CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan regels

Raadsvergadering 14 februari 2023, gemeente LeudalBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘RvR kavels Noorderbaan te Heythuysen’ + Vaststellen beeldkwaliteitsplan ‘RvR Noorderbaan’26.218 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan RvR-Kavels Noorderbaan Te Heythuysen Regels NL.IMRO.1640.BP22HyBevelandeRvR-VG01

Afbeelding: plangebied RvR-Kavels Noorderbaan Te Heythuysen

Inhoudsopgave

Regels

5

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

6 6 18

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10

Bestemmingsregels Agrarisch Agrarisch met waarden Bos Groen Verkeer Wonen Waarde - Archeologie 5 Waterstaat - Beschermingszone watergang

19 19 22 25 28 30 32 37 40

Hoofdstuk 3 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Algemene procedureregels Overige regels

43 43 44 46 47 49 52 54 55

Hoofdstuk 4 Artikel 19 Artikel 20

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

56 56 57

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

3

Regels

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

5

Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder:

1.1

Plan

het bestemmingsplan 'RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen' met identificatienummer NL.IMRO.1640.BP22HyBevelandeRvR-VG01 van de gemeente Leudal.

1.2

Bestemmingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

1.3

Aanduiding

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.4

Aanduidingsgrens

grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.

1.5

Aaneengebouwde woning

een woning die onderdeel uitmaakt van een blok van meer dan twee aaneengebouwde grondgebonden woningen die niet onderling zijn gekoppeld door een bijbehorend bouwwerk.

1.6

Achtererfgebied

erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen. Indien op een perceel meer gebouwen aanwezig zijn die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming of indien het hoofdgebouw geen woning is, maar op het perceel wel een of meer op de grond staande woningen aanwezig zijn, wordt het achtererfgebied bepaald door het hoofdgebouw, de woning of een van de andere hiervoor bedoelde gebouwen, waarvan de voorkant het dichtst is gelegen bij openbaar toegankelijk gebied.

1.7

Afhankelijke woonruimte

een bijbehorend bouwwerk (vrijstaand en/of aangebouwd) dat qua ligging een ruimtelijke eenheid vormt met de woning en waarin uit een oogpunt van mantelzorg een huishouding gehuisvest is.

1.8

Agrarisch bedrijf

een bedrijf dat in hoofdzaak is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, een paardenhouderij hieronder begrepen.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

6

1.9

Agrarisch hobbymatig gebruik

kleinschalig agrarisch gebruik, anders dan ten behoeve van een agrarisch bedrijf.

1.10

Archeologische waarde

de aan een gebied toegerekende waarde in verband met de kennis en de studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteit uit oude tijden.

1.11

Bebouwd oppervlak

de buitenwerks gemeten (geprojecteerde) oppervlakte van zowel gebouwen als bouwwerken geen gebouwen zijnde, een zwembad uitgezonderd, op het maaiveld van het perceel.

1.12

Bebouwde kom

de buitenwerks gemeten (geprojecteerde) oppervlakte van zowel gebouwen als bouwwerken geen gebouwen zijnde, een zwembad uitgezonderd, op het maaiveld van het perceel.

1.13

Bebouwing

één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

1.14

Bebouwingspercentage

een op de verbeelding of in de regels aangegeven percentage, dat de grootte aangeeft van het deel van het bouwvlak dat ten hoogste mag worden bebouwd.

1.15

Bed & breakfast

een voorziening, zonder eigen kookgelegenheid, in een woning of een bijbehorend bouwwerk behorende bij de woning en gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt, als toeristisch-recreatieve activiteit, ondergeschikt aan de betreffende bestemming. Een bed & breakfast functioneert door de bouwkundige opzet, indeling en maatvoering niet als zelfstandige woning. Een aparte kookgelegenheid bij de voorziening is niet toegestaan. Onder een bed & breakfast-voorziening wordt niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid (zie ook artikel 2.6, Wijze van meten en artikel 15.2, Bed & Breakfast).

1.16

Bedrijf aan huis

het verrichten van een bedrijfsmatige activiteit dan wel naar aard en invloed op de omgeving daarmee gelijk te stellen bedrijvigheid, die door zijn beperkte omvang in een woning en/of daarbij behorende bijbehorende bouwwerk(en) met behoud van het wonen als overwegende functie kan worden uitgeoefend, zulks met uitzondering van een seksinrichting.

1.17

Beeldkwaliteit

het optimaal op elkaar afstemmen van bebouwing met de karakteristieken van de locatie en omgeving door middel van aandacht voor stedenbouwkundige aspecten, architectuur, historie en landschap.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

7

1.18

Beroep aan huis

een beroep of het verlenen van diensten op administratief, consument verzorgend, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch, of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en de daarbij behorende bijbehorende bouwwerken met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend, zulks met uitzondering van een seksinrichting.

1.19

Bestaand

a. bij bebouwing: bebouwing zoals aanwezig op het tijdstip van de ter inzage legging van het vastgesteld bestemmingsplan, dan wel mag worden gebouwd krachtens een verleende bouwvergunning; b. bij gebruik: gebruik zoals aanwezig ten tijde van de ter inzage legging van het vastgestelde bestemmingsplan.

1.20

Bestemmingsgrens

de grens van een bestemmingsvlak.

1.21

Bestemmingsvlak

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

1.22

Bijbehorend bouwwerk

uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel een functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak.

1.23

Bijzondere woonvorm

een woonverblijf waarin, al dan niet zelfstandige, woningen/kamers zijn opgenomen met gemeenschappelijke voorzieningen, zoals begeleid wonen voor mindervalide personen, een woonzorgcomplex of daarmee gelijk te stellen voorziening, met dien verstande dat onder bijzondere woonvorm niet wordt verstaan crisis-opvang.

1.24

Bouwen

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.

1.25

Bouwgrens

de grens van een bouwvlak.

1.26

Bouwlaag

een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

8

1.27

Bouwperceel

een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

1.28

Bouwperceelgrens

de grens van een bouwperceel.

1.29

Bouwvlak

een geometrisch bepaald vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.

1.30

Bouwwerk

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren.

1.31

Carport

een bijbehorend bouwwerk in de vorm van een overdekte stallinggelegenheid voor voertuigen, aan minimaal 1 zijde open, waarbij de open zijde is gericht naar het openbare gebied ter plekke van de uitrit.

1.32

Crisisopvang

acute opvang of opname van mensen in een acute noodsituatie (psychisch of lichamelijk).

1.33

Detailhandel

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen, die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, zulks met uitzondering van horecabedrijven.

1.34

Erf

al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en het bestemmingsplan die inrichting niet verbiedt.

