CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

Houtskoolschets acute zorg

Raadsvergadering 26 januari 2021, gemeente LelystadBij agendapunt: 363. Reactie gemeente Lelystad op Houtskoolschets Acute zorg VWS16.528 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Houtskoolschets acute zorg Een discussiestuk over de inrichting en bekostiging van het acute zorglandschap

Samenvatting

Een nieuwe inrichting van het acute zorglandschap

De samenleving en de zorg veranderen in snel tempo. Ook het acute zorglandschap verandert door technologische en zorginhoudelijke ontwikkelingen. Het acute zorglandschap zal op deze veranderingen moeten inspelen. Als we naar het acute zorglandschap kijken zien we een aantal vraagstukken: • het voorkomen van acute zorg kan beter, • het is niet altijd duidelijk waar je heen moet met een acute zorgvraag, • acute zorg thuis wordt nog niet groots opgepakt, • je blijft als patiënt soms te lang op de verkeerde plek, • er zijn niet genoeg zorgprofessionals voor de toenemende vraag naar zorg, • de samenwerking tussen zorgprofessionals binnen de totale keten van acute zorg kan beter, • er wordt nog te weinig gebruik gemaakt van slimme zorg, • zorgprofessionals beschikken niet altijd over de juiste informatie. Ook voor de toekomst willen we kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van acute zorg voor iedereen garanderen. De acute zorg moet meebewegen, met het oog op een toekomstbestendige inrichting van het zorglandschap. Hierbij is het van belang dat iedereen de zekerheid heeft en houdt over beschikbaarheid van acute zorg van de beste kwaliteit. Dag en nacht. De vraag is hoe we de urgente problemen in de acute zorg kunnen oplossen en tegelijkertijd vol inzetten op behoud van vertrouwen in acute zorg voor iedereen.

Hoe kunnen we de acute zorg het beste inrichten en financieren? Wat is de stip op de horizon en hoe gaan we daar met elkaar naar toe werken? Hoe ziet Nederland er straks uit als we het over acute zorg hebben?

De nieuwe inrichting van de acute zorg zal met name gericht zijn op zes pijlers die hieronder beschreven worden. Voorkomen van acute zorg We willen zoveel mogelijk voorkomen dat mensen acute zorg nodig hebben. Dit vraagt om een sterke sociale basis, samenwerking tussen het sociale- en het medische domein en goede tijdelijke opvang of doorstroom van mensen naar de langdurige zorg als het thuis niet meer zelfstandig gaat. Hierbij mag de potentie van de hulp van slimme zorg niet vergeten worden, zoals beslissingsondersteuning om te bepalen of zorg nodig is of monitoring van de patiënt thuis. Regionale zorgmeldkamers voor niet levensbedreigende acute zorg In de zorgmeldkamers wordt een aantal activiteiten bij elkaar gebracht: een goede multidisciplinaire triage voor niet levensbedreigende acute zorgvragen, het coördineren van het verplaatsen van patiënten tussen verschillende zorglocaties en van de inzet van zorgprofessionals die naar de patiënt toe komen. De patiënt met een niet levensbedreigende acute zorgvraag kan straks één landelijk telefoonnummer bellen. Meer acute zorg thuis Veel laagcomplexe acute zorg kan ook thuis gegeven worden. Dat is fijn voor de patiënt en kan de instroom in de acute zorg verminderen. Dat kan nu al maar we zullen dit substantieel moeten uitbreiden.

Denk hierbij aan een wijkverpleegkundige of een verloskundige die bij je langskomt, inzet van ambulante geriatrische teams of professionals uit het sociaal domein.

Om deze vragen te beantwoorden hebben we in het najaar van 2019 en het begin van 2020 met verschillende personen binnen en buiten het ministerie van VWS gesproken. Aan de hand daarvan zijn de eerste ideeën gevormd en de eerste schetsen gemaakt. In maart 2020 werden we geconfronteerd met COVID-19 wat het zorglandschap flink op de proef stelde. De eerste geleerde lessen zijn meegenomen in deze houtskoolschets. Evaluaties van de gevolgen van COVID-19 op het (acute) zorglandschap moeten nog volgen en zullen in de verdere uitwerking van de houtskoolschets meegenomen worden.

Integrale spoedposten Op de spoedpost kan de patiënt terecht voor acute huisartsenzorg, acute geestelijke gezondheidszorg en een groot deel van de acute medisch specialistische zorg. Deze zorg wordt integraal aangeboden. Op deze spoedposten kan een groot deel van de acute zorg aangeboden worden. Per regio zal bepaald moeten worden waar de spoedposten komen en hoe ze ingericht worden. We zullen afspraken moeten maken over faciliteiten en zorgprofessionals die aanwezig moeten zijn. Het uitgangspunt is dat de bereikbaarheid van acute zorglocaties gelijk blijft aan wat nu het geval is of zelfs beter wordt.

De ideeën in deze houtskoolschets zijn eerste denkrichtingen, die richting geven aan de discussie over de toekomstige inrichting en financiering van het acute zorglandschap. Er zijn veel vragen die nog niet beantwoord kunnen worden, we hebben meer feiten en cijfers nodig en meer inzicht in de daadwerkelijk effecten in de praktijk. Deze houtskoolschets is een begin van een langer traject, waarbij nog veel uitgewerkt en onderbouwd moet worden. Dat gaan we ook doen, maar pas na publicatie van en discussie over de houtskoolschets. We beschrijven eerst onze visie, een toekomstbeeld, waarmee we een maatschappelijke discussie op gang willen brengen en gaan vervolgens uitwerken hoe we, met elkaar, het toekomstbeeld gaan bereiken.

Hoogcomplexe of levensbedreigende acute zorg Een veel kleiner deel van de patiënten die acute zorg nodig heeft, zal terecht komen op een spoedeisende hulp voor hoogcomplexe of levensbedreigende acute zorg. Hier zullen 24 uur per dag, 7 dagen per week de juiste zorgprofessionals klaarstaan en alle faciliteiten beschikbaar zijn om de best mogelijke zorg te kunnen leveren. Hier is medische kwaliteit belangrijker dan nabijheid. Bij deze locaties zullen afspraken gemaakt worden over volumenormen, over reisafstanden of reistijden, over de verplaatsing van patiënten naar een zorglocatie in de buurt zodra dit mogelijk is en over de extra inzet van ambulances en traumahelikopters.

We kunnen niet niks doen

Als we naar het acute zorglandschap kijken zien we een aantal vraagstukken: het is soms te druk of juist te stil, het is onvoldoende duidelijk waar je heen moet, er wordt te weinig integraal samengewerkt en het is moeilijk om steeds voldoende zorgprofessionals te vinden. Het oplossen van deze vraagstukken vraagt om een andere inrichting, organisatie en bekostiging van het acute zorglandschap.

2 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Traumacentra Momenteel zijn er in Nederland elf traumacentra die verantwoordelijk zijn voor acute zorg voor zeer zwaargewonde patiënten, het goed organiseren van de keten van acute zorg in ROAZ verband, de kennis- en consultatiefunctie in de regio en de kwaliteitsregistratie. De traumacentra functioneren goed en zullen blijven bestaan.

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 3

Belangrijke randvoorwaarden

Om dit toekomstbeeld te bereiken en deze transitie te laten slagen zijn vijf aspecten heel belangrijk. Ten eerste is het essentieel dat een zorgprofessional in een spoedeisende situatie over alle essentiële en actuele (medische) gegevens kan beschikken. Ten tweede is het belangrijk dat er nieuwe glasheldere en handhaafbare normen ontwikkeld worden op het gebied van infrastructuur, kwaliteitseisen, samenwerking, volume, reisafstanden, slimme zorg en gegevensuitwisseling. Ten derde zal slimme (digitale) zorg en ondersteuning optimaal ingezet moeten worden. Ten vierde, als we de noodzakelijke veranderingen in het acute zorglandschap goed willen laten slagen, is het noodzakelijk dat besluiten via een gedragen werkwijze tot stand komen. Zonder duidelijk besluitvormingsmechanisme gaan we deze transitie niet voor elkaar krijgen. Tot slot is de betaalbaarheid van de zorg een belangrijke voorwaarde. Een betere inrichting van de acute zorg moet ook bijdragen aan de beheersbaarheid van de zorgkosten.

