Bijlage 1. ETFAL-motivering BOPA-procedure
Tekst van het document
MOTIVERING BOPA HUISVESTINGSLOCATIE ARBEIDSMIGRANTEN TORENVALKWEG GEMEENTE LELYSTAD
ORDITO.NL
MOTIVERING BOPA HUISVESTINGSLOCATIE ARBEIDSMIGRANTEN TORENVALKWEG GEMEENTE LELYSTAD Datum
12 - 02 - 2025
Auteur(s)
Ordito b.v.
Ordito b.v.
E
info@ordito.nl
Postbus 94
T
0161 801 022
5126 ZH
I
www.ordito.nl
Gilze
KVK
54811554
1. 1.1 1.2 1.3 1.4
Aanleiding en doel Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Het omgevingsplan Leeswijzer
2
2.
Beschrijving huidige situatie
5
3. 3.1 3.2
Voorgenomen ontwikeling Planbeschrijving Parkeren en verkeer
6
4. 4.1 4.2 4.3 4.4
Beleid en regelgeving Rijksbeleid en Rijksregels Provinciaal beleid en provinciale regels Regionaal beleid Gemeentelijk beleid
11
5.
Landschappelijke, stedenbouwkundige en cultuurhistorische waarden
27
6. 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6 6.7 6.8 6.9
Fysieke leefomgeving Beschermen van de gezondheid Bodemkwaliteit Geluid door activiteiten Kwaliteit van de buitenlucht Milieubelastende activiteiten Natuur Omgevingsveiligheid Water en watersystemen M.e.r.-beoordeling
31
7. 7.1 7.2
Uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid
48
8.
Motivering evenwichtige toedeling van functies
49
Bijlagen Bijlage 1: Situatietekening plangebied Bijlage 2: Archeologisch onderzoek Bijlage 3: Verkennend bodemonderzoek Bijlage 4: AERIUS-stikstofberekening Bijlage 5: Nee, tenzij-toets Bijlage 6: Activiteitenplan Bijlage 7: Het wateradvies Bijlage 8: Watertoets Bijlage 9: Participatieverslag
2 2 3 4
6 10
11 14 18 19
31 31 33 34 35 37 41 42 45
48 48
|2
1.
AANLEIDING EN DOEL
1.1
Aanleiding
De aanleiding voor het opstellen van de motivering voor een Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit (hierna: BOPA) betreft de realisatie van een tijdelijk arbeidsmigrantendorp aan de Torenvalkweg te Lelystad. Beoogd wordt om ter plaatse een huisvestingslocatie voor 2.520 arbeidsmigranten en 432 doorstromers te realiseren, verdeeld over 1.230 wooneenheden. Het is mogelijk dat bij een beperkte vraag naar woonruimten voor doorstromers hier ook arbeidsmigranten zullen worden gehuisvest. De huisvestingslocatie wordt tevens voorzien van onder andere een supermarkt, werkplaats, faciliteiten zoals een arts en een loopbaancoach en sportfaciliteiten. Het realiseren van de huisvestingslocatie is niet direct toelaatbaar op basis van het omgevingsplan van rechtswege (lees: vigerend bestemmingsplan). Om de ontwikkeling mogelijk te maken, dient derhalve een planologische procedure doorlopen te worden. In overleg met de gemeente Lelystad is bepaald dat onderhavig plan middels een omgevingsvergunning voor een BOPA. Voor de omgevingsvergunning dient een motivering opgesteld te worden waarin getoetst wordt of de gevraagde activiteiten in verband met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties aanvaardbaar wordt geacht.
Daarnaast dient aangetoond te worden dat met de beoogde activiteiten geen waarden geschaad worden dan wel dat de beoogde activiteiten geen belemmeringen ondervindt ten aanzien van de verschillende aspecten uit de fysieke leefomgeving.
1.2
Ligging en begrenzing plangebied
Het plangebied betreft een agrarisch perceel aan de Torenvalkweg in het buitengebied van Lelystad. Het perceel is gelegen in een groene kamer omringd door een houtwal. Het stedelijk gebied van de kern Lelystad ligt ten noorden van het plangebied op een afstand van circa 1,3 km. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Lelystad, sectie B, met perceelnummer 934. Het plangebied kent een oppervlakte van circa 22 hectare.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|3
Ligging en begrenzing plangebied (plangebied rood omkaderd)
Het plangebied wordt aan de noordwestzijde begrensd door de Torenvalkweg met daarachter agrarische gronden en de spoorwegverbinding Almere – Lelystad. Aan de oostzijde grenst het plangebied aan agrarische gronden met daarachter, op een afstand van circa 600 meter, het bedrijventerrein Lelypoort. Aan de zuidoostzijde grenst het plangebied aan het kanaal de Lage Vaart. Aan de overzijde van het kanaal ligt de autosnelweg A6. Verder zuidelijk is Lelystad Airport gelegen op een afstand van circa 2,6 km tot het plangebied. Aan de westzijde wordt het plangebied begrensd door de Warandedreef met daarachter het kanaal de Lage Dwarsvaart en het bosgebied Hollands Hout. Dit grote bosgebied is bedoeld als buffer tussen Lelystad en de Oostvaardersplassen.
1.3
Het omgevingsplan
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 heeft iedere gemeente één omgevingsplan voor het gehele grondgebied gekregen met de regels voor de activiteiten voor de leefomgeving. Dit omgevingsplan van rechtswege bestaat uit alle bestaande ruimtelijke plannen, waaronder de vigerende bestemmingsplannen. Op basis van het omgevingsplan van rechtswege gelden voor het plangebied de bestemmingsplannen: • “Lelystad Zuid II”, zoals vastgesteld op 7 oktober 1986; • “Parapluplan Algemene regels woningsplitsing en kamerbewoning Lelystad”, zoals vastgesteld op 22 september 2020; en • “Parapluplan parkeren Lelystad”, zoal vastgesteld op 21 november 2023
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|4
Op basis van het bestemmingsplan “Lelystad Zuid II” is het plangebied aangewezen als Lelystad II”. De voor ‘Lelystad II’ aangewezen gronden zijn, in combinatie met de voor ‘Lelystad I’ aangewezen gronden, bestemd voor ruim 15.000 woningen. Behalve aan deze woningen en de daarbij behorende voorzieningen op buurtniveau, bieden de gronden ruimte voor een groot aantal voorzieningen op het niveau van de gehele stad en van het stadsdeel. In dat verband zijn te noemen circa 35 hectare voor centrumdoeleinden (inclusief circa 25 hectare kantoren en bedrijven), ruim 25 hectare voor scholen voor voortgezet onderwijs, zwembaden, camping en kinderboerderij enzovoort. Daarbij maken de gronden ruimte voor circa 50 hectare bedrijventerrein en groene voorzieningen in de vorm van 36 hectare sportvelden, 28 hectare volkstuinen, 75 hectare stadsdeelgroen en 53 hectare buurtgroen. Het “Parapluplan Algemene regels woningsplitsing en kamerbewoning Lelystad” ziet toe op het waarborgen van de woon- en omgevingskwaliteit ten gevolge van verkamering van woningen. Het “Parapluplan parkeren Lelystad” ziet toe op het waarborgen van voldoende parkeergelegenheid aan de hand van het parkeerbeleid (Nota Parkeernormen Lelystad 2023). Strijdigheid Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp, waar in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers worden gehuisvest.
Het realiseren van wooneenheden ten behoeve van de huisvesting van de arbeidsmigranten is niet direct toelaatbaar op basis van het omgevingsplan van rechtswege. In overleg met de gemeente Lelystad is bepaald dat onderhavig plan middels een omgevingsvergunning voor een BOPA mogelijk gemaakt kan worden.
