Programmabegroting 2024-2027
Tekst van het document
60
61
3.3 Onderhoud kapitaalgoederen 3.3.1 Algemeen Deze paragraaf beschrijft het beleidskader en de consequenties van de kapitaalgoederen in onze gemeente. Het gaat om fysieke goederen die van maatschappelijk belang zijn, meerdere jaren meegaan en een hoge financiële (vervangings)waarde hebben, zoals wegen, riolering, civieltechnische kunstwerken, openbare verlichting, groen en wegen en gemeentelijk vastgoed. Een groot deel van het “vermogen” van de gemeente ligt in de grond, in het openbaar gebied of in gebouwen. Dit vermogen beheert de gemeente zorgvuldig, daarom zijn voor het beheer hiervan meerjarenplannen opgesteld. Deze omschrijven de hoeveelheden, kwaliteitsniveaus en de kosten voor instandhouding van deze objecten. Artikel 12 van het Besluit Begroting en Verantwoording schrijft expliciet voor dat van de kapitaalgoederen de volgende zaken worden omschreven: het beleidskader; de uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; vertaling van deze financiële consequenties naar de begroting. Financieel Vaststelling Volgende Achterstallig Prgr Omschrijving Frequentie Voorziening in de raad actualisatie onderhoud begroting Wegen 20232026 GRP 20222026 Kunstwerken 2023-2026 Openbare verlichting 2023-2026 Groen 20232026 Gemeentelijk 2023-2026 vastgoed
2022
1 x p. 4 jaar
2026
Nee
Ja
Nee
2021
1 x p. 5 jaar
2026
Ja
Ja
Nee
2023
1 x p. 4 jaar
2027
Nee
Ja
Nee
2023
1 x p. 4 jaar
2027
Nee
Ja
Nee
2022
1 x p. 4 jaar
2026
Nee
Ja
Nee
2022
1 x p. 4 jaar
2026
Nee
Ja
Nee
3.3.2 Wegen Op 13 december 2022 is het Beheerplan groen en wegen 2023-2026 door de Raad vastgesteld. Bij het vaststellen van het beheerplan is tevens ingestemd met het beschikbaar stellen van de benodigde budgetten voor het uitvoeren van het onderhoud aan de wegen en het groen op minimaal kwaliteitsniveau B. We streven echter ook naar differentiatie op specifieke plekken (doelstelling uit integrale beleidsplan). Als gemeente wijzen wij deze plekken echter niet aan. Door burgerparticipatie te bevorderen wordt gestimuleerd dat de gebruikers van de openbare ruimte ideeën en initiatieven aandragen en hieraan gekoppeld zelf werkzaamheden verrichten in de openbare ruimte. In het beheerplan is gerekend met de kosten voor vervanging op basis van de levensduur benadering. Ondanks dat de openbare ruimte op een goed niveau wordt onderhouden, is het onvermijdelijk dat een weg of een groenelement aan het einde van de levensduur vervangen dient te worden. Uit deze benadering en het uitgangspunt dat de maximale leeftijd van verhardingen 60 jaar is, blijkt dat over enkele jaren (2025-2035) een duidelijke piek in de vervangingsinvestering komt. Deze piek is te verklaren door dat tussen 1960 en 1980 diverse grote uitbreidingsplannen zijn gerealiseerd.
62
Voor het beheer van de wegen is een structureel exploitatiebudget nodig van € 1.548.000 op basis van het actuele beheersplan groen en wegen. Voor de instandhouding van de wegen zijn jaarlijkse vervangingsinvesteringen nodig voor een bedrag van € 1.971.000, voorzien in het MIP 2024-2027. Dit bedrag neemt vervolgens in tranches van 10 jaar toe, zodat de vervangingspieken kunnen worden opgevangen. (bedrag x 1.000) 2024
2025
2026
2027
Regulier onderhoud wegen
1.548
1.548
1.548
1.544
Vervangingsinvestering infrastructurele werken
1.971
1.971
1.971
1.971
In begroting opgenomen:
3.3.3 Riolering Landelijk worden steeds hogere eisen en wettelijke verplichtingen aan de waterbeheerders opgelegd. Om hieraan te voldoen werken wij op het gebied van de zorg voor de waterketen al enkele jaren samen in het samenwerkingsverband Waterpanel Noord. Deze samenwerking heeft geleidt tot het gezamenlijk opstellen van één Waterketenplan (WKP) en 15 afzonderlijke Gemeentelijke Rioleringsplannen (GRP). Het Gemeentelijk Rioleringsplan Leudal 2022-2026 is eind 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. De zorgplicht voor afvalwater, hemelwater en grondwater is hierin opgenomen. In het GRP is beschreven hoe we onze objecten in de waterketen beheren. Regelmatig reinigen we de objecten en voeren we inspecties uit. Daarnaast vervangen we de objecten wanneer deze niet meer goed functioneren. Door het uitvoeren van de maatregelen die in het GRP benoemd zijn, wordt achterstallig onderhoud of kapitaalvernietiging voorkomen. De maatregelen en verbeteringen aan het rioolstelsel, zoals verwoord in het huidige GRP 20222026, worden in de lopende planperiode eveneens uitgevoerd. (bedrag x 1.000) 2024
2025
2026
2027
Regulier onderhoud riolen
1.388
1.388
1.388
1.388
Vervangingsinvestering riolering (G.R.P.)
1.851
1.851
1.851
1.851
In begroting opgenomen:
3.3.4 Civieltechnische kunstwerken Naast een groot aantal duikers, heeft de gemeente Leudal diverse bruggen en duikerbruggen in beheer en onderhoud. Het gaat om circa 129 bruggen/duikerbruggen. In april 2023 heeft de gemeenteraad het “Beleidsplan Civieltechnische kunstwerken 2022 t/m 2026” vast gesteld. Als onderdeel van dit beleidsplan is ook inzicht gegeven in de investeringen die in de komende jaren en in de toekomst nodig zijn om bruggen en of duikerbruggen te vervangen. Voor 2024 zijn vooralsnog de eerste vervangingen gepland. Het beleidsplan is samen met het “Uitvoeringsprogramma Civieltechnische kunstwerken 2022 t/m 2026” de basis voor het beheer en onderhoud aan onze civieltechnische kunstwerken voor de komende jaren.
63
(bedrag x 1.000)
2024
2025
2026
2027
Regulier onderhoud civieltechnische werken
177
177
177
177
Vervangingsinvestering civieltechnische kunstwerken
300
In begroting opgenomen:
3.3.5 Openbare verlichting In april 2023 is het “Beleidsplan openbare verlichting voor de periode 2023 t/m 2027” vastgesteld door de gemeenteraad. Op basis van dit beleidsplan zullen in 2024 en volgende jaren, naast het normale dagelijkse onderhoud, verouderde armaturen worden vervangen door armaturen met een LED lichtbron. Ook zullen armaturen omgebouwd worden naar Led. Slechte lichtmasten worden vervangen door nieuwe lichtmasten.
(bedrag x 1.000) 2024
2025
2026
2027
Regulier onderhoud openbare verlichting
112
112
112
112
Vervangingsinvestering openbare verlichting
215
216
221
221
In begroting opgenomen:
3.3.6 Groenvoorziening 37 Duizend Bomenplan gemeente Leudal In de periode 2021-2028 worden in totaal 37.000 extra bomen geplant, één boom per inwoner. Zoals aangegeven in het Coalitieakkoord worden hiervan in de periode 2022-2026 al 20.000 bomen geplant. Naast aanplanten van solitaire bomen en laanbomen wordt ook gekeken naar het aanplanten van (agrarische) percelen. Deze worden dan omgevormd naar Natuur. Concrete percelen die aangeplant worden zijn: voormalige voetbalvelden Nunhem, agrarisch perceel Roggelseweg Haelen en agrarisch perceel Strubben Roggel. Daarnaast zijn wij voornemens het Herman Meddesplein in Nunhem en het Krekelbergplein in Neeritter om te vormen en te vergroenen. Beheerplan Groen en Wegen 2023-2026 In 2022 is het beheerplan Groen en Wegen geactualiseerd. Het beheerplan sluit aan bij de beleidsuitgangspunten ten aanzien van onder andere duurzaamheid, klimaatadaptatie en biodiversiteit van de gemeente Leudal. Areaaluitbreiding wordt hierin ook meegenomen. Data op orde In 2023-2024 wordt het gemeentelijk bomenbeleid en de gemeentelijke bomenlijst geactualiseerd. Voor het planmatig boombeheer en de wettelijke zorgplicht ten aanzien van bomen is het op orde brengen en houden van onze data een randvoorwaarde. Dit geldt ook voor de overige groenelementen in de openbare ruimte.
