CConstaterende datLochem
Koppel je AI →
Document · PDF

RAAD Bijlage 1 Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem 2159133

Raadsvergadering 7 april 2025, gemeente LochemBij agendapunt: Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied14.239 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

b. Aanleg nieuwe bosen natuurgebieden

We bieden ruimte aan nieuwe natuurgebieden, bossen en houtgewassen conform de doelen uit het VLGG.

•

We volgen voor het aantal hectares de provinciale afspraken in de regio stedendriehoek.

a. Creëren van een samenhangend netwerk van groene en blauwe landschapselementen

Herstel van biodiversiteit en karakteristiek landschap in zowel natuurgebieden als het agrarisch gebied vraagt om versterken van een netwerk van groene en blauwe landschapselementen. We sluiten daarbij aan op Gelders Natuur Netwerk en Natura2000 gebieden, zodat deze met elkaar verbonden raken.

•

We geven prioriteit aan gebieden die volgens de “Basiskwaliteit landschap en biodiversiteit” extra aandacht verdienen. Focus kwaliteit en connectiviteit. We volgen voor de vaststelling van hectares landelijke en provinciale richtlijnen van minimaal 10% GBDA in 2050 waarvan 50% in 2030 en 100% in 2050.

(1) Waar precies? Specificeren per landschapstype? (2) Om hoeveel ha nieuwe natuur / bossen gaat het? (1) Prioritering voor te realiseren verbindingen conform Omgevingsvisie. (2) Waar gaan we GBDA doorvoeren? Welke natuurgebieden en landgoederen moeten worden verbonden? (3) Hoe kunnen we gemeentelijke groenstructuren langs wegen (beter) benutten? (4) Hoe kunnen we aansluiten op groengebieden in kernen? (5) Welke maatregelen om dit te realiseren?

a. Behouden en versterken karakteristieke kenmerken landschapstypen en structuren

We behouden en versterken de identiteit van de verschillende historische landschapstypen en structuren en het onderscheid tussen de verschillende landschapstypen.

•

b. Waarborgen ruimtelijke kwaliteit van gebieden onder druk

We versterken en/of ontwikkelen robuuste samenhangende landschapsstructuren om ruimtelijke ontwikkelingen op te vangen

•

We geven prioriteit aan gebieden die volgens "basiskwaliteit landschap en biodiversiteit" extra aandacht verdienen.

We zetten in op behoud van het netwerk aan onverharde en half verharde (zand)wegen.

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

(1) Welke maatregelen om dit te doen? (2) In welke gebieden inzet op versterking nodig, en hoeveel ha?

(1) Welke maatregelen om dit te doen?

•

We geven prioriteit aan gebieden met grootschalige ruimtelijke ontwikkelingen, zoals dorps- en stadsranden, grootschalige energieopwek, (nieuwe) infrastructuur.

23

(1) In welke gebieden is dat nodig en hoeveel ha? (2) Welke maatregelen om dit te doen?

9. Behouden en indien mogelijk versterken landschap bij ruimtelijke ontwikkelingen

a. Inpassing woningbouw aan dorpsen stadsranden

(1) Aan de rand van welke kernen staan we woningbouwontwikkeling wel toe en aan de rand van welke kernen niet? (2) Welke maatregelen om dit te doen?

b. Ruimte voor bedrijvigheid

(1) Aan de rand van welke kernen en aansluitend op welke gebieden is ruimte voor bedrijvigheid wel of niet wenselijk? (2) Welke maatregelen om dit te doen?

5.4. Landgoederen Lochem wil de landgoederen in het buitengebied behouden en versterken. Wat hierbij onder andere van belang is, is het in standhouden of verbeteren van de eenheid en structuur van landgoederen. Verder kan het onder voorwaarden toestaan van nieuwe verdienmodellen voor landgoederen bijdragen aan het behoud. Relevante geraadpleegde beleidsstukken naast de Omgevingsvisie en het VLGG zijn onder andere de Erfgoedvisie Gemeente Lochem 2020-2030 en de Streekgids Achterhoek. Tabel 11: Opgaven en uitgangspunten thema Landgoederen.

Opgave

Subopgave

Wat

10. Behouden en versterken landgoederen

a. Eenheid en structuur van landgoederen behouden en versterken

We behouden en versterken landgoederen als ruimtelijk herkenbare eenheid, om ruimtelijke versnippering te voorkomen.

•

b. Bieden van nieuwe verdienmodellen voor historische landgoederen

Ondersteunen instandhouding van historische landgoederen door hen ruimte te bieden voor nieuwe manieren om inkomsten te verwerven.

•

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

Uitgangspunten

Te maken keuze(s) in programma

Recht doen aan de eigen identiteit van landgoederen. Passend bij het historische landschap. Voorwaarden aansluitend bij leidende principes

24

(1) Waar is versterking nodig? (2) Welke maatregelen om dit te doen? (3) Hoe gaan we om met nieuwere landgoederen? (1) Welke verdienmodellen/activiteiten stimuleren/toestaan? (2) Hanteren we een ‘ja, mits’ principe of een limitatieve lijst van verdienmodellen? (3) Wat verstaan we onder historische landgoederen, waar ligt de grens?

5.5. Water en klimaat adaptatie Lochem staat voor verschillende uitdagingen wat betreft water, die met name te maken hebben met waterkwaliteit en de gevolgen van klimaatadaptatie. Relevante beleidsstukken naast de Omgevingsvisie en het VLGG is onder andere Water en bodem sturend in Gelderland. Tabel 12: Opgaven en uitgangspunten thema Water & Klimaatadaptatie.

Opgave

Subopgave

Wat

Uitgangspunten

Te maken keuze(s) in programma

11. Verbeteren waterkwaliteit

Voldoende en schoon drinkwater

Bij ontwikkelingen rekening te houden met grondwater-beschermingsgebieden en drinkwaterreserveringsgebieden.

In samenwerking met provincie en Vitens

(1) Welke gebieden betreft dit precies? (2) Willen we hierbij ook streven naar een drinkbare Berkel en IJssel?

Bufferzones beken

Bufferzones langs watergangen conform VLGG.

