bijlage 1_beeldregieplan Lelycentre gebied
Tekst van het document
entre Lelycentre gebied
beeldregieplan
Inhoudsopgave 1. Inleiding
5
Aanleiding Beeldregie Leeswijzer Plangebied Huidige situatie
5 5 5 6 6
2. Stedenbouwkundige kader
11
Visie Lelycentre en de groene/gele drager Openbare ruimte en kavelinrichting
11 12
3. Beeldkwaliteit
15
Sfeer LS2 Cluster- en woonerfwijken Sfeer LS3 Recent gerealiseerde woonwijken Sfeer L4 Middengebied Sfeer LAc6 Smedinghuis gebouwencomplex Sfeer LA7 Bethelkerk Sfeer LA15 Winkelcentrum ‘t Lelycentre Welstandscriteria duurzaamheid Welstandscriteria reclame-uitingen
16 18 20 27 29 29 31 32
4. Bijlagen
34
Bijlage 1 (ruimtelijke) Beleidskaders Bijlage 2 Algemene Welstandscriteria Bijlage 3 Kleurenpalet Bijlage 4 Kaart erfafscheiding Bijlage 5 Kaart eigendom Bijlage 6 Begrippenlijst Bijlage 7 Legenda kaart hoofdopzet
34 35 35 36 37 38 39
Pampusbrug
Vlieterbrug
Veluwsebrug
ZUIDERZEEWIJK
GGD
de Heelhoek
Zwembadbrug
Stadspark
R E E F P L A S D Z U I G E R
Eurotower Snijdershof
Koopmanshof
Bastion
KPN
Parkzijde dierenweide
winkelcentrum ‘t Lelycentre Snijdersstraat
Marktstraat
Maerlant blok A
Maerlant 10-14
Smedinghuis Zuiderwagenplein
0
Juridische plangrens 50
100
150
De Meerkoet
200m
F R D R E E P O L D E
Strandbrug
Bovenover
Maerlant
ATOLWIJK
N
Bethelkerk
Maerlant
Waterwijzer
Maerlant blok B
Stadspark
Centrumbrug
Parkzijde
Reformatorische school Timotheüs
R E E F P A R K D
Noorderwagenplein
Parkzijde
F I B D R E E H O U T R
1. Inleiding Aanleiding
Beeldregie
Het Lelycentre gebied is in de jaren zeventig van de vorige eeuw ontwikkeld als locatie voor de stedelijke voorzieningen. Tot in de jaren tachtig van de vorige eeuw diende het Lelycentre gebied als stadscentrum. Toen verplaatste het stadscentrum zich naar het huidige stadshart. Hierdoor is de aantrekkelijkheid van het Lelycentre, vooral voor kantoorfuncties, in de loop van de jaren afgenomen. Dit heeft geleid tot structurele leegstand met als gevolg dat vastgoed en bijbehorend openbaar gebied verpaupert.
Het beeldregieplan regelt geen functies, aantal woningen, bouwhoogten, bebouwingspercentages, minimale afstanden tot perceelgrenzen e.d. Dit regelt het bestemmingsplan. De beeldregie heeft betrekking op de verschijningsvorm, het beeld en de sfeer, kortom de stedenbouwkundige hoofdopzet en de architectuur van de bebouwing en overige voorzieningen. Samen bepalen die in hoge mate de sfeer en de identiteit van het Lelycentre gebied. Omdat de overgang openbaar/ privé ook beeldbepalend is, komt dit tevens in het beeldregieplan aan bod. Na vaststelling door de gemeenteraad geldt dit beeldregieplan als herziening van de welstandsnota, waaraan bouwplannen getoetst worden.
In de loop van de laatste jaren kwamen eigenaren met plannen voor transformatie van de kantoorpanden naar wonen. Plannen die enerzijds niet aansloten op de gemeentelijke woonvisie en anderzijds vooral gericht waren op het eigen zakelijk belang zonder voldoende oog te hebben voor het grotere belang van het gehele Lelycentre gebied en de stad. Ook ontbrak een helder afwegingskader om de initiatieven te kunnen beoordelen. Hierdoor is in juli 2017 het Gebiedsplan Lelycentre vastgesteld waarin de ambitie voor het Lelycentre gebied wordt geschetst. Het gebiedsplan is tot stand gekomen is samenwerking met het merendeel van de eigenaren en wordt door deze ondersteund. Het plan dient als vertrekpunt voor het samen ontwikkelen van een aantrekkelijk gebied. In 2019 is het plan verder uitgewerkt in het Ruimtelijke kader Lelycentre gebied . Sinds 2012 is de transformatie van het gebied zichtbaar. Het gebied verandert van een werkgebied naar een stedelijke woonmilieu met buurtvoorzieningen. In de laatste paar jaren zijn een tweetal omvangrijke ontwikkelingen voor transformatie en nieuwbouw van start gegaan. Eigenaren van andere panden overwegen en onderzoeken de mogelijkheden om hun vastgoed te verbouwen, (deels) te transformeren of te slopen om plaats te maken voor nieuwbouw.
Dit gezien de behoefte voor (woon)ruimte en de staat van de panden in relatie tot duurzaamheid en aantrekkelijkheid. Om deze plannen aan de voorkant te kunnen sturen tot een kwalitatieve samenhangend ontwikkelingen wordt dit beeldregieplan, als aanvulling op het ruimtelijke kader, opgesteld. De gemeente Lelystad heeft in het ruimtelijk beleid veel aandacht voor ruimtelijke kwaliteit. Hierdoor is in de Welstandsnota ‘Lelystad geeft ruimte kwaliteit’ 2015 aangegeven dat voor een aantal ontwikkellocaties, waaronder het Lelycentre gebied, beeldregieplannen dienen opgesteld te worden. Met betrekking tot de openbare ruimte wordt, op stadsniveau, het Handboek Openbare Ruimte opgesteld. Gezien de schaal van het Lelycentre gebied, de variatie in projecten, het beoogde karakter en de fasering is een meer gerichte leidraad voor de inrichting van de openbare ruimte nodig. De Toolbox Lelycentre gebied, die door de gemeente wordt opgesteld, zal als instrument hiervoor dienen. De samenhang tussen de gebouwen onderling en tussen gebouwen en openbare ruimte bepaalt uiteindelijk de gemeenschappelijke beeldkwaliteit. Met dit beeldregieplan en de op te stellen toolbox kan de ruimtelijke kwaliteit met ambitie worden gestuurd.
Onder welstandscriteria (spelregels) worden de criteria genoemd waaraan bouwwerken dienen te voldoen, ondersteund met enkele referentiebeelden. Vervolgens wordt een wensbeeld aangegeven, bestaande uit een beschrijving van het gewenste kwaliteitsbeeld en vergezeld met diverse ambitiebeelden. Het wensbeeld is samengesteld om ontwikkelende partijen en architecten te inspireren. Proces De ambities en intenties voor dit gebied zijn hoog. Het betreft een bijzondere plek beoogd voor een kwalitatieve herontwikkeling. Dit beeldregieplan functioneert niet zonder supervisie. De gemeente samen met de welstandscommissie houden de regie op de ontwikkeling van het gebied. Het is belangrijk dat er een startgesprek met stedenbouwkundige plaatsvindt voordat de ontwikkelende partij of architect daadwerkelijk begint met het ontwerp. Het is belangrijk om in een vroeg stadium een schetsplanadvies aan te vragen om te toetsen of het schetsontwerp voldoet aan het bestemmingsplan en het beeldregieplan. Doel is om ‘aan de voorkant’ gezamenlijk tot een kwalitatief goede invullingen te komen, passend in de visie voor het Lelycentre gebied. Om het gewenste kwaliteitsniveau te bereiken wordt aan planindieners verzocht om een architect in te schakelen.
Leeswijzer In hoofdstuk 2 ‘Stedenbouwkundig kader’ wordt de ruimtelijke visie voor het Lelycentre gebied beschreven. In hoofdstuk 3 ‘Beeldkwaliteit’ worden de verschillende gebiedsgerichte criteria met daarin de overgang openbaar/privé behandeld. Per welstandsgebied of sfeer worden de stedenbouwkundige hoofdopzet, welstandscriteria en wensbeeld omschreven samen met referentiebeelden. Welstandscriteria die van toepassing zijn op alle sferen worden hier beschreven. In hoofdstuk 4 ‘Bijlagen’ zijn naast de vigerend beleidskaders ook meer specifieke welstandsaspecten, begrippenlijst en kaartmateriaal te vinden. beeldregieplan Lelycentre gebied
5
Plangebied Het plangebied van dit beeldregieplan is ca. 33 ha. Het is begrensd door de Houtribdreef aan het noorden, de Polderdreef aan het zuiden, de Parkdreef aan het oosten en de Zuigerplasdreef aan het westen. Het gebied is opgedeeld in drie zones, de westzijde voornamelijk voor wonen, een centraal gedeelte als voorzieningscentrum met kantoren, winkels, sociaal maatschappelijke en een groot stadspark in het oostelijk gedeelte.