64
Vervanging bomen en plantsoenen Bomen en planten hebben een bepaalde levensduur. Een deel van de verouderde plantsoenen en bomen die zijn afgekeurd in verband met de boomveiligheid worden vervangen. Ook bij reconstructies wordt kritisch gekeken of het bestaande groen gehandhaafd blijft of beter vervangen kan worden. Bij het bepalen van het sortiment wordt mede gekeken naar de waarde voor de biodiversiteit en veerkracht in relatie tot klimaatadaptatie (extreem droge of natte periodes). Biodiversiteit Vrijwilligers van Studiegroep Leudal en Instituut voor natuureducatie (IVN) Roermond monitoren sinds enkele jaren een gedeelte van de gemeentelijke wegbermen. Natuurvriendelijk beheer van de gemeentelijke wegbermen en sloten is een belangrijke randvoorwaarde voor het vergroten van de biodiversiteit. Het is algemeen bekend dat de laatste decennia het aantal insecten in Nederland aanzienlijk is afgenomen. Daarom hechten wij veel waarde aan het vergroten van de biodiversiteit in de openbare ruimte. Wegbermen en gazons worden minder frequent gemaaid wanneer daardoor de verkeersveiligheid en de functionaliteit niet in het gedrang komt. Bij het aanplanten van bomen en struiken wordt meer inheems en streekeigen sortiment en soorten die bijdragen aan biodiversiteit toegepast. (bedrag x 1.000)
2024
2025
2026
2027
2.183
2.183
2.183
2.183
138
138
138
138
In begroting opgenomen: Regulier onderhoud groen Vervangingsinvestering groen
3.3.7 Gebouwen en sportaccommodaties Verband houdend met de duurzaamheidsverplichtingen voortvloeiend uit het Klimaatakkoord, moet iedere gemeente een Portefeuilleroutekaart opstellen waarin de aanpak om te komen tot de verduurzaming wordt vastgelegd. In dat kader is opdracht verstrekt om de verduurzamingsmogelijkheden van het gemeentelijk vastgoed inzichtelijk te maken. De uitkomsten hiervan worden in 2023 aangereikt. Aansluitend wordt de Portefeuilleroutekaart opgesteld. Aanvullend dienen de MeerJarenOnderhoudsPlannen (MJOP) én de Energielabels opgesteld/herijkt te worden zodat naast de energetische staat ook de technische staat inzichtelijk wordt. Dit traject wordt in 2024 opgestart. Er wordt beleid geschreven rondom verduurzaming zodat Accommodatiebeleid, Vastgoedbeleid en Verduurzaming integraal opgepakt kunnen worden. Door de MJOP’s aan te vullen met noodzakelijke c.q. gewenste Duurzaamheidsaanpassingen en te koppelen aan het Accommodatiebeleid ontstaat een Integraal en Duurzaam MJOP (DMJOP). (bedrag x 1.000)
2024
2025
2026
2027
1.678
1.678
1.678
1.678
In begroting opgenomen: Onderhoud gebouwen groot o.b.v. MJOP
65
3.4 Financiering 3.4.1 Algemeen In deze paragraaf staan het treasury beleid en het risicobeheer van de financieringsportefeuille centraal. Het geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden worden toegerekend en de financieringsbehoefte. De kaders hiervoor zijn vastgelegd in de wet Financiering Decentrale Overheden (Fido), de wet Houdbare gemeentefinanciën (Hof), het Besluit Begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de Financiële verordening en het Treasurystatuut 2023.
3.4.2 Rente risicobeheer Renteschommelingen hebben niet alleen gevolgen voor de rentelasten of - opbrengsten bij het aantrekken dan wel uitzetten van gelden, maar ook voor de koersen van obligaties. Hieronder worden de onderscheiden risico's nader toegelicht. 1. Renterisico Beheersing van het renterisico op korte schuld geschiedt door de kasgeldlimiet en op langlopende schulden door de renterisiconorm. Kasgeldlimiet Met deze limiet wil de wetgever voorkomen dat uitsluitend kortlopende leningen worden afgesloten. Het aantrekken van dit type leningen is aantrekkelijk wanneer de rente erg laag is. Het risico van een stijgende rente bij herfinanciering is daarmee in verhouding groot. Daarom is bepaald dat gemeenten maximaal 8,5% van het begrotingstotaal mogen gebruiken voor kortlopende leningen. Wanneer zich in drie achtereenvolgende kwartalen een overschrijding voordoet, moet de gemeente maatregelen nemen (zoals het aantrekken van langlopende geldleningen). Gezien de historisch lage rente op kortlopende geldleningen zal de kasgeldlimiet zo goed mogelijk worden benut. De looptijd van de lening is afgestemd op de vrijval van een positie in de beleggingsportefeuille. (bedrag x 1.000) Kasgeldlimiet
3e kwartaal 4e kwartaal 1e kwartaal 2e kwartaal 2022 2022 2023 2023
Begrotingstotaal per 1 januari
85.886
85.886
93.981
93.981
Limiet percentage
8,50%
8,50%
8,50%
8,50%
Normbedrag
7.300
7.300
7.988
7.988
Netto vlottende positie Vlottende schuld
229
Vlottende middelen
-12.013
-14.049
-16.552
-24.293
Netto saldo
-12.013
-14.049
-16.552
-24.064
19.313
21.349
24.540
32.052
Onder- overschrijding normbedrag Ruimte onder de kasgeldlimiet Overschrijding kasgeldlimiet
66
Renterisiconorm Deze norm draagt bij aan een zodanige opbouw van de langlopende leningenportefeuille dat tegenvallers als gevolg van renteaanpassingen en herfinanciering in voldoende mate worden beperkt. Het totaal aan aflossingen en herfinanciering mag jaarlijks maximaal 20% bedragen van het begrotingstotaal. Door een goede spreiding van de looptijd wordt flexibiliteit in de toekomst behouden tegen zo laag mogelijke rentekosten. (bedrag x 1.000) Renterisico
2024
2025
2026
2027
Begrotingstotaal per 1 januari
106.900
103.719
99.640
100.373
Limiet percentage
20,00%
20,00%
20,00%
20,00%
Renterisiconorm
21.380
20.744
19.928
20.075
0
0
0
0
Aflossingen
7.024
6.251
6.076
5.695
Renterisico
7.024
6.251
6.076
5.695
14.356
14.493
13.852
14.380
Rente herziening
Onder- overschrijding normbedrag Ruimte onder de renterisiconorm Overschrijding renterisiconorm 2. Liquiditeitsrisico Dit is het risico dat over onvoldoende middelen wordt beschikt om onze financiële verplichtingen te voldoen. Gemeente Leudal werkt vanuit totaalfinanciering. Dit betekent dat alle gemeentelijke inkomsten en uitgaven worden gesaldeerd voordat we ons op de geld- of kapitaalmarkt begeven. Rekening houdend met het moment van inkomsten en uitgaven leidt tot een betere sturing op de benodigde liquiditeiten voor de komende jaren, de aan te trekken externe financiering en de ontwikkeling van de rentekosten. Gemeenten zijn in het kader van schatkistbankieren verplicht hun overtollige liquide middelen boven het drempelbedrag aan te houden in de rijksschatkist. Door deze maatregel hoeft het Rijk minder geld te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Vanaf 1 juli 2021 is voor gemeenten (en provincies, waterschappen en hun gemeenschappelijke regelingen) met een begrotingstotaal tot € 500 miljoen de drempel voor het verplicht schatkistbankieren verhoogd naar 2% van het begrotingstotaal (was 0,75%) met een minimum van € 1 miljoen (was € 250.000). Dit drempelbedrag bedraagt afgerond 2,00% van het begrotingstotaal (zijnde € 1.718.000). Verder is er de mogelijkheid overtollige middelen uit te lenen aan andere decentrale overheden.
