BL Nota van Bevindingen Samen Lelystad Oost
Tekst van het document
Maar wat is het gemeentelijk deel? En hoe ziet de rol van de raad daarbij tot nu toe eruit?
Controlerende rol Het programma is in een beginfase. De monitoring wordt nog opgezet. De monitoring zal cijfers bevatten. Landelijk zijn er gegevens beschikbaar per wijk. Ook houdt Lelystad cijfers bij voor de programmalijnen. Een belangrijke vraag is hoe om te gaan met kwalitatieve informatie. Hoe bijvoorbeeld inzicht te krijgen in beantwoorden van de vragen als ‘hoe vinden bewoners dat het gaat?’
Kaderstellende rol De keuze voor het gebied Lelystad Oost en het doel van het programma is in eerste aanzet landelijk, in overleg met het college, gemaakt. Deze keuze is
38
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
De raad heeft zijn controlerende rol voor het programma nog niet kunnen vormgeven. Deze fase van ontwikkeling van de wijze waarop de resultaten van het programma gevolgd gaan worden is de aangewezen fase om na te denken over wat de raad gedurende het programma wil weten. De raad krijgt de monitoringsinformatie als die er is. De raad zou ook actief input kunnen geven. Een gesprek hierover is nog niet geagendeerd.
In de eerste plaats is het van belang dat er een gedegen structuur wordt ontwikkeld voor het informeren van de raad. Opties daarvoor zijn: • twee keer per jaar een rapportage over Samen Lelystad Oost (vooruitkijkend en terugkijken) • een informatieavond over deze rapportage, met de programmadirecteur en eventueel ook alliantiepartners. Een dergelijke avond kan ook in de wijken plaatsvinden. • zowel in de begroting als in de jaarstukken een paragraaf Samen Lelystad Oost opnemen, zodat inzichtelijk is welke bedragen in welk begrotingsprogramma er zijn opgenomen voor Samen Lelystad Oost. • op een raadsnota standaard een vakje opgenomen of er een link is met Samen Lelystad Oost of niet, en zo ja, welke link dat is. • aan de hand van stukken (vorige bullet) expliciet bespreken wat regulier beleid is en wat aanvullend voor Lelystad Oost. Welk beleid en middelen zijn wenselijk voor Lelystad Oost? En wat betekent dat voor de andere wijken?
Kaderstellende en controlerend rol voor de financiën De raad heeft ook de kaderstellende en controlerende rol voor de financien. De raad krijgt voorstellen voor cofinanciering voorgelegd. Alle informatie in de begroting is opgenomen, zoals het minimaal moet. Er is geen overzicht in bijvoorbeeld de geldstromen voor het programma, die via de gemeente lopen. De reden hiervoor is dat de gemeente daarvoor de kassiersfunctie heeft. Het gaat om specifieke uitkeringen van het rijk, die het college aanvraagt bij het rijk voor het programma en vervolgens aan het rijk verantwoordt. Dit betekent dat de middelen op meerdere plekken in de begroting en jaarstukken staan. Deze middelen zijn vaak ook niet afzonderlijk zichtbaar, omdat ze een onderdeel van een programma (taakveld in Lelystad) zijn. Door deze werkwijze is het inzicht van de raad in het gemeentelijk deel van het programma is moeilijk te krijgen.
In de tweede plaats is het van belang dat raadsleden met elkaar bespreken hoe ze hun rol zien en hoe ze die gaan invullen. Zo kan de raad: • vragen om een werksessie met wethouder en ambtenaren om proactief te bespreken welke informatie de raad belangrijk vindt om het programma te volgen. Het kan dan gaan om: o prioriteiten van de raad. Welke indicatoren vindt de raad het belangrijkste? o hoe inzichtelijk te krijgen welke groepen bewoners zijn betrokken en welke nog niet. o hoe te weten of het echt beter gaat met bewoners? • nadenken over hoe raadsleden in de toekomst betrokken willen zijn. Is er bijvoorbeeld behoefte aan een tussentijdse reflectie op het programma rond de verkiezingen? zodat de nieuwe raad kan bijsturen? Wat is nodig aan informatie voor de overdracht aan een nieuwe raad?
Volksvertegenwoordigende rol De raad heeft ook de volksvertegenwoordigende rol. Hier is aandacht voor doordat de raad het stimuleert dat er bewonersparticipatie is bij beleidskeuzen. Daarnaast nemen individuele raadsleden deel aan bewonersavonden in Lelystad Oost en laten ze zich op andere manieren informeren. Er is geen structuur voor bewonersparticipatie en de rol van de raad daarbij in het programma.
8.2 Opties verder ontwikkelen betrokkenheid raad
Zowel het programma Samen Lelystad Oost als de rol van de raad daarbij zijn in een beginfase. Wat zijn mogelijkheden om de rol van de raad voor Lelystad Oost verder te ontwikkelen?