Betalen voor beschikbaarheid in de regio

Een nieuwe inrichting van het acute zorglandschap vraagt om een bijpassende manier van bekostigen. We vinden dat acute zorg een cruciale voorziening is en hechten veel waarde aan de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de acute zorg. Daarom kijken we of betalen voor beschikbaarheid van bepaalde acute zorgvoorzieningen een logische route is. Welke impact dit heeft, hoe dit uitgewerkt en uitgevoerd moet worden zal nog verder onderzocht moeten worden.

Hoe gaan we verder?

Deze houtskoolschets beschrijft een doordacht maar nog niet in beton gegoten idee van een nieuwe inrichting en financiering van het acute zorglandschap. Het meeste werk komt nog. We moeten details gaan uitwerken, data gaan verzamelen en gaan uitzoeken wat dit betekent voor de andere onderdelen van het zorglandschap. Dat kunnen we niet alleen en daarom nodigen we belangstellenden uit om uiterlijk 1 november 2020 op de houtskoolschets te reageren door middel van een openbare internetconsultatie. Vervolgens zullen we in gesprek gaan met iedereen die wil meedenken over de concretere uitwerking en onderbouwing van de houtskoolschets acute zorg.

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Inleiding 1.1. 1.2. 1.3. 1.4.

6

De houtskoolschets is een discussiestuk Werkwijze Reikwijdte Leeswijzer

7 8 8 9

Hoofdstuk 2: De noodzaak voor een nieuwe inrichting van de acute zorg  2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

10

We kunnen niet niks doen 10 Het is te druk of juist te stil 11 Het is niet altijd duidelijk waar een patiënt het beste naar toe kan gaan12 Integrale samenwerking kan verder worden bevorderd 12 Het wordt lastiger om voldoende zorgprofessionals te vinden 13

Hoofdstuk 3: Zoveel mogelijk acute zorg voorkomen

14

3.1 Een sterke basis: de gemeente aan zet 3.2 Samenwerking tussen het sociaal en het medisch domein 3.3 Werken aan wonen 3.4 Niet meer zelfstandig thuis 3.5 Hulp van slimme zorg

15 16 17 18 18

Hoofdstuk 4: Een nieuwe inrichting van het acute zorglandschap

19

4.1 Het ideale acute zorglandschap voor de patiënt 20 4.2 Meer acute zorg thuis 21 4.3 Regionale zorgmeldkamers voor niet levensbedreigende acute zorgvragen22 4.4 Een goede spreiding van integrale spoedposten 25 4.5 Hoogcomplexe of levensbedreigende acute zorg van goede kwaliteit 30 4.6 Nog beter functionerende traumacentra  31 4.7 Ambulances en traumahelikopters 32 4.8 Acute geboortezorg in het acute zorglandschap 33 4.9 Acute ggz in het acute zorglandschap 33 4.10 De zorgprofessional in het acute zorglandschap 34

Hoofdstuk 5: Randvoorwaarden om de transformatie naar een nieuw acuut zorglandschap te realiseren 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5

4 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Samen optrekken Data moeten stromen Glasheldere en handhaafbare normen Optimaal inzetten van slimme zorg Strakke afspraken in de regio

38 38 39 40 40 41

Hoofdstuk 6: Betalen voor beschikbaarheid

43

Hoofdstuk 7: Hoe gaan we nu verder?

46

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 5

1.1. De houtskoolschets is een discussiestuk Voor u ligt de houtskoolschets acute zorg. We schetsen hier onze ideeën, gebaseerd op gesprekken die we gevoerd hebben met diverse partijen die te maken hebben met acute zorg. We nemen hierbij ook de eerste geleerde lessen uit de COVID-19 crisis mee. Deze houtskoolschets geeft weer wat, ons inziens, nodig is om de acute zorg in de toekomst voor iedereen goed en veilig te kunnen blijven aanbieden. Deze schets is richtinggevend voor de discussie over de toekomstige inrichting en financiering van het acute zorglandschap. We noemen dit wel bewust een houtskoolschets, een discussiestuk. Het is onze visie voor de toekomst, gebaseerd op gesprekken met vele partijen, maar tegelijkertijd een houtskoolschets waarin nog gegumd kan worden. Er zijn nog veel vragen die uitgewerkt moeten worden: gaat het echt opleveren wat we ervan verwachten, hoe gaan we dit concreet in praktijk brengen, wat betekent dit precies voor de individuele burger, patiënt, zorgprofessional en alle andere betrokkenen, welke effecten op de andere onderdelen van de zorg gaan er daadwerkelijk ontstaan en welke effecten heeft dit op de betaalbaarheid van de zorg? De vernieuwde inrichting en financiering van de acute zorg die we in dit stuk beschrijven zullen we verder moeten uitzoeken en onderbouwen.

Simpel gezegd: we hebben meer feiten en cijfers nodig en meer inzicht in de daadwerkelijk effecten in de praktijk en de mogelijke effecten van de COVID-19 crisis. Hier gaan we de komende tijd mee aan de slag, zodat het plaatje dat er nu ligt steeds verder en concreter uitgewerkt kan worden. Dit is geen standaard manier van werken maar wel een bewuste aanpak voor dit traject. We werken eigenlijk andersom, we beschrijven een toekomstbeeld en gaan vervolgens uitwerken hoe we daar gaan komen. Het is voor het proces dat gaat volgen goed om dit toekomstbeeld in gedachten te houden en ons niet bij alles af te vragen of het wel kan maar juist hoe we met elkaar het toekomstbeeld kunnen gaan bereiken.

Hoofdstuk 1: Inleiding

Ook staat deze houtskoolschets niet op zichzelf. Op veel vlakken raakt dit traject bijvoorbeeld aan het advies van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving over het acute zorglandschap dat 17 juni openbaar is gemaakt1, aan het advies van de Gezondheidsraad over de 45-minutennorm dat in september 2020 gepresenteerd zal worden, aan de hoofdlijnenakkoorden, aan het advies ”Oud en zelfstandig in 2030. Een reisadvies” van De commissie toekomst zorg thuiswonende ouderen en aan de agenda acute zorg. Deze schets kent ook raakvlakken met de contourennota die in het najaar van 2020 zal verschijnen en een bredere integrale analyse van de knelpunten in de zorg en de bijbehorende oplossingen zal beschrijven. Hierin trekken we dus samen op.

1 https://www.raadrvs.nl/binaries/raadrvs/documenten/publicaties/2020/06/17/van-deelbelangen-naar-gedeeldbelang/RVS_Acute+zorg.pdf 6 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 7

1.2. Werkwijze

1.4. Leeswijzer

In de zomer van 2019 heeft de minister van Medische Zorg en Sport de Kamerbrief ‘visie medisch zorglandschap’ naar de Tweede Kamer gestuurd2. Hierin heeft hij aangegeven een visie op de acute zorg te gaan ontwikkelen waarin wordt beschreven hoe de acute zorg er in de toekomst uit moet zien.

In hoofdstuk 2 wordt beschreven waarom de transformatie naar een nieuw acuut zorglandschap nodig is: welke grote vraagstukken komen we tegen als we het hebben over de acute zorg? In hoofdstuk 3 wordt beschreven hoe we kunnen voorkomen dat mensen in de acute zorg terecht komen. De mogelijke oplossingen voor de vraagstukken in de acute zorg worden beschreven in hoofdstuk 4. We werken hiervoor zeven onderdelen van het acute zorglandschap uit die er samen voor zorgen dat het acute zorglandschap toekomstbestendig ingericht kan worden. Hoofdstuk 5 beschrijft de randvoorwaarden die nodig zijn om deze transformatie met elkaar te realiseren: samen optrekken, data, heldere normen, slimme zorg en strakke afspraken in de regio. Een bekostiging die past bij de nieuwe inrichting wordt beschreven in hoofdstuk 6. Hoofdstuk 7 eindigt met hoe we nu verder gaan en welke vragen er nog zijn.

