Reglement van Orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Lochem 2025 - wijzigingen
Tekst van het document
REGLEMENT VAN ORDE VOOR DE POLITIEKE AVOND VERGADERINGEN VAN DE RAAD VAN DE GEMEENTE LOCHEM 20254 De raad van de gemeente Lochem;
gezienGezien het advies van het presidium;
gelet op de artikelen 16, 82 en 84 van de Gemeentewet;
gelet op Hoofdstuk Va. van de Gemeentewet;
besluit de volgende verordening vast te stellen:
Reglement van orde voor de Politieke Avond de vergaderingen van de raad van de gemeente Lochem 20254
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 De Politieke Avond en Raadsvergadering 1. De Politieke Avond is een openbare bijeenkomst van de gemeenteraad van Lochem. [2.] De Politieke Avond kan bestaan uit: een informerende tafel, een adviserende tafel, een beeldvormende tafel, een meningvormende tafel en, een open ronde tafelgesprek en de raadsvergadering. 2.[3.] Een informerende tafel is een bijeenkomst met als doel informeren. [4.] Een adviserende tafel is een bijeenkomst met als doel het adviseren van het college door de gemeenteraad over een onderwerp. 3.[5.] Een beeldvormende tafel is een bijeenkomst met als doel beeldvorming. 4.[6.] Een meningvormende tafel is een bijeenkomst met als doel meningvorming. 5.[7.] Een open ronde tafel gesprek is een bijeenkomst die ruimte biedt aan inwoners om in gesprek te gaan met raadsleden en fractievertegenwoordigers over een eigen gekozen onderwerp. [8.] In de Rraadsvergadering vindt wordt het debat gevoerd naar aanleiding van ingediende moties en amendementen en vindt er besluitvorming plaats. 1
Artikel 2 Raadscommissies Beeldvormende en meningvormende tafelgesprekken zijn (vergaderingen van) raadscommissies zoals bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet.
Artikel 3 Begripsbepalingen In dit reglement wordt verstaan onder: a.
amendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een ontwerpverordening of ontwerpbeslissing; b. subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een aanhangig amendement; c. initiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid voor een verordening of ander voorstel; d. motie: verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken; e. voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de vergadering; f. griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger; g. raadsvoorzitter: voorzitter van de raad of diens plaatsvervanger; [h.] voorzitter: voorzitter van een tafel of van het vragenhalfuur; h.[i.] fractievertegenwoordiger: een niet-raadslid dat namens één van de verkozen fracties deelneemt aan een tafelgesprek; i.[j.] het college: het college van burgemeester en wethouders; [k.] website: de website van de gemeente Lochem het raadsinformatiesysteem.
Artikel 4 Het voorzitterschap 1. 2.
3.
De raad wijst de voorzitters aan. De raadsvoorzitter en de voorzitters zijn belast met: [a.] het leiden van de raadsvergadering respectievelijk de tafelgesprekken of het vragenhalfuur; a.[b.] het handhaven van de orde van de vergadering; b.[c.] het doen naleven van dit reglement; c.[d.] hetgeen de Gemeentewet hen verder opdraagt. Het voorzitterschap van een voorzitter eindigt door: a. beëindiging van het lidmaatschap van de raad; b. ontslag op eigen verzoek; c. ontslag door de raad wanneer hij naar het oordeel van de raad door handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen.
Artikel 5 De griffier 1. 2. 3. 4.
De griffier is in elke vergadering van de raad, het presidium en de agendacommissie aanwezig. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een plaatsvervanger die door de raad is aangewezen. In elk tafelgesprek is de griffier of een medewerker van de griffie aanwezig. De griffier of medewerker van de griffie kan op uitnodiging van de raadsvoorzitter of voorzitter deelnemen aan beraadslagingen zoals bedoeld in dit reglement.
Artikel 6 Het presidium 1. 2. 3. 4. 5.
Er is een presidium dat bestaat uit de raadsvoorzitter en de fractievoorzitters. Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid (of fractievertegenwoordiger) aan dat hen bij afwezigheid in het presidium vervangt. Het presidium kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn vergaderingen. Elke fractievoorzitter of diens vervanger heeft één stem in het presidium. Het presidium doet aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie en het functioneren van de raad in het algemeen en de Politieke Avond en Raadsvergadering in het bijzonder. 2
6. 7.
Het presidium heeft taken en bevoegdheden die zijn opgenomen in de artikelen 12, 21, 22, 23 en 24 van dit reglement. De vergaderingen van het presidium zijn niet openbaar.
Artikel 7 De agendacommissie 1. 2.
Er is een agendacommissie die bestaat uit de raadsvoorzitter en de fractievoorzitters. Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid aan die hen bij afwezigheid in de agendacommissie vervangt. [3.] De taak van de agendacommissie is om de agenda van de reguliere Politieke Avond en Raadsvergadering voor te bereiden en vast te stellen, alsmede vergaderingen op grond van artikel 17 lid 2 van de Gemeentewet. 3. De agendacommissie besluit of raadsmemo’s worden geagendeerd. Een raadsmemo wordt geagendeerd aan een gesprekstafel als minimaal drie fracties dit onderwerp willen agenderen. 4. De agendacommissie doet tevens een voorstel tot afhandeling van de ingekomen stukken.
Hoofdstuk 2 Toelating van nieuwe leden, benoeming wethouders en fracties Artikel 8 Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging raadsleden 1.
Bij aanvang van een raadsperiode stelt de raad een commissie geloofsbrieven in, bestaande uit drie raadsleden. Ook worden er twee vervangers aangewezen die de leden van de commissie geloofsbrieven bij verhindering kunnen vervangen. 2. Deze onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad. Indien van toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. [3.] Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau gebeurt in de laatste rRaadsvergadering in oude samenstelling na de raadsverkiezingen. [4.] Na een raadsverkiezing roept de raadsvoorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste rRaadsvergadering in nieuwe samenstelling de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. [5.] In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de raadsvoorzitter een nieuw benoemd raadslid op voor de rRaadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.
Artikel 9 Benoeming wethouders [1.] Bij aanvang van een raadsperiode stelt de raad een commissie geloofsbrieven inDe in artikel 8, lid 1 genoemde commissie bereidt ook die raadsbesluiten inzake de benoeming van een wethouder voorbereidt, bestaande uit drie raadsleden. 1.[2.] Deze onderzoekt of de benoeming van de kandidaat-wethouder voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de Gemeentewet en vraagt van de kandidaat-wethouder een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens. 2.[3.] De commissie brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. 3.[4.] De burgemeester kan voor de aanvang van iedere ambtstermijn opdracht geven om de kandidaat-wethouders aan een risicoanalyse integriteit te onderwerpen. De burgemeester brengt over het eindresultaat daarvan verslag uit aan de raad.
