Bijlage 1 Algemene ontwikkelkader fase 1
Tekst van het document
• Parkeren zoveel mogelijk uit het zicht van openbaar gebied (doorgaande wegen). • Parkeren compact en geclusterd (= efficiënt) oplossen. Ook handig voor het delen van EV-laadpalen/ infrastructuur). • Parkeren landschappelijk inrichten. • Wanneer parkeren in een bouwblok wordt opgelost: zorg ook voor voldoende ruimte voor groen, spelen, verblijfskwaliteit in het blok. Inzetten op aantrekkelijke binnenterreinen. • Gestapeld parkeren wordt aangemoedigd, mits zorgvuldig ingepast. • Parkeren in buurtschap 6 bevindt zich hoofdzakelijk in de binnengebieden en in mindere mate aan de buurtlussen en woonstraatjes. Afbeelding 28: Impressie binnengebied
40
41
Utilitaire bouwwerken Utilitaire en infrastructurele bouwwerken zijn een belangrijke categorie voor de ontwerpopgaven. Gezien de netverzwaring zal het aantal trafohuisjes bijvoorbeeld toenemen tot 1 per 100-150 woningen. Ook stations voor het warmtenet, fietsenstallingen en ondergrondse afvalcontainers vragen om een goede inpassing en vormgeving.
42
Geïntegreerde duurzaamheidmaatregelen Duurzaamheidmaatregelen dienen als logisch onderdeel geïntegreerd te zijn in het architectonisch totaalontwerp. Er wordt extra aandacht aan detaillering en plaatsing besteed. Dat is belangrijk voor het reguleren van het binnenklimaat, maar ook voor het plaatsen van zonnepanelen voor de energieopbrengst.
43
5 Complete wijk 5.1 5.2 5.3 5.4
44
Inleiding Uitgangspunten Wonen Werken in Zuiderhage Sport en spelen in Zuiderhage
45
5.2 Uitgangspunten Wonen
5.1 Inleiding
1. Realisatie mix op gebiedsniveau voor fase 1
Complete wijk, sociale samenhang en ontmoeting
In fase 1 van Zuiderhage wordt volgens de Woonvisie 2022-2027 een mix op gebiedsniveau gerealiseerd. In aansluiting op het wetsvoorstel Regie op Volkshuisvesting wordt de verdeling binnen het betaalbare segment licht bijgesteld.
Complete wijk
Bij de ontwikkeling van Zuiderhage draait het niet enkel om het bouwen van woningen: de inzet is het bouwen van een complete wijk, waarin naast wonen ruimte is voor groen en natuur, voorzieningen (onderwijs, buurtcentra, sport, gezondheidszorg, maatschappelijke voorzieningen, cultuur, winkels voor de dagelijkse boodschappen en horeca) en werklocaties (binnenstedelijk bedrijventerrein en regulier bedrijventerrein).
Sociale samenhang en ontmoeting
Sociale samenhang is een belangrijk speerpunt voor Zuiderhage. Een aantrekkelijke sociale omgeving met een goede openbare ruimte en een goede ‘wijk op ooghoogte’ is van belang voor de beleving en daarmee het sociale functioneren van straten en pleinen. De stedenbouwkundige opzet en programmering binnen een buurtschap moet bijdragen aan ontmoeting en gemeenschapsvorming. Zo bieden de buurtschappen meerdere ontmoetingspunten, diverse plekken om te bewegen of sporten in de open lucht en een centrale ontmoetingsplek of ruimte. Ontmoetingsplekken en voorzieningen zijn optimaal aangesloten op langzaam verkeersroutes. Clustering van functies en meervoudig gebruik van gebouwen voor voorzieningen (zoals scholen, clubgebouwen) draagt bij als sociaal anker in het netwerk van de nieuwe buurt.
Ouderen
De ambitie is: woonvormen die het ontmoeten bevorderen zodat mensen naar elkaar omzien (bevordering informele zorg). Het open stellen en slim situeren en slim gebruik maken van geplande ontmoetingsruimtes in Zuiderhage draagt daaraan bij. Het zorgt er bijvoorbeeld voor dat ouderen kunnen pauzeren, koffiedrinken en naar het toilet kunnen wanneer zij een rondje lopen.
46
Specifieke woonzorgwoningen zijn voorzien in het centrumbuurtschap van Zuiderhage (Burgh). In dit buurtschap is het namelijk mogelijk om een supermarkt en ontmoetingsplek op maximaal 5 minuten lopen te situeren. Ook is het van belang dat er een huisartsenpost in de buurt is en de plek goed bereikbaar is met het OV.
Maatschappelijke voorzieningen
Zuiderhage zet in op voldoende en passende maatschappelijke voorzieningen in de diverse buurtschappen. Het ontwikkelen van passende ruimtes is onderdeel van de uitvraag aan de markt.
Zorgwonen
Binnen Zuiderhage zijn buurtschappen 6 (Valkenstede) en 7(Overbeke) aangewezen voor het realiseren van kleinschalige woonzorgvoorzieningen voor (jong)volwassenen met een (licht) verstandelijke beperking en/of psychische kwetsbaarheid. Voor ouderen die niet langer zelfstandig kunnen wonen, met een intensieve of toenemende zorgvraag, zou er ruimte moeten zijn mits passend binnen de eisen van de zorgpartij. Het centrum buurtschap (Burgh) zou hier ook geschikt voor kunnen zijn.
Bekijk de Woonvisie 2022-2027
3. Convenant Green Deal Houtbouw MRA
Lelystad heeft een stevige beleidsambitie op het gebied van biobased/houtbouw bouwen en is ondertekenaar van het convenant Green Deal Houtbouw MRA. Volgens dit convenant wordt minimaal 20% van de woningen in het gehele plangebied Zuiderhage (vanaf fase 1) gerealiseerd in biobased/houtbouw.
