3902 Kadernota 2026 - 2029
Tekst van het document
Toegang Sociaal Domein De Toegang Sociaal Domein gaat over de manier waarop inwoners contact kunnen zoeken voor vragen en eventuele ondersteuning of zorg binnen het Sociaal Domein. Dat gaat om vragen rondom jeugdhulp, Wmo en Werk en Inkomen. Er zijn diverse landelijke ontwikkelingen die eisen aan gemeenten stellen over hoe de toegang eruit moet zien (Richtinggevende Kader). Er vindt momenteel een verkenning plaats waar in beeld wordt gebracht hoe die toegang er op dit moment uitziet en hoe toekomstbestendig deze is. Deze verkenning is mede op verzoek van de gemeenteraad die moties heeft ingediend om de toegang zo laagdrempelig mogelijk te organiseren. De verkenning is gebaseerd op het Verkenningsinstrument Toegang dat de VNG heeft ontwikkeld, aangevuld met gesprekken met consulenten, teamleiders, maatschappelijke organisaties en inwoners en diverse beleidsdocumenten. Het resultaat van deze verkenning is een analyse van de huidige situatie van de toegang en sorteert voor op het (her)formuleren van inhoudelijke uitgangspunten. Daaruit zal een ontwikkelopgave op hoofdlijnen volgen die richting geeft aan het (her)inrichten van de toegang en de samenhang borgt met andere initiatieven zoals het Actieplan Jeugd en het versterken van de aanpak meervoudige problematiek (Wams).
Implementatie Wams (Wetsvoorstel aanpak meervoudige problematiek sociaal domein) De Wams is controversieel verklaard, met als gevolg dat de implementatie van de wet is uitgesteld tot een nader te bepalen datum. Door de projectgroep Wams is onderzocht wat de impact van de invoering van de wet zou zijn op de gemeente. Vanuit dit project is geconcludeerd dat een gedeelte van de nieuwe werkwijze (versterken van de aanpak meervoudige problematiek) alvast in een pilot kan worden uitgeprobeerd. Hierbij wordt enkel de doelgroep die openstaat voor deze aanpak meegenomen. Aan zowel de uitvoering van de pilot als de daadwerkelijke invoering van de Wams zijn kosten verbonden. Gekeken wordt of de pilot in 2025 kan starten. Actieplan Jeugd Vanwege de oplopende kosten van jeugdhulp is lokaal een Actieplan gestart om langs de lijn van de inhoud tot een verlaging van het aantal jongeren in de jeugdhulp te komen en een daling van de kosten.
Het risico is reëel dat het gewenste financiële effect binnen het Actieplan wordt behaald, maar dat er toch sprake zal zijn van stijgende kosten als gevolg van onder andere grotere inzet van hoog specialistische zorg vanuit het Landelijk Transitie Arrangement, door het verlagen van de caseload bij de gecertificeerde instellingen, het verkleinen van de groepen bij jeugdhulp met verblijf (JeugdzorgPlus) en de inzet van intensieve ambulante zorg om uithuisplaatsing te voorkomen. Met de transformatie van de jeugdhulp wordt ingezet op een inhoudelijk beter en goedkoper stelsel. Binnen de jeugdhulp wordt ingezet op verandering waarvan het resultaat onzeker is. Nieuwe aanbestedingen Jeugdzorg In 2025 wordt gestart met een regionaal inkooptraject voor jeugdhulp. Er worden verschillende risico’s in beeld gebracht en, afhankelijk van de omvang van het risico, voorzien van beheersmaatregelen. Belangrijke randvoorwaarde voor de regionale inkoop is dat de gemeenten lokaal hun toegang en de sociaal, pedagogische basis op orde hebben. Dat betekent dat zowel de toegang als de sociaal, pedagogische basis moeten aansluiten op de regionaal ingekochte jeugdhulp zodat jongeren niet tussen wal en schip terechtkomen.
Hervormingsagenda Jeugd De deskundigencommissie Van Ark beoordeelt wie verantwoordelijk is voor het financiële risico als de bezuinigingen vanuit de Hervormingsagenda niet worden gerealiseerd. Zij hebben geconcludeerd dat de voortgang en de effectiviteit van de benodigde maatregelen onvoldoende van de grond komt door een te hoge planningsambitie en een te strak financieel keurslijf. In het adviesrapport van de commissie is het volgende opgenomen: • De tekorten over 2023 en 2024 zijn een gedeelde verantwoordelijkheid van Rijk en gemeenten; • Het meerjarig financieel kader verdient actualisatie, gebaseerd op een definitieve vaststelling van het budget voor 2025; • Het is niet wenselijk en niet haalbaar om de beoogde besparingen vanaf 2026 te handhaven, zoals opgenomen in het meerjarig financieel kader in de Hervormingsagenda; • De commissie adviseert het Rijk om tot 2028 de besparing als PM-post op te nemen in de rijksbegroting. Het is nog niet bekend of het Rijk de adviezen van de commissie overneemt. Haags toekomstperspectief jeugd- en gezinshulp De gemeente Den Haag heeft met ingang van 1 januari 2024 de jeugdhulp deels op een andere manier ingericht. Om dat te realiseren heeft gemeente Den Haag een substantieel deel van de jeugdhulp die regionaal werd ingekocht, lokaal ingekocht.
De Haagse plannen kunnen onder meer gevolgen hebben voor het zorglandschap (beschikbare jeugdhulp) in de regio. Op basis van een impactanalyse met beheersmaatregelen wordt met gemeente Den Haag gemonitord wat de effecten zijn en hoe eventuele negatieve effecten voor de regiogemeenten kunnen worden geminimaliseerd. Het eerste jaar is inmiddels afgerond. Op basis van de jaarrekeningen 2024 van de aanbieders van
Jeugdhulp kan worden bekeken of er effecten zijn van het Haags toekomstperspectief. De Jeugdautoriteit volgt ook de ontwikkelingen van gemeenten en regio’s die met een taakgerichte opdracht de jeugdhulp hebben vormgegeven. Bezuiniging gemeenschappelijke regelingen Met de kaderbrief aan de gemeenschappelijke regelingen is de financiële taakstelling die bij gemeente aan de orde is, ook neergelegd bij de gemeenschappelijke regelingen. Voor jeugdhulp zijn de gemeenschappelijke regelingen GGD-Veilig Thuis Haaglanden en het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden van belang. De taakstelling bij Veilig Thuis kan de druk op onze lokale toegang vergroten omdat Veilig Thuis mogelijk eerder naar de lokale toegang gaat verwijzen. De bezuiniging bij het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden kan effect hebben op de sturing op de zorgaanbieders waarmee de ambitie op scherpere sturing onder druk komt te staan. De bezuiniging bij de GGD kan ervoor zorgen dat de wettelijke taken onder druk komen te staan, bijvoorbeeld om infectieziektebestrijding goed uit te kunnen voeren. Zo is er een risico dat infectieziekten nauwelijks ingeperkt kunnen worden door minder flexibele inzet vanuit het bezuinigde directiebudget.
