3124 Bijlage 5 Omgevingsverslag MIRT-Verkenning CID-Binckhorst
Tekst van het document
Omgevingsverslag MIRT-Verkenning CID-Binckhorst
Omgevingsverslag MIRT-Verkenning CID-Binckhorst Beoordelings- en besluitvormingsfase 14 juni 2022
Voorwoord Voor u ligt het Omgevingsverslag van de MIRT1-Verkenning Central Innovation District (CID)-Binckhorst (hierna Verkenning). Dit document is een weergave van het participatieproces dat doorlopen is in de Beoordelings- en Besluitvormingsfase van de Verkenning. Het initiatief van de Verkenning is genomen door de gemeenten Leidschendam-Voorburg en Den Haag, de provincie Zuid-Holland, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) en de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). De gemeente Rijswijk maakt geen deel uit van de groep van initiatiefnemers, maar werkt wel mee aan de Verkenning. Het doel van de Verkenning is om te komen tot een Voorkeursalternatief. Het Voorkeursalternatief voor de bereikbaarheid van het CID en de Binckhorst bevat het totale pakket aan mobiliteitsmaatregelen en bestaat uit: 1.
2.
De voorkeursvariant voor een hoogwaardig openbaar vervoerverbinding (HOV) tussen Den Haag Centraal en Voorburg en tussen Den Haag Centraal en Rijswijk/Delft; Het Basispakket Mobiliteit.
Het Omgevingsverslag beschrijft op welke manier bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden zijn betrokken, welke aandachtspunten, zorgen en wensen deze omgevingspartijen gedurende het gehele proces hebben ingebracht, wat de projectorganisatie met deze inbreng heeft gedaan en wat wordt meegegeven voor de volgende fase. Deze informatie kunnen bestuurders meenemen in het besluitvormingsproces rond de Verkenning. Dit document wordt, gezamenlijk met het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid CID-Binckhorst, de milieueffectrapportage (Plan-MER) en
1
alle onderliggende onderzoeken, aangeboden aan de bestuurders van de samenwerkende overheden met de vraag om de documenten vrij te geven voor de zienswijze periode. Dit document geeft de bestuurders een duidelijk inzicht in hoe de belangen van de omgeving zich verhouden tot de uitkomsten van het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid CID-Binckhorst en de Plan-MER. De bestuurders nemen dat mee in hun overwegingen om uiteindelijk tot een voorkeursalternatief te komen. Dit Omgevingsverslag wordt samen met het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid, de Plan-MER en de onderliggende onderzoeken ter inzage gelegd waarbij iedereen die dat wil een zienswijze in kan dienen. Mochten er nieuwe inzichten naar voren komen tijdens de zienswijze periode, wordt het Omgevingsverslag daarop aangepast.
Dankwoord De afgelopen 2 jaar is er door omwonenden, bestuurders, bedrijven en ontwikkelaars intensief deelgenomen aan bijeenkomsten en zijn (soms) kritische vragen gesteld, zorgen geuit en aanbevelingen gedaan. Ondanks de corona periode en daarmee gepaard gaande noodzaak om elkaar digitaal te ontmoeten, ziet de projectorganisatie terug op een prettige, constructief kritische samenwerking met de platformleden. Ook tijdens de inloopsessies en persoonlijke gesprekken met stakeholders konden wij rekenen op een grote betrokkenheid en dossierkennis. Wij willen iedereen daarvoor enorm bedanken! Dit heeft ervoor gezorgd dat er scherpte is aangebracht in het proces en de inhoud van de onderzoeken en rapporten.
MIRT: Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport
3
“Nieuwe woningen zijn hard nodig en ontsluiting met openbaar vervoer moet goed geregeld zijn. We zetten een belangrijke stap vooruit voor de bereikbaarheid van de gehele regio.”
4
Inhoudsopgave AANLEIDING ...................................................................................................................6 LEESWIJZER ....................................................................................................................6 TERMINOLOGIE VOORKEURSALTERNATIEF ............................................................................7 1.
OPZET VAN DE PARTICIPATIE......................................................................... 8 1.1 1.2 1.3 1.4
2.
DOEL VAN DE PARTICIPATIE.....................................................................................9 ALGEMENE PARTICIPATIENIVEAUS ............................................................................9 PARTICIPATIENIVEAU VAN DE OMGEVING ................................................................10 PARTICIPATIEVORMEN .........................................................................................10 COMMUNICATIE VAN PROJECTORGANISATIE NAAR INDIVIDU.................... 14
2.1 3.
COMMUNICATIEVORMEN .....................................................................................15 OVERZICHT VAN DE PARTICIPATIE ............................................................... 17
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 4.
