Bijlage 2 Nota van Zienswijzen
Tekst van het document
Standpunt op deze zienswijze(n) Dit is niet correct. Een omgevingsvisie maakt geen ontwikkelingen direct mogelijk of onmogelijk. Het is een streefbeeld voor de langere termijn. Als het gaat om grootschalige zon- en windprojecten blijft relevant, dat het omgevingsplan (voorheen bestemmingsplan) grootschalige zon- en windenergie niet mogelijk maakt. Op grond van het beleidskader Duurzame Energie geldt, dat wanneer een grootschalige ontwikkeling wenselijk is, daartoe een openstellingsronde wordt gestart. Een opstellingsronde heeft tot doel initiatieven tegen elkaar af te wegen en te bezien hoe deze initiatieven kunnen landen in de omgeving (inwoners, landschap, ruimtelijk). Een openstellingsronde is nu niet aan de orde. Wij stimuleren zon op daken, niet in natuurgebieden.
Kenmerk zienswijze:#15+19, 16, 22, 62, 98, 100, 101 Dit betekent dat wij de Omgevingsvisie naar aanleiding van deze zienswijze niet aanpassen.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
59/71
2.8.3. Biobased bouwmaterialen Samenvatting zienswijze(n) Indiener is enthousiast over het stimuleren van verbouwen van biobased bouwmaterialen. Echter merkt indiener op dat dit op kleinschalige percelen te doen niet rendabel genoeg is. Geen realistisch oogpunt om van kleinschaligheid uit te gaan.
Standpunt op deze zienswijze(n) Wij stimuleren biobased productie en passen de teksten aan dat dit kleinschalig moet zijn. Als gemeente willen wij voorkomen dat er monoculturen van producten ontstaan.
Kenmerk zienswijze:#24+27 Dit betekent dat wij de Omgevingsvisie naar aanleiding van deze zienswijze wel aanpassen. De wijze waarop leest u in hoofdstuk 4.
2.8.4. Groengas Samenvatting zienswijze(n) Indiener meldt dat geschikte locaties voor de opwek van groen gas meer afhankelijk zijn of er een geschikt invoedpunt is voor het groengas op het aardgasnet en of er een voldoende zware elektraaansluiting aanwezig is. Dit kunnen dus ook locaties zijn die buiten die zones liggen.
Standpunt op deze zienswijze(n) In het buitengebied worden de mogelijkheden voor groengas op projectbasis beoordeeld. Kenmerk zienswijze:#20+29, 67, 80, 81, 83, 84, 86, 87, 89, 90, 91, 93, 94, 97, 106, 118, 121, 122, 124, 126, 127, 128, 130, 132, 133 Dit betekent dat wij de Omgevingsvisie naar aanleiding van deze zienswijze wel aanpassen.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
60/71
2.9. Gezond en veilig Leudal
2.9.1. Vrijkomende agrarische bebouwing Samenvatting zienswijze(n) Indiener deelt de zorg voor ondermijning bij leegstaand agrarisch vastgoed en vraagt meer aandacht voor hergebruik van vrijkomende agrarische bebouwing. Indiener vraagt om maatwerk, rekening houdend met de aard en locatie van nieuwe ontwikkelingen.
Standpunt op deze zienswijze(n) Vrijkomende agrarische bebouwing kan worden herontwikkeld binnen de kaders van het Omgevingsplan of in het perspectief van deze Omgevingsvisie. Hierbij is relevant dat overtollige bebouwing wordt gesloopt om misbruik daarvan nu of in de toekomst te voorkomen. Via flankerend beleid in de vorm van een sloopregeling zal sloop eveneens worden gestimuleerd. Het is voorzienbaar dat niet alle voormalige agrarische bebouwing getransformeerd kan worden. In dit kader merken wij tevens op, dat wij duurzame agrarische locaties graag willen behouden.
Kenmerk zienswijze:#66, 103, 118 Dit betekent dat wij de Omgevingsvisie naar aanleiding van deze zienswijze niet aanpassen.
2.9.2. Gevaar spuitmiddelen volksgezondheid Samenvatting zienswijze(n) Indiener geeft aan grote zorgen te hebben over het toegenomen gebruik van bestrijdingsmiddelen bij intensieve teelten. Dit heeft grote gevolgen en risico’s voor mens, dier, en milieu.