Artikel 10 Fracties
3
1.
Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zittingsperiode als één fractie beschouwd. [2.] Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste rRaadsvergadering aan de raadsvoorzitter mee welke naam deze fractie in de raad zal voeren. 2.[3.] De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de raadsvoorzitter. 3.[4.] Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de raadsvoorzitter. [5.] Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G3, vierde lid, van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende rRaadsvergadering na naamswijziging.
Artikel 11 Fractievertegenwoordigers 1. 2. 3.
Fractievertegenwoordigers behoren tot een fractie die in de raad vertegenwoordigd is. Fractievertegenwoordigers worden op voordracht van een fractie door de raad benoemd. De in artikel 8, lid 1 genoemde commissie bereidt ook raadsbesluiten inzake de aanwijzing van fractievertegenwoordigers voor. 4. Iedere fractie heeft recht op maximaal drie fractievertegenwoordigers. 5.[4.] De fractievertegenwoordiger legt bij de benoeming de eed of verklaring en belofte af in de raadsvergadering. 6. [5.] De gedragscode voor de leden van de raad is van overeenkomstige toepassing op de fractievertegenwoordigers. [6.] De artikelen 10, 11, 12, en 13, 14 en 15 van de Gemeentewet zijn op hen van toepassing. 7. De benoeming tot fractievertegenwoordiger eindigt: a. indien de raadsperiode afloopt; b. op eigen verzoek; c. bij benoeming als raadslid; d. op verzoek van de betreffende fractievoorzitter of diens vervanger; e. als de fractie op wiens voordracht de fractievertegenwoordiger benoemd is niet langer vertegenwoordigd is in de raad.
Hoofdstuk 3 Vergaderingen Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen, voorbereidingen, regels en verslaglegging Artikel 12 Vergaderfrequentie 1.
2.
De Politieke Avonden en Raadsvergaderingen vinden plaats conform het door het presidium vastgestelde schema. Zij vangen niet eerder aan dan 19.00 uur en worden gehouden in het gemeentehuis. De raadsvoorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen dan het presidium heeft besloten. Hij voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende situatie, overleg met het presidium.
Artikel 13 Oproep en agenda 1.
De raadsvoorzitter plaatst ten minste zeven dagen voor de Politieke Avond en de Raadsvergadering een schriftelijke oproep op de website, onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering. 4
2.
In spoedeisende gevallen kan de raadsvoorzitter na het plaatsen van een schriftelijke oproep en schriftelijke mededeling aan de raadsleden en fractievertegenwoordigers tot uiterlijk 48 uur voor aanvang van de Politieke Avond en Raadsvergadering een aanvullende agenda opstellen. Ook deze wordt met de daarbij behorende stukken op de website geplaatst. 3. Van het plaatsen van de aanvulling wordt mededeling gedaan aan raadsleden en fractievertegenwoordigers. 4. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 15 tweede lid van toepassing. [5.] De agenda wordt bij aanvang van een Rraadsvergadering door de raad vastgesteld. Op voorstel van een raadslid of de raadsvoorzitter kan de raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. 5.[6.] Op voorstel van een raadslid of de raadsvoorzitter kan de raad de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen. 6.[7.] Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de raadsvergadering voorbereid acht, kan hij het onderwerp verwijzen naar een tafelgesprek of aan het college nadere inlichtingen of advies vragen.
Artikel 14 Deelname aan de beraadslaging door anderen Onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet kan de raad besluiten anderen uit te nodigen en / of te laten deelnemen aan de Politieke Avond en de Raadsvergadering.
Artikel 15 Ter inzage leggen van stukken [1.] Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep geplaatst op de website van de gemeente. geplaatst. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 1.[2.] Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier.
Artikel 16 Openbare kennisgeving [1.] De Politieke Avond en Raadsvergadering wordt worden op de voor afkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze ter openbare kennis gebracht. 1.[2.] In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving uitsluitend langs elektronische weg plaatsvinden.
Artikel 17 Voorstellen van orde [1.] De (raads)voorzitter en ieder raadslid of fractievertegenwoordiger kan tijdens de Rraadsvergadering of een tafelgesprek mondeling een voorstel van orde doen betreffende de vergadering of het tafelgesprek. 1.[2.] Over een voorstel van orde beslist de raad of beslissen de deelnemers terstond.
Artikel 18 Handhaving orde en schorsing Voor zowel de tafelgesprekken als de rRaadsvergadering gelden de volgende regels: 1.
2.
Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: a. de (raads)voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit reglement te herinneren; b. een ander hem interrumpeert. De (raads)voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden. Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins 5
3.
de orde verstoort, wordt hij door de (raads)voorzitter tot de orde geroepen. Indien de desbetreffende spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de (raads)voorzitter hem gedurende het de vergadering of het gesprek waarin zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. De (raads)voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering of het gesprek voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord – de vergadering sluiten of het gesprek beëindigen.
Artikel 19 Verslaglegging van de beeldvormende en meningvormende tafelgesprekken [1.] De griffier draagt zorg voor de verslaglegging van de beeldvormende en meningvormende tafelgesprekken. 1.[2.] De griffier draagt na afloop van de tafelgesprekken zorg voor het plaatsen van de verslaglegging op de website.
Artikel 20 Verslaglegging van de Rraadsvergadering 1. 2. 3.
De griffier draagt zorg voor het bijhouden van een presentielijst, een verslag en een besluitenlijst van de Raadsvergadering. Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de Raadsvergadering op de website geplaatst. De griffier draagt na afloop van de Raadsvergadering zorg voor het plaatsen van de verslaglegging op de website.
Paragraaf 2 Orde van de beeldvormende en meningvormende tafelgesprekken Artikel 21 Deelnemers aan de tafelgesprekken en nadere regels [1.] Per Bij de tafelgesprekkenbeeldvormende of meningvormende tafel wijzen de fracties in principe één lid van de fractie als woordvoerder aan. 1.[2.] Het college heeft een permanente uitnodiging voor de tafels. Wanneer het onderwerp daarom vraagt, kan het college zich laten bijstaan door de ambtelijke organisatie. [3.] Geïnteresseerden kunnen meespreken over een onderwerp bij een beeldvormende tafel. Agendeert de Agendacommissie een onderwerp direct voor een meningvormende tafel dan kunnen geïnteresseerden ook meespreken. [4.] Meesprekers kunnen zowel op uitnodiging van de raad, als op eigen initiatief bij een beeldvormende tafel aanwezig zijnmeespreken. [5.] Bij een beeldvormende of meningvormende tafel nodigt de voorzitter de meesprekers uit aan tafel. Bij de bespreking van een onderwerp komen eerst de meesprekers aan het woord. In de verdere bespreking kunnen raadsleden en fractievertegenwoordigers of de voorzitter aanvullende informatie vragenvragen stellen aan de meesprekers. 2.[6.] Wanneer meesprekers hebben deelgenomen aan een beeldvormende tafel, kunnen zij in een volgende tafel over hetzelfde onderwerp niet nogmaals meespreken.
