Eindrapportage risicoanalyse asiellocatie Ampsenseweg Lochem maart 2025
Tekst van het document
Rapport Maart 2025
OPVANG IN AMPSEN Risicoanalyse en kader voor maatregelen rondom de nieuwe asielopvang op de voormalige Pactumlocatie aan de Ampsenseweg in Lochem
Jos Kuppens Leanne Sixma
In opdracht van: Gemeente Lochem
Kuppens, J. en Sixma, L. Opvang in Ampsen Risicoanalyse en kader voor maatregelen rondom de nieuwe asielopvang op de voormalige Pactumlocatie aan de Ampsenseweg in Lochem © 2025, Bureau Beke Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteurs. No part of this publication may be reproduced in any form by print, photo print or other means without written permission from the authors.
Inhoudsopgave 1
Inleiding
3
1.1 1.2 1.3
Inkadering van de risicoanalyse Onderzoeksvragen Verdere inhoud van dit rapport
5 5 6
2
Activiteiten en wegingsmethodiek
7
2.1 2.2 2.3 2.4
Uitgevoerde onderzoeksactiviteiten De wegingsmethodiek Inventarisatie van oplossingsrichtingen (On)evenredige overlast en inzet van maatregelen
7 9 11 11
3
De benoemde risico’s en hun weging
13
4
Van risico’s 1 naar oplossingsrichtingen
35
4.1
De koppeling van oplossingsrichtingen aan de hoogste risico’s
36
5
Kader voor het dynamisch beheersplan
44
5.1 5.2
Algemene randvoorwaarden Specifieke randvoorwaarden
44 45
Bijlage: suggestie bordjes ‘privéterrein’
48
1 Inleiding Reikwijdte van deze risicoanalyse Belangrijk om te vermelden is dat deze risicoanalyse betrekking heeft op de aan Bureau Beke verstrekte opdracht dat de locatie van Pactum aan de Ampsenseweg gebruikt gaat worden voor de vestiging van 65 amv’ers en 300 asielzoekers; een oordeel over risico’s in het geval sprake is van minder of meer bewoners of van een andere locatie blijft in deze rapportage buiten beschouwing. Eventuele kleinere of grotere aantallen of een andere locatie vereist een hernieuwde risicoanalyse
Begin 2024 werd bekend dat het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) op het terrein van Pactum een asielzoekerscentrum wil openen. Het terrein van Pactum, een instelling voor jeugd- en opvoedhulp wordt momenteel nog gebruikt. Het COA is voornemens dit terrein te kopen er in eerste instantie 65 alleenstaande minderjarige vluchtelingen (amv’ers) te plaatsen, welke momenteel gehuisvest zijn in een nabijgelegen hotel (hotel Paasberg). Daarnaast is het plan om er ook een regionale opvang locatie (rol) dan wel een asielzoekerscentrum (azc) te vestigen, met plek voor 300 asielzoekers.1 Momenteel loopt de intentieverklaring nog; de aankoop van het terrein door het COA heeft nog niet plaatsgevonden. Op 4 maart 2024 is een motie aangenomen door de gemeenteraad van Lochem waarin staat dat de aanbevelingen uit de risicoanalyse leidend zijn bij het opstellen van de bestuursovereenkomst.2 Daarom is nog geen bestuursovereenkomst getekend, waar afspraken in komen te staan tussen de gemeente en het COA over onder andere het beheer van de locatie en het beheersen van de openbare orde en veiligheid. Voor het inschatten van opvanggerelateerde risico’s heeft de gemeente Lochem aan Bureau Beke gevraagd een risicoanalyse rondom de voorziene locatie voor maximaal 65 amv’ers en maximaal 300 asielzoekers uit te voeren.
In het door de gemeente Lochem geaccordeerde onderzoeksvoorstel staat vermeld dat het gaat om een gecombineerde opvang van enerzijds 65 amv’ers en anderzijds 300 statushouders/asielzoekers in een azc/rol. Heel specifiek noemen we dit aantal hier nogmaals. Dit omdat, vooruitlopend op 1. In de rol kunnen statushouders en asielzoekers met een kansrijke asielaanvraag een start maken met hun integratie. Een rol is verbonden aan meerdere gemeenten in de regio. In die gemeenten krijgen statushouders uiteindelijk een woning. In een azc zijn asielzoekers gehuisvest die in verschillende fasen van hun asielaanvraag kunnen zitten. In dit rapport maken we omwille van de leesbaarheid onderscheid tussen ‘amv’ers’ (de 65 jongeren) en ‘asielzoekers’ (de 300 overige asielzoekers; dit kunnen zowel volwassenen als hun kinderen zijn). Als we het over beide groepen hebben, schrijven we ‘vreemdelingen’ (hoewel deze term feitelijk gezien breder is dan asielzoekers en amv’ers). 2. Gemeente Lochem (2024). Motie gezamenlijke bestuursovereenkomst azc.
3
de onderzoeksresultaten, veel omwonenden hebben aangegeven geen azc met 300 asielzoekers te willen of een azc met minder bewoners. Omdat deze twee genoemde suggesties niet binnen onze opdracht voor de risicoanalyse vallen, hebben we deze terzijde moeten leggen; ons uitgangspunt in de risicoanalyse zijn de hierboven genoemde aantallen. De risicoanalyse heeft betrekking op leefbaarheid (‘schoon en heel’) en veiligheid op en rondom het opvanglocatie. Deze rapportage is het resultaat van de risicoanalyse.
Algemene visie van Bureau Beke op een risicoanalyse Een risicoanalyse heeft betrekking op het inventariseren van risico’s omtrent leefbaarheid en veiligheid in de omgeving van een opvanglocatie. Daar waar het ook in relatie staat tot de openbare ruimte, worden ook risicoaspecten meegenomen die zich op het terrein van de opvanglocatie voordoen. Om kwalitatief goed en tegelijkertijd ook onafhankelijk onderzoek te doen, is het volgens Bureau Beke van belang dat alle betrokkenen zoveel mogelijk worden meegenomen in het onderzoek. Onder ‘betrokkenen’ verstaan we niet alleen omwonenden, maar ook partners als de politie, het COA en beleidsmedewerkers van de gemeente. En onder ‘omwonenden’ verstaan wij dan burgers die voldoende zicht hebben op de situatie rondom de toekomstige opvang. Het cruciale onafhankelijke element van het onderzoek komt dan van Bureau Beke zelf. Op basis van de input van alle partijen bepaalt het onderzoeksbureau welke weging aan door alle betrokkenen genoemde risico’s van een opvang van 65 amv’ers en 300 asielzoekers gegeven wordt. En welke risico’s nog voor de vestiging zouden moeten worden afgedekt door middel van gesuggereerde oplossingsrichtingen.
Uniek aan de situatie in Ampsen is dat de 65 amv’ers al woonachtig zijn op een andere locatie in Lochem, waardoor huidige ervaringen met de doelgroep meegenomen konden worden in deze risicoanalyse. Hierbij wordt er rekening mee gehouden dat deze ervaringen niet per definitie ook zullen gelden in Ampsen. Ook uniek is het plan om op hetzelfde terrein 300 asielzoekers te plaatsen en er een zogenoemde rol dan wel azc van te maken. Dit samengaan van meerdere doelgroepen op hetzelfde terrein is niet veelvoorkomend en vraagt om een met andere locaties vergelijkende benchmark op deze situatie. Ondanks deze benchmark is het belangrijk om te vermelden dat iedere asielopvanglocatie haar eigen context kent, waardoor locaties (en de daarbij genoemde risico’s) niet een op een met elkaar te vergelijken zijn.
4
1.1 Inkadering van de risicoanalyse Door omwonenden3 zijn de volgende thema’s ook besproken en daarmee de wens om deze mee te nemen in deze risicoanalyse: • Het gebruik van het visiedocument; • Het kijken naar (bouw)vergunningsprocedures; • Het beroepen op nadeelcompensatie, bijvoorbeeld vanwege huiswaardedaling of het mislopen van omzet uit de verhuur van vakantiewoningen; • Het beroepen op de Wet natuurbescherming. Alle drie de thema’s maken geen onderdeel uit van de risicoanalyse, vanwege verschillende redenen. Er wordt in de risicoanalyse geen gebruik van het visiedocument, omdat we uitgaan van de aantallen en de locatie zoals bepaald bij aanvang van onze opdracht. Het visiedocument beschouwen we als een instrument voor mogelijke toewijzing van verschillende opvangsoorten in de verdere toekomst binnen gemeente Lochem. Juridische procedures die door derden worden opgestart, bijvoorbeeld rondom de extra bebouwing op het terrein, blijven buiten beschouwing. Wel kijken we naar algemene randvoorwaarden voor de 300 te plaatsen asielzoekers. Denk hierbij aan de omstandigheden als beplanting, kunstverlichting en hoogte van de bebouwing in relatie tot de zichtlijnen van omwonenden richting de asielopvang.
