CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

Parapluplan Algemene regels evenemententerreinen Lelystad_vastgesteld

Raadsvergadering 8 februari 2022, gemeente LelystadBij agendapunt: 38. Vaststelling BP Parapluplan Algemene regels evenemententerreinen Lelystad21.442 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Voor sommige soorten is de staat van instandhouding echter negatief. Daarom, en vanuit het zorgvuldigheidsbeginsel, adviseren wij verstoring waar mogelijk te reduceren door jaarrond beschermde nesten en/of broedgevallen af te schermen (zie hieronder). 3.3.4

Advies vogels (jaarrond beschermde nesten en overige broedvogels) De aanwezigheid van jaarrond beschermde nesten in bosschages, struweel en bebouwing is niet uit te sluiten op of nabij de evenementenlocaties. Dit geldt ook voor eventuele nestlocaties van algemene broedvogelsoorten op voorgenoemde locaties en in oevervegetaties. Hoewel effecten door verstoring uitgesloten zijn, adviseren wij om in het kader van de zorgplicht uitstralende effecten op de omgeving van de evenemententerreinen zoveel mogelijk te minimaliseren. Wij adviseren periodiek een controle uit te voeren naar aanwezigheid van jaarrond ________________________________________________________________________________ 4 Geluidsverstoring van vogels (en overige soortgroepen) wordt gemeten aan de sterkte van geluid in dB(A), de maximum-

waarden voor dB(C) zijn daarom niet in de effectbeoordelingen meegenomen.

22

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

beschermde nesten in de invloedszone van de evenementenlocaties. Met deze controle wordt ook in beeld gebracht waar potentieel geschikte locaties aanwezig (kunnen) zijn voor broedvogels en/of jaarrond geschikte nesten. Deze locaties kunnen zekerheidshalve tijdens evenementen ontzien worden door middel van onderstaande maatregelen: • Hekken die het evenemententerrein begrenzen worden voorzien van verduisterend zeil; • Indien nodig worden broedlocaties binnen het evenemententerrein (zoals in bomen) eveneens afgeschermd; • Verlichting wordt op enkel het evenemententerrein gericht.

3.4

Vissen In het water van evenementenlocatie Bataviahaven zijn tijdens het veldbezoek algemene vissen zoals baars aangetroffen. Op basis van het veldbezoek, terreinkenmerken en verspreidingsgegevens (NDFF, 2021) worden soorten van de Habitatrichtlijn, de Verdragen van Bern en Bonn en nationaal beschermde vissen niet in de havenkom van evenementenlocatie Bataviahaven verwacht. Vervolgstappen ten aanzien van vissen zijn niet aan de orde.

3.5

Overige soorten Op basis van de terreinkenmerken, habitateisen en bekende verspreidingsgegevens worden op de evenementenlocaties geen voortplanting of vaste verblijfplaatsen verwacht van beschermde amfibieën, reptielen of ongewervelden. Het nemen van vervolgstappen in het kader van de Wet natuurbescherming is niet aan de orde voor deze soortgroepen.

23

Quickscan Quickscannatuurtoets natuurtoets––Parapluplan Parapluplanevenemententerreinen evenemententerreinenLelystad Lelystad

4. Natura 2000 4.1

Selectie van Natura 2000-gebieden Evenementenprofiel Bataviahaven ligt deels binnen Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Natura 2000-gebied IJsselmeer ligt op circa 1,5 kilometer ten noorden van deze evenementenlocatie. Het betreft hier in beide gevallen Vogelrichtlijngebied (zie figuur 4.1). Gezien de afstand tot Natura 2000-gebied IJsselmeer zijn negatieve gevolgen op voorhand uitgesloten. Doordat de evenementenlocatie deels binnen Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer ligt, zijn negatieve gevolgen voor de instandhoudingsdoelen van dit gebied niet op voorhand uit te sluiten. Evenementenlocatie Bataviahaven wordt meegenomen in de effectbeoordeling. Evenementenlocaties De Meent, Agorahof en Stadhuisplein liggen op minimaal 2,5 kilometer van Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer, overige Natura 2000-gebieden liggen op minimaal 3 kilometer afstand. Door de grote afstand en tussenliggende bebouwing zijn negatieve gevolgen door evenementenlocaties De Meent, Agorahof en Stadhuisplein niet aan de orde. Deze locaties worden niet meegenomen in de effectbeoordeling.

Figuur 4.1 Ligging evenementenlocaties ten opzichte van nabijgelegen Natura 2000-gebieden Markermeer & IJmeer (west) en IJsselmeer (noord). Bron achtergrond: PDOK.

