CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

BL Bestemmingsplan Groot Nooten toelichting

Raadsvergadering 26 september 2023, gemeente LelystadBij agendapunt: 190. Bestemmingsplan Warande - Groot Nooten21.262 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

1

Bestemmingsplan Warande - Groot Nooten Opdrachtgever Gemeente Lelystad Versiebeheer Concept ontwerp 1 september 2022 Ontwerp t.b.v. tervisielegging 7 maart 2023 Vastgesteld Opdrachtnemer Axon Adviseurs bv

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

2

Inhoudsopgave TOELICHTING 1.

2.

3.

4.

INLEIDING ........................................................................................................................................ 1 1.1

Ligging en begrenzing plangebied ........................................................................................... 1

1.2

Vigerend bestemmingsplan..................................................................................................... 2

1.3

Procedure ................................................................................................................................ 3

1.4

Leeswijzer ................................................................................................................................ 3

OMSCHRIJVING PLAN ...................................................................................................................... 4 2.1

Huidige ruimtelijke situatie ..................................................................................................... 4

2.2

Stedenbouwkundige hoofdopzet ............................................................................................ 4

2.3

Stedenbouwkundig plan .......................................................................................................... 4

2.4

Parkeernormen...................................................................................................................... 21

2.4

Duurzaamheid ....................................................................................................................... 22

2.5

Welstand en beeldkwaliteit................................................................................................... 22

BELEIDSKADER ............................................................................................................................... 24 3.1

Rijk ......................................................................................................................................... 24

3.2

Provincie ................................................................................................................................ 25

3.3

Gemeente .............................................................................................................................. 26

OMGEVINGSASPECTEN ................................................................................................................. 28 4.1

Milieueffectrapportage ......................................................................................................... 28

4.2

Verkeer .................................................................................................................................. 28

4.3

Geluid .................................................................................................................................... 28

4.4

Luchtkwaliteit ........................................................................................................................ 29

4.5

Stikstof ................................................................................................................................... 30

4.6

Bodem ................................................................................................................................... 30

4.7

Milieuzonering....................................................................................................................... 31

4.8

Externe Veiligheid.................................................................................................................. 31

4.9

Trillingshinder ........................................................................................................................ 32

4.10

Water ..................................................................................................................................... 33

4.11

Archeologie en cultuurhistorie .............................................................................................. 40

4.12

Ecologie ................................................................................................................................. 41

4.13

Kabels en leidingen................................................................................................................ 43

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

3

5.

6.

7.

PLANBESCHRIJVING ....................................................................................................................... 44 5.1

Algemeen............................................................................................................................... 44

5.2

Toelichting op de bestemmingen .......................................................................................... 44

UITVOERBAARHEID........................................................................................................................ 47 6.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid ....................................................................................... 47

6.2

Economische uitvoerbaarheid ............................................................................................... 48

EINDCONCLUSIE ............................................................................................................................ 49

BIJLAGEN BIJ TOELICHTING Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6

Beeldregieplan Akoestisch onderzoek Uitgangspunten watertoets Oeverprofiel Quickscan natuurtoets Reactienota Overleg 3.1.1. Bro

50

1.

INLEIDING

Warande is een van de grotere uitbreidingswijken van Lelystad. In eerste instantie is voorzien in een uitbreiding van 3.500 à 4.000 woningen. Ten behoeve de uitbreiding heeft de gemeente de stedenbouwkundige opzet voor de wijk neergelegd in 'Warande, Ontwikkelingsplan voor Lelystad-Zuid' (2003), waarna in 2010 'Warande 2.0 herzien ontwikkelingsplan 2009' werd vastgesteld. In deze plannen is de opzet voor de wijk globaal aangegeven, omdat de realisatie over een lange periode is voorzien. Voor het grootste deel van dit gebied geldt een uit te werken bestemming. Inmiddels is volgens het Ontwikkelingsplan 2009 in de woningbouwplannen voorzien in 10.000 woningen. Op het plangebied is het Uitwerkingsplan Deelgebied 1, Warande van toepassing. De gronden zijn bestemd voor wonen, in samenhang met de uitoefening van aan-huisverbonden beroepen en/of kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten. Het plangebied Groot Nooten is onderdeel van deelplan 3 en heeft een omvang van ruim 12 hectare. Voor dit plangebied is een gedeeltelijke herziening van het geldende regime aan de orde, omdat inmiddels de ontwikkeling van het gebied om een andere stedenbouwkundige benadering vraagt. De samenstelling van de woningtypen is veranderd. Ook is een nieuw beeldregieplan opgesteld.

Omdat deze wijzigingen niet binnen de regels van het uitwerkingsplan gelden, is een nieuw bestemmingsplan voor dit plangebied opgesteld. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin.

1.1 Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied in Warande. De ligging en de begrenzing van het plangebied voor Groot Nooten zijn op onderstaande figuren 1 en 2 weergegeven.

Figuur 1: Ligging van het plangebied in Lelystad

De woonbuurt wordt begrensd door de Torenvalktocht, Wederiklaan, Zilverschoonlaan en de Zonnedauwlaan. Groot Nooten vormt samen met het naastgelegen Klein Nooten het gebied De Nooten. bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

1

Figuur 2: Plangrens van het plangebied Groot Nooten. Bron: PDOK

1.2 Vigerend bestemmingsplan De ontwikkeling van woongebied Groot Nooten is juridisch-planologisch geregeld binnen het Uitwerkingsplan Deelgebied 1, Warande (Figuur 3). Het Uitwerkingsplan is gebaseerd op het moederplan bestemmingsplan Warande, fase 1. Het Uitwerkingsplan is echter niet geschikt als adequate regeling voor de realisatie van het woongebied.

Figuur 3: Fragment Uitwerkingsplan Deelgebied 1 Warande. Bron: ruimtelijke plannen

Een nieuw bestemmingsplan voor dit gebied is nodig, omdat het huidige globaal opgezette Uitwerkingsplan onvoldoende borging en sturing geeft aan de beoogde ruimtelijke kwaliteit. bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

2

Het gaat hierbij onder andere om de woningtypologieën, de parkeernormen, de afstanden tussen woningen en de bouwmogelijkheden in de achtertuin. Ook gelden voor het plangebied de volgende bestemmingsplannen: Parapluplan Algemene regels woningsplitsing en kamerbewoning Lelystad (onherroepelijk 22 september 2020); Voorbereidingsbesluit Geitenhouderijen Flevoland (30 januari 2019); Parapluplan Algemene regels tankstations Lelystad (onherroepelijk 26 januari 2021); Lelystad luchthavencontouren (ontwerp 18 mei 2017). Dit plan bevat de volgende aanduidingen: ▪ Gebiedsaanduiding vrijwaringszone – luchtvaart 2 ▪ Maatvoering: Hoogte vrijwaringszone luchtvaart 2: 120 m ▪ Gebiedsaanduiding milieuzone vogelaantrekkende werking De regels van het Parapluplan Algemene regels woningsplitsing en kamerbewoning Lelystad zijn in het bestemmingsplan Warande - Groot Nooten verwerkt. De overige 3 bestemmingsplannen leggen geen beperkingen op voor de ontwikkeling van Groot Nooten.

1.3 Procedure De wijziging van het bestemmingsplan voor dit plangebied wordt mogelijk gemaakt door middel van het voorliggende nieuwe bestemmingsplan (artikel 3.1 Wet ruimtelijke ordening, Wro).

1.4 Leeswijzer Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving gegeven van de huidige situatie, de gewenste ontwikkelingen en ruimtelijke inpassing daarvan. In hoofdstuk 3 worden de uitgangspunten getoetst aan het, voor het project relevante, beleid op de verschillende niveaus. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de omgevingsaspecten. Vervolgens geeft hoofdstuk 5 een toelichting op het juridische gedeelte van het bestemmingsplan: de regels en de verbeelding (kaart). De maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid van plan is in hoofdstuk 6 gegeven. Tot slot geeft hoofdstuk 7 een beknopte samenvatting en conclusie.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

3

2.

