BL Kadernota 2025 - 2028 (versie vóór raadsbehandeling)
Tekst van het document
1. Veiligheid Totaal structurele baten en lasten begroting per taakveld
Baten
1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid Totaal cluster
100.784 109.511 210.295
Lasten 6.658.015 4.264.992 10.923.007
Beleidsvrijheid 3-4 3-5
Aanvullende informatie ten aanzien van ‘beïnvloedbare ruimte’ – cluster 1 De beleidsvrijheid binnen dit cluster wordt met een score van 3-5 ingeschat als beperkt. De helft van het beschikbare budget wordt ingezet als bijdrage aan de Veiligheidsregio. Veel beleidskeuzes worden in dat verplichte samenwerkingsverband gemaakt. Daarnaast heeft de gemeente een verscheidenheid van taken op het gebied van openbare orde en veiligheid, waarbij er enige vrijheid bestaat ten aanzien van de kwaliteit en intensiteit met name bij toezicht en handhaving. In termen van ‘beïnvloedbaarheid van het budget’ bestaan er – los van de vraag of dit wenselijk is – echter wel theoretische ombuigingsmogelijkheden. Zo kan er binnen de Veiligheidsregio nagedacht worden over het opleggen van een bezuinigingstaakstelling, maar dat kan niet eenzijdig door een individuele gemeente worden opgelegd. Wat verder nog resteert zijn diverse kleinere uitvoeringsbudgetten, die overlappen met de uitvoering van diverse wettelijke taken.
Kadernota 2025 – 2028
(versie vóór raadsbehandeling)
48
2. Verkeer, vervoer en waterstaat Totaal structurele baten en lasten begroting per taakveld
Baten
Lasten
2.1 Verkeer en vervoer 2.2 Parkeren 2.3 Recreatieve havens 2.5 Openbaar vervoer Totaal cluster
537.692 535.980 79.887 1.153.559
22.491.713 2.562.050 246.045 59.970 25.359.778
Beleidsvrijheid 7-9 8-10 8-10 6-8
Aanvullende informatie ten aanzien van ‘beïnvloedbare ruimte’ – cluster 2 De beleidsvrijheid binnen dit cluster wordt ingeschat als relatief hoog. Neem als voorbeeld het taakveld ‘2.1 Verkeer en vervoer’. Op basis van het onderzoek van de ROB scoort dit taakveld 7-9 op een schaal van 10, wat een grote mate van beleidsvrijheid betekent. Gemeenten hebben inderdaad veel keuzevrijheid daar waar het gaat om verkeerbeleid, verkeersmaatregelen en de aanleg / reconstructie van de verharde openbare ruimte. In termen van ‘beïnvloedbaarheid van het budget’ betekent dit echter niet dat er ook fors bezuinigd kan worden op de budgetten binnen dit cluster. Hoewel er dus sprake is van een relatief hoge beleidsvrijheid bestaat er op basis van de Wegenwet echter wel een onderhoudsplicht wanneer een weg of de openbare verlichting eenmaal is aangelegd. In termen van ‘beïnvloedbare ruimte’ betekent dit nogal wat, want het grootste deel van de €22 miljoen aan lasten binnen taakveld ‘2.1 Verkeer en vervoer’ betrekking heeft op het uit te voeren dagelijks- en het groot onderhoud. Zonder structuuringrepen is het theoretisch gezien lastig om hierop te bezuinigen, aangezien de infrastructuur duurzaam in stand moet worden gehouden op het moment dat het er eenmaal ligt.
In de praktijk kan er ook voor gekozen worden om geen structuuringrepen te doen en toch te bezuinigen op het onderhoud, maar dat heeft dan wel consequenties voor de beeldkwaliteit en veiligheid. Daarnaast heeft de gemeente een relatief hoge beleidsvrijheid op het vlak van parkeren, maar de mogelijkheden om het budget te beïnvloeden zijn dan weer vrij beperkt. Een aanzienlijk deel van de lasten heeft betrekking op kapitaallasten van de (reeds aangelegde) parkeervoorzieningen en op de instandhouding en exploitatie ervan. Er zijn – los van de vraag of dit wenselijk is – echter wel theoretische ombuigingsmogelijkheden binnen dit cluster. Zo zou het onderhoudsniveau in het centrum naar beneden toe bijgesteld kunnen worden, maar moet er vooral richting de toekomst kritisch worden nagedacht over het duurzaam in standhouden van nieuw te realiseren wijken. Bij de uitwerking van toekomstige ambities moet daarom meer aandacht komen voor de structurele beheer- en onderhoudslasten. Verder kan er nog gekeken worden naar zaken als openbare verlichting, gladheidbestrijding en dergelijke.
