CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 3 MER deel B

Commissie Ruimte Ontwikkeling en Bereikbaarheid 16 juni 2026, gemeente LelystadBij agendapunt: 26.289 Vaststelling bestemmingsplan Waterfront Stedelijke Kust Lelystad29.043 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Effectbeoordeling met mitigerende en/of compenserende maatregelen Criterium

Hinder van en beperkingen voor bestaande bedrijven.

22 november 2023

Voorlopig VKA

Variant zonder strand Saerdam

Variant grondverbetering

Variant zand uit vaarweg

Variant zand van de markt

Alternatief zonder landaanwinning

0

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

0

BJ1923-MI-RP-231027-0840

52

6.5

Knelpunten met maximale planologische mogelijkheden en maximale benutting geluidzone

6.5.1

Beoordelingsmethodiek

In de tabel is aangegeven welke beoordeling een bepaalde situatie krijgt, uiteenlopend van positief tot negatief ten opzichte van de referentiesituatie. De scores zijn gebaseerd op de mate waarin een knelpunt op grond van de maximale planologische bedrijfsmogelijkheden voorkomen en de mate waarin deze oplosbaar zijn. Tabel 6-6: Maatlat voor de effectbeoordeling ‘knelpunten met maximale planologische mogelijkheden en maximale benutting geluidzone’

Effectscore

Beoordeling t.o.v. de referentiesituatie

Beschrijving

++

Sterk positief effect

Niet van toepassing

+

Positief effect

Niet van toepassing

Geen/ neutraal effect

Er is sprake van een goed woon- en leefklimaat vanuit het perspectief van hinder van bedrijven op basis van de maximale planologische mogelijkheden van de bedrijventerreinen en/ of volledige benutting van de geluidsruimte van de geluidzone van Noordersluis.

Negatief effect

Er is waarschijnlijk sprake van enige hinder van bedrijven die toegestaan zijn op grond van de maximale planologische mogelijkheden van de bedrijventerreinen en/ of volledige benutting van de geluidsruimte van de geluidzone van Noordersluis.

Sterk negatief effect

Er is sprake van hinder van bedrijven die toegestaan zijn op grond van de maximale planologische mogelijkheden van de bedrijventerreinen en/ of volledige benutting van de geluidsruimte van de geluidzone van Noordersluis leidt tot overschrijding van wettelijke grenswaarden.

0

-

--

6.5.2

Referentiesituatie

De referentiesituatie is in paragraaf 7.4.2 beschreven.

6.5.3

Effectbeschrijving en effectbeoordeling

Effecten eindsituatie Voorlopig VKA Figuur 6-6 laat zien dat de richtafstanden van de bedrijven die op grond van de maximale mogelijkheden van het bestemmingsplan Noordersluis en Lelystad Haven toegestaan zijn, geen overlap hebben met de nieuwe woongebieden. Er is daarom geen sprake van knelpunten met de maximale planologische mogelijkheden. Uit hoofdstuk 3 blijkt dat wel sprake is van een overlap van de vastgestelde geluidzone van bestemmingsplan Noordersluis met de nieuwe woonbestemmingen in het Waterfront. De geluidzone overlapt op een paar locaties circa 15 meter met de nieuwe woonbestemmingen van het plan Waterfront, zie ook Figuur 6-6. Dit betekent dat als alle geluidsruimte van de zone door bedrijven wordt benut, een 22 november 2023

BJ1923-MI-RP-231027-0840

53

geluidbelasting boven de voorkeurswaarden voor industrielawaai in het kader van de Wet geluidhinder kan ontstaan ter plaatse van de toekomstige woningen van het Waterfront. Door het beperkt overlappen van de geluidzone met de woongebieden zal overschrijding van de maximale grenswaarden Wet geluidhinder niet optreden. Als de overlap van de woonbestemmingen met de geluidzone onderdeel van het plan blijft, zijn in het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan hogere grenswaarden Wet geluidhinder nodig voor de woningen die binnen de geluidzone worden geprojecteerd. Daarom scoort het plan licht negatief (-).