Feitelijk gezien staan juridische procedures ook los van de risicoanalyse, waarin het gaat om leefbaarheid (‘schoon en heel’) en veiligheid; het blijft voor eenieder mogelijk om op eigen initiatief juridische procedures op te starten. Dit geldt ook voor het beroep op nadeelcompensatie en de Wet natuurbescherming.
1.2 Onderzoeksvragen Voor de risicoanalyse rondom de plaatsing van 65 amv’ers worden door Bureau Beke de volgende onderzoeksvragen beantwoord: 1. Tot welke risico’s zal de vestiging van de amv-locatie aan de Ampsenseweg in Lochem leiden? 2. Welke risico’s zijn te kwalificeren als aannemelijke en urgente risico’s (‘risiconiveau I’) die minstens beheerst dan wel opgelost zouden moeten worden voor de toekomstige asiellocatie? 3. Welke risico’s zijn te kwalificeren als risiconiveau II en III? 4. Welke oplossingsrichtingen zijn aan de risico’s met niveau I te koppelen die in een beheersplan als maatregelen kunnen worden ingezet om de overlast te beheersen?
3. Wij hanteren in deze rapportage een brede definitie van omwonenden, namelijk ‘burgers die risico’s aandragen rondom de vestiging van het azc in Lochem’. Daarmee hechten wij belang aan de benoemde risico’s van alle burgers, zonder daarin op voorhand onderscheid te maken tussen bewoners die binnen een bepaald gebied wonen. In onze methodiek wordt, door middel van een schouw en het voeren van gesprekken, wel extra aandacht gegeven aan direct omwonenden. Zie verder in paragraaf 1.2.
5
Voor de risicoanalyse rondom de plaatsing van 300 asielzoekers worden door Bureau Beke de volgende onderzoeksvragen beantwoord: 1. Tot welke risico’s zal de vestiging van de opvanglocatie aan de Ampsenseweg in Lochem leiden? 2. Welke risico’s kunnen ontstaan als asielzoekers op dezelfde locatie worden geplaatst als amv’ers? 3. Welke risico’s zijn te kwalificeren als aannemelijke en urgente risico’s (‘risiconiveau I’) die minstens beheerst dan wel opgelost zouden moeten worden voor de toekomstige asiellocatie? 4. Welke risico’s zijn te kwalificeren als risiconiveau II en III? 5. Welke oplossingsrichtingen zijn aan de risico’s met niveau I te koppelen die in een beheersplan als maatregelen kunnen worden ingezet om de overlast te beheersen?
1.3 Verdere inhoud van dit rapport In het volgende hoofdstuk komen de uitgevoerde onderzoeksactiviteiten en de wegingsmethodiek aan bod. De risicoanalyse resulteert in hoofdstuk 3 in een overzicht van beschreven en benoemde risico’s, hun weging (kwalificatie 1, 2 of 3) en de door Bureau Beke vermelde argumentatie rondom de weging. In hoofdstuk 4 worden de risico’s die volgens de visie van Bureau Beke voorafgaand aan de start van de amv-/azc-locatie moeten zijn afgedekt (risico’s 1) gekoppeld aan oplossingsrichtingen. We noemen dit bewust nog oplossingsrichtingen, omdat het naar onze mening pas beheersmaatregelen zijn als door de verantwoordelijken wordt besloten om deze oplossingsrichtingen daadwerkelijk in te zetten. In het afsluitende hoofdstuk 5 volgt een inkadering van het toekomstig beheer, zoals wij dat ideaaltypisch voor ons zien. In dat hoofdstuk gaan we ook dieper in op nadere afspraken die tussen partijen gemaakt kunnen worden.
Een beheerplan is dynamisch De risicoanalyse resulteert in oplossingsrichtingen die volgens de visie van Bureau Beke voorafgaand aan de start van de opvanglocatie azc doorgevoerd moeten zijn. Het onderzoeksbureau regeert daarmee niet voorbij zijn eigen invloedssfeer; het is aan de betrokken partijen om te bepalen welke maatregelen (extra) worden ingezet als zich bepaalde risico’s voordoen die concrete actie vereisen. Daarvoor kunnen de betrokken partijen minimaal gebruik maken van de benoemde oplossingsrichtingen. Ook worden extra oplossingsrichtingen gegeven, voor het geval de risico’s na het nemen van de aanbevolen maatregelen nog onvoldoende beheerst kunnen worden; deze oplossingsrichtingen kunnen dan naast de al bestaande maatregelen ingezet worden. Een beheerplan heeft daardoor een dynamisch karakter: indien nodig, kan opgeschaald (bij meer overlast dan bij de start van de opvanglocatie), maar ook afgeschaald (bij minder overlast dan bij de start van het azc voorzien) worden in maatregelen.
6
2 Activiteiten en wegingsmethodiek De kern van de risicoanalyse is om vooraf de te verwachten risico’s van de komst van de mogelijke locatie en haar bewoners zo nauwkeurig mogelijk te wegen. Dit gebeurt door het inventariseren van feiten en meningen. Hiervoor zijn verschillende onderzoeksactiviteiten uitgevoerd.
2.1 Uitgevoerde onderzoeksactiviteiten Het uitvoeren van (groeps)gesprekken met betrokkenen Gedurende de gehele onderzoeksperiode zijn gesprekken met omwonenden gevoerd, omdat wij hen beschouwen als ‘expert van hun eigen omgeving’. Naast omwonenden rondom Ampsen betrof het ook omwonenden rondom hotel Paasberg, de huidige locatie van de amv’ers. Tevens is iemand uit de klankbordgroep van hotel Paasberg gesproken. Naast omwonenden zijn er ook gesprekken gevoerd met professioneel betrokkenen van de politie, het COA, Pactum, NIDOS en ambtenaren van de gemeente Lochem. Ook met Stichting Al Islah, Stichting Reubezorg, Landgoed Kasteel Ampsen en organisaties die momenteel op het Pactumterrein zitten (Phoenix Sterrenwacht en Lions Lochem Helpt!) is een gesprek gevoerd. Ten slotte is ook met (vertegenwoordigers van) ondernemingen in Lochem en Laren gesproken. In totaal zijn er 46 personen gesproken om risico’s te inventariseren en elders opgehaalde risico’s in een breder perspectief te plaatsen.
Met betrokkenen is onder andere gesproken over: ▪ De situatie rondom de locatie; ▪ (Overlast)profiel van de amv’ers en asielzoekers; ▪ Te verwachten risico’s vanuit infrastructureel perspectief; ▪ Eventuele risico’s voor specifieke groepen in de omgeving, zoals omwonenden, kwetsbare groepen en voorzieningen; ▪ De draagkracht van de omgeving in relatie tot druk op de reeds bestaande voorzieningen in de buurt, omwonenden en kwetsbare groepen; ▪ Oplossingsrichtingen tegen de risico’s; ▪ Looproutes/eventuele ophoudplekken; ▪ Dagbestedingsaanbod. Het uitvoeren van een schouw met direct omwonenden Via de schouw, die door twee onderzoekers is uitgevoerd met acht direct omwonenden, is de situatie ter plekke bekeken. Tijdens de schouw hebben de omwonenden aandachtspunten, zoals mogelijk overlastgevende hangplekken, ongewenste looproutes en andere risico’s getoond en is samen gesproken over mogelijke oplossingen. Deze schouw is uitgevoerd op 10 april 2024.
7
Enquête onder bewoners in een ruimer gebied rondom de nieuwe opvanglocatie Het uitzetten van een enquête is via een brief aan omwonenden verlopen. Daarvoor zijn 205 brieven verstuurd op 12 juni 2024, met een herinneringsbrief op 5 juli 2024.4 Ook is aan de Lochemse ondernemersvereniging gevraagd de enquête uit te zetten. De respons is 151 mensen die de vragenlijst hebben ingevuld. Bronanalyse: inventarisatie van risico’s Naast voorgaande onderzoeksactiviteiten zijn diverse bronnen ingezien waarin in eerdere stadia door omwonenden al risico’s zijn benoemd. Het gaat dan om informatie vanuit informatiebijeenkomsten, informatie vanuit de media, door omwonenden aangedragen informatie over asielopvang elders en informatie vanuit een inspraakavond tijdens een gemeenteraadsvergadering. Ook is gebruik gemaakt van documenten die zowel het COA, de gemeente als omwonenden hebben aangeleverd. Daarvan zijn alleen de voor deze risicoanalyse relevante bronnen gebruikt.5 Een benchmark op de combinatie amv- en azc-locatie Aangezien er voor deze risicoanalyse gekeken wordt naar de combinatie van een amv- en azc-locatie, zoals de opdracht aan Bureau Beke beoogde is er informatie verzameld vanuit andere opvanglocaties die met deze combinatie te maken hebben.
