CConstaterende datLochem
Koppel je AI →
Document · PDF

TOE BP Kokstraat 37 Eefde

Raadsvergadering 9 juni 2026, gemeente LochemBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde23.661 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Is dit van een bepaalde waarde, dan kan dit effect hebben op de conditie van het Natura-2000 gebied en dient een vergunning omgevingswet te worden aangevraagd. Vooralsnog is een toetsing in de vorm van een passende beoordeling niet nodig. Wat betreft de overige gebiedsbescherming wordt in de Quickscan geconstateerd dat het plangebied buiten gebieden bestemd als ‘Nationaal Landschap’ en ‘Gelders Natuurnetwerk’ (GNN) uit de provinciale omgevingsverordening valt, evenals buiten specifieke zones en aanwijzingen uit het provinciale natuurbeheerplan. Gezien de aard en omvang van de voorgenomen ingreep vallen redelijkerwijs geen effecten te verwachten die van invloed zijn op de doelstellingen van de provinciale natuurvisie of anderszins provinciaal natuurbeleid. Een nee-tenzij of een ja-mits toetsing is niet noodzakelijk. Soortenbescherming Op basis van de bevindingen uit de veldonderzoeken, het literatuur- en bronnenonderzoek, en de toetsing van de onderzoeksresultaten aan de Omgevingswet, de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening van de Provincie Gelderland, blijkt dat de uitvoering van de voorgenomen werkzaamheden geen overtreding vormt ten aanzien van beschermde soorten. Er zijn geen beschermde flora en fauna in het plangebied aangetroffen. Ook geconstateerd dat het plangebied niet functioneert als essentieel onderdeel van het leefgebied van beschermde soorten.

Nader (verdiepend) soortenonderzoek is daarmee niet nodig.

10 J.C. Knotters, ‘Quickscan Wet natuurbescherming Omgevingsvisie en – Verordening

provincie Gelderland, Kokstraat 35-37 te Eefde’. Rapport VBW c 2021-86 R.- Veldbiologische Werken, Roosendaal, 11 april 2021. 11 J.C. Knotters, ‘Quickscan Natuur Omgevingswet, Kokstraat 35-37 te Eefde’. Rapport VBW E 2025-232R - Veldbiologische Werken, Roosendaal, 17 oktober 2025. Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

49

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

Wel is de zorgplicht van toepassing. Dit betekent dat iedereen die een activiteit onderneemt die mogelijk schadelijk is voor de natuur, verplicht is om passende maatregelen te nemen om schade te voorkomen of te beperken. Deze verplichting geldt zowel voor actieve handelingen als voor het nalaten van handelingen, wanneer dit negatieve gevolgen voor de natuur kan hebben. In het rapport is voor meerdere soorten aangegeven welke maatregelen getroffen moeten worden bij de uitvoering van toekomstige werkzaamheden. Ook is benoemd wanneer bepaalde werkzaamheden uitgevoerd moeten worden zodat rekening gehouden wordt met kwetsbare perioden van soorten (o.a. voortplantingstijd, overwintering). Stikstofdepositie In navolging van het advies uit de ecologische Quickscan is een stikstofdepositieberekening uitgevoerd met de meest actuele AERIUS-calculator (versie 2025.0.1) om mogelijk negatieve gevolgen als gevolg van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden in beeld te brengen. De bijbehorende notitie 12, inclusief rekenresultaten, zijn als bijlage bij deze plantoelichting gevoegd. Uit de stikstofdepositieberekening komt naar voren dat de ontwikkeling van de woningen aan de Kokstraat 37 in Eefde niet leidt tot een toename van stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden (0,00 mol stikstof ha/jaar).

Geconcludeerd wordt dat de ontwikkeling geen negatieve effecten heeft op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden als gevolg van stikstofdepositie. Het plan is daarmee uitvoerbaar in het kader van de Omgevingswet. Er geldt ook geen vergunningplicht in het kader van de wet ten aanzien van het aspect stikstof. 4.9.3 Conclusie Het aspect ecologie levert geen belemmeringen op voor het bestemmingsplan. Het plan is uitvoerbaar volgens de Omgevingswet. Bij de uitvoering van de werkzaamheden dient wel rekening gehouden te worden met de zorgplicht. 4.10

ARCHEOLOGIE

4.10.1 Beleid en regelgeving Als gevolg van het Verdrag van Malta (Valetta) zijn overheden verplicht om in het ruimtelijke beleid zorgvuldig om te gaan met het archeologische erfgoed. Voor gebieden waar archeologische waarden voorkomen of waar een reële verwachting bestaat dat er archeologische waarden aanwezig zijn dient, voordat er bodemingrepen plaatsvinden, een archeologisch onderzoek uit te worden gevoerd. De zorgplicht voor het archeologisch erfgoed is vastgelegd in de Wet op de Archeologische MonumentenZorg (WAMZ) uit 2007, welke is geïmplementeerd in de Monumentenwet uit 1988. De wet regelt: • bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem; • inpassen van archeologisch erfgoed in de ruimtelijke ordening; • financiering onderzoek: de veroorzaker betaalt. Op 1 juli 2016 is de nieuwe Erfgoedwet in werking getreden. Deze wet vervangt onder meer de Monumentenwet 1988. In artikel 9.1 van de Erfgoedwet is echter bepaald dat tot het tijdstip waarop de nieuwe Omgevingswet in werking is getreden

