CConstaterende datLochem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Jaarstukken 2025

Raadsvergadering 9 juni 2026, gemeente LochemBij agendapunt: Zienswijze begroting 2027 Omgevingsdienst Achterhoek19.860 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

2025

Jaarverslag en jaarrekening

Inhoud Voorwoord Inleiding

5

Ontwikkelingen in 2025 Programma’s

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

4

7 12

Jaarrekening 2025

52

Balans per 31 december 2025

53

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

55

Toelichting op de balans

56

WNT-verantwoording 2025

62

Overzicht van baten en lasten

67

Toelichting op overzicht van baten en lasten

69

Programma 1

Vergunningverlening

13

Programma 2

Toezicht en Handhaving

16

Bijlagen

74

Programma 3

Specialismen

23

Bijlage 1: SiSa verantwoordingsinformatie

75

Programma 4

Stelseltaken

27

Bijlage 2: Gerealiseerde baten en lasten per taakveld

76

Programma 5

Overige activiteiten en projecten

29

Bijlage 3: Bestuursorganen

77

Financiële uitkomsten

31

Paragrafen

34

Bedrijfsvoering

35

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

41

Financiering

48

Onderhoud kapitaalgoederen

49

Uitstel overname van het archief

50

Wet open overheid (Woo)

51

2

Voorwoord Voor u ligt het jaarverslag 2025 van de Omgevingsdienst Achterhoek. Het was om meerdere redenen een bewogen jaar voor onze dienst. In 2025 nam het Algemeen Bestuur het besluit om te gaan fuseren met de Omgevingsdienst Veluwe. Om tot dit besluit te komen is in de zomer van 2025 een zogenaamde verkenning uitgevoerd. Daarbij is het scenario van zelfstandig blijven vergeleken met dat van fuseren met een andere omgevingsdienst. Aanleiding voor dit onderzoek waren de steeds strengere eisen in het kader van de robuustheidscriteria vanuit het Interbestuurlijk programma versterking VTH die het rijk oplegt aan omgevingsdiensten. Uit de verkenning bleek uiteindelijk dat fuseren de beste optie is om ook in de toekomst aan alle criteria te voldoen, met als einddoel een gezamenlijke organisatie te vormen met brede expertise die een toekomstbestendige slagkracht en wendbaarheid omvat. Hiermee kunnen gemeenten haar milieu-opgaven op een degelijke

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

manier het hoofd bieden. In december hebben de algemeen besturen van de Omgevingsdienst Veluwe en de Omgevingsdienst Achterhoek een intentieverklaring ondertekenend om toe te werken naar een fusie. De wens om een fusie te onderzoeken was mede ingegeven door het tekort aan financiële middelen waar de Omgevingsdienst Achterhoek in 2025 mee kampte. De hoeveelheid taken en opdrachten van gemeenten oversteeg in 2025 ook ruimschoots de vastgestelde begroting. De wens van het dagelijks bestuur om de begroting tussen­ tijds op te hogen kon niet rekenen op een meerderheid in het algemeen bestuur. Daarom is besloten door het algemeen bestuur om het financiële gat dat eind 2025 overblijft, incidenteel te dekken bij de afrekening van de jaarrekening.

Naast het onderzoeken en voorbereiden van een fusie met Omgevings­ dienst Veluwe heeft de Omgevingsdienst Achterhoek afgelopen jaar eveneens hard gewerkt aan het versterken van de eigen organisatie. Deels kwam dit voort uit de aanbevelingen van de Visitatiecommissie, deels uit eigen inzicht dat de organisatie van mening is dat er door de groei van de organisatie verder geprofessionaliseerd moest worden. Denk daarbij aan het verbeteren van interne processen, het versterken van de organisatiestructuur, meer projectmatig benaderen van ontwikkelingen en meer informatiegestuurd werken. Ook is de organisatie verdergegaan met het voorbereiden en implementeren van nieuwe ontwikkelingen op milieugebied. Denk daarbij onder andere aan voorbereidingen ten behoeve van de implementatie van de Kaderrichtlijn Water, de ontwikkelingen met betrekking tot Zeer Zorgwekkende Stoffen, AI en Ketentoezicht. Daarnaast heeft ook de verdere implementatie van de Omgevingswet veel inzet gevraagd van de collega's van de Omgevingsdienst. Afgelopen jaar heeft de Omgevingsdienst Achterhoek verder veel geïnvesteerd in de relatie met gemeenten. Zo zijn er in alle gemeenteraden in de Achterhoek twee presentaties gegeven op de werkzaamheden van en ontwikkelingen bij de Omgevingsdienst Achterhoek. Deze zijn goed ontvangen. Ook is het contact met wethouders, opdrachtgevers en financieel specialisten geïntensiveerd.

Dit heeft geleid tot betere relaties en contacten, kortom we hebben over en weer meer begrip voor elkaar.

3

Daarnaast hebben we onze bestaande samenwerking met de ketenpartners geïntensiveerd, zoals het Waterschap Rijn en IJssel, Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland en GGD Noord- en Oost-Gelderland. De organisatie is verhuisd vanuit het gemeentehuis van Bronckhorst naar een eigen verdieping in een bedrijfsverzamelgebouw in Doetinchem. Dit was nodig om medewerkers op een goede en verantwoorde manier te huisvesten. Bijkomend voordeel van deze verhuizing naar het nieuwe pand Doetinchem is dat het meer sollicitanten aantrekt voor vrijkomende functies. Het lukt de Omgevingsdienst Achterhoek ook steeds beter om medewerkers in eigen huis op te leiden. Dat komt mede door de opgerichte kennisinfrastructuur van Omgevingsdienst NL. Omgevingsdienst Achterhoek sluit met 2025 een bewogen en enerverend jaar af. Zo vonden er verschillen milieu-incidenten plaats die vroegen om adequaat handelen. Dat is ook gebeurd. Daarnaast zijn

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

er belangrijke besluiten genomen waarmee een start is gemaakt om te werken aan een toekomstbestendige omgevingsdienst. In tussentijd is het reguliere werk gewoon doorgegaan. Met beperkte middelen is op een efficiënte manier gewerkt aan een schone, gezonde, en veilige Achterhoek. Dit efficiënte werken zit in ons DNA en komt door onze betrokken en professionele medewerkers. J.H.A. van Oostrum, Voorzitter Omgevingsdienst Achterhoek

4

Inleiding

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

Al enkele jaren is de begroting van de ODA niet op orde. Dat geldt ook voor de begroting van 2025. De afgelopen jaren is de ODA voor gemeenten meer werkzaamheden gaan uitvoeren. De financiële middelen zijn echter niet meegegroeid met de groei van het aantal taken. Achteraf wordt het verschil dan bijgepast. Dit zorgt ervoor dat ook 2025 weer met een tekort wordt afgesloten (zie onderstaande tabel). Een aangepaste begroting voor de jaren 2026 en 2027 moet ervoor zorgen dat inkomsten en uitgaven met elkaar in balans komen. De ODA probeert elk jaar zo efficiënt mogelijk te werken om de kosten zo laag mogelijk te houden. Dat is ook dit jaar weer gelukt. De groei van de omvang van de werkzaamheden zorgt er echter voor dat we niet met een positief jaarresultaat kunnen afsluiten.

5

Financiële uitkomsten Overzicht van baten en lasten per taakveld (x € 1.000)

Begroting 2025

Realisatie 2025

Begroting realisatie

Taakveld

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Saldo

Programma 1 Vergunningverlening

7.4 Milieubeheer

2.516

1.838

2.492

1.821

-7

Programma 2 Toezicht en handhaving

7.4 Milieubeheer

6.124

3.746

6.868

5.152

-662

Programma 3 Advies

7.4 Milieubeheer

2.398

1.657

3.757

1.645

1.371

Programma 4 Stelseltaken

7.4 Milieubeheer

80

379

0

380

-81

Programma 5 Projecten

7.4 Milieubeheer

5

0

731

225

502

Programmaplan

Overzichten Overhead

0.4 Overhead ondersteuning organisatie

5.311

-1.887

Algemene dekkingsmiddelen

0.5 Treausury

0

Bedrag onvoorzien

0.8 Algemene baten en lasten

Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten normale bedrijfsvoering

11.123

3.424 79 11.123

Bijdrage deelnemers in het tekort 2024

13.847

0

79

14.534

-687

0

Toevoegingen en ontrekkingen aan de reserves Resultaat

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

0

11.123

11.123

13.847

14.534

0 -687

Procedure jaarrekening • De procedure voor de jaarrekening ziet er als volgt uit: Het Dagelijks Bestuur zendt de ontwerp-jaarstukken 2025 vóór 30 april 2026 aan de gemeenteraden en aan Provinciale Staten. • Gemeenteraden en Provinciale staten kunnen hun zienswijzen over de ontwerpjaarstukken indienen bij het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst.