Huidige situatie Het Lelycentre gebied is opgezet als stadscentrum en volgens zuiver functionalistische principes: orthogonale stedenbouwkundige opzet en duidelijke functiescheiding (wonen, werken, verkeer en recreatie).In de loop der jaren is het gebied complex en ongeordend geworden door het gebrek aan een overkoepelend ruimtelijk beleid of visie. Dit heeft geresulteerd in de onlogische eigendomsgrenzen en de onsamenhangende inrichting als gevolg van de verschillende belangen. Gebouwen of clusters hebben elk hun eigen signatuur en hebben beperkt relatie met elkaar en met de gefragmenteerde openbare ruimte. Daarnaast is een deel van de gebouwen en de openbare ruimte verouderd en hebben achterstallig onderhoud.
foto: J. Potuyt
Onder: het Smedinghuis gebouwencomplex, De Plaats en het winkelcentrum, 1974.
Eigendom situatie Het gebied kent 27 (groot) eigenaren, inclusief gemeente en verenigingen van eigenaren. Twee percelen aan het Noorderwagenplein zijn uitgegeven in erfpacht, de rest is in volledig eigendom van de verschillende eigenaren. Een deel van de parkeerterreinen zijn privé eigendom. De omliggende openbare ruimte is in eigendom van de gemeente. Voor een overzicht zie bijlage 5 kaart eigendom. Bebouwing Winkelcentrum ‘t Lelycentre was het eerste (winkel)centrum van de stad dat in samenhang met het Stadspark ontwikkeld was. Het winkelgebied was oorspronkelijk voorzien van een hovenstructuur waarbij het hof als bedieningsplein was uitgevoerd. Langs de Houtribdreef ontstonden twee winkelhoven: winkels op de begane grond en kantoren en winkels op de eerste verdieping. Het winkelgebied was uitsluitend bedoeld voor voetgangers en fietsers met grote parkeerplaatsen langs de randen van het gebied. Omdat Lelystad als provinciehoofdstad was aangewezen zijn begin jaren 70, langs de Polderdreef, enkele belangrijke (overheids-) kantoren als beeldbepalende elementen gerealiseerd. Het Smedinghuis gebouwencomplex, het Maerlanthuis en de Waterwijzer. De Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders (RIJP) en het Stadskantoor van het openbaar lichaam Zuidelijke IJsselmeerpolders (ZIJP) waren in het Smedinghuis gebouwencomplex gevestigd.
Het Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling in het Maerlanthuis en de Dienst der Zuiderzeewerken in de Waterwijzer. Deze gebouwen, samen met het winkelcentrum, zijn vanuit het modernistische en functionalistische gedachtengoed ontstaan. Kenmerkend is, naast de gescheiden functies, het leesbare bordes1 waarop de meeste rusten en de horizontale geleding van de gevels. Het meest prominent is het Smedinghuis complex, die door zijn stedenbouwkundige en architectonische waarde als cultureel erfgoed door de Rijksgebouwendienst aangemerkt is. Destijds stak het Smedinghuis complex als een witte kathedraal boven alles uit en was dit het icoon van de jonge stad in ontwikkeling. Het Maerlanthuis, een complex van twee torens en een plint gebouw, zal plaats maken voor een nieuw woonontwikkeling. Tot slot, de Waterwijzer, welke op kolommen was gezet en een directe relatie had met de opgehoogde fietsroutes, is in 2012 gesloopt om ruimte te maken voor traditionele rijwoningen en een woontoren. Ondanks dat een deel van de oorspronkelijke gebouwen niet (zullen) bestaan blijft het functionalisme en modernisme prominent aanwezig in het gebied door de schaal en ligging van het Smedinghuis complex en Maerlant 10-14.
Het Smedinghuis gebouwencomplex samen met de verhoogde fietsroute kunnen worden beschouwd als enige bouwwerk in het plangebied waar de stedenbouwkundige positie en de architectonische kwaliteit bij elkaar komen2. 1 bordes: onderste deel van een bouwwerk dat anders uitgevoerd is dan het bovendeel, het opgaande werk. Het betreft een bouwdeel van maximaal 1 meter hoog ten opzichte van omliggende maaiveld. Een verhoogd platform dat bereikbaar is via een aantal treden of hellingbaan en toegang geeft tot een gebouw. 2 Masterplan Lelycentre (2007), KAW.
6
beeldregieplan Lelycentre gebied
Na de oorspronkelijke gebouwencomplexen zijn de rest van de gebouwen en buurten voornamelijk als individuele objecten of enclaves ontwikkeld, zoals eind jaren 70 de Eurotower, de GGD en de wijk Bastion. In de jaren 80 is de Uiterton als laatste complex ontwikkeld en verder naar het noorden de Heelhoek. De buurt Parkzijde is in de jaren 90 gerealiseerd. Tot slot de drie gebouwen aan de Markstraat en de Meerkoet, aan het Stadspark, welke tussen 2003 en 2006 zijn gerealiseerd. De ontsluiting en oriëntatie van verschillende gebouwen op de omgeving en onderling is niet optimaal wat resulteert in ongewenste achterkanten. Daarnaast door de verscheidenheid in architectuur en schaal vormen deze geen samenhangend geheel. Het gebied kampt al jaren met leegstand, verpaupering en achterstallig onderhoud van panden. Om dit tegen te gaan zijn een aantal gebouwen inmiddels getransformeerd of (deels) gesloopt. Het pand Maerlant 10-14 is recent getransformeerd naar een shortstay voor arbeidsmigranten. Het betreft een tijdelijke functie voor maximaal tien jaar (tot 2025). Het eerste pand die naar woonfunctie is getransformeerd, De Lely, is inmiddels opgeleverd. De Eurotower, aan de Houtribdreef, volgt. Eigenaren van andere panden onderzoeken of hebben de eerste plannen geschetst om hun vastgoed te verbouwen, (deels) te transformeren of te slopen om plaats te maken voor nieuwbouw.
Met betrekking tot de winkelfuncties is in het gemeentelijk beleid bepaald dat wijkcentra als zodanig dient te worden ingericht. Hierdoor zal het Winkelcentrum ’t Lelycentre worden afgebouwd naar wijkwinkelcentrum3, wat kansen biedt om de ruimtelijk verbinding van het nu gesloten winkelcentrum met zijn omgeving te verbeteren. 3 zie bijlage 1 onder Omgevingsvisie Lelystad 2030 en Koersdocument Lelystad 2040.
Linksonder: uitbreiding Smedinghuis. Daarnaast: impressie transformatie Eurotower. Hieronder: impressie transformatie De Lely.
impressie: new-ton Architects
impressie: sonneborgh.nl
Linksboven: centraal plein Bastion. Daarnaast: Maerlant 10-14. Links midden: Winkelcentrum ‘t Lelycentre. Daarnaast: De Uiterton en de aansluiting van de verhoogde fietsroute op de Marktstraat.
beeldregieplan Lelycentre gebied
7
Omgeving De huidige inrichting van de openbare ruime is gefragmenteerd en grotendeels verhard. De schaal en inrichting van de openbare ruimte is afgestemd op de oorspronkelijk stedelijke functies waardoor nu met de leegstaand, achterstallig onderhoud en de recente transformatie de menselijke maat en een aantrekkelijk openbare sfeer ontbreken. De inrichting van de verschillende gebieden en buurten wijken te veel van elkaar af, waardoor een onsamenhangend beeld is ontstaan. Het plangebied heeft, naast het Stadspark en de groene strook ten zuiden van de wijk Bastion, geen robuuste groene zones maar restgroen. Het merendeel van het gebied is bestraat. Bomen hebben slechte groeicondities en de lage beplanting is niet afgestemd op het onderhoudsniveau. Parkeerterreinen zijn voornamelijk met bomen ingericht en zeer beperkt met laag groen. De bestaande groene inrichting is iel en is meer een aanvulling dan een representatieve dragende structuur. Zoals de groene strook langs de Polderdreef welke grotendeels is ingezet voor parkeren. Het gebied wordt ontsloten voor autoverkeer vanaf de Houtribdreef en Polderdreef. Voor fietsers en voetgangers is het gebied ontsloten via de verschillende fietsbruggen over de omringende dreven. Binnen het plangebied is geen hiërarchie van de infrastructuur te herkennen. Autogebruikers, fietsers en voetgangers kruisen elkaar onnodig.
