15-12-2022 Bijlage 1. Toelichting en regels vast te stellen bestemmingsplan ‘Van Lier Park’ te Loon op Zand.pdf
Tekst van het document
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
49
bestemmingsplan Van Lier Park
De gebruiksfase en aanlegfase leiden tot stikstofdepositie op het Natura 2000-gebied ‘Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen’. Uit de verschilberekening met de referentiesituatie blijkt dat geen sprake is van een toename van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Los hiervan kan per 1 juli 2021 voor de aanlegfase gebruik gemaakt worden van de bouwvrijstelling. Het plangebied maakt evenmin onderdeel uit van het NatuurNetwerk Nederland (NNN). Het voornemen heeft door zijn locatie, aard en omvang geen negatieve invloed op de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN. Vanuit het provinciale natuurbeleid is er daarom geen bezwaar tegen de voorgenomen ingreep. Een nadere beoordeling is niet nodig.
4.8.3
Conclusie
Er is inmiddels een activiteitenplan opgesteld voor huismussen en de gewone dwergvleermuis en de ontheffingsaanvraag is ingediend bij de provincie. Het aspect ecologie vormt na het verkrijgen van de benodigde ontheffing van de Wnb geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. De verwachting is dat, na het nemen van de benodigde mitigerende maatregelen, voor beide soorten een ontheffing verkregen kan worden.
4.9
Cultureel Erfgoed
4.9.1
Regelgeving
Erfgoedwet De Erfgoedwet bundelt de bestaande wet- en regelgeving voor behoud en beheer van het cultureel erfgoed in Nederland. Bovendien zijn aan de Erfgoedwet een aantal nieuwe bepalingen toegevoegd. Het beschermingsniveau zoals deze in de oude wetten en regelingen golden, blijft gehandhaafd. Het behoud en beheer van het Nederlandse erfgoed was geregeld in zes verschillende wetten en een regeling. Waarin roerend, onroerend en archeologisch erfgoed allemaal hun eigen specifieke definities, procedures en beschermingsmaatregelen hadden. In de Erfgoedwet is vastgelegd hoe met ons erfgoed wordt omgegaan, wie welke verantwoordelijkheden daarbij heeft en hoe het toezicht daarop wordt uitgeoefend. Overbodige regels zijn geschrapt en de verantwoordelijkheid voor de bescherming van het cultureel erfgoed ligt waar mogelijk bij het erfgoedveld zelf. Onderdelen van de Monumentenwet die de fysieke leefomgeving betreffen, worden overgeheveld naar de Omgevingswet die in 2022 van kracht wordt. Voor deze onderdelen is een overgangsregeling in de Erfgoedwet opgenomen. Het gaat daarbij om de volgende zaken: Vergunningen tot wijziging, sloop of verwijdering van rijksmonumenten. Verordeningen, bestemmingsplannen, vergunningen en ontheffingen op het gebied van archeologie. Bescherming van stads- en dorpsgezichten.
Archeologische beleidsadvieskaart gemeente Loon op Zand Volgens de archeologische beleidsadvieskaart van de gemeente Loon op Zand ligt het plangebied in een gebied met archeologische waarde. Nader onderzoek met betrekking tot dit aspect is dan ook noodzakelijk.
50
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Uitsnede archeologische beleidskaart Cultuurhistorie Cultuurhistorische Waardenkaart Noord-Brabant De cultuurhistorische waardenkaart (CHW-kaart) van de provincie Noord-Brabant laat zien welke cultuurhistorische interessante en waardevolle patronen en objecten zich in het plangebied bevinden. Elke tijdsperiode heeft haar weerslag gehad op de vorming van de gebouwde omgeving. Lijnen, punten en vlakken uit het verleden zijn soms nog afleesbaar in het huidige (dorps)landschap. De CHW-kaart brengt deze cultuurhistorische waardevolle patronen en objecten in beeld. Met de Cultuurhistorische Waardenkaart wil de provincie Noord-Brabant een ‘handvat’ bieden voor het inpassen van cultuurhistorische waardevolle elementen binnen de ruimtelijke ordening. Het uitgangspunt is niet het bewaren van ‘monumenten’, maar het inpassen van cultuurhistorisch waardevolle elementen in het landschap.
4.9.2
Onderzoek
Archeologie In het kader van voorliggend bestemmingsplan is een archeologisch bureau- en booronderzoek uitgevoerd voor het hele plangebied. De belangrijkste resultaten zijn hieronder weergegeven, de volledige rapportage is als bijlage 19 bij de toelichting opgenomen.
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
51
bestemmingsplan Van Lier Park
Het plangebied ligt (deels) in de historische kern van Loon op Zand en heeft derhalve een hoge trefkans op archeologische waarden uit de middeleeuwen tot de nieuwe tijd. In het plangebied is waarschijnlijk een dik akkerdek aanwezig waaronder ook sporen uit de steentijd tot en met de vroege middeleeuwen, goed bewaard kunnen zijn gebleven. Naar verwachting is de bodem binnen grote delen van het plangebied ingrijpend verstoord ten gevolge van bouw- en sloopactiviteiten die hebben plaatsgevonden met betrekking tot de voormalige schoenenfabriek van Van Lier. Om na te gaan hoe de bodem is opgebouwd binnen het plangebied en in hoeverre deze nog voldoende intact is om behoudenswaardige archeologische resten te kunnen bevatten, is een verkennend booronderzoek uitgevoerd in een dichtheid van zes boringen per hectare. Uit de resultaten van het booronderzoek blijkt dat binnen het plangebied oorspronkelijk podzolbodems zijn gevormd. Hiervan zijn in zes van de twintig boringen nog resten aangetroffen. Op zes van de twintig boorpunten bleek nog een deels intact akkerdek aanwezig te zijn van ruim een halve, tot bijna 1,0 m dikte. Op de helft van de boorpunten blijkt de bodem echter dermate diep verstoord te zijn ten gevolge van bouw- en sloopwerkzaamheden dat hier redelijkerwijs geen behoudenswaardige archeologische resten meer te verwachten zijn.