1.35

Evenement

een georganiseerde, voor het publiek toegankelijke activiteit van vermaak op het gebied van onder meer sport, muziek, kunst, hobby, tuin, vrije tijd en sociaal cultureel vlak. Er kan sprake zijn van een Ruimtelijk relevant evenement (zie 1.72) danwel van een Ruimtelijk niet relevant evenement (zie 1.71).

1.36

Gebouw

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

9

1.37

Gestapelde woningen

woningen waarboven en/of waaronder een andere woning is gebouwd of andere woningen zijn gebouwd.

1.38

Gevoelig object

object waar personen langdurig verblijven, zoals woningen, scholen, crèches en kinderdagverblijven;

1.39

Goed woon- en leefklimaat

woon- en leefklimaat waarbij in ieder geval wordt voldaan aan de normen van alle relevante milieuaspecten zoals geluid, bodem, geurhinder, luchtkwaliteit en externe veiligheid.

1.40

Halfvrijstaande woning

een woning waarvan het hoofdgebouw met één gevel gekoppeld is aan het hoofdgebouw op een naastgelegen perceel.

1.41

Hobbymatig

het niet-bedrijfsmatig, niet-commercieel maar als vrijetijdsbesteding uitvoeren van activiteiten. Vanuit deze activiteiten wordt geen hoofdinkomen gegenereerd.

1.42

Hoekwoning

woning gelegen op de hoek van twee openbare wegen, fiets- en/of voetpaden.

1.43

Hoofdgebouw(en)

een gebouw, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.

1.44

Horeca

het bedrijfsmatig verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het bedrijfsmatig exploiteren van zaalaccommodatie en/of het bedrijfsmatig verstrekken van nachtverblijf, niet zijnde een seksinrichting. Er wordt onderscheid gemaakt in Horeca van categorie 1 - 'lichte horeca', 'Horeca van categorie 2 - 'middelzware horeca' en Horeca van categorie 3 - 'zware horeca':

1.45

Horeca van categorie 1 - 'lichte horeca'

horecabedrijven die in beginsel alleen overdag en 's avonds behoeven te zijn geopend (vooral verstrekking van etenswaren en maaltijden) en daardoor slechts beperkte hinder voor omwonenden veroorzaken. Binnen deze categorie worden de volgende subcategorieën onderscheiden: a. wat openingstijden betreft aan de detailhandel verwante horeca, zoals: 1. automatiek; 2. broodjeszaak; 3. cafetaria; 4. croissanterie; 5. koffiebar; 6. lunchroom; 7. ijssalon;

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

10

8. snackbar; 9. tearoom; 10. traiteur. b. overige lichte horeca, zoals: 1. bistro; 2. restaurant (zonder bezorg- en/of afhaalservice); 3. hotel.

1.46

Horeca van categorie 2 - 'middelzware horeca'

Binnen deze categorie worden de volgende subcategorieën onderscheiden: a. horecabedrijven die normaal gesproken ook delen van de nacht geopend zijn en die daardoor aanzienlijke hinder voor omwonenden kunnen veroorzaken, zoals: 1. bierhuis; 2. biljartcentrum; 3. café; 4. proeflokaal; 5. shoarma/grillroom; 6. zalenverhuur. b. horecabedrijven met een relatief grote verkeersaantrekkende werking, zoals: 1. horecabedrijven genoemd onder 1.45, onder a en b met een bedrijfsoppervlak van meer dan 250 m²; 2. restaurant met bezorg- en/of afhaalservice (o.a. pizza, shoarma/kebab, chinees, drive-in restaurant).

1.47

Horeca van categorie 3 - 'zware horeca'

horecabedrijven die voor een goed functioneren ook 's nachts geopend zijn en die tevens een groot aantal bezoekers aantrekken en daardoor grote hinder voor de omgeving met zich mee kunnen brengen, zoals: a. b. c. d.

dancing; discotheek; nachtclub; partycentrum.

1.48

Huishouden

persoon of groep personen die een huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan

1.49

Kamerbewoning

het bewonen van een onzelfstandige wooneenheid, niet zijnde het verstrekken van logies.

1.50

Kap

de volledige of nagenoeg volledige afdekking van een gebouw in een gebogen vorm dan wel met een dakhelling.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

11

1.51

Kunstwerken

bouwwerken geen gebouwen zijnde van weg- en waterbouwkundige aard, zoals bruggen, viaducten, duikers, keerwanden, beschoeiingen, kademuren en dergelijke, alsmede artistieke kunstuitingen in de vorm van standbeelden, glaswerken, schilderingen en dergelijke.

1.52

Mantelzorg

intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond.

1.53

Nota kwaliteit

de Nota Kwaliteit van de gemeente Leudal, waarin de uitgangspunten waarbinnen de gemeente initiatiefnemers voor ruimtelijke ontwikkelingen binnen de zonering 'Buitengebied' volgens het POL 2014 een kwaliteitsbijdrage gaat vragen, ter uitwerking van het Limburgs Kwaliteitsmenu, zoals opgenomen als 'Bijlage 2 Nota Kwaliteit' bij deze regels.

1.54

Omgevingsvergunning

een vergunning krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht ten behoeve van het verrichten van de in die vergunning beschreven activiteiten.

1.55

Onbenutte bouwtitel

een bestemmings-/bouwvlak waarop volgens dit bestemmingsplan een (bedrijfs)woning kan worden gerealiseerd, maar feitelijk nog geen woning is gerealiseerd.

1.56

Ondergeschikt bouwdeel

een buiten de gevel of dakvlakken uitstekend deel (maximaal 1 meter) van een bouwwerk.

1.57

Ondergeschikte functie

een activiteit van zeer beperkte bedrijfsmatige en/of ruimtelijke omvang zodat de functie waaraan zij wordt toegevoegd, qua aard, omvang en verschijningsvorm, overwegend of nagenoeg geheel als hoofdfunctie herkenbaar blijft.

1.58

Ondergronds bouwwerk

een (gedeelte van) een bouwwerk, waarvan de bovenkant van de vloer is gelegen op ten minste 1,75 meter beneden peil.

1.59

Ondergrondse werken, geen bouwwerken zijnde

werken, geen bouwwerken zijnde, die onder peil plaatsvinden.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

12

1.60

Ontvankelijke aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen

een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, sub a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, die voldoet aan de indieningsvereisten zoals bedoeld in de 'Regeling omgevingsrecht'.

1.61

Onzelfstandige wooneenheid

wooneenheid welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij keuken, toilet, badkamer en douche als wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt.

1.62

Overig bouwwerk

Een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.