Hiervoor zijn gesprekken gevoerd met COA-locatiemanagers (waaronder Harderwijk), een medewerker van NIDOS in Lochem en een landelijk NIDOS-medewerker. In deze benchmark zijn de ervaringen van de betrokken professionals besproken. Ook is gekeken hoe andere gemeenten aan de voorkant risico’s hebben ingeschat en hoe deze in de praktijk hebben uitgepakt. Hoewel we ons realiseren dat iedere locatie uniek is en zijn eigen context kent, vonden we het belangrijk om dergelijke ervaringen mee te nemen. Ter ondersteuning hiervan is ook gekeken naar hetgeen in de literatuur hierover bekend is. Het meenemen van ervaringen uit eerder onderzoek van Bureau Beke Jaarlijks voert Bureau Beke een zogenaamde Monitoring Veiligheid en Leefbaarheid rondom azc-locaties Zutphen en Winterswijk uit. De bronnen voor deze monitoring worden in hoofdzaak gevormd door een enquête onder omwonenden. Daardoor kunnen zij, ook als ‘experts van hun eigen omgeving’, aangeven welke overlast- en criminaliteitservaringen zij hebben. Inmiddels heeft rondom azc Zutphen de zevenmeting en rondom 4. De brieven zijn verstuurd naar woningen in de volgende straten: Aardappeldijk, Ampsenseweg, Bouwhuisweg, Dijkmansweg, Exelseweg, Kwinkweerd, Laan Ampsen, Oude Lochemseweg, Priezerstege, Rengersweg, Rossweg, ’t Veld en Vossebosweg. 5.
De aangeleverde documenten vanuit de gemeente, COA en omwonenden die zijn gebruikt in deze risicoanalyse, zijn: ‘De motie gezamenlijke bestuursovereenkomst’, ‘Gemeentelijke data verkeer Ampsenseweg’ en ‘Huisregels van het COA’.
8
Winterswijk de tweemeting plaatsgevonden. Deze monitoring geeft daarmee gedegen inzicht in veiligheids- en leefbaarheidsaspecten waar dergelijke instellingen mee te maken hebben gehad. Ook zijn er eerdere risicoanalyses rondom diverse opvanglocaties. Ervaringen die in deze analyses zijn opgedaan, gekoppeld aan hetgeen momenteel daadwerkelijk op het gebied van veiligheid en leefbaarheid speelt, is eveneens door de onderzoekers meegenomen. Ondernemersraadpleging Om een beeld te krijgen van de risico’s die ondernemers verwachten, is ook met hen gesproken. In totaal zijn ondernemers van vijf winkels bevraagd, een pizzeria en voorzitter/leden van ondernemersverenigingen in Lochem en Laren. Bespreking concept-rapport met ‘leescommissie’ Ten slotte is de concept-risicoanalyse op hetzelfde moment voorgelegd aan een delegatie van omwonenden, de gemeente Lochem en het COA. Zij allen zijn in de gelegenheid gesteld om het concept terug te leggen bij derden. In een gemeenschappelijke bijeenkomst is al het commentaar besproken en vervolgens door Bureau Beke verwerkt richting de definitieve risicoanalyse.
Daarbij hebben de volgende uitgangspunten centraal gestaan: ▪ Feitelijke onjuistheden, zoals verkeerd benoemde locaties en instanties, zijn aangepast; ▪ Argumenten om de door Bureau Beke benoemde weging te heroverwegen zijn besproken, waarna Bureau Beke de overwegingen heeft meegenomen in de definitieve versie van de risicoanalyse.
2.2 De wegingsmethodiek Het geven van een overzicht van risico’s na de weging Uiteindelijk hebben alle activiteiten geleid tot een overzicht aan risico’s (zie hoofdstuk 3). Het maakte daarbij niet uit of een risico een of meerdere keren genoemd is; ieder risico is meegenomen. Vervolgens zijn de risico’s door twee direct bij de activiteiten betrokken onderzoekers van Bureau Beke gewogen en door een extra onafhankelijke onderzoeker tegen gelezen. Dit laatste om te voorkomen dat mogelijk sprake is van ‘tunnelvisie’ van de zijde van de onderzoekers. De wegingsmethodiek is als volgt visueel weer te geven:
9
Figuur 2.1: de wegingsmethodiek
De drie kernvragen leiden tot drie risiconiveaus met de volgende verduidelijking: ▪ Niveau 1: het risico is aanwezig en dermate aannemelijk, concreet en urgent (lees: in ieder geval voor de opening van de opvang door een beheersmaatregel af te dekken). Monitoring van het risico is vereist; ▪ Niveau 2: het risico is aanwezig, maar niet dermate aannemelijk, concreet en urgent dat direct een beheersmaatregel nodig is. Monitoring van het risico is wel vereist om te bepalen of het op termijn een risiconiveau 1 wordt; ▪ Niveau 3: het risico is (vooralsnog) niet aanwezig en aannemelijk. Er is geen beheersmaatregel en geen monitoring op dit risico nodig. Voor de duidelijkheid: de aannemelijkheid van een risico resulteert dus niet in een berekening van aantallen incidenten in de toekomst en/of kansen waarop bepaalde incidenten kunnen optreden. Alle input die uit de onderzoekshandelingen naar voren komt wordt in de weging meegenomen en leidt tot de risico-inschatting. Omdat het zowel cijfers uit het verleden als meningen van betrokkenen betreft, worden die niet in een model gekwantificeerd omdat dit niet mogelijk is; het gaat om het vertalen van zowel data als meningen van partijen richting de aannemelijkheid waarop bepaalde zaken zich voor kunnen gaan doen. En, als dit zich voordoet, om de urgentie om dit direct aan te pakken.
10
2.3 Inventarisatie van oplossingsrichtingen Ook zijn alle door de omwonenden aangedragen oplossingsrichtingen geïnventariseerd. In de visie van Bureau Beke moeten de risico’s met niveau 1 gekoppeld worden aan minimaal één oplossingsrichting. Een of meerdere oplossingsrichtingen krijgen dan het karakter van concrete maatregelen als deze worden ingezet door de beheerpartners. Deze kunnen vervolgens worden gebruikt voor een beheerplan. Daarbij is een onderverdeling gemaakt in ‘basisoplossingsrichtingen’ (door te voeren oplossingsrichtingen die direct, en volgens de visie van Bureau Beke al bij de start van de opvang ingezet worden) en ‘opschaaloplossingsrichtingen’ (te reserveren oplossingsrichtingen die eventueel in de toekomst nog ingezet kunnen worden). Het onderscheid tussen deze twee soorten oplossingsrichtingen bepalen we op basis van monitorervaringen na risicoanalyses elders. De beheerbaarheid van leefbaarheid en veiligheid staat daarbij centraal.
2.4 (On)evenredige overlast en inzet van maatregelen Voor Bureau Beke is de beheerbaarheid van de veiligheid en leefbaarheid in de omgeving van de asielopvang essentieel. De basisoplossingsrichtingen die in de risicoanalyse worden voorgesteld beschouwt Bureau Beke als minimaal uit te voeren suggesties bij de start van de opvanglocatie. Tijdens de exploitatie van de asielopvang kan geconcludeerd worden dat de naar maatregelen omgezette oplossingsrichtingen volstaan om de leefbaarheid en veiligheid in de omgeving van de opvanglocatie te waarborgen. Maar evengoed kan het ook zo zijn dat deze maatregelen niet afdoende zijn. In dat laatste geval is het van belang om te kijken of er nog extra maatregelen noodzakelijk zijn. Voor Bureau Beke is het in de evaluatie essentieel om te kijken naar ‘onevenredig overlast’. Deze is in eerdere risicoanalyses gedefinieerd als: Onevenredige overlast is aan de asielopvanglocatie of haar bewoners te relateren overlast die door de verantwoordelijke handhavende partijen met de beschikbare maatregelen niet beheerd kan worden. Essentieel in deze definitie is dat overlast toewijsbaar moet zijn aan de asielopvang of haar bewoners; andere vormen van overlast worden niet meegenomen. Verder gaat de definitie uit van een bepaalde mate van hanteerbaarheid van overlast.