12 mRO b.v., ‘Notitie stikstofdepositie Kokstraat 37 Eefde’, 8 oktober 2025

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

50

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

de bepalingen uit de Monumentenwet 1988 met betrekking tot archeologie van toepassing blijven. Gemeentelijk beleid Naar aanleiding van de bovengenoemde WAMZ heeft de gemeente Lochem voor het gehele grondgebied van de gemeente een archeologische beleidskaart op laten stellen. Dit ‘eigen’ archeologiebeleid is vervolgens vertaald in het ‘Paraplubestemmingsplan Archeologie’. Dit overkoepelende bestemmingsplan is op 20 januari 2014 door de gemeenteraad vastgesteld. Op de archeologische beleidskaart wordt onderscheid gemaakt in verschillende archeologische categorieën. Daarnaast zijn er gebieden waar door bijvoorbeeld vergravingen geen archeologische waarden meer worden verwacht. De volgende categorieën worden onderscheiden: • categorie 1: rijksmonument • categorie 2: gemeentelijk monument • categorie 3: terrein van archeologische waarde • categorie 4: historische stads- of dorpskern • categorie 5: hoge archeologische verwachting • categorie 6: middelmatige archeologische verwachting • categorie 7: lage archeologische verwachting • categorie 8: zonder een archeologische verwachting 4.10.2 Archeologie in relatie tot het plangebied Het plangebied kent vanwege de ligging in de kern een historische stads- of dorpskern waarde welke is aangemerkt als categorie 4. Categorie 4: historische stads- of dorpskern.

Gebieden die op grond van geomorfologie, grondwatertrap en bodem en op grond van weinig bekende vindplaatsen in vergelijkbare omstandigheden, een lage kans hebben op archeologische resten in de bodem. Hieronder vallen ook de gebieden met een verhoogde kans op archeologische off-site resten (met bijzondere vondstcategorieën, zoals bruggen, dammen, fuiken en rituele deposities). Geen noodzaak tot streven naar behoud in huidige staat. Bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 100 m² én als de diepte van de ingreep dieper reikt dan 30 cm –Mv is inventariserend archeologisch onderzoek verplicht (volgens Richtlijn Archeologisch Onderzoek). Archeologisch onderzoek In verband met de beoogde herontwikkeling van het terrein is archeologisch onderzoek noodzakelijk. Door archeologisch onderzoeksbureau RAAP is in dit kader een inventariserend archeologisch onderzoek uitgevoerd. De onderzoeksrapportage13 is toegevoegd als de bijlage bij deze toelichting. De belangrijkste conclusies worden hieronder uiteengezet.

13 Winter, E.M., ‘Plangebied Kokstraat 37 te Eefde, gemeente Lochem; archeologisch

vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek)’. RAAP-Rapport 5175, Weesp, 21 mei 2021. Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

51

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

Figuur 19 - Archeologische verwachtingskaart op basis van het veldonderzoek (Bron: Archeologisch vooronderzoek, RAAP-Rapport 5175)

Resultaten inventariserend archeologisch onderzoek Op basis van het bureauonderzoek werden in het plangebied rivierduinafzettingen verwacht. Hoewel er direct onder de bouwvoor vindplaatsen met een datering vanaf het laat -paleolithicum tot en met de late middeleeuwen aanwezig kunnen zijn, bleek uit het bureauonderzoek dat er in de jaren 1860 en in de afgelopen decennia grondverzet in het plangebied heeft plaatsgevonden. Derhalve zal de gaafheid van dergelijke vindplaatsen matig zijn. Het veldonderzoek bevestigt deze verwachting: in het merendeel van het plangebied is een AC-profiel waargenomen waarbij de top van de natuurlijke ondergrond lijkt te zijn verdwenen. In het merendeel van het plangebied wordt derhalve geen (intacte) vindplaats verwacht. Enkel in het noordoosten van het plangebied, tussen het adres Schoolstraat 22 en de spoorlijn, is op 65 cm -mv een begraven bouwvoor met daaronder een BChorizont (80-90 cm -mv) waargenomen. Beide niveaus worden als archeologisch relevant beschouwd.

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

52

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

Op basis van de resultaten van dit onderzoek blijkt dat in overgrote deel van het plangebied geen archeologische resten bedreigd worden. Enkel in de noordoosthoek van het plangebied kunnen eventuele archeologische resten aanwezig zijn vanaf een diepte van 35 cm -mv (bufferzone van 30 cm boven het archeologisch relevante niveau; geel gearceerd in bijgaande figuur 21). Op de locatie waar een middelhoge verwachting ligt, worden mogelijk enkele bomen geplant en wordt bestrating gelegd. Gezien de geringe omvang van deze verwachtingszone (ca. 26 x 9,5 m) en de beperkte voorgenomen bodemingrepen op deze locatie, zal de kenniswinst van een eventueel gravend onderzoek niet in verhouding staan tot de minimale bodemingrepen die hier zijn gepland. Daarom wordt in het kader van de voorgenomen bodemingrepen geen vervolgstap uit het proces van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ) noodzakelijk geacht. De conclusies en aanbevelingen uit het archeologisch vooronderzoek worden bevestigd door de regio-archeoloog Stedendriehoek. Middels een selectiebesluit is het advies om het gehele onderzoeksgebied vrij te geven voor wat betreft archeologie dan ook onderschreven. Er hoeven in het bestemmingsplan geen archeologische dubbelbestemmingen (meer) te worden opgenomen en aan een toekomstige omgevingsvergunning hoeven geen archeologische eisen te worden verbonden.

