CConstaterende datLeusden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1K Voetpaden voor iedereen__153048__.pdf

BOB-avond beeld- en oordeelsvormende sessies 28 maart 2024, gemeente LeusdenBij agendapunt: 1: RV Vaststelling kaders en randvoorwaarden Tabaksteeg Zuid12.420 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

16-12-2004

Afstand

9.3

De afstand van een gehandicaptenparkeerplaats tot de entree van een gebouw (bijvoorbeeld bij een ziekenhuis, theater, kerk of gemeentehuis) is bij voorkeur niet groter dan 50 m.

Bereikbaarheid

9.4

De algemene gehandicaptenparkeerplaatsen moeten bereikbaar zijn met een voetpad. Zie ‘Criteria voor inrichting voetpaden’ (Hoofdstuk 2).

9.5

De algemene gehandicaptenparkeerplaatsen moeten eenvoudig te vinden zijn: C Geef de locatie aan in de gemeentegids. C Geef de locatie aan op alle plattegronden van de gemeente. C Geef de locatie aan op de website van de gemeente.

9.6

Een algemene gehandicaptenparkeerplaats moet voorzien zijn van verkeerbord E6.Verkeersbord E6 moet vanaf het aanrijden zichtbaar zijn, zodat automobilisten weten waar deze parkeerplaats zich bevindt.

16-12-2004

Aantal

16-12-2004

Algemene gehandicaptenparkeerplaats

Verkeersbord

Verkeersbord E6 hoog aangebracht en goed zichtbaar.

E6

‘Criteria voor gehandicaptenparkeerplaatsen’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

27

9 juni 2020

16-12-2004

Maatvoering

9.7

Omdat zowel een passagier als de chauffeur rolstoelgebruiker kan zijn, moet een transfer vanaf de zijkant en via de achterkant van de geparkeerde auto plaats kunnen vinden. Naast de auto en achter de auto moet een vrije draaicirkel van minimaal 1,5 m zijn voor een rolstoelgebruiker. Bij busjes waar de rolstoel via de achterdeur naar binnen wordt gereden, is achter de auto ca 4 m vrije ruimte nodig.

BAT adviseert om altijd ‘haakse parkeerplaatsen’ toe te passen, omdat deze ook geschikt zowel geschikt zijn voor personen auto’s als voor busjes.

9.8

C

De norm voor de lengte van een langsparkeervak is 6 meter. Voor een personenbusje zoals doelgroepenvervoer en de regiotaxi is eigenlijk 10 m nodig.

C

Bij haaksparkeren en bij schuinparkeren is het parkeervak minimaal 3,5 meter breed.

De afmeting van de algemene gehandicaptenparkeerplaatsen moet duidelijk zichtbaar zijn op het wegdek (bijvoorbeeld met een witte belijning).

16-12-2004

Wilt u in de praktijk zien hoe een gehandicaptenparkeerplaats gebruikt wordt ? bekijk dit filmpje van BAT. Hoogteverschillen

9.9

Tussen de opstelruimte van de rolstoel (bestuurderszijde van de auto) en de bestrating van de gehandicaptenparkeerplaats mag geen hoogteverschil zijn.

9.10

Een eventueel aanwezige helling of afschot mag niet steiler zijn dan 1:50.

9.11

De bestrating moet vlak zijn. C Zorg dat de bestrating van de gehandicaptenparkeerplaats vrij is van putten en straatkolken.

9.12

Parkeer-betaalautomaten moeten zo zijn gesitueerd dat deze via een geschikt voetpad ook voor een rolstoeler bereikbaar en bruikbaar zijn (zie Hoofdstuk 2).

9.13

Indien automaten voorzien zijn van auditieve signalen, dienen deze voor doven en slechthorenden met visuele informatie ondersteund te worden. Dit geldt ook voor een intercom bijvoorbeeld bij een slagboom.