In samenwerking met waterschap en grondeigenaren

(1) Welke beken betreft dit? (2) Ook andere watergangen?

Water vasthouden

Infiltratie hoge gronden, aanpak droogte Achterhoek. Herinrichten beekdalen en herstel beekdallandschap. In de winter en het voorjaar zullen de laagstgelegen percelen plas-dras worden. Voorkomen van droogval van beken.

In samenwerking met waterschap en grondeigenaren

(1) Adviescommissie MER: meenemen uitkomsten tussentijdse evaluatie klimaatadaptatieplan in uitwerking. (2) Hoe en waar mogelijk om grondwaterstandverhoging toe te passen conform aanpak droogte achterhoek? (3) Welke laaggelegen gebieden worden dan plas/dras? (4) Hoeveel ha betreft dit? (5) In hoeverre ruimte nodig voor opvang bij piekbelasting? (6) in hoeverre inzetten op beperken wateronttrekkingen in droogteperiodes?

Wateroverlast voorkomen

Bij ontwikkelingen rekening houden met de wateroverlastgebieden uit Koers weersextremen.

In samenwerking met waterschap

(1) Welke gebieden betreft dit precies? (2) Wat voor maatregelen zijn daar nodig om extreme wateroverlast te voorkomen? Dit is afhankelijk van bestaande en/of veranderende gebruiksfuncties van die gebieden.

12. Klimaatadaptatie

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

25

5.6. Energie De opgave voor het ontwikkelen van een duurzaam energiesysteem kan onder voorwaarden deels worden ingevuld in het buitengebied. Daarbij worden in het programma voorwaarden opgenomen voor deze ontwikkeling. Keuzes over de ontwikkeling van energieopwekking en andere aspecten van het toekomstige energiesysteem worden in een apart beleidskader voor duurzame energie uitgewerkt. Relevante geraadpleegde beleidsstukken naast de Omgevingsvisie en het VLGG zijn het Beleidskader kleinschalige zonne-energie 2.0, RES regio Stedendriehoek. Tabel 13: Opgaven en uitgangspunten thema Energie.

Opgave 13. Ontwikkelen duurzaam energiesysteem

Subopgave a. Zon op dak b. Kleinschalige energie opwek

Wat Voor de realisatie van de inspanningsverplichtingen uit het RES-bod zetten we tot 2030 in op zon op dak. Ruimte voor kleinschalige energie opwek

c. Grootschalige energieopwek

Ruimte voor grootschalige duurzame energie opwek. Het gaat om zon, wind, groen gas, waterstof of een combinatie daarvan.

d. Energie infrastructuur

Door netcongestie moeten we anders kijken naar onze energievoorziening. Er moeten dikkere kabels de grond in en extra transformatorhuisjes geplaatst worden. Maar we moeten ook efficiënter gebruik maken van het stroomnet. Het opslaan van duurzame energie in batterijen, warmte, waterstof of biogas.

e. Energieopslag f. Biogas

Uitgangspunten • De plaatsing van zonnepanelen op dak mag niet bijdragen aan het verergeren van de netcongestie. • Aansluiten bij beleidskader kleinschalige zonne-energie en notitie kleinschalige windenergie. • De gemeente Lochem staat pas grootschalige initiatieven toe wanneer hier een beleidskader voor is vastgesteld. In de toekomst sluiten we aan bij dit beleidskader. •

Deze categorie wordt nader uitgewerkt. Tot die tijd sluiten we aan bij de handreiking voor gebiedsprogramma’s NPLG, bijlage 8.

•

De energieopslag mag niet bijdragen aan het verergeren van de netcongestie.

Ruimte voor biogas installaties

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

26

Te maken keuze(s) in programma (1) In welke landschapstypen is realisatie van wind-, zon- of opslagsystemen wel of niet mogelijk en onder welke voorwaarden? (2) Hoe gaan we om met vergunningverlening voor plaatsen van batterijen op (landbouw) gronden?

6. Proces om tot programma te komen In dit hoofdstuk beschrijven we de uitgangspunten met betrekking tot het proces om tot een programma buitengebied te komen.

6.1. Monitoring Bij het uitwerken van het programma buitengebied zal een monitoringskader worden uitgewerkt om de voortgang te kunnen volgen en tijdig bij te kunnen sturen. Het monitoringskader zal bestaan uit doelstellingen per opgave met bijbehorende indicatoren. Denk voor de opgave functieverandering landbouw bijvoorbeeld aan het aantal gerealiseerde nieuwe woonvormen per gebied en aan het aantal nieuwe ondernemingsactiviteiten per gebied.

6.2. Uitgangspunten aanpak Hier beschrijven we de uitgangspunten ten aanzien van de aanpak. Eerst wordt ingegaan op proces met participatie als onderdeel daarvan. Vervolgens wordt de betrokkenheid van de raad beschreven. Tot slot gaan we in op de planning. 6.2.1. Proces met participatie Keuzes met betrekking tot het buitengebied die in het programma zullen worden gemaakt, raken veel inwoners en andere betrokkenen in Lochem. Het is daarom belangrijk om een zorgvuldig participatieproces in te richten waarbij verschillende groepen worden betrokken. Daarbij willen we de aanpak niet in detail voorschrijven zodat er ruimte geboden wordt aan de aan te besteden ondersteunende partij om hier vanuit eigen visie een passend aanbod te doen. Wel dienen in elk geval de volgende onderdelen terug te komen in de aanpak: 1. Voorbereidende onderzoeken. Voordat het programma zelf kan worden opgesteld is nog een aantal voorbereidende onderzoeken nodig. De meeste van deze onderzoeken komen voort uit de adviezen van de commissie MER over de Omgevingsvisie. Het gaat om de volgende onderzoeken: a. Tussentijdse evaluatie klimaatadaptatieplan; b. Onderzoek scenario’s toekomstige landbouwsector met effecten op o.a. natuur, water en landschap; 2. Opstellen scenario’s en mogelijke maatregelen ten behoeve van keuzes.