4. Op elkaar gericht bouwen in verbonden buurtschappen 2. Twee derde betaalbaar gehele plangebied Zuiderhage
Conform de Wet versterking regie op volkshuisvesting moet onder aan de streep 2/3 van de woningen in het plangebied Zuiderhage binnen het betaalbare segment vallen. Betaalbare woning: In 2026 een koopwoning met een prijs van maximaal € 420.000 of een huurwoning met huurprijs van maximaal € 1.228,07 (144–186 WWS‑punten, met mogelijkheid tot 10% nieuwbouwopslag conform de Wet betaalbare huur). Deze prijsgrenzen worden jaarlijks herzien conform de betaalbaarheidsgrenzen die door het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening worden gehanteerd.
Een belangrijk uitgangspunt voor het thema Wonen binnen Zuiderhage is dat buurtschappen op elkaar zijn gericht, zowel ruimtelijk als sociaal. Buurtschappen worden niet als op zichzelf staande woongebieden ontwikkeld, maar dragen in hun opzet en inrichting bij aan onderlinge verbinding en ontmoeting. Dit geldt zowel binnen de buurtschappen zelf (tussen wijken) als tussen de buurtschappen onderling. Marktpartijen krijgen nadrukkelijk de ruimte om hier op eigen wijze invulling aan te geven, passend bij het karakter van het buurtschap en de mastervisie van Zuiderhage.
5. Samenwerking zorgpartijen
Voor het gehele plangebied van Zuiderhage is het belangrijk om actief de samenwerking te zoeken met zorgpartijen die zich willen positioneren binnen Zuiderhage. Dit biedt kansen voor het realiseren van passende woonvormen en voorzieningen voor bewoners met een zorg- of ondersteuningsvraag.
Betaalbaarheid programma Vrije sector
2/3 < € 420.000 betaalbaar ('26)
33%
67%
Vrije sector 17%
< € 420.000 ('26)
20%
Goedkope koop < € 290.000,('25) Middeldure huur
30%
Sociale huur
47
5.3 Werken in Zuiderhage Ambitie werkprogramma Economisch Perspectief Lelystad en doorontwikkeling stedelijke economie
De economische koers om tot de gewenste toekomstbestendige economie te komen is opgenomen in het Economisch Perspectief Lelystad 2030. Tijdens het opstellen van het Economisch Perspectief Lelystad 2030 en de periode kort daarna, zijn de economische ontwikkelingen en perspectieven in Lelystad sterk ontwikkeld en is Lelystad in een volgende economische fase terecht gekomen. Deze fase richt zich op een verdere ‘doorontwikkeling van de stedelijke economie’. Kenmerkend voor deze fase is een verdere versterking van de stedelijke kennisinfrastructuur en de inzet op (innovatieve) clusters van bedrijven. Hierbij wordt vooral gekeken naar die activiteiten waar Lelystad goed in is (goederengerichte activiteiten) of goed in kan worden (activiteiten voortkomend uit de noodzakelijke duurzaamheidstransities). Inmiddels is deze fase van ‘doorontwikkeling van de stedelijke economie’ ingezet. Een belangrijk traject is de Groeiagenda Nieuw Land. In dit traject wordt gekeken naar de versterking van de kennisinfrastructuur en versterking van de stedelijke economieën van Almere en Lelystad op het gebied van techniek, technologie/ICT, duurzame bouw & innovatie, duurzame & innovatieve luchtvaart en sectoren rond de duurzaamheidstransities.
Een van de locaties om deze doorontwikkeling gestalte te geven is Zuiderhage, waarbij vooral gekeken wordt naar versterking van de stedelijke economie op het gebied van duurzame bouw & innovatie.
Groeiagenda Nieuw Land
Lelystad en Almere breiden de komende jaren uit met elk een nieuw stadsdeel: Zuiderhage en Pampus. Voor beide stadsdelen zijn er grote ambities op het gebied van circulair en biobased bouwen, energietransitie, klimaatadaptatie, natuur en bereikbaarheid. De ontwikkeling van de stadsdelen biedt een uitgelezen kans voor het op grote schaal toepassen van innovaties en bouwgerelateerde bedrijvigheid in de regio. We innoveren de bouwpraktijk met kennis-en productontwikkeling en toepassing op het gebied van circulair en biobased bouwen. Een belangrijke rol is daarbij weggelegd voor de living labs / field labs in onder andere Zuiderhage. Om dit te stimuleren wordt in het gebied (in buurtschap 6 Valkenstede) een zone gepland met ruimte voor innovatie en educatie met specifieke aandacht voor circulair en biobased bouwen en slimme energieoplossingen. In die zogenoemde campuszone wordt ruimte gegeven aan experimentele toepassingen, onderzoek en educatie en bouw gerelateerde bedrijven in de gebieden. Meer hierover staat in het ontwikkelkader van buurtschap 6, Valkenstede.
5.4 Sport en spelen De gemeente Lelystad vindt het belangrijk dat de openbare ruimte uitnodigt tot gebruik op een actieve, leuke en gezellige manier. Hierin wordt voorzien door goede, uitdagende en veilige speel- en sportplekken in te richten en te onderhouden. Het speelruimtebeleid dient als leidraad voor de invulling van de speel - en sportruimte.
• •
Een aantrekkelijke openbare ruimte helpt kinderen met hun ontwikkeling, het zet inwoners aan tot bewegen en het zorgt ervoor dat er ontmoetingen plaatsvinden tussen verschillende inwoners.
•
Nieuwbouw
•
Bij nieuwe plannen, zoals Zuiderhage, wordt rekening gehouden met voldoende ruimte voor formeel- en informeel sport en spel.