3. Economie Totaal structurele baten en lasten begroting per taakveld
Baten
3.1 Economische ontwikkeling 3.3 Bedr.loket en bedr.regelingen 3.4 Economische promotie Totaal cluster
25.299 289.426 300.000 614.725
Lasten 792.942 599.896 1.165.726 2.558.564
Beleidsvrijheid 9-10 9-10 9-10
Aanvullende informatie ten aanzien van ‘beïnvloedbare ruimte’ – cluster 3 De beleidsvrijheid binnen dit cluster wordt ingeschat als hoog. De inzet op economische ontwikkeling en – promotie is een autonome taak en wordt niet door wet- en regelgeving voorgeschreven. In termen van ‘beïnvloedbaarheid van het budget’ zijn er – los van de vraag of dit wenselijk is – diverse theoretische ombuigingsmogelijkheden. Het is echter wel van belang om hier eerst goed naar de achterliggende budgetten te kijken. Zo heeft de helft van bovenstaand bedrag bijvoorbeeld al betrekking op personele inzet; van de beleidsfuncties op economie en economische samenwerking, van de inzet op het gebied van evenementen tot aan de uitvoering van vrije tijdseconomie, en van acquisitie tot het faciliteren van de lokale markt. Een deel van de middelen aan zowel de baten- alsook de lastenkant houdt verband met de BIZ Larserpoort en worden opgehaald bij de ondernemers en vervolgens door verstrekt. Ook het budget voor woonmarketing is niet direct beïnvloedbaar, in die zin dat deze middelen afkomstig zijn vanuit
Kadernota 2025 – 2028
(versie vóór raadsbehandeling)
49
een bijdrage van woningbouwers per verkochte woning en dat daar alleen maar mogelijkheden liggen wanneer de partners daar onverkort mee instemmen. Er zijn daarnaast nog een beperkt aantal uitvoeringsbudgetten. Denk aan het structurele budget voor de ondersteuning van evenementen, de positionering van het Stadshart, het versterken van de Agrarische sector, en het uitvoeringsbudget op het vlak van vrijetijdseconomie. Daarnaast gaat het om zaken als de jaarlijkse bijdrage aan de MRA en de exploitatie van de markten en het ondernemersplein.
4. Onderwijs Totaal structurele baten en lasten begroting per taakveld
Baten
Lasten
4.2 Onderwijshuisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken Totaal cluster
2.678.909 146.000 2.824.909
14.868.754 4.232.744 19.101.498
Beleidsvrijheid 3-4 3-4
Aanvullende informatie ten aanzien van ‘beïnvloedbare ruimte’ – cluster 4 De beleidsvrijheid binnen dit cluster wordt ingeschat als beperkt. De gemeente heeft te maken met diverse wettelijke verplichting als het gaat om onderwijshuisvesting, of onderwijsachterstandenbeleid leerplicht en voortijdig schoolverlaten. In termen van ‘beïnvloedbaarheid van het budget’ zijn er – los van de vraag of dit wenselijk is – diverse theoretische ombuigingsmogelijkheden. Het is echter wel zo dat een aanzienlijk deel van het budget binnen taakveld ‘4.2 Onderwijshuisvesting’ vast ligt in de vorm van kapitaallasten en kosten voor de instandhouding en exploitatie van schoolgebouwen, gymzalen en MFA’s. De beïnvloedbaarheid van het budget zit in uit te voeren renovatie en nieuwbouw in de toekomst en dan met name wat betreft de daarbij te hanteren kwaliteitseisen, bijvoorbeeld wat betreft duurzaamheid. Daarnaast liggen er keuzemogelijkheden op het vlak van de Lokaal Educatieve Agenda, de financiering van onderwijsvernieuwing in het beroepsonderwijs, passend en inclusief onderwijs, Lelytalent en loopbaanoriëntatie jongeren.