67
(bedrag x 1.000) Financieringspositie per 1 januari
2024
2025
2026
2027
129.016
130.680
130.227
128.981
1.558
2.562
20
20
130.574
133.242
130.247
129.001
Reserves
74.542
73.568
72.741
71.886
Voorzieningen
6.520
6.611
6.649
6.686
Langlopende geldleningen Prognose op te nemen langlopende geldleningen
58.736
51.712
45.461
39.385
139.798
131.892
124.851
117.957
-1.351
-5.396
-11.043
Activa Vaste activa Grondexploitaties Saldo Passiva
Saldo
Financieringstekort Financieringsoverschot
9.224
Bij aanvang van het begrotingsjaar wordt een theoretisch financieringsoverschot verwacht van afgerond € 9 miljoen in het eerst volgende begrotingsjaar. Dit geldt voor het moment dat alle investeringen conform opgave worden uitgevoerd. Het hebben van een tekort leidt ertoe dat de noodzaak tot een vaste financiering toeneemt, middels het aantrekken van langlopende geldleningen. De liquiditeitenprognose is in 2023 geactualiseerd om de noodzaak van wel of niet financieren te onderbouwen. 3. Koersrisico Dit is het risico op een daling van de marktwaarde van de financiële activa. Dit risico loopt elke belegger. Omdat onze gemeente de “Essent-gelden” heeft belegd in obligaties zijn de koersrisico’s op het einde van de looptijd beperkt. Vastrentende waarden garanderen dat op de einddatum de nominale waarde wordt uitgekeerd. Op de balans zijn de obligaties gewaardeerd tegen de aankoopprijs indien deze lager lag dan de nominale waarde en tegen de nominale waarde wanneer de aankoopprijs hoger lag. Wordt niet verkocht voor de einddatum dan is er nauwelijks sprake van een koersrisico. Onze vermogensbeheerder volgt de marktontwikkelingen nauwlettend en informeert de gemeente hierover periodiek. Daarnaast staat de Wet Schatkistbankieren alleen mutaties in de beleggingsportefeuille toe onder de strikte voorwaarde dat de gemiddelde looptijd van de portefeuille niet wijzigt.
Door de ingezette beleidslijn van uw gemeenteraad wordt de beleggingsportefeuille stapsgewijs afgebouwd. Dit heeft tot gevolg dat de liquide middelen die de komende jaren naar de gemeente vloeien in het kader van de afronding van de Essent verkoop niet herbelegd worden. In plaats daarvan worden die vrijvallende middelen aangewend als intern financieringsmiddel.
68
(bedrag x 1.000) Beleggingen
2024
2025
2026
2027
Nominale waarde
2.308
2.308
408
0
-1.900
-408
408
0
-150
-22
Vrijval nominale waarde Saldo
2.308
Gerealiseerde boekwinst beleggingen
0
Geldlening
2024
2025
2026
2027
Verstrekte hybride lening aan Enexis
3.017
3.017
3.017
3.017
3.017
3.017
3.017
3.017
Aflossing (vanaf jaar 2030) Saldo
(bedrag x 1.000)
Vrijvalkalender Jaar
Belegging
Boekwinst
2025
1.900
150
2026
408
22
2.308
171
2024
2027 2028
3.4.3 Leningen en garanties Opgenomen geldleningen Wij hebben leningen afgesloten om betalingen te verrichten ten aanzien van investeringen. De afgelopen jaren nam de leningenportefeuille van ons af en tevens daalt de gemiddeld betaalde rente. In 2023 is een lening aangetrokken gelet op het renterisico van ons en de behoefte aan voldoende liquide middelen. Jaarlijks wordt gekeken of het aangaan van nieuwe leningen nodig is om de liquiditeit te garanderen. Onderstaand overzicht geeft inzicht in de omvang en de rentegevoeligheid van de opgenomen leningen. (bedrag x 1.000) Leningenportefeuille per 1 januari
2024
2025
2026
2027
Opgenomen geldleningen
58.736
51.712
45.461
39.385
Af: reguliere aflossingen
- 7.024
- 6.251
- 6.076
- 5.695
Totaal boekwaarde 31-12-
51.712
45.461
39.385
33.690
Gemiddeld rentepercentage geldleningen
2,51%
2,44%
2,36%
2,25%
Af: vervroegde aflossingen
69
Verstrekte leningen en garanties aan derden Het verstrekken van leningen of garanties aan derden is alleen toegestaan voor de publieke taak. Begin 2024 heeft de gemeente voor ongeveer € 47 miljoen aan leningen en garantstellingen verstrekt aan derden. Van dit bedrag is € 45 miljoen uitgeleend aan woningbouwcorporaties en afgesloten met een garantie van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Sinds 2000 trekken woningbouwcorporaties hun leningen rechtstreeks bij banken aan met borging van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw waarbij rijk en gemeenten samen voor de achtervangpositie garant staan. Er zijn momenteel geen signalen dat hier risico wordt gelopen. Per 1 augustus 2021 gelden er nieuwe afspraken ten aanzien van de achtervang overeenkomsten. Met de nieuwe afspraken is beoogd om de volgende knelpunten op te lossen, namelijk: Scheefheid in de achtervangpositie van gemeenten; Verbetering van afspraken over terugbetaling van renteloze leningen aan Staat en
gemeenten; Verbetering van afspraken over herfinanciering; Ontwikkelen van een robuuster borgstelsel; Discrepantie tussen oude en huidige achtervangovereenkomsten, huidige wetgeving en
praktijk; Modernisering van de overeenkomst.
Hoewel de overeenkomsten qua opzet zijn gewijzigd is de essentie niet gewijzigd; doordat gemeenten en Rijk een achtervangpositie innemen zijn en blijven deelnemende woningcorporaties in staat om tegen optimale financieringsvoorwaarden volkshuisvestelijke prestaties te leveren in de gemeente. De nieuwe verdeelsleutel is alleen van toepassing op de nieuwe achtervangovereenkomst en leningen die een corporatie vanaf 1 augustus 2021 aangaat. De bestaande achtervangovereenkomsten blijven gewoon van kracht, inclusief de bestaande verdeelsleutel. Wel zijn enkele verbeterpunten doorgevoerd, zoals terugbetaling van renteloze leningen en borgingsdoeleinden.
3.4.4 Rentetoerekening Deze toerekening geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend. De commissie BBV schrijft voor dat de interne rente exact wordt berekend. De omslagrente wordt berekend door de aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. Het percentage bedraagt 0.50% voor 2024 (Begroting 2023: 1,00%).
70
(bedrag x 1.000) Renteschema
2024
%
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
1.587
De externe rentebaten over de korte en lange financiering
-1.011
2,51%
Saldo rentelasten en rentebaten Doorbelaste rente naar de grondexploitatie
576 -22
Doorbelaste rente aan projectfinanciering naar taakvelden
0
Rentebaat verstrekte leningen in het kader van projectfinanciering naar taakvelden
0
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
-22
Rente over eigen vermogen
0
Rente over voorzieningen
0
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
554 -645
Renteresultaat op het taakveld Treasury
-91
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
554
Boekwaarde vaste activa 1-1-2024
129.016
Gemiddelde rente
0,43%
Keuze voor de omslag rente
0,50%
Er mag geen rente over het eigen vermogen aan de grondexploitaties worden toegerekend. De rente van de grondexploitaties wordt niet via de systematiek van de renteomslag berekend maar kent een andere voorgeschreven berekeningsmethodiek. Dit percentage komt uit op 1,23% door de bandbreedte wordt de marktrente geraamd op 1,66% (Begroting 2023 na wijziging: 1,66%). (bedrag x 1.000) Balans per 1-1Rente vaste schulden
Aantal
2024
20
2,51%
Rente kasgeldleningen
0,00%
Gewogen gemiddelde rente
2,51%
Voorzieningen
6.520
Langlopende schulden
58.736
Kasgeldleningen (kort)
-
Overige kortlopende schulden Banksaldi
2.765 -
Overlopende passiva
8.589
Vreemd vermogen
76.611
Eigen vermogen
79.971
Balanstotaal
156.582
Rentetarief grondexploitatie
1,23%
Marktrente (afgerond binnen een marge van 0,5%)
1,66%
71
3.4.5 EMU saldo In de wet Hof zijn de Europese normen verankerd voor de hoogte en de jaarlijkse groei van de overheidsschuld. De decentrale overheden leveren een gelijkwaardige bijdrage aan het naleven van de EMU normen. Bestuurlijk is afgesproken de komende jaren geen sanctie toe te passen bij blijvende overschrijding van de norm. Gemeenten krijgen een individuele referentiewaarde voor het EMU-tekort in een jaar. Voor het sturen op de ontwikkeling van de gemeenteschuld luidt het devies: Let bij het opstellen van de begroting op de ontwikkeling van de hoogte van uw gemeenteschuld. Te hoge schulden zijn slecht voor de financiële gezondheid van de gemeenten. Pas als het plafond voor het EMU-tekort van de gezamenlijke gemeenten wordt overschreden kan de individuele referentie waarde een rol gaan spelen.
