-Bijlage 7 Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
Tekst van het document
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
35/54
In totaliteit zal er een situatie ontstaan die verkeerskundig meer wenselijk is. Namelijk dat de (landelijke) hoofdwegenstructuur beter benut gaat worden. Het zal ten goede komen aan de totaalbeleving maar ook aan de natuur door minder geluid en overlast. De Oostvaardersdijk wordt zo een belangrijke belevingsroute en het hart van de Safariroute. Deze maatregel wordt meer acceptabel en ook geloofwaardiger bij het uitvoeren van maatregel 3, en dan met name de afsluiting van het noordelijk deel van de Knardijk.
5.1.4
Aanbevelingen voor nader onderzoek
Op welke locaties de parkeerplekken en oversteekpunten moeten komen, en hoe die integraal worden ingepast en geschikt voor alle modaliteiten, moet nader worden onderzocht. De parkeerfaciliteiten dienen op de behoefte worden afgestemd. De fysieke maatregelen moeten nog nader worden bepaald in verband met de ‘beperking’ die een dijklichaam met zich meebrengt. Geadviseerd wordt om bijvoorbeeld handig gebruik te maken van de al aanwezige vlucht- of parkeerhavens, om bijvoorbeeld een soort slinger in de weg te maken (om de snelheid te remmen en de gestrektheid van het traject te onderbreken). Afhankelijk van de situatie en voorzieningen dienen de oversteekplaatsen daar nader op te worden afgestemd. Dit vergt in verband met zicht en veiligheid nader onderzoek.
5.2
Het aanbrengen van een ‘knip’ in de Praamweg
5.2.1
Analyse
Voor veel bestuurders is de route Knardijk-Praamweg een sluiproute. Met name wanneer het de relatie Lelystad-A6 en richting Zeewolde/Harderwijk betreft. De gemeente Zeewolde heeft daar al maatregelen voor getroffen in de vorm van een geslotenverklaring10 voor nietbestemmingsverkeer binnen een tijdvenster. Dit blijkt in de spitsen niet afdoende te werken, maar ook buiten de spitsen is er sprake van sluipverkeer. Naast het nadeel dat er ongewenst verkeer aanwezig is, wordt hiermee ook de verkeersonveiligheid groter. Sluipverkeer wil zo snel mogelijk van A naar B, en ontwikkelt vaak een hogere snelheid dan bestemmingsverkeer. Met name op de Praamweg is er sprake van gemengd verkeer, daar zijn geen vrij liggende fietsvoorzieningen aanwezig. Ook gaat de Praamweg onderdeel uitmaken van de snelfietsroute Lelystad-Almere, vanuit dit oogpunt is menging met niet-bestemmingsverkeer ongewenst. In de huidige situatie is de Praamweg een erftoegangsweg met een maximumsnelheid van 80km/u. Over een deel geldt een adviessnelheid van 60km/u, met name daar waar een aantal snelheidsremmende maatregelen getroffen zijn. Met name op het zuidelijk deel van de Praamweg wordt er hard gereden, meer dan de helft van het verkeer rijdt harder dan 86km/u en 15% van het verkeer zelfs harder dan 103km/u, zie figuur 5.8.
10 De huidige geslotenverklaring gaat in op de Praamweg, net ten zuiden van de aansluiting met de
Trekweg.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
36/54
Figuur 5.8 Snelheidsprofiel Praamweg zuidelijk deel (bron: TomTom Move)
Voor wat betreft de herkomst en bestemming van het verkeer heeft een groot deel een niettoeristisch karakter. Op basis van data uit TomTom Move is een indicatie te geven; het is goed te zien dat het overgrote deel van het verkeer herkomst/bestemming Lelystad heeft. Verder heeft een aandeel van het verkeer een relatie met Noord-Holland. Zie figuur 5.9 en 5.10.
Figuur 5.9 Herkomst verkeer Knardijk ter hoogte van de aansluiting met de Praamweg (bron: TomTom Move)
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
37/54
Figuur 5.10 Bestemmingsverkeer Knardijk ter hoogte van de aansluiting met de Praamweg (bron: TomTom Move)
Vanuit het oogpunt van aantrekkelijkheid en beleving, maar ook vanuit verkeersveiligheid is het wenselijk dat het sluipverkeer geweerd wordt. Dit kan op verschillende manieren; aanbevolen wordt om een ‘verkeersknip’ (afsluiting) aan te brengen in de route. Dit verdient de voorkeur boven het aanbrengen van veel fysieke maatregelen om het sluipverkeer te ontmoedigen (effect: reistijd verlengen en discomfort aanbrengen) of het instellen van een regime door middel van verkeersborden. Dit laatste staat of valt met handhaving, waar veelal niet de prioriteit ligt bij handhavers. Bij een ‘ontmoedigingsscenario’ blijft er altijd nog een bepaald percentage van het sluipverkeer over dat de route alsnog gebruikt. En daarnaast brengt het discomfort dat voor het sluipverkeer ter ontmoediging wordt aangebracht, ook discomfort mee voor het bestemmingsverkeer en het fietsverkeer. Dit doet afbreuk aan de gastvrijheid en vriendelijkheid van het gebied. De maatregel biedt ook meer kansen voor fietsverkeer. Met name omdat de Praamweg in de regionale fietsroute Lelystad-Almere komt te liggen. Door het weren van het sluipverkeer ontstaan er veel mogelijkheden voor een vriendelijke en veilige fietsroute.
