31-5-2024 Jaarrekening 2023
Tekst van het document
Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE .................................................................................................... 2 INLEIDING ............................................................................................................... 3 1. BALANS ........................................................................................................... 4 2. HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN .............................................................. 7 3. TOELICHTINGEN................................................................................................ 8 3.1 GRONDSLAGEN VOOR WAARDERING EN RESULTAATBEPALING ....................... 8 3.2 TOELICHTING OP DE BALANS ..................................................................... 13 3.3 TOELICHTING OP HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN............................. 38 3.4 ANALYSE BEGROTINGSAFWIJKINGEN EN BEGROTINGSRECHTMATIGHEID ....... 50 BIJLAGE 1: SISA-BIJLAGE ................................................................................ 73 BIJLAGE 2: TAAKVELDEN ................................................................................. 91
Jaarrekening 2023
2
Inleiding Het jaar 2023 is afgesloten met een positief resultaat van € 21.013.345. Hierna wordt via de balans met toelichting en het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening met toelichting de financiële verantwoording afgelegd over het in het jaar 2023 gerealiseerde beleid.
Jaarrekening 2023
3
1. Balans Het jaar 2023 is afgesloten met de volgende balans. Posten met zowel per 31 december 2023 als per 31 december 2022 een saldo van € 0 en geen mutaties in 2022 en 2023 worden niet vermeld. Activa (bedragen x € 1.000,·) Vaste activa
31-12-2023
Immateriële vaste activa • Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio
31-12-2022
-
-
• Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief • Bijdrage van activa in eigendom van derden
2.465
533
-
-
Totaal immateriële vaste activa
2.465
533
239.210
244.610
919
2.206
9.781
7.862
Materiële vaste activa • Investeringen met een economisch nut • Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven • Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut
• In erfpacht
11.127
11.127
Totaal materiële vaste activa
261.037
265.804
12.170
12.170
Financiële vaste activa • Kapitaalverstrekking aan: - deelnemingen - gemeenschappelijke regelingen - overige verbonden partijen
• Leningen aan:
-
-
250
250
-
-
- openbare lichamen
-
-
- woningbouwcorporaties
-
-
9.296
9.442
- deelnemingen - overige verbonden partijen
-
-
• Overige langlopende leningen • Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd van één jaar of langer • Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rentetypische looptijd van één
20.902
14.049
-
-
-
-
-
-
Totaal financiële vaste activa
42.617
35.911
Totaal vaste activa
306.119
302.248
jaar of langer • Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
Jaarrekening 2023
4
Activa (bedragen x € 1.000,·) (Vervolg) Vlottende activa
31-12-2023
31-12-2022
Voorraden
• Grond- en hulpstoffen • Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie • Gereed product en handelsgoederen • Vooruitbetalingen Totaal voorraden
-
-
-63.981
21.257
-
-
-
-
-63.981
21.257
7.850
16.195
-
-
-
-
100.780
43.500
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
• Vorderingen op openbare lichamen • Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen • Overige verstrekte kasgeldleningen • Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar • Rekening-courantverhouding met het Rijk • Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen • Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met eenrentetypische looptijd korter dan één jaar
-
-
-
1.244
-
-
• Overige vorderingen • Overige uitzettingen
86.977
15.960
-
-
Totaal uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
195.607
76.899
Liquide middelen
• Kassaldi • Banksaldi
9
8
2.478
2.648
Totaal liquide middelen
2.486
2.656
512
700
Overlopende activa • De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel uitgesplitst naar de nog te ontvangen bedragen van: - Europese overheidslichamen - Het Rijk
872
2.679
- Overige Nederlandse overheidslichamen • Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
2.370
1.953
7.159
33.908
Totaal overlopende activa
10.914
39.240
Totaal vlottende activa
145.026
140.052
Totaal generaal Recht op verliescompensatie krachtens de Wet op de vennootschapsbelasting 1969
451.145
442.300
-
-
Jaarrekening 2023
5
Passiva (bedragen x € 1.000,·) Vaste passiva
31-12-2023
Eigen vermogen • Algemene reserve
31-12-2022
39.079
32.243
• Bestemmingsreserves • Gerealiseerde resultaat
71.520
73.783
21.013
20.262
Totaal eigen vermogen
131.613
126.287
Voorzieningen • Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
11.747
7.032
5.293
4.858
• Voorzieningen ter egalisering van kosten • Voorzieningen voor bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing
-
-
• Voorzieningen voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is
wordt geheven
121.199
118.881
Totaal voorzieningen
138.239
130.771
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer • Obligatieleningen
-
-
• Onderhandse leningen van:
-
-
-
-
- binnenlandse pensioenfondsen en verzekeringsinstellingen - binnenlandse banken en overige financiële instellingen
71.167
94.333
- binnenlandse bedrijven
-
-
- openbare lichamen
-
-
- overige binnenlandse sectoren
-
-
- buitenlandse instellingen, fondsen, banken, bedrijven en overige sectoren
-
-
• Door derden belegde gelden • Waarborgsommen • Overige leningen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
-
-
1.444
2.597
-
-
Totaal vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
72.611
96.931
Totaal vaste passiva
342.463
353.989
-
-
-
-
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
• Kasgeldleningen aangegaan bij openbare lichamen • Overige kasgeldleningen • Banksaldi • Overige schulden
-
-
17.511
14.334
Totaal netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
17.511
14.334
Overlopende passiva • Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume • de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren uitgesplitst naar de ontvangen bedragen van:
17.441
16.195
-
-
- Europese overheidslichamen - Het Rijk
68.441
53.823
- Overige Nederlandse overheidslichamen • Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen.
4.774
3.265
515
695
Totaal overlopende passiva
91.171
73.977
Totaal vlottende passiva
108.682
88.311
Totaal passiva Gewaarborgde geldleningen Garantstellingen
451.145
442.300
283.397
290.362
29.345
26.302
Jaarrekening 2023
6
2. Het overzicht van baten en lasten Deze tabel laat per taakveld zien wat er geraamd is bij de begroting en wat de daadwerkelijke uitkomsten waren bij de afsluiting van 2023. Het verschil tussen begroting en rekening kan ofwel een voordeel (+) ofwel een nadeel (-) zijn. De analyse van de afwijkingen tussen de begroting na wijzigingen en het overzicht van baten en lasten is per taakveld terug te vinden in het jaarverslag.
