BL Rapportage IHP Sport Lelystad
Tekst van het document
Bij de plusinvestering wordt uitgegaan dat geen horecavoorziening en geen tribunefaciliteit worden gerealiseerd in een dergelijke sportzaal; vooralsnog wordt uitgegaan van realisatie in 2027. Toevoeging van een clubruimte en extra bergruimte tafeltennis bij één van de nieuw te realiseren gymzalen; 2030. Verbetering functionaliteit vier nieuw te realiseren gymzalen (extra bergruimte); 2030 – 2035. Verduurzaming Verduurzaming De Rietlanden; 2025 – 2028. Verduurzaming De Koploper; 2025 – 2032. Buitensport Sportpark Langezand Realisatie kunstgrasveld ten behoeve van SVL en American Football; 2025 – 2026 Optioneel: herstructurering sportpark Langezand (kwaliteitsimpuls), waaronder verplaatsing atletiekbaan naar ijsbaanlocatie; 2030 inplaatsing honk- en softbal; 2032 uitbreiding parkeercapaciteit zuidkant; 2032 uitbreiding met 1 kunstgras hockeyveld (indien noodzakelijk qua capaciteit); 2035 – 2040 uitbreiding met 1 kunstgras korfbalveld (indien noodzakelijk qua capaciteit); 2035 – 2040 Sportpark Schouw Draaien en realiseren 1 natuurgras voetbalveld; 2025 1 kunstgras voetbalveld; 2025 2 kleedkamers en 20 teamlockers voetbal; 2025 Optioneel: extra parkeercapaciteit; 2030 Sportpark Doggersbank 1 kunstgras voetbalveld; 2025 16 teamlockers; 2025
85
Sportpark ZuiderC 3 kunstgrasvelden voetbal; 2030 – 2032 5 natuurgrasvelden voetbal; 2030 – 2032 Clubgebouw voetbal (in 2 lagen); 2030 – 2032 12 kleedkamers en 24 teamlockers voetbal; 2030 – 2032 10 tennisbanen (voor rekening van de vereniging) 2030 – 2032 10 padelbanen (voor rekening van de vereniging) 2030 – 2032 Club- en kleedgebouw tennis en padel (voor rekening van de vereniging) 2030 – 2032 Clubgebouw, 17 overdekte en 20 buitenbanen jeu de boules (gedeeltelijk voor rekening vereniging) 2030 – 2032 Sport in de openbare ruimte Extra invulling sport in de openbare ruimte ter vervanging van het verdwijnen van de locatie ’t Kofschip. Indicatief 6.000 m² met het oog op “basis op orde”; 2030 – 2035 Sport in de openbare ruimte bij gebiedsontwikkelingen, waaronder ZuiderC. Totaal 36.000 m²; 2030 – 2040.
10.2
Overzicht van de totale investeringskosten
De accommodatiebehoefte (nieuwe voorzieningen, aan te passen voorziening) en de verduurzamingsopgave leiden tot de volgende investeringen. In paragraaf 10.3 zijn de uitgangspunten bij de investeringskosten weergegeven. Zwemwater/zwembaden Omschrijving Nieuw zwembad, 25 x 10 meter, inclusief voorzieningen, pp 2024
Investeringskosten
Planning
€ 10.800.000
2035 – 2040
Investeringskosten
Planning
Binnensportaccommodaties Omschrijving Nieuwe en aan te passen binnensportaccommodaties Blaashal voor hockey (2 zaalvloeren)
€
735.000
2025 – 2026
Uitbreiding sportcomplex De Rietlanden met 8 zaaldelen (*)
€ 34.700.000
2028
€ 3.400.000 € 6.100.000
2028
Turnhal (35 x 24 meter), als onderdeel van sportcomplex De Rietlanden (meerkosten), exclusief trampolineruimte (**)
€0–€
400.000
2027
Verbeteren functionaliteit gymzalen, 4 bergruimtes (50 m² netto)
€
660.000
2027
Realiseren clubgebouw en berging tafeltennis
€
953.000
2027
Verduurzaming De Rietlanden, inclusief huidige turnzaal
€
930.000
2025 - 2028
Verduurzaming De Koploper (gehele complex)
€ 8.293.000
2025 - 2032
Meerkosten voor behoud van functie sportzaal
Verduurzaming sportaccommodaties
(*) Hierover heeft al besluitvorming plaats gevonden. De raming is inclusief alle PM-posten die nog niet meegenomen waren bij de oorspronkelijke investeringsraming, inclusief rentelasten en prijsstijgingen (tot 2028), onvoorzien en BTW. (**) In paragraaf 10.3 worden de verschillende varianten voor een turnhal toegelicht. De varianten kennen verschillende investeringskosten.