1.63

Overkapping

een bouwwerk, geen gebouw zijnde in de vorm van een (bijbehorend) bouwwerk met minimaal een open wand.

1.64

Paardenbak

Een niet-overdekte piste voorzien van een bewerkte/aangepaste bodem anders dan gras waar naast training en africhting van het paard eveneens toetsing van prestaties van de combinatie paard en ruiter in diverse disciplines kan plaatsvinden. Een paardenbak is al dan niet omheind door een constructie van enige omvang met een bouwhoogte van maximaal 1,50 meter.

1.65

Pand

De kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is.

1.66

Parkeervoorziening

elke al dan niet overdekte stallinggelegenheid ten behoeve van gemotoriseerd verkeer.

1.67

Parkeren

het laten stilstaan van een voertuig anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van passagiers of voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen.

1.68

Peil

a. Voor gebouwen waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de weg grenst: maximaal 30 cm boven de kruin van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang. b. In andere gevallen: maximaal 30 cm boven de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld.

1.69

Perceel

het bouwperceel.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

13

1.70

Prostitutie

het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met/voor een ander tegen vergoeding.

1.71

Ruimtelijk niet relevant evenement

activiteit in de openlucht of in een tijdelijke accommodatie (bijvoorbeeld feesttent) met een duur van maximaal 3 dagen, inclusief opbouwen en afbreken, zoals: a. b. c. d. e.

privéfeesten; buurtbarbecues en buurtfeesten; feesten en grootschalige activiteiten in scholen; (demonstratieve) optochten en bijeenkomsten, al dan niet van politieke aard; activiteiten die worden georganiseerd om redenen van promotie, public relations, publiciteit e.d. zoals de opening van tentoonstellingen, ontvangsten, prijsuitreikingen, symposia en productpresentaties; f. (theater)voorstellingen zoals die regelmatig plaatsvinden in gemeenschapshuizen / cultureel centrum; g. rommelmarkten, vlooienmarkten, kofferbakmarkten e.d.; h. bioscoopvoorstellingen; i. weekmarkten op basis van de gemeentewet; j. kansspelen; k. dansgelegenheden (gevestigd in horecazaken); of daarmee naar aard en omvang en invloed op onderliggende en nabijgelegen bestemmingen vergelijkbare activiteiten, met dien verstande dat alsnog sprake is van een ruimtelijk relevant evenement indien: a. sprake is van meer dan 6 evenementen per locatie per kalenderjaar; b. sprake is van meer dan 1 evenement per locatie per maand; c. het aantal aanwezigen meer bedraagt dan 100 personen ingeval van privéfeesten, buurtbarbecues en buurtfeesten; d. de activiteit plaats vindt tussen 24.00 en 09.00 uur; e. er muziek ten gehore wordt gebracht voor 09.00 uur of na 24:00 uur; f.

er onevenredig nadelige gevolgen zijn voor de verkeers- en bereikbaarheidssituatie die niet door het treffen van verkeersmaatregelen kunnen worden gecompenseerd; g. er objecten worden geplaatst met een oppervlakte van meer dan 50 m2.

1.72

Ruimtelijk relevant evenement

een evenement, niet zijnde een ruimtelijk niet relevant evenement, waarvan de aard of de publieksaantrekkende werking vanuit een oogpunt van impact op de omgeving dusdanig grootschalig is dat daarin zonder nadere ordening niet kan worden voorzien en waarbij een of meer van de volgende omstandigheden zich voordoet(n): a. het evenement vindt al dan niet met een zekere regelmaat (bijvoorbeeld maandelijks, jaarlijks of jaar overstijgend) plaats, waardoor het normaal maatschappelijk gebruik van de gronden niet mogelijk is gedurende: 1. tenminste één aaneengesloten periode van 24 uur (inclusief het opbouwen en afbreken) of 2. tenminste twee niet opeenvolgende dagen of vier niet opeenvolgende dagdelen; b. er is sprake van een omvang van meer dan 100 bezoekers/deelnemers/toeschouwers/gasten gelijktijdig aanwezig; c. de geluidbelasting bedraagt meer dan 50 dB(A) op de gevel van de dichtst bij gelegen woningen om en nabij het de locatie waar het evenement wordt gehouden; d. de activiteit plaats vindt tussen 24.00 en 09.00 uur; e. er wordt muziek ten gehore gebracht voor 09.00 uur of na 24:00 uur; f. er is sprake van onevenredig nadelige gevolgen voor de verkeers- en bereikbaarheidssituatie die niet

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

14

door het treffen van verkeersmaatregelen kunnen worden gecompenseerd; g. er worden objecten geplaatst met een oppervlakte van meer dan 50 m2.

1.73

Schuilgelegenheid

een bouwwerk dat een dier de gelegenheid biedt te schuilen tegen weersinvloeden, waarbij het dier vrij in en uit kan lopen.

1.74

Seksinrichting

een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: a. b. c. d. e.

een prostitutiebedrijf; waaronder begrepen een erotische massagesalon en raamprostitutie; een seksbioscoop of sekstheater; een seksautomatenhal; een seksclub of parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar; een sekswinkel.

1.75

Stedenbouwkundig beeld

het beeld dat wordt bepaald door de bouwmassa's, de gevelindelingen, en de dakvormen van de bebouwing, alsmede de situering en de verschijningsvormen in zijn omgeving.

1.76

Straatmeubilair

op, aan of boven de openbare weg respectievelijk openbare ruimte geplaatste of hangende goederen, waaronder begrepen zitbanken, lantaarnpalen, prullenbakken, fietsenrekken, bloembakken-/potten, spandoeken, vlaggenmasten, (uithang-)borden, abri's, bushaltes, (straat-)verlichting e.d.

1.77

Straatprostitutie

het zich op de openbare weg respectievelijk openbare ruimte of in een zich op de openbare weg respectievelijk openbare ruimte bevindend voertuig beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding.

1.78

Tuin

omheind of afgeperkt stuk grond, behorende bij een hoofdgebouw en/of woning, dat is ingericht met (open) water en/of waterhuishoudkundige voorzieningen, groen en/of groenvoorzieningen en/of verharding(en) ten behoeve van het gebruiksgenot en ten dienste van het gebruik van het hoofdgebouw en/of woning.

1.79

Verbeelding

de verbeelding van het bestemmingsplan “RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen", bestaande uit de digitale en analoge verbeelding met IDN-nummer “NL.IMRO.1640.BP22HyBevelandeRvR-VG01”.

1.80

Voldoende parkeergelegenheid

er wordt voldaan aan de normen die zijn vastgelegd in de 'Nota Parkeernormen 2016' (bijlage 4), waarbij geldt dat indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging', tenzij in deze regels anders is aangegeven (zie ook artikel 18.1).

