Jaarverslag en Jaarrekening 2025 inclusief getekende controleverklaring gewaarmerkt
Tekst van het document
De waardering van activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden in principe plaats op basis van historische kosten. Activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde, tenzij bij het betreffende balanshoofd anders is vermeld. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en lasten, waaronder ook begrepen de heffing van de vennootschapsbelasting, worden daarbij verantwoord tot hun brutobedrag. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Algemene uitkering De uitkering gemeentefonds is gebaseerd op de meest recente circulaire van het ministerie van BZK. Voor zover maatstaven nog niet definitief vastgesteld zijn, hanteren wij onze eigen raming. Voor wat betreft het accres gaan wij uit van de laatst verwerkte stand zoals die in de septembercirculaire is opgenomen. Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende verlofaanspraken. Eigen bijdrage op grond van de Wmo Een aanvrager van een voorziening, hulp in de huishouding of een financiële tegemoetkoming (persoonsgebonden budget) is op grond van de Wmo een bijdrage verschuldigd. De wetgever heeft bepaald dat de berekening, oplegging en incasso van deze eigen bijdrage wordt uitgevoerd door het CAK. De informatie van het CAK (om privacyredenen beperkt) is ontoereikend om als gemeente de juistheid op persoonsniveau en volledigheid van de eigen bijdragen als geheel te kunnen vaststellen. Door de systematiek te kiezen van het vaststellen van de eigen bijdragen door het CAK, heeft de wetgever in feite bepaald dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdragen op grond van de Wmo geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dit betekent dat door de gemeenten geen zekerheden over omvang en hoogte van de eigen bijdragen kunnen worden verkregen. Stelselwijziging In de jaarrekening 2025 zijn geen stelselwijzigingen doorgevoerd.
Continuïteit De jaarrekening is opgesteld op basis van de continuïteitsveronderstelling. De continuïteit van gemeenten is op grond van artikel 12 van de financiële verhoudingswet wettelijk verankerd. Om die reden is de continuïteit van gemeente Leusden in voldoende mate gewaarborgd. Ook zijn in de begroting 2025 of andere besluiten geen stellige voornemens om majeure aanpassingen te doen in beleid, taken, activiteiten of locaties die mogelijk materiële effecten hebben op vermogen of resultaat. 111 Grondslagen Activa Algemeen Activa die bedoeld zijn om de uitoefening van de werkzaamheid van de gemeente duurzaam te dienen. Waardering tegen verkrijgings- c.q. vervaardigingprijs, verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen. Immateriële vaste activa Het BBV kent de volgende drie soorten immateriële vaste activa: • De kosten die zijn verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio. • De kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief. • De bijdragen aan activa in eigendom van derden.
De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten), verminderd met ontvangen subsidies en bijdragen van derden, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Het saldo van agio en disagio wordt lineair gedurende de looptijd van een geldlening afgeschreven. Afsluitkosten voor geldleningen worden direct ten laste van de exploitatie gebracht. De kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief kunnen onder voorwaarden worden geactiveerd. De geactiveerde kosten van onderzoek en ontwikkeling worden volledig afgeschreven in maximaal vijf jaar. De onder de kosten van onderzoek en ontwikkeling geactiveerde voorbereidingskosten voor grondexploitaties voldoen aan de volgende voorwaarden: • De kosten passen binnen de kostensoortenlijst (artikel 6.2.4) van het Bro; en • De kosten blijven maximaal vijf jaar geactiveerd staan onder de immateriële vaste activa.
Na maximaal vijf jaar hebben de kosten geleid tot een actieve grondexploitatie, dan wel worden deze afgeboekt ten laste van het jaarresultaat; en • Plannen tot ontwikkeling van de grond waarvoor de voorbereidingskosten worden gemaakt, hebben bestuurlijke instemming, blijkend uit een raads- of — indien gedelegeerd — collegebesluit. Bijdragen aan activa in eigendom van derden kunnen onder voorwaarden worden geactiveerd. Op de geactiveerde bijdragen aan activa in eigendom van derden wordt afgeschreven, waarbij de afschrijvingsduur maximaal gelijk is aan de verwachte gebruiksduur van de activa waarvoor de bijdrage aan derden wordt verstrekt. Materiele vaste activa Materiële vaste activa zijn fysiek aanwezige activa. Het BBV kent de volgende soorten materiële vaste activa: • Investeringen met een economisch nut; • Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven; • Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut. Investeringen hebben een economisch nut als ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. Alle investeringen met een economisch nut worden geactiveerd.
Ten aanzien van investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven geldt dat (indien van toepassing) vanuit de spaarcomponent van heffingen gevormde voorzieningen voor toekomstige vervangingsinvesteringen met economisch nut in mindering zijn gebracht op de in het boekjaar gepleegde investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing is geheven. Over het resterende bedrag wordt afgeschreven. Vanaf 1 januari 2017 worden ook alle i nvesteringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut verplicht geactiveerd en over de gebruiksduur afgeschreven. Het is niet meer toegestaan om reserves direct op deze activa in mindering te brengen en/of versneld af te schrijven. Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond | - en hulpstoffen en de overige directe kosten), verminderd met ontvangen subs | idies en bijdragen die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen.
Alle materiele vaste activa worden lineair afgeschreven op basis van de verwachte gebruiksduur. Op voorstel van het college kan hiervan worden afgeweken door annuïtaire afschrijving toe te passen. Bijdragen van derden worden in minde | ring gebracht op de investeringssom. Het saldo vormt de afschrijvingsbasis. De te hanteren afschrijvingstermijn wordt per actief beoordeeld aan de hand van de verwachte economische levensduur. | De afschrijving | vangt bij alle investeringen aan met ingang van het boekjaar volgend op de ingebruikneming/oplevering. Binnen de onderstaande hoofdgroepen worden globaal de volgende afschrijvingstermijnen gehanteerd: • | Gronden en terreinen | : op gronden wordt niet | afgeschreven • | Aanlegkosten terreinen | : 15 tot 60 | jaar • | Bedrijfsgebouwen | : 15 tot 40 | jaar • | Grond-, weg- en waterbouwkundige | werken: 15 tot 60 jaar • | Vervoermiddelen: | 8 tot 15 jaar • | Machines, apparaten en | installaties: 4 tot 20 jaar Financiële vaste activa Onder | uitzettingen worden aandelen, obligaties, maar ook leningen en vorderingen verstaan. Uitzettingen met een oorspronkelijke rente typische looptijd korter dan één jaar worden opgenomen onder de vlottende activa. Uitzettingen met een oorspronkelijke rente typ | ische looptijd van langer dan één jaar worden gedurende de gehele looptijd onder financiële vaste activa | opgenomen.