Om deze visie vorm te geven, voerden we eind 2019 gesprekken met patiënten zelf, met het openbaar bestuur en met mensen die bij de acute zorg betrokken zijn. De centrale vraag bij deze gesprekken was: ‘Hoe zouden we het acute zorglandschap inrichten en financieren als we helemaal opnieuw zouden kunnen beginnen en we geen rekening hoeven te houden met belangen en de huidige inrichting van het acute zorglandschap?’ De eerste beelden die uit deze gesprekken naar voren kwamen zijn vervolgens verder aangescherpt na informele gezamenlijke bijeenkomsten met zorgprofessionals, innovators, wethouders en koepels. Informatie die tijdens deze gesprekken is verzameld over de probleemanalyse, de samenhang tussen alle verschillende onderdelen, de mogelijke oplossingen en de vragen en uitdagingen die er nog zijn, heeft geleid tot de voorliggende tekst. Vervolgens werden we in maart 2020 geconfronteerd met COVID-19 wat het acute zorglandschap flink op de proef stelde. De eerste geleerde lessen zijn meegenomen in deze houtskoolschets. Uitgebreidere evaluaties van de gevolgen van COVID-19 op het (acute) zorglandschap moeten nog volgen en zullen in de verdere uitwerking van de houtskoolschets meegenomen worden.

1.3. Reikwijdte In de houtskoolschets acute zorg richten we ons voornamelijk op de spoedeisende zorg in de ziekenhuizen, bij de huisarts, de ambulance, de acute GGZ en de acute wijkverpleging. Het acute zorglandschap raakt echter verschillende domeinen en stelsels. Het landschap dat we schetsen houdt daarom niet op bij de acute zorg die gegeven wordt vanuit de zorgverzekeringswet. Het acute zorglandschap kan niet optimaal ingericht worden zonder aandacht te besteden aan maatschappelijke ondersteuning vanuit het sociaal domein, de rol van de gemeente en de langdurige zorg. Daarom wordt ook daar aandacht aan besteed in deze houtskoolschets. In deze houtskoolschets hanteren we de volgende reikwijdte: het gaat om acute zorg in een situatie waarin zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval binnen enkele minuten tot enkele uren, zorg verleend moet worden om overlijden of onomkeerbare gezondheidsschade als gevolg van een acute levensbedreigende aandoening of een ongeval te voorkomen. Daarnaast gaat het om spoedzorg als antwoord op een zorgvraag die vanuit de beleving van de patiënt acuut is.

2 TK 2018-2019 32620 nr. 233 8 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 9

2.1 We kunnen niet niks doen Goede gezondheidszorg is één van de belangrijkste verworvenheden van onze samenleving. Iedereen die zorg nodig heeft moet ervan op aan kunnen dat hij of zij bij de juiste zorgprofessional terecht kan voor zorg van goede kwaliteit. En dat kan in Nederland. Tegelijkertijd is de samenleving razendsnel veranderd en die verandering zet door. Door digitalisering, nieuwe technologieën en de 24-uurseconomie kunnen en willen mensen steeds meer zelf regelen op een moment dat ze het beste uitkomt. Mensen willen dit ook als het gaat om hun gezondheid. Door smartphones, apps en nieuwe media ligt de wereld aan onze voeten. Men heeft meer kennis tot zijn beschikking, de communicatie is snel en de keuzemogelijkheden zijn toegenomen. Hierdoor is ook de zorgvraag veranderd. Tegelijkertijd biedt de medische en technologische vooruitgang veel kansen. Ook verandert de zorgvraag omdat door demografie en succes in het behandelen van allerlei ziekten steeds meer mensen ouder worden met een of meer chronische ziekten. Het gevoel van vertrouwen in de acute zorg, dat mensen weten dat ze op de juiste manier geholpen worden als het nodig is, blijft onverminderd van belang. Daarnaast heeft de COVID-19 crisis noodgedwongen al veranderingen in het acute zorglandschap in gang gezet.

Het acute zorglandschap zal op deze veranderingen in de samenleving moeten inspelen zodat de acute zorg ook in de toekomst kwalitatief goed, toegankelijk (beschikbaar en bereikbaar) en betaalbaar blijft. De acute zorg moet wendbaar zijn. We moeten bljiven nadenken hoe we de kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van de acute zorg in de toekomst kunnen blijven garanderen voor iedereen. De acute zorg moet mee ontwikkelen. Deze houtskoolschets is een belangrijke stap op weg naar een toekomstbestendige acute zorg.

Hoofdstuk 2: De noodzaak voor een nieuwe inrichting van de acute zorg

10 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Als we naar het acute zorglandschap kijken zien we een aantal vraagstukken: het is soms te druk of juist te stil, het is niet altijd duidelijk waar je heen moet, de integrale samenwerking kan beter en het is moeilijk om steeds voldoende zorgprofessionals te vinden. In het vervolg van dit hoofdstuk worden deze vraagstukken kort uitgewerkt en worden de elementen die kunnen bijdragen aan het oplossen van dit vraagstuk beschreven. Deze elementen worden vervolgens uitgewerkt in hoofdstuk 3 en 4.

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 11

2.2 Het is te druk of juist te stil De afgelopen jaren leren ons dat de, soms onnodige, instroom in de acute zorg groot is en de doorstroom en uitstroom naar huis, het ziekenhuis in of naar andere vormen van zorgverlening niet optimaal georganiseerd is. De druk op de acute zorgketen zorgt onder meer voor wachttijden en ook vaker ‘stops’ op de spoedeisende hulp. Een stop houdt in dat het ziekenhuis aan de ambulancedienst laat weten dat het erg druk is en het beter is om naar een ander ziekenhuis te rijden als de patiënt daar sneller kan worden geholpen.

2.4 Integrale samenwerking kan verder worden bevorderd De acute zorg is niet overal integraal georganiseerd. Er zijn schotten, zowel inhoudelijk als financieel. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de spoedeisende hulp en de huisartsenpost, terwijl ze vaak naast elkaar op dezelfde locatie zitten. Of tussen de zorg en ondersteuning in het sociale domein, de langdurige zorg en de zorg in het medische domein.

Het beperken van de instroom, het bevorderen van de doorstroom en uitstroom, het anders inrichten van het acute zorglandschap en het anders organiseren van de inzet van professionals kan bijdragen aan het oplossen van dit vraagstuk.

Het bevorderen en verbeteren van integrale samenwerking tussen het medisch domein, het sociaal domein, de langdurige zorg, de geriatrie, de zorg in de wijk en de acute ggz kan bijdragen aan de juiste zorg op de juiste plek, aan de samenwerking en verbinding tussen de verschillende zorgprofessionals en ondersteuners en aan de integrale blik die nodig is bij bijvoorbeeld kwetsbare ouderen of personen met verward gedrag. Een integrale blik kan de behoefte aan zorg en ondersteuning veel beter in kaart brengen en organiseren en soms voorkomen dat acute zorg nodig is. Informatie over de doelen van de patiënt en de gemeten impact van behandelingen op de kwaliteit van leven van patiënten (ook wel uitkomstinformatie genoemd) kunnen dit ondersteunen.

2.3 Het is niet altijd duidelijk waar een patiënt het beste naar toe kan gaan

Het onderzoeken van integrale financiering, een verbetering van de samenwerking met het sociaal domein, duidelijke positionering van acute zorg aan patiënten in de langdurige zorg en verschillende zorgprofessionals samen de triage laten doen kan bijdragen aan een oplossing voor dit vraagstuk.

In de avond- en nachturen is het op veel spoedeisende hulplocaties en huisartsenposten juist te stil. Hoogopgeleide zorgprofessionals wachten daar op een enkele patiënt die misschien langskomt. Deze zorgprofessionals zijn schaars, het is niet bevorderlijk voor het werkplezier van de zorgprofessional en ook niet doelmatig. Door de krapte op de arbeidsmarkt kunnen we dit ook niet zo blijven organiseren.