1.4
Leeswijzer
Na dit inleidende hoofdstuk vormen de daaropvolgende hoofdstukken de verantwoording van de activiteit die deze motivering mogelijk maakt. Hoofdstuk 2 vormt een beschrijving van de huidige situatie en in hoofdstuk 3 wordt de voorgenomen ontwikkeling beschreven. In hoofdstuk 4 wordt het Rijks-, provinciaal-, regionaal-, waterschaps- en gemeentelijk beleid beschreven. In hoofdstuk 5 en 6 wordt inzicht gegeven in diverse waarden en planologische aspecten die relevant zijn voor de fysieke leefomgeving. Hoofdstuk 7 gaat in op de uitvoerbaarheid van de activiteit, zowel economisch als maatschappelijk. In het laatste hoofdstuk wordt afgesloten met een algehele conclusie, waarin gemotiveerd wordt dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|5
2.
BESCHRIJVING HUIDIGE SITUATIE
Het plangebied betreft een agrarisch perceel aan de Torenvalkweg in het buitengebied van Lelystad. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Lelystad, sectie B, met perceelnummers 934. Het plangebied kent een oppervlakte van circa 22 hectare. Het plangebied wordt aan de noordwestzijde begrensd door de Torenvalkweg met daarachter agrarische gronden en de spoorwegverbinding Almere – Lelystad. Aan de oostzijde grenst het plangebied aan agrarische gronden met daarachter, op een afstand van circa 600 meter, het bedrijventerrein Lelypoort. Aan de zuidoostzijde grenst het plangebied aan het kanaal de Lage Vaart. Aan de overzijde van het kanaal ligt de autosnelweg A6. Verder zuidelijk is Lelystad Airport gelegen op een afstand van circa 2,6 km tot het plangebied. Aan de westzijde wordt het plangebied begrensd door de Warandedreef met daarachter het kanaal de Lage Dwarsvaart en het bosgebied Hollands Hout. Dit grote bosgebied is bedoeld als buffer tussen Lelystad en de Oostvaardersplassen. Het plangebied wordt aan alle zijden omringd door een houtwal. Enkel ter hoogte van ontsluitingsweg, aan de noordoostzijde, staan geen bomen. De houtwal is in beheer van Staatsbosbeheer en maakt geen onderdeel uit van het plangebied. Het gehele plangebied is momenten onverhard c.q. onbebouwd.
Aanzicht plangebied vanaf Torenvalkweg
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|6
3.
VOORGENOMEN ONTWIKELING
3.1
Planbeschrijving
Het planvoornemen betreft de realisatie van een arbeidsmigrantendorp aan de Torenvalkweg te Lelystad. Beoogd wordt om ter plaatse een tijdelijke huisvestingslocatie voor 2.520 arbeidsmigranten en 432 doorstromers te realiseren, verdeeld over 1.230 wooneenheden. De woongebouwen zijn uitsluitend bestemd voor een shortstay en valt derhalve onder de categorie logiefunctie. De huisvestingslocatie wordt tevens voorzien van onder andere een supermarkt, werkplaats, recreatievoorzieningen, facilitaire voorzieningen zoals een arts en een loopbaancoach en sportfaciliteiten. De toekomstige bewoners van het dorp zullen werkzaam zijn in de gemeente Lelystad en omgeving. De planning en inrichting van het gebied reflecteren een doordachte combinatie van woningbouw, gemeenschapsvoorzieningen, en recreatie, gericht op het bieden van een veilige, toegankelijke en functionele omgeving voor mensen die op korte termijn woonruimte nodig hebben.
Definitief ontwerp
Ontwerp De kern van het ontwerp is gericht op functionaliteit en gemeenschapsopbouw, waarbij de recreatieplas en omliggende groenstructuren dienen als een plek voor ontspanning en sociale interactie. Dit is van groot belang voor de arbeidsmigranten, die vaak in een onbekende omgeving verblijven en hier een ruimte vinden om samen te komen en te ontspannen na hun werk. Het gebruik van groenstructuren en beleeftuinen is niet alleen esthetisch, maar ook functioneel: ze bieden een rustige en natuurlijke omgeving die bijdraagt aan het welzijn van de bewoners.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|7
De wandelpaden, wegen, en nabijheid van bushaltes maken het gebied gemakkelijk toegankelijk, niet alleen voor de bewoners zelf, maar ook voor degenen die pendelen naar werk of andere faciliteiten in de regio. Het faciliteren van pendeldiensten is van groot belang voor arbeidsmigranten, die vaak afhankelijk zijn van deze diensten om zich te verplaatsen tussen hun werkplek en woonruimte. Naast ontspanning en recreatie biedt dit gebied ook tal van sportfaciliteiten, zoals voetbalvelden, volleybalvelden en een pannakooi. Deze voorzieningen zijn bewust opgenomen om de bewoners in staat te stellen actief te blijven en zich te verbinden met anderen, wat belangrijk is voor hun sociale integratie en gezondheid. De facilitaire gebouwen voor huisarts, beheerders en loopbaancoach, zijn bedoeld om directe ondersteuning te bieden aan zowel doorstromers als arbeidsmigranten. De aanwezigheid van een flexkantoor geeft mogelijkheden voor flexibele werkplekken, wat kan helpen bij het vinden van banen of het uitvoeren van administratieve taken. Voor arbeidsmigranten, die mogelijk tijdelijk in de regio verblijven, bieden deze faciliteiten een noodzakelijke basis om hun leven goed te organiseren.
Verder zorgen voorzieningen zoals wasserettes, opslagboxen, en afvalcontainers ervoor dat de praktische kant van het leven goed is georganiseerd, waardoor de bewoners een functionele en schone leefomgeving hebben.
Referentiebeeld in vogelvlucht
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|8
Bouw Het project omvat 41 woongebouwen van vier bouwlagen met een totaal van 1.230 wooneenheden. De bouw wordt in één werkgang van circa 2 jaar uitgevoerd. De eerste woongebouwen zullen in gebruik worden genomen terwijl andere woongebouwen nog gebouwd worden. De woongebouwen worden volledig uit houtskelet opgebouwd. Dit is een uniek concept wat volledig duurzaam is. De gebouwen zijn van een hoge kwaliteit en door het repeterende concept erg efficiënt te realiseren zijn. Hierdoor is de bouwtijd relatief kort en kunnen er 15 appartementen per week gebouwd worden. Ontsluiting De bouw begint aan de noordzijde van het plangebied, waar langs de Torenvalkweg twee ontsluitingswegen worden aangelegd. De oostelijke ontsluitingsweg fungeert als hoofdweg en loopt langs de gehele oostzijde van het plangebied richting het zuiden. Langs deze ontsluitingsweg worden diverse kleine gebouwen voor nutsvoorzieningen gerealiseerd, waaronder een rioolpomphuis, transformatorhuizen en een batterijhuis. Er komt tevens een ruimte voor afvalcontainers en een slagboom om toegang tot het plangebied te reguleren. Langs deze weg worden meerdere bushaltes geplaatst. Ook worden nabij de oostelijke ontsluitingsweg een parkeerkoffer aangelegd, met aangrenzend ruimte voor postkasten, een wasserette en opslagboxen.
