CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 1_beeldregieplan Lelycentre gebied

Raadsvergadering 21 september 2021, gemeente LelystadBij agendapunt: 198. Beeldregieplan Lelycentre gebied13.960 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Traditionele houten of betonnen schuttingen zijn niet toegestaan; • bij grondgebonden woningen dient rekening te worden gehouden met een gebouwde oplossing voor drie mini-containers op eigen erf. De eigen opstelplekken worden zorgvuldig geïntegreerd in het ontwerp, zodanig dat het straatbeeld wordt ontzien. • Kiosken of paviljoens: a. bevinden zich in de hoofd-parkeerterreinen of pleinen; b. dakvorm is vrij; c. zijn alzijdig; hebben voldoende gevelopening met helder glas; gesloten gevels zijn representatief; d. kleur- en materiaalgebruik draagt bij aan een modern en strak beeld; geen metselwerk; e. installaties zijn inpandig opgelost, opgenomen in de architectuur of uit het zicht vanaf de openbare ruimte onttrokken. Nodige afscherming, ook voor dak installaties, is mee-ontworpen; f. nodige terrasschermen zijn transparant en mee ontworpen.

LAc6 Smedinghuis gebouwencomplex Het Smedinghuis gebouwencomplex is in de Welstandsnota 2015 Lelystad geeft ruimte kwaliteit aangewezen als cultuurhistorisch erfgoed. In het kader van de welstandsnota wordt de definitie ervan beperkt tot gebouwd erfgoed. Het Smedinghuis complex is, naast cultuurhistorisch erfgoed, een beeldbepalende12 object. Deze is van groot belang voor de stedenbouwkundige samenhang en bepaald het aanzicht en karakter zowel van het Lelycentre gebied als van de stad. Beeldbepalende objecten hebben niet dezelfde status als gemeentelijke of rijksmonumenten maar genieten van bescherming van de gemeente op basis van culturele en/of historische gronden. Een sloopvergunning wordt bijvoorbeeld niet licht afgegeven. Het uitgangspunt bij beeldbepalende en cultuurhistorisch waardevol gebouwen is behoud en herstel, tegelijkertijd worden mogelijkheden aangeboden voor ontwikkeling. Voor bouwplannen stelt de erfgoedcommissie een collegiale advies op welke als basis kan dienen voor de welstandsbeoordeling. 12 beeldbepalend: een beeldbepalend gebouw is van lokale ruimtelijke waarde die op grond van hun hoofdvorm, landschappelijke en/of stedenbouwkundige situering bijdragen aan de identiteit van de omgeving. De hoofdmassa en positionering op het erf is beschermd.

Waardering Het Smedinghuis gebouwencomplex is cultuurhistorisch en stedenbouwkundig historisch van belang, omdat het als één van de weinige gebouwen het oorspronkelijke stedenbouwkundige concept van Cornelis van Eesteren vertegenwoordigt waarbij verkeersstromen zo gescheiden zijn dat de ingangen van de voorzieningen zich op het niveau van de eerste verdieping bevinden. De ensemblewaarde van het Smedinghuis komt voort uit de samenhang met de verhoogde fietsroute en de markering door het stedelijke gebouw van het oorspronkelijk als stadshart gedachte centrum (Lelycentre). Architectuurhistorisch is het van belang vanwege de bijzondere ontwerpkwaliteiten die tot uitdrukking komen in de structuralistische hoofdopzet, de sterke geleding van de gevels, het bijzondere materiaalgebruik en de zorgvuldige detaillering. Dankzij een zorgvuldige renovatie zijn de karakteristieke elementen in zowel het exterieur als interieur behouden gebleven.13

Hoofdopzet Het Smedinghuis gebouwencomplex is een beeldbepalend bouwwerk niet alleen door zijn architectonische kwaliteit maar ook door de ligging in het stedelijke weefsel in combinatie met de openheid en schaal van het omliggende gebied. Het Smedinghuis gebouwencomplex samen met het ruim bordes, de verhoogde fiets- en voetgangersroute vormen in stedenbouwkundig en architectonische zin één geheel. Het noord-zuid georiënteerde hoofdgebouw dient als ruggengraat van het complex en is verbonden met de oost en west vleugels via luchtbruggen. Het hoofdgebouw presenteert zich richting het Zuiderwagenplein. De ontvangsthal is bereikbaar via de verhoogde route. Samen met het laboratorium huisvestte deze gebouwen het toenmalige Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders. Middels de verhoogde route is dit gedeelte verbonden met het voormalige Stadskantoor van het openbaar lichaam Zuidelijke IJsselmeerpolders, ook noord-zuid georiënteerd, welke het laatste blok in het complex vormt. Dit blok ligt op een bordes en heeft een entree zowel op maaiveld als aan de verhoogde route. De gevels openen zich naar de belangrijkste openbare ruimtes en kenmerken zich door de horizontale gevelgeleding, het toepassen van luifels ter hoogte van de entrees, de robuuste betonnen balkons ter hoogte van de tweede verdieping, de prefab aluminium erkers en de opvallende polyester leidingschachten.