INLEIDING .........................................................................................................18 PLATFORMBIJEENKOMSTEN EN PERSOONLIJKE GESPREKKEN .........................................19 INLOOPSESSIES ...................................................................................................20 RAADSINFORMATIESESSIES ...................................................................................21 PROJECTMAIL EN BRIEVEN ....................................................................................22 INBRENG OMGEVING .................................................................................. 23
4.1
INBRENG PLATFORMBIJEENKOMSTEN, PERSOONLIJKE GESPREKKEN, INLOOPSESSIES EN RAADSBIJEENKOMSTEN ...................................................................................................24 4.2 PROCES, COMMUNICATIE EN PARTICIPATIE ..............................................................32 4.3 SAMENVATTING: WAT IS ER GEDAAN MET DE INBRENG? ............................................34 4.4 BASISPAKKET MOBILITEIT .....................................................................................35 4.5 SAMENVATTING AANBEVELINGEN VERVOLGFASE .......................................................35 4.6 PROCES BESLUITVORMING EN DOORKIJK PLANUITWERKINGSFASE .................................35 BEGRIPPENLIJST ..................................................................................................... 37 DOCUMENTEN VERKENNING ................................................................................. 38 OVERZICHT BIJLAGEN ............................................................................................ 39 5
OMGEVINGSVERSLAG HOOFDSTUK 1 Inleiding
Aanleiding In het zuidelijk deel van de Randstad is een grote behoefte aan nieuwe woningen en werkgelegenheid. In totaal moet er in deze regio tot 2040 ruimte worden gevonden voor circa 250.000 nieuwe woningen, waarvan 170.000 binnen de metropoolregio Rotterdam Den Haag langs de spoorlijn Leiden – Dordrecht. Vooral in de grote steden is de vraag naar nieuwe woningen groot. In regionaal verband zijn daarom afspraken gemaakt over de verdeling van deze woningen. De extra woningen worden vooral in het gebied Central Innovation District (CID)-Binckhorst gebouwd om zo het kostbare groen in de regio te kunnen koesteren. Deze toevoeging van woningen en arbeidsplaatsen zorgt voor extra mobiliteitsbewegingen. Om de regio bereikbaar te houden is een MIRT-Verkenning (hierna Verkenning) gestart. Een MIRT-onderzoek heeft als doel de bereikbaarheid, veiligheid en ruimtelijke inrichting van Nederland te bevorderen. Deze onderzoeken kennen een bepaalde systematiek zoals te zien is in Figuur 1. Dit MIRT-onderzoek bevindt zich momenteel in de Verkenningsfase. Deze fase heeft meerdere sub-fasen, zoals de Start- en Analytische fase en de Beoordelings- en Besluitvormingsfase. Op dit moment bevindt de MIRT-Verkenning zich in de Beoordelings- en Besluitvormingsfase.
Sinds de start van de Verkenning in maart 2019 zijn er meerdere inhoudelijke onderzoeken uitgevoerd, waaronder een vervoerwaardestudie, een Maatschappelijke Kosten Batenanalyse (MKBA), meerdere business cases en een milieueffectrapportage (Plan-MER). Alle inhoudelijke onderzoeken vormen bouwstenen voor het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid CID-Binckhorst. Hierin wordt de visie op een duurzame verbetering van de bereikbaarheid van het CID en de Binckhorst beschreven, inclusief een voorkeursvariant voor een hoogwaardig openbaar vervoerverbinding (HOV) aangevuld met een set aan concrete bereikbaarheidsmaatregelen. Het Ontwerp Masterplan vormt de technisch-inhoudelijke verantwoording van het voorgestelde voorkeursalternatief. De effecten op en belangen uit de omgeving worden ook meegenomen in de overwegingen van de bestuurders. In het Omgevingsverslag staan de reacties en signalen die uit de omgeving zijn gekomen. In dit verslag zijn de aandachtspunten, zorgen en wensen gebundeld die in de diverse bijeenkomsten zijn opgehaald. Het Ontwerp Masterplan en het Omgevingsverslag worden gezamenlijk aangeboden aan de verantwoordelijke bestuurders zodat zij een gewogen besluit kunnen nemen over het voorkeursalternatief.
Gedurende het proces van de Verkenning zijn er in meerdere vormen bijeenkomsten georganiseerd en heeft de omgeving de projectorganisatie ook op andere wijzen weten te vinden. Hierdoor is de hoeveelheid ingebrachte informatie vanuit de omgeving significant. In het Omgevingsverslag is geprobeerd alle inbreng zo volledig en transparant mogelijk weer te geven. Tegelijkertijd moet het document leesbaar zijn voor bestuurders en belanghebbenden. Door met thema’s te werken is de kern van de omgevingsbelangen, waar mogelijk per gebied, weergegeven.
Leeswijzer Figuur 1. De MIRT-systematiek
Het Omgevingsverslag bestaat uit vier hoofdstukken en de bijlagen. Hoofdstuk 1 gaat in op het gevoerde participatieproces. Het participatieniveau van de omgevingspartijen van Verkenning komt hierin aan bod. Daarnaast staat toegelicht welke participatievormen zijn toegepast. Hoofdstuk 2 gaat in de toegepaste communicatievormen binnen de 6
Verkenning. In hoofdstuk 3 staat vervolgens beschreven welke bijeenkomsten er zijn geweest en in hoofdstuk 4 wat er is besproken tijdens de bijeenkomsten, welke ingezonden brieven er zijn ontvangen, wat er mee is gedaan in deze fase en wat er meegegeven wordt voor de volgende fase. De bijlagen bevatten alle ingebrachte brieven, documenten en opbrengst van alle bijeenkomsten. De informatie in dit Omgevingsverslag is zo zorgvuldig mogelijk samengesteld, gebaseerd op de actuele projectinformatie ten tijde van het schrijven van dit document in het voorjaar van 2022.
vervoerwijzen te bevorderen of de leefbaarheid op specifieke delen te vergroten. Die maatregelen zijn pas zeer laat in het proces voor het voetlicht gekomen. Het basispakket Mobiliteit is daarom zeer beperkt ter sprake geweest tijdens de bijeenkomsten, terwijl dit een wezenlijk onderdeel uitmaakt van het Voorlopig Voorkeursalternatief. Het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid CID-Binckhorst bevat meer toelichting op dit aanvullend pakket mobiliteitsmaatregelen.
Terminologie Voorkeursalternatief Om de tot 2030 gewenste ontwikkelingen in CID-Binckhorst mogelijk te maken, is het voorstel om een Basispakket mobiliteitsmaatregelen te realiseren. Dit pakket bestaat enerzijds uit de Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV)-verbinding (tussen Den Haag Centraal en station Voorburg en tussen den Haag Centraal en Rijswijk/Delft) en anderzijds uit een aanvullend pakket van mobiliteitsmaatregelen gericht op de thema’s langzaam verkeer, ruimtegebruik, smart mobility, logistiek en stations. Het Voorkeursalternatief bestaat dus uit: 1.