16-12-2004

Goed

(Betaal)automaten

‘Criteria voor gehandicaptenparkeerplaatsen’

Bouw Advies Toegank elijk heid

Fout

naar inhoudsopgave

28

9 juni 2020

Aandachtspunten

Criteria

07-12-2012

Criteria voor bus-, tram- en metrohaltes

Algemeen

Al het stads- en streekvervoer is vanaf 2016 toegankelijk. 10.1 In 2016 is 46 % van de bushaltes met subsidie van de rijksoverheid aangepast. Op de website geeft de rijksoverheid aan dat de overige bushaltes vanaf 2016 door de gemeenten zelf worden aangepast. Een bushalte is toegankelijk als: C De halte vanaf de omliggende voetpaden bereikbaar is voor rolstoelgebruikers. C Een rolstoelgebruiker zelfstandig de transfer naar de bus kan maken. C Iemand met een visuele beperking vanuit de omliggende voetpaden zelfstandig het instappunt van de halte kan vinden. Wilt u de bus in de praktijk zien ? bekijk dit filmpje van BAT

20-03-2017

10

Mensen met een visuele beperking

Een bruikbare halte of perron voldoet aan de onderstaande criteria; C Het busperron wordt over de volle lengte van de blokmarkering voorzien van een geleidelijn (30 of 60 cm breed), zodat het perron herkenbaar is voor mensen met een visuele beperking. C Passagiers met een visuele beperking moeten het perron kunnen vinden en kunnen verlaten via logische looproutes. Geleidelijnen moeten aansluiten op doorgaande looproutes (natuurlijke gidslijn zie 5.1). C Het instappunt is voorzien van een instapmarkering (zie 5.2). C Passagiers met een visuele beperking kunnen de dynamische reisinformatie vinden en gebruiken. Alle voorzieningen in beeld

Een combinatie van geleidelijnen maakt de structuur eenvoudiger en heeft de voorkeur De ideale vormgeving,

‘Criteria voor bus-, tram- en metrohaltes’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

29

9 juni 2020

11-03-2009

Bereikbaarheid

10.2

Alle perrons van bus-, tram- en metrohaltes moeten bereikbaar zijn via toegankelijke looproutes conform ‘Criteria voor inrichting voetpaden’ (Hoofdstuk 2).

11-03-2009

Toegankelijkheid

10.3

Elk bus-, tram- en metroperron wordt gebruikt als voetpad en dient aan de aan ‘Criteria voor inrichting voetpaden’ (Hoofdstuk 2) te voldoen.

01-01-2010

Opstelplaats rolstoelgebruikers

10.4

Een rolstoelgebruiker moet op het perron voldoende ruimte hebben om via de uitklapplank de bus in te rijden. Het perron dient ter hoogte van de toegangsdeur voor rolstoelgebruikers voldoende breed en obstakelvrij te zijn. C

BAT heeft metingen gedaan en geconstateerd dat bij de huidige stadsbussen 1,50 m ongeschikt is en dat 1,50 + 0,3 m (lengte van de helling) = 1,80 m de minimaal noodzakelijke perronbreedte is voor rolstoelgebruikers.

Voor ontwerpers is het belangrijk om te bedenken dat het hanteren van minimale maten leidt tot vertraging bij het instappen. Juist bij het halteren (parkeren van de bus op de halte) moet gestreefd worden naar een korte halteringstijd. Een breed busperron verkort de halteringstijd. C

De grootte en de locatie van de opstelplaats voor een rolstoel is afhankelijk van het bustype en de toegankelijke ingang. Voor de stad Utrecht moet gerekend worden op een opstelplek van 1,8 x 4 m vanaf 4 m van de ingang van de bus.

Benodigde opstelruimte bussen stad Utrecht

‘Criteria voor bus-, tram- en metrohaltes’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

30

9 juni 2020

11-03-2009

Instaphoogte busperron

10.5

Conform de richtlijn van het CROW dient een busperron 180 mm hoog te zijn. C

10.6

Het hoogteverschil met de perronband (klik) mag maximaal 5 mm hoog zijn.

10.7

De dwarshelling van het perron mag niet steiler zijn dan 1 : 50 (zie ook 2.30).

22-09-2016

Hoogteverschillen

De wetgever heeft nagelaten om vast te stellen dat alle leveranciers van openbaar vervoer hun producten op elkaar moeten afstemmen. Buurt en servicebussen zijn wel toegankelijk maar kunnen niet halteren bij de voor het OV bestemde verhoogde halte. De instanties die de concessies vaststellen, zijn niet duidelijk. Dure vervoermiddelen voldoen aan de Europese wetgeving maar sluiten niet aan op de toegankelike haltes die lokale overheden maken. BAT vindt dat in concessies eisen moeten worden gesteld aan de afstemming van materieel en haltes, om te voorkomen dat voor elk voertuig een aparte halte moet worden gemaakt.

