CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 - 2025.

Raadsvergadering 16 november 2021, gemeente LelystadBij agendapunt: 306. Programmabegroting 2022 - 202537.678 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

ONTWERP PROGRAMMABEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023 - 2025

Oktober 2021

Inhoudsopgave Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 - 2025 1. 2. 3.

BESTUURLIJKE BOODSCHAP ............................................................................. 2 LEESWIJZER .................................................................................................... 5 BELEIDSBEGROTING ......................................................................................... 7 3.1 TAAKVELDEN............................................................................................. 7 0. BESTUUR EN ONDERSTEUNING ............................................................................7 1. VEILIGHEID ......................................................................................................22 2. VERKEER, VERVOER EN WATERSTAAT ...............................................................27 3. ECONOMIE .......................................................................................................32 4. ONDERWIJS .....................................................................................................39 5. SPORT, CULTUUR EN RECREATIE .......................................................................45 6. SOCIAAL DOMEIN .............................................................................................53 7. VOLKSGEZONDHEID EN MILIEU ..........................................................................70 8. VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN STEDELIJKE VERNIEUWING .......77

3.2

PARAGRAFEN .......................................................................................... 84 1. LOKALE HEFFINGEN .........................................................................................84 2. WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING ..............................................93 3. ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN .................................................................. 103 4. FINANCIERING ................................................................................................ 105 5. BEDRIJFSVOERING ......................................................................................... 109 6. VERBONDEN PARTIJEN ................................................................................... 113 7. GRONDBELEID ............................................................................................... 127 8. INTERBESTUURLIJK TOEZICHT ......................................................................... 129 9. ONDERZOEKSAGENDA .................................................................................... 134

4.

FINANCIËLE BEGROTING ............................................................................... 136 4.1 OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN EN TOELICHTING ................................. 136 4.2 VOORGESTELDE BEGROTINGSBIJSTELLINGEN .......................................... 138 4.3 VOORGESTELDE INZET RESERVE ONTWIKKELING STAD .............................. 168 4.4 UITEENZETTING FINANCIËLE POSITIE ........................................................ 174 BIJLAGE 1: SUBSIDIEOVERZICHT .................................................................... 181 BIJLAGE 2: FINANCIEEL OVERZICHT SOCIAAL DOMEIN ...................................... 191 BIJLAGE 3: UITWERKING ZOEKRICHTINGEN SLUITENDE BEGROTING ................... 194 BIJLAGE 4: VARIANTEN STADSMARKETING ...................................................... 198 BIJLAGE 5: TERUGKOPPELING UITWERKING MOTIE 2 KADERNOTA 2022 - 2025 .. 199 BIJLAGE 6: AFKORTINGENLIJST...................................................................... 205

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

1

1.

Bestuurlijke boodschap

Van kadernota naar ontwerp programmabegroting Deze ontwerp programmabegroting 2022 – 2025 gaat over het aankomende begrotingsjaar en de drie jaren daarna. Bij het opstellen ervan heeft het college de kaders gehanteerd die de raad heeft meegegeven met het vaststellen van de kadernota 2022 – 2025. Het beeld dat in het voorjaar naar boven kwam was dat er naar verwachting geen grote bezuinigingsoperatie noodzakelijk zou zijn om in oktober een sluitende ontwerp programmabegroting aan de raad te kunnen aanbieden. Kantekeningen hierbij waren wel de aanzienlijke financiële onzekerheden, die zowel voor- als nadelig uit konden pakken. Om die reden werd in de kadernota dan ook voorgesteld de berichtgeving vanuit Den Haag nog even af te wachten. Het krijgen van meer duidelijkheid is belangrijk om een afgewogen keuze te kunnen maken. Is er ruimte beschikbaar voor wenselijke voorstellen? Of moet er alsnog verder bezuinigd worden om de uitgaven en inkomsten met elkaar in overeenstemming te brengen? Het uitgangspunt voor het college is steeds geweest dat de begroting structureel en reëel in evenwicht moet zijn. Structureel in evenwicht wil zeggen dat jaarlijks terugkerende lasten worden gedekt door jaarlijks terugkerende baten. Reëel in evenwicht wil zeggen dat de achterliggende prognoses en aannames realistisch en haalbaar moeten zijn.

Een belangrijk aandachtspunt voor het college is ook steeds geweest het voorkomen van bezuinigingen die wellicht achteraf gezien niet nodig blijken te zijn. In opmaat naar deze programmabegroting 2022 – 2025 heeft het college daarom steeds gezocht naar een balans. Zonder daarbij aan wensdenken te doen maar met een beredeneerde afweging over welk niveau van begrotingsruimte redelijkerwijs te verwachten valt. Het college heeft de raad begin september ook meegenomen in dit proces aan de hand van een informatienota, waarin de laatste ontwikkelingen binnen het begrotingsproces uiteen zijn gezet. Het college heeft de maand september vervolgens gebruikt om alle relevante informatie bij elkaar te brengen, inclusief doorrekening van de septembercirculaire over het gemeentefonds. Dit met als doel een zo actueel mogelijke programmabegroting 2022 – 2025 aan uw raad te kunnen voorleggen. Met het verschijnen van de septembercirculaire 2021 is er wederom een puzzelstukje bekend geworden en wordt duidelijk dat er onder aan de streep sprake zal zijn van een meerjarig begrotingsoverschot.

Ruimte voor wenselijke voorstellen en toekomstige cofinanciering Op basis van het geactualiseerde financiële perspectief is het mogelijk de wenselijke voorstellen uit de kadernota 2022 – 2025 van dekking te voorzien. Zo stelt het college voor om middelen beschikbaar te stellen voor de ondersteuning van evenementen, de versterking van het ondernemersklimaat en de versterking van het Stadshart. Daarnaast wordt voorgesteld middelen beschikbaar te stellen om aan de slag te gaan met de consultatie van jongeren, een breed gedragen wens binnen de raad. Ook worden er middelen vrijgemaakt voor participatie instrumenten voor de belangrijke opgaven op het gebied van de warmtetransitie en duurzaamheid. Er is eveneens dekking beschikbaar om diverse verkeerskundige knelpunten aan te pakken, zoals aanpassingen van het fietspad bij de Neringweg, het fietspad Polderdreef en de fietsoversteek Geldersedreef bij Nienoord. Ook stelt het college voor middelen beschikbaar te stellen voor continuering van het succesvolle Uitvoeringsprogramma Vrijetijdseconomie. Het financieel perspectief 2022 - 2025 laat daarnaast ruimte zien om op incidentele basis middelen te reserveren voor het dekken van toekomstige verplichtingen tot cofinanciering. Dit is belangrijk omdat er in de nabije toekomst een aantal grote ontwikkelingen op de stad afkomen.

Zo is in de zomerperiode duidelijk geworden dat het gebiedsplan Lelystad Oost kan rekenen op ruim €39 miljoen subsidie vanuit het volkshuisvestingsfonds van het Rijk. De hiervoor benodigde gemeentelijke cofinanciering van bijna €10 miljoen zal in de komende jaren bijeengebracht moeten worden. In deze programmabegroting wordt daar een goede eerste aanzet voor gedaan, door een bedrag van €6 miljoen te reserveren binnen de reserve ontwikkeling stad. Ook de benodigde gemeentelijke bijdrage in het kader van de aangevraagde Bouwimpulsmiddelen voor ontwikkeling van het Stationsgebied wordt gereserveerd.