De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten), de jaarlij | kse aflossingen, afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Zo nodig is een voorziening voor verw | achte oninbaarheid op de boekwaarde in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Wanneer de marktw | aarde van de aandelen daalt tot onder de verkrijgingsprijs, vindt afwaardering naar deze lagere marktwaarde plaats. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baat genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar wordt gesteld. Voorraden (grondex | ploitatie) Het startpunt van een grondexploitatie is het raadsbesluit met de vaststelling van | de complex, inclusief grondexploitatiebegroting | . Vanaf dat moment wordt de grondexploitatie geopend en kunnen vervaardigingskosten worden geactiveerd. De onderhan | den werken grondexploitatie zijn opgenomen tegen de verkrijgings | - of vervaardigingsprijs, verminderd met de opbrengst wegens verkopen.
| Als de boekwaarde de marktwaarde van de grond overschrijdt, wordt een afwaardering naar de lagere marktwaarde verantwoord | /wordt een voorziening voor het verwachte negatieve resultaat getroffen. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond | - en hulpstoffen en de overige kosten (limitatief opgesomd in de kostensoortenlijst zoals opgenomen in | artikel 6.2.4 van het Besluit ruimtelijke ordening) die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs worden daarnaast een redelijk deel van de indirecte kosten opgenomen. De waardering van de gronden in exploitatie | per 31 december 20 | 25 is gebaseerd op de geactualiseerde grondexploitaties per 1 januari 202 | 6 en de uitkomsten van de door de gemeente uitgevoerde risicoanalyses ter zake. Dit betreft de beste inschatting op dit moment die omgeven is door de nodige risico’ | s, aannames en veronderstellingen die periodiek (jaarlijks) zullen worden herzien. Deze periodieke herziening kan leiden tot een aangepaste waardering van de gronden in exploitatie en de hiermee samenhangende voorziening voor negatieve grondexploitaties. H | ieronder zijn de gehanteerde uitgangspunten toegelicht. 112 113 Het college is van mening dat op basis van de huidige informatie en inzichten de beste schatting is gemaakt voor de waardering van de in exploitatie genomen gronden.
Voor winstneming geldt de percentage of completion methode: voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd wordt tussentijds naar rato van de voortgang van de kosten en de opbrengsten winst worden genomen. Als aan de volgende voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid om winst te kunnen nemen: 1. Het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat; én 2. De grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht; én 3. De kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd). Uitzettingen met een looptijd van korter dan één jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt hierop een voorziening in mindering gebracht die gevormd wordt op basis van een inschatting van het oninbare bedrag. Liquide middelen en overlopende activa Deze activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Grondslagen Passiva Algemeen De vaste passiva zijn gewaardeerd tegen nominale waarde, tenzij bij het betreffende balanshoofd anders staat vermeld. Reserves – Eigen Vermogen In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is een zaak van de gemeenteraad.
Daarom worden reserves ook wel onderverdeeld in algemene en bestemmingsreserves. Zodra de raad aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het een algemene reserve genoemd. Voorzieningen Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen (schulden) van de gemeente. Om die reden kunnen voorzieningen per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders is echter op de contante waarde van de (en al opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd. Onderhoudsegalisatievoorzieningen zijn gebaseerd op een meerjarenraming op basis van een actueel beheerplan van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de gemeentelijke kapitaalgoederen. In de paragraaf ‘onderhoud kapitaalgoederen’ die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid hiervoor nader uiteengezet. Van derden ontvangen bijdragen welke zijn bestemd voor een specifiek doel, beklemde middelen, worden gewaardeerd na aftrek van de in het kader van deze middelen relevante gemaakte kosten.
Deze staan op de balans vermeld als ‘voorziening – door derden beklemde middelen met een specifieke aanwending’. Voorzieningen worden niet gevormd voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Voor het bepalen van het “jaarlijks vergelijkbaar volume” is een tijdsperiode van vier jaar gehanteerd. De gemeente Leusden kent één voorziening die tegen de 'netto contante waarde' is gewaardeerd. Het pensioen voor wethouders is geregeld in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Gemeenten hebben op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) de taak om hiervoor een toereikende voorziening te vormen. Vanaf 1 januari 2028 gaan de pensioenen van politieke ambtsdragers over naar het nieuwe pensioenstelsel en wordt het overgedragen aan het pensioenfonds ABP, waarbij de aanwezige voorziening per 1 januari 2028 | voldoende | dient | te | zijn | om | de | benodigde | overdra | chtswaarde | te | kunnen | dekken. | Nu | de inwerkingtreding van de nieuwe pensioenwet een zekerheid is, zijn wij op basis van een stellige uitspraak van de Commissie BBV verplicht om de voorziening te actualiseren waarbij rekening dient te worden houden met de dekkingsgraad van het ABP, deze was ultimo 2025 123,5%.
| De voorziening moet tot het moment van | overdracht | aan | het | ABP | jaarlijks | worden | herzien | met | als | uitgangspunt | de | benodigde overdrachtswaarde. Dat betekent ook dat de mogelijkheid bestaat dat er, bij bijvoo | rbeeld een veranderde rente, levensverwachting en/of dekkingsgraad, een stijging danwel daling mogelijk is. Voor onze huidige wethouders en oud | -wethouders moeten we een voorziening vormen die op termijn toereikend moet zijn om ieders pensioen te kunnen be | talen. Voor de bepaling van de hoogte van deze voorziening moeten we gebruik maken van actuariële berekeningen. Hierbij is rekening gehouden met de actuele rekenrente, sterftecijfers en indexering van de pensioenen. Ten opzichte van vorig jaar is de rekenrente op basis van de circulaire van BZK verhoogd van 2,325% naar 2,954%. In de circulaire van BZK is bepaald dat de ABP-pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. Dat betekent dat ook de Appa pensioenen met ingang van 1 januari 202 | 6 worden verhoogd met 2,84%. De indexatie is opgenomen in de waardeberekeningen. Actueel geldende sterftecijfers zijn van toepassing. Vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar De vaste schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde | (hoofdsom) verminderd met het totaal van de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer.
Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Verstrekte borg- en garantstellingen De schuldrestanten per het einde van het boekjaar van de door de gemeente gewaarborgde geldleningen en garantstellingen zijn buiten de balanstelling opgenomen. Nadere informatie is in de toelichting op de balans opgenomen. Overige waarderingsgrond | slagen Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de Financiële verordening en op basis van de Kadernota Rechtmatigheid. Da | t betekent dat: - De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, en ook de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art.
17 Financiële-verhoudingswet; - De financiële rechtmati | gheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium omvat: • Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader | zoals op 29 januari 2026 door de raad is vastgesteld; • Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de Nota beleidskaders rechtmatigheidsverantwoording 202 | 5 is beschreven wanneer deze overschrijdingen a | cceptabel zijn. Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld. • Ten aanzien van het M&O criterium is de Nota M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik | - en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid, zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
114 115 - De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV en ook onze eigen Financiële verordening en de Nota beleidskaders rechtmatigheidsverantwoording 2025. Dit betekent dat: • Een verantwoordingsgrens van 2% is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden samen in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; • Een rapporteringstolerantie van € 50.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf Bedrijfsvoering worden opgenomen. 116 Toelichting Vaste Activa Immateriële vaste activa Onderstaand overzicht geeft het verloop van de immateriële vaste activa weer. De kosten van onderzoek en ontwikkeling zijn de voorbereidingskredieten voor ruimtelijke projecten 2018, Tabaksteeg Zuid 2024 en Achterveld-Noordoost 2025. Materiële vaste activa - totaal Onderstaand overzicht geeft het verloop van de totale materiële vaste activa weer (economisch en maatschappelijk nut). De systematiek van activering en afschrijving is voor alle investeringen gelijk. Alle nieuwe investeringen worden verplicht geactiveerd en worden over de verwachte levensduur afgeschreven. De bijdragen van derden voor bedrijfsgebouwen betreft een provinciale subsidie voor IKC het Hoefijzer.