Linksboven: De Plaats. Daarnaast: Winkelcentrum ‘t Lelycentre aan het Noorderwagenplein. Links midden: Koopmanshof vanaf de verhoogde fietsroute. Daarnaast: achtererf Maerlant Linksonder: fietsbrug Bovenover en het Smedinghuis gebouwencomplex. Daarnaast: Marktstraat richting het Stadspark. Hiernaast: Maerlant 10-14 en zuid- westentree winkelcentrum. 8
beeldregieplan Lelycentre gebied
foto: Aerostockphoto Schiphol
Hieronder: overzicht Lelycentre gebied aan de Polderdreef.
beeldregieplan Lelycentre gebied
9
Ruimtelijk kader Lelycentre gebied eerste fase Ruimtelijk kader Lelycentre gebied eindbeeld
F I B D R E E H O U T R
R E E F P L A S D Z U I G E R
Noorderwagenplein
Stadspark groene/natuur rand (parkinrichting) doortrekking groen
Stadspark
R E E F P A R K D
legenda
Bastion Snijdershof
Marktstraat
Maerlantplein
De Plaats
Waterwijzer
Maerlant blok A
Maerlant blok B
Maerlant 10-14
voetgangerszone centraal gebied
Maerlant
Parkzijde
water Smedinghuisdek Zuiderwagenplein
voetgangerszone aansluitend gebied
F R D R E E P O L D E
woonhoven groene drager fietsroute (op maaiveld) fietsroute (ongelijksvloer) fietsbrug N
hoofd ontsluiting autoverkeer 0
secundaire ontsluiting autoverkeer
25
50
100
F I B D R E E H O U T R
150m
groene/gele drager fase A
gebouwde parkeervoorziening (green) parking bestaande gebouwen Noorderwagenplein
R E E F P L A S D Z U I G E R
gebouwen met architectonische waarde De Haak
(mogelijke) ontwikkellocatie
te slopen
Stadspark Bastion
fronten (relatie privé - openbare ruimte) landmark
Snijdershof
Marktstraat Maerlantplein
De Plaats
Maerlant blok A
Maerlant blok B
Maerlant 10-14
Waterwijzer
Maerlant
Parkzijde
zicht/oriëntatie
R E E F P A R K D
bebouwingsaccent
Smedinghuisdek Zuiderwagenplein
F R D R E E P O L D E N
0
10 beeldregieplan Lelycentre gebied
N
25
50
100
150m
2. Stedenbouwkundig kader Visie Lelycentre en de groene/gele drager De ambitie is om het Lelycentre gebied te transformeren tot een hoog stedelijk (woon) milieu, met een helder ruimtelijke structuur waar kwalitatief wonen en passende voorzieningen zijn te vinden. De variatie in functies en de uitwisseling tussen gebouw en de belangrijkste openbare ruimtes en routes zijn hiervoor essentieel. Vertrekpunt is het Gebiedsplan Lelycentre uit 2017. Daarnaast de Omgevingsvisie (Ruimtelijk Raamwerk), het Koersdocument Lelystad 2040 en de Mobiliteitsvisie ‘Lelystad in beweging’ 2030. Het Gebiedsplan Lelycentre uit 2017 is verder uitgewerkt in de visie Lelycentre en de groene/gele drager (2019). Deze visie is globaal van opzet en is erop gericht om het hele gebied te ontwikkelen volgens één samenhangende structuur met groen als drager van het plan. De stedelijkheid wordt gecombineerd met een groene voetprint. Op deze manier sluit het gebied aan op het tuinstedelijke karakter van de stempelwijken, Zuiderzee- en de Atolwijk, ontworpen en gebouwd in de zelfde periode als het Lelycentre gebied. De visie Lelycentre en de groene/gele drager baseert zich op onderstaande principes. a.
Driedeling gebied Het gebied word ruimtelijk en functioneel ingedeeld in drie deelgebieden: de oostkant ingericht voor recreatie (park) met een bebouwde rand ingevuld met verschillende functies; het middengebied bestemd voor stedelijke functies (voorzieningen) en de westkant bestemd voor wonen. De indeling wordt leesbaar door de verkeersstructuur, de ruime zichtlijnen, de bebouwingsopzet en korrelgrootte4. b. Groene/gele drager Twee ruimtelijke elementen, bestemd voor voetgangers en fietsers, overlappen elkaar en brengen diverse deelgebieden en gebouwen als voorkanten bij elkaar: de Haak5 als stedelijk plein, welk het winkelcentrum met het Smedinghuis complex verbindt, en de groene laan/wandelroute vanuit het Stadspark richting Centrumbrug (oostwestrichting) ingericht als een robuuste groene corridor. Voetgangers- en fietsroutes worden aangelegd zodat bewoners en bezoekers de groene/gele drager efficiënt en veilig kunnen bereiken. Vervolgens is een goede ruimtelijke en functionele relatie tussen deze openbare ruimtes en de plinten van de gebouwen essentieel. Het gebied is autovrij.
4 korrelgrootte: grootte van de eenheden (ensembles, erven, bouweenheden) waaruit een gebied is opgebouwd. Een villa heeft een kleine korrel, een lange rij eengezinswoningen heeft een grote korrel. 5 de Haak: herkenbare openbare ruimte vanaf hetSnijdershof aan de westzijde tot en met het Smedinghuis gebouwencomplex aan de zuid oostzijde.
c. Cultuurhistorisch gedachtengoed functionalisme versterken Versterken en doorzetten van de principes uit het functionalisme6 en modernisme7 die kenmerkend zijn voor het gebied. Deze betreffen: het behouden en opwaarderen van de cultuurhistorische gebouwen; het doorzetten van de stedenbouwkundige principes zoals de gescheiden functies en het bordes; en het doorzetten van de modernistische architectuur met o.a. de leesbare horizontale gevelgeleding. Aan deze principes wordt, waar mogelijk, het inrichten van daken als kwalitatieve zones toegevoegd. Dit in het kader van een gezonde woonomgeving en klimaatverandering. d. Heldere verkeersstructuur De verkeerstructuur is door de nieuwe inrichting eenduidig en leesbaar. Voetgangers en fietsers hebben het primaat in het gebied. De fietsbruggen over de dreven vormen de belangrijkste toevoerroutes voor langzaam verkeer. De doorgaande voetgangersen fietsroutes krijgen ruimte en worden aangesloten op de groene/gele drager. De groene/gele drager maakt onderdeel uit van het herkenbare langzame verkeersnetwerk. Autoverkeer is beperkt tot de randen. Het Lelycentre gebied zal enkele hoofd autoontsluitingswegen kennen: het Snijdershof en Parkzijde vanaf de Houtribdreef en Maerlant en Parkzijde vanaf de Polderdreef.
Snijdershof en Parkzijde vormen de ontsluiting voor de hoofd parkeerterreinen, Noorderwagenplein en Zuiderwagenplein, aan de randen van het gebied. De overige wegen zijn van een lagere orde. Vanuit de inrichting is onmiddellijk helder dat automobilisten direct in een verblijfsgebied komen, waar een bijpassend verkeersgedrag wordt verlangd. De inrichting van de wegen en straten stimuleert dit aangepaste gedrag. Het concept van fietsstraat onderstreept deze passende inrichting. De verschillende parkeerzones (semi-privé of openbaar) zijn herkenbaar met als doel de juiste parkeerder (parkeermotief) op de juiste plek. e. Natuurinclusief en klimaatbestendig De openbare ruimte dient zo veel mogelijk te worden ingericht met groen, dit in het kader van klimaatadaptatie en zodat bewoners en ook bepaalde diersoorten er prettig kunnen verblijven. Hiermee wordt invulling gegeven aan de ambitie van Lelystad als hoofdstad van de nieuwe natuur. Een tuinstedelijke omgeving met toevoeging van biodiversiteit en een prettig verblijfsklimaat bieden mogelijkheden voor ontmoeting en vrijetijdsactiviteiten. Zowel buitenruimten als gebouwen worden ingezet als verblijfplaatsen voor verschillende soorten. Door natuurinclusief te ontwerpen kan het gebied zich gezond ontwikkelen. 6 functionalisme: zijstroming van het modernisme.