Dit wil dus zeggen dat overlast aan beheermaatregelen gekoppeld wordt en daarmee goed in de hand gehouden wordt, niet dat alle overlast in een straat of buurt tot een nulpunt gereduceerd moet of kan worden. Dit laatste is namelijk niet mogelijk, omdat aan overlast ook deels een subjectieve component hangt, namelijk de beleving van de burger; de ene burger ervaart bepaalde gebeurtenissen eerder als overlastgevend dan andere burgers. Het plaatsen van asielzoekers aan de Ampsenseweg zal immers de nodige activiteit en beweging in de omgeving met zich meebrengen.
11
Voor goed beheer rondom de asielopvang aan de Ampsenseweg is, na oplevering van de risicoanalyse, het volgende stroomschema voor de monitoring door een beheergroep mogelijk nuttig:
Belangrijk is dus dat in geval van onevenredige overlast gekeken wordt naar extra of alternatieve maatregelen die de overlast beter kunnen beheren. Deze alternatieve maatregelen kunnen in ieder geval gevonden worden in de opschaaloplossingsrichtingen, maar mogelijk zijn gaandeweg de exploitatie ook nieuwe maatregelen ter beschikking gekomen die ingezet kunnen worden. Dit geldt echter ook andersom: als blijkt dat er met minder maatregelen hetzelfde overlastniveau kan worden gerealiseerd, kunnen maatregelen eventueel ook worden afgebouwd.
Risicoanalyse: vooruitblik op effecten valt buiten de scope De risicoanalyse geeft een kader voor de partners om in voorbereiding op en vanaf de start van de asielopvang leefbaarheids- en veiligheidsrisico’s te beheersen. Omdat de mate waarin risico’s voorkomen van zeer veel factoren afhankelijk zijn, is binnen de risicoanalyse geen inschatting van de effecten van maatregelen te maken. Het is daarom belangrijk dat door de beheerpartners intensief en regelmatig gemonitord wordt in hoeverre de vooraf benoemde risico’s zich daadwerkelijk in meer of mindere mate gaan voordoen. En of de maatregelen hiertegen op- dan wel afgewaardeerd moeten worden.
12
3 De benoemde risico’s en hun weging In dit hoofdstuk volgt de weging van de in documenten beschreven en door betrokkenen genoemde risico’s. Deze risico’s zijn, omwille van de leesbaarheid, gerubriceerd in thema’s. Het gaat dan om de volgende thema’s: ▪ Door amv’ers/asielzoekers en derden gepleegde overlast; ▪ Door amv’ers/asielzoekers en derden gepleegde criminaliteit; ▪ Aantasting van de leefbaarheid; ▪ Incidenten op de locatie; ▪ Infrastructurele problemen; ▪ Ongewenste interactie tussen doelgroepen; ▪ Aandachtspunten rondom de samenwerking tussen beheerpartners; ▪ Aandachtspunten rondom de personele inzet van beheerpartners; ▪ Risico’s voor amv’ers/asielzoekers. De risico’s zijn afzonderlijk gewogen voor amv’ers (amv) en asielzoekers (az). Als de wegingen wat betreft aard en oorsprong overeen komen worden ze samengenomen via de noteerwijze amv/az. Hierbij is het belangrijk om te vermelden dat wij eerder naar gedrag van asielzoekers kijken dan naar de aantallen asielzoekers. Immers: door Bureau Beke uitgevoerde monitoring rondom asiellocaties wijst uit dat één asielzoeker soms meer overlast kan geven dan een totale groep.
13
Risico
Weging risico
Argumentatie
Door amv’ers/asielzoekers gepleegde overlast Ontbreken Amv/az: 2 dagbesteding, leidend tot verveling en overlast
Betreden privéterreinen
Betreden van leegstaande vakantiehuisjes
Vooralsnog zien we voldoende alternatieven voor jongeren om bezig te zijn. Bovendien hoeft verveling niet direct te leiden tot overlastgevend gedrag. Jongeren van hotel Paasberg volgen een vaste dagindeling met vier dagen school en enkele activiteiten in de vrije tijd; dat zal ook op de nieuwe locatie plaatsvinden. Verveling/ontbreken van dagbesteding op zichzelf hebben wij daarnaast niet de zwaarste risicoweging gegeven, omdat de ervaring is dat dit niet automatisch tot overlast hoeft te leiden. Bovendien is er op en rondom hotel Paasberg geen directe relatie tussen het ontbreken van dagbesteding en noemenswaardige overlast. Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat de Paasberg op een centralere locatie bij het centrum ligt waardoor er meer bedrijvigheid is dan rond de locatie aan de Ampsenseweg. Voor asielzoekers geldt hetzelfde als voor amv’ers behalve dat zij geen verplicht schooltraject volgen. Niet uitgesloten is dat verveling hierdoor eerder om de hoek komt kijken. Alleen hoeft dit niet automatisch tot overlast te leiden. Amv/az: 1 Zowel omwonenden, bedrijven als instellingen in de omgeving geven aan het onwenselijk te vinden dat amv’ers en asielzoekers hun privéterreinen betreden. Elk met een eigen reden. Omwonenden geven aan zich onveiliger te voelen als er ‘vreemden’ op hun terrein lopen.
Agrarische bedrijven uiten de zorgen over beschadiging van akkers, de ontregeling van/letsel aan dieren als er onbekenden op het terrein lopen en vrezen voor schade aan dure machines die in het zicht staan. De instellingen vrezen voor het welbevinden van hun personeel en cliënten als vreemdelingen hun terrein betreden. Het is niet geheel uitgesloten dat vreemdelingen die niet op de hoogte zijn van Nederlandse gebruiken of die nieuwsgierig zijn naar hun nieuwe omgeving tuinen van omwonende betreden, maar op grond van door ons uitgevoerde monitoring elders achten we dit niet heel aannemelijk. Als dit wel gebeurt, zal dit door omwonenden als overlastgevend worden ervaren. In ieder geval ligt hier een taak voor het COA om de amv’ers en asielzoekers goed te (blijven) informeren. Door omwonenden worden verschillende locaties genoemd wat betreft vreemdelingen die over privéterreinen, paden en akkers lopen. Het gaat dan met name om de driehoek Ampsenseweg, Dijkmansweg en Exelseweg (en de daaraan liggende terreinen). Het is niet geheel uitgesloten dat asielzoekers dit zullen doen, ook omdat veel huizen (zowel vakantieals permanente bewoning) aan doodlopende, soms onverharde straten liggen die niet direct als privéterrein herkenbaar zijn. Het is daarom belangrijk dat amv’ers en asielzoekers duidelijk gemaakt wordt dat dit niet de bedoeling is.
Amv/az: 2 Onze ervaring wijst uit dat dit niet (op grote schaal) voorkomt. Daarnaast verwachten wij dat rondhangen in leegstaande vakantiehuisjes niet in het belang is van amv’ers en asielzoekers, omdat hier in verschillende situaties een handhaafbaar strafrechtelijke consequentie aan te koppelen is (huisvredebreuk, art. 138 Sr.). Mocht dit fenomeen zich toch gaan voordoen, dan is het zaak dat direct actie wordt ondernomen door COA en/of politie.
14
RondhanAmv/az: 1 gen/rondzwerven in de openbare ruimte
Ongewenste looproutes (olifantenpaadjes)
Regelmatig wordt door omwonenden aangegeven dat asielzoekers rondom huizen, in bossen en in het centrum zullen gaan lopen. In eerste instantie beschouwen wij rondhangende vreemdelingen, zolang die niet in te grote aantallen bijeen zijn en er geen overlastgevende/criminele activiteiten plaatsvinden, acceptabel. Het is hen toegestaan om, net zoals Nederlandse burgers, zich in de publieke ruimte te begeven. In dit kader sluiten we ook niet uit dat amv’ers en asielzoekers, vooral als ze net op de locatie zijn aangekomen, de weg kwijt raken. Vanuit de omwonenden wordt aangegeven dat de omgeving rondom het azc bebost en afgelegen is, ook omdat er niet altijd sprake is van permanente bewoning op het vakantiepark. Omdat het een toeristisch gebied is en vanwege aantasting van eigen veiligheidsgevoel, zien omwonenden bij voorkeur geen samenscholing van asielzoekers. Hierbij gaat het niet alleen om rondhangen, maar voor een deel ook om asielzoekers die gaan wandelen. Door betrokkenen worden met name de volgende locaties genoemd: wederom de driehoek Ampsenseweg, Dijkmansweg en Exelseweg (en omliggende terreinen), de bankjes bij Landgoed Kasteel Ampsen, het nieuwe fietsviaduct bij het station en het plein bij pizzeria ’t Trefpunt.
