CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

BL Vast te stellen toelichting De Veste Toelichting incl bijlage

Raadsvergadering 16 juli 2024, gemeente LelystadBij agendapunt: 24.191 Vaststelling bestemmingsplan De Veste30.892 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) stelt in dat verband specifieke eisen aan het opstellen van ruimtelijke plannen. De inrichting van dit terrein en het ontwerp van de gebouwen dienen te voldoen aan de gestelde stedenbouwkundige en architectonische randvoorwaarden, passend bij de karakteristieke kenmerken van de stedenbouwkundige structuur van de strook langs de Stationsdreef en het woongebied De Veste. Voor het overige zijn er geen cultuurhistorische waarden waarmee in het plangebied rekening gehouden moet worden. Nader onderzoek is niet nodig.

4.12

Ecologie

Bij elk ruimtelijk plan dient, met het oog op de natuurbescherming, rekening te worden gehouden met de Wet Natuurbescherming. Doel van de Wet natuurbescherming (Wnb) is drieledig: 1. bescherming van de biodiversiteit in Nederland, 2. decentralisatie van verantwoordelijkheden en 3. Vereenvoudiging van regels. Gebiedsbescherming Het plangebied ligt niet binnen en ook niet nabij Natura 2000-gebieden. De 3 dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden (IJsselmeer, Markermeer & IJmeer en Oostvaardersplassen) liggen ieder op een afstand van meer dan 3 kilometer. Het aspect gebiedsbescherming geeft – gezien de aard van de ontwikkeling en de afstand tot het Natura 2000-gebied - geen belemmeringen.

Bestemmingsplan De Veste

26

Soortenbescherming Het eerste artikel in de Wet natuurbescherming betreft de zorgplicht en heeft betrekking op het voorkomen of beperken van schade aan soorten en gebieden, voor zover deze niet middels overige verbodsbepalingen zijn gereguleerd. Het gaat daarbij in de praktijk vooral om minder streng beschermde soorten, waarbij het onnodig doden, verwonden of beschadigen dient te worden vermeden. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld; “de zorgplicht kan wel door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd”. Deze formulering van de zorgplicht brengt met zich mee dat wanneer men een bepaalde handeling wil verrichten die gevolgen voor natuurwaarden zou kunnen hebben, men zich daaraan voorafgaand op de hoogte stelt van de aanwezige natuurwaarden, de kwetsbaarheid ervan en de mogelijke gevolgen daarvoor van het voorgenomen handelen. De zorgplicht is te allen tijde van toepassing, ook al vindt er geen overtreding van een verbodsbepaling plaats. Beoordeling In het kader van de ontwikkeling is een ecologische quickscan uitgevoerd. Zie bijlage 5 De relevante conclusies uit deze quickscan zijn in de navolgende tekst overgenomen. Gebiedsbescherming Natura 2000 Gezien de aard van de werkzaamheden en de afstand ten opzichte van Natura 2000gebieden wordt geen verstoring verwacht. Een voortoets Natura 2000 wordt niet noodzakelijk geacht.

Ten aanzien van stikstof wordt er in de aanleg- dan wel nieuwe gebruiksfase mogelijk depositie verwacht. Uit de Aerius (stikstof) berekening is gebleken dat voor de aanlegfase en de gebruiksfase de grenswaarde van de stikstofdepositie op natuurgebieden van 0,00 mol/ha/j niet wordt overschreden. Natuurnetwerk Nederland De planlocatie is gelegen buiten het Natuur Netwerk Nederland of de groene ontwikkelingszone hiervan. Aangezien het Natuur Netwerk in Flevoland geen externe werking kent is vastgesteld dat een verdere toetsing niet aan de orde is. Soortbescherming Flora: geen overtreding Wet natuurbescherming. Vogels: geen overtreding Wet natuurbescherming. Vleermuizen: geen overtreding Wet natuurbescherming. Zoogdieren: geen overtreding Wet natuurbescherming. Overige soorten: geen overtreding Wet natuurbescherming. Wel wordt geadviseerd om bij de werkzaamheden een reptielen/amfibieën scherm te plaatsen. Houtopstanden: er worden geen bomen gekapt zoals bedoeld in de Wet natuurbescherming die vallen onder het onderdeel houtopstanden. Conclusie: Nader onderzoek is niet nodig. Het bestemmingsplan voldoet aan de Wet natuurbescherming.

Bestemmingsplan De Veste

27

4.13

Kabels en leidingen

Planologisch relevante kabels en leidingen (hoofdleidingen, straalpaden et cetera) dienen met de van toepassing zijnde belemmeringenstroken in een bestemmingsplan te worden verankerd. In het plangebied komen deze niet voor, waardoor belemmeringenstroken voor kabels en leidingen niet aan de orde zijn.

Bestemmingsplan De Veste

28

5.

PLANBESCHRIJVING

5.1

Algemeen

In voorgaande hoofdstukken zijn de uitgangspunten voor de ruimtelijke en functionele situatie in het plangebied aangegeven. Deze uitgangspunten zijn getoetst aan het beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. In dit hoofdstuk wordt de inhoud van de bestemmingen (de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden) toegelicht en wordt aangegeven hoe de uitgangspunten een juridische vertaling in de regels en de verbeelding hebben gekregen. Het bestemmingsplan valt onder de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Het bestemmingsplan is opgezet volgens de wettelijke regelgeving en qua systematiek volgens de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012), met inachtneming van de aanpassingen die voortvloeien uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Het plan is digitaal raadpleegbaar uitgevoerd. Het digitale plan verschaft de burger ‘online’ informatie over het bestemmingsplan. Bovendien is de digitale versie bedoeld voor uitwisseling van gegevens binnen de gemeente en met andere overheidsinstanties. Handboek bestemmingsplannen Lelystad Naast dat het bestemmingsplan voldoet aan de Wro en de Wabo, voldoet het (waar mogelijk) ook aan het handboek van de gemeente Lelystad. Het handboek maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare manier zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld.

Vanwege het specifieke ontwerp van dit project, kunnen op deze locatie niet alle bouwen gebruiksmogelijkheden die in het algemeen standaard binnen deze bestemmingen worden geboden, mogelijk worden gemaakt. De beide bestemmingen zijn specifiek toegespitst op de ontwerpprincipes van het project en de ruimtelijke ontwikkelmogelijkheden die daarbinnen kunnen worden geboden. Parapluplan woningsplitsing en kamerbewoning De regels uit het parapluplan woningsplitsing en kamerbewoning (vastgesteld 22 september 2020) zijn in dit bestemmingsplan overgenomen. Met deze regels wordt woningsplitsing en verkamering van woningen in alle woonwijken binnen in het stedelijk gebied van Lelystad ruimtelijk gereguleerd. Parapluplan Parkeren Lelystad De gemeente heeft op 21 november 2023 het Parapluplan Parkeren Lelystad met de Nota Parkeernormen Lelystad 2023 vastgesteld. Het paraplubestemmingsplan is onverkort van toepassing voor het onderhavige plangebied. In de regels van het bestemmingsplan De Veste wordt naar het Parapluplan Parkeren Lelystad verwezen. In het Parapluplan past het bevoegd gezag de beleidsregels van de 'Nota Parkeernormen Lelystad 2023' toe met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze beleidsregels zoals die gelden ten tijde van de ontvangst van de aanvraag om een omgevingsvergunning.

Volgens de Nota Parkeernormen Lelystad 2023 ligt het plangebied De Veste 10 in gebied III (rest bebouwde kom) van de Nota Parkeernormen 2023.

Bestemmingsplan De Veste

29

Er is per appartement 1,8 parkeerplaats berekend conform het geldende parkeerbeleid van de gemeente Lelystad.

5.2

Toelichting op de bestemmingen

Het bestemmingsplan bevat één bestemming wordt hierna toegelicht.

bestemming:

Wonen-Woongebouw.