• Het Dagelijks Bestuur verzamelt de zienswijzen en biedt de ontwerp jaarstukken voorzien van de zienswijzen aan het Algemeen Bestuur aan. • Het Algemeen Bestuur stelt de jaarstukken 2025 vervolgens vóór 1 juli 2026 vast. • Onmiddellijk na de vaststelling van de jaarstukken door het Algemeen Bestuur zendt het Algemeen Bestuur de jaarstukken aan de gemeenteraden en aan Provinciale Staten. • Het Dagelijks Bestuur zendt de jaarstukken vóór 15 juli 2026 aan de minister.

6

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

Ontwikkelingen in 2025

7

Ontwikkelingen in 2025 Verkenning tot een fusie met de OD Veluwe Een onderdeel van het gezamenlijke Interbestuurlijk programma versterking VTH-stelsel met ministeries, IPO, VNG, Omgevingsdienst NL en de unie van waterschappen was het opstellen van robuustheids­ criteria. De ODA moest daarbij net als iedere omgevingsdienst half­ jaarlijks rapporteren over hoe en hoever de ODA gaat voldoen aan deze robuustheidscriteria voor 1 april 2026. Op 30 juni 2025 heeft de ODA de tweede voortgangsrapportage opgesteld, waarin is aangegeven dat aan de criteria of al voldaan werd of eind 2025 zouden voldoen met uitzondering van het omzetcriterium van 16,5 miljoen euro. Als gevolg van het niet voldoen aan het omzetcriterium heeft het Algemeen Bestuur (AB) op 23 april 2025 opdracht gegeven om een verkenning naar een meerwaarde voor een fusie met de OD Veluwe uit te voeren. De verkenning betrof een verdere uitwerking van 2 mogelijke

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

keuzes voor de toekomst. Ofwel het zelfstandig robuust worden als ODA of het aangaan van een geleidelijke fusie met de OD Veluwe, waarbij eerst de bedrijfsvoeringstaken samen opgepakt worden, waarna vanaf 2028 de VTH-taken volgen. In de AB vergadering van 10 september 2025 heeft het AB besloten een fusie aan te willen gaan met de OD Veluwe. Hiermee hebben zij het initiatief genomen om het gesprek met OD Veluwe te starten en gezamenlijk te verkennen waar de twee omgevingsdiensten elkaar kunnen versterken en wat hiervoor nodig is. Het AB van de OD Veluwe heeft hier positief op gereageerd en wil deze verkenning ook aangaan.

Als gevolg hiervan is eind 2025 door alle gemeenten een intentie­ verklaring ondertekend over het samen bouwen aan één stevige, robuuste omgevingsdienst voor de Achterhoek en Veluwe.

Huisvesting Huisvesting was de laatste jaren een groot knelpunt aan het worden. De ODA is vanaf de start in 2013 jaarlijks gegroeid. Deels komt dat doordat er meer taken ingebracht worden of meer advies gevraagd wordt door de partners. Deels ook door overheveling van taken door gemeenten. Bijvoorbeeld door wijziging van bevoegd gezag zoals bij de invoering van de Omgevingswet. Gevolg hiervan is dat de ODA meer werkplekken nodig had. Daarom is de ODA per 1 april 2025 verhuisd van het gemeentehuis van de gemeente Bronckhorst naar het Hanzepand in Doetinchem.

Visitatie Naar aanleiding van de visitatie uit 2024 heeft de ODA in 2025 verder gewerkt aan de opvolging van de aanbevelingen van de commissie Van Aartsen. Daarbij is ingezet op het versterken en uniformeren van werkprocessen, het verbeteren van de datakwaliteit en het verder ontwikkelen van data gedreven werken, onder meer via de innovatie­ kalender en de BI-strategie. Ook is gewerkt aan meer structuur en scherpere sturing binnen de organisatie. Daarnaast is actief geïnvesteerd in de relatie met het bestuur, ambtelijk opdrachtgevers en financieel specialisten. In dat kader zijn in 2025 ook de gemeenteraden tweemaal bezocht. De visitatie heeft daarmee een belangrijke impuls gegeven aan de verdere ontwikkeling van de ODA als omgevingsdienst.

8

Onderzoek alternatieve financieringsmogelijkheden In 2025 is de ODA samen met de gemeenten een onderzoek gestart om te kijken of meer werkzaamheden van de ODA kunnen worden door­belast binnen de leges of door middel van anterieure overeen­ komsten. Op deze manier kan namelijk een deel van de toenemende kosten van de ODA worden doorbelast naar inwoners en bedrijven. De uitkomst van het onderzoek is dat dit op een bepaald aantal onderwerpen wel degelijk mogelijk is. Het is nu aan gemeenten om dit ook daadwerkelijk in te voeren.

PVTH uitvoerings- en handhavingsstrategie De ODA heeft samen met alle Achterhoekse gemeenten een PVTH uitvoerings- en handhavingsstrategie opgesteld. (PVTH staat voor Preventie, Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving). Deze strategie bevat een omgevingsscan per milieuthema met daarin doelen en ambities, mogelijke beschikbare instrumenten en strategieën over hoe en wanneer deze instrumenten ingezet kunnen worden. Dit geeft richting aan de wijze waarop de ODA zijn werk moet uitoefenen. Hierdoor kunnen wij niet alleen duidelijker sturen op onze werk­ zaamheden maar ook zorgen voor een betere kwaliteit van het werk. De vaststelling van deze strategie vindt begin 2026 plaats.

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Risicoanalyse In bovenstaand PVTH uitvoerings- en handhavingsstrategie was in eerste instantie ook een vernieuwde, geactualiseerde risicoanalyse meegenomen. Dit betreft een doorontwikkelde risicogerichte aanpak van de VTH-milieutaken binnen de ODA. Hiermee zou de aanpak ook in overeenstemming komen met de uitgangspunten van de Omgevingswet en neemt het ook ontwikkelingen mee zoals energiebesparing, circulaire economie, zeer zorgwekkende stoffen en de Kaderrichtlijn Water (KRW). Deze risicoanalyse geeft echter ook aan wat de benodigde capaciteit voor de werkzaamheden zou moeten zijn. Gelet op de financiële situatie van de gemeenten en de toekomstige fusie is in 2025 besloten om de

risicoanalyse later mee te nemen in de komende ontwikkelingen samen met de OD Veluwe. Hierdoor worden niet op voorhand al keuzes op capaciteit gemaakt die mogelijk later teruggedraaid moeten worden. Kanttekening is wel dat we dan terugvallen op de risicoanalyse uit 2017. We lopen daarmee dus enkele jaren behoorlijk achter de feiten aan en nagenoeg alles is complexer geworden in vergelijking met 10 jaar geleden. Daarom is in het PVTH uitvoerings- en handhavingsstrategie ook aangegeven dat deze geactualiseerde risicoanalyse zo snel mogelijk en in ieder geval voor de formele fusie moet worden vastgesteld.

Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor emissies van zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), zoals PFAS, naar bodem, water en lucht. ZZS vormen een structureel risico voor de leefomgeving. Deze stoffen kunnen het milieu bereiken via meerdere emissieroutes, zoals indirecte lozingen van afvalwater via het rioolstelsel en rioolwaterzuiverings­ installaties en emissie naar de lucht. Beide routes dragen, direct of via depositie en doorwerking, bij aan de belasting van het oppervlaktewater en het grondwater. De zorg voor deze emissies is een wettelijke taak van de omgevingsdiensten omdat zij namens bevoegd gezag het milieurecht uitvoeren. Onder de Omgevingswet geldt voor ZZS een verzwaarde minimalisatie­ plicht, ongeacht de emissieroute. Emissies moeten zoveel mogelijk aan de bron worden voorkomen en, als dat niet mogelijk is, tot het minimaal technisch haalbare niveau worden teruggebracht. Daarbij ligt de bewijslast nadrukkelijk bij de initiatiefnemer. Dit vraagt om een actieve, integrale en specialistische inzet van de ODA op het gebied van zowel vergunningverlening als toezicht en handhaving. Hiervoor is in 2025 een speciaal team gevaarlijke stoffen opgezet. Verder hebben we inzicht verschaft in de mogelijke aanwezigheid van ZZS bij bedrijven door een uitvraag te doen naar veiligheidsbladen van producten en grondstoffen.