OMSCHRIJVING PLAN

2.1

Huidige ruimtelijke situatie

De wijk Warande ligt op de overgang van stad naar natuur, en van land naar water: de stad: de Landstrekenwijk, de Campus en het bedrijventerrein Flevopoort; de natuur: de Oostvaardersplassen en de Hollandse Hout; het land: de landbouw (ten zuiden en oosten); het water: het Markermeer. Onderdeel van deze wijk is het plangebied Groot Nooten. Het plangebied is op dit moment onbebouwd en heeft een oppervlakte van 12 hectare. Het ligt tussen het Elzenpark en het toekomstige Esdoornpark in en grenst aan de Torenvalktocht. In dit gebied is ruimte voor de bouw van circa 290 woningen.

2.2

Stedenbouwkundige hoofdopzet

De stedenbouwkundige hoofdopzet van Groot Nooten bestaat uit de volgende bouwstenen (figuur 4): -

een oost-west georiënteerde groene verbindingszone die beide parken verbindt; een hoofdfietsroute, die voor een goede verbinding zorgt met het Wijkplein en het stadshart; van noordwest naar zuidoost gerichte woonstraten, die overal in het plangebied voor een goede zichtbaarheid en beleving van de Torenvalktocht zorgen; een belangrijke voetgangersroute langs het park Het Waterschip.

Figuur 4: stedenbouwkundige hoofdopzet Groot Nooten

2.3

Stedenbouwkundig plan

De stedenbouwkundige hoofdopzet voor het plangebied Groot Nooten is uitgewerkt in een stedenbouwkundig plan (figuur 5). Deze wordt hierna toegelicht.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

4

Figuur 5: Stedenbouwkundig plan. NB: Deze afbeelding heeft geen juridische status. De definitieve inrichting kan van deze afbeelding afwijken.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

5

2.3.1 Groen- en waterstructuur Aan weerszijden van het plangebied Groot Nooten bevinden zich parkbossen, het Elzenpark en het toekomstige Esdoornpark. Deze parkbossen worden met elkaar verbonden via een groene verbindingszone met een klimaatadaptief karakter. De groene verbindingszone vormt het hart van Groot Nooten. Aan de noordwestzijde van het plangebied ligt park Het Waterschip. Belangrijk is dat met het stedenbouwkundig ontwerp van Groot Nooten aansluiting wordt gezocht met de naastgelegen Pijlkruidstraat en Het Waterschip. Op deze manier ontstaat een goede aanhaking tussen Groot Nooten en de woningen in deelplan 1. De Torenvalktocht is de meest in het oog springende openbare ruimte. De nieuwe straten in Groot Nooten zijn in noord-zuidrichting haaks op de Torenvalktocht geprojecteerd. Hiermee ontstaan vizieren (zichtlijnen) vanaf de Zilverschoonlaan en wordt in het hele plangebied de kwaliteit van het water zichtbaar en voelbaar. 2.3.2 Verkeerstructuur en parkeren Groot Nooten wordt ontsloten via de Wederiklaan, de Zilverschoonlaan, de Zonnedauwlaan en de Orchideeënlaan. De woningen in het plangebied zijn bereikbaar via woonstraten. De woonstraten slingeren in noord zuidrichting tussen de woonblokken door. De parkeerstroken zijn langs de woonstraten en aan de rand van de centrale groenzone geprojecteerd.

In de straten waar de rijenwoningen zijn gepland, wordt in het straatprofiel met voldoende parkeerstroken rekening gehouden. Het profiel van de woonstraat houdt rekening met een ruime doorwortelbare ruimte voor bomen, zodat er betere groeiomstandigheden voor de bomen ontstaan. De rijweg voldoet aan de nieuwe verkeerskundige eisen. De woonstraten met langsparkeren krijgen een breedte van 10,30 meter. Bij deze breedte is het mogelijk om goede heestervakken met bomen te creëren. Dit draagt bij aan een aantrekkelijke woonomgeving en is bovendien klimaat-adaptief. De straat kan dan meer water bergen en er is meer schaduw. In het plangebied wordt tevens een hoofdfietsroute opgenomen, zodat bewoners een goede fietsverbinding krijgen richting het Wijkplein met alle basisvoorzieningen en richting het stadshart van Lelystad. Deze hoofdfietsroute ligt in de centraal gelegen groene verbindingszone. 2.3.3 Bebouwingsstructuur De woningen aan de drie lanen worden met de voorzijde aan de lanen georiënteerd. De vrijstaande woningen aan de Torenvalktocht worden met de achtertuinen op de Torenvalktocht georiënteerd. De woningen bestaan maximaal uit twee bouwlagen met een kap. Woningtypen In Groot Nooten worden maximaal 290 woningen gerealiseerd. Het betreffen woningen in zowel de koop- als sociale huursector.

In 2018 heeft het college in de jaarafspraken met Centrada 40 sociale woningen aan Warande deelplan 3 toegevoegd. Deze woningen zijn deels (14 stuks) aan het naastgelegen gebied Klein Nooten toegevoegd en de rest (26 stuks) is aan het programma van Groot Nooten toegevoegd.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

19

De woningtypen variëren van rijenwoningen, twee-onder-éénkapwoningen tot vrijstaande woningen. Grofweg is de samenstelling als volgt (tabel 1): Typologie Aantal Rijwoningen, sociale huur 66 woningen Rijwoningen, koop 60 woningen 2-1 kapwoningen, diverse prijsklassen 114 woningen Particuliere bouwkavels 50 woningen Totaal 290 woningen Tabel 1: indicatie samenstelling woningtypen Groot Nooten

Het programma is ten opzichte van het vorig plan gewijzigd. Argumenten daarvoor zijn: • Uitwisseling programma: door eerdere uitwisselingen in het programma binnen deelgebied 1 van de buurten, zoals Olmenkwartier, Buizerdweg en Klein Nooten was er ophoping ontstaan aan particuliere kavels in Groot Nooten. • Marktvraag: De laatste jaren is er vraag naar een mix aan woningen, zoals rijwoningen, twee-onder-éénkapwoningen en meer projectmatige bouw. De laatste 1,5 jaar zijn ook de particuliere kavels weer meer in trek. Het nieuwe programma maakt deze mix mogelijk en sluit dus goed aan bij de marktvraag. • Versnelling: door een mix van typologieën van projectmatige bouw toe te voegen kunnen we sneller bouwen in dit gebied. Dit is belangrijk voor de groei van Lelystad en de kwaliteit in Warande omdat de gebieden dan ook sneller afgerond kunnen worden. • Het woningbouwprogramma geeft voldoende gelegenheid de kwaliteiten van het gebied te benutten én tegelijkertijd een relatief lommerrijke buurt te creëren. Het bestemmingsplan biedt én sturing op de gewenste stedenbouwkundige opzet én biedt enige flexibiliteit voor de mix van woningtypen. Daarmee kan worden ingespeeld op de behoefte van de veranderende markt. Deze flexibiliteit ontstaat door bouwblokken te creëren met gangbare kavelmaten. De diepte van een bouwblok is hierbij maatgevend.