In de derde plaats is een bredere uitwisseling van ervaringen mogelijk. Een van de onderdelen van het NPLV waar enthousiasme over is bij geïnterviewden in Lelystad en andere focusgebieden van dit startonderzoek, zijn de landelijke bijeenkomsten van bijvoorbeeld de burgemeesters, de coordinerend wethouders, de programmamanagers preventie met gezag of de
39
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
programmamanagers van het volkshuisvestingsfonds. Deelnemers aan deze bijeenkomsten vinden het prettig om uit te wisselen hoe het gaat. Wat speelt overal? En wat is typisch voor de eigen gemeente? En hoe pakken ze elders een bepaald vraagstuk aan? Dit kan ook voor raadsleden zinvol zijn. Dit kan bijvoorbeeld door een (jaarlijkse) landelijke bijeenkomst. Het kan ook door bij een raad van een ander focusgebied op bezoek te gaan.
40
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Bijlagen
41
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Bijlage 1. Verbijzondering onderzoeksvragen vergelijkend onderzoek rekenkamers
Wat betreft de financiën: 11. Welke landelijke geldstromen zijn er voor het programma? Voor welke periode lopen deze geldstromen? 12. Hoe zitten de financien van het programma in elkaar? Wat betekent dit voor de gemeentefinancien? 13. Welke documenten krijgt de raad? Hoe is het programma herkenbaar in de begroting en andere P&C-documenten? 14. Wat is dan de rol van de raad bij de financien?
Wat betreft het landelijke programma: 1. Wat zijn de beleidsmatige en financiele uitgangspunten van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV)? In welke mate zijn deze al opgenomen in lopende programma’s van de rijksoverheid (bv de regiodeals), wat is nieuw/toegevoegd en wat moet nog nader ontwikkeld/gespecificeerd worden? 2. In welke mate en op welke manier zijn de doelstellingen/programma’s van de lokale stedelijke vernieuwingsprogramma’s verbonden met de landelijke doelstellingen en landelijke programma’s?
Wat betreft de monitoring en onderzoek: 15. Welke monitoring/onderzoek is er op dit moment door het rijk voorzien, met welke focus en voor welke (groepen van) bewoners en stakeholders? 16. Welke monitoring/onderzoek wordt gedaan door het programma zelf? 17. Wat is het doel van de monitoring/onderzoek? 18. Wat vindt de raad belangrijk voor het volgen van het programma? Welke informatie vindt de raad nodig om de eigen rol goed te kunnen vervullen?
Wat betreft de lokale programma’s: 3. Wat is de lokale opgave en op welke wijze zijn deze opgaven onderling vergelijkbaar? 4. Wat zijn de lokale beleidsmatige uitgangspunten? 5. Welke thema’s en speerpunten staan centraal in de lokale programma’s, Wat betreft de organisatie: 6. Wie zijn betrokken in de alliantie? Hoe is het programmabureau dan wel de programmaorganisatie ingericht? 7. Wat is de (juridische) status en de positie van de alliantie? En van het programmabureau? 8. Op basis van welke afspraken wordt er gewerkt in de alliantie en het programmabureau? Wie heeft welke verantwoordelijkheden en aan wie wordt verantwoording afgelegd? 9. Wat is de rol van de gemeente? Is de afbakening van de rol van de gemeente en die van het programma duidelijk?
Wat betreft de governance: 19. Wat is de rol van de gemeenteraad, van het college van B en W, van de alliantie en van de rijksoverheid wat betreft de kaderstelling, de sturing en de controle op het programma? Hoe verhouden deze rollen zich ten opzichte van elkaar? 20. Hoe is de raad betrokken bij / geïnformeerd over het vaststellen van de beleidsmatige en financiele uitgangspunten? 21. Hoe wordt de raad geïnformeerd over de inhoudelijke en financiele voortgang van het programma? Is deze informatie adequaat om zijn controlerende rol te vervullen? 22. Is de raad zelf actief geweest om inzicht te krijgen in het programma en om zijn kaderstellende, sturende en controlerende rol in te vullen?
Wat betreft het betrekken van de doelgroep: 10. Op welke manier is de doelgroep betrokken? Hoe worden bewoners geïnformeerd over het programma? Hoe worden ideeen opgehaald bij bewoners? Hoe worden bewoners gestimuleerd actief te zijn het programma en eraan bij te dragen? Wat is de rol van de doelgroep in het alliantie-overleg?
Wat betreft vervolgonderzoek: 23. Welke onderwerpen/invalshoeken zijn interessant voor vervolgonderzoek(en) over dit langjarige programma voor de gemeenteraden?
42
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Bijlage 2. De drie programmalijnen in detail
opstellen van een voorstel voor het verbeteren van woningen in een Vereniging van Eigenaren (VvE) en voor investeringen in maatschappelijke voorzieningen. Zomer 2024 start de vierde tranche van het volkshuisvestingsfonds. Waarvoor dan kan worden ingeschreven, bijvoorbeeld of maatschappelijk vastgoed er wel of niet behoort en wat de voorwaarden zijn is nog niet bekend.
In deze bijlage zoomen we in op de drie programmalijnen. Dit doen we via de vragen: Waar gaat het over? Wat is afgesproken? Hoe is het georganiseerd? Wat is aan de raad voorgelegd? Hoe staat het met de uitvoering? Wat zijn de ervaringen? Op de middelen gaan we niet in, zie daarvoor hoofdstuk 6 ’bekostiging’.
