RAAD_6. Toekomstplan en begroting 2027-2030 inclusief nieuwe gemeenten
Tekst van het document
Totaal kosten € 2.559.459 € 2.927.013 € 2.338.824 € 2.414.287 € 2.496.696 € 2.582.436 De cijfers over het jaar 2025 bedragen de werkelijk gemaakte kosten. De jaren vanaf 2026 betreffen de begrotingsbedragen.
Bovenstaande tabel geeft een overzicht van de totale kosten van de overhead en overige bestuurskosten van Tribuut. Deze kosten zijn verdeeld naar het programma op basis van fte. Door de uitspraak van de wetgever zullen de proceskosten aanzienlijk dalen. Hierdoor zal ook het aantal bezwaren op basis van NCNP bureaus sterk afnemen. Beide ontwikkelingen hebben een positief effect op de kosten. De post onvoorzien mag vanaf 2027 niet meer worden opgenomen in de begroting. De verdeling ziet er als volgt uit: Doorbelasting kosten van Overhead (x € 1.000) 1.1: Waarderen 1.2: Gegevensbeheer WOZ 1.3: Heffen 1.4: Invordering 1.5: Frontoffice
FTE
2025
2026
2027
2028
2029
2030
15,53 12,09 8,59 9,89 5,22
€ 774.674 € 602.816 € 428.405 € 493.082 € 260.482
€ 689.384 € 885.921 € 489.926 € 563.892 € 297.889
€ 707.894 € 550.851 € 391.475 € 450.577 € 238.028
€ 730.734 € 568.624 € 404.105 € 465.115 € 245.708
€ 755.677 € 588.034 € 417.899 € 480.991 € 254.095
€ 781.628 € 608.228 € 432.250 € 497.509 € 262.821
Totaal 51,31 € 2.559.459 € 2.927.013 € 2.338.824 € 2.414.287 € 2.496.696 De cijfers over het jaar 2025 bedragen de werkelijk gemaakte kosten. De jaren vanaf 2026 betreffen de begrotingsbedragen.
€ 2.582.436
3.6
Financiering
Het financieringsvraagstuk van Tribuut was voorheen relatief beperkt, omdat de begroting vooral bestond uit personeelskosten en ICT-uitgaven, waardoor de financiële risico’s gering waren. Inmiddels hebben wij bij de Coöperatieve Rabobank U.A een financiering afgesloten om de kosten van de verhuizing en verbouwing te dekken. Het betreft een lening van € 410.000 tegen een rentepercentage van 4,7% (voor 5 jaar vast). Deze lening moet in 10 jaar worden afgelost. Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de organisatie haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,2% van het begrotingstotaal. Het begrotingstotaal voor 2027 bedraagt € 9.323.970. De kasgeldlimiet bedraagt daarom € 764.566. Zo lang de korte rente lager is dan de rente voor langere looptijden zal de kasgeldlimiet optimaal worden benut. Renterisiconorm Het renterisico op de lange financiering wordt wettelijk begrensd door de renterisiconorm. Als lange financiering wordt volgens de Wet Fido aangemerkt: alle financieringsvormen met een rentetypische looptijd vanaf één jaar. Het renterisico wordt gedefinieerd als de betaalde aflossingen, vermeerderd met het saldo van de contractuele renteherzieningen op de opgenomen geldleningen.
De renterisiconorm is 20% van het begrotingstotaal, met een minimum van € 2,5 miljoen. Achterliggende reden voor het gebruik van de renterisiconorm is de spreiding van het renterisico over de jaren. Voor Tribuut geldt de minimumnorm ad. € 2,5 mln. voor de renterisiconorm. Dit minimum is bedoeld om kleinere organisaties niet al te zeer te beperken bij het komen tot een efficiënt liquiditeitsbeheer.