Standpunt op deze zienswijze(n) Uit onderzoek van de Gezondheidsraad en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu is gebleken dat gewasbeschermingsmiddelen zich in de (leef)omgeving rond landbouwpercelen kunnen verspreiden. Nadelige effecten op de volksgezondheid, het milieu en de natuur zijn niet uit te sluiten en worden de komende jaren nader onderzocht. Omdat specifieke afstandseisen in de wet ontbreken, is via de rechtspraak het idee van spuitzones uitgewerkt. Dit gebeurt op grond van het ‘voorzorgsprincipe’. Uit vaste rechtspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State blijkt dat een afstand van 50 meter als redelijk wordt geacht om nadelige effecten te voorkomen. In Leudal wordt in lijn met de rechtspraak een afstand van 50 meter aangehouden tot een perceel waarop gewasbeschermingsmiddelen kunnen worden gebruikt. In bijzondere gevallen kan van de afstand van 50 meter worden afgeweken mits door middel van een locatie specifiek onderzoek wordt aangetoond dat dit mogelijk is.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
61/71
In de visie zijn geen beperkingen opgenomen over spuitzones, beregening en bemesting. Hierin volgen wij de landelijke ontwikkelingen.
Kenmerk zienswijze:#46, 63, 79 Dit betekent dat wij de Omgevingsvisie naar aanleiding van deze zienswijze niet aanpassen.
2.9.3. Zonering N273 Samenvatting zienswijze(n) Indiener is van mening dat er een zonering voor de N273 moet komen vergelijkbaar met de zonering van gewasbeschermingsmiddelen.
Standpunt op deze zienswijze(n) De N273 is een provinciale weg, hiervoor gelden vaste normen en toegestane waarden. Wij volgen hier het geldende beleid
Kenmerk zienswijze:#89 Dit betekent dat wij de Omgevingsvisie naar aanleiding van deze zienswijze niet aanpassen.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
62/71
3. Ambtshalve wijzigingen In dit onderdeel leest u de ambtshalve wijzigingen per hoofdstuk van de (ontwerp) Omgevingsvisie. Met ambtshalve wijzigingen bedoelen wij elementen van de (ontwerp) Omgevingsvisie, waarvan wij vinden dat deze bij nader inzien niet juist of beter op een andere wijze kunnen worden opgenomen of juist geschrapt. De ambtshalve wijzigingen leiden tot wijzigingen in de Omgevingsvisie. Het betreft dan de visiekaart, de tekst of allebei. De wijze waarop wij de ambtshalve wijzigingen hebben verwerkt, leest u in hoofdstuk 4.
3.1. Algemeen 3.1.1. Inleiding Ambtshalve wijziging De inleiding is aangevuld met informatie over de inzageperiode.
3.1.2. Leeswijzer Ambtshalve wijziging De leeswijzer is aangepast voor wat betreft de opbouw van hoofdstuk 2 en 6 en voor wat betreft de naamgeving van de landschappelijke deelgebieden.
3.1.3. Samenvatting Ambtshalve wijziging De samenvatting is in lijn gebracht met de overige aanpassingen in de visie, zodat een consistent geheel ontstaat.
3.1.4. Tekstuele wijzigingen
Ambtshalve wijziging In de visie zijn verduidelijkende teksten aangebracht, waar dit (alsnog) nodig of wenselijk werd geacht.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
63/71
3.2. Kwaliteit als basis 3.2.1. Verdere verscherping landschappelijke deelgebieden en landschapstypen Ambtshalve wijziging Mede naar aanleiding van de zienswijzen is de opbouw van de visie tekstueel en op de kaart verduidelijkt en aangescherpt. Stap 1: verduidelijking tussen landschapstype (beekdal, kampen, velden) en deelgebied (de vier gebieden). De vier deelgebieden hebben namen gekregen die niet één op één hetzelfde zijn als de landschappen. Bijvoorbeeld beekdal en beekdallandschap was verwarrend. De vier gebieden hebben nieuwe namen gekregen. Stap 2: een betere omschrijving van wat de deelgebieden en landschappen inhouden en welke waarden we beogen te beschermen. Dit in tabelvorm en met sfeerimpressies. Stap 3: aanpassing op de visiekaart.
3.3. Wonen en leven in Leudal 3.3.1. STOP-principe Ambtshalve wijziging In de visie is opgenomen, dat plannen vanuit het perspectief van een actieve mobiliteit worden ontwikkeld en ingericht. Dit vinden wij een duidelijkere omschrijving dan het STOP (Stappen, Trappen, OV en Privévervoer) principe.