0. Bestuur en ondersteuning 1. Veiligheid 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 3. Economie 4. Onderwijs 5. Sport, cultuur en recreatie 6. Sociaal domein 7. Volksgezondheid en milieu 8. Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Subtotaal programma's Lokale heffingen Algemene uitkeringen Dividend Saldo financieringsfunctie Overige algemene dekkingsmiddelen Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Kosten overhead Heffing vennootschapsbelasting Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves: 0. Bestuur en ondersteuning 1. Veiligheid 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 3. Economie 4. Onderwijs 5. Sport, cultuur en recreatie 6. Sociaal domein 7. Volksgezondheid en milieu 8. Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Subtotaal mutaties reserves Gerealiseerde resultaat
Raming begrotingsjaar voor wijziging
Raming begrotingsjaar ná wijziging
Realisatie begrotingsjaar
Baten Lasten Saldo 999 -11.620 -10.621 139 -8.896 -8.757 1.009 -20.684 -19.675 22.235 -24.507 -2.272 2.683 -16.585 -13.902 540 -20.213 -19.673 38.678 -129.114 -90.436 754 -24.426 -23.672 29.702 -35.568 -5.866 96.739 -291.613 -194.874 51.191 - 51.191 172.843 - 172.843 660 660 137 -1.708 -1.572 224.831 -1.708 223.123 374 -29.604 -29.230 321.945 -322.926 -981
Baten Lasten Saldo 999 -12.742 -11.743 639 -10.823 -10.184 1.009 -23.927 -22.918 111.344 -114.701 -3.357 11.018 -25.382 -14.365 2.961 -27.854 -24.893 56.401 -170.764 -114.362 3.054 -30.259 -27.205 33.967 -41.436 -7.469 221.392 -457.889 -236.496 54.824 - 54.824 201.801 - 201.801 660 660 137 -1.708 -1.572 257.422 -1.708 255.713 309 -34.928 -34.619 479.123 -494.525 -15.402
Baten Lasten Saldo 6.251 -13.890 -7.639 822 -11.852 -11.030 763 -23.819 -23.056 118.836 -110.682 8.153 9.424 -26.068 -16.644 2.829 -25.902 -23.073 55.617 -165.776 -110.159 2.903 -29.295 -26.393 15.201 -26.421 -11.220 212.645 -433.706 -221.061 59.335 - 59.335 202.681 - 202.681 693 693 355 -1.483 -1.128 263.064 -1.483 261.580 402 -34.013 -33.611 - -1.579 -1.579 476.111 -470.781 5.330
3.128 -2.500 270 12 193 -836 1.088 4.691 -3.336 326.636 -326.262
628 27.298 -22.779 -47 224 -100 270 724 -33 84 -75 12 2.399 -643 7.967 -2.468 589 -26 1.088 1.900 -161 1.355 41.186 -25.690 374 520.309 -520.215
4.519 27.041 -23.856 -47 -49 124 228 -100 691 633 -43 9 65 -75 2.399 1.474 5.499 7.117 -3.797 562 521 -244 1.739 6.965 -197 15.496 44.045 -28.361 94 520.156 -499.142
3.185 -49 128 590 -10 1.474 3.320 277 6.768 15.684 21.013
Jaarrekening 2023
7
3. Toelichtingen 3.1
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door de gemeenteraad op 3 december 2019 de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balansonderdeel anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden vóór het einde van het begrotingsjaar, zijn in acht genomen indien zij vóór het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Dividendopbrengsten van deelnemingen zijn als bate genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar wordt gesteld. Met betrekking tot de verwerking van de algemene uitkering heeft de commissie BBV een stellige uitspraak gedaan.
Deze uitspraak houdt in dat in de jaarrekening de algemene uitkering wordt opgenomen conform de in het jaar laatst gepubliceerde accresmededeling, die doorgaans is opgenomen in de september circulaire van het boekjaar. Met betrekking tot de eigen bijdragen die het CAK int en aan de gemeenten afdraagt geldt op basis van de Kadernota rechtmatigheid 2023 van de commissie BBV het volgende. Gemeenten kunnen op basis van de overzichten van het CAK wel de aantallen personen, soort en omvang van de zorgverlening beoordelen met de eigen Wmo-administratie. Probleempunt is dat, vanwege het ontbreken van inkomensgegevens op deze overzichten, de informatie over eigen bijdrage ontoereikend is om als gemeente de juistheid op persoonsniveau en de volledigheid van de eigen bijdrage als geheel te kunnen vaststellen. Door de systematiek te kiezen van het door het CAK laten vaststellen van de eigen bijdrage, heeft de wetgever in feite bepaald dat de verantwoordelijkheid voor juistheid en de volledigheid van de eigen bijdrage geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dat betekent dat door de gemeente geen zekerheden over de omvang en de hoogte van de eigen bijdrage kunnen verkregen worden, als gevolg van het niet kunnen vaststellen van de juistheid op persoonsniveau, zoals in het voorgaande toegelicht.
De gemeente zal deze onzekerheid in de jaarstukken moeten noemen, ook al ligt de oorzaak ervan niet bij de gemeente. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Er is sprake van een formeel verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten: vierjaar. Indien sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisatie) dient er (waarschijnlijk) wel een verplichting te worden opgenomen. Medewerkers kunnen op basis van de CAO gemeenten onder andere vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke verlofuren sparen. Met dit 'verlofsparen' kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke verlofuren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning en het gemeentelijke vitaliteitsbeeld. De uren die zijn gespaard onder het verlofsparen verjaren niet. Conform de door commissie BBV gepubliceerde 'Nadere toelichting commissie BBV' moeten gemeenten een voorziening vormen voor alle categorieën bovenwettelijke verlofuren die in artikel 6.5 van de CAP gemeenten zijn benoemd. Diverse personele lasten blijven echter ook in 2023 toegerekend aan de periode waarin de uitbetaling plaatsvindt.
Daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals de ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en de overlopende vakantiegeldafspraken.
Jaarrekening 2023
8
Financiële instrumenten zijn als volgt gewaardeerd: Balans Vaste activa Immateriële vaste activa Algemeen De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs, verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. Eventuele van derden verkregen specifieke investeringsbijdragen zijn in mindering gebracht op het geactiveerde bedrag (artikel 62 lid 2 BBV). Hierbij wordt de verkregen bijdrage als bate te worden verantwoord. Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio Afsluitkosten van opgenomen geldleningen worden afgeschreven gedurende de restant looptijd van de betrokken geldlening. Kosten van onderzoek en ontwikkeling van een bepaald actief De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven. De afschrijving van de geactiveerde kosten van onderzoek en ontwikkeling vangt aan bij ingebruikneming van het gerelateerde materiële vaste actief. Bijdragen aan activa in eigendom van derden Bijdragen aan activa van derden is vooralsnog geen balanspost bij de gemeente Lelystad. Materiële vaste activa Algemeen Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten.
De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend, inclusief de direct toe te rekenen salariskosten. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd. In de nota Activeren en Afschrijven 2019 zijn onderstaande afschrijvingstermijnen vastgesteld en is de wijziging van de afschrijvingssystematiek van Annuïtair naar Lineair bekrachtigd. De gehanteerde afschrijvingstermijnen in jaren staan in de onderstaande tabel: Activasoort Gronden en terreinen Woonruimten Bedrijfsgebouwen
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken
Categorie Gronden Erfpachtgronden Woningen Bedrijfsgebouwen ₁ Extra lokalen Noodlokalen Semipermanente lokalen Riolering
Begraafplaatsen Vervoermiddelen
Verbijzondering
Vervanging riolering Druk- en vacuümriolering Mechanisch, elektrisch en pompen GRP-plan Urnenmuur/tuin Begraafplaatsen
Bedrijfsauto
Afschrijvingstermijn niet afschrijven niet afschrijven 40 jaar 60 jaar Looptijd bestaand gebouw 5 jaar 40 jaar 60 jaar 30 jaar 15 jaar 5 jaar 15 jaar 30 jaar 6 jaar
Jaarrekening 2023
9
Vervolg Activasoort
Categorie
Automatisering klantsysteem
Machines, apparaten en installaties
Automatisering centraal systeem ICT Installaties
Overige materiële vaste activa
Apparaten/ machines Meubilair Inventaris en leermiddelen onderwijs
Verbijzondering
Afschrijvingstermijn
Werkstation/ thin clients Laptop Monitor Tablets Vaste Telefonie Mobiele telefonie Servers Datacenter Netwerk componenten Back-up componenten Implementatie kosten systemen Software Technische installaties gebouwen Technische installaties parkeergarages Diverse apparaten en machines
5 jaar 3 jaar 4 jaar 3 jaar 5 jaar 3 jaar 3 jaar 10 jaar 5 jaar 3 jaar 5 jaar 10 jaar 30 jaar 10 jaar 5 jaar 10 jaar 10 jaar
1) De afschrijvingstermijn voor permanente gebouwen die voldoen aan de vastgestelde duurzaamheidseisen en die zijn gebouwd vanaf 2022, gelijk te trekken met de levensduur van deze gebouwen zoals benoemd in de verordening huisvesting onderwijs en de afschrijvingstermijn daarmee te verlengen van 40 naar 60 jaar.
Investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. Bij de waardering is, waar nodig, rekening gehouden met een (verwachte) duurzame waardevermindering. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut Investeringen met een maatschappelijk nut worden, evenals investeringen met een economisch nut, geactiveerd en over de verwachte toekomstige gebruiksduur afgeschreven. De verplichting om alle investeringen te activeren geldt volgens het BBV vanaf 2018. Daarvoor hadden gemeenten nog de keuze om investeringen in maatschappelijk nut niet te activeren. Daarom zijn alleen de investeringen van deze categorie vanaf 2018 zichtbaar op de balans van de gemeente Lelystad. In erfpacht uitgegeven gronden Voor in erfpacht uitgegeven gronden geldt de uitgifteprijs van eerste uitgifte als verkrijgingsprijs. Gronden in eeuwigdurende erfpacht worden gewaardeerd tegen registratiewaarde. Eventuele afkoopsommen voor voortdurende contracten zijn verwerkt onder de langlopende schulden en vervallen naar rato van afkoopperiode vrij te gunste van het resultaat.
Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen, (overige) leningen u/g en (overige) uitzettingen zijn – tenzij hierna anders is vermeld – opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. De gemeente Lelystad heeft geen obligatieportefeuille. Van een deelneming is krachtens artikel 1 lid d BBV sprake als de gemeente participeert in het aandelenkapitaal van een NV of BV.
Jaarrekening 2023
10
Vlottende activa Voorraden: Grond en hulpstoffen Grond- en hulpstoffen zijn opgenomen tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Wanneer de marktwaarde lager is dan de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, wordt afgewaardeerd naar deze lagere marktwaarde. Onderhanden werk, gronden in exploitatie De als onderhanden werken opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijpmaken) alsmede een redelijk te achten aandeel in de rentekosten en de administratie- en beheerskosten. Voor winstneming geldt de percentage of completion methode: baten en lasten – en het daaruit vloeiende resultaat –worden toegerekend aan de periode waarin deze zijn gerealiseerd. Bij meerjarige projecten betekent dit dat (de verwachte) winst niet pas aan het eind van het project als gerealiseerd moet worden beschouwd, maar gedurende de looptijd van het project tot stand komt en ook als zodanig moet worden verantwoord. Het verantwoorden van tussentijdse winst is daarmee geen keuze maar een verplichting die voortvloeit uit het realisatiebeginsel. Bij het bepalen van de tussentijdse winst is het wel noodzakelijk de nodige voorzichtigheid te betrachten.
Indien aan de volgende voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid en dient er winst te worden genomen: 1. Het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat. 2. De grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht. 3. De kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd). Zolang daarvan geen sprake is, worden de verkregen verkoopopbrengsten ten volle op de vervaardigingskosten in mindering gebracht. Indien er sprake is van winst, wordt deze berekend op basis van de eindwaarde van het project, conform de notitie ‘Nadere uitleg Winstnemen 2018’ van de commissie BBV. Gereed product Gerede producten worden gewaardeerd tegen de kostprijs of tegen de marktwaarde indien de marktwaarde lager is dan de kostprijs. Dat laatste doet zich vooral voor indien voorraden incourant worden. De kostprijs bestaat uit de verrekenprijzen van grond- en hulpstoffen en de loon- en machinekosten die aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Jaarlijks worden vorderingen die oninbaar zijn afgeboekt op de getroffen voorziening.
Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders is echter tegen de contante waarde van de (reeds opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd. De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de gemeentelijke kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid ter zake nader uiteengezet.
Jaarrekening 2023
11
Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Verplichting voortvloeiend uit leasing De gemeente Lelystad heeft geen verplichtingen voortvloeiend uit leasing. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Borg- en Garantstellingen Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten de balanstelling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen.
Jaarrekening 2023
12
3.2
Toelichting op de balans
3.2.1 Activa Vaste activa Immateriële vaste activa De post immateriële vaste activa wordt onderscheiden in: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief
-
-
2.465
533
Bijdrage van activa in eigendom van derden
Totaal
-
-
2.465
533
Het hierna opgenomen overzicht geeft het verloop weer van de immateriële vaste activa gedurende het jaar 2023:
Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief Bijdrage van activa in eigendom van derden Totaal
Boekwaarde 31-12-2022 -
Investeringen
Desinvesteringen
Afschrijvingen
Bijdragen van derden
Afwaarderingen
Boekwaarde 31-12-2023 -
-
-
-
-
533
2.952
910
-
109
-
2.465
-
-
-
-
-
-
-
533
2.952
910
-
109
-
2.465
De desinvesteringen betreffen met name de overheveling van het voorbereidingskrediet Stationsgebied naar de grondexploitaties Stationsgebied West voor € 0,65 miljoen en de overheveling van het voorbereidingskrediet WNB Stationslocatie naar grondexploitatie de Veste voor € 0,1 miljoen. Daarnaast zijn een aantal kleinere voorbereidingskredieten afgesloten via winstneming op de betreffende grondexploitatie. De belangrijkste investeringen staan in het hierna opgenomen overzicht vermeld. Beschikbaar gesteld krediet
Werkelijk besteed in 2023
Cumulatief besteed t/m 2023
Voorbereiding plankosten versnelling Warande Voorbereiding Campuszone Midden
2.838
640
703
2.935
374
374
Voorbereiding stedelijk Waterfront Kust
1.400
1.073
1.073
Totaal
7.173
2.086
2.150
Onderstaand wordt een korte toelichting per krediet gegeven: Voorbereiding plankosten versnelling Warande Voor een versnelde planontwikkeling van Warande (na deelgebied 1) heeft de raad in april 2022 een voorbereidingskrediet van € 0,4 miljoen en in juli 2023 een uitbreiding van het voorbereidingskrediet van € 2,4 miljoen euro beschikbaar gesteld. Naast uitgaven van € 0,64 miljoen euro in 2023 is er ook een bijdrage ontvangen van € 0,1 miljoen euro van het Rijksvastgoedbedrijf als bijdrage op de inhuur derden. Voorbereiding Campuszone Midden In december 2022 heeft de raad een voorbereidingskrediet van € 1 miljoen euro beschikbaar gesteld voor de verstedelijkingsopgave in de Campuszone Midden. In december 2023 heeft de raad nog een aanvullend krediet van € 1,9 miljoen beschikbaar gesteld om het gebouw van de voormalig school de Rietlanden te kunnen slopen en af te boeken. De kosten van € 0,37 miljoen in 2023 hebben betrekking op het opstellen van de planvorming van het gebied. Voorbereiding stedelijk Waterfront Kust In het raadsakkoord is opgenomen dat voor het project Waterfront Kust een stedenbouwkundig plan wordt opgesteld. Parallel wordt het bestemmingsplan opgesteld met de daarbij behorende milieueffectrapportage. Het Jaarrekening 2023
13
opstellen van beide plannen vergt ambtelijke inzet en de inzet van adviesbureaus. In de kadernota 2024 heeft de raad hiervoor een voorbereidingskrediet van € 1,4 miljoen euro beschikbaar gesteld. In 2023 is € 1 miljoen besteedt. Materiële vaste activa Materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 Investeringen met een economisch nut Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven
239.210
244.610
919
2.206
Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut
9.781
7.862
In erfpacht uitgegeven gronden
11.127
11.127
Totaal
261.037
265.804
De Investeringen met een economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 Gronden en terreinen Woonruimten Bedrijfsgebouwen
23.312
24.248
-
-
199.667
203.306
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken
37
37
Vervoermiddelen
41
61
Machines, apparaten en installaties
13.852
14.746
Overige materiële vaste activa
2.302
2.212
239.210
244.610
Totaal
Het hierna opgenomen overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met een economisch nut weer: Boekwaarde Investe31-12-2022 ringen Gronden en terreinen
Desinvesteringen
Afschrijvingen
Bijdragen Afwaar- Boekwaarde van derden deringen 31-12-2023
24.248
-12
925
-
23.312
366
7.612
622
199.667
-
-
37
Woonruimten Bedrijfsgebouwen
203.306
4.962
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken Vervoermiddelen
37
0
61
-
20
41
Machines, apparaten en installaties
14.746
919
1.813
13.852
Overige materiële vaste activa
2.212
355
264
-
244.610
6.224
9.709
622
Totaal
1.291
2.302 -
239.210
De desinvestering bij gronden en terreinen betreft de verkoop van Lars en Lilly voor € 0,7 miljoen en een overheveling van de materiele vaste activa naar de grondexploitatie tijdelijke scholen Tjotter/Triangel voor € 0,2 miljoen. De desinvestering bij bedrijfsgebouwen betreft de afstoting van 6 van de 8 schoolwoningen (huur) waar nog investeringen op geactiveerd waren. Onder Bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan de investering. Onder de afwaarderingen staan de afwaarderingen vermeld wegens duurzame waardeverminderingen. De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen zijn in het hierna opgenomen overzicht vermeld.
