CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2021

Commissievergadering Bestuur en middelen 22 juni 2022, gemeente LeudalBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarstukken gemeente Leudal 202131.217 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Jaarstukken 2021

Inhoud Aanbiedingsbrief ..................................................................................................................5 Leeswijzer ...........................................................................................................................6 1 Bestuurlijke samenvatting ................................................................................................ 10 1.1 Bestuurlijke hoofdlijn ................................................................................................. 11 1.2 Financiële hoofdlijn .................................................................................................... 14 1.3 Projecten.................................................................................................................. 27 2 Programmaplan ............................................................................................................... 31 2.1 Veiligheid ................................................................................................................. 32 2.2 Leefomgeving ........................................................................................................... 36 2.3 Voorzieningen ...........................................................................................................

59 2.4 Samenleving ............................................................................................................. 68 2.5 Dienstverlening ......................................................................................................... 88 2.6 Samenwerking .......................................................................................................... 95 2.7 Financiën en belastingen .......................................................................................... 101 3 Overige ........................................................................................................................ 103 3.1 Algemene dekkingsmiddelen ..................................................................................... 104 3.2 Overhead ............................................................................................................... 108 3.3 Heffing VPB ............................................................................................................ 113 3.4 Onvoorzien ............................................................................................................. 114 4 Paragrafen ....................................................................................................................

115 4.1 Lokale heffingen ...................................................................................................... 116 4.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................................. 122 4.3 Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................... 128 4.4 Financiering ............................................................................................................ 133 4.5 Bedrijfsvoering ........................................................................................................ 140 4.6 Verbonden partijen .................................................................................................. 145 4.7 Grondbeleid ............................................................................................................ 167 4.8 Demografische ontwikkelingen .................................................................................. 178 5 Jaarrekening ................................................................................................................. 181 5.1 Balans per 31 december 2021 ................................................................................... 181 5.2 Overzicht van baten en lasten in de begroting en de jaarrekening 2021 .........................

186 5.3 Toelichting op de balans per 31 december 2021 .......................................................... 188 5.4 Niet in de balans opgenomen .................................................................................... 255 5.5 Gebeurtenissen na balansdatum ................................................................................ 257 5.6 Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening ............................... 258

5.7 Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid ......................................... 267 5.8 WNT-verantwoording ............................................................................................... 271 6 Bijlagen ........................................................................................................................ 273 6.1 Overzicht baten en lasten per taakveld....................................................................... 274 6.2 Overzicht van afwijkingen per collegedoel onderverdeeld naar product ........................... 278 6.3 Kerngegevens ......................................................................................................... 283 6.4 Risicobeheermatrix .................................................................................................. 287 6.5 Overzicht gecommitteerde reserve ........................................................................... 302 6.6 SiSa bijlage verantwoordingsinformatie ...................................................................... 320 6.7 Lijst van begrotingssubsidies .................................................................................... 320 6.8 Lijst van gebruikte afkortingen ................................................................................. 321

Aanbiedingsbrief Het jaar 2021 was, net als 2020, een jaar met de nodige uitdagingen. Niet alleen heeft coronacrisis een groot deel van het jaar bepaald, ook hebben we als gemeente Leudal te maken gekregen met een hoogwatercrisis, waarvan de gevolgen nog steeds voelbaar zijn. Daarnaast blijven de financiën van gemeenten onder druk staan. Inmiddels is duidelijk dat de taakstelling op het sociaal domein niet langer realistisch is. Ondanks de implementatie van diverse aanbevelingen, blijft de opgave groot, vooral omdat de verwachte voordelen op de verwerving van nieuwe contracten niet gehaald gaan worden. Een heroverweging van de taakstelling dient dan ook bij de kaderbrief 2023 – 2026 plaats te vinden of: wij stellen dan ook voor de omvang van de taakstelling bij de kaderbrief te heroverwegen. Ondanks deze uitdagingen hebben we in 2021 ook op alle beleidsterreinen veel zaken bereikt. We hebben een strategische visie vastgesteld, waarin als kernkwaliteiten rust, ruimte en groen zijn benoemd. Dit zal naar de toekomst toe het strategische afwegingskader zijn voor alle besluiten en ontwikkelingen. Het hybride werken heeft vorm gekregen, waardoor we ons als modern werkgever kunnen positioneren en een bredere doelgroep op de arbeidsmarkt kunnen aanspreken. Ook hebben we gewerkt aan de omgevingswet.

Hierbij is de initiatieventafel in werking getreden, zijn regels opgeschoond en bijeengebracht, is de wet kwaliteitsborging voorbereid en de omgevingsvisie verder opgebouwd. Tot slot heeft de provincie Limburg haar financieel verdiepingsonderzoek uitgevoerd. Hieruit komt naar voren dat we als gemeente op de goede weg zijn en we voldoen aan de voorwaarden voor meerjarig repressief toezicht. Alle uitdagingen, kansen en inspanningen, hebben geresulteerd in de voorliggende jaarstukken. Ten opzichte van de 2e raadsrapportage 2021 sluit de jaarrekening met een incidenteel voordeel van € 2,1 miljoen. We stellen voor om dit resultaat toe te voegen aan de algemene reserve zodat dit ingezet kan worden voor de doelstellingen uit het nieuwe coalitieakkoord. Samen met en voor onze inwoners en ondernemers, voor een mooi leven in Leudal. Wij bedanken onze inwoners, maatschappelijke partners, bedrijven en medewerkers die dit alles in deze bijzondere tijden samen met ons mogelijk hebben gemaakt. Namens het college van Burgemeester en Wethouders

5

Leeswijzer Deze jaarstukken kennen 4 onderdelen: • •

Programmaverantwoording Paragrafen

• •

Jaarrekening Bijlagen

Programmaverantwoording De huidige indeling is gebaseerd op 7 programma 's . Deze ziet er als volgt uit: Doelstelling

Collegedoel

Subdoelstellingen

Programma 1. Veiligheid Inwoners en ondernemers worden beschermd en voelen zich veilig

Ondermijnende criminaliteit

Voorkomen en terugdringen van georganiseerde criminaliteit

Sociale Veiligheid

Integrale en gebiedsgerichte aanpak van veiligheidsvraagstukken geënt op integraal veiligheidsbeleid

Crisisbeheersing

De crisisorganisatie is voorbereid en inzetbaar zowel regionaal als lokaal

Programma 2. Leefomgeving Samen bouwen aan een duurzame en vitale fysieke leefomgeving

Wij zijn en blijven aantrekkelijk voor werkgevers Wij bieden weerstand tegen de dreigende Ondernemers in stuwende sectoren personeelskrimp ervaren een aantrekkelijk vestigingsklimaat

In samenwerking met de private sector zetten wij in op het realiseren van onderscheidend aanbod. Aanbod dat past bij het DNA van Leudal, goed is voor inwoners, toeristen en ondernemers en bijdraagt aan het bereiken van de beleidsdoelstellingen. Ons woningaanbod is passend sluit aan bij de (verschuivende) woonwensen van onze inwoners

Er is een passend woningaanbod met een aantrekkelijke openbare ruimte

Ons openbaar gebied word op adequaat niveau onderhouden. (De voorzieningen in de openbare ruimte sluiten aan bij de behoeften van de inwoners). De gemeente is goed bereikbaar en toegankelijk

Er is een balans tussen de aspecten Het vermogen van de hernieuwbare energie opwekking Planet (ecosystemen en binnen onze gemeente ligt boven het Limburgse hulpbronnen), Profit (verantwoorde gemiddelde economische ontwikkeling) en Onze openbare ruimte is adequaat bestand tegen de People (sociale cohesie en invloeden van klimaatverandering betrokkenheid), waarbij de focus ligt op energiebesparing, duurzaam energieverbruik en de opwekking van duurzame energie

6

Programma 3. Voorzieningen Optimaal inzetten van sociaal maatschappelijke voorzieningen

Inwoners hebben toegang tot en nemen deel aan sport en bewegen

Sportdeelname draagt bij aan welzijn, gezondheid en vitaliteit van onze inwoners Gezonde inwoners nemen deel aan sport in verenigingsverband of in groepsverband Jeugd toeleiden, via combinatiefunctionarissen, naar sportverenigingen