In deze startnotitie zijn keuzes per opgave beschreven die bij de uitwerking van het programma buitengebied dienen terug te komen. Per keuze dienen verschillende scenario’s en mogelijke maatregelen te worden uitgewerkt die vervolgens in de toetsgesprekken en in het participatieproces kunnen worden voorgelegd, zodat er daadwerkelijk keuzes gemaakt kunnen worden. 3. Toetsgesprekken haalbaarheid. Voordat verschillende scenario’s en mogelijke maatregelen in een breder participatietraject worden besproken, worden eerst toetsgesprekken met een aantal sleutelpartijen gevoerd om te voorkomen dat scenario’s en maatregelen worden voorgelegd die niet haalbaar zijn. We maken hierbij onderscheid tussen: a. Bestuurlijke haalbaarheid: provincie, waterschap en Regio Stedendriehoek/Achterhoek; b. Uitvoerbaarheid: natuurbeheerders, landgoederen, agrarische belangenverenigingen, ambtelijke organisatie. 4. Raadplegen gemeenteraad keuzes en haalbaarheid. 5. Raadplegen inwoners. In het proces om tot een programma buitengebied te komen is het belangrijk om de omgeving zorgvuldig te betrekken. Naast de wettelijke verplichte consultatie voor zienswijze organiseren we daarom een participatietraject waarbij we inwoners raadplegend betrekken bij de keuzes die voorliggen (zie hoofdstuk 5 voor keuzes).

We zetten daarbij zowel in op laagdrempelige online vorm van participatie als een aantal bijeenkomsten: a. Online: vragenlijst richting inwoners over voorliggende keuzes en mogelijke maatregelen; b. Offline: bijeenkomst per dorpskern met in ieder geval de dorpsraad/vereniging in betreffende omgeving en andere relevante inwonersvertegenwoordiging in buitengebied rond de betreffende kern. De bijeenkomsten gaan over de voor hun kern relevante voorliggende keuzes en maatregelen. Deze bijeenkomsten bestaan uit twee ronden: i. In de eerste ronde wordt samen het gesprek gevoerd over de opgaven en keuzes die er liggen zonder daar een richting in te kiezen. Wel kan dan worden besproken welke opgaven

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

27

en keuzes extra aandacht verdienen. Dit om de tijd in de tweede gespreksronde zo efficiënt mogelijk te benutten; ii. In de tweede ronde wordt het gesprek gevoerd over de opgaven en keuzes. Doel van de tweede ronde is om op te halen wat de argumenten voor of tegen bepaalde keuzes zijn. Deze argumenten worden vervolgens meegenomen in de besluitvorming. Voorafgaand en tijdens de bijeenkomsten is het belangrijk om helder te blijven communiceren over de wijze waarop de inbreng vanuit de sessies wordt meegewogen. Dit betekent ook dat na afronding van de participatie wordt gedeeld op welke manier met de inbreng is omgegaan. 6. Raadplegen stakeholders. Naast de inwoners zijn er andere belangen die vertegenwoordiging verdienen in het participatieproces. Het gaat dan bijvoorbeeld om vertegenwoordiging vanuit de landbouw (denk aan LTO en OJWL), vanuit natuurorganisaties (bijvoorbeeld de Vogelwerkgroep, ANV ’t Onderholt en Natuur en Milieu Gelderland), vanuit waterbelangen (bijvoorbeeld waterschap, Rijkswaterstaat, Vitens), vanuit ondernemers (denk aan ondernemersverenigingen), vanuit recreatie (VVV) en de landgoederen en TBO's (terreinbeherende organisaties). Een stakeholderanalyse aan het begin van het proces kan in beeld brengen welke partijen dit zijn. Voorstel is om met deze stakeholders een aantal themagerichte bijeenkomsten te beleggen.

Per bijeenkomst wordt dan op de keuzes voor één thema ingezoomd. Op deze manier kunnen verschillende perspectieven op eenzelfde thema worden meegenomen en worden partijen uitgedaagd zaken niet alleen vanuit hun eigen belang te bekijken zodat er gezamenlijk tot de beste en meest gedragen oplossing wordt gekomen. 7. Raadswerkgroep uitkomsten participatie. Op basis van de uitkomsten van het participatietraject zal het gesprek met de raad worden gevoerd over de uitkomsten. Dit zal als input dienen voor de uitwerking van het daadwerkelijke programma zelf. 8. Uitwerken ontwerp programma. Op basis van de inbreng in het participatietraject wordt het daadwerkelijke programma uitgewerkt. Daarbij is ruimte voor het ontwikkelen en vormgeven van ondersteunend beeld- en kaartmateriaal. Bij het programma wordt ook een participatieverslag opgesteld waarin wordt aangegeven hoe met de inbreng vanuit het participatietraject is omgegaan. 9. Raadplegen gemeenteraad over ontwerp programma. Voorafgaand aan de formele vaststelling van het ontwerp programma door het college wordt het ontwerp programma geagendeerd in de gemeenteraad zodat gemeenteraad tot aanpassingen in het programma kan verzoeken. Bijvoorbeeld met betrekking tot de keuzes die in het programma voorliggen. 10. Vaststelling ontwerp programma door college.

Het ontwerp programma wordt vastgesteld in het college voordat die wordt gepubliceerd. Conform de Omgevingswet is de bevoegdheid voor het vaststellen van het programma belegd bij het college van B&W. 10 11. Ter inzage ontwerp programma. Het ontwerp programma wordt gepubliceerd via het Omgevingsloket (DSO) samen met een kennisgeving. Conform de wettelijke termijnen ligt het ontwerp programma dan zes weken ter inzage. 12. Zienswijze verwerken in definitief programma. Na afronding van de terinzagelegging worden de reacties verwerkt in het definitieve programma. 13. Definitief programma vaststellen. Tot slot wordt het definitieve programma door het college vastgesteld. De precieze wijze waarop dit wordt gedaan is afhankelijk van de zienswijzen die worden ingediend. 6.2.2. Betrokkenheid gemeenteraad De bevoegdheid voor het vaststellen van een programma onder de Omgevingswet ligt bij het college van B&W. Bij de keuzes die in het programma worden gemaakt, achten we het wel van belang de raad te betrekken. Daarom betrekken we de raad op drie momenten. De eerste raadsbijeenkomst is voorafgaand aan het participatietraject om de kaders voor de participatie te bespreken. Het gaat dan onder andere over de voorliggende keuzes en scenario’s. De tweede bijeenkomst is na afronding van het participatietraject en is met de raadswerkgroep.