Selectie-advies Binnen de zone met een tot grote diepte verstoorde bodem, wordt geen archeologisch vervolgonderzoek aanbevolen. Binnen de op navolgende figuur geel omlijnde zones kunnen nog wel behoudenswaardige archeologische resten bewaard gebleven zijn:
Hiervan is de zone rond boorpunt 6 dermate smal dat hierin nauwelijks nog samenhangende archeologische resten aanwezig kunnen zijn. Nader onderzoek in deze zone lijkt dan ook weinig zinvol. Binnen het geel omlijnde terreindeel op het centrale, zuidelijke deel van het plangebied is echter nog een dermate groot, aaneengesloten deel van de bodem in meer of mindere mate intact dat archeologisch vervolgonderzoek hier nog zinvol kan zijn. Het verdient derhalve aanbeveling om in deze zone karterend booronderzoek te verrichten. Het is aan de bevoegde overheid, in dit geval de gemeente Loon op Zand, om te bepalen of zij dit advies overneemt.
52
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
De gemeente Loon op Zand is afgeweken van dit advies en heeft het selectiebesluit genomen om een proefsleuvenonderzoek uit te laten voeren in alle geel gearceerde delen. Voor dit proefsleuvenonderzoek is inmiddels een Programma van Eisen opgesteld, dat op augustus 2021 is geautoriseerd door de regionale archeoloog. Proefsleuvenonderzoek Inmiddels is het proefsleuvenonderzoek uitgevoerd en heeft het bevoegd gezag een selectiebesluit genomen op basis van de resultaten van het veldwerk. De gemeente stemt als bevoegd gezag in met het uitgevoerde onderzoek en geeft aan dat het hele plangebied kan worden vrijgegeven. Alle archeologische dubbelbestemmingen komen daarmee te vervallen. Dit selectiebesluit is als bijlage 20 bij de toelichting gevoegd. De rapportage van het proefsleuvenonderzoek is nog niet gereed, maar wordt voor de vaststelling van het bestemmingsplan als bijlage bij de toelichting gevoegd. Cultuurhistorie De cultuurhistorische waardenkaart (CHW-kaart) van de provincie Noord-Brabant laat zien welke cultuurhistorische interessante en waardevolle patronen en objecten zich in het plangebied bevinden. In de CHW-kaart is de historische dorpskern van Loon op zand - waaronder ook het voorliggende plangebied - aangeduid als terrein van hoge archeologische waarde.
Voor een beschrijving van de aanwezige archeologische waarden wordt kortheidshalve verwezen naar de paragraaf 'Archeologie'. De stedenbouwkundige structuur van Loon op Zand bestaat uit een oost-west getraceerde lintbebouwing aan weerszijden van de as Kloosterstraat, Kerkstraat, Bergstraat en aansluitend het in het zuiden gelegen kasteel van de heren van Loon. Loon op Zand werd omstreeks 1270 gesticht. Het straatbeeld bestaat in het centrum uit een overwegend dicht aaneengesloten en functioneel gemengde, tweelaags bebouwing met een relatief eenvormige rooilijn en de nokrichting parallel aan de straat. Op enkele achtererven bevinden zich relicten van de leerverwerkende industrie. De voormalige fabrieksbebouwing in het plangebied is enkele jaren geleden gesloopt en had geen cultuurhistorische waarde. De voormalige directiewoning aan de Bergstraat 10 is wel behouden en zal ook in de toekomstige situatie gehandhaafd worden. Deze is in de CHW-kaart voorzien van de aanduiding 'overige bouwkunst'. Het afronden van de bestaande lintstructuur vormt één van de ruimtelijke uitgangspunten van het stedenbouwkundig plan. De bestaande panden aan de Bergstraat (de voormalige directiewoning en het stamhuis) worden in de toekomstige situatie behouden.
De resterende ruimte tussen de voormalige directiewoning en het pand Bergstraat 12 wordt opgevuld met enkele kleinere aaneengebouwde woningen, als afronding van de lintbebouwing. Ook de ruimte tussen de woningen aan Kerkstraat 10 en 12 wordt opgevuld met één vrijstaande woning. De woningen zullen een neutrale uitstraling krijgen waardoor het past binnen de bouwstijlen van de andere woningen in het bebouwingslint. Hiermee wordt de herkenbaarheid van het bebouwingslint versterkt.
4.9.3
Doorvertaling bestemmingsplan
Archeologie Het aspect 'archeologie' vormt geen belemmering voor de vaststelling van dit bestemmingsplan. Cultuurhistorie Het aspect 'cultuurhistorie' vormt geen belemmering voor de vaststelling van dit bestemmingsplan.
4.10
Leidingen
Naast de hiervoor beschreven milieuaspecten kunnen er nog andere belemmeringen in of nabij het plangebied aanwezig zijn die van invloed kunnen zijn op de planvorming. Het gaat bijvoorbeeld om de aanwezigheid van straalpaden, planologisch relevante kabels en leidingen (zoals waterleidingen of rioleringsleidingen), beschermingszones en dergelijke. In het plangebied zijn geen planologisch relevante kabels en leidingen, straalpaden en/of beschermingszones gelegen. Er gelden geen belemmeringen voor dit bestemmingsplan.
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
53
bestemmingsplan Van Lier Park
4.11
Verkeer en parkeren
4.11.1 Verkeer Om inzicht te bieden in de verkeerstoename als gevolg van de ontwikkeling, die met dit bestemmingsplan wordt gefaciliteerd, is de voertuigaantrekkende werking bepaald. Daarvoor is gebruik gemaakt van de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren'. Voor het berekenen van de voertuiggeneratie wordt uitgegaan van een gemiddelde weekdag. Op basis van de meest recente stedenbouwkundige uitwerking voorziet onderhavig bestemmingsplan in de bouw van 92 woningen bestaande uit 5 vrijstaande woningen, 17 twee-aaneengebouwde/ patiowoningen, 31 aaneengebouwde woningen en 39 gestapelde woningen. Worstcase is echter uitgegaan van het maximum aantal wooneenheden dat op basis van dit bestemmingsplan mogelijk is: 94 wooneenheden. Op basis van de CROW-publicatie geldt dan de volgende voertuiggeneratie: Woningtype
Aantal
Norm
Voertuiggeneratie
Vrijstaand (koop)
6
8,6
51,6
Twee-aaneen (koop)
16
8,2
131,2
Aaneengebouwd (koop)
31
7,5
232,5
Gestapeld (koop)
41
7,5
307,5
Totaal
94
-
722,8
Gelet op het voorgaande leidt de beoogde ontwikkeling tot afgerond 723 extra motorvoertuigbewegingen op een gemiddelde weekdag. Het plangebied wordt via een interne ontsluitingsstructuur ontsloten op de Bergstraat en de Klokkenlaan. Het verkeer wordt vervolgens via Kerkstraat afgewikkeld op de Kasteellaan en verder. Omdat het om een relatief beperkte toename van het aantal verkeersbewegingen gaat en de voornoemde wegen voldoende capaciteit hebben om deze toename op te vangen, leidt de beoogde ontwikkeling niet tot een onacceptabele verkeerstoename. Deze conclusie wordt bevestigd door de resultaten uit de notitie over de verkeersafwikkeling die als bijlage 21 bij de toelichting is gevoegd. De nieuwe woonwijk zorgt voor en toename van verkeer, op basis van de cijfers van het CROW bedraagt deze toename circa 800 motorvoertuigbewegingen op een werkdag (LET OP: dit is niet hetzelfde als een weekdag en is 'worst-case'). Deze toename van verkeer kan goed verwerkt worden op de bestaande wegen en kruispunten. Diverse bestemmingen in de omgeving zijn goed bereikbaar voor langzaam verkeer.