Er is gekozen voor bouwblokken die geschikt zijn voor zowel vrijstaande woningen als twee-onder-één-kapwoningen. Daardoor is het mogelijk om kavels waarop aanvankelijk twee-onder-één-kapwoningen waren voorzien, alsnog om te zetten naar vrijstaande woningen of andersom, als de markt daarom vraagt. In tabel 2 zijn de bebouwingskenmerken van de woningtypen weergegeven. Woningtype

I afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens1

II afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens

III maximaal bebouwingspercentage hoofdgebouw

IV hellingspercentage kap

V maximale korrelgrootte per gebouw eenheid

Minimaal 15º en Hoekwoning: Maximaal 7 m 40% Geen maximum maximaal 45º - Minimaal 1,5 m - 0,0 m aan andere zijde Tussenwoning: - 0,0 m Minimaal 15º en W2: twee- Minimaal 3,0 m Maximaal 7 m 30% 2 woningen maximaal 45º onder-één aan één zijde kap woningen - 0,0 m aan de andere zijde Minimaal 15º en W3: - Minimaal 3,0 m Maximaal 7 m 30% 1 woning maximaal 45º Vrijstaand aan beide zijden 1 De minimale afstand van het hoofdgebouw naar perceelsgrenzen aan de openbare ruimte is weergegeven in de verbeelding

W1: rijwoningen

Tabel 2: bebouwingskenmerken woningtypen Groot Nooten bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

20

2.4

Parkeernormen

Het benodigd aantal parkeerplaatsen is berekend op basis van het geldende Parkeerbeleidsplan 2009. Deze normen zijn bepalend voor het aantal vereiste parkeerplaatsen per woning. Als vertrekpunt wordt 0,3 parkeerplaats van het totaal aantal noodzakelijke parkeerplaatsen in de openbare ruimte aangelegd (=parkeren bezoekers). De overige parkeerplekken zullen op eigen terrein gesitueerd moeten worden. In de tabellen 3A en B zijn de parkeernormen per type woning weergegeven. Deze normen uit tabel A en B zijn ook in de regels van dit bestemmingsplan opgenomen.

Tabel 3A: Parkeernormen. NB: Voor de parkeernorm is het woningtype bepalend. Prijsklassen dienen ter indicatie

Tabel 3B: Rekenwaarden parkeerplaatsen

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

21

2.4

Duurzaamheid

Energie De doelstelling voor het ontwikkelgebied is om een positieve bijdrage te leveren aan de doelstelling CO2-neutrale gemeente in 2025. De volgende uitgangspunten gelden voor het ontwikkelgebied: er worden geen gasaansluitingen gerealiseerd; er wordt op de bestaande biomassacentrale aangesloten door middel van stadsverwarming. Deze bevindt zich in de nabijheid van de locatie. Omdat deze biomassacentrale uitsluitend gebruik maakt van snoeiafval, vormt dit een duurzame bron van energie. Op termijn kan deze centrale mogelijk worden vervangen door een geothermiek-bron; in het ontwikkelgebied worden voorzieningen (loze leidingen) aangelegd, zodat in de toekomst laadpalen voor elektrische auto’s kunnen worden gerealiseerd. Klimaat De groene verbindingszone heeft een klimaatadaptief karakter. Deze zone wordt groen ingericht en van wadi’s voorzien. In het kader van klimaatadaptief beheer van de openbare ruimte krijgt met name de voor te stellen materialisering de nodige aandacht. Wonen / gebouwen Per 1 januari 2021 is de BENG-eis voor nieuwbouw van toepassing (bouwbesluit). Gebouwen worden hiermee volgens de nieuwe norm ‘Bijna Energieneutraal Gebouw’ gerealiseerd. Dit is dus ook van toepassing op dit plangebied. Dit uitgangspunt zal resulteren in zeer energiezuinige woningen met een geringe warmtebehoefte.

Afval en grondstoffen Uitgangspunt is het zoveel mogelijk gescheiden inzamelen van afval, e.e.a. conform het vigerende beleid van de gemeente Lelystad. Hiermee zal bij de inrichting van de openbare ruimte rekening mee worden gehouden. De gemeente draagt zorg voor het plaatsen van ondergrondse containers. Met betrekking tot de bouw van de opstallen zal aan de inschrijvende uitvoerende partijen worden verzocht in de voorstellen aandacht te besteden aan het zoveel mogelijk voorkomen c.q. minimaliseren van de afvalstromen (zowel tijdens de bouw als bij de toekomstige sloop), waarbij tevens wordt gestreefd naar hergebruik van deze materialen (van afval naar grondstof). Doel hierbij is het zoveel als mogelijk sluiten van de grondstoffenkringloop.

2.5

Welstand en beeldkwaliteit

Tegelijk met het Bestemmingsplan Warande - Groot Nooten wordt het beeldregieplan voor dit gebied herzien (4e herziening Beeldregieplan Warande deelgebied 1). Een beeldregieplan heeft als doel om als gemeente de regie te houden op de ruimtelijke kwaliteit1 van de bebouwing en om te zorgen voor herkenbare buurtjes met een eigen identiteit. Het beeldregieplan bevat de welstandscriteria waaraan bouwplannen worden getoetst op redelijke eisen van welstand.

1 Ruimtelijke kwaliteit volgens Vitruvius, samengevat als gebruikswaarde, belevingswaarde en

toekomstwaarde. bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

22

Het beeldregieplan volgt - parallel aan de procedure voor dit bestemmingsplan - een afzonderlijke vaststellingsprocedure. Dit Beeldregieplan dient de ruimtelijke kwaliteit van de nieuwbouw en de buitenruimte op deze locatie te borgen. Na vaststelling door de gemeenteraad geldt dit Beeldregieplan als formeel onderdeel van de gemeentelijke ‘Welstandsnota 2015 Lelystad geeft ruimte kwaliteit’ waaraan bouwplannen worden getoetst op redelijke eisen van welstand. Het beeldregieplan ‘Warande beeldregieplan - Deelgebied 1 Groot Nooten – 4e partiële herziening’ (16 november 2022) is in bijlage 1 van de toelichting opgenomen. Groot Nooten ademt een kleinschalige, dorpse sfeer. De bebouwing heeft een eigentijdse, landelijk dorpse architectuurstijl, bestaande uit woningen afgedekt met flauwe zadeldaken met forse dakoverstekken. De materialisering bestaat uit houten gevelbekleding bestaande uit verticale of horizontale profielen, in combinatie met neutraal metselwerk en keramische dakpannen. Hiermee ontstaat een gebied met een hoge architectonische kwaliteit en een landelijk, dorpse kleinschaligheid. Zie figuur 6 en 7 voor de beoogde sfeerimpressie.

Figuur 6 en 7: beoogde sfeerimpressie

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

23

3.

BELEIDSKADER

Dit hoofdstuk bevat een beschrijving van het voor het plangebied van toepassing zijnde beleid, zowel van het rijk, provincie als de gemeente. Wanneer van toepassing, wordt aangegeven of dit beleid nadere uitgangspunten voor de gewenste ontwikkeling in het plangebied oplevert.

3.1

Rijk

Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is een onderdeel van de nieuwe Omgevingswet. Met de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving in Nederland. Het ontwerp van de NOVI richt zijn op vier prioriteiten. Deze onderwerpen hebben onderling veel met elkaar te maken en ze hebben gevolgen voor hoe we onze fysieke leefomgeving inrichten: ruimte maken voor de klimaatverandering en energietransitie; de economie van Nederland verduurzamen en ons groeipotentieel behouden; onze steden en regio's sterker en leefbaarder maken; het landelijk gebied toekomstbestendig ontwikkelen. De Omgevingsvisie geeft geen specifieke beleidskaders voor individuele woonprojecten. De conclusie is dat voor de onderhavige planontwikkeling geen rijksbelangen zijn gemoeid. Ladder duurzame verstedelijking Voor het bepalen van de behoefte aan het project is de Ladder voor Duurzame Verstedelijking (hierna te noemen: de Ladder) doorlopen. Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. Deze ladder bestaat uit twee treden en is bedoeld als hulpmiddel bij een zorgvuldige afweging van ruimtelijke en infrastructurele besluiten.