Deze

Wonen-Woongebouw De bestemming ‘Wonen-Woongebouw’ is van toepassing op het gebied waar de bouw van een appartementengebouw bijbehorende voorzieningen zoals parkeren, water en groen is toegestaan. Binnen de bestemming ‘Wonen-Woongebouw’ is de functie wonen toegestaan. De woningen worden in de vorm van een woongebouw gerealiseerd. De bestemmingsgrenzen van ‘Wonen-Woongebouw’ zijn op de verbeelding weergegeven. Deze grenzen komen overeen met de uitgiftegrenzen. Binnen het bestemmingsvlak is een bouwvlak geprojecteerd. De toekomstige gestapelde woningbouw dient binnen de grenzen van dit bouwvlak te zijn geprojecteerd. Flexibiliteit Het doel is om maximaal in te spelen op de behoefte van de veranderende marktvraag (doelgroep en grootte). In de opzet van de regels is met dit uitgangspunt rekening gehouden. Binnen de gegeven globale kaders is de ontwikkeling van een appartementencomplex mogelijk. De gemeente wil in stedenbouwkundig opzicht in ieder geval sturen op kaders zoals: de maximale bouwhoogte, de bebouwingsoppervlakte (verhouding bebouwd – onbebouwd) en de wijze van parkeren. Bouwvlak Het bouwvlak is zo ruim mogelijk gemaakt. De afstand van de bouwvlakgrens ten opzichte van de bestemmingsgrens is rondom 3,00 m. Dit geldt niet voor de noordelijke kant van het plangebied.

Vanwege de ligging van het naastgelegen kantoorpand, is ervoor gekozen om de afstand van de bouwvlakgrens ten opzichte van bestemmingsgrens hier op 8,00 m te leggen. Andere, niet gebouwde bijbehorende functies zoals wegen, parkeren, water en/of groeninrichting - kunnen ook buiten het aangegeven bouwvlak worden gerealiseerd. Uitgangspunt is dat het bouwvlak voor maximaal 70% mag worden bebouwd. Echter, de directe ligging van de kavel aan de Stationsdreef legt vanuit akoestisch oogpunt nadere randvoorwaarden op aan de plaatsing van het gebouw op de kavel en het ontwerp van het gebouw. Uit het akoestisch onderzoek is gebleken dat voor het bouwen van woningen op deze locatie een Hogere Waarde procedure moet worden doorlopen. Dit betekent ook dat bij de vergunningverlening voor het gebouw aangetoond dient te worden of de vereiste karakteristieke geluidwering van de gevel (GA;k) voldoet aan de eisen uit het Bouwbesluit. Minimaal 25% van het plangebied wordt ingericht met groen. Hiervoor is een voorwaardelijke verplichting in de regels opgenomen. En minimaal 6% van het plangebied wordt ingericht t.b.v. water. Hiervoor is ook een voorwaardelijke verplichting in de regels opgenomen.

Bestemmingsplan De Veste

30

Bouwhoogte Voor het woongebouw geldt een maximale bouwhoogte van 15 meter. Parkeren In het stedenbouwkundig plan voor deze locatie dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Via dit bestemmingsplan (artikel 8.1) wordt verzekerd dat bij het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen en/of een omgevingsvergunning voor een wijziging van het gebruik, dat bij het dat bouwwerk of terrein waarvoor vergunning wordt verleend, wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Bij de omgevingsvergunning dient te worden aangetoond dat het plan voldoet aan de regels uit het Paraplubestemmingsplan Parkeren Lelystad. Dit is in artikel 8 van de regels van het bestemmingsplan vastgelegd. Verder is in de regels opgenomen dat het parkeren inpandig dient te wordt opgelost (half of verdiept of op maaiveld onder het gebouw).

Bestemmingsplan De Veste

31

6.

UITVOERBAARHEID

Een wettelijk onderdeel van het bestemmingsplan is om inzicht te geven in de uitvoerbaarheid van het project. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid.

6.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Via de procedure van het bestemmingsplan wordt de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het project aangetoond. Tijdens deze procedure zijn verschillende wettelijke momenten waar op de plannen kan worden gereageerd. Overleg 3.1.1. Bro In het kader van het vooroverleg als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het concept ontwerp bestemmingsplan voor advies naar de volgende vooroverleg-partners verzonden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Provincie Flevoland Waterschap Zuiderzeeland Omgevingsdienst Flevoland & Gooi- en Vechtstreek Veiligheidsregio Flevoland Brandweer Flevoland Gasunie ProRail Tennet

Een verslag van het vooroverleg is opgenomen in bijlage 6. Tervisielegging ontwerp bestemmingsplan Conform artikel 3.8 Wro heeft het ontwerp bestemmingsplan de uniforme openbare voorbereidingsprocedure doorlopen die is vastgelegd in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Het ontwerp bestemmingsplan is na behandeling in het college van burgemeester en wethouders in de Flevopost en het Gemeenteblad gepubliceerd. Het plan heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen. Eenieder heeft gedurende deze periode de gelegenheid gehad om een zienswijze bij de gemeente kenbaar te maken. Het ontwerp bestemmingsplan is digitaal raadpleegbaar op de site van de gemeente geplaatst. Het verslag van de tervisielegging is opgenomen in bijlage 7 (Reactienota zienswijzen en amtshalve wijzigingen). Ambtshalve wijzigingen Voor de vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad, is op het punt van parkeren een ambtshalve wijziging in de regels en toelichting doorgevoerd. Voor meer informatie wordt verwezen naar bijlage 7 (Reactienota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen), waarin ‘deel 2’ de wijzigingen zijn toegelicht.

Bestemmingsplan De Veste

32

Vaststelling bestemmingsplan en beroep Raad van State De gemeenteraad heeft het bestemmingsplan gewijzigd vastgesteld. Tegen de vaststelling van een bestemmingsplan staat rechtstreeks beroep open bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Procedure Hogere waarde Voor dit bestemmingsplan is een procedure Hogere Waarden doorlopen. De publicatie van het ontwerp besluit Hogere Waarden is ter inzage gelegd. Gedurende 6 weken vanaf de terinzagelegging konden zienswijzen worden ingediend met betrekking tot het ontwerp besluit Hogere Waarden. Er zijn geen zienswijzen binnengekomen. Het definitieve besluit over de procedure Hogere Waarden is door het college genomen en heeft vanaf 21 maart 2024 voor 6 weken ter visie gelegen. Belanghebbenden kunnen beroep aantekenen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tegen het besluit. Zo spoedig mogelijk nadat het besluit Hogere Waarden onherroepelijk is geworden, wordt dit ingeschreven in de openbare registers van het Kadaster. Crisis- en herstelwet De ontwikkeling van het plangebied valt onder de categorieën van projecten die zijn aangewezen in bijlage I (artikel 3.1) bij de Crisis en herstelwet (Chw). Afdeling 2 Chw is op de bestemmingsplanprocedure van toepassing.

Dat betekent dat belanghebbenden die tegen het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan in beroep gaan, in het beroepschrift de beroepsgronden moeten aanvoeren. Na afloop van de termijn van zes weken kunnen geen nieuwe beroepsgronden meer worden aangevoerd. Verder moet de Raad van State een eventueel beroep bij voorrang, binnen een half jaar, behandelen.

6.2

Economische uitvoerbaarheid

Aangetoond moet worden dat het project economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en het kostenverhaal. Financiële haalbaarheid De gronden zijn in eigendom van de gemeente Lelystad. Via een koop- ontwikkelingsovereenkomst worden de gronden aan een ontwikkelende partij overgedragen. De verkoop verloopt via een openbare selectieprocedure/tender. De (toekomstige) planontwikkelingskosten voor het project zijn voor rekening van deze ontwikkelende partij. Kostenverhaal Dit bestemmingsplan maakt het mogelijk om een woongebouw te realiseren. Daarmee voorziet het plan in de bouw van meerdere woningen. In de Wet ruimtelijke ordening is opgenomen dat voor dergelijke bouwplannen in verband met het kostenverhaal van de gemeente, een exploitatieplan moet worden vastgesteld. Omdat het kostenverhaal anderszins verzekerd wordt (via de koop-ontwikkelingsovereenkomst), is het vaststellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk.

