000 m3 water

€ 630,00

€ 630,00

e.

voor een hoeveelheid van 1.001 m3 tot en met 5.000 m3 water

€ 630,00

€ 630,00

vermeerderd met een bedrag van per m3 boven de 1.000 m2 water

€ 0,01

€ 0,01

onder e vermeerderd met een bedrag per m3 van 5.001 m en meer

€ 0,02

€ 0,02

€ 0,22

€ 0,19

per 4 strekkende meter

€ 7,11

€ 7,28

abonnement per kwartaal

€ 70,90

€ 72,60

woningen eigenarenbelasting

0,1213%

0,1071%

niet-woningen eigenarenbelasting

0,2486%

0,2479%

niet-woningen gebruikersbelasting

0,1972%

0,1966%

3

Vermakelijkhedenretributie Marktgelden

Onroerendezaakbelastingen

6

Toeristenbelasting 1. Het tarief voor een vaste jaarplaats bedraagt

€ 250,00

€ 250,00

2. Het tarief voor een vaste seizoenplaats bedraagt

€ 200,00

€ 200,00

3. Het tarief voor een vaste voorseizoenplaats bedraagt

€ 100,00

€ 100,00

4. Het tarief per persoon per overnachting in een overige accommodatie bedraagt

€ 3,00

€ 3,00

5. Het tarief per persoon per overnachting op een kampeerterrein bedraagt

€ 2,00

€ 2,00

6. Het tarief per persoon per overnachting in een Bed & Breakfast (B&B) bedraagt

€ 2,00

€ 2,00

7. Het tarief per persoon per overnachting op een mini kampeerterrein bedraagt

€ 1,25

€ 1,25

8. Het tarief per persoon per overnachting in een groepsaccommodatie bedraagt

€ 1,25

€ 1,25

woningen eigenarenbelasting

0,1213%

0,1071%

niet-woningen eigenarenbelasting

0,2486%

0,2479%

niet-woningen gebruikersbelasting

0,1972%

0,1966%

eerste hond

€ 46,32

€ 40,34

tweede en volgende hond

€ 69,24

€ 60,30

Kennel

€ 254,40

€ 221,57

Gebied A centrum Kaatsheuvel

0,300%

0,400%

Gebied B Bedrijvenpark Kaatsheuvel

0,132%

0,115%

Gebied C centrum Loon op Zand

0,600%

0,370%

hergebruik materialen maximaal 10m2 per m2

€ 85,76

€ 85,76

nieuwe materialen maximaal 10 m2 per m2

€ 91,93 werkelijke kosten

€ 91,93

Onroerendezaakbelastingen

Hondenbelasting

Reclamebelasting

Retributieverordening (voorheen tarievenverordening) Maken van een inrit

niet standaard inrit, niet-woning groter dan 10m2

op basis van een

verleggen bestaande inrit groter dan 10m2

vooraf aan belasting

aanleggen standaard inrit groter dan 10 m2

plichtige bekend gemaakte begroting

Maken van rioolaansluiting aansluiting diameter 125 mm maximaal 10 m.

€ 1.379,47

€ 1.379,47

125 mm groter 10 m. kleiner dan 16 m. per m. boven 10 m.

€ 102,96

€ 102,96

aansluiting diameter 160 mm maximaal 10 m.

€ 1.492,94

€ 1.492,94

160 mm groter 10 m. kleiner dan 16 m. per m. boven 10 m.

€ 102,96 werkelijke kosten

€ 102,96

aansluiting diameter boven 160 mm of langer dan 41m. werkelijke kosten niet-woning groter dan 10m2 werkelijke kosten

op basis van een vooraf aan belasting plichtige bekend gemaakte begroting

Uitvoering evenementen Brengen en halen van dranghekken tot 10 stuks

€ 102,44

€ 150,00

- Brengen en halen van 10 of meer dranghekken

€ 204,87

€ 300,00

- Brengen en halen van afvalcontainers tot 10 stuks

€ 102,44

€ 150,00

- Brengen en halen van afvalcontainers van 10 of meer stuks

€ 204,87

€ 300,00

- Brengen - halen verzamelafvalcontainer

€ 204,87

€ 300,00

- Bij gebruik verzamelafvalcontainer, storten afval per 1000 kg

€ 160,22

€ 175,00

7

- Plaatsen vlaggenmast per mast

€ 26,27

€ 100,00

- Vergoeding water en stroom evenementenlocatie per dag

€ 56,73

€ 57,50

- Vergoeding stroom Anton Pieckplein per Kwh

€ 0,32

€ 1,00

- vergoeding water Anton Pieckplein per dag

€ 25,22

€ 27,50

- Plaatsen wegomleiding en aankondigingsborden per locatie

€ 19,17 € 83,52

€ 25,00 € 100,00

- komen genoemde werkzaamheden boven de 6 uur uit volgt een tarief per uur Tarieven Reinigingsheffing 2022 exclusief korting