5.2.2
Beschrijving maatregel
Het doel van de maatregel ‘verkeersknip’ in de Praamweg (maatregel 2) is het voorkomen van sluipverkeer. Een fysieke afsluiting heeft in deze situatie het meest gewenste effect (oftewel de harde ‘verkeersknip’). Een andere maatregel geeft ook geen garantie op het weren van sluipverkeer in totaliteit. De maatregelen moet eventueel wel kunnen worden ‘opgeheven’ door bijvoorbeeld hulpdiensten of door beheerders in en van het gebied.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
38/54
Type en locatie van de maatregel Voor wat betreft de locatie ligt een afsluiting in de buurt van Grote Praambult voor de hand. Dit is vanuit Lelystad gezien een soort ‘eindstation’ dat bezoekers per auto trekt. Het uitgangspunt is dat deze plek vanuit Lelystad gezien per auto bereikbaar blijft. Aan de zuidzijde van het kanaal ligt de aansluiting met de Trekweg. Deze kruising moet ten zuiden van de afsluiting blijven liggen om de verbinding Trekweg in zuidoostelijke richting in stand te kunnen houden. Op dit moment is het bestaande parkeerterrein Grote Praambult al te klein. Door de afsluiting kan er gemakkelijker een herinrichting plaatsvinden omdat het parkeerterrein een ‘eindstation’ is (zie gele bol figuur 5.12). Het parkeerterrein zou breder uitgevoerd kunnen worden bijvoorbeeld, om zo de parkeercapaciteit te kunnen vergroten. Wanneer er ook parkeergelegenheid moet zijn (blijven) voor sommige bezoekers vanuit zuidelijke richting, dan is een knip op het parkeerterrein mogelijk een praktische optie. Het parkeerterrein zou opgesplitst kunnen worden zodat er een x- aantal parkeerplekken voor verkeer vanuit het noorden beschikbaar is en een x- aantal parkeerplekken voor verkeer uit zuidelijke richting (verdeling nader te bepalen).
Een aarden wal (dijkje, om in de sfeer van de polder te blijven) zou bijvoorbeeld een scheiding kunnen zijn, met daarin een (dijk)doorbraak voorzien van een afsluiting die op te heffen is door bijvoorbeeld hulpdiensten of beheerders. Dit kunnen bijvoorbeeld één of twee palen zijn, of een slagboom. Maar ook bijvoorbeeld het gebruik van een dijkcoupure, zonder ‘schotbalken’ maar met het toepassen van een paal die eventueel te verwijderen is bij calamiteiten, zie figuur 5.11.
Figuur 5.11 Voorbeeld afsluiting dijkcoupure met schotbalken
Er kan ook worden gekozen voor een afsluiting tussen het parkeerterrein Grote Praambult en de kruising met de Trekweg (zie blauwe bol figuur 5.12). De brug over het kanaal zou dan een locatie kunnen zijn, of het wegvak ten noorden van de kruising met de Trekweg. In dat geval is het raadzaam om ook enkele parkeerplekken aan te leggen voor sommige bezoekers vanuit zuidelijke richtingen, die de Grote Praambult willen bezoeken.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
39/54
Figuur 5.12 Opties locatie afsluiting
Bij een afsluiting tussen de Grote Praambult en de Trekweg kan er bijvoorbeeld worden gekozen voor een afsluiting zoals aan de Almere zijde bij de Kotterbosweg geplaatst is, figuur 5.13:
Figuur 5.13 Afsluiting bij de Kotterbosweg
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
40/54
Of een slagboom, voorbeeld zie figuur 5.14.
Figuur 5.14 Afsluiting met een slagboom
In alle gevallen moet er een goede en vlotte doorgang (passage) zijn voor het fietsverkeer. Bij de toepassing van een slagboom zal er daarnaast voldoende ruimte moeten zijn om fietsverkeer te kunnen laten passeren. De maatregel heeft een gunstig effect op maatregel 5, er ontstaat namelijk een fietsvriendelijk klimaat.