5. Sport, cultuur en recreatie Totaal structurele baten en lasten begroting per taakveld
Baten
5.1 Sportbeleid en activering 5.2 Sportaccommodaties 5.3 Cultuurpresentatie, prod.partic. 5.6 Media 5.7 Openbaar groen en recreatie Totaal cluster
293.040 247.133 540.173
Lasten 435.715 4.868.222 5.762.257 2.679.570 11.631.205 25.376.969
Beleidsvrijheid 9 9 9 8-9 7-10
Aanvullende informatie ten aanzien van ‘beïnvloedbare ruimte’ – cluster 5 De beleidsvrijheid binnen dit cluster wordt ingeschat als hoog. De inzet op sport, cultuur en recreatie is een autonome taak en wordt niet door wet- en regelgeving voorgeschreven. Binnen de taakvelden ‘5.6 Media’ en ‘5.7 ‘Openbaar groen en recreatie’ is er echter wel sprake van wet- en regelgeving. In termen van ‘beïnvloedbaarheid van het budget’ zijn er – los van de vraag of dit wenselijk is – diverse theoretische ombuigingsmogelijkheden. Het is bijvoorbeeld niet verplicht voor de gemeente om een theater, poppodium of een zwembad te hebben, maar dat zijn de fundamentelere discussies. Het is echter wel van belang om bij de uitwerking van ombuigingsmogelijkheden de financiële positie van deze gesubsidieerde instellingen in het achterhoofd te houden. Het toepassen van een kaasschaaf is niet zonder meer mogelijk in alle gevallen, ook gezien het feit dat diverse instellingen in de financiële problemen zijn gekomen in het verleden. Het gaat hier dan specifiek om het maken van keuzes. Los van de hierboven beschreven (meer fundamentele) keuzemogelijkheden liggen er op onderdelen nog meer keuzes. Het gaat dan om zaken als het wijkbudget cultuur, diverse subsidieregelingen op het vlak van sport en cultuur, investeringsbudget bestaande wijken, speelvoorzieningen, natuurbeheer en de bestrijding van invasieve exoten.
Kadernota 2025 – 2028
(versie vóór raadsbehandeling)
50
Een aanzienlijk deel van het budget binnen taakveld ‘5.7 Openbaar groen en recreatie’ heeft betrekking op het beheer- en onderhoud van het openbaar groen. Ook het groot onderhoud aan zware beschoeiingen, damwanden en steigers binnen het gemeentelijk eigendom valt maakt onderdeel uit van dit taakveld. Net zoals bij taakveld ‘2.1 Verkeer en vervoer’ geldt dat in zijn algemeenheid eenmaal aangelegde voorzieningen in stand moeten worden gehouden.
6. Sociaal domein Totaal structurele baten en lasten begroting per taakveld
Baten
Lasten
6.1 Samenkracht en burgerparticip. 6.2 Toegans en eerstelijnsvoorzieni. 6.3 Inkomensregelingen 6.4 WSW en beschut werk 6.5 Arbeidsparticipatie 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 6.71a Hulp bij het huishouden (WMO) 6.71b Begeleiding (WMO) 6.71c Dagbesteding (WMO) 6.71d Ov maatwerkarrangementen(WMO) 6.72a Jeugdhulp begeleiding 6.72b Jeugdhulp behandeling 6.72c Jeugdhulp dagbesteding 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf -ov 6.73a Pleegzorg 6.73b Gezinsgericht 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugd behandeling GGZ z verbli 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ verbl 6.74c Gesloten plaatsing 6.81a Beschermd wonen (WMO) 6.82a Jeugdbescherming 6.82b Jeugdreclassering Totaal cluster
41.476.997 100.000 1.470.000 -
10.201.691 8.271.756 53.900.040 7.122.201 7.355.167 6.678.698 8.529.462 5.969.612 2.744.244 1.457.691 2.355.624 2.406.401 4.289.672 2.710.520 3.138.784 4.080.417 7.729.450 7.351.587 2.720.280 104.626 363.657 3.034.158 418.505 152.934.243
43.046.997
