Omgevingsvisie - officiele bekendmakingen__282498__.pdf
Tekst van het document
GEMEENTEBLAD
Nr. 394602 10 september 2025
Officiële uitgave van de gemeente Leusden
Omgevingsvisie Gemeente Leusden Het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Leusden, gelezen het ontwerp van de Omgevingsvisie Gemeente Leusden. Overwegende dat: 1. De ontwerp Omgevingsvisie Gemeente Leusden 2025 vaststellen. 2. Geen nieuwe m.e.r.-beoordeling vaststellen. 3. De ontwerp Omgevingsvisie Gemeente Leusden 2025 voor zes weken ter inzage leggen.
Artikel I "Omgevingsvisie Gemeente Leusden" opgenomen in Bijlage A wordt vastgesteld.
Artikel II Van de terinzagelegging wordt kennis gegeven in het gemeenteblad. Aldus vastgesteld door college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Leusden op 9 september 2025 -
Dit document is een ontwerpbesluit.
1
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
Bijlage A Bijlage bij artikel I
Omgevingsvisie Gemeente Leusden 1 Voorwoord "Met trots presenteer ik u de vernieuwde omgevingsvisie van de gemeente Leusden. In deze visie brengen we de vele beleidsuitspraken die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving bij elkaar. Daarbij kijken we nadrukkelijk verder dan alleen de fysieke aspecten van de leefomgeving, we leggen bewust de verbinding met het sociale domein en de relatie tussen de leefomgeving en gezondheid. Deze integrale benadering maakt de omgevingsvisie niet alleen inhoudelijk sterker, maar ook beter toepasbaar in de praktijk. De opbouw van deze visie ondersteunt een heldere doorwerking naar beleidsuitwerking en sluit aan bij de eisen van het landelijke Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO). Deze visie is meer dan een document: het is de koers voor de toekomst van onze fysieke leefomgeving. Een toekomst die het vraagt om keuzes te maken over wonen, werken, ontmoeten en ontspannen, waarbij we oog hebben voor natuur, gezondheid, duurzaamheid en erfgoed. De wereld om ons heen verandert snel. Klimaatverandering, vergrijzing, woningdruk en energietransitie vragen om doordachte keuzes voor onze inwoners – nu en in de toekomst. Tegelijkertijd willen we vasthouden aan wat onze gemeente zo bijzonder maakt: het groene karakter, de sterke gemeenschappen en ons dorpskarakter. Deze visie helpt ons om die balans te bewaren én te versterken.
We zijn duidelijk nog niet klaar met het inrichten van de fysieke leefomgeving. Voor de komende jaren hebben we nog vele opgaven om invulling aan te geven, of het nu de ontwikkeling van Tabaksteeg-Zuid is, de herontwikkeling van De Korf of een uitgewerkte koers voor Achterveld, het vraagt allemaal een integrale benadering waarbij we onze verantwoordelijkheid nemen voor de generaties van nu én die van morgen." Wim Vos Wethouder Ruimtelijke Ordening
2 Inleiding 2.1 Omgevingsvisie gemeente Leusden In de omgevingsvisie beschrijft de gemeenteraad ambities en beleidsdoelen vast voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn. In 2018 zijn twee aparte omgevingsvisies vastgesteld: één voor het stedelijk gebied en één voor het landelijk gebied. In 2023 zijn deze beleidsneutraal samengevoegd tot één gezamenlijke visie. In deze omgevingsvisie leest u wat het strategische beleid van de gemeente Leusden is voor onze fysieke leefomgeving voor de komende jaren; wat de koers is voor het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. Waarbij we uitgaan van een brede benadering van de leefomgeving, waarin ook gezondheid en welzijn een belangrijke factor vormen.
2.2 Voor wie is de omgevingsvisie De omgevingsvisie fungeert als gemeentelijk afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen, voor initiatiefnemers die een opgave willen realiseren. Daarnaast is de omgevingsvisie is een belangrijk sturingsdocument voor beleidsadviseurs die werken aan beleidsontwikkeling binnen de fysieke leefomgeving (richting omgevingsprogramma’s en richting omgevingsplan).
2.3 Opbouw van de omgevingsvisie Voordat we onze ambities en strategische beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving goed kunnen bepalen, is het van belang om eerst te schetsen wat onze gemeente (Ambstgebied) zo uitzonderlijk maakt, wat op ons afkomt en hoe we dit beleidsmatig uitlijnen om aan onze ambities te werken.
2
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
Figuur 1: opbouw omgevingsvisie Gemeente Leusden
“Het verhaal van de gemeente Leusden” (hoofdstuk 3) geeft aan de hand van de kernkwaliteiten het karakter van de gemeente Leusden weer. Met onze kernkwaliteiten goed in beeld beantwoorden we de vraag wat nu karakteristiek is voor de gemeente Leusden, waar we vandaan komen en geeft ons een kans om deze kwaliteiten te gebruiken om ons karakter ook in de toekomst een plek te geven. Om ons karakter en de daarbij behorende kwaliteiten te benutten in een tijd waarin we effectief om moeten gaan met ruimte is het goed om een helder beeld te hebben wat er in de (nabije) toekomst op ons afkomt. In hoofdstuk 4 schetsen we de trends die op dit moment het belangrijkste lijken voor onze gemeente. Om ons karakter en de daarbij behorende kwaliteiten te benutten in een tijd waarin we effectief om moeten gaan met ruimte is het goed om een helder beeld te hebben wat er in de (nabije) toekomst op ons afkomt. In hoofdstuk 4 schetsen we de trends die op dit moment het belangrijkste lijken voor onze gemeente. Gevoed door “Het verhaal van de gemeente Leusden” en met de “Trends” in beeld zijn er zes hoofdlijnen te herkennen die invulling geven aan de inrichting van de fysieke leefomgeving van de gemeente Leusden (Figuur 1). Deze hoofdlijnen – dit zijn langlopende, thematische beleidslijnen - bepalen in samenhang de koers voor een toekomstbestendige fysieke leefomgeving voor de gemeente Leusden.
In hoofdstuk 5 worden de zes hoofdlijnen toegelicht. Aan de hand van de zes hoofdlijnen worden de thematische ambities voor onze gemeente uitgewerkt in hoofdstuk 6 tot en met 12 Elk thema geeft een beschrijving van de ambities, welke beleidscontext daarin relevant is en welke opgaven daarbij horen. De omgevingsvisie is op hoofdlijnen, de opgaven worden uitgewerkt in omgevingsprogramma’s. Naast de thema’s zijn er ook gebiedsgerichte ambities (hoofdstuk 13 tot en met 16, aanvullend op de thematische ambities. Om ambities specifiek voor bepaalde gebieden te duiden. Deze vormen een aanvulling of specificering van de thematische ambities. De omgevingsvisie wordt afgesloten (hoofdstuk 17 en 18) met een verantwoording voor de omgevingsvisie. Waaronder een toelichting op de participatie die heeft plaatsgevonden en de positionering van de omgevingsvisie binnen de beleidscyclus van de fysieke leefomgeving. Ook wordt aandacht besteed aan de wijze hoe de omgevingsvisie te gebruiken, hoe de monitoring en evaluatie eruit ziet en hoe we het vervolg van de omgevingsvisie voor ons zien.
3
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
Als bijlage bij de omgevingsvisie zijn toegevoegd (1) de noodzakelijke informatieobjecten in het kader van de publicatie op het Digitaal Stelsel Omgevingswet, (2) een uitgebreide beschrijving van de ontstaansgeschiedenis en landschapsomschrijvingen 'Dit is Leusden'.
3 Het verhaal van de gemeente Leusden 3.1 Kernkwaliteiten De kernkwaliteiten van een gemeente maken de gemeente uniek. Het in beeld hebben van deze kwaliteiten geeft de mogelijkheid om kansen daarbinnen te benutten en geeft een beeld van wat waardevol is om te behouden of beschermen. Hieronder beschrijven we de kernkwaliteiten van de gemeente Leusden. Het zijn kwaliteiten waar we trots op zijn. De kernkwaliteiten zijn bepalend voor de vaststelling ambities en het maken van keuzes voor de inrichting van onze fysieke leefomgeving. De historische landschappelijke vorming van de gemeente heeft bijgedragen aan de huidige kernkwaliteiten. Meer informatie hierover is opgenomen in bijlage 1.