•
Spreiding per type speelruimte
•
Het grootste deel van alle woningen (≈ 90%) heeft twee speeltypes binnen loopafstand: • Op 200 meter is er een kleine speelplek; • Binnen 500 meter is er een buurtplek aanwezig. Dit kan ook een toegankelijk schoolplein zijn. • Wijk- / stadsbrede voorzieningen hebben geen actieradius, omdat deze voorzieningen voor de hele stad zijn. Deze zijn eerlijk verspreid over de verschillende wijken. • Er is een richtlijn opgesteld voor minimaal aantal speeltoestellen per type speelruimte. Kijk voor meer informatie over het speelbeleid op de website van de gemeente Lelystad: https://www.gemeentelelystad.nl/speelruimtebeleid
48
Ruimtelijke kaders speelplekken (o.a.)
• •
Een kleine speelbuurt (tot 10 ha) heeft minimaal één kleine speelplek (ingericht met speeltoestellen) van minimaal 500 m2 groot. Deze plek ligt op minimaal 200 meter afstand van iedere woning. Een grote speelbuurt (10ha of meer) heeft minimaal één grote speelplek van minimaal 1500 m2 groot. Deze plek ligt op minimaal 500 meter afstand van iedere woning. Een grote speelbuurt heeft daarnaast minimaal één grote beweegplek, waar meerdere sporten gespeeld kunnen worden, van minimaal 1500 m2 groot en tenminste één trapveldje (gras ondergrond). Aanvullend heeft een grote speelbuurt een netwerk van kleine speelplekken (afwisselend ingericht) op minimaal 200 meter van iedere woning. Speelplekken liggen op minimaal 10 meter afstand van woningen, beweeg- en jongerenplekken op minimaal 50 meter. Bij het kiezen van de locatie van een speelplek wordt rekening gehouden met sociaal toezicht. Bij voorkeur zijn speelplekken voor of naast woningen gelegen en goed bereikbaar zijn via een voetpad. NB. De doelgroep voor een kleine speelplek is 0-8 jaar, de doelgroep voor een grote speelplek 0-12 jaar. Er moet zitgelegenheid aanwezig zijn.
Het speelruimtebeleid en Zuiderhage
Het speelruimtebeleid sluit goed aan bij de ambities voor Zuiderhage. Specifiek voor Zuiderhage is dat hier veel groen komt met ruimte om vrij te spelen, sporten en te ontmoeten. Natuurlijk spelen in een groene omgeving zal een belangrijk onderdeel zijn in Zuiderhage. Speelplekken voor de oudere jeugd komen over het algemeen te liggen in het slenkenpark. Dit wordt door de uitvoeringsorganisatie Zuiderhage opgepakt. Kleine speelplekken voor de jongere jeugd liggen in de bouwvelden; dit legt de ontwikkelaar aan.
49
Wat is er nodig in Zuiderhage? • Ten minste één top voetbalvoorziening in de wijk. Twee voor de hele wijk Zuiderhage is geen overbodige luxe. • • •
Suggestie veld: Cruyff Court of MFA Zuiderzeeveld kwaliteit, alternatief: ten minste vergelijkbaar met Botter/Kempenaar/Waterwijk-Schateiland. Plaatsing: nabij permanente basisscholen of middenin de wijk. Verschillende werkende voorbeelden met andere uitvoeringen, zoals Eljero Elia Den Haag (middenin wijk) en Cruyff Court Aron Winter veld Lelystad (middenin wijken met meer voorzieningen versus naast school/buurthuis).
• Ten minste één top basketbalvoorziening is nodig, gezien de groei van de sport. Twee voor de hele wijk Zuiderhage is geen overbodige luxe. •
Suggesties velden: 3x3 Unites Court (zie afbeelding), 2e Court (full Court).
• Jeu de boules en fitness voor volwassenen/senioren. - Suggesties voorzieningen: jeu de boules baan (Mensen Maken de Buurt) en - fitness combinatie fitness/calisthenics, voor meerdere leeftijdsgroepen. Een beweegbank is ook een alternatieve optie. - Voorbeelden van Calisthenics- en fitnessparken zijn in het Woldpark te vinden. • ASM-Court bij sportclubs, voor veelzijdige ontwikkeling leden. Te gebruiken door heel Lelystad: scholen, Vitality Clubs, verenigingen, Old Stars clubs. - Suggestie plaatsing: bij sportclubs. Alle trainers van betreffende sportclubs opleiden tot ASM-instructeurs. • Zit- en chillgelegenheden voor meiden met URBAN Danceground. - Suggesties plaatsing: maak een plek speciaal voor meiden, waar ze zich kunnen terugtrekken en niet worden bekeken door anderen. • Natuurlijk Spelen en andere speelvoorzieningen voor de jongere jeugd. • Sport- en beweegopties aan de waterkant.
50
Doelgroepenspecificatie • • • • • •
Vooral Natuurlijk Spelen voor jeugd t/m 10 jaar. De basketbal- en voetbalvoorzieningen zijn vanaf 10 jaar van toepassing. ASM-Courts zijn voor alle leeftijdsgroepen te gebruiken. De Danceground- en chillplekken voor meiden, omdat deze groep gemiddeld aanzienlijk minder beweegt. Dit is onder meer te zien bij sportclubs. Jeu de boules en fitness/beweegbanken/calisthenics met name voor senioren, maar ook volwassenen. Bewegen aan het water voor alle leeftijden (al dan niet onder begeleiding).
Ongeorganiseerde sport
In Zuiderhage wordt naast formele sport ook ingezet op ongeorganiseerde sport.
Kansen liggen bij: • • • • •
Koppeling aan de sportcomplexen, speelplekken en ontmoetingsplekken. Openstellen van sportvelden (open sportparken) en schoolpleinen. Logische plekken voor afspreekpunten van bijvoorbeeld wandelgroepen. Goede koppeling aan het centraal gelegen 'Lelylint'; de recreatieve route die rondom het centrumbuurtschap ligt. Een doorgaande route die geschikt is voor fietsers, skaters, wandelaars. Gebruikmaken van het aanwezige groen en water; voor bijvoorbeeld suppen of kanoën.