Hervormingsagenda inkomensondersteuning De Hervormingsagenda inkomensondersteuning van de Rijksoverheid streeft drie doelen na: inkomensondersteuning moet mensen zekerheid bieden, makkelijker te begrijpen zijn en (meer) werk moet lonen. Door de sociale zekerheid, toeslagen en inkomstenbelasting te hervormen. Vanuit de Hervormingsagenda verwachten we de volgende ontwikkelingen die van invloed zijn op ons werk, onze organisatie en onze financiën: • Alleenverdienersproblematiek tijdelijke regeling • Suwi-wetgeving arbeidsmarktregio • Nieuwe wet handhaving sociale zekerheid • Participatiewet in balans • Wet proactieve dienstverlening Schuldhulpverlening, werk en inburgering Op gebied van schuldhulpverlening, werk en inburgering zien wij aanvullend op bovenstaande, de volgende ontwikkelingen voor de komende jaren: • Mogelijk structurele tekorten uitvoering inburgering Het budget voor de uitvoeringskosten voor de Wet inburgering 2021 is niet meegegroeid met het aantal inburgeraars. Dit zorgt ervoor dat elke gemeente tekorten heeft op dit budget. Dit is bekend bij het Rijk en zij hebben toegezegd met een tegemoetkoming te komen per 2026. Hoe hoog die tegemoetkoming is, en of het het gehele tekort dekt, is echter nog onbekend.
• Asielwetgeving Dit betreft de landelijke ontwikkelingen rondom deze thematiek en het effect ervan op activiteiten van de gemeente, zoals de doorstroomlocatie en de taakstelling voor huisvesting. De implementatie van nieuwe en veranderde wetgeving vraagt extra capaciteit. Het is onduidelijk of er budget komt van het Rijk. Het is dan de vraag of we de wettelijke taken in kader van instroom en begeleiding op tijd kunnen uitvoeren. • Evaluatie van het Re-integratie en Participatie beleid mogelijk vervolg van de inzet van de leerwerkmakelaar, matchmakers en participatieconsulent. In 2025 evalueert de gemeente de inzet van de leerwerkmakelaar, matchmakers en twee extra participatieconsulenten. Het is nog niet duidelijk of de gemeenteraad de inzet van deze functies al dan niet structureel wil voorzetten. Dit is afhankelijk van de evaluatie en of er geld beschikbaar is. Als we stoppen met de inzet, is het risico dat we minder uitstroom realiseren naar werk en of participatie. • Status en opvang Oekraïense ontheemden Gemeenten ervaren uitdagingen rondom de opvang en status van Oekraïnse ontheemden. Komende jaren gaat het budget vanuit het Rijk voor gemeentelijke opvang Oekraïners naar
•
beneden, dat betekent dat we mogelijk onvoldoende budget hebben voor de uitvoering van taken zoals de controle op leefgeld of eigen bijdrage. Schuldhulpprogramma Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) Vanuit het schuldhulpprogramma van SZW is extra budget voor vroegsignalering beschikbaar tot en met 2030. Het is nog onduidelijk of er vervolgens structureel meer capaciteit nodig is. Vanuit het programma komen nog meer plannen, maar per wanneer en in hoeverre daar budget voor meekomt is nog onduidelijk.
Vraag naar Wmo Inwoners worden steeds ouder. Niet alleen de leeftijd neemt toe, maar daarmee ook het aantal oudere inwoners. Zo was in 2023 11,6% van de inwoners van onze gemeente 75-plus. Het is de verwachting dat dit in 2025 toeneemt naar ruim 18%. Hiermee zal ook het aandeel inwoners met een (ouderdoms)ziekte vergroten. Zo wordt verwacht dat het aantal inwoners met dementie bijna verdubbelt van 1.700 in 2023 naar 3.300 inwoners in 2050. Het aantal inwoners dat komende jaren een beroep gaat doen op de Wmo gaat hiermee toenemen. Ook worden de vragen complexer; enerzijds door meer inwoners met dementie en anderzijds doordat ook het aantal inwoners met GGZ-problematiek toeneemt. Tegelijkertijd is het vraag wat de landelijke invoering van een inkomensafhankelijke bijdrage voor uitwerking gaat hebben op de vraag naar Wmo en in hoeverre dit een remmend effect gaat hebben. Wijkaanpak Bovenveen midden De buurt Bovenveen midden kampt met uitdagingen. Uit zowel de cijfers als de signalen die inwoners en buurtprofessionals delen, gaat het in Bovenveen midden (in acht straten) minder goed dan in het overgrote deel van de rest van de wijk Bovenveen en van Voorburg. Ook het college, dat in april 2024 een bezoek bracht, heeft dit gezien en heeft aangegeven in te willen zetten op verbetering van een aantal zaken in deze buurt.
Denk hierbij aan overlast in de buurt waaronder verrommeling in de openbare ruimte, onderwijsachterstanden en armoede. Om verslechtering van de situatie in deze buurt tegen te gaan en ervoor te zorgen dat de buurt sterker wordt op verschillende thema’s, is een integrale aanpak nodig. Schoolveiligheid Schoolveiligheid is zowel landelijk als binnen onze gemeente een actueel en urgent thema. Door de toename van straatcultuur binnen scholen en de complexe invloed van digitale platforms, worden scholen geconfronteerd met nieuwe, ingrijpende uitdagingen. Dagelijks krijgen zij te maken met leerlingen die onveilig zijn voor zichzelf, voor anderen en voor het schoolpersoneel. Hierdoor komen scholen steeds meer onder druk te staan en raakt de focus op hun kerntaak – het bieden van goed onderwijs – in het gedrang. De problematiek beperkt zich niet tot de schoolomgeving; incidenten verplaatsen zich naar de straat en naar online platforms, wat ook leidt tot bredere maatschappelijke onrust. Vanuit deze ontwikkelingen is er een groeiende behoefte aan een integrale benadering van veiligheid, waarbij de domeinen school, straat en thuis actief met elkaar verbonden worden. Binnen Leidschendam-Voorburg wordt daarom ingezet op een versterking van de schoolveiligheid.