3.2 Dorpskarakter, in een dynamische regio Doordat de kern Leusden in eerste instantie aangewezen was als grootschalige groeikern, hebben sporen de opzet van Leusden bepaald. Voorbeelden hiervan zijn de stevige groenstructuur langs de (brede) ontsluitingswegen en de wijk Roozendaal (‘de eurowoningen’) met haar wijkopzet en openbare ruimte in eigen beheer. De plannen voor die groeikern zijn niet op de oorspronkelijke schaalgrootte uitgevoerd. Hierdoor is er voor de kern Leusden een dorpskarakter ontstaan. Met de ‘beperkte’ groei die Leusden uiteindelijk heeft doorgemaakt, is de opvang en opbouw overzichtelijk. Twee winkelcentra voor de benodigde dagelijkse voorzieningen met daaromheen (eenzijdige) woonwijken waarin eengezinswoningen de boventoon voeren en enkele bedrijventerreinen aan de randen. Ook Leusden-Zuid (inclusief Tabaksteeg) en Achterveld kenmerken zich als kleinschalig, als het gaat om wonen, werken en voorzieningen. Het sterke groene en dorpse karakter van de gemeente staat in contrast met de ligging van de gemeente aan de rand van de randstad, midden in de regio Amersfoort. De dynamiek en aantrekkingskracht die dat met zich meebrengt is zichtbaar in het entreegebied van Leusden aan de afrit van de A28, wat een duidelijke hoger-stedelijke signatuur heeft.
Leusden is een aantrekkelijke gemeente om in te wonen en te werken, gelet op de ligging en ontsluitingsmogelijkheid direct aan de A28 en de beschikbare en diversiteit aan voorzieningen in Amersfoort. De gemeente profiteert van de mogelijkheid om te laveren tussen dorpse karakter en rust en stedelijke aantrekkelijkheid in de regio.
3.3 Groen nabij – landgoederen, bossen, groenstructuren We hebben in de gemeente een bijzonder mooi en afwisselend buitengebied, met een rijke cultuurhistorie en natuur. Ons groen is ons goud. We hechten sterk aan ons buitengebied. Of het nu is vanuit de agrarische traditie, de ecologische waarden, de recreatieve mogelijkheden of de woonkwaliteit die het geeft, we hebben veel om trots op te zijn en om te behouden. Bovendien is het (binnenstedelijke) groen belangrijk bij tegengaan van wateroverlast en hittestress, met name in de woongebieden. Bijna overal is het ‘groen’ nabij, of het nu de groene dooradering is van (de kern) Leusden, het groene dorpshart binnen Achterveld, het uitgestrekte agrarische gebied of de bos- en heiderijke natuurgebieden, zoals de Leusderheide. Er valt op diverse manieren groen te ontdekken en te beleven; de gemeente Leusden kan met recht gezien worden als groene leefgemeente. De gemeente Leusden heeft hoogwaardige natuur met bijvoorbeeld zeldzame soorten zoogdieren, reptielen en blauwgraslanden. Zo zijn er verschillende kwalitatief hoogwaardige natuur- en bosgebieden in het agrarisch gebied. De hoge kwaliteit van het landschap is er mede dankzij de belangrijke rol in het beheer van het landschap – en de langdurige aanwezigheid - van landgoederen als De Boom en Den Treek-Henschoten.
De hoogwaardige kwaliteit van het buitengebied maakt het bij uitstek geschikt om van te genieten en in te recreëren.
4
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
3.4 Gelegen in beekdalen De uitlopers van de Utrechtse Heuvelrug enerzijds en de Veluwe anderzijds vormen op verschillende wijze de gemeente, de gemeente Leusden ligt daar middenin. Er zijn meerdere beekdalen waarin het water richting de randmeren stroomt. Dit heeft gevolgen voor de bodemgesteldheid. Binnen de gemeentegrenzen liggen voornamelijk zandige bodems, soms droog en soms nat, heel nat. Mede als gevolg van het kwelwater vanuit de hoger gelegen heuvelruggen. Aan de flanken van de Utrechtse Heuvelrug ligt het Heiligenbergerbeekdal. Hier stroomt de Heiligenbergerbeek parallel aan de Utrechtse Heuvelrug. De verschillen in hoogte (Utrechtse Heuvelrug versus Gelderse Vallei, moerasgebieden en beekdalen versus dekzandruggen) zijn sterk van invloed geweest op de vorming van het landschap en de ontginning. Dat legde de basis voor een groene gemeente met prachtige slagen- en kampenlandschappen. De huidige inrichting en gebruik van het gebied is door ophoging van het maaiveld en slimme aanleg van water en groen hierop afgestemd. Zo is een uniek, robuust dorp ontstaan. Aan de oostzijde van het Valleikanaal is de westflank van de Gelderse Vallei. Hier stromen meerdere beken van oost naar west. Ze komen samen in het Valleikanaal. De watersamenstelling en de waterbalans van de beken is door beïnvloeding van de mens uit het evenwicht.
Woningbouw (in Amersfoort) maakte het noodzakelijk om waterbergingsgebieden aan de oostzijde van het Valleikanaal te realiseren.
3.5 Zichtbare historie De gemeente Leusden is in haar huidige vorm dan misschien nog niet zo oud, ze kent wel een rijke en lange historie. Deze historie wordt verbeeld door uitingen afkomstig uit alle tijdlagen. Deze uitingen van cultureel erfgoed en archeologie, zichtbaar en onzichtbaar, materieel en immaterieel, vertellen in samenhang het verhaal van Leusden. Langs het Valleikanaal ligt de beeldbepalende rijksmonumentale Grebbelinie die in de ontwikkeling en de historie van de gemeente Leusden een grote rol heeft gespeeld en nog speelt. Voor de plek van waaruit Leusden is ontstaan, is het torentje van Oud-Leusden kenmerkend. Deze voorbeelden en de historische linten met het groen, de landgoederen en de grafheuvels op landgoed Den Treek en de Leusderheide, dragen bij aan de identiteit en het karakter van de gemeente. Het cultureel erfgoed zorgt voor verbinding met haar omgeving en geeft in meer of mindere mate herkenbaarheid aan de woonkernen en het buitengebied. Dit is iets om trots op te zijn, te koesteren, te behouden, te beschermen en op een verstandige manier te benutten zodat mensen ervan kunnen genieten. Door het erfgoed als inspiratiebron en herkenningspunt in te zetten, wordt de zichtbaarheid en de herkenbaarheid ervan versterkt. Inwoners en bezoekers ervaren het erfgoed als een belangrijke kwaliteit.
3.6 Ondernemerschap, innovatie en maatschappelijke betrokkenheid We hebben in de gemeente een sterke ondernemerscultuur, met een grote diversiteit aan bedrijven in grootte en opererend in diverse sectoren. De sterke diversiteit aan bedrijven leidt ook tot nieuwe kleine bedrijven en samenwerkingsverbanden. Ondernemerschap en innovatie draagt bij aan werkgelegenheid door nieuwe kansen en banen te creëren. Dat helpt mensen aan een vast inkomen en draagt daarmee bij aan een vaste basis. Ondernemerschap zien wij ook in ons buitengebied; de grondgebonden veehouderij is onderdeel van onze cultuur en een belangrijke economische bedrijfstak en draagt zo op verschillende manieren bij aan de vitaliteit van ons platteland. Passende (neven)activiteiten maken ons buitengebied tot een prettig en herkenbaar verblijfsgebied, voor onze eigen inwoners en toeristen en recreanten van buiten. Het ondernemerschap en de innovatiekracht zijn ook terug te zien in de maatschappelijke betrokkenheid van onze inwoners. Met als voorbeeld de initiatieven binnen thema’s zoals klimaatadaptatie en energietransitie en de succesverhalen daarbij.
Plekken zoals de Vlinder en Bijentuin en Voedselbos (samen Groene Venster), de activiteiten rond de Groene Belevenis en het succes van het project ‘Eurowoningen toekomstbestendig’ laat zien dat binnen de gemeente Leusden ook de noodzaak wordt gezien om zich in te zetten voor het klimaat- en energievraagstuk om de wereld leefbaar te houden voor toekomstige generaties.