In het interieur is het cassetteplafond karakteristiek. In het hoofdgebouw zijn de monumentale ontvangst ruimte, de hal, het trappenhuis en de kantine typerend voor de tijdsgeest en hierdoor waardevol. Met een combinatie van werk- een woonfuncties zal het Smedinghuis gebouwencomplex een belangrijke rol spelen in de levendigheid en toekomstbestendigheid van het gebied. De uitwisseling tussen gebouw en openbare ruimte, de schaal van het ontvangstplein en het kwalitatief vergroenen van de omgeving zijn hier ook van belang. Het regime LAc6 heeft het niveau van architectonische/volledige welstand.

13 Cultuurhistorie in Lelystad, L. van Meijel en P. Opmeer, oktober 2007.

Rechts: volumetrie van het gebouwencomplex met de verhoogde route. Daarnaast: ruime ontvangsthal en kantine met het kenmerkende cassetteplafond. beeldregieplan Lelycentre gebied

27

woontoren Centrada

+23,8 peil

Maerlant woonblok

Stedenbouwkundige doelstelling

+15.28

kantoorgebouw RWS (zuid)

Spelregels • de openheid en de schaal van het ontvangstplein dient te worden gerespecteerd; • het solitair gebouwencomplex met routes als geheel wordt gereswonen pecteerd; • de relatie van het gebouwencomplex met de verhoogde fietsroute en bordes blijft gehandhaafd en wordt hersteld; 17,5 m• 95,0 m de monumentale uitstraling wordt gerespecteerd.

+13,2 peil

+11,8 peil

-4,02

wonen

wonen

-3,02

-4,02

Bastion

+8,8 peil

Situering • een ruim bordes als ontvangstplein voor het gebouwencomplex; • het gebouwencomplex rust (deels) op een bordes; • de gebouwen zijn bereikbaar via de verhoogde fiets- en voetgangersroute; • de rooilijnsprongen; • bij verbouwingen dient het gebouw ten minste één entree te hebben aan de groene/gele drager (zie profiel Snijdersstraat pg. 22); fysieke relatie tussen plint en deze openbare ruimte is vereist.

wonen

-3,02

tuin Bastion

00

-4,02

Hoofdvorm • 33,5 samengestelde en sterk gelede bouwmassa’s en getrapte opbouw; m 3,0 m minimaal • platte daken zonder overstekken; • de luifels bij de entrees. -6,02

orridor Bastion

2,0

9,5

3,0

2,5

voorzieningen

-3,02

-6,02

-6,02

-6,02

Welstandscriteria De volgende oorspronkelijke kenmerken worden bij verbouwingen behouden en hersteld:

68 m 3,0m minimaal

18 m

19,0 m

5,0 m minimaal

Boven: het opnieuw gebruiken van de entree op de verhoogde route is noodzakkelijk. Hierboven: achterkanten, zichtbare installaties en hekwerk zijn onwenselijk.

16,5

Gevelaanzicht • de horizontale geleding in de gevel, met de verticale schachten aan de buitenzijde als kenmerkende architectonische elementen; • bij verbouwingen dient de plint aan de groene/gele drager zich hierop uitdrukkelijk te oriënteren (zie profiel Snijdersstraat pg. 22).

Maerlant 10-14

+8,8 peil

Boven: verbinding hoofdgebouw met westvleugel via een luchtbrug. Gevel met betonnen balustrade, erkers en leidingschatchten. Onder: profiel van een ruime ontvangstplein, met mogelijkheden voor overdekte parkeren, aan de oostzijde van het complex.

+30,5

Maerlant woonblok +17,7

Smedinghuis westvleugel

7,0

+4,55

Smedinghuis laboratorium

Materiaalkeuze, kleurgebruik en detaillering wonen • de kleurstelling en materialisering van wit prefab (vlak en geprovoorzieningen winkelcentrum fileerd) elementen en grote glasoppervlakken.

+4,25

-3,15

-4,0

Smedinghuis 30,0

dor raat (Achterom)

verhoogde route +0,2

26,5 m

Smedinghuisdek

-3,15

-4,15

Zuiderwagenplein

ontvangstplein Smedinghuis-Zuiderwagenplein

28

33,0 m

+11,5

beeldregieplan Lelycentre gebied +6,0

Maerlant woonblok

LA7 Bethelkerk

Links: ligging van de Bethelkerk aan de rand van het Stadspark en langs de Polderdreef. Daaronder: Bethelkerk aan het waterpartij. Oplopende gevels en diagonale noklijn. Hieronder: winkelcentrum ‘t Lelycentre. Een nieuwe sobere kleurstelling, inrichting en eenduidig reclame elementen zullen bijdragen aan de aantrekkelijkheid van het gebied.

Welstandscriteria

Situering • solitaire ligging dient intact te blijven; • rooilijnsprongen in het gebouw dienen gerespecteerd te worden. Massa en vorm • het eenvoudige, heldere sculpturale karakter van het hoofdgebouw dient te worden gewaarborgd; • het zadeldak zonder overstekken en de noklijn diagonaal over het hoofdgebouw dienen intact te blijven; • de samengestelde bouwmassa (hoofdgebouw en annex van één laag met plat dak zonder overstek) dient te worden gerespecteerd. Toevoegingen of aanpassingen dienen aan te sluiten op deze oorspronkelijke architectonische kenmerk. Gevelaanzicht • de verticale gevelopeningen in de hoofdbouw dienen intact te blijven; • bij verbouwingen of uitbreidingen dienen nieuwe gevelopeningen aan te sluiten op die van het bestaande gebouw. Materiaalkeuze, kleurgebruik en detaillering • de materialisering bestaat uit donkerrode baksteen, dakbedekking in leien en een accent met gekleurd glas in lood. Bij verbouwingen dient het kleur-, materiaalgebruik en detaillering op de oorspronkelijke architectuur te worden afgestemd.