[7.] Het presidium en de agendacommissie kunnen nadere regels stellen over de beeldvormende en meningvormende tafelgesprekken.
Paragraaf 3 Orde van informerende tafels, adviserende tafels en open ronde tafelgesprekken Artikel 22 Informerende tafel
6
[1.] Aan een informerende tafel geeft het college de raad informatie over een onderwerp. [2.] Het college kan zich daarin laten bijstaan door één of meerdere ambtenaren of externen. [3.] Het presidium en de agendacommissie kunnen nadere regels stellen over de informerende tafels.
Artikel 23 Adviserende tafel [1.] Aan een adviserende tafel vraagt het college de raad om advies in aanloop naar een raadsvoorstel of met betrekking tot een onderwerp waar het college bevoegd is en de mening van de raad wil meenemen. [2.] Het presidium en de agendacommissie kunnen nadere regels stellen over de adviserende tafels.
Artikel 24 Open ronde tafelgesprekken [1.] Aan een open ronde tafel kunnen inwoners in gesprek gaan over onderwerpen die niet op de agenda staan of raadsleden en fractievertegenwoordigers op de hoogte stellen van initiatieven. [2.] Inwoners kunnen spreken namens zichzelf, een belangengroep, een organisatie of bedrijf. [3.] Het presidium en de agendacommissie kunnen nadere regels stellen over open ronde tafelgesprekken.
Paragraaf 34 Orde van de rRaadsvergadering Artikel 25 22 Presentielijst Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst, die aan het einde van elke Rraadsvergadering door de raadsvoorzitter en de griffier door ondertekening wordt vastgesteld.
Artikel 26 23 Ingekomen stukken 1. 2.
Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst die aan de raadsleden wordt toegezonden en ter inzage wordt gelegd. Na de vaststelling van het verslag stelt de raad op voorstel van de agendacommissie, of in geval van onverwijlde spoed de griffier, de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast.
Artikel 27 24 Aantal spreektermijnen [1.] Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist. 1.[2.] Spreektermijnen worden door de raadsvoorzitter afgesloten. [3.] Raadsleden voeren in een de eerste termijn niet meer dan eenmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel. [4.] Het derde lid is niet van toepassing op een raadslid datIn de tweede termijn voeren raadsleden het woord over een ingediende amendementen, een subamendementen of, een moties of een initiatiefvoorstel heeft ingediend ten aanzien van de beraadslaging daarover. 2.[5.] Bij de bepaling hoeveel keer een raadslid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
Artikel 28 25 Stemverklaring Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag kort toelichten.
Artikel 29 26 Beslissing 1.
De raadsvoorzitter sluit de beraadslaging als hij vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, tenzij de raad anders beslist. 7
2.
Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de raadsvoorzitter het voorstel voor de te nemen beslissing.
Paragraaf 45 Stemmingen Artikel 30 27 Algemene bepalingen over stemming 1.
De raadsvoorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de raadsvoorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen. [2.] Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen, kunnen de in de Rraadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of zich overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet van deelneming aan de stemming te hebben onthouden. 2.[3.] Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de raadsvoorzitter daarvan mededeling aan de raad. 3. Stemmingen vinden elektronisch plaats, mits de uitslag direct na het sluiten van de stemming voor iedereen zichtbaar wordt met de uitgebrachte stem per raadslid en het elektronisch stemsysteem naar het oordeel van de voorzitter ook verder goed en zonder onredelijk oponthoud functioneert. 4. Bij elektronische stemmingen geeft de voorzitter het moment aan waarop hij de stemming gaat sluiten. Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, dan kan hij mondeling op dat moment nog een verzoek tot herstel doen. Hierna sluit de voorzitter de stemming en wordt de uitslag getoond. 5. De uitslag van een stemming is definitief wanneer de voorzitter melding heeft gemaakt van het aantal stemmen voor en tegen. Hij doet daarbij ook mededeling van het genomen besluit. 6.
Wanneer elektronisch stemmen op grond van lid 5 niet mogelijk is, vindt mondelinge hoofdelijke stemming plaats. Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid en verloopt verder volgens de volgorde van de presentielijst. 7.[4.] Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezige raadsleden die zich niet ingevolge artikel 28 van de Gemeentewet van deelneming aan de stemming moeten onthouden, hun stem uit door zich 'voor' of 'tegen' te verklaren, zonder enige toevoeging. 8.[5.] Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen tot het volgende raadslid heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de raadsvoorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming. 9.[6.] De raadsvoorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee en doet daarbij mededeling van het genomen besluit.
Artikel 31 28 Stemming over amendementen en moties 1. 2. 3.
4.
Als op een aanhangig voorstel amendementen zijn ingediend, wordt eerst over die amendementen gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel. Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft. Als meerdere amendementen of subamendementen op eenzelfde gedeelte van een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd. Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de motie. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken.
Artikel 32 29 Stemming over personen 1.
Bij stemming over personen voor benoemingen of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen, fungeert te commissie geloofsbrieven als stembureau. 8
2.
3.
4.
Aanwezige raadsleden die zich niet ingevolge artikel 28 van de Gemeentewet van deelneming aan de stemming moeten onthouden, zijn verplicht een door het stembureau verstrekt stembriefje in te leveren. Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad op voorstel van het stembureau.
Artikel 33 30 Herstemming over personen 1. 2.
3.
Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming overgegaan. Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de volstrekte meerderheid is verkregen, heeft een derde stemming plaats tussen twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Zijn bij de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming zal plaatshebben. Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de stemmen staken, beslist terstond het lot.
Artikel 34 31 Beslissing door het lot 1. 2. 3.
Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen tussen wie de beslissing moet plaatshebben, door de raadsvoorzitter op afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes geschreven. Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal gedeponeerd en omgeschud. Vervolgens neemt de raadsvoorzitter een van de briefjes uit de stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt, is gekozen.
Hoofdstuk 4 Bevoegdheden en instrumenten raadsleden Artikel 35 32 Amendementen en subamendementen 1.
2. 3.
Raadsleden dienen amendementen en subamendementen schriftelijk in bij de raadsvoorzitter voor het sluiten van de beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben, tenzij de raadsvoorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. Er wordt alleen beraadslaagd over amendementen en subamendementen die ingediend zijn door raadsleden die de presentielijst getekend hebben. Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond.
Artikel 36 33 Moties 1. 2. 3.
