Bijlage 1b Toelichting Bestemmingsplan_Groot Agteveld_Woongebied actualisatie_Ontwerp.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan | Toelichting
Groot Agteveld - Woongebied actualisatie
Gemeente Leusden
Datum: 11 februari 2021 Projectnummer: 90919.04 ID: NL.IMRO.xxx
INHOUD
1
Inleiding
3
1.1 1.2 1.3 1.4
Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Geldend bestemmingsplan Leeswijzer
3 3 4 6
2
Beschrijving bestaande situatie
7
2.1 2.2 2.3 2.4
Ontstaansgeschiedenis Groot Agteveld Huidige situatie plangebied Toekomstige situatie plangebied
7 9 11 12
3
Beleidskader
18
3.1 3.2 3.3 3.4
Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid
18 19 21 23
4
Planologische en milieutechnische voorwaarden
25
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12
Milieueffectrapportage Bodem Geluid Water Luchtkwaliteit Archeologie Cultuurhistorie Natuur Externe veiligheid Bedrijven en milieuzonering Verkeer en parkeren Duurzaamheid
25 25 26 26 29 31 31 32 33 34 36 37
5
Juridische planbeschrijving
39
5.1 5.2
Algemeen Dit bestemmingsplan
39 40
6
Economische uitvoerbaarheid
44
7
Procedure
45
Bijlagen:
Bijlage 1: Verkennend bodemonderzoek Bijlage 2: Waterstructuurplan Bijlage 3: Revisie waterstructuurplan Bijlage 4: Archeologisch onderzoek Bijlage 5: Quick scan natuur
1
Inleiding
1.1
Aanleiding Al enkele jaren wordt in diverse fasen gewerkt aan de ontwikkeling van een nieuw woongebied ten zuiden van de kern Achterveld in de gemeente Leusden. Het betreft de woningbouwontwikkeling ‘Groot Agteveld’. Op 11 april 2013 is voor deze ontwikkeling het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied’ vastgesteld. Binnenkort zal gestart worden met de bouw van de velden 1, 2 en 3. Ten opzichte van het opgestelde stedenbouwkundig plan is voor deze velden een iets ander woonprogramma beoogd, hetgeen heeft geleid tot enkele geringe verschuivingen wat betreft de woonvelden en het programma. Tevens is ook het parkeren op een aantal plekken op een andere wijze voorzien, hetgeen ook heeft bijgedragen aan enkele geringe verschuivingen. Deze wijzigingen passen niet geheel binnen de kaders van het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied’. Daarom wordt dit bestemmingsplan deels geactualiseerd op basis van het gewijzigde stedenbouwkundig plan. Voorliggend document voorziet hierin.
1.2
Ligging en begrenzing plangebied Groot Agteveld bevindt zich in het zuidelijk deel van de kern Achterveld. De gehele ontwikkeling Groot Agteveld wordt aan de noordzijde begrensd door de Hessenweg. Aan de westkant is de Koningin Julianaweg de grens. Het landelijk gebied met iets verderop de Modderbeek vormt de grens aan de zuidkant van het plangebied en de oostkant wordt begrensd door de Groot Agteveldlaan. Op de navolgende afbeeldingen zijn de globale ligging in Achterveld en de globale begrenzing van het plangebied zelf weergegeven. Voor de exacte begrenzing wordt verwezen naar de verbeelding, behorende bij dit bestemmingsplan.
Globale ligging plangebied (rode cirkel) in relatie tot de omgeving (Bron pdokviewer.pdok.nl).
3
Globale begrenzing plangebied (rood kader) (Bron: pdokviewer.pdok.nl).
1.3
Geldend bestemmingsplan
1.3.1
Bestemmingsplan Groot Agteveld - Woongebied Het plangebied van voorliggend bestemmingsplan is grotendeels gelijk aan het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied’, zoals vastgesteld door de gemeenteraad van Leusden op 11 april 2013. Enkel de agrarische en natuurgronden ten zuiden van het woongebied en rondom de Modderbeek blijven buiten de reikwijdte van voorliggend bestemmingsplan. Tevens wordt aan de noordzijde rekening gehouden met enkele grenscorrecties uit het bestemmingsplan ‘Achterveld 2014’.
Verbeelding bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied’ met daarop het plangebied in rood weergegeven (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl).
4
Het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied' voorziet in een directe bouwtitel voor maximaal 205 woningen in het plangebied, verdeeld over verschillende woonvelden. Het oostelijk deel van het plangebied kent een meer gedetailleerde opzet in vergelijking tot het westelijk gelegen plandeel. In algemene zin geldt dat woningen binnen het bouwvlak moeten worden gerealiseerd, moeten voldoen aan de ter plaatse aangegeven maximum goot- en bouwhoogte en de eventueel aanwezige aanduiding wat betreft woontypologie. 1.3.2
Omgevingsvergunning Esveld, Achterveld Ter plaatse van het kadastrale perceel ‘gemeente Stoutenberg, sectie C, perceelnummer 2648’ aan het Esveld is een uitgebreide omgevingsvergunningprocedure doorlopen ten behoeve van de realisatie van één vrijstaande woning. Deze omgevingsvergunning zal in voorliggend bestemmingsplan juridisch-planologisch worden vertaald.
1.3.3
Omgevingsvergunning Groot Agteveld - Veld 2 appartementen Als gevolg van de wijzigingen in het stedenbouwkundig plan van Groot Agteveld is het beoogde appartementengebouw binnen veld 2 wat naar het zuiden opgeschoven, waardoor het deels buiten de aanduiding ‘gestapeld’ is voorzien op grond van het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied'. Vooruitlopend op de voorliggende actualisatie van het bestemmingsplan, waarin deze gewijzigde stedenbouwkundige opzet is verwerkt, is hiervoor een losse uitgebreide omgevingsvergunningprocedure doorlopen. In dit bestemmingsplan wordt deze omgevingsvergunning juridischplanologisch vertaald.
1.3.4
Wijzigingsplan Groot Agteveldlaan 18 - 22 te Achterveld Op de gronden aan de Hessenweg 190a, 192 en 194 te Achterveld bevinden zich burgerwoningen op zeer ruime percelen. De eigenaren van deze gronden zijn voornemens om in de drie naast elkaar gelegen achtertuinen elk een vrijstaande woning met bijgebouw te realiseren. In het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied' is een wijzigingsbevoegdheid in artikel 13 lid 7 opgenomen die het mogelijk maakt om ter plaatse van de aanduiding 'Wro-zone - wijzigingsgebied 1' woningen met bijbehorende bouwwerken toe te staan. Met het wijzigingsplan ‘Groot Agteveldlaan 18 - 22 te Achterveld’ is deze wijzigingsbevoegdheid geëffectueerd. In dit bestemmingsplan wordt het wijzigingsplan geïntegreerd in het verdere bestemmingsplan voor Groot Agteveld.
1.3.5
Bestemmingsplan Groot Agteveld - Veld 1 Zuid Bij de vaststelling van het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied’ is een wijziging doorgevoerd als gevolg van een ingediende zienswijze en een hiermee verband houdend amendement. De wijziging betrof het zuidwestelijke deel van het plangebied, gelegen aan de Koningin Julianaweg, dat buiten het plangebied van het vastgestelde bestemmingsplan is komen te vallen. Destijds is besloten om voor deze gronden een aparte bestemmingsplanprocedure te gaan doorlopen, zodra de bouwplannen hiervoor concreter zouden zijn. Inmiddels zijn de plannen voor deze locatie verder uitgewerkt in het geactualiseerde stedenbouwkundig plan en is besloten om hier 6 regulie-
5
re grondgebonden woningen te realiseren. Voor deze ontwikkeling wordt een nieuw bestemmingsplan opgesteld, parallel aan voorliggend bestemmingsplan. De gronden blijven dan ook buiten de reikwijdte van voorliggend bestemmingsplan. 1.3.6
Doel nieuw bestemmingsplan Als gevolg van een gewijzigde stedenbouwkundige opzet van veld 3 van Groot Agteveld en nieuwe inzichten om het parkeren in het plan op te lossen, is het stedenbouwkundig plan voor de velden 1, 2 en 3 geactualiseerd. Deze actualisatie heeft tot gevolg dat enkele woonvelden wat verschuiven en er een geringe programmatische aanpassing moet worden doorgevoerd, waarbij het totale aantal woningen in het plangebied van 205 wordt vergroot naar 210. Rekening houdend met de verleende omgevingsvergunning voor de woning aan het Esveld en het wijzgingsplan ‘Groot Agteveldlaan 18 - 22 te Achterveld’ (3 woningen) komt het totale programma voor het plangebied uit op 214 woningen. Deze stedenbouwkundige en programmatische wijzigingen sluiten niet in het geheel aan op de juridisch-planologische kaders van het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied'. Met voorliggende bestemmingsplanherziening worden de voorgaande wijzigingen doorgevoerd en het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld Woongebied’ deels geactualiseerd.