City Marketing Lelystad

Hoofdopzet In het Stadspark ligt aan een waterpartij en omzoomd door groen de Bethelkerk. De kerk heeft als hoofdkenmerk de hoofdbouw met een vierkante plattegrond waarbij de nok van het zadeldak diagonaal over het vierkant ligt. Dit resulteert in oplopende gevels welke de hoeken van het hoofdgebouw accentueren. In het interieur wijzen deze de richting van de waaiervormige kerkzaal. De annex ruimtes verschijnen als plat afgedekte volumes ondergeschikt aan de kerkzaal. De bakstenen gevels zijn eenvoudig opgedeeld in grote vlakken en door de ruime gevelopeningen richten deze zich op de omgeving. Aan de oost en westgevel van de hoofdbouw grote ramen, deels met glas in lood, benadrukken verder de hoogte van de zaal. Het regime LA7 betreft architectonische/volledige welstand.

LA15 Winkelcentrum ’t Lelycentre Hoofdopzet Het Lelycentre is het eerste voorzieningencomplex van Lelystad en was ontworpen op basis van modernistische principes. Als onderdeel van de voorzieningszone, en zoals door Van Eesteren bedoeld, is het winkelcentrum verhoogd aangelegd met op de voorkant een lager gelegen parkeerterrein. Het winkelcentrum is ingericht in een hovenstructuur met het hof als bedieningsplein. Bebouwing is twee bouwlagen hoog en is plat afgedekt. Oorspronkelijk bod het tweede maaiveld ruimte voor winkels, kantoor en sociale functies welke, via de verhoogde route, verbonden was zowel met Zuiderzeewijk als met het Smedinghuis complex. Het winkelcentrum werd op initiatief van de winkeliers in de tachtiger jaren overkapt met een stalen constructie. Deze structuur sluit niet geheel aan op het modernistisch karakter van het gebouw. De ambitie is om de principes van het modernisme te versterken en de verbinding met de omgeving te verbeteren. De verhoogde ligging en de rechthoekige opzet blijven gehandhaafd. De gesloten hoven openen zich naar de belangrijkste openbare ruimtes. Hierdoor is het slopen van de zuidelijke winkelstrook denkbaar. Het tweede maaiveld blijft onderdeel van het verhoogde route. Het tweede maaiveld zal ingezet worden voor sociale en/of woonfuncties om de uitwisseling tussen privé en openbare ruimte te stimuleren.

De architectuur is modernistisch met eenheid in het gevelbeeld. Het realiseren van een landmark op de noordoost hoek is denkbaar om het gebied beter richting de Houtribdreef te presenteren. Het regime LA15 betreft architectonische/volledige welstand. beeldregieplan Lelycentre gebied

29

Stedenbouwkundige doelstelling

•

Spelregels • verhoogde ligging ten opzichte van de Houtribdreef dient te worden behouden en verder te worden versterkt; • de orthogonale opzet wordt gerespecteerd. Bij verbouwingen of uitbreidingen wordt de opzet doorgezet; • het tweede maaiveld op de verdieping dient als openbaar gebied toegankelijk in stand te blijven en wordt bij aanpassingen meeontworpen met de bebouwing; • de nodige onderdoorgangen zijn ruim en herkenbaar; • bevoorrading wordt zo veel mogelijk uit het zicht van de openbare ruimte opgelost in eigen binnenterrein.

• •

Materiaalkeuze, kleurgebruik en detaillering • eenzelfde kleurenpalet en materiaalgebruik dient te worden doorgezet in het hele complex; • de kleurenpalet is sober en sluit aan op het modernistische stijl; a. het toepassen van afwijkende of uitgesproken kleuren is mogelijk als accent of verbijzondering. Deze is ondergeschikt aan de kleur van de hoofdmassa; • toepassen van uitgesproken kleuren op luifels, deuren en kozijnen, naar aanleiding van eigen huisstijl (reclame), zijn niet toegestaan.

Welstandscriteria

Situering • het winkelcomplex presenteert zich richting de Houtribdreef. Bij verbouwingen dient deze oriëntatie te worden behouden en verder te worden versterkt; • de formele rooilijn blijft gerespecteerd; bebouwing is evenwijdig of haaks aan de weg gesitueerd; • het brede bordes met ruime trappen en hellingbanen is leesbaar.

30

beeldregieplan Lelycentre gebied

foto: caldrywall.com

Gevelaanzicht • bij verbouwing of nieuwbouw dienen alle naar de openbare ruimte georiënteerde gevels zich als representatieve zijden te manifesteren; a. de bouwlaag grenzend aan de openbare ruimte dient grotendeels transparant of verrijkt met reliëf te zijn; • bij verbouwing of nieuwbouw dienen gevels aan de groene/gele drager zich hierop uitdrukkelijk te oriënteren. De gevels hebben hun hoofdentree op deze openbare ruimte; fysieke relatie tussen plint en openbare ruimte is vereist;

Rechts: achterkanten zijn niet wenselijk. Entrees dienen aantrekkelijk en veilig te zijn. Hieronder: verbijzondering van entree middels contrasterende materialen, passende kleuren en verlichting. Rechtsonder: sobere behandeling van gevels met doorlopende puien en entree accenten. Toevoeging van beplanting en zitelementen bijdragen aan het verblijfskarakter van het winkelgebied. impressie: thenewmanchester.com

