3124 Bijlage 5 Omgevingsverslag MIRT-Verkenning CID-Binckhorst
Tekst van het document
Er zijn onder andere vragen gesteld over de volgende onderwerpen: • •
Hoe wordt de kruising van de toekomstige HOV-baan met het snelfietstracé langs de Trekvliet vormgegeven? Hoe wordt de afweging gemaakt tussen kosten en verkeersveiligheid?
Men heeft zorgen over, vraagtekens bij: • • • • • • • • • • •
Veiligheid bij lightrail-modaliteit Sociale veiligheid (o.a. bij fietsonderdoorgang Trekvlietbrug, steeg langs hellingbaan Broekslootkade en aanlanding brug Binck Plek Juno Park, Jupiterkade) Bereikbaarheid voor hulpdiensten Onveilige situaties door gemengd verkeer en bijvoorbeeld busjes die bestellingen afleveren Effecten op omliggende wijken door toenemend verkeer Verkeersveiligheid bij in- en uitvoegende straten Onveilige situaties voor fietsers en veiligheid overstekende kinderen (met name bij haltes en richting scholen) Verkeersveiligheid passage bij de Stuwstraat Toevoeging van HOV op een al complexe en onveilige situatie op verschillende locaties. Met name rond de Geestbrugweg/Haagweg Huidige verkeerssituatie (vaststaand verkeer) op de Geestbrugweg bij files A4 Overtreden van snelheidslimiet door HOV
De volgende suggesties voor de Besluitvormings- en Planuitwerkingsfase zijn gedaan: • •
•
Breng de snelheid omlaag naar 30 km/uur Los al bestaande onveilige kruispunten meteen op. Onder andere de kruisingen met de Haagweg, de Geestbrugweg en de Prinses Mariannelaan, Laan van Middenburg en Westeinde Breng een scheiding aan tussen snel- en langzaam verkeer op de locaties waar tram mee rijdt met het overige verkeer
De ingebrachte reacties hebben geleid tot aanvullingen en aanscherpingen in de Overzichtsrapportage Beoordelingsfase MIRT-verkenning Bereikbaarheid CIDBinckhorst, in het bijzonder ten aanzien van langzaam verkeer versus (H)OV.
4.1.7 Niveaus ligging HOV-baan In deze fase van de Verkenning zijn voor de lightrail varianten opties op niveau -1 of +1 uitgewerkt, aangezien een lightrail uitgaat van ongelijkvloerse kruisingen. Voor de modaliteiten bus en tram is gekeken naar inpassing op maaiveld. Enkel waar dit technisch noodzakelijk was om de variant te kunnen realiseren is een ander niveau onderzocht. Dit heeft tot veel vragen geleid en de discussie vertroebeld, omdat de keuze voor een ander niveau ook invloed heeft op bijvoorbeeld een criterium als verkeersveiligheid en kosten.
Figuur 13. Huidige situatie Maanweg
29
Er zijn onder andere vragen gesteld over de volgende onderwerpen: •
• • •
Hoe worden in deze fase de varianten ten opzichte van elkaar beoordeeld, terwijl in een latere fase mogelijk een ander niveau wordt uitgewerkt met daarmee een ander effect op aspecten als verkeersveiligheid, groen e.d.? Hoe wordt de afweging voor lightrail boven- of ondergronds gemaakt met de bijbehorende (hoge) kostencomponent? Waarom zijn alleen voor de lightrail modaliteit varianten op -1 of +1 onderzocht en niet voor de andere modaliteiten? Waarom is voor de Maanweg voor de lightrail modaliteit alleen niveau +1 onderzocht en niet niveau –1?
Men heeft zorgen over, vraagtekens bij: • •
Aanlanding bij station Voorburg en de impact hiervan op de omgeving Risico op aantasting van Huygens’ Hofwijck door de HOV-verbinding
De volgende suggesties voor de Besluitvormings- en Planuitwerkingsfase zijn gedaan: • •
Onderzoek een verdiepte ligging op de Maanweg Onderzoek hoe de Rotterdamsebaan beter benut kan worden
In de Overzichtsrapportage Beoordelingsfase MIRT-verkenning Bereikbaarheid CIDBinckhorst zijn de uitgangspunten voor de beoordeling toegelicht.