2.
De voorkeursvariant voor een hoogwaardig openbaar vervoerverbinding (HOV) tussen Den Haag Centraal en Voorburg en tussen Den Haag Centraal en Rijswijk/Delft; Het aanvullende pakket aan bereikbaarheidsmaatregelen.
Figuur 2. Overzicht van alle onderzochte tracés
Voorkeursvariant De voorkeursvariant voor de HOV-verbinding is de uitkomst van een technisch inhoudelijke afweging tussen tien kansrijke varianten. Het betreft een combinatie van een tracé met een modaliteit en zijn opgebouwd uit de volgende aspecten: •
•
Tracé: o Route tussen Den Haag Centraal en Voorburg; o Route tussen Den Haag Centraal en Rijswijk of /Delft; Modaliteit: HOV-bus, HOV-tram of lightrail.
Aanvullend pakket mobiliteitsmaatregelen Dit pakket bestaat uit maatregelen voor gezonde vormen van mobiliteit, lopen en fietsen, en voor het openbaar vervoer. In de onderzoeken zijn 10 mobiliteitsmaatregelen meegenomen. Daarnaast is het een sterke wens om uiteindelijk meer mobiliteitsmaatregelen mee te nemen in de besluitvorming om het gebruik van gezonde
Figuur 3. Belangrijkste verschillen tussen modaliteiten 7
HOOFDSTUK 1
1. Opzet van de participatie
8
1.1 Doel van de participatie De hoofddoelstelling van het participatieproces in de Beoordelings- en Besluitvormingsfase van de Verkenning luidde als volgt: ‘het zorgvuldig informeren van de omgevingspartijen over de stand van zaken in de MIRT-Verkenning CID-Binckhorst en het raadplegen van de omgevingspartijen over de varianten en het uiteindelijke voorkeursalternatief dat bepaald wordt na de zienswijze periode’. In aanvulling hierop was het subdoel van het participatieproces om stakeholders vertrouwen te geven in het proces van de Verkenning en daarmee procesdraagvlak te creëren bij de omgevingspartijen. Onder omgevingspartijen verstaan we overheden, bedrijven, vertegenwoordigers van maatschappelijke partijen, bestaande gebruikers en bewoners. Door open en transparant te zijn en te luisteren naar de belangen van de omgevingspartijen is geprobeerd de omgevingspartijen deelgenoot te maken van de Verkenning, en zo mogelijk meer begrip te creëren over de keuzes die zowel in het verleden, als tijdens de Verkenning zijn gemaakt. Dit betekent niet dat omgevingspartijen het automatisch eens zijn met het gekozen voorkeursalternatief. Ook betekent dit niet dat de projectorganisatie alle belanghebbenden heeft weten te bereiken. In paragraaf 1.4 is weergegeven welk activiteiten zijn ondernomen om zoveel mogelijk belanghebbenden in deze fase te informeren en raadplegen.
1.2 Algemene participatieniveaus Om stakeholders te betrekken maar geen verkeerde verwachtingen te wekken is het van belang stakeholders in de juiste rol te betrekken. Een methode om inzichtelijk te maken op welke manier stakeholders in een proces worden betrokken is de participatieladder, zoals te zien is in Figuur 4. De participatieladder kent vier niveaus: 1) informeren, 2) meedenken/adviseren, 3) meewerken/coproduceren en 4) meebeslissen. De mate van invloed die de stakeholders kunnen uitoefenen, neemt toe vanaf het niveau van informeren tot het hoogste participatieniveau van beslissen. De verschillende groepen stakeholders zijn op verschillende participatieniveaus betrokken. Hieronder volgt per niveau een omschrijving, toegepast in de Verkenning.
Figuur 4. Participatieladder
1.2.1 Meebeslissen De Verkenning is een samenwerking tussen Rijk en regio. Er zijn meerdere initiatiefnemers bestuurlijk betrokken en verantwoordelijk voor de Verkenning. Allereerst de bevoegd gezagen, de gemeenten Den Haag en Leidschendam-Voorburg. Daarnaast zijn op regionaal schaalniveau de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) en de provincie Zuid-Holland betrokken. Tenslotte zijn de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) en Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) op landelijk niveau bestuurlijk betrokken. De gemeente Rijswijk maakt geen deel uit van de groep van initiatiefnemers. De gemeente Rijswijk is wel stakeholder in het grote geheel en werkt mee aan de Verkenning. In het bijzonder is de gemeente Rijswijk bevoegd gezag voor de variant via de Broekslootkade. Voor de varianten via de Geestbrugweg is de gemeente Rijswijk juridisch-planologisch geen bevoegd gezag. 1.2.2 Meewerken Op het niveau van meewerken zijn de hiervoor genoemde samenwerkende partners op ambtelijk niveau vertegenwoordigd in het kernteam. Zowel op inhoud als op proces hebben deze partijen een intensieve betrokkenheid bij de Verkenning. Het kernteam wordt aangestuurd door de ambtelijke stuurgroep. Deze is gevormd door de afdelingshoofden van de betrokken partijen.
1.2.3 Meedenken Op het niveau van meedenken of adviseren bevinden zich vier professionele partijen met kennis op het gebied van mobiliteit en bereikbaarheid, te weten de HTM, NS, ProRail en Rijkswaterstaat. Naast deze mobiliteit gerelateerde partijen zijn ook de gemeenten Delft,
9
Pijnacker-Nootdorp en Zoetermeer en overige beleidsafdelingen van de betrokken gemeenten Leidschendam-Voorburg, Den Haag en Rijswijk op verschillende momenten bijgepraat over de stand van zaken van de Verkenning. Deze stakeholders zijn vanaf het begin van de Verkenning betrokken op inhoud, door middel van gesprekken en werksessies over de mogelijke oplossingsrichtingen. Gezamenlijk vormen deze partijen het kernteam plus.