24

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Stikstofdepositie Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied Veluwe ligt op ruim 22 kilometer van de evenementenlocaties. Gezien deze grote afstand is een gevolg door stikstofdepositie voor de instandhoudingsdoelen van stikstofgevoelige habitats en leefgebieden zeer onwaarschijnlijk. Met het oog op deze grote afstand volgt uit communicatie (d.d. 25 augustus 2021) met de Provincie Flevoland dat significante gevolgen door stikstofdepositie niet aannemelijk worden geacht, en dat een AERIUS-berekening niet noodzakelijk is. Stikstofdepositie is verder buiten beschouwing gelaten.

4.2

Instandhoudingsdoelen Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer Voor het Natura 2000-gebied (Vogelrichtlijngebied) zijn twee broedvogelsoorten en achttien nietbroedvogelsoorten aangewezen (tabel 4.1). Voor alle soorten geldt een behoudsdoelstelling voor de omvang en kwaliteit van het leefgebied (PDN, 2009; 2013). Zie bijlage 2 voor een volledig overzicht van de instandhoudingsdoelen. Tabel 4.1 Instandhoudingsdoelen Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer (Vogelrichtlijngebied) (PDN, 2009; 2013).

4.3

Broedvogelsoort

Niet-broedvogelsoorten

Aalscholver

Fuut

Smient

Kuifeend

Meerkoet

Visdief

Aalscholver

Krakeend

Toppereend

Dwergmeeuw

Lepelaar

Slobeend

Brilduiker

Zwarte stern

Grauwe gans

Krooneend

Nonnetje

Brandgans

Tafeleend

Grote zaagbek

Voorselectie van effecten Op basis van de effectenindicator (Broekmeyer, 2010; Ministerie LNV, 2021), de ligging van de evenementenlocatie Bataviahaven, de aard van het voornemen en expert judgement is geconcludeerd dat ten gevolge van de evenementen mogelijk (significant) negatieve gevolgen kunnen optreden voor de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Effecten door hydrologische veranderingen, versnippering of verontreiniging zijn op basis van de aard van het voornemen uitgesloten. Zo is van verontreiniging geen sprake aangezien de eventuele voorzieningen in en rondom de haven worden aangesloten op de bestaande riolering. Evenementen op de locatie gaan mogelijk wel gepaard met tijdelijk oppervlakteverlies, verstoring en mechanische effecten. Deze effecten zijn onderstaand kort toegelicht.

4.3.1

Oppervlakteverlies Oppervlakteverlies kan optreden wanneer ontwikkelingen plaatsvinden binnen een Natura 2000gebied. Oppervlakteverlies uit zich in een netto afname van leefgebied van soorten en/of habitattypen (Broekmeyer, 2008). De havenkom van evenementenlocatie Bataviahaven ligt deels binnen het Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Het water vormt mogelijk leefgebied voor (niet)-broedvogelsoorten. Tijdens evenementen in het water van de haven kan potentieel leefgebied tijdelijk

25

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

verdwijnen. De gevolgen door tijdelijk oppervlakteverlies worden nader onderzocht in deze voortoets. 4.3.2

Verstoring Evenementen kunnen leiden tot verstoring van leefgebieden door geluid, licht en optische aanwezigheid. De mate van verstoring is afhankelijk van de intensiteit, duur en frequentie van de verstoringsbron. Daarnaast zijn ook het tijdstip en de overlap met kwetsbare perioden en leefgebieden van soorten (afstand tussen leefgebied en verstoringsbron, uitgedrukt in verstoringsafstand) relevant. De gevolgen door verstoring worden nader onderzocht in deze voortoets.

4.3.3

Mechanische effecten Mechanische effecten kunnen optreden door vaarbewegingen. Door vaarbewegingen kan fysieke beschadiging optreden aan watervegetaties. Voor het Natura 2000-gebied zijn ter plekke geen habitattypen of habitatrichtlijnsoorten aangewezen. Effecten door vaarbewegingen voor vogelsoorten worden bij verstoring behandeld. Mechanische effecten worden daarom verder niet behandeld.

4.3.4

Samenvatting mogelijke effecten In tabel 4.2 is samengevat welke effecten kunnen optreden ten gevolge van de evenementen op evenementenlocatie Bataviahaven. Deze effecten kunnen leiden tot (significant) negatieve gevolgen voor instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden. Tabel 4.2 Mogelijke effecten die kunnen optreden ten gevolge van evenementen op evenementenlocatie Bataviahaven. Mogelijke effecten Oppervlakteverlies Verstoring (geluid, licht, trillingen, optische aanwezigheid)

Markermeer & IJmeer ● ●

In paragraaf 4.4 wordt een selectie gemaakt van aanwezige kwalificerende natuurwaarden. Deze natuurwaarden worden meegenomen in de beoordeling van de gevolgen door oppervlakteverlies en verstoringseffecten in respectievelijk paragraaf 4.5 en 4.6.