Hoofdvorm • bouwvolumes sluiten qua schaal aan op de omliggende bebouwing; a. bij renovatie en nieuwbouw is variatie in massa (bouwhoogtes) mogelijk; • bouwvolumes zijn afgedekt met een plat dak. Bij verbouwing of uitbreiding dient de vormgeving van de oorspronkelijke dakrand te worden doorgezet.

het winkelcomplex is qua architectuurstijl gebaseerd op de principes van het modernisme. Gevels zijn sober met een zakelijke vormgeving en hebben een duidelijk horizontale geleding. Verbouwingen dienen hierop aan te sluiten; puienindeling zijn op het sober karakter afgestemd en dienen één doorlopend geheel te vormen; het dichtplakken of bestikkeren van gevels, vooral aan de belangrijkste openbare ruimtes, wordt als exces beschouwd (zie onder reclame).

Welstandscriteria duurzaamheid Duurzaamheid betreft het ontwikkelen van een toekomstbestendig gebied op het vlak van energie, bouw, ruimtegebruik, klimaatverandering en biodiversiteit. In het Lelycentre gebied zijn gebouwen duurzaam. Vanaf energie opwekking, dubbel grondgebruik, flexibele ruimte indeling tot het toepassen van duurzame materialen (grondstoffen, productie en transport) en bouwtechnieken. Hergebruik van materialen (circulair bouwen) zonder oog te verliezen voor beeldkwaliteit is hierdoor denkbaar. Met betrekking tot klimaatverandering dienen hittestress en regenwateroverlast te worden beperkt. Naast de openbare ruimte dienen daken en (semi) privé buitenruimtes te worden ingezet voor een rainproof omgeving, tegen hittestress en als aanvullende verblijfszones. Omgeving en gebouwen zijn natuurinclusief14 ontworpen. Deze dragen bij aan de gewenste biodiversiteit en de kwaliteit van de leefomgeving. Omgeving en gebouwen worden ingericht met veel beplanting en bieden verblijfsmogelijkheden voor verschillende soorten. Hierdoor is het mogelijk dat de verschillende soorten binnen het gebied en naar aangrenzende wijken zich kunnen verplaatsen.

foto: Saint-Gobain

foto: Geurts-Schultze Architecten

foto: xjochemx.nl

foto: mymodernmet.com

14 natuurinclusief: ontwerpen en inrichten van gebouwen en omgeving zodanig dat deze bijdragen aan de biodiversiteit en natuurwaarden.

Bij elke ontwikkeling, renovatie/transformatie en nieuwbouw, dient aangetoond te worden op welke wijze met duurzaamheid wordt omgegaan. Onderstaande criteria geldt als aanvulling op de welstandscriteria Gevelaanzichten (zie pagina 24).

Gevels en daken • groene gevels worden zodanig ontworpen dat de betreffende gevel ook zonder het groen voldoet aan redelijke eisen van welstand; • de draagconstructie voor het groen steekt niet verder uit het gevel- of dakvlak dan strikt noodzakelijk en wordt qua kleurstelling afgestemd op het achterliggende gevel- of dakvlak of is donker. • gevelelementen ten behoeve van biodiversiteit (e.g. neststenen) zijn onderdeel van de ritmiek of compositie van de gevel; • zonnepanelen op gevels worden mee-ontworpen in de architectuur van de gevelwand. • daken zijn ontworpen als ‘vijfde gevel’ en worden (voor zo ver mogelijk) ingezet als groene zones ten behoeve van waterretentie, biodiversiteit en verblijfszones; • zonnepanelen op daken worden regelmatig gerangschikt en zo dicht mogelijk tegen het dakvlak geplaatst; • een combinatie van zonnepanelen en vegetatie op platte daken is wenselijk.

Linksboven: zonnepanelen op gevel als onderdeel van de architectuur. Daarnaast: groene gevels en groene buitenruimte tegen hittestress. Linksonder: natuurinclusief ontwerpen, neststenen opgenomen in de bebouwing. Hiernaast: vegetatiedak als buffer voor overtollig regenwater.

beeldregieplan Lelycentre gebied

31

Welstandscriteria reclame-uitingen Reclame-uitingen op zicht locaties en in woonwijken hebben grote impact op de omgeving. Het reclamebeleid richt zich op het mogelijke maken van reclameuitingen gebaseerd op de beoogde ruimtelijke kwaliteit in een betreffende gebied. In woonwijken is reclame in principe niet passend en daarmee ongewenst. Om die reden wordt in de woonwijken een restrictief beleid gevoerd voor reclame. Nabij groene zones, bijvoorbeeld aan het Stadspark, is het van belang dat reclameobjecten geen negatieve invloed hebben op de (gewenste) natuurwaarde. Bij werklocaties en in het winkelgebied wordt gestreefd naar een balans tussen ruimtelijke kwaliteit, leefbaarheid en belangen van de ondernemers.

De reclame-uitingen regimes van toepassing op het Lelycentre gebied zijn: Centrumgebieden Werklocaties Woonwijken (re3)

• • •

Voor het winkelcentrum en de werklocaties gelden specifieke criteria opgenomen in dit beeldregieplan. De reclame criteria voor woonwijken (re3) uit de Welstandsnota 2015 Lelystad geeft ruimte kwaliteit zijn in het aangewezen gebied van kracht.

