NIEUW Verordening Jeugdhulp Leidschendam- Voorburg 2026 Wijzigingen Bijhouden
Tekst van het document
In Leidschendam- Voorburg is in 2023 door de gemeenteraad de Participatieverordening Leidschendam-Voorburg 2023 vastgesteld. HOOFDSTUK 12 SLOTBEPALINGEN Artikel 48 Overgangsrecht, intrekking van de oude verordening Het is noodzakelijk om duidelijke overgangsbepalingen vast te stellen voor met name de situatie dat er sprake is van: • • •
Een verstrekte voorziening op grond van een bepaling die niet meer geldend is; Een bezwaarschrift over een besluit dat betrekking heeft op een periode waar afwijkende regelgeving gold dan op het moment van indiening van het bezwaarschrift; Terugvordering.
Dat is met deze bepaling geregeld. Een besluit voor een verstrekte individuele voorziening blijft gehandhaafd totdat het besluit wordt ingetrokken of de looptijd van het besluit is verstreken. Bij
aanvragen waarop nog geen besluit is genomen geldt de Verordening jeugdhulp Leidschendam-Voorburg 2026. Bij de behandeling van een bezwaarschrift wordt de regelgeving toegepast die gold op het moment waarop het besluit is genomen c.q. de periode waarop de terugvordering betrekking heeft, tenzij heroverweging op basis van de nieuw vastgestelde verordening leidt tot een gunstiger resultaat voor de bezwaarmaker of geadresseerde van het terugvorderingsbesluit. Artikel 49 Hardheidsclausule De hardheidsclausule maakt het mogelijk voor het college om af te wijken van de bepalingen van de verordening met het oog op het gezond, veilig en zo normaal als mogelijk opgroeien van een jeugdige. Het moet gaan om een zeer bijzondere situatie waarin het volledig toepassen van de of (een) bepaling(en) uit de verordening een bedreiging vormt voor het gezond, veilig en zo normaal als mogelijk opgroeien van een jeugdige die op geen andere manier kan worden weggenomen en zou leiden tot een duidelijk onredelijke uitkomst. Dat kan aan de orde zijn als bijvoorbeeld vaststaat dat een bepaalde voorziening die geen deel uitmaakt van het aanbod aan voorzieningen tóch in het individuele geval nodig is en daarvoor geen alternatief bestaat dat wel tot het voorzieningenpakket behoort of aan de gestelde kaders in deze verordening voldoet.
De overweging om de hardheidsclausule in te zetten, wordt nooit door één consulent genomen.