In een levensbedreigende situatie is het meestal wel duidelijk dat 112 gebeld moet worden, maar voor een patiënt met een niet levensbedreigende acute klacht blijkt het in de praktijk niet altijd duidelijk waar hij of zij het beste naar toe kan gaan. Bel ik mijn huisarts, ga ik naar de huisartsenpost, ga ik naar de spoedpoli of de spoedpost, ga ik naar de spoedeisende hulp en waar kan ik heen als het psychisch heel slecht met mij gaat? Wie bepaalt dat eigenlijk, wie betaalt dat, kan ik zomaar binnenlopen en welk nummer moet ik bellen?

2.5 Het wordt lastiger om voldoende zorgprofessionals te vinden

Ook voor zorgprofessionals, zoals triagisten en ambulancemedewerkers, is het soms lastig te bepalen waar ze een patiënt met een acute, niet levensbedreigende, klacht het beste naar toe kunnen sturen en wie deze patiënt het beste kan behandelen. Dat geldt ook voor patiënten in de langdurige zorg, moeten deze patiënten bijvoorbeeld gebruik maken van de huisartsenpost of van de behandeldienst van de instelling. Nu is dat onduidelijk.

We zien, zeker in bepaalde regio’s, een krapte op de arbeidsmarkt. Voor de acute zorg in ziekenhuizen gaat het vooral om gespecialiseerd verpleegkundigen en medisch ondersteunend personeel (zoals anesthesiemedewerkers en operatieassistenten). Daarnaast zien we in verschillende regio’s nu al een tekort aan huisartsen vanwege de toenemende vraag en veranderende voorkeuren voor de manier waarop huisartsen willen werken. Ook de triage zoals die nu georganiseerd is, kan beter op de langere termijn. In 2018 gaf bijna één derde van de huisartsenposten aan dat het zeer moeilijk was om voldoende triagisten te vinden.

Onvoldoende inzicht in capaciteit kan daarbij een rol spelen. Daarnaast is het ook niet altijd makkelijk in te schatten omdat bijvoorbeeld buikpijn allerlei oorzaken kan hebben, van stress tot een aneurysma. Toch is het van belang dat de patiënt op het juiste moment op de juiste plek wordt behandeld door de juiste zorgprofessional. Soms betekent dat een afspraak bij de huisarts, soms dat iemand met spoed naar een ziekenhuis gebracht moet worden. Dat kan ook betekenen dat een ambulance twee ziekenhuizen voorbij moet rijden om naar het ziekenhuis te gaan waar ze op dat moment de beste zorg voor deze patiënt kunnen bieden.

Deze krappe arbeidsmarkt heeft ook consequenties voor de toegankelijkheid van de acute zorg. Ziekenhuizen zijn verantwoordelijk voor de opleiding van voldoende gespecialiseerde verpleegkundigen en medisch ondersteunend personeel. Het Capaciteitsorgaan geeft aan dat er flink meer moet worden opgeleid om de zorgvraag nu en in de toekomst aan te kunnen. Ondanks de kostendekkende financiering vanuit het ministerie van VWS zien we dat ziekenhuizen de afgelopen jaren niet voldoende gespecialiseerde verpleegkundigen en medisch ondersteunend personeel hebben opgeleid.

Inzicht in capaciteit, een duidelijke ingang voor de patiënt en goede triage kan bijdragen aan een oplossing voor dit vraagstuk.

Het anders organiseren van de triage, het inzetten van nieuwe technologieën om bijvoorbeeld zorg op afstand mogelijk te maken, het anders beleggen van de verantwoordelijkheden, het inzetten op meer en anders opleiden, het anders inzetten van de verschillende zorgprofessionals en het anders inrichten van het acute zorglandschap kan bijdragen aan een oplossing van dit vraagstuk. Ook hier is nog nadere analyse nodig.

12 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 13

Dit kan het probleem ‘het is te druk’ oplossen Dit kan het probleem ‘het is te weinig integraal’ oplossen Steeds meer mensen worden steeds ouder. Veel ouderen blijven zelfstandig thuis wonen en dit gaat vaak lang goed. Voor veel mensen is het fijn om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te kunnen blijven wonen. Zo nodig met hulp vanuit de omgeving zoals vrienden, familie en vrijwilligers en de inzet van professionele ondersteuning en zorg. Tegelijkertijd zien we ook dat het evenwicht precair kan zijn en door allerlei oorzaken het opgebouwde netwerk als een kaartenhuis kan instorten. Dan is er vaak sprake van een crisissituatie en wordt, veel vaker dan nodig en gewenst is, spoedeisende hulp ingeschakeld. Dit is heel vervelend voor de patiënt zelf en levert een enorme belasting op van de acute zorg in Nederland. Gezien de toekomstige stijging van het aantal kwetsbare ouderen, de daling van het aantal mantelzorgers en de daarbij behorende tekorten aan zorgprofessionals zal dit vraagstuk zich niet vanzelf oplossen. We moeten zoveel mogelijk proberen te voorkomen dat mensen acute zorg nodig hebben. Hier is veel winst te behalen, zowel door het terugbrengen van de instroom in de acute zorg als door de verbetering van de kwaliteit van leven van kwetsbare ouderen. Voornamelijk ouderen en kinderen van 0-4 jaar maken veel gebruik van acute zorg.

In dit hoofdstuk van de houtskoolschets richten we ons daarom op het voorkomen van acute zorg voor de steeds groter wordende groep kwetsbare ouderen, omdat we denken dat daar veel winst te behalen valt.

Hoofdstuk 3: Zoveel mogelijk acute zorg voorkomen

14 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

3.1 Een sterke basis: de gemeente aan zet Een sterke sociale basis speelt een belangrijke rol bij gezond en vitaal oud worden. De meeste ouderen zorgen er zelf voor dat zij vitaal blijven en actief meedoen in de maatschappij. Toch kan een steuntje in de rug vanuit hun omgeving, het sociaal werk en/of vrijwilligers soms heel welkom zijn. Wie zorgt er immers voor dat bewoners die in de buurt activiteiten willen organiseren, elkaar leren kennen? Wie kent en herkent de overbelaste mantelzorger en weet de verbinding te leggen met de professional of de vrijwilliger die hierbij kan ondersteunen? Gemeenten hebben hierin een belangrijke taak. Bijvoorbeeld om ondersteuning, dagbesteding of woningaanpassing te regelen, of voorzieningen te treffen waarop mantelzorgers kunnen terugvallen als de zorg hun te zwaar wordt. Ook aandacht voor valpreventie is belangrijk om breuken en daarmee gebruik van acute zorg te voorkomen. Een bijzonder aandachtspunt is de spoedzorg en respijtzorg in de vorm van tijdelijk verblijf. Zowel gepland als ongepland. Gemeenten zouden, samen met zorgverzekeraars, kunnen onderzoeken voor wie en in welke situaties zij deze vormen van tijdelijk verblijf in kunnen zetten om acute opnames te voorkomen.

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 15

Wanneer er sprake is van een terugkeer naar huis, bijvoorbeeld uit het ziekenhuis na een spoedopname, of na revalidatie, speelt de gemeente ook een belangrijke rol. Naast goede zorg door bijvoorbeeld de wijkverpleegkundige is het belangrijk dat ook aandacht besteed wordt aan voldoende sociale en materiële steun die nodig kan zijn zoals dagbesteding, financiële administratie, woningaanpassingen, voldoende huishoudelijke hulp bij thuiskomst en dat het netwerk van de oudere goed op de hoogte is. Daar voorkomen we heropnames mee. Maar dat is niet altijd makkelijk. Iedere gemeente heeft eigen beleid, dat heeft als voordeel dat zij maatwerk kunnen leveren aan de patiënt, maar betekent ook dat een ziekenhuis soms met meerdere gemeentes te maken heeft, wat het soms lastig maakt voor ziekenhuizen om eenduidig transferbeleid te maken. In de praktijk sluit het regelen van zorg en ondersteuning thuis bovendien niet aan bij de snelheid waarmee een patiënt het ziekenhuis kan verlaten. Dit vraagt om een samenhangend aanbod van zorg en ondersteuning in de wijk, het slimmer organiseren van de bestaande zorg en ondersteuning en het maken van betere afspraken tussen zorgaanbieders en de gemeente over hoe tijdig kan worden gehandeld bij transfer naar huis. Samenwerking tussen wijkverpleegkundige zorg, huisartsenzorg en het sociaal domein is hierbij belangrijk.