Het gaat tot nu toe om 658 bedrijven en uit de resultaten blijkt dat 70% van de bedrijven producten gebruiken die ZZS bevatten.

9

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Kaderrichtlijn Water (KRW)

Circulaire economie

De KRW is een Europese richtlijn die op 22 december 2000 van kracht werd. De doelstellingen van de KRW ondersteunen het realiseren en behouden van schoon en gezond oppervlaktewater en grondwater voor drinkwater, zwemmen, varen en een gezonde leefomgeving voor het waterleven. De Europese lidstaten hebben gezamenlijk afgesproken dat uiterlijk in 2027 een goede toestand bereikt moet zijn. In Nederland zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de indirecte lozingen die uiteindelijk ook in het oppervlaktewater en grondwater terechtkomen. De uitvoering van VTH-taken op het gebied van de indirecte lozingen bij bedrijven ligt bij de omgevingsdiensten. Om te voldoen aan de KRW moet nog veel gebeuren, ook ten aanzien van de indirecte lozingen. We doen dit in goede samenwerking met het Waterschap Rijn en IJssel. Dit gebeurt ook vanuit het hierboven genoemde team gevaarlijke stoffen en vanuit de uitvraag naar veiligheidsbladen van producten en grondstoffen is ook naar voren gekomen dat 57% van de 658 uitgevraagde bedrijven prioritaire (gevaarlijke) stoffen heeft die de kwaliteit van het water aantasten.

De rijksoverheid geeft aan dat de Nederlandse economie in 2050 volledig circulair moet zijn. Dat betekent dat producten en grondstoffen opnieuw gebruikt worden en er bijna geen afval meer is. Redenen voor de rijksoverheid om circulair te worden, zijn: • de wereldwijde vraag naar producten en grondstoffen, waardoor voorraden slinken; • verminderde afhankelijkheid voor grondstoffen van landen buiten Europa; • verbetering economie, klimaat en biodiversiteit omdat minder grondstoffen nodig zijn; • minder (zwerf)afval op straat en in de natuur; • meer banen in b.v. de reparatiesector maar ook in nieuwe innovatieve bedrijven. De rijksoverheid maakt hiervoor afspraken met bedrijven en andere organisaties om circulair te gaan werken. Zo is op 30 december 2025 het Circulair Materialenplan (CMP) als vervanger van het Landelijk afvalbeheerplan 2017-2029 (LAP 3) inwerking getreden. Dit plan ondersteunt de transitie naar een circulaire economie en fungeert als de schakel tussen beleid en uitvoeringspraktijk door praktische kennis en handvatten aan overheden en bedrijven te bieden. Het helpt bedrijven bij het maken van meer circulaire keuzes en bevoegde gezagen moeten rekening houden met het CMP bij het nemen van besluiten. Overheden zijn dan ook verplicht om de toetsingskaders van het CMP te gebruiken.

Dit betekent dat de ODA ook deze toetsings­ kaders moet implementeren in haar milieutaken. Hiervoor is een aantal vergunningverleners en toezichthouders in 2025 bezig geweest om dit voor te bereiden. In 2026 zal dit verder in een programma uitgewerkt worden.

10

Integraal advies aan de voorkant van ruimtelijke ontwikkeling De Omgevingswet vraagt om een integrale benadering van ruimtelijke ontwikkeling en alle nieuwe bouwinitiatieven, waarbij vroegtijdige afstemming en samenwerking centraal staan. De nadruk verschuift van toetsing achteraf naar het leveren van deskundig en samenhangend advies aan de voorkant van het proces. Dit vraagt om een actieve en zichtbare rol van de ODA in de initiatieffase van plannen. De ODA levert dit door structurele deelname aan omgevingstafels en andere vormen van vooroverleg, onder andere via inzet van gespecialiseerde adviseurs Fysieke Leefomgeving en Milieu. In deze fase wordt integraal advies gegeven op het gebied van milieu, gezondheid, veiligheid, duurzaamheid en uitvoerbaarheid. Hierdoor worden risico’s, randvoorwaarden en afwegingsruimte vroegtijdig inzichtelijk gemaakt voor initiatiefnemers en bevoegde gezagen. Deze werkwijze draagt bij aan kwalitatief betere plannen, meer voorspelbaarheid in besluitvorming en efficiëntere vergunningverlening. Door vroegtijdige signalering en afstemming worden aanpassingen in een later stadium voorkomen, wat leidt tot kortere doorlooptijden en een afname van herstelbesluiten en bezwaar- en beroepsprocedures. Dit komt zowel de bestuurlijke uitvoerbaarheid als het vertrouwen van initiatiefnemers ten goede.

bestaat uit alle omgevingsdiensten in Gelderland en Overijssel. In het kort gaat het om de volgende structuur.

Landelijk Kennisteam van 6 kennisregisseurs op de kennisthema’s bodem en ondergrond, waterkwaliteit, energie, ZZS, circulaire economie, data en informatie en actuele onderwerpen.

Landsdeel Per landsdeel zijn er: • 1 van bovenstaande kennisregisseurs die kennis haalt, brengt, deelt en borgt per thema en per landsdeel (is ook de verbinder tussen kennis bij omgevingsdiensten en ODNL); • 6 kennisvertegenwoordigers die als VTH-expert een landsdeel vertegenwoordigt voor 1 van bovengenoemde thema’s en als contactpersoon fungeert voor de VTH-experts bij de andere omgevingsdiensten binnen het landsdeel.

Omgevingsdienst Per omgevingsdienst zijn er: • een kennismakelaar die de verbindende schakel is tussen de VTH-experts binnen de eigen omgevingsdienst en tussen de kennisregisseur en andere kennismakelaars binnen het landsdeel; • minimaal 6 VTH-experts voor de bovengenoemde kennisthema’s.

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Landelijke kennisinfrastructuur In het Interbestuurlijke programma (IBP) is gekeken naar een verbetering in de landelijke kennisinfrastructuur tussen omgevingsdiensten. De oplossing is gezocht in het verdelen van kennis op landelijk niveau, op het niveau van 6 landsdelen en op niveau van de individuele omgevings­ diensten, waarbij er tussen alle niveaus verbindingen tussen kennis en kennishouders zijn. De ODA bevindt zich in het landsdeel Oost wat

Dit zorgt voor nog meer kennis en kunde binnen de ODA waardoor het werk kwalitatief beter en vaak op den duur ook efficiënter wordt.

11

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

Programma’s

12

1. Vergunningverlening Wat hebben we bereikt Vergunningen en meldingen zijn vraaggestuurd. Dit betekent dat wij geen invloed hebben op de hoeveelheid aanvragen die bij ons binnen­ komen. Eind 2023 zijn er nog veel vergunningaanvragen gedaan omdat vanaf 1 januari 2024 de Omgevingswet in werking trad. Aanvragers vonden het wenselijk om nog volgens het oude recht hun vergunning afgehandeld te krijgen. Ook in 2025 zijn we nog veel bezig geweest met deze oude aanvragen.

Tijdigheid vergunningen

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

Tijdigheid van een besluit binnen de wettelijke termijn is van belang voor zowel partners als burgers en bedrijven vanuit het oogpunt van een goede service en het voorkomen van ongewenste situaties door

van rechtswege afgegeven vergunningen. Met de wettelijke termijn wordt hierbij bedoeld de wettelijk maximale tijdsduur (inclusief eventuele verlengingen) tussen inboeken van een aanvraag en het afgeven van de definitieve beschikking. In het Gelders Stelsel is een kritische prestatie-indicator (KPI) bepaald voor het tijdig verlenen van vergunningen. Deze KPI is gesteld op 90% vergunningaanvragen binnen wettelijke termijn t.o.v. alle vergunning­ aanvragen. De KPI voor de tijdigheid van vergunningen over 2025 bedraagt 56% en ligt daarmee ruim onder de doelstelling (90%). We zijn nog steeds bezig met een inhaalslag voor oudere vergunningen. Ook zit er veel “wachttijd” bij vooral agrarische vergunningen. Door onduidelijkheid en wijzigingen in regelgeving en beleid (vooral stikstof­problematiek), wacht een aantal vergunningen op een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) van de provincie. Dit betreft vergunning­aanvragen van voor 2024. Ook vragen agrariërs door deze onduidelijkheid soms zelf om de procedure tijdelijk stil te leggen. Wachttijd zit ook in capaciteit gerelateerd aan werkvoorraad. Met de huidige capaciteit duurt het soms enkele maanden voordat een vergunningaanvraag in behandeling genomen kan worden. Eind 2025 zagen we wel dat het aantal aanvragen, vooral bij de agrarische kant, afnam. Hierdoor is de wachttijd voor het in behandeling nemen van aanvragen afgenomen.