Hoe is het georganiseerd? Met de middelen van het volkshuisvestingsfonds kan Lelystad particuliere eigenaren helpen het huis op te knappen. Een technische medewerker en Welzijn Lelystad gaan op bezoek bij huishoudens. De technische medewerker is van de gemeente Lelystad (bij een koopwoning) of van Centrada (bij een huurwoning). Daarna stelt de technische medewerker een plan op voor het huis, dat vervolgens wordt uitgevoerd. Naast het plan worden huiseigenaren ondersteund bij het vinden van een aannemer en de uitvoering van de werkzaamheden. Bovendien kunnen de eigenaren worden geholpen met een lening en subsidiemogelijkheden. Hierdoor wordt het voor meer eigenaren haalbaar om mee te kunnen doen. Bij de gesprekken sluit ook een medewerker van Welzijn Lelystad aan. Deze kan kijken of er andere problemen zijn. Fysiek en sociaal aspecten worden op deze manier verbonden.
B 2.1 Volkshuisvestingsfonds Waar gaat het over? Het volkshuisvestingsfonds zijn middelen van het rijk voor herstructurering van het slechtste deel van de (particuliere) woningvoorraad in de meest kwetsbare gebieden. Het rijk bepaalt de voorwaarden. In Lelystad Oost zijn vergeleken met andere stedelijke gebieden veel woningen in particulier eigendom. Hier is een aantal redenen voor. Een belangrijke reden is dat de woningcorporaties eind vorige eeuw veel woningen hebben verkocht om financiele redenen. Het gaat om circa 5.000 van de 13.000/14.000 in het gebied. Veel woningen in particulier eigendom kennen achterstallig onderhoud. Wat is afgesproken? Voor met name de problematiek van particuliere huiseigenaren met woningen met achterstallig onderhoud heeft Lelystad in 2021 een aanvraag ingediend voor de eerste tranche van het volkshuisvestingsfonds. De aanvraag voor de eerste tranche heeft als doelen: • verbetering woningen (van particulieren): circa 700 woningen • inponden (dat is het verwerven van woningen) met het doel van opknappen of vervangende nieuwbouw via Centrada; circa 40 woningen. • verbetering openbare ruimte. Het plan voor de eerste tranche volkshuisvestingsfonds voor Lelystad Oost is goedgekeurd door het rijk. Het plan wordt uitgevoerd. Hier is tien jaar de tijd voor. Ook is de gemeente verplicht om 30% cofinanciering bij te dragen (zie hoofdstuk 6).
Ook voor de tweede tranche van het volkshuisvestingsfonds (najaar 2023) heeft Lelystad een aanvraag ingediend. Deze heeft Lelystad niet gekregen, omdat de cofinanciering niet aan de voorwaarden voldeed. Bij de derde tranche (voorjaar 2023) is er een herkansing. Lelystad is bezig met het
Wat is aan de raad voorgelegd? Zomer 2021 is informatienota 179 ter kennis neming gestuurd naar de raad. De informatienota en bijhorende bijlagen stonden op de lijst van de raadsvergadering van 22 juni 2021. De raad werd geïnformeerd over de aanvraag van het college voor de eerste tranche van het volkshuisvestingsfonds. Tijdens de begrotingsbehandeling in november 2021 is de cofinanciering, die een voorwaarde is voor het verkrijgen en behouden van de rijksmiddelen, besproken. Daarbij is amendement 6d ingediend, waarbij € 6 miljoen van de reserve ontwikkeling stad (ROS) wordt gereserveerd voor de cofinanciering van het volkshuisvestingsfonds. Dit is minder dan de verplichte 30% cofinanciering. In de commissie Ruimte Beheer, Energie en Duurzaamheid van 4 april 2023 is een presentatie gegeven over het volkshuisvestingsfonds. In de raadsvergadering van 25 april 2023 zijn enkele uitgangspunten voorgelegd ter besluitvorming. Het ging om uitgangspunten en een subsidieverordening
43
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
die nodig zijn voor de woningverbetering van particuliere eigenaren (eerste tranche volkshuisvestingsfonds) mogelijk te maken. De raad heeft de aanvraag gekregen voor de tweede tranche van het volkshuisvestingsfonds. Ook is de raad bericht over de afwijzing van deze aanvraag door het rijk.
stappen te zetten zijn, terwijl het onzeker is of er in de toekomst middelen beschikbaar zijn. B 2.2 School en omgeving Waar gaat het over? De regeling school en omgeving maakt het mogelijk middelen aan te vragen voor activiteiten buiten school voor kinderen op het primair onderwijs en voortgezet onderwijs. Het doel hiervan is kort samengevat dat kinderen hun talenten kunnen ontwikkelen en dat ouders meer ruimte hebben voor werk of andere activiteiten. De kansenongelijkheid tussen kinderen moet door ‘school en omgeving’ afnemen.