4.11.2 Parkeren Ter waarborging van voldoende parkeervoorzieningen hanteert de gemeente Loon op Zand de nota 'Uitwerking Parkeerbeleid Loon op Zand', zoals het college van burgemeester en wethouders deze op 14 juni 2016 heeft vastgesteld. In lid 8.2 van de regels is een regeling ten aanzien van parkeren opgenomen. Daarin is bepaald dat bij het bouwen en het wijzigen van het bestaande gebruik moet worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein, waarbij de parkeernormen van de gemeente Loon op Zand als uitgangspunt dienen. Deze parkeernormen zijn voor de 'rest bebouwde kom Loon op Zand' als volgt: a. voor woningen met een woonoppervlak groter dan 135 m2: 1,9 parkeerplaatsen per woning; b. voor woningen met een woonoppervlak vanaf 90 m2 tot en met 135 m2: 1,6 parkeerplaatsen per woning; c. voor woningen met een woonoppervlak vanaf 75 m2 tot en met 90 m2: 1,4 parkeerplaatsen per woning; d. voor woningen met een woonoppervlak vanaf 50 m2 tot en met 75 m2: 1,0 parkeerplaatsen per woning; e. voor woningen met een woonoppervlak < 50 m²: 0,7 parkeerplaatsen per woning. f. in aanvulling op het bepaalde onder a tot en met e moet daarnaast per woning voorzien worden in 0,3 parkeerplaatsen voor bezoekers in de openbare ruimte. Voor woningen < 50 m² bedraagt het bezoekersparkeren 0,2 parkeerplaatsen per woning.
54
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Hoeveel parkeerplaatsen specifiek nodig zijn wordt bepaald door de oppervlakte van de woningen. Voor iedere oppervlakte geldt immers een andere parkeernorm. De toekomstige parkeerbehoefte is dan ook afhankelijk van het definitieve programma en de stedenbouwkundige uitwerking. Omdat de toekomstige uitwerking van het woongebied nog niet volledig is uitgekristalliseerd, zijn in de regels de actuele parkeernormen opgenomen. Daarmee is de realisatie van voldoende parkeergelegenheid gewaarborgd. Parkeren moet in principe binnen het plangebied te worden opgelost. Uitgaande van de meest recente stedenbouwkundige verkaveling bedraagt de totale parkeerbehoefte ten behoeve van de ontwikkeling afgerond maximaal 157 parkeerplaatsen. Hierbij is echter nog geen rekening gehouden met aanwezigheidspercentages. Deze parkeerbehoefte is weergegeven in navolgende tabel: Woningtype
Aantal
Parkeernorm (inclusief bezoekers)
Parkeerbehoefte
Woning duur (groter dan 135 m2 GBO)
5
2,2
11,0
Woning midden (90 m2 tot 135 m2 GBO)
48
1,9
91,2
Woning klein 1 (75 m2 tot 90 m2 GBO)
24
1,7
40,8
Woning klein 3 (<50 m² GBO)
15
0,9
13,5
Totaal
92
156,5
Parkeerbehoefte Van Lier Park Wanneer uitgegaan wordt van aanwezigheidspercentages op basis van CROW-publicatie 381 (of de daaraan voorafgaande CROW-publicatie 317, en zoals ook opgenomen in paragraaf 5.14 van de gemeentelijke parkeernota) bedraagt de minimale parkeerbehoefte 138,2 parkeerplaatsen, afgerond 139 parkeerplaatsen. Er zijn verschillende aanwezigheidspercentages voor bewoners van woningen en bezoekers van woningen:
Dit leidt tot de volgende parkeerbehoefte, waarbij de avonden op werkdagen maatgevend zijn:
Op basis van de meest recente stedenbouwkundige onderlegger is in navolgende tabel het aantal parkeerplaatsen in het plangebied inzichtelijk gemaakt: Parkeervoorzieningen
Factor
Aantal parkeerplaatsen
Berekeningsaantal parkeerplaatsen
Haakse parkeerplaats
1,0
89
89
Langsparkeerplaats
1,0
25
25
Enkele oprit min. 3,5 m breed
1,0
25
25
Totaal
139
Parkeervoorzieningen Van Lier Park
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
55
bestemmingsplan Van Lier Park
Zoals blijkt uit bovenstaande tabel(len) wordt met 139 parkeerplaatsen voorzien in voldoende parkeergelegenheid om in de behoefte te voldoen, uitgaande van de aanwezigheidspercentages. Indien het programma bij de definitieve uitwerking van het woongebied wijzigt, dienen de hiervoor genoemde parkeernormen uit de nota 'Uitwerking Parkeerbeleid Loon op Zand' als uitgangspunt voor het bepalen van de parkeerbehoefte. De parkeernormen zijn in lid 8.2 van de regels vastgelegd. Op deze manier wordt te allen tijde voorzien in voldoende parkeergelegenheid.
56
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
4.12
Vormvrije MER-beoordeling
Het voorkomen van aantasting van het milieu is van groot maatschappelijk belang. Het is daarom zaak om het milieubelang volwaardig in de besluitvorming te betrekken. Om hier in de praktijk vorm aan te geven is het instrument milieueffectrapportage of te wel m.e.r. ontwikkeld. De m.e.r.beoordeling is een instrument met als hoofddoel het milieubelang volwaardig te laten meewegen bij de voorbereiding en vaststelling van plannen en besluiten. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in de ontwikkeling van maximaal 94 woningen. Woningbouwontwikkelingen zijn opgenomen in de eerste kolom van de zogenaamde D-lijst van het Besluit milieueffectrapportage. De realisatie van de woningen in het voorliggende plangebied blijft ruim onder de drempelwaarde van 2.000 woningen. Dit neemt niet weg dat in dit geval een vormvrije m.e.r.-beoordeling dient plaats te vinden. Dit dient plaats te vinden aan de hand van drie criteria: Kenmerken van het project; Plaats van het project; Kenmerken van het potentiële effect. In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is daarom een zogenaamde aanmeldnotitie m.e.r.beoordeling opgesteld. De rapportage hiervan is als bijlage 22 bij de toelichting gevoegd. Per aspect is bepaald of de ontwikkeling gevolgen heeft voor de relevante (milieu)aspecten.