Een tweede ontsluitingsweg wordt halverwege het plangebied aangelegd, en loopt langs de westzijde richting het zuiden. In totaal worden 1.344 parkeerplaatsen aangelegd. Deelgebieden In het noordelijke deel van het plangebied worden 6 van de 41 woongebouwen gerealiseerd. Deze gebouwen worden onderling verbonden door voetpaden, omgeven door groenvoorzieningen. Diverse kleinschalige parkjes worden aangelegd, met onder andere solitaire bomen, moestuintjes en tuinkassen. Daarnaast is centraal in het zuidelijke gedeelte ruimte gereserveerd voor sportactiviteiten, waaronder een pannakooi en een volleybalveld. In het middelste gedeelte worden 17 van de 41 woongebouwen geplaatst. Net als in het noordelijke deel worden deze gebouwen verbonden door wandelpaden. Tevens worden ook in dit gedeelte sportfaciliteiten toegevoegd, waaronder een voetbalveld, een fitnessruimte en een pannakooi. In het zuidelijke deel van het plangebied worden 7 woongebouwen gebouwd. Net als in het noordelijke deel wordt er langs de oostelijke ontsluitingsweg een parkeerkoffer aangelegd, met aansluitend een wasserette, opslagboxen en een winkel. Verder biedt dit deelgebied ruimte voor een recreatieplas, foodcontainers, recreatievoorzieningen en facilitaire diensten, zoals een arbodienst, flexkantoor, huisarts, beheerdersruimte en loopbaancoach. Aan de westzijde worden 11 woongebouwen gerealiseerd
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|9
Referentiebeelden (zuidoostzijde)
Referentiebeelden (noordwestzijde)
Water In het ontwerp worden diverse watergangen aangelegd, welke samenkomen in de een recreatieplas. Daarnaast worden diverse wadi’s, sloten en kanalen en een recreatieplas aangelegd. Rondom de recreatieplas wordt wit zand aangelegd om de uitstraling van de plas te versterken. Aan de zuidzijde van het plangebied wordt een waterafvoerkanaal aangelegd, zodat water uit het plangebied en de recreatieplas kan worden afgevoerd naar de Lage Vaart.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|10
3.2
Parkeren en verkeer
Parkeren Indien sprake is van een ruimtelijke ontwikkeling of/en een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt ingediend, dan kan dit gevolgen hebben voor het parkeren in de omgeving van het plan. Om voldoende parkeercapaciteit te waarborgen heeft de gemeente Lelystad het “Parapluplan parkeren Lelystad” opgesteld. Het Parapluplan maakt het mogelijk om voor alle ruimtelijke plannen aansluiting te zoeken bij het gemeentelijk parkeerbeleid (Nota Parkeernormen Lelystad 2023). Deze normen zijn gebaseerd op de kencijfers van het CROW (publicatie 381 ‘toekomstbestendig parkeren’) en gekalibreerd op de Lelystadse situatie. Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp. De huisvestingslocatie voorziet in wooneenheden die ruimte biedt voor in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers. Complementair aan de wooneenheden voorziet het planvoornemen in sport-, facilitaire-, gezondheid-, groen-, water- en recreatievoorzieningen. In overeenstemming met de gemeente Lelystad wordt aangesloten bij het huidige aantal ingetekende parkeerplaatsen. Het plangebied voorziet 1.344 parkeerplaatsen. Verkeer In het parkeerbeleid van de gemeente zijn geen cijfers opgenomen met betrekking tot de verkeersgeneratie. Om de verkeersgeneratie van de toekomstige situatie te kwantificeren is aansluiting gezocht bij de CROW-publicatie 744.
Hierbij wordt aansluiting gezocht bij een wooncategorie overeenkomstig met de complementaire parkeernorm van circa 0,5 parkeerplaats per wooneenheid. Derhalve wordt aansluiting gezocht bij de verkeersaantrekkende werking van ‘Klein eenpersoonswoning (tiny house, meestal grondgebonden)’. De verkeersgeneratie is in onderstaande tabel schematisch weergegeven. Functie Arbeidsmigrantenwoning (kamerverhuur, zelfstandig, niet studenten)
Norm 2,4 mvt/ etmaal per wooneenheid
Eenheid 1.230 wooneenheden
Verkeersgeneratie 2.952 mvt/ etmaal
Totaal
2.952 mvt/ etmaal
Uit bovenstaande tabel is af te lezen dat in de toekomstige situatie de verkeersgeneratie met maximaal 3.168 motorvoertuigen per etmaal toeneemt. Naar verwachting heeft de Torenvalkweg momenteel niet voldoende capaciteit om de verkeersgeneratie te verwerken. De verkeerskundige van de gemeente Lelystad heeft advies uitgebracht m.b.t. de ontsluiting. • Het verkeer wordt afgewikkeld op een weg die ontworpen is voor grotere stromen. • De investering is duurzaam, omdat de weg op langer termijn onderdeel wordt van de toekomstige wijkstructuur (en tevens gebruikt zal worden voor het bouw- en woonrijp maken van Zuiderhage). Om de nieuwe ontsluiting via de Valkendreef mogelijk te maken, moet de Torenvalkweg, die nu 3,6 meter breed is, verbreed worden voor het (bouw)verkeer. Er komt een volledige verbreding naar 5,5 meter.
Nieuwe ontsluiting
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|11
4.
BELEID EN REGELGEVING
In dit hoofdstuk wordt het beleidskader dat relevant is voor de activiteit toegelicht en wordt de activiteit hieraan getoetst. Er wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds beleid van hogere overheden waar lagere overheden rekening mee moeten houden, doch gemotiveerd van kunnen afwijken en anderzijds instructieregels van hogere overheden in omgevingsverordeningen en het Besluit kwaliteit leefomgeving.
4.1
Rijksbeleid en Rijksregels
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. Met de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie 2. Duurzaam economisch groeipotentieel 3. Sterke en gezonde steden en regio’s 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied De Nationale Omgevingsvisie biedt een duurzaam perspectief voor de leefomgeving. Hiermee kan het Rijk inspelen op de grote uitdagingen die voor hen liggen. Allerlei trends en ontwikkelingen hebben invloed op de leefomgeving. Veranderende en groeiende steden, de overgang naar een duurzame en circulaire economie en het aanpassen aan de gevolgen van de klimaatverandering vormen slechts een deel van de opgaven. Dit biedt kansen, maar vraagt wel om zorgvuldige keuzes. Want ruimte, zowel boven-, als ondergronds, is een schaars goed. Uitgangspunt is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang.
Om dit te kunnen bewerkstellingen laat het Rijk de inrichting van de fysieke leefomgeving meer over aan de decentrale overheden en komt de gebruiker centraal te staan. Toetsing Met onderhavig planvoornemen zijn geen nationale belangen in het geding. De NOVI vormt geen belemmering voor het planvoornemen. Conclusie De NOVI vormt geen belemmering voor het planvoornemen. Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) stelt de inhoudelijke normen voor gemeenten, provincies, waterschappen en het Rijk met het oog op het realiseren van de nationale doelstellingen en het voldoen aan internationale verplichtingen.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|12
In hoofdstuk 5 van het Bkl staan instructieregels voor zowel een omgevingsplan als buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Het grootste deel heeft betrekking op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (afdeling 5.1 Bkl). Het betreft onder meer normen en regels voor geluid en geur van activiteiten, externe veiligheid en cultureel erfgoed. Daarnaast bevat afdeling 5.2 van het Bkl instructieregels voor de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. Daarbij gaat het onder meer om het voorkomen van belemmeringen van gebruik en beheer van spoorwegen en rijkswegen. Toetsing In voorliggende motivering wordt nader, wanneer van toepassing, ingegaan op de bovengenoemde hoofdonderwerpen uit het Bkl. Conclusie Het planvoornemen is in lijn met de relevante hoofdonderwerpen uit het Bkl. Ladder voor duurzame verstedelijking Een van de instructieregels uit het Bkl betreft de Ladder voor duurzame verstedelijking. Deze instructieregel is voor plannen die worden aangemerkt als nieuwe stedelijke ontwikkeling, zoals woningbouwplannen. Bij een nieuwe woningbouwontwikkeling dient rekening gehouden te worden met de behoefte aan de stedelijke ontwikkeling. Artikel 5.129g van het Bkl bepaalt dat de Ladder betrekking heeft op een stedelijke ontwikkeling die voldoende substantieel is.