72
(bedrag x 1.000) Realisatie Begroting Primitieve Begroting Begroting Begroting 2022 2023 na begroting 2025 2026 2027 wijziging 2024 EMU-SALDO
11.057
-6.993
3.964
5.225
5.963
8.285
EMU-SALDO referentiewaarde
-3.230
-3.447
-3.447
-3.447
-3.447
-3.447
EMU-saldo blijft onder referentiewaarde
14.287
7.411
8.672
9.410
11.732
-1.750
-386
EMU-saldo overschrijdt referentiewaarde Financiële vaste activa Activa Mutaties 1 januari t/m 31 december
Vlottende activa
Vaste passiva Passiva
Vlottende passiva
-3.546 Kapitaalverstrekkingen en leningen
(+)
Uitzettingen
(+)
-3.730
35
-40
-40
-41
-41
Uitzettingen
(+)
5.512
-521
-2.829
1.013
316
2.617
Liquide middelen
(+)
239
1.944
-192
-99
20
14
Overlopende activa
(+)
2.164
Vaste schuld
(-)
-6.549
8.451
-7.024
-6.251
-6.076
-5.695
Vlottende schuld
(-)
-486
Overlopende passiva
(-)
381 150
22
(Verwachte) boekwinst bij verkoop effecten en (im)materiële vaste activa
73
218
3.4.6 Meerjarenbalans
Prognose meerjarenbalans
(bedrag x 1.000) Realisatie Begroting Primitieve Begroting Begroting Begroting 2022 2023 na begroting 2025 2026 2027 wijziging 2024
Activa Vaste activa Immateriële vaste activa
215
206
169
98
69
43
Materiële vaste activa
108.710
118.808
120.550
121.959
121.168
115.618
Financiële vaste activa
9.966
10.001
9.961
8.171
7.744
7.702
118.891
129.016
130.680
130.227
128.981
123.364
Voorraden
1.838
1.375
1.558
2.562
20
20
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
19.111
18.590
15.762
16.775
17.091
19.708
Liquide middelen
251
2.195
2.003
1.904
1.924
1.938
Overlopende activa
5.406
5.406
5.406
5.406
5.406
5.406
Totaal vlottende activa
26.606
27.566
24.729
26.647
24.441
27.072
Totaal activa 31-12-
145.497
156.581
155.409
156.874
153.421
150.435
Reserves*
70.204
74.542
78.997
84.904
92.554
95.204
Resultaat boekjaar 2021
7.268 5.429
6.734
8.504
3.441
3.463
Totaal vaste activa Vlottende activa
Passiva Vaste passiva
Incidentele begrotingssaldo* Voorzieningen
6.386
6.520
6.611
6.649
6.686
6.724
Vaste schulden - huidige opgenomen leningen > 1 jaar
50.285
58.736
51.712
45.461
39.385
33.690
134.142
145.227
144.055
145.519
142.066
139.080
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
2.765
2.765
2.765
2.765
2.765
2.765
Overlopende passiva
8.589
8.589
8.589
8.589
8.589
8.589
Totaal vlottende passiva
11.355
11.355
11.355
11.355
11.355
11.355
Totaal passiva 31-12-
145.497
156.581
155.409
156.874
153.421
150.435
Vaste schulden - prognose op te nemen leningen > 1 jaar Totaal vaste passiva Vlottende passiva
* Voor de meerjarenbalans wordt in de stand van de reserves rekening gehouden met het begrotingssaldo van het voorgaande jaar. Derhalve dient voor de aansluiting met de staat reserves, het onderdeel reserves vermeerderd te worden met de begrotingsruimte.
74
3.5 Bedrijfsvoering 3.5.1 Algemeen In 2023 is de visie 'Mooi werken in Leudal' vastgesteld. De hierin vastgelegde uitgangspunten voor onze dienstverlening 'dienstbaar, dichtbij en wendbaar', komen tot uitdrukking in alle onderdelen van onze bedrijfsvoering. Enerzijds in de doorontwikkeling van onze informatiehuishouding, anderzijds ook in voortzetting van de optimalisatie van diverse werkprocessen in het kader van Werken aan kwaliteit.
3.5.2 Communicatie De komende periode gaan we ons communicatieframe verder ontwikkelen. Dit frame is een afgeleide van de Zomernota en de thema's waar de komende jaren uitvoering aan wordt gegeven. De belangrijkste speerpunten zijn het inzetten op doelgroepgerichte / klantspecifieke communicatie en het communicatiever maken van onze organisatie.
3.5.3 Personeel en organisatie In 2024 continueren we onze inzet op de versterking van daadkracht en aandacht voor de mens; de twee rode draden uit onze visie op dienstverlening en organisatie. We geven onze daadkracht een impuls met de doorontwikkeling van het concernplan en de teamplannen en vervolgens van hieruit nadrukkelijker verbinding te leggen met de gesprekscyclus. In alle elementen van HR-beleid en -uitvoering staat aandacht voor de mens centraal. Daarbij hebben we in 2024 extra aandacht voor ontmoeting en leren en ontwikkelen. Dit met als doel om onze medewerkers te blijven binden en boeien. Vanuit het strategisch HR-beleid zal daarnaast in 2024 ingezet worden op de onderstaande thema's: Strategische personeelsplanning/ competentiegericht sturen De afgelopen periode hebben we een eerste aanzet gemaakt om te komen tot een Strategische Personeelsplanning. Competentiegericht sturen en SPP worden in 2024 opgenomen in het HRM systeem, hiermee worden het sturen op competenties en resultaten het voeren van gesprekken over loopbaanperspectief vergemakkelijkt. In het kader van SPP blijven we de kwaliteiten van medewerkers matchen met de ontwikkelingen in het vakgebied en de behoeften van de organisatie. In bepaalde onderdelen van de organisatie ligt hier nog een actie. Dit vraagt wendbaarheid van zowel de organisatie als haar medewerkers.
Duurzame inzetbaarheid Duurzame inzetbaarheid is een begrip dat als een rode draad door alle levensfasen loopt. Daarom blijven we hier de komende jaren in investeren. Duurzame inzetbaarheid is een verantwoordelijkheid van zowel medewerker als werkgever. In de nieuwe cao zijn afspraken gemaakt over het afbouwen van het bovenwettelijk verlof. Dit en het feit dat alle medewerkers langer blijven werken, betekent dat extra investeringen nodig zijn om medewerkers in balans te houden zodat zij mentaal, sociaal en fysiek vitaal blijven. Het komende jaar zullen wij opnieuw inspiratiesessies organiseren en de behoefte peilen bij medewerkers hoe zij “Fit hun werk” willen blijven. Het doel is om tot beleid en een praktisch plan te komen hoe de werkgever hierbij kan ondersteunen.
75
Aantrekkelijk werkgeverschap Vacatures invullen wordt steeds lastiger, hierdoor groeit de externe inhuur, wat ondanks de inzet vaak extra druk en belasting betekent voor de vaste medewerkers. Het wordt steeds lastiger om vacatures ingevuld te krijgen. In omliggende gemeenten, maar ook in andere sectoren ervaart men hetzelfde probleem. In het kader van aantrekkelijk werkgeverschap onderzoeken we hoe wij ook de komende jaren een aantrekkelijke werkgever kunnen blijven. We zijn bezig met het vormen van een herkenbare 'Employer brand', het creëren van een herkenbare huisstijl voor werving en selectie onderdelen en het aantrekkelijker opschrijven van vacatureteksten. Jaarlijks organiseren we enkele Meet&Greets waarbij potentiële sollicitanten op een informele manier kennis kunnen maken met onze organisatie en medewerkers. Daarnaast maken we onze personeelsregelingen en personeelsbeleid eigentijdser maken. Verzuim & Arbeidsomstandigheden Het verzuim bij alle gemeentes, ook bij Leudal stijgt, vooral het langdurig verzuim. We gaan extra aandacht schenken aan de rol van de medewerker, de leidinggevende, de arbo-arts en de Adviseur P&O. Hiervoor gaan we ons extern laten ondersteunen, waarbij we nog gerichter samen met de bedrijfsarts en P&O kijken naar individuele oplossingen die uiteraard per situatie er anders uit kan zien.
We doen daarbij ook nadrukkelijk een beroep op de eigen regie van de medewerker. Salarissen en inhuur Onderstaand worden de salariskosten en de inhuurlasten van de gemeente Leudal getoond. In de primitieve begroting wordt uitgegaan van drie categorieën van personele lasten. Salariskosten De salariskosten in de begroting worden gebaseerd op het formatiehuis, waarbij alle mogelijke formatie wordt begroot op het maximum van de schaal. Gedurende het jaar kunnen mutaties plaatsvinden, waarbij de meest voorkomende mutatie het overhevelen van middelen naar de inhuur personeel smal is. Indien openstaande vacatures tijdelijk ingevuld worden, door bijvoorbeeld een krappe arbeidsmarkt of een overbruggingsperiode, wordt hiervoor budget van salaris overgeheveld naar de inhuur. Uitgangspunt is dat de inhuurlasten niet hoger mogen zijn dan de salarislasten, wat veelal resulteert in de inhuur voor een minder aantal uren dan de vaste formatie. Inhuur personeel smal Het budget voor inhuur personeel smal bestaat in de primitieve begroting uit de verwachtte kosten voor het inhuren van reguliere vervanging, het inhuur van personen bij knelpunten op specifieke vacatures, het inhuren op basis van de door de raad toegekende bedragen voor projecten (o.a. IPPC en projectleider) en het inhuren bij ziektevervanging.