Het functionalisme of het Nieuwe Bouwen houdt in dat constructie en uiterlijk bepaald moeten worden door de functie van het gebouw. De vorm volgt de functie. 7 modernisme: stroming in de architectuur waar gebouwen bestaan vooral uit rechthoekige blokken, afgedekt met een plat of licht schuin dak. Licht, lucht en ruimte is het motto van deze bouwstijl. Een zakelijke vormgeving, die de functionele elementen van gebouwen benadrukt staat centraal. beeldregieplan Lelycentre gebied
11
Naast het robuust inrichten van de bestaande groene zones worden de parkeerpleinen zo veel mogelijk ingericht om wateroverlast te beperken of voorkomen. Waar mogelijk en wenselijk worden andere parkeerplaatsen getransformeerd tot woonhoven waar bebouwing zich op oriënteert (voorkanten). Dit draagt bij aan het straatbeeld en verbetert de aantrekkelijkheid van het gebied voor nieuwe bewoners en bezoekers. Zowel de buiten- en openbare ruimtes als de bebouwing dienen te worden ontworpen met oog op klimaatadaptatie. Het groen karakter stopt niet bij de kavelgrenzen maar wordt doorgezet op/in het eigen erf. Groene zones, pleinen en daken kunnen worden ingezet als buffer bij hevige regenval. Daarnaast zorgen groene/vegetatie daken en gevels voor verkoeling in de zomer en houden in de winter warmte vast.
Openbare ruimte en kavelinrichting Openbare ruimte De openbare ruimte in het Lelycentre gebied krijgt een groen, robuust en modern karakter. Inrichting en materialisatie dragen bij aan de leesbaarheid (herkenbaarheid) van de openbare ruimtes (tuinstedelijk) en in het bijzonder van de verkeersstructuur met aandacht voor klimaatadaptatie, de gewenste natuurwaarde en doelmatig beheer en onderhoud. De groene laan dient als groene long en als infrastructurele verbinding tussen oost en west. Het beeld is van een groene zone met diverse soort hoge en lage beplanting geschikt om de biodiversiteit te bevorderen. Fiets- en voetpaden zijn hier opgenomen en sluiten aan op het Maerlantplein en De Plaats. Aan de zuidzijde wordt de verlenging van de Snijdershof ingericht als een groene lob8 die ruimte biedt voor de fietsroute richting het zuiden en oosten. De groene zones langs de Houtribdreef en de Polderdreef worden ingericht als uitlopers van het Stadspark. De open parkachtige inrichting met hoge bomen dient als omkadering van het Noorderwagenplein en Zuiderwagenplein welke als open ontvangst ruimte voor het winkelcentrum en het Smedinghuis complex dienen. Rondom het westelijk deelgebied is het groen meer gesloten wat beter aansluit op het rustige woonkarakter. Dit in tegenstelling tot het open en dynamisch karakter van het Noorderwagenplein en Zuiderwagenplein.
Het Noorderwagenplein en Zuiderwagenplein worden ingezet als hoofd parkeerlocaties. Andere bestaande parkeerterreinen worden getransformeerd tot woonhoven en hierdoor hoofdzakelijk met groen ingericht. Cruciaal is om omvangrijke verharde oppervlaktes te beperken tot wat noodzakelijk is. Enerzijds in relatie tot onderhoud en anderzijds om hittestress tegen te gaan. 8 groene lobben: uitbreiding van groene zones als scheggen door verschillende gebouwen of gebouwde delen om een groene omgeving te garanderen.
Linksboven: groene drager met parkinrichting. Links: ruim en comfortabele zitranden in combinatie met gevarieerde beplanting. 12
beeldregieplan Lelycentre gebied
Omdat de ambitie de transformatie van een bestaand gebied betreft is aanpassen van de bestaande boven- en ondergrondse infrastructuur noodzakelijk aangezien deze nu niet toereikend is voor de beoogde functies. Hierdoor dient de herontwikkeling van het hele Lelycentre gebied rekening te houden met goede bereikbaarheid en toereikende riolering, afvoer van regenwater en afvalinzameling.
Parkeren voor bewoners dient op eigen erf en voor zo ver mogelijk uit het zicht van de openbare ruimte te worden opgelost. Dit om ongewenst parkeren (t.b.v. winkels) te voorkomen. Mogelijkheden om extra parkeerplaatsen te realiseren in de openbare ruimte is zeer beperkt. Het inzetten van een klein deel van de bestaande hoofd parkeerterreinen voor dubbel gebruik is denkbaar. Er wordt gestreefd naar duurzame stedenbouw, meervoudig grondgebruik is mogelijk door het realiseren van een bordes en deze in te zetten voor parkeren. Zowel in de privé als in de openbare parkeervoorzieningen dient er rekening te worden gehouden met plaatsing van oplaadpunten ten behoeve van elektrische auto’s. Hieronder: scheidingsmuur als overgang openbaar privé. Rechtsonder: binnenterrein als kwalitatieve verblijfslocatie. foto: amazingnanates.wordpress.com
Fietspaden worden duidelijk herkenbaar door het profiel en materialisatie. Van belang is ook het faciliteren van voldoende openbare voorzieningen om het parkeren van de fiets nabij de entree van het winkelcentrum mogelijk te maken. Bewoners parkeren hun fiets op eigen erf. Hierdoor wordt het risico beperkt dat fietsen van bewoners de openbare ruimte onnodig belasten. De wijkontsluitingswegen, Snijdershof, Parkzijde en Maerlant, worden aan de breedte en inrichting herkenbaar. Een sober traditioneel profiel met zo veel mogelijk groen is hier vertrekpunt. De rest van de wegen in het gebied zijn ondergeschikt. Hiermee wordt ook bereikt dat in het Lelycentre gebied een zo groot mogelijk areaal aan groen kan worden gerealiseerd. Langs de ontsluitingswegen zullen opstelplaatsen voor de (afval) minicontainers en ondergrondse containers worden gerealiseerd.
Kavelinrichting Het straatprofiel heeft een groene inrichting met gras, struiken en bomen. Het is echter van belang dat het groene karakter niet stopt bij de kavelgrens maar terug komt in het (semi) privé gebied zodat een samenhangend gebied ontstaat. Daardoor krijgen de binnenterreinen ook een groene inrichting. De vormgeving van de overgang openbaar privé is afhankelijk van de locatie. In het middengebied en langs de dreven is deze vormgegeven als een bordes. Bij bebouwing met een bordes wordt deze ingezet voor een subtiele overgang openbaar-privé met veilige en comfortabele trappen, flauwe hellingbanen en beplanting. Binnenterreinen (hofje of dek) krijgen een gemeenschappelijk karakter met verblijfskwaliteit. Groen en mogelijkheden voor verblijf zijn onmisbaar voor de inrichting. De zones aangrenzend aan het openbaar gebied worden vrijgehouden van opslag (bergingen en minicontainers). Voorzieningen voor fietsparkeren en permanente opstelplaats voor minicontainers dienen binnen eigen erf een plek te vinden maar moeten het verblijfskarakter niet onderdrukken. In het middengebied is uitgangspunt alle afvalinzameling met ondergrondse containers te realiseren. De privé en semi-privé buitenruimtes binnen eigen erf worden door de betreffende ontwikkelaar ingericht en beheerd.
De inrichting van de percelen aan de rand van het Stadspark houdt rekening met beperking van lichtinvloed ter voorkoming van verstoring en aantasting van de natuur.
foto: Dirk Vervwoerd
Het moderne stedelijke karakter wordt herkenbaar in het middengebied met de Haak, een verhoogde plein rondom de centrale voorzieningen. Alle gebouwen die aan de Haak grenzen dienen met deze een functionele relatie aan te gaan. Het plein zal zich ontwikkelen tot een dynamische openbare ruimte als toegang tot het hart van het winkelcentrum. De materialisatie van de groene/gele drager en de rest van het plangebied wordt op elkaar afgestemd om van de openbare ruimte een samenhangend geheel te maken. De keuze voor straatmeubilair wordt één voor het hele Lelycentre gebied. De Haak wordt in twee fases gerealiseerd. De eerste fase betreft de herinrichting van De Plaats en het realiseren van het Maerlantplein. De verbinding tussen deze pleinen vindt plaats via het winkelcentrum. De laatste fase betreft het realiseren van een ruim plein tussen De Plaats en het Maerlantplein waardoor de sloop van het zuidelijke blok van het winkelcentrum wenselijk is. Hierdoor ontstaat één openbaar plein dat enerzijds als voorkant voor het winkelcentrum en de omliggende panden zal dienen en anderzijds ruimte zal bieden voor de wekelijkse markt. Op deze manier wordt een dynamisch plein gecreëerd en kan het Noorderwagenplein ten aller tijden efficiënt worden ingezet voor parkeren.