Het doel van de criteria is om een samenhangend gevelbeeld te creëren. Dit middels één heldere basis waarin verschillende reclame-uitingen mogelijk zijn. Kaders voor het aanbrengen van reclame op etalageruiten worden ook opgenomen. Dit omdat het gevel- en het straatbeeld worden vaak hierdoor ontsierd. Alle vormen van reclameuitingen mogen niet leiden tot ernstige strijd met redelijke eisen van welstand.

F I B D R E E H O U T R

centrumgebieden

Bastion

Koopmanshof

Maerlantplein

Stadspark

Marktstraat De Plaats

Maerlant

re3

woongebied Waterwijzer

werklocaties Zuiderwagenplein

F R D R E E P O L D E

32

beeldregieplan Lelycentre gebied

R E E F P A R K D

R E E F P L A S D Z U I G E R

Noorderwagenplein

Algemene criteria reclame

• • • •

• • •

•

Reclame criteria Werklocaties •

•

foto: lelycentre.com

Rechts: doorlopende luifel in een sobere kleur als basis voor reclame-uitingen. Accentkleur (geel) is gekoppeld aan het gebouwstructuur en niet aan de huisstijl van de ondernemingen. Eenduidig uithang reclame elementen (vlaggen). Daarnaast: ongewenst spaandoeken op balustrade en reclame bord onder de luifel. Midden: volledig beplakking van de etalage is niet toegestaan. Daarnaast: reclame zuil bij werklocatie.

foto: lelycentre.com

Voor winkelcentrum en werklocaties geldt: • reclame wordt vlak aan de gevel geplaatst op een wijze waardoor deze past bij de vormgeving van de gevel; • als aan een gevel een luifel aanwezig is, wordt de reclame tegen of onder de luifel geplaatst, op een wijze waardoor deze past bij de vormgeving van de luifel; • etalageruiten op de begane grond en raampartijen op de eerste verdieping worden zo min mogelijk (met reclame) stickers beplakt: a. beplakken van maximaal 25% van het glasoppervlak is toegestaan als deze aaneengesloten stickers zijn; b. beplakken van maximaal 50% van het glasoppervlak is toegestaan indien de stickers uit letters of vergelijkbare elementen bestaan.

er is eenheid in de vorm van reclame-uiting; uithangborden worden loodrecht op de gevel geplaatst en worden op elkaar afgestemd; de minimale obstakel vrije hoogte is 2,30 meter; uitstekende vlaggen zijn toegestaan op voorwaarde dat deze dezelfde afmeting hebben, op dezelfde wijze zijn bevestigd, alleen tijdens openingstijden aanwezig zijn en zo lang deze niet leiden tot ernstige strijd met redelijke eisen van welstand; bijzondere en verfraaiende reclame is mogelijk tenzij het een uitdrukkelijk ontworpen pand betreft met een icoonfunctie. Deze wordt specifiek beoordeeld op basis van de gebiedsgerichte of algemene welstandscriteria.

vrijstaande reclamezuilen mogen maximaal 3,0 meter hoog zijn, gemeten vanaf peil, en maximaal 1,0 meter breed. Het reclamebord wordt georiënteerd op de entreezijde van de onderneming. Per bedrijf is één reclamebord toegestaan; reclame op of bij een gebouw waarin meerdere ondernemingen zijn gehuisvest dienen op een specifiek daarvoor ontworpen plek of element te worden geplaatst en zijn op elkaar afgestemd;

foto: vegasreclame.com

•

reclame moet een functionele relatie hebben met het bedrijf in het betreffende pand. Er mag geen verwijzing zijn naar bedrijven in andere panden; voor panden met woningen boven of naast: commerciële functies, dienstverlening of maatschappelijke doeleinden, geldt dat de reclameuiting niet aan de woonverdiepingen of het woongedeelte wordt aangebracht; de vormgeving, materiaaltoepassing, verlichting en bevestiging van de reclame-uiting moet passen bij de bebouwingskarakteristieken van het pand waarop de reclame wordt bevestigd en de omgeving; die nodige voorzieningen (ten behoeve van bevestiging of verlichting) zijn zo veel mogelijk uit het zicht onttrokken; materialen die onevenredig lelijk verouderen zijn verboden; de verschillende reclame elementen dienen, qua rangschikking, op elkaar te worden afgestemd.

foto: fotostudio Wierd

•

Reclame criteria Winkelcentrum

beeldregieplan Lelycentre gebied

33

4. Bijlagen Bijlage 1. Beleidskaders Onderstaande betreffen de geldende beleidskaders welke van invloed zijn op de nieuwe visie voor het Lelycentre gebied. Omgevingsvisie Lelystad 2030 (Ruimtelijk raamwerk) Het Lelycentre gebied heeft in de beginperiode van Lelystad tot circa 15 jaar geleden een belangrijke functie gehad op stedelijk niveau. Door de geformuleerde opgaven en ambities voor de stad (ontwikkeling van een Stadshart nabij het station) en de gekozen koers zal de rol van het Lelycentre gebied veranderen en dus een nieuwe ontwikkelingsrichting volgen. Het inzetten op de versterking van het Stadshart als stadcentrum bepaalt dat wijkcentra als zodanig dienen te worden ingericht en ingevuld. Transformatie is aan de orde voor het Lelycentre en de omliggende buurt: een transformatie van dit gebied tot gemengd gebied met een accent op stedelijk wonen en zorg. Hier kunnen een levensloopbestendige omgeving en woningen worden gerealiseerd. In het kader van duurzaamheid en gezondheid wordt ingezet op het creëren van een gezonde en beweegvriendelijke omgeving waar wandelen en fietsen de prioritaire vervoerswijzen zijn. Daarnaast vergroening als oplossing voor klimaatadaptatie. Koersdocument Lelystad 2040 Lelystad heeft de ambitie om een zelfstandige, sociaal veerkrachtige, duurzame, aantrekkelijke en economisch sterke stad met 100.000 inwoners te worden.