•
Met participatie en communicatie zijn de volgende resultaten beoogd: • •
1.2.4 Informeren en raadplegen Het niveau van informeren en raadplegen is van toepassing op de brede groep stakeholders in de omgeving van de Verkenning. Hieronder valt iedereen die geïnteresseerd is, een belang heeft of betrokken wil worden bij de Verkenning. Informeren gaat om het verstrekken van informatie over de stappen in de Verkenning en de onderzoeksresultaten. Raadplegen houdt in dat geïnteresseerde stakeholders de mogelijkheid is geboden om via platformbijeenkomsten en inloopsessies (lees hier meer over in paragraaf 1.4.1 en 1.4.2) te reageren op de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD), de herziene tracéweging en de uitgewerkte schetsontwerpen van de varianten. Door de stakeholders te raadplegen zijn aandachtspunten uit de omgeving naar voren gekomen welke vervolgens door de bestuurders kunnen worden meegenomen in hun overwegingen.
1.3 Participatieniveau van de omgeving De nadruk voor de omgevingspartijen lag in de Beoordelings- en Besluitvormingsfase op het niveau ‘proactief informeren en raadplegen’. Reden dat de nadruk hierop lag, komt door de aard van de fase. In deze fase worden de varianten uitgewerkt en onderzocht met behulp van een technisch-inhoudelijk ontwerpproces en veel effectenonderzoeken. Hierdoor was de ruimte voor omgevingspartijen om hierin een actieve bijdrage of input te leveren beperkt. Wel zijn de stakeholders geïnformeerd over de uitgevoerde onderzoeken en eventuele (tussen)resultaten hiervan. Op die manier kreeg de omgeving inzicht in de wijze waarop de onderzoeken zijn opgebouwd, zodat de stakeholders volledig begrijpen hoe de resultaten van de onderzoeken tot stand zijn gekomen. In de Beoordelings- en Besluitvormingsfase van de Verkenning betekende dit concreet: • •
Raadplegen van de omgevingspartijen over de NRD via een zienswijzeprocedure; Proactief en zorgvuldig informeren van de omgevingspartijen over het proces van de Verkenning, de methodiek van de onderzoeken en de schetsontwerpen;
Raadplegen van de omgevingspartijen ten aanzien van het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid CID-Binckhorst via de zienswijzeprocedure, zomer 2022.
•
•
Belanghebbenden hebben kennis kunnen nemen van het proces van de Verkenning; Belanghebbenden zijn actueel en in toegankelijk taalgebruik op de hoogte gehouden over de stand van zaken, zowel qua inhoud als qua proces; Belanghebbenden voelden zich uitgenodigd om de interactie aan te gaan, wisten waar ze terecht kunnen voor vragen, en wisten wanneer vragen en input konden worden ingebracht; Belanghebbenden hebben kennis kunnen nemen van de wettelijke mogelijkheden voor zienswijzen en beroep.
1.4 Participatievormen De Beoordelings- en Besluitvormingsfase van de Verkenning is gestart in maart/april 2020. Op dat moment was vanwege de coronapandemie het thuiswerkadvies al van kracht. Om die reden beperkten de participatievormen zich tot online bijeenkomsten via Microsoft Teams. Er zijn verschillende soorten bijeenkomsten georganiseerd, waaronder platformbijeenkomsten, inloopsessies en raadsinformatiesessies. In onderstaande paragrafen worden deze toegelicht. 1.4.1 Platform Er is een platform Verkenning CID-Binckhorst (vanaf nu platform) opgericht met daarin bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden. Het doel van het platform was om een vaste groep van vertegenwoordigers van belanghebbenden zorgvuldig te informeren en te raadplegen over de stappen die worden gezet. Deze groep heeft een brede achterban van belanghebbenden vertegenwoordigd in het gebied van de Verkenning. De platformdeelnemers hebben de verkregen informatie tijdens de platformsessies kunnen delen met hun achterban en namens hen vragen kunnen stellen in een kleinere setting dan tijdens de inloopsessies. Daarmee is gehoor gegeven aan de wens van de omgeving om nauwer betrokken te worden bij de ontwikkeling van de plannen voor de HOVverbinding en mobiliteit in CID-Binckhorst.
Tegelijkertijd was er een behoefte vanuit de projectorganisatie om met een vaste groep belanghebbenden een relatief lang en complex proces aan te gaan. Juist de gezamenlijke kennisopbouw die gaandeweg plaatsvond, heeft bijgedragen aan de diepte van de inhoudelijke discussies.
10
De oproep voor platformdeelnemers is via een informatiebrief verspreid in de deelgebieden rondom de mogelijke tracés (d.w.z. de mogelijke routes tussen Den Haag Centraal en station Voorburg dan wel Rijswijk/Delft). Deelnemers konden zich aanmelden bij de projectorganisatie. De aanmelders is gevraagd aan te geven waar zij wonen, wat hun motivatie is om deel te nemen aan het platform en in hoeverre zij een achterban (kunnen) vertegenwoordigen. Uit de 48 aanmeldingen zijn 19 deelnemers geselecteerd met een evenredige geografische vertegenwoordiging van de deelgebieden en een gelijke verhouding van belangengroepen: bewoners, ondernemers, de aanwezige scouting en toekomstige OV-reizigers en fietsers. In april 2022 had het platform 24 deelnemers. Tijdens het proces zijn er nieuwe deelnemers aangesloten en hebben er een aantal wisselingen plaatsgevonden. Figuur 5 geeft inzicht in de geografische verspreiding van de platformleden over het gebied. Hierin is per deelgebied aangegeven hoeveel vertegenwoordigers er in het platform zitten. Het omcirkelde getal (2) staat voor de twee belangenvertegenwoordigers die geen geografische duiding in het gebied kennen, te weten de Fietsersbond en de reizigersvereniging Rover.
vergadering terug te kijken als de notulen niet compleet waren. Het concept verslag werd met de deelnemers gedeeld met de vraag of dit een correcte weergave is van de besproken punten voordat het verslag werd vastgesteld. Op verzoek zijn alle verslagen geanonimiseerd.