1.4
Leeswijzer Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en deze toelichting. Na het inleidende hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 worden allereerst de historie en de ontwikkeling van Groot Agteveld nader toegelicht. Vervolgens wordt in dit hoofdstuk in gezoomd op de huidige en toekomstige situatie van het plangebied. In hoofdstuk 3 volgt een analyse van het geldende beleid. Eerst komen het nationale en het provinciale en regionale beleid aan de orde. Hierna wordt ingezoomd op het gemeentelijke beleid. In hoofdstuk 4 komt de uitvoerbaarheid van de plannen aan de orde. In hoofdstuk 5 wordt nader ingegaan op de juridische opzet van de regels van dit bestemmingsplan. In hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de economische uitvoerbaarheid, waarna in hoofdstuk 7, ten slotte, de doorlopen procedure besproken wordt.
6
2 2.1
Beschrijving bestaande situatie Ontstaansgeschiedenis Landschap Achterveld maakt onderdeel uit van de Gelderse Vallei. Het landschap van de Gelderse Vallei is gevormd in de twee laatste ijstijden. Eerst schuurde het landijs door het gebied, daarbij het meegeschoven materiaal voor zich uit duwend. De stuwwallen van de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug geven aan, waar het landijs stopte met daartussen de uitgeschuurde vallei. In de ijstijd die volgde, bereikte het ijs Nederland niet, maar zorgde de koude voor een toendraklimaat, waarin de wind langgerekte dekzandruggen vormde. Dit alles heeft geleid tot de relatief laag gelegen Gelderse Vallei, met daarin een stelsel van oost-west georiënteerde dekzandruggen. Tussen deze dekzandruggen stromen tal van beken. Deze beken worden gevoed door het water uit de stuwwallen. Niet ver ten zuiden van Achterveld loopt een van deze beken: de Modderbeek. De geomorfologie van de Gelderse Vallei met hoge dekzandruggen en lage beekdalen, heeft sterk doorgewerkt in de ontginning van het landschap. De Hessenweg, een belangrijke middeleeuwse handelsroute tussen oost en west, is op een dekzandrug aangelegd. Het aan deze weg gelegen Achterveld, ligt ook op deze dekzandrug. Het dorp ligt dan ook hoger dan het buitengebied dat richting Modderbeek en Barneveldse Beek lager en natter is.
De Modderbeek heeft een belangrijke afvoerende functie van het water in de vallei. Het beleid is er op gericht, om het water langer in het gebied vast te houden. De Modderbeek maakt deel uit van een Ecologische Hoofdstructuur (thans: Natuurnetwerk Nederland) en er is een verdere natuurontwikkeling voorzien, waarbij aanpassingen in de waterhuishouding te verwachten zijn. Deze zullen bijdragen aan het bergen en/of langer vasthouden van het water. In dit deel van de Gelderse Vallei is, historisch gezien, sprake van een kampenlandschap. Dit is een vrij besloten landschap met veel kavelgrensbeplantingen. Het landschap wordt gekarakteriseerd door een kleinschalig mozaïekvormig landschapspatroon met grillige vormen en onregelmatige ruimten. De bouwlanden zijn hier niet bij elkaar geconcentreerd, zoals bij essen (engen). Daarvoor zijn de voor bouwland geschikte dekzandruggen te klein. Zo ontstonden kleinere bouwlanden rondom enkele of kleine groepjes boerderijen. Zoals hierboven geschetst, ligt hier ook de oorsprong van Achterveld. In de beekdalen lagen de graslanden. De perceelgrenzen werden hier door houtwallen en houtsingels gemarkeerd, zodat een kleinschalig landschap ontstond. Aan de zuidkant van Achterveld is dit kampenlandschap nu niet meer als zodae nig te herkennen door de landbouwontwikkelingen in de 20 eeuw (prikkeldraad, ruilverkaveling).
Hierdoor zijn veel kavelgrensbeplantingen verdwenen en zijn verschillen in reliëf geëgaliseerd.
7
Bebouwing Achterveld bestaat van oudsher vooral uit boerderijen rondom de noord-zuid gerichte Jan van Arkelweg en de oost-west gerichte Kerkdijk en Hessenweg. Qua openheid, bebouwingsdichtheid, beplantingsstructuren en kavelgrootte was er een duidelijk verschil tussen de hoger gelegen Hessenweg en het lager gelegen deel tussen Modderbeek en Hessenweg. De zone tussen het coöperatiegebouw en de R.K.-kerk is historisch gezien het centrum van Achterveld. De belangrijkste (commerciële) voorzieningen van het dorp hebben altijd rondom dit kruispunt gelegen. Voordat de huidige kerk gebouwd werd, lag hier een driehoekig groen plein. Het was de brink van het dorp.
Historische kaart jaar 1905 De Jan van Arkelweg liep vroeger langs boerderij Groot Agteveld, door naar het zuie den. Halverwege de 20 eeuw is deze weg vervangen door de Koningin Julianaweg. Het oostelijke en westelijke deel van Achterveld lag oorspronkelijk in twee verschillende provincies. Deze grens was als bijna lege zone duidelijk zichtbaar. Het Utrechtse deel van het dorp had meer voorzieningen en een dichtere bebouwing dan het Gelderse deel. Buiten het dorp waren veel akkers en weidegronden voorzien van houtwallen en laanbeplanting. Langs de randen lagen ook vaak kerkpaden. De Moddere beek had een veel kronkeliger verloop dan nu. In de tweede helft van de 20 eeuw zijn veel van deze structuren verloren gegaan. Dit is naast de uitbreiding van het dorp vooral ontstaan door veranderingen in de landbouw, de waterhuishouding en daarmee samenhangende ruilverkaveling. Gelukkig zijn veel historische (infrastructurele en groene) assen nog aanwezig of herleidbaar. Het zijn de structuurdragers van het huidige dorp en buitengebied. Versterking en herstel ervan, één van de doelstellingen van de plannen voor Groot Agteveld, maakt de onderlinge relatie tussen dorp en landschap tastbaar. Het zuiden van Achterveld wordt vanuit de historie gekenmerkt door de ‘rafelrand’ met het landschap.
Deze rand bestaat uit boerderijen die los van elkaar en soms op grotere afstand van de Hessenweg op de overgang van het dorp en landschap liggen.
8
2.2
Groot Agteveld Ontwikkelingsvisie: doelstellingen en uitgangspunten De gemeenteraad van Leusden heeft medio 2009 een ontwikkelingsvisie vastgesteld als het kader voor de verdere planvorming en -uitvoering van Groot Agteveld. Het doel van het project Groot Agteveld is de verbetering van de leefbaarheid van het gehele dorp. Door woningbouw, herinrichting van de openbare ruimte, versterking van de relatie van het dorp met het landschap en de aanpak van verouderde bebouwing krijgt de leefbaarheid op meerdere manieren een belangrijke impuls. Verbetering van de leefbaarheid ontstaat namelijk niet alleen door het toevoegen van woningen om het draagvlak voor voorzieningen en verenigingen te vergroten. Het heeft ook te maken met sociale betrokkenheid, binding en identiteit. Verbetering van ruimtelijke kwaliteit van een dorp en leefbaarheid hebben een sterke relatie, die met het plan Groot Agteveld wordt gevonden. De ontwikkelingsvisie Achterveld-Zuid zet in op een blijvend goede ruimtelijke kwaliteit in Achterveld-Zuid. Het project omvat de aanpak van het hart van het dorp rond het kruispunt Hessenweg - Jan van Arkelweg en een nieuwe invulling van het gebied tussen de bestaande zuidelijke dorpsrand en de Modderbeek aan de zuidzijde.