Figuur 6-6: Geluidzone bedrijventerrein Noordersluis en nieuwe woningbouw

Alternatief zonder landaanwinning en varianten In het alternatief zonder landaanwinning ontbreken enkele (delen van de) nieuwe woonbuurten. Dit betreft echter niet de maatgevende woningen die het dichtst bij Lelystad Haven en Noordersluis liggen. De analyse en effectbeoordeling zijn daarom voor dit alternatief gelijk aan het voorlopig VKA. Ook de varianten zijn niet onderscheidend voor de hinder van en beperkingen voor bedrijven. Tabel 6-7: Beoordeling eindsituatie

Effectbeoordeling Criterium

Knelpunten met maximaal planologische mogelijkheden met het oog op omliggende bedrijventerreinen

22 november 2023

Voorlopig VKA

Variant zonder strand Saerdam

Variant grondverbetering

Variant zand uit vaarweg

Variant zand van de markt

Alternatief zonder landaanwinning

-

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

-

BJ1923-MI-RP-231027-0840

54

Mitigerende en/of compenserende maatregelen eindsituatie Om de overlap met de geluidzone van Noordersluis op te lossen zijn de volgende maatregelen denkbaar: • De grenzen van de woongebieden van het plan Waterfront worden aangepast zodat een overlap met de huidige geluidzone voorkomen wordt. • De onbenutte geluidsruimte van de geluidszone wordt weggenomen. Hierdoor zal de contour van de geluidzone waarschijnlijk een stuk terugvallen richting het bedrijventerrein, waardoor een overlap met de woonbestemmingen voorkomen wordt. Hiervoor is een wijziging van de geluidzone nodig, dit kan alleen via een wijziging van het bestemmingplan. NB: bij het terugleggen van de grenzen van de woongebieden tot buiten de huidige geluidzone is de maatregel onder de tweede bullit niet nodig en kan aanpassing van de geluidzone achterwege blijven. Tabel 6-8: Beoordeling eindsituatie met mitigerende en/of compenserende maatregelen

Effectbeoordeling met mitigerende en/of compenserende maatregelen Criterium

Knelpunten met maximaal planologische mogelijkheden met het oog op omliggende bedrijventerreinen

6.6

Voorlopig VKA

Variant zonder strand Saerdam

Variant grondverbetering

Variant zand uit vaarweg

Variant zand van de markt

Alternatief zonder landaanwinning

0

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

0

Conclusie bedrijven- en milieuzonering en geur

Uit de voorgaande paragrafen blijkt dat er ter plaatse van de nieuwbouw geen relevante geluid- en geurhinder verwacht hoeft te worden van de individuele bedrijven op Noordersluis. Omgekeerd zal de nieuwbouw de bedrijfsvoering en uitbreidingsmogelijkheden van de daar gevestigde bedrijven niet inperken. Ook blijkt dat, uitgaande van de legale planologische situatie, er geen hinder van en beperkingen voor bedrijven verwacht hoeven worden in Lelystad Haven. Echter, van de feitelijke activiteiten op de kade is hinder ter plaatse van de nieuwbouw niet uitgesloten. Door het beperken van het gebruik van de kade van het werkterrein Lelystad Haven tot de gronden met de bestemming ‘opslag’ ten dienste van de aangrenzende bestemming bedrijventerrein, kan de gemeente een goed woon- en leefklimaat borgen. Uit de voorgaande paragrafen blijkt voorts dat er geen knelpunten optreden vanuit de maximale planologische mogelijkheden van bedrijventerrein Noordersluis en Lelystad Haven. Wel is sprake van een knelpunt met de geluidzone van bedrijventerrein Noordersluis. Dit knelpunt kan worden verholpen door de ligging van de nieuwbouw aan te passen, door onbenutte geluidruimte binnen de zone weg te nemen en de geluidzone daarop aan te passen, of door een combinatie hiervan.

22 november 2023

BJ1923-MI-RP-231027-0840

55

Tabel 6-9: Samenvatting effectbeoordeling eindsituatie

Variant zonder strand Saerdam

Variant grondverbetering

Variant zand uit vaarweg

Variant zand van de markt

Alternatief zonder landaanwinning

Voorlopig VKA

Variant zonder strand Saerdam

Variant grondverbetering

Variant zand uit vaarweg

Variant zand van de markt

Alternatief zonder landaanwinning

Met mitigerende/compenserende maatregelen

Voorlopig VKA

Beoordeling

Knelpunten met maximaal planologische mogelijkheden met het oog op omliggende bedrijventerreinen

-

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

-

0

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

0

Knelpunten met feitelijke bedrijvigheid voor relevante bedrijven

-

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

-

0

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

0

Criterium

6.7

Leemten in kennis en/of informatie

Voor het vaststellen van het bestemmingsplan moet nader in beeld gebracht worden wat de feitelijke geluiduitstraling is van de activiteiten op de kade van Lelystad Haven, en welke maatregelen getroffen worden om eventuele knelpunten op te lossen.