De bijdragen van derden betreffen exploitatiebijdragen van projectontwikkelaars van woningen voor aanpassingen in de openbare ruimte in het kader van het Masterplan Openbare Ruimte Princenhof. Tabel balans 1 Verloop immateriële vaste activa Boek- waarde 31-12- 2024 Naar bouw- grond in exploitatie Investe- ringen Desinves- teringen Afschrij- vingen Afwaar- deringe n Bijdragen van derden Boek- waarde 31-12-2025 Kosten van onderzoek en ontwikkeling 534 0 549 51 0 0 89 943 Bijdragen aan activa in eigendom van derden 83 0 0 0 2 0 0 80 Totaal 617 0 549 51 2 0 89 1.023 (bedragen x € 1.000) Tabel balans 2 Verloop materiële vaste activa - totaal Boek- waarde 31-12- 2024 Investe- ringen Desin- veste- ringen Afschrij- vingen Afwaar- deringen Bijdragen van derden Boek- waarde 31-12-2025 Gronden en terreinen 3.263 0 957 0 0 0 2.306 Woonruimten 612 3.269 0 15 0 0 3.866 Bedrijfsgebouwen 41.331 2.243 85 1.906 0 309 41.274 Grond-, weg- en water- bouwkundige werken 20.196 5.745 -287 794 0 567 24.868 Vervoermiddelen 460 242 0 75 0 0 626 Machines, apparaten en installaties 2.171 592 0 324 0 0 2.439 Overige materiële vaste activa 1.733 151 0 313 0 0 1.571 Totaal 69.766 12.243 755 3.429 0 876 76.950 (bedragen x € 1.000) 117 Materiële vaste activa – economisch nut waar voor de kosten een heffing kan worden geheven Onderstaand overzicht geeft het verloop weer van de materiële vaste activa met
economisch nut waar voor de kosten een heffing kan worden geheven. Overige materiële vaste activa – economisch nut Onderstaand overzicht geeft het verloop van de overige materiele vaste activa met economisch nut weer. Materiële vaste activa – maatschappelijk nut Onderstaand overzicht geeft het verloop van de materiele vaste activa met maatschappelijk nut weer. Voor de bijdragen van derden, zie de toelichting bij tabel 2. Boek- waarde 31-12- 2024 Investe- ringen Desinves- teringen Afschrij- vingen Afwaar- deringen Bijdragen van derden Boek- waarde 31-12- 2025 1.411 0 0 103 0 0 1.308 Grond-, weg- en water- bouwkundige werken 2.104 1.727 115 35 0 115 3.681 0 0 0 0 0 0 0 248 0 0 32 0 0 216 861 0 0 136 0 0 726 4.625 1.727 115 305 0 115 5.931 (bedragen x € 1.000) Overige materiële vaste activa Totaal Tabel balans 3 Verloop materiële vaste activa met economisch nut waar voor de kosten een heffing kan worden geheven.
Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Tabel balans 4 Verloop overige materiële vaste activa met economisch nut Boek- waarde 31-12- 2024 Investe- ringen Desin- veste- ringen Afschrij- vingen Afwaar- deringen Bijdragen van derden Boek- waarde 31-12-2025 Gronden en terreinen 3.094 0 957 0 0 0 2.137 Woonruimten 612 3.269 0 15 0 0 3.866 Bedrijfsgebouwen 39.920 2.243 85 1.804 0 309 39.965 Grond-, weg- en water- bouwkundige werken 3.136 1.362 0 241 0 146 4.112 Vervoermiddelen 460 242 0 75 0 0 626 Machines, apparaten en installaties 1.923 592 0 292 0 0 2.223 Overige materiële vaste activa 759 151 0 145 0 0 764 Totaal 49.904 7.859 1.042 2.573 0 455 53.694 (bedragen x € 1.000) Tabel balans 5 Verloop materiële vaste activa met een maatschappelijk nut Boek- waarde 31-12- 2024 Investe- ringen Desinves- teringen Afschrij- vingen Afwaar- deringen Bijdragen van derden Boek- waarde 31-12-2025 Gronden en terreinen 169 0 0 0 0 0 169 Grond-, weg- en water- bouwkundige werken 14.955 2.657 -287 518 0 306 17.075 Overige materiële vaste activa 113 0 0 32 0 0 81 Totaal 15.237 2.657 -287 550 0 306 17.325 (bedragen x € 1.000) 118 Investeringen Onderstaand overzicht geeft de investeringen 2025 groter dan € 25.000 weer op de beschikbaar gestelde kredieten.
Tabel balans 6 Investeringen groter dan 25.000 Beschikbaar gesteld krediet Ten laste van krediet 2025 Cumulatief ten laste van krediet Kosten onderzoek en ontwikkeling bepaald actief Voorbereidingskrediet Tabaksteeg Zuid 2024 776 394 785 Voorbereidingskrediet Achterveld Noordoost - 2025 360 259 259 1.136 653 1.044 Woonruimten Verwerving flexwoningen Buitenplaatsweg - 2026 0 3.269 3.269 0 3.269 3.269 Bedrijfsgebouwen Kooikersgracht 11 - 2025 0 735 735 Zonnewering Huis van Leusden - 2025 40 34 34 Uitbreiding werf tgv uitbreiding BOR - 2024 646 67 67 Invest.krediet IKC Hoefijzer 18 onderwijskndg 2024 3.235 241 251 Uitbreiding stalling tgv uitbreiding BOR - 2024 182 56 56 Lisidunalaan 2 verbouwing tbv welzijnsorg.2025 1.155 1.074 1.099 5.259 2.207 2.243 Grond-, weg- en waterbouwkundige werken Herinrichting Burg. de Beaufortweg - 2024 975 638 770 Vervanging masten - 2025 690 552 552 Princenhof – deelgebied 3 Larikslaan Oost - 2023 840 287 555 Vervanging en renovatie wegen - 2025 581 158 158 Herinrichting Maanweg - 2023 550 245 277 Herinrichting van de Hamersveldseweg - 2025 2.828 49 98 Herinrichting Postweg - 2025 559 37 76 Herinrichting Dissel - 2023 450 32 39 Herinrichting Leusbroekerweg - 2023 515 53 58 Voorb.krediet infrastruct. maatrgl Schuifplan 2025 95 43 87 Herinr. van Hardenbroeklaan-Pr.