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

15

1.81

Voorerfgebied

erf dat geen onderdeel is van het achtererfgebied.

1.82

Voorgevel

een naar de openbare weg en/of fiets- en voetpad toegekeerde gevel van een hoofdgebouw.

1.83

Voorgevel hoekwoning

de gevel van een hoekwoning die qua vormgeving van de woning en het perceel alsmede de situering ten opzichte van de omliggende bebouwing als voorgevel wordt aangemerkt.

1.84

Voorgevelrooilijn

denkbeeldige lijn die strak loopt langs de gevel(s) die grenzen aan openbare wegen, fiets en/of voetpaden tot aan de perceelsgrenzen. Een hoekwoning heeft twee voorgevelrooilijnen.

1.85

Voorzieningen van algemeen nut

voorzieningen ten behoeve van het op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer alsmede kleinschalige (ondergrondse) voorzieningen voor afvalverzameling.

1.86

Vrijstaande woning

een woning die noch met het hoofdgebouw noch met een bijbehorend bouwwerk gekoppeld is aan het hoofdgebouw op een naastgelegen perceel.

1.87

Waterhuishoudkundige voorzieningen

waterhuishoudkundige voorzieningen zijn voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging en waterkwaliteit.

1.88

Weg

een voor het openbaar verkeer bestemde weg of pad, daaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de weg of pad behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de weg liggende en als zodanig aangeduide parkeervoorzieningen.

1.89

Wet/wettelijke regelingen

indien en voor zover in de regels wordt verwezen naar wettelijke regelingen c.q. verordeningen e.d., dienen deze regelingen te worden gelezen zoals deze luiden op het tijdstip van de tervisielegging van het ontwerpplan, tenzij anders bepaald.

1.90

Wonen

de permanente huisvesting van een of meerdere personen in een woning of bijzondere woonvorm, om daar zelfstandig of met meerdere personen gezamenlijk een huishouden te voeren.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

16

1.91

Woning

een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de zelfstandige huisvesting van één huishouden.

1.92

Woonurgent

de dringende noodzaak om te beschikken over een woonruimte waarbij een woningzoekende op basis van een beschikking in een urgentiecategorie als bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de Huisvestingswet 2014 wordt ingedeeld

1.93

Zijerfgebied

het deel van het voorerfgebied bij een hoekwoning, gelegen langs (het verlengde van) de zijgevel van de hoekwoning, voorzover dit geen deel uitmaakt van het achtererfgebied.

1.94

Zijgevel

de gevel van een woning die qua vormgeving van de woning en het perceel alsmede de situering ten opzichte van de omliggende bebouwing niet als voorgevel wordt aangemerkt.

1.95

Zijgevel hoekwoning

de naar het openbaar gebied gerichte gevel van een hoekwoning die qua vormgeving van de woning en het perceel alsmede de situering ten opzichte van de omliggende bebouwing als zijgevel wordt aangemerkt. De zijgevel van een hoekwoning ligt tevens in de voorgevelrooilijn.

1.96

Zelfstandige wooneenheid

wooneenheid met een eigen toegang en eigen wezenlijke voorzieningen, waarbij keuken, toilet, badkamer en douche als wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt. Een woonruimte waarvan de vertrekken uitkomen op een gemeenschappelijke gang of hal, maar met eigen keuken, douche en toilet, is eveneens een zelfstandige woonruimte.

1.97

Zolder

ruimte(n) in een gebouw die geheel of gedeeltelijk is (zijn) afgedekt met schuine of gebogen daken en die in functioneel opzicht deel uitmaakt/uitmaken van (de) daaronder gelegen bouwlaag of bouwlagen. Van een zolder is geen sprake indien de betreffende ruimte gelijkwaardig is aan de verblijfsruimten op de bouwlagen onder deze ruimte.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

17

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:

2.1

De dakhelling

Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

2.2

De goothoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

2.3

De inhoud van een bouwwerk

Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

2.4

De bouwhoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.5

De oppervlakte van een bouwwerk

Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

2.6

De oppervlakte van een bed & breakfastvoorziening

De oppervlakte, gemeten op vloerniveau, tussen de scheidingsmuren, die de desbetreffende ruimte of groep van ruimten die in gebruik is/zijn voor de bed & breakfastvoorziening, omhullen. Daarbij worden niet meegerekend: a. de oppervlakte van delen van vloeren, waarboven de nettohoogte kleiner is dan 1,50 meter, met uitzondering van vloeren onder trappen; b. een trapgat of vide; c. een liftschacht.

2.7

Afstand tot de bouwperceelgrens

Tussen de grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is.

2.8

Ondergrondse bouwdiepte van een bouwwerk

Vanaf het bouwkundig peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

18

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels Agrarisch

3.1 Bestemmingsomschrijving 3.2 Bouwregels 3.3 Nadere eisen 3.4 Afwijken van de bouwregels 3.5 Specifieke gebruiksregels

3.1

Bestemmingsomschrijving

(terug naar begin van artikel 3 - Agrarisch) De voor 'Agrarisch' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

agrarisch hobbymatig gebruik; hobbymatig houden van paarden; extensief recreatief medegebruik; ruimtelijk niet relevante evenementen, met inachtneming van het bepaalde in lid 3.5.2;

met de daarbij behorende: e. tuinen, erven, terreinen en perceelsontsluitingen; f. voorzieningen van algemeen nut; g. waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterberging- en infiltratievoorzieningen. Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de diverse (dubbel)bestemmingen en aanduidingen, zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 18.3.

3.2

Bouwregels

(terug naar begin van artikel 3 - Agrarisch) 3.2.1 Gebouwen en overkappingen 3.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen 3.2.1

Gebouwen en overkappingen

Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. op of in deze gronden mogen uitsluitend gebouwen en overkappingen ten behoeve van agrarisch hobbymatig gebruik en het hobbymatig houden van paarden worden gebouwd. b. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3 meter. c. de oppervlakte mag niet meer bedragen 15 m². 3.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde overkappingen, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 meter;

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

19

b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 meter. c. het realiseren van een paardenbak of stapmolen is niet toegestaan.