De doelstelling van de ontwikkelingsvisie is als volgt: Het creëren van een levendig dorpshart rondom het toekomstige dorpsplein en de Hessenweg; Het toevoegen van hoogwaardige woningbouw met bijzondere woonmilieus om in de lokale woningbehoefte te voorzien (ook op het gebied van doelgroepenbeleid), en daarmee ook het voorzieningenniveau duurzaam op peil te houden; Het natuurlijk afronden van het dorp aan de zuidzijde door de realisatie van een robuuste ecologische verbindingszone en een definitieve overgang van het dorp naar het landelijk gebied te maken. Het stedenbouwkundig plan op hoofdlijnen Op basis van de ontwikkelingsvisie is een stedenbouwkundig plan opgesteld. De hiervoor benoemde doelstellingen zijn leidend geweest bij de totstandkoming van het ontwerp.
Het stedenbouwkundig plan voor Groot Agteveld als geheel kan op hoofdlijnen als volgt worden beschreven: Versterking van de oorspronkelijke sfeer en karakter van Achterveld door historische structuren en elementen terug te laten komen in het ontwerp; Versterken van de levendigheid en leefbaarheid door het creëren van een levendig dorpsplein; Toevoeging van dorpse woningbouw in een lage dichtheid ten zuiden van de bestaande dorpskern met als doelgroep met name de eigen bevolking; Toepassing van gebiedseigen en dorpse architectuur; Het creëren van een geleidelijke overgang tussen bebouwing en landschap en een fraaie dorpsbeëindiging aan de zuidzijde van Achterveld; Herstel van de dynamiek van de Modderbeek en versterking van en ruimte voor de ecologische verbindingszone. De realisatie van volkshuisvestelijke, maatschappelijke en ecologische doelen, in combinatie met het opwaarderen van historische kavellijnen, sloten, kerkepaden en houtwallen zorgen voor een passende, dorpse bebouwing ter plaatse van Groot Agte-
9
veld. De ontwikkeling van Groot Agteveld is in een aantal deelprojecten onderverdeeld: Het Erf: oostelijk deel van het woongebied, voornamelijk bedoeld voor grondgebonden woningen (circa 65 woningen). Het Grote Weiland: westelijk deel van het woongebied, voornamelijk bedoeld voor de ruimer opgezette grondgebonden woningen (circa 110 woningen). Hessenweg e.o.: grondgebonden rij en dubbele woningen (20 tot 30 woningen). Dorpsplein en Coöperatieterrein: sfeervolle, multifunctionele ontmoetingsplek met nieuw coöperatiegebouw in de vorm van een appartementencomplex met multi2 functionele plint (maximaal 30 woningen en 920 m bvo maatschappelijke voorzieningen, dienstverlening, detailhandel en lichte horeca). Natuur en landschap: dorpse afronding Achterveld waarbinnen agrarisch gebied, landschap en bijzondere woonvormen elkaar afwisselen, inclusief verdere versterking van de Modderbeek als ecologische verbindingszone.
Oorspronkelijke stedenbouwkundige opzet Groot Agteveld (Bron: De Alliantie).
De geleidelijke overgang tussen de bebouwing en het landschap wordt versterkt doordat aan de woonzijde kant lage vrijstaande en dubbele woningen met hun grotere tuinen gepland zijn. In het binnenste gedeelte van de uitbreiding staan de huizen dichter op elkaar en worden ook rijwoningen gerealiseerd. Aan de rand richting het buitengebied neemt de hoogt af. Aan de rand richting het bestaande dorp neem te hoogte toe om aan te sluiten op de bestaande kern. De buitenste woningen zullen meestal een hoogte hebben van één à anderhalve laag met een kap, terwijl de woningen verder naar binnen meestal een hoogte van twee lagen met een kap zullen hebben. De paden en watergangen zullen van het binnen- naar het buitengebied doorlopen. Tussen de wegen aan de zuidrand van de woonwijk en het buitengebied zullen bomenrijen, watergangen en paden de overgang geleidelijker maken.
10
2.3
Huidige situatie plangebied De ontwikkeling van Groot Agteveld is reeds jaren aan de gang. Diverse woonvelden met bijbehorende openbare ruimte worden fasegewijs in oost-westelijke richting gerealiseerd. De velden 6, 7, 8 en 9 (Coöperatieterrein) zijn inmiddels gerealiseerd. Momenteel worden de velden 4 en 5 gebouwd en verkeren de resterende gronden van de velden 1, 2 en 3 in bouwrijpe staat. De navolgende afbeeldingen laten de huidige situatie en de oorspronkelijke stedenbouwkundige opzet van Groot Agteveld zien met de onderverdeling in velden.
Het plangebied bij benadering geel omlijnd (Bron: pdokviewer.pdok.nl).
Stedenbouwkundige opzet Groot Agteveld met velden (Bron: De Alliantie, bewerkt door SAB).
11
2.4
Toekomstige situatie plangebied
2.4.1
Gewijzigd stedenbouwkundig plan Nu de realisatie van de velden 6, 7, 8 en 9 (Coöperatieterrein) is voltooid en momenteel gebouwd wordt ter plaatse van de velden 4 en 5, bestaat de wens om binnenkort ook te starten met de bouw van de velden 1, 2 en 3. Voor de realisatie van deze laatste velden is de huidige stand van zaken van de ontwikkeling van Groot Agteveld opgemaakt. Daarbij is gekozen om veld 3 te voorzien van een gewijzigd woonprogramma door hier gedeeltelijk rug-aan-rug-woningen te realiseren als aanvullende woontypologie, passend bij de huidige economische omstandigheden, marktvraag en de ruimtelijke kenmerken van Groot Agteveld. De rug-aan-rug-woningen zullen tot de sociale huursector behoren en worden in twee kleinschalige clusters gerealiseerd met onder meer groene voortuinzones en de uitstraling van een boerenschuur. Qua massa en uitstraling wordt aangesloten bij de andere woningen in Groot Agteveld, onder andere door dezelfde goot- en bouwhoogte te hanteren van 9 en 12 meter als bij de omliggende woningen. Tevens is in de velden 1, 2 en 3 gekeken naar de wijze waarop het parkeren op goede wijze kan worden opgelost. Dit is nu deels voorzien in parkeren op eigen terrein, langsparkeren in de openbare ruimte en een aantal parkeerkoffers. De navolgende afbeelding laat de nu beoogde stedenbouwkundige opzet van de velden 1, 2 en 3 van Groot Agteveld zien.
Het betreft een impressie van de mogelijke inrichting van het plan ‘Groot Agteveld’ en is dus geen blauwdruk voor de toekomstige situatie.
Stedenbouwkundige opzet veld 1, 2 en 3 (bron: SVP Architectuur & Stedenbouw).
Met de nieuwe opzet van het woonprogramma van veld 3 en het meer geclusterde woonconcept van de rug-aan-rug-woningen ontstaat er enerzijds ruimte om een aantal extra woningen in Groot Agteveld te realiseren zonder daarbij anderzijds de stedenbouwkundige en ruimtelijke opzet van het plan te verliezen. Zo blijven de structuurdragers van het plan in de vorm van openbare ruimte gehandhaafd, onder meer door veld 2 wat te verkleinen in zuidelijke richting. De Groot Agteveldlaan blijft daarbij als laan een belangrijke structuurdrager binnen het stedenbouwkundig plan van Groot Agteveld, aangezien hier een groenblauwe zone is beoogd. Door het creëren van groenblauwe structuren die van het buitengebied de wijk in lopen, wordt de beleving van het
12
landschap versterkt en wordt het karakter van een dorps woonmilieu verstevigd. Tevens blijft de opzet om op diverse plekken bebouwingsaccenten te realiseren overeind in voorliggend bestemmingsplan. Navolgende afbeelding toont de bebouwings- en groenblauwe structuren van Groot Agteveld.
Schetsontwerp Groot Agteveld met daarop de bebouwings- en groen(blauw)e structuren weergegeven (Bron: SVP Architecten).