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

2

Financiële onzekerheden nog niet volledig verdwenen Er is in de afgelopen maanden meer duidelijkheid ontstaan over een aantal zaken die bij de kadernota 2022 – 2025 nog niet waren in te schatten. Ondanks dat er nog geen definitief uitsluitsel is over de invoering van het herijkte verdeelmodel van de algemene uitkering wordt wel duidelijk dat Lelystad rekening moet houden met een aanzienlijk nadelig herverdeeleffect, dat op termijn oploopt naar €3,6 miljoen per jaar. De formele vaststelling van het model moet nog plaatsvinden maar alle signalen wijzen er op dat daarbinnen niet veel meer gaat wijzigen. Binnen het financieel perspectief 2022 – 2025 wordt daarom volledig geanticipeerd op deze nadelige ontwikkeling. In de septembercirculaire wordt bevestiging gegeven van de afspraak dat gemeenten – vooruitlopend op een besluit van het nieuwe kabinet – in hun raming uit mogen gaan van aanvullende middelen ter compensatie van de tekorten op de jeugdzorg. In lijn met de afspraken die daarover zijn gemaakt in het raadsprogramma stelt het college voor de omvang van de totale rijksbijdrage voor de uitvoering van de jeugdzorg leidend en taakstellend te laten zijn. Dit betekent dat er naast extra geld voor uitvoering van de jeugdzorg ook extra geld beschikbaar komt ten gunste van het gemeentelijk begrotingssaldo.

Ook hierbij geldt dat een definitief besluit over structurele compensatie voor deze kosten nog genomen moet worden door een nieuw kabinet. Het nieuwe kabinet zal ook nog keuzes moeten maken over het al dan niet (gedeeltelijk) afschaffen van de zogeheten ‘opschalingskorting’. In de septembercirculaire 2021 wordt duidelijk dat het kabinet deze oplopende korting op de algemene uitkering – na bevriezing in de jaren 2020 en 2021 - ook in 2022 heeft bevroren. Dit biedt goede hoop voor de toekomst, maar er zijn geen garanties. En garanties zijn er ook niet voor de compensatie van gemeenten voor de stijging van kosten binnen de Wmo als gevolg van het abonnementstarief. Gesprekken daarover lopen en het is afwachten wat een nieuw kabinet daarover besluit.

Uitgelichte overige ontwikkelingen in deze programmabegroting Stijging kosten huisvuilinzameling – verhoging afvalstoffenheffing De toenemende kosten voor inzameling en verwerking van afval (en de stijgende afvalstoffenheffing als direct gevolg) is een landelijke trend. In Lelystad zijn de tarieven voor de afvalstoffenheffing in de afgelopen jaren relatief gezien maar zeer beperkt gestegen. Met ingang van 2022 is een aanzienlijke stijging van kosten echter onontkoombaar. Enerzijds in verband met een doorberekening van gestegen kosten in de dienstverlening overeenkomst met HVC. Anderzijds in verband met extra kosten op het gebied van (a) containerbeheer, (b) verwerkingskosten van afvalstromen en hieraan gerelateerde afvalstoffenbelasting, (c) uitbreiding van het aantal huisaansluitingen en (d) indexering. Totaal gaat het om een stijging van directe kosten van afgerond €2,3 miljoen, die via een verhoging van de afvalstoffenheffing van dekking wordt voorzien. In lijn met de afspraken uit het raadsprogramma wordt voorgesteld de afvalstoffenheffing 100% kostendekkend te maken. Dit houdt in dat naast bovenstaande directe kosten ook alle toerenbare indirecte kosten zoals BTW en concernoverhead worden verdisconteerd in de heffing, voor een totaalbedrag van €0,48 miljoen.

In de eerste jaren is er nog sprake van een korting vanuit HVC, maar op termijn zal de opbrengst uit de afvalstoffenheffing met zo’n kleine €2,8 miljoen worden verhoogd. Gezien deze aanzienlijke stijging van de afvalstoffenheffing ziet het college af van de mogelijkheden die er zijn om meer kostencomponenten aan de heffing toe te rekenen. Op basis van de zoekopdracht uit de kadernota is er namelijk gekeken naar mogelijkheden om kosten toe te rekenen aan de riool- en afvalstoffenheffing. Hoewel het mogelijk is om een deel van de kosten die de gemeente maakt voor straatvegen toe te rekenen aan deze heffingen – en bijbehorende dekking via een verhoging van de heffing te kunnen innen – wordt dat niet aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. Zoekopdracht huisvestingskosten bibliotheek De zoekopdracht naar de huisvestingskosten van de bibliotheek heeft geresulteerd in nieuwe onderhandelingen over het huidige huurcontract. Het resultaat van deze onderhandelingen is dat de bibliotheek met ingang van volgend jaar zo’n €132.000 minder aan huur kwijt is per jaar. Gezien de financiële situatie van de instellingen - en die van de bibliotheek in het bijzonder - stelt het college voor dit voordelige effect in te zetten als invulling van de reeds opgelegde - en nog in te vullen - taakstelling(en).

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

3

Verlaging hondenbelasting Bij de behandeling van de programmabegroting 2021 – 2024 heeft de raad een motie aangenomen, waarin het college werd opgedragen onderzoek te doen naar de mogelijkheid tot afschaffing van de hondenbelasting. In deze programmabegroting wordt voorgesteld de hondenbelasting te halveren met ingang van 2022.

Goede basis nieuwe bestuursperiode Ondanks de aanzienlijke financiële opgave hebben we in gezamenlijkheid verantwoordelijkheid genomen in de afgelopen jaren. Er zijn bezuinigingen doorgevoerd die weliswaar pijn deden, maar die noodzakelijk waren. Er wordt op dit moment hard gewerkt aan de verdere uitrol van de aanpak sociaal domein en is met de oprichting van Jeugd Lelystad (JEL) de toegang en regie op de jeugdzorg opnieuw vormgegeven. Ondanks de coronacrisis waarin gevreesd werd voor een recessie en oplopende werkloosheid is dat scenario ons gelukkig bespaard gebleven. Aantrekkende economie maakt dat er een grote vraag is naar arbeidskrachten. Lelystad is interessant als vestigingslocatie voor (grote) bedrijven en heeft na jaren van marginale inwonergroei de lijn naar boven te pakken. De uitdaging nu is om die groei op een gecontroleerde manier - en zonder de kernwaarde ‘hoofdstad van de nieuwe natuur’ geweId aan te doen - te blijven accommoderen. In de afgelopen jaren is een groot deel van het raadsprogramma gerealiseerd en ligt er een goede basis om de groeiambities vanuit Lelystad Next Level in de aankomende jaren vorm te gaan geven. De enorme potentie van deze stad werd mooi in beeld gebracht op 31 augustus bij de tijdrit van de BeNeLux Tour.

Het raadsbesluit om hier middelen voor vrij te maken zorgt ervoor dat het wielerpeloton ook in de aankomende twee jaar Lelystad zal aandoen. Deze ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025 is structureel en reëel in evenwicht, zonder dat er aanvullende bezuinigingen doorgevoerd hoeven te worden. Ondanks het honoreren van de diverse wenselijke voorstellen en het reserveren van incidentele middelen voor toekomstige opgaven is er nog steeds in alle jaren sprake van een positief saldo ter grootte van afgerond een kleine miljoen euro. Wat het college betreft blijven deze middelen beschikbaar om in te zetten in een nieuwe bestuursperiode. Het nieuwe gemeentebestuur dat volgend jaar na de verkiezingen aan zal treden heeft met deze begroting een solide basis om verder aan de slag te gaan voor de toekomst van deze stad.

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

4

2.