3.4. Ondernemen en werken in Leudal (algemeen) 3.4.1. Verduurzaming bedrijventerreinen Ambtshalve wijziging We vinden het belangrijk te benadrukken dat wij op bedrijventerreinen modernisatie, verduurzaming en vergroening bewerkstelligen.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
64/71
3.5. Ondernemen en werken in Leudal (agrarisch) 3.5.1. Duidelijkere richting Ambtshalve wijziging Mede op basis van de ingediende zienswijzen hebben wij geconcludeerd, dat de paragraaf ‘ondernemen en werken (agrarisch) verduidelijking nodig had. In dit hoofdstuk hebben wij enkele tekstuele wijzigingen opgenomen, maar in hoofdzaak verduidelijking aangebracht door het opnemen van een richtinggevende tabel. Deze tabel beschrijft in hoofdlijnen welke gebruiksmogelijkheden er zijn voor de diverse landschapstypes. Bestaande bedrijven, met vergunde rechten en -gebruiksmogelijkheden, behouden het recht om dit te blijven uitvoeren.
3.6. Natuurlijk Leudal 3.6.1. Tekst aangepast aan wijzigingen in hoofdstuk 2 Ambtshalve wijziging Mede op basis van de ingediende zienswijzen hebben wij geconcludeerd, dat het hoofdstuk 6 Natuurlijk Leudal aanpassing behoefde om in lijn te geraken met hoofdstuk 2. In dit hoofdstuk is de bestaande situatie beter beschreven en de ambitie meer tot uitdrukking gebracht.
3.7. Duurzaam en toekomstbestendig Leudal 3.7.1. Verduidelijking in de opgaven Ambtshalve wijziging Er is sterker benadrukt dat de opgave op het gebied van netverzwaring groot is. Met name op het gebied van leidingtracés en transformatorstations. Het begrip ‘consuminderen’ is verwijderd vanwege de beperkte invloed van de lokale overheid op dit fenomeen. Tot slot is meer tot uitdrukking gebracht dat initiatieven voor groen gas op projectbasis worden beoordeeld en dat hierover geen generiek standpunt kan worden ingenomen.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
65/71
3.8. De Omgevingsvisie in de praktijk 3.8.1. Gebruikswijze van de visie en toetsingsmogelijkheden Ambtshalve wijziging Wij hanteren het principe ‘ja, tenzij…’ en leggen uit hoe de Omgevingsvisie in dat verband moet worden gebruikt.
3.9. Bijlage 1 – Begrippen 3.9.1. Toevoegen van begrippen Ambtshalve wijziging De volgende begrippen zijn, mede naar aanleiding van zienswijzen, toegevoegd: -
Cultuurhistorisch erfgoed Kampen Velden Bosmozaïek Beekdalen Ontginningsgronden Maasdal
Het merendeel van deze begrippen is toegevoegd voor het kunnen toepassen van de landschapstypen in de praktijk.
3.9.2. Verwijderen van begrippen Ambtshalve wijziging De volgende begrippen zijn, mede naar aanleiding van zienswijzen, verwijderd: -
Geïntegreerde landbouw Landschapsinclusieve landbouw
Deze begrippen komen niet meer afzonderlijk terug op de visiekaart of in de visietekst.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
66/71
3.9.3. Aanpassing van begrippen Ambtshalve wijziging De volgende begrippen zijn, mede naar aanleiding van zienswijzen, aangepast: -
Deelgebied Kernrandzone Extensieve landbouw Natuurinclusieve recreatie
De aanpassingen komen voort uit wijzigingen in de tekst van de visie of de aanpassingen op de visiekaart.
3.10.
Visiekaart
Ambtshalve wijziging Op de visiekaart zijn enkele zoeklocaties voor woningbouw iets verplaatst of gewijzigd. Dit om beter aan te sluiten bij de actuele ontwikkelingen daarover of omdat er abusievelijk niet geografisch juist een zoekicoon was geplaatst. Daarnaast zijn de met de agrarische sector verband houden iconen verwijderd. De benamingen van de vier landschappelijke deelgebieden aangepast.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
67/71
4. Wijzigingen Omgevingsvisie In hoofdstuk 2 en 3 zijn onderwerpen opgenomen die aanleiding vormen de Omgevingsvisie te wijzigen. In de paragrafen hierna zijn in tabelvorm de wijzingen inzichtelijk gemaakt. Hierbij is steeds verwezen naar de zienswijze en de beantwoording van de zienswijze, het onderwerp en de wijziging. De wijziging is kort samengevat. Het kan dan gaan om wijzigingen op de visiekaart of in de tekst. Wijzigingen in de tekst zijn gegroepeerd in wijzigingen per onderwerp en enkele tekstuele wijzigingen. Kleine tekstuele wijzigingen zijn niet woordelijk opgenomen in de hierna volgende tabellen.