3.2 Samenwerking tussen het sociaal en het medisch domein

Dergelijke samenwerking lukt alleen als alle professionals zich goed hebben georganiseerd, als teams opereren en informatie gedeeld kan worden (binnen de kaders van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)). De integrale samenwerking tussen de verschillende aanbieders van ondersteuning en zorg die nodig is rond (kwetsbare) ouderen versterkt het belang van meer samenwerking binnen de wijkverpleging. Verdere inzet op herkenbare en aanspreekbare teams in de wijk is daarom nodig: in een wijk zijn immers vaak vele aanbieders actief. In deze chronische fase gaat deze formele zorg hand in hand met informele zorg waardoor ouderen een gevoel van veiligheid en geborgenheid ervaren. Als de zorg niet thuis geboden kan worden, kan het concept van ‘de wijkkliniek’ ook de instroom in de acute zorg verminderen. In een wijkkliniek wordt ziekenhuiszorg dichtbij huis (in de wijk) geboden waarbij de focus ligt op stabilisatie, herstel en terugkeer naar huis. In mei 2019 is in het kader van het programma Langer Thuis de publicatie ‘Kwetsbare ouderen thuis, handreiking voor integrale zorg en ondersteuning in de wijk’ vastgesteld. Deze handreiking bevat een zesstappenplan en een overzicht van rollen en taken die handvatten bieden bij het organiseren van ondersteuning en zorg – over domeinen heen - aan kwetsbare thuiswonende ouderen.

Ook het onlangs gepubliceerde rapport van de Commissie Toekomst zorg voor thuiswonende ouderen “Oud en zelfstandig in 2030. Een reisadvies.” levert een aantal adviezen op die ook voor het voorkomen van acute zorg heel waardevol zijn. In dit advies wordt, naast lokale en regionale samenwerking, ingezet op (ver)bouwen en het gebruik van nieuwe digitale technologieën door zorgprofessionals én ouderen.

Is er ondersteuning en zorg nodig dan is het van belang dat de professionals uit het sociaal én medisch domein als één team om de oudere staan. Dit soort samenwerking komt al op veel plaatsen voor, waarbij de naamgeving lokaal kan verschillen en de samenstelling dynamisch en afhankelijk van de lokale situatie is. De kern is dat professionals in de wijk samen met de mantelzorger zoeken naar oplossingen om het netwerk rond kwetsbare ouderen, die dreigen de regie over hun eigen leven te verliezen, te versterken. De basis van dit netwerk zou moeten bestaan uit de huisarts en de wijkverpleegkundige en eventueel de specialist ouderengeneeskunde, in nauwe samenwerking met het sociale domein, zoals een sociaal werker of een wijkteammedewerker, maar ook buurtinitiatieven, kerken of de woningbouwcorporatie. Onderdeel van dit netwerk zijn ook samenwerkingsafspraken met bijvoorbeeld apotheker, specialist ouderengeneeskunde, fysiotherapeut of ergotherapeut. Belangrijk is dat deze netwerken de informele zorgverleners, zoals mantelzorgers en vrijwilligers, goed betrekken bij het zorgplan voor de oudere en dat de communicatie transparant is voor alle betrokkenen. Dat laatste is niet alleen belangrijk voor goed afgestemde zorg en ondersteuning, maar helpt ook om overbelasting bij mantelzorgers en vrijwilligers tegen te gaan.

Door goede samenwerking kan de ondersteuning en zorg snel opgeschaald worden als de oudere kwetsbaarder wordt. Dit kan instroom in de acute zorg soms voorkomen.

16 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 17

3.3 Werken aan wonen

3.5 Hulp van slimme zorg

Om zelfstandig te kunnen functioneren, maakt het veel verschil in wat voor woning ouderen leven. Daarbij gaat het er in de eerste plaats om dat de woning en de omgeving fysiek aangepast is: drempelvrij, geen of aangepaste trappen, bredere deuropeningen, muurbeugels en goede verlichting kunnen veel verschil maken. Ook rollatorvriendelijke trottoirs, automatische deuren op galerijen van flats en ruimte om de scootmobiel te parkeren vergen aandacht.

Door de inzet van slimme digitale zorg en ondersteuning kan veel acute zorg worden voorkomen en kan ook meer acute zorg thuis worden gegeven. Mensen hoeven daardoor minder vaak naar de huisarts, de huisartsenpost, de spoedeisende hulp of de acute ggz.

Het gaat daarnaast ook om het sociale aspect van de woning en de omgeving: zijn er mogelijkheden om buurtbewoners laagdrempelig te ontmoeten, voelt de buurt veilig, zijn er winkels, voorzieningen en openbaar vervoer in de nabijheid? Bovendien zien we dat onder ouderen een toenemende vraag ontstaat naar gemeenschappelijke woonvormen. Dat kan een woonzorgcomplex zijn of een kleinschaliger vorm zoals een hofje waarvan bewoners vaak zelf initiatiefnemers zijn. Van bewoners wordt in dit soort woonvormen vaak de intentie gevraagd om zelf bij te dragen aan lichte ondersteuning en hulp voor medebewoners. Dit geeft hen ook de zekerheid dat er iemand voor ze klaarstaat als het nodig is, en zij minder hoeven te vrezen voor eenzaamheid. Ook in de langdurige zorg zien we de trend dat mensen steeds kleinschaliger wonen. Geclusterde woonzorgvoorzieningen zien we op dit moment in de langdurige zorg georganiseerd worden via volledig pakket thuis (vpt), modulair pakket thuis (mpt) en het persoonsgebonden budget (pgb). De recent opgerichte Taskforce Wonen en Zorg jaagt gemeenten, woningcorporaties en zorgaanbieders aan om lokaal prestatieafspraken te maken over meer geschikte woonvormen voor ouderen. Dit kan bijdragen aan een veilige en plezierige woonsituatie en betere signalering en ondersteuning. Dit kan helpen om acute incidenten te voorkomen. Hier moeten we vol op blijven inzetten.

3.4 Niet meer zelfstandig thuis We zien soms bij ouderen dat een bezoek aan de spoedeisende hulp de druppel is waardoor de fragiele situatie van zelfstandig thuis wonen niet meer gaat. Om een volgende crisis te voorkomen is inzetten van advanced care planning door een wijkteam, de huisarts, de wijkverpleegkundige, mantelzorgers en specialist ouderengeneeskunde van belang. Belangrijk is dat ouderen ondersteund worden om na te denken over wat voor hen belangrijk is, inclusief het zo goed mogelijk zelfstandig blijven wonen passend bij de levensloop. Dat kan gaan over woningaanpassing, inzet van sensoren voor monitoring of voor het overnemen van taken (zoals gordijnen of de deur open doen) of verhuizing naar een andere woonsituatie, al dan niet met 24-uurs zorg. Dat kan een volgende crisis voorkomen maar is vaak niet snel geregeld. Bij voorkeur wil je dit gesprek eerder voeren, maar dat lijkt nu niet goed te lukken.

Inzet van slimme digitale zorg begint met goede informatie aan mensen die twijfelen of zorg op dat moment acuut nodig is. Denk aan bestaande oplossingen als thuisarts.nl, moet ik naar de dokter app of informatie op maat via de website Inforium. Met behulp van digitale, slimme beslissingsondersteuning kan een patiënt straks zelf een nog betere inschatting maken of zorg op dat moment acuut nodig is. Het zelf kunnen beschikken over de eigen gezondheidsgegevens in een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) is voor wie dat wil en kan een belangrijke basisvoorwaarde die beschikbaar moet zijn. Ook kan een inschatting gemaakt worden welke patiënten meer risico hebben op een acute opname. Dat kan nu al met inzet van slimme (digitale) zorg en e-health toepassingen. In de (nabije) toekomst zullen technologieën als Artificial Intelligence en big data deze inschatting nog beter maken. Bij inzet van slimme digitale zorg moet niet alleen gedacht worden aan goede informatie en voorlichting, maar ook aan WhatsAppen, beeldbellen of foto’s doorsturen via toepassingen als Beter Dichtbij of communicatie tussen de patiënt, de mantelzorger en zorgverleners zoals de huisarts en de fysiotherapeut via OZOVerbindzorg. Ook telebegeleiding of andere vormen van monitoring gaan een grote rol spelen, en hebben door COVID-19 een forse impuls gekregen.