Kernteams, bestaande uit verschillende veiligheidspartners, worden op scholen ingezet om snel en adequaat op signalen en incidenten te kunnen reageren. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan een duurzame samenwerking, gericht op het vergroten van de weerbaarheid en handelingsbekwaamheid van scholen. Ook wordt ingezet op het versterken van de samenwerking, het vergroten van het commitment en de integraliteit, en het structureel borgen van een effectieve aanpak binnen het schoolbeleid. Het streven is dat in 2026 alle VO-scholen in Leidschendam-Voorburg beschikken over een actueel en gedragen veiligheidsplan en dat de borging van schoolveiligheid een structureel onderdeel vormt van
hun beleid. De gemeente faciliteert dit proces door het organiseren van de juiste randvoorwaarden, middelen en ondersteuningsstructuren, met als uiteindelijk doel dat scholen zelfstandig en duurzaam een veilige leeromgeving kunnen waarborgen.
Ruimtelijk domein Project Herentuyn en Bedrijfsverzamelgebouw Herenstraat Het project Herentuyn is in aanbouw. Op de plaats van het voormalig gemeentekantoor realiseert de koper/ontwikkelaar een ondergrondse parkeergarage, een nieuwe Hoogvliet supermarkt en woningbouw. De gemeente is voornemens ook het deel van het gemeentekantoor aan de Herenstraat 42 te verkopen aan deze ontwikkelaar. Het plan is om het rijksmonument en het naastgelegen perceel volledig in oude luister te herstellen. Er komen nog zeven appartementen met op de begane grond een bedrijfsverzamelruimte. Gebiedsontwikkeling Overgoo/Fleetpark De specifieke uitkering voor de gebiedsontwikkeling is toegekend en de raad heeft een besluit genomen over de 50% cofinanciering en het niet-subsidiabele deel van de noodzakelijke aanpassingen in de openbare ruimte. Het tekort op de totale ontwikkeling is gedekt in de begroting. Voor de specifieke uitkering is een deadline; er moet uiterlijk drie jaar na verstrekken van de specifieke uitkering gestart zijn met de realisatie, dus in april 2027. Alles wordt in het werk gesteld om voor die datum met de uitvoering van het project te starten. Basisontwerp verkabeling hoogspanningstracé Voor het ondergronds brengen van de hoogspanningslijnen (verkabeling), is in het voorjaar van 2024 de fase van het basisontwerp gestart. Deze fase duurt standaard zo’n 2 jaar.
Het basisontwerp zal beter zicht geven op de definitieve kosten van de verkabeling. Dit zal ook leiden tot een bijstelling van de bestemmingsreserve ondergrondse hoogspanningskabels door indexeringen van afgelopen jaren. Korting BDU-uitkering MRDH Voor de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) is er een dreigende korting van € 59 miljoen op de Brede Doeluitkering (BDU). Als deze korting van ruim 10% doorgaat, heeft dat gevolgen voor (exploitatie van) openbaar vervoer en de aanleg van nieuwe infrastructuur. Leidschendammerhout Het Leidschendammerhout is een langgerekt natuur- en recreatiegebied met bossen, grasland, riet en plassen. Het maakt deel uit van het gebied Duin, Horst en Weide (DHW), de groene buffer tussen de Haagse en Leidse regio. Door deelname aan de Landschapstafel DHW werken meerdere partijen aan versterking van de groene kwaliteit van het DHW-gebied. De komende jaren doen zich naar verwachting binnen het Leidschendammerhout meerdere groene ontwikkelingskansen voor. In dat geval is een gebiedsvisie nodig alsook een raming van de kosten van vergroeningsmaatregelen. Herontwikkeling woonoord Duivenvoorde Met de St. Woonoord Duivenvoorde is in december 2023 gekomen tot een IOK. Thans wordt de haalbaarheid onderzocht van het initiatief om ca. 125 ouderenwoningen (100% in de sociale huursector) aan de woningvoorraad toe voegen.
De uiteindelijke resultaten over de haalbaarheid worden naar verwachting in het vierde kwartaal van 2025 voorgelegd aan college en raad. Er is thans nog geen scherp beeld te verkrijgen over de financiële businesscase. De mogelijke financiële bijdragen van de gemeente wordt deels gedekt uit het door de Provincie Zuid-Holland toegekende projectsubsidie Woonoord Duivenvoorde blok 1 van € 250.000. Hoogvliet Klaverweide Het initiatief van Hoogvliet Beheer b.v. is gericht op de herontwikkeling van het winkelgebied Klaverweide met de toevoeging van circa 75 woningen, een ondergronds parkeergarage en het verbeteren van de openbare ruimten. In maart 2025 is met deze partij een intentieovereenkomst afgesloten om de haalbaarheid van de plannen nader te verkennen.
Ontwikkeling buitenlocatie Stadsbeheer In 2025 verhuist Fugro van de Veurse Achterweg naar Nootdorp. Het vrijkomen van de huidige (geschakelde) percelen biedt mogelijkheden tot herontwikkeling en daarmee een kwaliteitsimpuls voor het gebied. Aan de Fugro-locatie grenzen nog een drietal kavels met ambities, onder meer de nieuwbouw van de buitenlocatie van Stadsbeheer. Het nieuwbouwplan wordt betrokken bij de in voorbereiding zijnde Gebiedsvisie Veurse Achterweg. Actieplan Verkeersveiligheid In 2025 komt het Actieplan Verkeersveiligheid naar buiten. Te nemen maatregelen om de verkeersveiligheid en leefbaarheid te vergroten kunnen naar verwachting worden gedekt uit de reserve Mobiliteit. Het in 2023 genomen kabinetsbesluit om een groot aantal rijksprojecten te pauzeren, waaronder het project A4 Haaglanden / N14, heeft waarschijnlijk tot gevolg dat de druk op het autoverkeer het lokaal wegennet toeneemt en daarmee de verkeersveiligheid en leefbaarheid meer onder druk komen te staan. Het gevolg hiervan kan zijn dat de komende jaren additionele middelen nodig zijn om de verkeersveiligheid en leefbaarheid in de gebieden rondom de lokale wegen niet te later verslechteren. Deze ontwikkeling is nu nog niet te vertalen in een extra impuls. De komende jaren worden de middelen die door het rijk beschikbaar worden gesteld verder versoberd.