Toekomstplan en begroting 2027-2030 Tribuut belastingcentrum incl. nieuwe gemeenten
26
Financiering Tribuut heeft een eenvoudige rol op treasurygebied. De behoefte is: • Het aantrekken van langlopende geldleningen voor investeringen voor de bedrijfsvoering; • Het overbruggen van de mate van bevoorschotting door de deelnemers. Als grotere investeringen in de bedrijfsvoering worden gedaan, ontstaat behoefte aan langlopende financiering. Dit wordt niet verwacht. Schatkistbankieren Tribuut neemt als decentrale overheid verplicht deel aan het zogenaamde schatkistbankieren. Dit houdt in dat eventuele positieve banksaldi bij het Rijk worden uitgezet. Om het dagelijks kasbeheer te vereenvoudigen, mag Tribuut een drempelbedrag van 0,75% van het begrotingstotaal buiten de schatkist aanhouden. De drempel is nooit lager dan € 1.000.000. Wat betekent dat Tribuut altijd gemiddeld € 1.000.000 buiten de schatkist mag houden. Betaalde belastingopbrengsten worden dagelijks overgeboekt naar de schatkist. Uit hoofde van de treasuryfunctie kunnen middelen worden uitgezet. Het treasurystatuut is hierbij leidend. Bankrelatie Het betalingsverkeer is sinds 1 januari 2022 ondergebracht bij de Coöperatieve Rabobank U.A. Tribuut maakt hierbij gebruik van drie bankrekeningen, namelijk de bedrijfsvoeringsrekening, de rekening voor de belastinginning en een tegenrekening voor het schatkistbankieren.
Beleidsvoornemens Tribuut streeft naar optimale financiële afstemming met de deelnemende gemeenten. Hierbij ligt de nadruk op het zo efficiënt mogelijk doorsluizen van de belastinginkomsten naar de deelnemende gemeenten. Daarnaast wordt de bevoorschotting van de gemeenten zodanig afgestemd dat het aangaan van leningen tot een minimum wordt beperkt. Tribuut werkt hierbij met gescheiden bankrekeningen voor de bedrijfsvoering en belastinginning. In het BBV zijn zeven verplichte paragrafen opgenomen voor de programmabegroting van provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen. Voor de belastingsamenwerking zijn de paragrafen ‘lokale heffingen, onderhoud kapitaalgoederen, grondbeleid en verbonden partijen’ niet relevant. Deze paragrafen zijn daarom niet in de begroting van Tribuut opgenomen.
Toekomstplan en begroting 2027-2030 Tribuut belastingcentrum incl. nieuwe gemeenten
27
4.
Financiële begroting
De begroting is opgesteld volgens de eisen die voortkomen uit het BBV. Naast de programmabegroting presenteren we ook de financiële (exploitatie)begroting.
4.1
Financiële begroting
Financiële begroting 2025 2026 2027 2028 2029 2030 Personeelskosten Processen € 3.599.255 € 4.248.653 € 4.785.567 € 5.018.932 € 5.244.500 € 5.480.220 Inhuur processen € 382.791 € 290.000 € 543.524 € 567.590 € 592.698 € 619.369 Personeelskosten algemeen € 1.069.777 € 1.268.784 € 1.468.142 € 1.526.563 € 1.591.394 € 1.659.051 Automatisering € 1.217.570 € 1.224.542 € 1.455.101 € 1.326.069 € 1.355.819 € 1.386.254 Huisvesting € 209.257 € 208.133 € 204.369 € 222.409 € 227.258 € 232.213 Financiën € 132.811 € 131.166 € 148.547 € 150.084 € 151.573 € 153.149 Organisatie / Communicatie / Advieskosten € 492.744 € 473.932 € 540.144 € 551.575 € 563.052 € 574.811 Proceskostenvergoeding € 266.564 € 427.922 € 178.574 € 182.503 € 186.700 € 190.995 Projectkosten €0 €0 €0 €0 €0 €0 Totaal € 7.370.769 € 8.273.132 € 9.323.970 € 9.545.723 € 9.912.995 € 10.296.061 De cijfers over het jaar 2025 bedragen de werkelijk gemaakte kosten. De jaren vanaf 2026 betreffen de begrotingsbedragen.
Personeelskosten Directe loonkosten en algemene personeelskosten worden direct toegerekend aan de programma’s. Inhuur processen We hebben het personeelsbudget aangepast aan het laatste formatieplan. We kunnen daarmee een constante bezetting nastreven en het inhuurbudget beperken tot de noodzakelijk bezetting in de piekmomenten. Automatisering Dit zijn de kosten voor licenties, beheer en onderhoud van gebruikte programmatuur en ondersteuning door leveranciers voor verbeteringen en probleemoplossingen. Opmerkelijk is wel dat de kosten van automatisering door indexering enorm snel oploopt. Indexeringen zijn vaak gekoppeld aan inflatiecijfers die in voorgaande jaren enorm opliepen. Vooralsnog gaan we ervan uit dat dit binnen de begroting is op te vangen. Huisvesting De huisvestingskosten zijn vooral huur en vaste lasten die we kwijt zijn aan onze nieuwe verhuurder. Ook de schoonmaakkosten vallen hieronder. We verwachten hier geen grote wijzigingen. Financieringskosten Door het aangaan van een financiering voor ons nieuwe onderkomen in 2025 zijn wij rentelasten verschuldigd. Daarnaast zijn er kosten van verzekeringen en accountantskosten ondergebracht bij financieringskosten. Organisatie, communicatie en advieskosten Kosten voor communicatie, post, contributie, drukwerk, telefoon, adviseurskosten, afschrijving telefoon en computers en de post onvoorzien.