Frederiklaan 2024 528 186 476 Renovatie Lockhorsterbrug 2025 547 473 473 Wijkrenovatie Hamersveld-Nieuw fase 1 - 2025 372 121 121 Renovatie MHCL veld 2 en 3 – 2025 718 660 660 Vervanging speelvoorzieningen - 2025 230 163 163 Vervanging beplanting algemeen - 2025 95 131 131 Inrichten landschapszone Mastenbroek II - 2024 369 303 346 Vervanging en renovatie riolering 2025 - 2025 433 743 743 Riolering Leusden Zuid-Noord fase 6 Maanweg - 2025 450 135 135 Riolering van Hardenbroeklaan-Frederiklaan - 2024 575 326 326 Riolering Burg de Beaufortweg - 2024 580 523 523 12.979 5.860 6.767 Vervoermiddelen Bestelauto zwerfvuil tgv uitbreiding BOR - 2024 35 42 42 Bestelauto groen tgv uitbreiding BOR - 2024 35 42 42 IVECO 40C/35 met opvangbak VGL-10-H - 2025 125 89 89 Lisidunalaan 2 verbouwing tbv welzijnsorg.2025 70 68 68 265 242 242 Machines, apparaten en installaties AV middelen raadzaal en commissiekamers - 2024 57 29 73 AV middelen reserveringssysteem - 2025 37 37 37 UPS-systemen serverruimte - 2025 50 47 47 Veegmachine tgv uitbreiding BOR - 2024 250 185 185 Zero turn maaier 152 tgv uitbreiding BOR - 2024 35 30 30 Maaimachines tgv uitbreiding BOR - 2024 283 269 269 712 597 641 MVA-EN Overige materiële vaste activa AV middelen discussiesysteem Raadzaal - 2025 66 27 27 Verg. 1e inr.
OLP’s, meubilair Loysder Hk - 2025 124 124 124 189 151 151 (bedragen x € 1.000) 119 - Het krediet voor de aankoop flexwoningen is feitelijk beschikbaar gesteld in 2025. De uitgave is ook gedaan in 2025. De begrotingswijziging van de beschikbaarstelling van het krediet is verwerkt in 2026. - De gemeente heeft eind december 2025 het pand aan de Kooikersgracht 11 (voorheen restaurant De Munt) aangekocht. Deze aankoop valt onder de noemer ‘strategische aankopen’. In de Nota Grondbeleid 2020 heeft de gemeente Leusden de mogelijkheid vastgelegd voor dergelijke aankopen door het college. Door middel van de raadsinformatiebrief van 3 maart 2026 is de gemeenteraad hierover geïnformeerd. Het investeringskrediet is in de voorjaarsnota 2026 formeel vastgesteld. - Voor de overschrijding van de vervanging en renovatie riolering wordt verwezen naar de paragraaf kapitaalgoederen. Financiële vaste activa Onderstaand overzicht geeft het verloop van de financiële vaste activa weer. Voorraden Onderstaand overzicht geeft de stand van de voorraden weer. In 2025 bedraagt de onderhanden werk positie van de grondexploitaties negatief € 4.945.000. Dit negatieve saldo is ontstaan doordat voor het project Mastenbroek II vooruit is gefactureerd aan derden. Dit betekent dat er meer opbrengsten uit grondverkopen zijn gerealiseerd dan dat er kosten zijn gemaakt. Het betreft hier echter een momentopname.
Het negatieve onderhanden werk wordt als activum op de balans verantwoord, aangezien het toekomstige prestaties vertegenwoordigt die nog moeten worden geleverd. Dit omvat onder andere de resterende kosten voor o.a. grondontwikkeling en infrastructuur. Tabel balans 7 Verloop van de financiële vaste activa Boekwaarde 31-12-2024 Verstrekkingen Aflossingen Boekwaarde 31-12-2025 Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen 31 0 0 31 Leningen aan deelnemingen 0 0 0 0 Overige langlopende leningen 2.765 -25 100 2.640 Overige uitzettingen met een looptijd > 1 jaar 0 0 0 0 Totaal 2.796 -25 100 2.671 (bedragen x € 1.000) Boekwaarde 31-12-2024 Boekwaarde 31-12-2025 Grond- en hulpstoffen, gespecificeerd naar: Onderhanden werk, w.o. bouwgronden in exploitatie -605 -4.945 Af: Voorziening onderhanden werk 0 0 Totaal onderhanden werk -605 -4.945 Gereed product en handelsgoederen 0 0 Totaal -605 -4.945 Tabel balans 8 Voorraden uitgesplitst naar categorieën (bedragen x € 1.000) 120 Toelichting Vlottende Activa GB Uitgangspunten actualisatie grondexploitatie Het BBV (Besluit begroting en verantwoording gemeenten en provincies) schrijft voor dat de jaarrekening een reëel beeld moet schetsen van de financiële positie van de gemeente, wat onder andere betekent dat het onderhanden werk reëel gewaardeerd moet worden.
Dat houdt in dat de grondexploitaties moeten worden begroot op basis van reële uitgangspunten. Het realiteitsgehalte van een grondexploitatiebegroting wordt bepaald door de (combinatie van de) volgende begrotingselementen: - nominaal geraamde kosten (hoeveelheden x eenheidsprijzen) - nominaal geraamde opbrengsten (hoeveelheden x eenheidsprijzen) - kostenstijging (% en fasering) - opbrengstenstijging (% en fasering) - rentelasten en rentebaten (% en fasering) Hierna wordt een toelichting gegeven op de gehanteerde uitgangspunten en de daarbij gemaakte keuzes. De parameters voor prijsontwikkeling en rente Om reële uitgangspunten te kunnen bepalen voor verwachte prijsontwikkelingen en renteontwikkelingen, is beoordeeld hoe in het verleden de prijsstijgingen werden begroot en hoe de grondprijzen en de kostprijs van bouwgrond zich in werkelijkheid hebben ontwikkeld. Op basis hiervan hanteert het college voor het doorrekenen van iedere jaarschijf de volgende parameters: - Kostenstijging 3,0% (2026 - 2035), 2,0% (2036 en verder) - Opbrengstenstijging 2,5% (2026 - 2035), 0,0% (2036 en verder), (tenzij met ontwikkelende partijen contractuele afspraken zijn gemaakt over een jaarlijkse indexering) - Rente 0% Binnen de gemeente is geen financiering aanwezig in relatie tot de grondexploitatie. Daarom hanteert de gemeente een rentepercentage van 0%.
Disconteringsvoet De disconteringsvoet die is gehanteerd in de berekening van de contante waarde ten behoeve van het treffen van een verliesvoorziening voor negatieve grondexploitaties is voor alle gemeenten gelijkgesteld aan het maximale meerjarig streefpercentage van de Europese Centrale Bank voor de inflatie binnen de Eurozone, zijnde 2,0%. De fasering van het programma (geraamde opbrengsten) Het eindproduct van grondexploitaties is bouwrijpe grond voor woningbouw, bedrijven, kantoren en overige voorzieningen. Het ‘bouwprogramma’ vormt daarom een belangrijk kader voor de grondexploitatie. Het college hanteert ten aanzien van de nog te realiseren opbrengsten de volgende uitgangspunten: - Het bouwprogramma wordt in de tijd gezet (gefaseerd) op basis van de woningbouwprogramma’s en; - De prijscomponent is gebaseerd op de Grondprijzenbrief. Grondexploitaties mogen maximaal een looptijd hebben van 10 jaar. Als de grondexploitatie een looptijd kent van meer dan 10 jaar dan moeten aanvullende beheersmaatregelen worden genomen. De gemeente Leusden kent geen grondexploitaties met een horizon langer dan 10 jaar.