Dat betekent dat in 2025 de basis moet worden gelegd om vanaf 2026 zo veel als mogelijk werk met werk te kunnen maken en dit te ondersteunen met de basis die wordt gelegd. Programma's Omgevingswet Naar verwachting wordt in het eerste kwartaal van 2026 de Omgevingsvisie vastgesteld. In de visie worden omgevingsprogramma’s aangekondigd waarin deze vervolgens uitgewerkt wordt. Voor het realiseren van de eerste programma's is specifieke expertise, projectcapaciteit (onder andere procesmanagement) en onderzoek nodig. In de huidige organisatie ontbreekt de ruimte en deels ook de kennis om dit zelf te doen. Op basis van de vastgestelde Omgevingsvisie zal een meerjarenplanning en begroting gemaakt worden voor de programma's vanaf 2026. Op dit moment is dus nog niet bekend aan welke programma’s gewerkt zal worden en welke extra kosten hiermee gemoeid zijn. Integraal huisvestingsplan In 2025 wordt samen met de onderwijspartners en kinderopvang een nieuw Integraal Huisvestingsplan (IHP) opgesteld voor het primair en voorgezet onderwijs. In het IHP wordt voor de komende 16 jaar de huisvestingsopgave op het gebied van onderwijshuisvesting in Leidschendam-Voorburg inzichtelijk gemaakt in omvang, doelstellingen en proces. Naar verwachting zal in het derde kwartaal van 2025 het nieuwe IHP aan de gemeenteraad worden voorgelegd.
Voor alle projecten geldt hierbij een aantal (wettelijke) minimumeisen. Voor onderwijshuisvesting zijn dat BENG-eisen (energieprestatie conform Bouwbesluit) en Frisse Scholen klasse B. Met ingang van 2023 is ENG (Energie Neutraal Gebouw) de basis voor Leidschendam-Voorburg. Per project kunnen hier desgewenst bovenwettelijke of locatiespecifieke eisen of ambities aan worden toegevoegd. In het IHP worden de financiële consequenties van de verschillende ambitieniveaus inzichtelijk gemaakt. In de uitvoering van het IHP wordt zoveel mogelijk ingespeeld op actuele risico's als prijspeilontwikkelingen (bijvoorbeeld op een eventuele bouwkostenstijging) en netcongestie. Project A4 Haaglanden N14 Het project A4 Haaglanden N14 staat door Rijkskeuzes voor lange tijd (naar verwachting tot minstens 2030) op pauze. In MRDH-verband (Metropoolregio Rotterdam Den Haag) is een mitigerend maatregelenpakket ontwikkeld dat op kortere termijn de verkeersdruk op de betreffende rijkswegen moet verminderen. Voor Leidschendam-Voorburg gaat het daarbij om de onderdelen fietsmaatregelen rondom de Mall en RandstadRailhalte Leidschendam-Voorburg. Als de Bestuurscommissie Vervoersautoriteit MRDH op 14 mei 2025 instemt met het mitigerende maatregelenpakket, zal verdere besluitvorming door het Rijk in het najaar 2025 plaatsvinden.
Pas dan wordt definitief duidelijk of en hoeveel geld het Rijk beschikbaar stelt en of de gemeente een eventueel voorbereidingsbudget
beschikbaar moet stellen. Zodra er meer duidelijk is of het pakket (geheel of op onderdelen) door kan gaan, zal de gemeente dit meenemen in begroting 2026. Mobiliteit rondom Mall of the Netherlands De gemeente Leidschendam-Voorburg is niet de enige partij die moet investeren in de mobiliteitsaanpak rond de Mall. Het college wil dat ook het regionale maatregelenpakket voor het stilgelegde Rijksproject A4 Haaglanden/N14 verbeteringen voor dit gebied bevat. Ook URW, eigenaar van de Mall, zal worden gevraagd mee te betalen, bijvoorbeeld aan de nieuwe fietsenstalling. Op dit moment is nog niet duidelijk hoeveel de gemeente en andere partijen precies gaan bijdragen. Na de zomer van 2025 verwacht het college hierover meer duidelijkheid te hebben en dan een concreet voorstel aan de Raad te doen. Mogelijk wordt dan ook de bestemmingsreserve Mobiliteit aangevuld Nieuwe woningbouwprojecten Zodra lopende projecten minder inzet vragen worden nieuwe woningbouwprojecten opgepakt. Voor een aantal locaties zijn al initiatiefplannen ingediend of in voorbereiding. Ook worden in de omgevingsvisie gebiedsprogramma’s aangekondigd waarin kaders worden geschetst voor nieuwe projecten. Hierdoor worden de regionaal afgesproken woningbouwaantallen gehaald.
Toegankelijke nieuwbouwwoningen De raad heeft in september 2024 besloten om een deel van de Bestemmingsreserve langer zelfstandig wonen in te zetten voor betaalbare toegankelijke nieuwbouwwoningen. Doel is dat ouderen, maar ook jongere inwoners met een beperking, zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. In 2025 is hier een subsidieregeling voor opgesteld. De subsidieregeling kan door initiatiefnemers gebruikt worden voor de bouw van geclusterde woonvormen van zelfstandige nultredenwoningen met een ontmoetingsruimte. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan de opgave van het Ministerie van BZK voor het realiseren van ouderenhuisvesting tot 2030.
Bedrijfsvoering & dienstverlening Effecten van de voorjaarsnota van het Rijk De Voorjaarsnota 2025 is vrijdag 18 april 2025 gepubliceerd en geeft een vooruitblik op de Rijksbegroting voor de komende jaren. In de voorjaarsnota van het Rijk zijn na intensieve gesprekken tussen de VNG en het Rijk afspraken gemaakt om gemeenten te compenseren voor het naderende ravijn en de tekorten in de jeugdzorg. Voor 2025 tot en met 2027 komt daarom in het gemeentefonds totaal circa € 3 miljard cumulatief beschikbaar. Verder worden de maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd versterkt op inhoud en beheersbaarheid en vanaf 2028 worden nog aanvullende maatregelen uitgewerkt. Hierover worden met gemeenten afspraken gemaakt, waarbij ook wordt verwacht dat zij werken aan een adequate en doelmatige uitvoering van de Jeugdwet. De totale financiële effecten van de voorjaarsnota worden, nadat de meicirculaire is ontvangen, definitief in de gemeentelijke begroting verwerkt. Geopolitieke Ontwikkelingen Toegenomen internationale spanningen kunnen impact hebben op financiële markten, de economie en dus ook op onze gemeente. Mede door de nieuwe politieke koers vanuit de Verenigde Staten, de (dreiging) van een handelsoorlog en het mogelijk wegvallen van de militaire steun, zien we hier op dit moment al de effecten van. Vooral de onzekerheid speelt op dit moment een grote rol.