Inhuur personeel breed Het budget inhuur personeel breed betreft de inhuur van personen die niet gerelateerd zijn aan de reguliere formatie. (bedragen x 1.000) Begroting Realisatie na Begroting Begroting Begroting Begroting 2022 wijziging 2024 2025 2026 2027 2023 Salariskosten
15.875
18.450
19.837
19.889
19.889
19.889
Inhuur personeel smal
2.722
2.404
709
400
400
400
Inhuur personeel breed
745
848
384
384
384
384
19.342
21.701
20.931
20.673
20.673
20.673
Totaal
76
3.5.4 Informatievoorziening Blijven investeren in de informatievoorziening van de gemeente is van essentieel belang om dienstverlening aan burgers en bedrijven te continueren en optimaliseren, in een wereld waarin technologische ontwikkelingen, nieuwe en aangepaste wetgeving en maatschappelijke vraagstukken zich in een rap tempo opvolgen. We volgen landelijke ontwikkelingen op de voet en werken aan het verder digitaliseren van onze dienstverlening, zoals inwoners en bedrijven ook van ons (mogen) verwachten. We realiseren ons dat een snel veranderende omgeving invloed heeft op ons werk. Een van onze speerpunten is daarom het uitvoering geven aan de visie op IV en ICT. We werken verder aan het op orde brengen van onze informatiehuishouding om te blijven voldoen aan (nieuwe) informatiewet en regelgeving, zodat te bewaren informatie uit processen duurzaam toegankelijk is en blijft voor iedereen die daar recht op heeft. Om de informatievoorzieningen op een gestructureerde en georganiseerde manier te kunnen beheren en efficiënte en onderbouwde inrichtingskeuzes te kunnen maken, maken we stappen in het verder professionaliseren van onze informatiemanagementorganisatie. Zo kunnen we organisatiedoelstellingen eenvoudiger bereiken. Daarnaast optimaliseren we onze processen door het traject "Werken aan kwaliteit".
Door te blijven investeren in digitale veiligheid en het daarmee kunnen nemen van technische en organisatorische maatregelen, kunnen we als gemeente digitale dreigingen het hoofd bieden en het vertrouwen van onze burgers en bedrijven versterken. Kansen en verplichtingen op het gebied van informatiewetgeving en informatievoorzieningen en de transitie naar een digitale overheid vragen om digitaal vaardige medewerkers. Zo ontstaat een optimale samenwerking tussen de informatievoorzieningsorganisatie en vakinhoudelijke specialisten en wordt efficiënt, effectief en prettig werken bevorderd. Dit sluit aan op de visie op dienstverlening en organisatie als eigentijdse organisatie.
3.5.5 Financiën Doorontwikkeling P&C cyclus Verbetering van onze P&C cyclus is een continu aandachtspunt. Deze doorontwikkeling gaan we samen vormen met het auditcomité. De ingebrachte verbeterpunten worden waar mogelijk meegenomen in de P&C producten. Financieel systeem Vanaf het jaar 2024 zal een nieuw financieel systeem operationeel zijn binnen de gemeente. Hiermee gaan we het financiële proces nog beter vorm geven en tevens aandachtspunten van de accountant uit het verleden oplossen. Denk bijvoorbeeld aan de analyse op inkopen en de vastlegging van de prestatielevering. 213a onderzoek In 2024 gaat het 213a doelmatigheidsonderzoek zich richten op de te maken stappen vanuit de I visie. De focus komt te liggen op enerzijds de informatiebehoefte van de lijnafdeling en anderzijds op de inzet en resultaten van de informatievoorzienings (IV)-organisatie.
77
3.5.6 Overhead Overhead omvat alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces. Hiertoe behoren in ieder geval leidinggevenden in het primair proces, de ondersteuning vanuit de afdeling bedrijfsvoering op de “PIOFACH” functies (Personeel, Informatievoorziening, Organisatie, Financiën, Automatisering, Communicatie, Huisvesting) en overige kosten niet toe te delen aan de taakvelden in het primaire proces. Wij hanteren de definitie die in het BBV wordt gehanteerd. Hierin worden ook de kosten meegenomen voor huisvesting, facilitaire zaken, ICT en overige. De laatste omvat kosten voor uitvoering van de algemene taken van de eigen gemeentelijke organisatie zoals onder andere verzekeringskosten, opleidingskosten en aanvullende personeelskosten. Overhead mag wel worden toegerekend aan grondexploitatie, investeringen en andere (subsidie)projecten en lokale heffingen. In de financiële verordening van de gemeente is vastgelegd op welke wijze overhead toegerekend wordt aan de heffingen. Voor de begroting bedraagt de opslag voor overhead 57,6% van de doorverdeelde salariskosten. (bedrag x 1.000) Omschrijving
Personeel
Realisatie Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2022 na 2024 2025 2026 2027 wijziging 2023 6.371
7.726
6.416
6.139
6.139
6.139
914
882
883
1.197
886
983
ICT
1.674
1.955
2.192
2.209
2.280
2.130
Overig
1.904
2.686
2.567
2.677
2.820
2.791
Reserves
-141 13.248
12.058
12.222
12.125
12.042
Huisvesting en facilitair
Totaal
78
10.722
3.6 Verbonden partijen 3.6.1 Algemeen Verbonden partijen zijn rechtspersonen waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen deelnemingen door de gemeente in publiekrechtelijke samenwerkingsorganisaties (gemeenschappelijke regelingen) en privaatrechtelijke samenwerkingsorganisaties (N.V.’s, B.V.’s, stichtingen etc.). De uitvoering van een aantal gemeentelijke taken is overdragen aan verbonden partijen. De gemeente blijft verantwoordelijk, maar voert de taken niet zelf meer uit. Een bestuurlijk belang bestaat als de gemeente enige zeggenschap kan uitoefenen via een bestuurszetel of stemrecht. Een financieel belang houdt in dat: de gemeente middelen ter beschikking heeft gesteld die ze kwijt is in geval van
faillissement van de verbonden partij; financiële problemen bij de verbonden partij kunnen worden verhaald op de gemeente; de door de gemeente verstrekte geldleningen die niet door derden zijn gegarandeerd en waarbij de gemeente haar geld kwijt is als de verbonden partij de lening niet kan terugbetalen.
Het beleid is vastgelegd in de nota verbonden partijen (2011). De nota biedt kaders en handvatten in de samenwerking met verbonden partijen. In de strategische nota sprak de raad uit dat de gemeente in samenspraak en in samenwerking met bewoners en bedrijven, met de regio en de provincie, de kansen die zich in Leudal voordoen wil benutten. De strategische nota is tot stand gekomen door overleg met de (buur)gemeenten en de oriëntatie van het college op regionale samenwerking. In deze paragraaf zijn de opgenomen weggezet als bedragen x € 1.000, zoals ook het geval in de overige onderdelen van de begroting.
79
Besloten vennootschap / Naamloze vennootschap Bank Nederlandse Gemeenten Vestigingsplaats
Den Haag
Rechtsvorm
Besloten vennootschap / Naamloze vennootschap
Website
http://www.BNG.nl
Doelstelling
BNG Bank is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. De gemeente Leudal bezit 143.052 aandelen die dividendopbrengsten genereren. Gemeente Leudal ziet haar aandelenbezit als een duurzame belegging.
Belang in verbonden partij
0,26% (143.052 aandelen)
Bestuurlijk belang
Deelname in vergadering van aandeelhouders naar rato van aandelen.
Financieel belang
€ 354
Bijdrage
N.v.t.
Financieel Eigen vermogen
01-01-2022
€ Vreemd vermogen 5.062.000
01-01-2022
€ 143.995.000
Eigen vermogen
31-12-2022
€ Vreemd vermogen 4.615.000
31-12-2022
€ 107.459.000
Resultaat
€ 300.000
Ontwikkeling 2024
De strategie van de BNG is ‘Ons Kompas Naar Impact”. Het is een partner voor het financieren van maatschappelijke vraagstukken binnen en voor het publieke domein in Nederland. Het uitgangspunt voor het meten van de maatschappelijke impact zijn vijf ‘Sustainable Development Goals’ (SDG’s) die nauw aansluiten bij de belangrijkste activiteiten die de BNG bank financiert. Dit zijn goede gezondheid en welzijn, kwaliteitsonderwijs, betaalbare en duurzame energie, duurzame steden en gemeenschappen en klimaatactie.