4.1.8 Leefbaarheid, ruimtelijke kwaliteit en groene inpassing Leefbaarheid is een lastig objectief te meten begrip en betreft een breed scala aan onderwerpen zoals overlast door geluid en trillingen, maar ook woongenot door een groene omgeving. Omwonenden vragen zich dan ook af hoe de vergelijking plaatsvindt tussen de verschillende tracés.
Er zijn onder andere vragen gesteld over de volgende onderwerpen: • •
Hoeveel bomen gaan er verdwijnen? Hoe ziet een groene afwerking van een lightrail verbinding eruit?
Men heeft zorgen over, vraagtekens bij: • •
• • •
Figuur 14. Huidige situatie station Voorburg
3In de Plan-MER zijn de effecten op de verbindingszone Broekslootkade en Maanweg beschreven bij ruimtegebruik (wijkgroen) omdat
het geen wettelijke natuurstatus heeft zoals Natuurnetwerk Nederland (NNN) en Natura 2000. Wel gelden gemeentelijke kaders. Bij ruimtebeslag in ecologische verbindingszones moet in eerste instantie direct grenzend aan de ecologische verbindingszone
• • •
Overlast door geluid en trillingen van zwaarder, langer en breder materieel Mogelijke schades (kwaliteit aanliggende woningen in de relatief smalle en al zeer drukke wegen in Leidschendam-Voorburg en Rijswijk en specifiek de funderingen Pr Mariannelaan en Geestburgweg) Effecten op grotere afstand van het te onderzoeken gebied Afweging tussen kosten en leefbaarheid Weging van de leefbaarheid in Rijswijk/Leidschendam-Voorburg versus leefbaarheid Den Haag Verdwijnen van bomen en groen Behoud Opa’s veldje Broekslootkade en Maanweg: Ecologische kwaliteit en afmetingen groenzone3
kwantitatief en kwalitatief worden gecompenseerd, met uitgangspunt dat geen natuurwaarde of natuurpotentie verloren gaat. De initiatiefnemer is verantwoordelijk en het is maatwerk en onderdeel van het initiatief. Als het onmogelijk is om kwantitatief te compenseren dan moet initiatiefnemer mogelijkheden onderzoeken om in het gebied zelf extra kwalitatief te compenseren.
30
•
•
Respecteren van de bestaande uitgangspunten voor de openbare ruimte in bestaande stedenbouwkundige visies en bestemmingsplannen. Hoe hard zijn deze uitgangspunten? En is compensatie bij planschade mogelijk? De impact van een hellingbaan op de sociale veiligheid, als onderdeel van de leefbaarheid van de omgeving.
• •
De stedenbouwkundige en ruimtelijke impact HOV-verbinding door een rustige 30km/h woonstraat Dat de beoordeling van de aspecten geluid en trillingen vooral worden bepaald in de detailuitwerking, dus pas na besluitvorming.
De volgende suggesties voor de Besluitvormings- en Planuitwerkingsfase zijn gedaan: • • • • • •
Geef duidelijkheid over nadeelcompensatie (verlies aan woningwaarde) Maanweg: Zorg voor ruimte aan de kant van de toekomstige bebouwing. Broekslootkade en Maanweg: Behoud of compenseer de ecologische verbindingszone Jupiterkade: Bewaak de beoogde groene invulling Pas de tramvariant in op een grasbaan en laat deze aansluiten op bestaande ecologische zones Geestbrugweg: Realiseer meer groen in plaats van ‘blik’
De vragen en reacties hebben met name geleid tot aanvullingen en aanscherpingen van aandachtspunten in de Overzichtsrapportage Beoordelingsfase MIRT-verkenning Bereikbaarheid CID-Binckhorst. In het bijzonder ten aanzien van de locaties Opa's Veldje en groenzone langs de Maanweg. Figuur 15. Huidige situatie Pr. Mariannelaan
In de Plan-MER is het criterium ‘Ruimtelijke Kwaliteit’ toegevoegd aan het beoordelingskader. In de Plan-MER is ook het ruimtebeslag op wijkgroen, inclusief bestaande groenstroken langs de Maanweg en de Broekslootkade (als zijnde onderdeel van de stedelijke ecologische verbindingszone EVZ Laakzone) beoordeeld.