8

Besluit Verordening op de heffing en invordering van de afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten 2023 De raad van de gemeente Loon op Zand; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 8 november 2022; nummer ZK22.05852 gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet en artikel 15.33 van de Wet milieubeheer; b e s l u i t : vast te stellen de navolgende "Verordening op de heffing en de invordering van de afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten" (Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten Loon op Zand 2023). HOOFDSTUK I Algemene bepalingen Artikel 1 Krachtens deze verordening worden geheven: 1. een afvalstoffenheffing; 2. reinigingsrechten. Artikel 2 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: -

‘gebruik maken’ in hoofdstuk II Afvalstoffenheffing: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer; grof bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van autowrakken, afkomstig van bedrijven en instellingen, welke door aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden ingezameld; grof huisvuil: afvalstoffen afkomstig van particuliere huishoudingen, welke door omvang en hoeveelheid niet in aanmerking komen voor het periodiek inzamelen, als bedoeld in artikel 10.11 van de Wet milieubeheer; chemisch afval c.q. probleemstoffen: afvalstoffen waarvan het uit milieutechnisch oogpunt niet gewenst is deze in te zamelen bij de huishoudelijke afvalstoffen en het bedrijfsafval.

HOOFDSTUK II Afvalstoffenheffing Artikel 3 Aard van de belasting en belastbaar feit 1. Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. 2. De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.

9

Artikel 4 Voorwerp van de belasting 1. Voorwerp van de belasting is een perceel. 2. Als perceel wordt aangemerkt: a. de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, onder a, c, d en f, van de Wet waardering onroerende zaken; b. de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is; c. een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt; d. een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren; e. het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenstel. Artikel 5 Belastingplicht De belasting wordt geheven van degene die al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel. Artikel 6 Maatstaf van heffing en belastingtarief 1. De belasting wordt geheven naar de grondslagen genoemd in lid 2 van dit artikel en de tarieven, opgenomen in de hoofdstukken 1 en 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2. De grondslagen van de belasting zijn: a. Een vast bedrag per perceel; b.

het op afroep inzamelen, aanbieden op een daartoe van gemeentewege ter beschikking gestelde plaats en incidentele dienstverlening afvalstoffenheffing als bedoeld in hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. Artikel 7 Belastingjaar Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel 8 Wijze van heffing 1. De belasting bedoeld in artikel 6, lid 2, letter a, hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag. 2. De belasting bedoeld in artikel 6, lid 2, letter b, hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een schriftelijke gedagtekende kennisgeving of een kennisgeving langs elektronische weg. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of langs elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

10

Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1. De belasting als bedoeld in artikel 6, lid 2, letter a, is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander perceel gebruik maakt. 5. De belasting als bedoeld in artikel 6, lid 2, letter b, is verschuldigd bij aanvang van de dienstverlening. Artikel 10 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de tweede maand na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2.

In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van alle op één aanslagbiljet verenigde aanslagen meer bedraagt dan € 10.000,00 dat dit bedrag en een bestuurlijke boete op dit aanslagbiljet moeten worden betaald op de laatste dag van de maand volgend op die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 3. Betaling via automatische incasso is voor alle aanslagen mogelijk. In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit artikel geldt, ingeval machtiging is verleend tot automatische incasso en het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen € 100,00 of meer, doch niet meer dan € 10.000,00 bedraagt, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnbedragen, waarvan de eerste vervalt op de 28e dag van elke maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 4. De in het derde lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt geacht niet te zijn verleend indien twee van de tien termijnen niet zijn betaald doordat automatische incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel binnen 56 dagen na afschrijving zijn gestorneerd. Alsdan geldt de betaaltermijn als bedoeld in het eerste lid. 5.

In afwijking van de voorgaande leden moet de kennisgeving als bedoeld in artikel 8, lid 2, worden betaald als de kennisgeving: a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen veertien dagen na de dagtekening van de kennisgeving; c. langs elektronische weg in het aanvraagproces wordt gedaan onverwijld, dan wel als die mogelijkheid wordt geboden binnen 14 dagen na het indienen van de aanvraag langs elektronische weg; d. langs elektronische weg na indiening van de aanvraag wordt gedaan, binnen 14 dagen na dagtekening van de kennisgeving. 6. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 11 Kwijtschelding Bij de invordering van de afvalstoffenheffing kan kwijtschelding worden verleend tot maximaal 100% van het verschuldigde bedrag van de belasting als bedoeld in hoofdstuk 1, onder 1.1.1 en 1.1.2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.