Jaarrekening 2023
14
Beschikbaar Werkelijk Cumulatief gesteld besteed in besteed t/m krediet 2023 2023 11.683 283 283
Nieuwbouw KBS de Kring Nieuwbouw de Schakel
13.486
940
2.686
Fietsparkeren station
18.825
352
679
Nieuwbouw KC Voorhof
15.969
416
349
Nieuwbouw de Tjalk
9.722
998
998
Totaal
69.684
2.989
4.995
Onderstaand wordt een korte toelichting per krediet gegeven: Nieuwbouw KBS de Kring Bij het IHP 2021-2034 is een investeringskrediet beschikbaar gesteld voor de nieuwbouw KBS de Kring van € 7. 002.800. Hierna is heeft de raad een beslissing genomen over extra investeringskredietkrediet beschikbaar te stellen in het IHP 2022-2035 € 2.403.834 en IHP 2023-2036 € 2.276.040. In 2023 is cumulatief € 283.000 besteedt. Dit zijn met name ontwerpkosten architect. Nieuwbouw de Schakel Bij het IHP 2021-2034 is een investeringskrediet beschikbaar gesteld voor de nieuwbouw bs de Schakel van €9.800.000. Hierna heeft de raad een beslissing genomen om extra investeringskredietkrediet beschikbaar te stellen in het IHP 2022-2035 €10.236.488 en IHP 2023-2036 € 1.664.426. In 2023 is € 940.000 besteedt. Dit zijn met name de ontwikkelkosten, leges en bouwkosten Fiets parkeren station In de Programma begroting 2023-2026 heeft de raad een investeringskrediet beschikbaar gesteld van € 18.825.000 voor Fiets parkeren station. Kosten 2023 betreffen met name kosten ProRail. Nieuwbouw vervanging KC Voorhof Bij de actualisatie IHP bij de Kadernota 2024-2027 heeft de raad een investeringskrediet beschikbaar gesteld voor de nieuwbouw KC Voorhof van € 1.970.903.
Hiernaast is er nog €13.341.490 overgeheveld van het investeringskrediet Nieuwbouw Atol Oost, omdat het plan/locatie is gewijzigd en dit KC Voorhof is geworden. Ook Is er een bijdrage derden vanuit het Rijk beschikbaar, namelijk de Spuk Sport € 656.401. In 2023 is € 416.000 besteedt. Dit zijn met name ontwerpkosten architect. Nieuwbouw de Tjalk Bij de actualisatie IHP bij de Kadernota 2024-2027 heeft de raad een investeringskrediet beschikbaar gesteld voor de nieuwbouw de Tjalk van € 9.371.989. Hiernaast is nog € 350.000 overgeheveld vanuit een voorbereidingskrediet. Kosten 2023 van € 998.000 betreffen ontwerpkosten, leges, installatiekosten en sloopkosten. De investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven kunnen als volgt worden onderverdeeld: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 -
Gronden en terreinen Woonruimten
-
-
Bedrijfsgebouwen
84
98
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken
489
507
-
-
345
1.601
-
-
919
2.206
Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal
Het hierna opgenomen overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven weer: Jaarrekening 2023
15
Onder bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan de investering. Onder de afwaarderingen staan de afwaarderingen vermeld wegens duurzame waardeverminderingen.
Gronden en terreinen
Boekwaarde Investe31-12-2022 ringen -
Woonruimten
Desinvesteringen
Afschrijvingen -
Bijdragen Afwaar- Boekwaarde van derden deringen 31-12-2023 -
-
-
-
-
-
-
-
Bedrijfsgebouwen
98
-
-
14
-
-
84
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken Vervoermiddelen
507
-
-
18
-
-
489
-
-
-
-
-
-
-
Machines, apparaten en installaties
1.601
76
1.332
-
-
345
-
-
-
-
-
-
-
2.206
76
1.332
32
-
-
919
Overige materiële vaste activa Totaal
De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen zijn in het hierna opgenomen overzicht vermeld.
Beschikbaar Werkelijk Cumulatief gesteld besteed in besteed in krediet 2023 2023 1.965 76 345
Ondergrondse afvalinz.systemen Totaal
1.965
76
345
Onderstaand wordt een korte toelichting per krediet gegeven: Ondergronds afvalsysteem Het in 2020 gestarte project voor het plaatsen van ondergrondse afvalcontainers. De oplevering van het project heeft vertraging opgelopen door de WHOA-procedure tegen BWaste waarin de gemeente schuldeiser is. In 2022 is met twee andere leveranciers dit project verder uitgevoerd. In 2023 heeft de HVC het eigendom van de ondergrondse containerbakken overgenomen t.w.v. €1,3 miljoen. Dit betreft een desinvestering. De investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut kunnen als volgt worden onderverdeeld: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 -
Gronden en terreinen Woonruimten
-
-
Bedrijfsgebouwen
-
-
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken
9.781
7.862
Vervoermiddelen
-
-
Machines, apparaten en installaties
-
-
Overige materiële vaste activa
-
-
9.781
7.862
Totaal
De boekwaarde van de investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut had het volgende verloop:
-
Bijdragen Afwaar- Boekwaarde van derden deringen 31-12-2023 -
Woonruimten
-
-
-
-
-
-
Bedrijfsgebouwen
-
-
-
-
-
-
-
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken Vervoermiddelen
7.862
2.293
-
114
260
-
9.781
-
-
-
-
-
-
-
Machines, apparaten en installaties
-
-
-
-
-
-
-
Overige materiële vaste activa
-
-
-
-
-
-
-
7.862
2.293
-
114
260
-
9.781
Gronden en terreinen
Totaal
Boekwaarde Investe31-12-2022 ringen -
Desinvesteringen
Afschrijvingen
-
Jaarrekening 2023
16
Onder bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan het betrokken actief. Onder de afwaarderingen staan de afwaarderingen vermeld wegens duurzame waardeverminderingen. De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in het hierna opgenomen overzicht vermeld.