4.1. Visietekst Verwijzing voorafgaand hoofdstuk Hoofdstuk 2, paragraaf 2.2 en 2.5.16 en 2.5.17 en 2.5.24 en 2.5.31 en 2.5.37 en 2.7.15 Hoofdstuk 3, paragraaf 3.2.1 en 3.4.1
Onderwerp
Wijziging in de tekst
Opbouw van de visie
Hoofdstuk 2.1.7
Begrippen
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.3.6
Huisvesting internationale werknemers (arbeidsmigranten)
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.5.1 en 2.5.2 en 2.7.14
Kernrandzones
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.5.5
Spuit(vrije)zones
De hoofdstukken 2, 4 en 6 zijn qua opbouw gewijzigd. Het gaat in hoofdstuk 2 om de relatie naar de gewijzigde kaart, de herbenaming van de landschappelijke deelgebieden, de omschrijving van de landschapstypen en de te beschermen waarden. Hierin is een omschrijving van de gebieden en landschapstypen opgenomen een samenvattende en verduidelijkende tabel alsmede een sfeerimpressie van het streefbeeld van een gebied of landschap. In hoofdstuk 4 is een richtinggevende tabel opgenomen, waarmee beter inzichtelijk wordt met welke waarden rekening moet worden gehouden bij het ontwikkelen en realiseren van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. In hoofdstuk 6 is de ambitie op het vlak van Natuur en Erfgoed opgenomen. Bijlage 1, Begrippen. Aanpassing en aanvulling van de begrippen in bijlage 1 van de Omgevingsvisie. In hoofdstuk 3 ‘Wonen en leven’ is bij buitengebied de tekst tussen haakjes toegevoegd. Het (tijdelijk) huisvesten van internationale werknemers, (indien passend op de locatie en in het landschap); Hoofdstuk 6. Tekstuele aanpassing onder ‘kernrandzones’. Kernrandzones hebben alleen een visuele impact (groene jas) en vanuit de Omgevingsvisie geen ruimtelijke consequentie voor wat betreft beperking in normen. Bijlage 1, Begrippen. In de begripsomschrijving ‘Kernrandzone’ zijn de voorbeelden bij ‘milieutechnische bescherming’ verwijderd.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
68/71
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.5.10
Opslag energie
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.5.12 Hoofdstuk 2, paragraaf 2.6.3 Hoofdstuk 2, paragraaf 2.6.7
Benaming van deelgebieden
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.6.10
Begripsomschrijvingen recreatie en toerisme
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.7.2 Hoofdstuk 2, paragraaf 2.7.4
Biodiversiteit
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.7.5 Hoofdstuk 2, paragraaf 2.7.6 Hoofdstuk 2, paragraaf 2.7.7 Hoofdstuk 2, paragraaf 2.7.19
Erfgoedensembles
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.7.20
Aandacht voor landgoederen
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.7.22
Natuurparels
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.8.3
Bio-based bouwen
Hoofdstuk 2
Ongelukkige woordkeuzen of zinnen
Hoofdstuk 3, paragraaf 3.1.1 Hoofstuk 3, paragraaf 3.1.2
Inleiding
Hoofdstuk 3, paragraaf 3.1.3
Samenvatting
Relatie recreatie en erfgoed Tekstvoorstellen recreatie en toerisme
Kloppeven Horn als onderdeel van deelgebied Maasdal
Kleine landschapselementen Laaglandbeek Groene agenda
Leeswijzer
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Hoofdstuk 7. Onder ‘wat willen we?’ is opgenomen dat voor energieopslag een nadere uitwerking nodig is. Gehele visie. Aanpassing en verduidelijking. Hoofdstuk 5 en 6. Relatie in tekstaanpassingen verwerkt. Tekst ‘druk op natuurgebieden’ en tekst ‘randvoorwaarden’ worden verwerkt in hoofdstuk 5 van de visie. Gehele visie. Om verwarring te vermijden is het begrip recreatie waar nodig in de omgevingsvisie verduidelijkt. Bijlage 1, begrippenlijst. In de begrippenlijst is onze interpretatie van deze begrippen ‘(dag)recreatie’, ‘toerisme’, ‘verblijfsrecreatie’ en ‘vrijetijdslandschap’ opgenomen. Hoofdstuk 5. Aanvulling van dit onderwerp per deelgebied. Hoofdstuk 6. Bij de omschrijving ‘waar staan we nu?’ in relatie tot ‘Leudal en omgeving’ is deze nuancering opgenomen. Hoofdstuk 6. Bij de omschrijving ‘waar staan we nu?’ is het belang hiervan benadrukt. In hoofdstukken 2 en 6 zijn deze meer en beter omschreven. In hoofdstuk 6 is de diversiteit aangevuld Hoofdstuk 2 en 6. Tekstuele aanpassingen en verwijzing naar vervolg in vorm van een programma. Hoofdstuk 2 en 6. Tekstuele aanpassingen en verwijzing naar vervolg in vorm van een programma. Hoofdstuk 2 en 6. Tekstuele aanpassingen en verwijzing naar vervolg in vorm van een programma. Hoofdstuk 7. Kleinschaligheid verwijderd, wel waarborg ingebouwd ter voorkoming van mono-cultuur.