In deze bijeenkomst zullen de uitkomsten van de participatie worden gedeeld. Tot slot wordt het ontwerp programma voorafgaand aan de formele vaststelling door het college in de gemeenteraad geagendeerd. Tussendoor zal de raad middels memo’s op de hoogte worden gehouden van de voortgang.

10 Zie artikel 3.4 van de Omgevingswet: wetten.nl - Regeling - Omgevingswet - BWBR0037885

(overheid.nl).

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

28

6.2.3. Planning In onderstaande tabel is de doorlooptijd in maanden van de voorgaande stappen weergegeven. De totale doorlooptijd van het project is 15 maanden. Tabel 14: Stappen in proces om tot programma vitaal buitengebied Lochem te komen.

Doorlooptijd in maanden Stap Voorbereidende onderzoeken nav MER-advies OER Aanbesteding ondersteunen opstellen programma (inclusief participatie) Opstellen scenario’s en mogelijke maatregelen Toetsgesprekken haalbaarheid Raadplegen raad over keuzes en haalbaarheid Raadplegen inwoners (online en offline) Raadplegen stakeholders (bijeenkomsten) Raadswerkgroep uitkomsten participatie Opstellen ontwerp programma en participatieverslag Raadplegen raad over ontwerp programma Vaststelling ontwerp programma door college Ter inzage ontwerp programma (via Omgevingsloket) Zienswijze verwerken in definitief programma Definitief programma vaststellen

1

2

3

4

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

29

6.3. Samenwerkingen De opgaven in het buitengebied houden niet op bij de gemeentegrens van Lochem. De gemeente maakt daarom onderdeel uit van verschillende samenwerkingsverbanden en gebiedsprocessen. Bij het uitwerken van het programma buitengebied is het belangrijk rekening te houden met deze samenwerkingen en de ontwikkelingen daarin. Een kort overzicht: •

•

•

Het samenwerkingsverband Aanpak Droogte Achterhoek bestaat uit negentien regionale partners die zich inzetten voor het aanpakken van droogte en klimaatverandering in de Achterhoek. Deze partners zijn onder andere de Provincie Gelderland, Waterschap Rijn en IJssel, andere gemeenten in de regio Achterhoek, Vitens, LTO Noord, 8RHK ambassadeurs en verschillende natuur- en landschapsorganisaties. In Regio Stedendriehoek werken ondernemers, onderwijs en overheid samen aan verschillende uitdagingen in het gebied, waaronder een gezamenlijk programma buitengebied. De regio bestaat uit de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Deventer, Epe, Heerde, Lochem, Voorst en Zutphen. Vanuit de Regio Stedendriehoek is een Regio Deal ‘Sterker in 3D’ aangevraagd en toegekend. Recent heeft de regio heeft ook de Contourenschets 2050 gepubliceerd die denkrichtingen bevat hoe de regio ruimtelijk vorm zou kunnen krijgen in de toekomst. Ook is de regio Stedendriehoek de eenheid waarin vanuit het provinciaal programma landelijk gebied (VLGG) doelen worden geconcretiseerd. Er vindt ook samenwerking plaats op het gebied van toerisme en recreatie tussen gemeentes in de Achterhoek, zoals de samenwerking binnen de Vrijetijdsagenda en met Achterhoek Toerisme. Bijvoorbeeld op thema’s als verblijfsrecreatie maar ook het routenetwerk en het monitoren van effecten van recreatie en toerisme.

Daarnaast lopen er andere gebiedsprocessen waar Lochem (nog) niet direct bij betrokken is, maar die wel plaatsvinden nabij, of effect hebben op, Lochems grondgebied en dus goed zijn om in beeld te hebben. Zoals het gebiedsproces rondom de drinkwatervoorziening ten zuiden van Lochem, en de landgoederenzone Baakse Beek. Hierin werken het waterschap Rijn en IJssel, de provincie Gelderland en de gemeente Bronckhorst samen aan een robuust watersysteem met in het gebied gelegen landgoederen.

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

30

Bijlage I. Gesprekspartners Om tot een de startnotitie te komen zijn verschillende externe partijen benaderd met een belang in het buitengebied van Lochem. Tijdens gesprekken is het eerste concept met daarin de inhoudelijke kaders voor het op te stellen programma buitengebied voorgelegd. Deze gesprekken vonden plaats in de tweede helft van oktober, zie onderstaande tabel. Met niet alle benaderde partijen heeft een gesprek plaatsgevonden. In het proces van het opstellen van het daadwerkelijke programma is verdere ruimte voor participatie en inspraak van externe partijen. Tabel 15: Overzicht gesprekspartners.

Organisatie/naam Agrarische natuurvereniging ’t Onderholt Dorpsraad Laren Wakker Laorne Landgoederen (schriftelijke inbreng) LTO Afdeling Achterhoek Noord Natuurmonumenten Provincie Gelderland Staatsbosbeheer VVV Waterschap Rijn en IJssel

Datum gesprek 23 oktober 2024 09 oktober 2024 14 november 2024 14 oktober 2024 30 oktober 2024 22 oktober 2024 15 oktober 2024 14 oktober 2024 17 oktober 2024

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

31

Bijlage II. Relevant beleid In de tabel hierna staat een opsomming van beleid waarmee we in het programma vitaal buitengebied rekening moeten houden. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen rijk, provincie, regio en gemeente zelf. Voor thema’s die niet primair tot het programma buitengebied behoren (zie 2.2 Programma voor Buitengebied Lochem) zijn aparte beleidskaders en programma’s ontwikkeld. Zij zijn alleen meegenomen als beleidskader indien zij het programma buitengebied raken, bijvoorbeeld in het geval van de Woningvisie 2018 – 2025. Tabel 16: Beleidskaders op nationaal, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau als uitgangspunt voor startnotitie programma buitengebied. Dit overzicht is niet uitputtend.