Fasering en raming kosten Het college hanteert ten aanzien van de nog te maken kosten de volgende uitgangspunten: - Raming van de externe planontwikkelingskosten (POK-kosten) is gebaseerd op door de projectleiders opgestelde meerjarige opgave van de te verwachten planontwikkelingskosten en; - Kosten voor bouw- en woonrijp maken en engineering zijn gebaseerd op kengetallen of, indien de plannen ver genoeg gevorderd zijn, opgaves van de afdeling Dienstverlening en/of externe adviseurs. 121 In exploitatie genomen gronden Onderstaand overzicht geeft het verloop weer van de in exploitatie genomen gronden. Resultaat bouwgronden in exploitatie Onderstaand overzicht geeft het resultaat weer van de in exploitatie genomen gronden. Toelichting Vlottende Activa AD Uitzettingen korter dan één jaar De uitzettingen korter dan één jaar kunnen als volgt worden gespecificeerd. Rekeningcourant verhoudingen met het Rijk Deze post bevat het totaal aan overtollige middelen die verplicht worden aangehouden bij het Rijk (schatkist). Dit gebeurt in een rekening-courantverhouding met het ministerie van Financiën (Agentschap). Drempelbedrag schatkistbankieren Alle (tijdelijke) overtollige middelen moeten verplicht in de schatkist aangehouden worden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag dat buiten de schatkist mag worden gehouden.
Het drempelbedrag is in 2024 niet overschreden. Boek- waarde 31-12-2024 Investe- ringen Inkom- sten Winst- uitname Boek- waarde 31-12-2025 Voorziening verlieslatend complex Balans- waarde 31-12-2025 Buitenplaats 468 5 - - 473 - 473 Larikslaan 402 29 489 58 0 - 0 Hamersveldseweg 954 5 1.200 241 0 - 0 Mastenbroek II 2.429- 1.064 5.149 1.095 5.419- - 5.419- Totaal 605- 1.103 6.838 1.394 4.945- - 4.945- (bedragen x € 1.000) Tabel balans 9 Overzicht bouwgronden in exploitatie Tabel balans 10 Overzicht resultaat bouwgronden in exploitatie Boekwaarde 31-12-2025 Geraamde nog te maken kosten Geraamde nog te realiseren opbrengsten Geraamd resultaat (nominale waarde) Geraamd resultaat (netto contante waarde) De Buitenplaats 473 74 884 337 317 Mastenbroek II -5.419 3.989 343 1.773 1.704 Totaal -4.945 4.063 1.227 2.110 2.021 (bedragen x € 1.000) Tabel balans 11 Specificatie uitzettingen met een looptijd ≤ 1 jaar Gecorrigeerde boekwaarde 31-12-2024 Saldo 31-12-2025 Voorziening oninbaarheid Gecorrigeerde boekwaarde 31-12-2025 Vorderingen op openbare lichamen 5.684 6.345 0 6.345 RC-verhoudingen met het Rijk 30.251 33.694 0 33.694 RC-verhoudingen overige niet-fin. Instellingen 1.748 1.746 0 1.746 Overige vorderingen 1.387 2.160 -538 1.622 Overige uitzettingen ≤ 1 jr.
0 0 0 0 Totaal 39.070 43.945 -538 43.407 (bedragen x € 1.000) 122 Liquide middelen De liquide middelen kunnen als volgt worden gespecificeerd. Verslagjaar (1) Drempelbedrag 1870,17104 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 (2) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 58 87 61 60 (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag 1.812 1.783 1.809 1.810 (3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag - - - - Verslagjaar (4a) Begrotingstotaal verslagjaar 93.509 (4b) Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen 93.509 (4c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat (1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
Drempelbedrag 1870,17104 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 (5a) Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) 5.260 7.952 5.605 5.540 (5b) Dagen in het kwartaal 90 91 92 92 (2) - (5a) / (5b) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 58 87 61 60 Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (1) Berekening drempelbedrag Tabel balans 12 Overzicht liquide middelen Boekwaarde 31-12-2024 Boekwaarde 31-12-2025 Kassaldi 5 3 Bank- en girosaldi 50 51 Totaal 55 54 (bedragen x € 1.000) 123 Overlopende activa De overlopende activa kunnen als volgt worden gespecificeerd. De nog te verhalen kosten Grondexploitatie kunnen als volgt worden gespecificeerd. Toelichting Vaste Passiva - Eigen vermogen Eigen vermogen Onderstaand overzicht geeft het verloop van de reserves weer, ingedeeld naar hoofdgroep. De toevoeging van de algemene bedrijfsreserve basis omvat een overheveling van de bestemmingsreserve toekomstbestendige openbare ruimte ad € 5,77 miljoen.
Tabel balans 13 Overzicht overlopende activa Boekwaarde 31-12-2024 Boekwaarde 31-12-2025 Nog te ontvangen bijdragen van het Rijk 345 189 Nog te ontvangen bijdragen van provincie 0 55 Nog te ontvangen bijdragen van gemeenten 383 55 Nog te ontvangen bijdragen van overige overheden 601 588 Nog te ontv. voorschotten Europese en Nederlandse overheidslichamen 1.329 887 Vooruitbetaalde bedragen 2.239 1.229 Nog te ontvangen bedragen 736 1.192 Nog te verhalen kosten grondexploitatie 125 52 Aanvullend geboorte- en ouderschapsverlof UWV -15 -18 Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen 3.085 2.455 Totaal 4.414 3.342 (bedragen x € 1.000) Tabel balans 14 Nog te verhalen kosten grondexploitatie Boekwaarde 31-12-2024 Mutaties 2025 Boekwaarde 31-12-2025 Mastenbroek II 73 21 52 Totaal 73 21 52 (bedragen x € 1.000) Tabel balans 15 Overzicht reserves Saldo 31-12-2024 Toe- voeging Onttrek- king Bestemming resultaat 2024 Vermindering ter dekking kapitaallasten Saldo 31-12-2025 Algemene reserves Algemene bedrijfsreserve basis 17.064 5.625 1.713 1.095 22.071 Alg. reserve Grondbedrijf 1.481 2.037 969 0 2.549 Algemene reserve opvang vluchtelingen 0 7.340 0 7.340 18.545 15.002 2.682 1.095 0 31.961 Bestemmingsreserves Alg. res. aangewezen bestemming 5.009 921 2.119 89 3.900 Res. gebiedsoverstijgende voorzieningen 271 299 0 570 Res. vervangingsinv.