Afbeelding 29: Inrichtingsvoorbeelden
51
6 Duurzaamheid 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5
52
Inleiding Energie Circulariteit Klimaatbestendige stad Gezonde leefomgeving
53
6.1 Inleiding De gemeente Lelystad heeft duurzaamheidsbeleid opgesteld, waaronder de ‘Kadernota Duurzaamheid’ uit 2016 met zes speerpunten: energie, afval en circulaire economie, voedsel, fysieke leefomgeving, mobiliteit en onderwijzen & ondernemen. Hieruit is ook het ‘Actieplan Duurzaamheid 2021-2024’ voortgekomen. Het ‘Actieplan Duurzaamheid 2021-2024’ is het centrale beleidsdocument van de gemeente Lelystad. Vanuit de zes geformuleerde speerpunten uit het actieplan duurzaamheid, zijn de volgende speerpunten voor Zuiderhage genomen om Buurtschappen met elkdrie eenrelevante eigen karakter In een gebied waar straks volop water en groen is, komen tien compacte buurtschappen. Met ieder uit te diepen: hun eigen en sfeer. Ze onderscheiden elkaarenergieverbruik door verschillende woonsoorten en opgewekte 1.karakter Energie: evenwicht tussenzich hetvan lokale en duurzaam bijbehorende voorzieningen. Van veel woningen bij elkaar rondom het toekomstige treinstation, tot energie; lommerrijk wonen aan het water. Terwijl alle bewoners optimaal profiteren van de natuur op loopafstand. 2. Fysieke Leefomgeving: een goede en aangename fysieke leefomgeving, rekening houdend met toekomstige behoeften zonder afwenteling van problemen naar elders en later; 3. Afval en circulaire economie: een zeer geringe hoeveelheid restafval (100 kg per inwoner in 2020).
Overzicht buurtschappen met een aantal beoogde Bovenstaande speerpunten komen in de volgende paragrafen terug, waarbij de voorzieningen
fysieke leefomgeving is opgeknipt in klimaatbestendige stad (natuurinclusiviteit en biodiversiteit en klimaatadaptatie maken hier onderdeel van) en de gezonde leefomgeving, waaronder dan bijvoorbeeld ook duurzame mobiliteit valt. Dit sluit aan bij de 6 thema’s van het convenant Toekomstbestendig Bouwen.
6.2 Energie Daarnaast heeft bureau ZUS (Zones Urbaines Sensible) bij het opstellen van de mastervisie gouden regels opgesteld: "Duurzaamheid....architectuur." Door - Extra aandacht voor biobased bouwen als invulling van de klimaatdoelen én beleving van Zuiderhage; - Binnen de architectonische verschijningsvorm geïntegreerde; duurzaamheidsmaatregelen waaronder zonnecollectoren op te nemen; - Geïntegreerd groen bij de inrichting en architectuur (voorkomen hittestress); - Circulaire of demontabele bebouwing; - Aandacht voor natuur inclusieve architectuur. Voorzieningen om de hoek Zuiderhage wordt een compleet stadsdeel met alle nodige voorzieningen. Denk aan scholen, sportfaciliteiten, gezondheidszorg en winkels voor de dagelijkse boodschappen. Maar ook aan plekken om te ontmoeten en te bewegen in de open lucht. Deze voorzieningen komen op centrale plekken in het stadsdeel, zodat alle bewoners hier optimaal gebruik van kunnen maken.
Groen en duurzaam wonen Natuur inclusief: bij Zuiderhage willen we bij de aanleg van het stadsdeel kansen benutten om vroegtijdig te starten met de aanleg van water en groen om de natuurkwaliteit te versterken en verbeteren. Energietransitie: in het plangebied wordt de aanleg van een geothermiebron onderzocht die het bestaande warmtenet van warmte zal voorzien. Klimaatadaptatie: klimaatbestendigheid is een vereiste. Daarom is bij de planontwikkeling rekening gehouden met water en bodem. Circulaire economie: inzet op natuurlijke bouwmaterialen zodat Zuiderhage zelf kan bijdragen aan de productie en verwerking ervan. Duurzame mobiliteit: goede verbindingen en aansluitingen op het openbaar vervoer. Het stadsdeel is goed bereikbaar met auto, maar langzaam verkeer krijgt de hoogste prioriteit.
Uitgangspunten
Samenwerken aan maatschappelijke opgaven Compacte buurtschappen
54
De buurtschappen zorgen voor sociale samenhang, onderlinge betrokkenheid en een fijne leefomgeving. En de natuur is in de directe omgeving. Daarnaast is er door compact te bouwen meer ruimte om een dynamisch en natuurlijk landschap te realiseren.
Cohesie met natuur én elkaar
De lat ligt hoog bij de ontwikkeling van het nieuwe stadsdeel. Het Rijk en de gemeente Lelystad willen met de ontwikkeling van Zuiderhage een bijdrage leveren aan meerdere maatschappelijke opgaven. Denk aan de woningbouw, de klimaatopgave, de energietransitie en een circulaire economie. Daarom wordt er nauw samengewerkt tussen de gemeente Lelystad en het Rijksvastgoedbedrijf, Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, provincie Flevoland, Waterschap Zuiderzeeland en
De gemeente Lelystad streeft ernaar in 2025 energieneutraal te zijn, exclusief mobiliteit. Dit doel staat in de Kadernota Duurzaamheid 2016 en het Actieplan Duurzaamheid 2021-2024. Energieneutraliteit betekent dat het energieverbruik minimaal gelijk is aan de duurzame opwekking. De focus ligt op energiebesparing, opwekking en transformatie. Het beleid voor duurzame energieopwekking in Lelystad richt zich op zon, wind, geothermie, aquathermie en biomassa, waarbij biomassa na 2050 niet meer zal worden gebruikt. Alle gerealiseerde woningen in Zuiderhage moeten voldoen aan Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)/ duurzaamheidsregels en zullen daarom geen gasaansluiting krijgen. Alle woningen worden op het warmtenet aangesloten.