beeldregieplan Lelycentre gebied
13
Pampusbrug
Vlieterbrug
Veluwsebrug
ZUIDERZEEWIJK
F I B D R E E H O U T R
Snijdershof
R E E F P L A S D Z U I G E R
Stadspark LS2
LA15
LS2 Marktstraat
Strandbrug
Bovenover
Maerlant
LS3
LA7
Maerlant
LAc6
Stadspark
L4
Centrumbrug
Parkzijde
LS3
R E E F P A R K D
Parkzijde
Zwembadbrug
F R D R E E P O L D E
Legenda
ATOLWIJK
LS2
Cluster- en woonerfwijken (stedenbouwkundige welstand)
LS3
Recent gerealiseerde woonwijken (stedenbouwkundige welstand) Middengebied (architectonische welstand) Smedinghuis gebouwencomplex (architectonische welstand en cultuurhistorisch erfgoed Bethelkerk en winkelcentrum ‘t Lelycentre (architectonische welstand)
L4 LAc6
N
LA7/LA15 0
50
100
150
200m
3. Beeldkwaliteit
LS3 Recent gerealiseerde woonwijken, welke als stedenbouwkundige/beperkte welstand blijft, is van toepassing op de Residence de Meerkoet en de woonwijk Waterwijzer. Door de stedenbouwkundige opzet en beeldkwaliteit, welke vergelijkbaar is met andere recent gerealiseerde wijken in de stad, worden deze onder één welstandsgebied gebracht. L4 Middengebied betreft een nieuwe welstandsregime en is gebaseerd op de modernistische en functionalistische principes welke als basis dienden voor de oorspronkelijke ontwikkeling van het gebied. Dit regime valt onder het architectonische/ volledige welstandsniveau waarin zowel de stedenbouwkundige samenhang als de architectuur van de bebouwing van belang zijn. In dit gebied zal het merendeel van de transformatie plaatsvinden. De overgang openbaar-privé is in dit deelgebied cruciaal. Door de korrel grootte en omvang van ontwikkelingen, dient aandacht te worden besteed aan de variatie tussen de blokken onderling.
LA7 Bethelkerk aan de Polderdreef, bijzonder door zijn ligging tussen voorziening centrum en park en kenmerkend door de combinatie van plattegrond en dak. LA15 Winkelcentrum ‘t Lelycentre gebouwd als eerst voorzieningscentrum. Zowel LAc6, LA7 als LA15 vallen onder het niveau architectonische/volledige welstand. 10 Smedinghuis gebouwencomplex: het betreft het oorspronkelijk complex ten behoeve van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders, het Stadskantoor van het openbaar lichaam Zuidelijke IJsselmeerpolders (later Politiebureau) en de verhoogde fiets- en voetgangersroute.
Linksonder: patiowoningen in Parkzijde. (LS2) Daaronder: woongebouw De Meerkoet (LS3). Hieronder: woongebouw Bastion (LS2). Daaronder: het Smedinghuis complex (LAc6). foto: Oozo.nl
LS2 Cluster- en woonerfwijken, betreft de bestaande woonwijken Parkzijde en Bastion welke door hun kenmerkende stedenbouwkundige opzet en architectuur onder een eigen welstandsgebied worden gebracht. Deze behoudt het niveau van stedenbouwkundige/beperkte welstand.
LAc6 Smedinghuis gebouwencomplex 10 als icoon van de jonge stad. De stedenbouwkundige opzet van de bebouwing in combinatie met de verhoogde fietsroute en de modernistisch architectuur zijn opmerkelijk. De bebouwing heeft met zijn bijzondere detaillering en het ongebruikelijke gevelmateriaal een geheel eigen expressie.
foto: Oozo.nl
In dit hoofdstuk worden de verschillende welstandsgebieden met een eigen regime beschreven en bijbehorende welstandscriteria die van toepassing zijn op de bebouwing. Andere welstandscriteria die van toepassing is op alle sferen, zoals erfafscheiding, duurzaamheid en reclame wordt hier ook omschreven. Conform de visie Lelycentre en de groene/gele drager wordt het Lelycentre gebied verdeeld in drie deelgebieden, dit in relatie tot de functies: park, voorzieningen en wonen. Aan de hand van de stedenbouwkundige structuur, de architectonische karakteristieken en de mogelijkheden voor herontwikkeling of transformatie is het gebied onder te verdelen in drie welstandsgebieden. Aanvullend wordt voor een drietal bouwwerken met cultuurhistorisch en/of architectonische waarde9 welstandscriteria opgesteld. De stedenbouwkundige- en architectonische kenmerken weergegeven in de welstandsnota worden in dit beeldregieplan omgevormd tot welstandscriteria en dienen als toetsingskader voor de welstandsbeoordeling van nieuwe plannen. Deze criteria beperkt niet de ontwikkeling of transformatie van de gebouwen maar zorgt dat de oorspronkelijke kenmerkende stedenbouwkundige en architectonische elementen niet verloren gaan.
9 In de Welstandsnota 2015 Lelystad geeft ruimte kwaliteit is het Smedinghuis gebouwencomplex aangewezen als cultuurhistorisch erfgoed en de Bethelkerk en het Winkelcentrum ‘t Lelycentre als belangrijke gebouwen binnen de architectonische welstand.
beeldregieplan Lelycentre gebied
15
LS2 Cluster- en woonerfwijken Hoofopzet Aan de westrand van het Stadspark, in Parkzijde, wordt bebouwing beschouwd als een intermediair tussen het rustige park en het dynamische middengebied . De enclave van Parkzijde onderscheidt zich door de bijzondere ligging van de woningen aan het park. Uitgangspunt is een beperkt aantal geschakelde volumes, van kleine korrel, rondom een hofje en omkaderd door groen. De gebouwen voegen zich in de context door de schaal, het toepassen van lichte tinten en de groene erfafscheiding. De architectuur van de woningen is modern en ingetogen.
De wijk Bastion kent een opzet met uitspringende rijen van gestapelde woningen (maisonnettes) langs een centrale kruisvormig plein, waar oorspronkelijk een verhoogde fietsroute in noord-zuid richting gebouwd was. Het centrale gebied is op zijn beurt omzoomd door uitspringende gestapelde en grondgebonden woningen. Het gebied is, met uitzondering van de noordzijde, naar binnen gericht en gescheiden van de omgeving door groen. De binnenhofjes zijn ingericht voor parkeren en groen. De architectuur is kenmerkend voor de wijk. Bebouwing wordt beëindigd met een mansardedak met daarop en dakopbouw ook in mansarde vorm. Bij gestapelde woningen wordt de toegang benadrukt door de trappenhuizen en de robuuste balustrades in beton. Volgende welstandscriteria is gebaseerd op het welstandsregime Cluster- en woonerfwijken (S2) uit de Welstandsnota 2015 Lelystad geeft ruimte kwaliteit en aangepast aan de context. Het regime LS2 valt onder het niveau stedenbouwkundige/beperkte welstand.
hoofdopzet LS2 voor legenad zie bijlage 7.
Parkzijde
F I B D R E E H O U T R
LS2 LA15
Stadspark
Koopmanshof
LS2
Maerlantplein
Marktstraat
LS3
De Plaats
Maerlant
Waterwijzer
LS3
Maerlant
Parkzijde
L4 LAc6 Zuiderwagenplein
LA7
F R D R E E P O L D E
16 beeldregieplan Lelycentre gebied
N
R E E F P A R K D
Bastion
Snijdershof
R E E F P L A S D Z U I G E R
Noorderwagenplein
Welstandscriteria Uitstraling/thematiek Gebouwen in Parkzijde zijn naar binnen gericht, vormen een kleinschalig cluster in een sobere architectuur en eigentijds sfeer. Bebouwing in de wijk Bastion is naar binnen gericht en vormt letterlijk een bastion met het kruisvormig plein als centrale ruimte omzoomd door woongebouwen. De architectuur is robuust en relatief gesloten met houten opbouw en robuuste betonnen balustrades. Dit gebied betreft stedenbouwkundige/beperkte welstand.
Situering • nieuwbouwplannen en verbouwingen (aan- en uitbouwen, dak opbouwen, overige bijgebouwen) moeten de ruimtelijke samenhang in de straat en de directe woonomgeving ondersteunen; • belangrijke stedenbouwkundige principes, zoals markering van wijkentrees of centrale openbare ruimten moeten bij aanpassing of uitbreiding van de bestaande bebouwing gehandhaafd blijven of versterkt worden.