4. 5.
Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de raadsvoorzitter, tenzij de raadsvoorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking heeft. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp (vreemd aan de orde van de dag) vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen zijn behandeld. Wanneer er meer dan één motie vreemd aan de orde van de dag wordt ingediend, bepaalt het moment van indiening de volgorde op de raadsagenda. De indiener licht de motie kort toe. In reactie op de toelichting van de indiener hanteert het college de volgende termen: De motie is wel of niet uitvoerbaar (met onderbouwing) 9
6. 7.
De motie wordt afgeraden (met onderbouwing) Er vindt altijd debat plaats door de raad over de motie. De indiener geeft na het debat aan of de motie wordt gehandhaafd dan wel wordt ingetrokken.
Artikel 37 34 Initiatiefvoorstel 1.
Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de raadsvoorzitter. Deze brengt een ingediend voorstel zo spoedig mogelijk ter kennis van het college en de raad. 2. Het college kan binnen twee weken nadat het ter kennis is gesteld van een voorstel schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen. [3.] Nadat het college schriftelijk wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht of kenbaar heeft gemaakt hiertoe niet te zullen overgaan, dan wel nadat de in het tweede lid gestelde termijn is verlopen, wordt het voorstel op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst. Als de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is, wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende Rraadsvergadering geplaatst. 3.[4.] De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld, tenzij de raad oordeelt dat het voorstel samen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp gecombineerd kan worden óf het voorstel eerst dient te worden behandeld in een tafelgesprek.
Artikel 38 35 Raadsvoorstel [1.] Een raadsvoorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de voorlopige agenda van de Rraadsvergadering, wordt niet ingetrokken zonder toestemming van de raad. 1.[2.] Als de raad van oordeel is dat het nodig is een voorstel als bedoeld in het eerste lid voor advies terug te zenden aan het college, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw geagendeerd wordt.
Artikel 39 36 Interpellatie 1.
2.
3.
4. 5. 6.
Het verzoek tot het houden van een interpellatie wordt, behoudens in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen, ten minste 48 uur voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij de voorzitter ingediend. Het verzoek bevat een duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover inlichtingen worden verlangd alsmede de te stellen vragen. De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college. Bij de vaststelling van de agenda van de eerstvolgende vergadering na indiening van het verzoek wordt het verzoek in stemming gebracht. Na het stellen van de vragen krijgt het collegelid tot wie de vragen zich richt gelegenheid tot antwoord. Indien de vragen zich tot meerdere collegeleden richten, krijgen deze daaropvolgend gelegenheid tot antwoord. Na de beantwoording door het college vindt behandeling van het onderwerp op de gebruikelijke wijze als bedoeld in artikel 27 van dit Reglement van Orde plaats. De interpellant krijgt de gelegenheid tot het afleggen van een slotverklaring. Bij een slotverklaring wordt interpellant niet geïnterrumpeerd. Ook vindt er geen debat plaats.
Artikel 40 37 Schriftelijke vragen 1.
Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier, waarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. 2. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. [3.] Schriftelijke beantwoording gebeurt zo spoedig mogelijk, in ieder geval binnen 30 kalenderdagen nadat de vragen zijn ingediend. Mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende Rraadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen deze termijnen kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in 10
kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord. 3.[4.] Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door de griffier aan de raadsleden toegezonden. [5.] De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende Rraadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde rRaadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
Artikel 41 38 Inlichtingen 1.
2. 3. 4.
Indien een lid van de raad over een onderwerp inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169 lid 3 en 180 lid 3 van de Gemeentewet verlangt, wordt een verzoek daartoe, door tussenkomst van de griffier schriftelijk ingediend bij het college of de burgemeester. De griffier draagt er zorg voor dat de overige raadsleden een afschrift van dit verzoek krijgen. De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de eerstvolgende of in de daarop volgende vergadering gegeven. De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven.
Artikel 3942 Vragenkwartierhalfuur [1.] Op de Politiek AvondIn de Raadsvergadering om 19.00 uur is er een vragenkwartierhalfuur, tenzij bij de raadsvoorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan de agendacommissie bepalen dat het vragenhalfuur op een ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het vragenkwartierhalfuur eindigt. [2.] Raadsleden of fractievertegenwoordigers die tijdens het vragenkwartierhalfuur vragen willen stellen, melden dit deze vragen onder aanduiding van het onderwerp uiterlijk op de dag van de Politieke Avondraadsvergadering om vóór 911.00 uur bij de griffier. Hiervoor geldt dat: het onderwerp actueel is; het onderwerp politiek relevant is; het onderwerp het afgelopen half jaar niet op een andere wijze al is geagendeerd het antwoord meteen kan worden gegeven; de vragensteller maximaal drie vragen kan stellen. [3.] De raadsvoorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het vragenkwartieruur aan de orde worden gesteld alsmede de spreektijd voor de vragensteller, de overige raadsleden dan wel fractievertegenwoordigers, het college en de burgemeester. 1.[4.] Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om maximaal drie vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven.
Na de beantwoording daarvan krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen. [5.] De raadsvoorzitter kan aan andere raadsleden of fractievertegenwoordigers het woord verlenen om aan de vragensteller, het college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp. [6.] Tijdens het vragenkwartierhalfuur worden geen moties ingediend en geen interrupties toegelaten.
Hoofdstuk 5 Besloten raadsvergaderingen Artikel 403 AlgemeenToepassing reglement op besloten vergaderingen Op besloten Rraadsvergaderingen is dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering.
Artikel 44 41 Verslag besloten vergadering
11
[1.] Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar zijn uitsluitend voor raadsleden en fractievertegenwoordigers te raadplegen in het raadsinformatiesysteem. [2.] Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten Rraadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet opheffen van de geheimhouding op het vastgestelde verslag en de besluitenlijst.
Artikel 45 42 Opheffing geheimhouding en delen geheime informatie met derden 1.
Als de raad op grond van artikel 89, vierde lid van de Gemeentewet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd. 2. De geheimhouding dient in acht te worden genomen door een ieder die bij de vergadering aanwezig is en door een ieder die op een andere wijze kennis heeft van de stukken. 3. Informatie waarop geheimhouding rust wordt alleen gedeeld met derden indien: a. De raad dit noodzakelijk acht voor het uitoefenen van zijn taken en hiertoe besluit; b. Het college dit noodzakelijk acht voor het dagelijks bestuur van de gemeente en hiertoe besluit. [4.] Indien het college op grond van het vierde lid besluit informatie waarop geheimhouding rust met derden te delen, informeert hij het de raad hierover.
Hoofdstuk 6 Toehoorders en pers Artikel 46 43 Toehoorders en pers [1.] Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare Rraadsvergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen. 1.[2.] Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.