Inwoners hebben toegang tot en nemen deel aan culturele activiteiten

Cultuur deelname draagt bij aan welzijn, gezondheid en vitaliteit van onze inwoners Jeugd toeleiden, via combinatie functionarissen, naar culturele verenigingen Inwoners nemen deel aan culturele activiteiten

De mogelijkheid voor inwoners om Jeugdigen via onderwijs kennis laten maken met zich via onderwijs te kunnen culturele activiteiten, met de nadruk op nieuwe cultuur ontwikkelen is gewaarborgd activiteiten Jeugdigen via onderwijs kennis laten maken en deel laten nemen aan sport activiteiten Er is passend onderwijs huisvesting beschikbaar waar nodig Programma 4. Samenleving Samen aan de slag met talent: iedereen telt mee, doet mee en draagt bij naar eigen vermogen

Zelfredzaamheid

Vergroten van de zelfredzaamheid van inwoners

Samenleving

Meer inwoners doen mee, inclusieve samenleving

Ondersteuning

Inwoners krijgen beter en passende ondersteuning. Zo preventief mogelijk, zo kort mogelijk en zo lang als nodig

Maatschappij

Versterken van de samenredzame maatschappij

Gezondheid

Inwoners zijn zich bewust van de invloed van hun levensstijl op hun gezondheid

Onderwijs

Inwoners hebben de mogelijkheid om zich via educatie te ontwikkelen

Programma 5. Dienstverlening Leudal staat voor een eigentijdse en Eigentijds & Daadkrachtig daadkrachtige dienstverlening, die voor iedereen toegankelijk en kwalitatief hoogwaardig is. Transparant

Wij sluiten op een duurzame en dynamische manier aan bij de leefwereld van onze inwoners, ondernemers en bezoekers. Wij streven naar een open en transparante communicatie met inwoners, ondernemers en bezoekers.

Toegankelijkheid

Wij streven naar een toegankelijke dienstverlening voor inwoners, ondernemers en bezoekers.

Kwaliteit

Wij streven naar een hoogwaardige kwaliteit van onze dienstverlening.

7

Programma 6 . Samenwerking De maatschappelijke opgaven staan Burgerparticipatie centraal, we laten los waar het kan, werken samen en nemen regie waar het moet. Overheidsparticipatie

Wij betrekken in een zo vroeg mogelijk stadium belanghebbenden om samen met hen tot uitvoering van de opgaven te komen. Wij helpen initiatieven uit de samenleving mogelijk te maken, stellen kaders en wegen op transparante wijze.

Samenwerking regionaal, nationaal Wij werken samen met andere overheden, (publieke-en en internationaal private) organisaties en maatschappelijke partners om maatschappelijke opgaves te realiseren, omdat we dit niet alleen kunnen. Programma 7. Financiën en belastingen Waarborgen van de financiële Financiële keuzes slagkracht om ruimte te scheppen voor de maatschappelijke opgaven

Wij streven naar een financieel transparante verantwoording van keuzes, hiervoor ontwikkelen wij een model dat geënt is op een Maatschappelijke Kosten Baten Analyse (MKBA).

Alternatieve middelen

Het proces ontwikkelen voor gebruik te kunnen maken van alternatieve geldstromen door middel van bestaande platforms, zoals pilotstarter (VNG) en crowdfunding.

Aantrekkelijk vestigingsklimaat

Wij hebben een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor inwoners en ondernemers en blijven aantrekkelijk voor de huidige inwoners en ondernemers door middel van een lage lastendruk.

Per programma worden de verbonden partijen benoemd. Deze partijen zijn ingeschakeld voor de realisatie van de gestelde doelen en de 34 verplichte indicatoren vanuit het vernieuwde Besluit Begroting Verantwoording (BBV). Deze indicatoren hebben momenteel slechts een beperkte informatiewaarde. Op termijn gaan wij deze echter benchmarken met vergelijkbare gemeenten. Ook willen we er uiteindelijk eigen indicatoren aan toevoegen als stuurinformatie. Per collegedoel wordt een toelichting gegeven over de belangrijkste afwijkingen. Een aparte bijlage maakt per collegedoel en product de verschillen tussen de begroting en realisatie inzichtelijk. Groot onderhoud vastgoed De bedragen in de begroting 2021-2024 voor groot onderhoud vastgoed zijn gebaseerd op het Meerjarig Onderhouds Plan (MJOP) 2014 van Bremen. De nieuwe MJOP's worden in 2022 vastgesteld, waarna de begrote bedragen per programma aangepast worden. Het budget voor deze MJOP's is reeds aanwezig in programma 2, maar nog niet op basis van de nieuwe MJOP's door verdeeld naar de andere programma's. Dit houdt in dat er zowel tekorten als overschotten zijn binnen de verschillende programma’s op het onderdeel vastgoed. In totaliteit is het volledige budget voor onderhoud vastgoed besteed. Kostenverdeelstaat Bedrijfskosten worden op basis van een vaste verdeelsleutel toegerekend aan producten.

De niet toe te rekenen overheadkosten blijven op programma Overhead staan. Door de gehele begroting zijn hier verschillen in ontstaan. Enerzijds omdat gedurende het jaar de kostenverdeelstaat begrotingstechnisch niet is aangepast op de formatieve wijzigingen en anderzijds omdat de bezetting (en daarmee samenhangend de doorverdeling) niet altijd gelijk is aan de begroting. Over de gehele begroting bezien heeft dit geen financiële gevolgen, maar zorgt alleen voor verschillen per programma.

8

Paragrafen De paragrafen gaan in op financiële en bedrijfsmatige onderwerpen die meerdere programma’s raken. Alle paragrafen hebben een verplicht karakter. Jaarrekening Dit is de financiële verantwoording, bestaande uit de onderdelen: • •

balans, te weten de uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting daarop; het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening, voorzien van een toelichting.

Bijlagen De jaarrekening wordt compleet gemaakt met diverse (verplichte) bijlagen.

9

1 Bestuurlijke samenvatting

10

1.1 Bestuurlijke hoofdlijn Het is onze bedoeling om in 'Samenspel' met onze inwoners, verenigingen, verbonden partijen, maatschappelijke organisaties, ondernemers en omliggende gemeenten een leefbare, prettige en financieel gezonde gemeente te blijven. We stellen vast dat we daarin de afgelopen jaren in gezamenlijkheid in zijn geslaagd. Dit ondanks de onvoorziene omstandigheden als gevolg van Covid-19 en de hoogwatercrisis afgelopen jaar. Ook realiseerden we het afgelopen jaar weer een aantal ambities binnen de beschikbare financiële middelen. De jaarrekening sluit met een positief saldo van € 2.102.000. Covid-19 Het coronavirus en de door het Kabinet opgelegde maatregelen hadden een grote impact op inwoners, onze gemeenschap, onze ondernemers, onze verenigingen en de ambtelijke organisatie. Waar de verwachting was dat we in de zomer Covid-19 grotendeels achter ons konden laten, werden we in het najaar opnieuw geconfronteerd met beperkende maatregelen. De impact voor de langere termijn voor met name jongeren en kwetsbare inwoners, maar ook voor bijvoorbeeld de toeristische sector en ondernemers is nog onduidelijk. Toch is dit jaar opnieuw gebleken dat de discipline om de maatregelen te blijven volgen en de veerkracht in de Leudalse samenleving groot is. Als gemeente zetten we volop in om de leefbaarheid en het welzijn in stand te houden.

We hebben diverse steunmaatregelen voor de cultuursector, het verenigingsleven en de ZZP’ers voortgezet. Door de compensatie van de rijksoverheid zijn de financiële gevolgen voor de gemeente Leudal beperkt gebleven. Covid-19 zorgde bij een aantal projecten voor vertraging. Ondanks de impact van deze uitzonderlijke situatie is in het afgelopen jaar echter ook het nodige tot stand gebracht. De taskforce Corona Midden-Limburg is aan de slag om het groeipad van voor de coronacrisis te herpakken. Ook is de ontwerpfase van het Integraal Kind Centrum Leudal West afgerond en het nieuwe sportpark ’t Ven in gebruik genomen. Hoogwatercrisis Vanaf 14 juli werd Limburg, net als delen van België en Duitsland, door zware regenval geconfronteerd met een uitzonderlijke stijging van het water in de rivieren. De regionale en lokale crisisorganisatie werd opgestart. Besloten werd om een nooddijk bij het retentiebekken in Horn en Haelen aan te brengen en Buggenum gedeeltelijk te evacueren. Later zijn ook inwoners van De Kemp en Broekweg geëvacueerd vanwege de kans op het bezwijken van de aangelegde nooddijk. helaas is dit bij De Kemp in Horn ook gebeurd. Veel mensen ondervonden schade door het hoogwater. De hoogwatercrisis vroeg veel van onze flexibiliteit en vergde een enorme krachtsinspanning van zowel alle hulpdiensten als van onze ondernemers en inwoners.