Bestemmingsplan De Veste

33

Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3a Bijlage 3b Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7

Akoestisch onderzoek Stikstofberekening Onderzoek externe veiligheid spoor Verantwoording groepsrisico Uitgangspunten watertoets Quickscan ecologie Reactienota Overleg Reactienota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen

Bestemmingsplan De Veste

34

Bijlage 1 Akoestisch onderzoek

Bestemmingsplan De Veste

35

Opdrachtgever: Projectnr: Datum:

EDOK-RO EDO065-0001 10 oktober 2023

Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:

EDOK-RO EDO065-0001 20231010-EDO065-RAP-AKO-RVL 2.0 Definitief 10 oktober 2023

Opsteller: JSCHU

-+C0JSCHU+-

Verificatie: T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl

MEV Validatie: MEV

© 2023 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.

-+R0MEV+-

-+V0MEV+-

INHOUDSOPGAVE 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

Situering .................................................................................................................................................................. 5 Omschrijving ............................................................................................................................................................. 5 Verkeersgegevens ...................................................................................................................................................... 6 Railverkeersgegevens.................................................................................................................................................. 6 Rekenmethode .......................................................................................................................................................... 6

3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4 3.2 3.3 3.4

Wet geluidhinder........................................................................................................................................................ 8 Algemeen ................................................................................................................................................................. 8 Wegverkeerslawaai .................................................................................................................................................... 8 Spoorweglawaai ........................................................................................................................................................ 9 Cumulatie ................................................................................................................................................................. 9 Goede ruimtelijke ordening ........................................................................................................................................ 10 Gemeentelijke geluidbeleid ........................................................................................................................................ 10 Bouwbesluit ............................................................................................................................................................ 10

4.1 4.1.1 4.1.2 4.1.3 4.1.4 4.2 4.2.1 4.2.2 4.3 4.3.1

Wet geluidhinder...................................................................................................................................................... 11 Wegverkeerslawaai .................................................................................................................................................. 11 Spoorweglawaai ...................................................................................................................................................... 11 Cumulatie ............................................................................................................................................................... 12 Maatregelen ........................................................................................................................................................... 12 Goede ruimtelijke ordening ........................................................................................................................................ 13 30 km/uur-wegen ................................................................................................................................................... 13 Cumulatie ...............................................................................................................................................................

13 Hogere waarde en gemeentelijk geluidbeleid ................................................................................................................. 13 Gemeentelijk geluidbeleid .......................................................................................................................................... 13

BIJLAGEN

3

1

INLEIDING In opdracht van EDOK-RO is door Kragten een akoestisch onderzoek wegverkeer uitgevoerd. Aanleiding is de realisatie van een woningbouwplan aan De Veste 10 te Lelystad. In verband met de realisatie van het plan wordt een ruimtelijke procedure doorlopen. In het kader van deze procedure is conform het gestelde in de Wet geluidhinder (Wgh) een onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting ten gevolge van de zoneringsplichtige geluidbronnen waarvan de zone het plangebied overlapt. De geluidbelasting is getoetst aan het stelsel van voorkeurswaarde en maximale ontheffingswaarden uit de Wet geluidhinder. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn tevens de relevante 30 km/uur-wegen in de directe nabijheid van het plan in het onderzoek betrokken. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de regels van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. In voorliggende rapportage zijn de uitgangspunten, rekenresultaten en conclusies van het onderzoek beschreven.

4

2

UITGANGSPUNTEN

2.1

Situering Het plan is gelegen aan De Veste 10 te Lelystad. In onderstaande afbeelding is de ligging van het plangebied weergegeven.

Afbeelding 1

Ligging plangebied (roodkader)

Het plan is gelegen binnen de wettelijke geluidzone van de Stationsdreef en de spoorlijn Almere-Lelystad-Dronten. De locatie is niet gelegen binnen de zone van andere (spoor)wegen of industrieterreinen. Wel is het plan gelegen binnen de invloedsfeer van 30 km/uur-wegen (De Veste 10 en De Veste 16).

2.2

Omschrijving Het plan betreft de realisatie van een woongebouw met een maximale bouwhoogte 15 meter (5 bovengrondse bouwlagen). Het bouwvlak is weergegeven in afbeelding 2.

5

Afbeelding 2 10-05-2023)

2.3

Verbeelding plangebied (bron: document NL.IMRO.0995.BP00102-OW01 100523.pdf d.d.

Verkeersgegevens De verkeersgegevens (weekdaggemiddelde intensiteiten, verdelingen, wegdekverhardingen en snelheden) van de Stationsdreef, De Veste 10 en De Veste 16 zijn aangeleverd door de gemeente Lelystad. Deze hebben betrekking op het jaar 2033. In tabel 1 zijn de gehanteerde verkeersgegevens samengevat. Tabel 1

Verkeersgegevens (2033) Wegvak Etmaalintensiteit [mvt/etm] Stationsdreef 7.650 De Veste 10 en 16 487

Type wegdek Referentiewegdek Referentiewegdek

Snelheid [km/uur] 50 30

In bijlage B1 is een volledig overzicht van de ingevoerde verkeersgegevens weergegeven.

2.4

Railverkeersgegevens De verkeersgegevens van de spoorlijn Almere-Lelystad-Dronten zijn afkomstig uit het Geluidregister spoor1. De gegevens zijn te raadplegen en te downloaden via internet. Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van een download van 7 juni 20232. In de gehanteerde download zijn de meest recente spoorweggegevens (waaronder intensiteiten en schermen) opgenomen.

2.5

Rekenmethode De geluidbelastingen zijn bepaald conform Standaard Rekenmethode II zoals beschreven in het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. Hiervoor is gebruik gemaakt van het computerprogramma Geomilieu, versie 2022.41. Voor de wegvakken waar de snelheid 30 km/uur bedraagt, is de Standaard Rekenmethode niet

1 http://www.geluidregisterspoor.nl/geluidregisterspoor.html 2 Laatste wijziging in het geluidregister spoor dateert van 12 januari 2023

6

toepasbaar en is de berekening uitgevoerd volgens CROW publicatie 965 “Handreiking berekenen wegverkeerslawaai bij 30 km/uur”. De omgeving van het plan is gemodelleerd overeenkomstig de aangeleverde plantekeningen (zie paragraaf 2.2), de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) en het Actueel Hoogtebestand Nederland. Zachte gebieden, zoals groenstroken en bos, alsmede het ballastbed ter plaatse van het spoor zijn ingevoerd als akoestisch absorberend (bodemfactor 1,0). Erven en tuinen zijn vanwege de combinatie van bestrating en beplanting als half-verhard gebied gemodelleerd (bodemfactor 0,5). Buiten de gemodelleerde bodemgebieden wordt gerekend met een standaard reflecterende bodem (bodemfactor [0,0]). De geluidbelastingen zijn invallend bepaald op een rekenhoogte van 1,5 meter boven iedere verdiepingsvloer. In de volgende afbeelding is de ligging van de rekenpunten weergegeven.

Afbeelding 3

Ligging rekenpunten

7

3

TOETSINGSKADER

3.1

Wet geluidhinder

3.1.1

Algemeen Conform het gestelde in de Wet geluidhinder wordt de geluidbelasting van een weg in de Europese dosismaat L day-evening-night (Lden, in dB) bepaald. De Wet geluidhinder geeft grenswaarden ten aanzien van de geluidbelasting op de gevels van geluidgevoelige bestemmingen gelegen binnen de geluidzone.