Leeswijzer

Met ingang van begrotingsjaar 2017 wordt de programmabegroting opgesteld conform de voorschriften in het ‘Wijzigingsbesluit vernieuwing Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV)’. In dit wijzigingsbesluit worden via een ministeriële regeling nadere regels voorgeschreven omtrent de wijze waarop gemeenten de programmabegroting- en verantwoording moeten inrichten. Voorbeelden zijn het verplicht opnemen van bepaalde beleidsindicatoren, het gebruik van financiële kengetallen en een voorgeschreven indeling van de financiële begroting in zogeheten ‘taakvelden’. Het idee achter deze voorschriften is dat gemeenten beter met elkaar vergeleken moeten kunnen worden. De programmabegroting en de jaarstukken worden voortaan op een meer uniforme manier opgebouwd, waarbij de gehanteerde regels minder ruimte laten voor interpretatie door individuele gemeenten. Zoals zichtbaar is in de inhoudsopgave bestaat deze programmabegroting uit een beleidsbegroting en een financiële begroting, plus een aantal bijlagen. Hieronder worden de daarin opgenomen hoofdstukken kort toegelicht. De beleidsbegroting is opgebouwd uit de volgende drie afzonderlijke onderdelen: 3.1 Taakvelden De totale gemeentebegroting is onder te verdelen in clusters (0 tot en met 8), waarbij ieder cluster weer is opgebouwd uit een aantal samenhangende taakvelden (in totaal 53).

Binnen dit onderdeel wordt voor ieder taakveld afzonderlijk inzicht geboden in: a) b) c) d) e) f)

de bijbehorende baten en lasten in de periode 2022 – 2025; de verantwoordelijke portefeuillehouder(s); het antwoord op de vraag of dit taakveld onderdeel uitmaakt van de begrotingsmonitoren 2022; de aard van deze activiteiten (wettelijk / gemeentelijk), met daaruit afgeleid een duiding van de beïnvloedbaarheid van deze baten en lasten; de activiteiten die samenhangen met de inzet van deze baten en lasten en wat daarmee beoogd wordt te bereiken; de aan het taakveld gerelateerde beleidsnota’s en indien van toepassing de vermelding van aan dit taakveld verbonden partijen (alleen indien er zowel een bestuurlijk- als financieel belang is).

Aan het einde van ieder begrotingscluster worden de bij ministeriële regeling verplicht voorgeschreven beleidsindicatoren gepresenteerd, aangevuld met aanvullende (lokale) beleidsindicatoren. Om de context van deze cijfers beter te kunnen plaatsen worden de uitkomsten, daar waar mogelijk, afgezet tegen het Nederlands- en Flevolands gemiddelde. 3.2 Paragrafen De paragrafen vormen een dwarsdoorsnede van de gemeentebegroting. Zaken als de gemeentelijke bedrijfsvoering, de financiering en het beleid omtrent de onderhoud van kapitaalgoederen lopen dwars door de hierboven beschreven taakvelden heen. Dit is ook de reden dat het BBV gemeenten verplicht dit type informatie in afzonderlijke paragrafen uit te werken.

De financiële begroting is opgebouwd uit de volgende drie afzonderlijke onderdelen: 4.1 Overzicht van baten en lasten en toelichting Binnen dit hoofdstuk wordt er een weergave gegeven van het totaal aan baten en lasten van alle taakvelden bij elkaar opgeteld. De bij het opstellen van de totale gemeentebegroting gehanteerde grondslagen worden daarbij kort uiteengezet. De beginstand van het financieel perspectief in de jaren 2022 en verder sluit aan bij de eindstand van de kadernota 2022 – 2025. Deze financiële eindstand van de kadernota 2022 – 2025 vormt de beginstand van deze programmabegroting 2022 – 2025.

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

5

4.2 Voorgestelde begrotingsbijstellingen Binnen dit hoofdstuk worden alle voorgestelde bijstellingen van de begroting 2022 – 2025 uiteengezet. Dit zijn bijstellingen ten opzichte van het hierboven genoemde eindstand van de kadernota 2022 – 2025 en hebben hoofdzakelijk betrekking op onontkoombare ontwikkelingen en/of actualisaties van bestaand beleid. Daarnaast is de uitkering die de gemeente ontvangt uit het gemeentefonds geactualiseerd naar aanleiding van de mei- en septembercirculaire 2021 en wordt er geanticipeerd op de nadere herijking van het gemeentefonds en de aanvullende compensatie die wordt ontvangen voor de tekorten op de jeugdzorg. Verder wordt er binnen dit hoofdstuk voorgesteld de bij de kadernota 2022 – 2025 geïnventariseerde wenselijke voorstellen van dekking te voorzien en het resterende begrotingsoverschot in de jaren 2022 – 2025 toe te voegen aan de reserve ontwikkeling stad. Na vaststelling van de kadernota 2022 – 2025 was er sprake van een sluitende begroting 2022 en een niet sluitende meerjarenraming 2023 – 2025. Om die reden stonden in de kadernota een aantal uit te werken zoekrichtingen benoemd. Deze zoekrichtingen zijn wel uitgewerkt in bijlage 3, maar worden niet aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. Dit omdat er reeds sprake is van een financieel perspectief 2022 – 2025 dat structureel en reëel in evenwicht is.

Na verwerking van de voorgestelde begrotingsbijstellingen wordt duidelijk dat er een bedrag van €10.250.000 aan incidentele begrotingsruimte toegevoegd kan worden aan de reserve ontwikkeling stad vanuit de positieve begrotingssaldi 2022, 2023 en 2024. Met deze toevoeging ontstaat er in totaal €14.050.000 aan incidentele onbeklemde ruimte voor zaken die in de aankomende jaren vragen om incidentele dekking. 4.3 Voorgestelde inzet reserve ontwikkeling stad Zoals ook in de bestuurlijke boodschap en in de passage hierboven al staat verwoord is er ruimte aanwezig om de wenselijke voorstellen uit de kadernota 2022 – 2025 van incidentele dekking te voorzien. Daarnaast stelt het college de raad voor om een groot deel van de resterende middelen te beklemmen voor een aantal ontwikkelingen die – op termijn – zullen vragen om aanzienlijke bedragen aan incidentele dekking / gemeentelijke cofinanciering. 4.4 Uiteenzetting financiële positie Binnen dit hoofdstuk wordt ingegaan op de gemeentelijke balans. Er wordt inzicht geboden in de gemeentelijke reservepositie en de voorzieningen. Dit hoofdstuk heeft een relatie met de paragraaf Inter Bestuurlijk Toezicht (IBT), waarin wordt ingegaan op diverse financiële ratio’s en kengetallen (aan de hand van de drie pijlers: begrotingsevenwicht, weerstandsvermogen en schuldpositie). Bijlagen In deze programmabegroting zijn een zestal bijlagen opgenomen.

Deze bijlagen bevatten informatie over diverse onderwerpen, mede naar aanleiding van verzoeken vanuit de raad.

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

6

3.