Beleidsvrijheid 2-3 3-4 1-3 2-3 2-4 4 3-4 3-4 3-4 3-4 3-4 3-4 3-4 3-4 2-4 2-4 2-4 3-4 3-4 3-4 3-4 2-3 2-3
Aanvullende informatie ten aanzien van ‘beïnvloedbare ruimte’ – cluster 6 De beleidsvrijheid binnen dit cluster wordt ingeschat als beperkt. Dit cluster omvat qua budget bijna de helft van de gemeentebegroting en de taakvelden zijn zeer uiteenlopend van karakter. Bij sommige taakvelden is er op onderdelen in het geheel geen sprake van beleidsvrijheid. Denk aan de verstrekking van uitkeringen in het kader van de Participatiewet, als onderdeel van taakveld ‘6.3 Inkomensregelingen’. In termen van ‘beïnvloedbaarheid van het budget’ zijn er – los van de vraag of dit wenselijk is – diverse theoretische ombuigingsmogelijkheden: Het taakveld ‘6.1 Samenkracht en burgerparticipatie’ is een verzameltaakveld met een verscheidenheid aan activiteiten. Uiteenlopend van inburgering tot buurthuizen van welzijnswerk tot preventieve jeugdwerkers, van vrijwilligerswerk tot aan mantelzorg. De beleidsvrijheid heeft een score van 2-3 gekregen, maar in de praktijk gaat het veelal om taken die liggen in de preventieve sfeer, waarbij de wettelijke voorschriften voor de uitvoering soms specifiek staan beschreven en in andere gevallen meer ruimte laten voor interpretatie. Er bestaan op diverse onderdelen keuzemogelijkheden, waarbij de consequenties goed in beeld gebracht moeten worden. De taakvelden ‘6.2, 6.72, 6.73, 6.74 en 6.82’ hebben betrekking op de uitvoering van de Jeugdhulp.
Er wordt op dit moment gewerkt aan een knoppenplan, op basis waarvan keuzes gemaakt zullen worden teneinde de in de begroting opgenomen budgetten naar beneden toe bij te kunnen stellen. De taakvelden ‘6.3, 6.4 en 6.5’ hebben betrekking op de uitvoering van de Participatiewet. De beïnvloedbaarheid van de budgetten binnen deze taakvelden is niet eenduidig te bepalen en verschilt van activiteit tot activiteit. Een aanzienlijk deel van de budgetten is niet beïnvloedbaar als gevolg van wet- en regelgeving (met name daar waar het gaat over de uitvoering van de sociale werkvoorziening en de bijstandsuitkeringen die worden verstrekt in het kader van de Participatiewet). Er zijn echter
Kadernota 2025 – 2028
(versie vóór raadsbehandeling)
51
wel keuzemogelijkheden, maar daarbij moet steeds goed gekeken worden naar de consequenties. Zo kan het zijn dat een vermindering van de inzet op de toeleiding naar werk zorgt voor een hogere instroom in de uitkeringen. Of kan een ombuiging binnen het preventieve armoedebeleid ervoor zorgen dat mensen eerder in de schulden raken, met grotere problemen (en kosten voor de gemeente) als gevolg. De taakvelden ‘6.2, 6.6, 6.71, 6,81’ hebben betrekking op de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning. De beïnvloedbaarheid van de budgetten zit met name in een versobering van het voorzieningenniveau – voor zover dit binnen de diverse onderdelen wettelijk gezien mogelijk is. Er moet uiteraard rekening gehouden worden met reeds afgesloten contracten, maar dat zijn elementen die in volgende aanbestedingen eventueel meegenomen kunnen worden. Tegelijkertijd is dit een begrotingsonderdeel dat op begrotingsbasis reeds ieder jaar toeneemt als gevolg van het toenemend aantal ouderen (in theorie zou dit effect opgevangen moeten worden door de volume indexatie die gemeenten ontvangen via de algemene uitkering, maar zoals bekend is ook die afspraak ter discussie gesteld door het inmiddels demissionaire kabinet).