De aard en omvang van het woningbouwplan in relatie met de omgeving bepaalt of het plan voldoende substantieel is. Artikel 5.129g Bkl geeft geen ondergrens aan. In uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zijn hiervoor lijnen uitgezet. Bij woningbouw is vanaf 12 woningen sprake van een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. Toetsing Om te bepalen of een planvoornemen Ladderplichtig is, dient getoetst te worden of de voorziene ontwikkeling wel of geen stedelijke ontwikkeling is. Het planvoornemen betreft de realisatie van een arbeidsmigrantendorp aan de Torenvalkweg te Lelystad. Beoogd wordt om ter plaatse een tijdelijke huisvestingslocatie voor 2.520 arbeidsmigranten en 432 doorstromers te realiseren, verdeeld over 1.230 wooneenheden. Het huisvesten van arbeidsmigranten wordt in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) aangemerkt als logiesfunctie. Het planvoornemen is hiermee aan te merken als nieuwe stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. Toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking is derhalve noodzakelijk. In de toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking dient aangetoond te worden dat er behoefte is aan de voorgenomen ontwikkeling. Wanneer de ontwikkeling plaatsvindt buiten het stedelijk gebied, dient onderbouwd te worden waarom het stedelijk gebied niet kan voorzien in de huisvestingslocatie.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|13
Kwantitatieve behoefte Lelystad kampt, net als veel andere regio’s, met een groot tekort aan arbeidskrachten, met name in de landbouw, logistiek en productiesectoren. Arbeidsmigranten zijn onmisbaar om in deze tekorten te voorzien, zodat bedrijven aan de groeiende vraag naar producten en diensten kunnen blijven voldoen. De huisvesting van 2.520 arbeidsmigranten is daarom essentieel om de economische stabiliteit en productiviteit in de regio te waarborgen. Zonder deze huisvesting zou een groot deel van de lokale bedrijfsvoering onder druk komen te staan, wat negatieve gevolgen zou hebben voor de economie en werkgelegenheid. Door georganiseerde huisvesting te bieden, zorgt Lelystad bovendien dat arbeidsmigranten niet in overvolle, onveilige woningen terechtkomen, waarmee overlast en druk op de lokale infrastructuur voorkomen worden. Kwalitatieve behoefte Arbeidsmigranten dragen niet alleen bij door hun werk, maar versterken ook de lokale economie door hun bestedingen en aanwezigheid. Door goede en nabijgelegen huisvesting te bieden, wordt hun welzijn bevorderd, wat bijdraagt aan een hogere productiviteit en sociale betrokkenheid. Daarnaast voldoet deze huisvesting aan de toenemende vraag naar goede woonomstandigheden voor arbeidsmigranten, wat belangrijk is om gezondheidsklachten en sociale isolatie te voorkomen.
Het dorp voorziet in verschillende gemeenschapsfaciliteiten en recreatiegebieden, die gericht zijn op het bevorderen van een gezonde en sociale leefomgeving voor de migranten. De duurzame opzet van het project, met hernieuwbare energievoorzieningen en de mogelijkheid om eigen voedsel te verbouwen, draagt bij aan het welzijn van de bewoners en de klimaatdoelen van de regio, wat de leefbaarheid op lange termijn versterkt. Bouwen buiten bestaand stedelijk gebied De ladder vraagt tevens om een motivatie of de beoogde ontwikkeling plaats kan vinden binnen het bestaand stedelijk gebied. De ruimtevraag moet bij voorkeur worden opgevangen in het bestaand stedelijk gebied. Dit kan door middel van inbreidingslocaties, herstructurering van bestaande terreinen of door transformatie van bestaande gebouwen of gebieden. Tot dit doel dient geïnventariseerd te worden wat de potentiële ontwikkelingslocaties zijn en om een inschatting te maken van de (financiële) haalbaarheid daarvan. In sommige gevallen kan de vraag volledig worden opgevangen binnen het bestaand stedelijk gebied, door lege ruimtes te benutten of, andersom, ruimte vrij te maken. Het plangebied bevindt zich geheel buiten Bestaand Stedelijk Gebied (BSG). Hierdoor moet worden aangetoond dat het planvoornemen niet mogelijk is binnen bestaand stedelijk gebied.
Het planvoornemen voorziet in een grote ruimtelijke opgaven voor de huisvesting van in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers verdeeld over 41 bouwblokken met in totaal 1.230 wooneenheden. Clustering is nodig om effectief gebruik te maken van bepaalde voorzieningen zoals werktransport en toezicht door beheerders. Plek voor huisvesting van dusdanige omvang kan vrijwel niet worden gevonden binnen het Bestaand Stedelijk Gebied. Tevens zou realisatie binnen BSG een grote afstand tot de werklocaties met zich meebrengen, waardoor meer overlast door transport plaats zou moeten vinden. Daarbij betreft de doelgroep voor de huisvesting van (seizoensgebonden) arbeidsmigranten met een hoge doorstroom. Het is wenselijk deze doelgroep op afstand van bestaande woongebieden te huisvesten om eventuele overlast tot een minimum te houden.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|14
Conclusie De ontwikkeling voldoet hiermee aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Conclusie De activiteit past binnen de doelstellingen en het beleid van het Rijk.
4.2
Provinciaal beleid en provinciale regels
Omgevingsprogramma Flevoland In het Omgevingsprogramma Flevoland is ervoor gekozen al het bestaande beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming of het behoud van de fysieke leefomgeving te bundelen in één programma. Op deze wijze zijn de provinciale beleidskeuzes compact beschreven en is de samenhang tussen de verschillende beleidsterreinen het beste gewaarborgd. De provincie stelt in het Omgevingsprogramma dat zij de vitaliteit van het landelijk gebied wil vergroten en de gebruiksmogelijkheden ervan meer wil afstemmen op de maatschappelijke behoeften. Het Omgevingsprogramma stelt het volgende over de huisvesting van arbeidsmigranten. Flevolandse bedrijven zijn vaak afhankelijk van tijdelijke werknemers. De provincie wil ruimte bieden om de betreffende bedrijven te faciliteren in de huisvesting van hun arbeiders. Op dit moment is er geen concreet beleid geformuleerd voor de grootschalige huisvesting van arbeidsmigranten. Om deze ontwikkelingen toch te faciliteren, zijn er diverse experimentkaders opgesteld die getoetst zijn aan het provinciaal beleid.
Aan het experimentenkader zijn vijf voorwaarden verbonden: • de ambities voor versterking van de vitaliteit van het landelijk gebied; • het waarborgen en verbeteren van de kwaliteit van het landelijk gebied (natuur, landschap, cultuurhistorie, aardkundige waarden, extensieve vormen van recreatie), bijvoorbeeld door eisen van verevening en randvoorwaarden voor nieuwe functies te stellen; • de wijze waarop met de bestaande situatie en functies in het gebied wordt omgegaan; • de wijze waarop hierbij omgegaan wordt met natuurwaarden; • de wijze waarop het experiment past binnen de Omgevingsvisie en bijdraagt aan de provinciale opgaven Op basis van de uitkomst van experimenten kunnen voorstellen komen om het ruimtelijk beleid structureel aan te passen. Voordat Gedeputeerde Staten besluiten tot medewerking aan planontwikkeling op experimentele basis, worden Provinciale Staten geraadpleegd. Voor een aantal onderwerpen (voorheen de essentiële elementen) zijn het Provinciale Staten die de beslissingsbevoegdheid hebben. Doorwerking naar het planvoornemen Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp. De huisvestingslocatie voorziet in wooneenheden die ruimte biedt voor in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers.