In het oorspronkelijke stedenbouwkundig plan voor het woongebied van Groot Agteveld is uitgegaan van 205 woningen. Tot deze 205 woningen behoren ook de woningen van de 2 wijzigingsbevoegdheden en de woningen uit het zuiden van veld 1. Voor het coöperatieterrein (veld 9) is uitgegaan van 30 woningen. Dit maakt dat het oorspronkelijke programma voor het complete plan voor Groot Agteveld 235 woningen omvat. Met het geactualiseerde stedenbouwkundig plan wordt het totale programma van 235 woningen vergroot naar 248. Dit bestemmingsplan voorziet in de realisatie van 214 woningen. Het gaat om de woningen van de velden 1 tot en met 8, de extra woning aan het Esveld en de drie woningen aan de Groot Agteveldlaan 18 - 22. Het zuiden van veld 1 valt buiten de reikwijdte van dit plan. Hier worden 6 grondgebonden koopwoningen gerealiseerd waarvoor een eigen bestemmingsplantraject wordt doorlopen. Tevens geldt dat veld 9 (coöperatieterrein) een eigen bestemmingsplan heeft. Dit veld valt daarom buiten de reikwijdte van dit bestemmingsplan. Op het Coöperatieterrein worden geen nieuwe woningen meer gerealiseerd. Het maximum aantal wooneenheden is op de verbeelding van het bestemmingsplan verspreid over de woonvelden juridisch-planologisch vastgelegd. De opzet van het programma blijft hetzelfde: er zal sprake zijn van een mix tussen sociale huur- en koopwoningen.
De navolgende tabel geeft inzicht in het indicatieve woningbouwprogramma voor Groot Agteveld.
13
Veld
Totaal
8 7 6 5 4 3 2 1 (excl. zuiden) Esveld Groot Agteveldlaan 18 - 22 Dit bestemmingsplan 1 9 (coöperatieterrein) 2 1 (alleen zuiden) Groot Agteveld totaal
8 22 31 38 21 32 37 21 1 3 214 28 6 248
Sociale huur Appartement Eengezins
Vrije sector 8
7 3 16
15
3 24 12
28 22 18 8 25 21 1
Indicatief woonprogramma Groot Agteveld (Bron: De Alliantie).
2.4.2
Wijzigingsbevoegdheid 2 woningen Binnen het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied' is op een tweetal plekken een wijzigingszone opgenomen om twee respectievelijk drie woningen via het opstellen van een wijzigingsplan onder voorwaarden mogelijk te maken. De wijzigingsbevoegdheid voor de drie woningen blijft in voorliggend bestemmingsplan ongewijzigd. Deze gronden zijn niet in eigendom van de ontwikkelende partijen van Groot Agteveld. De eigenaren zullen te zijner tijd een eigen planologische procedure doorlopen om de drie woningen te kunnen realiseren. In voorliggend bestemmingsplan wordt de wijzigingsbevoegdheid voor de twee woningen in het noordwesten van Groot Agteveld wel geëffectueerd door de gronden een directe bouwtitel te geven. Verderop in deze paragraaf wordt getoetst aan de voorwaarden uit de wijzigingsbevoegdheid. Het gaat om een tweetal vrijstaande woningen die als vrije kavels zullen worden uitgegeven. Toekomstige eigenaren kunnen op basis van een kavelpaspoort de woning bouwen. Het kavelpaspoort waarborgt dat de woningen binnen de stijl (dorps-landelijke architectuur) van de beoogde ontwikkeling worden gerealiseerd. Zo is vastgelegd dat de woningen een maximum goothoogte van 6 meter krijgen en een maximum bouwhoogte van 12 meter. Het bouwvlak zal maximaal 15 meter diep zijn, waarbij het woonperceel een minimale voortuinzone van 4 meter krijgt.
In deze voortuinzone doet zich de mogelijkheid voor om bijvoorbeeld een erker te realiseren. Op onderstaande afbeelding is weergegeven welke twee woningen het betreft.
1
Veld 9 betreft het Coöperatieterrein en heeft een eigen bestemmingsplan. Dit veld valt daarom buiten de reikwijdte van dit bestemmingsplan. Op het Coöperatieterrein worden geen nieuwe woningen meer gerealiseerd.
2
Het zuiden van veld 1 valt buiten de reikwijdte van dit plan. Hier worden 6 grondgebondenkoopwoningen gerealiseerd waarvoor een eigen bestemmingsplantraject wordt doorlopen. 14
Stedenbouwkundige opzet veld 1, 2 en 3 met daarop de ligging van de twee woningen aangeduid (bron: SVP Architectuur & Stedenbouw).
Het college van burgemeester en wethouders is ingevolge artikel 13.7 van het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied’ bevoegd om met toepassing van een wijzigingsbevoegdheid conform artikel 3.6 Wet ruimtelijke ordening het plan te wijzigen door het toestaan van woningen met bijbehorende bouwwerken, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: Er worden niet meer woningen per bouwperceel gebouwd dan op de verbeelding is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'; Ter plaatse van de percelen zijn maximaal 2 woningen toegestaan. Het stedenbouwkundig plan van Groot Agteveld gaat uit ook uit van slechts twee woningen. Dit is aanvullend uitgewerkt in een tweetal kavelpaspoorten. In het totale programma van Groot Agteveld is eveneens slechts uitgegaan van twee woningen ter plaatse. De goothoogte bedraagt niet meer dan 6 m; Op de verbeelding van dit bestemmingsplan is ter plaatse een maximale goothoogte van 6 meter opgenomen. De bouwhoogte bedraagt niet meer dan 12 m; Op de verbeelding van dit bestemmingsplan is ter plaatse een maximale goothoogte van 6 meter opgenomen. De overige regels uit artikel 12 worden in acht genomen; De gronden zijn voorzien van de bestemming ‘Wonen - 1' (artikel 12 uit het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied'.
Uit ecologisch onderzoek blijkt dat deze ontwikkeling haalbaar is; Ten behoeve van dit bestemmingsplan is een quick scan natuur uitgevoerd, waaruit volgt dat het aspect natuur geen belemmering vormt voor de uitvoerbaarheid van het plan.
15
Het wijzigingsplan is financieel uitvoerbaar; De kosten voor het opstellen van dit bestemmingsplan zijn opgenomen in de lopende grondexploitatie, waardoor gesteld wordt dat dit plan financieel uitvoerbaar is. Er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de belangen van eigenaren en gebruikers van omliggende gronden. In deze toelichting wordt gemotiveerd dat als gevolg van deze ontwikkeling geen sprake is van de aantasting van belangen en eigenaren van omliggende gronden. Geconcludeerd wordt dat de realisatie van de twee woningen aan de voorwaarden voldoet zoals deze in het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied’ zijn opgenomen. Het toekennen van de directe bouwtitel voor de twee beoogde woningen ter plaatse is dan ook in lijn met de geest van de opgenomen wijzigingsbevoegdheid. 2.4.3
Wijzigingsplan Groot Agteveldlaan 18-22 te Achterveld Op de gronden aan de Hessenweg 190a, 192 en 194 te Achterveld bevinden zich burgerwoningen op zeer ruime percelen. De eigenaren van deze gronden zijn voornemens om in de drie naast elkaar gelegen achtertuinen elk een vrijstaande woning met bijgebouw te realiseren. In het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied' is een wijzigingsbevoegdheid in artikel 13 lid 7 opgenomen die het mogelijk maakt om ter plaatse van de aanduiding 'Wro-zone - wijzigingsgebied 1' woningen met bijbehorende bouwwerken toe te staan. Met het wijzigingsplan ‘Groot Agteveldlaan 18 - 22 te Achterveld’ is deze wijzigingsbevoegdheid geëffectueerd. In dit bestemmingsplan wordt het wijzigingsplan geïntegreerd in het verdere bestemmingsplan voor Groot Agteveld. Dit betekent onder meer dat de bouwvlakken met bijbehorende bouw- en gebruiksregels uit het wijzigingsplan zijn geïntegreerd in voorliggend bestemmingsplan.