5.2.3
Effect van de maatregel
Het aanbrengen van een ‘knip’ in de Praamweg is van invloed op de Safariroute in de huidige vorm: een rondrit rondom het Nationaal Park, waarbij de Safariroute aan de zuidzijde via Knardijk, Praamweg en Trekweg loopt. De ‘knip’ zorgt ervoor dat de Safariroute in de huidige vorm niet aantrekkelijk meer is. In het hoofdstuk Visie (§ 4.6, Hoe wil het Nationaal Park bereikbaar zijn?) is voorgesteld om gemotoriseerd en niet gemotoriseerd verkeer zoveel mogelijk van elkaar te scheiden, waarbij de beleving aan de zuidzijde van het Nationaal Park wordt gericht op wandelaars en fietsers. Het beoogde hart van de Safariroute is de Oostvaardersdijk. Het aanbrengen van een ‘knip’ in de Praamweg sluit hierop aan, en bevordert dat het gemotoriseerd verkeer zal kiezen voor de verbinding via de noordzijde (Oostvaardersdijk). De Safariroute in de huidige vorm vervalt dan weliswaar, maar door de voorgestelde herinrichting van de Oostvaardersdijk ontstaat een aantrekkelijk alternatief zodat ook de op de auto aangewezen recreant kan genieten van het Nationaal Park. Het belangrijkste effect is dat het sluipverkeer verdwijnt en er alleen puur bestemmingsverkeer (dat wil zeggen de bezoekers van het Nationaal Park) overblijft. Dit verkeer is ten opzichte van het huidige aanbod maar een relatief klein deel, en zal ook een heel ander (rij)gedrag vertonen.
Door de sterke afname van het autoverkeer en het aangepaste gedrag wordt de verkeerveiligheid voor fietsers sterk vergroot. Voor fietsers zal deze route heel aantrekkelijk worden en daardoor past de maatregel ook uitstekend in de visie op de snelfietsroute Lelystad-Almere. De fysieke afsluiting heeft het nadeel dat hulpdiensten en beheerders ook hiermee te maken krijgen. Dit kan worden ondervangen door ervoor te zorgen dat het eenvoudig en
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
41/54
snel mogelijk is de afsluiting tijdelijk op te heffen (afhankelijk van het type maatregel) zoals bijv. in het geval van een slagboom.
5.2.4
Aanbevelingen voor nader onderzoek
Een nadere analyse is nodig om de precieze plek en manier van uitvoering van de knip te bepalen. Voor wat betreft de Grote Praambult: de beschikbare ruimte daar zal nader moeten worden beschouwd in samenhang met de nadere invulling van de ‘knip in de Praamweg’ en het parkeerterrein (eventueel opnieuw inrichten en aanpassen op de bestaande situatie). Hierbij zal ook de relatie met de ligging van de snelfietsroute in ogenschouw moeten worden genomen, die mogelijk (ook) kan leiden tot een gewijzigde ligging van de parkeerplaats. In verband met de afsluiting zal er met de hulpdiensten en de beheerders overlegd moeten worden.
5.3
Herinrichting van de Knardijk (2 gedeelten)
De Knardijk bestaat in principe uit twee wegvakken, zie ook figuur 5.15: 1. het deel tussen de Oostvaardersdijk en de Buizerdweg; 2. het deel tussen de Buizerdweg en de Praamweg.
Figuur 5.15 De Knardijk in 2 delen gesplitst
De analyse is generiek uitgevoerd voor de gehele Knardijk (deel 1 en 2). De maatregelen, effecten en nader onderzoek voor de twee bovengenoemde gedeelten worden in de paragrafen apart behandeld.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
42/54
5.3.1
Analyse
Voor veel bestuurders is de route Knardijk-Praamweg een sluiproute. Met name wanneer het de relatie Lelystad-A6 en richting Zeewolde/Harderwijk betreft. De gemeente Zeewolde heeft daar al maatregelen voor getroffen in de vorm van een geslotenverklaring11 voor nietbestemmingsverkeer binnen een tijdvenster. Dit blijkt in de spitsen niet afdoende te werken, maar ook buiten de spitsen is er sprake van sluipverkeer. Naast het nadeel dat er ongewenst verkeer aanwezig is, wordt hiermee ook de verkeersonveiligheid groter. Sluipverkeer wil zo snel mogelijk van A naar B, en ontwikkelt vaak een hogere snelheid dan bestemmingsverkeer. In de huidige situatie is de Knardijk een erftoegangsweg met een maximumsnelheid van 60km/u (60km zone). Met name op het deel van de Knardijk ten noorden van het huidige bezoekerscentrum wordt er hard gereden, meer dan de helft van het verkeer rijdt harder dan 79km/u en 15% van het verkeer zelfs harder dan 97km/u, zie figuur 5.16.
Figuur 5.16 Snelheidsprofiel Knardijk ten noorden van huidig bezoekerscentrum (bron: TomTom Move)
In tegenstelling tot de Praamweg heeft de Knardijk wel een vrij liggend fietspad. Dit is een relatief smal (beton)pad en er maken ook voetgangers gebruik van. De herinrichting van de Torenvalkweg tot een snelfietsroute zal hier positief aan bijdragen. Want door deze maatregel is er geen sprake meer van een doorgaande verkeersroute via de Torenvalkweg. In de huidige situatie maken gemiddeld 3 zware voertuigen van/voor Staatsbosbeheer per dag gebruik van de route via de Torenvalkweg. Bevoorrading kan (na herinrichting van de Torenvalkweg voor de snelfietsroute) dan alleen via de Knardijk, andere routes zijn niet (meer) aan de orde. Een voor de hand liggende oplossing hiervoor is het verlenen van een ontheffing op de Knardijk voor ‘gewone’ bevoorradingsvrachtwagens). Dit zal moeten worden afgestemd tussen Staatsbosbeheer en de gemeente Lelystad waarbij speciale afspraken moeten worden gemaakt voor de (afvoer van de) houtoogst, andere transporten en bevoorrading. Een aandachtspunt hierbij is de brug over de Lage Vaart, die op dit moment niet voldoet aan de belastbaarheid van de brug in verband met beperkte aslast.