In de commissie Ruimte Beheer, Energie en Duurzaamheid van 5 maart 2024 en vervolgens de raadsvergadering van 26 maart 2024 is de cofinanciering van de derde tranche volkshuisvestingsfonds, samen met de nog ontbrekende cofinanciering van de eerste tranche aan de raad voorgelegd. De raad heeft ingestemd de middelen voor de cofinanciering te reserveren (zie verder hoofdstuk 6).
Wat is afgesproken? Het rijk subsidieert school en omgeving. Scholen kunnen middelen aanvragen. Voor 2023 hebben de scholen dat gedaan. Het ging om een totaalbedrag voor de scholen dat via de penvoerder kon worden aangevraagd. De scholen voor het primair onderwijs in Lelystad hebben de middelen aangevraagd met een plan om 760 kinderen te bereiken. Voor 2024 tot en met zomer 2025 konden weer middelen worden aangevraagd door scholen. Bij deze tranche moeten de individuele scholen de middelen aanvragen. Het subsidiebedrag wordt per school bepaald. Scholen zijn verdeeld in A, B en C scholen, afhankelijk van achterstanden. De verantwoording is ook per school. Niet alle scholen in Lelystad Oost die geld hebben aangevraagd hebben ook middelen voor school en omgeving gekregen; twee scholen zijn eruit gevallen.
Hoe staat het met de uitvoering? De uitvoering van de eerste tranche is gestart in 2023. Om tot uitvoering over te kunnen gaan moest eerst de verordening worden aangepast en processen worden uitgelijnd. Ook is er gewerkt aan een manier om een verbintenis aan te gaan met een aannemer/aannemers, waardoor de woningeigenaren een contract kunnen sluiten met een betrouwbare aannemer die kwaliteit levert en waar de gemeente op kan sturen, terwijl de particuliere huiseigenaren de opdrachtgever blijven. Voor het inponden door Centrada moest eerst van alles worden geregeld. Vooral omdat de gemeente de middelen van het rijk krijgt en deze doorgeeft – via een subsidie – aan Centrada. Lelystad moest eerst uitzoeken hoe dit juridisch correct moest gebeuren. Om de openbare ruimte te verbeteren, is het belangrijk om met alle betrokkenen te bespreken hoe dit het beste kan worden gedaan. Het betrekken van bewoners is daarbij van belang. Dit is, begin 2024, nog in een beginfase. Het traject hiervoor is eind 2023 gestart.
De regeling school en omgeving beperkt zich niet tot de focuswijken. In Lelystad West is ook een school voor primair onderwijs die een aanvraag kon doen. Deze school valt niet onder het programma Samen Lelystad Oost, maar kan wel de ervaring/opzet vanuit het programma benutten. Ondersteuning van de programmalijn school en omgeving is er alleen voor de scholen in Lelystad Oost. De reden hiervoor is dat het consortium voor het primair onderwijs (zie onder het kopje ‘hoe is het georganiseerd?’) een grotere organisatie niet werkbaar vindt.
Wat zijn de ervaringen? Het gaat bij de middelen voor het volkshuisvestingsfonds om een groot bedrag. Bij de eerste tranche gaat het om € 39,2 miljoen aan rijksmiddelen. Geïnterviewden zijn positief over de uitvoering van de eerste tranche, waarbij aandacht voor fysieke en sociale aspecten bij individuele huishoudens worden gecombineerd. De zorgpunten zijn vooral de tijd die het kost om de randvoorwaarden te regelen, zoals het staatssteundossier. Een ander zorgpunt is dat er nu weliswaar stappen gezet kunnen worden, maar dat er daarna nog veel
44
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
De subsidieregeling is er ook voor het voortgezet onderwijs. De drie scholen voor het voortgezet onderwijs in Lelystad maken ook gebruik van de regeling. We zoomen hier verder in op het PO.18
School en omgeving loopt dus niet via de gemeente. De raad heeft daarom geen afzonderlijke documenten over deze programmalijn gekregen. Hoe staat het met de uitvoering? Voorjaar 2023 is de uitvoering van de programmalijn school en omgeving voor het primair onderwijs gestart. In november 2023 waren 760 kinderen bereikt. In 2023 zijn in totaal ruim 1.000 kinderen bereikt. In 2023 was het aantal uren aanbod per kind geen indicator. In 2024 is dat wel een indicator.
Hoe is het georganiseerd? In Lelystad zijn drie grote stichtingen voor het primair onderwijs: schOOL: 19 scholen openbaar onderwijs, SCPO, acht scholen christelijk onderwijs en vijf scholen katholiek onderwijs (SKO; scholen in heel Flevoland). Daarnaast zijn er vijf kleine scholen. De Islamitische school (Al Ihsaan) en scholen met een specifieke denominatie (bijvoorbeeld de gereformeerd vrijgemaakt school).