Figuur 16. Opa’s Veldje
31
4.1.9 Parkeren In deze fase van de Verkenning waren nog geen concrete aantallen te noemen over parkeerplaatsen die verplaatst moeten worden of verdwijnen. Wel is in grote lijnen duidelijk of een oplossing geen, enkele of tientallen parkeerplaatsen zal kosten.
Er zijn onder andere vragen gesteld over de volgende onderwerpen: • •
Komen er wijzigingen in het parkeerbeleid in de gemeenten Rijswijk en Leidschendam-Voorburg? Welke invloed heeft een wijziging in het parkeerbeleid van Den Haag op de verkeersonderzoeken? Men heeft zorgen over, vraagtekens bij:
• •
Verlies aan parkeerplekken Toenemende parkeerdruk in Leidschendam-Voorburg en Rijswijk door bewoners van de Binckhorst door de lage parkeernorm in de Binckhorst
De vragen en reacties hebben met name geleid tot aanvullingen en aanscherpingen van aandachtspunten in de Overzichtsrapportage Beoordelingsfase MIRT-verkenning Bereikbaarheid CID-Binckhorst. In het bijzonder ten aanzien van de mogelijke impact op het aantal parkeerplaatsen en de parkeerdruk in de omgeving.
4.2 Proces, communicatie en participatie Naast de inhoudelijke vragen, zorgen en suggesties zoals in de vorige paragraaf beschreven, is ook het proces rond de Verkenning, en de bijbehorende communicatie en participatie, regelmatig aan de orde geweest tijdens gesprekken en bijeenkomsten. Tijdens de eerste platformbijeenkomsten is door de platformleden nadrukkelijk gevraagd om presentaties en documenten voorafgaand aan de bijeenkomst te mogen ontvangen. Bij de eerste bijeenkomsten is de projectorganisatie er niet in geslaagd aan dit verzoek tegemoet te komen doordat documenten soms pas op het laatste moment klaar waren. Vanaf platform 6 zijn de presentaties een week voorafgaand aan de betreffende platformbijeenkomst gedeeld, zodat de platformleden voor de bijenkomst hun achterban konden consulteren. In de zomer van 2021 hadden de platformleden de mogelijkheid om tracés aan te dragen waarvan zij van mening waren dat deze onderdeel uit zouden moeten maken van de Verkenning. Het daarbij behorende tijdspad was kort en het belang groot. Om die reden is het Bestuurlijk Overleg, waar de keuzes voor de te onderzoeken varianten is gemaakt, een week naar achter geschoven om de platformleden meer tijd te geven. Ook met de extra week is er echter erg kort tijd geweest om alternatieve tracés aan te dragen.
Tevens is geen van de aangedragen tracés opgenomen in de onderzoeksopdracht aan de projectorganisatie. De start van het proces met het platform is hierdoor niet vloeiend verlopen.
In de Plan-MER is naar aanleiding van opmerkingen in het platform in het beoordelingskader een criterium 'verlies parkeerplaatsen' toegevoegd.
Er zijn onder andere vragen gesteld over de volgende onderwerpen: • • • • • • •
Wat is de rol van het platform en wat wordt daarmee gedaan? In hoeverre hebben bewoners een stem in het proces? Hoe kan dit als participatie gezien worden als initiatief en doelstellingen allemaal al zijn bepaald? Hoe worden bewoners en andere belangstellenden geïnformeerd? Wanneer kan er officieel ingesproken worden op de plannen en wat ligt er dan? Hoe ziet de besluitvorming eruit? Welke richtlijnen worden gebruikt en kunnen de platformleden daar een toelichting op krijgen?
32
Men heeft zorgen over, vraagtekens bij: • • •
•
•
Is er voldoende ruimte voor discussie geweest in deze fase door de grote groep aan deelnemers in het platform? Hoe wordt inbreng vanuit omgeving meegenomen richting bestuurders? Hoe wordt er omgegaan met verschillende belangen? Vragen over het tijdig plannen van de vergaderingen van het platform en toezenden van stukken zodat de vergaderingen kunnen worden voorbereid. Liever de bijeenkomst verplaatsen dan geen stukken Druk op snelheid in het proces vanuit bestuurders en organisatie waardoor platformleden korte deadlines krijgen voor het afstemmen met de achterban en het reageren op stukken Wat gebeurt er als tijdens de volgende fase alsnog blijkt dat het niet mogelijk is om de gekozen variant te realiseren?