3.3

Nadere eisen

(terug naar begin van artikel 3 - Agrarisch) Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing: a. ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden en het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. ter waarborging van de benodigde waterberging.; c. ter waarborging van de brandveiligheid en rampenbestrijding; d. ter waarborging van de externe veiligheid; e. ter waarborging van de parkeercapaciteit op eigen terrein; f. ter waarborging van de sociale veiligheid; g. ter waarborging van de stedenbouwkundige kwaliteit en beeldkwaliteit van de naaste omgeving; h. ter waarborging van de verkeersveiligheid. (terug naar begin van artikel 3 - Agrarisch)

3.4

Afwijken van de bouwregels

(terug naar begin van artikel 3 - Agrarisch) 3.4.1 Schuilgelegenheden 3.4.2 Paardenbakken 3.4.1

Schuilgelegenheden

Door middel van een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.1 onder a. ten behoeve van het realiseren van een schuilgelegenheid voor het houden van dieren, met dien verstande dat: a. b. c. d. e. f. g. h.

de schuilgelegenheid bestaat uit een overdekte ruimte met maximaal 3 omsloten wanden; de goothoogte van de schuilgelegenheid maximaal 3 meter bedraagt; de bouwhoogte van de schuilgelegenheid maximaal 4,5 meter bedraagt; de oppervlakte van de schuilgelegenheid maximaal 30 m² bedraagt; aangetoond wordt dat binnen het bouwvlak geen ruimte is voor schuilgelegenheden; de schuilgelegenheid noodzakelijk is in het kader van dierenwelzijn; er voldaan is aan de eisen die gesteld zijn in de 'Nota Kwaliteit'(bijlage 2 van de regels); aangetoond wordt dat de landschappelijke waarden niet onevenredig worden aangetast.

(terug naar begin van lid 3.4 - Afwijken van de bouwregels) 3.4.2

Paardenbakken

Door middel van een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.2 onder c ten behoeve van het realiseren van een paardenbak of stapmolen, onder de voorwaarden dat: a. per agrarisch perceel maximaal 1 paardenbak of stapmolen is toegestaan ten behoeve van het hobbymatige houden van paarden; b. de paardenbak of stapmolen op minimaal 50 meter tot woningen van derden wordt gesitueerd; c. de bouwhoogte van een omheining rondom de paardenbak of stapmolen niet meer mag bedragen dan 1,5 meter; d. de omvang van de paardenbak niet meer mag bedragen dan 800 m²; e. lichtmasten bij de paardenbak of stapmolen niet zijn toegestaan; f. de paardenbak of stapmolen landschappelijk wordt ingepast.

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

20

(terug naar begin van lid 3.4 - Afwijken van de bouwregels)

3.5

Specifieke gebruiksregels

(terug naar begin van artikel 3 - Agrarisch) 3.5.1 Strijdig gebruik 3.5.2 Ruimtelijk niet relevante evenementen 3.5.1

Strijdig gebruik

Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt naast het bepaalde in artikel 13 in ieder geval gerekend het gebruik voor: a. b. c. d. e. f. g.

detailhandel; seksinrichting; prosititutie; geluidzoneringsplichtige inrichtingen; kamerbewoning; kamperen; parkeren op onbebouwde gronden voor de voorgevelrooilijn, tenzij het gronden betreft direct gelegen tussen de ingang van de bij het hoofdgebouw behorende garage of carport en de weg; h. permanente of tijdelijke bewoning van gebouwen; i. permanente of tijdelijke bewoning, voor zover het vrijstaande bijbehorende bouwwerken betreft; j. ruimtelijk relevante evenementen; k. jagershutten en hoogzitten; l. paardenbak of stapmolen, tenzij hiervoor een omgevingsvergunning is verleend op basis van lid 3.4.2. (terug naar begin van lid 3.5 - Specifieke gebruiksregels) 3.5.2

Ruimtelijk niet relevante evenementen

Het gebruik van gronden voor ruimtelijke niet relevante evenementen is toegestaan, met dien verstande dat: a. wordt voldaan aan de beleidsuitgangspunten en randvoorwaarden die zijn vastgelegd in de geldende 'Beleidsnota evenementen gemeente Leudal' en het geldende 'Uitvoeringsbeleid evenementen gemeente Leudal'; b. indien het onder a. bedoelde uitvoeringsbeleid gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging(en); c. voorzien dient te worden in voldoende parkeergelegenheid. (terug naar begin van lid 3.5 - Specifieke gebruiksregels)

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

21

Artikel 4

Agrarisch met waarden

4.1 Bestemmingsomschrijving 4.2 Bouwregels 4.3 Nadere eisen 4.4 Afwijken van de bouwregels 4.5 Specifieke gebruiksregels

4.1

Bestemmingsomschrijving

(terug naar begin van artikel 4 - Agrarisch met waarden) De voor 'Agrarisch met waarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

agrarische functie met natuur- en landschapswaarden; agrarisch grondgebruik; behoud en herstel van de aan het gebied eigen zijnde landschappelijke waarden; extensief recreatief medegebruik; ruimtelijk niet relevante evenementen, met inachtneming van het bepaalde in lid 4.5.2;

met de daarbij behorende: f. g. h. i. j.

landschappelijke inpassing; parkeervoorzieningen; tuinen, erven en terreinen; voorzieningen van algemeen nut; waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterberging- en infiltratievoorzieningen; k. wegen en paden. Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de diverse (dubbel)bestemmingen en aanduidingen, zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 18.3.

4.2

Bouwregels

(terug naar begin van artikel 4 - Agrarisch met waarden) 4.2.1 Gebouwen en overkappingen 4.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen 4.2.1

Gebouwen en overkappingen

Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. Op of in deze gronden mogen uitsluitend gebouwen en overkappingen ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut worden gebouwd. b. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3 meter. c. De oppervlakte van voorzieningen van algemeen nut mag niet meer bedragen 15 m². (terug naar begin van lid 4.2 - Bouwregels)

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

22

4.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde overkappingen, gelden de volgende regels: a. De hoogte van lichtmasten mag niet meer bedragen dan 6 meter. b. Overkappingen zijn niet toegestaan. c. De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 meter. (terug naar begin van lid 4.2 - Bouwregels)

4.3

Nadere eisen

(terug naar begin van artikel 4 - Agrarisch met waarden) Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing: a. ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden en het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. ter waarborging van de benodigde waterberging.; c. ter waarborging van de brandveiligheid en rampenbestrijding; d. ter waarborging van de externe veiligheid; e. ter waarborging van de parkeercapaciteit op eigen terrein; f. ter waarborging van de sociale veiligheid; g. ter waarborging van de stedenbouwkundige kwaliteit en beeldkwaliteit van de naaste omgeving; h. ter waarborging van de verkeersveiligheid.

4.4

Afwijken van de bouwregels

(terug naar begin van artikel 4 - Agrarisch met waarden) 4.4.1

Schuilgelegenheden

Door middel van een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 4.2.1 onder a. ten behoeve van het realiseren van een schuilgelegenheid voor het houden van dieren, met dien verstande dat: a. b. c. d. e. f. g. h. i.