Uitgangspunt van school en omgeving in Lelystad zijn de drie V’s: • Verrijken; dat kan via activiteiten van Kubus en het sportbedrijf • Verlengd leren (basisvaardigheden) • Verbinden; via welzijn-Lelystad Er zijn bijna 100 verschillende activiteiten, zoals padelles, drumles en zwemles. Er zijn ook activiteiten voor verlengde leertijd; het gaat dan bijvoorbeeld om taalles en rekenles. De activiteiten worden als een totaalpakket weggezet. Schoolzwemmen is bijvoorbeeld duurder dan de vergoeding per uur. Andere activiteiten zijn goedkoper. De basisvaardigheden zijn het moeilijkste in te vullen. Er zijn organisaties die een programma kunnen ontwikkelen. Deze organisaties hebben aangegeven dat onder schooltijd te kunnen doen. Dat is echter niet de opzet. De activiteiten zijn voor na schooltijd.
De drie grote stichtingen en de Islamitische school doen mee met school en omgeving. Voor school en omgeving is een consortium gevormd van het primair onderwijs (SCOP en schOOL), sportbedrijf, Kubus (cultureel centrum) en Welzijn Lelystad. Het aanbod van activiteiten in Lelystad Oost is voor alle kinderen; ook voor de scholen die geen middelen toegekend hebben gekregen door het rijk. Het voortgezet onderwijs werkt via een school gerichte aanpak. Enkele activiteiten worden overkoepelend en in de wijken georganiseerd. Wat is aan de raad voorgelegd? Focusgebieden kunnen ervoor kiezen de middelen voor school en omgeving onderdeel uit te laten maken van de regeling kansrijke wijk. De middelen lopen dan via de gemeente. In Lelystad is hier niet voor gekozen, omdat; • deze programmalijn op afstand van het programma stond in 2023. De reden hiervoor is het ontbreken van het programmabureau in 2023 (zie paragraaf 4.2). De scholen voeren zelf deze programmalijn uit en betalen met de subsidie de programmamanager voor school en omgeving. • de deelnemers aan het consortium vinden de samenwerking met de vijf partners in het consortium werkbaar. Groter is niet werkbaar. Te meer ook omdat de activiteiten en het regelen ervan een extra taak is voor de scholen.
Ouders kunnen kinderen intekenen voor activiteiten. Daarmee wordt niet de hele doelgroep bereikt. Vanaf de tweede tranche (2024) wordt aanvullend gewerkt met een kinderbuurtwerker. Deze koppelt vraag en aanbod. Wat zijn de ervaringen tot nu toe? De scholen hebben de aanvraag ingediend, omdat de activiteiten van toegevoegde waarde zijn voor de kinderen en de ouders. De samenwerking in het consortium wordt als positief ervaren. Het commitment is groot.
18 We hebben om een interview met het voortgezet onderwijs gevraagd voor dit
startonderzoek. Het voortgezet onderwijs heeft dit interview afgezegd en niet gereageerd op het verzoek een nieuwe afspraak in te plannen.
45
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Er is een aantal aandachtspunten: • ten eerste is dat het aandachtspunt dat het om incidentele middelen gaat, weliswaar voor een aantal jaren op rij, maar er is geen zekerheid voor de toekomst. Ook wordt opgemerkt dat het om de zoveelste incidentele middelen gaat. 19 • ten tweede is dat de wijze waarop de aanvraag en verantwoording is opgezet door het rijk in 2024-2025. Dit is complexer dan in 2023, omdat het om een bedrag en aanvraag per school gaat. In tekstkader B1. hebben we opgenomen hoe de subsidie is opgebouwd. Wel gaat het in 2024-2025 om een iets langer lopende regeling; 1,5 jaar in plaats van een jaar. • ten derde gaat het om naschoolse activiteiten. De ambitie van de activiteiten is nog niet bepaald. Wat is de stip op de horizon voor deze activiteiten? Wat zijn de stappen daar naartoe? Hoe dit lang vol te houden? Deze vragen komen enerzijds voort uit de incidentele bekostiging die planning voor de langere termijn lastig maakt. Anderzijds lijkt het eruit voort te komen dat school en omgeving in Lelystad als iets afzonderlijks wordt gezien in plaats van een integraal onderdeel van het programma Samen Lelystad Oost. School en omgeving lijkt op afstand van het gemeentelijk beleid te staan, terwijl bijvoorbeeld onderwijsachterstandenbeleid, sportbeleid (stimulering sport en beweging) en cultuuraanbod voor jongeren tot het gemeentelijk beleid hoort.
• ten vierde geven de scholen aan zich zorgen te maken over het onderwijs in Lelystad. De scholen hebben een manifest 20 opgesteld met daarin drie knelpunten voor het primair onderwijs. Het gaat om de knelpunten voldoende goede leerkrachten, het ontzorgen van leerkrachten en de vernieuwing van de onderwijshuisvesting.