11

HOOFDSTUK III Reinigingsrechten Artikel 12 Belastbaar feit 1. Onder de naam 'reinigingsrechten' worden rechten geheven zowel voor het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn. 2. Het in het eerste lid bedoelde genot van diensten en het gebruik van bezittingen, werken en inrichtingen bestaat uit: a. het periodiek verwijderen van bedrijfsafval van beperkte omvang en hoeveelheid; b. het op verzoek verwijderen van grof bedrijfsafval; c. het in ontvangst nemen en laten verwerken van chemisch afval c.q. probleemstoffen tot een hoeveelheid van 50 kg per jaar. Artikel 13 Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel 14 Maatstaf van heffing en belastingtarief 1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de hoofdstukken 3 en 4 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 15 Belastingjaar Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel 16 Wijze van heffing 1. De belasting bedoeld in artikel 12, lid 2, onderdeel a en hoofdstuk 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag. 2. De belasting bedoeld in artikel 12, lid 2, onderdelen b en c en hoofdstuk 4 van de bij deze verordening behorende tarieventabel wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een schriftelijke gedagtekende kennisgeving of een kennisgeving langs elektronische weg. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of via elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel 17 Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang 1. De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.

Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander perceel gebruik maakt. 5. De belasting als bedoeld in hoofdstuk 4 van de bij deze verordening behorende tarieventabel is verschuldigd bij aanvang van de dienstverlening of bij aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. .

12

Artikel 18 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de tweede maand na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van alle op één aanslagbiljet verenigde aanslagen meer bedraagt dan € 10.000,00 dat dit bedrag en een bestuurlijke boete op dit aanslagbiljet moeten worden betaald op de laatste dag van de maand volgend op die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 3. Betaling via automatische incasso is voor alle aanslagen mogelijk. In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit artikel geldt, ingeval machtiging is verleend tot automatische incasso en het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen € 100,00 of meer, doch niet meer dan € 10.000,00 bedraagt, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnbedragen, waarvan de eerste vervalt op de 28e dag van elke maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 4.

De in het derde lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt geacht niet te zijn verleend indien twee van de tien termijnen niet zijn betaald doordat automatische incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel binnen 56 dagen na afschrijving zijn gestorneerd. Alsdan geldt de betaaltermijn als bedoeld in het eerste lid. 5. In afwijking van de voorgaande leden moet de kennisgeving als bedoeld in artikel 16, lid 2, worden betaald als de kennisgeving: a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen veertien dagen na de dagtekening van de kennisgeving; c. langs elektronische weg in het aanvraagproces wordt gedaan onverwijld, dan wel als die mogelijkheid wordt geboden binnen 14 dagen na het indienen van de aanvraag langs elektronische weg; d. langs elektronische weg na indiening van de aanvraag wordt gedaan, binnen 14 dagen na dagtekening van de kennisgeving. 6. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel 19 Kwijtschelding Bij de invordering van reinigingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend. I.

Hoofdstuk IV Aanvullende bepalingen

Artikel 20 Overgangsrecht De "Verordening reinigingsheffingen 2022” vastgesteld op 16 december 2021, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 21, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 21 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023. Artikel 22 Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten Loon op Zand 2023".

13

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Loon op Zand van 15 december 2022

De raad voornoemd, voorzitter,

griffier,

14

Tarieventabel Behorende bij de Verordening afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten Loon op Zand 2023 Algemeen De bedragen genoemd in de hoofstukken 3 en 4 van deze tabel zijn exclusief omzetbelasting. Hoofdstuk 1 1.1 1.1.1 1.1.2 1.2 1.2.1 1.2.2 1.2.3 1.2.4 1.2.5

Maatstaven en tarieven afvalstoffenheffing

De belasting bedraagt per perceel: Indien het perceel wordt gebruikt door één persoon per jaar Indien het perceel wordt gebruikt door twee of meer personen per jaar Onverminderd het bepaalde in de onderdelen 1.1.1 en 1.1.2 van deze tarieventabel bedraagt de belasting voor Een extra papiercontainer per jaar Een extra container van 140 liter bestemd voor groenten, fruit- en tuinafval per jaar Een extra container van 240 liter bestemd voor groenten, fruit- en tuinafval per jaar Een extra container van 140 liter bestemd voor de overige huishoudelijke afvalstoffen (restafval) per jaar Een extra container van 240 liter bestemd voor de overige huishoudelijke afvalstoffen (restafval) per jaar

Hoofdstuk 2 Maatstaven en tarieven incidentele dienstverlening 2.1 De belasting bedraagt voor: 2.1.1 het op verzoek omwisselen van een container voor restafval of voor GFT-afval in een container van een ander formaat 2.1.2 het op verzoek verwijderen van huishoudelijke afvalstoffen of grof huisvuil per kubieke meter of een gedeelte daarvan 2.2 De belasting bedraagt voor 2.2.1 het achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen op een daartoe van gemeentewege ter beschikking gestelde plaats per kubieke meter of gedeelte daarvan 1. Een personenauto: 1 tik 2. Een personenauto met aanhanger (niet zijnde een tandemasser): 2 tikken 3. Een auto met grijs-bedrijfswagenkenteken: 2 tikken 4. Een personenauto met tandemasser: 3 tikken 5. Een auto met grijs-bedrijfswagenkenteken met aanhanger/tandemasser: 3 tikken