Bij de aanleg van Zuiderhage wordt zwaar materieel (graafmachines, vrachtwagens, hijskranen, etc.) gebruikt. De bouwsector is stapsgewijs aan het verduurzamen door het gebruiken van elektrisch materieel, maar het is onwaarschijnlijk dat alle bouwwerkzaamheden door elektrische voertuigen kunnen worden uitgevoerd. Volgend uit de emissiereductieverplichting uit het Bbl, is in het stikstofonderzoek als uitgangspunt gehanteerd dat de mobiele werktuigen voldoen aan de emissieeisen uit de routekaart Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB). Gekozen is voor minimumniveau fase 3 en 4, die van toepassing is voor de jaren 2028 t/m 2030 en als representatief wordt gehouden voor de bouwperiode.
Zoals hierboven geschreven, gebruikt de bebouwde omgeving van de Lelystad in 2050 geen fossiele brandstoffen meer. De woningen en andere gebouwen worden verwarmd met energie uit duurzame bronnen als geothermie, aquathermie, restwarmte, de buitenlucht en de ondiepe bodem. In het plangebied van Zuiderhage wordt de aanleg van een geothermiebron voorbereid die het bestaande warmtenet van warmte zal voorzien. De onderzoeken naar de haalbaarheid van deze aardwarmtebron worden momenteel uitgevoerd. Voor de exploitatie van deze bron is door het Rijk SDE++ subsidie toegekend. Het is de ambitie om in Zuiderhage gebruik te kunnen maken van deze aard-warmtebron. Voor het resterende deel van de energievraag wordt onder andere ingezet op het opwekken van zonne-energie op de daken van de bebouwing. Waar het kan zijn alle daken van woningen en bedrijven voorzien van zonnepanelen net als grote parkeerterreinen.
Zuiderhage
De opgewekte stroom wordt opgeslagen in een buurtbatterij die eveneens is aangesloten op het lokale netwerk dat in verbinding staat met een gesloten distributiesysteem in het buitengebied. In Zuiderhage wordt zoveel mogelijk groene stroom opgewekt als het gebied aan kan. Batterijen in het buitengebied zijn aanvullend en maken gebruik van het overschot van duurzame stroom dat op sommige momenten kan worden geproduceerd, en voorkomen daarmee stilstand van duurzame opwek. De geproduceerde elektriciteit kan bijdragen aan het verduurzamen van de vervoerssector en het verduurzamen van processen in de industrie.
Zuiderhage; straks een bijzonder stukje Lelystad. Met ruimte voor mens en natuur. Met groene en gezonde keuzes brengt dit stadsdeel belangrijke doelen dichterbij. Zoals betaalbaar wonen en betere voorbereiding op klimaatverandering. Maar ook slimmer omgaan met energie.
55
6.3 Circulariteit
6.4 Klimaatbestendige stad
In 2050 is Lelystad een stad waarin grondstoffen efficiënt worden benut en afval niet langer bestaat, maar wordt hergebruikt als waardevolle grondstof. De transitie naar circulaire bedrijvigheid wordt gestimuleerd door circulair bouwen met biobased materialen en een proeftuin voor innovatieve bouwtechnieken. Bedrijven transformeren hun processen naar een circulair model, waarbij minder primaire grondstoffen worden verbruikt en hergebruik en reparatie de norm zijn. Lokale en regionale ketens worden versterkt om circulair materiaalbeheer te optimaliseren en afvalpreventie te bevorderen. Ook de gemeente speelt een actieve rol door circulaire principes te integreren in aanbestedingen en het beheer van de openbare ruimte. Innovatieve opslag- en hergebruiksystemen, zoals circulaire hubs en materiaaldepots, zorgen ervoor dat grondstoffen lokaal worden behouden en hergebruikt. Door slimme regelgeving en samenwerking met ondernemers en inwoners wordt de circulaire economie toegankelijk en haalbaar voor iedereen. Zo zet Lelystad een grote stap richting een duurzame en toekomstbestendige economie.
Het Lelystad van 2050 is een en waterrobuuste stad waarin rekening gehouden wordt met water en bodem bij ruimtelijke ontwikkelingen. De stad is bestand tegen extreme weersomstandigheden zoals hitte, droogte en wateroverlast. Groene en waterrijke gebieden worden strategisch ingezet om de leefomgeving te verkoelen, water vast te houden, biodiversiteit én beleving te bevorderen. De Lelystadse Adaptatiestrategie (LAS) wordt in 2027 herijkt om klimaatadaptatie als norm blijvend te verankeren. Om een eenduidige en effectieve aanpak te waarborgen, worden afspraken gemaakt over uniforme KPI’s en stresstesten herzien op basis van regionale waarden. Regionale samenwerking binnen het Deltaprogramma Regionale Adaptatie DPRA) en de uitwerking van een duidelijke strategie zijn essentieel om Lelystad toekomstbestendig te ontwikkelen. Voldoende berging van zoetwater en beschikbaarheid van drinkwater krijgen een plek in de bebouwde omgeving.
Zuiderhage biedt kansen om het huidige momentum voor biobased bouwmaterialen te pakken, omdat het gebied zelf kan bijdragen aan de ontwikkeling van biobased materialen. Bovendien biedt de campuszone ruimte voor innovatie en educatie rondom circulair bouwen op een ‘Biobased Campus’, verdere toelichting is te vinden in het ontwikkelkader van dit betreffende buurtschap Daarnaast is 20% van de woningproductie in Zuiderhage in 2030 van hout, in lijn met het MRA Convenant Houtbouw.