Niveau Nationaal beleid

Provinciaal beleid

Regionaal beleid

Gemeentelijk beleid

Beleidskaders • Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW) • Deltaplan Biodiversiteitsherstel • Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA) • Kaderrichtlijn Water (KRW) • Klimaatakkoord • Kamerbrief Water en Bodem sturend • Nationale Omgevingsvisie • Natura 2000 • NNN & Bossen-strategie • Programma energiehoofdstructuur (PEH) • Programma Integraal Riviermanagement (IRM) • Hoogwaterbeschermingsprogramma • Nationaal Waterprogramma • Vogel- en Habitatrichtlijnen (VHR) •

Gelders Energieakkoord

•

Streekgids Achterhoek - ruimtelijke kwaliteit en landschap

• • • • • •

Streekgids IJsselvallei - ruimtelijke kwaliteit en landschap Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG) Beleef het in Gelderland: uitvoeringsagenda recreatie en toerisme Omgevingsverordening provincie Gelderland Regionaal Waterprogramma Gelderland Het Watersysteem in Balans: Verkenning toekomstperspectief Achterhoek & Liemers Programmaplannen aanpak droogte Achterhoek 2023-2024 en 2025-2026); Regioarrangement Regio Stedendriehoek Regio Stedendriehoek | Vitaal Landelijk Gebied Regio Stedendriehoek | Perspectief voor agrarisch ondernemerschap RES-regio Stedendriehoek Basiskwaliteit landschap en biodiversiteit in de gemeente Lochem Beleidskader Functieverandering Agrarische Bebouwing Lochem Beleidskader kleinschalige zonne-energie 2.0 Erfgoedvisie Gemeente Lochem 2020-2030 Landschapsontwikkelingsvisie: Gemeenten Bronckhorst – Lochem – Zutphen Biodiversiteitsplan Lochem natuurlijk.

Kansen benutten voor biodiversiteit Duurzaam beheer laanbomen buitengebied Nieuwe erven I & II Handreiking ruimtelijke kwaliteit FAB-beleid OER Omgevingsvisie Lochem 2040 ‘Krachtig en in balans’ Omgevingsvisie 2040: Krachtig en in balans Spoor 2: Aanvulling beleidskader Functieverandering Agrarische bebouwing Lochem Uitvoeringsprogramma Recreatie & Toerisme Visie Buitengebied (gemeente Lochem, 2007) Visie recreatie en toerisme gemeente Lochem Woningvisie 2018-2025 & addendum op woonvisie Klimaatadaptatieplan gemeente Lochem 2021-2025 en het bijbehorende Uitvoeringsprogramma

• • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

32

Bijlage III. Acties omgevingsprogramma

Het is fijn wonen en leven in Lochem

Lochem is aantrekkelijk en groen

Lochem is ondernemend en uitnodigend

Acties Omgevingsvisie (paragraaf 6.2)

We stellen in aanvulling op de kwaliteiten en kenmerken van de verschillende dorpen, een handleiding op. Hierin werken we de stedenbouwkundige en landschappelijke kenmerken van ieder dorp uit. Nieuwe (ruimtelijke) ontwikkelingen kunnen hierdoor een bijdrage leveren aan het bestaande karakter van elke dorp/stad of buurtschap. We stellen beleid en randvoorwaarden op voor woningsplitsing, vernieuwende woonconcepten, (pre-) mantelzorg en woonzorgconcepten in stedelijk en landelijk gebied. We experimenteren met een grootschaliger zorgconcept rond één van de kernen op een vrijkomende agrarische locatie. Op deze plekken wonen jongeren, ouderen met en zonder zorgindicatie samen op een erf. De woningbouwopgave na 2030 werken we in samenspraak met de regio verder uit. We stellen erfgoedbeleid op. Daarnaast nemen we regels op voor bescherming van cultuurhistorische, van landschappelijke, aardkundige en archeologische waarden in ons Omgevingsplan. Van nieuwe (ruimtelijke) ontwikkelingen vragen we dat ze een bijdrage leveren aan behoud en versterken van landschap, biodiversiteit en cultuurhistorie. We onderzoeken de mogelijkheden om een landschapsfonds in te richten om agrariërs te stimuleren landschap en biodiversiteit te versterken. We maken een locatiestudie voor nieuwe (kleinschalige) werklocaties bij de kernen.

We onderzoeken voor de huidige bedrijventerreinen welke maatregelen nodig zijn om te komen tot vitale, toekomstbestendige bedrijventerreinen. We stellen voor de uitvoering daarvan een agenda op. We brengen vraag en aanbod in de kantoormarkt in beeld, ten behoeve van transformatie. We werken de kaders uit in nieuw op te stellen beleid voor functieverandering agrarische bedrijven. We denken aan kaders voor maatwerk of een vouchersysteem. We werken samen met provincie en waterschap om de opgaven in het landelijk gebied gebiedsgericht en samen met onze inwoners en ondernemers aan te pakken. In de kernen is omzetting van bedrijfskavels naar wonen niet zonder meer mogelijk. In het omgevingsplan stellen we aanvullende voorwaarden om ons recreatief aanbod gevarieerd te houden.

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

33

Krijgt een plek in ander programma, beleid of onderzoek

Hoofdambitie Omgevingsvisie

Programma buitengebied

In de tabel is per actie die in de Omgevingsvisie (paragraaf 6.2) is benoemd of deze terugkomen in het programma buitengebied en/of in ander beleid. Dit is indicatief.

X X

X

X

X X X

X

X

X

X X X X

X X X

X X

Lochem wordt klimaatneutraal en klimaatbestendig

Lochem is veilig, gezond en inclusief

Acties Omgevingsvisie (paragraaf 6.2)

In de routeplanner klimaatneutraal 2050 werken we uit op welke manier we naar een klimaatneutraal Lochem gaan toewerken. Dit betreft niet uitsluitend de opwek van duurzame energie, maar heeft ook betrekking op landbouw, landgebruik, industrie, mobiliteit en de aardgastransitie in de gebouwde omgeving. We stellen een beleidskader voor grootschalige opwek op zodra de landelijke milieunormen voor windturbineparken definitief zijn vastgesteld. Hierbij is netcongestie nog wel een flinke belemmering om op korte termijn tot actie over te kunnen gaan. Het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie biedt handvatten om te komen tot een klimaatrobuuste inrichting van ons gebied. We werken samen met het Waterschap Rijn en IJssel, gemeenten, provincie, LTO, TBO's en Vitens in de Achterhoek aan de aanpak droogte. We onderzoeken de komende jaren hoe we toe kunnen werken naar een circulaire samenleving. We stimuleren initiatieven van inwoners, organisaties en ondernemers die bijdragen aan de klimaatbestendigheid. Denk aan het vergroenen van een speeltuin in de buurt, groen-blauwe schoolpleinen of het realiseren van groene daken. In het omgevingsplan hanteren we de wettelijke normen voor geluid, luchtkwaliteit, geurhinder en bodemkwaliteit als uitgangspunt.