Beoogde situatie 3 woonpercelen Groot Agteveldlaan 18-22 (bron: Volpe Architecten)
2.4.4
Appartementen veld 2 In het originele stedenbouwkundig plan was reeds voorzien in een appartementengebouw in veld 2. Door de eerder genoemde wijzigingen in het stedenbouwkundig plan, is het appartementengebouw meer naar het zuiden verplaatst en is het beoogde gebouw gedeeltelijk buiten de aanduiding ‘gestapeld’ komen te liggen. Meer specifiek komt dat doordat de noordzijde van veld 2 ingericht gaat worden met haaks parkeerplaatsen. Deze behoefte was er, zodat een parkeerknelpunt elders in Groot Agteveld
16
opgelost kon worden. Het beoogde appartementengebouw bestaat uit 4 bouwlagen en herbergt 12 appartementen, welke in te delen zijn in de categorie sociale huur. De aanwezigheid van een lift maakt dat het bouwplan levensloopbestendig te noemen is. Iedere woning is op het perceel voorzien van een eigen berging. De navolgende afbeelding toont de oude situatie (rode lijn) ten opzichte van de nieuwe situatie. Voor deze ontwikkeling een is uitgebreide omgevingsvergunningprocedure doorlopen, die in voorliggend bestemmingsplan juridisch-planologisch wordt vertaald. Dit betekent onder meer dat het gebouw is voorzien van de aanduiding ‘gestapeld’ en dat met de aanduiding ‘bijgebouwen’ de bergingen op het perceel mogelijk zijn gemaakt.
Inrichting perceel met daarop de oude situatie aangeduid met de rode lijn (bron: 4D Architecten)
2.4.5
Woning Esveld Ter plaatse van het kadastrale perceel ‘gemeente Stoutenberg, sectie C, perceelnummer 2648’ aan het Esveld is een uitgebreide omgevingsvergunningprocedure doorlopen ten behoeve van de realisatie van één vrijstaande woning. Deze omgevingsvergunning is juridisch-planologisch vertaald door middel van de opname van de bestemming ‘Wonen - 1' met bouwvlak, maximum goothoogte van 3 meter en een maximum bouwhoogte van 5 meter. Tussen deze woning en de woningen aan de Sint Jozefhoek blijft een strook met een groenbestemming gehandhaafd ter afscheiding. De navolgende afbeelding is een impressie van de beoogde inrichting van het perceel.
Uitsnede bouwplan woning Esveld (Bron: Rudi Herder bouwkundig ontwerp en advies).
17
3
Beleidskader
3.1
Rijksbeleid
3.1.1
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) bepaalt welke kaderstellende uitspraken van het kabinet bedoeld zijn om beperkingen te stellen aan de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op lokaal niveau. Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) bevestigt in juridische zin die kaderstellende uitspraken. Het gaat onder meer om nationale belangen als Rijksvaarwegen, Defensie, Ecologische Hoofdstructuur (thans: Natuurnetwerk Nederland), Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde, Hoofdwegen en hoofdspoorwegen, Elektriciteitsvoorziening, Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen en Primaire waterkeringen. Slechts daar waar een directe doorwerking niet mogelijk is, bij de Ecologische Hoofdstructuur (thans: Natuurnetwerk Nederland) en bij de Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde, is gekozen voor indirecte doorwerking via provinciaal medebewind. Ten aanzien van de begrenzing van de EHS (thans: NNN) is bepaald dat niet het rijk, maar de provincies die grenzen (nader) bepalen. Door de nationale belangen vooraf in bestemmingsplannen te borgen, wordt met het Barro bijgedragen aan versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke drukte.
Toetsing Het voorgenomen plan raakt geen van de nationale belangen en is niet in strijd met het bepaalde in de SVIR en het Barro.
3.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking (Bro 3.1.6 tweede lid) Vanuit het rijk wordt een zorgvuldig gebruik van de schaarse ruimte bevorderd. Hiervoor is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd en als procesvereiste opgenomen in artikel 3.1.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Het doel dat hiermee wordt beoogd is het stimuleren van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik en het bewerkstelligen van een goede ruimtelijke ordening, onder meer door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden, het bevorderen van vraaggerichte programmering en het voorkomen van overprogrammering. Met de ladder wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke besluiten nagestreefd. Een nieuwe stedelijke ontwikkeling moet daarom altijd worden afgewogen en gemotiveerd. Daarbij moet een beschrijving worden gegeven van de behoefte aan de betreffende ontwikkeling. Indien de ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied mogelijk wordt gemaakt, dient te worden gemotiveerd waarom de ontwikkeling niet binnen bestaand stedelijk gebied wordt voorzien.
18
Toetsing Wat onder stedelijke ontwikkeling wordt verstaan is in het Bro opgenomen. Een stedelijke ontwikkeling is volgens het besluit ‘een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’. Bij de beantwoording van de vraag of dit een stedelijke ontwikkeling betreft moet volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: Afdeling) in onderlinge samenhang worden beoordeeld in hoeverre het plan, in vergelijking met het voorgaande plan, voorziet in een functiewijziging en welk planologisch beslag op de ruimte het voorliggend plan mogelijk maakt in vergelijking 3 met het voorgaande plan. Daarnaast blijkt uit jurisprudentie dat een woningbouwplan dat voorziet in de realisatie van maximaal 11 woningen binnen een dorpskern niet hoeft te worden aangemerkt als woningbouwlocatie of een andere stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, aanhef en onder i, van het Bro. Een woningbouwplan dat voorziet in de ontwikkeling van 12 woningen wordt daarentegen wel aangemerkt als een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In voorliggende situatie geldt dat ter plaatse reeds 205 woningen werden mogelijk gemaakt door het geldend juridisch-planologisch kader. In voorliggend bestemmingsplan wordt dit vergroot naar 214 woningen.
Daarbij geldt dat voor vier woningen (woning aan het Esveld en woningen aan Groot Agteveldlaan 18-22) reeds een juridischplanologisch kader is. Per saldo voorziet dit bestemmingsplan dan ook in 5 extra woningen. Daarmee maakt voorliggend plan qua aard (het blijft woningbouw) en omvang (per saldo worden minder 11 extra woningen mogelijk gemaakt) geen dusdanige wijzigingen mogelijk ten opzichte van het geldende bestemmingsplan, dat gesteld wordt dat er geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Conclusie Voorliggend plan is in lijn met het rijksbeleid.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1
Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie (PRS) 2013-2025 (herijking 2016) Op 12 december 2016 is de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013-2028 (herijking 2016) (PRS) vastgesteld door de Provinciale Staten van Utrecht. De structuurvisie is opgesteld om te zorgen voor een blijvend aantrekkelijke provincie. Via haar ruimtelijk beleid draagt de provincie bij aan een kwalitatief hoogwaardige fysieke leefomgeving, waarin het ook in de toekomst plezierig wonen, werken en recreëren is. De PRS geeft de ruimtelijke ambities weer van de provincie Utrecht. Hierin staat welke doelstellingen de provincie van provinciaal belang acht, welk beleid bij deze doelstellingen hoort én hoe dit beleid uitgevoerd wordt. Deels loopt deze uitvoering via de Provinciale Ruimtelijke Verordening (herijking 2016) (PRV) die tegelijk met de PRS is opgesteld. De PRS is een structuurvisie onder de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Op grond van de Wro heeft de PRS alleen een zelfbindende werking. Het is bindend voor de provincie, niet voor andere partijen. De PRV zorgt voor doorwerking van het beleid
3
Zie hiervoor de uitspraak van de ABRvS d.d. 16 september 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:2921). 19
en is bindend voor de gemeenten. In paragraaf 3.2.2 wordt nader ingegaan op de verordening. Toetsing Raadpleging van de digitale versie van de PRS wijst uit dat in het plangebied een aantal provinciale belangen spelen. Navolgend wordt hier op ingegaan. Landschap Gelderse Vallei Groot Agteveld behoort tot het landschapstype Gelderse Vallei en kent de volgende kernkwaliteiten: 1 Rijk gevarieerde kleinschaligheid; 2 Stelstel van beken, griften en kanalen; 3 Grebbelinie; 4 Overgang van Vallei naar stuwwal (luwe Flank). De provincie vraagt gemeenten en initiatiefnemers om bij ontwikkelingen gebruik te maken van deze kernkwaliteiten. Wonen - Binnenstedelijke woningbouw De provincie Utrecht richt zich in haar verstedelijkingsbeleid primair op de ontwikkelingsmogelijkheden in het bestaand stedelijk gebied: op die manier blijven steden, dorpen en kernen aantrekkelijk om te wonen, te werken en te ontmoeten en blijft het landelijk gebied gevrijwaard van onnodige ruimteclaims. Ten behoeve van de leefbaarheid en bereikbaarheid wordt verstedelijking zoveel mogelijk gekoppeld aan haltes en knopen van het openbaar vervoersnetwerk. Raadpleging van de digitale kaart van de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013-2028 (herijking 2016) heeft uitgewezen dat het plangebied is aangewezen als gebied dat benut kan worden ten behoeve van binnenstedelijke woningbouw.