5
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
3.7 Cultuur en verenigingsleven De gemeente Leusden heeft een divers cultureel aanbod, van professioneel niveau tot (kleinschalige) amateurkunst. Naast de bibliotheek gaat het bijvoorbeeld om een groot en een kleinschalig theater, een cultuurpodium, verschillende muziekverenigingen, koren, een carnavalsvereniging, en allerlei andere culturele initiatieven die zorgen voor ontmoeting, verbinding en een bruisende samenleving. Inwoners beoefenen zelf graag actief culturele activiteiten in de eigen woonomgeving. Ook op het gebied van sport kent de gemeente veel verschillende verenigingen en sportbedrijven. Voor dorpen met de omvang van Leusden en Achterveld is er relatief een zeer grote keuze aan sportbeoefening met de bijbehorende sportfaciliteiten: van uiteenlopende soorten velden, sportparken en banen tot maneges en sportzalen. Ook deze verenigingen brengen mensen bij elkaar brengen en zorgen voor stevige netwerken in de gemeente.
3.8 Zorgzame en verbonden samenleving In Leusden wonen mensen die actief zijn, relatief veel vrijwilligerswerk doen, relatief veel (sociale) initiatieven worden genomen, en (met name) in Achterveld is er een sterke sociale cohesie. De gemeente werkt samen met vele maatschappelijke partners als bijvoorbeeld Lariks, Stadsring en Voila die op hun beurt weer verbonden zijn met een sterk netwerk van vrijwilligersorganisaties, kerken en (wijk)verenigingen We hebben een breed palet van voorzieningen die allen bijdragen aan het welzijn, veiligheid en gezondheid van alle inwoners – van jong tot oud. Om dit alles te faciliteren zijn vindplekken nodig, plekken waar mensen elkaar toevallig of georganiseerd ontmoeten. Wijkverenigingen, scholen, sportverenigingen/-scholen, winkelcentra, (horeca)terrassen, kerken, bibliotheken, gezondheidscentra, kinderopvang en buurt- en wijkcentra vervullen hierin een essentiële maatschappelijke functie. Het zijn toegankelijke plekken waar inwoners elkaar op natuurlijke wijze tegenkomen, waar ideeën ontstaan en waar ondersteuning en samenwerking vorm krijgen. Dit gebeurt door een samenwerking tussen inwoners, vrijwilligers, (wijk)verenigingen en professionals uit het onderwijs, de eerstelijnszorg, welzijnsorganisaties, ondernemers en de gemeente.
4 Trends 4.1 Trends in de fysieke leefomgeving Er zijn trends die invloed hebben op de fysieke leefomgeving en waar we geen (directe) invloed op hebben. Het is belangrijk dat we wel rekening houden met deze trends omdat ze ons kunnen ons helpen in het bereiken van onze doelen of een complicerende factor kunnen vormen. Aangezien de trends zo bepalend zijn door de inrichting van de fysieke leefomgeving maken ze een fundamenteel onderdeel uit van de omgevingsvisie.
4.2 Sturing Rijk Vanuit het Rijk is de trend waarneembaar dat zij steeds meer de regie gaat pakken op de opgaven binnen de fysieke leefomgeving cq. ruimtelijke ordening. Onder meer door een meer sturend rijksbeleid via de (nu nog voorontwerp) Nota Ruimte. Hier heeft onze gemeente rekening mee te houden als het gaat om de ambities die zij stelt voor haar fysieke leefomgeving. Het Rijk gaat daarbij uit van het zoeken naar nieuwe oplossingen om de opgaven in te vullen én staat voor een rechtvaardige verdeling van de schaarse ruimte en van lusten en lasten. Daarbij worden de drie leidende principes gehanteerd: • 1. Recht doen aan volgende generaties: niet afwentelen
•
Goed voorouderschap is belangrijk. We schuiven problemen niet af naar elders of naar toekomstige generaties en we streven naar een eerlijke verdeling van de lusten en lasten. 2. Recht doen aan schaarste: meervoudig ruimtegebruik
•
Ruimte is schaars en waardevol. Daarom zoeken we waar het kan naar mogelijkheden voor slimme functiecombinaties en naar efficiënt ruimtegebruik met behoud van ruimtelijke kwaliteit. 3. Recht doen aan eigenheid: gebiedskenmerken centraal We beschermen en benutten wat er is en ontwikkelen nieuwe, onderscheidende ruimtelijke kwaliteit. We werken aan lokaal passende oplossingen.
6
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
Een aantal aspecten is bepalender dan ooit voor onze ambities, zoals het zorgdragen voor een goede aarde (niet afwentelen); het inspelen op klimaatverandering en alles wat daarmee gepaard gaat; de blijvende vraag naar ruimte voor diverse opgaven; een veranderde samenstelling van de bevolking en daarmee ontstane nieuwe behoeftes en uitdagingen; de bewustwording van het effect van buitenruimte op onze gezondheid. Bij al deze aspecten moeten we het behouden van onze eigen identiteit en het karakter van onze gemeente niet vergeten. Vergelijkbaar met de sturing vanuit het Rijk op het ruimtelijke beleid, brengt de rijksoverheid via het landelijke Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) partijen bij elkaar op het thema gezondheid. Het GALA heeft een nauw verweven relatie met het Integraal Zorgakkoord (IZA). Met het GALA streeft de overheid naar het bredere doel van een gezonde generatie in 2040 en een optimale omgeving om inwoners te helpen gezond te blijven. Het IZA is gericht op het versterken van de samenwerking tussen domeinen binnen- en buiten de gemeentelijke beleidskaders. Net als onder de Omgevingswet wordt erkend dat gezondheid niet alleen in de zorgsector wordt bepaald maar ook in de manier waarop wij onze omgeving inrichten.
Door gezondheid en zorg als belangrijke uitgangspunten te benoemen en mee te nemen in ruimtelijke ontwikkeling kan worden gewerkt aan een toekomstbestendige, inclusieve en gezonde leefomgeving. Maar dat vergt aan de achterkant flink wat inspanningen (en bewustwording) van organisaties en gemeenten.
4.3 Brede benadering van de fysieke leefomgeving Met de komst van de Omgevingswet is er een bredere benadering van afweging bij ruimtelijke ontwikkelingen geïntroduceerd. Onder meer vanuit de gedachte van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (als toetsingskader vanuit de Omgevingswet) is er de noodzaak om alle relevante omgevingsaspecten mee te nemen bij keuzes binnen de fysieke leefomgeving. Nu meer dan ooit te voren. Een vraagstuk kan dus ook niet meer ééndimensionaal opgepakt worden, maar vraagt een integrale blik. Als het gaat om relevante omgevingsaspecten en het evenwichtig inrichten van de fysieke leefomgeving is dat breder dan de reikwijdte van de Omgevingswet. Onder andere de Wet Publieke Gezondheid maakt een verbinding met de leefomgeving. In die wet is de gemeentelijke taak vastgelegd om de gezondheid van hun inwoners in kaart te brengen. Gesteld wordt dat gezondheid wordt beïnvloed door verschillende factoren, die zich grofweg laat vertalen in de volgende driedeling: • Persoonlijke factoren (lichamelijke factoren, leefstijl en mentale factoren); • Sociaaleconomische positie (inkomenssituatie, opleiding en vaardigheden, en participatie); • Leefomstandigheden (sociale leefomgeving, fysieke leefomgeving, veiligheid).
De sociale leefomgeving gaat over de mensen om je heen. Het is het netwerk van familie, vrienden, buren, geloofs- of clubgenoten en anderen die je kunnen helpen. Door het bevorderen van onderlinge zorg en steun kunnen inwoners elkaar gemakkelijker ondersteunen en alert blijven op elkaars welzijn. De fysieke leefomgeving betreft de omstandigheden waarin mensen wonen, leven en werken, woon- en werkomstandigheden en voorzieningen zoals scholen, sport en beweegfaciliteiten, speeltuinen en openbaar vervoer. Gezondheid en de (fysieke) leefomgeving wordt hiermee nadrukkelijk gekoppeld. Er wordt steeds meer de samenhang gezocht tussen de inrichting van de sociale en fysieke leefomgeving en leefomstandigheden, met aandacht voor thema’s zoals gezondheid en veiligheid. En dit maakt dan ook nadrukkelijk onderdeel uit van het toetsingskader voor ontwikkelingen binnen de fysieke leefomgeving.