Ook deze kosten zijn slechts geïndexeerd.
4.2
Toelichting op de opgenomen wijzigingen
Hieronder vindt u de wijzigingen ten opzichte van de laatste voorgelegde meerjarenbegroting: De belangrijkste wijziging is de daling van de begrote proceskostenvergoeding. Door wetwijziging zijn de proceskosten per toegekend bezwaar gedaald. Ook het te vergoeden bedrag voor een aangeleverd taxatieverslag is door een gewonnen rechtszaak gedaald. In 2026 blijkt het aantal bezwaren ook gedaald, maar vooral het aandeel bezwaren van NCNP-bureaus. Daarom zijn de proceskosten ca. € 300.000,- lager ingeschat.
Toekomstplan en begroting 2027-2030 Tribuut belastingcentrum incl. nieuwe gemeenten
28
De automatiseringskosten zijn direct verdeeld over de teams en niet meer via de overhead. In de oude verdeling leek de overhead erg hoog, doordat alle kosten van de gebruikte applicaties via de overhead werken toegerend aan de teams. Dit is slechts een verschuiving van de kosten. De post ‘onvoorzien’ mag door aanpassing van BBV-regels niet meer worden gebruikt. We hebben deze post laten vervallen. Voor de begroting van 2026 is een aantal besparingen / bezuinigingen opgenomen. Deze bezuinigingen lijken allemaal te worden behaald en zijn in de begroting voor 2027 op dezelfde wijze doorgerekend.
Bij het toetreden van twee nieuwe gemeenten vraagt dat logischerwijs aanpassingen op de begroting. Hieronder is puntsgewijs opgenomen welke uitgangspunten we hierbij hebben gehanteerd. Personeelskosten Na toetreding van beide gemeenten verwachten we circa 7 FTE aan ons personeelsbestand toe te voegen, wat neerkomt op ongeveer 12% groei. Ter vergelijking: bij beide gemeenten is momenteel ongeveer 12 FTE in dienst, aangevuld met externe partijen voor bepaalde werkzaamheden (zoals waardering bij Aalten) of taken die bij andere teams zijn ondergebracht (zoals invordering en kwijtschelding bij Oude IJsselstreek). Binnen Tribuut zetten wij externe inhuur uitsluitend in tijdens piekperiodes. Op termijn kan het voorkomen dat door natuurlijk verloop niet alle vacatures opnieuw of in dezelfde omvang worden ingevuld. De ervaring leert dat in de eerste jaren vooral veel inhoudelijk werk nodig is. Daarna verwachten we verdere efficiëntieverbeteringen. In eerste instantie zullen we echter sturen op het verminderen van externe inhuur, waar mogelijk. Inhuur processen Tribuut maakt gebruik van externe inhuur tijdens piekperioden. Voor de Frontoffice betreft dit de periode van begin februari tot en met eind april.
Het doel is om telefonisch goed bereikbaar te blijven, inkomende e-mails tijdig te beantwoorden en ondersteuning te bieden bij het inplannen van afspraken en het registreren van bezwaren. Voor het team Waarderen is inhuur nodig van half februari tot en met eind juli. In deze periode richten taxateurs zich eerst op terugbelafspraken (informeel bezwaar) en vervolgens op de afhandeling van bezwaren. Voor beide teams gaan we uit van circa 2 FTE extra inhuur gedurende deze perioden. Variabele kosten Kosten die afhankelijk zijn van het aantal objecten of medewerkers zijn procentueel begroot. Het huidige aantal objecten bedraagt circa 176.000. Na toetreding van beide gemeenten stijgt dit naar ongeveer 209.000. Dit betreft een toename van circa 19%. Voor kosten die gerelateerd zijn aan het aantal medewerkers, is een stijging van 10% gehanteerd. Voorbeelden van variabele kosten zijn post en verzending, beeldmateriaal, informatie van het kadaster en licenties voor applicaties. Proceskostenvergoeding (PKV) Sinds aanslagjaar 2026 lijkt sprake van een nieuwe ontwikkeling in het aantal ingediende bezwaren. Tribuut verwacht in de eerste aanslagperiode onder de 3.000 WOZ-bezwaren te blijven. Van deze bezwaren komen er minder dan 25% van NCNP-bureaus. Hierdoor verwachten we niet alleen minder bezwaren dan in voorgaande jaren, maar ook aanzienlijk lagere proceskosten.