Volledigheidshalve is het betreffende selectiebesluit14 als bijlage bij deze plantoelichting gevoegd. Mochten er onverhoopt toch nog archeologische resten worden aangetroffen of vermoed tijdens de geplande civiele werkzaamheden, dan geldt conform de Erfgoedwet de formele plicht deze resten te melden. Deze melding kan gemakshalve worden gedaan bij de regio-archeoloog Stedendriehoek. 4.10.3 Conclusie Er is geen bezwaar vanuit archeologie tegen het onderhavige bestemmingsplan. Volledigheidshalve wordt vermeld dat, mochten er onverhoopt toch nog archeologische resten worden aangetroffen of vermoed tijdens de geplande civiele werkzaamheden, conform de Erfgoedwet de formele plicht geldt deze resten te melden. 4.11

CULTUURHISTORIE

4.11.1 Algemeen Goede ruimtelijke ordening betekent dat er onder meer bij het opstellen van bestemmingsplannen, een integrale afweging plaatsvindt van alle belangen die effect hebben op de kwaliteit van de ruimte. Een van die belangen is de cultuurhistorie. Het bestemmingsplan is daarbij een belangrijk instrument om cultuurhistorische waarden in een gebied te beschermen. Door wijziging per 1 januari 2012 van het Besluit ruimtelijke ordening (art. 3.1.6) dienen cultuurhistorische waarden uitdrukkelijk te worden meegewogen bij het vaststellen van bestemmingsplannen.

14 Selectiebesluit Bureau- en verkennend booronderzoek Kokstraat 37 Eefde, 2 juni 2021.

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

53

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

Gemeentelijk beleid De cultuurhistorische waardenkaart van Lochem15 brengt de cultuurhistorische waarden integraal in beeld. Het sluit aan bij de steeds meer ruimtelijke benadering van de zorg voor het erfgoed, waarbij behalve naar objecten vooral ook naar de samenhang en de (historisch) ruimtelijke structuur wordt gekeken. In de cultuurhistorische waardenkaart is vooral aandacht besteed aan het zichtbare, landschappelijke en gebouwde erfgoed. De cultuurhistorische waardenkaart bestaat uit een tweetal kenmerkenkaarten (landschap en bouwkunst/stedenbouw), twee waarderingskaarten (landschap en bouwkunst/stedenbouw), zes themakaarten en een integrale ensemblekaart waarop de cultuurhistorische ‘toppers’ van Lochem zijn weergegeven. De waardering van het historisch cultuurhistorisch landschap is gebaseerd op een beoordeling op drie criteria: 1. de gaafheid van de huidige topografie ten opzichte van de situatie omstreeks 1850 c.q. de situatie ten tijde van de ontginning, dat wil zeggen type grondgebruik, verkaveling, percelering etc. 2. de gaafheid van de huidige verticale dimensie in het landschap (fysiognomie) ten opzichte van de situatie omstreeks 1850 c.q. de situatie ten tijde van de ontginning, dat wil zeggen de openheid of geslotenheid van het landschap (aan- of afwezigheid van opgaand groen), de aanwezigheid van bebouwing, etc. 3.

de aanwezigheid van bijzondere kenmerken, waardoor het gebied een hogere waardering moet krijgen dan het op basis van andere twee criteria krijgt. De historische bouwkunst en stedenbouw vormt eveneens een belangrijke basis voor het cultureel erfgoed. Onder de historisch-bouwkundige waarden en stedenbouw wordt in Lochem het beschermde en onbeschermde 'bovengrondse' gebouwde erfgoed verstaan: gebouwen (objecten, complexen en ensembles), stedenbouwkundige structuren, maar ook historisch straatmeubilair, grenspalen, herinneringsmonumenten, monumentale kunst in de openbare ruimte (dat wil zeggen: wandkunst, nagelvast verbonden met architectuur), etc. Tevens vallen beschermde stads- en dorpsgezichten, voor zover aanwezig, onder dit begrip, evenals andere bijzondere gezichten/ensembles, historische buitenplaatsen en overige gebieden. De geïnventariseerde objecten en complexen hebben gemeen, dat ze alle in meer of mindere mate een positieve cultuurhistorische en/of ruimtelijke waarde bezitten binnen de (steden)bouwkundige geschiedenis van de gemeente Lochem en de in deze gemeente aanwezige karakteristieke gebieden. De cultuurhistorische waardenkaart is geschikt om de basis te gaan vormen voor toekomstig cultuurhistorisch beleid, waaronder de planologische borging.

15 ‘… over de toppen der heuvels, langs den zoom van het bosch, door diepe holle wegen …’.