Complementair aan de wooneenheden voorziet het planvoornemen in sport-, facilitaire-, gezondheid-, groen-, water- en recreatievoorzieningen. De provincie is voornemens ruimte te bieden aan de huisvesting van arbeidsmigranten, maar heeft hiertoe geen concreet beleid geformuleerd. Om de ontwikkeling te faciliteren dient getoetst te worden aan de bovengenoemde experimentenkaders.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|15
De ambities voor het versterken van de vitaliteit van het landelijk gebied zijn opgenomen in de Ladder voor duurzame verstedelijking, zoals omschreven in paragraaf 4.1 van voorliggende motivering. Het planvoornemen draagt bij aan de versterking van de lokale economie door een toename van consumptie en de mogelijkheid de werkgelegenheid te vergroten. Verder voorziet het plan in een woonruimteoptimalisatie. Ook leidt het plan, mede de ontwikkeling van de wijk ZuiderC, tot investeringen in de infrastructuur. Zo wordt ten westen van het plangebied een rondweg aangelegd. Daarbij wordt ook de culturele uitwisseling en sociale integratie bevorderd. Toetsing aan de waarborging en verbetering van de kwaliteit van het landschap vindt plaats in hoofdstuk 5 van voorliggende motivering. De beoordeling van de fysieke leefomgeving, waarbij rekening wordt gehouden met de wijze waarop wordt omgegaan met de natuurwaarden, vindt plaats in hoofdstuk 6. Op basis van de beoordeling kan gesteld worden dat het planvoornemen geen onevenredige effecten heeft op het landelijk gebied waarbij de kwaliteit wordt gewaarborgd. In de huidige situatie is het plangebied in gebruik als akkerbouwgrond. De met (kunst)mest beweidde grond maakt ruimte voor een duurzame huisvestingslocatie voor arbeidsmigranten, waarbij het streven is het plangebied zoveel mogelijk energie-neutraal te maken.
Als laatste dient de wijze waarop het experiment past binnen de Omgevingsvisie beoordeeld te worden. De wijze waarop het planvoornemen past binnen de Omgevingsvisie en de wijze waarop het bijdraagt aan de provinciale opgaven is onderstaand omschreven. Conclusie Het planvoornemen is in lijn met het gestelde experimentenkader voor de ontwikkeling van een huisvestingslocatie voor arbeidsmigranten. Omgevingsvisie FlevolandStraks (2017) De Omgevingsvisie FlevolandStraks (Samen maken we Flevoland) die op 8 november 2017 door Provinciale Staten is vastgesteld, geeft de langetermijnvisie van de provincie Flevoland op de toekomst van dit gebied. De visie gaat over de periode tot 2030 en verder. Het geeft aan welke kansen en opgaven er voor Flevoland liggen en welke ambities we hebben voor de toekomst. Het bijzondere verleden van de jongste provincie van Nederland vormt de basis van de visie. In een paar decennia is 1.400 vierkante kilometer voormalige Zuiderzee drooggelegd en vervolgens ingericht voor gebruik. Een prestatie van formaat. Dit verleden van Flevoland vormt tegelijkertijd de basis voor haar toekomst. Daarbij gaat het zowel over de wijze waarop Flevoland is ingericht, als de wijze waarop de Flevolanders samenwonen, samen leven, samen werken en wordt bestuurd. Maar Flevoland verandert. We kijken anders tegen onze omgeving aan dan twintig jaar geleden.
Ook veranderen de verhoudingen in de samenleving. Dit betekent dat we ook de kern moeten blijven aanpassen aan de maatstaven van de toekomst. Er zijn drie kernopgaven: • Het Verhaal van Flevoland (fysieke omgeving); • Krachtige Samenleving (sociaaleconomische omgeving), • Ruimte voor Initiatief (bestuurlijke omgeving). Deze opgaven vormen de kern voor alle ontwikkelingen waar de provincie Flevoland bij betrokken is. Zowel voor de strategische opgaven uit de Omgevingsvisie, als andere vraagstukken van de provincie Flevoland.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|16
Veranderingen gaan snel. De technologische mogelijkheden nemen in hoog tempo toe. Mensen en bedrijven trekken wereldwijd naar steden. Economische en kennisnetwerken strekken zich uit over nationale grenzen. Veranderende maatschappelijke opvattingen en technologische mogelijkheden bepalen in grote mate de manier waarop we in de toekomst gaan wonen, werken en leven in Flevoland. Deze veranderingen krijgen een grote impact. Niet van de ene op de andere dag, het gaat om veranderingen die zich over vele jaren uitstrekken. Wij gaan Flevoland hierop voorbereiden. Sterker nog, we willen dat inwoners en bedrijven optimaal profiteren van deze ontwikkelingen. In de strategische opgaven staan deze vraagstukken en ambities voor de toekomst beschreven. Het gaat om de volgende opgaven: • Duurzame Energie • Regionale Kracht • Circulaire Economie • Landbouw: Meerdere Smaken Doorwerking naar het planvoornemen Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp. De huisvestingslocatie voorziet in wooneenheden die ruimte biedt voor in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers. Complementair aan de wooneenheden voorziet het planvoornemen in sport-, facilitaire-, gezondheid-, groen-, water- en recreatievoorzieningen. Het plangebied is gelegen in het buitengebied van Lelystad aan de Torenvalkweg.
De polder is ingericht voor landbouw, wonen en recreatie met bovenlokale betekenis. Door wooneenheden te realiseren in de polder, waarbij arbeidsmigranten worden gehuisvest die een bovenlokale betekenis kennen, wordt bijgedragen aan de regionale kracht. De toekomst van de agrosector wordt voor een groot deel internationaal bepaald. Flevoland produceert voor de wereldmarkt. De consumentenvraag staat onder invloed van vele maatschappelijke, politieke en economische factoren. Lelystad kampt, net als veel andere regio’s, met een groot tekort aan arbeidskrachten, met name in de landbouw, logistiek en productiesectoren. Arbeidsmigranten zijn onmisbaar om in deze tekorten te voorzien, zodat bedrijven aan de groeiende vraag naar producten en diensten kunnen blijven voldoen. Door de ontwikkeling van het planvoornemen wordt Lelystad voorbereid op de toekomst, waarbij de provincie op (agrarisch) wereldniveau kan blijven produceren. Het arbeidsmigrantendorp wordt ingericht als een lokale community, waarbij de inwoners volledig voorzien worden in meerdere faciliteiten, zoals een winkel, wasserettes, sport-, recreatie-, en horecavoorzieningen. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt derhalve ingezet op een krachtige samenleving waarbij sprake is van sociale veerkracht, een hoge participatiegraad en een beroepsbevolking die past bij de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt.
Als laatste voorziet het planvoornemen in een aardgasloze wijk waarbij de wooneenheden worden ontwikkeld naar de laatste duurzaamheids- en isolatienormen. De woningen stoten daardoor geen CO2 en stikstof uit. Daarbij wordt actief gezocht naar mogelijkheden om binnen het plangebied duurzame energie op te wekken. Het streven is om met behulp van pv-panelen en een centrale batterij zoveel mogelijk energie-neutraal te worden. Op deze manier draagt het plan bij aan een duurzame ontwikkeling
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|17
Conclusie Onderhavig planvoornemen past binnen de doelstellingen van de Omgevingsvisie FlevolandStraks. Geconsolideerde Omgevingsverordening Flevoland (2019) In 2012 is het Rijk gestart met de herziening van het huidige omgevingsrecht dat verbrokkeld en verdeeld is over tientallen wetten. De Omgevingswet biedt het fundament voor bundeling van het omgevingsrecht in één wet. Uit oogpunt van afstemming, kenbaarheid en beschikbaarheid is het verplicht dat ook de provinciale omgevingsrechtelijke regels worden gebundeld in één Omgevingsverordening. De Omgevingsverordening omvat drie soorten regels. Ten eerste regels die gericht zijn tot burgers en bedrijven, zoals algemene regels en vergunningstelsels. Ten tweede regels die zijn gericht tot het uitvoerend bestuur, zoals omgevingswaarden en beoordelingsregels voor vergunningaanvragen. En ten derde omvat het instructieregels over de uitoefening van taken en bevoegdheden door gemeenten en waterschappen. De provincies hebben van het Rijk geen overgangstijd gekregen, hetgeen inhoudt dat de Omgevingsverordening gelijktijdig met de Omgevingswet inwerking zal moeten treden. Dit heeft geleid tot een eerste aanzet voor een Omgevingsverordening zoveel als mogelijk in lijn met de Omgevingswet en digitaal ontsloten volgens de op dit moment geldende regelgeving in standaarden. Voor onderhavige plangebied zijn de volgende instructieregels c.q.