86
Buitensportaccommodaties Omschrijving
Investeringskosten
Planning
Sportpark Langezand €
708.000
2026
1 natuurgras voetbalveld
€
197.000
2025
1 kunstgras voetbalveld
€
708.000
2025
2 kleedlokalen Unicum
PM (Unicum)
2025
20 teamlockers Unicum
PM (Unicum)
2025
Extra parkeercapaciteit sportpark Schouw
€
100.000
2030 – 2032
1 kunstgras voetbalveld
€
708.000
2025
16 teamlockers sportpark Doggersbank
€
29.000
2025
3 kunstgras voetbalvelden
€ 2.124.000
2030 – 2032
5 natuurgras voetbalvelden
€
985.000
2030 – 2032
Club- en kleedgebouw (12 kleedkamers), teamlockers, inclusief infrastructuur en parkeren totale sportcomplex, exclusief losse inrichting Club- en kleedgebouw tennis
€ 7.000.000 PM (tennis)
2030 – 2032 2030 – 2032
10 tennis- en 10 padelbanen, inclusief terreininrichting
€ 1.600.000
2030 – 2032
Clubgebouw met overdekte jeu de boules banen
€ 2.400.000
2030 – 2032
Buitenbanen jeu de boules
€
2030 – 2032
Kunstgras voetbalveld / American Football veld
Sportpark Schouw
Sportpark Doggersbank
Sportpark ZuiderC
100.000
Sport in de openbare ruimte: PM We gaan uit van realisatie van 36.000 m² sport in de openbare ruimte bij de nieuwe gebiedsontwikkelingen en compensatie van circa 6.000 m² aan voorzieningen in bestaande wijken ter compensatie van het vervallen van sportveld ’t Kofschip. De kostenraming is zeer afhankelijk van de concrete invulling van die openbare ruimte. De invulling kan variëren van multifunctionele sportvelden, outdoor fitness tot fiets- en wandelroutes.
10.3
Uitgangspunten bij de investeringsramingen
Voor de investeringsramingen voor de voorzieningen worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: Algemene uitgangspunten Bij de investeringsramingen wordt uitgegaan van globale stichtingskosten per accommodatie. Bij de investeringsramingen zijn de grondkosten niet meegenomen. De investeringsramingen per accommodatie zijn afhankelijk van een definitief programma van eisen. Voor buitensportaccommodaties worden de ramingen op hoofdlijnen weergegeven. De investeringsramingen zijn mede afhankelijk van keuzes op het gebied van faciliteiten en voorzieningen. Voor binnensportaccommodaties en zwembaden moeten uit een programma van eisen de concrete afmetingen naar voren komen op basis van verwacht gebruik door specifieke sportverenigingen. Afhankelijk van de beoogde gebruikers kan tot een optimale indeling van een sportaccommodatie gekomen worden en kunnen de afmetingen (lengte en breedte) bepaald worden.
87
Voor de kostenraming is daarnaast van belang of duidelijk is wanneer de accommodatie exact gerealiseerd wordt. In dat geval kunnen rentekosten en prijsstijgingen ook accuraat meegenomen worden. Er is bij de ramingen uitgegaan van normering BENG (bijna energie neutrale gebouwen). De ramingen zijn prijspeil 2024 en waar aangegeven inclusief rentekosten en prijsstijgingen. Bij accommodaties waar nog geen concrete verwachte oplevering is, is uitgegaan van ramingen met prijspeil 2024, exclusief rentekosten en prijsstijgingen. Alle ramingen zijn inclusief BTW. Zwembaden De stichtingskosten voor een nieuw zwembad (25 x 10 meter) zijn: Inclusief bouwkosten, inrichtingskosten, projectbegeleiding, advieskosten ontwerpende partijen, terreininrichting en parkeren, aansluitkosten en leges en een post onvoorzien van 10%. Er is nog geen rekening gehouden met mogelijk te ontvangen subsidies zoals SPUK en/of verrekening van de BTW. Niet meegenomen zijn prijsstijgingen en rentekosten. De raming is prijspeil 2024. Optioneel kan gekozen worden voor een zwembad van 25 x 15 meter in verband met ruimere gebruiksmogelijkheden. De stichtingskosten van een dergelijke voorziening zijn € 13.300.000, inclusief BTW, met verder dezelfde uitgangspunten als hierboven.
Binnensportaccommodaties De stichtingskosten voor de binnensportaccommodaties zijn: Inclusief bouwkosten, inrichtingskosten, projectbegeleiding, advieskosten ontwerpende partijen, terreininrichting en parkeren, aansluitkosten en leges en een post onvoorzien van 10%. Er is nog geen rekening gehouden met mogelijk te ontvangen subsidies zoals SPUK en/of verrekening van de BTW. Bij het nieuwe sportcomplex bij De Rietlanden in 2028, de te realiseren turnzaal (als onderdeel van de uitbreiding van De Rietlanden of solitair), de blaashal, de upgrade van gymzalen naar een sportzaal en het verbeteren van de functionaliteit van gymzalen (bergingen en clubgebouw tafeltennis) zijn prijsstijgingen en rentekosten meegenomen. Bij de realisatie van een turnzaal wordt uitgegaan van een accommodatie bij het nieuwe complex van De Rietlanden. In het investeringsoverzicht zijn de meerkosten ten opzichte van het nieuwe sportcomplex bij De Rietlanden in beeld gebracht. Daarbij zijn er een aantal varianten: Er kan een turnhal aan het nieuwe complex bij De Rietlanden gebouwd worden. De investeringskosten hiervan bedragen € 6.100.000. De huidige turnzaal vervalt dan. Er kan geopteerd worden om de gymzaal van het nieuwe sportcomplex aan te passen naar een turnzaal. Daardoor wordt de buitenruimte rond het complex (waaronder de buitensportaccommodatie) minder bebouwd en daardoor minder belast.