Tot het laatste platform kon aan deze wens daarom niet voldoende tegemoetgekomen worden. Op verzoek van platformleden is een extra bijeenkomst ingepland over de gebruikte richtlijnen van de HTM. Vanaf platformbijeenkomst 6 zijn een week van tevoren de presentaties gedeeld. Het platform is gevraagd om een review te doen op de hoofdstukken 3 en 4 uit dit omgevingsverslag. De review heeft veel waardevolle aanvullingen opgeleverd en gezorgd voor aanscherping van formuleringen.
De volgende suggesties voor de Besluitvormings- en Planuitwerkingsfase zijn gedaan: • • • • • • •
•
Behoud de organisatie rond het platform en de opgebouwde connectie met de achterban Wees helder wanneer belangrijke bestuurlijke besluiten worden genomen Deel documenten en presentaties (ook in concept, waar mogelijk) minimaal 1 week voor een bijeenkomst met de deelnemers Zorg voor eenduidig gebruik van begrippen Voeg interactieve tools toe aan de website Sluit aan bij bestaande communicatie zoals bijvoorbeeld ‘samen Rijswijk’. Leg helder uit waar de omgeving wel en geen invloed op heeft, hoe besluitvorming plaatsvindt en waarover: Wie besluit waarover, wanneer, waarom en op grond van welke onderzoeken/rapporten? Blijf persoonlijk in gesprek met de omwonenden (zowel vanuit de projectgroep, als bestuurlijk)
Tijdens de platformbijeenkomsten is, zodra beschikbaar, de planning rond de besluitvorming gedeeld. Echter, niet altijd is de exacte planning van colleges en raadsinformatie sessies bekend. Daarnaast is het interne proces rond alle onderzoeken, reviews en ambtelijke besluitvorming niet altijd tot in detail van tevoren bekend.
33
4.3 Samenvatting: Wat is er gedaan met de inbreng? 4.3.1 Toelichting Het projectteam MIRT-Verkenning heeft een aantal van de suggesties, feedback en ideeën die door deelnemers zijn aangedragen tijdens het proces van het afgelopen jaar (medio 2021-medio 2022) overgenomen in de onderzoeken die zijn uitgevoerd. In drie bijeenkomsten van het platform (bijeenkomst 5, 6 en 7) is stil gestaan bij de schetsontwerpen, die in het kader van de Verkenning zijn opgesteld. De toelichting op de schetsontwerpen is op verzoek van het platform gedaan, zodat de omgeving meer gevoel kan krijgen wat een eventuele inpassing van een HOV-verbinding zou kunnen betekenen. Tijdens deze bijeenkomsten is toegelicht dat de schetsontwerpen één van de vele onderdelen zijn van de Verkenning. De schetsontwerpen geven inzicht in de ruimtelijke impact van de varianten en vormen input voor andere onderdelen in de Verkenning zoals de kostenramingen en de effectbeoordeling in de Plan-MER. Ook is benadrukt dat de schetsontwerpen een algemeen beeld geven van inpassing van HOV, maar zeker geen definitief ontwerp zijn.
Na keuze voor een voorlopig voorkeursvariant, op basis van de technische-inhoudelijke beoordeling, worden in de volgende fase (Planuitwerkingsfase) de plannen op groter detailniveau uitgewerkt, waarbij ook meer inzicht ontstaat in de exacte uitvoering en ruimtelijke inpassing, impact op bijvoorbeeld aantal parkeerplaatsen of groen en mogelijkheden om nadelen/knelpunten te verminderen. Ook is bij de schetsontwerpen (platform 5, 6, en 7) toegelicht dat er in veel straten nog meerdere opties zijn voor nadere uitwerking in de Planuitwerkingsfase. Ook is benoemd welke aandachtspunten er bij de verschillende varianten ontstaan. 4.3.2 Verwerking inbreng Met de leden van het platform is tijdens de verschillende bijeenkomsten gesproken over meerdere onderwerpen, waarbij vooral tijdens de gesprekken over de schetsontwerpen inhoudelijke inbreng is geleverd. Deze reacties hebben onder andere geleid tot aanvullingen en aanscherpingen van aandachtspunten in de rapportages. Voorbeelden hiervan zijn de aandachtspunten voor verkeersveiligheid (in het bijzonder langzaam verkeer versus (H)OV), de impact op groen en groenvoorzieningen (Opa’s veldje, groenzone Maanweg) en bijvoorbeeld mogelijke impact op het aantal parkeerplaatsen en parkeerdruk in de omgeving.