4.4

Selectie kwalificerende natuurwaarden In dit hoofdstuk wordt een selectie gemaakt van de kwalificerende soorten waarop de evenementen op de locatie Bataviahaven mogelijk een effect kunnen hebben. Allereerst wordt een beschrijving van het effectgebied gegeven. Op basis van deze beschrijving en de biotoopvereisten van de kwalificerende soorten wordt in paragraven 4.4.2 en 4.4.3 een selectie gemaakt van soorten die meegenomen worden in de effectbeoordeling. De biotoopvereisten zijn gebaseerd op de profieldocumenten van Ministerie van LNV (2008), het beheerplan van het Natura 2000-gebied (Rijkswaterstaat, 2017) en expert judgement. In paragraaf 4.4.4 volgt een overzicht van de instandhoudingsdoelen van de soorten die meegenomen worden in de effectbeoordeling, en is benoemd of deze doelen behaald worden.

4.4.1

Effectgebied Voor verstoring geldt in voorliggende situatie een maximale effectafstand van 600 meter (op basis van Arcadis, 2014). Het effectgebied is gemodelleerd vanaf de buitenrand van de havenkom en de buitenste kade. Het achterliggende water is sterk verstoord door de bestaande scheepvaartroute en de uitvaartroute van de Bataviahaven. Eventuele scheepvaartbewegingen ten gevolge van

26

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

watergerelateerde evenementen gaan hier op in de bestaande verstoorde situatie, waardoor de activiteiten leidend tot verstoring zich enkel in de havenkom (het water en op de kades) plaatsvinden. Verder raakt het effectgebied niet geheel ongeschikt maar enkel minder geschikt door verstoring ten gevolge van de tijdelijke aard van de evenementen en doordat de mate van verstoring het sterkst is nabij de bron. Hoe verder weg van de bron, des te sneller doven de effecten door verstoring uit. Op 600 meter van de bron is verstoring uitgesloten. Verder vindt oppervlakteverlies enkel plaats op de evenementenlocatie waar overlap is met het Natura 2000-gebied. Op basis van bovenstaande wordt het effectgebied gevormd door het water in de havenkom en 600 meter aan open water in het Oostvaardersdiep, ten westen van evenementenlocatie (zie figuur 4.2). Het open water betreft hier de oostelijke scheepverbindingsroute tussen het IJsselmeer en het Markermeer en aanvaarroute van jachthaven Bataviahaven. Aan de westelijke grens van het effectgebied ligt een uitlopende kade. Deze is niet tot schaars begroeid met gras (Google Maps, 2021).

Figuur 4.2 Maximale effectgebied (rode arcering) door evenementen op evenementenlocatie Bataviahaven (zowel de kades als het water). Bron achtergrond: PDOK.

In het beheerplan worden binnen het effectgebied de ruimtelijke eenheden 5 ‘diep water’ en ‘kale of schaars begroeide gronden’ onderscheiden (Rijkswaterstaat, 2017). In bijlage 3 is een overzicht van de ruimtelijke eenheden en bijbehorende kwalificerende soorten opgenomen.

________________________________________________________________________________ 5 Ruimtelijke eenheden bieden draagkracht voor het behalen van instandhoudingsdoelen van specifieke kwalificerende soor-

ten. In het beheerplan is per ruimtelijke eenheid vastgesteld of het biotoop al dan niet draagkracht biedt voor kwalificerende soorten (Rijkwaterstaat, 2017).

27

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

4.4.2

Selectie van kwalificerende broedvogels Voor het Natura 2000-gebied zijn aalscholver en visdief aangewezen als broedvogelsoorten. Alleen visdief maakt als broedvogelsoort gebruik van de ruimtelijke eenheden ‘diep water’ en ‘kale of schaars begroeide gronden’. Visdief broedt op eilandjes of kale schaars begroeide terreinen nabij binnenwateren of de kust. Potentiële broedgebieden bevinden zich bij Enkhuizen, op de Marken en langs de Waterlandse kust (> 6 kilometer van het plangebied) (Rijkswaterstaat, 2017). De nabijgelegen dam bij de Houtribsluizen en de Markerwaarddijk vormen mogelijk geschikt broedbiotoop (op basis van het veldbezoek). Omdat foerageergebied eveneens van belang is voor broedvogelsoorten, en aalscholver in open wateren foerageert, is aalscholver eveneens meegenomen. Aalscholver broedt in verstoringsvrije gebieden met opstandjes van bomen of predatorvrije eilandjes in de buurt van visrijke wateren. In het Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer vormen water-landovergangen waarop moerasvorming optreedt met biezenstroken en rietland geschikt broedbiotoop. De Houtribdijk aan de noordkant van het Markermeer (> 1 kilometer van het plangebied) vormt bekend broedbiotoop (Rijkswaterstaat, 2017). Foerageergebied van de soorten bestaat uit de aanliggende open wateren, tot op 20 kilometer van het broedbiotoop (Ministerie van LNV, 2008).