Dynamische reisinformatie

10.8

Dynamische reisinformatie, die voorzien is van een oproepknop voor auditieve informatie, dient bereikbaar en bruikbaar te zijn voor blinden en slechtzienden. Dat wil zeggen dat zij er via een geleidelijn en een een informatiemarkering (zie 5.12) de oproepknop moeten kunnen vinden.

01-01-2010

01-01-2010

*

Er rijden steeds meer kleine busjes die ongeschikt zijn om te halteren naast zo’n verhoogd perron. De wetgever heeft vastgesteld dat iedereen met een beperking die zelfredzaam, zelfstandig gebruik moet kunnen maken van al het openbaar vervoer. Zelfstandig = zonder hulp van anderen !

Inrichting abri

10.9

BAT adviseert om de vrije doorgang voor de abri minimaal 1,5 m te maken. C

C

Volgens de normen is een vrije doorgang van 0,9 m toelaatbaar, maar veel rolstoelgebruikers vinden zo’n smalle doorgang vlak langs een hoogteverschil van 180 mm bij de perronband griezelig en gevaarlijk. Let op ! Bij de rolstoeltoegankelijke in- en uitstap moet een vrije breedte van 1,8 m zijn. De abri mag niet in de weg staan (zie ook 10.4).

10.10 Zorg dat er in de abri ruimte is voor een rolstoel (0,9 x 1,2 m). 10.11 Zorg dat het hoogteverschil tussen de vloer van de abri en het perron niet hoger is dan 5 mm. 10.12 Zorg dat de teksten in de abri op een leesbare hoogte voor rolstoelgebruikers worden aangebracht (tussen 0,8 en 1,6 m hoogte). 10.13 Zorg dat er voor tekstborden opstelruimte voor een rolstoel is (vrije draaicirkel 1,5 m).

‘Criteria voor bus-, tram- en metrohaltes’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

31

9 juni 2020

01-01-2010

Geleidelijn naar busperron

20-03-2017

Standaard oplossing

10.14 Breng vanaf het perron een geleidelijn aan die aansluit op de doorgaande looproute zodat blinden en slechtzienden zelfstandig de bushalte te kunnen vinden (zie ook 5.2).

Combinatie busperron 2,1 m met fietspad

Combinatie busperron 1,8 m met fietspad

Combinatie busperron 1,5 m met fietspad

Combinatie busperron 1,2 m met fietspad

‘Criteria voor bus-, tram- en metrohaltes’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

32

9 juni 2020

07-12-2012

Instapmarkering

10.15 Voorzie elke bushalte van een instapmarkering (zie 5.13). C

Voorlopig is door de Oogvereniging Nederland en het CROW vastgesteld dat de instapmarkering minimaal 600 x 900 mm groot is. Goed voorbeeld instapmarkering op station Amersfoort ! Ook zichtbaar voor de chauffeur.

22-09-2016

Aanduiding naar perroneilanden

26-04-2013

C

Perroninrichtingbij beperkte ruimte

Onderzoekers van Bartiméus hebben aangegeven dat de instapmarkering het beste loodrecht op de geleidelijn kan worden aangebracht. Hieronder is in twee situaties weergegeven hoe de instapmarkering kan worden aangebracht:

10.16 Wanneer perroneilanden worden toegepast, dienen deze vindbaar en herkenbaar te zijn voor mensen met een visuele beperking. Om reizigers te informeren worden informatiezuilen geplaatst. Deze zuilen dienen te worden voorzien van een geleidelijn. C Bij haltes waar vrijwel geen ruimte beschikbaar is, mag de instap voor rolstoelgebruikers gecombineerd worden met de ruimte in de abri. De bus moet dan zo halteren dat de ingang voor de rolstoel zich altijd voor de abri bevind.

Situatie met een smal trottoir

C

C

Bij haltes smaller dan 1,8 m met een vrijliggend fietspad adviseren wij om de opstelruimte voor rolstoelgebruikers te combineren met het fietspad. Voor blinden en slechtzienden mag geen gevaarlijke situatie ontstaan. Zij moeten de rand van het perron kunnen Perron met vrijliggend fietspad detecteren. BAT adviseert om een klein hoogteverschil van 5 a 10 mm tussen het fietspad en het perron aan te houden.