Uit de afweging is gebleken dat er geen negatieve milieueffecten zijn te verwachten, of dat deze effecten te reguleren zijn, waardoor het opstellen van een MER niet zinvol en/of noodzakelijk is.
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
57
bestemmingsplan Van Lier Park
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische planbeschrijving
Algemeen
Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding en regels en is voorzien van een toelichting. De regels en verbeelding vormen het juridisch bindende deel, terwijl de toelichting geen juridische binding heeft, maar moet worden beschouwd als handvat voor de uitleg en de onderbouwing van de opgenomen bestemmingen. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een rol voor toepassing van de regels alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. In deze paragraaf worden de systematiek van de regels en de wijze waarop de regels gehanteerd dienen te worden, uiteengezet. De regels van het plan bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen. Voor de systematiek is aangesloten op de SVBP2012, de Wabo en andere bestemmingsplannen van de gemeente Loon op Zand. Voor het bouwen is verder het Besluit omgevingsrecht (Bor) van belang. In het Bor zijn onder andere regels voor vergunningvrije bouwwerken opgenomen. In het vervolg van deze paragraaf worden de regels kort toegelicht.
5.1.1
Planopzet
Het Van Lier Park betreft een woningbouwontwikkeling, die gefaseerd wordt ontwikkeld en gerealiseerd. Doordat marktomstandigheden en/of inzichten kunnen veranderen en de architectonische ontwerpen en het inrichtingsplan nog nader uitgewerkt moeten worden, is een bepaalde mate van flexibiliteit gedurende het ontwikkelingstraject gewenst. Bovendien kan zo beter ingespeeld worden op specifieke wensen vanuit de toekomstige bewoners of eventuele doelgroepen. Het toekomstige woongebied is grotendeels voorzien van een globale eindbestemming. Op grond van deze bestemming geldt een rechtstreekse bouwtitel. De globale eindbestemming is inhoudelijk gestoeld op het stedenbouwkundig plan, maar biedt de nodige flexibiliteit. Omdat het een nog te realiseren woongebied betreft en de exacte situering en vorm van de woningen nog niet bekend is, zijn ruimere bouwmogelijkheden opgenomen dan voor bestaande woningen het geval zal zijn. Door deze opzet wordt de gewenste flexibiliteit gedurende het ontwikkelingstraject gecreëerd. De beoogde woningen aan de Bergstraat, Kerkstraat en Klokkenlaan worden voorzien van een meer gedetailleerde bestemming. Dit biedt niet alleen rechtszekerheid aan omwonenden, maar doet tevens recht aan het karakter van deze bebouwingslinten.
5.2
Inleidende regels
Begrippen In deze bepaling zijn omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Begripsbepalingen zijn alleen nodig voor begrippen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn. Wijze van meten Om op een eenduidige manier afstanden, oppervlakten en inhoud van gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven wat onder de diverse begrippen wordt verstaan. Ten aanzien van de wijze van meten op de verbeelding geldt steeds dat het hart van een lijn moet worden aangehouden.
58
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
5.3
Bestemmingsregels
5.3.1
Opbouw bestemmingen
Bestemmingsomschrijving Bevat de omschrijving van de doeleinden die met de bestemming aan de grond worden toegekend. Hierbij gaat het in beginsel om een beschrijving van de aan de grond toegekende functies zoals bedrijven, wonen, centrum etc. De aard van de toegelaten inrichtingen van gronden (bouwwerken en werken, geen bouwwerken zijnde) vloeit dan voort uit de toegelaten functies. Bouwregels In de bouwregels worden voor alle hoofdgebouwen, bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de van toepassing zijnde bouwregels gesteld. Waar en met welke maatvoering mag worden gebouwd, wordt hier vastgelegd. Indien mogelijk wordt verwezen naar bouwvlakken en aanduidingen op de verbeelding. Afwijken van de bouwregels In deze bepaling zijn afwijkingsbevoegdheden toegekend aan het bevoegd gezag ten aanzien van bepaalde bouwregels. Specifieke gebruiksregels In dit onderdeel kan worden aangegeven welke vormen van gebruik men in ieder geval strijdig acht met de bestemming. Het is niet de bedoeling alle mogelijke strijdig gebruiksvormen te noemen, maar alleen die, waarvan het niet op voorhand duidelijk is dat deze in strijd zijn met de bestemming. Het gaat hierbij in feite om een aanvulling op de doeleindenomschrijving. Afwijken van de gebruiksregels In deze bepaling zijn afwijkingsbevoegdheden toegekend aan het bevoegd gezag ten aanzien van bepaalde gebruiksregels.
5.3.2
Bestemmingen
In deze paragraaf zijn de feitelijk in het plan voorkomende bestemmingen beschreven. Per bestemming is kort toegelicht welk gebruik van de gronden is toegestaan en welke bouwregels er gelden. Groen Deze bestemming is opgenomen voor de structurele groenelementen in het plangebied die samenvallen met de aanduiding 'groenblauwe mantel' in de geldende provinciale Interim Omgevingsverordening. Het gaat hierbij dus nadrukkelijk niet om snippergroen en kleine niet waardevolle groene zones. In de bestemming groen wordt de nadruk gelegd op het behoud van groen. Parkeren is daarom in deze stroken niet toegestaan. Maatschappelijk In aansluiting op het deel van het perceel Bergstraat 2 waarop het hoofdgebouw is gesitueerd, en dat al voorzien is van deze bestemming, heeft ook het overige deel van het betreffende kadastrale perceel nu een maatschappelijke bestemming (zonder bouwvlak) gekregen. Ter plaatse zijn uitsluitend bijgebouwen, overkappingen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toegestaan. Wonen De beoogde vrijstaande woningen aan de Bergstraat, Kerkstraat en Klokkenlaan, alsmede de bestaande woningen aan de Bergstraat (voormalige directiewoning en het Stamhuis), zijn voorzien van de bestemming 'Wonen'. De gronden met deze bestemming zijn bestemd voor wonen en de uitoefening van een beroep aan huis.