Materiaalkeuze, kleurgebruik en detaillering • materiaal- en kleurgebruik voor bebouwing dient te passen bij de soortgelijke bebouwing in de omgeving en dient een duurzaam karakter te hebben; • aan- en uitbouwen en bijgebouwen moeten qua materiaal, kleur en detaillering passen bij het hoofdgebouw; • bestaande karakteristieke detailleringen dienen gerespecteerd te worden, welke tevens als inspiratie voor eventuele uitbreidingen zal dienen. Overige bouwwerken • erfafscheidingen, aan het zij- of achtererf, grenzend aan het openbaar gebied dient te worden uitgevoerd met een haag (maximaal 180 cm hoog), aanplant met dubbele rij in driehoeksverband; of met een dubbelstaafmathekwerk (maximaal 180 cm hoog), kleur RAL 7021 en begroeid met klimop; • als erfafscheiding gewenst is bij de voortuinen dient deze te worden uitgevoerd met een haag (60 cm hoog), aanplant met dubbele rij in driehoeksverband; • Zie kaart erfafscheidingen (bijlage 4) voor toepassingslocaties en specificaties van alle erfafscheidingen.
foto: Oozo.nl
Hoofdvorm • het volume van aan- , uit- en dakopbouwen en andersoortige bijgebouwen moeten qua afmetingen en volume ondergeschikt zijn aan het hoofdgebouw en daar in architectonische zin bij passen; • bij wijzigingen of toevoegingen dienen bestaande karakteristieke kapvormen en nokrichtingen herkenbaar te blijven; a. in Parkzijde zijn daken plat en zonder overstekken; b. in Bastion is het mansardedak met een dakopbouw karakteristiek; • in Bastion zijn dakkapellen plat afgedekt en opgetrokken vanaf de bestaande goot.
Gevelaanzicht • gebouwen moeten qua gevelopbouw en architectuur passen bij de overige bebouwing in het erf of de straat; • gebouwen mogen geen blinde gevels aan de straatzijde hebben; • wijzigingen in de gevelcompositie worden op het niveau van het gehele gebouw of gebouwencomplex beoordeeld.
Rechts: patiowoningen in Parkzijde. Sobere vormgeving. Plat dak zonder overstek. Midden: woongebouw in Bastion met kenmerkende betonnen balustrades. Daarnaast: dakkapel is opgetrokken vanaf de goot. beeldregieplan Lelycentre gebied
17
LS3 Recent gerealiseerde woonwijken Hoofdopzet In het Stadpark zijn verschillende woonvormen en maatschappelijke functies te vinden. Aan de westrand bevindt zich Parkzijde omschreven binnen sfeer LS1. Aan de zuidoost hoek van het park dient het woongebouw van de Residence de Meerkoet als robuust en markant gebouw gericht op de kruising van twee dreven. De architectuur van het woongebouw is modern met toepassing van baksteen in aarde tint en metalen gevelbekleding. Een deel van het park dient als dierenweide en is ingevuld met bebouwing met tuin karakter.
Aan de westzijde van het plangebied, bevindt zich de woonwijk Waterwijzer. Deze is recent gerealiseerd en betreft een woontoren met rijenwoningen haaks op de Polderdreef geplaatst. De architectuur is traditioneel, in rode en witte baksteen met zadeldak, met uitzondering van de hoekwoningen welke plat zijn afgedekt. De woontoren dient als hoogteaccent in de wijk en flankeert de Polderdreef samen met de hoogbouw in de andere deelgebieden. Overeenkomst met andere woonwijken in de stad is de toegepaste woningtypologie, voornamelijk grondgebonden woningen, met op markante plekken appartementenblokken. Volgende welstandscriteria is gebaseerd op het welstandsregime Recent gerealiseerde woonwijken (S3) uit de Welstandsnota 2015 Lelystad geeft ruimte kwaliteit en aangepast aan de context. Het regime LS3 valt onder het niveau stedenbouwkundige/ beperkte welstand.
hoofdopzet LS3 voor legenad zie bijlage 7.
Parkzijde
F I B D R E E H O U T R
R E E F P L A S D Z U I G E R
Noorderwagenplein
Snijdershof
LS2 LA15
Stadspark
Koopmanshof
LS2
Maerlantplein
Marktstraat
LS3
De Plaats
Maerlant
Waterwijzer
LS3
Maerlant
Parkzijde
L4 LAc6 Zuiderwagenplein
LA7
F R D R E E P O L D E
18
beeldregieplan Lelycentre gebied
N
R E E F P A R K D
Bastion
Materiaalkeuze, kleurgebruik en detaillering • materiaal- en kleurgebruik voor bebouwing dient te passen bij soortgelijke bebouwing in de directe omgeving; • aan-, uit- en bijgebouwen moeten qua materiaal, kleur en detaillering passen bij het hoofdgebouw; • bebouwing in de Dierenweide hebben een tuinkarakter. Vormgeving, materialisering en kleurgebruik is eenduidig en ingetogen. Donkere kleuren worden hier toegepast (e.g. zwart, antraciet, donker groen).
Welstandscriteria Uitstraling/thematiek Bebouwing aan de oostrand van het Stadspark vertoont een duidelijk hiërarchie waar de ingetogen gebouwen met tuinkarakter van de Dierenweiden ondergeschikt zijn aan het prominent woongebouw welke moderne metselwerkarchitectuur kent. Gebouwen in de Waterwijzer volgen eenzelfde traditionele signatuur kenmerkend door traditionele metselwerkarchitectuur. Dit gebied betreft stedenbouwkundige/beperkte welstand.
Overige bouwwerken • erfafscheidingen en hekwerken grenzend aan de openbare ruimte dienen als onderdeel van het gebouw en zijn omgeving te worden ontworpen; • overgang openbaar-privé van appartementengebouwen wordt vloeiend vormgegeven door middel van groeninrichting, eventueel met hoogteverschillen. Er wordt geen hekwerk of erfafscheiding aangebracht; • erfafscheiding grenzend aan het openbaar gebied ten behoeve van de dierenweide dient te worden uitgevoerd met een haag (maximaal 180 cm hoog), aanplant met dubbele rij in driehoeksverband; of met een dubbelstaafmathekwerk (maximaal 180 cm hoog), kleur RAL 7021 in combinatie met beplanting dat aansluit bij de rest van de beplanting in het Stadspark; • erfafscheiding, aan het zij- of achtererf van grondgebonden woningen, grenzend aan het openbaar gebied dient te worden uitgevoerd met een haag (maximaal 180 cm hoog), aanplant met dubbele rij in driehoeksverband; of met een dubbelstaafmathekwerk (maximaal 180 cm hoog), kleur RAL 7021 en begroeid met klimop; • Zie kaart erfafscheidingen (bijlage 4) voor toepassingslocaties en specificaties van alle erfafscheidingen.
Situering • alle gebouwen moeten haaks op of evenwijdig aan de straat komen te staan en aansluiten op de in het bestemmingsplan aangegeven voorgevelrooilijn; • nieuwbouwplannen en verbouwingen (aan- en uitbouwen, dakopbouwen, overige bijgebouwen) moeten de ruimtelijke samenhang in de straat, de woonomgeving ondersteunen. Hoofdvorm • het volume van aan-, uit-, bij- en dakopbouwen en andersoortige bouwwerken moeten qua afmetingen en volume ondergeschikt zijn aan het hoofdgebouw en daar in architectonische zin bij passen.
foto: BAZ.nl
foto: Jaap.nl
Gevelaanzicht • gebouwen moeten qua gevelopbouw en architectuur passen bij de overige bebouwing in de straat; • gebouwen mogen geen blinde gevels aan de straatzijde hebben.
Rechts: binnentuin van residence de Meerkoet. Midden: woongebouw Waterwijzer. Daarnaast: ongeweste houten erfascheiding i.c.m. lage beplanting aan de Polderdreef. beeldregieplan Lelycentre gebied
19
L4 Middengebied Hoofdopzet Het middengebied, waar het merendeel van de transformatie plaatsvindt, betreft een modern tuinstedelijke omgeving welke ruimte biedt voor winkels, sociaal maatschappelijke voorzieningen en gevarieerde woonvormen. Het middengebied, met robuuste groene zones, is hoofdzakelijk ingericht voor voetgangers en fietsers. Parkeren bevindt zich aan de randen van het gebied, duidelijk afgescheiden van het voetgangersgebied. Het deelgebied wordt doorsneden door drie fietsroutes. Één daarvan, opgehoogd in noord-zuidrichting, is onderdeel van het oorspronkelijke plan van Van Eesteren, heeft cultuurhistorische waarde en hierdoor blijft bestaan. Het hart van het middengebied wordt gevormd door een voetgangersplein vanaf De Plaats tot het Maerlantplein. Het Smedinghuis gebouwencomplex, aan de oostzijde, en de woontoren van Maerlant blok B, aan de westzijde, dienen als hoogteaccenten voor het voetgangersplein. Bebouwing oriënteert zich op het plein door middel van entrees, extra hoge en transparante functionele plint11 (met voorzieningen) en obstakelvrije overgangen openbaar-privé. Bebouwing in het middengebied is alzijdig en krijgt representatieve voorkanten aan de groene/gele drager. Hiermee krijgt het Lelycentre gebied een levendig voorzieningencentrum. Het gebied kenmerkt zich door gebouwen van middelgroot tot grote korrel.