Goede kwaliteit van leven In heel Nederland streven we naar een goede kwaliteit van leven. Wat we daarvoor doen, verschilt van regio tot regio, maar ook binnen regio’s. De rol die de Rijksoverheid daarbij heeft, verschilt ook van plek tot plek: van initiërend en stimulerend tot meer accommoderend. Maar die rol is altijd een actieve, samen met andere overheden, de samenleving en marktpartijen. Op de lange termijn leidt dat tot een Nederland met plaats voor mens en natuur, met een toekomstbestendige economie inclusief een sterke landbouwsector, en lagere maatschappelijke kosten. Met een goede balans tussen ecologische, sociale en economische aspecten. Nu, straks en later. Dit streven naar een goede balans vindt onder de noemer brede
7
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
welvaart de laatste jaren steeds meer ingang als basis voor beleid, waarbij aspecten als gezondheid en leefbaarheid een veel steviger plek krijgen. Bron: voorontwerp Nota Ruimte
4.4 Ruimte is schaars Vrijwel alle ruimte in Nederland is in gebruik, terwijl er een blijvende vraag is naar nieuwe en uitbreiding van activiteiten. Alleen door scherpe keuzes te maken, functies slim te combineren en integrale afwegingen te maken, kunnen we voldoende ruimte creëren om opgaven zoals een duurzaam toegankelijke openbare ruimte, wonen, (circulaire) economie, defensie, energietransitie, recreatie en natuur een plek te geven. Naast een toename van de bevolking zorgt de verandering van de samenstelling van de bevolking voor woningverdunning, waardoor meer woningen nodig zijn om hetzelfde aantal mensen te blijven huisvesten. Tegelijkertijd neemt ook de binnenstedelijke bebouwing toe. Dit vraagt om een andere kijk op de openbare ruimte. Hoe deze aantrekkelijk en toegankelijk kan blijven voor een ouder wordende bevolking. Buitenstedelijk is het van belang om ruimte te behouden en in te richten voor mensen om te recreëren en ontspannen terwijl dit niet ten koste mag gaan (en ontwikkeling) van natuurgebieden en de agrarisch sector. In een goede leefomgeving is er balans tussen wonen en werken. Het is daarom van belang om blijvend ruimte te reserveren voor werkgebieden. De transitie naar een circulaire economie vraagt daar bovenop nog meer ruimte.
De ruimtelijke impact van de energietransitie is groot, zowel regionaal, lokaal, als in de buurten en woonstraten en vraagt om slimme inpassing in het landschap. De opgave energietransitie is essentieel voor feitelijk elke ontwikkeling in de fysieke leefomgeving en kan dus niet wachten. Het uitbreiden van het netwerk met hoogspanningsmasten, transformatorhuisjes, kabels en leidingen in buurten en straten is nodig, maar ook het uitbreiden van de opwekcapaciteit met bijvoorbeeld windmolens en zonnepanelen of andere bronnen is nodig. Vanuit Defensie wordt actief ingezet op het uitbreiden van haar activiteiten met het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie. Tegelijk wordt ingezet op het behoud en waar mogelijk versterking van de groene kwaliteiten rondom Soesterberg en dus ook in Leusden. Dit vormt een uitdagende opgave. De invulling van onze schaarse ruimte dwingt ons tot slimme combinaties waarbij de vraag is hoe we de ruimte optimaal kunnen gebruiken.
4.5 Demografische ontwikkeling: Vergrijzing Het aantal 65 plussers in onze gemeente neemt toe maar ook de gemiddelde levensverwachting stijgt. Dit betekent dat de groep ouderen op twee manieren groeit: er komen meer ouderen bij en ze blijven langer leven.
Bron: CBS en Allecijfers.nl
De eerste oorzaak van vergrijzing binnen de kern Leusden komt voort uit de grootschalige uitbreiding van het dorp tussen 1970 en 1990, toen veel gezinnen gevestigd zijn in Leusden. De tweede oorzaak is de verbetering van de gezondheidszorg en hygiëne, waardoor mensen langer gezond blijven en langer kunnen genieten van hun oude dag. Deze dubbele vergrijzing (niet alleen het aandeel van ouderen in de bevolking neemt toe, maar we worden ook steeds ouder) heeft duidelijke gevolgen voor onze maatschappij. Wanneer er meer ouderen komen en het aantal werkenden afneemt, komt er meer druk te liggen op de werkenden. Daarnaast neemt de
8
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
zorgvraag toe naarmate mensen ouder worden. Ouderen hebben vaker zorg of aangepaste woningen nodig. Dit leidt tot hogere (zorg)kosten, die vanuit de samenleving gedragen moeten worden. Maar er zijn gelukkig ook positieve kanten. Veel ouderen dragen op een actieve manier bij aan de samenleving. Zo neemt het potentieel aantal ouderen dat vrijwilligerswerk doet, een belangrijk basis voor sociale cohesie, toe. De toegenomen individualisering in de samenleving vergroot het belang van verbindende netwerken, zoals burenhulp en activiteiten bij wijkverenigingen. Vergrijzing heeft daarom aanzienlijke gevolgen voor verschillende aspecten van de samenleving, waaronder de economie, gezondheidszorg, woningmarkt en sociale structuren.
4.6 Klimaatverandering Het is een wereldwijde opgave om de opwarming van de aarde af te remmen, we moeten toe naar een klimaatneutrale samenleving. Dit is iets wat niet afgewenteld kan worden op toekomstige generaties en is iets waar steeds meer door het Rijk (dwingend) op wordt gestuurd. Op basis van de meetgegevens van het KNMI in de Bilt sinds 1901 is de gemiddelde jaartemperatuur in Nederland met ongeveer 2°C gestegen, met de warmste jaren vrijwel allemaal gemeten na 2000. Er is een toename te zien in het aantal tropische dagen (>30°C) en jaarlijkse (extreme) neerslaghoeveelheden nemen toe. Hittegolven, overstromingen en periodes van droogte nemen in frequentie toe. Ecosystemen raken uit balans, met uitstervende diersoorten en afnemende natuurlijke hulpbronnen. Hoewel het klimaat van nature fluctueert, is de huidige opwarming grotendeels het gevolg van menselijke activiteiten, zoals het verbranden van fossiele brandstoffen, ontbossing en industriële uitstoot van broeikasgassen zoals CO2 en methaan. Opgaven die onderdeel uit maken van het toewerken naar een klimaatneutrale samenleving zijn onder andere aandacht voor isolatie van woningen, circulariteit en alternatieve energiebronnen.
4.7 Vermindering van de biodiversiteit Het gaat slecht met de biodiversiteit (rijkdom aan planten en dieren, waaronder ook schimmels, bodemleven, etc.) en dat raakt niet alleen planten en dieren, maar ook de mens. De gevolgen van biodiversiteitsverlies zijn ingrijpend. Ecosystemen worden minder veerkrachtig, wat leidt tot een verhoogd risico op plagen, overstromingen en voedselonzekerheid. Ook de kwaliteit van de leefomgeving voor mensen neemt af, met negatieve effecten op gezondheid, recreatie en beleving van natuur. Bedreigingen voor de biodiversiteit zijn het verlies en versnippering van leefgebieden, bijvoorbeeld veroorzaakt door verstedelijking, infrastructuur en intensieve landbouw (vermesting en verzuring). Verder zorgt klimaatverandering voor onder andere verdroging en verdringen invasieve soorten onze inheemse flora en fauna. Gebieden met een hoge biodiversiteit bieden recreatieve mogelijkheden en dragen bij aan ons welzijn. Het verlies van biodiversiteit kan de aantrekkelijkheid van gebieden verminderen, wat een negatieve invloed kan hebben op de levenskwaliteit en onze gezondheid. Herstel en behoud van biodiversiteit is noodzakelijk voor ons voortbestaan.