3.1.2

Wegverkeerslawaai Geluidzones Overeenkomstig artikel 74 van de Wet geluidhinder heeft een weg een zone die zich uitstrekt vanaf de as van de weg. De breedte van de zone wordt, overeenkomstig artikel 75 van de Wet, aan weerszijden van de weg gemeten vanaf de buitenste begrenzing van de buitenste rijstrook. De ruimte boven en onder de weg behoort ook tot de zone van de weg. Een weg is niet zoneplichtig indien deze is gelegen binnen een woonerf, of als voor de weg een maximum snelheid van 30 km/uur geldt. De breedte van de geluidzone van een weg is afhankelijk van het aantal rijstroken van de weg en de stedelijke of buitenstedelijke ligging van de weg. In de navolgende tabel zijn de zonebreedtes samengevat. Gebieden binnen de bebouwde kom, met uitzondering van de gebieden binnen de bebouwde kom gelegen binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens, worden als stedelijk aangemerkt. Als buitenstedelijk gebied worden gebieden buiten de bebouwde kom, evenals het bovengenoemde uitgezonderde gebied binnen de bebouwde kom aangemerkt. Tabel 2 Breedte geluidzones aan weerszijden van de weg in meters Gebied Aantal rijstroken Stedelijk Buitenstedelijk

1 of 2 rijstroken 3 of meer rijstroken 1 of 2 rijstroken 3 of 4 rijstroken 5 of meer rijstroken

Breedte geluidzones in meter (art. 74) 200 350 250 400 600

De Stationsdreef is stedelijk gelegen en heeft 2 rijstroken, zodat de zonebreedte 200 meter bedraagt. De overige beschouwde wegen (De Veste 10 en De Veste 16) zijn 30 km/uur-wegen en hebben geen wettelijke geluidzone. Voorkeurswaarde en ontheffingswaarden In onderhavige situatie is sprake van nieuwe woningen in stedelijk gebied. De voorkeursgrenswaarde voor de geluidbelasting op de gevel van woningen bedraagt 48 dB (art. 82 Wgh). Onder bepaalde voorwaarden kunnen door het bevoegd gezag hogere waarden worden vastgesteld. De maximale ontheffingswaarde bedraagt 63 dB in stedelijk gebied (art. 83, lid 2 Wgh). Indien niet aan de maximale ontheffingswaarde kan worden voldaan en maatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting tot de maximale ontheffingswaarde onvoldoende doeltreffend zijn of stuiten op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard, is het mogelijk om woningen te realiseren door het toepassen van dove gevels of gevels van geluidwerende schermen te voorzien.

8

Aftrek artikel 110g Op grond van verdere ontwikkelingen in de techniek en het treffen van geluidreducerende maatregelen aan de motorvoertuigen is te verwachten dat het wegverkeer in de toekomst minder geluid zal produceren dan momenteel het geval is. Binnen de Wet geluidhinder is in artikel 110g juncto artikel 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 de mogelijkheid geschapen om deze vermindering van de geluidproductie in de geluidbelasting door te voeren. Deze aftrek bedraagt: - 3 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 56 dB is; - 4 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 57 dB is; - 2 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting afwijkt van de eerder genoemde waarden; - 5 dB voor de overige wegen; - 0 dB bij de bepaling van de geluidwering van de gevel. De snelheid op alle beschouwde wegen bedraagt minder dan 70 km/uur, waardoor de aftrek 5 dB bedraagt.

3.1.3

Spoorweglawaai Geluidzones De zones langs het spoor zijn afhankelijk van het vastgestelde geluidproductieplafond (GPP-waarde) langs het spoor. Voor het doorgaande spoor Almere-Lelystad-Dronten heeft het referentiepunt ter hoogte van het plangebied een waarde van 50,3 dB. Conform het Besluit geluidhinder (Bgh) artikel 1.4a heeft de spoorweg een geluidzone van 100 meter. De van toepassing zijnde geluidzone van het doorgaande spoor overlapt het plangebied. Voorkeursgrenswaarde en ontheffingswaarde De voorkeurswaarde voor de geluidbelasting vanwege het railverkeer bedraagt 55 dB (art. 4.9, lid 1 Besluit geluidhinder) voor nieuwe woningen. De maximale ontheffingswaarde is 68 dB (art. 4.10 Besluit geluidhinder).

3.1.4

Cumulatie Artikel 110f van de Wet geluidhinder schrijft voor dat bij het vaststellen van hogere grenswaarden rekening gehouden dient te worden met cumulatie van meerdere geluidbronnen. De wijze waarop de cumulatieve geluidbelasting dient te worden bepaald is beschreven in het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. Deze rekenmethode wordt toegepast als sprake is van blootstelling aan meer dan één geluidbron. Allereerst dient te worden vastgesteld of van een relevante blootstelling door meerdere bronnen sprake is. Dit is alleen het geval indien de zogenaamde voorkeurswaarde van die te onderscheiden bronnen wordt overschreden. In dat geval berekent de methode de gecumuleerde geluidbelasting rekening houdend met de verschillen in hinderbeleving van de verschillende geluidbronnen. Onderstaand is de berekening voor de cumulatieve geluidbelasting weergegeven Wegverkeerslawaai Railverkeer Industrielawaai

: L*VL = 1,00 LVL + 0,00 : L*RL = 0,95 LRL –1,40 : L*IL = 1,00 LIL + 1,00

Als alle betrokken bronnen op deze wijze zijn omgerekend in L*-waarden, dan kan de gecumuleerde waarde worden berekend door middel van de zogenoemde energetische sommatie. De rekenregel hiervoor is: 𝐿𝐶𝑈𝑀 = 𝐿∗𝑛

10 . 10𝑙𝑔 ∑𝑁 𝑛=1 10

Wanneer de wettelijke beoordeling van geluidbelasting ten gevolge van het railverkeer maatgevend is, kan de Lcum met de volgende formule worden omgerekend: 𝐿𝑅𝐿,𝐶𝑈𝑀 = 1,05 ∗ 𝐿𝐶𝑈𝑀 + 1,4.

9

3.2

Goede ruimtelijke ordening In het kader van een goede ruimtelijke ordening is de geluidbelasting ten gevolge van verkeer op de omliggende 30 km/uur-wegen en de ongecorrigeerde cumulatieve geluidbelasting bepaald. Voor de 30 km/uur-wegen zijn de geluidbelastingen ter vergelijking beoordeeld aan de hand van de voorkeursgrenswaarde (48 dB) en de maximale ontheffingswaarde (63 dB) uit de Wet geluidhinder die geldt voor vergelijkbare gezoneerde (50 km/uur-)wegen, maar die formeel niet gelden voor deze wegen. Er wordt op deze manier getoetst of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. De hoogste toelaatbare geluidbelasting voor nieuwe woningen in binnenstedelijk gebied bedraagt 63 dB (artikel 83 lid 2 van de Wgh).

3.3

Gemeentelijke geluidbeleid De gemeente Lelystad hanteert het ‘Beleid hogere grenswaarden en zonebeheer’, zoals vastgesteld d.d. 21-022007. In dit beleid zijn voorwaarden opgenomen voor het verlenen van een hogere waarde.

3.4

Bouwbesluit Overeenkomstig artikel 3.2 van het Bouwbesluit 2012 volgt dat een uitwendige scheidingsconstructie van een verblijfsgebied een volgens NEN 5077 bepaalde karakteristieke geluidwering heeft met een minimum van 20 dB. Conform artikel 3.3, eerste lid van het Bouwbesluit 2012, blijkt dat bij een krachtens de Wet geluidhinder of de Tracéwet vastgesteld hogere-waardenbesluit, de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie bepaald volgens de NEN 5077 niet kleiner mag zijn dan het verschil tussen de in dat besluit opgenomen hoogst toelaatbare geluidbelasting voor wegverkeer en 33 dB. Artikel 3.3. van het Bouwbesluit is niet van toepassing op woningen die niet zijn gelegen binnen een zone van een (spoor)weg.

10

4

REKENRESULTATEN

4.1

Wet geluidhinder

4.1.1

Wegverkeerslawaai De maatgevende geluidbelastingen ten gevolge van verkeer op de Stationsdreef zijn per gevel en rekenhoogte in tabel 4 weergegeven. De geluidbelasting zijn gepresenteerd inclusief aftrek artikel 110g Wgh. Tabel 4

Geluidbelastingen Stationsdreef (Lden, inclusief aftrek artikel 110g Wgh) Gevel Hoogte [m] Lden (dB)

West

Noord

Zuid

Oost

1,5 4,5 7,5 10,5 13,5 1,5 4,5 7,5 10,5 13,5 1,5 4,5 7,5 10,5 13,5

≤ 56 ≤ 57 ≤ 57 ≤ 56 ≤ 56 ≤ 53 ≤ 53 ≤ 55 ≤ 54 ≤ 54 ≤ 52 ≤ 53 ≤ 52 ≤ 52 ≤ 53

Alle

<48

Ten gevolge van de Stationsdreef bedraagt de geluidbelasting maximaal 57 dB. De voorkeursgrenswaarde (48 dB) wordt niet gerespecteerd. De maximale ontheffingswaarde (63 dB) wordt wel gerespecteerd. Maatregelen ter reductie van de geluidbelasting zijn beschreven in paragraaf 4.1.4. De voorwaarden voor het aanvragen van een hogere waarde zijn beschreven in paragraaf 4.4.