Ook zijn door het platform aanvullende suggesties aangedragen, die in de rapportage zijn benoemd (zoals de suggestie om tijdens de Planuitwerkingsfase te onderzoeken of teruglegging van de gevellijn in de Maanweg een optie is om ruimtebeslag op groen te voorkomen).
Voor de effectbeoordelingen voor de Plan-MER is het beoordelingskader (ook wel afweegkader genoemd) uit de Notitie Reikwijdte en Detailniveau van belang. In de effectonderzoeken is voor meerdere milieuaspecten in de effectbeoordeling van de varianten, mede op aangeven van het platform, onderscheid gemaakt in deelgebieden om de effecten beter te duiden en locatie specifiek te maken. Daarbij is een vergelijkbaar detailniveau nagestreefd voor de beoordeling van de plansituatie ten opzichte van de referentiesituatie. In de vergelijking van de varianten onderling zijn daarmee ook de aandachtspunten aan te wijzen mocht een bepaalde variant bestuurlijk gekozen worden als voorkeursvariant. Vanuit de door het platform aangegeven zorgen en aandachtspunten over de effectbeoordeling in het kader van de Plan-MER is het criterium ‘Ruimtelijke Kwaliteit’ toegevoegd aan het beoordelingskader. Dit criterium gaat nadrukkelijk in op de inpasbaarheid van de alternatieven in het straatbeeld, waarbij rekening is gehouden met het huidige karakter van de wijk/straat zoals ook tijdens de platformbijeenkomsten aangegeven. Ook het ruimtebeslag op wijkgroen inclusief de groenstrook langs de Maanweg en Broekslootkade (onderdeel van de stedelijke ecologische verbindingszone EVZ Laakzone) is beoordeeld.
Dit is relevant zowel bij ruimtegebruik (fysieke aantasting) en effecten op beschermde soorten (fysieke aantasting kan effecten hebben op vogels en vleermuizen) als bij ruimtelijke kwaliteit (inpassing HOV en effecten op gemeentelijk groenbeleid). Gezien de zorgen vanuit de omgeving voor verlies aan parkeerplaatsen is dit als beoordelingscriterium toegevoegd onder het aspect ruimtegebruik. Ook is mede op aangeven van het platform extra aandacht besteed aan het goed in beeld brengen van de aanleiding/ nut & noodzaak van de Verkenning in de voor de Verkenning uitgevoerde vervoerwaardestudie. De informatie en resultaten hieruit zijn verwerkt in de Plan-MER en het (Ontwerp) Masterplan Bereikbaarheid CID-Binckhorst. Ten aanzien van de herziene tracé afweging in de zomer van 2021 wordt opgemerkt dat geen van de door de platformleden aangedragen alternatieve tracés (juni/juli 2021) door de opdracht gevende bestuurders aan de tracé afweging zijn toegevoegd.
34
Hieronder herhalen we in een puntsgewijze, samengevatte vorm, de aanbevelingen die vanuit de omgeving zijn opgehaald voor de Besluitvormingsfase en Planuitwerkingsfase.
4.4 Basispakket Mobiliteit Naast een HOV-verbinding, bestaat het voorlopig voorkeursalternatief ook uit een pakket aan mobiliteitsmaatregelen. Dit pakket bestaat uit maatregelen voor gezonde vormen van mobiliteit, lopen en fietsen, en voor het openbaar vervoer. In de onderzoeken zijn 10 mobiliteitsmaatregelen meegenomen. Daarnaast is het een sterke wens om uiteindelijk meer mobiliteitsmaatregelen mee te nemen in de besluitvorming om het gebruik van gezonde vervoerwijzen te bevorderen of de leefbaarheid op specifieke delen te vergroten. Die maatregelen zijn pas zeer laat in het proces voor het voetlicht gekomen. Het basispakket Mobiliteit is daarom zeer beperkt ter sprake geweest tijdens de bijeenkomsten, terwijl dit een wezenlijk onderdeel uitmaakt van het Voorlopig Voorkeursalternatief. In dit omgevingsverslag is geen inbreng vanuit de omgeving meegenomen op dit onderdeel.