11 De huidige geslotenverklaring gaat in op de Praamweg, net ten zuiden van de aansluiting met de
Trekweg.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
43/54
5.3.2
Beschrijving maatregel
In het document voor de herinrichting van de Knardijk ligt al de nodige input. [PM welk document is dit? Bij ons niet bekend] Er wordt gesproken over het scheiden van snel- en langzaamverkeer. Verder wordt er gewerkt aan een advies [PM door wie? Bij ons niet bekend] voor afsluiting van het noordelijk deel van de Knardijk (tussen de Buizerdweg en de Oostvaardersdijk) om de beleving van de ‘Belvedere’ Knardijk op dit gedeelte vorm te geven. De maatregelen zoals in deze paragraaf worden voorgesteld sluiten daar praktisch op aan. Met het realiseren van maatregel 2 (knip in de Praamweg) ontstaat er voor het gedeelte Knardijk tussen de Buizerdweg en de Praamweg al een situatie zonder sluipverkeer. Deze maatregel heeft dus direct effect op de uitvoering van maatregel 3 (herinrichting Knardijk). Maatregel 2 vormt het uitgangspunt voor maatregel 3.
Eerste deel: tussen Oostvaardersdijk en Buizerdweg Voorstel is dit deel van de Knardijk af te sluiten voor openbaar gemotoriseerd verkeer. De afsluiting kan, gelijk aan de afsluiting bij de Praamweg, uitgevoerd worden met behulp van palen (principes zoals maatregel 2) die uitneembaar zijn in geval van calamiteiten, of als ontsluiting voor Lelystad Haven wanneer dit noodzakelijk zou zijn (door bijvoorbeeld wegwerkzaamheden aan de Houtribweg). Ook bij evenementen kan het praktisch zijn wanneer de afsluiting tijdelijk kan worden opgeheven. In een nadere visie moet worden uitgewerkt hoe dit in de praktijk wordt ingericht. Het bestaande betonpad zou bijvoorbeeld voor voetgangers kunnen fungeren (gelijk aan deel 2), en de rijbaan kan volledig voor fietsers ingericht worden. In relatie tot de draagkracht en de breedte van de verharding moet er rekening worden gehouden met de eerdergenoemde ‘calamiteitenroute’. De exacte inrichting, zowel functioneel als technisch, zal nader onderzocht moeten worden op basis van bovenstaand uitgangspunt (afsluiting voor alle gemotoriseerd verkeer). Deze maatregelen heeft een gunstige uitwerking voor maatregel 1. Er is via de Knardijk geen sprake meer van sluipverkeer. Dit zal een maatregel als maatregel 1 eerder acceptabel/geloofwaardig maken.
Ook is deze maatregel voor de Oostvaardersdijk (maatregel 1) gunstig omdat door maatregel 2 (knip Praamweg) het verkeer via de Oostvaardersdijk zou kunnen gaan rijden.
Tweede deel: tussen Buizerdweg en Praamweg Omdat het sluipverkeer via de Praamweg wordt geweerd (maatregel 2) worden de ‘rollen omgedraaid’: in de praktijk betekent dit dat de hoofdgebruiker de fietser is en niet meer de auto (er zal altijd bestemmingsverkeer aanwezig blijven, in tegenstelling tot deel 1). Op deze manier wordt in het park het gebruik van de fiets gestimuleerd en zal het een veiliger karakter krijgen. De Knardijk wordt dan als fietsstraat beschouwd en de auto is er te gast. De fietser maakt dan ook gebruik van de rijbaan, in plaats van het fietspad. Het relatief smalle huidige betonpad kan als wandelpad gebruikt worden. In de huidige situatie maken wandelaars gebruik van het fietspad. De inrichting/vormgeving zal op het nieuwe gebruik worden afgestemd. In relatie tot comfort voor de fietsers nodigt de huidige klinkerverharding niet echt uit. Er is immers sprake van enig discomfort door de trillingen op de fiets die door de klinkers worden veroorzaakt. Het ‘gevaar’ is dan ook dat fietsers alsnog voor het betonpad kiezen dat in de nieuwe situatie echter voor wandelaars bestemd is. In verband met de ‘beschermde status’ van de klinkers
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
44/54
vraagt dit nog nader onderzoek. Idealiter zou een meer comfortabele verharding wenselijk zijn. Een goed voorbeeld is de herinrichting van de Oostvaardersdijk, tussen Lelystad Haven en Batavia Stad. Ook op deze dijk liggen de oude klinkers die opnieuw (voor een deel, namelijk de rijloper tussen de fietsstroken) gebruikt zijn, én er ook aandacht is besteed aan het comfort voor de fietsers, zie figuur 5.17.