Het doorlopen van de Ladder heeft als doel het realiseren van een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een acceptabel woon- en leefklimaat en een duurzaam ruimtegebruik. De Ladder is van toepassing op woningbouwplannen die worden aangemerkt als nieuwe stedelijke ontwikkeling. Bij het bepalen of en hoe de Ladder moet worden toegepast, zijn de volgende aspecten van belang: Geen stedelijke ontwikkeling, ligging in bestaand stedelijk gebied Er is geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Op basis van het vigerende uitwerkingsplan zijn op deze locatie reeds woningen toegestaan. De onderbouwing van de aantallen woningen en de behoefte is in het kader van deze eerdere planologische procedures voldoende gegeven. Met de nieuwe inrichting is er geen sprake van een toename van het aantal woningen. De locatie Groot Nooten ligt binnen bestaand stedelijk gebied. Conclusie: de Ladder duurzame verstedelijk is niet van toepassing.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

24

3.2

Provincie

Omgevingsvisie FlevolandStraks (2017) De Omgevingsvisie FlevolandStraks (Samen maken we Flevoland) die op 8 november 2017 door Provinciale Staten is vastgesteld, geeft de langetermijnvisie van de provincie Flevoland op de toekomst van dit gebied. Het gaat over de periode tot 2030 en verder. Er zijn drie kernopgaven: Het Verhaal van Flevoland (fysieke omgeving), Krachtige Samenleving (sociaal-economische omgeving) en Ruimte voor Initiatief (bestuurlijke omgeving). Deze opgaven vormen de kern voor alle ontwikkelingen waar de provincie Flevoland bij betrokken is. Zowel voor de strategische opgaven uit de Omgevingsvisie, als andere vraagstukken van de provincie Flevoland. De Omgevingsvisie geeft geen specifieke beleidskaders voor individuele woonprojecten. De conclusie is dat voor het onderhavige plangebied geen provinciale belangen zijn gemoeid. Omgevingsprogramma Flevoland (2019) Dit Omgevingsprogramma anticipeert op de toekomstige Omgevingswet, waarin staat dat een provincie moet beschikken over een programma. Daarin is al het beleid voor ontwikkeling, gebruik, beheer, bescherming of behoud van de fysieke leefomgeving gebundeld. Daarmee zijn beleidskeuzes compact en de samenhang geborgd. Het programma bindt alleen de provincie, maar gemeenten en waterschappen moeten er bij het maken van plannen of beleid wel rekening mee houden.

Het programma bestaat uit het onderdeel A Ruimte: doel is een goede woon-, werk- en leefomgeving. Grootschalige ontwikkelingen mogen, omdat in omliggende regio's daarvoor geen ruimte is. Voorwaarde is een evenwichtige ontwikkeling. Bereikbaarheid, voorzieningenniveau en werkgelegenheid moeten worden verbeterd. Voor het stedelijk gebied geldt dat wordt ingezet op de ontwikkeling van vitale steden en dorpen. Kern van het beleid is: efficiënt ruimtegebruik, versterking van het draagvlak voor voorzieningen, nieuwe solitaire clusters buiten stedelijk gebied zijn in beginsel niet toegestaan, tenzij het een kwaliteitsimpuls betreft. Op het gebied van wonen is meer differentiatie nodig (starters, ouders, alleenstaanden), met het kwaliteitsbehoud van bestaande de woningvoorraad. Het onderhavige plangebied wijkt niet af van het omgevingsprogramma Flevoland (2019). Omgevingsverordening Flevoland (2019) De provincie wil anticiperen op de Omgevingswet en daarom is de omgevingsverordening opgesteld. Dit betekent dat alle regels met betrekking tot omgevingsrecht (in dit geval de provinciale) in één regeling worden gebundeld.

De verordening bestaat uit drie soorten regels: algemene regels en vergunningstelsels gericht op burgers, regels gericht tot bestuur zoals omgevingswaarden en beoordelingsregels voor aanvragen en als derde instructieregels over uitoefening van taken en bevoegdheden door gemeenten en waterschappen. De Omgevingsverordening ziet net als de Omgevingswet op alle regels inzake de fysieke leefomgeving (bouwen, infra, water, bodem, lucht, landschap, natuur en cultureel erfgoed). bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

25

Het onderhavige plangebied wijkt niet af van de Omgevingsverordening Flevoland (2019).

3.3

Gemeente

Structuurvisie Lelystad 2023 en Omgevingsvisie (september 2021) De gemeenteraad van Lelystad heeft in januari 2014 de 'Structuurvisie Lelystad 2023' vastgesteld. Het is een actualisatie van het uit 2005 daterende 'Structuurplan Lelystad 2015'. Het Structuurplan heeft een looptijd van 25 jaar, waarbij gedurende de periode tot 2015 hoofdzakelijk uitvoering zal worden gegeven aan het vastgestelde beleid. De onderhavige ontwikkeling past in de beleidsuitgangspunten van de Structuurvisie. Ter voorbereiding op de Omgevingswet heeft de gemeente Lelystad de Omgevingsvisie Lelystad 2040 ‘Sterke stad in de regiohoofdstad van de nieuwe natuur’ vastgesteld (22 juni 2021). Lelystad wil haar inwoners een steeds aantrekkelijkere en groene woonomgeving in een bruisende stad bieden. De ambitie is dat Lelystad een sterke stad in de regio en Hoofdstad van de Nieuwe Natuur wordt. Lelystad gaat zich de komende jaren onvermoeid inzetten om voor haar toekomstige 100.000 inwoners een economisch sterke, groene en gezonde leefomgeving te ontwikkelen. Lelystad gaat voor groene verstedelijking. De nieuwbouw en transformatie van de bestaande stad wordt gericht ingezet op selectieve plekken waar de maatschappelijke en economische meerwaarde het grootst is en bijdragen aan het in balans brengen van de stad. Met het woningbouwprogramma en transformatieopgave sluit Lelystad aan op diverse ambities.

Huidige inwoners wordt een beter perspectief op een wooncarrière (zowel starten als doorstromen) geboden. En ook op de ruimtelijke kwaliteiten van de stad (Hoofdstad van de Nieuwe Natuur) en op het economisch profiel van onze stad. Het onderhavige plangebied past in deze ambitie. Woonvisie 2022-2027 Een leven lang wonen in Lelystad Op 8 maart 2022 heeft de gemeenteraad de nieuwe woonvisie vastgesteld. In de woonvisie staan de belangrijkste afspraken voor het woonbeleid. Er staan opgaven in voor onder meer de groeiambitie, de bestaande stad, betaalbaarheid en beschikbaarheid, duurzaamheid en wonen en zorg. Met de nieuwe Woonvisie streeft de gemeente Lelystad naar een versnelde kwalitatieve groei van de stad met de juiste woning op de juiste plek en wijken met alle voorzieningen die daarbij horen. De komende jaren wordt ingezet op veel verschillende woningen om nieuwe inwoners en bedrijvigheid aan zich te binden. Voor de bestaande stad wil de gemeente de kwaliteit van woningen en de woonomgeving verbeteren. Ook gaat Lelystad experimenteren en ruimte bieden voor innovatieve architectuur en duurzame bouwstijlen en zorgt het voor een gevarieerd aanbod aan woonvoorzieningen met passende zorg. Het bestemmingsplan Warande – Groot Nooten draagt bij aan de in de woonvisie beschreven ambities en woonopgaven, o.a.: -

Divers en betaalbaar aanbod Mogelijkheden voor wooncarrière en doorstroming Differentiatie in doelgroepen bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

26

Welstandsnota (2015) De gemeente Lelystad heeft haar welstandsbeleid vastgelegd in de Welstandsnota, Lelystad geeft ruimte kwaliteit (2015). Voor het plangebied Groot Nooten is een Beeldregieplan opgesteld. Na vaststelling door de gemeenteraad geldt dit Beeldregieplan als formeel onderdeel van de gemeentelijke ‘Welstandsnota 2015 Lelystad geeft ruimte kwaliteit’. Actieplan Duurzaamheid 2021-2024 In 2016 heeft de gemeenteraad de Kadernota Duurzaamheid vastgesteld. In deze kadernota zijn de langjarige doelen beschreven die leiden tot een duurzamer Lelystad. Een jaar later is eveneens door de gemeenteraad het Uitvoeringsplan Duurzaamheid 2017-2020 vastgesteld. Daarin zijn speerpunten met projecten benoemd die bijdragen aan het behalen van de doelstellingen. Tegelijkertijd heeft de raad middelen beschikbaar gesteld om deze doelen te behalen. Als vervolg hierop is het Actieplan Duurzaamheid 2021-2024 vastgesteld. Geconstateerd is dat de door de raad vastgestelde kaders van 2016 nog actueel zijn en de middelen om deze te kunnen behalen vooralsnog toereikend zijn Lelystad wil de stad zodanig inrichten dat deze vanuit economisch, ecologisch en menselijk oogpunt gezond, aantrekkelijk en toekomstbestendig is. In een gezonde stad is ruimte voor duurzame energie-, water-, voedsel-, grondstoffen- en afvalkringlopen.