13

Wat hebben we daarvoor gedaan In de tabel zijn de aantallen procedures samengevat die betrekking hebben op vergunningverlening waaronder vooroverleg, intrekkingen, maatwerkvoorschriften, reguliere en uitgebreide procedures. Daarnaast zijn de aantallen meldingen en informatieplichten weergegeven. De specialistische meldingen die in de tabel zijn opgenomen hebben betrekking op sloopmeldingen (inclusief asbest), bodemmeldingen, en meldingen gesloten bodemenergiesystemen.

Procedures, meldingen en informatieplichten Procedures en meldingen

Afgerond in 2025

Opgestart, maar nog niet afgerond

Procedures i.v.m. vergunningen

259

136

Meldingen milieubelastende activiteiten

357

97

Informatieplicht milieubelastende activiteiten

323

96

Specialistische meldingen

3.582

287

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

In 2025 heeft het team Vergunningen zich met name gericht op: • De uitvoering van primaire taken in het kader van vergunning­ verlening en milieumeldingen en informatieplichten. • We hebben werkprocessen geïmplementeerd in verband met de nieuwe Omgevingswet.

14

Wat heeft het gekost Overzicht baten en lasten Programma 1 Vergunningverlening (x € 1.000) Baten

Begroting 2025 Lasten

Saldo

Baten

Realisatie 2025 Lasten

Saldo

Programmaplan Programma 1 Vergunningverlening

2.516

1.838

678

2.492

1.821

671

Overzicht Algemene dekkingsmiddelen 0 Overhead 0

0 0

Heffing vennootschapsbelasting 0 Onvoorzien 20

-20

0

0

1.821

671

Saldo van baten en lasten

2.516

1.858

658

2.492

De realisatie van zowel de baten als de lasten zijn in lijn met de

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

begroting.

15

2. Toezicht en Handhaving Wat hebben we bereikt Reguliere en aspectcontroles bij bedrijven Controles 2025

Afgerond

Opgestart, maar nog niet afgerond

Percentage volledige naleving na 1e controlebezoek

Regulier

1.026

487

Aspect

1.778

427

Totaal

2.804

914

Dit wordt berekend door te registreren waar geen hercontrole nodig is geweest. Oftewel waar er maar 1 bezoek is geweest aan het bedrijf. Het percentage volledige naleving is 84% en daarmee ligt dit net zoals de afgelopen jaren veel hoger dan de gewenste afgesproken percentage van 60% vanuit het verleden. Deze is echter al in 2016 bepaald en zou dan ook opnieuw geëvalueerd moeten worden. Dit ligt ook in de planning na het vaststellen van een nieuwe PVTH uitvoerings- en handhavingsstrategie en bijbehorende risicoanalyse.

Het aantal controles is iets minder dan in 2024. Toen waren in totaal 2949 afgeronde en 933 nog niet afgeronde controles. De aantallen kunnen jaarlijks ook verschillen vanwege de benodigde tijd per controle door de grootte van het bedrijf, het type controle en het aantal op te

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

Het grote voordeel is dat je meer tijd kunt besteden aan de daadwerkelijke knelpunten binnen een branche/ bedrijf en dat je hiermee meer contactmomenten krijgt met een bedrijf.

lossen overtredingen Een reden dat controles soms langer lopen en dus minder snel afgerond worden is complexe regelgeving en complexe aspecten zoals zeer zorgwekkende stoffen (ZZS zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor mens en milieu omdat ze b.v. de voortplanting belemmeren, kankerverwekkend zijn of zich in de voedselketen ophopen), hergebruik afvalstoffen in het kader van de circulaire economie (CE) en de Kader Richtlijn Water (KRW) ten aanzien van indirecte lozingen bij bedrijven. Bij aspectcontroles kun je denken aan EPRTR (European Pollutant Release Transfer Register), geluidsmetingen, vuurwerk en energie­ controles, maar ook aan controles waar gekeken wordt naar specifieke aspecten bij een branche (bijvoorbeeld luchtwassers of een top 10 van meest voorkomende overtredingen). Deze aspecten worden mede met behulp van gemaakte brancheplannen en de data daaruit bepaald.

Projectmatige aanpak We werken voor een groot deel projectgericht. Hieronder staan enkele projecten en projectmatige programma’s benoemd.

Controles Geitenmoratorium Binnen de Provinciale Verordening gelden regels voor het houden van geiten in verband met de gezondheid van omwonenden. We hebben in 2024 en 2025 alle geitenhouderijen binnen 500 meter van een woonkern en/of met meer dan 50 geiten gecontroleerd of het aantal dieren binnen de vergunde limieten bleef. In totaal zijn 29 geiten­ bedrijven gecontroleerd, waarvan 12 in 2025. Bij twee bedrijven werd een overschrijding vastgesteld die ook weer hersteld zijn.

16

Uitvraag prioritaire (gevaarlijke) stoffen i.k.v. KRW en ZZS Eind 2023 is begonnen met de uitvraag van veiligheidsbladen van producten en grondstoffen bij bedrijven. Uit deze veiligheidsbladen kan met behulp van een tool voor bepaling van gevaarlijke stoffen nagegaan worden of hierin ZZS en/of prioritaire (gevaarlijke) stoffen zitten. Het gaat tot nu toe om 658 bedrijven en uit de resultaten blijkt dat 70% van de bedrijven producten gebruiken die ZZS bevatten en 57% prioritaire (gevaarlijke) stoffen. Deze gegevens worden o.a. gebruikt om inzicht te verschaffen in mogelijke knelpunten rondom de KRW ten aanzien van indirecte lozingen bij bedrijven en om te kijken welk bedrijf een vermijdings- en reductieprogramma (VRP) voor ZZS moet maken. De VRP is verplicht voor vergunningplichtige bedrijven die ZZS in de lucht

uitstoten en bedoeld om te kijken of en hoe deze bedrijven de ZZS uitstoot in de toekomst kunnen vermijden (b.v. door een vervangende stof) of verminderen (b.v. door zuiveringstechnieken).

Oplosmiddeleninstallaties In Nederland zijn veel oplosmiddeleninstallaties waarin organische oplosmiddelen (VOS) worden gebruikt. Naast het beoordelen van de oplosmiddelenboekhouding en naleefgedrag van deze installaties, moeten ook elke drie jaar gegevens worden doorgegeven aan de Europese Commissie. Om deze gegevens voor de uiterlijke termijn van 14 maart 2025 te kunnen leveren hebben we 2024 een inventarisatie gemaakt van alle mogelijke bedrijven met een oplosmiddeleninstallatie. Deze bedrijven hebben we in 2025 gevraagd om de benodigde gegevens zoals veiligheidsinformatiebladen te leveren. Na analyse van alle gegevens hebben we de inventarisatie van de in ODA-gebied aanwezige oplosmiddeleninstallaties aangeleverd aan het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Gelders Programma gemeentelijke complexe bedrijven Binnen het Gelders stelsel wordt sinds 1 januari 2024 toezicht op de gemeentelijke complexe bedrijven uitgevoerd onder een gezamenlijk Gelders programma. Dit om meer uniformiteit en kennisverdeling- en uitbreiding te creëren op het gebied van dit soort bedrijven. In 2025 betrof het voor de Achterhoek 41 bedrijven die onder dit programma vielen. In 2025 is ook begonnen met een meerjarig meetprogramma voor emissies van gevaarlijke stoffen bij deze bedrijven. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de meetdienst van de ODRA (na 1 januari 2026 is het omgevingsdienst Groene Metropool, ODGM) Afhandeling klachten en meldingen ongewone voorvallen/incidenten Klachten/ meldingen

2022

2023

2024

2025

Aantal

1.162

1.158

907

918

Binnen termijn afgehandeld

88%

89%

78%

80%

17

Er is ongeveer hetzelfde aantal klachten als 2024 en dat lijkt ook logisch gezien het feit dat er geen grote ontwikkelingen zijn geweest ten opzichte van 2024. Wel merken we dat de afhandeling van bepaalde klachten steeds meer tijd vraagt, o.a. vanwege de complexiteit van de knelpunten/situaties. In 2022 en 2023 waren er veel meer klachten en dat verschil heeft o.a. te maken met over de 100 klachten per jaar bij een leerlooierij die in 2024 heeft aangegeven te stoppen en dat ook in 2025 daadwerkelijk gestopt is. Verder gaan de meeste klachten over geur- en/of geluidshinder en een beperkt aantal bedrijven. Deze zijn door ons opgepakt als aandachtsbedrijven (zie kopje aandachts­ bedrijven).