Om dit te bereiken wordt ingezet op drie verschillende thema’s: versterken urbanisatie, versterken maatschappelijke kracht en gedeeld eigenaarschap. Voor het versterken van de urbanisatie is een leesbaar ruimtelijke en programmatische structuur cruciaal. Lelystad kent een omvangrijk voorzieningenniveau met buurt- en wijkcentra, het Lelycentre, het Stadshart en Bataviakwartier. Om een sterke stad in de regio te worden zijn keuzes nodig om te voorkomen dat de ene ontwikkeling de andere verzwakt. Hierdoor zet Lelystad in op een hiërarchische voorzieningenstructuur op regionaal – (Bataviakwartier), stads – (Stadshart) en wijk – cq buurtniveau (wijkcentra). In deze structuur krijgt het Lelycentre de positie van een wijkwinkelcentrum. Met betrekking tot de omgevingskwaliteit is van belang dat Lelystad de Hoofdstad van de Nieuwe Natuur wordt. De stad ligt in de natuur, ontleent hier haar identiteit aan en gaat die uitdragen. Het groen en de nabijheid op natuur zijn basiskwaliteiten van het wonen in Lelystad. Het Koersdocument Lelystad 2040 is door de gemeenteraad vastgesteld als leidraad voor het opstellen van het uitvoeringsprogramma Lelystad Next Level en de Omgevingsvisie Lelystad 2030.

Mobiliteitsvisie ‘Lelystad in beweging’ 2030 De Mobiliteitsvisie ‘Lelystad in beweging’ 2030 heeft als uitgangspunt dat de verplaatsing centraal staat. Een mobiliteitssysteem dat zodanig is ingericht dat de verplaatsingen worden gefaciliteerd, passend bij de doelstellingen die Lelystad heeft op het gebied van veiligheid, bereikbaarheid, leefbaarheid, duurzaamheid en de visie op de ontwikkeling van de stad15. Om de doelen voor mobiliteit te bereiken zijn verschillende kaders opgesteld. Het merendeel zijn van toepassing voor de herontwikkeling van het Lelycentre gebied: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Bestemmingsplan Atolwijk- Zuiderzeewijk Voor het onderhavige gebied is het bestemmingsplan Atolwijk- Zuiderzeewijk 2011, bestemming kantoor en bestemming verkeer, vigerend. Voor een totaaloverzicht zie www.ruimtelijkeplannen.nl. Aangezien de gewenste ontwikkelingen niet in het huidige bestemmingsplan passen dienen de verschillende omgevingsvergunningen de uitgebreide procedure van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) te doorlopen. Welstandsnota 2015 De Welstandsnota 2015 Lelystad geeft ruimte kwaliteit, is het geldende beleidskader voor beeldkwaliteit. Conform de nota valt het plangebied binnen stedenbouwkundige/ beperkte welstand onder Stempelwijken (S1). Voor de vastgestelde ambitie zijn de huidige welstandscriteria niet toereikend. Om de beoogde ruimtelijke kwaliteit te kunnen garanderen zijn nieuwe welstandscriteria nodig. Deze zijn in het voorliggende beeldregieplan vastgelegd. 15

34 beeldregieplan Lelycentre gebied

Lelystad zet in op een duurzaam mobiliteitssysteem en stimuleert de keuze voor duurzame vervoermiddelen (modaliteiten). Lelystad zet in op toegankelijkheid van het openbaar vervoer voor iedereen (ongeacht financiële of fysieke situatie); vervoer waarmee woonwijken, voorzieningen, recreatiegebieden en bedrijventerreinen worden ontsloten. Knooppunten (plekken waar gewisseld kan worden van vervoermiddel en route) worden optimaal ingericht zodat efficiënte en duurzame verplaatsingen van deur tot deur mogelijk zijn. Autoverkeer wordt geleid naar de gewenste routes: rijks en provinciale wegen voor doorgaand verkeer, de ring voor stedelijk verkeer en de wegen langs het Stadshart voor bestemmingsverkeer. Voor verplaatsingen binnen de bebouwde kom ligt de voorkeur bij lopen, fietsen en gebruik van het openbaar vervoer. Lelystad stimuleert gewenst gedrag om doelen te bereiken: ‘verleiden’ gaat voor ‘afdwingen’. Lelystad zet in op het voorkomen van slachtoffers in het verkeer; scheiding van verschillende manieren van vervoer heeft daarom de voorkeur.

Mobiliteitsvisie ‘Lelystad in beweging’ 2030.