Beleidsbegroting

3.1

Taakvelden

0. Bestuur en ondersteuning

0. Bestuur en ondersteuning (Bedragen x €1.000)

Lasten 0.1 Bestuur 0.2 Burgerzaken 0.3 Beheer ov. gebouwen en gronden 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.61 OZB woningen 0.8 Overige baten en lasten Totaal Lasten Baten 0.1 Bestuur 0.2 Burgerzaken 0.3 Beheer ov. gebouwen en gronden 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.61 OZB woningen 0.62 OZB niet-woningen 0.63 Parkeerbelasting 0.64 Belastingen overig 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten Totaal Baten Eindtotaal

2022

2023

2024

2025

-6.038 -3.606 -862 -29.198 168 -1.622 -5.773 -46.930

-3.876 -3.606 -862 -29.209 -96 -1.622 -5.246 -44.517

-3.870 -3.602 -862 -28.797 -239 -1.622 -6.451 -45.443

-3.846 -3.602 -862 -28.664 -403 -1.622 -5.967 -44.966

82 982 899 831 829 12.131 14.420 2.190 951 162.959 196.272 149.342

82 982 899 831 797 12.131 14.420 2.190 951 163.710 196.991 152.474

82 982 899 831 786 12.131 14.420 2.190 951 164.535 197.805 152.363

82 982 899 831 774 12.131 14.420 2.190 951 165.106 198.365 153.399

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

7

0. Bestuur en ondersteuning (mutaties reserves) (Bedragen x €1.000)

Lasten 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten Totaal Lasten Baten 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten Totaal Baten Eindtotaal

2022

2023

2024

2025

-2.343 -311 -2.654

-1.010 -1.010

-826 -826

-636 -636

10.473 10.473 7.819

4.636 4.636 3.626

3.406 3.406 2.580

2.498 2.498 1.862

De taakvelden binnen het cluster ‘0. Bestuur en ondersteuning’ dragen bij aan de uitvoering van de inhoudelijke taakvelden, die onderdeel uitmaken van de verderop beschreven clusters 1 tot en met 8. In de tabellen hierboven wordt per taakveld inzicht geboden in de bijbehorende lasten en baten. In de tabellen op de volgende pagina’s wordt vervolgens per taakveld aanvullende informatie geboden, bijvoorbeeld over de aard van de activiteiten, de beïnvloedbaarheid van de budgetten en de verantwoordelijke portefeuillehouder(s). Indien van toepassing wordt er ingegaan op de concrete doelstellingen voor 2022 en/of de bij het taakveld betrokken verbonden partijen. Na de beschrijving van deze taakvelden worden de bij ministeriële regeling verplicht op te nemen beleidsindicatoren gepresenteerd.

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

8

Duiding taakvelden binnen dit cluster Bedrag x €1.000

0.1

Bestuur

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A.E.H. Baltus Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Lasten Baten

2022 -6.038 82

2023 -3.876 82

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2024 -3.870 82

2025 -3.846 82

Wettelijk [ 0 % - 20 %] [0%]

Context van het taakveld Op basis van artikel 6 van de gemeentewet is het voor een gemeente verplicht om een gemeenteraad, een college en een burgemeester te hebben. Daarnaast verplicht de gemeentewet iedere gemeente om een rekenkamer of een rekenkamerfunctie vorm te geven (artikel 81a t/m 81k en artikel 182 t/m 185). Verder is het in de gemeentewet de verplichting een griffie te hebben (artikel 107 t/m 107e gemeentewet). Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de lasten opgenomen die direct verband houden met de gemeentelijke bestuursorganen en de directe ondersteuning daarvan: - Het college van burgemeester en wethouders; - De gemeenteraad en de raadscommissies; - De ondersteuning en advisering van de raad in de vorm van een griffie; - De lokale rekenkamer; - Landelijke- en regionale bestuurlijke samenwerkingsverbanden (Vereniging van Nederlandse Gemeenten, G40, Platform 31) De beïnvloedbaarheid van de lasten binnen dit taakveld is vrij beperkt. Zo is het aantal raadsleden wettelijk voorgeschreven, evenals de hoogte van de bijbehorende vergoeding voor het raadswerk. De lasten behorende bij het college staan in direct verband met het aantal collegeleden. De lasten behorende bij de raad staan in direct verband met het aantal raadsleden, fracties en fractieassistenten.

Met ingang van de volgende bestuursperiode zal het aantal raadsleden groeien van 35 naar 37 in verband met het bereiken van de grens van 80.000 inwoners. Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? Binnen dit taakveld wordt gestreefd naar een open en constructieve bestuurscultuur, waarbij er ruimte is om elkaar aan te spreken op houding en gedrag. Bestuurders en gekozen volksvertegenwoordigers van een gemeente dienen het algemeen belang en zijn er voor alle inwoners van de stad. Bestuurlijke integriteit houdt in dat de verantwoordelijkheid die met de functie samenhangt wordt aanvaard en dat de bereidheid er is daarover verantwoording af te leggen. Gerelateerde beleidsnota's Gedragscode integriteit gemeenteraadsleden gemeente Lelystad Gedragscode integriteit collegeleden gemeente Lelystad Gedragscode integriteit ambtenaren gemeente Lelystad

Gerelateerde verbonden partijen -

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

9

Bedrag x €1.000

0.2

Burgerzaken

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): D. de Vreede Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Lasten Baten

2022 -3.606 982

2023 -3.606 982

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2024 -3.602 982

2025 -3.602 982

Wettelijk [ 0 % - 20 %] [0%]

Context van het taakveld De gemeente voert een verscheidenheid aan wettelijke verplichtingen uit binnen dit taakveld. De uitvoering hiervan is georganiseerd binnen de Stadswinkel. Naast burgerzaken vormt het klantcontactcentrum een belangrijk onderdeel, dat uitvoering geeft aan de telefonische bereikbaarheid, informatieverstrekking en het opnemen en uitzetten van meldingen over de openbare ruimte. De informatiebalie is het eerste aanspreekpunt voor inwoners, bezoekers en ondernemers die een bezoek brengen aan het stadhuis en vervult daarmee een waardevolle en gastvrije rol in de gemeentelijke dienstverlening. Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de lasten en baten opgenomen die verband houden met de uitvoering van de diverse wettelijk voorgeschreven burgerzakentaken. De beïnvloedbaarheid van de lasten en baten binnen dit taakveld is vrij beperkt, aangezien het de uitvoering van wettelijke taken betreft en een groot deel van de legesopbrengsten worden gemaximeerd door wettelijke bepalingen. Op basis van artikel 229 van de Gemeentewet brengt de gemeente de kosten in rekening voor deze door de gemeente geleverde diensten, de zogeheten leges. Basistaken De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoering van diverse taken, zoals de uitgifte van rijbewijzen, reisdocumenten en het verlenen of intrekken van de Nederlandse nationaliteit.

Burgerlijke stand Op basis van het Burgerlijk Wetboek houdt de gemeente diverse registers bij. Daarnaast voeren we de daarbij behorende taken uit- onder andere het gebied van huwelijken, geboortes, overlijden en erkenningen uit. Basisregistraties Burgerzaken is verantwoordelijk voor de Basisregistratie Personen. Dit betreft het bijhouden van persoonsgegevens, de verstrekking van gegevens uit de basisregistratie, de technische en administratieve inrichting en werking en de beveiliging van de basisregistratie. Verkiezingen Op basis van de Kieswet zijn gemeenten verantwoordelijk voor het organiseren van verkiezingen voor de gemeenteraad, de provinciale staten, de Tweede Kamer der Staten-Generaal, het Europees Parlement en de Waterschappen. Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? Inwoners ervaren de dienstverlening van Burgerzaken als een klantgerichte en professionele organisatie, waarbij je veilig en betrouwbaar voor je diensten en producten terecht kunt. Burgerzaken staat de komende jaren voor grote veranderingen, waardoor het taakveld aan verandering onderhevig is. Bij de vertaalslag van de systeemwereld naar de leefwereld van de burger, moet een balans worden gevonden in het spanningsveld van optimale dienstverlening en tegelijkertijd kwaliteit van persoonsgegevens, privacy, fraudebestrijding, juridisering en de toenemende digitalisering.