Hoofdstuk 3 Maatstaven en tarieven reinigingsrechten 3.1 Het recht bedraagt voor het: 3.1.1 periodiek verwijderen van bedrijfsafval van beperkte omvang of hoeveelheid per jaar

15

€ 241,44 € 328,20

€ 37,30 € 101,54 € 126,97 € 128,07 € 211,93

€ 85,00 € 40,00

€ 32,83 € 65,67 € 65,67 € 98,50 € 98,50

€ 397,20

Hoofdstuk 4 4.1.1

4.1.2

4.2 4.2.1

Maatstaven en tarieven overige reinigingsrechten

het in ontvangst nemen in het gemeentelijk chemisch afvalstoffendepot van gevaarlijk afval niet zijnde afgewerkte olie indien geen gebruik wordt gemaakt van de in artikel 12, lid 2 onder a verleende dienst per kg het in ontvangst nemen in het gemeentelijk chemisch afvalstoffen depot van gevaarlijk afval zijnde afgewerkte olie indien geen gebruik wordt gemaakt van de in artikel 12, lid 2 onder a verleende dienst per kg Het recht bedraagt voor het achterlaten van afvalstoffen op een daartoe van gemeentewege ter beschikking gestelde plaats per kubieke meter of gedeelte daarvan 1. Een personenauto: 1 tik 2. Een personenauto met aanhanger (niet zijnde een tandemasser): 2 tikken 3. Een auto met grijs-bedrijfswagenkenteken: 2 tikken 4. Een personenauto met tandemasser: 3 tikken 5. Een auto met grijs-bedrijfswagenkenteken met aanhanger/tandemasser: 3 tikken

Behoort bij raadsbesluit van 15 december 2022. voorzitter,

griffier,

16

€ 2,45

€ 1,23

€ 32,83 € 65,67 € 65,67 € 98,50 € 98,50

Besluit Verordening op de heffing en invordering van Rioolheffing 2023 De raad van de gemeente Loon op Zand; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 8 november 2022; nummer: ZK22.05852 gelet op artikel 228a van de Gemeentewet; b e s l u i t : vast te stellen de navolgende “Verordening op de heffing en de invordering van Rioolheffing 2023”. (Verordening Rioolheffing Loon op Zand 2023). Artikel 1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - gemeentelijke riolering: een voorziening of combinatie van voorzieningen voor inzameling, verwerking, zuivering of transport van afvalwater, hemelwater of grondwater, in eigendom, in beheer of in onderhoud bij de gemeente; - water: huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, hemelwater, grondwater of oppervlaktewater; - perceel: een roerende of onroerende zaak of een zelfstandig gedeelte daarvan; - woning: een perceel dient in hoofdzaak tot woning, indien de waarde op basis van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld voor dat perceel in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van dat perceel die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden - recreatieterrein: terrein bestemd voor verblijfsrecreatie dat als zodanig wordt geëxploiteerd met inbegrip van de op dit terrein gelegen roerende of onroerende opstallen, het terrein wordt voor de toepassing

van deze verordening als een perceel aangemerkt . Artikel 2 Aard van de belasting Onder de naam rioolheffing wordt een directe belasting geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: a. de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater; en b. de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Artikel 3 Belastbaar feit en belastingplicht 1. De belasting als bedoeld in deze verordening wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. 2. Met betrekking tot de rioolheffing wordt: a. als gebruiker aangemerkt degene die naar de omstandigheden beoordeeld, het perceel al dan niet krachtens eigendom, bezit of beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt; b. gebruikmaken van een perceel door de leden van een huishouden aangemerkt als gebruik door het door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aangewezen lid van dat huishouden;

17

c. gebruikmaken door degene aan wie een deel van een perceel in gebruik is gegeven, - niet een gedeelte als bedoeld in artikel 4 - aangemerkt als gebruik door de persoon die dat deel in gebruik heeft gegeven; d. het ter beschikking stellen van een perceel voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door de degene die dat perceel ter beschikking heeft gesteld. Artikel 4. Zelfstandige gedeelten Indien gedeelten van een in artikel 3 bedoeld perceel blijkens hun indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, wordt de belasting geheven ter zake van elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien verstande dat indien twee of meer van die gedeelten tezamen als één geheel worden gebruikt, deze als één perceel worden aangemerkt. Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief 1. 2.

3. 4.

5.