Daarbij wordt gestreefd naar een samenhangende duurzame ontwikkeling met een betere balans tussen economie, ecologie en de mens. Het duurzaamheidsbeleid van Lelystad focust op zes speerpunten: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

energie: meer energiebesparing en meer duurzame energie; afval en circulaire economie: meer scheiden, minder restafval en van afval naar grondstof; voedsel: meer consumptie van gezonde lokale producten en minder voedsel weggooien; fysieke leefomgeving: duurzame gebiedsontwikkeling, milieuvriendelijk beheer in een groene, biodiverse stad; mobiliteit: minder en schonere mobiliteit; onderwijs en ondernemen: versterken van de (duurzame) basis in het onderwijs, samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven bij duurzame innovatie en meer maatschappelijk verantwoord ondernemen.

De toekomstige plannen die binnen dit plangebied gerealiseerd zullen worden, dienen een bijdrage te leveren aan het duurzaamheidsbeleid van de gemeente.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

27

4.

OMGEVINGSASPECTEN

In dit hoofdstuk worden de relevante omgevingsaspecten beoordeeld.

4.1

Milieueffectrapportage

Voor besluiten en plannen die ontwikkelingen bevatten, die (mogelijk) belangrijke negatieve gevolgen voor het milieu kunnen hebben, geldt de plicht voor het opstellen van een milieueffectrapportage. Op die manier krijgt milieu een volwaardige rol in de afweging van belangen. De drempelwaarden voor projecten waarbij deze verplichting aan de orde is, zijn vastgelegd in het Besluit m.e.r. Beoordeling Groot Nooten Bij dit bestemmingsplan hoeft geen milieueffectrapportage opgesteld te worden. In het plangebied is geen sprake van nieuwe ontwikkelingen, aangezien voor de betreffende locatie al woningbouw was beoogd (wonen – uit te werken bestemming). Daarnaast is er geen sprake van een toename van het totaal aantal woningen dan dat al in het moederplan Warande fase 1 is mogelijk gemaakt. Conclusie Een milieueffectrapport (en een aanmeldnotitie vormvrij m.e.r. beoordeling) is niet noodzakelijk. Het plan voldoet aan de wettelijke bepalingen uit het Besluit m.e.r.

4.2

Verkeer

Om een oordeel te kunnen vellen over de gevolgen van Groot Nooten voor de omliggende wegen, is het recente verkeersmodel geraadpleegd. Dit verkeersmodel met het prognosejaar 2030 – is door de gemeente opgesteld. In dit verkeersmodel zijn ook de planontwikkelingen in Warande en de deelplannen (o.a. Groot Nooten) meegenomen. Op basis van dit model wordt verwacht dat – gelet op de inrichting van het plangebied en de huidige intensiteit van de omliggende dreven - de verkeerstoename niet dermate groot is dat hier problemen ontstaan. Conclusie Nader verkeerskundig onderzoek is niet noodzakelijk.

4.3

Geluid

Voor het onderdeel geluidshinder is de Wet geluidhinder (Wgh) van kracht. Het doel van deze wet is het terugdringen van hinder als gevolg van geluid en het voorkomen van een toename van geluidshinder in de toekomst. Industrielawaai Het project heeft geen consequenties in verband met industrielawaai en voorziet niet in de wijziging van een geluidzone in de zin van de Wet geluidhinder. Spoorwegverkeer en wegverkeerslawaai Spoor Langs een aantal spoorwegen zijn onderzoekszones aangewezen waarbinnen akoestisch onderzoek moet worden verricht. De breedte van deze zone is afhankelijk van hoogte van het geluidproductieplafond op de referentiepunten. bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

28

De waarde van het geluidproductieplafond van de referentiepunten ter hoogte van het plangebied ligt volgens het Geluidregister Spoor rond 65 dB. Volgens artikel 1.4a Bgh bedraagt de zone, ter hoogte van het plangebied, van de spoorlijnen van en naar Lelystad dus 300 meter. Deze onderzoekszone is gemeten vanuit de buitenste spoorstaaf. Het plangebied ligt buiten deze geluidzone, op 650 meter van de Hanzelijn. Artikel 1.4a Besluit geluidhinder

Het plan voldoet daarmee aan de grenswaarden van de Wet geluidhinder. Een akoestisch onderzoek is daarom niet noodzakelijk. Wegverkeerslawaai Voor het plan Groot Nooten is een verkennende geluidsberekening gemaakt inzake wegverkeersgeluid afkomstig van de Larserdreef. De hoogste geluidsbelasting komt uit op 49 dB Lden inclusief correctie van -2 dB. Dit is net boven voorkeursgrenswaarde. Voor dit plangebied is in het verleden een hogere waarde geluid verleend tot 53 dB. Een verdere procedure is daarmee niet nodig. Het onderzoeksrapport is opgenomen in bijlage 2. Conclusie Het plan voldoet aan de wettelijke bepalingen uit de Wet verkeershinder.

4.4

Luchtkwaliteit

Voor het aspect luchtkwaliteit is de Wet milieubeheer van kracht. De wet is enerzijds bedoeld om de negatieve effecten op de volksgezondheid aan te pakken, als gevolg van te hoge niveaus van luchtverontreiniging. In het MER (Milieueffectrapport Warande, Witteveen+Bos, 14 januari 2008) is aangegeven dat de luchtkwaliteit verslechtert maar dat wel wordt voldaan aan de grenswaarden. Aangezien met dit bestemmingsplan het oorspronkelijk totaal aantal woningen niet toeneemt, is geen aanvullend onderzoek naar de luchtkwaliteit noodzakelijk. Conclusie: Het plan voldoet aan de wettelijke bepalingen uit de Wet milieubeheer.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

29

4.5

Stikstof

Projecten of handelingen (zoals bijvoorbeeld vestiging/uitbreiding van een bedrijf of een woningbouwplan) kunnen vergunningplichtig zijn in het kader van de Natuurbeschermingswet. Deze activiteiten kunnen stikstofdepositie veroorzaken ter plaatse van gevoelige habitattypes in nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Voor het onderhavige plangebied moet aangetoond worden of er negatieve effecten in het kader van de Wnb beschermde gebieden zullen optreden. Op basis daarvan kan worden bepaald of vervolgstappen nodig zijn, zoals het aanvragen van een vergunning van de Wnb. Beoordeling Groot Nooten Voor de ontwikkeling van deelgebied 1 van fase 1 van bestemmingsplan Warande (waartoe voorliggend plangebied Groot Nooten ook behoort) heeft de gemeente Lelystad in 2018 bij de provincie Flevoland voor de bouw van 1.500 woningen een vergunning aangevraagd in het kader van de Wet natuurbescherming. Onderdeel van deze aanvraag was onder andere een AERIUS-berekening (met kenmerk Rtq7f5YHoy4y) onderdeel van het Stikstof-depositieonderzoek Warande Lelystad. De conclusie uit dat onderzoek was dat voor geen enkel jaar sprake is van een bijdrage aan de stikstofdepositie van meer dan 0,00 mol/ha/jaar.