Voor de bebouwingsmogelijkheden binnen deze bestemming wordt een onderscheid gemaakt in het hoofdgebouw van de woning, bijbehorende bouwwerken en bouwwerken geen gebouwen zijnde.
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
59
bestemmingsplan Van Lier Park
Hoofdgebouwen: binnen de bestemming 'Wonen' zijn uitsluitend de woningtypes toegestaan zoals aangegeven, waarbij het aantal woningen niet meer mag bedragen dan het bestaande aantal woningen, behalve ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', waar het aangegeven aantal het maximum aantal woningen betreft. Het hoofdgebouw van de woning mag uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak gerealiseerd worden. Voor het hoofdgebouw van de woningen is in de verbeelding een maximum goot- en bouwhoogte opgenomen. Bijbehorende bouwwerken: buiten het hoofdgebouw mogen op het perceel zowel binnen als buiten het bouwvlak bijbehorende bouwwerken worden opgericht. Het gaat daarbij om zowel vrijstaande bijgebouwen als uit- of aanbouwen en overkappingen. Deze bouwwerken mogen, met uitzondering van erkers, alleen ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' worden gerealiseerd. De maximale maatvoering voor bijbehorende bouwwerken is gelimiteerd. De gronden met de aanduiding 'bijgebouwen' mogen met niet meer dan 50% worden bebouwd met een maximum van 200 m2, waarbij de toegestane oppervlakte aan bijgebouwen afhankelijk is gesteld van de grootte van het perceel. Woongebied De bestemming 'Woongebied' heeft een globaal karakter. Dat betekent dat deze bestemming veel flexibiliteit bevat.
Dit is wenselijk, omdat de bouwplannen voor het nieuwe woongebied nog niet tot in detail zijn uitgewerkt. Zo is bijvoorbeeld de exacte situering van de nieuwe woningen nog niet bepaald. Het stedenbouwkundige plan heeft als uitgangspunt gediend voor de inhoudelijke bepalingen van de bestemming. Het bouwen van hoofdgebouwen (woningen) is uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. Het bouwvlak is op enige afstand van de omliggende woonpercelen gesitueerd, om te voorkomen dat woningen op korte afstand van de omliggende woonpercelen worden gebouwd. Binnen de bestemming mogen ten hoogste 85 woningen worden gebouwd, in vrijstaande, (twee)aaneengebouwde en gestapelde vorm, met dien verstande dat gestapelde woningen uitsluitend zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld'. De maximum goot- en bouwhoogte is op de verbeelding weergegeven. Voor het appartementencomplex centraal in het plangebied geldt een afwijkende bouwhoogte: voor dit bouwblok geldt in de basis een maximum bouwhoogte van 11,0 m (drie bouwlagen), met dien verstande dat voor maximaal 1/3 van het gebouw een maximum bouwhoogte van 14,0 m is toegestaan (vier bouwlagen, als accent). Voor het bouwen van bijgebouwen is aangesloten bij de bijgebouwenregeling in de bestemming 'Wonen'.
5.4
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel Deze bepaling is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Algemene gebruiksregels In dit artikel is in algemene zin aangegeven wanneer sprake is van strijdig gebruik met de regels uit het bestemmingsplan en er is een parkeerregeling opgenomen. Algemene aanduidingsregels Vanwege de stedelijke herbegrenzing zijn op de verbeelding enkele gebiedsaanduidingen opgenomen: 'overige zone - in Interim Omgevingsverordening toe te voegen Stedelijk gebied', 'overige zone - in Interim Omgevingsverordening toe te voegen Landelijke kern', 'overige zone - in Interim Omgevingsverordening te verwijderen Landelijk gebied' en 'overige zone - in Interim Omgevingsverordening te verwijderen Groenblauwe mantel', waarmee precies is aangegeven welke wijzigingen beoogd zijn. Het artikel heeft alleen een signaleringsfunctie voor de provincie. Er zijn geen inhoudelijke regels aan gekoppeld.
60
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Algemene afwijkingsregels Dit artikel is een aanvulling op de afwijkingsregels uit de bestemmingen waarin nog een aantal algemene afwijkingen is opgenomen. Het betreft hier onder meer een standaardregeling die beperkte afwijkingen in de maatvoering bij de uitvoering van bouwplannen mogelijk maakt.
5.5
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht Bouwwerken welke op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaan (of waarvoor een bouwvergunning is aangevraagd) mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bebouwingsregels. De overgangsbepaling houdt niet in dat het bestaand, illegaal opgerichte, bouwwerk legaal wordt, noch brengt het met zich mee dat voor een dergelijk bouwwerk alsnog een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen kan worden verleend. Burgemeester en wethouders kunnen in beginsel dus nog gewoon gebruik maken van hun handhavingsbevoegdheid. Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan mag eveneens worden voortgezet. Slotregel Dit artikel geeft aan op welke manier de regels kunnen worden aangehaald.
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
61
bestemmingsplan Van Lier Park
Hoofdstuk 6
Uitvoerbaarheid
6.1
Economische uitvoerbaarheid
6.1.1
Exploitatieverplichting
Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in de plantoelichting van een bestemmingsplan minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Tevens bestaat op grond van de Wet ruimtelijke ordening de verplichting om, indien sprake is van ontwikkelingen waarvoor de gemeente redelijkerwijs kosten moet maken, bijvoorbeeld voor de aanleg van voorzieningen van openbaar nut, en de plankosten, deze moeten kunnen worden verhaald op de initiatiefnemer c.q. ontwikkelaar. Een en ander dient te worden vastgelegd in privaatrechtelijke overeenkomsten met iedere grondeigenaar. Als er met een grondeigenaar geen overeenkomst is gesloten en het kostenverhaal niet anderszins is verzekerd, dient een exploitatieplan te worden opgesteld welke tegelijkertijd met het bestemmingsplan moet worden vastgesteld.
6.1.2
Conclusie
Omdat de gemeente de nog te ontwikkelen gronden niet in eigendom heeft, is een anterieure overeenkomst met de ontwikkelaar gesloten. Daarmee zijn de kosten voor de planontwikkeling anderszins verzekerd en is het opstellen van een exploitatieplan niet aan de orde. Gezien het voorgaande wordt het plan financieel uitvoerbaar geacht.
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
6.2.1
Vooroverleg
Conform ex artikel 3.1.1. van het Bro moeten burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de Rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In het eindverslag vooroverleg & inspraak zijn alle ingediende vooroverlegreacties van een gemeentelijke reactie voorzien. Dit verslag is als bijlage 23 bij de toelichting gevoegd.