Met deze variant vervalt de gymzaal in het nieuwe sportcomplex. De meerkosten ten opzichte van de kosten voor uitbreiding van het sportcomplex bedragen dan € 3.400.000. Dat betekent dan wel dat er een gymzaal minder beschikbaar is voor het bewegingsonderwijs van Porteum en in de toekomst eventueel andere scholen (VO of PO). Voor de examenprogramma’s BSM (Bewegen, Sport en Maatschappij) is extra capaciteit nodig qua bewegingsonderwijs ten opzichte van de wettelijke uren voor bewegingsonderwijs. Er kan ook gekozen worden voor een solitaire voorziening. In dat geval is sprake van een investeringsraming van € 7.500.000. Extra ruimte voor trampolinespringen leidt tot hogere investeringskosten (en een groter ruimtebeslag). De investeringskosten zijn separaat in beeld gebracht. Bij een solitaire turnzaal gaat het dan om een totale investering van € 8.200.000. Voor gymzalen en sportzalen worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: Bij de omvang van sportzalen wordt met het oog op het multifunctioneel gebruik (sportverenigingen en onderwijs) uitgegaan van KVLO-normeringen (ten behoeve van het bewegingsonderwijs); die normen zijn recent enigszins aangepast. Voor gymzalen wordt in de nieuwe normering uitgegaan van 24 x 14 meter (ongeveer 336 m²). De vrije hoogte is 5,5 meter (primair onderwijs) of 7 meter (voortgezet onderwijs).
De nieuwe normen gaan uit van 22,3 x 15,4 meter (343 m²) als alternatief dat optimaal passend is voor sportgebruik (in combinatie met onderwijsgebruik). Op basis van deze uitgangspunten gaan wij uit van een gymzaal van 22,3 x 15,4 meter (343 m²), in verband met aansluiting van de maatvoering op het meest voorkomende sportgebruik. De afdeling onderwijshuisvesting hanteert een oppervlakte van zo’n 88
328 m² en een vrije hoogte van 5,5 meter. Het aantal m² van de nieuwe KVLO-normering, de door ons gehanteerde maatvoering en de maatvoering van de afdeling onderwijshuisvesting zijn min of meer vergelijkbaar. Voor een sportzaal wordt uitgegaan van een afmeting van 22,3 x 31 meter (met 7 meter vrije hoogte). Met die afmetingen zijn meerdere sportverenigingen goed te faciliteren. Bij de realisatie van de sportzaal wordt niet uitgegaan van een horecavoorziening of een tribunefaciliteit. De meerkosten van een sportzaal ten opzichte van twee gymzalen zijn afhankelijk van de financiële uitgangspunten die gehanteerd worden door de afdeling onderwijshuisvesting bij de stichtingskostenraming. Op basis van de stichtingskostenraming van twee gymzalen van 22,3 x 15,4 x 5,5 meter en een sportzaal van 22,3 x 31 x 7 meter zijn er geen meerkosten voor een sportzaal (zolang er geen tribunes en/of horeca gerealiseerd worden). Als de meerkosten van een sportzaal berekend worden ten opzichte van de huidige omvang van gymzalen uit het IHP Onderwijs (328 m² per gymzaal) dan zullen per saldo wel meerkosten ontstaan. We ramen die op € 400.000. De investeringskosten van uitbreiding van de functionaliteit van gymzalen (bergingen) zijn geraamd op basis van eenheidskosten per m² (€ 3.000 per m²) en uitbreiding van netto 50 m² in relatie tot de nieuwbouw van gymzalen, prijspeil 2024.
De investeringskosten van realisatie van een clubgebouw tafeltennis (100 m²) en uitbreiding van bergruimte (100 m²) zijn geraamd op basis van eenheidskosten per m² (€ 4.000) en de gehanteerde uitbreiding van het aantal m². Een eventuele kleinere omvang van het clubgebouw leidt uiteraard tot lagere investeringskosten. Buitensportaccommodaties De stichtingskosten voor buitensportaccommodaties zijn: Inclusief aanlegkosten velden, eventuele nevenvoorzieningen waar van toepassing (dug outs, verlichting, hekwerken), advieskosten en algemene kosten. Er is nog geen rekening gehouden met mogelijk te ontvangen subsidies zoals SPUK en/of verrekening van de BTW. Voor club- en kleedaccommodaties wordt rekening gehouden met bouwkosten, projectbegeleiding, advieskosten, aansluitkosten en leges en een post onvoorzien van 10%. Niet meegenomen zijn grondkosten. Bij de bepaling van de omvang van clubgebouwen is gekeken naar de potentiële omvang van de verenigingen. Bij de overkapping van de jeu de boules is uitgegaan van een dichte hal, maar niet geïsoleerd en/of geklimatiseerd. Er is nog geen rekening gehouden met kosten voor projectbegeleiding bij realisatie van buitensportvoorzieningen. Bij kleinschaliger aanpassingen (vervanging natuurgrasveld door een kunstgrasveld) zijn deze kosten ongeveer € 50.000 (programma van eisen, begeleiding aanbesteding en realisatie).