Percentage klachten binnen termijn afgehandeld De norm is dat klagers/melders binnen 3 werkdagen worden geïnfor­ meerd over het vervolg van hun klacht en dat tenminste 80% van de klachten binnen 2 weken is afgerond. Dat wil zeggen dat of de klacht helemaal afgehandeld is of dat vervolgstappen zijn afgesproken (b.v. geluidsmeting bij geluidsklachten). Van de klachten die we in 2025 hebben ontvangen is daadwerkelijk ook 80% binnen de afgesproken termijn van 2 weken afgerond. Bij het overschrijden van de termijn gaat het vooral om klachten en meldingen van lang(er) lopende hand­havings­ zaken.

Aandachtsbedrijven Er zijn verder 42 ongewone voorvallen/incidenten bij ons gemeld en opgepakt. Dat zijn er 22 meer dan in 2023. Bedrijven zijn verplicht om ongewone werkzaamheden en incidenten zelf te melden aan het bevoegd gezag en we merken dat de bedrijven dit ook steeds vaker doen.

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

De 42 meldingen betroffen meldingen voor: • Afvalwater • Onderhoud en reparaties • Brand • Lekkage koudemiddelen • Overtredingen • Bodemvervuiling • Asbest Bij slechts 2 incidenten heeft dit geleid tot een grotere handhavingszaak.

Dit betreft bedrijven die extra aandacht nodig hebben en daardoor vaak ook veel tijd kosten. Elk jaar vallen er bedrijven af, maar er komen ook wat bij. Onderstaande tabel geeft aan welke categorieën aandachts­ bedrijven we toepassen en wat de aantallen per categorie zijn.

Aandachtsbedrijven met:

13 9 5 5 4 3 3

een hoog risicoprofiel

2023

2024

2025

19

47

47

een slecht naleefgedrag

6

6

5

veel klachten uit de omgeving

20

22

19

Gevaar voor ondermijning/milieucriminaliteit

3

2

2

Totaal

48

77

73

Het aantal bedrijven is dus dynamisch en het kan ook een combinatie van bovenstaande categorieën zijn. Wat je ziet is dat alle categorieën ongeveer gelijk blijven. De verhoging bij een hoog risicoprofiel van 19 in 2023 naar 47 in 2024 en 2025 komt omdat na invoering van de Omgevingswet 9 bedrijven van provinciale naar gemeentelijke bevoegdheid zijn gegaan en omdat we met het ZZS project en het Gelders programma gemeentelijke complexe bedrijven meer bedrijven opgemerkt hebben als dit type bedrijven.

18

Energiecontroles en beoordelingen Erkende Maatregelenlijsten energiebesparing (EML) Bedrijven die jaarlijks meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m³ gas verbruiken, zijn verplicht energiebesparende maatregelen te treffen die binnen vijf jaar terugverdiend kunnen worden. In 2025 hebben we 423 EML-controles (inclusief hercontroles) afgerond. Daarnaast zijn er 148 controles opgestart, maar nog niet afgerond. Na elke controle stellen we een plan van aanpak op, waarin staat binnen welke termijn de benodigde maatregelen moeten worden uitgevoerd. Wij houden toezicht op de naleving hiervan.

Informatieplicht energiebesparende maatregelen Ondernemers zijn verplicht om via een melding bij de RVO het bevoegd gezag te informeren over de genomen energiebesparende maatregelen. Wij sporen actief bedrijven op die zich nog niet hebben gemeld en zorgen ervoor dat zij alsnog aan deze verplichting voldoen. Het aantal al bekende meldingsplichtige bedrijven bij ons heeft zich ondertussen gemeld. In december 2025 is een lijst met alle energiegegevens van de bedrijven in de Achterhoek beschikbaar gesteld. Deze gaan we gebruiken om de overige nog niet bekende bedrijven te checken 40%

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Onderzoeksplichtige bedrijven Sinds 1 januari 2024 controleert ODA 40 bedrijven in de Achterhoek op de wettelijke onderzoeksplicht ten aanzien van energiebesparing. Deze plicht geldt voor bedrijven: • waarvoor het Rijk milieuregels bepaalt onder de Omgevingswet en; • die jaarlijks 10 miljoen kWh elektriciteit of 170.000 m³ aardgas (equivalent) verbruiken. Deze bedrijven moeten een rapportage indienen bij de RVO, waarin onder andere energieprofielen, een energiebalans en een overzicht van energiebesparende maatregelen zijn opgenomen. Tot nu toe zijn 8 ingediende rapportages beoordeeld en goedgekeurd.

In de komende milieucontroles wordt gecontroleerd of de uit te voeren energie­besparende maatregelen uit deze rapportages daadwerkelijk uitgevoerd zijn.

Toezicht op verplichting van minimaal energielabel C voor kantoorgebouwen Sinds 1 januari 2023 moeten kantoorgebouwen groter dan 100 m² minimaal energielabel C hebben. Gebouwen die hier niet aan voldoen, mogen niet langer als kantoor worden gebruikt. Vanaf 2023 is het toe­zicht gestart en dit loopt continu door. In de Achterhoek zijn in 2023, 2024 en 2025 al ca. 360 gebouwen onderzocht en daarbij geconsta­ teerd dat ze of energielabel C al hadden of dat ze na onze controles de maatregelen hebben genomen om te komen tot energielabel C.

Controle Werkgebonden personenmobiliteit Vanaf 1 juli 2024 zijn Nederlandse werkgevers met 100 of meer mede­werkers verplicht gegevens bij te houden over het woon-werkverkeer en zakelijke reizen van hun werknemers. In 2024 hebben we een lijst opgesteld met bedrijven en instanties in de Achterhoek die onder deze verplichting vallen. Deze 163 bedrijven zijn per brief op de hoogte gesteld en moesten uiterlijk 30 juni 2025 een rapportage indienen bij de RVO. Van de 163 hebben al 153 bedrijven dit gedaan. Bij de overige 10 loopt het toezichtstraject nog. Met deze rapportages krijgt de overheid inzicht in de daadwerkelijke CO2-uitstoot door werkgebonden personenmobiliteit.

Aspectcontrole bodemenergiesystemen Open en gesloten bodemenergiesystemen zijn complexer dan standaard verwarmings- en koelsystemen. Dit kan ertoe leiden dat installaties minder energiezuinig zijn dan beoogd. ODA houdt toezicht op start­ meldingen, monitoring en registratie. In 2025 hebben we 14 controles hiervoor uitgevoerd. Dit zijn er veel meer dan de 2 controles in 2024 en door de groeiende verduurzamingsinitiatieven zal dit aantal in de toekomst waarschijnlijk nog meer toenemen.

19

Overige controles Slopen/Asbest We hebben in 2025 voor alle gemeentes asbestcontroles uitgevoerd, waarbij we niet alleen afgaan op ingediende asbestmeldingen maar ook op zoek zijn naar illegale asbestverwijdering via vrije veldcontroles. In totaal hebben we voor deze gemeentes 595 controles uitgevoerd en hebben waar nodig handhavend opgetreden.

Toezicht bodem Bodemtoezicht richt zich op bodemsaneringen en het juiste gebruik van grond. Illegale grondtoepassingen en opslag worden via vrije veld­ controles opgespoord. In totaal hebben we in 2025 234 bodem­ controles uitgevoerd. Daar waar bij de controles overtredingen zijn geconstateerd zijn ze door middel van hersteltermijnen en waar nodig handhaving opgelost.

bouwdelen en keuring van de sprinkler) en eind december tijdens de verkoopdagen. Wat opvalt is dat, ondanks dat ondernemers al jaren weten wat de regels zijn, er altijd nog overtredingen plaats vinden. Daarbij was er in 2025 met name voor 1 verkooppunt extra aandacht vanwege een veel te grote opslag van vuurwerk dan vergund op niet daarvoor geschikte locaties en het hebben van illegaal vuurwerk. Het hebben van illegaal vuurwerk is opgepakt door de politie, omdat dat geen taak voor ons is en de gemeente hiervoor ook niet toe bevoegd is. In goed overleg met de gemeente en de politie is vanwege het hogere risico besloten om het bedrijf tijdelijk te sluiten en om het aanwezige vuurwerk af te voeren.