4.8 Mobiliteit is niet vanzelfsprekend Mobiliteit is een eerste levensbehoefte. Het gaat om bereikbaarheid van voorzieningen, bereikbaarheid van werk en de mogelijkheid om elkaar te ontmoeten. Vanuit het perspectief van de gemeente Leusden hebben we te maken met een overvol wegennet (knooppunt Hoevelaken) en het openbaar vervoer wordt steeds duurder. Hierbij ligt vervoersarmoede op de loer waardoor de kwaliteit van leven voor bijvoorbeeld mensen met beperkte financiële middelen en fysieke belemmeringen onder druk komt te staan. Er ontstaan ook kansen binnen de mobiliteit, verplaatsing met de (elektrische) fiets kan steeds meer concurreren met de auto op de middellange afstand. Ook wordt mobiliteit/actief verplaatsen (lopen en fietsen) steeds vaker positief ingezet ter bevordering van gezondheid.
9
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
4.9 Karakter staat onder druk Het is niet vanzelfsprekend dat bij keuzes voor de inrichting van de fysieke leefomgeving lokale cultuurhistorische aspecten en gebiedskarakteristieken worden meegenomen. Daardoor kan de vitaliteit en herkenbaarheid van dorpen en kernen onder druk komen te staan. Een gebied met een eigen karakter onderscheidt zich van andere plekken. Dit draagt bij aan de ruimtelijke kwaliteit en aantrekkelijkheid van een gebied. Herkenbare en vertrouwde gebiedskarakteristieken zorgen ervoor dat mensen zich verbonden voelen met hun leefomgeving. Hierdoor ontstaat een gemeenschap waar een gevoel van thuis en sociale verbinding de basis vormt. Het behoud van karakter vormt geen rem op ontwikkeling, maar juist een kans om nieuwe functies en vernieuwing te verbinden met de identiteit van een plek.
5 Zes hoofdlijnen als koers voor de fysieke leefomgeving 5.1 Hoofdlijnen in samenhang Uit de karakteristieken (in samenhang met de trends) komen zes hoofdlijnen voort, die met elkaar de koers voor de gemeente bepalen. Het zichtbaar maken (beleefbaar maken), benutten en behouden van onze kernkwaliteiten, ons DNA, staat centraal bij keuzes voor de inrichting van de fysieke leefomgeving.
Gemeente Leusden
De hoofdlijnen staan niet op zichzelf en zijn niet zelfstandig hanteerbaar. Elke hoofdlijn hangt samen met de andere hoofdlijnen, zoals de in deze omgevingsvisie benoemde thema’s (onder de ambities) in samenhang gelezen moeten worden. Zo ontstaat een samenhangende sturing op de richting voor de fysieke leefomgeving. De hoofdlijnen werken door in de volgende elementen: • De ambities in deze omgevingsvisie; • De uitwerking van de omgevingsprogramma’s; • Als afwegingskader van concrete ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving.
Hieronder volgt een beschrijving van de hoofdlijnen.
5.2 Een vitale gemeente in een gezonde groene leefomgeving Vitaliteit en gezondheid zijn verweven met de fysieke omgeving waarin mensen wonen, werken en recreëren. En het gaat dan enerzijds om meer dan alleen fysieke gezondheid, die bevorderd wordt door een fijne fysieke leefomgeving. Anderzijds gaat het ook om de mentale weerbaarheid, de sociale verbondenheid en de mogelijkheid voor inwoners om actief deel te nemen aan het maatschappelijk leven. Een groene leefomgeving, waar mensen zich goed en gezond voelen én waar ruimte is voor beweging en ontmoeting, draagt bij aan de vitaliteit in onze gemeente.
10
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
Vitaliteit Als het gaat om vitaliteit, dan kan dat verschillende aspecten raken. Het kan gaan om gebiedsvitaliteit. Hoe levendig en toekomstbestendig is het gebied, wat bijvoorbeeld in het buitengebied speelt. Waar een uitdaging ligt om het gebied vitaal te houden, rekening houdende met schaalvergroting in de landbouw, verandering van gebruik van bebouwing en het toevoegen van nieuwe activiteiten. Met andere woorden hoe houden we het buitengebied aantrekkelijk voor de bewoners, ondernemers en andere gebruikers. Vitaliteit heeft ook sterkte relatie met welzijn en gezondheid van inwoners. Voorbeelden van het invulling geven van vitaliteit in die zin zijn de inzet op; preventie, mentale gezondheid, het bevorderen van gezonde leefstijl en inclusie. Brede aandacht voor vitaliteit komt bijvoorbeeld tot uiting bij de inrichting van een park: Vanuit een het oogpunt vanuit het fysieke domein kan het park gezien worden als een middel om hittestress te verminderen en beweging te stimuleren. Terwijl vanuit het sociaal domein het park gezien wordt als ontmoetingsplek die sociale cohesie versterkt en eenzaamheid tegengaat. Onze gemeente kenmerkt zich van oudsher door een groene uitstraling met veel water.
Verder hebben we als gemeente te maken met grote uitdagingen zoals klimaatverandering, (dubbele) vergrijzing, woningdruk, verlies aan biodiversiteit en toenemende gezondheidsverschillen onder onze inwoners. Ons buitengebied, met daarbij de kenmerkende verschillende landschapselementen die per type landschap kunnen verschillen, en de biodiversiteit dienen beschermd en versterkt te worden wanneer het landschap aan veranderingen onderhevig is als gevolg van economische ontwikkeling, schaalvergroting in de landbouw, verstedelijking, ontwikkeling van infrastructuur en de energietransitie. Binnenstedelijk richten we de fysieke leefomgeving duurzaam in ter bevordering van de leefkwaliteit van onze inwoners. Dit betekent dat we wijken klimaatadaptief inrichten, natuur inclusief bouwen en zoeken naar energieneutrale en circulaire oplossingen.
5.3 Een gemeente die duurzaam en klimaatneutraal wil zijn Duurzaamheid is een breed begrip, en gaat in onze ogen over het zorgvuldig omgaan met ruimte, omgeving, water, grondstoffen en bodem. Thema’s als energietransitie en circulariteit vallen hier onder, maar heeft ook een sterke relatie met (het versterken van) biodiversiteit. Een duurzame samenleving houdt rekening met een veranderend klimaat, en gaat adequaat om met hittestress. Ook wordt het principe van “rekening houden met bodem en water” toegepast. In het kader van de energietransitie wil de Gemeente Leusden klimaatneutraal zijn in 2050. Het maximaal isoleren, beperken van energieverbruik, andere manieren van energieopwekking en emissievrije verplaatsing zijn hier sleutelelementen in. Dit vraagt om een robuuste energie-infrastructuur die hier gereed voor is. Het gaat niet alleen om het inpassen van onder- en bovengrondse energie-infrastructuur. Het is een opgave die wij niet alleen kunnen aanpakken. Oplossingen komen heel dicht bij onze inwoners; letterlijk tot ‘achter de voordeur’. Inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en gemeenten staan dan ook gezamenlijk aan de lat voor de energietransitie. Bij een circulaire economie gaat het erom om via het grondstoffengebruik bij te dragen aan de klimaatopgave, de biodiversiteitsopgave, het creëren van een schoon milieu en een veilige en schone leefomgeving.
Door het versterken van een circulaire economie dragen we ook bij aan de leveringszekerheid van grondstoffen.