4.1.2

Spoorweglawaai De maatgevende geluidbelastingen ten gevolge van de spoorlijn Almere-Lelystad-Dronten zijn per gevel en rekenhoogte in tabel 5 weergegeven. Tabel 5

Geluidbelastingen spoorweglawaai (Lden) Gevel Hoogte [m] Lden (dB)

West

1,5 4,5 7,5 10,5 13,5

< 55 < 55 < 55 ≤ 55 ≤ 58

Noord

Alle

< 55

Zuid

Alle

< 55

Oost

Alle

< 55

11

Ten gevolge van de spoorlijn Almere-Lelystad-Dronten bedraagt de geluidbelasting maximaal 58 dB. De voorkeursgrenswaarde (55 dB) wordt niet gerespecteerd. De maximale ontheffingswaarde (68 dB) wordt wel gerespecteerd. Maatregelen ter reductie van de geluidbelasting zijn beschreven in paragraaf 4.1.4. De voorwaarden voor het aanvragen van een hogere waarde zijn beschreven in paragraaf 4.4.

4.1.3

Cumulatie Allereerst dient te worden vastgesteld of van een relevante blootstelling door meerdere bronnen sprake is. Dit is alleen het geval indien de zogenaamde voorkeurswaarde van die te onderscheiden bronnen wordt overschreden. Conform het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 is de gecumuleerde geluidbelasting rekening houdend met de verschillen in hinderbeleving van de verschillende geluidbronnen bepaald. Deze bedraagt maximaal:  

4.1.4

Wegverkeerslawaai (LCUM): 62 dB Railverkeer (LRL,CUM): 66 dB

Maatregelen Ten gevolge van zowel wegverkeer op de Stationsdreef als railverkeer op de spoorlijn Almere-Lelystad-Dronten wordt de van toepassing zijnde voorkeursgrenswaarde overschreden. De maximale ontheffingswaarde wordt wel gerespecteerd. In deze paragraaf zijn maatregelen beschouwd. Bronmaatregelen De Stationsdreef is een doorgaande ontsluitingsweg. Het terugdringen van de verkeersintensiteit en/of het verlagen van de maximumsnelheid op deze weg stuit op overwegende bezwaren van verkeerskundige aard. Bovendien is hiervoor de medewerking van wegbeheerder benodigd. Door het toepassen van geluidreducerend wegdek, bijvoorbeeld een dunne deklaag, weg kan de geluidbelasting met maximaal 3 dB worden verlaagd3. Indien een dergelijk geluidreducerend wegdek wordt aangebracht, wordt de voorkeurwaarde alsnog overschreden. Het vervangen van het huidige wegdek door een stiller wegdek is derhalve onvoldoende effectief. Het treffen van bronmaatregelen aan de treinstellen is onrealistisch gezien het feit dat deze treinstellen reguliere en reeds aanwezige treinstellen zijn die voldoen aan de huidige stand der techniek. Het verlagen van de intensiteit is als niet realistisch aan te merken. Door het toepassen van raildempers kan de geluidbelasting met 2 á 3 dB worden verlaagd. Hiermee kan niet worden voldaan aan de voorkeurswaarde uit de Wet geluidhinder.

Vanuit financieel oogpunt stuit het toepassen van deze maatregel op bezwaren. Het treffen van bronmaatregelen is derhalve niet realistisch. Overdrachtsmaatregelen Een afscherming (tussen het plangebied enerzijds en de Stationsdreef en de spoorlijn Almere-Lelystad-Dronten anderzijds) waarmee de geluidsbelastingen gereduceerd worden tot de voorkeursgrenswaarde, zal stuiten op bezwaren van stedenbouwkundige aard. Gezien de hoogte van de beoogde bebouwing (5 bouwlagen) zal een scherm dusdanig hoog moeten zijn dat dit niet inpasbaar is. Het vergroten van de afstand tussen de bebouwing enerzijds en Stationsdreef en de spoorlijn Almere-LelystadDronten anderzijds is, zonder aanpassing van het stedenbouwkundig plan, gezien de optredende geluidsbelastingen niet effectief genoeg om de overschrijdingen van de voorkeursgrenswaarde teniet te doen. Maatregelen bij de ontvanger In paragraaf 4.2.2 wordt ingegaan op de cumulatieve geluidbelasting. Daar waar sprake is van (te) hoge cumulatieve geluidbelastingen zal in het ontwerp c.q. gevelopbouw van de gebouwen rekening gehouden met de extra benodigde geluidwering (zie ook paragraaf 4.3)

3 Wegdekcorrectiefactoren conform Bijlage III van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012, lijst C wegdek versie 21 februari

2019

12

4.2

Goede ruimtelijke ordening

4.2.1

30 km/uur-wegen De normen uit de Wet geluidhinder zijn op 30 km/uur-wegen niet van toepassing. Ter vergelijking worden de geluidbelastingen wel beoordeeld aan de hand van het toetsingskader uit de Wet geluidhinder voor gezoneerde wegen (voorkeurswaarde 48 dB en maximale ontheffingswaarde 63 dB). De geluidbelastingen vanwege verkeer op de nabijgelegen 30 km/uur-wegen (De Veste 10 en De Veste 16) voldoen aan de voorkeurswaarde en zijn daarom ruimtelijk aanvaardbaar.

4.2.2

Cumulatie In het kader van een goede ruimtelijke ordening is de cumulatieve geluidbelasting inclusief 30 km/uur-wegen berekend. De maximale cumulatieve geluidbelasting LCUM bedraagt 62 dB. In het kader van een goed woon- en leefklimaat wordt geadviseerd voor de berekening van de geluidwering van de gevel uit te gaan van de gecumuleerde geluidbelasting. Een volledig overzicht van de rekenresultaten is opgenomen in bijlage B2.

4.3

Hogere waarde en gemeentelijk geluidbeleid Indien het toepassen van bron- en/of overdrachtsmaatregelen stuit op overwegende bezwaren, is planrealisatie alleen mogelijk als het bevoegd gezag, de gemeente Lelystad, hogere waarden vastgesteld voor de woningen met een overschrijding van de voorkeurswaarde vanwege de Stationsdreef. Uit een onderzoek naar de geluidwering van de gevel moeten blijken of de vereiste karakteristieke geluidwering van de gevel (GA;k) voldoet aan de eisen uit het Bouwbesluit. Tevens heeft de gemeente voorwaarden opgesteld in een beleid waaraan moet worden voldaan voor het verlenen van een Hogere waarde. In navolgende alinea’s zijn deze voorwaarden beschreven.

4.3.1

Gemeentelijk geluidbeleid In het gemeentelijk geluidbeleid zijn voorwaarden opgenomen voor het verlenen van een hogere waarde. Het beleid stelt dat maatregelen ter reductie van de geluidbelasting maatregelen moeten worden beschouwd. De maatregelen zijn beschreven in paragraaf 4.1 en stuiten op overwegende bezwaren. Criteria voor het toepassen van hogere grenswaarden Tevens zijn criteria vastgesteld in het gemeentelijk geluidbeleid voor het verlenen van een hogere waarde. Aan minimaal één van deze criteria moet worden voldaan. Aan de volgende criteria uit beleidsregel 6 (Als na het treffen van bronmaatregelen en overdrachtsmaatregelen de geluidbelasting op de gevel boven de voorkeursgrenswaarden blijft worden maatregelen toegepast bij de ontvanger) wordt voldaan:  

De woningen vullen een open plaats tussen aanwezige bebouwing op. De woningen worden gesitueerd in de omgeving van een station.

Toepassen van hogere grenswaarden is uitzondering Het streven is om het aantal woningen met een hogere geluidsbelasting dan de voorkeurswaarde niet meer dan 10% van het totaal aantal woningen te laten zijn. Ten behoeve van het behoud van het relatief lage percentage van geluidbelaste woningen wordt een terughoudend beleid gevoerd ten aanzien van het vaststellen van hogere grenswaarden. 