Bij grootschalige aanleg van velden (ZuiderC) kan die projectbegeleiding gecombineerd worden en moet rekening gehouden worden met de reguliere begeleidingskosten plus € 10.000 per veld. De begeleidingskosten zijn exclusief BTW. Bij de nieuwe ontwikkeling ZuiderC is in de investeringsraming rekening gehouden met terreininrichting en parkeergelegenheid. Bij de bestaande buitensportlocaties is geen rekening gehouden met terreininrichting. Overige voorzieningen Voor overige investeringen (parkeren, infrastructuur) wordt gerekend op basis van referentiegetallen (aantal parkeerplekken per sportvoorziening, afmetingen, kosten per m²). Voor parkeren bij de gebiedsontwikkeling ZuiderC wordt uitgegaan van CROW-normeringen en normeringen van sportbonden (aantal parkeerplekken per x-aantal leden). Voor uitbreiding van parkeren van bestaande sportparken wordt uitgegaan van ongeveer 35 m² per parkeerplek.
10.4
Samenvatting van de benodigde investeringen per categorie
In paragraaf 10.2 is een totaal overzicht weergegeven van de investeringen voor de komende jaren. Een deel van die investeringen heeft betrekking op noodzakelijke investeringen om de basis op orde te krijgen. Een deel van de investeringen heeft betrekking op de noodzakelijke investeringen om te kunnen voorzien in de behoefte als gevolg van de groei van de stad. De resterende investeringen zijn opgenomen om de kwaliteit van het sportaanbod te versterken en in te kunnen spelen op de toekomstige trends en ontwikkelingen. Ook de optionele herstructurering van sportparken zijn daarin PM meegenomen. In onderstaand overzicht zijn de totale investeringen samengevat aan de hand van bovenstaande drie categorieën en op basis van verwachte realisatie in de tijd geplaatst. 89
De investering in het nieuwe sportcomplex bij De Rietlanden is niet meegenomen in onderstaand overzicht, omdat hierover separate besluitvorming heeft plaatsgevonden, inclusief budgettering. De functionaliteit van deze voorzieningen is wel noodzakelijk om te kunnen voorzien in bestaande en toekomstige behoefte van sportaccommodaties. De turnhal is opgenomen onder accommodaties die voor een kwaliteitsimpuls zorgen. Tegelijk wordt geconstateerd dat de gymnastiekvereniging op dit moment een wachtlijst heeft. Een nieuwe turnhal biedt zowel op het gebied van extra capaciteit en planningstechnisch mogelijkheden oplossingen te creëren voor de wachtlijsten. Daarmee is een turnhal ook een accommodatie om de basis op orde te krijgen èn te voorzien in de groei van de gemeente. Omschrijving
Investeringskosten
Planning
Basis op orde Blaashal hockey
€
735.000
2025
1 natuurgras voetbalveld, sportpark Schouw
€
197.000
2025
1 kunstgras voetbalveld, sportpark Schouw
€
708.000
2025
2 kleedlokalen Unicum, sportpark Schouw
PM (Unicum)
2025
20 teamlockers Unicum, sportpark Schouw
PM (Unicum)
2025
1 kunstgras voetbalveld, sportpark Doggersbank
€
708.000
2025
16 teamlockers, sportpark Doggersbank
€
29.000
2025
1 kunstgras voetbalveld (+ American Football), sportpark Langezand Meerkosten voor behoud functie sportzaal
€
708.000
2026
€0-€
400.000
2027
PM
2028
100.000
2030 – 2032
3 kunstgras voetbalvelden, ZuiderC
€ 2.124.000
2030 – 2032
5 natuurgras voetbalvelden, ZuiderC
€
985.000
2030 – 2032
Club- en kleedgebouw (12 kleedkamers), teamlockers, inclusief infrastructuur en parkeren totale sportcomplex, exclusief losse inrichting
€ 7.000.000
2030 – 2032
PM
2030 – 2032
10 tennis- en 10 padelbanen, inclusief terreininrichting
€ 1.600.000
2030 – 2032
Clubgebouw met overdekte jeu de boules banen
€ 2.400.000
2030 – 2032
Buitenbanen jeu de boules
€
100.000
2030 – 2032
PM
2030 – 2040
€ 10.800.000
2035 – 2040
Sport in de openbare ruimte (6.000 m² ter vervanging van buitenruimte ’t Kofschip) Extra parkeercapaciteit sportpark Schouw
€
Accommodaties in relatie tot de groei