Het open water in het effectgebied biedt mogelijk foerageergebied. Visdief en aalscholver worden meegenomen in de effectbeoordeling.

4.4.3

Selectie van kwalificerende niet-broedvogels Het Natura 2000-gebied is voor de kwalificerende niet-broedvogelsoorten van belang als overwinteringsgebied. Dit betekent dat het gebied in de periode september–april wordt gebruikt als rustgebied of foerageergebied. Aalscholver en zwarte stern maken gebruik van ‘kale of schaars begroeide gronden’ (Rijkswaterstaat, 2017). Het vormt rustgebied voor de soorten. Voor de ruimtelijke eenheid ‘open water’ zijn de niet-broedvogelsoorten aalscholver, brilduiker, dwergmeeuw, fuut, grote zaagbek, kuifeend, meerkoet, nonnetje, slobeend, tafeleend, toppereend en zwarte stern aangewezen. De soorten gebruiken het biotoop als foerageergebied, waarbij de soorten op bodemfauna of vis foerageren. Met name de duikeenden tafeleend, kuifeend en grondeleend slobeend foerageren langs dijken en/of de kust op bodemfauna en plantaardig materiaal. Meerkoet concentreert zich eveneens nabij dijken of de kust waarbij de soort foerageert op bodemfauna, waterplanten en oevervegetatie. De viseters zoals fuut, grote zaagbek, dwergmeeuw, nonnetje en zwarte stern maken gebruik van het gehele meer (Rijkswaterstaat, 2017). Luwe zones op het open water of nabij oevers en dijken worden gebruikt als rustgebied (Rijkswaterstaat, 2017).

De soorten aalscholver, brilduiker, dwergmeeuw, fuut, grote zaagbek, kuifeend, meerkoet, nonnetje, slobeend, tafeleend, toppereend en zwarte stern zijn meegenomen in de effectbeoordeling. De overige ruimtelijke eenheden zijn niet binnen het effectgebied aanwezig. Het effectgebied biedt daarom geen draagkracht voor de soorten die enkel in deze ruimtelijke eenheden voorkomen. Daarom worden de niet-broedvogelsoorten lepelaar, grauwe gans, brandgans, smient, krakeend en krooneend buiten beschouwing gelaten.

28

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

4.4.4

Instandhoudingsdoelen geselecteerde kwalificerende soorten In onderstaande tabel is van de geselecteerde kwalificerende (niet-)broedvogelsoorten uiteengezet wat de instandhoudingsdoelen zijn (op basis van PDN, 2009; 2013) en of deze behaald worden (op basis van (Netwerk Ecologische Monitoring, 2021). Tabel 4.3 Per (niet-)broedvogelsoort is aangegeven wat het instandhoudingsdoel is (PDN, 2009; 2013) en hoeveel broedparen (broedvogelsoorten) of aantallen individuen geteld zijn. De seizoensgemiddeldes zijn op basis van de laatste vijf telseizoenen (2014-2019 voor broedvogels; 2014/2015 tot en met 2018/2019 voor niet-broedvogels) (Netwerk Ecologische Monitoring, 2021). Kwalificerende soort

Instandhoudingsdoel (omvang leefgebied)

Instandhoudingsdoel (kwaliteit leefgebied)

InstandhoudingsGemiddeld aantal doel broedparen of nr. (in broedparen of individuen populagemiddelde populatie tie)

Instandhoudingsdoel gehaald?

Visdief Aalscholver Niet-broedvogelsoorten Aalscholver

= =

= =

630 8.000*

1250,4 277

Ja Onbekend

=

=

2.600

Ja (f) / Nee (s)

Brilduiker Dwergmeeuw Fuut Grote zaagbek Kuifeend Meerkoet Nonnetje Slobeend Tafeleend Topper Zwarte stern

= = = = = = = = = = =

= = = = = = = = = = =

170 Behoud 170 40 18.800 4.500 80 20 3.200 70 Behoud

2.775,2 (f) / 408,8 (s) 27,4 N/A 423,4 65,6 10.552,8 11.873,8 43 166,6 6.071,6 820,8 N/A

Broedvogelsoorten

Nee N/A Ja Ja Nee Ja Nee Ja Ja Ja N/A

*Het instandhoudingsdoel voor broedvogel aalscholver is gedefinieerd voor het gehele IJsselmeergebied (Natura 2000-gebieden IJsselmeer, Markermeer & IJmeer, Oostvaardersplassen en Lepelaarsplassen. Vanwege het sterk wisselende voorkomen is er geen regionaal instandhoudingsdoel gedefinieerd (PDN, 2009).