Water en bodem worden meegenomen bij de planontwikkeling van Zuiderhage. Lelystad wil voor 2050 de openbare ruimte klimaatadaptief zijn ingericht. Een van de leidende ambities uit de Omgevingsvisie Lelystad 2040 is het creëren van aantrekkelijke woonbuurten en vitale bewoners om bij te dragen aan de hoofdstad van de nieuwe natuur. Zuiderhage wordt gezien als samenhangend gebied, een groene buffer en recreatieve zone van Lelystad (Groene Rand). De groene rand vormt een geleidelijke overgang tussen stad en land en verbind de stadsparken, groene inprikkers en bossen rondom Lelystad met elkaar. Het groen van de dreven zal ook een rol gaan spelen voor klimaatadaptatie. Nieuwe opgaven zoals klimaatrobuuste openbare ruimte en duurzaamheid dienen meteen meegenomen te worden in het ontwerp. Hierbij wordt onder andere gewerkt met de Maatlat klimaatadaptief bouwen (BZK, maart 2023). De ambitie is om meer te doen dan strikt noodzakelijk zodat Zuiderhage op grotere schaal betekenis kan hebben voor de waterhuishouding.
De gemeente Lelystad heeft zich geconformeerd aan de landelijke doelstelling om voor 2050 een circulaire economie te realiseren. Dit is voor het thema Afval en Circulaire Economie nog steeds de doelstelling. Landelijk geldt de tussendoelstelling van 50% reductie van het verbruik van primaire abiotische grondstoffen in 2030. Vanuit de Kadernota Duurzaamheid is voor het speerpunt circulaire economie en afval als doel gesteld om de hoeveelheid restafval terug te dringen (100 kg per inwoner in 2020). Naast de kadernota en het actieplan is het thema circulaire economie ook benoemd in visiedocumenten zoals de omgevingsvisie Lelystad 2040 en de woonvisie 20222027. Relevante richtlijnen voor Zuiderhage zijn hierbij rondom circulair inkopen, circulaire bouw en gebiedsontwikkeling en afvalscheiding. De gemeente heeft ook convenant Toekomstbestendig Bouwen en de Green Deal houtbouw van het MRA ondertekend. Hieruit komt de richtlijn voort om 20% van de woningbouwproductie vanaf 2025 in hout en andere biobased materialen te laten bouwen.
Energietransitie Tot slot, natuurinclusiviteit heeft betrekking op een natuurinclusieve samenleving in de brede zin. Het gaat bij natuurinclusief handelen om drie onderdelen: voorkomen van natuurschade, benutten van natuurlijke kansen en verbeteren van natuurkwaliteit. Zuiderhage biedt de unieke kans om substantiële hoeveelheid natuur toe te voegen binnen het plangebied en daarmee ook het NatuurNetwerk Nederland uit te breiden. De ambitie is om de natuur door te trekken tot in de haarvaten van Zuiderhage door op alle schaalniveaus natuurin-clusief te ontwerpen. Het convenant Toekomstbestendig Bouwen 2.0 helpt ons hierbij. In het convenant zijn de 6 thema’s: circulariteit, natuurinclusiviteit en biodiversiteit, klimaatadaptatie, energie, duurzame mobiliteit en gezonde leefomgeving gevat in ambitieniveau’s, waarbij wij als minimum stellen een niveau brons. Meer inzet kan beloond worden, hiervoor verwijzen wij naar de betreffende tenderstukken per buurtschap.
Afbeelding 30: Kick off bodemonderzoek
56
57
6.5 Gezonde leefomgeving Een groene omgeving in of nabij een wijk, utiliteitsgebouw of werkplek draagt bij aan het welzijn en ‘positieve gezond’ van mensen. Mensen voelen zich gezonder, hebben aantoonbaar minder stress en komen minder vaak bij de huisarts. Niet alleen vanwege frisse lucht, maar ook door de positieve werking van natuur. In paragraaf 4.1 werd al beschreven dat de buurtschappen zo zijn ontworpen dat buiten zijn vanzelfsprekend is en voorzieningen nabij zijn. Bewegen en ontmoeten zijn onderdeel van het dagelijks leven, waardoor de wijk levendig aanvoelt en tegelijk geborgen blijft. In 5.1 onder het kopje; ‘Sociale samenhang en ontmoeting’ is aangegeven dat de buurtschappen meerdere ontmoetingspunten, diverse plekken om te bewegen of sporten in de open lucht bevatten en een centrale ontmoetingsplek of ruimte. Ontmoetingsplekken en voorzieningen zijn optimaal aangesloten op langzaam verkeersroutes. Clustering van functies en meervoudig gebruik van gebouwen voor voorzieningen (zoals scholen, clubgebouwen) draagt bij als sociaal anker in het netwerk van de nieuwe buurt. Duurzame mobiliteit maakt dan ook onderdeel uit van de gezonder leefomgeving. Vanuit de Kadernota Duurzaamheid van de gemeente is voor het speerpunt mobiliteit is het doel een verantwoorde mobiliteit, in 2025 en 20% minder CO2 uitstoot dan in 1990.
De gemeente Lelystad wil daarbij een goede en aangename fysieke leefomgeving, rekening houdend met toekomstige behoeften zonder afwenteling van problemen naar elders en later. Een goede en tijdige ontsluiting met het openbaar vervoer is een voorwaarde voor de ontwikkeling van Zuiderhage. De realisatie van treinstation Lelystad Zuid met de bijbehorende lagere parkeernorm voor de omliggende buurtschappen is nodig om het beoogde hoge woningaantal in Zuiderhage te kunnen realiseren én om ruimte te bieden aan de ontwikkeling van natuur. Daarnaast is dit thema nauw verbonden met andere thema’s en onderwerpen als; klimaatadaptatie, circulariteit, natuurinclusiviteit en biodiversiteit en groenblauw structuren, die ook aan bod komen in dit ontwikkelkader.