‘Criteria voor bus-, tram- en metrohaltes’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

33

9 juni 2020

16-12-2018

22-11-2011

11 Wegomleidingen voor voetgangers Dit hoofdstuk is momenteel in ontwikkeling en niet compleet. Heeft u suggesties of beeldmateriaal....laat het ons weten. Aandachtspunten

Criteria

Algemeen

Voetgangers moeten in staat worden gesteld om zich via bruikbare, veilige en logisch gelegen voetpaden te verplaatsen. Dit geldt ook voor tijdelijke maatregelen. Nu moet de voetganger nog te vaak zelf uitvinden welke route toegankelijk en bruikbaar is.

Maatregelen

11.1

BAT adviseert Gemeenten om in beleid vast te stellen dat voetgangers bij een een blokkade van het voetpad recht hebben op een bruikbaar, veilig en logisch gelegen ‘tijdelijk’ voetpad (zie ook 1.1).

11.2

Bij wegwerkzaamheden worden vaak tijdelijke maatregelen getroffen. Er is volop aandacht voor de afwikkeling van het verkeer, maar nauwelijks of geen aandacht voor tijdelijke alternatieve looproutes. * Voor zover wij kunnen nagaan is de wegbeheerder niet verplicht om voor tijdelijke looproutes te zorgen. Wil een gemeente garanderen dat voetgangers tijdens wegwerkzaamheden zich op een veilige manier kunnen verplaatsen, zal zij hier beleid op moeten maken.

Elke handicap stelt zijn eigen eisen aan de toegankelijkheid. Wij maken hier onderscheid tussen mensen met een rolstoel en mensen met een visuele beperking. Het is van belang om de maatregelen voor deze twee groepen apart van elkaar te beoordelen. 11.3 Maatregelen voor de rollator, rolstoel of scootmobiel C Stel vooraf bij het plannen van wegwerkzaamheden vast of de toegankelijkheid van een looproute wordt geblokkeerd. C Indien er sprake is van een blokkade, stel vast of er voor de voetganger alternatieve en toegankelijke routes zijn. Er moet tenminste één veilige en toegankelijke route worden gerealiseerd. Laat deze alternatieve route testen Goede voorbeeld door iemand in een rolstoel. C Wanneer deze route niet vanzelfsprekend is, voorzie deze dan van een duidelijke bewegwijzering. 11.4

Maatregelen voor mensen met een visuele beperking C Bekijk looproutes als geheel. Een voetganger komt ergens vandaan en heeft een bepaald doel. Sluit de tijdelijke maatregelen aan op de aanlooproute en op de vervolgroute ? C Zorg dat tijdelijke veranderingen in looproutes voelbaar en volgbaar zijn met de taststok. C Zorg dat tijdelijke veranderingen in looproutes opvallend zichtbaar zijn. Verleng zo mogelijk tijdelijke hekwerken zodat een zichtbare en voelbare geleiding van de tijdelijke looproute ontstaat. C Een hekwerk dient vlak bij de grond te worden aangebracht zodat het bijtijds met de taststok gedetecteerd kan worden (zie afb). C Scherm graafwerkzaamheden af met een degelijk hekwerk om val incidenten te voorkomen. C Voorkom uitstekende poten onder hekwerken waar men over kan struikelen. C Zorg dat kruisingen met rijbanen en fietspaden voelbaar zijn (noppenmarkering). Goede voorbeeld C Voorzie oversteken met verkeerslichten (ook tijdelijke verkeerslichten) van rateltikkers zodat voetgangers veilig kunnen oversteken.

‘Wegomleidingen voor voetgangers’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

34

9 juni 2020

16-12-2018

Plan van maatregelen

11.5

Stel vast dat elke tijdelijke omlegging van voetpaden pas is toegestaan wanneer de tijdelijke maatregelen zijn getoetst. Daarvoor dient er een plattegrond met maatregelen worden ingediend.