Hier ligt de uitdaging om de dienstverlening anders in te richten en tegelijkertijd de persoonlijke benadering, naar een hoger plan te tillen. Dat vereist meer dan ooit hostmanship en vakmanschap. Om bovenstaande de komende jaren te realiseren gaan we aan de slag met de drie kernwaarden van onze visie op dienstverlening “samen, betrokken en duidelijk!” Door kritisch te kijken naar de huidige processen en de juiste keuzes te maken voor de middel- en lange termijn komen wij tot een optimale dienstverlening, digitaal waar dat kan, persoonlijk waar het moet. Gerelateerde beleidsnota's Legesverordening Lelystad 2022 (raadsbehandeling eind 2021)

Gerelateerde verbonden partijen -

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

10

Bedrag x €1.000

0.3

Beheer overige gebouwen en gronden

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): M. van Noort Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Lasten Baten

2022 -862 899

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2023 -862 899

2024 -862 899

2025 -862 899

Gemeentelijk [ 0 % - 20 %] [ 0 % - 20 %]

Context van het taakveld Naast bouwgrond in exploitatie (taakveld 3.2 voor bedrijventerreinen en taakveld 8.2 voor niet-bedrijventerreinen) heeft de gemeente diverse andere gronden in eigendom. Dit zijn bijvoorbeeld gronden die zijn uitgegeven in erfpacht maar ook de niet in exploitatie genomen gronden. Wanneer geen sprake is van een grondexploitatie worden de bijbehorende lasten en baten die samenhangen met het bezit- en beheer van gronden binnen dit taakveld verantwoord. Wat doen we binnen dit taakveld? Gronden die geen onderdeel uitmaken van een grondexploitatie vertegenwoordigen een waarde op de gemeentelijke balans binnen de categorie materiële vaste activa. De exploitatielasten - en baten die samenhangen met het in bezit- en beheer hebben van deze gronden zijn grofweg onder te verdelen in: Toegerekende rentelasten De gemeentelijke bezittingen zijn deels gefinancierd met vreemd vermogen, zo ook de gronden uitgegeven in erfpacht en de (bouw)gronden die zich niet in een exploitatiefase bevinden. Het BBV schrijft voor dat de kosten die hiermee samenhangen moeten worden toegerekend aan het bijbehorende taakveld. In dit geval worden de rentelasten die samenhangen met het in bezit hebben van deze gronden aan dit taakveld toegerekend via een omslagpercentage.

Beheerslasten en -baten Naast de lasten die samenhangen met het in bezit hebben heeft de gemeente ook een verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor een doelmatig beheer van deze gronden. Daar waar mogelijk is het de insteek deze gronden te verhuren of te verpachten, zodat er baten worden gerealiseerd. Op incidentele basis wordt er in bepaalde gevallen overgegaan tot verkoop van grond, wat resulteert in incidentele baten en vaak ook lasten (bijvoorbeeld i.v.m. afwikkeling boekwaarde). Deze incidentele verkopen zijn niet op voorhand meerjarig te begroten. De beïnvloedbaarheid van de lasten en baten binnen dit taakveld is vrij beperkt, aangezien de lasten en baten sterk met elkaar samenhangen.

Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? Het in bezit hebben van deze (bouw)gronden is ingegeven vanuit strategisch oogpunt of omdat ontwikkeling pas op de langere termijn is voorzien. Daarnaast wordt er binnen dit taakveld gestreefd naar een evenwicht tussen de opbrengsten uit verhuur en verpachting enerzijds en de daaraan gekoppelde beheerslasten anderzijds. Gerelateerde beleidsnota's -

Gerelateerde verbonden partijen -

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

11

Bedrag x €1.000

0.4

Overhead

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): J. Schoone Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Lasten Baten

2022 2023 2024 2025 -29.198 -29.209 -28.797 -28.664 831 831 831 831

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

Gemeentelijk [ 0 % - 20 %] [ 0 % - 20 %]

Context van het taakveld De bedrijfsvoeringskosten van de gemeente worden gedefinieerd als die kosten die niet direct zijn toe te rekenen aan de overige taakvelden binnen de gemeentebegroting. Het gaat hierbij om alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van het primaire proces en medewerkers.

Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de lasten en baten opgenomen die verband houden met de bedrijfsvoeringskosten. Het gaat hierbij om de gemeente brede uitvoering van de volgende taken: - financiën, administratie, beheer, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie; - personeel en organisatie; - onderzoek en statistiek; - de directie, teamleiders; - inkoop (incl. aanbesteding en contractmanagement); - juridische zaken; - bestuurszaken en bestuursondersteuning; - informatievoorziening en automatisering (ICT); - facilitaire zaken en huisvesting, zoals de kapitaal- en onderhoudslasten van het stadshuis (incl. beveiliging); - documentaire informatievoorziening (DIV); In de afgelopen jaren is door middel van het opnemen van een stijgende taakstelling een reductie van de bedrijfsvoeringskosten in de begroting verwerkt. Met ingang van de begroting 2020 is er een nieuwe taakstelling opgelegd, oplopend van €250.000 in 2021 tot €750.000 structureel voor 2023 en verder. De beïnvloedbaarheid van de lasten en baten die resteert binnen dit taakveld is zeer beperkt en staat in direct verband met de omvang van de activiteiten die worden uitgevoerd binnen het primaire proces.

Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? Het doel binnen de gemeentelijke bedrijfsvoering is om een klimaat te realiseren waarin het vanzelfsprekend is dat iedereen voortdurend streeft naar verbetering van de werkprocessen en routines, met daarin het belang van de inwoners als uitgangspunt. Door middel van bijvoorbeeld de Lean methode is hier in de afgelopen jaren invulling aan gegeven. Daarnaast wordt er conform het uitvoeringsplan duurzaamheid verder gewerkt aan het verduurzamen van de organisatietaken en de bedrijfsvoering, onder andere door het bevorderen van duurzame inkoop. In de paragraaf bedrijfsvoering wordt uitgebreider ingegaan op diverse andere aspecten van belang. Gerelateerde beleidsnota's -

Gerelateerde verbonden partijen Het Flevolands Archief (HFA)

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

12

Bedrag x €1.000

0.5

Treasury

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A. Elzakalai Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Lasten Baten

2022 168 829

2023 -96 797

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2024 -239 786

2025 -403 774

Gemeentelijk [0%] [0%]

Context van het taakveld De gemeente heeft een deel van haar activa gefinancierd met vreemd vermogen en betaalt over deze aangetrokken leningen een vergoeding in de vorm van rente. De Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO) stelt regels aan het financieringsgedrag van gemeenten, zodanig dat bijvoorbeeld de risico's op het gebied van renteschommelingen worden beperkt. Zo voorkomt de zogeheten 'kasgeldlimiet' dat gemeenten vooral leningen aantrekken met een korte looptijd (met over het algemeen een lagere rente) en verplicht de 'renterisiconorm' gemeenten om de herfinanciering van leningen te spreiden in de tijd. Daarnaast schrijft het BBV voor dat de totale gemeentelijke rentelasten op een consistente en eenduidige wijze toegerekend dienen te worden aan de taakvelden waartoe de desbetreffende activa een bijdrage leveren. Deze aan de taakvelden toegerekende rente maakt inzichtelijk in hoeverre er bij het realiseren van de beoogde maatschappelijke effecten gebruik wordt gemaakt van geactiveerde bezittingen (denk aan het stadshuis, onderwijsgebouwen, het theater of bouwgronden). Deze toegerekende rente komt enerzijds dus terug als 'lasten' binnen het ene taakveld en vormen tegelijkertijd de 'dekking' van de rentelasten binnen dit taakveld.