onderwijshuisvesting 6.417 901 152 683 6.483 Res. dekking kap.lasten inv. econ. nut 4.765 0 4.471 293 1 Res. dekking kapitaallasten 13.301 9.281 859 0 21.723 Res. vervangingsinvesteringen openbare ruimte 891 3.939 1.378 3.452 Res. toekomstbestendige openbare ruimte 5.770 0 5.770 0 Reserve opvang vluchtelingen Oekraïne 6.728 0 7.340 611 0 43.152 15.341 22.089 700 976 36.129 Nog te bestemmen resultaat 2.959 2.837 -2.959 2.837 2.959 2.837 0 -2.959 2.837 Totaal reserves 64.656 33.181 24.771 -1.164 976 70.927 (bedragen x € 1.000) 124 Toelichting Vaste Passiva – Voorzieningen Onderstaand overzicht geeft het verloop van de voorzieningen weer, ingedeeld naar hoofdgroep. Toelichting Vaste schulden Vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar Onderstaand overzicht geeft het verloop van de vaste schulden met een looptijd > 1 jaar weer. De verplichte aflossingen voor het komende jaar zijn € 1.051.000. De totale rentelasten voor het jaar 2025 met betrekking tot de vaste schulden bedraagt € 200.000. Tabel balans 16 Overzicht voorzieningen Saldo 31-12- 2024 Toevoeging Vrijva l Aanwending Saldo 31-12-2025 Voorz. voor verplichtingen, verliezen en risico's: Voorziening afgesloten complexen 23 0 5 18 0 Voorziening voormalig personeel 124 13 0 71 66 Voorziening verlofsaldo’s 60 0 0 2 58 Voorz.
pensioenen en uitkeringen wethouders 3.475 516 0 192 3.799 Subtotaal 3.682 530 5 283 3.923 Onderhoudsegalisatievoorzieningen: Voorz. egal. wegbeheer deklagen 1.823 932 660 1.359 736 Voorz. egal. wegbeheer elementen 405 799 547 321 336 Voorz. egal. waterbeheer 565 0 0 291 274 Voorz. egal. gebouwenbeheer 1.518 709 1.198 451 578 Voorz. egal. sportterreinen 647 193 804 34 2 Voorz. egal. groenbeheer 119 0 13 13 93 Subtotaal 5.077 2.633 3.222 2.469 2.018 Door derden beklemde middelen met een specifieke aanwending Voorz. egal. rioolbeheer 4.496 437 0 0 4.933 Voorz. egal. tarieven afvalstoffenheffing/rein.rechten 224 198 0 0 422 Subtotaal 4.720 635 0 0 5.355 Totaal voorzieningen 13.479 3.798 3.227 2.752 11.296 (bedragen x € 1.000) Tabel balans 17 Overzicht verloop van de vaste schulden Saldo 31-12-2024 Vermeer- deringen Aflos- singen Saldo 31-12-2025 Binnenlandse banken en overige financiële instellingen 19.209 0 1.050 18.159 Waarborgsommen 7 0 0 7 Totaal 19.216 0 1.050 18.166 (bedragen x € 1.000) 125 Toelichting Vlottende Passiva Vlottende Passiva De vlottende passiva kunnen als volgt worden gespecificeerd. Overige schulden De overige schulden (crediteuren) kunnen als volgt worden gespecificeerd. Vooruit ontvangen uitkeringen met een specifiek doel De vooruit ontvangen uitkeringen met een specifiek doel kunnen als volgt worden gespecificeerd.
Tabel balans 18 Overzicht vlottende passiva Boekwaarde 31-12-2024 Boekwaarde 31-12-2025 Schulden < 1 jaar Kasgeldleningen 0 0 Saldi bankrekeningen 0 0 Overige vlottende schulden 4.794 5.338 4.794 5.338 Overlopende passiva Vooruitontvangen uitkeringen met een specifiek doel 6.172 7.229 Vooruitontvangen uitkeringen overige overheden met een specifiek doel 321 869 Overige vooruitontvangen bedragen 247 610 Overige nog te betalen bedragen 7.228 8.067 13.968 16.775 Totaal 18.762 22.113 (bedragen x € 1.000) Tabel balans 19 Overige vlottende schulden Boekwaarde 31-12-2024 Boekwaarde 31-12-2025 ABP - af te dragen premies december 206 234 Belastingdienst - saldo af te dragen loonheffing en BTW 1.848 2.504 Waterschap Vallei en Veluwe 113 0 Diverse ondernemingen 935 0 Overige 1.693 2.600 Totaal 4.794 5.338 (bedragen x € 1.000) 126 Tabel balans 20 Vooruitontvangen uitkeringen met een specifiek doel Saldo 31-12- 2024 Toevoe- gingen Vrijval/ afboeking Saldo 31-12-2025 Rijk Proeftuin aardgasvrije wijken 3.341 0 361 2.980 Aanpak energiearmoede 220 0 152 68 Intelligente verkeersregelinstallaties 116 0 0 116 Min.
VWS SPUK Preventie Akkoord 2023 9 0 9 0 Brede SPUK 2023-2026 sociaal domein jaarschijf 2023 6 0 0 6 DUO 2023 SPUK voorschoolse educatie ontheemde peuters 27 0 0 27 Min van Sociale Zaken SPUK Onderwijsroute november 6 0 6 0 Lokale aanpak isolatie – Jaarschijf 2023 deel 1 316 0 0 316 Lokale aanpak isolatie – Jaarschijf 2023 deel 2 90 0 0 90 Subsidie verduurzaming maatsch. vastgoed Spieghelweg 2 69 0 0 69 SPUK Startbouwimpuls 259 0 244 15 Nationaal programma onderwijs 2023 12 0 10 2 F28 CDOKE klimaat en energiebeleid jaarschijf 2024 48 0 0 48 Subsidie Dumava 45 0 0 45 E81 OV ambassadeurprojecten 2023 14 0 8 6 G12 Kwijtschelden publieke schulden 7 0 0 7 SPUK stimulering Sport 2024 92 0 0 92 Min van Sociale Zaken juni SPUK Onderwijsroute 28 0 28 0 H30 Aanvulling 2024 15 0 0 15 J28 CDOKE klimaat en energiebeleid aanvulling jaar 154 0 0 154 RVO C94 Lokale aanpak isolatie – Jaarschijf 2024 705 0 0 705 G10 Inburgering 2024 223 0 0 223 Plankosten 90 0 90 0 Afdracht bovenwijkse investeringen 280 0 280 0 F28 CDOKE klimaat en energiebeleid aanvulling jaar 0 1.094 684 410 H30 Brede SPUK 2023-2026 (sociaal domein) jaarschi 0 391 352 39 G13 Onderwijsroute 2025 0 27 0 27 E120 Verkeersveiligheidsmaatregelen 0 300 0 300 C94 Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie 2025 0 528 134 394 H28 Spuk H28 DOS 0 82 41 41 F28 CDOKE klimaat en energiebeleid 3e ronde planf 0 215 0 215 SPUK 2023-2026
(sociaal domein) jaarschijf 2025 0 3 0 3 Restant 2025 SPUK D8 OAB 0 101 0 101 G10 inburgering 2022 0 92 0 92 G10 inburgering 2023 0 110 0 110 G10 inburgering 2024 0 179 0 179 G10 inburgering 2025 0 275 0 275 E85 Spuk intelligente verkeersregelinstallaties 2025 - Sisa E85 0 8 0 8 Vob Rijk. Spuk M30 Asielopvangvoorzieningen 0 12 0 12 Vob Rijk; Spuk M30 AMV 0 39 0 39 Totaal Rijk 6.172 3.456 2.399 7.229 Provincie Voucher isolatiemaatregelen 5 0 0 5 Prov. Utrecht project Groen Leusden 12 0 12 0 Prov.Utrecht subsidie Voucher isolatiemaatr. Deel II 45 0 41 4 Provincie Utrechtg subsidie - UPLG Eemvallei Gebiedsgerichte aanpak 54 0 16 38 Subsidie - project ‘Tabaksteeg Zuid en Achterveld Noordoost’ 76 0 76 0 Provinciale subsidie project Herinrichting Hamersveldseweg-Zuid 0 407 0 407 Provinciale subsidie project Herinrichting Leusbroekerweg 0 366 0 366 Totaal Provincie 192 773 145 820 Gemeente Landschapszone Mastenbroek. 19 0 19 0 Leusden -Zuid Noord 15 0 15 0 Totaal Gemeente 34 0 34 0 Overige overheden Pilot Wijk GGD'er gemeente Leusden Jaarschijf 2024 (van ZonMw, ZBO) 95 0 78 17 Pilot Wijk GGD'er gemeente Leusden Jaarschijf 2025 0 32 0 32 Totaal Overige overheden 95 32 78 49 Totaal Overige overheden 321 805 257 869 (bedragen x € 1.000) 127 Dit zijn van derden ontvangen bedragen. Deze bedragen moeten besteed of terugbetaald worden.