Een goed voorbeeld is dat patiënten met COPD, hartfalen of een andere chronische aandoening zelf thuis metingen verrichten. Die worden dan op afstand beoordeeld door de arts of verpleegkundig specialist en bij een verhoogd risico wordt direct en op tijd ingegrepen. Zo voorkom je dat deze patiënt opeens acuut naar de huisarts, de huisartsenpost of spoedeisende hulp moet komen. Dat geldt ook voor zwangere vrouwen die meedoen aan het initiatief ‘Safe at home’ waarbij thuismonitoring eraan bijdraagt dat minder zwangere vrouwen hoeven te worden opgenomen in het ziekenhuis en, wanneer dat wel nodig is, de opnameduur korter is. Ook HartWacht laat mooie resultaten zien: bij de 128 patiënten die een jaar lang begeleid zijn met HartWacht is een afname in het aantal verpleegdagen met meer dan 40%, het aantal spoedritten met 30% én aantal spoedeisendehulpbezoeken met 70% te zien ten opzichte van het jaar voorafgaand aan de begeleiding met HartWacht.

Wanneer thuis wonen, ondanks aanpassingen en (digitale) ondersteuning, (tijdelijk) niet meer gaat is het belangrijk dat doorstroom naar tijdelijke vervolgzorg of langdurige zorg goed geregeld is, zodat mensen zo snel mogelijk op de juiste plek terecht komen. Dit betekent onder andere dat ook vanuit de spoedeisende hulp crisisplekken beschikbaar moeten zijn, niet alleen vanuit de thuissituatie. De toegang tot instellingen voor langdurige zorg, de hoeveelheid beschikbare plekken en de drempel die geldt voor toegang tot de langdurige zorg is iets waar onze volle aandacht naartoe moet gaan. Regelingen die doorstroom in de weg staan zoals verschillen in eigen bijdragen en ingewikkelde regelingen wanneer iemand wel of niet gebruik mag maken van een plek, zullen gewijzigd moeten worden.

18 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 19

Naast het voorkomen van acute zorg is het belangrijk om de problemen ín de acute zorg, die zijn beschreven in hoofdstuk 2 op te lossen. In dit hoofdstuk beschrijven we het ideale acute zorglandschap voor de patiënt en doen we een voorstel voor een nieuwe inrichting van het acute zorglandschap.

4.1 Het ideale acute zorglandschap voor de patiënt Hoe het ideale acute zorglandschap eruitziet, zal voor iedereen anders zijn. Als we een rode draad kunnen schetsen dan zou die eruit kunnen zien zoals hieronder beschreven staat. Het liefst wil je acute zorg zoveel mogelijk voorkomen door tijdige goede zorg en ondersteuning in je directe omgeving. Als je toch acuut zorg nodig hebt dan wil je goed en snel geholpen worden. Bij levensbedreigende situaties, waarbij duidelijk is dat elke seconde telt, zal meteen 112 gebeld moeten worden. De zorg die je dan nodig hebt zal snel beschikbaar moeten zijn. Het kan ook voorkomen dat de situatie niet levensbedreigend is, maar dat jij, of iemand in je omgeving, voor je gevoel wel acuut zorg nodig hebt.

Hoofdstuk 4: Een nieuwe inrichting van het acute zorglandschap

Het zou fijn zijn als je door goede informatiebronnen en beslissingsondersteuning in begrijpelijke taal zelf al kunt kijken of zorg op dat moment nodig is. Als je twijfelt, of denkt dat er op dat moment zorg nodig is, dan wil je dat het duidelijk is hoe je (digitaal) contact kunt leggen met een zorgprofessional, via (beeld)bellen, chat, mail of app. Het is fijn als je vervolgens direct door een deskundige zorgprofessional geholpen wordt met een goed advies of met de belofte dat hulp onderweg is en je thuis kunt blijven. Als dat niet mogelijk is, wil je dat de zorgprofessional duidelijk aangeeft waar je heen kunt gaan. Een plek waar je je veilig voelt en je erop kunt vertrouwen dat hier altijd de juiste mensen klaar staan om jou te helpen met de zorgvraag die je hebt en waar de door jou al verstrekte relevante informatie voorhanden is. Het liefst makkelijk te bereiken en in de buurt. Als je zorgvraag wat complexer is, dan kan het noodzakelijk zijn om net wat verder weg te moeten reizen voor de beste kwaliteit. De kans hierop zal groter worden in gevallen waarbij hoogcomplexe acute zorg nodig is. Het is een uitdaging om de ideale balans te vinden tussen zorg dichtbij en zorg van de beste medisch inhoudelijke kwaliteit.

De zorgprofessionals die jou vervolgens helpen moeten deskundig en behulpzaam zijn en beschikken over de juiste en actuele informatie die nodig is om goede zorg te kunnen leveren. Als je goed geholpen bent is het belangrijk dat, als het nodig is, de vervolgzorg en ondersteuning goed en snel geregeld wordt. Het liefst thuis of dichtbij huis. Daarnaast is het belangrijk dat zorgprofessionals goed samenwerken, de wachttijden kort zijn, er samen beslist kan worden en de omgeving prettig en veilig is. Zit het huidige acute zorglandschap al op deze manier in elkaar? Nee, niet op alle aspecten. Als we het ideale acute zorglandschap voor de patiënt werkelijkheid willen laten worden zullen er dingen anders georganiseerd moeten worden. Het voorkomen van acute zorg kan beter, acute zorg thuis wordt nog niet groots opgepakt, het is niet altijd duidelijk waar je heen moet, je blijft soms te lang op de verkeerde plek, zorgprofessionals werken niet altijd goed samen, en zorgprofessionals beschikken niet altijd over de juiste informatie.

20 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 21

4.2 Meer acute zorg thuis

4.3 Regionale zorgmeldkamers voor niet levensbedreigende acute zorgvragen

Dit kan het probleem ‘het is te druk’ oplossen Dit kan het probleem ‘het is niet duidelijk’ oplossen Dit kan het probleem ‘het is te weinig integraal’ oplossen Helaas zal acute zorg niet altijd helemaal te voorkomen zijn. Dat betekent niet dat je altijd naar een acute zorglocatie moet komen. Veel laagcomplexe acute zorg kan thuis gegeven worden. Dat kan nu al, maar willen we de instroom in de acute zorg verminderen dan zullen we dit substantieel moeten uitbreiden. Denk hierbij aan het uitbreiden van de inzet van wijkverpleegkundigen die gespecialiseerd zijn in acute zorgsituaties. Als de situatie daarom vraagt kunnen gespecialiseerde zorgprofessionals op afstand meekijken. Bijvoorbeeld door de inzet van digitale toepassingen waarmee op afstand met een wijkverpleegkundige meegekeken kan worden voor de wondverzorging. Of denk aan ambulancepersoneel dat thuis langskomt, de patiënt behandelt en weer terugrijdt naar de standplaats, of een verloskundige die bij de zwangere vrouw thuis langskomt en met een draagbaar CTG-apparaat de hartslag van de baby kan controleren. Een nieuwe en gewenste ontwikkeling is dat er naast acute intramurale crisisplekken ook acute crisisteams komen die hulp of zorg bij ouderen thuis kunnen opschalen als de oudere niet zonder toezicht thuis kan blijven wonen. Bijvoorbeeld na een valpartij zonder breuk, of na een behandelde infectie.

Opname in het verpleeghuis kan worden voorkomen door de inzet van ambulante geriatrische teams zodat de oudere niet naar de spoedeisende hulp hoeft. Er kan waar nodig ter plekke diagnostiek uitgevoerd worden (lab, ecg, eventueel echo). Hiermee wordt momenteel op enkele plekken in het land geëxperimenteerd, zoals in Nieuwegein via ZorgSpectrum. Daar heet dit het Multidisciplinair Geriatrisch Team, elders worden ook anderen namen gebruikt zoals het FACT-team ouderen.