Beschikbaar Werkelijk Cumulatief gesteld besteed in besteed in krediet 2023 2023 2.000 1.089 1.726
Rondweg Lelystad Zuid + Bruggen Totaal
2.000
1.089
1.726
Onderstaand wordt een korte toelichting per krediet gegeven: Rondweg Lelystad Zuid/ Rondweg Lelystad Zuid (Bruggen) De raad heeft 700.000 (wegen) + 1.300.000 (bruggen) investeringskrediet beschikbaar gesteld. Per saldo is in 2023 € 1.089.000 besteedt. Financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2023 wordt in het hierna opgenomen overzicht weergegeven: Boek waarde 31-12-2022
Investeringen
Desinvesteringen
Aflossingen
Afwaarderingen
Boek waarde 31-12-2023
Kapitaalverstekking aan: Deelnemingen Gemeenschappelijke regelingen Overige verbonden partijen
12.170
-
-
-
-
12.170
-
-
-
-
-
-
250
-
-
-
-
250
-
-
-
-
-
-
Leningen aan: Openbare lichamen Woningbouwcorporaties
-
-
-
-
-
-
9.442
-
-
146
-
9.296
Overige verbonden partijen
-
-
-
-
-
-
Overige langlopende leningen
14.049
8.679
-
1.826
-
20.902
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
35.911
8.679
-
1.973
-
42.617
Deelnemingen
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met rentetypische > 1Nederlandse jaar Uitzettingen inlooptijd vorm van schuldpapier met eenmet looptijd > 1 jaar Overige uitzettingen een looptijd > 1 jaar Totaal
Op de balans is de volgende indeling gemaakt in de post Kapitaalverstrekkingen: - Deelnemingen; - Gemeenschappelijke regelingen en; - Overige verbonden partijen. Bij Kapitaalverstrekkingen aan verbonden partijen is altijd sprake van een bestuurlijk belang. Van een bestuurlijk belang is sprake indien de gemeente rechtstreeks invloed heeft op de besluitvorming binnen de verbonden partij.
Jaarrekening 2023
17
Kapitaalverstrekking aan Kapitaalverstrekkingen
Boekwaarde 31-12-2022
Mutaties
Boekwaarde 31-12-2023
Deelnemingen Technofonds Flevoland B.V
443
-
BNG N.V.
13
-
13
1.195
-
1.195
Alliander N.V. JEL B.V
443
0
-
0
Coöperatie Parkeerservice
194
-
194
Vitens N.V.
98
-
98
N.V. Sportbedrijf Lelystad
9.198
-
9.198
OMAGC CV
1.000
-
1.000
HVC N.V.
4
-
4
Ontwikkeling maatschappij Airport Lelystad/Almere N.V.
25
-
25
Werkbedrijf Lelystad B.V
0
-
0
Totaal Deelnemingen
12.170
-
12.170
Stichting Uiver Constellation
250
-
250
Totaal Overige verbonden partijen
250
-
250
12.420
-
12.420
Overige verbonden partijen
Totaal kapitaalverstrekkingen
Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen Alliander N.V. De gemeente Lelystad is aandeelhouder van Alliander. Het belang van deze deelneming kan worden omschreven als het zekerstellen van een continue energievoorziening en het streven naar zo laag mogelijke tarieven. Het aandeelhouderschap in Alliander is ontstaan na de splitsing van NV Nuon. De balanswaarde van Alliander is, conform richtlijnen van het BBV, gebaseerd op de historische kostprijs van de oude Nuon. De gemeente Lelystad heeft 873.863 aandelen Alliander. BNG N.V. De gemeente Lelystad is aandeelhouder van de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). De BNG is een bank voor overheidsinstanties. De BNG is dan ook volledig in handen van Nederlandse overheden. Lelystad is voor 0,009% aandeelhouder van BNG. OMAGC CV In 2008 is de OMALA NV opgericht om slagvaardig te kunnen inspelen op de bedrijfsontwikkelingen nabij de luchthaven Lelystad. Het gaat hier om een gelijke deelneming van de gemeenten Almere, Lelystad en de provincie Flevoland in deze NV. Vooruitlopend op de oprichting van Ontwikkeling Maatschappij Airport Garden City CV (hierna: OMAGC CV) is door ieder van de deelnemende partijen een lening van € 1.000.000 verstrekt aan OMALA NV. Bij het aangaan van de geldlening is bepaald dat na oprichting van OMAGC CV de geldlening direct wordt afgelost en is omgezet in aandelenkapitaal van OMAGC CV.
Ontwikkeling maatschappij Airport Lelystad/Almere N.V. In 2008 is de OMALA NV opgericht (zie ook OMAGC C.V.). Het gaat hierom een gelijke deelneming via de C.V. van de gemeenten Almere, Lelystad en de provincie Flevoland in deze NV, ieder tot een bedrag van € 25.000. Technofonds Flevoland B.V. De doelstelling van het fonds is het in het kader van het regionale technologiebeleid verstrekken van risicodragend kapitaal, in de vorm van participatie in het aandelenkapitaal en/of het verstrekken van achtergestelde leningen, aan startende en doorstartende ondernemingen in het Midden- en Klein Bedrijf in Flevoland, waarbij het gaat om ontwikkelingen bij bedrijven op technologisch-innovatief terrein. Vanaf 2019 vindt waardering door het Technofonds plaats tegen verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde. Vitens N.V. De gemeente Lelystad is aandeelhouder van Vitens N.V. Het belang van de deelneming kan worden omschreven als het zekerstellen van een continue watervoorziening ten behoeve van inwoners en bedrijven (waar onder een adequaat leidingennet) en het streven naar zo laag mogelijke tarieven.
Jaarrekening 2023
18
Werkbedrijf Lelystad B.V. (geen aandelenkapitaal op de balans) De gemeente Lelystad is 100% aandeelhouder van het Werkbedrijf Lelystad B.V. Doel van het Werkbedrijf is het realiseren van een optimale uitstroom vanuit de Participatiewet naar werk. N.V. Sportbedrijf Lelystad N.V. Sportbedrijf Lelystad is van start gegaan op 1 februari 1999 en is eigenaar van en beheert en exploiteert bijna alle sportaccommodaties in Lelystad. Tevens verzorgt het Sportbedrijf sportstimuleringsactiviteiten en het sportsteunpunt is er ondergebracht. De gemeente Lelystad heeft met het Sportbedrijf Lelystad een dienstverleningsovereenkomst voor het uitvoeren van het gemeentelijk sportbeleid. HVC N.V. Het publieke belang dat door HVC N.V. wordt gediend, is het reguleren van de afvalverwerking in Lelystad. Er is sprake van een aandeelhouderschap voor onbeperkte duur. Coöperatie Parkeerservice De gemeente Lelystad heeft een financieel belang in de coöperatie Parkeerservice. Sinds 2017 zijn kapitaalstortingen gedaan van in totaal € 194.000, de kapitaalstortingen zijn gebruikt ter verhoging van het weerstandsvermogen en ter bekostiging van het transitieproces. Aandelenkapitaal JEL B.V.