Deze handelswijze zorgt ervoor dat de lasten voor de feitelijk te betalen rentelasten wordt opgebracht vanuit de desbetreffende taakvelden. Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de lasten en baten opgenomen die verband houden met de uitvoering van de treasuryfunctie: Rentelasten De te betalen rentelasten zijn onder te verdelen naar looptijd van de afgesloten lening. Er zijn leningen afgesloten met een korte looptijd (korter dan één jaar, vaak met een relatief lage rente) en leningen met een langere looptijd (langer dan één jaar, waarbij over het algemeen geldt dat hoe langer de looptijd hoe hoger de rente). De rentelasten zijn voornamelijk afhankelijk van de benodigde financiering, wat weer een voortvloeisel is van de genomen raadsbesluiten in het verleden. Daarnaast bepalen de rentestanden van het moment van herfinanciering voor een groot deel in hoeverre het beschikbare budget toereikend is. Rentebaten en dividendopbrengsten De baten binnen dit taakveld komen enerzijds voort uit de rentebaten die de gemeente ontvangt als vergoeding van een aantal verstrekte leningen. Anderzijds ontvangt de gemeente dividendopbrengsten vanuit een viertal deelnemingen, te weten: Vitens, Huisvuilcentrale, Alliander en de Bank Nederlandse Gemeenten. De hoogte van de ontvangen dividendopbrengsten is afhankelijk van de bedrijfsresultaten van de genoemde deelnemingen.

De directe beïnvloedbaarheid van deze lasten en baten is vrij beperkt, aangezien de gemeente gehouden is aan wet- en regelgeving en te maken heeft met een financieringsbehoefte die gebaseerd is op besluiten uit het verleden. Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? Binnen de grenzen van de Wet FIDO wordt getracht de rentelasten zo laag mogelijk te houden, door maximaal gebruik te maken van de kasgeldlimiet. Daarnaast wordt door middel van het spreiden van de leningenportefeuille in de tijd getracht het renterisico bij het herfinancieren van leningen zo klein mogelijk te houden. Gerelateerde beleidsnota's -

Gerelateerde verbonden partijen NV Alliander NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) NV Vitens

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

13

Bedrag x €1.000

0.61 OZB woningen

Lasten Baten

2022 -1.622 12.131

2023 -1.622 12.131

2024 -1.622 12.131

2025 -1.622 12.131

0.62 OZB niet-woningen

Lasten Baten

2022 14.420

2023 14.420

2024 14.420

2025 14.420

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A. Elzakalai Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

Wettelijk [ 0 % - 20 %] [ 100 % ]

Context van het taakveld Op basis van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) zijn gemeenten verantwoordelijk voor de waardering van alle onroerende zaken in Nederland. Eigenaren van woningen en eigenaren en gebruikers van niet-woningen (bijv. een bedrijfspand), ontvangen ieder jaar een WOZ-beschikking van de gemeente. De WOZ-waarde in deze beschikking vormt de grondslag voor het heffen van belasting door de rijksoverheid, gemeenten en het waterschap. Daarnaast wordt de WOZ-waarde op meer terreinen gebruikt, bijvoorbeeld bij het bepalen van de maximale huur bij woningcorporaties. Wat doen we binnen dit taakveld? In taakveld 0.61 zijn de lasten opgenomen die horen bij de uitvoering van de Wet WOZ. Het gaat hierbij om zaken als de waardering, de heffing en het uitvoering geven aan bezwaar en beroep. De Waarderingskamer controleert en beoordeelt gemeenten op de uitvoering en het Kadaster beheert het landelijke register van de door gemeenten vastgestelde WOZ waarden, als onderdeel van de Basisregistratie Waardering Onroerende Zaken. In taakveld 0.61 zijn tevens de baten opgenomen vanuit de onroerendezaakbelasting (ozb) op woningen. Samen met de baten vanuit de ozb op niet-woningen (taakveld 0.62) resulteert dit in een totale geraamde ozb opbrengst van ruim 26,5 miljoen euro in 2022.

Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? De gemeente draagt zorg voor het leveren van WOZ-waarden van goede kwaliteit, waarbij alle onderdelen van het WOZwerkproces voldoen aan de door de Waarderingskamer gestelde kwaliteitseisen. Over de vastgestelde WOZ-waarden wordt overeenkomstig de verordening OZB belasting geheven waarmee inkomsten worden gegenereerd. De hoogte van de totale ozb opbrengst wordt jaarlijks aangepast voor de ontwikkeling van de inflatie en het areaal. Gerelateerde beleidsnota's Tarievennota 2022 (raadsbehandeling eind 2021)

Gerelateerde verbonden partijen -

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

14

Bedrag x €1.000

2022 2.190

2023 2.190

0.63 Parkeerbelasting

Lasten Baten

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): L. Baaten Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2024 2.190

2025 2.190

Gemeentelijk [0%] [ 0 % - 20 %]

Context van het taakveld In het kader van parkeerregulering biedt artikel 225 van de Gemeentewet gemeenten de ruimte om parkeerbelasting te heffen. In de jaarlijks te actualiseren verordening parkeerbelastingen Lelystad wordt hier concreet invulling aan gegeven. Deze opbrengsten moeten in samenhang worden bezien met de lasten, die onderdeel uitmaken van taakveld 2.2 parkeren. Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de baten met betrekking tot de parkeerbelasting opgenomen. Naast de opbrengst uit de verkoop van parkeertijd in de garages, terreinen en het straat parkeren biedt de gemeente ook parkeerbundels, abonnementen en vergunningen aan. Daarnaast worden opbrengsten gerealiseerd vanuit opgelegde boetes (naheffingsaanslagen). Coöperatie ParkeerService voert in opdracht van de gemeente Lelystad diverse parkeertaken uit, waaronder de uitgifte van parkeervergunningen en abonnementen, het onderhoud van straatparkeerapparatuur en het beheer van de parkeergarages Zilverpark, De Waag, Neringweg, Agoradek en Bataviahaven (P6). Sinds 1 juli 2018 wordt handhaving niet meer uitgevoerd door ParkeerService maar door team Stadstoezicht. De beïnvloedbaarheid van deze baten is beperkt als gevolg van prijselasticiteit.

Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? In lijn met het raadsprogramma wordt ingezet op het realiseren van een gelijk speelveld voor betaald parkeren in het Stadshart. Daarbij wordt gestreefd naar een verhoging van het gebruiksgemak van de voorzieningen en parkeerproducten te bieden waar ondernemers op kunnen inhaken als zij hun klanten in de parkeerkosten tegemoet willen komen. Ook het gelijktrekken van tarieven is een aspect van deze aanpak. Gerelateerde beleidsnota's Parkeerverordening Lelystad

Gerelateerde verbonden partijen Coöperatie ParkeerService

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

15

Bedrag x €1.000

2022 951

0.64 Belastingen overig

Lasten Baten

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A. Elzakalai Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2023 951

2024 951

2025 951

Gemeentelijk [0%] [ 100 % ]

Context van het taakveld Naast de belastingen die in de taakvelden hierboven worden genoemd biedt de Gemeentewet de ruimte om nog een aantal belastingen te heffen. In Lelystad is daaraan uitvoering gegeven door het heffen van: hondenbelasting (artikel 226), reclamebelasting (artikel 227) en de toeristenbelasting (artikel 224). Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de baten met betrekking tot de overige belastingen opgenomen. Het gaat hierbij om drie belastingen: Hondenbelasting De heffing van hondenbelasting (€ 651.000) is gemeentelijk beleid en de baten vallen onder de vrij te besteden algemene dekkingsmiddelen. De hoogte van de hondenbelasting is niet aan wettelijke normen gebonden en kent daarmee een hoge mate van beïnvloedbaarheid. Toeristenbelasting Met ingang van 2021 is in Lelystad toeristenbelasting ingevoerd. De heffing van toeristenbelasting (€ 300.00) is gemeentelijk beleid en de baten vallen onder de vrij te besteden algemene dekkingsmiddelen. De twee vormen van toeristenbelasting zijn: 1. Een ‘gewone’ toeristenbelasting voor het verblijf in hotels, pensions, (recreatie)woningen, tenten en caravans 2. Een watertoeristenbelasting voor het verblijf op vaartuigen in het gemeentelijk watergebied Reclamebelasting Reclamebelasting wordt in Lelystad wel geheven, maar niet als algemeen dekkingsmiddel.