Club- en kleedgebouw tennis
Sport in de openbare ruimte (36.000 m²) Nieuw zwembad, 25 x 10 meter, inclusief voorzieningen
Accommodaties, kwaliteitsimpuls Verbeteren functionaliteit gymzalen
€
660.000
2027
Realiseren clubgebouw en berging tafeltennis
€
953.000
2027
Turnhal (35 x 24 meter), als onderdeel van De Rietlanden
€ 3.400.000 € 6.100.000
2028
PM
2030
Herstructurering sportpark Langezand, inclusief verplaatsing honken softbal en real life gaming naar Langezand Verduurzaming Verduurzaming De Rietlanden, inclusief turnzaal
€
930.000
2025 – 2028
Verduurzaming De Koploper
€ 8.293.000
2025 – 2028
90
10.5
Aandachtspunten
BTW De investeringsramingen zijn inclusief BTW opgesteld. Op dit moment wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden en randvoorwaarden om Sportbedrijf Lelystad BTW belast te laten exploiteren. Als daar mogelijkheden toe zijn, kunnen delen van de BTW op de investeringen en de duurzaamheidsmaatregelen teruggevorderd worden. Ook de SPUK biedt mogelijkheden. In de ramingen is hier nog geen rekening mee gehouden. Wijze van financiering: verantwoordelijkheidsverdeling Bij de investeringsramingen zijn we er vooralsnog van uit gegaan dat investeringen in de sporttechnische infrastructuur voor rekening van de gemeente Lelystad zijn en dat de (nieuwe) accommodaties in beheer van Sportbedrijf Lelystad gegeven worden. Aandachtspunten daarbij zijn: Op basis van het huidige beleid zijn investeringen in clubgebouwen voor rekening van de vereniging. Dit is ook landelijk het meest voorkomende beeld. Daarnaast zijn investeringen, instandhouding en exploitatie van tennis- en padelvoorzieningen landelijk gezien vrijwel altijd voor rekening van de vereniging. Dit geldt ook in Lelystad. Bij een nieuw sportcomplex in ZuiderC wordt uitgegaan van realisatie van een voetbalcomplex, tennis- en padelbanen en een jeu de boules complex (buiten- en binnenbanen). Bij gedwongen verplaatsingen van verenigingen heeft de gemeente in het verleden wel bijdragen in de kosten gedaan (‘nieuw voor oud’).
Bij de uitwerking van de invulling van het sportpark moeten nadere afspraken met verenigingen gemaakt worden in hoeverre de gemeente bijdragen moet doen in de investeringen van de verenigingen. Bij de realisatie van club- en kleedaccommodaties op ZuiderC kan gekeken worden in hoeverre efficiency te behalen is als clubgebouwen van verenigingen gecombineerd worden. Op sportpark Schouw is voetbalvereniging Unicum eigenaar van de kleedkamers. We gaan er derhalve van uit dat extra kleedkamers (en teamlockers) voor rekening van de vereniging komen. De verenigingen die kleedruimten huren van Sportbedrijf Lelystad betalen daar een kostendekkende huur voor. Bij de kosten voor verduurzaming (energiescans voor De Rietlanden en De Koploper) is primair gekeken naar de benodigde investeringen. Een deel van de investeringen kan mogelijk gedaan worden in combinatie met groot onderhoud en/of vervangingsinvesteringen. Het is derhalve mogelijk dat een deel van de dekking gevonden kan worden binnen het vervangingsplan en/of het MJOP van beide accommodaties. Herstructurering van sportparken Voor de verdere ontwikkeling van onder meer de sportparken zijn opties benoemd voor herstructurering van sportparken.
Die opties hebben vooral betrekking op het verder versterken van de kwaliteit van sportparken, het creëren van extra ruimte voor sportfuncties en/of het vrijspelen van ruimte op (monofunctionele) sportparken. De genoemde opties kunnen derhalve vooral gezien worden als een kwaliteitsimpuls voor de sport en de inwoner van Lelystad. Voor de vraag – aanbod verhouding van de sportaccommodaties zijn deze investeringen niet per se noodzakelijk. Om de investeringskosten te beperken en vooral de noodzakelijke kosten in beeld te brengen, zijn deze opties nog niet uitgewerkt in investeringsramingen.