4.5

Effectbeoordeling oppervlakteverlies In onderstaande paragraaf wordt voor de geselecteerde kwalificerende (niet-)broedvogelsoorten beoordeeld of tijdens evenementen (significant) negatieve gevolgen door oppervlakteverlies kunnen optreden. Oppervlakteverlies kan optreden door het (tijdelijk) ongeschikt raken van leefgebied in de havenkom van Bataviahaven.

4.5.1

Broedvogels en niet-broedvogels Door de afwezigheid van (verstoringsvrije) niet of schaars begroeide locaties vormen de kades en het water van de havenkom geen broedbiotoop voor visdief. De broedvogels visdief en aalscholver en alle niet-broedvogels foerageren in open water en/of nabij dijken en oevers. Door de bestaande verstoorde situatie in de havenkom is sprake van marginaal geschikt foerageergebied. Het draagt bovendien, gezien het beperkte oppervlak (< 0,1% van het open water in het Natura 2000-gebied), niet bij aan de totale draagkracht van het Natura 2000-gebied. Er is geen sprake van (tijdelijk) oppervlakteverlies van leefgebied gedurende evenementen in de Bataviahaven. Negatieve effecten door oppervlakteverlies zijn uitgesloten.

29

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

4.6

Effectbeoordeling verstoring In onderstaande paragraaf wordt voor de geselecteerde kwalificerende (niet-)broedvogelsoorten beoordeeld of tijdens de evenementen op de locatie Bataviahaven (significant) negatieve gevolgen door verstoring kunnen optreden.

4.6.1

Broedvogels Aan de westelijke rand van het effectgebied ligt een dam (zie figuur 4.2) welke schaars begroeid is en potentieel geschikt broedbiotoop biedt voor visdief. Verder biedt het open water potentieel foerageergebied voor broedvogelsoorten visdief en aalscholver.

Figuur 4.3 Ligging van de dam met potentieel broedgebied voor visdief (aangeduid met pijl) in het effectgebied (rode arcering) van evenementenlocatie Bataviahaven. Bron achtergrond: PDOK.

Voor visdief wordt in ruime mate het instandhoudingsdoel behaald. De dam biedt marginaal geschikt broedbiotoop door de bestaande verstoord situatie door de aanliggende vaargeul tussen het Markermeer en het IJsselmeer en de aanwezigheid van recreatievaart. De dam biedt daarom een zeer beperkte bijdrage aan de draagkracht van het Natura 2000-gebied voor broedvogel visdief. Voor aalscholver bij gebrek aan volledig inzicht in het gehele IJsselmeergebied (zie tabel 4.3) onbekend of het instandhoudingsdoel wordt behaald. Eventuele knelpunten voor aalscholver worden gevormd door de visvoorraad (Rijkswaterstaat, 2017). De evenementen zijn niet van invloed op dit knelpunt. Gezien de beperkte bijdrage van de dam aan draagkracht voor broedbiotoop voor visdief, de voor visdief ruim behaalde instandhoudingsdoelen, de ruime mogelijkheid tot uitwijken naar

30

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

nabijgelegen foerageergebieden en de tijdelijke aard van de evenementen, zijn significant negatieve gevolgen voor de instandhoudingsdoelen van deze soorten uitgesloten. 4.6.2

Niet-broedvogels Het open water en de westelijke dam in het effectgebied (zie figuur 4.2) biedt potentieel foerageergebied en rustgebied voor kwalificerende niet-broedvogels. Voor aalscholver (foerageergebied), fuut, grote zaagbek, meerkoet, slobeend, tafeleend en topper worden de instandhoudingsdoelen in (ruime) mate behaald. Door de aanwezigheid van de vaargeul tussen het Markermeer en het IJsselmeer en de scheep-/pleziervaart tussen Bataviahaven en omliggende wateren is er sprake van een bestaande sterk verstoorde situatie op het open water en de dam in het effectgebied. Het open water en de dam dragen daarom zeer beperkt bij aan de draagkracht van het Natura 2000-gebied voor de soorten. In combinatie met de ruime mogelijkheid tot uitwijken naar nabijgelegen foerageer- en rustgebieden en de tijdelijke aard van de evenementen, zijn significant negatieve gevolgen voor de instandhoudingsdoelen van deze soorten uitgesloten. Voor aalscholver (rustgebied), brilduiker, kuifeend en nonnetje wordt het instandhoudingsdoel niet behaald. Voor dwergmeeuw en zwarte stern geldt dat de huidige populatieaantallen niet mogen worden aangetast (zie tabel 4.3). Verstoring kan leiden tot een aantasting van deze behoudsdoelstelling. Daarom wordt voor de beoordeling als worst-case aangenomen dat de instandhoudingsdoelen voor dwergmeeuw en zwarte stern niet behaald worden.