De platformleden zijn gevraagd om als vertegenwoordiger van hun omgeving op te treden, hun achterban actief te informeren en vragen op te halen. Hierbij was het belang dat zij hun achterban inlichtten over de inhoud en het proces van de Verkenning, inclusief voortschrijdend inzicht door de interactie met de platformleden over de laatste ontwikkelingen. De platformleden ontvingen altijd de inhoudelijke presentatie die tijdens het Platform was gegeven, die gedeeld kon worden met de achterban. De bijeenkomsten van het platform vonden plaats onder leiding van een externe voorzitter. Tijdens bijeenkomsten werden de genomen stappen in de Verkenning toegelicht en daar gingen de deelnemers en projectorganisatie over in gesprek. De opzet van de verschillende platformbijeenkomsten was grofweg hetzelfde: • •
•
•
Informeren van deelnemers over de kaders en stand van verkennende onderzoeken; Beantwoorden van vragen van deelnemers over het proces (bestuurlijk, ambtelijk en in relatie tot de buitenwereld) en over de inhoud (tracés, varianten, toetsingscriteria); Ophalen van suggesties, zorgen, wensen, ideeën van deelnemers over wat zij belangrijk vinden, en wat zij wel of juist niet wensen, zo mogelijk voorzien van argumenten; Een korte vooruitblik op het verdere proces en planning van de vervolgstappen.
Figuur 5. Overzichtskaart van de vertegenwoordiging in het platform
Bij ieder platform was een notulist aanwezig die een verslag maakte. De onlinebijeenkomsten werden opgenomen. De opnames dienden ervoor om de
11
1.4.2 Inloopsessies De (online) inloopsessies zijn georganiseerd om, naast de platformleden, ook andere geïnteresseerden of belanghebbenden de mogelijkheid te bieden om op de hoogte te blijven van de Verkenning. De opzet van de inloopsessies was gelijk aan die van de platformbijeenkomsten: (ongeveer) twee weken na ieder platform vond er een online inloopsessie plaats. Tijdens deze bijeenkomsten is dezelfde presentatie getoond als in de platformbijeenkomsten. Ook gaf de voorzitter van het platform een terugkoppeling van de belangrijkste reacties van de platformleden op de eerder getoonde presentatie. Iedere inloopsessie eindigde met ruime tijd voor vragen. Ten tijde van het thuiswerkadvies werden de bijeenkomsten via Microsoft Teams georganiseerd. Tijdens de eerste inloopsessies hadden de aanwezigen de mogelijkheid om mondeling te reageren. Door de toenemende belangstelling was dit bij latere inloopsessies niet meer werkbaar. De aanwezigen is toen gevraagd hun vragen via de chat te stellen waarna deze zoveel mogelijk tijdens de bijeenkomsten werden beantwoord. In verband met de grote hoeveelheid vragen zijn na iedere inloopsessie alle vragen verzameld, schriftelijk beantwoord en achteraf toegezonden. Dit zijn de zogeheten Meest gestelde vragen documenten c.q. Vraag- en antwoorddocumenten.
Deze zijn te vinden op de projectwebsite www.binckhorstbereikbaar.nl, onder de pagina Agenda. Geïnteresseerden uit de omgeving konden zich aanmelden door een mail te sturen naar de projectmail (info@binckhorstbereikaar.nl). Zij ontvingen daarna de link naar de bijeenkomst en werden toegevoegd aan de maillijst van geïnteresseerden. Aan het einde van de Beoordelings- en Besluitvormingsfase beschikte de projectorganisatie over een mailinglijst van bijna 400 mailadressen. 1.4.3 Raadsinformatiesessies Gedurende het verloop van de Verkenning zijn de gemeenteraden van de drie gemeenten Leidschendam-Voorburg, Den Haag en Rijswijk op de hoogte gebracht van de stand van zaken van de Verkenning. Dit gebeurde aan de hand van online (soms gezamenlijke) raadsinformatiesessies. De opzet van deze bijeenkomsten was steeds hetzelfde waarbij leden van de projectorganisatie een inhoudelijke presentatie gaven waarna er ruim de tijd was voor vragen van de raadsleden. De timing van de raadsinformatiesessies was meestal net voor of net na bestuurlijke besluiten die de voortgang van de Verkenning moesten waarborgen. Een overzicht van de georganiseerde raadsinformatiesessies is te vinden in paragraaf 3.4.