De inkomsten zijn gelabeld aan de uitkering van een subsidie ten behoeve van het ondernemersfonds Stadshart.. Gerelateerde beleidsnota's Legesverordening Lelystad 2022 (raadsbehandeling eind 2021)

Gerelateerde verbonden partijen -

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

16

Bedrag x €1.000

0.7

Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeente

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A. Elzakalai Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Lasten Baten

2022 2023 2024 2025 162.959 163.710 164.535 165.106

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

Wettelijk [0%] [0%]

Context van het taakveld Gemeenten beschikken over verschillende inkomstenbronnen, waarbij de bijdrage die de gemeente ontvangt uit het gemeentefonds veruit de grootste is. Over de inzet van deze middelen hoeft geen verantwoording te worden afgelegd aan de Rijksoverheid, maar de gemeente heeft uiteraard wel de verantwoordelijkheid om uitvoering te geven aan de wettelijke taken die in de overige taakvelden staan beschreven. Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de baten opgenomen die de gemeente ontvangt vanuit de verschillende uitkeringen uit het gemeentefonds: Algemene uitkering De algemene uitkering is de grootste uitkering uit het gemeentefonds. Het totale bedrag dat beschikbaar is voor alle gemeenten wordt verdeeld aan de hand van diverse maatstaven, vanuit het principe dat gemeenten bij gelijke tarieven een gelijkwaardig voorzieningenniveau moeten kunnen bieden. Het verdeelmodel is globaal en kosten georiënteerd en houdt rekening met de belastingcapaciteit en de structuurkenmerken van de verschillende gemeenten. De jaarlijkse ontwikkeling van de omvang van de algemene uitkering wordt vorm gegeven via de zogeheten 'trap op en trap af systematiek', waarbij het totaal beschikbare bedrag meebeweegt met de ontwikkeling van de brede rijksuitgaven.

De krimp of groei van de algemene uitkering als gevolg van deze systematiek wordt het acccres genoemd en wordt ieder jaar in de mei- en septembercirculaire meerjarig geactualiseerd. Integratie uitkeringen De integratie uitkeringen zijn gekoppeld aan de uitvoering van specifieke taken, maar de gemeente hoeft geen verantwoording af te leggen over de besteding. Op termijn is het de bedoeling dat dit type uitkeringen worden geïntegreerd binnen de algemene uitkering en dus niet langer afzonderlijk zijn te onderscheiden. Decentralisatie uitkeringen Decentralisatie utkeringen zijn vergelijkbaar met integratie uitkeringen, met als voornaamste verschil dat overheveling naar de algemene uitkering geen doel op zich is. Met ingang van 2019 wordt de zogeheten ICL uitkering ook uitgekeerd via deze weg en vormt daarmee veruit de grootste decentralisatie uitkering. De gemeente heeft geen mogelijkheden om de hoogte van deze uitkeringen te beïnvloeden. De hoogte van de bijdrage die de gemeente ontvangt uit het gemeentefonds - en dan met name de hoogte van de algemene uitkering - zal in de aankomende jaren wijzigen. Zo bevindt de herijking van de algemene uitkering zich in een vergevorderd stadium en zal het nieuwe kabinet een besluit moeten nemen over de (gefaseerde) invoering ervan.

De gemeente Lelystad gaat er op basis van de laatste inzichten zo'n €45 per inwoner op achteruit bij deze herijking. Naast bovenstaande herijking van de algemene uitkering lopen er diverse andere discussies omtrent de financiële positie van gemeenten. Denk aan het al dan niet afschaffen van de zogeheten 'opschalingskorting', de discussie over de normeringssystematiek 'trap op / trap af' en de onderzoeken naar tekorten binnen de Jeugdzorg en de Wmo. Op bepaalde onderwerpen lijkt er inmiddels wat beweging te zijn ontstaan, bijvoorbeeld op het Jeugdhulp dossier. Op andere terreinen zijn er op dit moment nog geen ontwikkelingen te melden. Op het moment dat er duidelijkheid ontstaat worden de effecten betrokken in de gemeentelijke p&c cyclus. Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? De middelen die overkomen vanuit het gemeentefonds zijn in principe vrij besteedbaar. Het door de raad vastgestelde uitgangspunt is dat rijksmiddelen die gekoppeld zijn aan een specifiek beleidsterrein daar ook voor worden ingezet. In deze programmabegroting worden om die reden de taakgerelateerde mutaties doorvertaald in de gemeentebegroting. Gerelateerde beleidsnota's -

Gerelateerde verbonden partijen -

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

17

Bedrag x €1.000

0.8

Overige baten en lasten

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A. Elzakalai Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Lasten Baten

2022 -5.773 -

2023 -5.246 -

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2024 -6.451 -

2025 -5.967 -

Gemeentelijk [0%] [0%]

Context van het taakveld Dit taakveld heeft een technisch karakter en bevat alle baten en lasten die niet toe te rekenen zijn aan de overige specifieke taakvelden in de gemeentebegroting. Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de lasten en baten opgenomen die verband houden met de volgende concern brede begrotingsonderdelen: Stelposten en taakstellingen Stelposten zijn reserveringen die in een later stadium worden doorvertaald naar de overige taakvelden, in afwachting van nadere informatie (zo is er een stelpost voor lonen / sociale lasten, kapitaallasten en financiële verschillen). Taakstellingen zijn nog te concretiseren bezuinigingen, die niet rechtstreeks te koppelen zijn aan één of meerdere taakvelden en om die reden centraal worden geadministreerd. Onvoorzien Voor het opvangen van onvoorziene, onvermijdbare en onuitstelbare lasten, die ten tijde van het opstellen van de begroting nog niet waren voorzien is er een structureel budget beschikbaar van €100.000. Deze dekking kan alleen worden ingezet op basis van een collegebesluit. Frictie, hervorming en personele calamiteiten Het krimpen van de organisatie in de afgelopen jaren ging gepaard met een relatief lage natuurlijke in- en uitstroom, waardoor de opvangcapaciteit van de organisatie steeds kleiner is geworden.

In het kader daarvan zijn er middelen beschikbaar voor het dekken van noodzakelijke frictiekosten (tijdelijk boven formatief personeel, vervanging bij personele calamiteiten, omscholingskosten) en hervormingskosten ter bevordering van de mobiliteit en flexibiliteit binnen de organisatie. Voormalig personeel De gemeente is eigenrisicodrager voor de WW, wat betekent dat de gemeente verantwoordelijk is voor de WW-uitkering van werkzoekende ex-medewerkers en verplicht zijn hen aantoonbaar te begeleiden bij het vinden van een passende baan. Bijbehorende kosten zijn in de begroting voorzien, zijn niet toe te delen aan een van de overige taakvelden en maken om die reden eveneens onderdeel uit van dit taakveld. De lasten binnen dit taakveld zijn zeer beperkt beïnvloedbaar en hebben een min of meer onontkoombaar karakter.