In het beheerplan (Rijkswaterstaat, 2017) is voor soorten aangegeven wat de huidige of mogelijke toekomstige knelpunten zijn voor het behalen van de instandhoudingsdoelen. Voor aalscholver is geen knelpunt bekend, voor dwergmeeuw en zwarte stern ligt het knelpunt bij een gebrek aan voedselbeschikbaarheid. Dit laatste geldt ook voor brilduiker, kuifeend en nonnetje, maar voor deze soorten vormt eveneens een gebrek aan rust en ruimte een knelpunt. De evenementen zijn niet van invloed op de voedselvoorraad in het Natura 2000-gebied. Daarom zijn significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen van dwergmeeuw en zwarte stern uitgesloten. Voor de overige soorten is onderstaand een nadere beoordeling uitgevoerd in het licht van voldoende ruimte en rust. Nadere analyse aalscholver, brilduiker, kuifeend, nonnetje Zoals benoemd wordt voor aalscholver (rust), brilduiker, kuifeend en nonnetje het instandhoudingsdoel niet behaald, waarbij het knelpunt wordt gevormd door een gebrek aan rust en ruimte in het Natura 2000-gebied. Het evenemententerrein ligt in openbaar gebied waarin verschillende functies samen komen (horeca, culturele voorzieningen, wonen, opstaplocatie openbaar vervoer en nabijgelegen winkelvoorzieningen). Er is daardoor sprake van een bestaande verstoorde situatie.

De verstoringseffecten (optisch, geluid) door evenementen zoals Oldtimerdagen op in de huidige verstoorde situatie. Voor watergerelateerde evenementen zonder licht en/of geluid geldt hetzelfde, waarbij de (aanvoer)vaarbewegingen opgaan in de bestaande vaarbewegingen in de vaargeul tussen Markermeer en IJmeer en de aanvoerroute voor de Bataviahaven. Voor evenementen met sterkere lichtbronnen of geluidsbronnen (zoals muziekshows) geldt het volgende. Optische verstoring door evenementen in de haven wordt gedempt door verstoringsbronnen op de tussenliggende vaargeul en gewenning aan de bestaande verstoorde situatie (vaargeul, havenkom en Oostvaardersdijk). Voor de evenementen wordt aangenomen dat verlichting tot maximaal 20 meter hoog wordt ingezet, welke een effectafstand heeft van 100 meter (Arcadis, 2014), en deze niet richting het open water gericht worden. Geluidsverstoring reikt bij 75 db(A) tot 30 meter van de bron, hierna dooft het geluid uit tot 42 db(A), de ondergrens voor geluidsverstoring bij vogels (Arcadis, 2014). Omdat er tijdens evenementen sprake kan zijn van impulsgeluiden, wordt

31

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

zekerheidshalve een grotere afstand op basis van een hoger geluidsniveau aangehouden. Bij 90db(A) reikt geluidsverstoring tot 50 meter van de bron. Daarna dooft het geluid uit tot 42 db(A) (Arcadis, 2014). De verstoringsbronnen door licht en geluid reiken tot een beperkt deel van het maximale effectgebied. Het open water in het effectgebied vormt verder een verwaarloosbare oppervlak (< 0,01%) ten opzichte van het totale oppervlak van open water in het Natura 2000-gebied. Gezien de bestaande sterk verstoorde situatie van het open water door verstoringsbronnen op of nabij het water, biedt het open water in het effectgebied geen tot een verwaarloosbare bijdrage aan de draagkracht van het Natura 2000-gebied voor de soorten. Significant negatieve gevolgen door verstoring als gevolg van evenementen op evenementenlocatie Bataviahaven voor de instandhoudingsdoelen van aalscholver, brilduiker, kuifeend en nonnetje zijn uitgesloten. Er is geen sprake van significant negatieve gevolgen voor het Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Wel raden wij vanuit zorgvuldigheid aan om rekening te houden met eventuele verdere verstoring van niet-broedvogels in Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Wij adviseren daarom om bij evenementen in de maanden september – april eventuele lichtbronnen en geluidsbronnen van het Oostvaardersdiep af te richten of af te schermen.