91
92
Bijlage 1
Geraadpleegde documenten
Gemeente Lelystad Sport- en beweegvisie 2023 – 2030 Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2019 – 2034 Kadernota en Actieplan Duurzaamheid 2021 – 2024 Concept Speelruimtebeleid 2024 – 2030 (Herijking) Sport- en vitaliteitsakkoord 2023 t/m 2026 Raadsakkoord 2022 – 2026 Lelystad Next Level Omgevingsvisie Lelystad 2040 Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs 2016 Lelystad in Zicht (lelystadinzicht.nl) Leerlingenprognose 2024 – 2043 Monitor plancapaciteit, woningbouwprogrammering Lelystad Warande 2.0, Nota van uitgangspunten KISS rapportage NOC*NSF 2021, Gemeente Lelystad Planning vervangende nieuwbouw gymzalen Primair Onderwijs, gemeente Lelystad Diverse raadsvoorstellen en -besluiten gemeente Lelystad Voorbeeld afwegingskader sportaccommodaties Sportbedrijf Lelystad Overzicht van verenigingen en gebruikers sportaccommodaties Locaties, functionaliteiten en plattegronden binnensportaccommodaties Bezettingsroosters binnensportaccommodaties Meerjaren onderhoudsplannen De Koploper en de Rietlanden Locaties, functionaliteiten en plattegronden buitensportaccommodaties Beleidsnotitie buitensport 2009 Meerjaren onderhoudsplannen kleed- en clubgebouwen (voor zover eigendom van Sportbedrijf Lelystad) Meerjaren onderhoudsplannen buitensport renovatie en groot onderhoud Overzicht sportvoorzieningen in de openbare ruimte Overzicht tarieven sportaccommodaties Oppervlakten sportparken in
ha en zwemzalen Voorstel luchthal Startnotitie toekomst Sportpark Doggersbank Landelijke rapporten, websites en publicaties Human Capital Model, Kenniscentrum Sport & Bewegen Allesoversport.nl, Kenniscentrum Sport & Bewegen Sport Toekomst Verkenning, RIVM en SCP Sportgedrag in Nederland 2023, NOC*NSF Factsheet ouderen in de sportvereniging, Mulier Instituut De Nederlandse sporteconomie 2019, CBS SROI van sport en bewegen (in Lelystad), Rebel en Mulier Instituut Brancherapport Zo sport Nederland 2021/2022, NOC*NSF Factsheet sportdeelname naar leeftijd, Mulier Instituut Dubbelspel: over instrumentalisering van de sportvereniging, Promotieonderzoek Maikel Waardenburg Brancherapport Sport, Sportaccommodaties in Nederland, Mulier Instituut Monitor Sportakkoord Sport verenigt Nederland, Mulier Instituut Biind, platform voor de fysieke leefomgeving Sportakkoord II, Brede regeling Combinatiefuncties, GALA en Brede SPUK, Vereniging Sport en Gemeenten (VSG) 93
Waarom professionaliseren, Nevobo kenniscentrum Motie Schoolzwemmen Verordening onderwijshuisvesting, Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) Handboek huisvesting bewegingsonderwijs, KVLO Beweegbox.nl Athleticskillsmodel.nl Nijha.nl Zo benut je de openbare ruimte beter voor sport en bewegen – Allesoversport.nl Brancherapport Sport en bewegen in de openbare ruimte, Mulier Instituut SamenSpeelakkoord 2019 Kansen op sportieve groei? Een verklarend model van sportdeelname, SCP Buurtatlas: Gezondheid per buurt, wijk en gemeente, RIVM Richtlijnen bezetting, NOC*NSF en VNG Normen en richtlijnen sportbonden (diverse sportbonden) Ledenaantallen sportbonden 2023, NOC*NSF Atlas – Atlas Beweegvriendelijke omgeving, Kenniscentrum Sport en Bewegen
94
Bijlage 2
Gesprekspartners
Gemeente Lelystad ambtelijk projectleider IHP Sport beleidsadviseur Sport beleidsadviseur Ruimtelijke Ordening beleidsadviseur Onderwijshuisvesting controller, team planning en control projectmanager Vastgoedontwikkeling en Beheer portefeuillehouder Sport Sportbedrijf Lelystad manager Bedrijfsvoering directeur projectleider Buitensport bestuurs- en directiesecretaresse Sportplatform Lelystad voorzitter sportplatform lid sportplatform Porteum (sectie bewegingsonderwijs) vakdocent bewegingsonderwijs vakdocent bewegingsonderwijs Raadscommissie Maatschappij, gemeente Lelystad Diverse raadsleden Projectteam ZuiderC Bijeenkomst sportverenigingen (3 april 2024) vertegenwoordigers van 46 verenigingen
95
Bijlage 3
Infographic sport en bewegen in Lelystad
96
Maatschappelijke waarde van sport en bewegen Hoe verhoudt Lelystad zich tot de rest van het land?
Lokaal
Landelijk
SROI 3,16 2,76 Omgevings/beleidsindicatoren
Sport- en beweegcijfers
Baten sport & bewegen (als 10% meer gaat bewegen)
€7.779.592
Gezondheidsindicatoren
Kerncijfers Lelystad
Hoogopgeleiden
Besteedbaar inkomen
Lokaal Landelijk
Lokaal Landelijk
Lokaal
Gemiddeld aantal sportaccommodaties Gemiddelde afstand tot sporthal
18,8
2,2 km
Score beweegvriendelijke omgeving
68
Nabijheid van voorzieningen
48
27,8% 36,6%
Landelijk
21,5
1,6 km
65 63
Sportaccommodaties
44
Recreatief groen en blauw
84
62
Speelplekken
97
80
Uitgaven gemeente sport en bewegen per inwoner
€ 74,3
€ 46.200 € 49.400
58
Grijze druk
Lokaal Landelijk
Lokaal Landelijk
Lokaal
Ervaren goede gezondheid
Ernstig overgewicht
Stress 18 - 64 jaar
65+
Jongeren met psychische klachten
23,4% 14,4%
Stedelijkheid 30,9%
21,5%
24,5% 27,9%
70,0%
15,7%
20,6% 24,8%
7,3%
12,9%
29,3%
27,4%
€ 91,7
Lokaal Landelijk
34,1%
Landelijk
65,8%
Matig n.v.t.