Een cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Lochem. RAAP-rapport 3307 / d.d. 15 oktober 2018 Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

54

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

Figuur 20 - Uitsnede cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Lochem, in relatie tot het plangebied (bron: Integrale ensemblekaart RAAP-rapport 3307)

4.11.2 Cultuurhistorie in relatie tot het plangebied Aan de hand van de cultuurhistorische waardenkaart van Lochem blijkt dat aan het voormalige bedrijfsperceel aan de Kokstraat 37 in de kern Eefde geen specifieke cultuurhistorische waardering is gegeven, danwel ‘waarde’ van toepassing is. Direct ten westen van het plangebied is vanuit het aspect stedenbouw de waardering ‘middenwaarde’ toegekend. Ook maakt het plangebied geen deel uit van een beschermd stads- en/of dorpsgezicht en zijn er ook geen monumenten of andere objecten met een belangrijke cultuurhistorische waarde aanwezig. Derhalve herbergt het plangebied geen specifieke cultuurhistorische waarden die bescherming vanuit het bestemmingsplan behoeven. 4.11.3 Conclusie Er zijn geen belemmeringen vanuit het aspect cultuurhistorie voor het plan. 4.12

VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING

4.12.1 Regelgeving De milieueffectrapportage (m.e.r.) is volgens de Wet milieubeheer verplicht bij de voorbereiding van plannen en besluiten van de overheid over initiatieven en activiteiten van publieke en private partijen die belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben. Welke activiteiten dat betreft is aangegeven in het Besluit m.e.r en de daarbij behorende bijlage. In de bijlage is onderscheid gemaakt tussen een: • C-lijst met m.e.r.-plichtige activiteiten en daarbij behorende drempelwaarden;

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

55

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

• D-lijst met m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteiten en de daarbij behorende drempelwaarden. Het doel van de m.e.r. is het milieubelang volwaardig mee te laten wegen bij de vaststelling van deze plannen en besluiten. Een belangrijk product van de m.e.r.procedure is het milieueffectrapport (MER). Bij sommige besluiten is niet meteen duidelijk of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. In deze grensgevallen moet eerst worden beoordeeld of sprake is van een m.e.r.plicht. Dit gebeurt door middel van een aparte procedure, de zogenoemde m.e.r.beoordeling. Deze m.e.r.-beoordeling is ook vereist voor activiteiten die onder de drempelwaarden van het Besluit m.e.r. liggen. In dat geval gelden er geen vormvoorschriften en is sprake van een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Bij de vormvrije m.e.r.-beoordeling moet er volgens bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling worden getoetst aan de 3 volgende hoofdcriteria: • de kenmerken van het project; • de plaats van het project; • de kenmerken van de potentiële effecten. 4.12.2 Beoordeling plan Het voorliggende bestemmingsplan heeft betrekking op de realisatie van 18 woningen. In het Besluit m.e.r.

is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject (onderdeel D11.2) mer-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op de volgende gevallen (indicatieve drempelwaarden): • een oppervlakte van 100 hectare of meer; • een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of • een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. Met voorliggend bestemmingsplan worden 18 nieuwe woningen voorzien. Hiermee valt deze ontwikkeling ruim onder de genoemde drempelwaarden. Omdat de ontwikkeling in onderdeel D van het Besluit m.e.r. voorkomt, dient wel te worden nagegaan of sprake kan zijn van belangrijke negatieve gevolgen voor het milieu die de uitvoering van een m.e.r. noodzakelijk maken. Daarom zijn alle mogelijke milieugevolgen van de beoogde ontwikkeling onderzocht en beschreven in een ‘Notitie Vormvrije m.e.r.-beoordeling16. Deze notitie is opgenomen als bijlage bij de toelichting. Hieruit blijkt dat het plan geen belangrijke negatieve gevolgen heeft voor het milieu. Op grond van deze notitie is voor het bestemmingsplan dan ook geen m.e.rprocedure noodzakelijk conform het Besluit m.e.r.. 4.12.3 Conclusie Het plan leidt niet tot bijzondere omstandigheden die het opstellen van een MER of m.e.r.-beoordeling noodzakelijk maken.

16

mRO b.v., ‘Vormvrije m.e.r. beoordeling Kokstraat 37 te Eefde’, nov. 2023

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

56

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

5

JURIDISCHE ASPECTEN

5.1

INLEIDING

5.1.1 Algemeen Dit hoofdstuk geeft inzicht hoe de nieuwe situatie is vertaald in juridisch bindende regels, met hieraan gekoppeld een verbeelding. De regels bevatten het juridische instrumentarium voor de gebruiksmogelijkheden en bouwmogelijkheden. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor de toepassing van deze regels evenals de functie van visualisering van de bestemmingen. De toelichting heeft geen juridisch bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de onderbouwing van het plan en soms voor de uitleg van bepaalde bestemmingen en regels. Het belangrijkste onderdeel van een bestemmingsplan is de bestemming. Aan alle in het plan begrepen gronden worden ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening bestemmingen toegewezen. Zo nodig worden aan deze bestemmingen regels gekoppeld omtrent het gebruik van de in het plan begrepen gronden en van de zich daarop bevindende opstallen. Naast de bestemmingen kunnen ook dubbelbestemmingen voorkomen. Deze overlappen de 'gewone' bestemmingen en geven eigen regels, waarbij er sprake is van een rangorde tussen de bestemmingen en de dubbelbestemmingen. Bij bestemmingen kunnen aanduidingen voorkomen met als doel bepaalde zaken nader of specifieker te regelen. Aanduidingen zijn terug te vinden op de (analoge) verbeelding en hebben een juridische betekenis in het bestemmingsplan.