16-12-2018

Bewegwijzering

Bij wegwerkzaamheden wordt vrijwel altijd een bewegwijzering aangebracht. Voor automobilisten is dit altijd correct. Bij fietsers wordt het meestal afgedaan met de tekst ‘Afstappen’ (alsof fietsers geneigd zijn om hele stukken te lopen). Voor voetgangers worden meestal verbodsborden aangebracht, maar hoe men geacht wordt te lopen, wordt zelden aangegeven. Juist voor mensen met beperkingen is dit wel van belang. Hoe verder ? 11.6 Stel vast wie er verantwoordelijk is voor de bewegwijzering. 11.7 Stel vast dat de verantwoordelijke verplicht is om direct na het aanbrengen van de bewegwijzering de route na te lopen. Dit kan samen met iemand uit de doelgroep. C Indien een voetpad eindigt met een verbodsbord, dient middels een onderbord aangegeven te worden wat het legale alternatief is.

16-12-2018

In dit voorbeeld zijn de looproutes (blauwe lijn) en de tijdelijke looproute (gele lijn) aangegeven. De rode stippen staan voor tijdelijke maatregelen zoals tijdelijke opritten.

Maatregelen door derden

11.8

Verantwoordelijkheid De gemeente dient als wegbeheerder eisen te stellen aan de bruikbaarheid en de veiligheid van tijdelijke maatregelen. Wij pleiten voor de pragmatische oplossing, waarbij elke tijdelijke maatregel door de aannemer wordt getoetst. C Stel in opdrachten vast dat de aannemer bij werkzaamheden verantwoordelijk is voor toegankelijke en veilige routes voor voetgangers en rolstoelgebruikers en dat hij/zij verplicht is om deze route op verzoek van de opdrachtgever zelfstandig zonder hulp, zittend in een ter beschikking gestelde rolstoel te berijden.

‘Wegomleidingen voor voetgangers’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

35

9 juni 2020

16-12-2018

Tijdelijke hekwerken 11.9

Hekwerken Hekwerken kan men gebruiken om een looproute aan te geven. Een hekwerk kan een aaneengesloten lijn vormen en daarmee een natuurlijke lijn die ook geschikt is voor mensen met een visuele beperking. C

Maak geen inhammen en laat hekwerken niet zomaar stoppen, maar plaats hekwerken volledig langs de route.

Logische geleiding en plaatsing

C

Zorg dat de blokken/poten van hekwerken nooit buiten de hekwerken steken.

Vragen om valpartijen !

C

Vreemde inham

Goed !

Nog beter, tot de vloer afgeschermd !

Blokkeer geen bestaande looproutes voor blinden !

Deze geleide lijn is niet bruikbaar

C

Zorg dat de hekwerken vrij zijn van scherpe onderdelen. Een gesloten hekwerk, bijvoorbeeld met folie of doek, is een goede oplossing. Een blinde kan een hekwerk met zijn hand aanraken om de route te volgen.

Mooie oplossing

‘Wegomleidingen voor voetgangers’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

36

9 juni 2020

16-12-2018 16-12-2018

Kabels & leidingen

Tijdelijke trappen

11.10 Kabelgoten en leidingen Kabels en leidingen die tijdelijk worden geplaatst, mogen geen obstakel vormen. Er zijn verschillende oplossingen. C Ideaal is wanneer kabels en leidingen hoog worden aangebracht zodat men er onderdoor kan lopen.

C

Soms kunnen tijdelijke leidingen onder de grond worden aangebracht.

C

Ook kan men een kabelgoot of slangenbrug aanbrengen. Zorg dat de hellingshoek altijd voldoet. Voor kabelgoten tot 5 cm hoogte kan men uitgaan van een helling van 1:6. Is het hoogteverschil groter zie 2.24. * De zwart/gele kabelgoot is veel te steil en ongeschikt voor rolstoelen. De rode kabelgoten voldoet !