De raad heeft met de Aanpak Sociaal Domein onder andere besloten om de toegang en regie tot de jeugdhulp anders in de richten en heeft daarbij ook besloten dat deze ingericht wordt in de vorm van een gemeentelijke BV (hierna Jeugd BV). Kapitaalverstrekkingen aan overige verbonden partijen Stichting Uiver Constellation In 2012 hebben KLM, Schiphol en de gemeente Lelystad de stichting Uiver Constellation opgericht. In de stichting is het recht ondergebracht om de vliegtuigen Uiver en Constellation te behouden en te exploiteren, waaronder het recht om de vliegtuigen aan een derde ter beschikking te stellen, in dit geval aan Libéma, de huidige exploitant van het Aviodrome. De oprichting van de stichting heeft bijgedragen aan het behoud van Aviodrome voor Lelystad. Leningen aan Leningen aan
Boek waarde 31-12-2022
Deelnemingen Sportbedrijf Lelystad Ontwikkeling Maatschappij Airport Lelystad/Almere (Omala) Alliander Totaal leningen aan deelnemingen Overige langlopende leningen Applaus BV Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Kredietbank Nederland Verstrekte hypotheken eigen personeel New England Orthodontics BV Toekomstbestendig wonen Sportvereniging Lelystad 67 Totaal overige langlopende leningen Totaal leningen aan
Mutaties
Boek waarde 31-12-2023
1.709 3.900 3.833 9.442
-146 -146
1.563 3.900 3.833 9.296
118 10.488 1.200 112 560 1.522 49 14.049 23.491
4.673 -19 -70 2.269 -1 6.853 6.706
118 15.161 1.200 93 490 3.791 48 20.902 30.197
Jaarrekening 2023
19
Leningen aan deelnemingen Sportbedrijf Lelystad In 2002 is € 2.772.681 verstrekt aan het Sportbedrijf Lelystad voor de bouw van het racketcentrum. De lening loopt tot en met 2031. Aanvullend is in 2015 een lening verstrekt voor de aanschaf en exploitatie van een nieuw te plaatsen houtsnipperkachel voor een bedrag van € 435.000. Deze lening loopt af in 2030. In 2022 is nog aanvullend € 500.000 aan lening verstrekt. Deze lening loopt af in 2037. Conform de afspraken is er in 2023 € 146.278 afgelost op de leningen. Ontwikkeling Maatschappij Airport Lelystad/Almere (Omala) Het doel van Ontwikkeling Maatschappij Airport Lelystad Almere is het versterken van de sociaaleconomische structuur en bevorderen van werkgelegenheid in Flevoland in samenhang met de ontwikkeling van Lelystad Airport door het realiseren van een hoogwaardig Businesspark. Belangrijkste activiteiten zijn het verwerven van de noodzakelijke gronden en deze gronden ontwikkelen en uitgeven aan luchtvaart gerelateerde en andere bedrijven. In 2021 is er een nieuwe lening verstrekt van € 1.600.000 met einddatum december 2023. In december 2023 is de lening van € 1.600.000 verlengt onder aangepaste condities tot 28 december 2024. Ultimo 2023 staat er een saldo open van € 3.900.000.
Het gaat hier naast de lening van € 1.600.000 om een lening van € 2.300.000 die verstrekt is op basis van het financieringsarrangement dat afgesloten is tussen de aandeelhouders en Omala. Het financieringsarrangement is geldig zolang de ontwikkeling van Omala loopt. Alliander De gemeente Lelystad is aandeelhouder van Alliander N.V. Alliander staat voor grote investeringen als gevolg van de energietransitie en heeft mede daarom aan de aandeelhouders een versterking van het kapitaal gevraagd middels het uitgeven van een hybride obligatielening die later omgezet kan worden in aandelenkapitaal. Op basis van het Lelystads aandelenpercentage is er een lening verstrekt van ca. € 3,8 miljoen. Deze lening loopt tot 2081, maar de verwachting is wel dat deze voor die tijd omgezet wordt in aandelenkapitaal. Leningen aan overige langlopende leningen Applaus BV Deze lening is in 2014 verstrekt om een betalingsachterstand in te lossen. De hoogte van de lening bedraagt € 118.000 op 31 december 2022. Op dit moment wordt niet afgelost op de lening. Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting voert voor de gemeente Lelystad de leningen uit die zijn bestemd voor particuliere woning verbetering en voor starters op de woningmarkt.
Hieronder vallen de volgende leningen: Gemeenterekening Lelystad, Startersfonds Lelystad, VROM Startersfonds Lelystad, Energiebesparingsfonds Lelystad en Asbestleningen. De gemeente Lelystad heeft in 2023 € 5.974.000 aan nieuwe leningen verstrekt. De verstrekte leningen lopen 30 jaar. Zolang de onderliggende verordeningen geldig zijn, kunnen er nieuwe leningen verstrekt worden tot het in de verordening vastgestelde bedrag. Als het plafond bereikt wordt, moet uitbreiding voorgelegd worden aan de Raad. In 2021 is de verordening Toekomstbestendig Wonen door de Lelystadse raad vast gesteld. In dat kader worden er leningen aan particulieren verstrekt voor investering in asbestverwijdering , verduurzaming en levensloopbestendig maken van de woning. In 2023 is er € 2.706.000 aan leningen verstrekt Kredietbank Nederland In 2014 is een bedrag van € 1.200.000 aan werkkapitaal aan de Kredietbank Nederland verstrekt. Dit betreft een doorlopende faciliteit zodat de Kredietbank Nederland voor het verstrekken van Bbz-kredieten in opdracht van het Zelfstandigen Loket Flevoland in het kader van de uitvoering de Bbz. Verstrekte hypotheken eigen personeel De post verstrekte hypotheken aan eigen personeel neemt af door aflossingen van bestaande leningen. De gemeente verstrekt geen nieuwe hypotheekleningen meer.
New England Orthodontics BV Begin 2021 is de tweede verdieping van de zorgplint aan de Haagwinde verkocht aan New England Orthodontics BV. De lening wordt in 10 jaar lineair afgelost.
Jaarrekening 2023
20
Sportvereniging Lelystad 67 In 2022 is aan Sportvereniging Lelystad 67 € 50.000 lening verstrekt voor de huurachterstand met betrekking tot de kleedkamers. De jaarlijkse aflossing bedraagt € 1.250. De lening loopt af in 2061. Vlottende activa Voorraden De in de balans opgenomen voorraden worden uitgesplitst naar de volgende categorieën: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 Grond- en hulpstoffen
-
-
-63.981
21.257
Gereed product en handelsgoederen
-
-
Vooruitbetalingen
-
-
-63.981
21.257
Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie
Totaal
Van de bouwgronden in exploitatie kan van het verloop in 2023 het volgende overzicht worden weergegeven: Boekwaarde 31-12-2022
Investeringen
Opbrengsten
Winst(uit)name
Boekwaarde Voorziening 31-12-2023 verlieslatend complex
Balanswaarde 31-12-2023
Theaterkwartier (0.0.1)
2.606
1.105
3.711
734
2.977
Zilverpark Oost (0.0.4)
-630
77
-553
77
-630 *
Parkwijk (0.0.5)
-353
762
48
442
-393 **
Kop van de Veste (0.2.1)
-331
23
de Veste 10 (0.2.1.5)
-361 -25
133
133
49
-3.028
-3.028 -748
-1.146
623
Eureka (0.3.03)
-1.261
658
-145
-748
-265
-0
265
-
64
-184
Atolwijk Kustrif (1.2.1.) Buitenhof (1.7.7)
-333
133
Campus midden (0.3.0) Zuiderzeewijk Waddenlaan (1.1.1.)