Ten behoeve van het basismateriaal in de gevels is voor het middengebied (L4) een kleurenpalet opgenomen. Het kleurenpalet is samengesteld uit het RAL classic coderingssysteem die in totaal 210 kleuren bevat. Vanwege het drukprocedé is bijgaande palet niet natuurgetrouw weergegeven maar kunnen slechts als indicatie worden gebruikt. Voor het bekijken van de kleuren dient een originele RAL waaier te worden geraadpleegd. De toe te passen materialen in de gevel dienen vooraf altijd eerst bemonsterd te worden om te kunnen beoordelen of de kleur overeenkomt met de getoonde RAL kleuren. Bijgaand kleurenpalet voor het regime Middengebied L4 zal formeel onderdeel zijn van het beeldregieplan. Voor de rest van de welstandsregimes geldt het doorzetten van bestaande kleuren.

RAL 7034

RAL1001

Kleurenpalet Middengebied (L4) .

RAL 7045

trendsetters • de vorm, afmetingen en verhoudingen van toevoegingen, zoals dakkapellen, moeten relatie vertonen met en ondergeschikt zijn aan de totale bouwmassa en het dakvlak; • in de bestaande woonwijken dienen goedgekeurde ingrepen, zoals bijvoorbeeld een bepaalde dakkapel op een bepaald type woning als trendsetter; • bij nieuwbouwprojecten worden goedgekeurde meerwerkopties zoals een dakkapel, erker of dakopbouw als trendsetter te worden beschouwd.

Bijlage 3. Kleurenpalet

RAL 7005

Algemene criteria Bijgaand volgen een aan aantal algemene welstandscriteria die van toepassing zijn op bouwwerken binnen dit beeldregieplan.

minicontainers • bij bestaande grondgebonden woningen dienen de mini-containers op eigen erf en, zo veel mogelijk, uit het zicht van de openbare ruimte te worden opgesteld; • bij nieuw grondgebonden woningen dient rekening te worden gehouden met een gebouwde oplossing voor drie mini-containers op eigen erf; • de opstelplekken worden zorgvuldig geïntegreerd in het ontwerp, zodanig dat het straatbeeld wordt ontzien.

RAL 7038

Hardheidsclausule De algemene welstandscriteria (uit de Welstandsnota 2015) liggen (haast onzichtbaar) ten grondslag aan elke planbeoordeling, omdat ze het uitgangspunt vormen voor de uitwerking van de gebiedsgerichte en objectgerichte welstandscriteria. In praktijk bieden die uitwerkingen meestal voldoende houvast voor de planbeoordeling. In bijzondere situaties wanneer de gebiedsgerichte en de objectgerichte welstandscriteria ontoereikend zijn, kan het nodig zijn expliciet terug te grijpen op de algemene welstandscriteria. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer een bouwplan is aangepast aan de gebiedsgerichte welstandscriteria, maar een bouwwerk zelf zo onder de maat blijft dat het op den duur zijn omgeving negatief zal beïnvloeden. Ook wanneer een bouwplan afwijkt van de bestaande of toekomstige omgeving, maar door bijzondere schoonheid wel aan redelijke eisen van welstand voldoet, kan worden teruggegrepen op de algemene welstandscriteria. De welstandscommissie kan het College in een dergelijk geval gemotiveerd en schriftelijk adviseren van de hardheidsclausule gebruik te maken en af te wijken van de gebiedsgerichte en objectgerichte welstandscriteria. In praktijk betekent dit dat het betreffende plan alleen op grond van de algemene welstandscriteria wordt beoordeeld en dat de bijzondere schoonheid van het plan met deze criteria overtuigend kan worden aangetoond.

Het niveau van ‘redelijke eisen van welstand’ ligt dan uiteraard hoog, het is immers redelijk dat er hogere eisen worden gesteld aan de zeggingskracht en het architectonisch vakmanschap naarmate een bouwwerk zich sterker van zijn omgeving onderscheidt.

RAL 7040

Voor de inhoud van de algemene welstandscriteria verwijzen wij graag naar Welstandsnota Lelystad 2015, Lelystad geeft ruimte kwaliteit.

RAL 7047

Daar waar de gebiedsgerichte welstandcriteria geen uitsluitsel geven, zijn de algemene welstandscriteria uit de Welstandsnota van toepassing.

installaties • geen installaties aan gevels gericht op de openbare ruimte, tenzij expliciet mee-ontworpen; • installaties inpandig realiseren (tenzij er aantoonbare redenen zijn dat deze niet of niet geheel inpandig kunnen worden gerealiseerd); • bij meerdere installaties op een dak deze zoveel mogelijk clusteren en voorzien van een ombouw; • installaties zijn afgestemd op de vormentaal en het karakter van het gebouw; • installaties op platte daken worden zoveel mogelijk aan het zicht onttrokken, bijvoorbeeld door een verhoogde dakrand; • installaties hebben een kleurstelling overeenkomstig met het dakvlak (bij hellend dak) of de gevel, of zijn uitgevoerd in een grijstint, waardoor opbouw, afvoerkanaal e.d. tegen de lucht wegvalt.