De mate waarop dit zicht vertaalt naar de economie is nog niet in te schatten maar vormt een risico. Een voorbeeld van een effect dat al wel voelbaar is, is de uitwerking op de rentetarieven. De daling van de geld- en kapitaalmarktrentes die het afgelopen jaar is ingezet, is voorlopig tot een einde gekomen. De oorzaak hiervan zit onder andere in de grote kapitaalbehoefte rondom de herbewapening van Europa. De stijging van de rentes lijkt in april van dit jaar gestabiliseerd. Het is echter lastig in te schatten hoe de risico's en de rentetarieven zich verder ontwikkelen en hoe dit verder effect heeft op (de begroting) van onze gemeente. Wet digitale overheid Om inwoners en ondernemers sneller en efficiënter te helpen, investeert de gemeente in de digitale dienstverlening. De invoering van de Wet digitale overheid (WDO) en de integratie van de NL Wallet stellen strengere eisen aan digitale identificatie, beveiliging en toegankelijkheid. Dit betekent dat bestaande systemen, zoals DigiD en eHerkenning, moeten worden aangepast en geoptimaliseerd om te voldoen aan deze nieuwe eisen. Dit vraagt om gerichte ICT-aanpassingen voor een gebruiksvriendelijk en veilig digitaal systeem, zodat klantinformatie efficiënt, betrouwbaar en volgens de geldende privacywetgeving wordt verwerkt en eenvoudig toegankelijk is voor zowel medewerkers als klanten.
Taakstelling gemeenschappelijke regelingen Het financiële perspectief van de gemeenten keldert vanaf 2026. Aan de gemeenschappelijke regelingen is via de regionale kaderbrief opgedragen te anticiperen op gemeentelijke bezuinigingsopdracht. Op het moment van schrijven is de omvang van de besparingen nog niet geheel duidelijk. De besparingen worden in de programmabegroting verwerkt. CAO Gemeenten Tijdens het opstellen van deze kadernota is een principeakkoord over de nieuwe CAO bereikt. De looptijd van de nieuwe CAO is 2 jaar. In de kadernota is middels een stelpost rekening gehouden met de effecten van de nieuwe CAO. In de programmabegroting worden deze definitief verwerkt. Weerbaarheid Naar aanleiding van de toegenomen maatschappelijke dreigingen – zoals cyberaanvallen, uitval van vitale infrastructuur en maatschappelijke ontwrichting – heeft het kabinet uitgesproken dat Nederland een brede opgave heeft op het gebied van maatschappelijke weerbaarheid. Ook de VNG en de NCTV roepen gemeenten op hun rol hierin actief te pakken. Leidschendam-Voorburg wil hier een actieve rol
in pakken en gaat daarom aan de slag met een integrale driesporenaanpak op het gebied van weerbaarheid: het versterken van de interne organisatie (o.a. crisisstructuur, cyber en Business Continuity Management), het opbouwen van een lokaal netwerk met vitale partners en het verstevigen van de regionale samenwerking.
Investeringsplan Actualisatie investeringsplan Jaarlijks worden de investeringsprojecten integraal doorgelicht en wordt het bestaande investeringsplan (IVP) geactualiseerd. Aandachtspunten bij de herijking van het IVP zijn de uitvoeringsplanning, de looptijden en de financiële consequenties. Het bestaande IVP is daarbij aangevuld met nieuwe (vervangings)investeringen die voortvloeien uit: reeds genomen raadsbesluiten na 13 november 2024 tot en met maart 2025, vervangingsinvesteringen die nog niet in het IVP waren opgenomen en nieuwe investeringsprojecten die worden voorgelegd bij de Kadernota 2026-2029. Met deze informatie kan de raad: • Nieuwe investeringen beschikbaar stellen • Verhogingen of verlagingen op lopende investeringen vaststellen • Kennisnemen van het effect van indexeringen als gevolg van stijgende prijzen • Kennisnemen van het temporiseren van investeringen in de planningshorizon • Kennisnemen van (niet)-beïnvloedbare vertragingen in de voorbereiding en realisatie van investeringen • Kennisnemen van de voortgang van de investeringen Algemeen beeld Investeringsomvang
Totaal t/m 2025
Actualisatie IVP 2025-2028 Raadsbesluiten t/m maart 2025 Vervangingsinvesteringen Ontwikkelingen Kadernota Totaal Bedragen x € 1.000
260.670 4.211 5.297 11.174 281.352
69.805 2.356 850 2.944 75.956
2026
2027
2028
2029
50.919 689 968 4.560 57.135
80.134 389 569 2.620 83.712
34.052 389 1.394 525 36.359
25.760 389 1.517 525 28.190
De investeringen in de kolom 't/m 2025' bevatten, naast de nieuw op te starten (vervangings)investeringen (circa € 18 miljoen) ook de nog lopende investeringen van vóór 2025 (circa € 52 miljoen). Er is rekening gehouden met fasering van investeringen die een langere looptijd kennen voordat ze daadwerkelijk gerealiseerd zijn. De totaalbedragen van deze investeringen zijn daarom naar rato van de doorlooptijd of naar een aangepaste verdeling verwerkt in de jaarschijven. De investeringen met de grootste financiële impact betreffen die in onderwijshuisvesting (totaal circa € 82 miljoen) en rioolprojecten (totaal circa € 95 miljoen). Deze projecten lopen langer door dan 2029. Dat neemt niet weg dat in dit meerjarenperspectief een aantal projecten hun ‘piekuitgaven’ hebben. Voor onderwijshuisvesting is dat in het jaar 2027 (€ 45 miljoen); de realisatie van het Maartenscollege staat hier gepland. Voor de rioolprojecten zit de piek vooral in 2025 en 2026 (gemiddeld € 19 miljoen per jaar). In de 1e Tussentijdse rapportage van 2025 wordt nader ingegaan op de actualisatie van het IVP, de raadsbesluiten tot en met maart en de vervangingsinvesteringen.