De provincie Utrecht streeft er naar om twee derde van het woningbouwprogramma binnenstedelijk op te lossen. Dit biedt kansen om de leefbaarheid in steden en dorpen te verbeteren, als er voldoende aandacht is voor de kwaliteit van de woningen en woonomgeving. Navolgende afbeelding geeft het woningbouwprogramma weer binnen de regio Amersfoort.
Programma Woningbouw 2013 t/m 2028 (in aantallen woningen) regio Amersfoort (Bron: Provincie Utrecht).
20
Het overgrote deel van het programma is binnen de rode contouren gesitueerd. Voor de gemeente Leusden is opgenomen dat het 1.100 woningen moet realiseren, geheel binnenstedelijk. 300 woningen hiervan zijn gereserveerd voor de woningbouwontwikkelingen Groot Agteveld en Mastenbroek in Achterveld. 3.2.2
Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV) (herijking 2016) De Provinciale Ruimtelijke Verordening 2013 Provincie Utrecht (herijking 2016) is op 12 december 2016 vastgesteld door Provinciale Staten van Utrecht. De PRV bevat algemene regels die gemeenten in acht moeten nemen bij het opstellen van hun ruimtelijke plannen. In de PRV staan geen regels die direct doorwerken naar de burgers. In de PRV zijn alleen de algemene regels opgenomen, die noodzakelijk zijn voor het waarborgen van de provinciale belangen zoals opgenomen in de structuurvisie. Toetsing Binnen de PRV geldt voor het plangebied dat het is aangewezen als stedelijk gebied binnen het landschapstype Gelderse Vallei. Dit betekent dat voor de beoogde woningbouwontwikkeling het volgende geldt: de ontwikkeling moet passen binnen de woningbouwafspraken; de ontwikkeling moet rekening houden met energiebesparing en duurzame energiebronnen; de ontwikkeling moet bijdragen aan de kernkwaliteiten van de Gelderse Vallei. De ontwikkeling van Groot Agteveld is opgenomen in het woningbouwprogramma dat voor de gemeente Leusden en meer specifiek voor de kern Achterveld is afgesproken. Bovendien is er binnen de gehele ontwikkeling van Groot Agteveld veel aandacht voor het aspect duurzaamheid (zie daarvoor paragraaf 4.12).
Tevens geldt dat de stedenbouwkundige opzet van Groot Agteveld bijdraagt aan een zorgvuldige overgang tussen bebouwing en landschap, onder andere door de aard en schaal van de woningen richting het landschap af te laten nemen en door aan de zuidrand van de woonwijk bomenrijen, watergangen en paden aan te leggen. Ook de groenblauwe structuren binnen Groot Agteveld leveren een bijdrage aan het realiseren van een goede overgang tussen het stedelijk en landelijk gebied. De ontwikkeling van Groot Agteveld sluit dan ook aan op de kernkwaliteiten van de Gelderse Vallei. Er is geen sprake van strijdigheid met de provinciale verordening. Conclusie Het voorgenomen plan is niet in strijd met het provinciale beleid.
3.3
Regionaal beleid
3.3.1
Regionale Ruimtelijke Visie Regio Amersfoort (2018) De negen gemeenten (Amersfoort, Baarn, Barneveld, Bunschoten, Eemnes, Leusden, Nijkerk, Soest en Woudenberg) binnen de regio Amersfoort hebben een visie opgesteld die de voorwaarden formuleert voor de toekomstige ontwikkeling van de regio. Doel van deze visie is om de regio vitaal en aantrekkelijk te laten blijven. Uit een analyse van de regio blijkt dat er groei op de regio afkomt. Dat maakt dat er keuzes nodig zijn om aan die groei tegemoet te komen. Vanuit de overtuiging dat niets doen leidt tot
21
negatieve effecten als prijsopdrijving, verdringing van lagere inkomens, een teruglopend voorzieningenniveau enz. is de keuze om deze groei te accommoderen, maar wel onder voorwaarden. De regio kiest daarom voor concentratie van de groei in het regionale hart en daarnaast ruimte voor groei in de vitale dorpen. Daarbij zijn twaalf kwalitatieve voorwaarden voor die groei geformuleerd rondom de vier thema’s: van nature aantrekkelijk, het kloppend hart van Nederland, lokaal vitaal samen sterk en denkers en doeners. Het gaat om de volgende kwalitatieve voorwaarden, uitgesplitst per thema: Van nature aantrekkelijk: 1 Het watersysteem wordt ingezet als drager voor klimaatadaptie, regionale identiteit en ruimtelijke ontwikkelingen. 2 Het waardevolle landschap wordt behouden en versterkt. Kloppend hart van Nederland: 3 Verbeter de (inter)regionale bereikbaarheid. 4 Bereikbaarheid is het sturend principe voor ruimtelijke ontwikkelingen. 5 Zet in op de fiets. Lokaal vitaal samen sterk: 6 Versterken van de bestaande centra. 7 Versterk Amersfoort als regionaal centrum. 8 Versterking regionale recreatieve structuur. Denkers en doeners: 9 Realiseer onderscheidende woon- en werkmilieus die gebruik maken van de specifieke kwaliteit van de locatie. 10 Creëer mogelijkheden voor interactiemilieus waar denkers en doeners elkaar ontmoeten.
11 Zet in op een duurzame circulaire economie & regionale energietransitie 12 Kies voor twee sporen in de landbouwsector; schaalvergroting en regionalisering Toetsing Achterveld is één van de dorpen binnen de regio Amersfoort. In de regionale ruimtelijke visie wordt aangegeven dat de ontwikkelruimte binnen dorpen de structuur van deze kernen moet versterken en rekening moet houden met de kwaliteiten van het landschap. Tevens wordt aangegeven dat de behoefte aan kleinstedelijke en dorpse woonmilieus groot is in de regio Amersfoort. De ontwikkeling van Groot Agteveld heeft als doel de leefbaarheid en vitaliteit van Achterveld te verbeteren. Tevens wordt met de ontwikkeling een bijdrage geleverd aan de gemeentelijke opgave om te voorzien in de bouw van sociale huurwoningen. De gehele ontwikkeling van Groot Agteveld draagt ten slotte bij aan een geleidelijke overgang tussen bebouwing en landschap. Dit tezamen maakt dat wordt bijgedragen aan het versterken van de structuur van Achterveld, waarbij nadrukkelijk rekening wordt gehouden met de relatie met het landelijk gebied. Daarbij komt dat als gevolg van de ontwikkeling van Groot Agteveld, waarin verschillende woningtypen met groen karakter een plaats krijgen, sprake is van de realisatie van een dorps woonmilieu. Dit tezamen maakt dat de ontwikkeling aan-
22
sluit bij de ambities en doelstellingen uit de Regionale Ruimtelijke Visie voor de regio Amersfoort. Conclusie Voorliggend plan is in lijn met het regionaal beleid.
3.4
Gemeentelijk beleid
3.4.1
Omgevingsvisie stedelijk gebied gemeente Leusden De gemeente Leusden heeft voor haar stedelijk gebied een omgevingsvisie vastgesteld. In deze omgevingsvisie zijn een aantal strategische keuzes gemaakt: De gemeente kiest voor een blijvend beheerste groei (van ongeveer 50 woningen per jaar). De gemeente realiseert deze beheerste groei door stenig gebied te verdichten en een groene ontwikkelstrategie in te zetten voor extra woningen in het buitengebied. De gemeente ontwikkelt het stedelijk gebied gemengd, groen en gezond. De omgevingsvisie bevat een aanpak waarin vraagstukken uit de samenleving met de verantwoordelijkheden van de overheid het begijn van de visie vormen. Vanuit dit uitgangspunt zijn diverse vraagstukken en omgevingswaarden geformuleerd en is aangegeven welke verantwoordelijkheden van de overheid daarbij horen. Toetsing De omgevingsvisie zet voor Achterveld in op een krachtig en vitaal dorp. Daarbij worden nog steeds mogelijkheden gezien voor woningbouwontwikkelingen. Groot Agteveld is ook als ontwikkeling op de visiekaart voor Achterveld aangeduid.