4.5 Samenvatting aanbevelingen Planuitwerkingsfase
Besluitvormingsfase
en
De huidige fase van de MIRT-Verkenning is bijzonder complex. Het bestaat uit veel verschillende onderzoeken die niet los van elkaar gezien kunnen worden, maar op verschillende momenten beschikbaar zijn gekomen, en veel definitieve rapportages pas tijdens de ter inzagelegging. De Verkenning kent daarnaast zes opdrachtgevers, waardoor ook het proces rondom besluitvorming complex is. Dit zorgt voor onzekerheid bij omwonenden over de mate waarin de Verkenning hen raakt en hoe en wanneer zij hun stem kunnen laten horen. In de Beoordelings- en Besluitvormingsfase van de Verkenning is dat voornamelijk tijdens de zienswijze periode, terwijl 1,5 jaar daaraan voorafgaand al veel informatie gedeeld is waarop gereageerd kon worden. Deze reacties zijn niet altijd direct in resultaten verwerkt en dus niet altijd terug te vinden. Deze hebben gedurende het proces wel degelijk scherpte aangebracht in de onderzoeken en resultaten. Gedurende de afgelopen fase van de Verkenning zijn door de platformleden, deelnemers aan inloopsessies en raadsinformatiesessies veel aanbevelingen gedaan die in de paragrafen hiervoor, per thema, zijn benoemd. Naast deze aanbevelingen willen wij ook de ‘lessons learned’ rond participatie en communicatie meenemen als aanbeveling naar de volgende fases. Deze worden verwerkt in de actualisatie van het communicatie- en participatieplan voor de Planuitwerkingsfase.
4.5.1 Aanbevelingen technisch – inhoudelijk • Heroverweeg de keuzes voor de te onderzoeken tracé varianten. Bijvoorbeeld een lus door de Binckhorst, een optie via de Rotterdamsebaan, een kopstation op de Maanweg of een mix van verschillende varianten. • Neem ‘gedrag’ en andere ontwikkelingen mee in de studies zoals thuiswerken, en gedrag beïnvloedende maatregelen rond auto gebruik, maar waak daarbij wel voor een negatief effect op omliggende wijken. • Faseer de uitrol van een HOV en optimaliseer bestaand HOV, vooral ook tijdens de komende 5 jaar. • Maak een koppeling met onderhoudsprojecten, bestaande knelpunten en andere ontwikkelingen. • Pas de functionaliteit van bestaande locaties aan, bijvoorbeeld op de Geestbrug, of onderzoek mogelijkheden om doorgaand autoverkeer van tracés te weren, danwel te optimaliseren. • Heb voldoende oog voor een groene inpassing en behoud van bestaande ecologische zones. 4.5.2 Aanbevelingen Communicatie en Participatie • Behoud de organisatie rond het platform en de opgebouwde connectie met de achterban. • Zorg voor tijdige informatievoorziening over zowel inhoud als bestuurlijke processen en wees duidelijk over waar de omgeving wel en geen invloed op heeft. • Zorg voor eenduidig gebruik van begrippen en naamgeving van onderzoeken en rapportages.