Artikel 47 44 Geluid- en beeldregistraties 1.
Tijdens de Politieke Avond en Raadvergadering maakt de gemeente Lochem (livestream) geluid- en beeldregistraties. Deze worden op de website geplaatst. [2.] Anderen die tijdens een openbare Rraadsvergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de (raads)voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.
Hoofdstuk 7 Slotbepalingen Artikel 48 45 Uitleg reglement In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van het reglement, beslissen deelnemers aan het gesprek respectievelijk de raad op voorstel van de voorzitter dan wel raadsvoorzitter.
Artikel 49 46 Inwerkingtreding en citeertitel [1.] Dit reglement treedt een dag na bekendmaking in werking. Het reglement kan vanaf dat moment worden aangehaald als Reglement van Orde voor de Politieke Avond van devergaderingen van de raad van de gemeente Lochem 20245.
12
[2.] Op dat tijdstip vervalt het Reglement van Orde voor de vergadering van de gemeenteraad 20241, vastgesteld bij raadsbesluit van 17 xx januari december 20222025.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 29 januari 2024XX,
Griffier,
Voorzitter,
P.T.H. de Boer
F.T.J.M. Backhuijs
S.W. van ‘t Erve
13
Toelichting en verantwoording Reglement van orde voor de Politieke Avond vergaderingen van de raad van de gemeente Lochem 20254 Sinds november 2017 werkt dDe gemeenteraad van Lochem werkt sinds 2017 met een nieuw vergadermodel. In plaats van het organiseren van Ronde Tafel Gesprekken is overgestapt op een werkwijze waarineen vergadermodel dat gebaseerd is op het BOB-model (beeldvorming, oordeelsvorming, besluitvorming). Hierbij is het uitgangspunt dat eerst de benodigde informatie over een onderwerp wordt verzameld. Vervolgens worden de meningen hierover gedeeld en besproken. Dit om uiteindelijk tot besluitvorming te komen. In de gemeente Lochem vindt de voorbereiding op de besluitvorming door de raad plaatsvindt plaats tijdens informerende, adviserende, beeldvormende- en meningvormende tafelgesprekken. Samen met de raadsvergadering, informerende en adviserende tafels vormen zijZij vormen samen de Politieke Avond in Lochem. Besluitvorming vindt plaats tijdens de raadsvergadering. In 2024 is het vergadermodel geëvalueerd en in 2025 is het vergadermodel aangepast. Een belangrijke aanpassing is dat de Politieke Avond en de raadsvergadering niet meer op dezelfde avond plaatsvinden. Om de twee weken vindt er een Politieke Avond of een raadsvergadering plaats.
Het bestaande “Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad” en de “Verordening op de voorbereiding van raadsvergaderingen” zijn vervangen door een compleet nieuw reglement voor de hele avond. Daartoe is rijkelijk geput uit het meest recenteBij het opstellen van het Reglement van orde is gebruik gemaakt van het modelreglement van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) inclusief toelichting en updates. Het oude reglement van orde (2010) en de verordening op de commissies (2008) werd ingezien en zo nodig nog als input gebruikt. De uitgangspunten voor de Politieke Avond zijn een belangrijke informatiebron, zowel in theorie (relevante stukken) als in praktijk (feitelijke gang van zaken). De reglementen van de gemeenten Wageningen en Overbetuwe zorgden voor aanvullende inspiratie. Op de conceptversie werd door meerdere inhoudelijk betrokkenen meegelezen en feedback geleverd. Op verzoek van het presidium is het gebruik van raadsinstrumenten geëvalueerd. Dit heeft geresulteerd in een zestal adviezen. Het presidium heeft deze adviezen op 19 april 2021 besproken. Dit heeft geleid tekstuele aanpassingen van de artikelen 21 (Deelnemers aan de tafelgesprekken), artikel 36 (Moties), artikel 39 (Interpellatie) en artikel 42 (Vragenhalfuur). Daarnaast is de Gedragscode voor raadsleden en fractievertegenwoordigers geactualiseerd.
Naar aanleiding hiervan is artikel 11 (Fractievertegenwoordigers) tekstueel aangepast. Hieronder vindt u de artikelsgewijze toelichting. Artikel 1: in dit artikel vindt u de opbouw van de Politieke Avonden en de Raadsvergadering. Het model met tafelgesprekken en de raadsvergadering werd op 20 november 2017 geïntroduceerd. Ieder onderdeel heeft zijn eigen doelstelling en alle onderdelenDe verschillende tafels hebben hun eigen doelstelling en zijn (in principe) openbaar. Artikel 2: door dit artikel krijgen (vergaderingen van) de informerende, adviserende, beeldvormende en meningvormende tafelgesprekken dezelfde status als de raadscommissies zoals bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet. Raadscommissies bereiden besluitvorming in de raad voor eèn bieden gelegenheid met het college of de burgemeester te overleggen. Artikel 82 van de Gemeentewet geeft aan dat burgemeester en wethouders geen lid van deze commissies zijn en dat de samenstelling ervan een evenwichtige moet zijn (in relatie tot de in de raad vertegenwoordigende groeperingen). Via het laatste lid van artikel 82 wordt verwezen naar andere artikelen in de Gemeentewet. Daarmee worden twee belangrijke items geregeld: het vergaderen in beslotenheid en de niet vervolgbaarheid van de deelnemers aan de gesprekken (met betrekking tot hetgeen zij hebben gezegd of hetgeen zij schriftelijk hebben overgelegd).
Ook is door de verwijzing de aanwezigheid en deelname van burgemeester en wethouders aan de commissies geregeld.
14
Informerende tafels, adviserende tafels en open ronde tafelgesprekken zijn vanwege hun andersoortige karakter niet opgenomen in dit artikel. Artikel 3: in dit artikel worden de begrippen uit dit reglement van orde gedefinieerd. Er is gekozen is voor twee benamingen in het voorzitterschap. Om Dit om verwarring te voorkomen. De raadsvoorzitter is voorzitter van de raad (tevens burgemeester, op basis van artikel 9 van de Gemeentewet). De voorzitter zit de informerende, adviserende, beeldvormende en meningvormende tafel voor en het Vragenhalfuur. Voor wat betreft de begrippen amendement, subamendement, motie, initiatiefvoorstel en griffier is aangesloten bij de tekst uit het modelreglement VNG. Toegevoegd is de definitie van fractievertegenwoordiger, het college en de website. Artikel 4: zie ook onder de toelichting onder artikel 3. Artikel 5: is overgenomen uit het modelreglement van de VNG. Artikel 6: het presidium heeft voornamelijk een algemeen adviserende rol (aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie en het functioneren van de raad). naast haar algemene taken en verwijzingen naar artikelen in dit reglement waar het presidium met naam wordt genoemd regelt zij onder andereHet presidium regelt onder andere de procedures rondom de behandeling van de kadernota, begroting en jaarrekening, oftewel zij stelt de P&C-cyclus vast.