We onderzoeken hoe om te gaan met de bandbreedtes op het gebied van milieu (denk aan: geluid, licht, trilling en geurnormen) en verwerken dit in het omgevingsplan en indien nodig in de omgevingsvisie. We onderzoeken of het reëel en mogelijk is om gemeentelijke stiltegebieden in te stellen in grote (natuur-) gebieden waar het nu nog (relatief) stil is (bijvoorbeeld het Grote Veld, Ravenswaarden). Om te borgen dat bedrijfsactiviteiten geen overlast of risico’s vormen voor omliggende woningen gaan we beleid opstellen over milieuzonering. Tegelijk draagt dit bij aan realistische verwachtingen van inwoners wanneer zij een woning dichtbij een bedrijventerrein kopen. We implementeren het lopende bodembeleid. In de Nota bodembeheer is gebiedsgericht beleid opgenomen. We zetten in op het voorkomen van ondermijning en criminele activiteiten. We maken kaders voor de openbare ruimte, met daarin uitgangspunten voor groen, ontmoeting, beweging, sport en spel en een aantrekkelijke ruimtelijke kwaliteit. De doelen voor klimaatadaptatie en biodiversiteit nemen we hierin mee. We stimuleren initiatieven en activiteiten die bijdragen aan sport, spel, bewegen (binnen en buiten), ontmoeting, betrokkenheid bij de lokale omgeving en onderlinge verbinding.

We faciliteren initiatieven voor een gezonde leefomgeving, denk hierbij aan rookvrije plekken, fietsveiligheid voor kinderen van basisscholen en mogelijkheden voor sport en bewegen. We realiseren een omgeving die toegankelijk is. We betrekken VNOG vroegtijdig bij vraagstukken omtrent de fysiek veilige leefomgeving. Zij wordt, net als GGD Noord- en Oost Gelderland, om advies gevraagd om een veilige en gezonde leefomgeving te creëren en/of te behouden.

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

34

Krijgt een plek in ander programma, beleid of onderzoek

Programma buitengebied

Hoofdambitie Omgevingsvisie

X X X X

X X X X X X X X

X

X X X

X

X X

X

X

X

X

Acties Omgevingsvisie (paragraaf 6.2)

Lochem is bereikbaar en zet in op duurzame mobiliteit

We zorgen voor hoogwaardige haltevoorzieningen en zorgen voor goede voor- en natransportmogelijkheden op OV-knooppunten. We lobbyen voor het behouden en verbeteren van de bus- en treinverbindingen. We stimuleren en werken aan bereikbaarheid en duurzame mobiliteit op basis van ons mobiliteitsplan, waaronder een goede, veilige bereikbaarheid van bedrijventerreinen. Daarnaast onderzoeken we samen met ondernemers de mogelijkheden om schoner vervoer te realiseren, zowel voor werknemers als voor bevoorrading e.d. We werken risico-gestuurd aan de aanpak van verkeersknelpunten. We werken mee aan initiatieven die de bereikbaarheid van het landelijk gebied verbeteren. In nieuwbouwprojecten stimuleren we het gebruik van schone vervoersmiddelen door de openbare ruimte voetganger- en fietsvriendelijk te maken, door een optimale fietsbereikbaarheid en een goede aansluiting op openbaar vervoer en deelvervoer. We gaan uit van het STOMPprincipe. We stimuleren en ondersteunen initiatieven die zorgen dat vooral kwetsbare doelgroepen (zoals kinderen) veilig kunnen fietsen en lopen en dagelijks van een actieve leefstijl kunnen genieten.

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

35

Krijgt een plek in ander programma, beleid of onderzoek

Programma buitengebied

Hoofdambitie Omgevingsvisie

X X X X X X

a. er voldoende betaalbare woningen zijn voor iedereen; b. er letterlijk en figuurlijk ruimte wordt geboden voor inbreiding, transformatie én uitbreiding; c. de woningbouwopgave tot 2030 verdeeld is over de stad Lochem en de dorpen, zoals vastgelegd in de kernvisies wonen; d. de woningbouw tussen 2030-2040 voorziet in onze lokale behoefte, aangevuld met behoefte vanuit regionale In 2040 is het fijn en nationale opgaven; wonen en leven in e. er ruimte is geboden aan vernieuwende woon(-zorg)concepten; Lochem f. er ruimte is geboden aan nieuwe woonvormen in het buitengebied; g. er in alle kernen een passend voorzieningenniveau is; h. nieuwe en bestaande wijken toekomstbestendig, klimaatadaptief, natuurinclusief, en zoveel mogelijk energie[1]neutraal zijn; i. de sociale verbondenheid nog verder is versterkt a. het gevarieerde landschap is behouden en versterkt; b. natuurgebieden beschermd, versterkt en onderling verbonden zijn; Lochem is aantrekkelijk c. de biodiversiteit is verbeterd; d. de cultuurhistorische kwaliteiten behouden en versterkt zijn; en groen e. het (openbaar) groen is behouden en bijdraagt aan klimaatadaptatie; f. de entrees van onze gemeente herkenbaar zijn

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

36

Krijgt een plek in ander programma, beleid of onderzoek

Thema Energie

Thema Water en klimaatadaptatie

Thema Landgoederen

Thema Natuur en landschap

Thema Recreatie

Subdoel Omgevingsvisie (hoofdstuk 5)