Bebouwing volgt de principes van het modernisme en functionalisme. Licht, lucht en ruimte zijn de basis, aangevuld met variatie in de silhouetten, eenduidige kwaliteit en expressie rondom. De moderne architectuur kenmerkt zich door materialen als beton, metaal en glas, de herhaling van strakke bouwvormen en de dominante horizontale gevelgeleding. Bouwblokken bestaan uit verschillende onderdelen welke in hoogte en expressie variëren aan de hand van de positionering in het gebied. Gebouwen rusten op een bordes. Deze zorgt voor een landing van de gebouwen op maaiveld en voor aansluiting van deze op de Haak. Bebouwing ligt terug ten opzichte van de plangrenzen (uiterste bebouwingsgrens) wat ruimte biedt voor het realiseren van een bordes en voor een subtiele overgang tussen openbaar-privé. Tevens kan het bordes worden ingezet voor het realiseren van semi verdiept parkeren. 11 functionele plint: onderste bouwlaag (begane grond) van een gebouw waar andere functies mogelijk zijn ten opzichte van de hogere bouwlagen.
20
beeldregieplan Lelycentre gebied
Aan de noordzijde is het gebied van ver herkenbaar door de Eurotower en het Winkelcentrum ’t Lelycentre. Een landmark aan de noord oostzijde van het winkelcentrum is denkbaar. Het Noorderwagenplein dient als ontvangst ruimte voor deze gebouwen. Het parkeerplein biedt ruimte voor kiosken welke op zijn beurt de uitwisseling tussen winkelcentrum en plein bevorderen. De kiosken worden zo veel mogelijk geclusterd, zijn kleinschalig, ondergeschikt aan de omliggende gebouwen en, door hun prominente locatie, kwalitatief uitgevoerd. Aan de zuidzijde van het plangebied flankeren een serie torens de Polderdreef. Het Maerlant blok A, welk qua functie onderdeel van het westelijk woongebied is, dient als schakel tussen de woonwijk Waterwijzer en het middengebied, dat qua opzet, schaal en expressie een andere signatuur kent. Het Smedinghuis complex, onderdeel van de serie gebouwen langs de Polderdreef, dient als landmark en trendsetter voor het gebied. Het welstandsgebied L4 Middengebied valt onder het niveau architectonische/ volledige welstand. Binnen de welstandscriteria voor dit gebied is onderscheid gemaakt naar renovatie/transformatie, nieuwbouw en zogenaamde aandachtsgebieden. De aandachtsgebieden (zie hoofdopzetkaart) zijn door de schaal en ligging van grote invloed op de ruimtelijke kwaliteit.
Deze betreffen het gebied ten noorden van de Koopmanshof en het Maerlant gebied aan de Polderdreef. Door hun cultuurhistorische en/of architectonische waarde wordt voor het Smedinghuis gebouwencomplex, de Bethelkerk en winkelcentrum ’t Lelycentre specifieke welstandscriteria opgesteld.
woontoren Centrada
+23,8 peil
Maerlant woonblok +15.28
kantoorgebouw RWS (zuid)
+13,2 peil +11,8 peil
wonen -4,02
Maerlant 10-14
+8,8 peil
wonen
wonen
-3,02 -4,02
voorzieningen
-3,02
-6,02
-6,02
-6,02
17,5 m
95,0 m
68 m 3,0m minimaal
19,0 m
5,0 m minimaal
18 m
hoofdopzet L4 voor legenad zie bijlage 7.
F I B D R E E H O U T R
-4,02 2,0
9,5
3,0
2,5
aandachtsgebied
16,5
33,5 m
3,0 m minimaal
Snijdershof
LS2
Maerlant woonblok
LS2
Maerlantplein
7,0
Marktstraat
Maerlant
wonen voorzieningen
-3,15
winkelcentrum
26,5 m
30,0 Waterwijzer
LS3
Maerlant blok A
LS3
De Plaats
+4,55
-4,0
gele corridor Snijdersstraat (Achterom)
Koopmanshof
Smedinghuis
Smedinghuis laboratorium
Stadspark
+30,5
LA15
Winkelcentrum ‘t Lelycentre Smedinghuis westvleugel
Maerlant
+17,7
Eurotower
R E E F P A R K D
Bastion
Maerlant blok B
Maerlant 10-14
groene corridor Maerlant-Bastion
R E E F P L A S D Z U I G E R
Noorderwagenplein
aandachtsgebied
LAc6
L4
+4,25
Parkzijde
-6,02
-3,02
tuin Bastion
00
wonen
Parkzijde
Bastion
+8,8 peil
verhoogde route +0,2
Smedinghuis
Smedinghuisdek
LA7
Zuiderwagenplein
ontvangstplein Smedinghuis-Zuiderwagenplein
-3,15
-4,15
Zuiderwagenplein 33,0 m F R D R E E P O L D E
+11,5
+6,0
Maerlant woonblok
Centrada
groene corridor Marktstraat
+17,7 -3,15
-3,7
Uiterton
19,0 m
+4,55
Smedinghuis laboratorium
-3,15
voorzieningen
N
30,0
43,0 m
winkelcentrum
beeldregieplan Lelycentre gebied
21
Stedenbouwkundig doelstelling
00
wonen -6,02
groene corridor Maerlant-Bastion
-3,02
-4,02 2,0
9,5
3,0
16,5
Maerlant woonblok +17,7
7,0 +4,55
wonen Smedinghuis laboratorium
voorzieningen
-4,0
gele corridor Snijdersstraat (Achterom)
-3,15
26,5 m
30,0
+11,5
+6,0
groene corridor Marktstraat
Boven: profielen van de groene/gele drager
beeldregieplan Lelycentre gebied
2,5
33,5 m
3,0 m minimaal
Centrada
22
Bastion
+8,8 peil
tuin Bastion
Spelregels volume en oriëntatie • de keuze voor bouwhoogtes, woontypologieën en overgang openbaar privé wordt afgestemd op de omliggende openbare ruimte en bestaande bebouwing (schaalsprong); • nieuwe hoogteaccenten aan de Polderdreef dienen zich in de verplichte rooilijn te begeven; • bebouwing bevindt zich op een leesbaar bordes, maximaal 1 meter hoog ten opzichte van het omliggende maaiveld. Zie bijlage 4 kaart erfafscheidingen. a. alle zijden kennen een semi- privé of openbaar zone op het bordes. De diepte van deze zone is afgestemd op de functie in de begane grond. Voor wonen is het bordes minimaal 3 meter diep, voor voorzieningen 5 meter; b. in de aandachtsgebieden is variatie in de vormgeving van het bordes mogelijk (e.g. bordessen, terrassen, veranda’s of loggia’s); c. aan de dreven dient het bordes zich in de verplichte rooilijn te begeven; • gebouwen aan de groene/gele drager oriënteren zich uitdrukkelijk en hebben hun hoofdentree op de deze openbare ruimten; • de functionele plint met voorzieningen dient zich duidelijk te onderscheiden van de rest van het gebouw; a. bij renovatie/transformatie kan dit verschil worden gerealiseerd middels materialisatie, aanpassing van gevelopeningen of toepassen van luifels; b.
bij nieuwbouw is de functionele plint hoger dan de bovenste bouwlagen; • de nodige onderdoorgangen zijn ruim en herkenbaar; • bevoorrading ten behoeve van voorzieningen wordt, zoveel mogelijk uit het zicht van de openbare ruimte opgelost, bij voorkeur inpandig.
-3,15
-3,7
19,0 m
Uiterton
winkelcentrum
Welstandscriteria Uitstraling/thematiek De sfeer is die van een modern tuinstedelijk gebied met markante modernistische bebouwing. Gebouwen vertonen een sterke verwantschap door de moderne architectuur. Bebouwing is alzijdig, gevarieerd en speels. Parkeren, met uitzondering van het Noorderwagenplein en Zuiderwagenplein, is zodanig opgelost dat parkeerplaatsen, voor zo ver mogelijk, niet zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte. Dit welstandsgebied betreft architectonische/volledige welstand.