Alle overige op de (analoge) verbeelding voorkomende zaken worden verklaringen genoemd. Verklaringen hebben geen juridische betekenis, maar zijn op de (analoge) verbeelding opgenomen om deze beter leesbaar te maken (bijvoorbeeld topografische ondergrond). Verklaringen worden in de digitale verbeelding niet uitgewisseld, waardoor die informatie de burger via de digitale weg niet zal bereiken. 5.1.2 Digitaliseringsvereisten Met de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) zijn ook digitaliseringsverplichtingen aan een bestemmingsplan gesteld. De regels en de verbeelding dienen daarom te zijn opgesteld volgens IMRO en SVBP, onderdeel van de zogenaamde RO Standaarden. IMRO staat voor Informatie Model Ruimtelijke Ordening en heeft betrekking op de inrichting van de ruimtelijke instrumenten van de Wro. Het is het informatiemodel voor het opstellen en het uitwisselen van visies, plannen, besluiten, verordeningen en algemene regels op alle bestuurlijke niveaus. Het model is geschikt voor uitwisseling van informatie tussen de organisaties op het gebied van de ruimtelijke ordening en aanverwante werkterreinen. SVBP staat voor Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen. Doel van deze standaard is het op vergelijkbare wijze inrichten, vormgeven en verbeelden van bestemmingsplannen en de daarbij behorende uitwerkings- en wijzigingsbesluiten.

Vanaf 1 juli 2013 zijn de RO Standaarden 2012 verplicht. Concreet betekent dit dat nieuwe bestemmingsplannen vanaf die datum volgens deze nieuwe standaard opgesteld en gepubliceerd moeten worden. Het voorliggende bestemmingsplan is overeenkomstig deze nieuwe vereisten opgesteld en is hiermee gereed om digitaal beschikbaar te stellen voor eenieder.

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

57

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

5.2

OPBOUW REGELS EN VERBEELDING

5.2.1 Regels De planregels zijn opgesteld volgens het SVBP2012 en voldoen tevens aan de eisen van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) die op 1 oktober 2010 in werking is getreden. Daarbij is een standaard hoofdstukindeling aangehouden die begint met Inleidende regels (begrippen en wijze van meten), vervolgens met de bestemmingsregels, de algemene regels (de regels die voor alle bestemmingen gelden) en de overgangs- en slotregels. Daarbij staan de verschillende bestemmingen op alfabetische volgorde. Ook de regels van een bestemming kennen een standaardopbouw en worden als volgt benoemd: • Bestemmingsomschrijving; • Bouwregels; • Nadere eisen; • Afwijking van de bouwregels; • Specifieke gebruiksregels; • Afwijking van de gebruiksregels; • Omgevingsvergunning voor de uitvoering van werken, geen bouwwerk zijnde en van werkzaamheden; • Wijzigingsbevoegdheid. Opgemerkt wordt dat een bestemmingsregel niet alle elementen bevat, dit verschilt per bestemming. Naast de SVBP2012 speelt ook de afstemming met het huidige en aangrenzende bestemmingsplan ‘Kern Eefde 2010’ een belangrijke rol. Vooral de opbouw en formulering van de regels is hierbij van belang.

5.2.2 Analoge verbeelding (plankaart) Uit de landelijke standaarden volgen diverse verplichtingen voor wat betreft de verbeelding, zoals de kleur van de ondergrond (grijs) en minimaal weer te geven aspecten op de ondergrond. Ook de diverse kleuren van de bestemmingen, alsmede de verhouding van de op de verbeelding voorkomende lijndiktes zijn verplicht voorgeschreven. Voor wat betreft de ondergrond van de verbeelding is gebruik gemaakt van de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT), aangevuld met de Basisregistratie Kadaster (BRK). 5.3

ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING

In deze paragraaf wordt daar waar dat noodzakelijk en nuttig wordt geacht een nadere toelichting gegeven op de artikelen van de regels. Sommige regelingen zijn daarom hierna niet opgenomen, deze worden geacht voor zich te spreken. Hoofdstuk 1: Inleidende regels Artikel 1 Begrippen De begrippen die in het bestemmingsplan gebruikt worden, zijn in dit artikel gedefinieerd. Dit wordt gedaan om interpretatieverschillen te voorkomen. Artikel 2 Wijze van meten Dit artikel maakt duidelijk hoe de lengte, breedte, hoogte, diepte en oppervlakte en dergelijke van gronden en bouwwerken worden gemeten of berekend. Alle begrippen waarin maten en waarden voorkomen worden in dit artikel verklaard.