Het functioneren van de gemeentelijke crisisorganisatie is door middel van een Quick scan onderzocht. De aanbevelingen hieruit leidden tot aanpassingen in het gemeentelijk hoogwaterplan, procedures en werkwijzen in de gemeentelijke crisisorganisatie.

11

Strategische visie In december 2021 is de strategische visie ‘Mooi leven in Leudal’ vastgesteld, een lange termijn visie voor gemeente Leudal richting 2035 waarin als kernkwaliteiten rust, ruimte en groen zijn benoemd. Het vormt het strategisch afwegingskader voor toekomstige besluiten en ontwikkelingen. De centrale ambitie is om een vitale plattelandsgemeente te blijven waar mensen graag wonen, werken en verblijven. De specifieke ambities voor Leudal en bijbehorende doelstellingen zijn hierin op hoofdlijnen benoemd. De noodzakelijke veranderopgaven en acties die hieruit voortvloeien, krijgen een plek in de afzonderlijke deelvisies en uitvoeringsplannen (conform aangenomen amendement). Sociaal Domein De financiën van gemeenten staan al enkele jaren onder grote druk. Met name door de oplopende kosten in de jeugdzorg en Wmo. Het integrale plan ‘Duurzaam evenwicht in het sociaal domein’ is in 2020 opgesteld om kwalitatief goede en betaalbare zorg en voorzieningen te realiseren en te behouden. Verschillende aanbevelingen hieruit zijn sindsdien geïmplementeerd. Inmiddels is duidelijk dat de voorgestelde forse besparingen na aanbesteding van verschillende segmenten in de jeugdzorg en Wmo niet realistisch blijken. Een herziening van de hoogte van de taakstelling naar een realistischer niveau wordt opnieuw tegen het licht gehouden bij de kadernota 2023-2026.

Hybride werken De coronamaatregelen dwongen de gemeentelijke organisatie om grotendeels thuis te werken. Dit heeft het digitaal en op afstand werken enorm bespoedigd. Besloten is om dit hybride werken als ondersteunende werkvorm ook voor de toekomst te behouden en de ambtelijke organisatie daarin met de noodzakelijke faciliteiten toe te rusten. De gemeentelijke organisatie sluit daarmee aan bij een ontwikkeling die op brede schaal in Nederland plaatsvindt. De keuze voor hybride werken versterkt ook onze arbeidsmarktpositie doordat wij ons in de huidige krappe arbeidsmarkt als modern werkgever kunnen positioneren en meer flexibiliteit realiseren in de inzet van medewerkers die niet in onze regio woonachtig zijn. Motie strakker sturen Bij de begrotingsbehandeling is door de raad de motie 'Strakker sturen' aangenomen. In 2021 is daartoe uitvoering gegeven aan de inhoud van deze motie. De mandaatregeling is in maart 2021 geactualiseerd, waarbij onder meer de doormandatering aan medewerkers nagenoeg is beëindigd. De budgethoudersregeling is eveneens geactualiseerd waarbij de bevoegdheid voor het aangaan van verplichtingen is ingeperkt. De motie sluit aan bij de geïntroduceerde werkwijze van werken met teamplannen.

Daarop worden de individuele werkplannen afgestemd met als doel werkzaamheden doelgerichter uit te voeren Hiermee moet het mogelijk worden effectiever te sturen op prioriteiten en (bestuurlijke) keuzes te maken afgezet tegen de beperkte beschikbare ambtelijke capaciteit. Tot slot is in het kader van strakker sturen binnen de bestaande formatie de bovenformativiteit opgelost. Dit resulteerde in minder meerkosten ad € 222.000.

12

Aanvullend op de motie is een taakstelling bij amendement direct ingerekend in de begroting. Door het direct inrekenen van deze taakstelling hebben sommige gerealiseerde acties die per saldo een financiële besparing opleveren, geen directe financiële gevolgen die in mindering gebracht kunnen worden op die taakstelling. Dit komt doordat deze besparingen niet gerelateerd zijn aan een in de primaire begroting opgenomen budget (maar bijvoorbeeld anders wel zichtbaar waren geworden bij de jaarverantwoording). Omgevingswet en vergunningverlening, toezicht en handhaving De inwerkingtreding van de Omgevingswet werd in 2021 opnieuw uitgesteld. Inmiddels is de verwachting dat de wet op 1 oktober 2022 of 1 januari 2023 in werking treedt. Het uitstel wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door een onvoldoende stabiele landelijke voorziening voor het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het DSO is fundamenteel voor het goed functioneren van de Omgevingswet en het kunnen werken met deze wet. Alle informatie voor de fysieke leefomgeving wordt hierin ontsloten en iedereen kan eenvoudig die informatie ophalen, controleren en aanvragen of meldingen doen. Doordat de landelijke voorziening niet (goed) werkt, konden softwareleveranciers geen stabiele softwarepakketten aanbieden aan gemeenten.

Dit betekent dus ook dat systemen niet ingericht konden worden (gemeenten zijn verantwoordelijk voor het vullen met gegevens) en dat er niet mee geoefend kon worden. Ondanks de vertraging in de inwerkingtreding hebben wij in 2021 gewerkt aan de volgende deelprojecten: • Initiatieventafel in werking • •

Regels zijn opgeschoond en bijeengebracht Wet kwaliteitsborging is voorbereid

•

De omgevingsvisie is verder opgebouwd

Financieel verdiepingsonderzoek In 2021 voerde de provincie Limburg het financieel verdiepingsonderzoek uit bij de gemeente Leudal. Op basis van de begroting 2021-2024 komt de provincie tot de conclusie dat de gemeente Leudal voldoet aan de voorwaarden voor meerjarig repressief toezicht. Uit het onderzoek komt ook naar voren dat we als gemeente op de goede weg zijn. Belangrijke kanttekening bij het meerjarig repressief toezicht is dat er voorwaarden zijn verbonden aan het besluit van de provincie. De voorwaarden hebben betrekking op het invullen van openstaande taakstellingen en het kunnen opvangen van mogelijke dalingen in de inkomsten uit het gemeentefonds. In 2021 is zorg gedragen voor een structurele invulling van de personele taakstelling. Voor de overige taakstellingen en mogelijke schommelingen in het gemeentefonds houden wij steeds de vinger aan de pols. We voelen de urgentie om zorg te dragen voor een structureel evenwicht in de ambities van onze gemeenschap en gemeente enerzijds en de financiële middelen anderzijds. Al met al kijkt het college met tevredenheid terug naar de in gezamenlijkheid bereikte resultaten en spreekt zijn waardering uit voor de door de medewerkers van de gemeente verrichte inzet in 2021.

13

1.2 Financiële hoofdlijn Het netto resultaat van het boekjaar 2021 bedraagt € 950.000 positief. Het saldo van de nu voorliggende jaarstukken bedraagt € 2.102.000* positief. Van dit saldo een bedrag van € 838.000 positief als gevolg van het niet benutte van middelen in verband met het corona virus. De belangrijkste afwijkingen per programma worden hierna toegelicht. Het kan hierbij gaan om voordelen dan wel nadelen met een eenmalig karakter of voordelen dan wel nadelen die al meerdere jaren spelen. Dit staat los van de kwantificering voor de incidentele of structurele baten en lasten zoals voorgeschreven door de provincie. Hierdoor kan het voorkomen dat de tabel in hoofdstuk 5.6 een structureel voor- of nadeel toont, terwijl deze bestaat uit eenmalige afwijkingen.