-2.555
-333
-120
56
-176 *
560
90
-99
551
551
Oostervaart-Oost (1.8.3)
4.713
124
-42
4.795
4.795
HanzePark (2.2.4)
9.043
Stationsgebied West (2.2.4.)
-578
-8.465
0
1.414
-
1.414
0 5.876
-4.463 **
Groene schouw (2.2.7)
-481
166
183
-132
Suydersee Boulevard (2.3.1)
-193
21
172
0
Lelystad Noord West (2.2/2.3)
-281
4
202
-76
11.833
284
-
12.117
0
16
-16
0
0
1.269
33
-63
1.239
1.239
Houtribhoogte (2.5.2)
4.394
131
-
4.525
Schoener-Zuidwest (2.4.7)
-1.317
262
111
-944
Werkeiland (3.5.3)
1.117
102
-
1.219
Noordersluis (3.8.0)
2.958
52
-2
45
3.053
3.053
Noordersluis-Zuidoost (3.8.1)
760
16
-3
-11
762
762
Rivierenbuurt (4.2.5)
459
33
-27
466
Larserplein (4.7.8)
-1.028
168
-7
-868
Warande Deelgebied 1 (5.0.0)
15.577
4.758
1.146
18.462
Bataviahaven (havenkwartier 2.3.1) Punter / Aldi (2.3.2) Bataviastad (Kust Museaal 2.5.1)
Tijdelijke dependance Triangel/Tjotter (5.2.2) Flevopoort (5.8.0)
15.034
Flevokust Noord (7.1.8.1) Binnendijks fase 1
-12.866
Flevokust Noord (7.1.8.2) Binnendijks fase 2
-16.046 1.104
39
Larserpoort (7.8.1)
-3.020
396 1.249
-132 -
0 -76
2.681
1.094
9.435
3.430 -944
1.007
211
466 38
-905 * 18.462
396
396
-13.980
1.544
3.848
3.848
106
-455
3.042
-10.173
-10.173
13.439
-101.736
6.424
-97.919
-97.919
8
1.152
Totaal 35.294 25.522 -122.111 4.292 -57.003 * De voorziening is volgens de verslaggevingsregels van de BBV volledig geherrubriceerd onder de voorzieningen (passiva kant) ** De voorziening is volgens de verslaggevingsregels van de BBV gedeeltelijk geherrubriceerd onder de voorzieningen (passiva kant); voor zover het de boekwaarde van de grex overschrijdt.
1.152 12.006
-69.009
Toelichting kolom Winst (uit)name in bovenstaande tabel: Positieve bedragen in deze tabel zijn de positieve winsten op basis van de Percentage of Completion methode. Daarbij De negatieve bedragen zijn de (negatieve) correcties op de eerder genomen winsten. Bij Flevolust zijn verkopen met 2 contracten met ontbindende voorwaarden, waarvan nu een deel is opgenomen in de winst name. Dat betreft verkopen Bol en Bestseller. Ten aanzien van Hanzepark, deze is afgesloten per 31Jaarrekening 2023
21
12-2023 en het restant te ontwikkelen deel is opgegaan in de nieuwe grondexploitatie Stationsgebied West. Bij het afsluiten van Hanzepark is een verlies genomen van €8.464.952 deze is grotendeels gecompenseerd door een eerder gevormde voorziening van €7.573.000 per 31-12-2022. Het restant is ten laste van het resultaat 2023 gekomen. Zie ook de toelichting op taakveld 8.2. Boekwaarde 31-12-2023
Geraamde nog Geraamde nog te maken te realiseren kosten opbrengsten
Theaterkwartier (0.0.3)
3.711
7.141
Zilverpark Oost (0.0.4)
-553
631
48
4.633
Kop van de Veste (0.2.1)
-333
238
de Veste 10 (0.2.1.5)
133
Campus midden (0.3.0)
Parkwijk (0.0.5)
Eureka (0.3.03) Zuiderzeewijk Waddenlaan (1.1.1.) Atolwijk Kustrif (1.2.1.) Buitenhof (1.7.7) Oostervaart-Oost (1.8.3) HanzePark (2.2.4)
10.201
Geraamd resultaat (nominale waarde)
Geraamd resultaat (contante waarde)
652
734
78
77
4.267
415
442
-95
-95
325
1.300
-843
-808
-3.028
3.062
133
-99
-84
-748
540
-
-207
-205
-
-
177
-
57
15
551
351
1.208
-305
-289
4.795
1.527
9.132
-2.810
-2.668
0
-
25.025
5.283
5.876
-315
-313
-120
0
Stationsgebied West (2.2.4.
1.414
28.895
Groene schouw (2.2.7)
-382
67
Suydersee Boulevard (2.3.1)
0
0
-
Lelystad Noord West (2.2/2.3)
-76
205
139
-10
-10
12.117
4.457
13.842
2.732
2.681
Bataviahaven (havenkwartier 2.3.1) Punter / Aldi (2.3.2)
0
0
-
Bataviastad (Kust Museaal 2.5.1)
1.239
1.698
3.516
-579
-556
Houtribhoogte (2.5.2)
4.525
1.536
4.964
1.097
1.094
Schoener-Zuidwest (2.4.7)
-944
664
-
-280
-280
Werkeiland (3.5.3)
1.219
261
459
1.021
1.007
Noordersluis (3.8.0)
3.053
832
5.751
-1.865
-1.770
Noordersluis-Zuidoost (3.8.1)
762
209
2.137
-1.166
-1.114
Rivierenbuurt (4.2.5)
466
788
1.565
-311
-272
Larserplein (4.7.8)
-868
1.816
907
41
38
18.462
31.626
54.638
-4.550
-3.904
Warande Deelgebied 1 (5.0.0) Tijdelijke dependance Triangel/Tjotter (5.2.2)
396
276
676
-4
-
3.848
9.823
19.456
-5.786
-5.032
Flevokust Noord (7.1.8.1) Binnendijks fase 1
-10.173
13.639
15.178
-11.711
-11.263
Flevokust Noord (7.1.8.2) Binnendijks fase 2
-100.934
78.743
8.997
-31.187
-29.470
1.152
1.330
4.256
-1.775
-1.632
-60.268
195.490
187.746
-52.524
-47.800
Flevopoort (5.8.0)
Larserpoort (7.8.1) Totaal
Binnen de grondexploitaties wordt met een aantal variabelen gerekend waaronder een percentage verwachte kostenstijging voor de toekomst en opbrengstindexering. Deze doorgaans conservatief ingerekende parameters gelden niet voor één jaar, maar worden gehanteerd over de volledige looptijd van iedere grondexploitatie. Dit zijn slechts inschattingen en is daarom een risico. Naast dit risico wordt ook met andere risico’s wordt gerekend. In het weerstandsvermogen is daarom voor de risico’s grondexploitaties rekening gehouden met € 11.787 miljoen risico. Voor een nadere toelichting op de resultaten grondexploitaties wordt verwezen naar de toelichting op het taakveld 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur en taakveld 8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) en de paragraaf grondbeleid.