4.5

de schuilgelegenheid bestaat uit een overdekte ruimte met maximaal 3 omsloten wanden; de goothoogte van de schuilgelegenheid maximaal 3 meter bedraagt; de bouwhoogte van de schuilgelegenheid maximaal 4,5 meter bedraagt; de oppervlakte van de schuilgelegenheid maximaal 30 m² bedraagt; aangetoond wordt dat binnen het bouwvlak geen ruimte is voor schuilgelegenheden; de schuilgelegenheid noodzakelijk is in het kader van dierenwelzijn; er voldaan is aan de eisen die gesteld zijn in de 'Nota Kwaliteit' (bijlage2 bij de regels); aangetoond wordt dat de landschappelijke waarden niet onevenredig worden aangetast.

Specifieke gebruiksregels

(terug naar begin van artikel 4 - Agrarisch met waarden) 4.5.1 Strijdig gebruik 4.5.2 Ruimtelijk niet relevante evenementen

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

23

4.5.1

Strijdig gebruik

Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt naast het bepaalde in artikel 13 in ieder geval gerekend het gebruik voor: a. opslag van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; b. het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; c. prostitutie; d. ruimtelijk relevante evenementen; e. kamperen; f. jagershutten en hoogzitten. (terug naar begin van lid 4.5 - Specifieke gebruiksregels) 4.5.2

Ruimtelijk niet relevante evenementen

Het gebruik van gronden voor ruimtelijke niet relevante evenementen is toegestaan, met dien verstande dat: a. wordt voldaan aan de beleidsuitgangspunten en randvoorwaarden die zijn vastgelegd in de geldende 'Beleidsnota evenementen gemeente Leudal' en het geldende 'Uitvoeringsbeleid evenementen gemeente Leudal'; b. indien het onder a. bedoelde uitvoeringsbeleid gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging(en); c. voorzien dient te worden in voldoende parkeergelegenheid. (terug naar begin van lid 4.5 - Specifieke gebruiksregels)

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

24

Artikel 5

Bos

5.1 Bestemmingsomschrijving 5.2 Bouwregels 5.3 Specifieke gebruiksregels 5.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

5.1

Bestemmingsomschrijving

(terug naar begin van artikel 5 - Bos) De voor 'Bos' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bosgebied; b. extensief recreatief medegebruik; c. landschappelijke inpassing ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bos landschappelijke inpassing'; met de daarbij behorende: d. paden en toegangswegen; e. voorzieningen van algemeen nut; f. waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen. Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de diverse (dubbel)bestemmingen en aanduidingen, zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 18.3.

5.2

Bouwregels

(terug naar begin van artikel 5 - Bos) 5.2.1 Gebouwen en overkappingen 5.2.2 Overige bouwwerken 5.2.1

Gebouwen en overkappingen

Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd. (terug naar begin van lid 5.2 - Bouwregels) 5.2.2

Overige bouwwerken

Voor het bouwen van overige bouwwerken gelden de volgende regels: a. De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 meter. b. De bouwhoogte van andere overige bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 meter. (terug naar begin van lid 5.2 - Bouwregels)

5.3

Specifieke gebruiksregels

(terug naar begin van artikel 5 - Bos) Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt naast het bepaalde in artikel 13 in ieder geval gerekend het gebruik voor:

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

25

a. opslag van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; b. het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; c. kamperen; d. prostitutie; e. evenementen.

5.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden (terug naar begin van artikel 5 - Bos)

5.4.1 Vergunningplicht 5.4.2 Uitzonderingen 5.4.3 Toelaatbaarheid 5.4.1

Vergunningplicht

Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Bos' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanleggen, verharden en amoveren van wegen, paden en parkeergelegenheden en het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; b. het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie-, of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; c. het ontginnen, bodemverlagen, afgraven, ophogen en egaliseren van gronden; d. het bemalen, draineren, winnen, toevoeren, afdammen en stuwen van water; e. het graven, verbreden, uitdiepen, dempen en/of verleggen van watergangen; f. het aanbrengen of aanleggen van oeverbeschoeiingen, kaden, aanleg- en ligplaatsen. (terug naar begin van lid 5.4 - Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) 5.4.2

Uitzonderingen

Het verbod als bedoeld in lid 5.4.1 is niet van toepassing op: a. werkzaamheden, normale onderhoudswerkzaamheden zijnde; b. werken of werkzaamheden van ondergeschikte betekenis; c. werken of werkzaamheden binnen het kader van de normale bodemexploitatie en het normale bodemgebruik plaatsvinden; d. werken of werkzaamheden, welke op het tijdstip van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan, in uitvoering zijn dan wel krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde en verleende vergunning of anderszins mogen worden uitgevoerd. (terug naar begin van lid 5.4 - Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) 5.4.3

Toelaatbaarheid

a. De werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 5.4.1 zijn slechts toelaatbaar indien door die werken of werkzaamheden dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen de in bestemming 'Bos' genoemde waarden en doeleinden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast dan wel de mogelijkheden voor het herstel van de eerstbedoelde waarden

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

26

niet wezenlijk worden of kunnen worden verkleind. b. Voor zover het werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden betreffen als bedoeld in lid 5.4.1 onder e en f wordt, alvorens beslist wordt omtrent de vergunningverlening, advies gevraagd aan het waterschap. (terug naar begin van lid 5.4 - Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden)

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

27

Artikel 6

Groen

6.1 Bestemmingsomschrijving 6.2 Bouwregels 6.3 Nadere eisen 6.4 Specifieke gebruiksregels

6.1

Bestemmingsomschrijving

(terug naar begin van artikel 6 - Groen) a. De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. bermen en beplanting; 2. extensief recreatief medegebruik; 3. groenvoorzieningen; 4. kunstobjecten 5. kunstwerken; 6. landschappelijke inpassing ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen landschappelijke inpassing'; 7. paden; 8. ruimtelijk niet relevante evenementen, met inachtneming van het bepaalde in lid 6.4.2; 9. speelvoorzieningen; 10. voorzieningen van algemeen nut; 11. waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterberging- en infiltratievoorzieningen. Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de diverse (dubbel)bestemmingen en aanduidingen, zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 18.3.

6.2

Bouwregels

(terug naar begin van artikel 6 - Groen) 6.2.1 Gebouwen en overkappingen 6.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen 6.2.1

Gebouwen en overkappingen

Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. Op of in deze gronden mogen uitsluitend gebouwen en overkappingen worden gebouwd ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut; b. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3 meter. c. De bouwoppervlakte van voorzieningen van algemeen nut mag niet meer bedragen dan 15 m². (terug naar begin van lid 6.2 - Bouwregels) 6.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde overkappingen, gelden de volgende regels: a. b. c. d.