beoordelingsregels van toepassing: Natuurnetwerk Nederland (werkingsgebied) (art. 7.1) Een ruimtelijke ontwikkeling binnen een Natuurnetwerk Nederland (hierna: NNN) dient rekening te houden met de wezenlijke kenmerken en waarden van dat gebied. De activiteit mag per saldo niet leiden tot een significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het gebied. Het plangebied is niet gelegen binnen een NNN. Wel grenst het plangebied aan de west- en zuidzijde aan een NNN, waardoor het plangebied, op basis van de omgevingsverordening, is aangewezen als ‘Natuurwetwerk Nederland (werkingsgebied)’. Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp. De huisvestingslocatie voorziet in wooneenheden die ruimte biedt voor in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers. Complementair aan de wooneenheden voorziet het planvoornemen in sport-, facilitaire-, gezondheid-, groen-, water- en recreatievoorzieningen. Gezien de aard van de omvang wordt mogelijke aantasting aan de wezenlijke kenmerken en waarden getoetst. Toetsing van de effecten van het planvoornemen op het nabijgelegen NNN wordt nader onderbouwd in paragraaf 6.6 van voorliggende motivering. Uit het onderzoek blijkt dat de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN niet worden aangetast.
Wel stelt het onderzoek een aantal vervolgstappen/ advies welke onder ecologische begeleiding uitgevoerd dienen te worden. Deze mitigerende maatregelen worden nader toegelicht in paragraaf 6.6 van voorliggende motivering.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|18
Luchtvaart (art. 10.2) Sinds de inwerkingtreding op 1 november 2009 van de Regeling burgerluchthavens en militaire luchthavens (RBML), die is opgenomen in de Wet luchtvaart, zijn Provinciale Staten het bevoegde gezag om te besluiten over het zogeheten 'landzijdige' gebruik van een regionale luchthaven, dat wil zeggen de milieugebruiksruimte (geluid, externe veiligheid, luchtkwaliteit) en daarmee samenhangend de consequenties voor het ruimtegebruik in de omgeving. Vaststelling van een luchthavenbesluit (artikel 8.43 Wet luchtvaart) is aan de orde als de gevolgen van het luchthavenluchtverkeer wat betreft geluid en externe veiligheid zodanig zijn dat dit consequenties heeft voor de ruimtelijke indeling c.q. het ruimtegebruik buiten de luchthaven. Voor luchthavens zonder ruimtelijke impact bulten de terreingrenzen (zowel de geluidscontour als de externe veiligheidscontour valt op of binnen het luchthavengebied) kan met een luchthavenregeling (artikel 8.64 Wet luchtvaart) worden volstaan. Zowel een luchthavenbesluit als een luchthavenregeling wordt bij verordening vastgesteld. Het Luchthavenbesluit vormt geen beperking voor het planvoornemen. Conclusie Het initiatief is in overeenstemming met het provinciaal beleid.
4.3
Regionaal beleid
Woondeal Metropoolregio Amsterdam In de MRA (Metropoolregio Amsterdam) wordt ingezet op 175.000 woningen, bijna een vijfde van de nationale opgave. Ook hier zetten alle betrokken partijen - het Rijk, de provincies Noord-Holland en Flevoland en de gemeenten in de Metropoolregio Amsterdam (MRA) - zich in voor de bouw van betaalbare woningen. Circa twee derde van de woningen bevindt zich in het betaalbare segment. In de MRA gaat het om 112.992 betaalbare huur-en koopwoningen, waarvan 20.724 in Flevoland en 92.268 in Noord-Holland. Dit vraagt om wederkerige afspraken tussen Rijk en regio over randvoorwaarden, het wegnemen van knelpunten en financiële ondersteuning van de MRA-opgave. Bijvoorbeeld over randvoorwaarden op het gebied van klimaatbestendig bouwen, geluid, stikstof en energievoorziening. Dat is noodzakelijk om het woningtekort in de MRA sneller in te lopen en de betaalbaarheid van het wonen in de regio te verbeteren. Daarnaast zet de MRA regio zich in voor de realisatie van 5.000 flexwoningen tot en met 2025. Doorwerking naar het planvoornemen Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp bestaande uit 1.230 wooneenheden. De huisvestingslocatie voorziet in wooneenheden die ruimte biedt voor in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers.
Complementair aan de wooneenheden voorziet het planvoornemen in sport-, facilitaire-, gezondheid-, groen-, water- en recreatievoorzieningen. De ontwikkeling van 1.230 wooneenheden draagt bij aan de ontwikkelingsdoelstellingen, zoals omschreven in de Woondeal MRA. Conclusie De activiteit past binnen de regionale doelstellingen en het regionale beleid.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|19
4.4
Gemeentelijk beleid
Omgevingsvisie Lelystad 2040 Op 22 juni 2021 heeft de gemeente Lelystad de Omgevingsvisie Lelystad vastgesteld. In de Omgevingsvisie Lelystad geeft het gemeentebestuur richting aan de toekomstige ontwikkeling van de stad. Dan gaat het niet alleen om bouwen, maar bijvoorbeeld ook om wonen, verkeer, werken, ontmoeten, recreëren, bewegen en meedoen. Een integrale visie over onderwerpen die iedereen in Lelystad raken. Een samenhangende visie op de fysieke, ruimtelijke, sociale en economische ontwikkelingen van de stad. In de visie gaat het om het beschermen van de kernwaarden, het realiseren van de maatschappelijke opgaven van de stad en om de ontwikkeling van onze optimale rol als gemeente. Zodoende kunnen de inwoners van Lelystad gezond, veilig en duurzaam in de stad leven. Lelystad kent een aantal fundamentele en samenhangende sociale, economische en ruimtelijke opgaven: • Er ligt een uitdaging om meer inwoners een hogere economische status te laten verkrijgen; • Er ligt een uitdaging voor meer balans en draagkracht van de bevolking en voldoende kwantitatieve en kwalitatieve publieke en commerciële voorzieningen; • Er ligt een uitdaging om het regionaal potentieel als vestigingsplaats voor ondernemers en als aantrekkelijke woongemeente van waaruit de hele regio goed en snel te bereiken is, meer en beter te benutten.
Van deze opgaven wordt er toegewerkt naar de volgende ambities: • Versterken urbanisatie: uitnodigende en ondernemende stad; • Versterken maatschappelijke kracht: veerkrachtige samenleving met onderscheidend onderwijs en een toekomstbestendig, samenwerkingsgericht, preventie- en zorgnetwerk; • Gedeeld eigenaarschap voor de gezamenlijke opgave in Lelystad. Deze ambities zijn vervolgens uitgewerkt in drie ruimtelijke hoofdprincipes: 1.
2.
3.