4.7

Conclusie voortoets Evenementenlocatie Bataviahaven ligt deels binnen Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer (Vogelrichtlijngebied). Door de ligging van de evenementenlocatie zijn negatieve gevolgen voor de instandhoudingsdoelen niet uit te sluiten. Deze zijn daarom nader beoordeeld. Evenementenlocaties De Meent, Agorahof en Stadhuisplein liggen op minimaal 2,5 afstand van Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Deze evenementenlocaties zijn daarom buiten beschouwing gelaten. Overige Natura 2000-gebieden liggen op minimaal 1,5 kilometer van Bataviahaven en op minimaal 3 kilometer van de overige evenementenlocaties. Negatieve gevolgen (zie hierna voor stikstof) zijn op deze gebieden uitgesloten. Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied Veluwe ligt op ruim 22 kilometer van de evenementenlocaties. Gezien deze grote afstand is een gevolg door stikstofdepositie voor de instandhoudingsdoelen van stikstofgevoelige habitats en leefgebieden zeer onwaarschijnlijk. In navolging van advies van de Provincie Flevoland worden, met het oog op deze grote afstand, significante gevolgen door stikstof niet aannemelijk geacht. Stikstofdepositie is buiten beschouwing gelaten. Negatieve gevolgen door hydrologische effecten, versnippering, verontreiniging en mechanische effecten zijn niet aan de orde. De gevolgen door oppervlakteverlies en verstoring zijn nader beoordeeld.

Uit deze beoordeling blijkt dat evenementen op evenementenlocatie Bataviahaven niet leiden tot (significant) negatieve gevolgen op de instandhoudingsdoelen van (niet-)broedvogels.

4.7.1

Advies en vervolgstappen Hoewel significant negatieve gevolgen voor het Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer zijn uitgesloten, raden wij vanuit zorgvuldigheid aan om rekening te houden met eventuele verdere verstoring van niet-broedvogels in Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Wij adviseren om in de maanden september – april eventuele lichtbronnen en geluidsbronnen van het Oostvaardersdiep af te richten of af te schermen.

32

Quickscan Quickscannatuurtoets natuurtoets––Parapluplan Parapluplanevenemententerreinen evenemententerreinenLelystad Lelystad

5. Natuurnetwerk Nederland Voor de evenementenlocaties wordt een parapluplan vastgesteld. Voor nieuwe ontwikkelingen binnen of nabij het NNN, waarbij een nieuw bestemmingsplan wordt vastgesteld, geldt een ‘nee-tenzij’-afweging (zie ook paragraaf 2.1.3). Dit houdt kortweg in dat significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN door dergelijke nieuwe ontwikkelingen niet toegestaan is. De evenementenlocaties liggen niet binnen het NNN (zie figuur 5.1). De provincie Flevoland wil dat bij vaststellen van plannen ook onderzocht wordt of externe werking kan optreden (Overheid, 2021C). Bovendien is het -als gevolg van jurisprudentie6- voor ontwikkelingen in gebieden buiten het NNN ook nodig -in het kader van goede ruimtelijke ordening- te waarborgen dat een plan de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN niet aantast. Goede ruimtelijke ordening houdt in dat naastgelegen functies elkaar niet (teveel) mogen hinderen. De evenementenlocaties liggen op minimaal 1,2 kilometer afstand van het NNN. Door de aard van het voornemen, de grote afstand en tussenliggende bebouwing en infrastructuur is aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN bij voorbaat uitgesloten.

Figuur 5.1 Ligging van de evenementenlocaties (rode omrandingen) ten opzichte van het NNN (groene vlakken). Bron achtergrond: PDOK.

________________________________________________________________________________ 6 Jurisprudentie Raad van State: 201509359/1/R1

33

Quickscan Quickscannatuurtoets natuurtoets––Parapluplan Parapluplanevenemententerreinen evenemententerreinenLelystad Lelystad

Geraadpleegde bronnen Literatuur Arcadis (2014). Effectafstanden Natura 2000-gebieden Veluwe en Rijntakken. Provincie Gelderland. 077489585:A.9 - Definitief, B02042.000278.0100. Broekmeyer, M.E.A. (2010). Update effectenindicator. Alterra, Alterra-rapport 1976. Broekmeyer. M.E.A. (2008). Effecten-indicator Natura 2000-gebieden. Aanvulling bij het Alterra-rapport 1375 uit 2005. Gemeente Lelystad (2021). Bestemmingsplan. Parapluplan Algemene regels evenemententerreinen Lelystad. Ontwerp, versie 05-06-2021. Krijgsveld, K.L., Smits, R.R. & J. van der Winden (2008). Verstoringsgevoeligheid van vogels: Update literatuurstudie naar de reacties van vogels op recreatie. Ministerie van LNV (2008). Profieldocumenten Vogelrichtlijnsoorten. Netwerk Ecologische Monitoring (2021). Gebiedsinformatie Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. PDN (2009). Aanwijzingsbesluit Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Programmadirectie Natura 2000. PDN/2009-073. PDN (2013). Wijzigingsbesluit Natura 2000-gebieden Witte en Zwarte Brekken, Sneekermeergebied, Deelen, Leekstermeergebied, Zuidlaardermeergebied, Elperstroomgebied, Arkemheen, IJsselmeer, Markermeer & IJmeer, Polder Zeevang, Boezems Kinderdijk, Donkse Laagten en Veerse Meer. Programmadirectie Natura 2000. PDN/2013-011. Rijkswaterstaat (2017). Natura 2000 Beheerplan IJsselmeergebied 2017-2023. Markermeer & IJmeer. Oktober 2017. Shirley M. D.