De belasting wordt geheven naar de grondslagen genoemd in lid 2 van dit artikel en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. De grondslagen van de belasting zijn: a. een vast bedrag per perceel; b. een bedrag op basis van het aantal kubieke meters water dat vanuit het perceel direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. Het aantal kubieke meters afgevoerd water wordt gesteld op het aantal kubieke meters water dat in de loop van het belastingjaar naar het perceel is toegevoerd en/of opgepompt. Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie, moet die pompinstallatie zijn voorzien van een: a. watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen, of b. bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest, kan worden afgelezen. De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere wettelijke bepaling. De op de voet van het derde lid berekende hoeveelheid toegevoerd of gepompt water wordt, voor zover de hoeveelheid geloosd water ten minste 3.000 m3 of tenminste 20% lager is dan de som van de hoeveelheden toegevoerd of opgepompt water, verminderd met de hoeveelheid water die niet als water is afgevoerd.

Artikel 6 Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel 7 Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1. De belasting berekend naar de grondslag als bedoeld in artikel 5, lid 2, letter a is verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

18

4. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander perceel gebruik maakt. 5. De belasting berekend naar de grondslag als bedoeld in artikel 5, lid 2, letter b, is verschuldigd na afloop van het belastingjaar of eerder indien de belastingplicht binnen de gemeente wordt beëindigd in de loop van het belastingjaar. 6 Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één belastingbedrag. Artikel 9 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de tweede maand na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van alle op één aanslagbiljet verenigde aanslagen meer bedraagt dan € 10.000,00, dat dit bedrag en een bestuurlijke boete op het aanslagbiljet moeten worden betaald op de laatste dag van de maand volgend op die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 3. Betaling via automatische incasso is voor alle aanslagen mogelijk.

In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt, ingeval machtiging is verleend tot automatische incasso en het totaal bedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen meer dan € 100,00 doch niet meer dan € 10.000,00 bedraagt, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnbedragen waarvan de eerste termijn vervalt op de 28e dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 4. De in het derde lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt geacht niet te zijn verleend indien twee van de tien termijnen niet zijn betaald doordat automatische incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel binnen 56 dagen na afschrijving zijn gestorneerd. Alsdan geldt de betaaltermijn als bedoeld in het eerste lid. 5. In afwijking van de voorgaande leden moet een voorlopige aanslag worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van de dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden van het belastingjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal betalingstermijnen steeds minimaal twee telt. De eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 6.

De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel 10 Kwijtschelding Bij de invordering van de rioolheffing kan kwijtschelding worden verleend voor maximaal 100% van de belasting berekend naar hoofdstuk 1, onderdeel 1.1.1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. Artikel 11 Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven ter zake vaneen perceel dat in hoofdzaak wordt gebruikt voor de publieke dienst van de gemeente, met uitzondering van de gebouwen voor onderwijs.

19

Artikel 12 Overgangsrecht De "Verordening rioolheffing 2022" van 16 december 2021, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13 , tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 13 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023. Artikel 14 Citeertitel 2. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening Rioolheffing Loon op Zand 2023". Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Loon op Zand van 15 december 2022 .

De raad voornoemd,

voorzitter,

griffier,

20

Tarieventabel behorende bij de 'Verordening rioolheffing Loon op Zand 2023’ Hoofdstuk 1 Maatstaven en tarief vast bedrag 1.1 De belasting als bedoeld in artikel 5, lid 2 onder a, bedraagt per perceel, per belastingjaar; 1.1.1 voor een perceel dat in hoofdzaak tot woning dient 1.1.2 voor een perceel dat niet in hoofdzaak tot woning dient Hoofdstuk 2 Maatstaven en gedifferentieerde tarieven rioolheffing 2.1 Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1, bedraagt de belasting als bedoeld in artikel 5, lid 2 onder b, voor een perceel dat niet in hoofdzaak tot woning dient alsmede recreatieterreinen, verzorgings- en verpleegtehuizen, voor de hoeveelheid afgevoerd water vanaf: 2.1.1 251 tot en met 500 m3, per m3 2.1.2 501 tot en met 750 m3, per m3 2.1.3 751 tot en met 1.000 m3, per m3 2.1.4 1.001 tot en met 5.000 m3, per m3 vermeerderd met een bedrag van per m3 boven de 1.000 m3 2.1.5 Voor een hoeveelheid van 5001 m3 of meer wordt het onder 2.1.4 verschuldigde vermeerderd met een bedrag van per m3 boven de 5.000 m3 water Behoort bij raadsbesluit van 15 december 2022.