⃰Bij het vaststellen van de meerjarenbegroting 2020-2023 is een bedrag van € 2.002.000 in de jaarschijf 2021 uit de algemene reserve ingezet om het tekort op de begroting in die jaarschijf op te heffen. Tevens is bij de 2e raadsrapportage een bedrag van € 850.000 gestort in de algemene reserve. Door deze handelswijze is het resultaat in 2021 met een positief effect van € 1.152.000 beïnvloed. Inmiddels wordt de stand van de begroting, zowel positief als negatief, als begrotingsruimte gepresenteerd. Hierdoor is het volledige jaar inzicht in het netto saldo van de meerjarenraming. (bedrag x 1.000) Voordelig Nadelig Verwacht resultaat 2021(bijgestelde begroting) Realisatie 2021

Afwijking t.o.v. verwacht resultaat Overzicht belangrijkste verschillen

2.102 2.102 Voordelig Nadelig Meerjarig Eenmalig Programma

01. Hoog water

383

383

1

02. XTC dumpingen

16

16

1

03. Overig programma 1

25

25

1

10

2

04. Markten

10

05. Onderzoekskosten Zevenellen

14

14

2

06. Bestemmingsplannen

44

44

2

07. Omgevingsvergunning

284

284

2

08. Openbare verhardingen

84

84

2

09. Reguliere openbare ruimte

30

30

2

10. Landschapsbescherming

25

25

2

11. Speelvoorzieningen

23

23

2

12. Eindafrekening energie 2015 - 2020

59

2

13. Overig programma 2

676

652

2

14. Gemeenschapshuizen

63

63

3

15. Fonds maatschappelijke activiteiten

35

35

3

16. Cultuur

123

123

3

17. Sportstimulering

75

18. Sportzaal Mico Sport

167

75

3

167

3

19. Tennisbanen

25

25

3

20. Sporthallen

30

30

3

21. Groene sportterreinen

62

62

3

14

(bedrag x 1.000) Voordelig Nadelig 22. Overig programma 3

379

379

3

23. Burgerinitiatieven

46

46

4

24. Collectief aanvullend vervoer

53

53

4

25. Hulpmiddelen

80

80

4

26. Woningaanpassingen

34

34

4

33

4

27. Opvang vluchtelingen

33

28. Armoedebeleid

94

94

4

29. Wet Werk en Bijstand

85

85

4

30. Loonkostensubsidie

34

34

4

31. TONK regeling

299

299

4

32. Tozo regeling

100

100

4

466

4

33. Jeugdzorg

466

34. WMO

266

266

4

35. Kinderopvang

23

23

4

36. Leerlingenvervoer

47

47

4

37. Algemene voorzieningen

32

32

4

38. Re-integratie

99

39. Overig programma 4

143

99

4

143

4

40. Verkiezingen

85

85

5

41. Leges burgerzaken

81

81

5

42. Overig programma 5

495

495

5

43. Dividend

80

80

ADM

115

ADM

115

44. Rente beleggingen 45. OZB

181

181

ADM

46. Stelpost CAO ambtenaren

213

213

ADM

47. Overig algemene dekkingsmiddelen

378

149

ADM

48. Gemeentehuis & facilitaire zaken

55

55

OVHD

49. Voorlichting en representatie

29

29

OVHD

50. Werkbedrijf

66

66

OVHD

28

OVHD

51. Buitendienst en serviceteam

28

52. Raad en raadscommissies 53. Overig overhead

33

33

41

Totalen

4.274

Totaal verschil t.o.v. verwachte resultaat

2.102

OVHD 41

2.172

OVHD

33

15

De verschillen in een programma worden veroorzaakt door afwijkingen op de directe budgetten en door afwijkingen op de interne doorbelastingen resp. onderhoud vastgoed. Voor interne doorbelastingen geldt dat dit een verdelingsmethodiek is. Een nadeel op de ene plek wordt opgeheven door een voordeel op een andere plek in de jaarstukken. Alle voor- en nadelen van de indirecte doorbelastingen samen zijn per saldo nihil. Voor vastgoed geldt dat verschillen worden bekostigd uit het gezamenlijke vastgoed budget en dit maakt onderdeel uit van programma 2. Hierna worden per programma de belangrijkste voor- en nadelen per programma toegelicht. Voor de afwijkingen onder de verantwoordingsgrens, interne doorbelastingen en onderhoud vastgoed wordt alleen het saldo vermeld. Belangrijkste voor- en nadelen programma 1 01. Hoogwater (incidenteel voordeel € 383.000) Dit budget is opgevoerd naar aanleiding van de hoogwatercrisis rondom de Maas in juli 2021. Hieruit zijn kosten betaald zoals opbouw, ondersteuning, opruimen nooddijk, afvoer puin, tijdelijke opvang evacués. In 2022 lopen hiervan enkele kosten door. Vooraf was niet in te schatten hoe hoog deze kosten uitvielen en is € 750.000 begroot. Bij de jaarrekening resteert op dit budget € 383.000. 02. XTC dumpingen (incidenteel voordeel €15.900) Voor dumpingen drugsafval in openbaar gebied is subsidie aangevraagd.

75% van deze kosten zijn vergoed. Deze vergoeding was ten tijde van de 2e rarap nog niet bekend, waardoor er € 15.900 meer baten zijn dan oorspronkelijk geraamd. 03. Overig programma 1 (incidenteel voordeel € 25.100) Binnen programma 1 zijn voor- en nadelen aanwezig die kleiner zijn dan de verantwoordingsgrens (€ 31.800 voordelig). Daarnaast kunnen verschillen ontstaan door interne doorbelastingen (€ 1.000 nadelig) en het onderhoud op vastgoed (€ 5.700 nadelig). Deze onderdelen samen vormen de post overig. Belangrijkste voor- en nadelen programma 2 04. Markten (incidenteel nadeel € 10.000) De baten van de marktgelden zijn lager dan begroot, namelijk € 10.000. Dit is te verklaren doordat bij de aanslagoplegging abusievelijk de tarieven 2020 zijn gehanteerd. Vanwege het ontbreken van een nieuw feit (artikel 16 Algemene wet inzake rijksbelastingen) is het niet mogelijk om navorderingsaanslagen op te leggen. 05. Onderzoekskosten Zevenellen (incidenteel voordeel € 14.000) Voor de onderzoekskosten Zevenellen (in het kader van het geurbeleid) is in 2021 € 14.000 minder uitgegeven dan begroot. 06. Bestemmingsplannen (incidenteel voordeel € 44.000) In 2021 is er minder gebruik gemaakt van externe expertise met betrekking tot bestemmingsplannen. Hierdoor is een bedrag van € 20.000 niet uitgegeven.

We hebben afgelopen jaar een forse toename gezien in bestemmingsplannen en wijzigingsplannen (25 in 2021 en 10 in 2020). Hierdoor is een bedrag van € 24.000 meer ontvangen dan aanvankelijk begroot.

16

07. Omgevingsvergunning (incidenteel voordeel € 284.000) Er is een bedrag van € 284.000 meer aan leges ontvangen. In 2021 is er tijdelijk een piek ontstaan in het aantal aanvragen ten gevolge van de op handen zijnde nieuwe Omgevingswet. In de categorie van de hogere bouwkosten zijn er 74 gerealiseerd ten opzichte van 46 begroot. Daarnaast is er een hogere gemiddelde bouwsom gerealiseerd dan begroot. De verwachting is dat na het invoeren van de Omgevingswet de baten gaan dalen, omdat dit gaat leiden tot wijzigingen in het te innen legesbedrag. De hogere legesinkomsten zijn gedurende het jaar gebruikt voor de inzet van extra personeel om de pieken op te vangen. Derhalve is de kostendekkendheid van titel 2 87%. 08. Openbare verhardingen (incidenteel voordeel € 84.000) Het aantal beschadigingen aan wegen en bebordingen door onder andere ongevallen of vandalisme waren in 2021 wederom hoog. Een gedeelte van deze schades worden in verband met leveringsproblemen, o.a. wegmeubilair en verkeersborden, pas in 2022 definitief hersteld. Daarnaast zijn door de werkzaamheden van de netbeheerders, onder andere WML en Enexis doorsteken in de weg gecreëerd, deze herstellingen worden normaliter in het lopende jaar hersteld. De herstelkosten zijn gelijk aan de baten (de degeneratiekosten). In 2021 zijn de baten reeds ontvangen. Een deel van de werkzaamheden wordt echter uitgevoerd in 2022.