Overige vooruit ontvangen en nog te betalen bedragen Deze kunnen als volgt worden gespecificeerd. Tabel balans 21 Overige vooruitontvangen en nog te betalen bedragen Vooruitontvangen bedragen Vooruitontvangen bedragen grondexploitatie 572 Overige vooruitontvangen bedragen 38 610 Nog te betalen bedragen Grondexploitatie Kavel 103 de Alliantie 93 Algemeen: BNG en NWB rente leningen 1.051 Gemeente Amersfoort 3.765 Voorschotten Spuk 217 Belastingdienst. WKR eindheffingsloon 2025 59 Diverse te ontvangen facturen van leveranciers en aannemers 1.214 Te verrekenen TOZO Rijk 234 Overige nog te betalen bedragen 1.434 Totaal 8.067 (bedragen x € 1.000) Gewaarborgde geldleningen De gewaarborgde geldleningen aan natuurlijke | - en rechtspersonen kunnen als volgt worden | gespecificeerd. In 2025 is de gemeente niet aangesproken en hebben geen betalingen plaatsgevonden wegens verleende borg | - en garantiestellingen. Niet uit de balans blijkende verplichtingen Per 31 december 2025 is onder meer sprake van de volgende | verplichtingen en rechten: Inkoopverplichtingen | Diverse verzekeringscontracten waarvan de grootste zijn: de brandverzekering voor gemeentelijke en onderwijsgebouwen (€ 130.000) en de aansprakelijkheidsverzekering (€ 59.000) die beide jaarlijks stilzwijgend verlengd worden. | Met Willemsen- de Koning Groep B.V.
is een overeenkomst aangegaan voor een periode van vier jaar voor leerlingenvervoer en groepsvervoer, ingaande op 1 augustus 2024, met een optie tot verlenging van 3 keer 1 jaar. De contractwaarden ligg | en jaarlijks tussen de € 350.000 | - € 370.000. | Met Remondis Nederland BV is in 2019 een contract afgesloten voor inzameling en transport van huishoudelijk afval. De duur van de overeenkomst is 4 jaar met een mogelijkheid om 2 keer 2 jaar te verlengen. De contractwaarde is jaarlijks € 479.000. | Op basis van bestek IBMN | -2019-LEU-CM-002 is met Den Ouden Groenrecycling een contract afgesloten voor het inzamelen, transporteren en verwerken van gemengd tuingroen per 1 januari 2021 voor 2 jaar, met een verlengoptie | van 2 keer 2 jaar. De totale opdrachtwaarde is € 748.000. 128 129 Op basis van bestek IBMN-2015-LEU-ES-005 is in 2016 met Spie Infratechniek en Van Gelder Verkeerstechniek voor het beheer en onderhoud Openbare Verlichting een drie-partijen-overeenkomst tot en met 1 oktober 2031. De aanneemsom bedraagt € 1.627.339. Met Circle Software Group B.V. is in september 2020 een overeenkomst aangegaan voor de aanschaf van een nieuw zaaksysteem. De duur van de overeenkomst is 4 jaar dat jaarlijks stilzwijgend verlengd wordt. De totale contractwaarde is € 260.000. Op basis van bestek IBMN-2024-LEU-BM-001 is met E.W.
Ossendrijver een contract afgesloten voor gladheidbestrijding. De duur van de overeenkomst is 3 jaar (van 1-11-2024 t/m 31-10-2027) met een verlengoptie van 2 keer 1 jaar. De waarde van de opdracht is € 110.000. Met Go4 milieu & infratechniek B.V. is in 2024 een contract afgesloten voor het opknappen/vervangen en wassen/onderhouden van ondergrondse containers. De looptijd is 4 jaar met een mogelijkheid om 3 keer 2 jaar te verlengen. De contractwaarde is € 312.000. In 2025 is besloten een deel van het bedrijfspand te huren aan de Buitenplaatsweg 4 te Leusden. De komende drie jaar hiervoor een bedrag van € 75.000 per jaar beschikbaar stellen en hiervoor huurovereenkomst af te sluiten voor drie jaar. Verlofverplichtingen Op basis van de verslaggevingsregels is het spaarverlof gewaardeerd onder de voorzieningen. Het totaal uitstaande verlofsaldo bedraagt 19.969 uren. Dit geeft een bedrag van €1.070.367. Rechten In 2025 is besloten een gedeelte van het pand Lisidunalaan te verhuren voor een periode van 5 jaar aan een drietal maatschappelijke organisaties. De huurprijs bedraagt € 67.661 per jaar. 130 Controleverklaring Eshuis Registeraccountants B.V. Algemene voorwaarden / Handelsregister K.v.K. Enschede nr.
08151214 CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT Aan de raad van de gemeente Leusden Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2025 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2025 van de gemeente Leusden te Leusden gecontroleerd. Naar ons oordeel geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van zowel de grootte en de samenstelling van de baten en lasten over 2025 als van het vermogen van de gemeente Leusden op 31 december 2025 alsmede een getrouw beeld van de financiële rechtmatigheid over 2025 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV); De jaarrekening bestaat uit: 1. Het overzicht van baten en lasten over 2025. 2. De balans per 31 december 2025. 3. De toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen, waaronder de rechtmatigheidsverantwoording van het college van burgermeester en wethouders over de financiële rechtmatigheid van baten, lasten en balansmutaties over 2025. 4. De rechtmatigheidsverantwoording over 2025. 5. De SiSa-bijlage met de verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen. 6. De bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), de Nota verwachtingen accountantscontrole 2025, het controleprotocol dat is vastgesteld door de raad op 29 januari 2026 en het Controleprotocol Wet normering topinkomens (WNT) 2025 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van de gemeente Leusden zoals vereist in de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance -opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Informatie ter ondersteuning van ons oordeel Wij hebben onze controlewerkzaamheden bepaald in het kader van de controle van de jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover. Onderstaande informatie ter ondersteuning van ons oordeel en onze bevindingen moeten in dat kader worden bezien en niet als afzonderlijke oordelen of conclusies.