voorzitter,

griffier,

21

€ 210,00 € 210,00

€ 357,00 € 504,00 € 630,00 € 630,0 € 0,01 € 0,02

Besluit Verordening op de heffing en invordering van een vermakelijkhedenretributie 2023 De raad van de gemeente Loon op Zand; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 8 november 2022, nummer ZK22.05852; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van de Gemeentewet; b e s l u i t : vast te stellen de navolgende verordening “Verordening op de heffing en de invordering van een Vermakelijkhedenretributie 2023”. (Verordening Vermakelijkhedenretributie 2023) Artikel 1 Begripsomschrijving Voor de toepassing van deze verordening wordt onder een vermakelijkheid verstaan: een activiteit, waarbij wordt beoogd of mede beoogd het publiek amusement, verstrooiing, ontspanning of vermaak te verschaffen, of waarbij het publiek dit amusement, deze verstrooiing, deze ontspanning of dit vermaak zoekt, ondergaat, vindt, pleegt te vinden of kan vinden, een en ander in of op daartoe bestemde of geschikte voor een ieder na betaling toegankelijke inrichtingen, terreinen, wateren, etc.

Artikel 2 Aard van de heffing en belastbaar feit Onder de naam ‘vermakelijkhedenretributie’ worden geheven rechten ter zake van het geven van vermakelijkheden, waarbij gebruik wordt gemaakt van door of met medewerking van het gemeentebestuur tot stand gebrachte of in stand gehouden voorzieningen of waarbij een bijzondere voorziening in de vorm van toezicht of anderszins van de zijde van het gemeentebestuur wordt getroffen. Artikel 3 Belastingplicht Belastingplichtig is degene die de vermakelijkheid geeft, dan wel degene voor wiens rekening en risico de vermakelijkheid gegeven wordt. Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief 1. De maatstaf voor de heffing van de vermakelijkhedenretributie is het aantal betalende bezoekers van de vermakelijkheid in peiljaar 2021 (is T-2) dat de 50.000 te boven gaat. 2. Het tarief bedraagt € 0,19 per betalende bezoeker. Artikel 5 Het belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel 6 Wijze van heffing De rechten worden bij aanslag geheven.

22

Artikel 7 Termijnen van betaling 1. De belastingaanslagen moeten worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2. In afwijking van het eerste lid moeten voorlopige aanslagen worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het belastingtijdvak overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste twee bedraagt. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet / de kennisgeving en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3. Een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990 met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van de belastingaanslag. Artikel 8 Kwijtschelding Bij de invordering van de vermakelijkhedenretributie wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 9 Overgangsrecht, inwerkingtreding en citeertitel 1. De “Verordening Vermakelijkhedenretributie 2022” van 16 december 2021, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2023. 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023. 4. Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Vermakelijkhedenretributie 2023". Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Loon op Zand van 15 december 2022. De raad voornoemd,

voorzitter,

griffier,

23

Besluit Verordening op de heffing en invordering van Marktgelden 2023 De raad van de gemeente Loon op Zand; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d.; 8 november 2022 nummer ZK22.05852; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet; b e s l u i t : vast te stellen de navolgende “Verordening op de heffing en invordering van marktgelden 2023”. (Verordening marktgelden Loon op Zand 2023) Artikel 1 Belastbaar feit Onder de naam “marktgeld” worden rechten geheven voor het hebben van standplaatsen, als bedoeld in artikel 1 van de “Marktverordening Loon op Zand 2021”, op het, voor het houden van de wekelijkse warenmarkt, aangewezen terrein. Artikel 2 Belastingplicht Belastingplichtig is degene die een standplaats op de markt inneemt, dan wel degene aan wie een standplaats is toegewezen. Artikel 3 Maatstaf van heffing en tarief 1. Het marktgeld als bedoeld in artikel 1 wordt geheven naar de lengte van de verkoopplaats en bedraagt per dag of gedeelte van een dag per 4 strekkende meter € 7,28. 2. Ter zake van het afsluiten van een abonnement voor een periode van een kwartaal bedraagt het recht per 4 strekkende meters € 72,60. 3.

Ten aanzien van de in de leden 1 en 2 van dit artikel genoemde eenheid van 4 strekkende meters geldt, dat een gedeelte van een eenheid van 4 strekkende meters geldt voor een gehele eenheid van 4 strekkende meters. Artikel 4 Belastingtijdvak Het belastingtijdvak is gelijk aan een kalenderkwartaal. Indien gedurende een kortere periode dan een kwartaal een standplaats als bedoeld in artikel 1 is toegewezen is het belastingtijdvak gelijk aan deze kortere periode van toewijzing. Artikel 5 Wijze van heffing en ontstaan belastingschuld 1. Het marktgeld voor een abonnement voor een periode van een kalenderkwartaal is verschuldigd bij de aanvang van een kwartaal of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht en wordt bij wege van schriftelijke kennisgeving geheven. 2. Het marktgeld voor een dagplaatsvergunning als bedoeld in artikel 3, derde lid van de ‘Marktverordening Loon op Zand 2021’, is verschuldigd bij de ter beschikkingstelling van deze plaatsen en wordt geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

24

Artikel 6 Termijnen van betaling 1.

2.