Tekstkader B1. Subsidie school en omgeving (2024 – half 2025) Vanaf 2024 moet per school een subsidie worden aangevraagd voor de regeling school en omgeving. Er zijn A, B en C scholen, afhankelijk van achterstanden. Een Aschool heeft de meeste kinderen met een onderwijsachterstand. • Een A -school krijgt het hoogste bedrag € 236 per kind per uur per week. Daarvoor moet minimaal 4 uur per week worden georganiseerd, en ieder volgend jaar een uur extra. • Een B-school krijgt € 118 per uur per kind per week. Daarvoor moeten 10 uur worden georganiseerd, maar er wordt verantwoord op 5 uur per week. • Een C-school komt niet in aanmerking voor de subsidie. De scholen werken samen voor school en omgeving en bieden de activiteiten per wijk aan. Alle kinderen uit de wijk mogen naar de activiteiten ongeacht hun school. De drie grote schoolstichtingen doen mee aan school en omgeving, evenals een van de kleinere scholen. De andere (drie) kleinere scholen kwamen niet in aanmerking, omdat twee van hen een categorie C-school zijn en dus te weinig kinderen hebben met een onderwijsachterstand. Een van de scholen kwam niet in aanmerking, omdat deze school nog te jong is en zich nog moet ‘bewijzen’. De VO-school voor praktijkonderwijs kwam wel in aanmerking en krijgt ook middelen.
B 2.3 Preventie met gezag Waar gaat het over? Preventie met gezag (Pmg) richt zich op preventie van crimineel gedrag van jongeren. Het doel is te komen tot een veiliger Lelystad Oost. De doelstelling van Pmg is: “Het plan is er op gericht te voorkomen dat jongeren en jongvolwassenen de georganiseerde (drugs)criminaliteit ingaan of hier verder in afglijden.” (p. 7 plan van aanpak, 2022). Preventie is een breed begrip en kan betrekking hebben op allerlei problematieken. De inzet is gericht op die thema's die een directe link hebben met het voorkomen van risicovol of crimineel gedrag. Bij Pmg wordt gekeken naar welke 20 Gezamenlijke besturen van Primair Onderwijs, Voortgezet Onderwijs, Kinderopvang
19 Eerdere incidentele subsidies waren: de NPO (nationaal programma onderwijs)
en MBO in Lelystad. manifest Onderwijs Lelystad, 2022, ‘NU investeren straks GROEIEN’, 9 maart 2023.
middelen vanwege Corona; het ging om het inhalen van onderwijs. En de GKA (gelijke kansen alliantie) middelen; die middelen waren voor een smaller doel, kleinschaliger en korter dan school en omgeving.
46
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
risicofactoren en beschermende factoren van invloed kunnen hebben op het ontstaan of juist wegblijven van crimineel gedrag.
Wat is aan de raad voorgelegd? De raad is geïnformeerd over Pmg. Voor de raadsvergadering van 22 november 2022 is een informatienota (no. 320) met het plan van aanpak Pmg aan de raad gestuurd (als a-stukken geagendeerd). De monitoring van de voortgang van Pmg is nog in de fase van opzetten. De raad zal over de monitoring worden geïnformeerd. Er zijn geen raadsvragen geweest over Pmg. Er zijn wel vragen geweest over jeugdcriminaliteit. De aanleiding hiervoor was met name een artikel in Trouw.21 De vragen hebben geleid tot een informatieavond met jongerenwerkers, omdat het jongerenwerk veel vragen vanuit de raad kreeg. De raad heeft via de programmabegroting 2023 cofinanciering beschikbaar gesteld van €400.000,- per jaar, zie verder hoofdstuk 6.
Wat is afgesproken? Pmg is een landelijke regeling waar de focusgebieden en acht andere gemeenten gebruik van kunnen maken. Het doel is om de ‘voedingsbodem’ voor criminaliteit weg te nemen door jongeren weerbaar te maken tegen criminaliteit of te voorkomen dat jongeren verder afglijden. De gemeente moet een aanvraag doen bij het rijk. De regeling is er voor tien jaar. Na vier jaar wordt de regeling geevalueerd door het rijk. Cofinanciering is een vereiste. Pmg is een onderdeel van de gebiedsaanpak Lelystad Oost en beperkt zich daarom tot Lelystad Oost. Ook in andere wijken zijn er uitdagingen. Onderdelen van Pmg kunnen ook voor andere wijken van toegevoegde waarde zijn. Bovendien is een aantal interventies van Pmg moeilijk te beperken tot alleen Lelystad Oost. Een voorbeeld is de groepsaanpak voor rondhangende jongeren. Bij deze aanpak is een onderscheid tussen jongeren uit Lelystad Oost of West niet mogelijk of zinvol.
Hoe staat het met de uitvoering? Eind 2022 heeft de gemeente Lelystad de beschikking voor het eerste jaar van Pmg ontvangen. In 2023 is het programma in uitvoering gegaan. Dit betekende dat het plan van aanpak voor de subsidieaanvraag verder moest worden uitgewerkt. Dit is met de partners gedaan en heeft geleid tot het Pmg programmaplan voor de periode 2023 tot en met 2025 en een uitvoeringsprogramma voor 2023. Het programmaplan bestaat uit diverse interventies. Enkele voorbeelden van interventies zijn: • kapot sterk. Dit is een lesprogramma voor versterking van de weerbaarheid van jongeren. Kapot sterk bestaat uit vijf lessen. Het wordt gegeven aan groep 8 (11-12 jarigen). Hiervoor is geen selectie, elke basisschool uit Lelystad-Oost mag meedoen. • inzet van jongerenwerkers in Lelystad Oost. De jongerenwerkers zijn er om op tijd in contact te komen met jongeren die zorgelijk gedrag laten zien, overlast veroorzaken of dreigen af te glijden in de criminaliteit. Lelystad had eerder al tot inzet van jongerenwerkers besloten. Door Pmg is het aantal jongerenwerkers verdubbeld. Deze extra jongerenwerkers richten zich hoofdzakelijk op jongeren uit Lelystad Oost. • de opdracht aan het jongerenwerk was eerst alleen ambulant. Er is nu vanuit Pmg een ontwikkeling naar ook fysieke plekken. Het gaat om een aantal locaties specifiek voor jongeren.