Jaarrekening 2023
22
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Boekwaarde 31-12-2023 Vorderingen op openbare lichamen
Voorziening Balanswaarde Balanswaarde oninbaarheid 31-12-2023 31-12-2022
7.850
-
7.850
16.195
Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen
-
-
-
-
Overige verstrekte kasgeldleningen
-
-
-
-
100.780
-
100.780
43.500
Rekening-courantverhouding met het Rijk
-
-
-
-
Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met eenrentetypische looptijd korter dan één jaar
-
-
-
1.244
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Overige vorderingen
-
-
-
-
86.977
9.546
77.431
15.960
Overige uitzettingen
Totaal
-
-
-
-
195.607
9.546
186.060
76.899
Vorderingen openbare lichamen De vorderingen op openbare lichamen zijn publiekrechtelijke instellingen en verenigingen zoals het Rijk, Provincie, gemeenten, gemeenschappelijke regelingen, waterschappen en Belastingdienst etc. De vorderingen op openbare lichamen bestaat uit twee componenten, namelijk 1. Btw Compensatiefonds en 2. Overige vorderingen op openbare lichamen. De vordering op het btw/bcf is ten opzichte van 2022 met € 8.685.711 gedaald. De overige vorderingen op openbare lichamen zijn ten opzichte van 2022 met circa € 340.000 gestegen. De totale boekwaarde jaar 2023 bedraagt € 7.850.000. Uitzettingen in de Rijks schatkist met rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Decentrale overheden zijn gerechtigd om een bepaald bedrag aan middelen buiten de schatkist aan te houden. Gerekend over een heel kwartaal mag het op dag basis buiten de schatkist aangehouden bedrag gemiddeld niet hoger zijn dan het drempelbedrag. Het drempelbedrag is 2% van het begrotingstotaal, uit de volgende tabel blijkt dat het gemiddelde banksaldo niet boven de drempelbedragen uitkwam in 2023. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen
Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 836
1.286
363
547
Drempelbedrag
7.241
7.241
7.241
7.241
Ruimte onder het drempelbedrag
6.405
5.955
6.878
6.694
-
-
-
-
Overschrijding van het drempelbedrag
Overige vorderingen Overige vorderingen (bedragen x €1.000)
Debiteuren algemeen Debiteuren belastingen Debiteuren Werk en Inkomen Debiteuren ZLF Overige vorderingen Totaal Overige vorderingen
Boekwaarde 31-12-2023
Boekwaarde 31-12-2022
79.116
3.726 3.902 3.562 3.980 790 15.960
1.795 2.325 3.640 101
86.977
Jaarrekening 2023
23
Debiteuren algemeen De debiteuren algemeen bestaat uit de openstaande debiteuren gecorrigeerd met de voorziening dubieuze debiteuren. Debiteuren algemeen
31-12-2023
(bedragen x €1.000)
0 tot 30 dagen 31 tot 90 dagen 91 tot 180 dagen 181 dagen en ouder *Af: Debiteuren Openbaar Lichaam Subtotaal Voorziening dubieuze debiteuren Totaal Debiteuren algemeen
4.366 50.565 352 24.892 677 79.498 382 79.116
Debiteuren belastingen De post openstaande debiteuren belastingen bestaat uit debiteuren gecombineerde aanslag, marktgelden, parkeerbelastingen, rioolrecht en de getroffen voorziening dubieuze debiteuren belastingen. Het totale saldo debiteuren belastingen is ten opzichte van 2022 met € 2.107.000 afgenomen. Debiteuren Werk en Inkomen De Debiteuren WIZ is in 2023, onder aftrek van de getroffen voorziening, met € 1.237.400 afgenomen. Met de getroffen voorziening voor dubieuze debiteuren van € 6.787.000 is 74,4% van het debiteuren saldo voorzien. De beoordeling op individueel niveau is een continue proces Debiteuren ZLF Bij de Debiteuren ZLF is sprake van een afname van € 340.000. De getroffen voorziening van € 764.000 is 17,4% van het openstaande debiteurensaldo. Beoordeling is op individueel niveau volgens een eenduidige methodiek. Het risico van dubieuze debiteuren wordt net als voorheen nog steeds grotendeels door het Rijk gedragen. Overige vorderingen De overige vorderingen zijn ten opzichte van 2022 afgenomen met € 680.000. Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 Kassaldi
9
8
Banksaldi
2.478
2.648
Totaal
2.486
2.656
Jaarrekening 2023
24
EMU - saldo in de jaarrekening
EMU saldo (begroting) (Bedragen x €1.000) +
1.
+
2.
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie minus de vrijval van de voorzieningen ten bate van de exploitatie Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans 4. w orden geactiveerd Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese + 5. Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantw oord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit + 6 desinvesteringen in (im)materiele vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantw oord Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw -, w oonrijp 7. maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan) Baten bouw grondexploitatie: Baten voorzover transacties + 8 niet op exploitatie verantw oord Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze 9. transacties met derden betreffen Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten - 10. laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) w orden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten Verkoop van effecten: 11 a) Gaat u effecten verkopen ? (ja/nee) b) Zo ja w at is bij verkoop de verw achte boekw inst op de exploitatie ? Berekend EMU saldo +
3.
Realisatie Prim itieve Verschil tov jaarrekening begroting prim itieve 20233 2023 begroting 5.330
-981
6.311
9.855
11.389
-1.534
17.586
18.845
-1.259
1.939
-10.701
12.639
883
0
883
0
0
0
23.422
19.826
3.596
122.725
42.286
80.438
13.674
8.455
5.219
0
0
0
nee
nee
nee
0
0
0
117.344
53.959
63.384
Jaarrekening 2023
25
Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel uitgesplitst naar de nog te ontvangen bedragen van: - Europese overheidslichamen
512
700
- Het Rijk
872
2.679
- Overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
2.370
1.953
7.159
33.908
Totaal
10.914
39.240
De in de balans opgenomen van EU, Rijk en provincies nog te ontvangen voorschotbedragen die zijn ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel kunnen als volgt worden gespecificeerd: Saldo 31-12-2022
Toevoegingen
Ontvangen bedragen
Saldo 31-12-2023
Europese overheidslichamen ESF subsidie
700
281
469
512
Totaal Europese overheidslichamen
700
281
469
512
169
150
169
150
176
302
176
302
26
8
-
34
347
-
347
-
1.093
24
1.117
-
720
-
720
-
-
175
-
175
150
121
150
121
Het Rijk BBZ SPUK Gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 2021 (B2) SPUK Kwijtschelding gemeentelijke belastingen (C62) SPUK Kwijtschelden publieke schulden SZW-domein hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire (G12) SPUK Opvang ontheemden Oekraïne (A16) Belastingdienst VPB 2020/2021/2022 Maatschappelijke begeleiding Gebundelde uitkering op grond van artikel 69 Participatiewet_gemeentedeel 2022 (G2) Algemene uitkering Totaal Het Rijk
-
90
-
90
2.679
781
2.678
872
Overige Nederlandse overheidslichamen Belastingdienst inzake Btw reintegratie
512
-
512
1.100
1.769
1.100
Bijdrage gemeente Noordoostpolder zelfstandigenloket
7
-
7
-
GR IJsselmeergroep
24
-
24
-
MRA
58
-
58
-
Veiligheidsregio
123
-
123
-
Werkbedrijf
128
-
128
-
Bijdrage gemeente Almere beschermd wonen
1.769
Gem Nijmegen, GBI middelen
-
62
-
62
Spuk Integraal zorgakkoord (H35B)
-
473
-
473
Aankoopcentrale Almere
-
62
-
62
Gemeente Lelystad
-
3
-
3
Totaal Overige Nederlandse overheidslichamen
1.953
2.370
1.953
2.370
Totaal
5.332
3.431
5.099
3.754
Jaarrekening 2023
26
3.2.2 Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 Algemene reserves