11.11 Tijdelijke trappen BAT krijgt jaarlijks signalen dat mensen blijvend letsel hebben opgelopen door een val van een trap in de openbare ruimte. Ook de consumentenbond maakt hier regelmatig melding van. Aan vaste trappen worden hoge eisen gesteld. Aan tijdelijke trappen kunnen niet dezelfde eisen worden gesteld, maar de veiligheid moet men altijd waarborgen. Hieronder een opsomming van vereiste voorzieningen. C C C C C C C

Alle traptreden hebben eenzelfde maatvoering. De op- en aantreden zijn voor elk trapdeel identiek. Elke traptrede is stroef. Elke trede is van bovenaf en van onderaf goed zichtbaar en van elkaar te onderscheiden (denk aan markeringen en denk aan verlichting). Aan beide zijden van elk trapdeel is een handomvatbare leuning aangebracht. Voor kleine mensen en kinderen is aan beide zijden van elk trapdeel een lage leuning aangebracht. Leuningen beginnen ruim voor de eerste traptrede en eindigen ruim na de laatste traptrede. De delen van de trap die men kan aanraken zijn vrij van scherpe delen.

‘Wegomleidingen voor voetgangers’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

37

9 juni 2020

BIJLAGE Normbladen en ontwerprichtlijnen waar de criteria “Voetpaden voor iedereen” van afgeleid zijn Vrije breedte

Breedte

ASVV 2004 14.4.1

Manoeuvreerruimte

NEN 1814

Vrije hoogte

Hoogte

HOR- Utrecht

Oversteek

Hellingshoek

NEN 1814

Vrije breedte

NEN 1814

Voorziening blinden en slechtzienden

Oogvereniging Nederland

Geleidelijnen, markeringen, attentievlakken

Markering

BAT

Elke oversteek voorzien van een zichtbare en voelbare markering.

Hoogteverschillen Materiaal

NEN 1814 Herkenbaarheid

BAT

Voetpaden, fietsbanen en rijbanen zijn ten opzichte van elkaar goed zichtbaar (kleurstelling en contrast) en herkenbaar. Standaardisatie in materiaalgebruik.

Bruikbaarheid

NEN 1814

Berijdbaarheid

Oppervlakte afwerking

NEN 1814

ASVV

De ASVV bevat aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom en wordt uitgegeven door het CROW.

NEN 1814

De NEN 1814 is de Nederlandse Norm over Toegankelijkheid van buitenruimten, gebouwen en woningen uitgegeven door het Nederlands Normalisatie-instituut.

Oogvereniging Nederland

De Oogvereniging Nederland stelt de vormgeving voor geleidelijnen vast. Deze worden gepubliceerd door het bureau PBT zie hun brochure.

HOR Utrecht

Handboek Openbare Ruimte gemeente Utrecht

‘Normbladen en ontwerprichtlijnen’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

38

9 juni 2020

BIJLAGE 12

Checklist BAT heeft een checklist ontwikkeld om de mate van toegankelijkheid van een straatdeel in beeld te brengen. (checklist straten)

13

Terminologie

Middengeleider

Langwerpig verkeerseiland dat tegengestelde verkeersstromen scheidt (ASVV 2004).

Looproute

Een stelsel van voetpaden.

Oversteek

Een voorziening voor voetgangers om andere verkeersstroken te kruisen.

Trottoir

Een trottoir is een verhoogd voetpad.

Uitrit

Voor voertuigen bestemde toegang tot particulier terrein. Een uitrit wordt dikwijls toegepast bij een kruising met een voetpad. Het voetpad wordt niet onderbroken en het voertuig moet voorrang geven.

Uitritconstructie

Voor voertuigen bestemde toegang tot een gebied dat is ingericht als 30 km-zone. Het voetpad wordt niet onderbroken en het voertuig moet voorrang geven. Uitritconstructies worden bij voorkeur met inritblokken uitgevoerd.

Voetgangers

Personen die zich te voet verplaatsen of daaraan gelijk gesteld. Personen met een hulpmiddel als een rollator, een handbewogen rolstoel, een elektrische rolstoel of een scootmobiel en ook personen met een kinderwagen behoren tot de groep voetgangers.

Voetpad

Veilige verkeerszone voor voetgangers. Deze verkeerszone moet herkenbaar en goed zichtbaar zijn voor alle weggebruikers.