Hoe is het georganiseerd? De belangrijkste partners van Pmg zijn begin 2024: de gemeente Lelystad, de politie, het openbaar ministerie, welzijn Lelystad, Halt, Youth for Christ, Samen Sterk, het primair onderwijs in Lelystad Oost en het voortgezet onderwijs. De programmamanager Pmg is in dienst van de gemeente. Binnen de gemeente zijn de onderwerpen handhaving/boa’s, leerplicht, beleid jeugd, onderwijs en beleid veiligheid van belang voor Pmg. Pmg is verweven met het lokaal veiligheidsbeleid. Pmg is daarom ook opgenomen in het lokaal veiligheidsplan. Landelijk is er met enige regelmaat een digitale meeting van alle programmamanagers Pmg. Een keer per kwartaal is er een werkbezoek aan een van de focusgebieden. Ook komt er een leergang voor de programmamanagers.
21Trouw, De Top 400 is volgens burgemeester Halsema nog steeds ‘een sterk
instrument’ 18 november 2022.
47
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Een aantal van de interventies is nieuw. Een aantal is extra ten opzichte van al ingezet beleid, zoals de inzet van jongerenwerkers. Wat zijn de ervaringen? Ook voor deze programmalijn zijn de ervaringen positief in de zin dat er een positieve energie is bij de betrokken partijen. Verder is deze programmalijn nog in opbouw. De lerende aanpak, die landelijk is ingezet, wordt ervaren als een goede manier om het Pmg verder uit te bouwen. Er is ruimte om dingen uit te proberen. Een van de aandachtspunten bij het programma is de vraag of sommige activiteiten niet eigenlijk tot de basisinfrastructuur behoren.
48
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Bijlage 3. Kernindicatoren NPLV
(de Minister voor VRO rapporteert op basis van deze kernindicatoren aan de Tweede Kamer) Kernindicatoren actielijn 2 “We verbeteren slechte woningen en zorgen voor meer gemengde wijken”: o Leefbaarometer ‘woningvoorraad’ o Het aantal te herstructureren en geherstructureerde woningen o Het aantal nieuw te bouwen woningen o Samenstelling woningvoorraad o Woningen met energielabels E t/m G o Inzet sturingsinstrumentarium woningtoewijzing Kernindicatoren actielijn 3 “We zorgen dat meer bewoners kunnen meedoen in de samenleving”: o SES-WOA-score o Huishoudens onder sociaal minimum o Arbeidsparticipatie o Definitief schooladvies PO o Inwoners zonder startkwalificatie o Personen in schuldsanering o Gebruik WMO o Jongeren met jeugdzorg Kernindicatoren actielijn 4 “We investeren in de preventie van jeugdcriminaliteit en vergroten de weerbaarheid van jongeren”: o Leefbaarometer ‘overlast & onveiligheid’ o Aantal personen jonger dan 25 verdacht van een delict o Inwoners die ‘veel jeugdoverlast’ ervaren volgens de Veiligheidsmonitor
49
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Bijlage 4. Bronnen
Raadsvoorstel (24.044) Aanvraag 3e tranche volkshuisvestingsfonds incl. cofinanciering, en bijlagen, 30 januari 2024.
Documenten van de gemeente Lelystad
Raadsvoorstel (145) Investeringsfonds Lelystad Oost, 2 mei 2021.
Informatienota (179) Aanvraag bijdrage Volkshuisvestingsfonds, 19 mei 2021 en diverse bijlagen.
Raadsvoorstel (72) Kaders Integrale Gebiedsaanpak Lelystad Oost, 2021. Raadsvoorstel (57) Nota van uitgangspunten Woningverbetering LelystadOost, 14 maart 2023.
Informatienota (168) Integrale gebiedsaanpak Lelystad Oost in het kader van stedelijke vernieuwing, 2020.
Woonvisie 2022-2027, Lelystad, Een leven lang wonen in Lelystad, Versie 0803-2022.
Informatienota (252) Startplan Integrale Gebiedsaanpak Lelystad Oost, 2022. Jaarrekening 2022, 2023.
Overige documenten
Maatschappelijke agenda (2023).
15 Burgemeesters, 15 juni 2020, Brief aan het kabinet: Kom op voor de meest kwetsbare gebieden; urgente oproep 15 burgemeesters voor ondersteuning om tweedeling tegen te gaan.