6.8

Aanzet voor monitoring

Met de in dit hoofdstuk genoemde maatregelen kan een goed woon- en leefklimaat worden gerealiseerd. Om een goed woon- en leefklimaat ook voor de toekomst zeker te stellen kan monitoring plaatsvinden op basis van: 1. Het geluidzonebeheer voor bedrijventerrein Noordersluis; 2. Op basis van de bedrijfsgerichte milieutaken (vergunningverlening, toezicht en handhaving) door de Omgevingsdienst; 3. Toezicht en handhaving door de gemeente voor zover het gaat om planologisch niet legale activiteiten op de kade van Lelystad Haven.

22 november 2023

BJ1923-MI-RP-231027-0840

56

7

Bodem

7.1

Inleiding

Dit hoofdstuk beschrijft de effecten van het Waterfront op het thema bodem. De effectbeoordeling van dit thema is gebaseerd op de volgende criteria: • Land- en waterbodemkwaliteit; • Grondverzet. Om inzicht te geven in de bestaande milieu hygiënische bodemkwaliteit van het plangebied is bodemonderzoek nodig. Op basis hiervan kan inzicht worden gegeven in mogelijkheden en belemmeringen van ingrepen in de bodem. Verder wordt een globaal beeld gegeven van het benodigde grondverzet voor het bouwrijp maken en realiseren van de verschillende functies. Voor bodem is er eerst een vooronderzoek uitgevoerd, deze is opgenomen in bijlage 4.

7.2

Beleid, wet- en regelgeving

In de tabel staan de kaders vanuit relevante wet- en regelgeving die van belang zijn voor de effectbeschrijving en -beoordeling van het thema. Tabel 7-1: Wetgeving, beleid en richtlijnen

Wet of beleidsstuk

Toelichting

Wet Bodembescherming (Wbb)

De Wet Bodembescherming (Wbb) stelt regels om de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en haar fysieke eigenschappen te beschermen. Enerzijds heeft de wet een preventief doel en worden regels beschreven om te voorkomen dat een nieuwe verontreiniging van de bodem ontstaat. Anderzijds heeft de Wbb een curatief doel door voorwaarden te geven voor het opruimen, saneren, van reeds bestaande bodemverontreinigingen. De wet maakt onderscheid in historische en nieuwe bodemverontreiniging. Voor een nieuwe bodemverontreiniging geldt dat deze zo spoedig mogelijk na het ontstaan volledig dient te worden verwijderd. Binnen het plangebied zijn mogelijk historische verontreinigingen aanwezig. Volgens de Wbb moeten deze verontreinigingen gesaneerd worden als er een onaanvaardbaar risico is voor mens of milieu of als er een verspreidingsrisico is. Als dit niet het geval is, moeten verontreinigingen gesaneerd worden op een natuurlijk moment. Ook moet dan rekening worden gehouden met beperkte afvoermogelijkheden van de grond en de Arbowetgeving. De ontwikkeling van het plangebied is zo’n natuurlijk moment om eventueel aanwezige verontreinigingen te saneren. Vanaf 1 januari 2006 is de norm dat de sanering van historische bodemverontreinigingen functiegericht en kosteneffectief worden uitgevoerd.

Besluit bodemkwaliteit (Bbk)

Op 1 januari 2008 zijn het Besluit en de Regeling Bodemkwaliteit in werking getreden. In het Besluit Bodemkwaliteit (Bbk) staan de kwaliteitseisen waaraan bouwstoffen, grond en baggerspecie moeten voldoen wanneer deze op of in de bodem of onder oppervlaktewater worden toegepast. Het Bbk komt ook tegemoet aan de wens om maatwerk op gebiedsniveau beter mogelijk te maken en geeft de mogelijkheid om gericht toezicht te houden op de gehele keten van bouwstoffen, grond en baggerspecie van het moment van productie, ontgraving tot en met de toepassing. Voor de ontwikkeling van het plangebied betekent dit dat er grondverzet zal gaan plaatsvinden. Vrijkomende grond welke niet binnen het plangebied kan worden hergebruikt kan buiten de locatie nuttig worden toegepast. Daarnaast gelden er eisen aan de toe te passen grond welke van buiten het plangebied wordt

22 november 2023

BJ1923-MI-RP-231027-0840

57

Wet of beleidsstuk

Toelichting aangevoerd. Grond dat onderdeel uitmaakt van een geval van ernstige bodemverontreiniging (Wbb) dient te worden afgevoerd en mag niet worden hergebruikt.