Voor de toetredende gemeenten is uitgegaan van eenzelfde verhouding. Voor proceskosten uit beroepsprocedures wordt jaarlijks een maatwerkinschatting gemaakt, aangezien de afhandeling hiervan meerdere jaren kan duren. Verdeling van kosten per gemeente De verdeling van de kosten per gemeente is gebaseerd op de maatstaven die voor de bestaande gemeenten zijn vastgesteld in de kadernota. Voor de twee nieuwe gemeenten zijn deze gegevens opgevraagd en op basis van dezelfde uitgangspunten verwerkt. Toekomstplan en begroting 2027-2030 Tribuut belastingcentrum incl. nieuwe gemeenten
29
De kosten worden bepaald op basis van de begroting van het betreffende jaar. De kostenverdeelsystematiek is vastgesteld in de bestuursvergadering van januari 2020. Jaarlijks ontvangen de gemeenten een nota met de in de begroting opgenomen bedragen. Indien er sprake is van een positief resultaat, kan het bestuur besluiten dit terug te geven aan de gemeenten. De verdeling hiervan vindt plaats naar rato van de bijdrage van dat kalenderjaar aan Tribuut.
4.3
Kostenverdeling per gemeente
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de totale bijdrage per deelnemende gemeente. Kostenverdeling per gemeente (x € 1.000) * 2025 2026 2027 2028 2029 2030 Aalten €0 €0 € 553.493 € 573.530 € 595.560 € 618.535 Apeldoorn € 3.426.574 € 4.160.760 € 3.916.416 € 4.056.893 € 4.211.204 € 4.372.112 Brummen € 522.315 € 595.317 € 572.245 € 592.895 € 615.563 € 639.206 Epe € 811.586 € 831.602 € 807.683 € 836.833 € 868.869 € 902.279 Lochem € 872.468 € 877.040 € 867.632 € 899.098 € 933.659 € 969.715 Oude IJsselstreek €0 €0 € 851.510 € 882.302 € 916.184 € 951.514 Voorst € 507.702 € 630.149 € 547.155 € 566.846 € 588.476 € 611.033 Zutphen € 1.230.124 € 1.178.264 € 1.207.837 € 1.251.242 € 1.298.930 € 1.348.659 Dekking algemene reserve €0 €0 €0 €0 €0 €0 Totaal € 7.370.769 € 8.273.132 € 9.323.970 € 9.659.639 € 10.028.445 € 10.413.054 De cijfers over het jaar 2025 bedragen de werkelijk gemaakte kosten. De jaren vanaf 2026 betreffen de begrotingsbedragen.
Toekomstplan en begroting 2027-2030 Tribuut belastingcentrum incl. nieuwe gemeenten
30
4.4
Balans
In de balans van Tribuut aan het einde van 2025 zijn voornamelijk overlopende activa en passiva te vinden, zoals ook beschreven in de paragraaf over weerstandsvermogen. Sinds 2020 zijn er slechts beperkte vaste activa, vanwege de aanschaf van laptops en mobiele telefoons, aanwezig. Vanaf 2025 is het saldo van vaste activa toegenomen vanwege de aanschaf van het nieuwe meubilair en de verbouwing van ons nieuwe onderkomen. Er is geen winstdoelstelling. Het resultaat wordt, na reservering van de maximale algemene reserve, direct verdeeld onder de deelnemende gemeenten. Het belangrijkste doel is om vlottende activa en passiva tot een minimum te beperken. Op basis van deze beleidsvoornemens wordt voor de jaren volgend op dit begrotingsjaar de balans als volgt geprognosticeerd: Activa Passiva
2025 2026 2027 2028 2029 2030 € 462.835 € 405.126 € 351.204 € 295.923 € 252.953 € 214.781 € 462.835 € 405.126 € 351.204 € 295.923 € 252.953 € 214.781
De opgenomen bedragen onder de post activa (materieel) over 2027 zijn als volgt opgebouwd: Activa Huurdersinvestering Meubelen Mobile Devices
€ 220.080 € 85.267 € 45.857
Totaal
€ 351.204