132 Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 2.100.000. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 en 3 Bado. In de Nota verwachtingen accountantscontrole 2025 zijn tevens een aantal specifieke controle- en rapportagetoleranties opgenomen, die wij hebben toegepast. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in het Controleprotocol WNT 2025. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado. Wij zijn met de raad overeengekomen dat wij aan de raad tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven de € 105.000 rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve, SiSa- of WNT-redenen relevant zijn.
Controleaanpak frauderisico's Het risico dat het management maatregelen van interne beheersing doorbreekt In iedere organisatie heeft het management, bij u is dat college van burgemeester en wethouders, de mogelijkheid om fraude te plegen, omdat het in staat is de administratieve vastleggingen te manipuleren en frauduleuze financiële overzichten op te stellen door interne beheersingsmaatregelen te doorbreken, die anderszins effectief lijken te werken. Wij besteden om die reden bij de controle aandacht aan het risico van het doorbreken van maatregelen van interne beheersing door het management bij: - Journaalposten en andere aanpassingen die tijdens het opstellen van de jaarrekening zijn gemaakt. - Schattingen en schattingsprocessen. - Significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsuitoefening. - De betaalorganisatie. Controlewerkzaamheden en waarnemingen Wij hebben de opzet en het bestaan geëvalueerd van de maatregelen van interne beheersing in de processen voor het genereren en verwerken van journaalposten, het maken van schattingen en de betalingsorganisatie, uitgaande van een risico op doorbreking van dat proces. We hebben het proces rondom de totstandkoming van financiële verslaggeving beoordeeld en geëvalueerd. Wij hebben journaalposten geselecteerd op basis van risicocriteria.
Hierop zijn controlewerkzaamheden verricht, waarbij wij tevens aandacht hebben besteed aan significante transacties buiten de normale bedrijfsuitoefening. Daarnaast hebben wij controlewerkzaamheden verricht ten aanzien van belangrijke schattingen van het management, waaronder de waardering van de vaste activa, voorzieningen, vorderingen, alsmede de afgrenzing van verplichtingen tussen boekjaren. Wij hebben de toelichting in de paragraaf E Bedrijfsvoering met betrekking tot fraude en integriteit in het jaarverslag geëvalueerd en verwijzen naar de desbetreffende passage. Onze werkzaamheden hebben niet geleid tot specifieke aanwijzingen voor fraude of vermoedens van fraude ten aanzien van het doorbreken van de interne beheersing door het management. 133 Controleaanpak veronderstellingen inzake financiële risico’s in relatie tot de financiële positie Zoals toegelicht in de paragraaf B “Weerstandsvermogen en risicobeheersing” van de jaarstukken, heeft het college van burgemeester en wethouders een specifieke beoordeling gemaakt van de mogelijkheid van de gemeente om de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder en de bedrijfsvoering voort te ze tten voor de voorzienbare toekomst.
Wij hebben de specifieke beoordeling met het college van burgemeester en wethouders besproken en professioneel-kritisch geëvalueerd. Wij hebben overwogen of de specifieke beoordeling van het college van burgermeester en wethouders op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, alle relevante gebeurtenissen en omstandigheden bevat waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan omtrent de financiële positie, dat wil zeggen het vermogen van de gemeente in relatie tot de exploitatie met inachtneming van de mogelijkheden om de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen, zonder tussenkomst van de toezichthouder. Verder hebben wij kennis genomen van de beoordeling van de begroting van de gemeente door de provincie. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Op basis van onze werkzaamheden hebben wij geen materiële onzekerheden geïdentificeerd ten aanzien van de geschiktheid van de door het college van burgemeester en wethouders gehanteerde veronderstellingen inzake het opvangen van financiële risico’s in relatie tot de financiële positie.
Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring . Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de gemeente niet langer in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen, zonder tussenkomst van de toezichthouder. Paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden - rechtmatigheidsverantwoording Wij vestigen de aandacht op de financiële rechtmatigheid van de baten, lasten en balansmutaties in de rechtmatigheidsverantwoording, op pagina 112 in de jaarrekening, waarin het college vast stelt dat de niet rechtmatig tot stand gekomen baten en lasten en ook de balansmutaties het saldo van de verantwoordingsgrens overschrijd. Het totaal aan geconstateerde afwijkingen (rechtmatigheidsfouten), voor een bedrag van in totaal € 10.163.948, ligt boven de door de raad vastgestelde verantwoordingsgrens van € 2.106.470. Ons oordeel is niet aangepast als gevolg van deze aangelegenheid. Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2025 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd.
Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT- plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen andere informatie Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvatten de jaarstukken andere informatie, die bestaat uit: • Het jaarverslag, waaronder de programmaverantwoording en de paragrafen ; • Bijlagen. 134 Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het college van burgemeester en wethouders is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie , waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.
Verklaring betreffende overige door wet- of regelgeving gestelde vereisten Ingevolge artikel 213 lid 3 (b) Gemeentewet hebben wij onderzocht of de baten en lasten , alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen als bedoeld in artikel 17 Financiële -verhoudingswet (hierna: de specifieke uitkeringen) rechtmatig tot stand zijn gekomen. In de jaarrekening is verantwoordingsinformatie opgenomen over deze specifieke uitkeringen (de SiSa -bijlage). Naar ons oordeel zijn de baten en lasten, alsmede de balansmutaties over 202 5 met betrekking tot de specifieke uitkeringen in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de vereisten aan de specifieke uitkeringen bij en krachtens artikel 58a BBV en de Financiële -verhoudingswet - Regeling Informatieverstrekking SiSa. Het college van burgemeester en wethouders is verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties met betrekking tot de specifieke uitkeringen, in overeenstemming met de vereisten aan de specifieke uitkeringen bij en krachtens artikel 58a BBV en de Financiële-verhoudingswet - de Regeling informatieverstrekking SiSa.
In dit kader is het college van burgemeester en wethouders tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het college van burgemeester en wethouders noodzakelijk acht om de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Het is onze verantwoordelijkheid een redelijke mate van zekerheid te krijgen voor ons oordeel ingevolge artikel 213 lid 3 (b) Gemeentewet. Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) en de Nota Verwachtingen Accountantscontrole 2025, zoals opgenomen in de Nota procedure aanlevering SiSa- verantwoordingsinformatie 2025 in bijlage 2 van de Regeling informatieverstrekking SiSa. Wij hebben bij de controle van de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen dezelfde materialiteit toegepast als bij de controle van de jaarrekening.