In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 wordt: a. Het marktgeld per kalenderkwartaal moet worden voldaan binnen veertien dagen na de dagtekening van de kennisgeving. b. Het marktgeld per dag moet worden voldaan op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na dagtekening van de kennisgeving. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de eerste lid gestelde termijnen.

Artikel7 Kwijtschelding Bij de invordering van het marktgeld wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 8 Teruggaaf 1. Gehele of gedeeltelijke teruggaaf van marktgeld wordt verleend op een aanvraag als bedoeld in artikel 242 van de Gemeentewet. 2. Teruggaaf van marktgeld vindt uitsluitend plaats indien een vergunninghouder op grond van de Marktverordening Loon op Zand 2021, gedurende het kalenderkwartaal of een gedeelte daarvan, het recht op het innemen van een standplaats wordt ontnomen. De teruggaaf geschiedt naar evenredigheid van het aantal marktdagen, waarvoor de uitsluiting geldt, ten opzichte van het totaal aantal marktdagen. Artikel 9 Overgangsrecht De “Verordening marktgelden 2022” van 16 december 2021 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 10 tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 10 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023. Artikel 11 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening marktgelden Loon op Zand 2023”. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Loon op Zand van 15 december 2022 . De raad voornoemd,

voorzitter,

griffier,

25

Besluit Verordening op de heffing en invordering van leges 2023, inclusief de daarbij behorende tarieventabel De raad van de gemeente Loon op Zand; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 8 november 2022, nummer ZK22.05852; gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet; b e s l u i t : vast te stellen de navolgende “Verordening op de heffing en invordering van leges 2023”. (Legesverordening 2023) inclusief de daarbij behorende tarieventabel. Artikel 1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: 1. dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; 2. jaar: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar; 3. kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december. 4. maand: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is; 5. week: een aaneengesloten periode van zeven dagen. 6.

Rijkstarief: Totaal van af te dragen bedrag aan Rijk + bedrag (toeslag) voor gemeente. Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam "leges" worden rechten voor: a. het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten; b. het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet; een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Artikel 3 Belastingplicht Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

26

Artikel 4 Zakelijke vrijstellingen De in deze verordening genoemde leges worden, voor zover daarin niet reeds op andere plaatsen van deze verordening is voorzien, niet geheven voor: 1. het afgeven van bewijzen van onvermogen; 2. het afgeven van stukken, nodig voor de ontvangst van pensioenen, lijfrenten, wachtgelden of loon; 3. het afgeven van beschikkingen op verzoekschriften en bezwaarschriften ter zake van plaatselijke belastingen; 4. de aan belanghebbende uitgereikt wordende beschikkingen of afschriften daarvan, houdende aanstelling, benoeming, bevordering, ontslag, toekenning van bezoldiging, vergoeding of toelage, dan wel verhoging hiervan, betrekkelijk enige gemeentelijke functie of dienstverrichting jegens de gemeente; 5. de aan belanghebbende uitgereikt wordende beschikkingen of afschriften daarvan, houdende beslissing op een verzoek om subsidie uit de gemeentekas; 6.

de vergunningen, bedoeld onder 2.3.1 van de Tarieventabel, die na tevoren reeds verleend, doch ingetrokken of vervallen zijn, andermaal verleend worden en de vergunningen, bedoeld in die nummers 2.3.1 welke dienen ter vervanging van dezelfde doch voor een bepaalde proeftijd verleende vergunningen, een en ander indien geen uitbreiding of verandering van de oorspronkelijke aanvrage heeft plaatsgehad en evenmin terugbetaling ter zake op grond van het nummer 2.3.1 is geschied, noch de begroting van kosten, bedoeld in nummer 2.3.1 wegens stijging der bouwkosten is verhoogd, in welk geval de leges naar de nieuwe kostenbegroting worden berekend onder verrekening van de reeds betaalde leges; 7. diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald; 8. diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wabo; Artikel 4A Vrijstellingen vrijwilligersorganisaties Vrijwilligersorganisaties zijn vrijgesteld van de gemeentelijke leges indien aan de onderstaande criteria wordt voldaan: 1.

het dient een vrijwilligersorganisatie uit de gemeente Loon op Zand te zijn volgens de definitie vrijwilligersorganisaties; 2. het dient betrekking te hebben op een lokaal evenement in de gemeente Loon op Zand. Eventuele inkomsten dienen ten goede te komen aan de eigen organisatie of een goed doel en de organisatie dient aan te geven waar deze opbrengsten voor worden ingezet; 3. het evenement moet toegankelijk zijn voor tenminste de gehele lokale gemeenschap, tenzij er sprake is van een evenement dat specifiek gericht is op fondsenwerving voor een goed doel; 4. een vrijwilligersorganisatie kan maximaal 8 keer per jaar gebruik maken van de vrijstellingsregeling; 5. het evenement moet daadwerkelijk plaatsvinden, tenzij het evenement buiten de invloedsfeer van de organisatie afgelast moet worden; 6. in geval van een buurtgerichte activiteit, dient het een vrijwilligersorganisatie te betreffen die een activiteit organiseert volgens de definitie van een buurtgerichte activiteit; Artikel 5 Maatstaf van heffing en tarieven 1. 2.