We hebben ook nog gesprekken gevoerd met ondernemers, onder andere supermarkten en een tabakswinkel, om na te vragen wat zij aan overlast hebben ervaren en denken te gaan ervaren. Een deel van hen heeft aangegeven het wenselijk te vinden om nadere afspraken met het COA te maken als overlast zich voordoet. Naar onze mening is het van belang om daadwerkelijke overlast (hier vallen naar onze mening op de openbare weg wandelende asielzoekers niet onder) in de omgeving zoveel mogelijk tegen te gaan. Om dit punt terug te laten keren in het periodieke omwonendenoverleg en vanwege de afspraken met de ondernemers geven we hier de hoogste kwalificatie aan. Amv/az: 1 Omwonenden geven aan dat zij vrezen voor een toeloop van asielzoekers op zelfgecreëerde ongewenste loop- en fietspaden. Uit eerdere risicoanalyses komt naar voren dat het COA de ervaring heeft dat asielzoekers inderdaad geneigd kunnen zijn om ongewenste doorgangen te creëren en zo routeverkortingen te bewerkstelligen. Hierdoor ontstaan mogelijk onwenselijke ‘olifantenpaadjes’ over omliggende percelen.
Door omwonenden zijn tijdens de schouw enkele ongewenste routes genoemd: - over de weilanden (bijvoorbeeld vanuit de Exelseweg naar het Pactumterrein, of direct langs woningen aan de Ampsenseweg richting de Exelseweg) - via het zonnepanelenveld naar het station - langs het spoor naar het station Doordat bovengenoemde locaties op privéterreinen staan en/of onveilig zijn achten wij het onwenselijk dat bovengenoemde paden worden gemaakt. Daarom geven wij hier de hoogste risicocategorie aan.
15
Geluidsoverlast rond het terrein
Wildplassen
Amv/az: 2 In de landelijke en bosrijke omgeving is het niet uitgesloten dat de vreemdelingen in voorkomende gevallen voor geluidsoverlast zorgen, bijvoorbeeld als zij buiten muziek draaien, schreeuwende kinderen of mensen die op het terrein sporten. Door omwonenden gesuggereerde geluidsoverlast door godsdienstige rituelen zijn wij tijdens monitoring elders tot op heden nog niet tegengekomen. We vernamen dat vanuit hotel Paasberg geluidsoverlast ontstond door het aanzetten van het brandalarm, maar dit is besproken en opgelost. Momenteel zijn ons geen klachten bekend over geluidsoverlast rondom hotel Paasberg. We achten daarom structurele geluidsoverlast daarom niet direct aannemelijk op en rondom de nieuwe opvanglocatie, ook omdat het COA heeft aangetoond hier maatregelen tegen te kunnen treffen. Amv/az: 2 In de vragenlijst is aangegeven dat omwonenden een risico zien in wildplassen, met name onderweg van het opvangterrein naar het centrum van Lochem. Hoewel wildplassen niet geheel uit te sluiten valt, worden asielzoekers door het COA gewezen op het schoon, heel en veilig houden van de omgeving. Bovendien kan handhaving sancties opleggen voor alle wildplassende burgers.
Door amv’ers, asielzoekers en derden gepleegde criminaliteit Diefstal uit winkels en kraampjes
Amv/az: 1 Diefstal is een risico dat meerdere invalshoeken kent. Uit eigen ervaring rondom monitoring van opvanglocaties blijkt dat over de periode 2017-2023 specifieke groepen asielzoekers met name winkeldiefstal plegen en drugs dealen. 6 Voor het Ministerie van Veiligheid en Justitie zijn wij bezig met een onderzoek naar criminele asielzoekers. Uit de eerste bevindingen van wetenschappelijk onderzoek komt naar voren dat er signalen zijn dat een specifieke groep asielzoekers, namelijk uit de zogenaamde ‘veilige landen’ sprake is van (winkel)diefstal.7 In de beginfase van hotel Paasberg als opvanglocatie voor amv’ers heeft zich een incident voorgedaan met drie ‘veiligelanders’; zij zijn opgepakt voor zakkenrollen. Nadien heeft er geen vergelijkbaar incident meer plaatsgevonden waar amv’ers bij betrokken waren. Aangezien er niet uitgesloten kan worden dat er onder de amv’ers, maar ook onder asielzoekers ‘veiligelanders’ zullen voorkomen, achten wij het wenselijk dit te monitoren en indien nodig in maatregelen op te schalen. Het is overigens gebleken dat dit opschalen bij de drie amv’ers door de betrokken partijen goed opgepakt is. Ondanks dat er momenteel geen criminaliteit overlast is van amv’ers in Lochemse winkels zouden enkele winkeliers wel preventief afspraken met het COA willen maken, indien er naast de amv’ers ook asielzoekers geplaatst worden.
Dit geldt ook voor de winkels waar tabak verkocht mag blijven worden. Een verandering in de verkooppunten kan leiden tot meer drukte in deze winkels.
6. Kuppens, J. & H. Ferwerda (2017; 2018; 2019; 2020; 2021; 2022; 2023). Monitoring veiligheid en leefbaarheid rondom azc Zutphen. Nul-, een-, twee-, drie-, vier-, vijf- zes- en zevenmeting. Arnhem: Bureau Beke. 7. Zie https://www.coa.nl/nl/incidentenregistraties voor een overzicht over de jaren 2015-2023.
16
Diefstal van dieren
Amv/az: 2
Fietsdiefstal
Amv/az: 1
Drugsgebruik Amv/az: 1 en alcoholgebruik door amv’ers en asielzoekers in de openbare ruimte Drugs dealen Amv/az: 1 door amv’ers/ asielzoekers
Tot slot sluiten we eveneens niet uit dat het nodig is om eventuele diefstal van in het openbaar aangeboden goederen (aan de straat en bij de zorgboerderij) te monitoren in het overleg met de betrokken partijen. Door omwonenden is diefstal van dieren genoemd als risico. Hierbij gaat het voornamelijk om dieren met hoge economische waarde. Wij zien hier op basis van monitoring rondom asielopvang elders geen concrete aanwijzingen voor en achten het minder aannemelijk dat dit plaats zal vinden. De locatie bevindt zich tussen weilanden in het buitengebied, waardoor het aannemelijk is dat amv’ers en asielzoekers zich met de fiets verplaatsen richting het centrum of naar de trein. Het COA biedt niet standaard fietsen aan, de huidige amv’ers in hotel Paasberg hebben zelf moeten sparen voor een fiets. Vanuit de professionals zijn er vermoedens dat er in het begin door amv’ers van hotel Paasberg wel fietsen zijn gestolen, maar dit wordt niet door alle professionals bevestigd. Opgemerkt moet worden dat fietsendiefstal meer wordt gevreesd als er onder de 300 asielzoekers ook veiligelanders voorkomen. Een uit de praktijk bekend probleem volgens omwonenden is dat mensen die terugkomen van de trein op/rond het station Lochem een fiets lenen of stelen (ook al staan ze op slot).
Wel zit er een kantelpunt aan wat aan maatregelen doorgevoerd zou moeten worden; de meest verregaande suggestie die is gegeven, het aanbieden van gratis fietsen, leidt niet altijd tot verantwoordelijk gebruik hiervan omdat bekend is dat verlichting niet altijd werkt en de fietsvaardigheid regelmatig ontoereikend is. Volgens enkele omwonenden is er momenteel al sprake van drugsproblematiek onder Lochemse jongeren. Deze drugsoverlast is door professionals en omwonenden van hotel Paasberg niet genoemd als risico. Toch blijft middelengebruik wel een punt van aandacht, met name voor amv’ers, aangezien jeugd in het algemeen gevoelig is voor (soft)drugsgebruik en alcohol. Verder is bekend dat er met name onder de zogenoemde veiligelanders sprake kan zijn van drugsgebruik, bijvoorbeeld als sprake is van kwetsbaarheid (trauma’s, ziekte). Ook uit onze monitoringsactiviteiten blijkt dat drugsgerelateerde criminaliteit (gebruik en handel) een aandachtspunt is. Daarom sluiten we niet uit dat dit (op termijn) ook rondom de locatie in Lochem kan gaan gelden. Hiervoor gaven we al aan dat handel in drugs kan gaan spelen, naar onze mening zowel bij (kwetsbare) jongeren als bij asielzoekers met minder goede bedoelingen. Het ronselen van jongeren voor (drugsgerelateerde) criminaliteit zien wij als aandachtspunt in Lochem, niet alleen voor amv’ers, maar ook voor (kinderen van) asielzoekers.