Visiekaart Achterveld (Bron: Gemeente Leusden).
Met de woningbouwontwikkelingen in Achterveld wil de gemeente Leusden een bijdrage leveren aan de vitaliteit van het dorp, onder andere door kleinere huishoudens en senioren te voorzien van passende huisvesting en gezinnen vast te houden/aan te trekken. Voorliggend plan draagt hieraan bij, aangezien een deel van de beoogde wo23
ningen binnen Groot Agteveld levensloopbestendig te noemen is. Tevens voorzien de rug-aan-rug-woningen in een woontypologie gericht op betaalbare huisvestingsmogelijkheden voor kleinere huishoudens. Het aandeel koopwoningen binnen Groot Agteveld levert een bijdrage aan het bieden van voldoende huisvestingmogelijkheden voor gezinnen. Belangrijk daarbij is dat dit gebeurt middels een groene ontwikkelstrategie. Dit wordt geborgd door groen als uitgangspunt te hanteren en ook als zodanig vast te leggen in de bestemmingsplannen. In voorliggend bestemmingsplan is dit gebeurd door de groenblauwe structuren, onder andere langs de Groot Agteveldlaan, zo veel mogelijk te voorzien van een groenbestemming. Daarmee sluit het plan aan op de visie en ambities voor Achterveld ui de gemeentelijke omgevingsvisie. 3.4.2
Woonvisie 2016-2025 De Woonvisie 2016-2025 is een actualisatie van de Woonvisie 2012-2022. Mede vanwege de economische crisis was een aantal jaren het consumentenvertrouwen en daardoor de vraag naar woningen laag. De Woonvisie 2016 -2025 gaat dan ook uit van een ander vertrekpunt. De woonagenda binnen de woonvisie bestaat uit de volgende pijlers: Ruimte voor gezinnen. Betaalbaarheid. Doorstroming naar geschikte woningen. Verduurzaming van de woningvoorraad. Toetsing De ontwikkeling van Groot Agteveld levert op verschillende manieren een bijdrage aan het realiseren van de ambities van de pijlers uit de gemeentelijke woonvisie. Het diverse woonaanbod met ruimte voor koopwoningen voor gezinnen in combinatie met grondgebonden en gestapelde sociale huurwoningen maakt dat de pijlers betaalbaarheid en ruimte voor gezinnen in dit plan goed naar voren komen. Het diverse woonaanbod, waarbinnen deels ook ruimte is voor levensloopbestendigheid, voorziet ook in de derde pijler: doorstroming naar geschikte woningen. Daarmee sluit de dorpse woningbouwontwikkeling van Groot Agteveld aan op de ambities uit de gemeentelijke woonvisie Conclusie Voorliggend plan sluit aan op het gemeentelijk beleid.
24
4 4.1
Planologische en milieutechnische voorwaarden Milieueffectrapportage Algemeen Voor plannen en activiteiten, die mogelijk belangrijke nadelige gevolgen hebben voor het milieu, kan het noodzakelijk zijn dat een milieueffectrapport wordt opgesteld. In hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer en in het Besluit milieueffectrapportage is dit geregeld. Er is een m.e.r.-plicht voor plannen (planMER) en een m.e.r.-plicht voor besluiten. Een plan is plan-m.e.r.-plichtig als het plan kaders stelt voor m.e.r.-plichtige activiteiten. Toetsing Onderhavig plan betreft de gedeeltelijke actualisatie van het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied'. In de actualisatie wordt een gewijzigde stedenbouwkundige opzet doorgevoerd voor de velden 1, 2 en 3 van de ontwikkeling waarbij per saldo 5 nieuwe woningen worden toegevoegd. Met dit plan wordt juridisch-planologisch dan ook slechts in zeer geringe mate het areaal aan stedelijke functies vergroot en zijn gelet op het feit dat het een woningbouwontwikkeling betreft niet tot nauwelijks milieueffecten te verwachten. Dit maakt dat, gelet op de aard (wonen) en omvang (maximaal 5 extra wooneenheden) van de ontwikkeling, gesteld wordt dat er geen sprake is van een activiteit zoals genoemd in het Besluit m.e.r. Conclusie Geconcludeerd kan worden dat belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten.
Het volgen van een m.e.r.-(beoordelings-) procedure is daarom niet nodig.
4.2
Bodem Algemeen In het kader van een planologische procedure moet zijn aangetoond dat de bodem en het grondwater geschikt zijn voor het beoogde gebruik. Hiertoe is het uitvoeren van een verkennend milieukundig bodem- en grondwateronderzoek noodzakelijk. Toetsing Voor de ontwikkeling van Groot Agteveld is een actualiserend verkennend bodemon4 derzoek uitgevoerd. Bij het onderzoek is licht humeus en donker zand waargenomen, overgaand in lichtgekleurd en siltig zand op 0.5 à 1.0 m-mv. Het diepere zand is erg fijn. Er is nergens puin in de boven- of ondergrond geconstateerd. Asbest-verdachte materialen zoals plaatjes of scherven zijn dus ook nergens aangetroffen. De bovenen ondergrond van het terrein langs de Hessenweg is niet verontreinigd. Voor geen van de stoffen uit het NEN 5740-pakket wordt een Achtergrondwaarde overschreden. De resultaten sluiten daarmee goed aan bij de conclusie van het onderzoek van Vink BV van augustus 2007. Indicatief is de boven- en ondergrond van het te ontwikkelen terrein als Achtergrondwaarde-kwaliteit gekwalificeerd. In het grondwater is barium als 4
Linge Milieu BV (2018). Actualisatie-bodemonderzoek Hessenweg Achterveld, Kadastr. C
2625, Groot Agteveld Fase 2. Projectnummer: 17-2174. 27 februari 2018. 25
enige boven de streefwaarde verhoogd. Dit metaal is niet specifiek voor de locatie aan de Hessenweg zelf en heeft geen consequenties voor de ontwikkeling van het terrein. Geconcludeerd wordt dat de kwaliteit van de grond en het grondwater van het te ontwikkelen terrein sinds 2007 niet zijn veranderd. De bodemkwaliteit is daarmee geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling van de locatie. Conclusie Het aspect bodem vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
4.3
Geluid Algemeen De mate waarin het geluid onder andere het woonmilieu mag belasten, is geregeld in de Wet geluidhinder (Wgh). Bij een planologische procedure moet volgens de Wgh worden aangetoond dat gevoelige functies, zoals een woning, een aanvaardbare geluidsbelasting hebben als gevolg van omliggende (spoor)wegen en industrieterreinen. Indien nieuwe geluidsgevoelige functies worden toegestaan, stelt de Wgh de verplichting akoestisch onderzoek te verrichten naar de geluidsbelasting ten gevolge van omliggende (spoor)wegen en industrieterreinen. Toetsing Ten behoeve van het bestemmingsplan ‘Groot Agteveld - Woongebied' is akoestisch onderzoek verricht. Uit dit onderzoek volgde destijds dat vrijwel alle woningen te maken hadden met een geluidbelasting onder de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting van 48 dB. De vijf extra woningen uit dit plan blijven ook buiten de 48 dB-contour, zoals destijds in het onderzoek bepaald. Er is daarmee sprake van een goede ruimtelijke ordening. Enkel voor de woningen aan de westzijde, nabij de Koningin Julianaweg, was het noodzakelijk om hogere grenswaarden te verlenen. De stedenbouwkundige opzet ter plaatse van deze woningen blijft ongewijzigd, waardoor het verrichten van nieuw akoestisch onderzoek niet noodzakelijk.
In het kader van de omgevingsvergunning voor het bouwen geldt voor deze woningen wel dat aangetoond moet worden dat voldaan kan worden aan de geluidseisen uit het Bouwbesluit 2012. Een nadere beschouwing van het aspect geluid afkomstig van wegverkeerslawaai is daarmee niet noodzakelijk. Conclusie Het aspect geluid vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit plan.