Stad en landschap zijn verweven: de stad is op alle lagen verweven met het landschap en deze verweving geeft de stad haar ruimtelijke identiteit. Een groene stad met veel ruimte voor wonen, werken en recreëren in de nabijheid van de volle en drukke Randstad. Belangrijke ruimtelijke structuren en elementen waarin dit hoofdprincipe te herkennen is, zijn de bossen verbonden met parken en groenstroken, de groene ring, groene inrichting dreven met lange zichtlijnen, de dijken en het werkeiland. Functies zijn gescheiden: Lelystad is een prachtig voorbeeld van de zogenaamde functionele stad met een verregaande functiescheiding, die erg dominant is geweest voor de stadsontwikkeling. Wonen, werken, recreatie, voorzieningen en verkeer zijn van elkaar gescheiden. Belangrijke ruimtelijke structuren en elementen waarin dit hoofdprincipe te herkennen is, zijn de vrijliggende fietspaden en voetpaden, grid van dreven, monofunctionele wijken; Wijken zijn herkenbaar: De vooroorlogse tuinstadgedachte, waarin door de stedenbouwkundige Cornelis van Eesteren compacte stadsuitbreidingen van elkaar worden gescheiden door grote groenzones, heeft model gestaan voor het groene karakter van de stad. Belangrijke ruimtelijke structuren en elementen waarin dit hoofdprincipe te herkennen is, zijn de dreven die de wijken omzomen, de buurtringen, wijkcentra en de woonhoven in de Atolwijk en Zuiderzeewijk.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|20
Om deze ambities te bereiken en de principes in stand te houden zijn er voor verschillende invalshoeken strategieën ontwikkeld. Voor voorgenomen ontwikkeling is het thema ‘wonen en voorzieningen’, ‘werken en leren’, ‘groene verstedelijking’ en ‘aantrekkelijke en gezonde buurten’ relevant. Doorwerking naar het planvoornemen Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp. De huisvestingslocatie voorziet in wooneenheden die ruimte biedt voor in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers. Complementair aan de wooneenheden voorziet het planvoornemen in sport-, facilitaire-, gezondheid-, groen-, water- en recreatievoorzieningen. Werken en leren De gemeente Lelystad zet zich in voor een gespecialiseerde economie die een krachtige regionale meerwaarde levert. Lelystad streeft daarbij naar een economie die toekomstbestendig is, waarbij de gemeente zich richt op de sectoren logistiek, toerisme en secundaire agrofood. Lelystad kampt, net als veel andere regio’s, met een groot tekort aan arbeidskrachten, met name in de landbouw, logistiek en productiesectoren. Arbeidsmigranten zijn onmisbaar om in deze tekorten te voorzien, zodat bedrijven aan de groeiende vraag naar producten en diensten kunnen blijven voldoen. De huisvesting van 2.520 arbeidsmigranten is daarom essentieel om de economische stabiliteit en productiviteit in de regio te waarborgen.
Zonder deze huisvesting zou een groot deel van de lokale bedrijfsvoering onder druk komen te staan, wat negatieve gevolgen zou hebben voor de economie en werkgelegenheid. Het planvoornemen draagt derhalve sterk bij aan de strategie van de gemeente om de economie toekomstbestendig te maken. Groene verstedelijking Initiatiefnemer is voornemens ter plaatse van het plangebied energie op te wekken. Het streven is om met behulp van pv-panelen en een centrale batterij zoveel mogelijk energie-neutraal te worden. De bouw wordt uitgevoerd in duurzaam houtskeletbouw en wordt zonder gasaansluiting opgeleverd. De wooneenheden worden verwarmd middels een duurzame warmtebron (zonnecollectoren en warmtepompen). Daarbij wordt het plangebied voorzien van recreatie, horeca, een supermarkt en sportgelegenheden. Omdat de voorzieningen nabij de wooneenheden zijn gelegen, zal de CO2 en stikstofuitstoot van de mobiliteit minimaal zijn. Het planvoornemen draagt derhalve bij aan de strategieën natuurinclusief, energieneutraal en klimaatbestendig uit de Omgevingsvisie. Aantrekkelijk en gezonde buurten Verspreid door het plangebied worden moestuinen, kassen en een voedselbos aangelegd. Op deze manier hun eigen voedsel verbouwen. Op deze manier kan gezond voedsel op een laagdrempelige beschikbaar worden gemaakt voor de bewoners. Daarbij wordt het plangebied voorzien van diverse sportvoorzieningen.
De wooneenheden, sport- en recreatievoorzieningen en moestuinen staan middels wandelpaden met elkaar in verbinding. Bovendien wordt verspreid door het plangebied verschillende groene parkjes aangelegd. Het planvoornemen draagt hiermee bij aan de actieve gezondheidsbevordering door een gezonde en beweegvriendelijke omgeving te creëren. Conclusie Het planvoornemen is in lijn met de gestelde toekomststrategieën uit de Omgevingsvisie 2040.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|21
Woonvisie 2022-2027 Een leven lang wonen in Lelystad Op 8 maart 2022 heeft de gemeenteraad de nieuwe woonvisie vastgesteld. In de woonvisie staan de belangrijkste afspraken voor het woonbeleid. Er staan opgaven in voor onder meer de groeiambitie, de bestaande stad, betaalbaarheid en beschikbaarheid, duurzaamheid en wonen en zorg. Met de nieuwe Woonvisie streeft de gemeente Lelystad naar een versnelde kwalitatieve groei van de stad met de juiste woning op de juiste plek en wijken met alle voorzieningen die daarbij horen. De komende jaren wordt ingezet op veel verschillende woningen om nieuwe inwoners en bedrijvigheid aan zich te binden. Voor de bestaande stad wil de gemeente de kwaliteit van woningen en de woonomgeving verbeteren. Ook gaat Lelystad experimenteren en ruimte bieden voor innovatieve architectuur en duurzame bouwstijlen en zorgt het voor een gevarieerd aanbod aan woonvoorzieningen met passende zorg. Doorwerking naar het planvoornemen Door de stijgende werkgelegenheid in Lelystad ziet de gemeente een stijgende vraag naar flexibele huisvesting. Deze vraag is afkomstig uit verschillende doelgroepen, waaronder arbeidsmigranten en doorstromers. In dit licht is het nodig voldoende betaalbare specifieke huisvesting voor deze doelgroep te realiseren.
De uitgangspunten uit het beleidskader ‘internationale medewerkers’ worden gebruikt om besluiten te nemen over geschikte locaties. Daarbij zet de woonvisie onder andere in op het vaststellen van een visie en ambitie met betrekking tot de betaalbaarheid en beschikbaarheid van wooneenheden. Specifiek zet de gemeente in op het beschikbaar stellen van voldoende betaalbare wooneenheden voor arbeidsmigranten. Conclusie Voorgenomen ontwikkeling sluit aan bij de visie en ambities uit de Woonvisie. Wet goed verhuurderschap In de Wet goed verhuurderschap (hierna: de wet) staan regels voor verhuurders van woningen. Het doel van de wet is om ongewenste verhuurpraktijken te voorkomen en tegen te gaan bij alle groepen huurders, waaronder internationale medewerkers. De wet regelt dat de huurovereenkomst los staat van de arbeidsovereenkomst en dat de informatie die de verhuurder verplicht aan de huurder moet verstrekken in een voor de internationale medewerker begrijpelijke taal is opgesteld. Daarnaast geeft de wet de mogelijkheid aan gemeenten om bij misstanden op de lokale huurmarkt op te treden. Aanbevelingen van de commissie Roemer zijn in de wet opgenomen. Er is vanaf begin 2024 een meldpunt bij de gemeente ingericht waar huurders (inclusief Internationale medewerkers), woningzoekenden, omwonenden en anderen o.a.
terecht kunnen met signalen en klachten over ongewenst gedrag van verhuurders of verhuurbemiddelaars. Daarmee vormt het meldpunt een belangrijke basis voor de gemeentelijke handhaving. De wet stelt een basisnorm voor goed verhuurderschap vast door middel van de regeling goed verhuurderschap. Het college is belast met de handhaving van de wet. Doorwerking naar het planvoornemen Het beheer van het arbeidsmigrantendorp wordt uitgevoerd door de initiatiefnemer. Initiatiefnemer ziet toe op de naleving van de Wet goed verhuurderschap.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|22
Conclusie De Wet goed verhuurderschap vormt geen belemmering voor het planvoornemen. Huisvestingsverordening Lelystad 2023 (opkoopbescherming) De opkoopbescherming is vastgelegd in de Huisvestingsverordening Lelystad 2023. De opkoopbescherming zorgt ervoor dat in aangewezen gebieden woningen niet meer opgekocht kunnen worden door beleggers om te verhuren waardoor er meer kans is voor starters en middeninkomens. De opkoopbescherming geldt vooralsnog tot 1 januari 2027. Daarna vindt een landelijke evaluatie plaats. De opkoopbescherming is van toepassing voor beschermde woonruimte (in door de raad aangewezen wijken die aan bepaalde kenmerken voldoet) die in de genoemde periode wordt verkocht. Gedurende deze periode is het voor de nieuwe eigenaar verboden de woonruimte te verhuren zonder verhuurvergunning opkoopbescherming. De verhuurvergunning wordt niet verstrekt voor kamerverhuur. En biedt dus geen uitkomst voor huisvesting van Internationale medewerkers. Sterker nog, de verhuurmogelijkheden voor Internationale medewerkers worden hierdoor verder beperkt. Immers, momenteel mag een huiseigenaar zijn woning wel verhuren aan een gezin dat bestaat uit Internationale medewerkers. Met de komst van de opkoopbescherming is ook deze variant voor aangewezen woningen niet meer mogelijk.