Handhaving Belangrijke werkzaamheden ten aanzien van handhaving zijn: • het opstellen en beoordelen van handhavingsbesluiten; • de behandeling van bezwaar-, beroeps- en hoger beroepsprocedures; • vertegenwoordiging bij rechtbank en Raad van State.

Geluidmetingen

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Dit betreft o.a. 48 geluidmetingen bij evenementen. De resultaten hiervan worden gedeeld met de gemeentes, waarna waar nodig actie genomen wordt naar de organisatie van het evenement. Verder komen vanuit de gemeentes steeds meer verzoeken binnen op het gebied van geluidsmetingen bij bedrijven of in de openbare ruimte, mede naar aanleiding van klachten. Aan de ene kant omdat er steeds meer knelpunten op het gebied van geluid zijn (b.v. overlast van warmte­ pompen en airco’s), aan de andere kant ook omdat we hebben laten zien dat we de kennis en kunde hiervoor hebben.

Vuurwerkcontroles In 2025 heeft de ODA alle 24 vuurwerkverkooppunten in de Achter­ hoek gecontroleerd. In 2024 waren er nog 28 en in 2023 32. We zien dan ook al langer een daling. Voor de overgebleven verkooppunten zijn controles uitgevoerd in het najaar op brandveiligheids- en installatie­ technische aspecten (zoals veiligheidsafstanden, brandwerendheid van

Er zijn de volgende handhavingsbesluiten en mogelijkheden.

Verzoeken tot handhaving Wij krijgen verzoeken van derden om op een bedrijf te gaan handhaven. Deze verzoeken moeten beoordeeld worden en vervolgens wordt besloten om wel of niet te gaan handhaven. Er zijn in 2025 22 verzoeken tot handhaving binnengekomen. Dit is meer dan de 13 verzoeken in 2024 en 12 in 2023. Dit valt wel op, maar een eenmalige jaarlijkse verhoging hoeft niet direct een signaal te zijn dat dit een trend is. Wel weten we al jaren dat mensen steeds kritischer en mondiger worden ten aanzien wat er gebeurt binnen hun leefomgeving.

Last onder dwangsom of bestuursdwang Door de Landelijke Handhaving Strategie Omgevingswet (LHSO) toe te passen worden met name (vooraankondigingen) lasten onder dwangsom of bestuursdwang opgelegd.

20

Naast een aantal grote en vaak lang­lopende handhavingszaken betreft het over het algemeen zaken van kleinere overtredingen die allemaal of al opgelost zijn of snel opgelost kunnen worden. Het wil dus niet zeggen dat het allemaal leidt tot een daadwerkelijke dwangsom of bestuurs­ dwang. De meeste bedrijven hebben voor het zover komt de over­ treding(en) al opgelost. Over 2025 zijn er naast al lopende handhavingszaken vanuit eerdere jaren 98 handhavingszaken opgestart, waarvan 84 voor een last onder dwangsom en 14 voor een last onder bestuursdwang. Dit is vergelijk­ baar met 2024 toen er 91 handhavingszaken waren opgepakt.

Strafrechtelijke handhaving door Buitengewoon Opsporingsambtenaren (BOA’s) Dit betreft diverse soorten misdrijven/overtredingen. In 2025 zijn 82 strafrechtelijke onderzoeken opgestart. Bij 13 zaken is procesverbaal opgemaakt en bij 8 zaken zijn waarschuwingen afgegeven. In 50 gevallen bleek strafrechtelijke vervolging niet nodig, bijvoorbeeld omdat de overtreding bestuursrechtelijk is opgelost of er onvoldoende bewijs was. Verder lopen er nog 11 lopende zaken door naar 2026.

Wat hebben we daarvoor gedaan

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Verbeterde uitvoering toezicht & handhaving We werken met een risico & effectgerichte benadering, gebaseerd op steeds meer beschikbare informatie vooraf. Dit hebben we voor enkele branches vertaald naar specifieke brancheplannen. Hierin staan verschillende manieren van toezicht houden, zoals de traditionele reguliere controle, de aspectcontrole en de zelfcontrole (bedrijven vullen vooraf zelf een checklist in, waarna gekeken wordt waar de ODA zelf nog langs moet gaan voor een controle). Verder wordt in een brancheplan ook beschreven welke overtredingen het meest voorkomen in zo’n branche en hoe je mogelijke overtredingen kunt voorkomen door bijvoorbeeld voorlichting.

Landelijke handhaving Strategie Omgevingswet (LHSO)/naleefgedrag Binnen de ODA wordt gewerkt met de LHSO. Hierbij wordt per over­ treding in stappen bekeken wat de vervolgacties moeten zijn. Dit kan betekenen dat zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk opgetreden moet worden. Een belangrijk aspect hierbij is het naleefgedrag van het bedrijf (overigens ook een onderdeel van het risico- en effectgerichte toezicht).

Gebruik van strafrecht In het kader van het vorige punt en de toetsing van overtredingen aan de hand van de LHSO zijn de werkzaamheden in het kader van het strafrecht door de BOA’s van belang. Daarom is een goede samen­ werking met het OM, Functioneel Parket en de politie hierbij van belang.

Ondermijning Ondermijning is de vermenging van de onderwereld met de boven­ wereld. Je kunt hierbij b.v. denken aan drugslabs in leegstaande bedrijfspanden maar ook aan fraudezaken en milieucriminaliteit. De ODA kan hierbij vaak helpen, o.a. omdat onze medewerkers de ogen en oren kunnen zijn voor het signaleren van deze zaken. De laatste jaren is er een goede samenwerking binnen de Achterhoek op het gebied van ondermijning. Dat heeft deels geleid tot het afronden van zaken rondom een aantal drugslabs binnen de Achterhoek. Daarnaast hebben we in alle gemeentes meegeholpen bij diverse ondermijningsacties. Dat betrof allerlei werkzaamheden van eigen aspectcontroles tot aan het meelopen met multidisciplinaire controles met alle handhavingspartners. Zo hebben alle gemeentes ook het Keurmerk Veilig Buitengebied opgepakt, waar wij ook aan deelnemen.

21

Wat heeft het gekost Overzicht baten en lasten Programma 2 Toezicht en Handhaving (x € 1.000) Baten

Begroting 2025 Lasten

Saldo

Baten

Realisatie 2025 Lasten

Saldo

Programmaplan Programma 2 Toezicht en Handhaving

6.124

3.746

2.378

6.868

5.152

1.716

Overzicht Algemene dekkingsmiddelen 0 Overhead 0

0 0

Heffing vennootschapsbelasting Onvoorzien 41

-41

0

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Saldo van baten en lasten

6.124

3.787

2.337

6.868

5.152

1.716

Zowel de baten, alsmede de lasten liggen hoger binnen dit programma. Dit heeft te maken met een stijgende vraag vanuit de gemeenten en o.a. extra taken vanuit de wetgeving. Ook is er een stijging te zien in de personeelslasten (inhuur) i.v.m. langdurig zieken en deze eerder­ genoemde stijgende vraag. Omdat binnen toezicht en handhaving de meeste mensen werken is de doorbelasting van de overhead binnen dit programma ook het hoogst. Dit heeft een nadelige invloed op het saldo van dit programma.

22

3. Specialismen Wat hebben we bereikt

Archeologie

Het totaal aantal adviezen in het jaar 2025 is ten opzichte van 2024 toegenomen. Voor een verdere toelichting zie hieronder in paragraaf 2.

Percentage adviezen binnen de servicenorm van 4 weken (minimaal 80%) 84% van de adviezen zijn binnen de afgesproken 4 weken geleverd. Dit ligt boven de norm en is een verbetering ten opzichte van het jaar ervoor toen 80% van de adviezen binnen de servicenorm van 4 weken lag. De verbetering is in belangrijke mate te danken aan het oplossen van een aantal personele knelpunten.