3.

De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet. Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

27

Artikel 6 Wijze van heffing De leges worden geheven bij wege van een mondeling, dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel 7 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6: a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 10 dagen na de dagtekening van de kennisgeving. 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel 8 Kwijtschelding Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 9 Vermindering of teruggaaf Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening in de loop van het kalenderjaar, indien de wijzigingen: 1. van zuiver redactionele aard zijn; 2. een tariefsverlaging betreffen; 3. een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in de loop van dat kalenderjaar in werking treedt en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft: a. onderdeel 1.1.5 (akten burgerlijke stand); b. hoofdstuk 2 (reisdocumenten); c. hoofdstuk 3 (rijbewijzen); d. onderdeel 1.7.1 (verklaring omtrent het gedrag); e. hoofdstuk 11 (kansspelen). Artikel 11 Overgangsrecht 1. De artikelen en tarieventabel van de ‘Legesverordening 2022’ van 16 december 2021, vervallen met ingang 1 januari 2023, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten: a. die zich voor die datum hebben voorgedaan; 2. b. indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 12, tweede lid, a. opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt. 2.

De op artikel 10 van de in het eerste lid genoemde verordening gebaseerde regels van het college worden geacht mede gebaseerd te zijn op artikel 11 van deze verordening. Artikel 12 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2023. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023.

28

Artikel 13 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Legesverordening 2023. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Loon op Zand van 15 december 2022. De raad voornoemd, voorzitter,

griffier,

29

Tabel 2023 Titel 1 Algemene Dienstverlening Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand 1.1 Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk, registratie van een partnerschap of de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk op: 1.1.1.1 1.1.1.2

1.1.1.3 1.1.2 1.1.2.1

het Gemeentehuis en andere locaties: a. maandag (niet zijnde feestdagen) om 9.00 uur en 9.30 uur (op grond van artikel 4 van de Wet rechten burgerlijke stand)

gratis

b. van maandag tot en met vrijdag (niet zijnde feestdagen) van 08.00 uur tot en met 16.00 uur

€ 501,40

c. op zaterdag en zondag en feestdagen en van maandag tot en met vrijdag van 16.01 uur tot 08.00 uur

€ 715,45

Voor het uitvoeren van een controle indien na ontvangst van de verklaring eigen trouwlocatie twijfel bestaat of de gewenste locatie aan de vereisten van artikel 4, derde lid Reglement Burgerlijke Stand Loon op Zand voldoet. Per uur Indien de huwelijksvoltrekking, de registratie van het partnerschap of de omzetting van het geregistreerd partnerschap in het huwelijk geannuleerd wordt, bedragen de leges: Getuigen: Voor het van gemeentewege beschikbaar stellen van getuigen bij huwelijksvoltrekking c.q. registeren van partnerschap bedragen de leges per getuige

€ 84,00 € 56,00 € 37,00

1.1.3 1.1.3.1 1.1.3.2

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van: een trouwboekje of partnerschapsboekje een duplicaat van een boekje als onder 1.1.3.1 bedoeld

1.1.4

Voor het in behandeling nemen van een administratief huwelijk, een administratief geregistreerd partnerschap of een administratieve omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk

1.1.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om bij besluit een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand aan te wijzen voor één dag:

1.1.5.1

a. als beëdiging bij de rechtbank al heeft plaatsgevonden

€ 117,80

1.1.5.2

b. als beëdiging bij de rechtbank nog niet heeft plaatsgevonden

€ 220,20

€ 29,60 € 29,60 € 184,30

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten 1.2. Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag: 1.2.1 van een nationaal paspoort: 1.2.1.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is, is gelijk Rijkstarief aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het bedrag wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. 1.2.1.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet Rijkstarief heeft bereikt, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het bedrag wordt afgerond op € 0,05 naar beneden.

30

1.2.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.2.1 (zakenpaspoort):

1.2.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is, is gelijk Rijkstarief aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet Rijkstarief heeft bereikt, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

1.2.2.2

1.2.3

1.2.3.1

1.2.3.2

1.2.4 1.2.4.1

1.2.4.2

1.2.5 1.2.5.1

1.2.5.2

1.2.6

1.2.7

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is, is gelijk Rijkstarief aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. voor een persoon die op het moment van .de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet Rijkstarief heeft bereikt, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor Rijkstarief vreemdelingen: voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=LoonOpZand&id=9886c69b-635e-42e4-a65d-e5504df2cfec