Lokaal
Landelijk
Beweegrichtlijnen
45,8%
47,5%
18 - 64 jaar
48,1%
50,3%
65+
38,5%
38,9%
Wekelijkse sporters
50,0%
53,6%
Sportbondleden
18,1%
24,0%
0 - 9 jaar
11,8%
20,0%
10 - 24 jaar
33,2%
42,0%
25 - 44 jaar
14,1%
22,0%
45 - 64 jaar
16,6%
21,0%
65+
14,7%
16,0%
Wielrennen
1,0%
1,8%
Fitness
30,0%
23,8%
Sportief wandelen
4,0%
4,3%
Hardlopen
9,0%
10,0%
Fietsgebruik
22,3%
26,3%
Ongeorganiseerde sporten
Deze indicatoren zijn geselecteerd op basis van beschikbare gegevens voor alle gemeenten. De gezondheidsindicatoren zijn geselecteerd wanneer bekend is dat sport en bewegen hier effect op kan hebben (zie Human Capital Model). Ontbrekende gegevens worden aangegeven met ‘-’.
Toelichting Kerncijfers
Niet-westerse migranten
Opbrengsten sport en bewegen (2022)
Hoogopgeleiden (2022)
Score beweegvriendelijke omgeving (2022)
Jongeren met psychische klachten (2021)
Het percentage personen in een gemeente waarbij het
De indicator beweegvriendelijke omgeving gaat van 0 tot 100
Percentage jongeren uit het tweede en vierde leerjaar van
beweegrichtlijnen hier wél aan zouden voldoen, dit jaarlijks gemiddeld leidt tot X euro
hoogst behaalde onderwijsniveau het hbo of wo is.
en laat zien in hoeverre de openbare ruimte mogelijkheden
het voortgezet onderwijs dat psychische klachten heeft
aan maatschappelijke opbrengsten over de hele levensloop van deze groep.
biedt voor mensen om te sporten en te bewegen. De
volgens de Mental Health Inventory 5.
Het getoonde bedrag geeft aan dat zodra 10% van de mensen die niet voldoen aan de
Besteedbaar inkomen (2021)
veronderstelling is dat een beweegvriendelijke omgeving (dus
Berekening opbrengsten sport en bewegen
Gemiddeld besteedbaar inkomen van particuliere
een hogere score) het beweeggedrag positief beïnvloedt.
• Er is gekeken naar het aantal personen dat nu niet aan de beweegrichtlijnen voldoet
huishoudens excl. studenten.
Sport- en beweegcijfers
(in 3 groepen: 5-24 jaar, 25-54 jaar en 55+) en hier is 10% van genomen.
• De indicator bestaat uit vier deelindicatoren, klik hier voor
Niet-westerse migranten (2022)
Beweegrichtlijnen (2022)
meer uitleg. Bij de deelindicator sport- en speelplekken
Percentage personen dat minstens 150 minuten matig
bewegen uit het rapport ‘De sociaaleconomische waarde van sport en bewegen’.
Het percentage personen met een niet-westerse
ontbreken vaak data om deze indicator nauwkeurig te bere-
intensief beweegt per week en minimaal twee keer per week
Deze waarden zijn geïndexeerd naar de waarde in 2022.
migratieachtergrond in de gemeente.
kenen. Bij een score onder <10 is daarom aangegeven dat
bot- en/of spierversterkende oefeningen doet. Voor ouderen
• Vervolgens zijn deze bedragen omgerekend naar jaarlijkse opbrengsten op basis van
de gegevens ontbreken. Lees hier wat je moet doen om een
horen hier ook balansoefeningen bij. Lees hier meer over de
een discontovoet van 2,25% en een gemiddelde resterende levensverwachting van
nauwkeurig cijfer te krijgen.
beweegrichtlijnen.
68 jaar (voor de 5-24 jarigen), 43,6 jaar (voor de 25-54 jarigen) en 18,4 jaar (voor de
Grijze druk (2022)
55-99 jarigen) (uitgaande van een gemiddelde levensverwachting van 81,5 jaar) en bij
De verhouding tussen het aantal personen van 65 jaar of ouder ten opzichte van de personen in de zogenaamde ‘productieve’ leeftijdsgroep van 20 tot 65 jaar.
• Dit is vermenigvuldigd met de gemiddelde sociaaleconomische waarde van sport en
Uitgaven gemeente sport en bewegen per inwoner (2022)
Wekelijkse sporters (2022)
elkaar opgeteld.
Percentage personen dat minstens één keer per week sport.
Gemeentelijke uitgaven aan sportbeleid, -activering en
Let op
Stedelijkheid (2022)
-accommodaties per inwoner. Dit betreft een bewerking van
Sportbondleden (2022)
De mate van stedelijkheid bestaat uit vijf categorieën van
Rebel en het Mulier Instituut t.b.v. de SROI-berekening. De
Percentage personen met één of meer lidmaatschappen bij
dus een indicatie. Lees het artikel ‘Wat is de sociaaleconomische waarde van sporten
niet stedelijk tot zeer sterk stedelijk en is gebaseerd op het
bedragen komen daarom niet overeen met de bedragen uit
een sportbond.
en bewegen’ voor meer informatie.
aantal adressen per vierkante kilometer.
de Monitor sportuitgaven gemeenten 2022.
Omgevings-/beleidsindicatoren
Gezondheidsindicatoren
• Het getoonde bedrag is tot stand gekomen op basis van enkele aannames en betreft
• Het is niet reëel om te verwachten dat deze winst direct in jaar één volledig zichtbaar wordt.