Door bovenstaande redenen zijn de baten hoger dan de gemaakte herstelkosten in 2022. Doordat er nog borden geleverd moeten worden in 2022 en doorsteken in 2022 hersteld worden is er een positief saldo tussen kosten en baten ad € 84.000. 09. Reguleren openbare ruimte (incidenteel voordeel € 30.000) Er zijn weinig kosten geweest voor duurzame goederen en inhuur van diensten, waardoor er €30.000 minder is uitgegeven dan begroot. 10. Landschapsbescherming (incidenteel voordeel € 25.000) De projecten voor landschapsbeheer zijn nog niet geborgd binnen de gemeente Leudal. Hierover vindt nog overleg plaats met de provincie. In 2021 zijn er derhalve geen kosten gemaakt waardoor een voordeel ontstaat van € 25.000. 11. Speelvoorzieningen (incidenteel voordeel € 23.000) In 2021 zijn er minder onderhoudskosten aan speeltoestellen geweest ter hoogte van € 23.000. 12. Energieafrekening 2015-2020 (incidenteel nadeel € 59.400) Voor de energienota's tussen de jaren 2015 en 2020 voor het pand aan de Pastoor Hanraetsstraat in Roggel is een eindafrekening opgemaakt. Door nog niet verrekende bedragen vanuit de gemeente Leudal en een creditnota voor het jaar 2015 resulteert de afrekening in een incidenteel nadeel van € 59.400. 13. Overig programma 2 (incidenteel nadeel € 676.600) Binnen programma 2 zijn voor- en nadelen aanwezig die kleiner zijn dan de verantwoordingsgrens (€ 300.300 nadelig).

Daarnaast kunnen verschillen ontstaan door interne doorbelastingen (€ 778.000 nadelig) en het onderhoud op vastgoed (€ 401.700 voordelig). Deze onderdelen samen vormen de post overig.

17

Belangrijkste voor- en nadelen programma 3 14. Gemeenschapshuizen (incidenteel nadeel € 63.000) Er is in 2021 een rijksuitkering in verband met Covid-19 ontvangen. Het bedrag dat middels de septembercirculaire 2021 is toegevoegd aan het budget ad € 13.300 valt vrij in het rekening resultaat 2021. Voor behoud van De Postkoets in Horn is inventaris overgenomen van de vertrekkend exploitant voor een bedrag van € 76.300. Voornoemd bedrag is met de voormalige exploitant overeengekomen, omdat de verenigingen dan over een aantal faciliteiten konden blijven beschikken. Daarnaast was het bijna duurder om de faciliteiten die eigendom waren van de voormalige exploitant ‘eruit te slopen’, dan over te nemen. Bovendien was bij sloop de kans op schade aan het gebouw zeer groot. De vergoeding aan de voormalige exploitant is destijds gebaseerd op een onafhankelijke taxatie. Hiervoor was geen budget begroot. 15. Fonds maatschappelijke activiteiten (incidenteel voordeel € 35.000) Wegens COVID-19 zijn er in 2021 fors minder aanvragen voor het fonds gedaan dan vooraf verwacht. Dit resulteert in een voordeel van € 35.000. 16. Cultuur (incidenteel voordeel € 123.000) Wegens COVID-19 heeft de gemeente rijksmiddelen ontvangen voor het in stand houden van de lokale culturele basisinfrastructuur. Met deze rijksmiddelen is een steun- en herstel subsidieregeling voor de culturele sector opgesteld.

Ook heeft in 2021 een pilotproject met de ECI Cultuurfabriek gedraaid en heeft het Bibliocenter een aanvullende financiële bijdrage ontvangen. Het overige bedrag aan rijksmiddelen ad € 123.000 is in 2021 niet besteed. 17. Sportstimulering (incidenteel voordeel € 75.000) In 2021 is ongeveer € 75.000 minder uitgegeven dan geraamd. De oorzaak is voornamelijk dat er minder budget benodigd is geweest voor de combinatiefunctionarissen. Doordat er nog een budget uit 2020 resteerde is minder aanspraak geweest op het budget 2021. 18. Sportzaal Mico Sport (incidenteel nadeel € 167.000) De verkoop van de ondergrond heeft niet plaatsgevonden in 2021. Daardoor zijn de begrote baten van € 167.000 niet gerealiseerd, de verwachting is dat dit in 2022 plaatsvindt. 19. Tennisbanen (incidenteel voordeel € 25.000) Bij Tennisbanen is € 25.000 meer ontvangen dan begroot. De hogere inkomsten komen door een verzekeringsuitkering (brand tennisvereniging Wimbledonck in Roggel). De kosten die samenhangen met deze brand zijn verantwoord binnen de reguliere onderhoudsbudgetten. Hier heeft geen overschrijding op plaatsgevonden, waardoor de verzekeringsgelden vrijvallen in het resultaat. 20. Sporthallen (incidenteel voordeel € 30.000) Bij Sporthallen zijn € 30.000 meer inkomsten dan raming.

De hogere inkomsten komen door een verzekeringsuitkering (brand bij sporthal Hornerhof).De kosten die samenhangen met deze brand zijn verantwoord binnen de reguliere onderhoudsbudgetten. Hier heeft geen overschrijding op plaats gevonden, waardoor de verzekeringsgelden vrijvallen in het resultaat.

18

21. Groene sportterreinen (incidenteel voordeel € 62.000) Lagere uitgaven ad € 81.000 bij de sportvelden zijn te verklaren door minder gebruik in verband met maatregelen inzake het coronavirus. Dit heeft ertoe geleid dat er minder onderhoudsrondes zijn geweest voor de groene sportterreinen (2 in plaats van 7). Dit zorgt tevens voor € 19.000 minder inkomsten dan geraamd. Dit heeft te maken met een lagere bijdrage SPUK sport als gevolg van lagere uitgaven. 22. Overig programma 3 (incidenteel nadeel € 379.000) Binnen programma 3 zijn voor- en nadelen aanwezig die kleiner zijn dan de verantwoordingsgrens (€4.000 nadelig). Daarnaast kunnen verschillen ontstaan door interne doorbelastingen (€25.000 nadelig) en het onderhoud op vastgoed (€ 350.000 nadelig). Deze onderdelen samen vormen de post overig. Belangrijkste voor- en nadelen programma 4 23. Burgerinitiatieven (incidenteel voordeel € 46.000) Met name door COVID-19 vonden in 2021 minder verenigingsinitiatieven en investeringen plaats. Hierdoor is het budget voor Ôs Dörp en de regeling investeringssubsidies niet volledig benut. 24. Collectief aanvullend vervoer (incidenteel voordeel € 53.400) Doordat we ook het afgelopen jaar te maken hadden met het COVID-19, maakten minder personen gebruik van het aanvullend vervoer. Hierdoor zijn de vervoerskosten beduidend lager. De vervoerskosten worden jaarlijks door Omnibuzz afgerekend.

Tegenover de lagere vervoerskosten van € 75.000 staan ook lagere eigen bijdragen van € 21.600 dan geraamd. 25. Hulpmiddelen (incidenteel voordeel € 80.100) De uitgaven van de reguliere hulpmiddelen vallen € 80.100 lager uit dan de actuele raming. In de 2e rarap is dit budget opgehoogd met € 25.000. Achteraf blijkt dit voor 2021 niet nodig was. 26. Woningaanpassingen (incidenteel voordeel € 34.300) Bij de woningaanpassingen zien we een toename van het aantal aanvragen. Daarnaast zien we ook de landelijke en stijgende bouwkosten als een oorzaak van de stijgende kosten binnen dit budget. In de 2e rarap is het budget voor de woningaanpassingen bijgeraamd voor in totaliteit € 150.000. Ten opzichte van de actuele raming zijn de werkelijke uitgaven € 16.800 lager uitgevallen. Een aantal kleine woningaanpassingen worden pas in 2022 afgerond en de facturatie volgt ook dan pas. Bij de 2e rarap was nog ingeschat dat deze woningaanpassingen in 2021 gerealiseerd werden. Daarnaast is een bijdrage van € 17.500 ontvangen vanuit het expertisecentrum Limburg voor een deel van een woningaanpassing. Dit was ten tijde van de 2e rarap nog niet bekend. 27. Opvang vluchtelingen (incidenteel nadeel € 32.600) In het kader van de oude Inburgeringswet wordt het Participatieverklaringstraject uitgevoerd. Deze kosten zijn op deze post geboekt door het later invoeren van de nieuwe Inburgeringswet.