Op basis van de aangeleverde documenten heeft de provincie in 2019 een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming verleend (kenmerk 2297845) voor de bouw van 1.500 woningen (100 woningen per jaar). Daar wordt nu uitvoering aan gegeven. Met het bestemmingsplan Warande - Groot Nooten neemt het aantal woningen dat mogelijk wordt gemaakt – ten opzichte van de vergunde situatie - niet toe. Gesteld kan worden dat het totaal programma voor Warande niet wijzigt en daarmee door de wijziging van dit bestemmingsplan geen toename van productie van stikstof plaatsvindt. Conclusie: Gezien de verleende vergunning door de provincie Flevoland is een stikstofberekening niet noodzakelijk. Het plan Groot Nooten is in het kader van de Wet natuurbescherming, uitvoerbaar.

4.6

Bodem

Het beleid ten aanzien van de bodemkwaliteit is op nationaal niveau vastgelegd in de Wet bodembescherming (Wbb) en het (bijbehorende) Besluit bodemkwaliteit. Gestreefd wordt naar een duurzaam bodembeheer. Bij een ruimtelijk plan moet de bodemkwaliteit van het betreffende gebied inzichtelijk worden gemaakt. Hierbij is van belang te weten of er bodemverontreiniging is die de functiedoelen kan frustreren, of er gezondheidsrisico's of ecologische risico's daardoor zijn en wat de mogelijkheden zijn om er tijdig iets aan te doen. Om deze vragen te beantwoorden is wettelijk verplichte informatie over de bodemkwaliteit nodig. Het uitgangspunt wat betreft de bodem in het plangebied is, dat de kwaliteit ervan zodanig dient te zijn dat er geen risico's zijn voor de volksgezondheid bij het gebruik van het plangebied voor de beoogde functie(s). Beoordeling Groot Nooten In 2007 heeft een bodemonderzoek plaatsgevonden, inclusief een aanvullend onderzoek. bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

30

Dit onderzoek is uitgevoerd voor het totale plangebied Warande fase 1 deelgebied 1. Hierbij is geen onderscheid gemaakt in de gebieden die in het bestemmingsplan Warande fase 1 voor wonen, bos dan wel water zijn bestemd. Eventuele uitwisseling van functies leidt dan ook niet tot een ander bodemonderzoek. Aangezien er na 2007 zich in of rond het plangebied geen ontwikkelingen of activiteiten hebben voorgedaan die een negatieve invloed hebben op de bodemkwaliteit, wordt ervan uitgegaan dat er ten aanzien van de uitvoerbaarheid geen belemmeringen zijn ten aanzien van de bodemkwaliteit. Conclusie: Nader bodemonderzoek is niet noodzakelijk. Het plan voldoet aan de Wet bodemsanering en het Besluit bodemkwaliteit.

4.7

Milieuzonering

In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ruimtelijke afstemming tussen bedrijfsactiviteiten, voorzieningen en gevoelige functies (woningen) noodzakelijk. Voor deze afstemming wordt de basiszoneringslijst van de VNG-brochure ’Bedrijven en milieuzonering’ (2009) gehanteerd. Een richtafstand kan worden beschouwd als de afstand waarbij onaanvaardbare milieuhinder als gevolg van bedrijfsactiviteiten redelijkerwijs kan worden uitgesloten. Beoordeling Groot Nooten Circa 500 meter ten oosten van het plangebied, bevinden zich gronden met de bestemming 'Maatschappelijk - Justitieel'. Hier is de Penitentiaire Inrichting Lelystad gevestigd. Dit betreft een inrichting voor detentie. Een gevangenis komt het meest overeen met 'klinieken en dagverblijven' die tot milieucategorie 1 gerekend worden. Hiervoor geldt een richtafstand van 0 meter. Aan deze richtafstand wordt ruimschoots voldaan. Meer dan 800 meter ten oosten van het plangebied zijn twee biomassacentrales gevestigd, langs de spoorlijn van Almere naar Zwolle. Dit betreffen bedrijfsactiviteiten in milieucategorie 3.2, waarvoor in dit geval een richtafstand van 50 meter aan de orde is. Hieraan wordt ruimschoots voldaan. Conclusie: Het plan voldoet aan de richtafstanden. Nader onderzoek is niet noodzakelijk.

4.8

Externe Veiligheid

Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's voor de omgeving bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen als vuurwerk, lpg en munitie over weg, water en spoor en door buisleidingen. In het kader van het aspect externe veiligheid is de risicokaart geraadpleegd. Hieruit blijkt dat in het projectgebied geen sprake is van risicobronnen voor gevaarlijke stoffen. Wel vindt in de nabijheid van het projectgebied over de Hanzelijn vervoer van gevaarlijke stoffen plaats. Hierdoor is sprake van een plaatsgebonden risicocontour en een groepsrisico. Deze spoorlijn maakt deel uit van het Basisnet spoor. Beoordeling Groot Nooten Aan de in het plangebied beoogde woonfunctie zijn geen externe veiligheidsrisico’s voor de omgeving verbonden. bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

31

In de directe omgeving van het plangebied bevinden zich geen risicobronnen in de vorm van buisleidingen, inrichtingen of transportroutes die onderdeel zijn van het Basisnet. Wel bevindt zich op 100 m een regionale transportroute (geen onderdeel van het Basisnet) waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Het betreft de provinciale weg ter plaatse van de Larserdreef, die onderdeel is van de transportroute N302 Hoorn-Kootwijk. Via de landelijke risicokaart is voor het transport van gevaarlijke stoffen over N302 Hoorn-Kootwijk een zogenaamd attribuutrapport beschikbaar. Uit dit rapport blijkt dat voor de transportroute over de Larserdreef rekening moet worden gehouden met transporten van de volgende gevaarlijke stoffen: - LF1 (brandbare vloeistof, bijvoorbeeld diesel); - LF2 (brandbare vloeistof, bijvoorbeeld benzine). Op basis hiervan kan het persoons- en groepsrisico voor transportroutes aan de hand van de Handleiding Risicoanalyse Transport (HART) worden beoordeeld. Plaatsgebonden risico (PR) Op basis van de vuistregels vanuit de HART en het attribuutrapport kan worden vastgesteld dat er geen toetsing van het PR hoeft plaats te vinden voor de Larserdreef. Deze heeft geen PR 10-5- en 10-6-contour. Groepsrisico (GR) In HART is in tabel 1-2 de maximale effectafstand per stofcategorie weergeven.

Deze afstand wordt gemeten vanaf het bebouwingsgebied tot de as van de weg (in dit geval de Larserdreef). Over de Larserdreef worden uitsluitend gevaarlijke stoffen in de categorieën LF1 en LF2 vervoerd. Voor beide stoffen geldt een maximale effectafstand van 45 meter. Voor de voorgenomen ontwikkeling geldt dat de afstand gemeten vanaf de noordgrens van het plangebied tot aan de as van de Larserdreef 100 meter bedraagt. Het plangebied en de bebouwing in het plangebied liggen hiermee buiten de invloedssfeer van de transportroute over de Larserdreef. Ook een nader toetsing van het GR kan daarom achterwege blijven. Conclusie Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor het plan.