Risicobeheer
Het risicobeheer van de BNG bank is gericht op het handhaven van een veilig risicoprofiel
ENDVBEND
80
CSV Amsterdam BV Vestigingsplaats
Den Bosch
Rechtsvorm
Besloten vennootschap / Naamloze vennootschap
Website Doelstelling
Op 9 mei 2014 is de naam van Claim Staat Vennootschap B.V. gewijzigd in CSV Amsterdam B.V.. De statuten zijn gewijzigd zodat de nieuwe organisatie nu drie doelstellingen vervult: a. Namens de verkopende aandeelhouders van Essent een eventuele schadeclaimprocedure voeren tegen de Staat als gevolg van de WON; b. Namens de verkopende aandeelhouders eventuele garantieclaim procedures voeren tegen RECYCLECO B.V. (“Waterland”); c. Het geven van instructies aan de Escrow-agent wat betreft het beheer van het bedrag dat op de Escrow-rekening n.a.v. verkoop Attero is gestort.
Belang in verbonden partij
0,60338%
Bestuurlijk belang
Deelname in vergadering van aandeelhouders naar rato van aandelen.
Financieel belang
€0
Bijdrage
N.v.t.
Financieel Eigen vermogen
01-01-2023
€ 210
Vreemd vermogen
01-01-2023
€
14
Eigen vermogen
31-12-2023
€0
Vreemd vermogen
31-12-2022
Resultaat
€ 100 -/-
Ontwikkeling 2024
CSV zal voorlopig nog voortbestaan om op eigen kosten en risico namens Deponie Zuid B.V. (vennootschap onder Attero Holding B.V.) in overleg met de aandeelhouderscommissie, het bezwaar en/of beroep te voeren tegen de belastingdienst ten aanzien van de naheffingsaanslag afvalstoffenheffing, waartegen CSV in februari 2021 bezwaar heeft gemaakt. Na afwikkeling van deze procedure of een besluit van de Aandeelhouderscommissie zal CSV kunnen worden opgeheven en de resterende liquide middelen worden uitgekeerd aan de aandeelhouders naar rato van het aandelenbelang.
Risicobeheer
Het risico en daarmee de aansprakelijkheid voor de aandeelhouders is relatief gering en beperkt tot de hoogte van het gestort aandelenkapitaal en het resterend werkkapitaal van deze vennootschap.
€0
ENDVBEND
81
Enexis NV Vestigingsplaats
Den Bosch
Rechtsvorm
Besloten vennootschap / Naamloze vennootschap
Website
http://www.enexis.nl
Doelstelling
Enexis beheert het energienetwerk in Noord-, Oost- en Zuid-Nederland voor de aansluiting van ongeveer 2,3 miljoen huishoudens, bedrijven en overheden. De netbeheerderstaak is een publiek belang, wettelijk geregeld met o.a. toezicht vanuit de Autoriteit Consument en Markt. De vennootschap heeft ten doel het realiseren van een duurzame energievoorziening door state of the art dienstverlening en netwerken en door regie te nemen in innovatieve oplossingen. Dit om de energietransitie te versnellen én excellent netbeheer uit te voeren. Deze doelen worden gerealiseerd op basis van de volgende strategieën: • Netwerk en dienstverlening tijdig gereed voor veranderingen in de energiewereld; • Betrouwbare energievoorziening; • Excellente dienstverlening: hoge klanttevredenheid en verlaging kosten; • Samen met lokale partners Nederlandse klimaatdoelen realiseren; • Innovatieve, schaalbare oplossingen om de energietransitie te versnellen. De provincie tracht met haar aandeelhouderschap in Enexis de publieke belangen te behartigen. De infrastructuur voor energie is een vitaal onderdeel voor onze economie en voor onze samenleving.
Belang in verbonden partij
dividend € 1.166.000 (903.150 aandelen); 0,60338%
Bestuurlijk belang
Deelname in vergadering van aandeelhouders naar rato van aandelen.
Financieel belang
€0
Bijdrage
N.v.t.
Financieel Eigen vermogen
01-01-2022
€ Vreemd vermogen 4.241.000
01-01-2022 € 5.154.000
Eigen vermogen
31-12-2022
€ Vreemd vermogen 5.441.000
31-12-2022 € 4.907.000
Resultaat
€ 1.300.000
Ontwikkeling 2024
In het strategisch plan is gekozen voor focus op de kerntaken met drie hoofddoelen: • Sturen op maatschappelijk optimale energiekeuzes. Mede richting geven aan maatschappelijk optimale keuzes voor een duurzaam, betrouwbaar en betaalbaar energiesysteem van de toekomst en een haalbare weg daarnaartoe. • Iedereen heeft altijd toegang tot energie. • Voor iedereen toegankelijke, veilige energie-infrastructuur met behoud van een hoge leveringszekerheid en tegen de laagst mogelijke kosten. • Klanten weten wat ze aan Enexis hebben. Transparante, betrouwbare en efficiënte dienstverlening aan klanten en marktpartijen. Deze missie komt voort uit maatschappelijke ontwikkelingen die een materiële impact op Enexis hebben: klimaatverandering & energietransitie; participatie en vertrouwen in instituties; digitale transformaties
82
Risicobeheer
De missie en opgave hebben grote gevolgen voor de financiële positie van Enexis. De energietransitie gaat gepaard met een grote investeringsopgave en daaruitvoortvloeiende kapitaalbehoefte. Uitgangspunt is dat Enexis financieel solide blijft, geen financiële risico’s neemt en tenminste een A ccredit-rating behoudt. Eind 2022 hebben de 3 regionale netbeheerders ( Enexis, Alliander en Stedin) en hun aandeelhouders een onderhandelaarsakkoord bereikt met het Rijk over de voorwaarden en het proces voor een toekomstige participatie door het Rijk als de kapitaalbehoefte de mogelijkheden van het bedrijf en de huidige aandeelhouders overstijgt. ( Afsprakenkader)
ENDVBEND
Nazorg Limburg Vestigingsplaats
Maastricht
Rechtsvorm
Besloten vennootschap / Naamloze vennootschap
Website
http://www.bodemzorglimburg.nl/
Doelstelling
Bodemzorg Limburg was van 1994 tot 1997 onderdeel van Afvalverwijdering Limburg (AVL). Per december 1997 bestaat Bodemzorg Limburg als zelfstandige organisatie met de gemeenten in Limburg als aandeelhouders. Wij hebben géén commerciële doeleinden, maar geven invulling aan de maatschappelijke verantwoordelijkheid van onze aandeelhouders. Namens hen heeft Bodemzorg Limburg de ‘eeuwigdurende’ zorg voor 15 stortplaatsen op zich genomen.
Belang in verbonden partij Bestuurlijk belang Financieel belang Bijdrage
n.v.t
Financieel Eigen vermogen
n.v.t.
Vreemd vermogen
n.v.t.
Eigen vermogen
n.v.t.
Vreemd vermogen
n.v.t.
Resultaat
n.v.t.
Ontwikkeling 2024
De kerntaken van Nazorg Limburg BV, hierna te noemen Bodemzorg Limburg, zijn enerzijds het beheren van grotere complexe voormalige stortplaatsen in Limburg en anderzijds het renderend maken van het vermogen dat daarvoor beschikbaar is gesteld. Met betrekking tot het beheer zijn voorzieningen aangebracht die ervoor zorgen dat mogelijk in deze locaties aanwezige verontreinigingen zich niet verspreiden naar de omgeving. Bodemzorg Limburg is verantwoordelijk voor het in stand houden van deze voorzieningen. Bodemzorg Limburg is permanent op zoek naar mogelijkheden om gesloten stortplaatsen een maatschappelijk verantwoorde functie te geven. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de nieuwe activiteiten het beleid van de overheid ondersteunen.
Risicobeheer ENDVBEND
83
Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Limburg BV Vestigingsplaats
Roermond
Rechtsvorm
Besloten vennootschap / Naamloze vennootschap
Website
http://www.oml.nl/
Doelstelling
Ontwikkelingsmaatschappij (OML) heeft tot doel namens de aandeelhoudende gemeenten om het vestigingsklimaat te verbeteren en de regionale economische structuur te versterken. Zij doet dit door: • Ontwikkeling van bedrijventerreinen/verkoop van bedrijfskavels • Beheer bedrijventerreinen • Herstructurering van bedrijventerreinen • Advies en begeleiding
Belang in verbonden partij
Aandelenkapitaal
Bestuurlijk belang
Deelname in vergadering van aandeelhouders naar rato van aandelen.