Bovenaan: hoofdentree op het plein. Hierboven: hoogteaccent met alzijdige orientatie. transparante en hoge plint. Daarnaast: variatie in massa binnen een bouwblok. Rechts: gebouw op een bordes. Plint ingericht met groen en onder parkeren.
foto: KAAN Architecten
foto: ateliermartel.com
Situering • bebouwing is evenwijdig of haaks aan de weg gesitueerd; • aaneengesloten (bouwblokken) of geclusterd (ensemble). Gebouwen met een binnenterrein hebben doorzichten naar de omringende openbare ruimte. Massa en vorm • er is voldoende variatie in massa tussen de bouwblokken of gebouwen (korrel) onderling: a. door middel van hoogteverschillen in daken; b. tussen de bouwblokken of gebouwen dient significant verschil te zijn; c. bij nieuwbouw en in het bijzonder in de aandachtsgebieden geldt tevens dat de variatie in massa en vorm neemt toe naarmate de korrel groter wordt; • gebouwen hebben een heldere en monumentale uitstraling met rechthoekige/orthogonale volumes; • bouwvolumes worden afgedekt met een plat dak en zonder overstekken; • bij renovatie en transformatie dienen de vorm, afmetingen en verhoudingen van toevoegingen, zoals een dakopbouw, relatie vertonen met en ondergeschikt zijn aan de totale bouwmassa en het dakvlak; • toepassen van luifels is mogelijk om accenten aan te brengen, bijvoorbeeld bij entrees; • de op de kaart aangeven locaties met een ( ) dienen als hoogteaccent en kennen een alzijdige oriëntatie; • de op de kaart aangeven locaties met een ( ) dienen als landmark en kennen een nadrukkelijke expressie in gevelindeling, massaopbouw en alzijdige oriëntatie.
beeldregieplan Lelycentre gebied
23
24
beeldregieplan Lelycentre gebied
foto: Atelier Kempe Thill foto: Atelier Kempe Thill
impressie: Atelier Kempe Thill foto: Atelier Kempe Thill
Gevelaanzicht • gebouwen zijn alzijdig en representatief naar de openbare ruimte. Dit geldt tenminste voor de begane grond zowel aan de straatzijde als aan de binnenhoven. Achterkanten manifesteren zich als representatieve gevels; a. bij renovatie en transformatie geldt dat de bouwlaag grenzend aan de openbare ruimte voor zo ver mogelijk transparant of verrijkt met reliëf moet zijn om aan een aantrekkelijk straatbeeld bij te dragen; b. nieuwbouw mag geen blinde gevels hebben naar de openbare ruimte. Gevels aan de belangrijkste openbare ruimtes dienen voor minimaal 50% van het betreffende geveloppervlak uit gevelopeningen voorzien van glas te bestaan. • gebouwen zijn qua architectuur aan elkaar verwant; de architectuurstijl volgt de principes van het modernisme. Gebouwen zijn sober met een zakelijke vormgeving en repeterende elementen; a. bij renovatie en transformatie geldt dat de oorspronkelijke gevelindeling dient te worden versterkt zo dat deze op het beoogde modernistisch karakter aansluit; b. bij nieuwbouw geldt een modernistische/functionalistische architectuurstijl met een duidelijk horizontale geleding; • er is voldoende variatie in vormgeving tussen de bouwblokken of clusters (korrels); a. de driedelig van het gebied (wonen-voorziening-park) is te herkennen aan de variatie in vormgeving; b.
in de aandachtsgebieden is de variatie tussen de bouwblokken significant; • er moet eenheid of verwantschap bestaan tussen de verschillende gevelelementen; • daken zijn ontworpen en ingericht als representatieve ‘vijfde gevel’: a. de verschillende dak elementen (bijvoorbeeld installaties, energieopwekking systemen en groene zones) vormen een geordend geheel; b. bij renovatie en transformatie worden daken zo veel mogelijk ingericht met groen mits het constructief en technisch mogelijk is; c. bij nieuwbouw worden daken ingericht met groen als regenwater buffer, tegen hittestress en waar mogelijk als aantrekkelijk verblijfszones.
Linksboven: horizontale geleding en alzijdige blokken. Rechsboven, midden en hierboven: sobere vormgeving, zowel voor hoog als laagbouw, met duidelijk horizontale geleding. Toepassen van materialen in lichte kleuren. Links: ongewenste achterkanten en blinde gevels.
foto: Atelier Kempe Thill
foto: Axel Dahl
foto: Chan Architecten
foto: MBI
foto: Eclipse Screen Systems
Boven: dak als ‘vijfde gevel’, ingericht als kwalitatieve verblijfszone. Rechts: zorgvuldig en strakke detaillering. Onder: strakke gevelsteen (MBI-GeoStylistix) met een lang en slank formaat. Daarnaast: zichtbare installaties zijn niet toegestaan. Daarnaast: schermen voor gevel- en dak installaties zijn onderdeel van de architectuur. Onderaan: renovatie van bestaande panden tot modern en duurzame gebouwen met behoud van de oorspronkelijke gevelindeling.
foto: Chan Architecten
foto: Plastica Groep
foto: Plastica Groep
Materiaalkeuze, kleurgebruik en detaillering • de materiaalkeuze en kleur ondersteunen het ontwerp en dragen bij aan het modernistische karakter en strakke sfeer; beton, metaal, stucwerk en glas in lichte kleuren hebben hier de voorkeur; • het materiaal moet goed (technisch) toepasbaar zijn voor de gekozen vormgeving, detaillering en moet toekomstbestendig zijn (onderhoud); • de hoofdmassa overwegend uitvoeren in lichte tinten conform kleurenpalet (zie bijlage 3); a. het toepassen van afwijkende tinten of kleuren is mogelijk als accent of verbijzondering. Deze dragen bij aan een modernistische sfeer. Deze zijn ondergeschikt aan de kleur van de hoofdmassa; b. het is mogelijk een gebouw in afwijkende tinten als verbijzondering te realiseren mits deze maximaal 20% van het totale straatbeeld in het gebied betreft; de locatie en toepassing van de afwijkende tint zal door de commissie worden beoordeeld. Dit op basis van ligging, oriëntatie en eventuele concurrentie met andere gebouwen; • het toepassen van gevelsteen is mogelijk mits deze glad en strak is afgewerkt (e.g. wasserstrich strak, strengpers, betonsteen, natuursteen). Het formaat is lang, slank en passend bij de schaal van de bebouwing. De gevelsteen is effen van kleur of licht genuanceerd.
• er is voldoende variatie in materiaalkeuze, kleurgebruik en detaillering tussen bouwblokken (korrels) van verschillende gebieden (wonenvoorziening-park); • bebouwing is zorgvuldig gedetailleerd; geen overmaat aan detaillering; • installaties zijn inpandig opgelost, opgenomen in de architectuur of uit het zicht vanaf de openbare ruimte onttrokken. Nodige afscherming, ook voor dak installaties, is mee-ontworpen. Zie aanvullende criteria (bijlage 2).
beeldregieplan Lelycentre gebied
25
foto: blauw-architecten.com foto: De Wit Hekwerken
foto: Atelier Kempe Thill foto: Werkspot.nl
foto: Rob te Riet
foto: Falco.nl
Bovenaan: erfafscheiding is mee-ontworpen. Rechtsboven: individuele trappen bij woningen. Midden links: lage haag in voortuinen. Midden rechts: dubbelstaafmat met klimoplant bij zij- en achtertuinen. Hierboven: fietsberging met vegetatiedak. Daarnaast: kiosk met moderne vormgeving en toepassing van accentkleur. Rechts: achterkanten, zichtbare afvalinzameling en installaties zijn niet toegestaan.
26
beeldregieplan Lelycentre gebied
Overige bouwwerken • Erfafscheidingen vormen onlosmakelijk onderdeel van de welstandstoetsing; • de overgang openbaar-privé wordt uitgevoerd conform ligging in het plangebied (zie kaart erfafscheidingen bijlage 4): a. in het voorzieningscentrum als een bordes maximaal 1 meter hoog als onderdeel van de bebouwing (mee-ontworpen). Er wordt geen hekwerk aangebracht; of b. aan de groene/gele drager en de Polderdreef als een lage haag (maximaal 60 cm hoog) aanplant met dubbele rij in driehoeksverband. Er wordt geen hekwerk aangebracht; of c. aan het park wordt vloeiend vormgegeven door middel van groeninrichting, eventueel met hoogteverschillen. Er wordt geen hekwerk of erfafscheiding aangebracht; d. hoge erfafscheiding grenzend aan openbaar gebied, welke noodzakelijk is voor de functie (bijvoorbeeld rondom een school), wordt uitgevoerd in een dubbelstaafmathekwerk (maximaal 180 cm hoog), kleur RAL 7021 aangevuld met (lage) beplanting. • bergingen zijn mee-ontworpen en uitgevoerd in dezelfde materiaal- en kleurstelling als toegepast in de hoofdmassa; bergingen zijn met een vegetatiedak uitgevoerd; • erfafscheidingen in het binnenterrein (eigen erf) worden meeontworpen en uitgevoerd door de ontwikkelende partij. Kleur en vormgeving is afgestemd op de architectuur van het gebouw.