Wat hebben we daarvoor gedaan

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

In de tabel zijn de aantallen specialistische adviezen die in 2025 zijn behandeld samengevat. Procedures en meldingen

Afgerond

Opgestart, maar nog

in 2025

niet afgerond

Bodem

312

20

Licht

12

1

Ecologie, natuur en stikstof

344

24

Geluid

369

9

Lucht en Geur

187

7

Externe Veiligheid

172

5

Milieu Effect Rapportages (MER)

49

0

Milieuzonering

106

1

Archeologie

264

1

In 2025 is het regulier archeologisch advieswerk weer uitgevoerd, waaronder het geven van archeologische adviezen, beoordelen van opgravingsrapporten en het toetsen van archeologische bureau­ onderzoeken en booronderzoeken. Het aantal gegeven adviezen en beoordelingen is nagenoeg gelijk gebleven ten opzichte van 2024. Aanvullend heeft de ODA dit jaar een Achterhoekse Archeologiedag georganiseerd. Deze richtte zich op een breed publiek van geïnteresseerden uit de regio. Met een opkomst van 100 bezoekers was deze dag goed bezocht. Daarnaast zijn de medewerkers betrokken bij het opzetten van een nieuwe reeks beleidskaarten voor een aantal van de aangesloten partners.

Bodem Naast reguliere taken zoals het geven van bodemadviezen in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen en het beoordelen van bodemrapporten is er in 2025 een belangrijke inhaalslag gemaakt met betrekking tot het invoeren van rapporten in het BodemInformatieSysteem. De verwachting is dat medio 2026 de achterstanden weggewerkt zijn. Zowel met betrekking tot implementatie van de Omgevingswet maar ook voor tal van andere onderwerpen zijn diverse bodemadviseurs van de ODA betrokken binnen verschillende landelijke en regionale overlegstructuren waarin we meedenken en meepraten om de regio achterhoek op een goede manier in te vertegenwoordigen. Denk hierbij aan het Gelders Ondergrond Overleg (GOO), maar ook de VNG of OD-NL. Binnen deze overleggen kunnen we kwijt waar we als gemeenten en als regio tegenaan lopen, worden inhoudelijke zaken besproken en kennis opgehaald en gedeeld. De opgedane kennis wordt vervolgens ook weer gedeeld met onze partners.

23

Externe veiligheid

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

In 2025 zijn de reguliere taken uitgevoerd zoals het geven van externe veiligheidsadviezen in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen en het beoordelen van externe veiligheid in omgevingsvergunningen (milieu). Daarnaast heeft de ODA zich beziggehouden met de volgende projecten: • Werken aan de toekomst: in het kader van dit project zijn het afgelopen jaar verschillende activiteiten ontplooit om de aandacht voor externe veiligheid zowel intern als extern te vergroten. Voorbeelden van activiteiten zijn het verzorgen van gastcolleges op hogescholen, het organiseren van kennissessies voor gemeenten en het opzetten van een stageprogramma om studenten kennis te laten maken met externe veiligheid. • Gelders Externe Veiligheid Overleg (GEVO): net als voorgaande jaren neemt de ODA deel aan het GEVO. Dit is een regionale kennisschakel die partners en gemeenten van de zes Gelderse omgevingsdiensten informeert over landelijke en regionale ontwikkelingen op het gebied van externe veiligheid. De ODA vervult samen met de Omgevings­ dienst Veluwe het voorzitterschap van dit overleg.

• actualiseren DVO’s en mandaten in verband met de Omgevingswet • proces voor de wijziging van de gemeenschappelijke regeling • nader afstemmen van werkprocessen tussen de ODA en gemeentelijke bezwaarcommissies van de partners • bijdragen aan de behandeling van gemeentelijke WOO verzoeken

Geluid In 2025 hebben de werkzaamheden binnen het werkveld geluid in hoofdzaak bestaan uit het geven van adviezen in het kader van meldingen vergunningprocedures en bij ruimtelijke procedures. Daarnaast is ondersteuning geboden aan de toezichthouders in situaties waarbij (complexere) geluidsmetingen zijn verricht en aan juristen bij zittingen van bezwarencommissies en de rechtbank. Meldenswaardig is dat in 2025 de gemeente Aalten het zonebeheer industrielawaai heeft overgedragen aan de ODA, ook wordt nu het reguliere geluidsadvieswerk in Aalten gedaan door de ODA. Voor de industrieterreinen waar het zonebeheer al bij de ODA lag is gestart met het actualiseren van de zonebeheersmodellen.

Juridisch

Luchtkwaliteit en geur

In 2025 zijn reguliere taken uitgevoerd als: het juridisch toetsen van omgevingsvergunningen, het opstellen en toetsen van handhavings­ besluiten, de ondersteuning van vergunningverleners en toezicht­ houders, het behandelen van bezwaarprocedures, voorlopige voor­ zieningen en (hoger) beroepsprocedures, het afhandelen van verzoeken tot handhaving, verstrekken informatie bij WOO-verzoeken van de provincie, het bijhouden van jurisprudentie en nieuwe wetgeving en implementeren hiervan in de organisatie.

Naast reguliere taken zoals het geven van luchtkwaliteit- en geur­ adviezen in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen en het beoordelen van luchtkwaliteitsrapporten, is in 2025 voor zeven gemeenten de monitoring van de luchtkwaliteit uitgevoerd in het kader van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). In voorkomende gevallen werden adviezen gegeven ten aanzien van geur bij de meer complexe milieuvergunningverlening of –handhaving bij bedrijven.

Daarnaast is juridisch bijgedragen aan: • saneren van ontmantelde drugslabs en kostenverhaal • implementatie van de Omgevingswet bij zowel de partners als ook binnen de eigen organisatie

24

Omgevingsplannen Naast het beoordelen van de noodzaak en de kwaliteit voor MERrapportages werden ook ten aanzien van het verplichte onderdeel milieuzonering diverse (reguliere) adviezen verstrekt. Wanneer hierbij een geurproblematiek speelde ten aanzien van nabij gelegen agrarische bedrijven werden ook aan de hand van de V-Stacks rekenmethode voorgrond- en achtergrondgeurberekeningen opgesteld, aangezien hier naast de richtafstanden van de VNG-brochure, ook de wettelijke afstanden van de Wet geurhinder en veehouderij een rol spelen. In dit kader werd ook een advies aan het VNG uitgebracht ten aanzien van de mogelijke wijziging van de bestaande zonerings-systematiek door de VNG.

Milieueffect(beoordelings)rapportages (MER) Bij de beoordeling van bestemmingsplannen worden regelmatig ook (vormvrije) milieueffect beoordelingsrapportages opgesteld. De nood­ zaak voor en de beoordeling van de kwaliteit van deze rapportages en

Uiteraard spelen de bovengenoemde milieuaspecten afwisselend ook een rol bij de te beoordelen bestemmingsplannen, waarbij vaak in overleg met de andere specialisten (externe veiligheid, geluid) gezocht wordt naar een oplossing bij een complexe zoneringsproblematiek.

eventueel inhoudelijke tekortkomingen werden teruggekoppeld aan de partners.

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Licht Er zijn regelmatig klachten ten aanzien van deze voorheen nauwelijks aan de orde zijnde milieuproblematiek. Naast het opbouwen van expertise op dit gebied werden ook lichtadviezen aan de partners verstrekt.

Ecologie Met de komst van de Omgevingswet is het behoud van ecologische waarden binnen de ruimtelijke ordening steeds belangrijker geworden. We zien dan ook dat het aantal adviesaanvragen toeneemt. De Oda heeft daarom het afgelopen jaar verder ingezet op het inrichten van de vakgroep ecologie en op kennisopbouw.

25

Wat heeft het gekost Overzicht baten en lasten Programma 3 Advies (x € 1.000) Baten

Begroting 2025 Lasten

Saldo

Baten

Realisatie 2025 Lasten

Saldo

Programmaplan Programma 3 Advies

2.398

1.657

741

3.757

1.645

2.112

Overzicht Algemene dekkingsmiddelen 0 Overhead 0 Heffing vennootschapsbelasting 0 Onvoorzien 18

-18

Saldo van baten en lasten

723

2.398

1.675

3.757

0

0

1.645

2.112

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Er zijn meer baten dan begroot. Dit is in lijn met de toenemende vraag naar adviezen van de gemeentes.