4.9

Trillingshinder

In Nederland bestaat geen wetgeving voor het voorkomen van hinder of schade door trillingen. Wel dient het aspect trillingen in het kader van de goede ruimtelijke ordening en de zorgvuldige voorbereiding van besluiten wel te worden afgewogen indien een trillingsbron aanwezig is. ProRail adviseert doorgaans indicatief onderzoek te doen naar de te verwachten trillingsniveaus, waarbij specifiek wordt gekeken naar de locatie en de bouwkarakteristiek van de te realiseren woningen.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

32

Als de te verwachten trillingsniveaus groter zijn dan de na te streven waarden zoals aangegeven in de Richtlijn deel B “Hinder voor personen in gebouwen door trillingen, Meet- en beoordelingsrichtlijn” van de Stichting Bouw-research (SBR), dan zouden eisen / maatregelen in de uitwerking van het plan kunnen worden overwogen aan de woningen. Beoordeling Groot Nooten In het plangebied worden geen nieuwe trillingsbronnen toegevoegd. Een indicatief onderzoek naar de gevolgen van het bestemmingsplan voor omliggende trillingsgevoelige functies is derhalve niet noodzakelijk. Bij trillingsgevoelige gebouwen gaat het bijvoorbeeld om woningen, onderwijsgebouwen, ziekenhuizen, verzorgings- en verpleeghuizen, en kinderdagverblijven. In dit bestemmingsplan worden nieuwe woningen mogelijk gemaakt. Spoorwegverkeer kan trillingen in de bodem veroorzaken. Doordat de trillingen zich verder in de bodem verspreiden, kunnen gebouwen en personen in de omgeving daar hinder van ondervinden. In de ‘Handreiking Nieuwbouw en spoortrillingen’ (mei 2019, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat) wordt geadviseerd om voor ontwikkelingen die op minder dan 100 meter van het spoor liggen, onderzoek naar trillingshinder uit te voeren. Het plangebied ligt op 640 m afstand van het tracé van de Hanzelijn, de spoorlijn van Lelystad naar Zwolle en ligt daarmee ver buiten de 100 meter zone.

Conclusie: het plan voldoet aan de SBR-B. Er is dan ook geen aanleiding tot het doen van vervolgonderzoek met betrekking tot trillingen.

4.10

Water

Sinds 1 november 2003 is de toepassing van de Watertoets wettelijk verplicht door de verankering in het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985. De watertoets heeft betrekking op alle grond- en oppervlaktewateren en behandelt alle van belang zijn de waterhuishoudkundige aspecten (naast veiligheid en wateroverlast ook bijvoorbeeld waterkwaliteit en verdroging). De watertoets is een belangrijk procesinstrument om het belang van water een evenwichtige plaats te geven in de ruimtelijke ordening. Uit de waterparagraaf blijkt de betrokkenheid van de waterbeheerder in het planproces en de wijze waarop het wateradvies van de waterbeheerder is meegenomen in de uitwerking van het plan. KRW De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) is in 2000 ingevoerd en heeft als doelstelling het bereiken van een goede ecologische en chemische toestand voor alle oppervlaktewaterlichamen en het beschermen en herstellen van alle grondwaterlichamen (verbinding infiltratie- en kwelgebieden). Door de inrichting van watergangen af te stemmen op de ecologie kan de ecologische toestand verbeterd worden. De KRW heeft het streven om emissies naar oppervlakte- en grondwater terug te dringen. De gemiddelde jaarlijkse grondwateronttrekking mag de beschikbare grondwatervoorraad op lange termijn niet overschrijden.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

33

Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21ste eeuw heeft in augustus 2000 advies uitgebracht over het toekomstige waterbeleid in Nederland. Een andere aanpak in het licht van verwachte ontwikkelingen inzake zeespiegelstijging, toenemende neerslag en rivierwaterafvoer en verdergaande bodemdaling is noodzakelijk. De adviezen van de commissie staan in het rapport Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21ste eeuw (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. In het Waterbeleid voor de 21e eeuw worden twee principes(drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd: 1. vasthouden, bergen en afvoeren; 2. schoonhouden, scheiden en zuiveren. Waterwet De Waterwet (2009) bestaat uit een achttal wetten die zijn samengevoegd tot één wet. De Waterwet stelt integraal waterbeheer op basis van de ‘watersysteembenadering’ centraal. Eén van de voornaamste veranderingen, naast invoering van de watervergunning, is de verbeterde doorwerking van water in andere beleidsterreinen, met name het ruimtelijke domein. De verantwoordelijkheden in het oppervlaktewateren grondwaterbeheer van Rijk, provincie, waterschappen en gemeenten zijn in de Waterwet helderder vastgelegd. Rijksbeleid Het Rijksbeleid op het gebied van het waterbeheer is vastgelegd in het Nationaal Water Programma 2022-2027.

Dit document geeft een overzicht van de ontwikkelingen binnen het waterdomein en legt nieuw ontwikkeld beleid vast. Het belangrijkste uitgangspunt is het werken aan schoon, veilig en voldoende water dat klimaat adaptief en toekomstbestendig is. Ook is er aandacht voor de raakvlakken van water met andere sectoren. De doorwerking van de beleidsambities/uitgangspunten naar lagere overheden is geregeld in het Bestuursakkoord Water (2011) en de Waterwet (2009). In relatie tot de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) wordt de doorwerking geregeld in de Omgevingswet. Het programma geeft invulling aan de Europese richtlijnen waaronder de KRW, Richtlijn overstromingsrisico’s, de Kaderrichtlijn Mariene Strategie en de EUrichtlijn Marine Spatial Planning. Het programma geldt als structuurvisie voor de ruimtelijke aspecten. Watervisie en Waterbeheerprogramma Waterschap Zuiderzeeland De Watervisie verbindt waterthema’s en maatschappelijke opgaven. Voor een gezonde en duurzame ontwikkeling van het gebied is het nodig om het natuurlijke systeem (bodem en water) en de ruimtelijke en economische ontwikkelingen met elkaar te verbinden in een gezamenlijke aanpak. Niet met maakbaarheid als vertrekpunt, maar toekomstbestendigheid.

Het Waterbeheerprogramma 2022-2027 bevat de strategische en tactische doelen voor de komende planperiode en beschrijft op hoofdlijnen welke maatregelen het waterschap neemt om deze doelen te behalen. Het beheergebied wordt water robuust en klimaatbestendig ingericht. Investeringen in het watersysteem zorgt dat er ook in de toekomst voldoende water is bij langdurige droogte én voldoende bescherming bij hoogwater.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

34

Watertoets Het bestemmingsplan is op 7 maart 2023 digitaal aangemeld bij het Waterschap Zuiderzeeland. De ontvangen uitgangspunten zijn in bijlage 3 opgenomen. Daaruit is gebleken dat voor het plan de normale procedure van toepassing is. De waterparagraaf is in het kader van het overleg 3.1.1. Bro met het waterschap afgestemd. De ontvangen adviezen zijn in deze tekst van de waterparagraaf verwerkt. Het waterschap is akkoord met de aangepaste tekst. De relevante randvoorwaarden voor het plan zijn gerangschikt onder zeven streefbeelden ingedeeld op basis van de drie water-thema's 'Veiligheid, Voldoende Water en Schoon Water'. Thema 1. Waterveiligheid Beschermingszone Groot Nooten ligt niet buitendijks of in een beschermingszone van een waterkering. Op basis van de ingevoerde gegevens over het plangebied zijn er geen uitgangspunten voor het thema veiligheid van toepassing. Thema 2. Voldoende water Goed functionerend watersysteem Het watersysteem zorgt in normale situaties voor een goede doorstroming en afwatering in het beheergebied en maakt het realiseren van het (maatschappelijk) gewenste grond- en oppervlaktewaterwaterregime (GGOR) mogelijk. Waterschap Zuiderzeeland streeft er naar dat de feitelijke situatie van het watersysteem overeenkomt met de legger. Op die manier kan het waterschap weloverwogen anticiperen op en reageren in extreme situaties. ➢

Het water in Warande is een structuurelement voor een leefbaar milieu, een hoge belevingswaarde en ruime recreatiemogelijkheden. Voor Warande is een zelfstandig gesloten watersysteem ontwikkeld welke bestaat uit een aantal vaarten en plassen. De uitwisseling van water met het omringende watersysteem wordt zoveel mogelijk beperkt. Groot Nooten ligt in Warande (fase 1), aan de Torenvalktocht en is onderdeel van het watersysteem Warande fase 1. Zie figuur 8.