5.4 Een gemeente waarin je onbezorgd woont in een buurt en zorgzame gemeenschap, met verbindende netwerken In onze gemeente is het niet voor iedereen vanzelfsprekend om een passende woning te vinden. Voor sommige inwoners is de situatie zelfs knellend of uitzichtloos. Het is belangrijk dat iedereen onbezorgd kan wonen in onze gemeente en met name voor mensen voor wie dit niet vanzelfsprekend is. Onbezorgd wonen betekent voor deze doelgroep: passende en betaalbare huisvesting, ondersteuning wanneer nodig en een woonomgeving die veilig en aantrekkelijk is. Met zelfredzaamheid als uitgangspunt wordt gezocht naar een passend woningaanbod, voor mensen voor wie zelfstandig wonen of participeren in de samenleving niet vanzelfsprekend is. Het is van belang dat deze mensen zich sociaal verbonden gaan voelen. Dit gebeurt door vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen en het opbouwen van betekenisvolle netwerken waarin mensen elkaar kennen, zich thuis voelen en op elkaar kunnen terugvallen. We volgen
11
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
daarbij de koers van het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting, de woondeal en daaruit voortkomende regionale afspraken. Een veilige en aantrekkelijke woonomgeving is eveneens essentieel. Hierbij wordt ook gekeken naar de impact van klimaatverandering, zoals hittegolven. In het bijzonder is er aandacht voor kwetsbare groepen die extra risico lopen bij extreme hitte. Met een buurtgerichte aanpak voor de energietransitie worden bewoners actief betrokken bij het toekomstbestendig maken van hun woningen. Denk aan maatregelen tegen hitte, goede ventilatie en nachtelijke verkoeling. Deze aanpak draagt niet alleen bij aan duurzaamheid, maar ook aan gezondheid en comfort. In onze gemeente werken we toe naar een samenleving waarin iedereen onbezorgd kan wonen: met een passend dak boven het hoofd, een sociaal netwerk om op terug te vallen, en een leefomgeving die veilig, gezond en toekomstbestendig is.
5.5 Een gemeente met een veerkrachtige economie, met ruimte voor ondernemerschap We bevinden ons in een veranderende economische omgeving, waarin thema’s als digitalisering, duurzaamheid, arbeidsmarktkrapte en de energietransitie een grote rol spelen. Lokale ondernemers hebben behoefte aan ruimte, ondersteuning en flexibiliteit om te kunnen innoveren en groeien. Tegelijkertijd is er de uitdaging om economische ontwikkeling in balans te brengen met leefkwaliteit, natuur en klimaatdoelen. Innovatie en ruimte voor ondernemerschap is kenmerkend voor de economische ontwikkeling binnen onze gemeente. Historisch gezien met de verschillende (boeren)coöperaties en in het heden met diverse grote (Leusdense) bedrijven, gevestigd in het entreegebied en daarbuiten. Ook ons buitengebied kent tal van ondernemers, of het hier nu de agrariërs betreft die van oudsher een belangrijke schakel vormen in onze economie of de andersoortige ondernemer die daar gevestigd is. Allemaal dragen ze bij aan het goede economische klimaat van onze gemeente. Binnen de gemeente hebben we verschillende dorpscentra met een gevarieerd winkelaanbod en ruimte voor ondernemers. De kernwinkelcentra De Hamershof en De Biezenkamp en in Achterveld de bedrijvigheid langs de Hessenweg.
Daarbuiten hebben we nog meer grotere (zoals het Maximaplein) en kleine concentraties detailhandel en horeca, soms gecombineerd met maatschappelijke (zorg)functies. Grootschalige detailhandel (tuin- en bouwmarkten) vinden we terug aan de rand van het dorp op de bedrijventerreinen. Terwijl in het buitengebied door o.a. verkoop van lokale producten de stad-land relatie wordt vergroot en de voedselproducent en consument meer met elkaar in contact wordt gebracht. Lokaal moet de economie in staat zijn veranderingen, schokken en uitdagingen op te vangen, en zich duurzaam te blijven ontwikkelen. Een veerkrachtige economie draait niet alleen om het optimaliseren van de bedrijfsvoering en werkgelegenheid: het is een fundament voor een duurzame, inclusieve en toekomstgerichte samenleving. Voor het behoud van een veerkrachtige economie blijft ruimte nodig, Of het nu gaat om de opgave om toe te groeien naar een circulaire economie of vanuit de noodzaak de balans te behouden met woningbouwontwikkeling, voor het behoud van een veerkrachtige economie blijft ruimte nodig.
5.6 Een gemeente met bereikbaarheid voor iedereen, met aandacht voor duurzame mobiliteit Mobiliteit gaat onder andere over bereikbaarheid. Duurzaam heeft te maken met toekomstbestendigheid. Dit betekent het ontwerpen en implementeren van vervoerssystemen die voldoen aan de behoeften van de samenleving zonder de mogelijkheden van toekomstige generaties in gevaar te brengen. Thema’s die hierin een rol spelen zijn onder andere: het minimaliseren van negatieve milieu-impact (van gemotoriseerd) transport door middel van emissievrije verplaatsingen; verbeteren van veiligheid en toegankelijkheid; het ondersteunen van economische groei. De bereikbaarheid van de gemeente Leusden, in nationaal en regionaal verband, is over het algemeen aangewezen op het gemotoriseerde verkeersnetwerk. Het openbaar vervoer bestaat uit busverbindingen met name gericht op Amersfoort. De gemeente is in het verleden wandelgemeente van het jaar geweest, wat het sterke recreatieve karakter en kwaliteit van het buitengebied tekent. Het is belangrijk om de bereikbaarheid van de gemeente te waarborgen. Daarbij staat een veilige en toegankelijke verplaatsing van inwoners binnen hun directe leefomgeving centraal – bijvoorbeeld naar winkels, buurten, sport- en andere voorzieningen of culturele locaties. Mobiliteit omvat alle vormen van verplaatsing zoals lopen, (elektrische) fiets, openbaar vervoer en de auto.
Het gaat om bereikbaarheid op elk schaalniveau: van regio tot straat, en voor alle doelgroepen – van toeristen en forensen tot ouderen en mensen met een beperking. Voor die laatste groep is het essentieel dat men zich zelfstandig (al dan
12
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
niet met gebruik van hulpmiddelen) kan verplaatsen. Dat betekent bijvoorbeeld dat fietspaden, trottoirs, bussen én bushaltes zó ingericht moeten zijn dat ze toegankelijk zijn voor rolstoelgebruikers.
5.7 De voorzieningen in de gemeente groeien evenwichtig mee met ontwikkelingen Het is essentieel dat voorzieningen meegroeien met de omgeving. Nieuwe woongebieden vragen niet alleen om woningen en wegen, maar ook om voldoende plekken waar mensen kunnen samenkomen, zorg ontvangen of deelnemen aan sport en cultuur. Daarbij kijken we niet alleen binnen de gemeentegrenzen, maar is er ook oog voor voorzieningen die in de regio beschikbaar zijn, of misschien wel ontbreken. Zonder een passend aanbod van voorzieningen ontstaat het risico op sociale ongelijkheid, eenzaamheid of overbelasting van bestaande diensten. Onze gemeente kenmerkt zich door een rijk aanbod aan voorzieningen (zowel in sport en ontspanning, zorg, cultuur als erfgoed) en een sterke historische identiteit, en daarmee een goede sociaal maatschappelijke infrastructuur. Een goede sociaal maatschappelijke infrastructuur is noodzakelijk voor een gezonde, leefbare en toekomstbestendige gemeente. Deze infrastructuur vormt het fundament waarop inwoners kunnen leren, ontspannen, ontmoeten en zich ontwikkelen.
Voorzieningen Infrastructuur, winkelcentra, horeca, scholen, zijn allemaal (bekende) voorzieningen binnen de fysieke leefomgeving. Maar er zijn meer ‘voorzieningen’ die bijdragen aan de leefkwaliteit en het functioneren van de samenleving en daarmee relevant zijn voor het beschermen, benutten en behouden van de kwaliteiten van de fysieke leefomgeving. Cultuur, ontmoeting, mogelijkheid tot bewegen, erfgoed, de beschikbaarheid van zorg. (bijvoorbeeld dagbesteding, fysiotherapeut of huisarts). Voorbeelden van voorzieningen: • • • •
Infrastructuurvoorzieningen: wegen, fietspaden, verlichting, riolering. Publieke voorzieningen: multifunctionele centra (MFC’s), scholen (en kinderopvang), bibliotheken, sportterreinen-en accommodaties, openbaar vervoer en instellingen voor eerstelijnszorg. Sociale voorzieningen: ontmoetingsplekken, wijkcentra. Commerciële voorzieningen: supermarkten, winkels, horeca.
De term voorzieningen kan dus gaan over al deze relevante onderdelen. Of het nu gaat om scholen, zorgcentra, sportvelden, buurthuizen, het theater, erfgoed of toeristische voorzieningen – het vraagt om voortdurende investeringen en bewuste keuzes om deze voorzieningen goed te blijven benutten voor de Leusdense samenleving. Het goed bereikbaar houden van cultuur-, sport- en beweegmogelijkheden is daar onderdeel van.