1.4.4 Kernteam plus Het kernteam plus bestaat enerzijds uit de mobiliteitspartijen HTM, ProRail, NS en Rijkswaterstaat. Anderzijds uit de gemeenten Pijnacker-Nootdorp, Delft en Zoetermeer en overige beleidsafdelingen van de betrokken gemeenten Leidschendam-Voorburg, Den Haag en Rijswijk. Het kernteam plus is opgezet om partijen die wat verder afstaan van de Verkenning, maar wel geraakt worden door de uitkomsten van de onderzoeken op de hoogte te houden van alle ontwikkelingen. In totaal is het kernteam+ zeven keer bij elkaar gekomen gedurende het proces. Tijdens deze bijeenkomsten zijn deze partijen bijgepraat over de Verkenning en is hen gevraagd om aandachtspunten mee te geven waar de Verkenning rekening mee zou moeten houden. 1.4.5 Overig Naast de hierboven genoemde groepen belanghebbenden waar regelmatig contact mee is geweest, is er ook op andere wijzen contact geweest met omgevingspartijen die geen onderdeel zijn van het platform of de inloopsessies. Daarnaast zijn twee informatiebijeenkomsten georganiseerd in de periode vóór het platform. Deze informatiebijeenkomsten stonden in het teken van informatievoorziening over de NRD. 1.4.5.1
Stakeholdergesprekken
Er zijn stakeholdergesprekken gevoerd met zowel individuele als collectieve stakeholders die een belang hebben bij de HOV-verbinding. Zo is er in september 2020 gesproken met de bestuurders van Huygens’ Hofwijck over de relatie tussen de HOVverbinding en de monumentale buitenplaats. In januari 2021 heeft een gesprek plaatsgevonden met de vertegenwoordigers van de wijkvereniging Oud-Voorburg over de zienswijze op de NRD van de wijkvereniging. Verder is in mei 2021 een avond georganiseerd bij de Watersportvereniging de Vlietstreek. In juli 2021 heeft een gesprek plaatsgevonden met de exploitant van de Hoftrammm in Leidschendam-Voorburg. En in januari 2022 heeft een bijeenkomst plaatsgevonden met de woningbouwontwikkelaars in de Binckhorst, verenigd onder I’m Binck. Na een inhoudelijke presentatie hebben zij de mogelijkheid gekregen om vragen te stellen over de mogelijke gevolgen van de HOVverbinding voor hun woningbouwontwikkelingen. 1.4.5.2
Informatiebijeenkomsten
In de periode vóór het platform (gestart in maart 2021) werd de NRD opgesteld, een document dat de onderzoeksopzet en -kaders voor de MIRT-Verkenning beschrijft. De NRD is op 2 september 2020 ter inzage gelegd waarbij eenieder die dat wilde een zienswijze in kon dienen. Om de omgevingspartijen de gelegenheid te bieden om informatie te verkrijgen over het doel en de inhoud van de NRD enerzijds, en de wijze waarop een zienswijze kon worden ingediend anderzijds, zijn er in september en oktober 12
2020 twee online informatiebijeenkomsten georganiseerd. Tijdens deze bijeenkomsten is een inhoudelijke toelichting gegeven op de NRD. Daarna was er ruim de tijd voor vragen. Nadat het Bestuurlijk Besluit van 12 juli voorschreef dat de Broekslootkade werd toegevoegd aan het onderzoek, is er in augustus 2021 een informatiebijeenkomst georganiseerd voor de omwonenden van de Broekslootkade. Tijdens deze bijeenkomst is er toelichting gegeven op het bestuurlijk besluit en wat dit exact betekent voor de Broekslootkade. Daarna is ruim de tijd genomen om vragen te beantwoorden van de aanwezige geïnteresseerden
13
HOOFDSTUK 2
2. Communicatie van projectorganisatie naar individu
14
2.1 Communicatievormen De doelstelling voor de communicatie was: ‘ervoor zorgen dat overheden, bedrijven, vertegenwoordigers van maatschappelijke partijen, bestaande gebruikers en bewoners op de hoogte zijn van de Verkenning en zodanig zijn geïnformeerd, dat zij op basis van correcte beeldvorming een oordeel kunnen vormen en zo een positie kunnen innemen al naar gelang hun belang en behoefte’. Door toegankelijke communicatie in eenvoudig taalgebruik is geprobeerd informatie over te brengen dat voor eenieder begrijpelijk is. De communicatie was namens alle samenwerkende partijen. In onderstaande paragrafen is toegelicht welke communicatiemiddelen gedurende het proces van de Verkenning zijn ingezet om omgevingspartijen van informatie te voorzien. 2.1.1 Website De projectwebsite www.binckhorstbereikbaar.nl bevat alle informatie over de Verkenning en heeft vanaf het begin de basis gevormd voor alle communicatie. Vanaf de zomer van 2020 zijn er nieuwsberichten geplaatst met informatie over en vanuit de Verkenning, bijvoorbeeld over de bekendmaking voor de terinzagelegging van de NRD, de uitkomsten van de Bestuurlijke Overleggen van de Verkenning en de aankondigingen van de informatiebijeenkomsten. De pagina’s Projecten en Participatie bevatten alle informatie over de inhoud van de Verkenning en de wijze waarop de omgeving wordt betrokken bij het project.
Op de pagina Agenda zijn alle evenementen aangekondigd en onder iedere bijeenkomst kunnen geïnteresseerden de informatie vinden die relevant was voor de betreffende bijeenkomst. De pagina Achtergrond dient als het archief van de Verkenning waar alle officiële documenten zijn gepubliceerd. 2.1.2 Digitale nieuwsbrieven | Nieuwsbrief Binckhort Bereikbaar Gedurende het proces van de Verkenning zijn er meerdere digitale nieuwsbrieven verstuurd waarin de stand van zaken van de Verkenning is toegelicht. Deze zijn te vinden op de website onder het kopje ‘participatie’ https://binckhorstbereikbaar.nl/participatie/ Geïnteresseerden konden zich op de projectwebsite aanmelden voor de nieuwsbrief Binckhorst Bereikbaar. Tijdens de informatiebijeenkomsten en inloopsessies werden deelnemers geattendeerd op deze nieuwsbrief. Daarnaast refereerden de huis-aan-huis brieven en de digitale nieuwsbrief van Binckhorst in Beweging aan de nieuwsbrief Binckhorst Bereikbaar. Aan het einde van de Beoordelings- en Besluitvormingsfase had de nieuwsbrief bijna 500 abonnees.