De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 meter. De hoogte van lichtmasten en vlaggenmasten mag niet meer bedragen dan 6 meter. Overkappingen zijn niet toegestaan. De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 5

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

28

meter. (terug naar begin van lid 6.2 - Bouwregels)

6.3

Nadere eisen

(terug naar begin van artikel 6 - Groen) Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing: a. ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden en het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. ter waarborging van de benodigde waterberging.; c. ter waarborging van de brandveiligheid en rampenbestrijding; d. ter waarborging van de externe veiligheid; e. ter waarborging van de parkeercapaciteit op eigen terrein; f. ter waarborging van de sociale veiligheid; g. ter waarborging van de stedenbouwkundige kwaliteit en beeldkwaliteit van de naaste omgeving; h. ter waarborging van de verkeersveiligheid.

6.4

Specifieke gebruiksregels

(terug naar begin van artikel 6 - Groen) 6.4.1 Strijdig gebruik 6.4.2 Ruimtelijk niet relevante evenementen 6.4.1

Strijdig gebruik

Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt naast het bepaalde in artikel 13 in elk geval gerekend het gebruik voor/als: a. opslag van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; b. het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; c. ruimtelijk relevante evenementen; d. sociaal-culturele activiteiten, waarbij sprake is van spreekinstallaties en/of versterkte (live) muziek. Onversterkte muziek, achtergrondmuziek en beperkte spreekinstallaties (uitsluitend voor het doen van aankondigingen) zijn wel toegestaan; e. prostitutie. (terug naar begin van lid 6.4 - Specifieke gebruiksregels) 6.4.2

Ruimtelijk niet relevante evenementen

Het gebruik van gronden voor ruimtelijke niet relevante evenementen is toegestaan, met dien verstande dat: a. wordt voldaan aan de beleidsuitgangspunten en randvoorwaarden die zijn vastgelegd in de geldende 'Beleidsnota evenementen gemeente Leudal' en het geldende 'Uitvoeringsbeleid evenementen gemeente Leudal'; b. indien het onder a. bedoelde uitvoeringsbeleid gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging(en); c. voorzien dient te worden in voldoende parkeergelegenheid. (terug naar begin van lid 6.4 - Specifieke gebruiksregels)

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

29

Artikel 7

Verkeer

7.1 Bestemmingsomschrijving 7.2 Bouwregels 7.3 Nadere eisen 7.4 Specifieke gebruiksregels

7.1

Bestemmingsomschrijving

(terug naar begin van artikel 7 - Verkeer) a. De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. groenvoorzieningen, waaronder bermen en beplanting; 2. kunstwerken en -objecten; 3. parkeervoorzieningen; 4. ruimtelijk niet relevante evenementen, met inachtneming van het bepaalde in lid 7.4.2; 5. straatmeubilair; 6. voet- en rijwielpaden; 7. voorzieningen van algemeen nut; 8. waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterberging- en infiltratievoorzieningen; 9. wegen, straten, pleinen en paden met hoofdzakelijk een verkeer- c.q. verblijfsfunctie. Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de diverse (dubbel)bestemmingen en aanduidingen, zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 18.3.

7.2

Bouwregels

(terug naar begin van artikel 7 - Verkeer) 7.2.1 Gebouwen 7.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde 7.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. Op of in deze gronden mogen uitsluitend gebouwen ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut worden gebouwd. b. De bouwhoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan 3 meter. c. De oppervlakte van een gebouw mag niet meer bedragen dan 15 m². (terug naar begin van lid 7.2 - Bouwregels) 7.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. De bouwhoogte van lichtmasten, bewegwijzering en verkeersregulering mag niet meer bedragen dan 12 meter. b. Overkappingen zijn niet toegestaan. c. De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 6 meter. (terug naar begin van lid 7.2 - Bouwregels)

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

30

7.3

Nadere eisen

(terug naar begin van artikel 7 - Verkeer) Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing: a. ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden en het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. ter waarborging van de benodigde waterberging.; c. ter waarborging van de brandveiligheid en rampenbestrijding; d. ter waarborging van de externe veiligheid; e. ter waarborging van de parkeercapaciteit op eigen terrein; f. ter waarborging van de sociale veiligheid; g. ter waarborging van de stedenbouwkundige kwaliteit en beeldkwaliteit van de naaste omgeving; h. ter waarborging van de verkeersveiligheid.

7.4

Specifieke gebruiksregels

(terug naar begin van artikel 7 - Verkeer) 7.4.1 Strijdig gebruik 7.4.2 Ruimtelijk niet relevante evenementen 7.4.1

Strijdig gebruik

Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken, wordt naast het bepaalde in artikel 13 in elk geval gerekend het gebruik van gronden voor: a. prostitutie; b. ruimtelijk relevante evenementen. (terug naar begin van lid 7.4 - Specifieke gebruiksregels) 7.4.2

Ruimtelijk niet relevante evenementen

Het gebruik van gronden voor ruimtelijke niet relevante evenementen is toegestaan, met dien verstande dat: a. wordt voldaan aan de beleidsuitgangspunten en randvoorwaarden die zijn vastgelegd in de geldende 'Beleidsnota evenementen gemeente Leudal' en het geldende 'Uitvoeringsbeleid evenementen gemeente Leudal'; b. indien het onder a. bedoelde uitvoeringsbeleid gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging(en); c. voorzien dient te worden in voldoende parkeergelegenheid. (terug naar begin van lid 7.4 - Specifieke gebruiksregels)

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

31

Artikel 8

Wonen

8.1 Bestemmingsomschrijving 8.2 Bouwregels 8.3 Nadere eisen 8.4 Afwijken van de bouwregels 8.5 Specifieke gebruiksregels

8.1

Bestemmingsomschrijving

(terug naar begin van artikel 8 - Wonen) De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. wonen met dien verstande dat: ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand' uitsluitend vrijstaande woningen zijn toegestaan. 2. bewoning als afhankelijke woonruimte, voor zover het in het hoofdgebouw en/of aangebouwde bijbehorende bouwwerken betreft; 3. ruimtelijk niet relevante evenementen, met inachtneming van het bepaalde in lid 8.5.3; 4. uitoefening van een 'Bedrijf aan huis' een 'Beroep aan huis' met de daarbij behorende: d. e. f. g. h.

groenvoorzieningen; parkeervoorzieningen; tuinen, erven en terreinen; voorzieningen van algemeen nut; waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterberging- en infiltratievoorzieningen.

Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de diverse (dubbel)bestemmingen en aanduidingen, zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 18.3.