In het presidium heeft elke partij een stem die even zwaar weegt.Door dit hier te benoemen kon het voormalige hoofdstuk 5 (begroting en jaarrekening) vervallen. En wordt aangesloten bij het modelreglement. Artikel 7: de agendacommissie bereidt voor en stelt vast allede agenda’s van de reguliere vergaderingen van de Politieke Avond (zoals bedoeld in artikel 17 lid 1 van de Gemeentewet) voor en stelt deze vast. Ook stelt de agendacommissie de voorlopige agenda van de Raadsvergadering vast. De definitieve vaststelling van de agenda van de raad geschiedt bij de aanvang van de betreffende vergadering. Daarnaast geldt dit voor alle vergaderingen die de burgemeester als nodig beoordeelt, of een vergadering waartoe door ten minste een vijfde van het aantal raadsleden een schriftelijk verzoek is ingediend, met opgave van redenen (zoals aangegeven in artikel 17 lid 2 van de Gemeentewet). Een fractie die een memo op de agenda van de Politieke Avond wil zetten, doet een schriftelijk agenderingsverzoek aan de agendacommissie. Hierbij is ook van belang dat minimaal 3 fracties dit onderwerp willen agenderen. Dit stelt de agendacommissie in staat een betere afweging te maken om een verzoek wel of niet te honoreren en ook om te kunnen plannen op de langere termijn. De agendacommissie doet tevens ook een voorstel tot afhandeling van de ingekomen stukken.
Artikel 8: met de geloofsbrief geeft de voorzitter van het centraal stembureau aan de benoemde kennis van zijn benoeming (artikel V 1 van de Kieswet). Het onderzoek van de geloofsbrieven en de beslissing over de toelating moeten in een openbare vergadering gebeuren. Ingevolge artikel V 4 van de Kieswet beslist de raad over de toelating van zijn leden. iIn dit artikel is opgenomen dat er bij aanvang van een raadsperiode een commissie geloofsbrieven wordt ingesteld. Deze commissie onderzoekt de geloofsbrieven en brengt verslag uit. Deze commissie bestaat uit drie raadsleden die bij aanvang van een raadsperiode worden aangewezen. Daarnaast worden er twee plaatsvervangers aangewezen. . Het derde lid ziet op de specifieke taak die de raad heeft na de raadsverkiezingen. Na de gemeenteraadsverkiezingen heeft de commissie voor het geloofsbrievenonderzoek een extra taak, zij adviseert de raad ook over het verloop van de verkiezingen (of dit op wettige wijze is gebeurd) en het vaststellen van de uitslag (of deze juist is vastgesteld). Zij doet dit op basis van het proces-verbaal van het centraal stembureau. De raad dient op basis van dit advies een besluit te nemen over het verloop van de verkiezingen en de vaststelling van de uitslag.
Dit besluit is van belang omdat de raad de bevoegdheid heeft om te besluiten tot het hertellen van de stemmen en zelfs de bevoegdheid om te besluiten tot een herstemming, beide eventueel in een deel van de gemeente bij een aantal specifieke 15
stembureaus. Het proces-verbaal vormt de aanleiding tot een besluit tot hertelling of herstemming. Dit dient concrete aanwijzingen te bevatten waarop de raad een dergelijk besluit kan baseren. Na een raadsverkiezing kunnen de toegelaten raadsleden op de eerste vergadering van de raad in nieuwe samenstelling als bedoeld in artikel 18 van de wet de eed of verklaring en belofte afleggen. De voorzitter zal hen hiervoor oproepen (vierde lid). Bij tussentijdse vacaturevervulling kan de eed of verklaring en belofte aansluitend aan de beslissing van de raad over de toelating van het betrokken raadslid plaatsvinden (vijfde lid). De tekst van de eed of verklaring en belofte die een raadslid bij het aanvaarden van het raadslidmaatschap moet afleggen, is in artikel 14 van de wet vastgelegd. Artikel 9: geeft invulling aan een leemte in de wet. Uit de Kieswet vloeit het geloofsbrievenonderzoek van raadsleden voort. Aangezien de wethouder geen gekozen volksvertegenwoordiger is, is hierover niets in de Kieswet geregeld. De wet geeft wel aan welke formele eisen gesteld worden aan een wethouder maar niet op welk moment deze getoetst worden. de tekst in dit artikel is voor een groot deel overgenomen uit het modelreglement VNG. Ook hier is opgenomen dat de commissie geloofsbrieven het raadsbesluit inzake de benoeming van een wethouder voorbereid.
Artikel 9 geeft invulling aan een leemte in de Gemeentewet. Uit de Kieswet vloeit het geloofsbrievenonderzoek van raadsleden voort. Aangezien de wethouder geen gekozen volksvertegenwoordiger is, is hierover niets in de Kieswet geregeld. De wet geeft wel aan welke formele eisen gesteld worden aan een wethouder maar niet op welk moment deze getoetst worden. Het ligt voor de hand om voor het benoemen van wethouders ook een commissie voor het onderzoek naar de geloofsbrieven in te stellen (eerste lid). De formele eisen voor het wethouderschap zijn grotendeels vergelijkbaar met de vereisten voor het raadlidmaatschap (artikelen 36a, 36b, 41b en 41c van de wet). Voor wethouders is er de aanvullende verplichting om een verklaring omtrent het gedrag (hierna: VOG) te kunnen overleggen (artikel 36a, tweede lid, van de wet). De VOG kent een screeningsprofiel voor politieke ambtsdragers. Bij de benoeming van een wethouder vindt er een integriteitstoets plaats. Dit is met de komst van de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur (per 1 januari 2023) verplicht. Na het onderzoek, bedoeld in het tweede lid, brengt de commissie advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder (derde lid). De kandidaat-wethouders kunnen in opdracht van de burgemeester voor aanvang van iedere ambtstermijn aan een integriteitstoets worden onderworpen.