Figuur 6. Homepage projectwebsite
2.1.2.1
Nieuwsbrief Binckhorst in Beweging
De gemeente Den Haag brengt periodiek de nieuwsbrief Binckhorst in Beweging uit die zich richt op alle ontwikkelingen in en rondom de Binckhorst. In samenwerking met de gemeente Den Haag leverde de projectorganisatie teksten aan over de ontwikkelingen rondom de Verkenning die een plek kregen in de nieuwsbrief Binckhorst in Beweging. Men werd daarbij altijd geattendeerd op de nieuwsbrief Binckhorst Bereikbaar. De nieuwsbrief Binckhorst in Beweging had ruim 3.000 abonnees. 2.1.3 Huis-aan-huis brieven Naast digitale nieuwsbrieven zijn er ook huis-aan-huis brieven verstuurd aan verschillende wijken aan en rond de varianten die zijn onderzocht. De eerste huis-aanhuis brief is verstuurd in februari 2021 om bewoners en bedrijven te informeren over het doel van de Verkenning en de wijze waarop de omgeving wordt betrokken. In de brief stond onder andere een oproep om deel te nemen aan het platform. De tweede huis-aanhuis brief is verzonden naar aanleiding van het Bestuurlijk Besluit van 12 juli 2021 dat er drie tracés zijn toegevoegd aan het onderzoek. In deze brief is toegelicht wat deze uitbreiding van het onderzoek precies inhoudt en is er een oproep gedaan aan de bewoners rondom de Broekslootkade om deel te nemen als vertegenwoordiger in het
15
platform. In beide brieven is men geattendeerd op het aanmelden op de nieuwsbrief Binckhorst Bereikbaar. Figuur 7 laat het verspreidingsgebied zien van beide huis-aan-huis brieven. Bijlage F bevat de huis-aan-huis brieven die zijn verstuurd. 2.1.4 Projectmailbox Voor het project is het mailadres info@binckhorstbereikaar.nl aangemaakt. Tijdens de gehele looptijd van het project konden geïnteresseerden het projectteam via deze weg bereiken voor vragen, suggesties of toelichting. Ook de correspondentie richting het platform en de organisatie van de inloopsessies werd via deze mailbox georganiseerd. In totaal zijn er rond de 200 mails binnengekomen in de projectmailbox van geïnteresseerden met vragen over de inhoud of het proces van de Verkenning. 2.1.5 Persberichten Om het bereik van de communicatie rondom de Verkenning te vergroten, is de pers op verschillende momenten benaderd door middel van een persbericht, met de intentie om het persbericht in hun medium te publiceren. De persberichten zijn rondgestuurd aan zowel landelijke als lokale media. De projectorganisatie beschikte hierbij over een perslijst die is samengesteld in samenwerking met de communicatieadviseurs van de samenwerkende partijen. In bijlage G zijn de verschillende persberichten opgenomen.
2.1.6 Gemeentelijke communicatie Vergelijkbaar met de persberichten heeft de projectorganisatie ook gebruik gemaakt van de gemeentelijke communicatie om het bereik van de Verkenning te vergroten. Op verschillende momenten zijn er nieuwsberichten of aankondigingen van bijeenkomsten gepubliceerd op de gemeentelijke websites of in de gemeentelijke nieuwsrubrieken.
Figuur 7. Verspreidingsgebied huis-aan-huis brieven
16
HOOFDSTUK 3
3. Overzicht van de participatie
17
3.1 Inleiding Zoals in hoofdstuk 2 is beschreven, heeft de participatie in de Beoordelings- en Besluitvormingsfase van de Verkenning via meerdere sporen plaatsgevonden. Hierin zijn door omwonenden en belanghebbenden veel waardevolle ideeën, aandachtspunten, standpunten en belangen gedeeld met de projectorganisatie. In dit hoofdstuk beschrijven we zo objectief mogelijk wat er is besproken tijdens de bijeenkomsten en persoonlijke gesprekken, welke ingezonden brieven er zijn ontvangen, wat er mee is gedaan in deze fase en wat er wordt meegegeven voor de volgende fase. Hiermee willen we geenszins voorbijgaan aan de emoties die er hebben gespeeld rond deze MIRT-verkenning. Het is een periode van grote onzekerheid geweest voor inwoners en bedrijven van Leidschendam-Voorburg, Rijswijk en Den Haag.
Dit omgevingsverslag maakt onderdeel uit van de documenten en rapportages die medio 2022 ter inzage wordt gelegd. Na deze periode wordt een vraag- en antwoord document opgesteld en, waar dit tot wijzigingen leidt, wordt het omgevingsverslag aangepast. In Figuur 8 is dit schematisch aangeven. Ten aanzien van de doorlopen zienswijze procedure NRD dient opgemerkt te worden dat deze heeft plaatsgevonden voordat het tracé over de Broekslootkade door de bestuurlijke opdrachtgevers is toegevoegd aan de Verkenning. Hierdoor zijn inwoners van Rijswijk niet rechtstreeks geïnformeerd over en betrokken bij de zienswijze procedure rond de NRD.
Figuur 8. Overzicht documenten in Beoordelings- en Besluitvormingsfase
18
3.2 Platformbijeenkomsten en persoonlijke gesprekken Zoals is beschreven in hoofdstuk 2 is het platform samengesteld uit een evenredige vertegenwoordiging van belangengroepen uit de deelgebieden rondom de mogelijke tracés (d.w.z. de mogelijke routes tussen Den Haag Centraal en station Voorburg dan wel Rijswijk/Delft). Doel van het platform is om belanghebbenden zorgvuldig te informeren en te raadplegen over de stappen die worden gezet in de Beoordelings- en Besluitvormingsfase. In totaal zijn tussen maart 2021 en april 2022 acht platformbijeenkomsten gehouden, zie Tabel 1. In eerste instantie werd rekening gehouden met vier bijeenkomsten en een terinzagelegging in de zomer van 2021. In juli 2021 is besloten om een stap terug te doen in de Verkenning. De planning is hierop herzien in verband met de constatering dat er sprake was van ontoereikende onderbouwing van de op dat moment voorliggende tracékeuze. Na uitbreiding van de te onderzoeken tracés is het platform uitgebreid met deelnemers vanuit de betreffende wijken.