Van belang achten wij het daarom om hierop te monitoren.
17
Aanzuigende Amv/az: 1 werking van drugscriminaliteit
Momenteel kan volgens enkele respondenten in de vragenlijst niet uitgesloten worden dat er in de nabije omgeving al in drugs wordt gedeald. Hoewel de amv’ers een mogelijk extra doelgroep voor dealers vormen, lijkt de situatie tot op heden hanteerbaar. Er zijn alleen zowel bij de professionals geen signalen bekend dat er een aanzuigende werking van drugscriminaliteit in Lochem plaatsvindt. Ook uit onze monitoring rondom opvanglocaties blijkt vooralsnog niet van (veel) door derden gepleegde drugscriminaliteit. Toch is het voor de leefbaarheid in de buurt van belang om dit goed te monitoren en geven we hier de hoogste risicoclassificatie aan. Aantrekken Amv/az: 2 In de vragenlijst is aangegeven dat er gevreesd wordt voor plaatsing van voornamelijk mannelijke amv’ers en asielzoekers prostitutie en hiermee de aanloop van vrouwen op en rond het terrein. Hoewel wij het mogelijk achten dat er behoefte is aan relaties, vriendschappen en intimiteit hebben wij hier geen concrete aanwijzingen voor en zien wij dit niet als een aannemelijk en urgent risico. Agressie Amv/az: 2 Door onder andere psychische problemen kan er bij de amv’ers/asielzoekers sprake zijn van geweld of agressie. Er wordt en/of geweld door omwonenden genoemd dat zij vrezen voor escalatie bij het aanspreken op ongewenst gedrag.
Uit door ons uitgedoor amv’ers/ voerde monitoring rondom opvanglocaties dat agressie (als dit zich uit) zich voornamelijk richt tegen medebewoners en asielzoekers personeel. Bovendien speelt agressie zich dan hoofdzakelijk op het terrein af. De sanctiemaatregelen die het COA hierterichting omgen inzet achten wij daarnaast voldoende. wonenden Onheuse be- Amv/az: 3 Uit gesprekken met omwonenden en de vragenlijst komen zorgen naar voren dat amv’ers en asielzoekers de Lochemse jegening/disinwoners onjuist zouden bejegenen. Dit lijkt een historie te hebben; in de tijd van de ama’s is er volgens enkele omwocriminatie nenden overlast geweest zijn van deze aard. Alleen zijn er vooralsnog vanuit de huidige groep amv’ers hiervoor geen aandoor vreemwijzingen en ook uit de benchmark in andere gemeenten met een amv-locatie blijkt dit risico niet. Daarnaast levert onze delingen richmonitoringsactiviteiten geen aanwijzingen dat asielzoekers dergelijk gedrag vertonen. ting omwonenden Inbraak door Amv/az: 2 De omgeving van het azc-terrein kent onder andere een recreatiepark met deels permanente bewoning, landbouwbedrijamv'ers en ven en vrijstaande huizen. Deze zijn allemaal betrekkelijk eenvoudig te betreden vanwege het veelal ontbreken van hekasielzoekers ken.
Uit de ervaringen van andere gemeenten in de benchmark en de monitoring blijkt alleen geen aan in auto's/ amv’ers/asielzoekers toewijsbaar verband met inbraken. Ook als gekeken wordt naar veiligelanders onder de asielzoekers huizen/schugaat het vooral om feiten als zakkenrollen en diefstal. Zoals we ook al bij het betreden van erven bespraken, moet voor ren vreemdelingen in ieder geval wel duidelijk zijn waar de erfgrenzen zich bevinden. Dat punt komt al terug bij ‘betreden privéterreinen’.
18
Zwartrijden in Amv/az: 2 Uit gesprekken met professionals blijkt dat onder de huidige groep amv’ers met name aan het begin van het verblijf overopenbaar verlast in het openbaar vervoer is geweest, vooral zwartrijden. De jongeren mogen op verlof in het weekend of de vakantie, voer waardoor ze afhankelijk zijn van het openbaar vervoer. Vanuit de professionals is aangegeven dat jongeren sinds een paar maanden de mogelijkheid hebben om een goedkoop dagticket te kopen; sindsdien zou het aantal zwartrijdende jongeren zijn gedaald. Niettemin wordt door een enkele professional ook aangegeven dat zwartrijden niet altijd te voorkomen is, bijvoorbeeld vanwege geldproblemen. Omdat dergelijke feiten in de regel via de vervoerbedrijven en de officier van justitie afgedaan worden, zien wij dit in eerste instantie niet als een verantwoordelijkheid voor het lokale beheer in Lochem; pas als de zwartrijder ook lokale overlast geeft/criminaliteit pleegt, zijn de bij het beheer betrokken partijen aan zet. StraatintimiAmv/az: 1 Uit zowel de schouw, gesprekken met omwonenden en de vragenlijst komt straatintimidatie als risico naar voren. Deze datie (nafluistraatintimidatie zorgt voor onveiligheidsgevoelens, met name onder vrouwen en kinderen. Omwonenden noemen hierten, roepen bij vooral ervaringen met Lochemse ama’s uit het verleden, zoals scheldpartijen, intimidatie en nafluiten.
Ervaringen elen sissen) ders wijzen uit dat vooral de minder ernstige vormen van dergelijk grensoverschrijdend gedrag voorkomen, maar vooral veroorzaakt door een specifieke groep volwassen asielzoekers (veiligelanders). Uit door ons uitgevoerde monitoring elders blijkt inderdaad dat straatintimidatie door amv’ers inderdaad niet uitgesloten kan worden. Plegen van Amv/az: 2 Onder de omwonenden heersen zorgen over het plegen van seksuele delicten door amv’ers en asielzoekers. Net zoals bij seksuele dede hierboven genoemde straatintimidatie heersen er onveiligheidsgevoelens. Vrouwen, kinderen en ouderen zijn groepen licten (bijdie specifiek worden genoemd als extra kwetsbaar. Toch leert onze ervaring met monitoring rondom asielopvang dat voorbeeld zware seksuele delicten tot op heden vooralsnog niet zijn voorgekomen. Ook onder veiligelanders komt dit weinig voor; aanranding/ als zij al criminaliteit plegen, dan is dit voornamelijk vermogenscriminaliteit. verkrachting) Mishandeling Amv/az: 1 In het verleden hebben zich incidenten met dieren voorgedaan, aldus omwonenden. Er wordt gesproken over mishandevan dieren ling van koeien, treiteren en uitdagen van dieren, overmatig voeren van dieren en het achterlaten van afval – in het specifiek blikjes- waardoor dieren ziek worden.
In de naaste omgeving van het azc-terrein landbouwbedrijven gevestigd, worden er hobbydieren gehouden, zit een honden- en een paardenpension, dus goede zorg voor de dieren verdient aandacht. Uit de gesprekken met de professionals blijkt alleen niet dat dergelijke incidenten door de amv’ers in hotel Paasberg veroorzaakt zijn, ondanks dat bijvoorbeeld direct aan het terrein een schapenweide grenst. Daarnaast blijkt uit onderzoek en monitoring niet dat dit een aandachtspunt is voor asielzoekers. Omdat het wel essentieel is dat voor de vreemdelingen duidelijk is waar erfgrenzen van particulieren liggen, geven we hier de hoogste risicoscore aan.