Figuur 5.17 Voorbeeld fietsstraat herinrichting Oostvaardersdijk
Het voorbeeld Oostvaardersdijk is geen fietsstraat, maar het zou wel als zodanig aangemerkt kunnen worden. Voorgesteld wordt om de markeringslijnen uit het voorbeeld dan te laten vervallen en de fietsstraat met bebording aan te geven. Ook kunnen er verkeersremmende maatregelen worden toegepast zoals in het voorbeeld van de Oostvaardersdijk is te zien. Vanaf de fietsroute is er voldoende mogelijkheid om plekken te creëren waar je vanaf de dijk naar het Nationaal Park kunt lopen, en er over kan uitkijken: zitjes, vogelkijkhut etc. Het is hierbij van belang dat er op deze plekken ook parkeerfaciliteiten voor fietsers aanwezig zijn. Omdat er voor dit gedeelte geen sprake is van een afsluiting kunnen via de route Buizerdweg-Knardijk (deel 2) de eerdere genoemde transporten van/voor Staatsbosbeheer blijven plaatsvinden (met als voorwaarde dat er door middel van een ontheffing voor de zware voertuigen toestemming wordt gegeven).
5.3.3
Effect van de maatregel
Eerste deel: tussen Oostvaardersdijk en Buizerdweg Met de afsluiting kan het sluipverkeer via dit deel van de Knardijk worden geweerd (met name het verkeer tussen Lelystad en Almere dat via de Oostvaardersdijk rijdt). Zo ontstaat in principe een ‘ideale wereld’ voor fietsers en voetgangers, er is ruimte voor de ‘volle beleving’ van de Oostvaardersplassen. Bij het ontbreken van gemotoriseerd verkeer ontstaat er ook een verkeersveilige situatie. Door de maatregel en het effect zal fietsgebruik sterk gestimuleerd worden.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
45/54
Tweede deel: tussen Buizerdweg en Praamweg Er ontstaat een vriendelijk en veilig klimaat voor het langzaam verkeer, zowel voor de fietsers als de wandelaars. Het gebruik van de fiets wordt gestimuleerd, ook bijvoorbeeld in combinatie met fietsverhuur bij de Poort. Het nog aanwezig autoverkeer voelt zich te gast, en de snelheid wordt daarop aangepast. Ook voor de natuur is minder autoverkeer en minder hoge snelheden een verbetering. Door het gedeeltelijk verbeteren van het comfort zal ook de geluidsbelasting als gevolg van de oude klinkers afnemen. Incidenteel is er sprake van vrachtverkeer van/voor Staatsbosbeheer. Dit zal in de praktijk niet voor onveilige situatie zorgen wanneer het gedrag naar verwachting aangepast zal worden. De Kitsweg blijft bereikbaar voor autoverkeer en bevoorradingsverkeer. Het parkeerterrein bij het bestaande infocentrum blijft functioneel zoals ook in de huidige situatie het geval is.
5.3.4
Aanbevelingen voor nader onderzoek
De volgende punten/onderdelen verdienen aandacht in een nader onderzoek: Eerste deel: tussen Oostvaardersdijk en Buizerdweg · ·
Afstemming met de hulpdiensten in verband met de afsluiting van het noordelijk deel van de Knardijk (het deel tussen de Buizerdweg en de Oostvaardersdijk); Het nader onderzoeken en uitwerken van de functionele en technische inrichting van dit deel van de Knardijk, in verband met andere (visie)documenten.
Tweede deel: tussen Buizerdweg en Praamweg · · ·
Gesprekken tussen SBB en de gemeente Lelystad waarin speciale afspraken moeten worden gemaakt voor de (afvoer van de) houtoogst, andere transporten en bevoorrading; Het definitieve profiel ‘fietsstraat’, mede in verband met de oude klinkerverharding en het comfort en gebruik door de fietsers; In verband met bovenstaande: de overgang/kruisingen bij de Oostvaardersdijk, Buizerdweg en Praamweg/Torenvalkweg.