Het maximale percentage geldt echter niet bij kleinschalige bebouwing langs dreven of spoorwegen (eerstelijns bebouwing). Voorliggend plan valt onder deze uitzondering, zodat de betreffende beleidsregels hier niet van toepassing zijn.

13

Gebiedsgedifferentieerde geluidsnormen Het gemeentelijk ontheffingsbeleid Wet Geluidshinder van de gemeente Lelystad staat bij nieuwe woningen in het stadshart (hoofdcentrum met station) een maximale ontheffingswaarde van 58 dB voor geluid afkomstig van wegverkeer en 61 dB voor geluid afkomstig van spoorwegverkeer toe. 

De hoogst berekende geluidbelasting bedraagt 57 dB vanwege wegverkeer en 58 dB vanwege spoorwegverkeer. Het plan voldoet aan de gestelde eis.

Compensatiemaatregelen Akoestische compensatiemaatregelen In het beleid is aangegeven dat bij het vaststellen van een hogere grenswaarde voor geluid de mogelijkheden om compenserende maatregelen toe te passen worden opgenomen. Deze maatregelen kunnen bestaan uit: -

de woning heeft ten minste één geluidluwe gevel aangepaste indeling van de woning (geluidluwe binnenruimtes); een privé-gebied (tuin, balkon of park) aan de rustige zijde van het huis (geluidluwe buitenruimtes); verbeterde geluidsisolatie tussen de woningen onderling.

Geluidluwe binnenruimtes Door er zorg voor te dragen dat de geluidsgevoelige ruimten en, indien aanwezig, een tuin of balkon aan de geluidluwe zijde van de woning worden gerealiseerd kan toch een bevredigende woonsituatie worden bereikt. Aan het vaststellen van hogere waarden worden daarom voorwaarden verbonden. Deze voorwaarden hebben betrekking op geluidluwe binnen- en buitenruimtes. Bij een indeling van de woning met geluidluwe binnenruimtes is tenminste 30% van de verblijfsruimten danwel het oppervlak van het verblijfsgebied aan de geluidluwe zijde van de woning gesitueerd. Het gaat hierbij om woonen slaapkamers. 

Het plan is nog niet in detail uitgewerkt. Bij uitwerking dient rekening gehouden te worden met de indelingseis.

Geluidluwe buitenruimtes Omdat geluidhinder veel eerder buiten de woningen wordt ondervonden dan in de woningen, wordt gestreefd naar stillere buitenruimten. De primaire (geluidsgevoelige) buitenruimten worden aan de geluidsluwe zijde van de woning geprojecteerd. Aspecten van bezonning en afscherming van alleen de begane grond kunnen hierbij worden betrokken. Deze eis geldt voor maximaal één buitenruimte per woning. 

Het plan is nog niet in detail uitgewerkt. Bij uitwerking dient rekening gehouden te worden met de eis ten aanzien van de (ligging van de) buitenruimten. Daar waar woningen binnen het plan gelegen zijn aan de geluidbelaste (west)gevel en niet (kunnen) beschikken over een geluidluwe gevel, kan gekozen worden om te compenseren middels: o geluidluwe binnenruimtes; o een privé-gebied (tuin, balkon of park) aan de rustige zijde van het huis (geluidluwe buitenruimtes Ook is het mogelijk om een afgesloten/beglaasd balkons te realiseren bij deze woningen waar de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden. Wanneer de beglaasde balkons worden gerealiseerd wordt tevens een geluidsluwe gevel (of deel) gerealiseerd. In afbeeldingen 4 en 5 zijn voorbeelden opgenomen voor afgesloten/beglaasde balkons.

14

Afbeelding 4

Voorbeelden plaatselijke afscherming

Afbeelding 5

voorbeelden beglaasde/afgesloten balkons

Niet-akoestische compensatiemaatregelen Deze maatregelen hebben niets te maken met geluid, maar worden wel als positief element gezien in een omgeving, zoals meer groen, goed openbaar vervoer of een kinderspeelplaats. Niet-akoestische maatregelen kunnen altijd worden toegepast, maar zijn verplicht vanaf 5 dB meer geluid op de gevel van woningen.

15

5

CONCLUSIE In opdracht van EDOK-RO is door Kragten een akoestisch onderzoek wegverkeer uitgevoerd. Aanleiding is de realisatie van een woningbouwplan in het stationsgebied te Lelystad. In verband met de realisatie van het plan wordt een ruimtelijke procedure doorlopen. In het kader van deze procedure is conform het gestelde in de Wet geluidhinder (Wgh) een onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting ten gevolge van de zoneringsplichtige geluidbronnen waarvan de zone het plangebied overlapt. De geluidbelasting is getoetst aan het stelsel van voorkeurswaarde en maximale ontheffingswaarden uit de Wet geluidhinder. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn tevens de relevante 30 km/uur-wegen in de directe nabijheid van het plan in het onderzoek betrokken. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de regels van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. In voorliggende rapportage zijn de uitgangspunten, rekenresultaten en conclusies van het onderzoek beschreven. Wet geluidhinder Ten gevolge van de Stationsdreef bedraagt de geluidbelasting maximaal 57 dB. Ter plaatse van de west-, noorden zuidzijde van het plan wordt de voorkeursgrenswaarde (48 dB) niet gerespecteerd. De maximale ontheffingswaarde (63 dB) wordt wel gerespecteerd.

Maatregelen ter reductie van de geluidbelasting ten gevolge van de Stationsdreef zijn onderzocht en stuiten op overwegende bezwaren en/of zijn niet doelmatig. Ten gevolge van de spoorlijn Almere-Lelystad-Dronten bedraagt maximaal 58 dB. Ter plaatse van de westzijde van het plan wordt op de bovenste bouwlaag (laag 5) de voorkeurgrenswaarde (55 dB) niet gerespecteerd. De maximale ontheffingswaarde (68 dB) wordt wel gerespecteerd. Maatregelen ter reductie van de geluidbelasting ten gevolge van de spoorlijn zijn onderzocht en stuiten op overwegende bezwaren en/of zijn niet doelmatig. Er is sprake van cumulatie in de zin van de Wet geluidhinder, aangezien enkel sprake is van relevante blootstelling door één geluidbron, in deze situatie wegverkeer en spoorwegverkeer. De gecumuleerde geluidbelastingen LCUM en LVL,CUM bedragen respectievelijk maximaal 62 dB en maximaal 66 dB Goede ruimtelijke ordening In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn zowel de geluidbelastingen vanwege de nabij het plan gelegen 30 km/uur-wegen (De Veste 10 en De Veste 16), als de cumulatieve geluidbelasting vanwege alle (spoor)wegen berekend. De geluidbelastingen vanwege verkeer op de 30 km/uur-wegen voldoen aan de voorkeurswaarde en zijn daarom ruimtelijk aanvaardbaar. De maximale cumulatieve geluidbelasting LCUM bedraagt 62 dB.

In het kader van een goed woon- en leefklimaat wordt geadviseerd voor de berekening van de geluidwering van de gevel uit te gaan van de gecumuleerde geluidbelastingen. Hoger waarde en gemeentelijk geluidbeleid Indien het toepassen van bron- en/of overdrachtsmaatregelen stuit op overwegende bezwaren is alleen mogelijk als het bevoegd gezag, de gemeente Lelystad, hogere waarden vastgesteld voor de woningen met een overschrijding van de voorkeurswaarde vanwege de Stationsdreef en de spoorlijn Almere-Lelystad-Dronten.

16

Uit een onderzoek naar de geluidwering van de gevel moeten blijken of de vereiste karakteristieke geluidwering van de gevel (GA;k) voldoet aan de eisen uit het Bouwbesluit. Tevens heeft de gemeente voorwaarden opgesteld in een beleid waaraan moet worden voldaan voor het verlenen van een Hogere waarde. Het plan voldoet c.q. kan voldoen aan de eisen uit het gemeentelijk geluidbeleid.