Doorvertaling naar het planvoornemen Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp. De huisvestingslocatie voorziet in wooneenheden die ruimte biedt voor in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers. Complementair aan de wooneenheden voorziet het planvoornemen in sport-, facilitaire-, gezondheid-, groen-, water- en recreatievoorzieningen. Er is geen sprake van het opkopen van woningen voor het huisvesten van arbeidsmigranten. Het planvoornemen is derhalve niet in strijd met de opkoopbescherming uit de Huisvestingsverordening Lelystad 2023. Conclusie Het planvoornemen is in lijn met de uitgangspunten uit de opkoopbescherming uit de Huisvestingsverordening Lelystad 2023. Beleidskader Huisvesting arbeidsmigranten Op 5 oktober 2021 stelde de raad, geamendeerd, de Beleidskaders Huisvesting arbeidsmigranten (hierna Beleidskaders Huisvesting) vast. De raad wilde eerst kaders vaststellen voordat besluiten worden genomen over locaties waar deze huisvesting kan worden gerealiseerd. De vastgestelde Beleidskaders Huisvesting luiden als volgt: 1. Short stay huisvesting voor Internationale medewerkers is gericht op in Lelystad werkzame medewerkers en reeds in Lelystad wonende Internationale medewerkers; 2. Er wordt voldoende huisvesting gerealiseerd zodat de actuele overlast door illegale kamerverhuur in de wijken effectief bestreden kan worden.
Hierna vindt verdere uitbreiding van huisvesting gefaseerd plaats op grond van analyses van de Lelystadse arbeidsmarkt; 3. Locaties voor huisvesting van Internationale medewerkers dienen binnen bereik van voorzieningen te liggen; 4. De raad wordt geconsulteerd over de realisatie van een initiatief en tevens wordt de initiatiefnemer verplicht een participatietraject te doorlopen;
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|23
5.
Bij het inzetten van een gemeentelijke kavel zal een selectieproces worden gevolgd. De rol van de gemeente beperkt zich tot het stellen van voorwaarden en het verhuren of verkopen van de kavel; 6. Uitgangspunt is dat een initiatief moet voldoen aan de kwaliteitsnormen van het Aanjaag team Roemer. Eventuele voorstellen tot afwijking daarvan worden aan de raad voorgelegd; 7. Een adequaat 24/7 plan voor de huisvestingslocatie is vereist; 8. Met verhuurders van Internationale medewerkers worden afspraken gemaakt die bijdragen aan hun registratie bij de gemeente; 9. De initiatiefnemer zal inzichtelijk moeten maken hoe zorg wordt gedragen voor huisvesting of terugkeer naar het land van herkomst na afloop van een dienstverband; 10. Waar dat mogelijk is, wordt ingezet op verbetering van de onafhankelijkheid door ontkoppeling arbeidscontracten en huurovereenkomsten voor Internationale medewerkers. In de huurovereenkomst, of indien er geen aparte huurovereenkomst tot stand komt, in een los te bieden overeenkomst, wordt een tijdelijke huurbescherming van minamaal 1 maand vastgelegd; 11. De locatie(s) ten behoeve van huisvesting van Internationale medewerkers door de Raad vast te laten stellen. Doorvertaling naar het planvoornemen Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van een arbeidsmigrantendorp.
De huisvestingslocatie voorziet in wooneenheden die ruimte biedt voor in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers. Complementair aan de wooneenheden voorziet het planvoornemen in sport-, facilitaire-, gezondheid-, groen-, water- en recreatievoorzieningen. Om het planvoornemen mogelijk te maken dient een participatietraject doorlopen te worden. Deze procedure is opgenomen in paragraaf 7.2 van voorliggende motivering. Door de stijgende werkgelegenheid in Lelystad ziet de gemeente een stijgende vraag naar flexibele huisvesting. Deze vraag is afkomstig uit verschillende doelgroepen, waaronder arbeidsmigranten en doorstromers. Gezien de ontwikkeling, waarbij de huisvestingslocatie specifiek voor deze doelgroep wordt gebouwd, wordt een bijdrage geleverd aan voldoende huisvesting voor arbeidsmigranten. Mede hierdoor kan de (illegale) kamerverhuur binnen de bestaande woningvoorraad effectief bestreden worden. Daarbij dient een initiatief te worden getoetst aan de aan de kwaliteitsnormen van het Aanjaagteam Roemer. Dit betekent in de praktijk dat wooneenheden door maximaal vier mensen worden bewoond die ieder over een eigen slaapkamer beschikken. Aan de gemeenschappelijke ruimte in een wooneenheid worden eisen gesteld aan omvang en voorzieningen.
De beoogde wooneenheden worden door maximaal twee of vier mensen bewoond, waarbij inpandig voldoende rekening is gehouden met een eigen slaapkamer en privacy. Iedere bewoner beschikt over een eigen slaapkamer. Stellen die wensen te slapen op één slaapkamer delen wel een kamer. De oppervlakte van de slaapkamers bedraagt minimaal 5,5 m² per persoon. Het gebruiksoppervlakte inclusief slaapkamer bedraagt meer dan 15 m² per persoon. Het complex zal tevens moeten beschikken over voldoende recreatievoorzieningen zowel in het gebouw als daarbuiten op eigen terrein zodat de inwoners op de locatie mogelijkheden voor ontspanning worden geboden. Het planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van 1.230 wooneenheden, waar in totaal 2.952 arbeidsmigranten en doorstromers worden gehuisvest.
Huisvestingslocatie arbeidsmigranten Torenvalkweg te Lelystad
|24
Per wooneenheid worden derhalve twee of vier arbeidsmigranten/ doorstromers gehuisvest, waarbij voldoende rekening wordt gehouden met privacy en slaapvoorzieningen. Bovendien zal de initiatiefnemer zorg dragen voor de registratie van arbeidsmigranten bij de gemeente en voor de terugkeer naar land van herkomst na de contract beëindiging. Deze partij waarborgt ook de rechten en voorwaarden uit de arbeids- en huurcontracten. Het planvoornemen is derhalve in lijn met de kwaliteitsnormen van het Aanjaagteam Roemer. De eerdergenoemde voorzieningen zijn gelegen binnen het plangebied en derhalve goed bereikbaar voor de inwoners van het arbeidsmigrantendorp. De huisvestingslocatie wordt daarmee gerealiseerd buiten de bestaande woonwijken, maar binnen het bereik van voorzieningen. Ook een wasserette en kleinschalige supermarkt maken onderdeel uit van het huisvestingsconcept. Omdat met het initiatief sprake is van een grotere huisvestingslocatie wordt ook een beheersfunctie volgens 24/7 concept gerealiseerd. Conclusie Het planvoornemen is in lijn met de beleidskader huisvesting arbeidsmigranten Kamerverhuur bijzondere woonvormen Lelystad In de beleidsregel Kamerverhuur bijzondere woonvormen Lelystad is vastgelegd wat onder bijzondere woonvormen wordt verstaan.