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

58

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels Artikel 3 Groen De bestemming ‘Groen’ ligt vooral aan de randen van het plangebied. Deze gronden dienen voor onder andere plantsoenen, groenvoorzieningen (waaronder begrepen fiets- en voetpaden) en speelvoorzieningen. Gebouwen zijn niet toegestaan. Parkeren is ook niet toegestaan, noch het aanleggen van (ontsluitings)wegen voor gemotoriseerd verkeer. Wel is in het noordoostelijk deel van het plangebied, dat aansluit op de Schoolstraat, een calamiteitenontsluiting voorzien. Middels de aanduiding ‘specifieke vorm van verkeer – calamiteitenontsluiting’ is dit ook specifiek op de verbeelding aangegeven. Het is echter niet toegestaan dat autoverkeer deze aansluiting als toegangsweg naar de nieuwe woonpercelen gaat gebruiken. In de bijbehorende regels (artikel 3.3) is dit ook als zodanig als ‘strijdig gebruik’ benoemd. Artikel 4 Tuin De bestemming ‘Tuin’ is gebruikt voor de gronden die voor de voorgevels van de te bouwen woningen zijn gesitueerd. Op deze gronden zijn tuinen en perceelsontsluitingen toegestaan. De bestemming ‘Tuin’ waarborgt dat de gronden zoveel mogelijk vrij blijven van bebouwing en een groene uitstraling zullen krijgen. Gebouwen zijn niet toegestaan. Wel toegestaan zijn andere bouwwerken met een bouwhoogte van maximaal 1 meter. Ook zijn onder voorwaarden erkers toegestaan.

De specifieke bepalingen hiervoor zijn opgenomen in de ‘Algemene afwijkingsregels’ (artikel 10). Artikel 5 Verkeer - Verblijf De voor 'Verkeer – Verblijf’ aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen, straten en paden met hoofdzakelijk een verblijfsfunctie, voet- en rijwielpaden, parkeervoorzieningen, bermen en beplanting (waaronder begrepen water en waterberging), bijbehorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde, water en voorzieningen voor de waterhuishouding. Artikel 6 Wonen De bestemming ‘Wonen’ is toegekend aan de toekomstige woonpercelen in het plangebied, waaronder ook tuinen en bijbehorende erven worden verstaan. Overigens hebben de voortuinen een afzonderlijke bestemming ‘Tuin’ gekregen (zie de toelichting op artikel 4). Op de voor ‘Wonen’ aangewezen gronden mogen uitsluitend grondgebonden woningen (vrijstaande woningen, twee-onder-een-kappers en rijwoningen) worden gebouwd. Ter plaatse van de aanduiding ‘aaneengebouwd’ zijn echter uitsluitend meer aaneengebouwde woningen (rijwoningen) toegestaan. Tevens is op de verbeelding een bouwvlak opgenomen, waarbinnen het hoofdgebouw van de woningen moet worden gebouwd. Daarbij is ook het maximum aantal woningen per bouwvlak aangeduid en is tevens de maximum toegestane goot- en bouwhoogte aangegeven. Het bouwvlak mag volledig worden bebouwd met gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

Buiten het bouwvlak is nog maximaal 75 m² aan gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde toegestaan. De goot- en bouwhoogte van deze gebouwen mogen niet meer bedragen dan respectievelijk 3 en 5 meter. Daarbij geldt dat indien een gebouw (buiten het bouwvlak) op een afstand van 2 meter of minder van de zijdelingse en achtergrenzen van het bouwperceel wordt gebouwd, de bouwhoogte maximaal 3 meter mag bedragen. En om te voorkomen dat de straatwand bij vrijstaande woningen helemaal dicht slibt door gebouwen naast de woningen, is in de regels bepaald dat de gebouwen

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

59

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

buiten het bouwvlak ten minste 3 meter achter de grens met de voortuin moeten worden gebouwd. Bij de woonfunctie worden beperkte mogelijkheden geboden voor de beroepsuitoefening of kleinschalige bedrijfsactiviteiten aan huis. Tegelijkertijd geniet het rustige woon- en leefklimaat echter bescherming. Vandaar dat de beroeps- en bedrijfsactiviteiten aan huis, aan strenge regels zijn gebonden. De omvang van deze nevenfunctie is beperkt tot 30% van de vloeroppervlakte van de gebouwen tot een maximum van 100 m² voor beroepen aan huis en 50 m² voor kleinschalige bedrijvigheid aan huis. Tevens is in de regels bepaald dat de beroepsof bedrijfsactiviteit alleen mag worden uitgeoefend door degene die in de betreffende woning zijn hoofdverblijf heeft. Hoofdstuk 3: Algemene regels Artikel 7 Anti-dubbeltelregel In het Besluit ruimtelijke ordening is hiervoor een standaard bepaling opgenomen. Het besluit verplicht om deze bepaling in het bestemmingsplan op te nemen. Artikel 8 Algemene bouwregels In dit bestemmingsplan zijn deels gestandaardiseerde bouwregels opgenomen. Er kunnen echter overschrijdingen voorkomen, waarvoor in het verleden vergunningen zijn verleend. Deze vergunde overschrijdingen zijn hier positief bestemd. Tevens zijn in dit artikel regels opgenomen voor bijzondere kapvormen van gebouwen.

Artikel 9 Algemene gebruiksregels In deze regel is aangegeven welk gebruik in ieder geval als strijdig met dit bestemmingsplan moet worden aangemerkt en daarmee valt onder het algemene gebruiksverbod in artikel 2.1, lid 1, sub c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Volgens deze bepaling in de Wabo is het verboden om gronden en opstallen te gebruiken in strijd met het bestemmingsplan Artikel 10 Algemene afwijkingsregels In de algemene afwijkingsregels is onder meer een mogelijkheid opgenomen om met maximaal 10% af te wijken van de voorgeschreven maatvoering. Dit is met name bedoeld om tegemoet te kunnen komen aan tussentijdse wijzigingen van het Bouwbesluit, zodat hiervoor het bestemmingsplan niet hoeft te worden herzien. Ook zijn onder voorwaarden erkers bij woningen in de bestemming ‘Tuin’ mogelijk. Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels Artikel 11 Overige regels Parkeernormen Door de inwerkingtreding van de 'Reparatiewet BZK 2014' (Staatsblad 2014, 458) per 29 november 2014 is de bouwverordening voor het bestemmingsplan niet meer van toepassing. Regelingen met betrekking tot parkeren dienen daarom in het bestemmingsplan te worden opgenomen. Het voorzien in de juiste en voldoende parkeervoorzieningen is een voorwaardelijke verplichting. Er wordt getoetst op het moment dat een omgevingsvergunning voor het bouwen of voor een gebruiksactiviteit wordt aangevraagd.