Op enkele plekken in de visie zijn wat onbewust ongelukkige termen of zinnen gebruikt. Deze zijn aangepast. Onder 1.2 van de Omgevingsvisie. Aanvulling inleiding met zienswijze en inzage informatie. Onder 1.3 van de Omgevingsvisie. Aanpassing van de leeswijzer (opbouw en benaming landschappelijke deelgebieden). Onder 1.4 van de Omgevingsvisie. Samenvatting aangepast aan alle overige aanpassingen voor een consistent geheel.
69/71
Hoofdstuk 3, paragraaf 3.2.1
STOP-principe
Hoofdstuk 3, paragraaf 3.3.1
Verduurzaming bedrijventerreinen
Hoofdstuk 3, paragraaf 3.8.1
Omgevingsvisie in de praktijk
Hoofdstuk 3, paragraaf 3.9
Begrippen
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Onder 3.2 van de Omgevingsvisie. Het STOPprincipe gewijzigd in actieve vormen van vervoer als basis voor ontwikkeling en inrichting. Onder 4.1 van de Omgevingsvisie. Aandacht voor verduurzaming bedrijventerreinen toegevoegd. Onder 9.1 van de Omgevingsvisie. Uitleg over de praktische toepasbaarheid van de visie bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Bijlage 1. Diverse begrippen zijn toegevoegd, aangepast of verwijderd.
70/71
4.2. Visiekaart Verwijzing voorafgaand hoofdstuk Hoofdstuk 2, paragraaf 2.2 Hoofdstuk 3, paragraaf 3.2.1 en 3.10 Hoofdstuk 2, paragraaf 2.2, 2.5.16, 2.5.17 Hoofdstuk 3, paragraaf 3.2.1 en 3.10 Hoofdstuk 2, paragraaf 2.3.2 Hoofdstuk 3, paragraaf 3.10
Onderwerp
Wijziging op de kaart
Zonering voor diverse soorten landbouw
Deze zonering is verwijderd. Daarvoor in de plaats is een zonering aangebracht van de landschapstypen. Deze landschapstypen komen terug in de visietekst. Deze iconen zijn verwijderd.
Hoofdstuk 2, paragraaf 2.4.1 Hoofstuk 2, paragraaf 2.5.12 en 2.5.24 en 2.5.31 Hoofdstuk 3, paragraaf 3.2.1 en 3.10
Bedrijventerrein Roggel
Iconen voor traktoren, fruit, etc.
Zoekgebied woningbouw Neer ter hoogte van Molenstraat, Bergerstraat en Hanssum
Benamingen deelgebieden
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Het icoon ‘zoekgebied woningbouw’ staat te hoog ingetekend en geldt voor de zone tussen het dorp en het bedrijventerrein Soerendonck. De driehoek Molenstraat, Bergerstraat, Hanssum valt daar binnen. De kaart wordt hierop aangepast. Begrenzing aangepast. De deelgebieden hebben nieuwe namen gekregen, om beter onderscheid te maken tussen het deelgebied en het landschapstype. 1. Cultuurgronden van westelijk Leudal (was: Beekdalenlandschap) 2. Ontginningsgronden van noordelijk Leudal (was: Jong ontginningslandschap) 3. Het Maasdal (was: Maasdallandschap) 2. 4. Leudal en omgeving is niet gewijzigd
71/71