Bij Tribuut wordt ervoor gekozen om de jaarrekening op een beleidsarme manier te presenteren. Dit betekent dat een eventueel positief resultaat over 2027, met in achtneming van de maximale toeschrijving aan de algemene reserve, wordt uitgekeerd aan de gemeenten. Hierdoor zal er per 31 december 2027 een beperkt eigen vermogen op de balans aanwezig zijn. In samenspraak met de gemeenten zal het risicobeleid worden geëvalueerd om te bepalen of het nog steeds aansluit bij de huidige omstandigheden. Het volledig uitkeren van de algemene reserve zal leiden tot een daling van de dekkingsratio tot 0 (wat ruim onvoldoende is). Reserve 01 januari Begrotingswijziging Stand algemene reserve excl. resultaat Resultaat Voorstel uit te keren aan gemeenten Algemene reserve 31 december
2025 € 372.100 € € 372.100 € € € 372.100
2026 € 372.100 € € 372.100 € € € 372.100
2027 € 372.100 € € 372.100 € € € 372.100
Toekomstplan en begroting 2027-2030 Tribuut belastingcentrum incl. nieuwe gemeenten
31
Bijlage 1: lasten per taakveld 2027 Taakveld
Omschrijving
Tribuut
Aalten
Apeldoorn
Brummen Epe
Lochem
Oude Voorst IJsselstreek
0 Bestuur en ondersteuning Lasten 0.1 Bestuur € 112.500 €0 €0 €0 €0 €0 €0 0.4 Overhead € 2.210.989 €0 €0 €0 €0 €0 €0 0.5 Treasury € 15.335 €0 €0 €0 €0 €0 €0 0.61 OZB woningen € 4.523.837 € 312.609 € 2.148.293 € 278.472 € 423.982 € 434.345 € 486.625 0.62 OZB niet-woningen € 856.102 € 85.672 € 337.796 € 44.050 € 87.755 € 105.556 € 99.490 0.63 Parkeerbelasting € 17.444 €0 € 13.532 €0 €0 €0 €0 0.64 Belastingen overig € 29.846 € 2.208 € 48.309 €0 € 3.704 € 4.548 € 1.037 0.8 Overige baten en lasten €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 3 Economie 3.3 Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 3.4 Economische promotie € 6.970 € 951 € 5.745 € 865 € 1.132 € 2.581 € 1.905 6 Sociaal domein 6.3 Inkomensregelingen € 551.042 € 16.680 € 286.423 € 25.020 € 30.143 € 29.905 € 61.955 7 Volksgezondheid en milieu 7.2 Riolering € 324.559 € 41.624 € 342.871 € 91.594 € 131.392 € 84.485 € 74.313 7.3 Afval € 640.366 € 85.619 € 705.272 € 132.244 € 121.610 € 195.513 € 126.176 7.5 Begraafplaats en crematoria € 9.563 € 2.268 € 8.798 €0 € 4.802 € 2.098 €9 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing 8.3 Wonen en Bouwen € 25.417 € 5.861 € 19.378 €0 € 3.164 € 8.598 €0 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten € 9.323.970 € 553.493 € 3.916.416 € 572.245 € 807.683 € 867.632 € 851.510 Baten 0.5 Treasury €0 0.8 Overige baten en lasten € 9.323.970 0.10 Mutaties reserves €0 0.11
Resultaat van de rekening van basten en lasten €0 Totaal € 9.323.970 De lasten per taakveld worden bepaald door de gemeentelijke bijdrage per programmaonderdeel om te rekenen naar rato van het aantal aanslagregels per taakveld.
Zutphen
€0 €0 €0 € 289.640 € 80.720 €0 € 1.140 €0
€0 €0 €0 € 650.977 € 110.037 € 24.551 € 2.326 €0
€0 € 1.534
€0 € 339
€ 18.706
€ 82.210
€ 57.277 € 91.299 € 489
€ 106.125 € 216.057 € 2.881
€ 6.351 € 547.155
€ 12.334 € 1.207.837
De lasten per taakveld zijn voor de gemeenten ‘all inclusive’; Tribuut verantwoord de lasten op de taakvelden 0.1, 0.4, 0.5 en 0.8 afzonderlijk. Dit leidt ertoe dat de lasten horizontaal niet optelbaar zijn tot de lasten van Tribuut.
Toekomstplan en begroting 2027-2030 Tribuut belastingcentrum incl. nieuwe gemeenten
32