Ontwikkelingen Kadernota In deze Kadernota lichten we, in de betreffende programma's, de investeringen toe die nu voorliggen om mee akkoord te gaan en beschikbaar te stellen. Programma
Lasten
Baten
2025
2026
2027
2028
2029
Bestuur en ondersteuning Mobiliteit en bereikbaarheid Economie Volksgezondheid en milieu Totaal Bedragen x € 1.000
3.420 4.650 45 3.059 11.174
0 1.000 0 0 1.000
1.925 915 45 59 2.944
1.325 1.735 0 1.500 4.560
120 2.000 0 500 2.620
25 0 0 500 525
25 0 0 500 525
In bovenstaande tabel is een samenvatting gegeven van de opgevoerde investeringen per programma. Bij programma Mobiliteit en bereikbaarheid is € 1 miljoen opgenomen bij de baten. Het gaat hier om een rijksbijdrage van de MRDH voor het project Randstad Rail Halte. Hieronder is een specificatie opgenomen van de investeringsprojecten die voor de komende jaren gepland zijn om te voldoen aan de ontwikkelingen die in deze Kadernota zijn voorzien. Onder de tabel worden deze investeringsprojecten kort toegelicht. Programma
Lasten
Baten
2025
2026
2027
2028
2029
Bestuur en ondersteuning
3.420
0
1.925
1.325
120
25
25
Bedrijfsverzamelgebouw HerenstraatHerentuyn Werkplekken RP1 Thuiswerkplekken - beeldschermen Inrichting Servicecentrum Nis BIO - fysieke aanpassingen Mobiliteit en bereikbaarheid Actieplan Verkeersveiligheid Asfalteren fietspaden Randstad Rail Halte Economie Evenementenkasten Sport,cultuur en recreatie Forum Sport kunstgrasveld Bomenbeleid Nieuwe Driemanspolder Kanoroute Totaal
1.800
0
1.800
0
0
95 125 900 500 4.650 1.740 910 2.000 45 45 3.059 1.000 2.000 59 11.174
0 0 0 0 1.000 0 0 1.000 0 0 0 0 0 0 1.000
0 25 0 100 915 915 0 0 45 45 59 0 0 59 2.944
0 25 900 400 1.735 825 910 0 0 0 1.500 1.000 500 0 4.560
95 25 0 0 2.000 0 0 2.000 0 0 500 0 500 0 2.620
0 0 25 0 0 0 0 0 0 0 0 500 0 500 0 525
0 0 25 0 0 0 0 0 0 0 0 500 0 500 0 525
Bedrijfsverzamelgebouw Herenstraat-Herentuyn (€ 1.800.000) Een bedrijfsverzamelruimte draagt bij aan de levendigheid van de Herenstraat. Er is in Voorburg een forse vraag naar bedrijfsruimte voor starters. Een concept van een bedrijfsverzamelgebouw dat gedurende een aantal jaar ruimte biedt aan jonge ondernemers past goed op deze locatie. De toekomstige kapitaallasten van € 57.000 per jaar vanaf 2027 worden gedekt uit kostendekkende huur. Werkplekken Raadhuisplein 1 (RP1) (€ 95.000) In het kader van de verbouwing van de raadzaal wordt al het meubilair in de locatie RP1 vervangen. Het huidige meubilair uit RP1 wordt hergebruikt op andere locaties, waar het in gebruik blijft totdat het
niet langer bruikbaar is. Op deze manier wordt het meubilair op een duurzame en verantwoorde wijze ingezet, wat bijdraagt aan een efficiënte benutting van beschikbare middelen. Thuiswerkplekken beeldschermen (€ 25.000 per jaar) In de Coronapandemie is destijds een eenmalig bijdrage geleverd voor de thuiswerkplekken. Hiervoor zijn geen structurele middelen voor gereserveerd als het gaat om de extra IT-faciliteiten zoals extra schermen en accessoires. Vanaf 2026 zijn structurele middelen beschikbaar om bestaande schermen te gaan vervangen. Met deze investeringskredieten zijn we in staat om personeel te voorzien in een goede thuiswerkplek vanuit IT-perspectief. Inrichting Servicecentrum (€ 900.000) De hal van het Servicecentrum, is toe aan een vernieuwing om de privacy, functionaliteit en akoestiek te verbeteren. Momenteel ervaren bezoekers onvoldoende privacy bij de balies, is de inrichting verouderd en zorgt geluidsoverlast vanuit het bedrijfsrestaurant voor een onprettige omgeving voor bezoekers en medewerkers. Om deze vernieuwing mogelijke te maken is € 900.000 benodigd. Door de herinrichting van het servicecentrum ontstaat de mogelijkheid om efficiënter te gaan werken. Daardoor deze besparing kunnen de kapitaalslasten die deze investering met zich meebrengt worden gedekt.
Nis BIO - fysieke aanpassingen (€ 500.000) De implementatie van de Network and Information Security Directive 2 (NIS2) en de aankomende Cyberbeveiligingswet (Cbw) verplicht gemeenten tot een aanzienlijke versterking van hun informatiebeveiliging en cyberweerbaarheid. De gemeente wordt als essentiële entiteit wettelijk verantwoordelijk voor het naleven van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO2), inclusief de implementatie van een managementsysteem voor informatiebeveiliging (ISMS) conform de NENISO/IEC 27001-norm. De gemeente staat voor de uitdaging om te voldoen aan de verplichtingen uit de Network and Information Security Directive 2 (NIS2) en de aankomende Cyberbeveiligingswet (Cbw). Dit vereist een aanzienlijke versterking van de informatiebeveiliging en cyberweerbaarheid. Op dit moment is de basis onvoldoende op orde. Voor fysieke aanpassingen is een investering van € 500.000 nodig. Ook worden twee lopende investeringen (Moderne flexibele werkplek migratie netwerkschijven en Versaasing applicaties 1e deel) verhoogd. Deze bijstellingen zijn opgenomen in de actualisatie van het investeringsplan 2025-2029. Actieplan Verkeersveiligheid (€ 1.740.000) De gemeente streeft naar een verkeerssysteem waarin iedereen elke dag veilig thuis kan komen en daarom heeft het college het actieplan Verkeersveiligheid opgesteld. Elk verkeersslachtoffer is er één te veel.
De gemeente streeft naar een veilige situatie in het verkeer waarin iedereen elke dag veilig thuis kan komen. Het actieplan beschrijft op welke wijze de gemeente hier invulling aan gaat geven aan de hand van concrete acties op 4 gebieden: infrastructuur, gedrag en educatie, handhaving en ‘Samen Veilig’. In dit voorstel zijn de benodigde budgetten en investeringen in kaart gebracht waar op dit moment geen dekking voor is. Doel van dit voorstel is om inzichtelijk te maken welke projecten relevant zijn om de verkeersveiligheid in LV te vergroten. De beoogde investeringen zijn in dit hoofdstuk in de bovenstaande tabel verwerkt. Asfalteren fietspaden (€ 910.000) Gezien de wens om regionale en lokale gemeentelijke fietspaden binnen onze gemeente te asfalteren in verband met veiligheid en stimuleren fietsgebruik, wordt gevraagd welk lokaal fietspad in aanmerking komt en de daarbij behorende financiële middelen beschikbaar te stellen. Voorgesteld wordt voor de lokale fietspaden de Prins Bernhardlaan ad € 460.000, Rodelaan € 220.000 en Noordsingel € 230.000 daarvoor aan te merken en hiervoor een totaal investeringsbedrag van € 910.000 beschikbaar te stellen.