‘Begrippen’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

39

9 juni 2020

BIJLAGE Adressen Bouw Advies Toegankelijkheid (Midden Nederland)

Sjanghaidreef 1 3564 JN UTRECHT

mob e-mail website

06 50 846 154 batutrecht@telfort.nl www.batutrecht.nl

Bouw Advies Toegankelijkheid (Noord Nederland)

Anjerweg 26 8042 CS, Zwolle

tel e-mail website

(038) 42 27 794 fransschuurman@telfort.nl

e-mail website

info@natuurzonderdrempels.nl www.natuurzonderdrempels.nl

Stichting Groen & Handicap Ieder(in) voorheen Chronisch Zieken en Gehandicaptenraad Nederland

Churchilllaan 11 3527 GV UTRECHT

tel. e-mail website

(030) 7200000 post@iederin.nl www.iederin.nl

Oogvereniging Nederland (netwerkorganisatie van en voor mensen met een visuele beperking)

Churchilllaan 11 3527 GV UTRECHT

tel. e-mail website

(030) 299 28 78 info@oogvereniging.nl www.oogvereniging.nl/

CROW Stichting Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek

Galvanistraat 1 6716 AE EDE GLD

tel e-mail website

(0318) 69 53 14 klantenservice@crow.nl www.crow.nl

‘Adressen’

Bouw Advies Toegank elijk heid

naar inhoudsopgave

40

9 juni 2020

BIJLAGE BAT: Bouw Advies Toegankelijkheid De specialist in toegankelijkheid. Veel mensen met een beperking komen in hun dagelijks leven obstakels tegen: hoge stoepen zonder oprit, een trap naar de ingang van een gebouw, een gehandicaptentoilet waar geen rolstoel in past. Veel van deze drempels/obstakels zijn eenvoudig en goedkoop te slechten. Bouw Advies Toegankelijkheid ‘BAT’ is er al vanaf 1990 in gespecialiseerd om hierover te adviseren. BAT werkt onafhankelijk en zonder winstoogmerk. We werken nauw samen met de doelgroep om de bruikbaarheid van onze adviezen te waarborgen. De advisering van BAT kenmerkt zich door professionaliteit én jarenlange praktijkervaring. Job Haug en Frans Schuurman zijn de personen achter BAT. Beide hebben zij meer dan 20 jaar ervaring in toegankelijkheid. BAT werkt voor overheden, zorgaanbieders, woningbouwcorporaties, projectontwikkelaars, ondernemers, belangenorganisaties en particulieren. U kunt bij BAT terecht voor Ž Advisering op maat Zowel bij nieuwbouw als bij verbouw kunt u BAT inschakelen voor een advies op maat. Dat wil zeggen: een advies dat past binnen de technische mogelijkheden én de financiële kaders.

De advisering kan bestaan uit het beoordelen van: - woningen en woongebouwen; - bouw- en inrichtingsplannen; - bestaande gebouwen; - verbouwingsplannen; - bestratingsplannen en plannen voor routes voor voetgangers en rolstoelgebruikers. Ž

Richtlijnen voor de toegankelijkheid van , - woningen en woongebouwen; - openbare ruimten, zoals voetpaden en oversteekplaatsen; - gebouwen met een publieksfunctie. Onze richtlijnen zijn gebaseerd op bestaande normeringen van onder andere het Bouwbesluit, NEN 1814 en het Handboek voor Toegankelijkheid. Daarnaast zijn in onze richtlijnen de kennis en ervaringen verwerkt van onze toegankelijkheidsadvisering in de afgelopen 25 jaar. De combinatie van theorie én praktijk maakt onze richtlijnen uniek. We stellen de richtlijnen regelmatig bij, zodat u gegarandeerd de meest actuele versie heeft. De richtlijnen kunt u downloaden van de website www.batutrecht.nl .

Wilt u meer weten? Neem gerust contact op. Wij zijn u graag van dienst. U kunt ook contact met ons opnemen voor een (vrijblijvende) offerte over een toegankelijkheidsadvies of -inventarisatie. En wilt u een (gratis) abonnement op onze digitale nieuwsbrief ? Stuur ons een e-mail. Toegankelijkheid is gemakkelijk (en goedkoper!) te realiseren als u BAT in een zo vroeg mogelijk stadium inschakelt. Bouw Advies Toegankelijkheid Job Haug mob 06 50 846 154 e-mail batutrecht@telfort.nl

Frans Schuurman tel (038) 422 77 94 e-mail fransschuurman@telfort.nl

w w w . b a t u t r e c h t . n l

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.leusden.nl/api/v1/meetings/3858/documents/40847