Financieel belang
€ 2.483
Bijdrage Financieel Eigen vermogen
01-01-2022
€ 21.069 Vreemd vermogen
01-01-2021
€ 4.370
Eigen vermogen
31-12-2022
€ 22.650 Vreemd vermogen
31-12-2022
€
Resultaat
€ 1.580
Ontwikkeling 2024
Het Ondernemingsplan 2022-2026, dat door de aandeelhouders is vastgesteld, is het kader voor de activiteiten en investeringen van OML. OML faciliteert het bedrijfsleven bij ruimtelijk economische vraagstukken. Het gaat hierbij om o.a. locatie -en gebiedsontwikkeling; herstructurering van private kavels (niet-openbaar gebied) en mogelijk daaropvolgend de ontwikkeling, aanleg en verkoop van nieuwe bedrijventerreinen (al naar gelang de behoefte). OML is uitvoeringsorganisatie van de aangesloten gemeenten om bovengenoemde ambitie waar te maken. Uitgangspunt hierbij is dat OML waarde creëert voor de regio en de aandeelhouders. OML is de uitvoeringsorganisatie die ten aanzien van bovengenoemde kerntaken de expertise in huis heeft; instrumenten op het gebied van financial engineering kan inzetten en met draagvlak snel en flexibel kan acteren. In 2021 is door OML een mission statement op het gebied van duurzaamheid vastgesteld. OML constateert dat Nederland zich ontwikkeld tot een circulaire economie. Dit beleidskader past OML toe om de bedrijventerreinen duurzaam te (her)ontwikkelen. In de praktijk is Duurzaam Multifunctioneel Bedrijvenpark Zevenellen koploper. Nu OML, door de grote vraag, de ontwikkeling van terreinen naar voren haalt, dient OML ook na te denken over potentieel nieuwe terreinen (c.q. uitbreiding en herontwikkeling) om de strategische reserve op peil te houden.
Tegelijkertijd zal OML aan de slag gaan met de verduurzaming van de bedrijventerreinen.
Risicobeheer
Vanwege de solide financiële positie van OML volstaat het bewaken van het risico van OML als verbonden partij middels opname in de risicoparagraaf van de begroting. Door de verlaagde borgstelling is het risico afgenomen.
ENDVBEND
84
5.801
Publiek Belang Elektriciteitsproductie BV Vestigingsplaats
Borssele
Rechtsvorm
Besloten vennootschap / Naamloze vennootschap
Website Doelstelling
Onderdeel van Essent was het 50% aandeel in N.V. Elektriciteits Productiemaatschappij Zuid-Nederland (EPZ), o.a. eigenaar van de kerncentrale in Borssele. Het bedrijf Delta NV uit Zeeland heeft de verkoop van dit bedrijfsonderdeel van Essent aan RWE bij de rechter aangevochten. Er liepen zowel een kort gedingprocedure als bodemprocedure. Publiek Belang Elektriciteitsproductie BV (“PBE”) had het 50% belang in EPZ bij Energy Resources Holding (ERH) ondergebracht. In 2010 is op gezamenlijk initiatief van de aandeelhouders van PBE en de provincie Zeeland als belangrijkste aandeelhouder van Delta een bemiddelingstraject gestart om het geschil tussen partijen op te lossen. In 2011 is dit bemiddelingstraject succesvol afgerond. Op 30 september 2011 is, 2 jaar na de verkoop van de aandelen Essent, ERH alsnog geleverd aan RWE. PBE blijft bestaan met een beperkt takenpakket. PBE zal de zaken afwikkelen die uit de verkoop voortkomen. Daarnaast is PBE verplichtingen aangegaan in het kader van het Convenant borging publiek belang kerncentrale Borssele uit 2009 die nopen tot voortbestaan van PBE in afgeslankte vorm. Hiermee is een termijn van 8 jaar na verkoop gemoeid. Na een statutenwijziging in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 14 december 2011 is de inrichting van PBE aangepast naar de status van een SPV, vergelijkbaar met o.a. Verkoop Vennootschap.
Belang in verbonden partij Bestuurlijk belang
Deelname in vergadering van aandeelhouders naar rato van aandelen.
Financieel belang
€ 63
Bijdrage
N.v.t.
Financieel Eigen vermogen
01-01-2023
€ 1.480 Vreemd vermogen
Eigen vermogen
31-12-2023
Resultaat
€ 75 -/-
Ontwikkeling 2024
Het General Escrow fonds is in 2016 geliquideerd en uitgekeerd aan de aandeelhouders. Als gevolg van contractuele verplichtingen met betrekking tot het Convenant Borging Publiek Belang Kerncentrale Borssele uit 2009 wordt de vennootschap nog in stand gehouden. Het bestuur is in overleg met de andere contractuele partijen om na te gaan of deze contractuele verplichtingen voortijdig kunnen worden beëindigd en de vennootschap vervolgens kan worden ontbonden. Het doel is dat de vennootschap wordt opgeheven en de resterende liquide middelen kunnen worden uitgekeerd aan de aandeelhouders naar rato van het aandelenbelang.
Risicobeheer
Het risico en daarmee de aansprakelijkheid voor de aandeelhouders is relatief gering en beperkt tot de hoogte van het gestort aandelenkapitaal en het resterend werkkapitaal in deze vennootschap.
€0
Vreemd vermogen
01-01-2023 31-12-2003
€
10 €0
ENDVBEND
85
Waterleidingmaatschappij Vestigingsplaats
Maastricht
Rechtsvorm
Besloten vennootschap / Naamloze vennootschap
Website
https://www.wml.nl/
Doelstelling
Het voorzien van zuiver, helder en betrouwbaar drinkwater tegen een zo laag mogelijke prijs.
Belang in verbonden partij
13 van in totaal 500 aandelen ad € 4.538
Bestuurlijk belang
Deelname in vergadering van aandeelhouders
Financieel belang
€ 59
Bijdrage Financieel Eigen vermogen
01-01-2022 € 194.946 Vreemd vermogen
01-01-2022
€ 397.869
Eigen vermogen
31-12-2022 € 201.413 Vreemd vermogen
31-12-2022
€ 390.100
Resultaat
€ 6.467 ( Resultaat WML € 6.303, winst aandeel van derden € 164)
Ontwikkeling 2024
In het kader van tarieftoezicht voldoet WML aan het wettelijk kader voor de totstandkoming van drinkwatertarieven Vanaf 2022 is WML verplicht een geconsolideerde jaarrekening op te stellen omdat de deelnemingen in 2022 een materiële impact hebben gehad op het totale resultaat van WML. De vergelijkende cijfers van 2021 zijn hierop aangepast. Risicomanagement en auditing zijn onderdeel van de reguliere planning & control cyclus van de organisatie. Jaarlijks wordt gerapporteerd over risico ‘s en het bestaan en de werking van beheersmaatregelen. Door enerzijds de vraag om risicobeheersing vanuit de maatschappij, diverse ontwikkelingen en anderzijds de vraag vanuit de eigen WML organisatie blijft er een behoefte aan controle en aantoonbare beheersing van risico’s. Om aan deze vraag te voldoen zijn de afgelopen jaren binnen WML-instrumenten ontwikkeld en maatregelen getroffen om risico’s voor de bedrijfsvoering van WML te mitigeren.
Risicobeheer
ENDVBEND
86
Gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW) Vestigingsplaats
Roermond
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling
Website
http://www.bsgw.nl
Doelstelling
BsGW is een uitvoeringsgerichte organisatie die de belastingheffing en invordering van gemeenten en waterschappen uitvoert. Doel van het samenwerkingsverband is om de belastingheffing en invordering op een kwalitatief hoog niveau en doelmatig te realiseren. De gemeente Leudal is per 1 januari 2013 deelnemer van BsGW.
Belang in verbonden partij Bestuurlijk belang
In algemeen bestuur is namens Leudal 1 wethouder afgevaardigd.
Financieel belang
Verdeelsleutel in gemeenschappelijke regeling
Bijdrage
€ 494
Financieel Eigen vermogen
01-01-2022 - €
Eigen vermogen
31-12-2022
Resultaat
€ 812
Ontwikkeling 2024
Speerpunten voor 2024 zijn: het harmoniseren van processen en heffingsystematieken. het herijken van de kostenverdeelmethode; het aantal bezwaren / beroepen en daarmee samenhangende proceskosten proberen terug te dringen.