58
59
7 Technische uitgangspunten 7.1 7.2 7.3 7.4 7.5 7.6 7.7
60
Bodem Water en peilmaten Energievoorziening, Kabels en leidingen, nutsvoorzieningen, trafo’s DHOR inclusief aparte pagina voor Zuiderhage Afvalinzameling Ecologie Milieuzonering (geluid en externe veiligheid)
61
7.1 Bodem Na de drooglegging, in de jaren '60, is het plangebied grotendeels gebruikt als landbouwgrond en bos. Het plangebied ligt anno 2025 braak en wordt in mindere mate gebuikt als landbouwgrond. In 2025 is er een grootschalig bodemonderzoek geweest en er is verkennend archeologisch onderzoek gedaan. Hieruit is de geotechnische en milieukundige informatie bekend geworden. De informatie is toegevoegd aan het BRO-loket, en daardoor door iedereen in te zien. De grond in het plangebied bestaat uit lichte klei, dit zijn de poldervaaggronden van zeeklei. Het plangebied is deels verhoogd, het maaiveld ligt globaal op 3,80m -/- N.A.P. Niet opgehoogde delen liggen rond de 4,80m -/- N.A.P. Uit onderzoek in 2022/2023 uitgevoerd door Deltares blijkt dat de bodemdaling in Oostelijk Flevoland over het algemeen gering is. De top van het pleistoceen ligt tussen de 7,5m en 9,0m -/- N.A.P. We streven naar een gesloten grondbalans: we verwerken de grond binnen de plangrenzen.
Vergunningsplicht bij ontgronding
Indien er sprake is van een ontgronding is er in het geval van Zuiderhage altijd sprake van een vergunningsplicht. Hierbij is het niet noodzakelijk dat alle ontgravingen (waterpartijen, cunetten, rioolsleuf ) gelijktijdig worden aangevraagd. Bij het indienen moet worden aangegeven dat de aanvraag deel uitmaakt van de ontwikkeling Zuiderhage. Bij de aanvraag moeten de volgende documenten worden ingediend: • • • • • • • • •
Een volledig ingevuld meldings- of vergunningaanvraagformulier; Een situatietekening van de locatie van de ontgronding; Een dwarsprofiel van de uit te voeren ontgronding; Informatie over de KvK van uw organisatie; Eigendomsinformatie over de kadastrale percelen van het plangebied. Een Natuurtoets of Ecologische Quickscan; Een Archeologisch (bureau)onderzoek; Een (water)bodemonderzoek; Een korte beschrijving van het effect van uw ontgronding op omwonenden/ verkeer en, mits van toepassing, de maatregelen die zijn genomen om de effecten te mitigeren.
De aanvraag moet worden ingediend bij: Omgevingsdienst Flevoland, Gooi- en Vechtstreek Postbus 2341 8203 AH Lelystad E-mail: info@ofgv.nl
Afbeelding 31: Bodemonderzoek
62
7.2 Water en peilmaten
7.3 Openbare verlichting
In Zuiderhage wordt gekozen voor waterpeilen die aansluiten bij de omliggende gebieden. Het waterpeil wordt zo ingesteld dat het water zichtbaar en beleefbaar is. Als het maaiveld hoger ligt, wordt het waterpeil verhoogd en kan het peil schommelen. Een deel van Zuiderhage zal worden opgehoogd om de waterpeilen te optimaliseren.
De ontwikkelaar moet rekening houden met het plaatsen van de openbare verlichting. De Uitvoeringsorganisatie stelt het materiaal ter beschikking. Voor meer informatie: Handboek openbare ruimte
Daarnaast krijgt het gebied een waterbergende functie. Dit betekent dat er ruimte wordt gemaakt om regenwater op te vangen tijdens hevige buien, die door klimaatverandering vaker voorkomen. Het meeste water en de bijbehorende buffer wordt zoveel mogelijk in het Slenkenpark aangelegd. Om de waterkwaliteit te verbeteren, worden natuurlijke oevers met geleidelijk aflopende taluds toegepast. Er wordt nog onderzocht wat de optimale waterdiepte hiervoor is.
Vloerpeilen
Belangrijkste eisen voor het vloerpeil: • Maximale hoogteverschil bij toegang: Het hoogteverschil tussen de afgewerkte vloer en het aangrenzende openbare terrein mag bij minimaal één toegang van de woning niet meer dan 20 mm zijn. •
Toegankelijkheid: Om gebouwen rolstoeltoegankelijk te maken, moet dit hoogteverschil zo klein mogelijk zijn.
•
Hellingbanen: Als het hoogteverschil groter is dan 20 mm, kan een hellingbaan worden gebruikt om dit te overbruggen. De hellingbaan mag een hoogteverschil van maximaal 1 meter overbruggen en moet aan de bovenzijde een bordes hebben van 1,4 bij 1,4 meter.
•
Vaststellen peil: In de praktijk wordt het vloerpeil vastgesteld ten opzichte van de as van de weg en de hoogte van de erfgrens. Daarbij moet rekening worden gehouden met klimaatverandering.
63
7.4 Energievoorziening
7.5 LIOR / DHOR
Kabels en leidingen, nutsvoorzieningen, trafo’s
Lior / DHOR
Kabels en leidingen Hoofdtracés zie tekening
Als basisuitgangspunt voor de inrichting van de openbare ruimte geldt de LIOR (Leidraad Inrichting Openbare Ruimte) oftewel de DHOR (Digitaal Handboek Openbare Ruimte) van de gemeente Lelystad. In dit handboek ‘Samen werken aan een ruime, groene stad’ staan de kwaliteitseisen voor een betaalbare en toekomstbestendige openbare ruimte. Op basis van vastgesteld beleid biedt dit online platform ruimte voor alle richtlijnen van ontwerp, uitvoering tot aan beheer voor assets zoals riolering, wegen, straten, pleinen, straatmeubilair en groen in de gemeente Lelystad.