6 Ambities - thematisch Onder elke hoofdlijn worden verschillende thema’s gepositioneerd. Voor elk beleidsthema zijn er concrete ambities, een stuk beleidscontext en opgaven opgenomen die sturing geven aan de inrichting van de fysieke leefomgeving.
13
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
Gemeente Leusden
7 Een vitale gemeente in een gezonde groene leefomgeving 7.1 Introductie De hoofdlijn ‘Een vitale gemeente in een gezonde leefomgeving’ bepaalt als centrale ambitie de koers voor de hieraan verbonden thema’s. Het gaat daarbij om de volgende thema’s: -
Gezondheid en milieu;
-
Groen, natuur & landschap en biodiversiteit.
7.2 Gezondheid en milieu 7.2.1 Inleiding We werken toe naar een gezondere samenleving. Enerzijds door maatregelen te treffen voor verbetering van de milieukwaliteit van onze leefomgeving. Anderzijds door volop aandacht te schenken aan een gezondere levensstijl. Daarom hebben wij de volgende ambitie:
7.2.2 Ambitie: een goede en gezonde kwaliteit van de leefomgeving realiseren We willen de kwaliteit van de leefomgeving op minimaal het wettelijk niveau waarborgen en waar mogelijk op een hoger niveau. Het gaat om de kwaliteit van onze bodem, water en lucht. Het geluidsniveau, de geurbelasting en omgevingsveiligheid moet (minimaal) aan milieunormen voldoen. Vanuit gezondheid kunnen er waardes gewenst zijn die afwijken van de milieunormen. Vanuit het bestaande milieubeleid richten we ons op het beschermen van onze leefomgeving en woonkwaliteit. Daarvoor hanteren we onder meer de volgende uitgangspunten: • Geluid: Het creëren van een passende geluidkwaliteit en tegelijkertijd het waarborgen van een gezonde akoestische leefomgeving; • Bodem: Het voorkomen en beperken van bodemverontreinigingen; • Omgevingsveiligheid: Het beperken van risico's m.b.t. omgevingsveiligheid; • Geur: De geurbelasting op gevoelige objecten (zoals woningen) voldoet minimaal aan de normen in de regelgeving; • Water: We maken waterbewuste keuzes en streven naar goed waterbeheer.
14
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
We houden op voorhand rekening met water en bodem bij de te maken afwegingen voor een robuuste ruimtelijke ordening en inrichting.
7.2.3 Context
Milieubeleid Het milieubeleid is opgebouwd uit bestaand beleid, zoals de Geluidnota 2024 en de bodemkwaliteitskaart. Dit beleid is nog niet compleet. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn er bijvoorbeeld bodemtaken overgedragen van de provincie naar de gemeente. We hebben tijdelijk het provinciaal beleid overgenomen, maar zullen op termijn nieuw beleid gaan opstellen, bij voorkeur in regionaal verband. Ook blijven er nieuwe ontwikkelingen op ons afkomen waar we nog geen beleid op hebben, waar het beleid geactualiseerd moet worden of geïmplementeerd moet worden.
7.2.4 Opgave voor het thema gezondheid en milieu •
Voor 2030 maken we ons milieubeleid compleet - op basis van de Omgevingswet - en waar nodig nemen we regels op in het omgevingsplan.
7.3 Groen, natuur & landschap en biodiversiteit 7.3.1 Inleiding We werken toe naar een groene gemeente met veel natuur waarin aandacht is voor biodiversiteit en het landschap. Groen en natuur bieden rust en ruimte en zijn van waarde voor onze gezondheid, het klimaat en de biodiversiteit. In een tijd waarin verstedelijking en klimaatverandering toenemen, groeit het besef dat we zorgvuldig moeten omgaan met onze natuurlijke omgeving. Verder vertelt het landschap, als drager van cultuur, natuur en identiteit, het verhaal van ons buitengebied. Het verbindt mensen met hun omgeving en biedt ruimte voor recreatie, landbouw en natuurontwikkeling. Daarom hebben wij de volgende ambities:
7.3.2 Ambitie: Welbevinden en beleving We willen dat onze inwoners het groen, biodiversiteit en het landschap beleven en zich daardoor (mentaal) goed voelen. Zowel een groen, biodivers en mooi landschappelijk buitengebied als binnenstedelijke openbare ruimte draagt bij aan de gezondheid van mensen en de woonkwaliteit van de hele gemeente. We ontwikkelen ons bebouwd gebied gemengd, groen en gezond (Omgevingsvisie binnenstedelijk 2018, Omgevingsvisie, 2023). In ons buitengebied stellen we ons landschap centraal.
7.3.3 Ambitie: Behoud van biodiversiteit We streven naar het behoud van onze biodiversiteit. Wereldwijd is er door verschillende oorzaken een zorgwekkende afname van biodiversiteit. Naast beleving van natuur is behoud en ontwikkeling van biodiversiteit belangrijk. Biodiversiteit leidt tot robuuste ecologische systemen zodat plagen en ziekten beter worden voorkomen. Het behouden en ontwikkelen van soorten zorgt voor het bewaren van een potentiële gebruikswaarde die er niet meer is als een soort uitsterft. Daarbij kijken we ook verder dan onze eigen gemeentegrens, een ecologische verbinding met de Veluwe (het Groene Valleilint), vanuit de bossen van Den Treek zou een goede bijdrage kunnen leveren in het verbeteren en in standhouden van de biodiversiteit.
7.3.4 Context
Een veerkrachtige balans Een toekomstbestendige leefomgeving vraagt om het slim combineren van grijze en groene omgevingsfactoren. Grijze omgevingsfactoren zijn de gebouwde en verharde elementen in de leefomgeving. Groene
15
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
omgevingsfactoren zijn de natuurlijke en vegetatieve elementen in de omgeving. Er liggen uitdagingen en kansen in een duurzame balans tussen grijs en groen. Dit betekent het vergroenen van grijze structuren zoals bijvoorbeeld het aanleggen van groene daken of het vervangen van tegels door beplanting. Multifunctioneel ruimtegebruik, waarbij infrastructuur ook ecologische of sociale functies vervult. Verder integrale gebiedsontwikkeling, waarin klimaatadaptatie, gezondheid en leefbaarheid vanaf het begin wordt meegenomen.
7.3.5 Opgaven voor het thema groen, natuur, biodiversiteit en landschap •
• • • • • •
We geven een hogere waarde aan groen en zorgen voor meer menging van functies in woonwijken, centrumgebieden en een deel van de werkgebieden, zonder dat dit ten koste gaat van onze groenstructuur; We stimuleren het behoud en de ontwikkeling van biodiversiteit; We gaan behoedzaam om met de kwaliteit van ons landschap bij ontwikkelingen en we voorkomen verrommeling van het landschap; We beperken de nadelige gevolgen van klimaatverandering (wateroverlast, hittestress); We maken onze groene woongemeente nog meer onderdeel van onze identiteit; We stimuleren de verwondering over natuur en biodiversiteit bij jong en oud; We zien het als onze verantwoordelijkheid om de kwaliteit van een dorps woonklimaat te behouden, een klimaat met relatief lage bebouwingsdichtheden en nabij natuur en landschap.