Dit kan het probleem ‘het is te druk’ oplossen Dit kan het probleem ‘het is niet duidelijk’ oplossen Dit kan het probleem ‘het is te weinig integraal’ oplossen Duidelijkheid voor de patiënt Op dit moment is het niet altijd duidelijk voor een patiënt bij welke zorgprofessional en op welke locatie hij of zij terecht kan met een acute zorgvraag die niet levensbedreigend is. Voor acute zorg kun je nu terecht bij de huisarts, de crisisdienst van de Wmo, de wijkverpleegkundige, de huisartsenpost, de huisartsenpost plus, de crisisdienst van de ggz, de spoedpoli, de spoedpost, de spoedeisende hulp of de crisisafdeling in de langdurige zorg. In een stressvolle situatie kunnen deze verschillende ‘loketten’ verwarring opleveren. We willen dit zoveel mogelijk voorkomen. Hiervoor is één centraal punt nodig waar de patiënt terecht kan met zijn of haar niet levensbedreigende acute zorgvraag. In het nieuwe acute zorglandschap kan de patiënt bij niet levensbedreigende acute zorgvragen één landelijk telefoonnummer bellen waarna de patiënt automatisch wordt doorverbonden naar de juiste regionale zorgmeldkamer.3 Dit nieuwe landelijke nummer zal beschikbaar zijn naast 112. Het nummer 112 blijft het vertrouwde nummer voor levensbedreigende situaties waarbij ambulancezorg, politie of brandweer nodig is. Het nieuwe nummer kan gebeld worden voor alle andere, niet levensbedreigende, acute zorgvragen.

Als blijkt dat er sprake is van een levensbedreigende situatie zal er meteen doorgeschakeld worden naar de 112-meldkamer. Dit is te vergelijken met het nummer 0900-8844 ‘geen spoed, wel politie’.

Een aantal activiteiten integraal bij elkaar Het is belangrijk om hiervoor goede financiële en organisatorische afspraken te maken met huisartsen, medisch generalisten, specialisten ouderengeneeskunde, wijkverpleegkundigen, ambulancepersoneel, professionals uit het sociaal domein, verpleegkundig- of medisch specialisten die op afstand meekijken en met medewerkers van ambulances die wel thuis behandelen, maar de patiënt niet meenemen naar het ziekenhuis.

In het land zullen er meerdere zorgmeldkamers worden opgericht. De zorgmeldkamer vormt in iedere regio de spil van de netwerkorganisatie voor acute zorg. De zorgmeldkamer is niet hetzelfde als de 112-meldkamer voor levensbedreigende situaties waarbij een ambulance, politie of brandweer snel ter plaatste moet zijn. In deze zorgmeldkamers wordt een aantal activiteiten bij elkaar gebracht: een goede multidisciplinaire triage voor niet levensbedreigende acute zorgvragen, het coördineren van het verplaatsen van patiënten tussen verschillende zorglocaties en het coördineren van de inzet van zorgprofessionals die naar de patiënt toe komen. De zorgprofessionals in de zorgmeldkamer werken integraal met elkaar samen en zijn in staat zijn om de juiste zorg voor de patiënt te organiseren. Op deze manier worden de instroom, de doorstroom tussen verschillende zorginstellingen en de uitstroom vanuit de acute zorg centraal en optimaal georganiseerd. Hierbij zijn de menselijke maat, het belang van goed contact met zorgprofessionals op locatie en kennis van het beschikbare zorgaanbod in de regio belangrijke uitgangspunten.

3 Hiermee wordt uitdrukkelijk bedoeld dat de witte kolom in de 112-meldkamer blijft. 22 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 23

Goede triage is van groot belang

Inzet van ambulante zorgprofessionals

In de zorgmeldkamer behandelen goed geschoolde medische triagisten de (acuut ervaren) zorgvraag van de patiënt. Als er geen sprake is van een levensbedreigende situatie, kan er wat meer tijd genomen worden voor een triage waardoor de patiënt veel vaker direct op de juiste plek en bij de juiste zorgprofessional terecht komt. Dit kan in acute situaties heel belangrijk zijn. Het resultaat kan ook zijn dat de patiënt gerustgesteld wordt of dat er een zorgprofessional bij de patiënt thuis langskomt.

In de zorgmeldkamer wordt ook geregeld dat acute zorg die thuis gegeven kan worden naar mensen toe komt. Als er zorg nodig is maar de patiënt niet naar een zorgprofessional toe kan gaan, kan een huisarts, wijkverpleegkundige, ggz zorgprofessional, mobiel geriatrisch team, physician assistant of verpleegkundig specialist worden ingeschakeld die langsgaat bij de patiënt. De goed geschoolde triagisten op de zorgmeldkamer bepalen hoe de zorgvraag het beste beantwoord kan worden. Ook kunnen, indien nodig, ambulancemedewerkers de patiënt meenemen naar een acute zorglocatie in de regio. De inzet van ambulances en helikopters in levensbedreigende situaties zal vanuit de 112 meldkamer gecoördineerd blijven worden.

Om het juiste besluit te kunnen nemen over waar de patiënt met zijn of haar acute zorgvraag terecht kan, werken in de zorgmeldkamer regieartsen en verschillende multidisciplinaire medisch geschoolde triagisten, waar nodig gezamenlijk, aan het duiden van de zorgvraag. Hierbij kan gedacht worden aan triagisten op het gebied van laagcomplexe (huisartsen)zorg, acute ggz, geriatrische en (wijk)verpleegkundige zorg. Deze personen werken intensief samen, zodat laagdrempelig overleg mogelijk is en gebruik wordt gemaakt van elkaars expertise. Om overbehandeling en overdiagnose te voorkomen, gaan we hierbij uit van een huisartsgeneeskundige insteek van de triage. Mocht de situatie ter plekke aanleiding geven tot een andere beslissing dan kan daar uiteraard van afgeweken worden. In de toekomst moet ook gebruik worden gemaakt van beeldbellen, realtime monitoring, big data en robotondersteuning. Op deze manier kan de triage vollediger uitgevoerd worden, wordt vaker meteen de juiste diagnose gesteld en kan de beste afweging voor de patiënt gemaakt worden. Dit is zeker het verder verkennen waard.

Inzicht in capaciteit versnelt de doorstroom en de uitstroom Op dit moment zijn er al regionale coördinatiefuncties tijdelijk verblijf ingericht waar zorgprofessionals naartoe kunnen bellen om de transfer te regelen van patiënten vanaf de huisarts of vanuit het ziekenhuis naar een vorm van tijdelijk verblijf en soms ook andere zorginstellingen. Dit is een goed begin, maar in de ideale situatie wordt dit nog uitgebreider opgepakt vanuit de zorgmeldkamer. Daar wordt de transfer gecoördineerd van patiënten naar het sociaal domein, de thuiszorg, de wijkverpleging, verschillende vormen van tijdelijk verblijf, de geriatrische revalidatiezorg, de langdurige zorg, de ggz en de medisch specialistische zorg. Ook de verloskundige of de gynaecoloog kan hier gebruik van maken als er een plek nodig is waar een vrouw moet bevallen.

Een patiëntreis Mevrouw Jansen, 78 jaar, is weduwe en woont zelfstandig in een seniorenwoning. Ze is bij de huisarts bekend met hoge bloeddruk en duizeligheid. Haar dochter woont in de buurt en komt regelmatig op bezoek. De dochter van mevrouw Jansen treft haar moeder aan op de grond in de huiskamer. Zij is in de haast gestruikeld toen de telefoon ging. Mevrouw Jansen heeft onvoldoende kracht om zonder hulp op te staan. Ze heeft alleen pijn in haar rechterbeen rond de knie. Deze ziet er dik uit en er is een schaafwond. Haar dochter belt naar de zorgmeldkamer. De triagist, die ook kan meekijken via beeldbellen, concludeert dat mevrouw geen ernstige symptomen heeft en stuurt een wijkverpleegkundige naar mevrouw Jansen. De wijkverpleegkundige helpt mevrouw Jansen overeind en onderzoekt haar rechterknie. De wijkverpleegkundige adviseert pijnstilling en koelen van de knie. Daarnaast maakt de wijkverpleegkundige een afspraak bij de praktijkondersteuner van de huisarts die is gespecialiseerd in ouderenzorg. Ook zet ze in gang dat de gemeente samen met mevrouw Jansen en haar familie bekijkt of aanpassingen in haar woning nodig zijn.