• Sluit aan bij bestaande communicatiekanalen, maar blijf ook persoonlijk in gesprek met belanghebbenden
4.6 Proces besluitvorming en doorkijk Planuitwerkingsfase Tijdens de zomer van 2022 ligt het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid, met daarin de voorgenomen bereikbaarheidsmaatregelen en de voorlopige voorkeursvariant voor de HOV-verbinding, gedurende een periode van 10 tot 12 weken ter inzage. Ook op de PlanMER kunnen in die periode zienswijzen worden ingediend. De verkregen zienswijzen worden van een reactie voorzien en, waar van toepassing, verwerkt in het Masterplan Bereikbaarheid. Parallel aan de ter inzagelegging wordt de Plan MER getoetst door de landelijke cie-m.e.r. 35
en de afspraken tussen Regio en het Rijk in het BO-MIRT voorbereid. Begin 2023 vindt vervolgens regionale besluitvorming plaats. Daarbij zal in de gemeenteraden de afweging worden gemaakt of de ingebrachte zienswijzen in voldoende mate zijn verwerkt in het Masterplan Bereikbaarheid en dat daarmee recht gedaan is aan de lokale belangen. De gemeenteraden stellen daarbij de route van de HOV en de principes van de bereikbaarheids-maatregelen vast op het grondgebied van de betreffende gemeente. Bij positieve regionale besluitvorming volgt ondertekening van de bestuursovereenkomst met afspraken over de Planuitwerkingsfase en de modaliteit en route van de HOV-verbinding. Onderdeel van de stukken die begin 2023 ter besluitvorming voorgelegd worden, is ook het Plan van Aanpak voor de Planuitwerkingsfase. In dit plan staat beschreven wat er in de volgende fase onderzocht en uitgewerkt wordt en op welke wijze dat zal plaatsvinden. Partijen hebben in de in februari 2022 ondertekende intentieverklaring aangegeven zich ervoor in te zetten dat de uitwerking van de herinrichting van de Binckhorstlaan (Voorburg), de delen van de Mariannelaan en de Geestbrugweg in de Planuitwerkingsfase plaatsvindt in co-creatie met bewoners.
Met de platformleden zal worden besproken wie van hen in de Planuitwerkingsfase een vertegenwoordigende rol wil blijven behouden waar het voorkeursalternatief betreft en het pakket aan bereikbaarheidsmaatregelen. 4.6.1 Samenvatting planning tot medio 2023 Derde kwartaal 2022 (vanaf eind juni): ter inzagelegging Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid en Plan-MER, met mogelijkheid om bezwaren (zienswijzen) in te dienen Vierde kwartaal 2022: Nota van antwoord op de ingediende zienswijzen MIRTverkenning CID-Binckhorst, waarna opstellen definitief Masterplan Bereikbaarheid Vierde kwartaal 2022: Afspraken in BO-MIRT Eerste kwartaal 2023: Bestuurlijk besluit Masterplan Bereikbaarheid met vaststelling VKA + ondertekening Bestuursovereenkomst Planuitwerkingsfase Medio 2023: Start Planuitwerkingsfase
36
OMGEVINGSVERSLAG
Begrippenlijst BO MIRT
Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport
BuCa
Business Case
CID
Central Innovation District
HOV
Hoogwaardig Openbaar Vervoer
LeiVo
Leidschendam-Voorburg
m.e.r.-procedure
Milieueffectrapportage procedure
MIRT
Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport
Ministerie van IenW
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
Ministerie van BZK
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
MKBA
Maatschappelijke Kosten Batenanalyse
NRD
Notitie Reikwijdte en Detailniveau
NMCA
Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse, brengt ontwikkelingen op lange termijn in beeld voor wegen, vaarwegen, spoorwegen en het regionaal openbaar vervoer.
Plan-MER
Milieueffectrapportage betreffende plan
Zeef 1
Uitkomsten analytische fase van de MIRTverkenning
Zeef 2
Uitkomsten beoordelingsfase van de MIRT-verkenning
voor
het
37
OMGEVINGSVERSLAG
Documenten Verkenning Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid CID-Binckhorst Het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid bevat de aanleiding, een beschrijving van het proces en de bepaling van het voorlopig Voorkeursalternatief. Dit document is de basis voor de zienswijze procedure en wordt na de zienswijze periode aangepast en uitgewerkt tot het Definitief Masterplan Bereikbaarheid CID-Binckhorst. Plan-MER De Plan-MER is het milieueffectenrapport voor de MIRT-Verkenning CID-Binckhorst. Dit rapport beschrijft de effecten voor de leefomgeving, conform het beoordelingskader van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau. Omgevingsverslag Het Omgevingsverslag is voorliggend document. Het omgevingsverslag geeft weer wat tijdens de beoordelingsfase met de omgeving is besproken en ingebracht. Dit vormt de input voor de bestuurlijke besluitvorming, de processturing en ambtelijke voorbereiding die daaraan vooraf gaan. Overzichtsrapportage Beoordelingsfase MIRT-verkenning Bereikbaarheid Binckhorst Dit document beschrijft de ontwerpen van de 10 tracé varianten.