➢

De ontwikkeling van Groot Nooten leidt niet tot nieuwe peilvakken. De planontwikkeling heeft geen gevolgen voor het streefpeil van het oppervlaktewater in of in de omgeving van het plangebied. Het functioneren van het huidige watersysteem (doorstroming, afwatering, realiseren van het gewenste peil) zal door de planuitvoering niet verslechteren.

Peilbeheer Vrijwel in heel Warande wordt een (hoger) natuurlijk peilbeheer toegepast. Het peil kan variëren tussen NAP -5,5 m en NAP -5,2 m (gekoppeld aan beweegbare overlaten). Voor het gebied is een Peilbesluit vastgesteld. Hierin is het laagste peil vastgesteld, waardoor de negatieve beïnvloeding van de oppervlaktewater-kwaliteit door kwel voorkomen. Bij een hoger peil dan NAP - 5,20 wordt water afgevoerd uit het gebied. bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

35

Wanneer het peil lager dreigt te raken dan NAP - 5,50, dan wordt er water aangevoerd. Door het voeren van een natuurlijk peilbeheer wordt de benodigde inlaathoeveelheid van gebiedsvreemd water beperkt en wordt de ecologie van het watersysteem versterkt.

Figuur 8: Ligging van Groot Nooten in Warande fase 1 Grondwater Het toekomstig maaiveld wordt opgehoogd naar circa NAP -3,8 m (na zetting), waarmee de drooglegging in het plangebied minimaal 1,4 m bedraagt bij streefpeil. Door het opzetten van het oppervlaktewaterpeil van NAP -6,2 m naar een streefpeil van NAP -5,2 m tot NAP - 5,5 m treedt vrijwel overal rond het plangebied een verhoging van de stijghoogte op van maximaal 0,2 m. Omdat de verhogingen van de grondwaterpeilen beperkt zijn en omdat in de omliggende woon- en landbouwgebieden overal drainage is aangelegd, worden geen (grond)wateroverlastproblemen verwacht. Nabij watergang Groot Nooten grenst aan de Torenvalktocht. Aan de noordzijde van deze tocht zijn nieuwe woningen aan het water geprojecteerd. De tocht blijft aan de zuidzijde bereikbaar voor onderhoud, door middel van een obstakelvrije werkstrook van minimaal 5 meter breed en 4 meter hoog. Woonboten Ter hoogte van het plangebied Groot Nooten zijn in de Torenvalktocht geen woonboten toegestaan. Wateroverlast Streefbeeld: Het watersysteem, zowel in landelijk als in stedelijk gebeid, is op orde. Het hele beheergebied voldoet aan de vastgestelde normen. Het waterschap streeft naar een robuust watersysteem dat de effecten van toekomstige klimaatveranderingen en bodemdaling kan opvangen. bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

36

De planontwikkeling is gelegen in een watersysteem dat op basis van de toetsing in 2012 voldoet aan de normering voor wateroverlast. Een dergelijk systeem kan het water verwerken tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Een dergelijk systeem kan het water verwerken tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Het verharden van grond met bebouwing of bestrating leidt tot een versnelling van de afvoer van neerslag naar het watersysteem. Waar het verharde oppervlak als gevolg van een ruimtelijke ontwikkeling toeneemt, dienen compenserende maatregelen te worden genomen om piekafvoeren te verwerken. Afwenteling op omliggende gebieden wordt voorkomen en de bergingsruimte in het watersysteem blijft behouden. Randvoorwaarde(n) wateroverlast Het plangebied is gelegen in het stedelijk gebied. Oplossingen voor eventuele waterhuishoudkundige problemen dienen bij voorkeur in het eigen projectgebied gevonden te worden. Indien dit niet mogelijk is dient dichtbij het projectgebied compensatie gezocht te worden. Compensatie dient in ieder geval binnen hetzelfde peilgebied plaats te vinden. De berging wordt niet later gerealiseerd dan de uitvoering van de rest van het plan. De reeds aanwezige ruimte voor berging mag niet afnemen.

Voldoende berging in Warande fase 1 In relatie tot de veiligheidsnormen (inundatie) voor regionale watersystemen is de totaal benodigde berging van het oppervlaktewater in Warande bepaald. De bergingscapaciteit van het watersysteem is berekend volgens de in de startfase (circa 2000) geldende uitgangspunten. De afvoernorm die voor het watersysteem van Warande geldt is 1,5 l/sec/ha. Er is binnen de totale wijk Warande fase 1 een extra waterpartij gegraven zodat een totaal wateroppervlak van 15,4 ha ontstaat. Om te controleren of het systeem voldoet aan de huidige uitgangspunten van de klimaatontwikkeling, zijn extra bergingsberekeningen gemaakt. Bij een neerslaggebeurtenis met een herhalingstijd van eens in de 100 jaar is in Warande een berging benodigd van ca. 85.000 m3. Gezien de grootte van Warande en het waterpercentage betekent dit een peilstijging van ca. 0,55 m. Hierbij is rekening gehouden met een maximale afvoer uit het gebied van 1,5 l/s/ha en een aangenomen kwel-intensiteit van 1 mm/dag. Uitgaande van een initieel peil dat gelijk is aan het maximale nieuwe streefpeil (NAP 5,20) komt de peilstijging tot NAP -4,65 m. Dit is 0,65 m beneden de insteek van de watergangen (NAP -4,00 m) en 0,85 m beneden het wegpeil (NAP –3,80 m). Daarmee voldoet het ruim aan de gestelde norm (bij een T=100 bui vindt géén inundatie plaats).

Berging voldoet tevens bij de voorspelde bodemdaling tot 2050. ➢

Met de ontwikkeling van Groot Nooten in het stedelijk gebied van Warande fase 1 wordt het aantal woningen en de verharding in totaal niet gewijzigd ten opzichte van de het moederplan voor Warande en de daarin opgenomen uitgangspunten.

bestemmingsplan Warande - Groot Nooten

37

➢

Ondanks dat de toename in verharding voor dit deelplan groter is dan 750 m², waardoor een compensatieopgave bestaat, is de reeds aangelegde compensatie in Warande fase 1 ruim voldoende en hoeft geen extra compensatie te worden aangelegd.

Waterafvoer, wateraanvoer en circulatie Tijdens droge situaties mag het peil in het gebied uitzakken tot NAP -5,50 m. Door de drijvende stuw bij Oostermoer wordt het watersysteem aangevuld vanuit het peilvak LS2 (NAP -5,40 m). Thema 3. Schoon Water Goede structuurdiversiteit & Goede oppervlaktewaterkwaliteit Streefbeeld Het waterschap streeft naar goede leef, verblijf- en voortplantingsmogelijkheden voor de aquatische flora en fauna in het beheergebied. Uitgangspunt Bij de inrichting van het watersysteem wordt gestreefd naar het realiseren van een ecologisch gezond watersysteem. Bij de dimensionering van het watersysteem wordt rekening gehouden met de te verwachten waterkwaliteit. ➢

De inrichting van Groot Nooten is erop gericht een goede ecologische waterkwaliteit te verkrijgen. Het vasthouden van goed (regen)water en de aanleg van natuurvriendelijke oevers zijn, in combinatie met het natuurlijk peilbeheer, een voorwaarde voor de ontwikkeling en in stand houden van een waardevol ecologisch watersysteem. De aanwezigheid van ondergedoken waterplanten is voor dit systeem van groot belang omdat de waterplanten zorgen voor de benodigde waterkwaliteit en levensomstandigheden voor diverse andere waterorganismen. Het watersysteem zal dan ook zo worden ingericht dat voldoende vestigingsmogelijkheden voor ondergedoken waterplanten aanwezig zijn. Met de aanleg van duurzame oevers kan de oevervegetatie beter tot ontwikkeling komen. Vooral de macrofauna en de vissen profiteren daarvan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=f97d66eb-7a1e-4f49-9781-960db3c1689b