5.4
Verbeteren bereikbaarheid met het openbaar vervoer
5.4.1
Analyse
De bezoekersaantallen aan het Nationaal Park Nieuw Land zijn niet zodanig dat uitbreiding van buslijnen / bushaltes specifiek gericht op bezoekers van het park snel rendabel zal zijn. Wellicht is het wel mogelijk om met beperkte aanpassingen beter aan te sluiten op de behoefte van bezoekers aan het park. Aan Almeerse zijde zijn er weinig aanknopingspunten om het openbaar vervoer ‘eenvoudig’ aan te passen gericht op bezoekers aan het park. Mede in verband met bovenstaand gegeven (relatief beperkt aantal bezoekers dat gebruik maakt van het openbaar vervoer) lijkt dit niet realistisch tenzij er vanuit een ander ‘belang’ of ‘service’ financiële impulsen worden gegeven. Vanaf station Almere Oostvaarders is het Nationaal Park overigens op loopafstand (2,5 km), zodat de noodzaak om het openbaar vervoer aan te passen ook minder is.. De huidige lijn 8 Lelystad doet de rand van het gebied Poort Lelystad aan. Er is namelijk een halte bij de rotonde Hollandse Hout. Omdat het vervolgens nog een stuk lopen is naar de nieuwe Poort Lelystad, zou Lijn 8 verlengd kunnen worden naar de nieuwe Poort Lelystad.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
46/54
De huidige lijn 1 rijdt van en naar Lelystad Haven. De loopafstand tot aan de rand van het Nationaal Park is nog vrij groot, en zal voor voetgangers niet zo aantrekkelijk zijn. De mogelijkheid van een nieuw station Lelystad Zuid is niet meegenomen in de afweging. De aanleg van dit station zou de bereikbaarheid van het Nationaal Park met het openbaar vervoer wel enorm verbeteren.
5.4.2
Beschrijving maatregel
Aanpassing van de lijnvoering van lijn 8 in Lelystad (met name doortrekken van de lijn in de richting van de nieuwe Poort Lelystad kan worden meegenomen in combinatie met een heroverweging van de lijnvoering vanwege de nieuwe woonwijk aan de zuidzijde van Lelystad, en de aanleg van de Laan van Nieuwland (maatregel 4). Aandachtspunt daarbij is dat de huidige halte Hollandse Hout niet prettig wordt gevonden. Touringcars kunnen nu keren bij parkeerplaats Buizerdweg en in de nieuwe situatie (par)keren bij de nieuwe Poort Lelystad; dan zou dat voor een stadsbus ook mogelijk moeten zijn, dat helpt bij het toevoegen van een bushalte hier. Het doet ook veel recht aan het ‘transferiumprincipe’, omdat het met alle gebruikelijke modaliteiten bereikbaar is, ook voor bijvoorbeeld minder validen die aangewezen zijn op OV. Wellicht is een combinatie lijn 1 en lijn 8 mogelijk, waarbij elektrische bussen worden ingezet. Immers dan maakt deze lijn gebruik van het noordelijk deel van de Knardijk (afgesloten voor autoverkeer). Door deze combinatie wordt qua bereik een groot deel van het ‘parkgebied’ bediend. Speciale busdiensten (vanaf stations) kunnen worden overwogen op toeristische topdagen en/of evenementen.
5.4.3
Effect van de maatregel
Het effect van de maatregelen is dat het gebied beter bereikbaar is met het openbaar vervoer; dat komt de gebruiksvriendelijkheid en gastvrijheid ten goede. Het is daarmee een stimulans om voor schonere vormen van vervoer te kiezen, en dit wordt versterkt wanneer er bij heroverweging van lijnvoeringen gebruik wordt gemaakt van elektrische bussen. In de totale vervoersketen zal de mogelijkheid voor bereikbaarheid met het openbaar vervoer een grote meerwaarde hebben. Naast dat er gebruik wordt gemaakt van schoner vervoer (openbaar vervoer in plaats van auto bijvoorbeeld), worden bepaalde (extra) doelgroepen in de gelegenheid gesteld om het gebied te bezoeken, met name de doelgroep die op het openbaar vervoer is aangewezen). Deze maatregel heeft een gunstig effect op fietsgebruik, namelijk om vanaf de Poort per fiets het gebied te verkennen. Dit sluit dan goed aan op de maatregelen 1 t/m 3 waardoor er een gunstig fietsklimaat geschapen wordt.
5.4.4
Aanbevelingen voor nader onderzoek
De volgende punten/onderdelen verdienen aandacht in een nader onderzoek: · · · · ·
Heroverweging van lijnvoering lijn 8; Combinatiemogelijkheden lijn 1 en 8; Inzet van elektrische bussen; Eventuele komst van station Lelystad Zuid, wellicht binnen de studie naar de Lelylijn; Ketenmobiliteit waarin openbaar vervoer een prominente plaats inneemt.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
47/54
5.5
Zuidzijde: dé fietsverbinding tussen Poort Almere en Poort Lelystad
5.5.1
Analyse
In de zone ten zuiden van de Oostvaardersplassen zijn diverse wegen die zorgen voor een verbinding tussen de Poort Almere en de Poort Lelystad. Hier is nu ook sprake van autoverkeer, waardoor de recreatieve beleving van de verbinding laag is. Met het doorvoeren van maatregel 2 'Knip in de Praamweg’ wordt het merendeel van het autoverkeer op deze weg tegengegaan. Dit maakt letterlijk en figuurlijk ‘de weg vrij’ om deze verbinding voor de fietser stevig op te waarderen. Dit geldt ook voor de belevingswaarde van de verbinding: er valt nu nog relatief weinig te beleven en er zijn weinig recreatieve voorzieningen.