Daarnaast zijn in het kader van de taakstelling statushouders enkele woningen, die gereserveerd worden voor deze doelgroep, een maand of langer niet verhuurd. De kosten hiervan komen voor rekening van de gemeente. Per saldo is er hierdoor een overschrijding van € 32.600.

19

28. Armoedebeleid (incidenteel voordeel € 94.000) Het aantal uitkeringen nam in 2021 af. Dit heeft direct invloed op de uitgaven voor het armoedebeleid. Minder mensen maken daardoor gebruik van de bijzondere bijstand. In 2021 zijn minder statushouders in Leudal gehuisvest waardoor ook minder middelen voor de inrichting voor deze doelgroep is ingezet. In totaliteit is daardoor € 94.000 overgebleven op deze budgetten. 29. WWB (incidenteel voordeel € 84.900) Het uitkeringsbestand is gedaald. De verstrekkingen aan uitkeringen zijn hierdoor € 141.100 lager dan geraamd. Hier tegenover staat dat de rijksuitkering € 56.200 lager is dan geraamd. Per saldo betekent dit een overschot van € 84.900. 30. Loonkostensubsidie (incidenteel voordeel € 33.900) De loonwaarde van de mensen met een arbeidsbeperking is in 2021 gestegen van 56% (2020) naar 62,2%. Hierdoor zijn de kosten voor de loonkostensubsidie € 33.900 lager dan geraamd. 31. TONK regeling ( incidenteel voordeel € 298.800) In het kader van de coronamaatregelen hebben we van het Rijk middelen ontvangen voor de uitvoering van de TONK regeling. Van deze regeling is in beperkte mate gebruik gemaakt, waardoor een bedrag € 298.800 is overgebleven. 32. TOZO regeling ( incidenteel voordeel € 100.000) In het kader van de TOZO regeling zijn extra middelen ontvangen voor de ondernemers. Van deze regeling is fors gebruik gemaakt.

Ten opzichte van de raming is bijna € 100.000 overgebleven. Dit komt met name door de normvergoeding per dossier. Vooraf is niet te voorspellen om hoeveel dossiers het gaat en is daarom de rijksvergoeding budgettair neutraal begroot. 33. Jeugdzorg (incidenteel nadeel € 466.400) Bij Jeugdzorg wordt het nadelig resultaat van in totaliteit € 466.400 voornamelijk veroorzaakt door de volgende twee redenen: 1. Op het perceel jeugd met beperking/jeugd en opvoedhulp zijn de werkelijke uitgaven 2021 € 259.400 hoger uitgevallen dan waarmee in de laatste prognose mee is rekening gehouden. In de eerste maanden van 2021 was er een daling te zien van het aantal jeugdigen met een indicatie. In januari waren dit er 243. In de maand mei is dit gestegen tot 268 en in de overige maanden wel iets gedaald, maar niet tot het niveau van januari. In december waren er 263 jeugdigen. Wel zijn de gemiddelde kosten per jeugdige in december € 310 lager per maand. De stijging van de kosten wordt dan ook voornamelijk veroorzaakt door de aantallen. In de maanden maart tot en met juli zat er een piek in het aantal jeugdigen verblijf met behandeling. Dit leidt tot hogere uitgaven en is lastig te voorspellen. Op de overige percelen zijn ook voor- en nadelen, maar deze zijn beperkt tot maximaal € 40.000. Daarmee komt de totale overschrijding 2021 uit op € 245.000. 2.

Jaarlijks wordt op het einde van het jaar een inschatting gemaakt van de nog te betalen bedragen. Achteraf blijkt dat de inschatting 2020 te laag is geweest, doordat er nog een fors aantal facturen begin 2021 zijn ontvangen. Dit leidt tot een nadeel van per saldo over voorgaande jaren van € 221.400. Op basis van de facturatiegegevens tot maart 2022 blijkt dat de nog gefactureerde bedragen 2021 meer in lijn liggen met 2019. Het jaar 2020 is een uitschieter geweest.

20

34. WMO begeleiding en HbH (incidenteel voordeel € 265.800) Met betrekking tot begeleiding zien we dat de in 2020 ingezette daling in 2021 zich heeft voortgezet, met name door een nadrukkelijkere toepassing van beleid door de toegang. Ten opzichte van de actuele raming is op het onderdeel begeleiding een restant van € 127.100. Bij de hulp bij de huishouding zien we wederom een toename sinds 2019 als gevolg van het abonnementstarief. Bij de 2e rarap is het budget bijgesteld (verhoogd). Uit de jaarrekening blijkt dat deze inschatting is uitgekomen. Er is een restant van € 18.100 (ZiN en Pgb). Tot slot is vanuit Venlo € 120.600 meer ontvangen met name in verband met coronacompensatie beschermd wonen. Ten tijde van de 2e rarap was dit nog niet bekend. 35. Kinderopvang (incidenteel voordeel € 23.100) Wat betreft het budget kinderopvang is er in de 2e rarap € 50.000 toegevoegd aan het budget vanwege een forse toename in aanvragen kinderopvang op basis van sociaal medische indicatie. Daarvan is €15.400 niet besteed. Daarnaast vonden er vanwege de coronabeperkingen minder inspecties kinderopvang door de GGD plaats. Hierdoor resteert een bedrag van € 7.700. 36. Leerlingenvervoer (incidenteel voordeel € 47.300) Bij het budget leerlingenvervoer zijn de vervoerskosten € 47.300 lager dan geraamd. De belangrijkste reden is de nog te ontvangen bonus-malus korting. 37.

Algemene voorzieningen (incidenteel voordeel € 31.800) Een aantal terugbetalingen zijn ontvangen met betrekking tot de diverse subsidies op basis van de subsidieverordening MO. Het restant van € 31.800 wordt volledig veroorzaakt door een viertal afrekeningen van subsidies 2020 met betrekking tot maatschappelijke activiteiten die niet zijn uitgevoerd zijn. 38. Re-integratie (incidenteel voordeel € 99.400) Bij de 1e en 2e Rarap zijn extra bedragen bijgeboekt voor trajecten om het aantal uitkeringen te verlagen. Een aantal in 2021 ingezette trajecten worden afgerekend in 2022. Hierdoor resteert op dit budget € 99.400. 39. Overig programma 4 (incidenteel nadeel € 143.000) Binnen programma 4 zijn voor- en nadelen aanwezig die kleiner zijn dan de verantwoordingsgrens (€3.600 nadelig). Daarnaast kunnen verschillen ontstaan door interne doorbelastingen (€ 137.000 nadelig) en het onderhoud op vastgoed (€ 2.400 nadelig). Deze onderdelen samen vormen de post overig. Belangrijkste voor- en nadelen programma 5 40. Verkiezingen (incidenteel voordeel € 85.100) De afdeling ontving extra geld voor het organiseren van verkiezingen in coronatijd. Dit geld is niet helemaal gebruikt en is daarom onderdeel van het rekeningresultaat. Voor het jaar 2022 ontvangen we wederom extra geld voor het organiseren van de verkiezingen. Het overschot voor 2021 bedraagt € 85.100. 41.

Leges burgerzaken (incidenteel voordeel € 80.700) Daarnaast is in 2021 een positief resultaat te zien op de legesopbrengsten. Er waren in 2021 meer naturalisatie aanvragen dan verwacht. Dit heeft te maken met de vluchtelingenstroom die vijf jaar geleden is gestart. Deze personen komen nu in aanmerking voor naturalisatie. Tevens is de begroting tussentijds niet bijgesteld voor de hogere legesinkomsten. Het overschot in 2021 bedraagt € 80.700.