19
Aantasting ei- Amv/az: 1 Uit de vragenlijst en gesprekken met omwonenden blijken zorgen om aantasting van eigendommen. Hierbij zijn onder gendom omandere genoemd: draden doorknippen van weilanden, drukken op knoppen van machines waardoor deze ontregelen, wonenden afbreken van windmolentjes, loszetten van kranen en overlastervaringen met ama’s. Met name het ontregeling van machinesystemen kan grote gevolgen hebben. Wel is het zo dat deze risico’s veelal in combinatie worden genoemd met ervaringen met ama’s en Pactumjongeren in het verleden; de huidige amv’ers lijken vooralsnog minder overlast te geven. Wel zijn bedrijven tegenwoordig opener en gaat het om een groter aantal vreemdelingen. Als er 300 asielzoekers gevestigd gaan worden aan de Ampsenseweg is het van belang om in de gaten te houden of voor iedereen duidelijk is waar privéterreinen beginnen/eindigen, om dergelijke schade te voorkomen. Daarom geven wij dit risico de hoogste kwalificatie mee, om hiertegen enkele oplossingsrichtingen mee te geven. VernieAmv/az: 2 Vandalisme en vernieling zijn door omwonenden regelmatig in één adem genoemd met verveling. Denk hierbij aan graffiti ling/vandaen bekladding. Vooralsnog blijkt uit door ons uitgevoerde monitoring rondom opvanglocaties dat hiervoor geen concrete lisme in de aanwijzingen zijn.
openbare ruimte Dragen van Amv/az: 2 Door enkele omwonenden wordt het risico van het dragen van en rondlopen met wapens (bijvoorbeeld messen) door wapens vreemdelingen genoemd. Met name de link met jongeren wordt hier gelegd. Op basis van momenteel en eerder uitgevoerde monitoring is dit nog niet voorgekomen. Aantasting van de leefbaarheid Veroorzaken (bos)brand in de omgeving
Aantasting woongenot
Amv/az: 1 De nieuwe opvanglocatie ligt in een natuurrijke omgeving en is omgeven door weilanden en bossen. Respondenten zien hier een gevaar in. Met name in de zomers is de grond erg droog en kan een brand snel ontstaan. In de gevallen dat amv’ers en asielzoekers roken kan dit een aandachtspunt zijn. Het is ons alleen niet bekend in hoeverre er vanuit de brandweer adviezen zijn gegeven wat betreft brandveiligheid in het bosgebied. Wel is bekend dat er momenteel geen droogteprotocol is. Aanvullende afspraken met/uitleg geven aan de vreemdelingen is daarom naar onze mening noodzakelijk om hen bewust te maken op de risico’s van brand. Amv: 2 Uit de vragenlijst, de schouw en de gesprekken komt naar voren dat in de buurt op termijn sprake zal zijn van een gevoel Az: 1 van aantasting van het woongenot als zich 365 vreemdelingen aan de Ampsenseweg gaan vestigen; er wordt vooral gewezen op het doorbreken van de rust in het buitengebied. Kern van de kritiek is de schaalgrootte; omwonenden stellen dat het voelt alsof er een ‘nieuw dorp’ in hun buurt wordt geplaatst, waarbij ze aangeven dat de verhouding zoek is tussen het aantal huidige bewoners en het aantal amv’ers/asielzoekers. Aangegeven wordt dat dit niet past bij de aard van het gebied, waar de rust, ruimte en donkerte door een groot deel van de omwonenden gewaardeerd wordt. Naast de
20
Aantasting veiligheidsgevoel
Vervuiling/afval rond het terrein
schaalgrootte wordt ook ongewenste zichtlijnen op het terrein genoemd die het woongenot aantasten; vooral eventuele extra bebouwing past volgens omwonenden niet in de landelijke omgeving. Als er 65 amv’ers aan de Ampsenseweg gevestigd worden, dan zijn wij van mening dat dit weinig verschilt met de activiteiten die nu al op het Pactumterrein plaatsvinden. Daarnaast wijst een buurtbevraging rondom de huidige amvlocatie uit dat buurtbewoners weinig last van de amv’ers ervaren. Niettemin achten we het van belang dat rondom de komst van de 300 asielzoekers enkele waarborgen in de randvoorwaardelijke sfeer worden gegeven die ervoor zorgen dat het woongenot zo min mogelijk wordt aangetast. Deze randvoorwaarden liggen onder andere op de hoogte/nabijheid van de nieuwbouw, de groenvoorziening, de parkeermogelijkheden en het kunstlicht, maar kunnen ook betrekking hebben op andere risico’s. Amv/az: 2 Zowel in de vragenlijst, de schouw als de interviews wordt een toename van het onveiligheidsgevoel genoemd als de opvanglocatie gaat komen, voornamelijk zodra het donker is en veel begroeiing aanwezig is. Met name ouderen, vrouwen en kinderen gaan zich dan minder veilig voelen in hun woonomgeving of onderweg naar bijvoorbeeld sportclubs of school, zo wordt aangegeven. Dit onveiligheidsgevoel wordt meermaals in combinatie met de komst van veiligelanders genoemd.
Gezien de door ons uitgevoerde monitoring is een daling van het veiligheidsgevoel inderdaad niet uit te sluiten, vooral in de eerste jaren. Maar er is ook te constateren dat het veiligheidsgevoel na een aantal jaren later weer verbetert. Overigens is het veiligheidsgevoel niet alleen afhankelijk van de lokale situatie, maar kan dit ook afhangen van bijvoorbeeld incidenten elders, terwijl er in de directe omgeving geen sprake hoeft te zijn van overlast. Wel is veiligheidsgevoel afhankelijk van de wijze waarop het lokale beheer wordt uitgevoerd. Wij verwachten dat hiervoor een goede basis gelegd kan worden als de oplossingsrichtingen worden omgezet in daadwerkelijke maatregelen. Amv/az: 1 Rondslingerend afval is een veelgehoord onderwerp als het gaat om aantasting van de leefbaarheid. Omwonenden maken zich zorgen over de toename van blikjes, flesjes, sigarettenpeuken, et cetera ten opzichte van het huidige (beperkte) niveau van vervuiling’ die nu al gevonden worden rondom de Ampsenseweg, Dijkmansweg en Landgoed Kasteel Ampsen. Uit gevoerde gesprekken rondom hotel Paasberg blijkt dat amv’ers in de beginperiode afval lieten slingeren rondom het terrein. Momenteel is dit (veel) minder, mede door plaatsing van afvalbakken. Daarnaast blijken de jongeren volgens omwonenden hierop goed aanspreekbaar.
Wij sluiten niet uit dat, naast de komst van de amv’ers, er door de komst van asielzoekers sprake zal zijn van toenemend zwerfafval. Wij achten zwerfafval dat veroorzaakt wordt door amv’ers en asielzoekers niet wenselijk. Daarom geven wij hier een hoge risicoweging aan, zodat ‘zwerfvuil’ en regelmatig terugkerend thema kan worden in het omwonendenoverleg. Zelf zijn we ook groot voorstander van zogenaamde ‘prikploegen’, mede als vorm van dagbesteding.
21
Aantasting natuur
Amv/az: 2 Het Ampsense bos en omgeving is een rustgebied, omwonenden vinden het belangrijk dat dit ook zo in stand wordt gehouden. Toename van de drukte in het gebied kan zorgen voor aantasting van de natuur en is onwenselijk, zo wordt er genoemd. Hoewel wij voorstander zijn van het monitoren van deze drukte zien wij geen groot risico in het gebruik van de omgeving; wij verwachten dat amv’ers en asielzoekers de omgeving gebruiken zoals andere burgers en deze niet bovenmatig aantasten. Minder vrijAmv 2 Bij plaatsing van 300 asielzoekers, naast de 65 amv’ers, geeft Phoenix Sterrenwacht aan dat het onveiligheidsgevoel van willigers/beAz: 1 vrijwilligers die ’s avonds aanwezig moeten zijn zal toenemen, waardoor zij deze functie niet meer willen bekleden. Tezoekers vens is men van mening dat de publieksaantallen zullen afnemen, waardoor deels ook de maatschappelijke functie van recreatieve Phoenix Sterrenwacht zal verdwijnen. Iets soortgelijks wordt vanuit Landgoed Kasteel Ampsen aangegeven; zij vrezen instellingen voor een geringer bezoekersaantal en een aantal vrijwilligers dat het terrein niet meer wil betreden. En de hiermee een vanwege mindere inzetbaarheid voor de publieksfunctie. angst voor Wij zien dit risico vooral optreden voor Phoenix Sterrenwacht, minder tot niet voor Landgoed Kasteel Ampsen, omdat asielzoekers De Sterrenwacht op het Pactumterrein verblijven.
Daarnaast zien wij dit risico ook minder voor alleen de aanwezigheid van de amv’ers, omdat momenteel ook al jongeren op het Pactumterrein zitten. Wel zien wij een aandachtspunt als er 300 extra asielzoekers worden gevestigd. Bewust noemen wij dit een ‘aandachtspunt, geen risico, omdat het a) subjectief onveiligheidsgevoel van vrijwilligers betreft en b) we teruglopende bezoekersaantallen niet onder leefbaarheid (‘schoon en heel’) vinden vallen. Desondanks geven wij hier het hoogste risicoprofiel aan, vooral omdat we enkele oplossingsrichtingen zien die betrekking hebben op ‘goed noaberschap (nabuurschap)’. Gebrek aan Amv/az: 2 In de vragenlijst is genoemd dat er een gebrek is aan sociale controle en dit als risico wordt gezien zodra de amv’ers en sociale conasielzoekers worden geplaatst aan de Ampsenseweg. De aanwezigheid van de vreemdelingen hoeft ons inziens niet autotrole door ligmatisch tot een gebrek aan sociale controle te leiden. Er zijn in de buurt onderling al contact met elkaar en feitelijk gezien ging zorgt de aanwezigheid van het COA en de bewaking ook tot een extra vorm van sociale controle. Daarnaast mag niet uitopvanglocatie gesloten worden dat asielzoekers onderling een sociaal controlerende houding naar elkaar toe hebben.