Ook daarna moet worden voorzien in de juiste instandhouding van de voorzieningen. De voorwaardelijke verplichting houdt in dat er met bestuursrechtelijke handhavingsmiddelen kan worden optreden als blijkt dat niet aan de verplichting wordt voldaan.

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

60

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

De regeling bevat een verwijzing naar de ‘Nota Parkeernormen’ van de gemeente Lochem, en is inhoudelijk afgestemd op het bestemmingsplan ‘Parapluplan Parkeren’ zoals dat op 8 november 2021 door de gemeenteraad is vastgesteld. In het parkeerbeleid worden vier gebiedstypen onderscheiden (centrum, regulier gebied, kwetsbaar gebied, buitengebied) waarvoor verschillende parkeernormen gelden. Tevens is een regeling opgenomen dat, indien de bestemming of het gebruik daartoe aanleiding geeft, moet worden voorzien in voldoende ruimte voor laden of lossen op eigen terrein. Waterberging Als tweede lid in artikel 11 is de voorwaardelijke verplichting voor de minimale waterberging opgenomen. Hierin is verwezen naar een bijlage 2 bij de regels van het bestemmingsplan, waarin de minamaal te realiseren waterberging is opgenomen. Het gebruik van gronden en gebouwen conform de bestemming is pas toegestaan, indien deze waterberging is gerealiseerd en in stand wordt gehouden. Deze waterberging is, conform het waterhuishoudkundig plan, gekoppeld aan de uit te geven percelen én het openbaar gebied. Daarmee wordt afgedwongen dat afzonderlijke rechtspersonen de verplichting op eigen terrein dienen ten voorzien en niet op ander perceel of eigendom kunnen afwikkelen.

Voor beide thema’s (parkeren en waterberging) geldt dat er met bestuursrechtelijke handhavingsmiddelen kan worden optreden als blijkt dat niet aan de verplichting wordt voldaan. Artikel 12 Overgangsrecht Deze overgangsregels zijn overgenomen uit het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), en toegespitst op de Wabo. De grootste verandering ten opzichte van de tot voorheen gebruikelijke overgangsregels is dat de peildatum voor bouwen en gebruik, gelijk is getrokken. Ook voor het bouwen is nu de datum van inwerkingtreding van het bestemmingsplan beslissend. Dat was voorheen de datum van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan. De wetgever heeft met die gelijkschakeling beoogd eenduidigheid te scheppen. Bij het tenietgaan van bouwwerken die onder het overgangsrecht vallen bestaat de mogelijkheid om terug te bouwen. Onder een calamiteit wordt hier verstaan: een verwoesting door een onvermijdelijk, eenmalig, buiten schuld van de indiener van de bouwaanvraag veroorzaakt onheil. Artikel 13 Slotregel Hier is bepaald hoe de regels van dit bestemmingsplan aangehaald kunnen worden.

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

61

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

6

UITVOERBAARHEID

6.1

ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID

Tegelijkertijd met de vaststelling van een bestemmingsplan moeten exploitatieplannen (ex. art. 6.12 Wro) worden vastgesteld. Op basis van het exploitatieplan kunnen (plan)kosten worden verhaald. Een exploitatieplan hoeft niet opgesteld te worden bij een bestemmingsplan met enkel conserverende bestemmingen of wijzigingsbevoegdheden. Een exploitatieplan hoeft ook niet opgesteld te worden als het kostenverhaal ‘anderszins verzekerd’ is, door middel van bijvoorbeeld anterieure overeenkomsten of als de gemeente eigenaar is van de gronden. Eveneens hoeft geen exploitatieplan te worden opgesteld als: • er geen sprake is van een bouwplan als bedoeld in artikel 6.12, lid 1 van de Wro; • het totaal der exploitatiebijdragen dat met toepassing van artikel 6.19 van de Wro kan worden verhaald, minder bedraagt dan € 10.000,-; • er geen verhaalbare kosten zijn als bedoeld in artikel 6.2.4, onderdelen b tot en met f, van het Bro; • de verhaalbare kosten, bedoeld in artikel 6.2.4, onderdelen b tot en met f, van het Bro, uitsluitend de aansluiting van een bouwperceel op de openbare ruimte of de aansluiting op nutsvoorzieningen betreffen. Met het voorliggende bestemmingsplan wordt de bouw van 18 woningen planologisch mogelijk gemaakt. Deze voorgenomen ontwikkeling betreft een particulier initiatief.