RAL 7035

Bijlage 2. Algemene welstandscriteria

beeldregieplan Lelycentre gebied

35

Bijlage 4. Kaart erfafscheidingen

F I B D R E E H O U T R

R E E F P L A S D Z U I G E R

Noorderwagenplein

Stadspark

Koopmanshof

Maerlantplein

Marktstraat

R E E F P A R K D

Bastion

De Plaats

Maerlant

Waterwijzer

Zuiderwagenplein

F R D R E E P O L D E

Legenda bordes, maximaal 100 cm hoog haag 60cm hoog, aanplant met dubbele rij in driehoeksverband, geen hekwerk N

vloeiend groen (gras + beplanting), geen hekwerk

0

25

50

100

150m

haag maximaal 180 cm hoog, aanplant met dubbele rij in driehoeksverband; of dubbelstaafmathekwerk (maximaal 180 cm hoog), kleur RAL 7021 en begroeid met klimop dubbelstaafmathekwerk, maximaal 180 cm hoog, kleur RAL 7021 in combinatie met lage beplanting aansluitend op omgeving

36 beeldregieplan Lelycentre gebied

Bijlage 5. Kaart eigendom

Sonneborgh

Woonfront Maerlant B.v.

Groenhove B.v.

beeldregieplan Lelycentre gebied

37

Bijlage 6. Begrippenlijst bebouwingsaccent Deel van het gebouw dat een nadrukkelijke expressie heeft in de vorm van bijvoorbeeld een erker, groot raam, extra hoogte of bijzondere vorm, en hierdoor in het oog springt. beeldkwaliteit, beeldregie Kwaliteit van de verschijningsvorm van de omgeving, zowel wat betreft de architectuur van de bebouwing als wat betreft de inrichting van de openbare ruimte. De beeldkwaliteit wordt bepaald door de samenhang van het totale woonmilieu met een eenduidige toepassing van vooraf bepaalde architectonische middelen, zoals vastgelegd in het beeldkwaliteit of beeldregieplan. bordes Onderste deel van een bouwwerk dat anders uitgevoerd is dan het bovendeel, het opgaande werk. Het betreft een bouwdeel van maximaal 1 meter hoog ten opzichte van omliggende maaiveld. Een verhoogd platform dat bereikbaar is via een aantal treden of hellingbaan en toegang geeft tot een gebouw. eigentijds ontwerp Met de huidige stand van de techniek en opvattingen over architectuur ontwerpen. ensemble Een architectonisch en stedenbouwkundig compositorisch geheel bestaand uit bebouwing en omgeving. functionalisme Zijstroming van het modernisme. Het functionalisme of het Nieuwe Bouwen houdt in dat constructie en uiterlijk bepaald moeten worden door de functie van het gebouw. De vorm volgt de functie.

Bij gebouwen wordt gebruik gemaakt van prefabricatie, betonnen schrijven, prefab cassettes, aluminium erkers, o.a. Hier is de dominante gevelgeleding horizontaal. Functionalistische architectuur kenmerkt zich door soberheid en rationele toepassing van ornamentiek. functionele plint Onderste bouwlaag (begane grond) van een gebouw die functioneel anders ingevuld is dan de hogere bouwlagen.

38 beeldregieplan Lelycentre gebied

hoogteaccent Een incidenteel en rank gebouw of een beperkt onderdeel van een gebouw, met een afwijkende bouwhoogte naar boven ten opzichte van de direct omliggende bebouwing. Dit dient als markering en/of oriëntatiepunt van een bijzondere plek in een wijk of buurt. installaties toestellen voor een technisch doel die één of meer functies vervullen die verband houden met het gebruik van bouwwerken, zoals een klimaatinstallatie en bijbehorende aan- en afvoerkanalen. korrel(grootte) Grootte van de eenheden (ensembles, erven, bouweenheden) waaruit een gebied is opgebouwd. Een villa heeft een kleine korrel, een lange rij eengezinswoningen heeft een grote korrel. landmark Beeldbepalende plaatsen, gebouwen of objecten in het landschap die gebruikt wordt als een oriëntatie- of herkenningspunt en ordeningselement. Is gemakkelijk te herkennen aan zijn opvallende kenmerken. modernisme Stroming in de architectuur waar gebouwen bestaan vooral uit rechthoekige blokken, afgedekt met een plat of licht schuin dak. Licht, lucht en ruimte is het motto van deze bouwstijl. Een zakelijke vormgeving, die de functionele elementen van gebouwen benadrukt staat centraal. De moderne stedenbouw kenmerkt zich door het repeterende gebruik van moderne materialen (zoals beton en glas) en de herhaling van strakke bouwvormen.

natuurinclusief Ontwerpen en inrichten van gebouwen en omgeving zodanig dat deze bijdragen aan de biodiversiteit en natuurwaarden. rooilijn Lijn waarop de (voor)gevel van de bebouwing zich dient te begeven. uiterste bebouwingsgrens Grens die niet overschreden mag worden door de bebouwing.

Bijlage 7. Legenda kaart hoofdopzet

plangebied/sfeer

entree, relatie bebouwing-openbare ruimte

aandachtsgebied

representatieve gevel

aangrenzend gebied

zicht, open plein

park

groene drager

water

groene verbinding

bebouwing

dreven

bebouwingsaccent

hoofd ontsluitingsweg

bebouwingsaccent als landmark

secundaire onstluitingsweg

centraal voetgangersgebied

fietsroute

boomrijk straatbeeld

verhoogde fietsroute fietsbrug

beeldregieplan Lelycentre gebied

39

lelyce Colofon

Team Stedenbouw en Landschap

Gemeente Lelystad

Stadhuisplein 2 8232 ZX Lelystad Postbus 91 8200 AB Lelystad Telnr. (0320) 278911 Faxnr. (0320) 278245 www.lelystad.nl gemeente@lelystad.nl 17 mei 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=7b206c74-64e3-4b28-8f15-7b65bc46aa5a