Amv’ers en Amv/az: 2 De amv’ers en asielzoekers die in Lochem worden opgevangen zijn waarschijnlijk nog niet volledig bekend met de spelreasielzoekers gels van onze maatschappij, zo is de mening van omwonenden; zij hebben andere normen en waarden dan de Nederdie onbekend landse burgers en constante wisselingen in de doelgroep zorgen ervoor dat les over deze Nederlandse normen en zijn met de waarden niet beklijft. Door het COA, NIDOS en de school worden al de nodige activiteiten/instrumenten aangeboden om spelregels van de amv’ers en asielzoekers te leren wat de spelregels van onze maatschappij zijn. Ook huisregels van het COA vatten we onze maathieronder. schappij
22
Druk op (soci- Amv/az: 2 Door omwonenden wordt in de vragenlijst de toenemende druk op de (sociale) voorzieningen, zoals de huisarts, geale) voorzienoemd als risico. Asielzoekers hebben net als de inwoners van Lochem behoefte aan voorzieningen (onderwijs, gezondningen heidszorg, dagbesteding). Het uitgangspunt van 365 asielzoekers en amv’ers op de locatie aan de Ampsenseweg maakt het mogelijk om (deels) enkele van deze voorzieningen op het terrein te realiseren, aldus het COA. Er zijn wel voorzieningen die mogelijk buiten de locatie moeten worden ingevuld, zoals scholing. Niet uitgesloten is dat hiervoor samenwerking met azc Zutphen en de aldaar gevestigde Internationale Schakelklas wordt gezocht. Druk op woAmv: nvt Bekend is dat er in het algemeen sprake is van druk op de woningmarkt. Dit heeft alleen met zeer veel factoren te maken. ningmarkt Az: 2 De komst van asielzoekers (jonge amv’ers laten we voor dit risico buiten beschouwing) naar de Ampsenseweg staat los van deze druk; pas als asielzoekers een status krijgen, gaat dit punt spelen. Alleen is op dit moment nog onbekend of deze statushouders in (de regio van) Lochem gevestigd gaan worden; dit heeft te maken met de functie die de opvang krijgt (rol of azc). Hoewel deze druk dus niet onaannemelijk hoeft te zijn, zien wij vooralsnog geen urgentie. Incidenten op de locatie Conflicten (agressie en geweld) verbaal en fysiek
Amv/az: 2 Spanningen op asiellocaties komen voor en richten zich voornamelijk op medebewoners en personeel, zo blijkt uit ervaringen bij andere opvanglocaties. Hoewel dit risico ongewenst is, richt het zich weinig tot niet op de openbare ruimte, maar blijft het voornamelijk op het terrein zelf. In de regel worden dergelijke incidenten naar behoren afgedaan door het COA, de aldaar aanwezige bewaking en de politie. Eventuele conflicten tussen amv’ers en asielzoekers worden verderop besproken.
(Verbale) su- Amv/az: 2 Uit de benchmark en onze monitoring rondom opvanglocaties blijkt dat dit niet frequent voorkomt. In het geval er sprake icidedreiging/ is van deze vorm van dreiging, dan is het COA-personeel/de beveiliging in eerste instantie aan zet, eventueel hulpdiensten zelfdestrucna opschakeling. tieve actie Overtreden Amv/az: 2 Uit de monitoring die we elders uitvoeren blijkt dat het hierbij voornamelijk gaat om het niet opruimen van de kamer en huisregels roken op de kamer. Ook leert de ervaring in de monitoring dat het COA-sanctiesysteem hiertegen in de regel afdoende werkt.
23
Door asielzoekers veroorzaakte brand op het terrein
Amv/az: 1 Door omwonenden is dit risico niet benoemd, maar voor ons is dit een belangrijk punt; het gaat dan bijvoorbeeld om amv’ers/asielzoekers die (shishapijpen) gaan roken. In de huisregels van het COA staan diverse brandvoorschriften, waaronder ‘u mag niet roken in COA-gebouwen. Ook niet in uw eigen woonruimte’. En ‘U mag geen open vuur aansteken. Denk aan kaarsen, wierook, olielampen et cetera.’ Wel geven we dit punt de hoogste risicokwalificatie mee, omdat we het van belang vinden dat voor de (nieuw- of bestaande) bouw brandveiligheidsvoorschriften worden opgesteld, voor zover die voor de bestaande bouw aangepast moeten worden. BrandveiligAmv/az: 1 In het verlengde van voorgaand risico: brandveiligheid voor asielzoekers zelf is een aspect dat aan wettelijke normen heid op het dient te voldoen, waarvoor de eigenaar verantwoordelijk is. De brandweer speelt (in opdracht van gemeenten) een rol opvangterrein rondom het beoordelen van brandveiligheidsaspecten, welke vanuit het Bouwbesluit/de Omgevingswet gesteld worden. voor de beDaarnaast kijken zij naar de mogelijkheden voor eventuele repressieve inzet, waaronder ook de bereikbaarheid en de woners bluswatervoorziening. Onze ervaring met eerdere risicoanalyses leert dat de brandweer daarnaast de verantwoordelijkheid bij het COA legt voor brandveilig gebruik op het terrein.
In de praktijk blijkt dat de ervaring van de brandweer met het COA is dat deze organisatie hun gebruikers en daarmee ook de brandveiligheidsrisico’s goed kent en daarin ook zijn verantwoordelijkheid ziet. Desondanks geven we hier ook de hoogste risicokwalificatie mee, met dezelfde argumentatie als bij het voorgaande risico. Infrastructurele problemen/ verkeersveiligheid Parkeeroverlast
Drukte bij de hoofdingang van de opvanglocatie en onveilige situaties hierdoor
Amv/az: 3 In de vragenlijst is parkeeroverlast als risico genoemd. Het zou dan gaan om COA-medewerkers die buiten het terrein zouden parkeren, maar ook leveranciers en de schoolbus. Een aantal omwonenden sluit niet uit dat de schoolbus moeilijk/niet op het Pactumterrein kan komen en/of parkeren. Naar onze mening is geen sprake van dit risico omdat de in- en uitgang ruim genoeg is dan wel gemaakt kan worden en er voldoende plek is om te parkeren. Wel zal in de plannen voor nieuwbouw aandacht moeten zijn voor voldoende parkeergelegenheid. Amv/az: 1 Omwonenden spreken over drukte bij de hoofdingang van het azc terrein en vrezen voor onveilige situaties, met name doordat er hard gereden wordt op de Ampsenseweg, direct zodra je het terrein af gaat. Op dat vlak worden door omwonenden ook al enkele incidenten genoemd. Het karakter van de verkeersstromen bij de hoofdingang zal veranderen, qua aantal personen die van het terrein af komen en qua fiets- en verkeerskennisvaardigheid van die personen. Wij achten dit risico zeer aannemelijk en hoog urgent.
24
Onoverzichte- Amv/az: 1 lijke en gevaarlijke verkeersituaties op de Ampsenseweg
Voor veel omwonenden is via verschillende kanalen aangegeven dat de Ampsenseweg onoverzichtelijke en daardoor gevaarlijke verkeerspunten bevat, niet alleen in de directe omgeving van de asiellocatie. Hierbij gaat het over de kruispunten Ampsenseweg-Dijkmansweg en Ampsenseweg-Oude Lochemseweg. Daarnaast liggen op de Ampsenseweg richting het station meerdere onoverzichtelijke bochten in de weg, waardoor tegenliggers niet altijd snel genoeg gezien worden.. Het wegverkeer past de snelheid daarop niet aan en wordt niet in snelheid beperkt. Ook gaat het om het verlaten van de eigen weghelft zonder zicht te hebben op overig verkeer. Deze omstandigheden zorgen voor een onoverzichtelijke verkeerssituatie die gevaarlijk kan zijn in combinatie met de (beginnende) fietsende en wandelende vreemdelingen. Wij achten het dan ook van belang om hier op in te zetten, met name in de informatievoorziening richting de amv’ers en asielzoekers. Ook blijkt uit gesprekken met omwonenden en professionals dat regelmatig (te) hard wordt gereden op de Ampsenseweg. Op de Ampsenseweg mag maximaal 60 kilometer per uur gereden worden, maar voor de hoofdingang van het Pactumterrein staat een bord met daarop een aanbevolen snelheid van 30 kilometer per uur (schoolzone).