21

42. Overig programma 5 (incidenteel voordeel € 495.200) Binnen programma 5 zijn voor- en nadelen aanwezig die kleiner zijn dan de verantwoordingsgrens (€ 6.800 nadelig). Daarnaast kunnen verschillen ontstaan door interne doorbelastingen (€ 502.000 voordelig) en het onderhoud op vastgoed (€- ). Deze onderdelen samen vormen de post overig. Belangrijkste voor- en nadelen programma 6 In programma 6 hebben zich geen afwijkingen voorgedaan. Belangrijkste voor- en nadelen programma 7 In programma 7 hebben zich geen afwijkingen voorgedaan. Belangrijkste voor- en nadelen algemene dekkingsmiddelen 43. Dividend (incidenteel voordeel € 79.800) De uitgekeerde dividenden over de 2019 en 2020 waren hoger dan vooraf ingeschat op basis van de brief van de provincie bij de begroting. Voor de komende jaren is het begrotingsbedrag reeds bijgesteld naar boven. 44. Rente beleggingen (incidenteel nadeel € 114.500) De rente op beleggingen is tussentijds niet bijgesteld, ondanks een verkoop in de portefeuille. Dit resulteert in een lagere opbrengst dan geraamd. Voor de komende jaren is de juiste renteontvangst in de begroting opgenomen. 45. OZB inkomsten (incidenteel voordeel € 180.700). Op basis van de laatste urap van de BsGW zijn de netto inkomsten ten aanzien van de OZB hoger geraamd. Dit resulteert in een saldo van € 180.700. 46.

Stelpost CAO ambtenaren ( incidenteel voordeel € 213.000) De nieuwe CAO voor ambtenaren van de gemeente is in 2022 vastgesteld. Voor het jaar 2021 vindt nog een nabetaling plaats van € 267.000 uit de stelpost. Het restant ad € 213.000 is onderdeel van het rekeningresultaat. Voor de jaren 2022 en volgende zijn de kosten ten aanzien van de CAO € 550.000 oplopend naar € 640.000 en overstijgen deze de hoogte van de stelpost. 47. Overig algemene dekkingsmiddelen ( incidenteel voordeel € 149.000) Binnen de algemene dekkingsmiddelen zijn voor- en nadelen aanwezig die kleiner zijn dan de verantwoordingsgrens (€ 85.400 voordelig). Daarnaast kunnen verschillen ontstaan door interne doorbelastingen (€ 63.600 voordelig) en het onderhoud op vastgoed (€- ). Deze onderdelen samen vormen de post overig. Belangrijkste voor- en nadelen overhead 48. Gemeentehuis en facilitaire zaken (incidenteel voordeel € 55.000) Heel 2021 stond in het teken van COVID-19. Hierdoor is er minder gebruik gemaakt van het gemeentehuis. Dit is terug te vinden in de onderschrijding van de budgetten Facilitaire zaken en Gemeentehuis voor een bedrag van € 55.000. 49. Voorlichting en representatie (incidenteel voordeel € 29.000) Door COVID-19 vonden minder activiteiten in de gemeenschap plaats. Dit is terug te zien in de onderschrijding van de budgetten van representatie en voorlichting.

Veel vieringen zijn afgelast of uitgesteld. Ook andere activiteiten, waarbij burgers en gemeente samen optrekken zijn hierdoor uitgesteld. Dit resulteert in een onderschrijding van € 29.000.

22

50. Werkbedrijf (incidenteel voordeel € 65.900) Het Werkbedrijf is gedurende 2021 het gehele jaar operationeel geweest. Er is minder personeel nodig geweest dan begroot en tevens zijn er minder kosten gemaakt ten aanzien van studie en opleidingen. Per saldo resteert hier een budget van € 65.900. 51. Buitendienst en serviceteam (incidenteel nadeel € 27.600) In 2021 is de aanbesteding van de voertuigen niet gelukt. Derhalve is gedurende deze periode gebruik gemaakt van de leaseauto's. Tevens zijn er extra kosten gemaakt voor brandstof van de voertuigen. Per saldo resulteert dit in een nadeel van € 27.600. 52. Raad en raadscommissies (structureel nadeel € 33.000) Het budget voor de raad en raadscommissies is het afgelopen jaar overschreden met € 33.000 inzake de vergoeding. De afgelopen jaren zijn de vergoeding voor de raad en commissie leden gestegen, waarbij de gemeentelijke begroting niet is aangepast. Derhalve is in deze jaarstukken een tekort ontstaan, waarbij voor de komende jaren het budget wordt bijgesteld.

53. Overig overhead (incidenteel voordeel € 41.000) Binnen overhead zijn voor- en nadelen aanwezig die kleiner zijn dan de verantwoordingsgrens (€ 279.800 nadelig). Daarnaast kunnen verschillen ontstaan door interne doorbelastingen (€ 343.400 voordelig) en het onderhoud op vastgoed (€ 22.600 nadelig ). Deze onderdelen samen vormen de post overig. Belangrijkste voor- en nadelen VPB Bij de VPB hebben zich geen afwijkingen voorgedaan. Belangrijkste voor- en nadelen Onvoorzien Bij de post onvoorzien hebben zich geen afwijkingen voorgedaan. Taakstellingen: Vastgoed Bij de begroting 2021-2024 is de taakstelling vastgoed afgeraamd tegen de onderhoudsbudgetten vanaf het jaar 2023. Voor het jaar 2022 dient nog dekking te worden gevonden. Hierbij kan invulling plaatsvinden door verkoop van vastgoed of het bijstellen van de onderhoudsbudgetten. Voor 2021 is deze niet gerealiseerd, voor 2022 is de verwachting dat de taakstelling volledig wordt gehaald. Accommodaties Het uitgangspunt van het accommodatiebeleid is dat de functies ontmoeten en zorg in ieder dorp aanwezig zijn. Voor overige functies wordt rekening gehouden met een geografisch spreiding, waarbij maatwerk per dorp noodzakelijk is. De verplaatsing van de gebruikers die gebruik maken van de locatie Mico Sport is in 2021 gerealiseerd.

In het verleden zijn de structureel vrijvallende budgetten reeds voor € 30.000 ingerekend in de begroting, middels de begroting 2022 is dit verrekend met de taakstelling op accommodaties. Daarnaast is het restant van circa € 3.300 met betrekking tot Mico Sport in mindering gebracht op de taakstelling. De daadwerkelijke verkoop heeft niet in 2021 plaatsgevonden.

23

Vanaf 2022 resteert nog een structurele taakstelling van € 141.100. De volgende ontwikkelingen dragen de komende jaren bij aan het invullen van de resterende taakstelling: •

De vrijkomende gymlokalen in Hunsel, Ittervoort en Neeritter door de bouw van de nieuwe basisschool in Ittervoort met gymzaal.

•

De ontwikkelingen omtrent een mogelijk dorpshuis voor de kern Neeritter, waardoor de panden aan de Driessensstraat (gemeentelijk eigendom) vrijkomen waarin nu de Heemkundevereniging en Jong Nederland zijn gehuisvest.

Sociaal domein 2021 is het eerste jaar van de taakstelling sociaal domein. Voor 2021 bedroeg de taakstelling oorspronkelijk € 688.805. Oplopend naar € 2.094.767 in 2022 en structureel € 3.142.022 vanaf 2023. Binnen de taakstelling van het sociaal domein hebben diverse ontwikkelingen zich voorgedaan: • Via de 1e rarap zijn de mutaties van de bijdragen aan de werkvoorzieningen (Risse en Westrom) reeds structureel verwerkt ten gunste van de taakstelling. In 2022 een voordeel van € 136.634 tot structureel € 104.921 vanaf 2024. •

Via de 2e rarap zijn diverse budgetten aangepast en is de restant taakstelling 2021 geraamd als gerealiseerd.

•

Uit de begrotingen 2022-2025 van Westrom en Omnibuzz blijkt een verlaging van de gemeentelijke bijdrage van € 74.200 resp. € 25.000 in 2022 oplopend tot € 159.800 resp. € 37.900 in 2025. Dit wordt middels de begroting 2022-2025 verminderd op de taakstelling sociaal domein.

•

In de Meicirculaire 2021 van de algemene uitkering is het effect van het woonplaatsbeginsel voor de jeugdhulp verwerkt. De verantwoordelijke gemeente wordt de gemeente waar de jeugdige woonde voor aanvang van de hulp en niet meer zoals nu de gemeente waar een jeugdige woont tijdens de hulp. Met name op de uitgaven als gevolg van voogdij heeft dit een grote invloed. De rijksuitkering neemt met afgerond € 1.500.000 af. In de verwerking van de meicirculaire zijn de uitgavenbudgetten voor de jeugdhulp afgeraamd met 85% omdat de afname van de uitgaven niet 1 op 1 gelijk hoeven te zijn aan de afname van de rijksinkomsten. Omdat in de taakstelling van het sociaal domein rekening is gehouden met de hoge uitgaven voor voogdij en wij vanaf 2022 niet meer verantwoordelijk zijn voor deze uitgaven is via het raadsvoorstel van de meicirculaire ook besloten om de taakstelling voor dit onderdeel aan te passen. Per saldo een verlaging van de taakstelling van € 116.700 in 2022 en structureel € 175.300 vanaf 2023.