5.5.2
Beschrijving maatregel
De zuidzijde van het Nationaal Park wordt bij uitstek het domein voor fietsers. Het tegengaan van utilitair en sluipverkeer zorgt voor extra fietsveiligheid, dit vormt onderdeel van maatregel 2 'Knip in de Praamweg’. Door extra belevingspunten te creëren langs het netwerk worden verschillende doelgroepen bediend. De belevingsmogelijkheden kunnen worden afgestemd op de gekozen leefstijlgroepen. Hierbij kan gedacht worden aan rustplekken (aan het water), informatiezuilen, kleinschalige speelplekken, kunstuitingen of audiotours. In samenwerking met Nationaal Park, Visit Flevoland en ondernemers kan dit nader uitgewerkt worden.
5.5.3
Effect van de maatregel
Het effect van de maatregelen is dat de zone aantrekkelijker wordt voor diverse leefstijlgroepen en soorten fietsers. Hiervoor is ook sprake van een samenhang met maatregel 6: Nieuwe fietsverbindingen Lelystad. Met de maatregel wordt het nog beter mogelijk om een rondgaande fietsroute door het Nationaal Park en rondom de Oostvaardersplassen aan te bieden. Dit gaat een groot effect hebben op de toename van het recreatief fietsen in het Nationaal Park en de spreiding van bezoekers naar gebieden waar vanuit het perspectief van de draagkracht van de natuur meer bezoekers voorgestaan worden. De zone biedt de mogelijkheid om meerdere wegen aan te bieden aan verschillende typen fietsers. Door gebruikersgroepen binnen het fietsen te scheiden (racefietsers – recreatieve fietsers) wordt de beleving versterkt en de verkeersveiligheid bevorderd. De maatregel heeft nauwelijks effecten op de andere recreatieve vervoersvormen. De maatregel profiteert sterk van de maatregelen 2 en 3 omdat daar een fietsvriendelijk klimaat wordt geschapen.
5.5.4
Aanbevelingen voor nader onderzoek
De recreatieve voorzieningen en belevingsmogelijkheden die in deze zuidelijke zone tussen Poort Lelystad en Poort Almere kunnen worden aangeboden, moeten nader worden uitgewerkt.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
48/54
5.6
Nieuwe fietsverbindingen Lelystad
5.6.1
Analyse
Mede door aangrenzende woningbouwontwikkeling nabij het Nationaal Park wordt een grote toename verwacht van de vraag naar recreatief fietsen in de gemeente Lelystad. Dit vraagt om een extra fijnmazig fietspadennetwerk. In toenemende mate is het daarbij belangrijk om fietsvoorzieningen meer af te stemmen op de verschillende gebruikers- en doelgroepen. Daarbij kan slim gebruikt worden gemaakt van wegen en paden die nog minder goed ontsloten zijn. Daarnaast gaat het Trintelzand zich verder ontwikkelen tot een van de Top 12 plekken van het Nationaal Park. Met de verwachting dat door de opkomst van de elektrische fiets, de actieradius van recreatieve fietsers groter wordt, wordt in de toekomst een recreatieve fietstocht naar het Trintelzand vanuit Lelystad een aantrekkelijke optie.
5.6.2
Beschrijving maatregel
Voor Lelystad zien we drie maatregelen die uitgewerkt kunnen worden: in de Poort Lelystad (6a en 6b) en de dijk Lelystad – Enkhuizen (6c). Bij nieuwe fietsverbindingen wordt specifiek gekeken naar leefstijlgroepen die nu nog minder worden bediend. Dit betreft bijvoorbeeld de Avontuurzoeker. In de Poort Lelystad gaan we op zoek naar uitbreiding van het fietsnetwerk, specifiek gericht op de avontuurzoeker (maatregel 6a in de overzichtskaart). De paden mogen onverhard en smal zijn en hoeven niet in het fietskooppuntnetwerk opgenomen te worden. Het in populariteit winnende gravelbiken is hierbij een aandachtspunt. Tezamen met Staatsbosbeheer wordt gekeken naar mogelijke trajecten, waarbij ook natuurwaarden en beheers- en onderhoudsaspecten een rol spelen (nu indicatief ingetekend). Zie figuur 5.18 voor een mogelijke locatie en figuren 5.19 en 5.20 als sfeerimpressies.