6.2.2
Inspraak
In het eindverslag vooroverleg & inspraak zijn alle ingediende inspraakreacties van een gemeentelijke reactie voorzien. Dit verslag is als bijlage 23 bij de toelichting gevoegd.
6.2.3
Ontwerpfase
Met de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan wordt de formele bestemmingsplanprocedure gestart. De aanpassingen die volgen uit de overlegreacties zijn verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan. Ook zijn er ten opzichte van het voorontwerpbestemmingsplan verschillende ambtshalve wijzigingen aangebracht. Het ontwerpbestemmingsplan heeft vervolgens van donderdag 30 juni 2022 tot en met woensdag 10 augustus 2022 (gedurende zes weken) ter visie gelegen. In de nota zienswijzen zijn alle ingediende zienswijzen van een gemeentelijke reactie voorzien. Tevens zijn in deze nota de ambtshalve wijzigingen opgenomen. De nota is als bijlage 24 bij de toelichting gevoegd.
62
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
6.2.4
Vaststellingsfase
Na de termijn van terinzagelegging moet de gemeenteraad beslissen omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan. Tegen het besluit tot vaststelling staat, voor belanghebbenden, direct beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Direct na de beroepstermijn treedt, indien tijdens de beroepstermijn geen verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, het plan in werking waarna tot planrealisatie kan worden overgegaan.
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
63
bestemmingsplan Van Lier Park
64
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlagen bij toelichting
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
65
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 1
66
Landschappelijk inpassingsplan
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 2
Beeldkwaliteitplan
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
67
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 3
68
Berekening kwaliteitsverbetering landschap
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 4 Verkennend bodem- en asbestonderzoek en nader asbest onderzoek
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
69
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 5
70
Aanvullend bodem- en asbestonderzoek
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 6
Verkennend bodemonderzoek westelijk deel plangebied
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
71
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 7
72
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 8
Besluit Hogere waarden
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
73
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 9
74
Akoestisch onderzoek industrielawaai
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 10
Geuronderzoek Lederfabriek
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
75
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 11
76
Geuronderzoek hobbymatige paarden
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 12
Onderzoek externe veiligheid
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
77
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 13
78
Standaardadvies brandweer externe veiligheid
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 14
Standaard verantwoording groepsrisico
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
79
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 15
80
Waterhuishoudkundig plan
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 16
Quickscan Wet natuurbescherming 2021
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
81
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 17 vleermuis
82
Nader ecologisch onderzoek huismus, gierzwaluw,
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 18
Stikstofdepositieonderzoek
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
83
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 19
84
Archeologisch bureau- en veldonderzoek
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 20
Selectiebesluit proefsleuvenonderzoek
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
85
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 21
86
Notitie verkeersafwikkeling
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 22
Aanmeldnotitie m.e.r. beoordeling
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
87
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 23
88
Eindverslag vooroverleg en inspraak
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Bijlage 24
Nota zienswijzen
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
89
bestemmingsplan Van Lier Park
90
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Regels
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
91
bestemmingsplan Van Lier Park
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
1.1 plan het bestemmingsplan Van Lier Park met identificatienummer NL.IMRO.0809.BPVanLierPark-VA01 van de gemeente Loon op Zand; 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3 aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 aaneen gebouwde woning een woning onderdeel uitmakend van een blok van meer dan twee aaneen gebouwde woningen inclusief de van dit blok deel uitmakende eind- of hoekwoningen; 1.6 aan huis gebonden bedrijf een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten gericht op consumentverzorging c.q.
het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, geheel of gedeeltelijk door middel van handwerk en waarvan de omvang in de activiteiten zodanig is dat de activiteiten in een woning en de daarbij behorende gebouwen, met behoud van de woonfunctie, kunnen worden uitgeoefend; 1.7 aan huis gebonden beroep een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of daarmee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend; 1.8 bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.9 aangebouwd bijgebouw een aan een hoofdgebouw gebouwd bijgebouw, dat een functionele eenheid vormt met het hoofdgebouw, maar dat in bouwkundig opzicht (afmetingen) ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.10 bebouwingspercentage het oppervlak dat maximaal mag worden bebouwd met bouwwerken, uitgedrukt in procenten van de oppervlakte van het bouwperceel, voor zover dat is gelegen binnen de bestemming, of binnen een in de regels nader aan te duiden gedeelte van die bestemming; 1.11 bed and breakfast het aanbieden van recreatief nachtverblijf in de vorm van logies met ontbijt binnen bestaande woongebouwen gericht op kortdurend verblijf.
Het maximum aantal gasten dat gelijktijdig gebruik mag maken van een bed and breakfast in de gemeente is gesteld op vijf en het wonen moet in overwegende mate gehandhaafd blijven; 1.12 bestaand bij bouwwerken: een bouwwerk dat op het moment van inwerkingtreding van het plan bestaat of wordt gebouwd, dan wel nadien kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, waarvoor de aanvraag voor het tijdstip van inwerkingtreding is ingediend, tenzij in de regels anders is bepaald; bij gebruik: het gebruik dat op het moment van inwerkingtreding van het plan bestaat, tenzij in de regels anders is bepaald. 1.13 bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak;
92
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
1.14 bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.15 bijgebouw uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak; 1.16 bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.17 bouwgrens de grens van een bouwvlak; 1.18 bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.19 bouwperceelsgrens de grens van een bouwperceel; 1.20 bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.21 bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren; 1.22 detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen voor gebruik, verbruik of aanwending overwegend anders dan in de uitoefening van een beroeps- of
bedrijfsactiviteit. Onder detailhandel moet ook verstaan worden commerciële dienstverlening zoals kapperszaken, schoenmakers en vergelijkbare bedrijven; 1.23 dienstverlening het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder tevens belwinkel en internetcafé; 1.24 erker een hoek- of rondvormig uitgebouwd deel van een woonhuis, bouwkundig bestaande uit een 'lichte' constructie met een overwegende transparante uitstraling en van beperkte omvang; 1.25 garage een stallingsruimte voor het stallen van een auto op het maaiveld (niet onder de grond); 1.26 gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.27 gestapelde woningen een gebouw, dat meerdere naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid beschouwd kan worden;
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
93
bestemmingsplan Van Lier Park
1.28 hoofdgebouw een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn ligging, constructie of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken en dat geen bijgebouw is; 1.29 hoofd(woon)verblijf de verblijfplaats die het centrum is van het sociale en maatschappelijke leven van een persoon, een huishouden of een daarmee gelijk te stellen groep personen; 1.30 huishouden één of meer personen die in vast verband samenleven en waarbij sprake is van continuïteit in de samenstelling van de personen en van onderlinge verbondenheid; 1.31 luifel een overstekend deel van een dak of gootconstructie of een overkapping direct verbonden aan een gebouw waarbij het overstekende deel dieper is dan 0,5 m; 1.32 nutsvoorzieningen een voorziening ten behoeve van de telecommunicatie en de gas-, water- en elektriciteitsdistributie, alsmede soortgelijke voorzieningen van openbaar nut, waaronder in ieder geval worden begrepen transformatorhuisjes, pompstations, gemalen, bluswatervoorzieningen en zendmasten; 1.33 overkapping een dakconstructie in de vorm van een bouwwerk, geen gebouw zijnde; 1.34 overstek een overstekend deel van een dak of gootconstructie, waarbij het overstekende deel niet dieper mag zijn dan 0,5 m; 1.35 seksinrichting een gebouw of een gedeelte van een gebouw waarin bedrijfsmatig handelingen plaatsvinden van erotische en/of pornografische aard.