Thema Landbouw

Doel Omgevingsvisie

Programma buitengebied

Bijlage IV. Doelen en subdoelen omgevingsvisie

X X X X X X

O O

X X X X

X X X X X X

O O O O O O

X X X

O

O

Krijgt een plek in ander programma, beleid of onderzoek

Thema Energie

O

Thema Water en klimaatadaptatie

O

X

Thema Landgoederen

X

b. we ruimte bieden voor ondernemen;

Thema Natuur en landschap

Thema Landbouw

a. we perspectief bieden voor de agrarische sector;

Thema Recreatie

Subdoel Omgevingsvisie (hoofdstuk 5)

Programma buitengebied

Doel Omgevingsvisie

X

c. onze bedrijventerreinen duurzaam en circulair zijn;

X

d. de watergebonden bedrijvigheid langs het Twentekanaal is versterkt;

Lochem is ondernemend en uitnodigend

Lochem wordt klimaatneutraal en klimaatbestendig Lochem is veilig, gezond en inclusief

e. we compacte levendige centra hebben;

X

f. er meer ruimte is voor ondernemen in de kleine kernen;

X

g. er meer ruimte is voor ondernemen in het buitengebied;

X

O

O

h. we een veelzijdig aanbod aan recreatieve voorzieningen kunnen aanbieden;

X

O

i. het sterke routenetwerk is behouden en is versterkt;

X

O

j. de potentie van watergebonden recreatie beter wordt benut

X

O

a. werken we toe naar een klimaatneutrale leefomgeving;

X

b. richten we onze leefomgeving klimaatadaptief in;

X

X O O O

X X

c. streven we naar een circulaire samenleving.

X

a. aandacht voor positieve gezondheid en inclusiviteit;

X

b. het behouden en versterken van een goed woon- en leefklimaat; c. het uitgangspunt dat een veilige leefomgeving een gezamenlijke verantwoordelijkheid is.

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

37

X X

X X

Krijgt een plek in ander programma, beleid of onderzoek

Thema Energie

Thema Water en klimaatadaptatie

Thema Landgoederen

Thema Natuur en landschap

Thema Recreatie

Subdoel Omgevingsvisie (hoofdstuk 5)

Thema Landbouw

Programma buitengebied

Doel Omgevingsvisie

a. goede bereikbaarheid;

X

b. het faciliteren van het STOMP- principe;

X

Lochem is bereikbaar en c. het geven van prioriteit aan langzaam verkeer; zet in op duurzame d. behoud van openbaar vervoer; mobiliteit

X X

e. smart mobility en alternatieve vervoersconcepten;

X

f. duurzaam transport over water en de weg

X

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

38

Bijlage V. Landschapstypen Landschapstypen spelen een belangrijke rol bij het maken van ruimtelijke keuzes. Daarom zijn in deze bijlage de landschapstypen beschreven. Separaat wordt een kaart opgeleverd waarin deze landschapstypen zijn weergegeven. We onderscheiden in de gemeente Lochem de volgende landschapstypen: 1. Rivierenlandschap 2. Beekdallandschap 3. Kampenlandschap 4. Enkenlandschap 5. Jonge heideontginningslandschap 6. Jonge broekontginningslandschap 7. Bos- en landgoederenlandschap Hierna zijn per landschapstypen de kenmerken beschreven. Rivierenlandschap • Open tot relatief open, met af en toe vergezichten vanaf de dijken en hogere zandgronden. • Rijk aan reliëf door de aanwezigheid van: o Stroomruggen en -geulen; de gave kronkelwaarden van de Ravenswaarden o Restanten van nevengeulen (strangen of (h)anken) o Rivierduinen o De steilrand naar de Gorsselse enk • Winterdijken; duidelijke begrenzing van het Rivierenlandschap; uitzichten • Onregelmatige blokkenverkaveling, maar in de Ravenswaarden juist een onregelmatige strokenverkaveling. • Weinig ontsluiting; gelegen op dijken en hoger gelegen delen • Nagenoeg ontbreken van bebouwing; alleen op de rivierduinen (vooral villa’s) en ten noorden van Gorssel op de hogere gronden.

• Voornamelijk in gebruik als grasland • Houtige landschapselementen in de vorm van: o Geschoren, maar vooral uitgroeiende meidoornhagen (waarin ook andere struiksoorten voorkomen) o Knotwilgenrijen, vooral langs sloten en strangen o Verspreid staande solitaire bomen en bomenrijen; niet dicht op elkaar o Kleine wilgenbosjes langs de strangen en in moerassige laagtes o Loofbossen op de rivierduinen • Rietkragen en ruige oeverbegroeiing langs strangen en in sloten • Een rijke flora met bijzondere planten op met name de stroomruggen en dijken; de zogenaamde Stroomdalflora, karakteristiek voor het rivierengebied met veelal niet-algemene en zeldzame soorten, die verder alleen in Midden-Europa voorkomen. • Belangrijk broed- rust- en foerageergebied voor veel water- en weidevogels, jaarrond. • Typische riviergerelateerde natuur: waaronder bepaalde vissoorten (bv. kwabaal en barbeel), libellen (rivierrombout), otter en bever • ’t Zandgat: een relatief kleine zandwinningsplas in de Ravenswaarden. Gegraven in de jaren ’60. Wordt momenteel ondieper gemaakt en omgevormd tot een moerasgebied.