Hierbij is het noodzakelijk dat de transfermedewerkers in de zorgmeldkamer 24/7 realtime inzicht hebben in de op dat moment vrije beschikbare capaciteit van alle verschillende zorg- en ondersteuningsmogelijkheden in de regio. Dit inzicht zal ook beschikbaar moeten zijn voor de GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio) in het kader van de opschaalde zorg. Direct inzicht zal tijdbesparend werken, er hoeft immers niet meer rondgebeld te worden voor een beschikbare plek, zoals nu vaak het geval is. Dit kan grote gevolgen hebben voor de instroom in de acute zorg omdat voor een patiënt van een huisarts bijvoorbeeld direct zorg en ondersteuning geregeld wordt waardoor de patiënt niet meer naar een spoedeisende hulp gestuurd wordt. Dat geldt ook voor de doorstroom naar andere zorglocaties en uitstroom vanuit de zorglocaties waar nu regelmatig patiënten liggen die hier medisch gezien niet meer thuishoren, maar nog niet zelfstandig naar huis kunnen.

24 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Houtskoolschets acute zorg | 25

4.4 Een goede spreiding van integrale spoedposten Dit kan het probleem ‘het is niet duidelijk’ oplossen Dit kan het probleem ‘gevoel van onveiligheid’ oplossen Dit kan het probleem ‘het is te weinig integraal’ oplossen Dit kan het probleem ‘te weinig zorgprofessionals’ oplossen Dit kan het probleem ‘het is te druk of het is te stil’ oplossen We willen de locaties waar acute zorg verleend kan worden anders gaan inrichten en organiseren. In de paragraaf hiervoor hebben we al beschreven dat veel meer acute zorg voorkomen kan worden of thuis kan gaan plaatsvinden. In de huidige situatie kan een patiënt die overdag acute huisartsenzorg nodig heeft bij de eigen huisarts terecht. Dit willen we in de nieuwe situatie ook behouden. De huisarts blijft poortwachter en kan veel instroom in de tweedelijns acute zorg voorkomen. Voor zorg die niet kan wachten totdat de huisarts beschikbaar is of die niet thuis kan plaatsvinden komt de patiënt nu bij de huisartsenpost (in de avond-, nacht- en weekenduren), de crisisdienst van de ggz of een spoedeisende hulp in een ziekenhuis. Dit is afhankelijk van de ernst van de klacht en de beoordeling van de triagist. In de toekomstige situatie willen we een onderscheid maken tussen hoogcomplexe of levensbedreigende acute zorg en laagcomplexere, niet levensbedreigende acute zorg.

Voor laagcomplexere, niet levensbedreigende acute zorg kan de patiënt straks, naast de huisarts overdag, terecht bij een spoedpost. Voor hoogcomplexe of levensbedreigende acute zorg kan de patiënt terecht bij een spoedeisende hulp (zie paragraaf 4.5).

Wat is een spoedpost? Op een spoedpost kan een groot deel van de patiënten die acute zorg nodig heeft terecht. Het grootste deel van de spoedzorg is niet hoogcomplex en hoeft niet behandeld te worden in een volledig uitgeruste spoedeisende hulp waar verschillende medisch specialisten aanwezig zijn. De zorg die verleend kan worden op de spoedpost kan variëren van spoedeisende huisartsenzorg als de huisarts niet beschikbaar is en die niet kan wachten tot de volgende werkdag, begeleiding tijdens de zwangerschap, een deel van de acute geestelijke gezondheidszorg, tot een deel van de acute zorg die nu op een spoedeisende hulp wordt verleend. In tabel 1 wordt weergeven waar we aan denken als we het hebben over de faciliteiten die aanwezig zijn op de spoedpost en het type klachten dat daar behandeld kan worden. Dit is een eerste schets. Belangrijk is om na het publiceren van deze houtskoolschets, samen met zorgprofessionals, gedetailleerd in kaart te brengen welke vormen van acute zorg in een spoedpost en welke in een volledig uitgeruste spoedeisende hulp behandeld kunnen worden. Hierbij moet goed in kaart gebracht worden wat de gevolgen zijn voor de patiënt, de zorgprofessionals, de doelmatigheid, de vraag naar zorg, de arbeidsmarkt en andere samenhangende onderwerpen. Faciliteiten Spoedpost

Spoedeisende hulp voor hoogcomplexe of levensbedreigende zorg

Echo

Alle basis faciliteiten met aanvullend:

Röntgen

OK 24/7

Gipskamer

IC 24/7

Snelle bloed en urine diagnostiek

Klinisch Chemisch Laboratorium

OK overdag (in achterliggend ziekenhuis)

Afdeling voor acute opname

26 | Houtskoolschets acute zorg

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Type patiënten Spoedpost

Spoedeisende hulp voor hoogcomplexe of levensbedreigende zorg

Patiënt is ABC stabiel

Instabiele patiënten

Snijwonden

Complexe OK

Schaafwonden

Eenvoudige OK in ANW uren

Hechtingen

Sepsis

Eenvoudige breuken

Acute geboortezorg

Sportblessures

Acute cardiologie

Bepaalde acute ggz

Acute neurologie

Begeleiding zwangerschap

Acute vaatchirurgie

Hoofdpijn (zonder verdenking op SAB/meningitis)

Bepaalde acute ggz

Hoe worden de spoedposten georganiseerd? In de huidige situatie zijn er op “spoedlocaties” vaak nog gescheiden plekken voor de huisartsenpost en de spoedeisende hulp. Natuurlijk moet goed gekeken worden welke hulp een patiënt nodig heeft en wie daarvoor ingezet kan worden, maar een meer integrale benadering kan voordelen opleveren. Zowel voor de kwaliteit van zorg als voor de doelmatigheid. Het gebeurt nu nog regelmatig dat er een dubbele bezetting van zorgprofessionals aanwezig is, dat de gegevensuitwisseling niet optimaal geregeld is door verschillende ICT-systemen, dat formulieren opnieuw ingevuld moeten worden en dat bepaalde onderzoeken opnieuw gedaan worden. In de spoedposten is er straks één integraal spoedplein waar de patiënt terecht kan voor zowel acute huisartsenzorg, acute geestelijke gezondheidszorg en laagcomplexere, niet levensbedreigende acute medisch specialistische zorg. Op verschillende plekken in het land wordt al gewerkt met een soortgelijke situatie of gaat dat op korte termijn gebeuren (zie het kader met mooie voorbeelden). Deze spoedposten zijn soms alleen nog overdag en in de avonduren open. In de nieuwe situatie zal in veel gevallen de spoedpost ook ’s nachts open zijn. De huisartsenpost zoals hij nu bestaat verdwijnt hiermee, de zorg die daar verleend wordt verdwijnt echter niet.

De triagist in de zorgmeldkamer bepaalt of de patiënt naar een spoedpost toe moet en daar gezien kan worden door een zorgprofessional die laagcomplexe acute (huisartsen)zorg kan leveren, een zorgprofessional die wat meer complexe acute zorg kan leveren of een zorgprofessional die acute geestelijke gezondheidszorg kan leveren. We moeten ervoor zorgen dat het altijd mogelijk is om een gespecialiseerde zorgprofessional mee te laten kijken, of dit nu in het aangrenzende of nabijgelegen ziekenhuis is of in een ziekenhuis ergens anders in het land. Door technologische ontwikkelingen zal dit in de nabije toekomst goed georganiseerd kunnen worden. Ook kan ter plekke het besluit genomen worden om de patiënt te vervoeren naar een spoedeisende hulplocatie waar hoogcomplexe acute zorg gegeven kan worden. Vervoer tussen locaties is een belangrijk onderdeel van de inrichting van het acute zorglandschap, ook al willen we dat zoveel mogelijk voorkomen door de eerste triage zo goed mogelijk uit te voeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=0f7e5f6a-0a37-4322-bca8-c9467027d345