De financiering van de bestemmingsplanherziening, alsmede alle kosten die verbonden zijn aan de uitvoering van het bestemmingsplan, komen dan ook voor rekening van initiatiefnemer. Hierdoor zijn er geen kosten voor de gemeente aan de ontwikkeling verbonden. De gemeente zal met de initiatiefnemer een overeenkomst afsluiten inzake het kostenverhaal en eventuele planschade. Het kostenverhaal is daardoor anderszins verzekerd, waardoor het vaststellen van een exploitatieplan niet nodig is. Geconcludeerd kan worden dat het vaststellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk is en het bestemmingsplan economisch uitvoerbaar is. 6.2

MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID

6.2.1 Principebesluit Door de initiatiefnemer is een verzoek bij de gemeente neergelegd voor het planvoornemen voor de woningbouwontwikkeling inclusief starterswoningen en levensloopbestendige woningen. In deze periode is ook een advies gevraagd aan de stadsbouwmeester, als onderdeel van de gemeentelijke welstandscommissie, over het stedenbouwkundig plan. Dat advies was negatief. Op enkele onderdelen is het plan aangepast naar aanleiding van het advies. Omdat er op dat moment veel vraag was naar deze woning categorieën is op volkshuisvestelijke gronden besloten medewerking aan te verlenen aan het plan en een positief principebesluit te nemen. Daarna is in de gemeenteraad een motie ingebracht om dit positieve principebesluit terug te draaien, onder meer in verband met weerstand in de omgeving tegen het

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

62

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

planvoornemen. In de raad was echter geen meerderheid voor deze motie en is daarom niet aangenomen. 6.2.2 Participatie In het kader van participatie is door de ontwikkelaar op verschillende momenten informatie over de woningbouw verspreid. In november 2021 zijn voor omwonenden een tweetal inloopavonden georganiseerd waar vragen en opmerkingen naar voren zijn gebracht. Er blijkt veel weerstand tegen het plan in de omgeving waarbij onder meer het aantal woningen, de verwachte verkeersbewegingen en de gevolgen voor waterhuishouding genoemd zijn. In voorliggend bestemmingsplan zijn deze aspecten onderzocht en getoetst aan de wettelijke geldende voorschriften én aan aspecten van goede ruimtelijke ordening. Daarmee is getracht om zo veel mogelijk tegemoet te komen aan de zorgen uit de omgeving. 6.2.3 Vooroverleg In het kader van artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is vooroverleg gevoerd over het (concept)ontwerpbestemmingsplan met de gebruikelijke overlegpartners in het kader van de ruimtelijke ordening, waaronder het Waterschap Rijn en IJssel. Voor zover van toepassing zijn wijzigingen als gevolg van dit vooroverleg, verwerkt in het bestemmingsplan. 6.2.4 Zienswijzen ontwerpbestemmingsplan De formele bestemmingsplanprocedure start met de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan.

Volgens artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening is op de voorbereiding van een bestemmingsplan het bepaalde in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Dit betekent dat het college van burgemeester en wethouders het ontwerp van het te nemen besluit, met de daarop betrekking hebbende stukken, voor een periode van 6 weken ter inzage dient te leggen. Gedurende deze periode kan eenieder zienswijzen naar voren brengen. In dit kader heeft het ontwerpbestemmingsplan ‘Kokstraat 37 Eefde’ met ingang van 28 december 2023 tot en met 7 februari 2024 ter inzage gelegen. Binnen deze periode zijn in totaal 15 zienswijzen ingediend. De ingekomen zienswijzen zijn samengevat en voorzien van een gemeentelijke reactie in een aparte ‘Nota van zienswijzen’17, welke als bijlage 14 bij de toelichting is opgenomen. Tevens zijn twee ambtshalve wijzigingen benoemd. Voor de inhoud van en de reactie op de verschillende zienswijzen wordt verwezen naar deze nota.

17 Nota van Zienswijzen Kokstraat 37 Eefde, gemeente Lochem, okt. 2025

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

63

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

BIJLAGEN BIJ TOELICHTING

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

64

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

VERKEERSTUDIE WONINGBOUW KOKSTRAAT EEFDE

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

AKOESTISCH ONDERZOEK WEG- EN SPOORWEGLAWAAI

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

KWANTITATIEVE RISICOBEOORDELING (QRA) SPOOR

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

VERANTWOORDING GROEPSRISICO SPOORLIJN ZUTPHENDELDEN

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

ADVIES EXTERNE VEILIGHEID VEILIGHEIDSREGIO

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

VERKENNEND BODEM- EN ASBESTONDERZOEK

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

TRILLINGSONDERZOEK

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

WATERHUISHOUDKUNDIG PLAN KOKSTRAAT EEFDE

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

NOTITIE STIKSTOFDEPOSITIEONDERZOEK

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

ARCHEOLOGISCH VOORONDERZOEK

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

SELECTIEBESLUIT ARCHEOLOGIE

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

NOTITIE VORMVRIJE M.E.R BEOORDELING

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

NOTA VAN ZIENSWIJZEN

Gemeente Lochem Bestemmingsplan Kokstraat 37 Eefde mRO b.v. / TOE / 99.492 – v8.3 / okt. 2025

NL.IMRO.0262.eeKokstraat37Ee-BP41 Vast te stellen

mRO b.v. • Leeuwenveldseweg 16 H • 1382 LX • Weesp • 033 461 43 42 • info@mro.nl • www.mro.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16263846/2