De burgemeester brengt over de uitkomsten daarvan verslag uit aan de raad. De uitkomsten van het onderzoek en het verslag zijn niet openbaar (vierde lid). De raad kan de risicoanalyse en de conclusies als een geheim document ontvangen. Hiervoor dient de burgemeester formeel geheimhouding op te leggen. Met de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur (artikel 87 van de wet) is de burgemeester hiertoe expliciet bevoegd gemaakt (vierde lid). Artikel 9 is ook van toepassing als er geen wethouder van buiten maar uit de raad wordt benoemd. De incompatibiliteiten en nevenfuncties dienen dan immers opnieuw beoordeeld te worden. Een raadslid dat benoemd wordt tot wethouder mag raadslid blijven totdat de geloofsbrieven van zijn opvolger zijn goedgekeurd (artikel 36b, tweede lid, van de Gemeentewet) Artikel 10: spreekt voor zichzelf. In lid 5 is toegevoegd een verwijzing naarde Kieswet en de Gemeentewet kennen het begrip fractie niet. In artikel 33, tweede lid, van de wet wordt wel uitgegaan van het bestaan van in de raad vertegenwoordigde groeperingen (recht op fractieondersteuning). Vanaf de aanvang van de eerste zitting van de nieuwe raad na de verkiezingen, worden de leden die op dezelfde lijst hebben gestaan als één fractie beschouwd. Is onder een lijstnummer slechts één lid verkozen, dan wordt dit lid als een afzonderlijke fractie beschouwd (eerste lid).
De fractie gebruikt in de vergadering van de raad de aanduiding die zij boven de kandidatenlijst had staan. Op deze wijze is de relatie tussen de fractie in de raad en de fractie op de kandidatenlijst voor de burger duidelijk. Het kan 16
echter voorkomen dat een fractie geen aanduiding boven de kandidatenlijst heeft staan. In een dergelijk geval deelt de fractie in de eerste vergadering de aanduiding mee (tweede lid). artikel G 3 van de Kieswet. Dit artikel beschrijft de vereisten voor (nieuwe) politieke groeperingen. In de loop van een zittingsperiode kan het voorkomen dat leden de raad verlaten. In een dergelijk geval vindt er een verandering in de samenstelling van de fractie plaats. Als dit het geval is, deelt de fractie dit aan de voorzitter mede (vierde lid). Het is ook mogelijk dat een raadslid zijn lidmaatschap niet opzegt maar uit een fractie stapt. Hij kan als zelfstandige fractie verdergaan of zich aansluiten bij een bestaande fractie. Ook andere wijzigingen zijn mogelijk, bijvoorbeeld een fusie van twee fracties. Een andere (tijdelijke) wisseling in een fractie kan het gevolg zijn van ziekte of zwangerschap van een raadslid. Voor deze gevallen is in de Kieswet een vervangingsregeling opgenomen. Uitgangspunt van ons kiesstelsel is dat volksvertegenwoordigers op persoonlijke titel worden verkozen en benoemd. Dit uitgangspunt is gebaseerd op artikel 27 van de wet en artikel 129 van de Grondwet, waarin is bepaald dat elk bindend mandaat van een lid van de raad nietig is. De volksvertegenwoordiger handelt naar eigen overtuiging en is bij stemmingen niet gebonden aan een lastgeving.
Geen andere persoon of instantie kan hem rechtens bindende instructies opleggen met betrekking tot zijn stemgedrag. Het is de individuele volksvertegenwoordiger die een mandaat van de kiezer heeft gekregen. De volksvertegenwoordiger heeft daardoor ook de mogelijkheid om tussentijds van fractie te veranderen of zelfstandig verder te gaan. Ook de Kieswet gaat niet uit van politieke partijen. Een zetel 'hoort' dan ook niet bij een partij, maar is verbonden aan de volksvertegenwoordiger die daardoor ook de mogelijkheid heeft om tussentijds van fractie te veranderen of zelfstandig verder te gaan. Ook kan een fractie besluiten om haar naam te veranderen. Dit staat de fractie vrij om te doen. Op grond van deze bepalingen heeft de raad geen zeggenschap over wijzigingen in de samenstelling, fusies en splitsingen van fracties en de naamvoering. De raad kan hier dus geen besluit over nemen. Een mededeling aan de voorzitter van de raad is voldoende. De raad is gehouden met ingang van de eerstvolgende vergadering nadat hiervan mededeling is gedaan rekening te houden met de nieuwe situatie. Dit betekent ook dat: -
-
kandidaten die van een kandidatenlijst deel uitmaken en binnen die lijst/partij een onderlinge schriftelijke (en soms notariële) afspraak maken, bijvoorbeeld dat men onder bepaalde voorwaarden zal afzien van aanvaarding van het raadslidmaatschap, zich dienen te realiseren dat dergelijke afspraken nietig zijn vanwege strijd met de wet en de Kieswet; personen die tussentijds van partij veranderen hun raadslidmaatschap niet verliezen; als men uit een partij stapt en als eigen partij verder gaat, de verlatende partij geen middelen heeft om het raadslid uit de raad te weren.
Fractieafsplitsing en het ontstaan van een nieuwe fractie kan diverse praktische gevolgen hebben. Te denken valt aan: fractievergoedingen en -faciliteiten, fractievoorzitterschap dan wel vertegenwoordiging in het presidium, zo nodig andere zitplaatsen in de raadszaal, bezetting in raadscommissies en eventueel de bezetting in raadscommissies door burgerraadsleden. Als moet worden voorzien in de vacature van een raadslid dat zich heeft afgesplitst, wordt teruggegrepen op de lijst waarop betrokkene oorspronkelijk was gekozen (artikel P 19 van de Kieswet). De naam van de fractie moet getoetst worden aan de afwijzingsgronden uit artikel G 3, vierde lid, van de Kieswet. Dit is een logische voorwaarde: deze toetsing vindt immers ook plaats wanneer een politieke groepering zich voor het eerst wil laten registreren. Op grond van artikel G 3, vierde lid, van de Kieswet wordt de naam van de nieuwe fractie onder meer geweigerd als deze in strijd is met de openbare orde of als deze overeenkomt met of erg lijkt op de naam van een politieke groepering die al geregistreerd is voor de Tweede Kamer- of Statenverkiezingen, én daardoor verwarring te duchten is. Voor het overige is de nieuwe fractie vrij in het kiezen van een naam. 17
Artikel 11: is nieuw in het reglement. Een vergelijkbare bepaling stond in de Verordening op de voorbereiding van raadsvergaderingen. Iin dit artikel zijn opgenomen alle rechten en plichten van de fractievertegenwoordigers opgenomen. De commissie geloofsbrieven bereid ook het raadsbesluit voor het aanwijzen van fractievertegenwoordigers voor. De punten spreken voor zichzelf. Een laatste update vanuit de VNG (wijzigingsbrief juni 2016) betreft de artikelen vanuit de Gemeentewet die van toepassing zijn op niet-raadsleden; het zijn de artikelen 10 tot en met 13. H3 / Paragraaf 1: in deze paragraaf zijn vijf artikelen over het tijdstip van vergaderen en de voorbereidingen beland: de artikelen 12 tot en met 16. Twee artikelen gaan over algemene regels tijdens de tafelgesprekken en de raadsvergadering: de artikelen 17 en 18. Twee artikelen over verslaglegging zijn aan deze paragraaf toegevoegd: de artikelen 19 en 20. De paragraaf als geheel kreeg een titel die de lading dekt. De artikelenArtikel 12: in dit artikel zijn de afspraken rondom de frequentie van de vergaderingen en de aanvangstijd van de vergaderingen opgenomen. Artikel 13: In artikel 19, eerste lid, van de wet is bepaald dat de burgemeester de leden van de raad schriftelijk uitnodigt voor de vergadering. De agendacommissie bepaalt hoe de voorlopige agenda er uit ziet.