7. Volksgezondheid en milieu Totaal structurele baten en lasten begroting per taakveld
Baten
Lasten
7.1 Volksgezondheid 7.2 Riolering 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen en crematoria Totaal cluster
8.311.964 14.313.227 400.674 23.025.865
4.831.657 6.612.235 11.267.226 4.993.803 315.345 28.020.266
Beleidsvrijheid 3-5 4-5 4-5 5 6-8
Aanvullende informatie ten aanzien van ‘beïnvloedbare ruimte’ – cluster 7 De beleidsvrijheid binnen dit cluster wordt ingeschat als beperkt tot redelijk en varieert van taakveld tot taakveld. In termen van ‘beïnvloedbaarheid van het budget’ zijn er – los van de vraag of dit wenselijk is – diverse theoretische ombuigingsmogelijkheden. Het is echter wel van belang om bij taakvelden ‘7.2 Riolering’ en ‘7.3 Afval’ de maximale kostendekkendheid van de riool- en afvalstoffenheffing in rekenschap te nemen. Op dit moment zijn beide taakvelden – na toerekening van indirecte kosten en overhead – 100% kostendekkend. Dit betekent dat het eventueel inboeken van een ombuiging (waarmee de kosten dus worden verlaagd) per saldo niet resulteert in een verbetering van het begrotingssaldo (de inkomsten uit de heffing dienen in dat geval dan namelijk met een dienovereenkomstig bedrag naar beneden toe bijgesteld te worden). Ook bij taakveld ‘7.5 Begraafplaatsen en crematoria’ bestaat er een verband tussen de lasten en de baten (het beheer en onderhoud van de begraafplaats aan de ene kant, versus de grafleges). De beïnvloedbaarheid van het budget binnen taakveld ‘7.1 Volksgezondheid’ moet van onderdeel tot onderdeel bekeken worden. Zo’n 75% van het budget gaat richting de GGD en Icare, waarbij veel wettelijke uitvoeringstaken zijn belegd.
Ook op het gebied van Jeugdgezondheidszorg en infectieziekte bestrijding liggen er diverse wettelijke verplichtingen waaraan invulling wordt gegeven. De beïnvloedbaarheid binnen dit taakveld ligt veelal in de preventieve sfeer. Denk aan de inzet op verslavingszorg, mentale gezondheid, gezonde leefomgeving en het initiatief ‘Rookvrije generatie’. De beïnvloedbaarheid van het budget binnen taakveld ‘7.4 Milieubeheer’ moet eveneens van onderdeel tot onderdeel bekeken worden. Een deel van het budget gaat richting de Omgevingsdienst OFGV, voor uitvoering van het wettelijke toezicht, handhaving en vergunningverlening op het gebied van milieu en bodem. Verder wordt er binnen dit taakveld uitvoering gegeven aan de wettelijke taken op het gebied van de energietransitie. De keuzemogelijkheden binnen dit taakveld hebben betrekking op zaken als de inzet op asbestdaken, energiebeleid en de participatie bij de warmtetransitie.
Kadernota 2025 – 2028
(versie vóór raadsbehandeling)
52
8. Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Totaal structurele baten en lasten begroting per taakveld
Baten
Lasten
8.1 Ruimtelijke ordening 8.3 Wonen en bouwen Totaal cluster
-50.000 1.840.000 1.790.000
3.108.404 3.302.726 6.411.130
Beleidsvrijheid 6-8 7-9
Aanvullende informatie ten aanzien van ‘beïnvloedbare ruimte’ – cluster 8 De beleidsvrijheid binnen dit cluster wordt ingeschat als aanzienlijk tot hoog. Hoewel het beleid moet passen binnen provinciaal en landelijk beleid bestaat er bij de invulling van de ruimtelijke ordening bij uitstek ruimte voor eigen beleidskeuzes. In termen van ‘beïnvloedbaarheid van het budget’ moet echter wel bedacht worden dat nagenoeg het volledige budget binnen taakveld ‘8.1 Ruimtelijke ordening’ bestaat uit personele inzet (van het opstellen van bestemmingsplannen tot stedenbouwkundigen en projectmanagers die werken aan de ontwikkeling van de stad). Wat betreft het taakveld ‘8.3 Wonen en bouwen’ geldt dat er voor wat betreft de baten gaat om de inkomsten uit verstrekte omgevingsvergunningen. In de laatste jaren is er sprake van forse voordelige jaarrekeningresultaten als gevolg van een aantal grote bouwprojecten. In de zoektocht naar ombuigingsmogelijkheden moet kritisch gekeken worden naar wat er redelijkerwijs in structurele zin aan inkomsten op dit vlak verwacht mag worden. Wat betreft de lasten zit bijna 80% van het budget in personele inzet (van uitvoering van de wettelijke taken op het gebied van de Wabo, waaronder alles op het gebied van de omgevingsvergunningen tot aan uitvoering van het gemeentelijk woonbeleid).
Kadernota 2025 – 2028
(versie vóór raadsbehandeling)
53