Ongeorganiseerde sporten (2022)
• De opbrengsten van sport en bewegen zijn gebaseerd op een landelijk gemiddelde en
Percentage volwassenen (18 jaar en ouder) dat hardloopt,
teruggerekend naar gemeentelijke aantallen. Het risico op afwijken van het bedrag is
Ervaren goede gezondheid (2022)
wielrent, wandelt of fitnesst. Voor het landelijk percentage is
groter bij kleinere gemeenten.
Deze indicator geeft het aantal recreatieve
Percentage personen vanaf 18 jaar dat ‘goed’ of ‘zeer goed’
het gemiddelde van de gemeenten genomen.
sportaccommodaties per 10.000 inwoners weer. Er is
antwoordt op de vraag naar algemene gezondheidstoestand.
Gemiddeld aantal sportaccommodaties (2022)
rekening gehouden met de verschillen in de diversiteit en capaciteit van de accommodaties.
Ernstig overgewicht (2022) Percentage personen vanaf 18 jaar met een BMI van 30 of hoger.
Gemiddelde afstand tot sporthal (2020)
Fietsgebruik (2015-2019)
SROI (2022) De SROI, Social Return On Investment, is het verhoudingsgetal tussen maatschappelijke
Percentage personen dat een gewone fiets gebruikt bij een
kosten en opbrengsten. Het geeft aan hoeveel hoger de maatschappelijke opbrengsten
afstand van minder dan 7,5 km. Het betreft verplaatsingen
zijn dan de kosten. Een SROI boven de 1 betekent dat er sprake is van maatschappelijke
per fiets waarin de gemeente als vertrekplaats is aangemerkt.
meerwaarde. Deze cijfers zijn berekend door Rebel en het Mulier Instituut in 2022 en
De gemiddelde afstand in kilometers via de weg, van
Stress (2022)
Cijfers van gemeenten die na 2019 zijn gefuseerd, zijn
in 2024 door het Kenniscentrum Sport & Bewegen geüpdatet met de cijfers uit 2022.
inwoners van een gemeente of in Nederland als geheel,
Percentage personen vanaf 18 jaar dat afgelopen vier weken
niet in dit overzicht opgenomen, of worden getoond in de
Lees het artikel ‘SROI van sport en bewegen: maatschappelijke opbrengsten zijn 2,76
naar de dichtstbijzijnde sporthal.
(heel) veel stress heeft ervaren.
samenstelling zoals dat het geval was in 2019.
keer zo hoog als de kosten’ voor de toelichting van de SROI van sport en bewegen. Deze SROI is gebaseerd op de kosten en de beweegrichtlijnen van 2022. Hier vind je het document dat de aanpassingen toelicht.
© Januari 2024, Kenniscentrum Sport & Bewegen, Utrecht
Bijlage 4 Gymzaal
Specificaties gymzalen Bouwjaar
Nieuwbouw
Adres
Maatvoering
1
Bingerden
2008
Bingerden 41-82
lengte 21
2
De Borg
2005
Pauwenburg 2
24
12,7
5,5
305
3
Gondel
1978
Gondel 26-27
21
12
5,5
252
4
Jol
1979
Jol 24-56
21
12
5,5
252
5
Karveel 1
1976
Karveel 38-20
21
12
6
252
6
Karveel 2
2006
Karveel 38-20
21
12
5,5
252
7
Kempenaar
1975
Kempenaar 15-04
21
12
6
252
8
Kennemerland
2002
Kennemerland 21
21
12
5,5
252
9
Kofschip 1
1974-1979
Kofschip 10
21
12
6
252
10
Kofschip 2
1974-1979
Kofschip 10
21
12
6
252
11
Kofschip 3
1974-1979
Kofschip 10
21
12
6
252
12
Kofschip 4
1974-1979
Kofschip 10
21
12
6
252
13
Lelystad -Haven
1983
Binnendijk 98
20
10
5,4
200
14
MFA Atol Plaza
2010
Atol 1 - 19
24,5
13
5,5
319
15
MFA Zuiderzee
2014
Waddenlaan 1
24,5
13
5,5
319
16
Punter
1977
Punter 18-01
21
12
5,5
252
17
Schouw-Noord
1976
Schouw 12-05
21
12
5,5
252
18
Schouw-Zuid
1977
Schouw 19-05
21
12
5,5
252
19
Volkerakstraat
1987
Volkerakstraat 30
21
12
5,5
252
20
Voorhof
1975
Voorhof 2
21
12
5,9
252
21
Voorstraat
1975
Voorstraat 501
20
10
5,3
200
22
Warande (1)
2016
Haagwinde 2
24
13
5,5
312
23
Wold
1979
Wold 18-28
21
12
5,5
252
24
Gymzaal Botter
gesloopt
2024
24
13
5,5
312
25
Gymzaal Tjalk
gesloopt
2025
24
13
5,5
312
2025
2025
breedte 12
hoogte 5,5
oppervlakte 252
97
Bijlage 5
Duurzaamheidsscan De Rietlanden
98
Energiescan
Sportcentrum De Rietlanden Sportbedrijf Lelystad 15 mei 2024