Risicobeheer
Risico's Het aantal toenemende bezwaar- en beroepschriften en daarmee samenhangende proceskostenvergoeding vormt een risico. De verwachting is dat de bezwaren en de proceskosten de komende jaren blijven toenemen. BsGW neemt verschillende maatregelen om ervoor te zorgen dat het aantal bezwaren via NCNP bureaus afneemt.
€
362 Vreemd vermogen
01-01-2022
2.002 Vreemd vermogen
31-12-2022
€ 1.714 €
1.429
ENDVBEND
87
Euregio Rijn-Maas-Noord Vestigingsplaats
Mönchengladbach
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling
Website
http://euregio-rmn.de/
Doelstelling
Doel is het stimuleren, ondersteunen en coördineren van de regionale grensoverschrijdende samenwerking op de volgende gebieden: economische ontwikkeling, ruimtelijke ordening, opleiding en onderwijs, cultuur en sport, toerisme en recreatie, milieubescherming en afvalverwerking, natuurbehoud, rampenbestrijding, communicatie, openbare orde en veiligheid. De Euregio beheert tevens de verdeling van subsidiemiddelen INTERREG (vierde periode). Het levert een bijdrage aan programma 4.
Belang in verbonden partij Bestuurlijk belang
Twee leden
Financieel belang
Verdeelsleutel in gemeenschappelijke regeling
Bijdrage
€ 10
Financieel Eigen vermogen
n.v.t.
Vreemd vermogen
n.v.t.
Eigen vermogen
n.v.t.
Vreemd vermogen
n.v.t.
Resultaat Ontwikkeling 2024
Risicobeheer ENDVBEND
88
In 2020 is de Euregio visie 2030 vastgesteld die een leidraad biedt voor de koers van de Euregio de komende jaren. Dit gebeurt onder andere door een grenslandagenda, het grensinformatiepunt en financiering van projecten middels INTERREG-middelen. Deze koers is nog steeds actueel. Het financieel risico is beperkt tot de jaarlijkse bijdrage.
Grenspark Maas-Schwalm-Nette Vestigingsplaats
Roermond
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling
Website
www.grenspark-msn.nl
Doelstelling
Het doel van het Grenspark is om van het landschappelijk waardevolle grensgebied één regionale grensoverschrijdende identiteit te maken. Dit gebeurt door de recreatieve mogelijkheden binnen de gebieden aan weerszijde van de grens te promoten en te verbeteren. Het coördineert en voert daartoe grensoverschrijdende projecten uit, o.a. met subsidies van de EU. Het levert een bijdrage aan programma 2.
Belang in verbonden partij Bestuurlijk belang Financieel belang
Verdeelsleutel in gemeenschappelijke regeling
Bijdrage Financieel Eigen vermogen
01-01-2024
€
39
Vreemd vermogen
01-01-2024
€ 104
Eigen vermogen
31-12-2024
€ 39
Vreemd vermogen
31-12-2024
€ 104
Resultaat
€ 14
Ontwikkeling 2024
Grenspark Maas-Swalm-Nette plant, coördineert en voert grensoverschrijdende projecten uit en zorgt voor de (internationale) subsidiëring ervan. Ook verstrekt ze informatie en geeft ze voorlichting om het recreatief gebruik van het Grenspark te bevorderen. In 2024: uitvoering Interreg VI project Buitenrijden Grenspark MSN, aanvraag en begeleiding uitvoering Interreg-project Natuurbrandmanagement, projectacquisitie en hercertificering Transboundary Park.
Risicobeheer
Grenspark MSN levert een beperkt aantal producten en dienstverleningen, waardoor de bedrijfsvoering kwetsbaar is. Een substantieel deel van de financiering van het Grenspark MSN hangt af van de subsidiëring door de provincie Limburg en de deelstaat NRW. Deze zijn gebaseerd op subsidiebeschikkingen voor 2023-2026. Een risico is de afhankelijkheid van de realisatie van grensoverschrijdende projecten. Om risico’s in toekomstige jaren te beperken heeft het Algemeen Bestuur besloten om een maximumplafonds van € 40.000 aan bestemmingsreserves in te stellen.
ENDVBEND
89
Modulaire gemeenschappelijke regeling sociaal domein Limburg-Noord (MGR) Vestigingsplaats
Venray
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling
Website
www.sociaaldomein-limburgnoord.nl
Doelstelling
Regionale samenwerking op het gebied van Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en Bemoeizorg & Preventie op hoofdlijnen. Dit met als doel om: • de continuïteit van voorzieningen voor BW, MO en B&P voor inwoners met complexe problematiek te waarborgen; • de regionale aanpak van de doelgroep als bedoeld in de regiovisie te waarborgen
Belang in verbonden partij Bestuurlijk belang
Vertegenwoordigd in het AB.
Financieel belang
Verdeelsleutel in gemeenschappelijke regeling
Bijdrage
-€ 2.289
Financieel Eigen vermogen
01-01-2022
€0
Vreemd vermogen
01-01-2022
€ 287
Eigen vermogen
31-12-2022
€ 60
Vreemd vermogen
31-12-2022
€ 10.584
Resultaat
€0
Ontwikkeling 2024
Risicobeheer
ENDVBEND
90
het actueel houden van het regionale beleidsvisie op het gebied van BW MO B&P bewaken dat de toegang tot beschermd wonen, maatschappelijke opvang, bemoeizorg en preventie binnen de Noord- en MiddenLimburgse gemeenten op een uniforme wijze geregeld is en blijft bewaking van het budgettaire kader van de programma BW MO B&P getrouwe en rechtmatige verwerking van de geldstromen binnen het programma BW MO B&P
De risico’s die binnen de MGR en de module Opdrachtgeven op dit moment onderkend worden, naast het niet realiseren van te leveren prestaties, kunnen als volgt worden beschreven: Risico op onvoorziene budgetoverschrijdingen: o Kans: 25%, impact € 150.000 Bedrijfscontinuïteit / onvoldoende gekwalificeerd personeel: o Kans: 20%, impact € 300.000 Niet adequaat inspelen op nieuwe ontwikkelingen in wet- en regelgeving binnen het sociaal domein: o Kans: 20%, impact € 100.000 Rechtszaken inkooptrajecten: o Kans: 80%, impact € 100.000
Omnibuzz Vestigingsplaats
Geleen
Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling
Website
https://www.omnibuzz.nl/
Doelstelling
Omnibuzz heeft haar missie vertaald in enkele concrete doelstellingen: Iedere doelgroep passend en tijdig vervoer bieden Continu werken aan kwaliteitsverbetering Hierbij aansluiten bij al ingezette kanteling in het sociale domein Vervoersuitgaven beheersbaar houden Vervoer kunnen blijven garanderen binnen de gemeentelijke begroting en grip op de interne organisatie.
Belang in verbonden partij Bestuurlijk belang
Alle deelnemende gemeenten hebben 1 stem in het algemeen bestuur
Financieel belang
Verdeelsleutel in gemeenschappelijke regeling
Bijdrage
€ 727
Financieel Eigen vermogen
01-01-2024
€ 1.017 Vreemd vermogen
01-01-2024
€ 5.407
Eigen vermogen
31-12-2024
€ 1.011 Vreemd vermogen
31-12-2024
€ 4.690
Resultaat
€6
Ontwikkeling 2024
Speerpunten: · Het kantelen van vervoer en het OV-gebruik stimuleren. · Het efficiënter organiseren van doelgroepenvervoer · Omnibuzz als slimme organisatie. - Verbetering van het huidig vervoer met oog voor kwaliteit, beheersbaarheid en de realiteit in de vervoerssector. - Overleg met de Provincie Limburg over een integrale aanpak middels de uitwerking van het Ontwikkelplan OV.- Evaluatie en optimalisatie van de website ikwilvervoer.nl. - Doorontwikkeling van MijnOmnibuzz. - Overleg met gemeenten over de invulling van het relatiebeheer en de overlegstructuur. - Aanpassing van de afrekensystematiek en de wijziging van de GR Omnibuzz. - Verdere uitwerking van beheersmaatregelen op gemeenteniveau, afhankelijk van besluitvorming individuele gemeenten. - Doorontwikkeling van informatie- en kennismanagement. - Structureel toetsen en controleren van de administratieve organisatie, conform het goedgekeurde auditplan. - Structurele controle en bijsturen van resultaten en processen via grondige informatievoorziening, rapportages en risicomanagement binnen de planning & control cyclus. - Compliant zijn met geldende wet- en regelgeving, met speciale aandacht voor digitale toegankelijkheid, privacy, informatiebeveiliging en de archiefwet.