Hieronder worden tevens begrepen: een seksbioscoop: een inrichting of daarmee gelijk te stellen gelegenheid waarin filmvoorstellingen van erotische en/of pornografische aard worden gegeven; een sekstheater: een inrichting of daarmee gelijk te stellen gelegenheid waarin vertoningen van erotische en/of pornografische aard worden gegeven; een seksautomatenhal: een inrichting of daarmee gelijk te stellen gelegenheid waarin door middel van automaten filmvoorstellingen en liveshows van erotische en/of pornografische aard worden gegeven; een sekswinkel: een ruimte voor het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van seksartikelen.
1.36 voorgevel de naar de weg toegekeerde gevel van een gebouw, indien een gebouw met meerdere gevels naar de weg is toegekeerd wordt de naar architectuur, indeling en/of uitstraling meest gezichtsbepalende gevel van een hoofdgebouw aangemerkt als voorgevel; in geval een gebouw aan meerdere wegen is gelegen, is de voorgevel de gevel die parallel is gesitueerd aan de gevel van de naastgelegen woning; 1.37 voorgevellijn een denkbeeldige lijn ter plaatse van de voorgevel en het verlengde daarvan; 1.38 vrijstaand bijgebouw een van de woning (en haar aangebouwde bijgebouwen) vrijstaand bijgebouw, dat niet direct ten dienste staat van de woonfunctie, zoals een garage, berging, hobbyruimte en dat zowel wat betreft afmetingen als in functioneel opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.39 wonen het bewonen van een woning door niet meer dan één huishouden;
94
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
1.40 woning een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de zelfstandige huisvesting van één huishouden.
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
95
bestemmingsplan Van Lier Park
Artikel 2
Wijze van meten
2.1 afstand tot de zijdelingse perceelsgrens vanaf enig punt van een bouwwerk tot de zijdelingse perceelgrens; 2.2 bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.3 dakhelling langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.4 diepte overstek of luifel de horizontale lijn gemeten vanaf de buitenzijde van de gevel tot het verste punt van het overstek of de luifel; 2.5 (horizontale) diepte van een gebouw de buitenwaartse lengte van een gebouw, gemeten loodrecht vanaf de naar de weg gekeerde gevel, waarbij gemeten wordt met de buitenwerkse gevelvlakken; 2.6 goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q.
de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.7 inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.8 oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.9 peil voor gebouwen waarvan de hoofdtoegang direct aan een weg grenst: de hoogte van die weg ter plaatse van die hoofdtoegang. in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld.
96
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Groen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. voet- en fietspaden met daarbij behorende voorzieningen; c. geluidafschermende voorzieningen; d. water- en retentievoorzieningen; e. nutsvoorzieningen. 3.2
Bouwregels
3.2.1
Algemeen
Er mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden opgericht.
3.2.2
Nutsvoorzieningen
Voor het bouwen van gebouwen ten dienste van nutsvoorzieningen gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3,0 m; b. de oppervlakte per gebouw mag niet meer bedragen dan 15,0 m². 3.2.3
Bouwwerken, geen gebouw zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van geluidafschermende voorzieningen mag niet meer bedragen dan 2,0 m; b. overige bouwwerken zijn niet toegestaan. 3.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de situering en afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, uitgezonderd die waarvoor krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht geen omgevingsvergunning voor het bouwen nodig is, indien dit noodzakelijk is in verband met het bewerkstelligen van voor de verkeersveiligheid benodigde uitzichthoeken, met name op hoeken van wegen en paden.
3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1
Strijdig gebruik
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden ten dienste van parkeren. 3.4.2 Voorwaardelijke verplichting a. het gebruiken van de woning(en) direct ten oosten van de aanduiding 'geluidscherm' is uitsluitend toegestaan, mits er een tuinmuur c.q. geluidscherm met een minimum bouwhoogte van 2,0 m en een minimum massa van 10 kg/m² over de hele lengte van de aanduiding is aangelegd en in stand wordt gehouden zoals aangegeven in het Akoestisch onderzoek industrielawaai, dat als bijlage 9 bij de toelichting van het bestemmingsplan is gevoegd; b. bij een omgevingsvergunning kan het bevoegd gezag afwijken van het bepaalde onder a en b om de geluidafschermende voorziening op een andere wijze uit te voeren en/of (deels) niet uit te voeren, mits op een andere wijze duurzaam wordt voldaan aan de wettelijke maximaal toegestane geluidbelasting op de gevels van de betreffende woning(en).
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
97
bestemmingsplan Van Lier Park
Artikel 4 4.1
Maatschappelijk
Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Maatschappelijk’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen erven en verharding; b. parkeervoorzieningen ten dienste van de bestemming. 4.2
Bouwregels
4.2.1 Algemeen a. er mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden opgericht. 4.2.2
Bijgebouwen en overkappingen
Buiten het bouwvlak mogen bijgebouwen en overkappingen ten dienste van de bestemming worden gerealiseerd. Hiervoor gelden de volgende regels: a. bijgebouwen en overkappingen mogen uitsluitend achter de voorgevellijn worden gebouwd; b. de goothoogte van een bijgebouw mag niet meer bedragen dan 3,0 m; c. de bouwhoogte van een overkapping mag niet meer bedragen dan 3,0 m; d. de bouwhoogte van een bijgebouw mag niet meer bedragen dan 4,0 m; e. de bouwhoogte van plat afgedekte bijgebouwen mag niet meer bedragen dan 3,2 m; f. de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen en overkappingen per bestemmingsvlak mag niet meer bedragen dan 50 m². 4.2.3
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouw zijnde, mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak gebouwd worden; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2,0 m, met dien verstande dat de bouwhoogte voor erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel niet meer mag bedragen dan 1,0 m; c. de bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer bedragen dan 6,0 m; d. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde een overkapping, mag niet meer bedragen dan 4,0 m. 4.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de situering en afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, uitgezonderd die waarvoor krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht geen omgevingsvergunning voor het bouwen nodig is, indien dit noodzakelijk is in verband met het bewerkstelligen van voor de verkeersveiligheid benodigde uitzichthoeken, met name op hoeken van wegen en paden.