Beekdallandschap • Relatief open tot halfopen • Rijk aan reliëf door de aanwezigheid van: o Oude beeklopen (laagtes) o Hoger gelegen dekzandruggen en -koppen (enken) o Kades; soms extensief gebruikt, waardoor zich een wat soortenrijker grasland ontwikkelt, enigszins vergelijkbaar met de oeverwallen/zomerkaden langs de grote rivieren. • Onregelmatige blokverkaveling met soms gebogen kavelgrenzen • Voornamelijk in gebruik als grasland

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

39

•

• • • • • • • •

Houtige landschapselementen in de vorm van: o Bomenrijen en heggen langs de graslandkavels o Dichte (hak)houtsingels langs de hoger gelegen akkers (enken) o Beek begeleidende bomenrijen en houtsingels; t.b.v. ecologie op de zuidoever o Knotwilgenrijen, vooral langs sloten en greppels o Verspreid staande solitaire bomen; niet dicht op elkaar o Plaatselijk kleine loofbosjes; zowel in zeer lage en natte delen (broekbos) als op wat hogere delen. Rietkragen en ruige oeverbegroeiing langs sloten en ter plaatse van “natuuroevers” Natuurvriendelijke beekoevers en ecologische stapstenen (moeras(bos)) Plaatselijk meanders in de Berkel; met steile oevers in de buitenbochten en glooiende oevers in de binnenbochten. Binnen- en buitenbochten zijn ecologisch sterk verschillend; in de binnenbochten soms moerasvegetaties/ -bos Kwel; sommige beken werden (lokaal) ook gevoed met kwelwater (ecologische potenties). Bebouwing beperkt tot de hogere delen in of langs het beekdal Beperkte doorsnijdingen door infrastructuur Typische beekgerelateerde natuur: waaronder bepaalde vissoorten (bv. rivierdonderpad en modderkruiper), libellen (weidebeekjuffer), bever en otter Broed- rust- en foerageergebied voor water- en weidevogels, jaarrond (vroeger meer dan nu)

Kampenlandschap • Kleinschalig en besloten • Rijk aan reliëf door de aanwezigheid van: o Hoger gelegen dekzandruggen en -koppen (enken); soms met duidelijk zichtbare steilranden o Laagtes tussen de enken; soms droog, soms nat (met beek of sloot) o Lommerrijke erfbeplantingen • Kleinschalige onregelmatige blokverkaveling; maar in het Matenlandschap soms ook vrij regelmatig • Akkers op de enken (vroeger meer dan nu), grasland in de lagergelegen delen • Houtige landschapselementen in de vorm van: o Dichte (hak)houtsingels rondom de percelen o Knotwilgenrijen en elzensingels langs beken en slootjes o Boombeplantingen langs wegen (lanen) o Grote, “monumentale” bomen op erven o Verspreid staande solitaire bomen; soms dicht bij elkaar o Kleine loofbosjes; meest in de wat lagere delen. • Kleine beekloopjes • Bochtig, kronkelig wegenverloop • In het Matenlandschap sloten met rietbegroeiing • Vanwege de kleinschaligheid en hoge dichtheid aan landschapselementen niet alleen zeer aantrekkelijk in landschappelijk en recreatief opzicht, maar ook als leefgebied voor veel diersoorten (w.o. boerenland- en struweelvogels, reptielen en amfibieën, zoogdieren).

Enkenlandschap • Relatief open • Omvangrijke, hoger gelegen enken; soms met duidelijk zichtbare steilranden • Onregelmatige blokverkaveling; vroeger juist strokenverkaveling • Akkerbouw (vroeger meer dan nu) • Houtige landschapselementen in de vorm van: o Dichte (hak)houtsingels rondom de enken o (Hak)houtbosjes in de lagere delen tussen de enken. • Nagenoeg ontbreken van bebouwing op de enken • Grillige wegenstructuur

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

40

Jonge heideontginningslandschap • Relatief open • Rationele verkaveling; blokvormig/ langwerpig en rechthoekig • Plaatselijk voorkomen van kleine enken / kampen • Zowel grasland als akkerbouw • Houtige landschapselementen in de vorm van: o Wegbeplantingen; veel met dennen en berken o Relatief kleine, rechthoekige bospercelen; veel naaldbomen o Houtsingels langs percelen (maar minder dan in Kampenlandschap) o Erfbeplantingen • Bebouwing verspreid over het landschap • Rechte wegtracés • In bermen (van vooral zandwegen) plaatselijk voorkomen van hei en brem (en gagel in de nattere delen) Jonge broekontginningslandschap • Relatief open • Rationele verkaveling; nu vooral blokvormig, maar vroeger veel strokenverkaveling • Plaatselijk voorkomen van kleine enken / kampen • Vooral grasland (vroeger meer dan nu) • Houtige landschapselementen in de vorm van: o Houtsingels langs percelen en sloten (maar minder dan in Kampenlandschap); zwarte els is kenmerkend o Wegbeplantingen; kenmerkend zijn populier en wilg o Knotwilgen langs sloten (en als perceelscheiding) o Kleine bospercelen o Erfbeplantingen • Veel sloten; met rietkragen (en soms gagel en wilgenopslag) • Weinig bebouwing; verspreid over het landschap • Rechte wegtracés • Belangrijk broedgebied voor weidevogels (vroeger meer dan nu) Bos- en landgoederenlandschap • Sterk besloten • Veel bos; waaronder grote bospercelen.

Zowel oude, gevarieerde loofbossen als relatief nieuwe monoculturen van naaldbomen. • Ontstaan in onontgonnen gebied of gevoegd naar bestaand cultuurlandschap. Daardoor plaatselijk ook kenmerken van de andere landschapstypen (m.u.v. het Rivierenlandschap) en dus een grote landschappelijke afwisseling • Een landgoed is een economische eenheid die ruimtelijk bestaat uit bossen en open ruimten • Houtige landschapselementen in de vorm van: o Parkachtige, historische tuinen (in verschillende landschapsstijlen) bij de landhuizen en villa’s o Monumentale lanen (met boombeplanting) op de landgoederen o Naast grote oppervlakten bos ook veel kleine(re) bospercelen o Hoge dichtheid aan houtsingels, hagen en bomenrijen als perceelscheiding o Solitaire bomen en boomgroepen; vaak monumentale bomen en vaak op korte afstand van elkaar o Boombeplanting langs wegen o Lommerrijke erfbeplantingen • Kenmerkende bebouwing: o Kastelen, landhuizen, villa’s en bijgebouwen (van uiteenlopende ouderdom) o Pachtboerderijen; door kleur van de luiken (en soms architectuur) herkenbaar bij welk landgoed ze horen • Waardevol leef- en groeigebied voor veel dieren en planten vanwege: o De hoge dichtheid aan bos- en natuurgebieden o Een relatief hoge dichtheid aan kleine landschapselementen o Relatief omvangrijke bos- en natuurgebieden

Startnotitie Programma Vitaal Buitengebied Lochem, december 2024

41

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15022683/1