Nutsvoorzieningen Nutsvoorzieningen moeten goed in het gebied opgenomen worden: per 100 wooneenheden moet ruimte zijn voor 1 elektrakast en per 400 wooneenheden moet ruimte zijn voor een kast voor de stadsverwarming.
Afbeelding 33: Opbouw DHOR
Afwijkingen die meer duurzaam zijn kunnen ter beoordeling voorgelegd worden bij Team Beheer van de gemeente Lelystad.
Dit handboek is aangevuld met een aparte pagina voor Zuiderhage.
Beheer- en onderhoudskosten
Deze kasten komen bij voorkeur tegen de gebouwen op openbare grond. De nutspartijen willen deze grond aankopen. Afstemming over de locatie van de kasten gebeurt samen met de nutspartijen.
Omdat ook de beheerskosten een belangrijke rol spelen bij het haalbaar maken van het plan vragen wij de ontwikkelende partijen een beheerskostenberekening mee te geven van de door hen gemaakte stedenbouwkundige opzet. Om de beheerskosten niet te hoog te laten worden zijn er op stedenbouwkundig niveau al een tweetal punten waarmee rekening gehouden kan worden: • Uitgaan van compacte buurtschappen, veel woningen, ook gestapelde woningen per buurtschap • Aan wegen bij voorkeur aan beide zijden woningen plaatsen • Geen snippergroen toepassen
Trafo’s Concept principe water-, electriciteits- en warmtenet: integraliteit en koppeling aan toekomstige infrastructuur.
Afbeelding 34: Opbouw DHOR
Voor meer informatie: Handboek openbare ruimte en het Profielenboek.
Ontwikkelende partijen hebben de verantwoordelijkheid contact op te nemen met de nutspartijen voor een goede inpassing en tijdelijke aansluiting van de woningen.
Afbeelding 32: Concept principe water-, electriciteits- en warmtenet: integraliteit en koppeling aan toekomstige infrastructuur
64
65
7.6 Afvalinzameling Lior / DHOR
De afvalinzameling gebeurt volgens het beleid van de gemeente Lelystad, zoals opgenomen in het Handboek openbare ruimte.
In het kort:
• Afvalbeleid voor appartementen: containers (plastic, drinkpakken / papier, karton / GFE / restaf-val) en brengparken (Glas/ Textiel) • Afvalbeleid voor grondgebonden woningen: 4 rolcontainers (Restafval, GFE, tuinafval, plastic + drinkpakken). • Voor het restafval is er in een aantal wijken voor grondgebonden woningen een ondergrondse vuilopslag. • Brengparken (papier, karton & glas en voor textiel) In Zuiderhage wordt gebouwd in een hogere dichtheid dan in de standaard Lelystadse wijken. Het percentage appartementen ligt hoger (gemiddeld ongeveer 40%). De ontwikkelaars worden uitgedaagd om met een goede oplossing te komen ter voorkoming van al die rolcontainers. Ondergrondse containers worden op goed bereikbare plekken geplaatst aan de openbare weg of in een openbaar gedeelte van het binnengebieden. De plekken moeten goed bereikbaar zijn voor de vuilophaaldienst HVC en de afvalinzamelingspunten moeten ruimtelijk goed ingepast worden qua beeld en bereikbaarheid voor de bewoners.
7.7 Ecologie Voor de afvalinzameling moet rekening worden gehouden met de volgende eisen voor de bereikbaarheid van de ondergrondse containers:
• Een draaicirkel van 12,5 meter • Het uitzwenken van de vrachtwagen en aanhanger mag niet meer dan 0,8 meter zijn en de bestreken maar niet meer dan 7,2 meter (binnenste draaicirkel).
Het niveau brons van het Convenant Toekomstbestendig Bouwen geeft al een goede basis voor stadsecologie. Gemeente Lelystad is daarnaast een pilotgemeente voor Basiskwaliteit Natuur (BKN). Bij het uitwerken van de plannen voor de buurtschappen wordt aangesloten bij het Slenkenlandschap dat wordt aangelegd door de Uitvoeringsorganisatie. Bij nieuwe ontwikkelingen in het plangebied moet rekening gehouden worden met compensatie voor beschermde soorten. De Uitvoeringsorganisatie onderzoekt nu welke beschermde dieren en planten in het gehele plangebied voorkomen. Op basis daarvan wordt er een compensatieplan gemaakt, waarin wordt aangegeven dat deze soorten ook een plek krijgen in Zuiderhage.
7.8 Milieuzonering (geluid) Meer informatie hierover staat in het Omgevingsplan.
Er wordt binnen Zuiderhage natuur aangelegd om te voldoen aan de compensatieverplichtingen. Ontwikkelaars van de buurtschappen kunnen hierop aansluiten door groene en blauwe elementen in te passen, zoals BKN dat voorschrijft. Dit gebeurt in afstemming met de Uitvoeringsorganisatie Zuiderhage. Lees meer in het Handboek openbare ruimte en het handboek natuur.
Bij het ontwerp moet uitgedacht worden: welk deel van een binnengebied is openbaar, inclusief het inpassen van de draaicirkels voor vuilophaal HVC.
66
67
Zuiderhage Ontwikkelkader fase 1 - algemeen deel
Dit ontwikkelkader voor fase 1 Zuiderhage is opgesteld door de Uitvoeringsorganisatie Zuiderhage / februari 2026.