Participatie, Beleidsvisie 2021’, vastgesteld 23 november 2021. Plan van aanpak Preventie met gezag, ‘Mijn toekomst bepaal ik zelf’, 30 september 2022.
Burgemeesters, 26 mei 2021, ‘Dicht de kloof’, artikel in het Algemeen Dagblad.
Presentatie raadssessie Integrale gebiedsaanpak Lelystad Oost (IGLO), op 1 december 2020 (datum presentatie 17 november 2020).
Gezamenlijke besturen van Primair Onderwijs, Voortgezet Onderwijs, Kinderopvang en MBO in Lelystad, Manifest Onderwijs Lelystad, 2022 NU investeren straks GROEIEN, aangeboden maart 2023.
Presentatie, Volkshuisvestingsfonds/Woningverbetering Lelystad-Oost, Van het verzoek tot aan de nota van uitgangspunten, Raadscommissie 4 april 2023.
Lelystad-Oost, Plan van aanpak, school en omgeving 2023-2025.
Preventie met gezag, programmaplan en uitvoeringsagenda 2023, 2023.
Lelystad-Oost, Programmaplan school en omgeving, tweede tranche.
Programmabegroting 2022, meerjarenraming 2023 – 2025, oktober 2021.
Metropool regio Amsterdam, Samenwerkingsafspraken Metropoolregio Amsterdam, 15 oktober 2021.
Programmabegroting 2023, meerjarenraming 2024 – 2026, oktober 2022.
Minister van BZK, brief van 22 februari 2019, aan de Tweede Kamer, kamerstukken II 2019-2020 32 847 nr. 470.
Programmabegroting 2024, meerjarenraming 2025 – 2027, oktober 2023. Raadsakkoord 2022 – 2026, 28 juni 2022.
50
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Minister van BZK, brief van 28 oktober 2019, aan de Tweede Kamer., kamerstukken II 2019-2020 30 995, no. 97.
Zicht op wijken: https://zichtopwijken.nl/dashboard/NL00/25
Minister van BZK, brief van 31 maart 2020, aan de Tweede Kamer, kamerstukken II 2019 – 2020 30995 nr. 98. Minister van VRO, brief van 4 juli 2022, aan de Tweede Kamer, kamerstukken II 2021-2022 30995 nr. 100. Minister van VRO, Nationaal programma leefbaarheid en veiligheid, juli 2022. Minister van VRO, Voortgang Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid brief van 12 juni 2023, aan de Tweede Kamer, kamerstukken II 2022-2023 30995 nr. 102. Rebel Group, Ex ante impactanalyse Lelystad-Oost, 8 januari 2021. Rigo Research en advies & Atlas voor gemeenten, ‘leefbaarheid in Nederland 2018’, Een analyse van de leefbaarheid 2016-2018 volgens de Leefbaarometer 2018. Samen Lelystad Oost, Presentatie raadsinformatiesessie Samen Lelystad Oost, 4 april 2023, commissie Ruimte Beheer, Energie & Duurzaamheid. Samen Lelystad Oost, Samen vooruit, gebiedsplan Samen Lelystad Oost. Trouw, De Top 400 is volgens burgemeester Halsema nog steeds ‘een sterk instrument’ 18 november 2022. Websites Leefbaarometer: https://www.leefbaarometer.nl/home.php Loket gezondheidsbeleid: https://www.loketgezondleven.nl/aanpakgezonde-gemeente/werk-samen/betrek-inwoners Platform 31: https://www.platform31.nl/over-platform31/
51
Startonderzoek Samen Lelystad Oost
Naar inhoudsopgave
Bijlage 5. Geïnterviewde personen en deelnemers sessie raadsleden Geïnterviewden naam
functie
Janine Romeijn Lars Wieringa Peter Winterman en Mascha Wouters
programmamanager Samen Lelystad Oost griffier programmamanager en programmasecretaris volkshuisvestingsfonds programmamanager school en omgeving ambtelijk opdrachtgever programmamanager preventie met gezag directeur-bestuurder Centrada directeur welzijn Lelystad coordinerend wethouder burgemeester controller sociaal domein controller fysiek domein programmadirecteur Samen Lelystad Oost bestuursvoorzitter SCPO
Eline de Vries Hinde Dijkhuis Hannah Oostendorp Martine Visser Marieke Voogt Annemieke Messelink Ineke Bakker Siska Berghuis Jasper Huzen Arie Slob Willem de Jager
Deelnemers sessie met raadsleden raadsleden
overige
Sandra Antonovich (fractie-assistent FvD) Jennifer Bergsma (Inwonerspartij) Pieter Frankema (CU) Jelle Hijmissen (CDA) Jonne Kortmann (PvdA) Roelien Renzema (PvdA) Bas de Reus (GroenLinks) Marten Tilstra (VVD) Jarno Volmer (CU)
Griffie Tamara Loosman (commissiegriffier) Lars Wieringa (griffier) Rekenkamer Lelystad Robert Douma (voorzitter rekenkamer) IdeeVersa (extern onderzoeker) Elma van de Mortel
52
Startonderzoek Samen Lelystad Oost