Wet milieubeheer (Wm)

De centrale doelstelling van de Wet milieubeheer (Wm) is een integrale aanpak van de milieuproblematiek ofwel het in samenhang bekijken van alle aspecten van het milieubeleid in onderlinge samenhang. Om dat doel te bereiken heeft de Wm een aantal juridische mogelijkheden om het milieu te beschermen. De wet gaat uit van de grootst mogelijke milieubescherming, verbetering van het milieu, doelmatige verwijdering van afvalstoffen en een zuinig gebruik van energie en grondstoffen. Als milieuschade bij een bepaalde activiteit niet meer te voorkomen is moet de schade geminimaliseerd worden voor zover dit mogelijk is. De Wm bevat bepalingen ten aanzien van het beschermen van het milieu. Hierin zijn de wettelijke gereedschappen verankerd. Het bevat algemene regels voor het milieubeheer. Meer specifieke regels worden uitgewerkt in besluiten (algemene maatregelen van bestuur of AMvB's) en ministeriële regelingen.

Arbowet

In de Arbeidsomstandighedenwet en het Arbobesluit zijn regels vastgelegd met betrekking tot de veiligheid van werkgevers en werknemers. In diverse CROWrichtlijnen zijn deze regels uitgewerkt voor de praktijk. Voor het plangebied betekent dit dat de kwaliteit van de bodem bekend moet zijn zodra handelingen op of met grond gaan plaatsvinden, zoals bij graafwerkzaamheden. Vanuit de Wet bodembescherming (Wbb) en het Arbeidsomstandighedenbesluit dient rekening gehouden te worden met de algemene zorgplicht.

Waterwet (Wtw)

In de Waterwet zijn de regels en eisen opgenomen bij ingrepen in de waterbodem, het wijzigen en/of gebruiken van waterstaatswerken en bouwen in oppervlaktewateren.

Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi)

In het Besluit lozen buiten inrichtingen zijn de eisen en normen opgenomen voor het lozen van (afval)water op de oppervlaktewateren en het gemeentelijk riool. Daarnaast zijn eisen opgenomen voor mors en vertroebeling bij baggerwerkzaamheden.

Provinciale Omgevingsvisie

Voor de provincie Flevoland is op 8 november 2017 de Omgevingsvisie FlevolandStraks vastgesteld. In de omgevingsvisie zijn drie kernopgaven benoemd voor de ontwikkeling van de provincie: Het Verhaal van Flevoland (fysieke omgeving), Krachtige Samenleving (sociaal-economische omgeving) en Ruimte voor Initiatief (bestuurlijke omgeving). De strategische opgaven voor Flevoland liggen op het gebied van Regionale Kracht (goede bovenregionale voorzieningen), duurzame energie, circulaire economie en landbouw.

Omgevingsverordening Flevoland

In de omgevingsverordening zijn de regels uitgewerkt ten aanzien van de leefomgeving. Er zijn regels opgenomen voor onder andere grondwateronttrekkingen, grondwaterbeschermingsgebieden, het watersysteem, stortplaatsen, bodemsanering en ontgrondingen.

Nota bodembeheer provincie Flevoland

De zes gemeenten in Flevoland hebben een gezamenlijke nota bodembeheer vastgesteld, waardoor de regels in de gehele provincie hetzelfde zijn. In de Nota bodembeheer staat aangegeven aan welke eisen het hergebruik van (licht verontreinigde) grond moet voldoen. Voor het grondverzet is gekozen voor gebiedsspecifiek beleid. De gemiddelde diffuse bodemkwaliteit in Flevoland wordt over het algemeen als “schoon” gekarakteriseerd. Door het vaststellen van (ruimere) lokale maximale waarden worden de hergebruiksmogelijkheden van vrijkomende grond vergroot. In het beheergebied zijn een aantal gebieden aangewezen waar grond met een kwaliteitsklasse ‘wonen’ mag worden toegepast. Voor Lelystad zijn dit de bermen

22 november 2023

BJ1923-MI-RP-231027-0840

58

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=525b224a-296e-40d3-aa13-b54bad9c59f3