17

BIJLAGEN

B1 INVOERGEGEVENS 3D-weergaven rekenmodel

B1-1

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Rapport: Model:

Bijlage B1 Rekenparameters

Lijst van model eigenschappen Wegverkeerslawaai

Model eigenschap Omschrijving Verantwoordelijke Rekenmethode

Wegverkeerslawaai mev #2|Wegverkeerslawaai|RMG-2012, wegverkeer|

Aangemaakt door Laatst ingezien door Model aangemaakt met

mev op 7-6-2023 jschu op 10-10-2023 Geomilieu V2022.4 rev 1

Dagperiode Avondperiode Nachtperiode Samengestelde periode Waarde Standaard maaiveldhoogte Rekenhoogte contouren Detailniveau toetspunt resultaten Detailniveau resultaten grids Rekenoptimalisatie aan Zoekafstand [m] Aandachtsgebied Max.refl.afstand Standaard bodemfactor Openingshoek Max.refl.diepte Geometrische uitbreiding Luchtdemping Luchtdemping [dB/km] Meteorologische correctie Waarde voor C0

07:00 - 19:00 19:00 - 23:00 23:00 - 07:00 Lden Gem(Dag, Avond + 5, Nacht + 10) 0 4 Groepsresultaten Groepsresultaten Ja 5000 5000 -0,00 2 1 Volledige 3D analyse Conform standaard 0,00; 0,00; 1,00; 2,00; 4,00; 10,00; 23,00; 58,00 Conform standaard 3,50

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

10-10-2023 12:12:50

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens

Bijlage B1 Rekenparameters

Commentaar

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

10-10-2023 12:12:50

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Rapport: Model:

Bijlage B1 Rekenparameters railverkeerslawaai

Lijst van model eigenschappen Railverkeerslawaai

Model eigenschap Omschrijving Verantwoordelijke Rekenmethode

Railverkeerslawaai mev #2|Railverkeerslawaai|RMG-2012, railverkeer|

Aangemaakt door Laatst ingezien door Model aangemaakt met

mev op 8-6-2023 jschu op 10-10-2023 Geomilieu V2022.4 rev 1

Dagperiode Avondperiode Nachtperiode Samengestelde periode Waarde Standaard maaiveldhoogte Rekenhoogte contouren Detailniveau toetspunt resultaten Detailniveau resultaten grids Rekenoptimalisatie aan Zoekafstand [m] Aandachtsgebied Max.refl.afstand Standaard bodemfactor Openingshoek Max.refl.diepte Geometrische uitbreiding Luchtdemping Luchtdemping [dB/km] Meteorologische correctie Waarde voor C0

07:00 - 19:00 19:00 - 23:00 23:00 - 07:00 Lden Gem(Dag, Avond + 5, Nacht + 10) 0 4 Groepsresultaten Groepsresultaten Ja 5000 5000 -0,00 2 1 Volledige 3D analyse Conform standaard 0,00; 0,00; 1,00; 2,00; 4,00; 10,00; 23,00; 58,00 Conform standaard 3,50

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

10-10-2023 12:14:40

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens

Bijlage B1 Rekenparameters railverkeerslawaai

Commentaar 08-06-2023 11:41: Importeren Geluidregister Spoor

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

10-10-2023 12:14:40

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Model: Groep:

Naam NB001

Bijlage B1 Gebouwen plangebied

Wegverkeerslawaai Gebouwen plangebied Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer Omschr. Nieuwbouw - bouwvlak

Hoogte 15,00

Maaiveld -3,50

Hdef. Eigen waarde

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

Cp 0 dB

Zwevend False

Refl. 63 0,80

Refl. 125 0,80

Refl. 250 0,80

Refl. 500 0,80

10-10-2023 12:15:43

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Model: Groep:

Naam NB001

Bijlage B1 Gebouwen plangebied

Wegverkeerslawaai Gebouwen plangebied Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer Refl. 1k 0,80

Refl. 2k 0,80

Refl. 4k 0,80

Refl. 8k 0,80

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

10-10-2023 12:15:43

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens

Bijlage B1 Toetspunten

Model: Groep:

Wegverkeerslawaai (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Naam BV_W.01 BV_W.02 BV_W.03 BV_W.04 BV_W.05

Omschr. Bouwvlak - west Bouwvlak - west Bouwvlak - west Bouwvlak - west Bouwvlak - west

Maaiveld -3,50 -3,50 -3,50 -3,50 -3,50

Hdef. Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde

Hoogte A 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

Hoogte B 4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

Hoogte C 7,50 7,50 7,50 7,50 7,50

Hoogte D 10,50 10,50 10,50 10,50 10,50

Hoogte E 13,50 13,50 13,50 13,50 13,50

Hoogte F ------

Gevel Ja Ja Ja Ja Ja

BV_W.06 BV_N.01 BV_N.02 BV_N.03 BV_N.04

Bouwvlak - west Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord

-3,50 -3,50 -3,50 -3,50 -3,50

Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

7,50 7,50 7,50 7,50 7,50

10,50 10,50 10,50 10,50 10,50

13,50 13,50 13,50 13,50 13,50

------

Ja Ja Ja Ja Ja

BV_O.01 BV_O.02 BV_O.03 BV_O.04 BV_O.05

Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost

-3,50 -3,50 -3,50 -3,50 -3,50

Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

7,50 7,50 7,50 7,50 7,50

10,50 10,50 10,50 10,50 10,50

13,50 13,50 13,50 13,50 13,50

------

Ja Ja Ja Ja Ja

BV_O.06 BV_Z.01 BV_Z.02 BV_Z.03 BV_Z.04

Bouwvlak - oost Bouwvlak - zuid Bouwvlak - zuid Bouwvlak - zuid Bouwvlak - zuid

-3,50 -3,50 -3,50 -3,50 -3,50

Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde Eigen waarde

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

7,50 7,50 7,50 7,50 7,50

10,50 10,50 10,50 10,50 10,50

13,50 13,50 13,50 13,50 13,50

------

Ja Ja Ja Ja Ja

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

10-10-2023 12:16:42

Kragten *** <***@lelystad.nl> vrijdag 9 juni 2023 13:39 Maura Evers *** verkeersgegevens tbv akoestisch onderzoek De Veste

Van: Verzonden: Aan: CC: Onderwerp:

Beste Maura, Van mijn collega *** heb ik jouw verzoek gekregen tot het leveren voor verkeersgegevens van de volgende wegen. De gegevens voor het jaar 2033 zijn als volgt (weekdaggemiddelde): Stationsdreef tussen De Veste 10 en De Schans 10: Stationsdreef Dag (7-19 u) Avond (19-23 u) Nacht (23-7 u)

Licht Middel Zwaar 5873 241 15 920 20 1 550 27 3

Voor De Veste 10 en 16 (ter hoogte van de ontwikkellocatie) kunnen de volgende intensiteiten aangehouden worden: De Veste 10 en 16 Dag (7-19 u) Avond (19-23 u) Nacht (23-7 u)

Licht Middel Zwaar 388 2 0 61 0 0 36 0 0

De maximumsnelheid op de Stationsdreef is 50 km/h en op De Veste 10 en 16 30 km/h De wegdekverharding is op alle gevraagde wegen DAB (dicht asfaltbeton) Als er nog vragen zijn dan hoor ik het graag. Met vriendelijke groet, *** verkeerskundige Team Ruimte GEMEENTE LELYSTAD

Stadhuisplein 2, Lelystad Postbus 91, 8200 AB Lelystad Telefoon: 14-0320 www.lelystad.nl. gemeente@lelystad.nl Wij werken duurzaam en digitaal en ontvangen uw correspondentie daarom bij voorkeur elektronisch, bijvoorbeeld via e-mail of e-formulier! Privacy Statement

1

Verkeersgegevens EDO065 Stationsdreef Dag (7-19 u) Avond (19-23 u) Nacht (23-7 u)

Licht 5873 920 550 7343

Totaal

De Veste 10 en 16 Dag (7-19 u) Avond (19-23 u) Nacht (23-7 u) Totaal

Licht

Middel Zwaar totaal Licht% Middel% Zwaar% totaal% 6129 95,82% 1 241 15 3,93% 0,24% 941 1 20 1 97,77% 2,13% 0,11% 580 1 27 3 94,83% 4,66% 0,52% 288 19 7650