Randstad Rail Halte (€ 2.000.000) Randstadrailhalte Leidschendam-Voorburg heeft veel in-, uit- en overstappers. De MRDH werkt in het kader van het MIRT inmiddels aan een verdere capaciteitsverhoging van de verbindingen met Rotterdam en Den Haag. Tussen Den Haag en Zoetermeer wordt ingezet op gekoppeld rijden, waardoor ook meer capaciteit ontstaat. De hoofdtoegangen tot de halte, vanaf het Oosteinde kunnen verder worden verbeterd. De entrees vanaf de andere oever van de Vliet zijn nu ronduit slecht. Hier wordt bezien of er liften kunnen worden geplaatst en er een extra voetgangersbrug over de Vliet kan komen voor de perrons richting Den Haag. Daarnaast kan de halte tussen de spoorlijn en Zeeheldenwijk een Mobiliteitshub krijgen en ook een verbinding voor langzaam verkeer met de Zeeheldenwijk en Leidschendam Zuid. Om in aanmerking te komen voor de rijksbijdrage moet het project(onderdeel) vóór 2030 worden opgeleverd. Evenementenkasten (€ 45.000) Als gevolg van niet meer voldoen aan wet- en regelgeving dienen drie evenementenkasten te worden vervangen. Het gaat om evenementenkasten bij de Rodelaan en Notenboompark (Bernhardlaan). Forum Sport kunstgrasveld (€ 1.000.000) Forum Sport heeft slecht bespeelbare natuurgrasvelden, aanleg van een kunstgrasveld lost dit op.
Daarnaast is de gemeente is op zoek naar een locatie voor tijdelijke huisvesting voor onderwijs die op dit terrein van Forum Sport georganiseerd kan worden. Bomenbeleidsplan (€ 500.000 per jaar – totaal € 5.000.000 in 10 jaar) Bomen spelen een cruciale rol in het bestrijden van klimaatverandering, het verminderen van hittestress in steden, het bevorderen van welzijn en het ondersteunen van biodiversiteit. Ze zijn essentieel voor een gezonde planeet en het behoud van leven. De gemeente LeidschendamVoorburg, die bekendstaat als een groene woongemeente, wil haar imago versterken door meer groen aan te planten en het bestaande bomenbestand te beschermen. Het nieuwe bomenbeleidsplan (2025-2035) richt zich op het beschermen en versterken van een gevarieerd en toekomstbestendig bomenbestand, met als doel de natuurvoordelen voor mens en dier de komende jaren te vergroten. De investering loopt over een tijdsbestek van 10 jaar, waarbij per jaar 200 nieuwe bomen worden aangeplant. Nieuwe Driemanspolder Kanoroute (€ 59.000) De Nieuwe Driemanspolder is primair een waterbergingsgebied in de gemeenten LeidschendamVoorburg en Zoetermeer en ligt tussen deze gemeenten en Den Haag Leidschenveen. Behalve waterberging heeft het gebied de functies natuur en extensieve recreatie.
De gemeente Leidschendam-Voorburg heeft samen met de gemeente Zoetermeer, het hoogheemraadschap van Rijnland en allerlei gebruikers van het gebied een plan voor de toekomst opgesteld. Voor het deel in onze gemeente betekent dit inzet op natuurbescherming en passende recreatie. De gemeente Leidschendam-Voorburg wil een kanoroute realiseren rond Stompwijk en in de Nieuwe Driemanspolder. De benodigde vaarwegen zijn aanwezig, het gaat om vaarwegwijzers en steigers. De steigers zijn nodig omdat de kano vier keer naar een andere vaarweg moet worden overgedragen. Dit is onvermijdelijk vanwege het verschil in waterpeil. Door bordjes langs de vaarweg te plaatsen, is het voor kanoërs duidelijk waar ze zijn en waar ze heen moeten. Het beoogde resultaat is een bruikbare, toegankelijke, recreatieve kanoroute door het gebied van de Nieuwe Driemanspolder en rond Stompwijk. Door deze kanoroute kunnen recreanten van de polder genieten en deze (opnieuw) ontdekken. Dit nodigt uit om te bewegen en te recreëren in de natuur. De benodigde investeringen voor steigers en bebording zijn in bovenstaand opgenomen.
Overige lopende investeringsprojecten Julianabaan (€ 21.000.000) Voor de herontwikkeling van winkelcentrum Julianabaan is in 2024 een investeringskrediet opgenomen van € 14 miljoen. Deze investering is bij de actualisatie van het Investeringsplan opgehoogd naar € 21 miljoen op basis van de uitgewerkte varianten voor de Julianabaan. De kapitaallasten van deze investering gaan pas lopen na 2029 en zijn hierdoor niet zichtbaar in deze kadernota. Het gaat om een jaarlijkse last van € 700.000 vanaf 2033. Huisvesting raad & griffie (€ 9.400.000) De gemeenteraad heeft op 5 juli 2022 bij raadsbesluit 2924 het college opdracht verleend om scenario 2.b inclusief 3 opties, gebaseerd op het haalbaarheidsonderzoek naar verhuizing van raad en griffie naar het Raadhuisplein 1, verder uit te werken inclusief kostenraming. Op 19 maart 2024 heeft de raad de uitwerking in de vorm van een schetsontwerp goedgekeurd inclusief kostenraming en opdracht gegeven om dit schetsontwerp verder uit te werken naar voorlopig ontwerp en definitief ontwerp met kostenraming. Indien de raad instemt met deze uitwerking en het benodigde krediet beschikbaar stelt, dan kunnen de voorbereidingen voor de verbouwing starten en kan het verbouwde pand eind 2026 in gebruik worden genomen. In de stuurgroep Raadzaal is besloten om de verwachte investering van € 9,4 miljoen (excl.
tijdelijke huisvesting) in de kadernota op te nemen. Eerder is € 6,6 miljoen als krediet in de begroting verwerkt. Dat betekent ten opzichte van de eerder opgenomen voorziening op de investeringsbegroting van € 6,6 miljoen een verhoging van € 2,8 miljoen. De kapitaallasten bedragen in de nieuwe situatie naar verwachting € 130.000. Deze aanpassing op het reeds bestaande investeringskrediet is verwerkt in de actualisatie van het Investeringsplan (zie 1e Tussentijdse rapportage 2025). Kapitaallasten Bovenstaande nieuwe investeringen hebben impact op het meerjarenperspectief omdat met hieruit voortvloeiende kapitaallasten rekening moet worden gehouden. Deze kapitaallasten zijn in de kadernota onder de betreffende programma’s verwerkt. Vanuit de reserve Mobiliteit en Algemene reserve vrij besteedbaar worden de afschrijvingslasten van sommige investeringskredieten gedekt. Dit heeft een verlagend effect op de kapitaallasten. In het meerjarenperspectief van de kadernota is in deze gevallen alleen het netto-effect dit op de kapitaallasten heeft opgenomen. Na besluitvorming worden de investeringen opgenomen in het Investeringsplan en de kapitaallasten verwerkt in de Programmabegroting 2026-2029.