CID-
Onderzoeksrapporten: •
Vervoerwaardestudie Het doel van deze verkeerskundige modelstudie is inzicht geven in de te verwachten vervoerkundige effecten van diverse mobiliteitsvarianten. Deze studie vormt te basis voor de vervoerkundige input voor de MKBA, Business case en Plan-MER (en daarmee het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid).
•
MKBA Een Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse (MKBA) berekent het sociaaleconomische rendement van investeringen. Hierbij worden de positieve en negatieve effecten van een project (of beleidsoptie) op de welvaart van Nederland geprobeerd in te schatten. Het MKBA rapport brengt de maatschappelijke kosten en baten (effecten) van de tien verschillende varianten voor de bereikbaarheid van CID -Binckhorst in beeld ten opzichte van de referentiesituatie.
•
Business case (niet openbaar) In de business case zijn de kosten en opbrengsten van het openbaar vervoer van de verschillende varianten tegen elkaar gezet, zodat de MRDH een beeld krijgt van de kostendekkingsgraad van de eventuele nieuwe dienstregelingen. De resultaten van de business case zijn opgenomen in de MKBA. De resultaten van de business case zijn niet openbaar omdat deze bedrijfsgevoelige informatie bevat.
Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) (juni 2020) De Notitie Reikwijdte en Detailniveau voor de MIRT-Verkenning CID-Binckhorst is bedoeld om de reikwijdte en het detailniveau van het onderzoek voor de nog op te stellen PlanMER te beschrijven. De NRD beschrijft welke alternatieven onderzocht worden en welke criteria en methoden de onderzoekers gebruiken om de milieueffecten in beeld te brengen. Het doel van de NRD is drieledig: 1) het informeren en betrekken van de omgeving, 2) het afbakenen van de te beschouwen alternatieven en 3) het afbakenen van de inhoud van het milieuonderzoek dat in het kader van de milieueffectrapportage (m.e.r.-procedure) wordt uitgevoerd.
38
OMGEVINGSVERSLAG
Overzicht bijlagen A.
Documenten Platform
De verslagen van de platformbijeenkomsten zijn hierin terug te vinden. De presentaties van de Platformbijeenkomsten zijn identiek aan de presentaties van de inloopsessies. De presentaties zijn te vinden op de website www.binckhorstbereikbaar.nl, door op Agenda te klikken en de betreffende inloopsessie.
B.
Documenten Inloopsessies
F.
Huis-aan-huis brieven
De bewonersbrieven die door de projectorganisatie verstuurd zijn binnen het verspreidingsgebied.
G.
Persberichten
De vier persberichten over de Nota van Antwoord van de NRD, bestuurlijk overleg van juni 2021 en juli 2021 en van de intentieverklaring februari 2022 lees je hier terug
De sfeerverslagen en vraag- en antwoorddocumenten zijn hierin terug te vinden. De presentaties van de inloopsessies zijn identiek aan de presentaties van de platformbijeenkomsten. De presentaties zijn te vinden op de website www.binckhorstbereikbaar.nl, door op Agenda te klikken en de betreffende inloopsessie.
C.
Presentatie HTM bijeenkomst
De presentatie van de platformbijeenkomst over HTM ontwerprichtlijnen is hier terug te vinden.
D.
Overzicht bijeenkomsten
Een totaal overzicht van de bijeenkomsten georganiseerd over de Verkenning
E.
Ingekomen brieven
Vanuit de omgeving zijn er brieven binnengekomen bij de projectorganisatie, de brieven lees je hier terug.
39
Colofon Omgevingsverslag MIRT-verkenning CID-Binckhorst Beoordelings- en Besluitvormingsfase Versie: 14 juni 2022
Opdrachtgevers:
Ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijkrelaties
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
Provincie Zuid-Holland
Metropoolregio Rotterdam Den Haag
Gemeente Leidschendam-Voorburg
Gemeente Den Haag
Geschreven door: APPM management consultants
Copyright foto’s: Diverse pagina’s: Jurriaan Brobbel – Gemeente Den Haag Diverse pagina’s: Platformleden
40