4.4
Water Rijksbeleid – Het Nationaal Waterplan 2016-2021 Het Nationaal Waterplan 2016-2021 is op 10 december 2015 vastgesteld. Het Nationaal Waterplan geeft de hoofdlijnen, principes en richting van het nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021, met een vooruitblik richting 2050. Het kabinet speelt proactief in op de verwachte klimaatveranderingen op lange termijn, om overstromingen te voorkomen.
26
In het Nationaal Waterplan 2016-2021 staan de volgende ambities centraal: Nederland blijft de veiligste delta in de wereld. Nederlandse wateren zijn schoon en gezond en er is genoeg zoetwater. Nederland is klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. Nederland is en blijft een gidsland voor watermanagement. Nederlanders leven waterbewust. Het kabinet zet de veranderingen in het waterveiligheidsbeleid voort en zal hiertoe een wetsvoorstel met nieuwe normen voor de primaire keringen voorbereiden. Nieuwe normen zijn nodig, omdat de huidige eisen aan primaire keringen grotendeels uit de jaren zestig van de vorige eeuw dateren. Sindsdien zijn het aantal mensen en de economische waarde achter de dijken toegenomen. Ook is nieuwe kennis beschikbaar gekomen over de werking van de keringen en de gevolgen van overstromingen. De doelen op het gebied van waterveiligheid zijn omgerekend naar normspecificaties voor de keringen. Deze zijn niet meer gebaseerd op dijkringen, maar op dijktrajecten. Elk dijktraject krijgt een norm-specificatie die past bij de gevolgen in dat specifieke gebied. De normspecificaties zijn ingedeeld in zes klassen, waarbij de overstromingskans varieert van 1/300 per jaar tot 1/100.000 per jaar. Het Rijk onderkent het belang van verbinden van ruimte en water.
Bij het aanpakken van wateropgaven en de uitvoering van watermaatregelen vindt daarom afstemming plaats met andere relevante ruimtelijke opgaven en maatregelen in het gebied, zodat scope, programmering en financiering zo veel mogelijk op elkaar aansluiten of, beter nog, elkaar versterken. Het kabinet streeft daarbij ook naar integrale combinaties, waarbij ruimtelijke inrichting een belangrijke rol speelt bij het oplossen van wateropgaven. Omgekeerd is het van belang om bij ruimtelijke opgaven vroegtijdig rekening te houden met wateropgaven en de veerkracht van watersystemen. De gewenste betere verbinding tussen water en ruimte geldt voor alle opgaven op het gebied van waterveiligheid, zoetwater en waterkwaliteit. Provinciaal beleid – Bodem-, Water- en Milieuplan 2016-2021 Op 7 december 2015 heeft de provincie het Bodem-, Water- en Milieuplan 2016-2021 (BWM-plan) vastgesteld. Dit plan legt het beleid op basis van de provinciale wettelijke taken voor bodem, water en milieu vast voor de periode 2016-2021. Het BWM-plan richt zich op vier belangrijke maatschappelijke opgaven: waterveiligheid en wateroverlast, schoon en voldoende oppervlaktewater, ondergrond en leefkwaliteit stedelijk gebied. Vanaf 2016 is al het bodem-, water en milieubeleid in één integraal plan opgenomen. De opgaven vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) maken onderdeel uit van dit plan.
De provincie heeft in het plan de volgende doelen geformuleerd: Wij streven naar een robuust bodem- en watersysteem. Dit houdt in dat onder normale omstandigheden alle functies goed uitgevoerd kunnen worden en dat extreme situaties goed opgevangen kunnen worden. Wij streven naar bodem-, water- en milieukwaliteiten die passend zijn voor de functie van een gebied. Wij streven naar een duurzaam gebruik van de fysieke leefomgeving, zodat de mogelijkheden die het natuurlijk systeem ons biedt ook in de toekomst gebruikt kunnen worden.
27
Wij streven naar een gezonde leefomgeving, die een positieve bijdrage levert aan de economische en maatschappelijke ontwikkelingen in de regio. Om hierin een focus aan te brengen zijn vier prioriteiten benoemd: 1 Waterveiligheid en wateroverlast 2 Schoon en voldoende oppervlaktewater 3 Ondergrond 4 Leefkwaliteit stedelijk gebied Waterschap Vallei & Veluwe - Waterbeheerprogramma 2016 - 2021 Vanaf 1 januari 2016 is het Waterbeheerprogramma van het Waterschap Vallei en Veluwe van kracht. Het is bewust neergezet als een programma en niet meer als een waterbeheerplan. De maatregelen zijn op hoofdlijnen uitgewerkt, het “hoe” volgt bij het jaarlijks vaststellen van de begroting. De zorg voor de kerntaken “beschermen tegen overstroming”, “schoon en voldoende oppervlaktewater” en “zuiveren van afvalwater” blijft voorop staan. Daarbij wil het waterschap wel meer toe naar een integrale benadering van de gezamenlijke opgave. Het waterschap wil haar ambities en doelen steeds sterker bereiken samen met de waterpartners. De ambities zijn: We beschermen ons gebied tegen overstromingen. We zorgen voor de juiste hoeveelheid water. We zorgen voor de goede oppervlaktewaterkwaliteit. Schoon en vuil water worden zo veel mogelijk gescheiden. We halen de hoogst mogelijke waarde uit water. We beheren afvalwaterketen en watersysteem als één geheel samen met onze partners.
Samen met gemeenten wil het waterschap schoon hemelwater en afvalwater zoveel mogelijk aan de bron scheiden. Dit om de negatieve effecten van extreme buien (lagere waterkwaliteit door overstorten) en droogte (lagere waterkwaliteit door geen watertoevoer, hittestress), als gevolg van klimaatverandering, te voorkomen. Hiertoe stelt het waterschap een beleidsplan op en voert dit uit. Binnen de verantwoordelijkheden van de waterpartners voor grondwaterbeheer wil het waterschap de samenwerking initiëren en als grondwaterloket fungeren. De start betreft het vormen van een gezamenlijk grondwaterkennisteam. Binnen de jaarcyclus wordt door het waterschap verantwoording afgelegd over de inhoudelijke doelen en resultaten. In de cyclus wordt een moment ingebouwd om op collegiale basis met de waterpartners de programmering voor het komende jaar af te stemmen.
28
Toetsing 5 In het kader van de ontwikkeling van Groot Agteveld is een waterstructuurplan opgesteld waarin de wateropgave is bepaald. In dit plan is een stelsel van watergangen, greppels en wadi’s opgezet, die voorzien in de volledige bergingsbehoefte van Groot Agteveld. Deze waterstructuur is inmiddels ook als zodanig opgenomen in de Legger van het waterschap en blijft met voorliggend plan ongewijzigd. Het gaat om C-wateren (zie afbeelding), waarbij het waterschap geen beschermingszones hanteert. Voor de verdere ontwikkeling van de gewijzigde stedenbouwkundige opzet van Groot Agteveld 6 is een revisie opgesteld voor het waterstructuurplan. Daarin zijn de wijzigingen ten opzichte van het eerste waterstructuurplan verwerkt en wordt geconcludeerd dat deze wijzigingen geen gevolgen hebben voor de waterhuishouding, mits de stuwhoogte wordt teruggebracht naar 3,95 m +NAP.
Uitsnede legger Gelderse Vallei ter hoogte van Groot Agteveld (Bron: Waterschap Vallei en Veluwe).
Conclusie Het aspect water vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit plan.
4.5
Luchtkwaliteit Algemeen Eisen met betrekking tot luchtkwaliteit zijn verankerd in de Wet milieubeheer hoofdstuk 5, titel 5.2 en vormen een implementatie van diverse Europese richtlijnen omtrent luchtkwaliteit waarin onder andere grenswaarden voor vervuilende stoffen in de buitenlucht zijn vastgesteld ter bescherming van mens en milieu. In Nederland zijn stikstofdioxide (NO2) en zwevende deeltjes als PM10 (fijn stof) de maatgevende stoffen waar de concentratieniveaus het dichtst bij de grenswaarden liggen. Overschrijdingen van de grenswaarden komen, uitzonderlijke situaties daargelaten, bij andere stoffen 5