F., V. L. Armitage, T. L. Barden, M. Gough, P. W. W. Lurz, D. E. Oatway, A. B. South and S. P. Rushton Assessing the impact of a music festival on the emergence behaviour of a breeding colony of Daubenton's bats (Myotis daubentonii ) J. Zool., Lond. (2001) 254, 367±373 #2001 The Zoological Society of London. Tauw & Peutz (2017). Vliegveld Twente: Vleermuizen en festivals. Gevoeligheid van vleermuizen voor festivalgeluid en licht. Kenmerk R002-1250989LBN-ibs-V01-NL. Tauw (2018). Natuurtoets soortenbescherming voor 12 evenementendagen Evenementenlocatie Vliegveld Twenthe. Toetsing van de effecten van 12 evenementendagen naast het regulier gebruik ten behoeve van het bestemmingsplan. Kenmerk R004-1250989JRE-kmi-V01.

34

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Internet Google Maps (2021). https://www.google.nl/maps. Geraadpleegd in augustus 2021. Ministerie LNV (2021). Effectenindicator. Geraadpleegd op https://www.synbiosys.alterra.nl/bij12/effectenindicator.aspx in augustus 2021. NDFF (2021). Uitvoerportaal. https://ndff-ecogrid.nl. Geraadpleegd in augustus 2021. Overheid (2021A). Actuele tekst Wet natuurbescherming. http://wetten.overheid.nl/BWBR0037552/. Geraadpleegd in augustus 2021. Overheid (2021B). Actuele tekst Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). https://wetten.overheid.nl/BWBR0030378/. Geraadpleegd in augustus 2021. Overheid (2021C). Actuele tekst Verordening van Provinciale Staten van de provincie Flevoland houdende regels over de fysieke leefomgeving Verordening voor de fysieke leefomgeving Flevoland 2012. https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR285581/6#d481324525e1489. Geraadpleegd in augustus 2021. Sovon (2021). Informatie over vogels. https://www.sovon.nl/nl. Geraadpleegd in augustus 2021. Zoogdiervereniging (2021A). Informatie over zoogdieren. http://www.zoogdiervereniging.nl. Geraadpleegd in augustus 2021. Zoogdiervereniging (2021B). Verspreiding van steenmarter. https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/steenmarter. Geraadpleegd in augustus 2021.

35

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Bijlagen

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Bijlage 1 Ligging evenementenlocaties en sfeerimpressies De ligging van de evenementenlocaties zijn overgenomen uit Gemeente Lelystad (2021). De foto’s ter impressie van het plangebied zijn genomen door D. Pruijs tijdens het veldbezoek op 11 augustus 2021.

Overzichtskaart

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Evenementenlocatie De Meent Overzichtskaart

Foto’s veldbezoek

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Evenementenlocatie Agorahof Overzichtskaart

Foto’s veldbezoek

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Evenementenlocatie Stadhuisplein Overzichtskaart

Foto’s veldbezoek

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Evenementenlocatie Bataviahaven Overzichtskaart

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Foto’s veldbezoek deelgebied Bataviaplein (blauwe arcering)

Foto’s veldbezoek deelgebied Lelylaan (gele arcering)

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Foto’s veldbezoek deelgebied Bataviahaven (rood/bruine arcering)

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Bijlage 2 Instandhoudingsdoelen Natura 2000gebied Markermeer & IJmeer

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Quickscan natuurtoets – Parapluplan evenemententerreinen Lelystad

Bijlage 3 Ruimtelijke eenheden Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer Overgenomen uit het beheerplan voor Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer (Rijksoverheid, 2017). Voor het deel van het Natura 2000-gebied nabij Lelystad zijn alleen (niet)-broedvogelsoorten aangewezen.

blz. 98

(vastgesteld)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=eb235638-838a-48ab-81b2-1c573c435181