Wat willen we bereiken binnen dit taakveld? Het bevorderen van mobiliteit en het wendbaar maken van de organisatie moet ertoe bijdragen dat de continuïteit van de organisatie gewaarborgd blijft, ondanks de forse personele krimp die in de afgelopen jaren is doorgevoerd. Gerelateerde beleidsnota's -

Gerelateerde verbonden partijen -

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

18

Bedrag x €1.000

0.9

Vennootschapsbelasting (VpB)

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A. Elzakalai Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Lasten Baten

2022 -

2023 -

2024 -

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2025 -

Wettelijk [0%] [0%]

Context van het taakveld Met ingang van 1 januari 2016 zijn gemeenten belastingplichtig voor wat betreft de vennootschapsbelasting (Vpb). Gemeenten dienen binnen dit taakveld een raming te maken van de fiscale winst, die per saldo wordt gerealiseerd op ondernemersactiviteiten in het betreffende begrotingsjaar, na eventuele verrekening van fiscale verliezen uit eerdere begrotingsjaren. Voor de gemeente Lelystad is de huidige inschatting dat, gebaseerd op de activiteiten van de gemeente Lelystad zelf (cijfers t/m 2020) en Omala C.V. (cijfers t/m 2019) en de verwachtingen omtrent de toekomst, de gemeente per 2022 vennootschapsbelasting verschuldigd is. Ten opzicht van eerdere verwachtingen verschuift de belastingplicht van 2024 naar 2022. De belangrijkste oorzaken hiervoor zijn de gewijzigde richtlijnen vanaf 2016 voor het toerekenen van rentekosten bij een Commanditaire Vennootschap (Omala), hogere opbrengsten en een versnelde realisatie ten opzichte van eerdere verwachtingen bij de gemeentelijke grondexploitaties. Deze belastingplicht leidt niet tot een direct effect op de gemeentelijke exploitatie, maar maakt onderdeel uit van de grondexploitaties.

Bedrag x €1.000

2022 -2.343 10.473

2023 -1.010 4.636

0.10 Mutaties reserves

Lasten Baten

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A. Elzakalai Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2024 -826 3.406

2025 -636 2.498

Gemeentelijk [0%] [0%]

Context van het taakveld Op dit taakveld worden alle toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves begroot- en vervolgens dienovereenkomstig geboekt, op basis van in het verleden genomen raadsbesluiten. Het betreft hier de technische verwerking van de reservemutaties binnen alle andere taakvelden, met uitzondering van taakveld '0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten'.

Gerelateerde beleidsnota's Nota reserves en voorzieningen

Gerelateerde verbonden partijen Bedrag x €1.000

2022 -311 -

0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten

Lasten Baten

Cluster: 0. Bestuur en ondersteuning Portefeuillehouder(s): A. Elzakalai Onderdeel begrotingsmonitor 2022: Nee

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2023 -

2024 -

2025 -

Wettelijk [0%] [0%]

Context van het taakveld Op dit taakveld wordt het begrotingssaldo van alle andere taakvelden begroot- en geboekt, inclusief de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. Het betreft hier de technische verwerking van het begrote resultaat over de gehele gemeentebegroting: het saldo van baten en lasten binnen dit taakveld komt overeen met de eindstand van de kadernota 2022 2025 (die in de jaren 2023 en verder taakstellend sluitend is gemaakt). Na vaststelling van alle voorgestelde bijstellingen wijzigen deze cijfers in de eindstand programmabegroting 2022 - 2025. Gerelateerde beleidsnota's -

Gerelateerde verbonden partijen -

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

19

BBV indicatoren Definitie: De toegestane formatie, volgens het vastgestelde formatieplan in fte, van het ambtelijk apparaat per 1 januari 2021 per 1000 inwoners. Bron: Gemeente Lelystad

Definitie: Het werkelijk aantal fte dat werkzaam is in het ambtelijk apparaat per 1 januari 2021 per 1000 inwoners.

Bron: Gemeente Lelystad

Definitie: Apparaatskosten zijn alle personele en materiele kosten die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur.

Bron: Gemeente Lelystad

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

20

Definitie: Onder externe inhuur wordt verstaan het tegen betaling inzetten van personele capaciteit en deskundigheid, zonder dat daar een arbeidsovereenkomst of aanstelling tussen organisatie en de daarbij ingezette personen aan ten grondslag ligt. De kosten externe inhuur zijn op begrotingsbasis weergegeven als % van (totale loonsom + kosten inhuur externen). Bron: Gemeente Lelystad

Definitie: Overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces als % van de totale lasten. De relatieve stijging in de periode 2016 – 2018 hangt samen met de gewijzigde BBV voorschriften, waardoor een groter deel van de kosten als overhead wordt gerekend. Bron: Gemeente Lelystad

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

21

1. Veiligheid

1. Veiligheid (Bedragen x €1.000)

Lasten 1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid Totaal Lasten Baten 1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid Totaal Baten Eindtotaal

2022

2023

2024

2025

-6.213 -2.700 -8.913

-5.985 -2.700 -8.685

-6.020 -2.700 -8.721

-6.019 -2.700 -8.719

101 110 210 -8.703

101 110 210 -8.475

101 110 210 -8.510

101 110 210 -8.509

De taakvelden binnen het cluster ‘1. Veiligheid’ hebben betrekking op crisisbeheersing en brandweer, openbare orde en veiligheid. In de tabel hierboven wordt per taakveld inzicht geboden in de bijbehorende lasten en baten. In de tabellen hieronder wordt vervolgens per taakveld aanvullende informatie geboden, bijvoorbeeld over de aard van de activiteiten, de beïnvloedbaarheid van de budgetten en de verantwoordelijke portefeuillehouder(s). Indien van toepassing wordt er ingegaan op de concrete doelstellingen voor 2022 en/of de bij het taakveld betrokken verbonden partijen. Na de beschrijving van deze taakvelden worden de bij ministeriële regeling verplicht op te nemen beleidsindicatoren gepresenteerd, aangevuld met een aantal lokale beleidsindicatoren.

Ontwerp programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 – 2025

22

Bedrag x €1.000

1.1

Crisisbeheersing en brandweer

Cluster: 1. Veiligheid Portefeuillehouder(s): A.E.H. Baltus Onderdeel begrotingsmonitor 2022:

Lasten Baten

Nee

2022 -6.213 101

2023 -5.985 101

Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:

2024 -6.020 101

2025 -6.019 101

Wettelijk [ 0 % - 20 %] [0%]

Context van het taakveld Op basis van artikel 2 van de Wet veiligheidsregio's is het college van burgemeester en wethouders belast met de organisatie van de brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening. Op grond van artikel 8 en 9 zijn gemeenten vervolgens verplicht via een gemeenschappelijke regeling diverse taken en bevoegdheden op dit gebied over te dragen aan het bestuur van de veiligheidsregio. Lelystad maakt samen met de gemeenten Almere, Dronten, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde onderdeel uit van de veiligheidsregio Flevoland. Wat doen we binnen dit taakveld? In dit taakveld zijn de lasten en baten opgenomen die verband houden met de wettelijke taken op het gebied van brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening. De uitvoering hiervan is belegd bij de Veiligheidsregio Flevoland, die jaarlijks een bijdrage van de deelnemende gemeenten ontvangt. De Veiligheidsregio Flevoland is een samenwerkingsverband tussen de zes Flevolandse gemeenten, Brandweer Flevoland, GHOR (de afkorting staat voor Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio) en de politie. De nieuwe verdeelsleutel is in 2021 definitief vastgesteld. De verwachte bijdrage over 2022 is €5.113.000. Daarnaast spelen er nog enkele onderwerpen die op termijn mogelijk vragen om aanvullend budgetbeslag o.a.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=18f338cb-0849-4165-a113-101b295cd9d1