Het eerste lid stelt verplicht dat de voorzitter een vastgesteld aantal dagen vóór een vergadering de leden een schriftelijke oproep, waarin de vergadering wordt aangekondigd, en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken stuurt. Uiteraard is het mogelijk, indien de raad dit wenst, de oproep en stukken per elektronische weg te versturen. De oproep vermeldt de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. In het eerste lid gaat het om een voorlopige agenda. In de dagelijkse praktijk van de gemeente zal het niet altijd mogelijk zijn om ruim voor de vergadering een agenda op te stellen, die ook zicht heeft op de actualiteiten. In een dergelijke situatie kan de voorzitter na het verzenden van de schriftelijke oproep zo nodig een aanvullende agenda en stukken rondsturen (tweede lid). Bij de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur is de mogelijkheid vervallen om individuele raadsleden te informeren. Als omtrent informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft deze informatie in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier. Raadsleden kunnen deze informatie inzien (derde lid juncto artikel 9, derde lid). Van geheimhouding wordt melding gemaakt op de stukken.
Indien de geheimhouding op informatie anders dan in schríftelijke vorm rust, moet de verplichting op een passende wijze kenbaar worden gemaakt (artikel 89, eerste lid, van de wet). Het vierde lid heeft tot doel om de raad een actievere rol te geven in de opstelling van de raadsagenda. Enerzijds kunnen individuele raadsleden via hun fractievoorzitter in het presidium onderwerpen voor de agenda voordragen. Anderzijds kunnen zij echter ook bij aanvang van de raadsvergadering een voorstel doen om onderwerpen aan de agenda toe te voegen of van de agenda af te voeren. Daarmee kan het individuele raadslid in ieder geval op twee momenten invloed uitoefenen op de vaststelling van de agenda. Indien er een voorstel wordt gedaan om de agenda aan te passen, bijvoorbeeld het doorschuiven van een agendapunt naar de volgende raadsvergadering, en de stemmen staken, is artikel 32, vierde lid, van de wet logischerwijs niet van toepassing en geldt artikel 32, vijfde lid, van de wet. Artikel 14: biedt de mogelijkheid 'anderen' uit te nodigen voor de raadsvergadering en de tafelgesprekken. Waaronder de gemeentesecretaris en van belang zijnde derden. Op grond van artikel 21 van de Gemeentewet en artikel 21 van dit reglement zijn reeds uitgenodigd voor alle onderdelen van de Politieke Avond de burgemeester en de wethouders.
Ook hun deelname aan de beraadslagingen is op grond van deze verwijzingen toegestaan. , 1Artikel 3, 15: Geïnteresseerden moeten de mogelijkheid hebben om stukken in te zien. Daarom worden alle stukken gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep ter inzage aangeboden (eerste lid). 18
Een stuk is een ‘document’ in de zin van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob). Een ‘document’ houdt in: een bij een bestuursorgaan berustend stuk of ander materiaal dat gegevens bevat. Onder documenten vallen niet alleen de door de overheidsorganen gecreëerde stukken of ander materiaal. Ook alle van buiten komende stukken en ander voor overheidsorganen bestemd materiaal zoals agenda’s, verslagen, (concept)adviezen, al dan niet in elektronische vorm, verkrijgen de status van ‘document’ in de zin van de Wob. Bij de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur is de reikwijdte van de Gemeentewet uitgebreid van ‘stukken’ naar ‘informatie’ (artikel 19, tweede lid, van de wet). Verder hoeft de raad de geheimhouding niet meer te bekrachtigen (artikel 89, vierde lid, van de wet). College, burgemeester en commissies mogen voortaan zelf geheimhouding opleggen (artikel 87 van de wet). Onder de ‘informatie’ als bedoeld in het tweede lid wordt verstaan: informatie van de raad en aan de raad verstrekte informatie, waaronder de zogeheten ‘achterliggende’ stukken waarvan in raadsvoorstellen melding wordt gemaakt (ambtelijke adviezen, toelichtende nota’s, etc.) waarop geheimhouding is gelegd.
Artikel en 16 Met dit artikel wordt invulling gegeven aan het voorschrift van artikel 19, tweede lid, van de wet.regelen de oproep voor de Politieke Avond (mede op grond van artikel 19 van de Gemeentewet), het vaststellen van de agenda, het plaatsen van stukken (inclusief die waarover geheimhouding is opgelegd) en de communicatie daarover. Artikel 14 biedt de mogelijkheid 'anderen' uit te nodigen voor de raadsvergadering en de tafelgesprekken. Waaronder de gemeentesecretaris (het oude artikel 4 van het reglement kon daarmee vervallen) en van belang zijnde derden. Op grond van artikel 21 van de Gemeentewet en artikel 21 van dit reglement zijn reeds uitgenodigd voor alle onderdelen van de Politieke Avond de burgemeester en de wethouders. Ook hun deelname aan de beraadslagingen is op grond van deze verwijzingen toegestaan.
De artikelen 25, derde en vierde lid, 55, tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de wet zijn vervangen door het nieuwe artikel 89, vierde lid, van de wet. Deze behandelt de geheimhouding van stukken voor (leden van) de raad, voor het college en voor de raadscommissies (in casu de beeldvormende en meningvormende tafelgesprekken) (inclusief fractievertegenwoordigers). Artikel 17: de voorzitter legt aan de raad ter beslissing voor of er inderdaad sprake is van een voorstel van orde. Over een voorstel van orde wordt direct, zonder beraadslaging, besloten door de raad. Bij staken van stemmen is het voorstel niet aangenomen (omdat het ordevoorstel betrekking heeft op de lopende vergadering is artikel 32, vierde lid, van de wet hierop logischerwijs niet van toepassing). Een voorstel van orde betreft bijvoorbeeld het schorsen van de vergadering voor een pauze. Indien het gaat om een niet geagendeerd voorstel, dient de procedure van een initiatiefvoorstel gevolgd te worden (artikel 30 van de wet). werd toegevoegd in deze paragraaf. Het verdween uit het oude hoofdstuk 4 (Rechten van leden) om zich hier op een logischer plek terug te vinden.