8.2

Bouwregels

(terug naar begin van artikel 8 - Wonen) 8.2.1 Algemeen 8.2.2 Woningen 8.2.3 Bijbehorende bouwwerken 8.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen 8.2.5 Erkers 8.2.6 Carport tot aan of gedeeltelijk voor de voorgevelrooilijn 8.2.1

Algemeen

a. Gebouwen en overkappingen mogen uitsluitend binnen het aangegeven bestemmingsvlak worden gebouwd; b. De bebouwde oppervlakte van een bouwperceel mag maximaal 60% bedragen, met een maximum van 275 m2. (terug naar begin van lid 8.2 - Bouwregels)

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

32

8.2.2

Woningen

Voor het bouwen van woningen gelden de volgende bepalingen: a. Nieuwe woningen met bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' en met in acht name van het aangeduide maximum, met dien verstande dat: 1. Inclusief gerealiseerde en in aanbouw zijnde woningen het aantal woningen binnen het maatvoeringsvlak niet meer mag bedragen dan het maximaal toegestane aantal woningen. 2. Het hoofdgebouw uitsluitend wordt gebouwd: binnen het 'Bouwvlak'; in of maximaal 3 meter achter de voorgevelrooilijn en/of de bouwvlakgrens aan de zijde van de weg en vóór een denkbeeldige lijn op 15 meter uit en evenwijdig aan die voorgevelrooilijn en/of bouwvlakgrens; b. De goot- en bouwhoogte van hoofdgebouwen met plat dak mag niet meer bedragen dan: 1. 7,5 meter; c. De goot- en bouwhoogte van hoofdgebouwen met schuin dak mag niet meer bedragen dan: 1. 3,5 meter respectievelijk 11 meter ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' als binnen het maatvoeringsvlak geen aparte maatvoeringsaanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is opgenomen; d. De afstand van hoofdgebouwen tot de zijdelingse bestemmingsgrens bedraagt minimaal 5 meter aan beide zijden; e.

De geluidsbelasting op de gevel van geluidsgevoelige objecten mag bij (vervangende) nieuwbouw niet hoger zijn dan de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde of een vastgestelde hogere grenswaarde; f. In afwijking van het bepaalde onder b. is een grotere goot- en/of bouwhoogte toegestaan tot maximaal de hoogte van de direct naast gelegen woningen, met dien verstande dat: 1. het 'stedenbouwkundig beeld' niet onevenredig wordt aangetast; 2. de belangen en bestemmingen in de omgeving niet onevenredig worden aangetast. (terug naar begin van lid 8.2 - Bouwregels) 8.2.3

Bijbehorende bouwwerken

Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. b. c. d.

De maximale goothoogte bedraagt 3,5 meter. De maximale bouwhoogte bedraagt 6 meter. De bijbehorende bouwwerken zijn uitsluitend toegestaan in achtererfgebied. In afwijking van het bepaalde onder c. mogen bijbehorende bouwwerken tot in de voorgevelrooilijn worden opgericht indien de afstand van de bijbehorende bouwwerken tot de zijdelingse bestemmingsgrens groter is dan 3 meter. e. Indien sprake is van een garage dient de afstand van de voorgevel van de garage tot de voorgevelrooilijn minimaal 5 meter te bedragen. f. Bij vrijstaande woningen dient, binnen het bouwvlak, de afstand van bijbehorende bouwwerken tot één van de zijdelingse perceelsgrenzen minimaal 2 meter te bedragen. (terug naar begin van lid 8.2 - Bouwregels) 8.2.4

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde overkappingen, gelden de volgende regels: a. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde overkappingen, zijn enkel toegestaan binnen het bouwvlak, met uitzondering van erfafscheidingen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen: 1. maximaal 2 meter bedraagt in achtererfgebied; 2. maximaal 1 meter bedraagt in voorerfgebied;

bestemmingsplan RvR-kavels Noorderbaan te Heythuysen

33

3. maximaal 2 meter bedraagt in zijerfgebied, mits: de erf- of terreinafscheiding minimaal 3 meter achter de voorgevel van de woning gelegen is; het verkeersbelang niet onevenredig aangetast wordt. b. Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. De bouwhoogte daarvan mag niet meer bedragen dan 3 meter. (terug naar begin van lid 8.2 - Bouwregels) 8.2.5

Erkers

In afwijking van het bepaalde in lid 8.2.1 onder a., en lid 8.2.3 onder c., is het realiseren van een erker voor de voorgevel en/of een overkapping ter plaatse van de entree van de woning toegestaan, met dien verstande dat: a. b. c. d.

de erker c.q. overkapping maximaal 2 meter voor de voorgevelrooilijn mag worden opgericht; de totale oppervlakte niet meer mag bedragen dan 6 m2; de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3,5 meter; de breedte niet meer mag bedragen dan 60% van de breedte van de voorgevel van het hoofdgebouw waartegen de erker of overkapping wordt gerealiseerd; e. de afstand tot de bestemming 'Verkeer' minimaal 3 meter bedraagt. (terug naar begin van lid 8.2 - Bouwregels) 8.2.6

Carport tot aan of gedeeltelijk voor de voorgevelrooilijn

In afwijking van het bepaalde in lid 8.2.1 onder a., en lid 8.2.3 onder c., is het realiseren van een carport tot aan de voorgevelrooilijn en/of gedeeltelijk voor de voorgevelrooilijn toegestaan, met dien verstande dat: a. de voorgevelrooilijn met niet meer dan 2 meter overschreden wordt; b. de afstand tot de bestemming 'Verkeer' minimaal 3 meter bedraagt; c. het deel van de carport dat voor de voorgevelrooilijn wordt gerealiseerd geen gesloten wanden heeft die tot de constructie zelf behoren; d. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3,5 meter; e. de carport direct verbonden dient te zijn met een hoofdgebouw of bijbehorend bouwwerk; f. slechts één carport mag worden gerealiseerd. (terug naar begin van lid 8.2 - Bouwregels)

8.3

Nadere eisen

(terug naar begin van artikel 8 - Wonen) Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing: a. ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden en het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. ter voorkoming van onevenredige aantasting van de parkeermogelijkheden in de naaste omgeving; c. ter waarborging van de benodigde waterberging; d. ter waarborging van de brandveiligheid en rampenbestrijding; e. ter waarborging van de externe veiligheid; f. ter waarborging van de parkeercapaciteit op eigen terrein; g. ter waarborging van de sociale veiligheid; h. ter waarborging van de stedenbouwkundige kwaliteit en beeldkwaliteit van de naaste omgeving; i. ter waarborging van de verkeersveiligheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=773b72cb-81f7-4e8f-8614-d52d683a94fb