8 Een gemeente die duurzaam en klimaatneutraal wil zijn. 8.1 Introductie De hoofdlijn ‘Een gemeente die duurzaam en klimaatneutraal wil zijn’ bepaalt als centrale ambitie de koers voor de hieraan verbonden thema’s. Het gaat daarbij om de volgende thema’s: -
Warmte- en Energietransitie
-
Duurzaamheid
-
Klimaatadaptatie
8.2 Warmte- en Energietransitie 8.2.1 Inleiding Onze gemeente sluit aan bij de Europese en landelijke doelen en wil in 2050 klimaatneutraal zijn. Dit betekent dat we in 2050 (netto) geen broeikasgassen uitstoten en daarmee dus geen negatieve bijdrage leveren aan klimaatverandering. Onze gemeente staat hiermee voor een complexe en uitdagende opgave de komende 25 jaar. We zijn ons ervan bewust dat een volwaardige samenwerking met alle betrokkenen essentieel is om dit doel te behalen. Tegelijkertijd vraagt het om een actieve en heldere rol van de gemeente: wij nemen verantwoordelijkheid en voeren de regie. Daarom hebben wij de volgende ambities:
8.2.2 Ambitie: Klimaatneutraal in 2050 Om in 2050 klimaatneutraal te zijn is er maximaal energie bespaard. Woningen worden zoveel mogelijk geïsoleerd en met een betaalbaar alternatief voor aardgas verwarmd. Bedrijven en bedrijfsterreinen verbruiken zo min mogelijk energie en wekken zoveel mogelijk duurzame energie op. Wat mobiliteit betreft, worden emissievrije verplaatsingen de norm. Na de realisatie van de huidige projecten voor zonnevelden en windmolens (binnen de gemeente Leusden in ieder geval het zonneveld Emelaarseweg en eventueel een onderdeel van het windproject uit de RES-opgave Regio Amersfoort) focussen we op energieopwekking in bebouwd gebied, denk aan daken, muren, boven parkeerplaatsen en aan randen van bedrijventerreinen. We zetten in op een ‘Netbewust Leusden’ waarin we slimmer omgaan met het overbelaste elektriciteitsnet en laadpalen.
16
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
8.2.3 Ambitie: We benutten de lokale kracht van de samenleving en werken aan een betaalbare en sociale energietransitie op een wendbare en flexibele manier We ondersteunen initiatieven van inwoners en investeren in bestaande structuren om de energietransitie integratief en inclusief te maken. We zorgen ervoor dat de energietransitie toegankelijk blijft voor iedereen, zodat er lange termijn draagvlak ontstaat. We reageren proactief op veranderingen binnen de energietransitie, bieden inzicht via het energieloket en stimuleren inwoners om flexibele keuzes te maken.
8.2.4 Context I
Regionale Energie Strategie De Regionale Energie Strategie (RES) Amersfoort is een gezamenlijke opgave van 7 gemeenten (Amersfoort, Baarn, Bunschoten, Eemnes, Leusden, Soest en Woudenberg), provincie Utrecht, netbeheerder Stedin en Waterschap Vallei en Veluwe. In 2021 hebben deze partijen afgesproken om 0,5 TWh duurzame elektriciteit op te wekken voor 2030. De regionale opgave voor de warmtetransitie is om voor 2030 25.000 woningen in onze regio aardgasvrij of aardgasvrij-ready te maken en te werken aan het aardgasvrij maken van alle 135.000 woningen voor 2050.
8.2.5 Context II
Netcongestie We hebben te maken met netcongestie, de zogeheten ‘filevorming’ op het elektriciteitsnet. Door de energietransitie stijgt zowel de vraag als het aanbod van elektriciteit, waardoor de capaciteit van het net op steeds meer plekken en momenten ontoereikend is. Als gevolg hiervan staan veel gewenste ontwikkelingen onder druk of kunnen helemaal geen doorgang vinden. Daarnaast zullen we ons moeten voorbereiden op uitval van het elektriciteitsnet.
8.2.6 Opgaven voor het thema warmte- en energietransitie •
17
Voor een klimaatneutraal Leusden in 2050 volgen we routekaart uit het Programmaplan Warmteen energietransitie, uit 2024. Met daarin de volgende doelstelling tot 2030 *⁾: o
22% energie bespaard;
o
gebruiken we 43% minder aardgas;
o
liggen er ruim 150.000 zonnepanelen op dak en vlak;
o
rijdt 35% van de auto’s elektrisch;
o
beschikken we over 428 TJ elektriciteit door import / innovatieve oplossingen
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
*) ten opzichte van 2010 Gemeente Leusden
• •
In 2026 wordt het Warmteprogramma (looptijd 2026-2030) opgesteld; We maken de transitie van een centraal ingeregeld energiesysteem naar decentrale en flexibele oplossingen. Daarbij realiseren we ons dat een toekomstbestendig en robuust energiesysteem een aanzienlijke ruimtelijke impact met zich meebrengt, en dat niet alles overal kan. We gaan daarom de oplossing (of mogelijkheden) voor een energiesysteem een meer sturende factor laten spelen bij ruimtelijke ontwikkelingen.
8.3 Duurzaamheid 8.3.1 Inleiding De transitie naar een duurzame samenleving zal de komende decennia vorm moeten krijgen. Ook onze gemeente zal een bijdrage moeten leveren aan maatschappelijke opgaves, zoals de energietransitie (zie Warmte- en Energietransitie), biodiversiteit en circulaire economie. De volgende definitie hanteren we in onze omgevingsvisie en de omgevingsprogramma’s voor ‘Duurzame Ontwikkeling’: ‘Duurzame ontwikkeling is de ontwikkeling die aansluit op de behoefte van het heden zonder de mogelijkheden van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen en niet af te wentelen op mensen die elders leven’. Daarom hebben wij de volgende ambities:
8.3.2 Ambitie: We bevorderen duurzame ontwikkeling Duurzame ontwikkeling wordt bevorderd door duurzaamheidseducatie, communicatie en participatie in te zetten. Er is een duurzaamheidscentrum, Stichting De Groene Belevenis, die kinderen en volwassenen stimuleert om duurzaam om te gaan met hun eigen natuurlijke leefomgeving en handelingsperspectief biedt. Dit heeft betrekking op alle duurzaamheidsthema's in deze visie, zoals klimaatadaptatie, energietransitie, biodiversiteit, landschap, water en afval. Aan het duurzaamheidscentrum zijn vele vrijwilligers verbonden die een bijdrage leveren aan het stimuleren van een duurzame ontwikkeling en daarmee ook aan het versterken van de sociale cohesie.
18
Gemeenteblad 2025 nr. 394602
10 september 2025
8.3.3 Ambitie: We leveren op lokaal niveau een positieve bijdrage aan duurzaamheidsvraagstukken We doen dit met (lokale) partijen uit de samenleving op basis van samenwerking. Duurzaam Doen Leusden stimuleert bewustwording van inwoners en bedrijven en zet aan tot een duurzame leefstijl en handelen. Wij willen duurzame initiatieven in de samenleving ondersteunen en versterken. We stellen ons daarbij ondersteunend en stimulerend op. Bij (woning)bouwontwikkelingen nemen we duurzaam bouwen als uitgangspunt. We willen duurzame en klimaatbestendige nieuwe woningen / gebouwen realiseren. Ook de inrichting van de omgeving en openbare ruimte moet bijdragen aan een duurzame en vitale gemeente. Voor wat betreft het afval afkomstig van huishoudens zetten we in op het minder gebruiken en het hergebruiken van grondstoffen. Hierdoor ontstaat er minder afval en dragen we bij aan een circulaire economie.
8.3.4 Context
Verbreding van beleid noodzakelijk We zien steeds meer opgaven op ons afkomen waar we nog geen beleid op hebben of waar het beleid verder uitgewerkt of geactualiseerd moet worden. Een voorbeeld is het onderwerp circulaire economie waar het rijk een ambitie heeft neergelegd om in 2050 volledig circulair te zijn (zie bij trends en ontwikkelingen). Op dit moment hebben we geen beleid op circulaire economie, behalve het Grondstoffenbeleidsplan dat vooral betrekking heeft op huishoudelijk afval.
8.3.5 Opgaven voor het thema duurzaamheid • •
•
•
We actualiseren het Grondstoffenbeleidsplan met als doel om de hoeveelheid restafval per inwoner per jaar te verminderen en het hergebruik te vergroten. Het onderwerp circulaire economie is veel breder dan het onderwerp huishoudelijk afval. Daarom willen we een verkenning uitvoeren op het gebied van circulaire economie naar de mogelijke rol van de gemeente. We zijn aangesloten bij het Convenant Duurzaam Bouwen van de provincie Utrecht. Er is een nadere uitwerking nodig op een aantal onderwerpen dat is opgenomen in het convenant. Dit is ook als opgave aangegeven in de Woonvisie. We zetten de Global Goals in als handvatten voor het handelen van de gemeentelijke organisatie. Bij keuzes worden de effecten integraal afgewogen, op people, planet, profit / prosperity.