Middel 388 61 36 485

Zwaar 2 0 0 2

totaal 0 0 0 0

390 61 36 487

Licht% Middel% Zwaar% totaal% 99,49% 1 0,51% 0 1 100% 0 0 1 100% 0 0

6,68% 3,13% 0,94%

6,67% 3,14% 0,93%

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Model: Groep:

Bijlage B1 Wegen

Wegverkeerslawaai (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Naam Stationsdr Stationsdr Veste 10 Veste 16

Omschr. Stationsdreef NZ Stationsdreef ZN De Veste 10 De Veste 16

X-1 160759,73 160814,75 160850,46 160838,41

Y-1 503628,28 502913,45 503498,02 503354,76

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

X-n 160796,71 160768,72 160845,20 160945,60

Y-n 502915,70 503627,56 503253,91 503424,43

H-1 0,00 0,00 0,00 0,00

H-n 0,00 0,00 0,00 0,00

M-1 -4,00 -4,00 -3,50 -3,54

10-10-2023 12:17:38

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Model: Groep:

Bijlage B1 Wegen

Wegverkeerslawaai (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Naam Stationsdr Stationsdr Veste 10 Veste 16

M-n -4,00 -4,00 -3,50 -3,39

Hbron 0,75 0,75 0,75 0,75

Helling 0 0 0 0

Wegdek W0 W0 W0 W0

Wegdek Referentiewegdek Referentiewegdek Referentiewegdek Referentiewegdek

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

V(LV(D)) 50 50 30 30

V(LV(A)) 50 50 30 30

V(LV(N)) 50 50 30 30

Totaal aantal 3825,00 3825,00 487,00 487,00

%Int(D) 6,68 6,68 6,67 6,67

10-10-2023 12:17:38

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Model: Groep:

Bijlage B1 Wegen

Wegverkeerslawaai (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMG-2012, wegverkeer

Naam Stationsdr Stationsdr Veste 10 Veste 16

%Int(A) 3,13 3,13 3,14 3,14

%Int(N) 0,94 0,94 0,93 0,93

%LV(D) 95,82 95,82 99,49 99,49

%LV(A) 97,77 97,77 100,00 100,00

%LV(N) 94,83 94,83 100,00 100,00

%MV(D) 3,93 3,93 0,51 0,51

%MV(A) 2,13 2,13 ---

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

%MV(N) 4,66 4,66 ---

%ZV(D) 0,24 0,24 ---

%ZV(A) 0,11 0,11 ---

%ZV(N) 0,52 0,52 ---

Groep Stationsdreef Stationsdreef De Veste 10 De Veste 16

10-10-2023 12:17:38

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Rapport: Model: Lijst van:

Bijlage B1 Groepen

Groepenbeheer Wegverkeerslawaai Versie 2.0 - Geomilieumodel EDO065 (2022.41) Alle items

Groep De Veste 10 De Veste 16 Stationsdreef Stationsdreef

Itemtype Weg Weg Weg Weg

Naam Veste 10 Veste 16 Stationsdr Stationsdr

Omschrijving De Veste 10 De Veste 16 Stationsdreef ZN Stationsdreef NZ

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

10-10-2023 12:18:22

De Veste 10 Lelystad Invoergegevens Rapport: Model:

Bijlage B1 Groepsreducties

Groepsreducties Wegverkeerslawaai

Groep Bodemgebieden Gebouwen Gebouwen plangebied Hoogtelijnen Wegen De Veste 10 De Veste 16 Stationsdreef

Reductie Dag 0,00 0,00 0,00 0,00 5,00

Avond 0,00 0,00 0,00 0,00 5,00

Nacht 0,00 0,00 0,00 0,00 5,00

Sommatie Dag 0,00 0,00 0,00 0,00 5,00

Avond 0,00 0,00 0,00 0,00 5,00

Nacht 0,00 0,00 0,00 0,00 5,00

0,00 0,00 0,00

0,00 0,00 0,00

0,00 0,00 0,00

5,00 5,00 5,00

5,00 5,00 5,00

5,00 5,00 5,00

Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: Kragten BV

10-10-2023 12:18:46

B2 REKENRESULTATEN

B2-1

De Veste 10 Lelystad Rekenresultaten wegverkeer (incl. aftrek ex artikel 110g Wgh) Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:

Bijlage B2 Stationsdreef

Resultatentabel Wegverkeerslawaai LAeq totaalresultaten voor toetspunten Stationsdreef Ja

Naam Toetspunt BV_N.01_A BV_N.01_B BV_N.01_C BV_N.01_D BV_N.01_E

Omschrijving Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord

X 160805,02 160805,02 160805,02 160805,02 160805,02

Y 503381,88 503381,88 503381,88 503381,88 503381,88

Hoogte 1,50 4,50 7,50 10,50 13,50

Dag 51,72 52,59 53,75 53,48 53,22

Avond 48,24 49,11 50,27 49,99 49,73

Nacht 43,33 44,20 45,36 45,08 44,83

Lden 52,58 53,45 54,61 54,34 54,08

BV_N.02_A BV_N.02_B BV_N.02_C BV_N.02_D BV_N.02_E

Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord

160810,85 160810,85 160810,85 160810,85 160810,85

503389,27 503389,27 503389,27 503389,27 503389,27

1,50 4,50 7,50 10,50 13,50

47,29 48,55 50,13 50,11 49,93

43,82 45,07 46,65 46,62 46,45

38,89 40,15 41,73 41,70 41,53

48,15 49,41 50,99 50,96 50,79

BV_N.03_A BV_N.03_B BV_N.03_C BV_N.03_D BV_N.03_E

Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord

160818,14 160818,14 160818,14 160818,14 160818,14

503389,77 503389,77 503389,77 503389,77 503389,77

1,50 4,50 7,50 10,50 13,50

40,30 42,69 46,28 49,08 48,98

36,81 39,20 42,80 45,61 45,51

31,91 34,30 37,89 40,68 40,59

41,16 43,55 47,14 49,94 49,84

BV_N.04_A BV_N.04_B BV_N.04_C BV_N.04_D BV_N.04_E

Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord Bouwvlak - noord

160826,54 160826,54 160826,54 160826,54 160826,54

503390,34 503390,34 503390,34 503390,34 503390,34

1,50 4,50 7,50 10,50 13,50

36,20 38,98 43,04 46,91 48,05

32,70 35,47 39,55 43,44 44,58

27,81 30,60 34,65 38,50 39,65

37,06 39,84 43,90 47,77 48,91

BV_O.01_A BV_O.01_B BV_O.01_C BV_O.01_D BV_O.01_E

Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost

160830,65 160830,65 160830,65 160830,65 160830,65

503385,86 503385,86 503385,86 503385,86 503385,86

1,50 4,50 7,50 10,50 13,50

21,20 23,11 23,46 24,25 23,10

17,59 19,49 19,88 20,72 19,59

12,88 14,78 15,13 15,88 14,71

22,06 23,97 24,33 25,11 23,96

BV_O.02_A BV_O.02_B BV_O.02_C BV_O.02_D BV_O.02_E

Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost

160831,22 160831,22 160831,22 160831,22 160831,22

503377,17 503377,17 503377,17 503377,17 503377,17

1,50 4,50 7,50 10,50 13,50

21,28 23,53 24,92 23,92 22,49

17,66 19,91 21,34 20,36 18,98

12,96 15,20 16,57 15,56 14,11

22,14 24,39 25,78 24,78 23,35

BV_O.03_A BV_O.03_B BV_O.03_C BV_O.03_D BV_O.03_E

Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost

160832,00 160832,00 160832,00 160832,00 160832,00

503365,21 503365,21 503365,21 503365,21 503365,21

1,50 4,50 7,50 10,50 13,50

26,21 27,29 27,78 24,78 24,45

22,68 23,74 24,24 21,24 20,95

17,85 18,94 19,41 16,42 16,06

27,07 28,15 28,64 25,64 25,31

BV_O.04_A BV_O.04_B BV_O.04_C BV_O.04_D BV_O.04_E

Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost Bouwvlak - oost

160832,75 160832,75 160832,75 160832,75 160832,75

503353,66 503353,66 503353,66 503353,66 503353,66

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=5a6e4d0f-1f8b-4519-bbed-1193fce95017