•

•

In verband met de vertraging van de verwerving is middels de septembercirculaire 2021 besloten om de extra middelen in de algemene uitkering eenmalig in te zetten om de taakstelling 2022 op te lossen. Een verlaging van de taakstelling < € 5.000.

Uit de rekening 2021 blijkt dat positieve en negatieve afwijkingen zijn binnen de budgetten van het sociaal domein met betrekking tot de taakstelling. Per saldo zijn de werkelijke uitgaven 2021 € 398.600 lager dan de actuele raming. De grootste oorzaken zijn als volgt: •

Lagere uitkeringslasten WWB, IOAW, IOAZ, starters, niet starters en loonkostensubsidie € 203.000

• •

Lagere re-integratie uitgaven van € 100.000 Per saldo een voordeel van € 53.000 collectief aanvullend vervoer (Omnibuzz)

• •

Lager uitgaven hulpmiddelen € 80.000 Lager uitgaven wmo begeleiding en hulp bij de huishouding (HbH) € 145.000

•

Hoger uitgaven jeugdhulp € 245.000.

24

Voor een nadere toelichting op de verschillen wordt verwezen naar de paragraaf 2.4.3.1 Beter passende ondersteuning (uitkeringen, wmo, jeugdzorg) en 2.4.6.1 vergroten zelfredzaamheid (reintegratie). In deze toelichtingen zijn ook budgetten opgenomen die niet worden toegerekend aan de taakstelling zoals verhaal uitkeringen, voorliggende voorzieningen en afrekening voorgaande jaren. De taakstelling voor 2022 bedraagt € 0, daarna loopt deze op tot € 2.661.300 vanaf 2025. Het effect van de maatregelen is nog niet structureel gemuteerd ten gunste van de taakstelling. Uit het Programmaplan sociaal domein Midden-Limburg West 2021-2024 blijkt dat de te realiseren taakstelling op basis van de nieuwe verwerving (€ 1.180.000 in 2022 en vanaf 2023 € 2.225.000 structureel) niet meer realistisch is op basis van de nieuwe ontwikkelingen. Voor 2022 is dit eenmalig opgevangen met de extra middelen voor jeugdhulp die vanuit het Rijk worden ontvangen via de septembercirculaire 2021. Uit het programmaplan blijkt ook dat de taakstelling vanaf 2023 niet (volledig) gerealiseerd kan worden voor het onderdeel van de nieuwe verwerving. Daarom wordt via de kaderbrief 2023 voorgesteld om de taakstelling vanaf 2023 structureel te verlagen met € 1.112.500, waarmee de taakstelling structureel nog € 1.548.800 bedraagt. Dit zou gerealiseerd moeten worden middels de genomen maatregelen van het programmaplan.

In 2021 hebben de maatregelen uit de rapportage Duurzaam evenwicht in het sociaal domein in zijn totaliteit zeker effect gehad. En deze effecten lopen de komende jaren door. Echter door de blijvende stijgende zorgvraag, complexiteit van de (landelijke) ontwikkelingen, gevolgen van regionale samenwerkingen en de onzekerheid over extra inkomsten van het Rijk en (nog) geen besluitvorming om deze te minderen op de taakstelling, is het onzeker of we vanaf 2023 de taakstelling van € 1.548.800 zullen realiseren. Personeel en organisatie Bij zowel de begroting 2020-2023 als ook de begroting 2021-2024 is een bedrag opgenomen ten aanzien van een personele taakstelling. Inmiddels heeft het college besloten om functies te schrappen om te komen tot een invulling van de taakstelling, waarbij ook gekeken is naar het geen opgenomen is in de motie strakker sturen. Ten gunste van de taakstelling wordt de komende jaren voor 4,86 FTE aan vaste formatie afgeraamd. Tevens is een bedrag van € 50.000 afgeraamd als gevolg van hetgeen opgenomen is in de kadernota 2022 - 2025 ten aanzien van kunst en cultuur/ FMA. Strakker sturen Tijdens de raadsvergadering van 3 november 2020 is een motie aangenomen. Deze motie is tevens financieel vertaald in het aangenomen amendement inzake de begroting, waardoor een extra taakstelling is opgenomen van € 200.000.

Dit bedrag kan gevonden worden binnen de hele begroting indien het een resultante is van strakkere sturing binnen de organisatie. Tot op heden is nog geen invulling gegeven aan deze taakstelling. Wel zijn stappen gezet in het kader van strakker sturen. De boven formativiteit is opgelost binnen de bestaande formatie, wat resulteert voor een bedrag van € 222.305 aan minder meerkosten, de nieuwe budgethoudersregeling is vastgesteld en er is ook een nieuwe mandaatregeling vastgesteld. Tevens zijn bij de diverse raadsrapportages investeringskredieten afgeraamd ten gunste van de begrotingsruimte op basis van het in het verleden gemaakte afspraken. Derhalve hebben deze maatregelen geen budgettair effect voor de taakstelling.

25

Taakstellingen

(bedrag x 1.000) Restant Begroting Begroting Begroting Begroting 2021 2022 2023 2024 2025

Vastgoed

174

81

0

0

0

Accommodaties

32

141

141

141

141

Sociaal domein

0

0

2.708

2.658

2.661

Personeel en organisatie

0

0

0

0

0

Personeel en organisatie (griffie)

0

50

50

50

50

Motie strakker sturen

0

200

200

200

200

206

472

3.099

3.049

3.052

26

1.3 Projecten

(bedrag x 1.000) Indicatie

Indicatie Indicatie Indicatie Kredietvotering Uitgaven volume subsidie aandeel t/m 2021 t/m 2021 investering bijdrage gemeente

Fasering

Majeure projecten Burgerinitiatieven Integraal Kindcentrum Leudal West Aanvullende verkeersmaatregelen Integraal Kindcentrum Leudal West Subtotaal

10.280

10.280

1.246

871

p.m

p.m

10.280

10.280

1.246

871

3.600

50

103

2021

2021

Lokale projecten Fietspad Spoorbrug Buggenum Herinrichting Napoleonsweg Neer Herinrichting oude kern Baexem Zevenellen

7.100

3.500

P.M.

2022

P.M

2022 2022 2021

3.500 1.000

1.750 508

1.750 492

Subtotaal

11.600

5.758

5.842

50

103

Totaal

21.880

5.758

16.122

1.296

974

Burgerinitiatieven Integraal Kindcentrum Leudal West Na de definitieve locatiekeuze voor het nieuwe Kindcentrum op 30 juni 2020 (raadsbesluit) is er met alle partners hard gewerkt aan het proces, projectstructuur en communicatie. In 2021 is de werkgroep buitenruimte en verkeersveiligheid gestart. In deze werkgroep zijn de dorpsraden vertegenwoordigd, enkele omwonenden, SPOLT, Hoera Kindercentra, Stichting Bibliocenter en gemeente. Door de werkgroep is er nagedacht over de inrichting van de buitenruimte/openbaar gebied. Op basis daarvan is een ontwerper aangesteld. Naar verwachting ronden we deze ontwerpfase voor de buitenruimte begin 2022 af en start de architect met het ontwerpen van het gebouw. In 2021 hebben we het vlekkenplan, structuurontwerp, voorlopig ontwerp en definitief ontwerp afgerond. Het bestemmingsplan is in concept gereed gemaakt voor de omgevingsdialoog. Terinzagelegging volgt in het voorjaar van 2022. Aanvullende verkeersmaatregelen integraal kindcentrum Leudal West In mei 2021 nam het college de eindrapportage 'Verkeersmaatregelen Leudal West' voor kennisgeving aan. Vervolgens zijn er financiële middelen toegekend door de gemeenteraad om de maatregelen met de prioriteit 'hoog' en 'normaal' uit te voeren. Ter hoogte van de Brigittastraat zijn de voorbereidingen voor de werkzaamheden gestart. Daar is gekozen voor de volledige herinrichting van de straat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=bab15059-0e03-43f4-b7a9-27a309795b5c