26

4. Stelseltaken Het Gelders Stelsel is een samenwerkingsverband van de zeven Gelderse Omgevingsdiensten (OD’s). De OD’s verrichten in de nabijheid van gemeenten de Wabo-taken waarvoor zij robuuste taakuitvoering realiseren. Om deze robuustheid te garanderen zijn samenwerkings­ afspraken gemaakt die zijn vastgelegd in stelselafspraken. Op dit moment wordt er onderzocht of het Gelders stelsel nog voldoende functioneert. Mogelijk volgt er in de nabije een toekomst een herziening. Een uitkomst zou kunnen zijn dat het landsdeel Oost, en niet meer alle diensten in Gelderland, taken onderling blijft verdelen. Er zijn stelselafspraken gemaakt over: • Toezicht en handhaving provinciale bedrijven (ODRA); • Ketentoezicht (ODR); • Coördinatie en kwaliteit, Informatievoorziening Gelderse Omgevingsdiensten (I-GO) (ODDV);

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

– Het Portaal - kenniscentrum en communicatie (OD Veluwe); – Coördinatie Bestuurlijke strafbeschikking Milieu (OD Veluwe); • HRM (ODA). De dienst waar een stelseltaak is belegd, voert die taak uit mede ten behoeve van de overige diensten. Daarmee is de basis gelegd voor het Gelders Stelsel dat in samenhang functioneert. ODA voert de stelseltaken HRM uit. Een paar lichten we eruit.

Ketentoezicht Team Ketentoezicht voert namens de 5 Gelderse en 2 Overijsselse omgevingsdiensten het ketentoezicht uit, in samenwerking met alle ketenpartners zoals politie Oost-Nederland, Functioneel Parket, het Regionale Informatie- en Expertisecentra (RIEC), waterschappen, veiligheidsregio's, meerdere landelijke instanties en waar nodig andere

omgevingsdiensten. Het team richt zich op het integraal in beeld brengen, voorkomen, terugdringen en bestuurlijk aanpakken van milieucriminaliteit en calculerend gedrag in risicovolle (afval)stoffen­ ketens. Dat gebeurt via risico- en informatie gestuurde (keten)analyses en diepgaand administratief toezicht (DAT). De aanpak van de risico­ ketens gebeurt planmatig en gefaseerd; de omgevingsdiensten bepalen daarna hoe ze opvolging geven aan adviezen en rapporten van team Ketentoezicht. In 2025 zijn de langer lopende ketenaanpakken E-waste, verontreinigde grond en asbest voortgezet. Ook is het project aanpak synthetische drugs (SONAR) een structureel onderdeel van het jaarprogramma, wat geleid heeft tot gerichte adviezen, gezamenlijke analyses en interventies voor omgevingsdiensten en ketenpartners ten aanzien van synthetische drugs. Als nieuw onderwerp is een verkenning gestart naar de problematiek rond matrasafval met speciale aandacht voor circulaire economie. Daarnaast is voor de langere termijn geïnvesteerd in professionalisering, digitalisering en data gedreven werken en is gestart met de herijking van de visie op de programmaontwikkeling van ketentoezicht om beter aan te sluiten op regionale en landelijke ontwikkelingen.

P&O stelseltaak (ODA) De ODA is verantwoordelijk voor de stelseltaak HRM. Vanuit een coördinerende rol vertegenwoordigt zij de HR-expertgroep, bestaande uit 5 HR adviseurs en een arbeidsjurist. De HR-expertgroep houdt zich bezig met gezamenlijke HR-thema's. Deze zijn gerelateerd aan het gezamenlijk arbeidsvoorwaardenreglement, de cao en de medezeggen­ schap. De HR-expertgroep richt zich met name op kennisdeling.

27

In 2025 ging het hier met name over het opvolgen van het HR21 functiewaarderingssysteem en de aanpassingen wat betreft reiskosten. Daarnaast hebben we een bijdrage geleverd aan de Gelderse Arbeids­ marktcommunicatie.

BSBm (Bestuurlijke Straf Beschikking milieu) Omgevingsdienst Veluwe De bevoegdheid voor de BSBm is toebedeeld aan de directeuren van de omgevingsdiensten en wordt uitgevoerd door BOA’s. Binnen het stelsel was tot halverwege 2021 de coördinatie van de uitvoering van de BSBm’s en het aanspreekpunt voor het OM belegd bij omgevings­ dienst Veluwe. Met het vertrek van de toenmalige directeur is deze taak overgedragen aan de directeur van de ODA, de uitvoering blijft bij omgevingsdienst Veluwe.

Wat heeft het gekost Overzicht baten en lasten Programma 4 Stelseltaken (x € 1.000) Baten

Begroot 2024 Lasten

Saldo

Baten

Realisatie 2024 Lasten

Saldo

Programmaplan Programma 4 Stelseltaken

80

379

-299

0

380

-380

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Overzicht Algemene dekkingsmiddelen 0 0 Overhead 0 0 Heffing vennootschapsbelasting 0 0 Onvoorzien 0 0 Saldo van baten en lasten

80

379

-299

Voor een toelichting verwijzen wij u naar het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening.

0

380

-380

28

5. Overige activiteiten en projecten Omgevingswet en aanverwante activiteiten In 2025 zijn verschillende onderwerpen geactualiseerd die de Omgevings­­wet raken, zoals de werkafspraken rondom sloop en asbest en milieuvergunningplichtige paas- en vreugdevuren. Daarnaast hebben we in de regio samen met onze partners en ketenpartners verder gebouwd aan kennisontwikkeling. Vanuit ODA zijn kennissessies georganiseerd in de regio Achterhoek met als thema milieubelastende activiteiten (MBA) in het Bal en het omgevingsplan, gericht op bouw- en loketcollega’s.

Omgevingsdienst Achterhoek (ODA). Zo is het project Optimalisatie OneGov opgestart om het archiefbeheersysteem te verbeteren. Hierdoor wordt automatisch archiveren mogelijk, waarbij op basis van zaaktypen en resultaten uit het VTH-systeem de bewaartermijn automatisch wordt berekend aan de hand van de VNG-selectielijst. Ook is er een nieuwe applicatie geïmplementeerd die document­ vergaring, het maken van collecties en anonimisatie integreert binnen één platform.

Ook is in de regio geïnventariseerd welke kennisbehoefte bestaat op het gebied van milieutrainingen. De voorbereidingen hiervoor zijn getroffen, de eerste sessies hebben plaatsgevonden en in 2026 zetten we deze kennisontwikkeling in de regio voort. Samen met de gemeenten, een externe adviseur en onze partners hebben we bovendien de mogelijk­

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

heden onderzocht inzake milieuleges en kostendoorberekening vanuit anterieure overeenkomsten. Daarnaast is ODA aangesloten op de eerdergenoemde omgevingstafels van de Achterhoekse gemeenten. Dit wordt, blijkens de eerste evaluaties met partners, zeer gewaardeerd. In 2025 zijn we ook gestart met inhoudelijke nieuwsbrieven voor de verschillende betrokken ambtelijke specialisaties binnen VTH en RO. Verder beschikt ODA over een kennismakelaar die is aangesloten op de kennisinfrastructuur die wordt opgebouwd vanuit Omgevingsdienst NL en IenW, IPO en VNG.

Archiefbeheer Naast het reguliere werk, zoals het verwerken van door collegamilieuambtenaren aangevraagde milieudossiers, zijn er in 2025 verdere verbeteringen doorgevoerd op het gebied van informatiebeheer bij de

29

Wat heeft het gekost Voor een toelichting verwijzen wij u naar het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening.

Overzicht baten en lasten Programma 5 Projecten (x € 1.000) Baten

Begroot 2024 Lasten

Saldo

Baten

Realisatie 2024 Lasten

Saldo

Programmaplan Programma 5 Projecten

5

0

5

731

225

506

Overzicht Algemene dekkingsmiddelen Overhead

0

0

Heffing vennootschapsbelasting Onvoorzien 0 0

ODA | Jaarverslag en jaarrekening 2025

Saldo van baten en lasten

5

0

5

731

225

506

30

ODA | jaarverslag en jaarrekenig 2025

Financiële uitkomsten

31

Financiële resultaten De Omgevingsdienst Achterhoek verkrijgt haar inkomsten hoofd­ zakelijk uit bijdragen van de deelnemende partners. Daarnaast kan zij opbrengsten verkrijgen buiten de deelnemende partners.

Onderstaand de financiële resultaten over 2025

Omschrijving (x € 1.000)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16911941/2