Figuur 5.18 Indicatieve situatieschets nieuwe fietsverbinding
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
49/54
Figuur 5.19 Voorbeeld onverhard fietspad
Figuur 5.20 Voorbeeld onverhard fietspad
Een tweede mogelijkheid om de fietsmogelijkheden in en aansluitend op de Poort Lelystad te verbeteren, is door een extra fietsbrug te creëren over de Lage Vaart (maatregel 6b). In het ontwerp van Laan van Nieuwland is al rekening gehouden met fietsvoorzieningen. Daarnaast kan ten zuiden van de kruising Laan van Nieuwland – Lage Vaart gedacht worden aan een fietsbrug (ter hoogte van natuurtheater de Beverburcht). Op die wijze wordt een netwerk van bestaande plattelandswegen, waarop nauwelijks verkeer aanwezig is, ontsloten voor fietsers (zie figuur 5.21). Deze nagenoeg parallel lopende verbindingen bieden de mogelijkheid om fietsverkeersstromen van elkaar te scheiden: zo kunnen meer fietsers worden ontvangen zonder dat dit leidt tot drukte op de fietspaden, onderlinge ergernissen en irritaties. Daarmee levert het een bijdrage aan de verkeersveiligheid.
Figuur 5.21 Locatie aanduiding nieuwe fietsverbinding
Een derde mogelijkheid is bij een mogelijk toekomstige reconstructie van de Houtribdijk en provinciale weg te onderzoeken of het mogelijk is het fietspad op de kruin van de dijk te positioneren. Daarmee wint de verbinding sterk aan belevingswaarde en wordt het aantrekkelijker om met de fiets vanaf Lelystad een uitstapje te maken naar Trintelzand, één van de mooiste plekken van het Nationaal Park (maatregel 6c), zie figuur 5.22.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
50/54
Figuur 5.22
5.6.3
Fietspad op Houtribdijk met uitzicht over IJssel- en Markermeer
Effect van de maatregel
Extra fietsverbindingen en mogelijkheden leiden tot minder drukte op de paden en daarmee tot verhoogde beleving en verkeersveiligheid.
5.6.4
Aanbevelingen voor nader onderzoek
Maatregel 6a moet in nauw overleg met de terreineigenaren, waaronder Staatsbosbeheer, worden uitgewerkt. Belangrijk is goed zicht te krijgen op het verwacht gebruik en de beheermogelijkheden van de onverharde paden. Voor de verbinding (maatregel 6b) over de Lage Vaart kan worden onderzocht welke varianten hier mogelijk zijn. Gedacht kan worden aan een brug (hoge investeringskosten) of aan een trekveer (hogere belevingswaarde). Voor de fietsverbinding over de Houtribdijk is het belangrijk om vroegtijdig in het planvormingsproces rondom herontwikkeling van de Houtribdijk het fietspad op de kruin als meekoppelkans kenbaar te maken.
5.7
Ontbrekende schakels toevoegen aan het fietsnetwerk Almere
5.7.1
Analyse
De deelgebieden van het Nationaal Park binnen de gemeentegrenzen van Almere zijn onvoldoende met elkaar verbonden voor de recreatieve fietser. Dit betreft met name de verbinding met de Lepelaarplassen. Deze is nu alleen via de Oostvaardersdijk aantrekkelijk voor recreatief fietsen. Een tweede verbinding maakt het mogelijk aantrekkelijke rondgaande fietsroutes te maken.
5.7.2
Beschrijving maatregel
Binnen de Poort Almere wordt voorgesteld twee ontbrekende schakels aan het netwerk toe te voegen, zodat de fietsmogelijkheden aanzienlijk uitgebreid worden en rondgaande fietsroutes kunnen worden gemaakt rondom Almere. Twee maatregelen worden voorgesteld:
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
51/54
· ·
7a: een fietsverbinding van fietsknooppunt 54 naar het traject knooppunt 14/17. Bij voorkeur via een (architectonische) brug of anders een pontje. Zie figuur 5.23 voor de beoogde locatie en figuur 5.24 als inspiratie. 7b. een extra verbinding richting het bezoekerscentrum (knooppunt 97) via de Hugo de Vriesweg. Zie figuur 5.25 voor de beoogde locatie. Daarmee wordt tevens de bereikbaarheid van het centrum per fiets verbeterd.
Figuur 5.23 Beoogde locatie oplossen ontbrekende schakel fietsnetwerk
Figuur 5.24 Voorbeeld van een architectonische fietsbrug
Figuur 5.25 Beoogde locatie extra schakel in het fietsknooppuntennetwerk
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
52/54
5.7.3
Effect van de maatregel
Verbeterde fietsmogelijkheden en voorzieningen leiden tot een toename in het recreatieve fietsen. De ontsluiting van de Lepelaarplassen en aan het bezoekerscentrum worden verbeterd en het bezoekersaantal aan beide wordt vergroot.
5.7.4
Aanbevelingen voor nader onderzoek
Met name de fietsverbinding over de vaart verdient nader onderzoek. De basisvarianten (brug of veer) moeten met elkaar vergeleken worden op onder meer de fysieke mogelijkheden in relatie tot het vaarverkeer, investeringen en beheer en onderhoud.
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
53/54
Bijlage 1
Omschrijving doelgroepen
Bron: www.leefstijlvinder.nl
Sweco | Projectnummer 51009054 Datum 02-06-2023
Versie C3
Document referentie Rapport Verkeersstromen Nationaal Park Nieuw Land C3 20230602
54/54