Bijlagen Uitgangspunten kadernota Onderstaand zijn de uitgangspunten van de kadernota opgesomd. Loon en prijspeil Jaarlijks stijgen personele en materiële uitgaven met de loon- en prijsindex. Grotendeels worden gemeenten hiervoor gecompenseerd via een hogere uitkering uit het gemeentefonds. Om de gemeentelijke organisatie financieel gezond te houden, is het belangrijk om rekening te houden met de prijsontwikkeling bij het opstellen van een nieuwe begroting. De bestendige gedragslijn van de afgelopen jaren is de financiële effecten van de loon- en prijsontwikkelingen mee te nemen in de kadernota. In de kadernota wordt daarom rekening gehouden met het financiële effect van het verschuiven van prijspeil 2025 naar dat van 2026. Om het effect hiervan voor de gemeentelijke budgetten te kunnen bepalen zijn de gemeentelijke budgetten geïndexeerd. Bij het indexeren is gekeken naar de aard van de budgetten. Daarbij zijn de volgende index-percentages toegepast: Index Loonindex extern personeel Loonindex eigen personeel Subsidie-index Index Gemeenschappelijke regelingen loon Index Gemeenschappelijke regelingen prijs Tariefindex Huurindex Prijsindex
2026 4,50% conform CAO 3,47% 4,90% 2,60% 3,70% 3,40% 3,40%
Het centraal economisch plan (CEP), dat door het centraal planbureau (CPB) beschikbaar is gesteld, biedt een uitgebreide analyse van de Nederlandse economie en overheidsfinanciën tot en met 2026, met een doorkijk naar 2033. Hierin zijn ook de verwachte indexen opgenomen. De gemeente hanteert voor de bepaling van de indexcijfers een eenduidige systematiek. De indexpercentages voor 2026 zijn gebaseerd op het CEP van 2025. Het ophogen van kredieten naar prijspeil 2026 leidt vaak pas later tot effect in de gemeentelijke exploitatiebegroting omdat de kapitaallasten van de betreffende kredieten dan pas gaan lopen. Inwoners en woonruimtes Naast loon- en prijsontwikkelingen wordt de gemeentelijke dienstverlening beïnvloed door de ontwikkeling van het areaal en de demografische ontwikkeling. De beschikbare woningvoorraad bepaalt deze in belangrijke mate. Hoe meer woningen en er meer mensen er in de gemeente wonen, hoe meer beroep er gedaan wordt op de gemeentelijke voorzieningen en dienstverlening. In deze kadernota is daarbij uitgegaan van onderstaande kerngegevens. De basis hiervoor vormt de werkelijke woningvoorraad per 1-1-2025 en de geactualiseerde woningprognose o.b.v. diverse bouwplannen in de gemeente. Jaar 2025
Aantal woningen per 1-1 37.983
Aantal inwoners per 1-1 78.366
2026
38.915
80.290
2027 2028 2029
39.368 39.514 39.523
81.220 81.520 81.540
Reserves Stand 31-12-2024
Stand 31-12-2025
Stand 31-12-2026
Stand 31-12-2027
Stand 31-12-2028
Stand 31-12-2029
Algemene reserve met bufferfunctie
11.418
11.418
11.418
11.418
11.418
11.418
Algemene Reserve (vrij besteedbaar)
50.367
46.746
44.896
40.477
41.791
41.731
0
-1.226
-5.019
-5.878
-5.532
-5.532
61.786
56.939
51.296
45.987
47.677
47.617
Reserve Dekking afschrijvingslasten
36.188
39.670
41.526
42.588
41.751
39.860
Reserve Herwaardering Activa
3.300
2.950
2.600
2.250
1.900
1.550
Reserve Bereikbaarheid Stompwijk
5.471
5.471
5.471
5.471
5.471
5.471
Reserve Verevening Sociale Woningbouw
255
255
255
255
255
255
Reserve Nazorg Rietvink
350
350
350
350
350
350
Reserve Onderwijshuisvesting
7.500
7.500
7.500
7.500
7.500
7.500
Reserve Duurzaamheid en Energietransitie
39.832
37.321
35.312
34.053
32.793
32.793
Reserve Bereikbaarheid
3.360
0
0
0
0
0
Reserve Langer Zelfstandig Wonen
9.541
8.191
6.841
5.491
4.191
2.891
Reserve Mobiliteit
9.482
6.779
4.567
1.480
409
409
Reserve Sterk voor Noord
8.800
8.800
8.150
7.500
6.935
6.370
Reserve Ondergrondse Hoogspanningskabels
3.335
4.805
4.655
4.655
4.655
4.655
Reserve Herontwikkeling Julianabaan
2.000
2.000
2.000
2.000
2.000
2.000
Reserve Herstelbeleid
1.587
14
14
14
14
14
728
553
378
205
32
32
Reserve Algemene reserve
Exploitatieresultaat boekjaar Totaal Algemene reserve Bestemmingsreserve
Reserve Ondersteuning energielasten
Reserve CID Binckhorst (Velostrada)
2.986
2.986
2.986
2.986
2.986
2.986
Reserve CID Binckhorst (Leefbaarheid)
5.535
5.535
5.535
5.535
5.535
5.535
Reserve Vluchtelingenopvang
5.277
5.257
5.227
5.227
5.227
5.227
Reserve Gebiedsontwikkeling Overgoo – Fleetpark
4.382
4.382
4.382
4.382
4.382
4.382
0
450
400
350
300
250
Totaal Bestemmingsreserve
149.908
143.269
138.148
132.291
126.685
122.529
Totaal
211.694
200.208
189.444
178.278
174.362
170.146
Reserve Voorbereidingsbudget Ruimtelijke Projecten