98
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
bestemmingsplan Van Lier Park
Artikel 5 5.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. aan-huis-gebonden beroepen; c. tuinen, erven en verhardingen; d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - hobbymatige dieren' een paardenstal voor het hobbymatig houden van maximaal 8 paarden. e. parkeervoorzieningen ten dienste van de bestemming. 5.2
Bouwregels
5.2.1
Algemeen
Voor het bouwen geldende volgende algemene regels: a. er mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden opgericht; b. hoofdgebouwen moeten gebouwd worden overeenkomstig de bouwwijze, zoals hieronder en binnen het bouwvlak is aangegeven ter plaatse van de aanduiding: aanduiding
bouwwijze
'vrijstaand'
vrijstaande woningen
'twee-aaneen'
twee-aaneengebouwde woningen
'aaneengebouwd'
aaneengebouwde woningen
5.2.2
Bouwvlak
Op de gronden die zijn aangeduid als bouwvlak gelden voor het bouwen van gebouwen de volgende regels: a. binnen het bouwvlak zijn gebouwen en daarbij behorende bouwwerken toegestaan; b. het bestaande aantal woningen mag niet toenemen; c. in afwijking van het bepaalde onder b. mogen ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' nieuwe woningen worden gerealiseerd tot maximaal het aangegeven aantal; d. de goothoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan de hoogte die ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; e. de bouwhoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan de hoogte die ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; f. hoofdgebouwen moeten voorzien zijn van een kap, waarbij de dakhelling niet meer mag bedragen dan 65°; g. de minimum afstand van een vrijstaande woning tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 3,0 m, met dien verstande dat deze minimum afstand niet geldt ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1'. Indien de bestaande afstand van vrijstaande woningen tot de zijdelingse perceelsgrens minder bedraagt dan 3,0 m, dan geldt deze bestaande afstand als minimum afstand; h.
ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - hogere waarde' wordt in afwijking van het bepaalde in lid 5.1 onder a, alleen een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen verleend indien door middel van een berekening wordt aangetoond dat het binnenniveau voldoet aan artikel 3.3 lid 1 van het Bouwbesluit. Deze berekening moet uitgaan van het gecumuleerde geluidsniveau zoals dat is berekend in het 'Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Van Lierterrein Loon op Zand, woningbouw' (zie bijlage 7) opgesteld door De Roever Omgevingsadvies, referentie 20211485.v01, d.d. 5 november 2021)
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)
99
bestemmingsplan Van Lier Park
5.2.3
Bijgebouwen en overkappingen
Bij een woning mogen bijgebouwen en overkappingen worden gerealiseerd. Hiervoor gelden de volgende regels: a. bijgebouwen en overkappingen mogen binnen het bouwvlak en ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' worden gerealiseerd; b. in afwijking van het bepaalde onder b mag ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - hobbymatige dieren' een paardenstal worden gerealiseerd met een maximum goot- en bouwhoogte van 3,0 m respectievelijk 6,0 m; c. bijgebouwen en overkappingen mogen uitsluitend achter de voorgevellijn van de woning worden gebouwd, waarbij de afstand niet minder mag bedragen dan 2,0 m; d. de goothoogte van een bijgebouw of overkapping mag niet meer bedragen dan 3,0 m; e. de bouwhoogte van plat afgedekte bijgebouwen mag niet meer bedragen dan 3,2 m; f. de bouwhoogte van vrijstaande bijgebouwen en overkappingen mag niet meer bedragen dan 4,5 m, mits het bijgebouw wordt afgedekt met een zadeldak; g. de bouwhoogte van aangebouwde bijgebouwen en overkappingen mag niet meer bedragen dan 4,5 m, mits deze architectonisch één geheel vormen met het hoofdgebouw; h. een aan de woning aangebouwd bijgebouw en overkapping mag de achtergrens van het bouwvlak en het verlengde daarvan met niet meer dan 4,0 m overschrijden; i. de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen en overkappingen ter plaatse de aanduiding 'bijgebouwen' mag: 1.
voor bouwpercelen die niet groter zijn dan 750 m2, niet meer bedragen dan 75 m2; 2. voor bouwpercelen die groter zijn dan 750 m2 en niet groter zijn dan 1.000 m2, niet meer bedragen dan 100 m2; 3. voor bouwpercelen die groter zijn dan 1.000 m2 en niet groter zijn dan 1.500 m2, niet meer bedragen dan 150 m2; 4. voor bouwpercelen die groter zijn dan 1.500 m2, niet meer bedragen dan 200 m2. mits het betreffende bouwperceel voor niet meer dan 50 % is bebouwd.
5.2.4
Buiten bouwvlak en aanduidingen
Op de gronden buiten de aanduiding 'bouwvlak' en niet ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' mag per woning maximaal één portiek of erker worden gebouwd. Hiervoor gelden de volgende regels: a. de afstand van de portiek of de erker tot de bestemming 'Verkeer' mag niet minder bedragen dan 2,0 m; b. de oppervlakte van de portiek of erker mag niet meer bedragen dan 6,0 m2; c. de breedte van de portiek of erker mag niet meer bedragen dan 60 % van de breedte van de desbetreffende gevel van de woning met een maximum van 4,0 m; d. de bouwhoogte van de portiek of de erker mag niet meer bedragen dan 3,2 m. 5.2.5
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouw zijnde, mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak gebouwd worden; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2,0 m, met dien verstande dat de bouwhoogte voor erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel niet meer mag bedragen dan 1,0 m; c. de bouwhoogte van hekwerken op een balkon of dakterras mag niet meer bedragen dan 1,2 m gemeten vanaf de bovenkant van de vloer van het balkon of dakterras; d. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde een overkapping, mag niet meer bedragen dan 4,0 m.
100
bestemmingsplan "Van Lier Park" (vastgesteld)