De eerste zeven platformbijeenkomsten hebben in digitale vorm plaatsgevonden. Hierbij was het niet mogelijk om live met elkaar in contact te zijn, waardoor de interactie beperkter is en het lastiger is om het gesprek met elkaar aan te gaan. Het gemis aan fysieke bijeenkomsten is opgevangen door eind 2021 extra mogelijkheden aan te bieden voor persoonlijke gesprekken toen bleek dat er nog steeds geen zicht was op mogelijkheden voor een fysieke bijeenkomst met grotere groepen. Begin 2022 zijn vier gesprekken met, per gesprek, twee tot drie platformleden gevoerd. De projectorganisatie heeft de gesprekken als bijzonder waardevol ervaren op basis waarvan de inhoud van platform 8 is vormgegeven.
Platform
Datum
Onderwerp
Vorm
1
25 maart 2021
Selectie platform en kennismaken, opgave MIRT-Verkenning en te onderzoeken alternatieven
Digitaal
2
12 april 2021
Vervolg presentatie platform 1, toelichting rapporten, vervolgproces
Digitaal
3
22 juni 2021
Resultaat zeef 1 en uitkomsten bestuurlijk overleg, ophalen mogelijk ontbrekende tracés
Digitaal
4
14 juli 2021
Toelichting bestuurlijk overleg, toelichting te onderzoeken tracés, vervolgproces
Digitaal
5
16 november 2021
Schetsontwerpen tracés naar Voorburg via Maanweg
Digitaal
6
7 december 2021
Schetsontwerpen tracé naar Voorburg via Zonweg en Prinses Mariannelaan, Laan van Middenburg en Westeinde
Digitaal
7
12 januari 2022
Schetsontwerpen tracés naar Rijswijk
Digitaal
-
Februari / Maart 2022
Persoonlijke gesprekken met een 10-tal platformleden uit de omgevingen: Pr. Mariannelaan, Maanweg/Oud-Voorburg, Broekslootkade/Jupiterkade, Geestbrugweg en ondernemers Binckhorst
Digitaal/ Fysiek
-
14 maart 2022
Presentatie / vraag gesprek met HTM
Digitaal
8
11 april 2022
Overzicht documenten die ter inzage worden gelegd, vervoerwaardestudie, intentieverklaring, omgevingsverslag
Fysiek
9
13 juni 2022
Terugblik inloopsessie 8, Publicatie Zeef-1, Proces zienswijzeperiode, omgevingsverslag, informatiemarkten, vooruitblik rol platform
Fysiek
Tabel 1. Platformbijeenkomsten 19
3.3 Inloopsessies Aansluitend op elke platformbijeenkomst volgde een openbare inloopsessie of zijn geïnteresseerden per mail en via de projectwebsite geïnformeerd over de besproken onderwerpen. Tijdens de inloopsessies is een terugkoppeling gegeven van de informatie die met het platform is gedeeld en konden deelnemers via een chat vragen stellen. De inloopsessies naar aanleiding van de drie platforms nummer 5, 6 en 7 (toelichting op de schetsontwerpen) zijn gesplitst in twee bijeenkomsten en zijn pas ingepland na afloop van alle platform sessies. De tijdens de inloopsessies gestelde vragen zijn beantwoord in een ‘meest gestelde vragen’ document en, per inloopsessie, op de website gepubliceerd onder het kopje ‘agenda’. Per datum zijn de documenten te vinden. https://binckhorstbereikbaar.nl/agenda/ Figuur 9. Inloopsessie nummer 8
Inloop sessie
Datum
Onderwerp
Vorm
# Deel nemers
1
8 april 2021
Selectie platform en kennismaken, opgave MIRT-Verkenning en te onderzoeken alternatieven
Digitaal
Ca. 30
2
10 mei 2021
Vervolg presentatie platform 1, toelichting rapporten, vervolgproces
Digitaal
Ca. 80
3
28 juni 2021
Resultaat zeef 1 en uitkomsten bestuurlijk overleg, ophalen mogelijk ontbrekende tracés
Digitaal
Ca. 55
(4)
14 juli 2021 per mail
De inloopsessie is vervangen door een informerende mail met daarin: Toelichting bestuurlijk overleg, toelichting te onderzoeken tracés, vervolgproces
Digitaal
5
27 januari 2022
Schetsontwerpen tracés naar Voorburg via Maanweg Schetsontwerpen tracé naar Voorburg via Zonweg en Prinses Mariannelaan, Laan van Middenburg en Westeinde
Digitaal
Ca. 100
6 en 7
1 februari 2022
Schetsontwerpen tracés naar Rijswijk
Digitaal
Ca. 90
8
10 mei 2022
Overzicht documenten die ter inzage worden gelegd, vervoerwaardestudie, intentieverklaring, omgevingsverslag
Fysiek
Ca. 50
Tabel 2. Inloopsessies 20
3.4 Raadsinformatiesessies De gemeenteraden zijn tijdens meerdere raadsinformatiesessies geïnformeerd over de Verkenning. Tijdens de sessies zijn vragen gesteld. Waar mogelijk zijn deze vragen direct beantwoord. Een aantal vragen zijn achteraf per mail aan de vragensteller beantwoord. Een aantal vragen kon niet direct worden beantwoord, omdat dit vragen betroffen over onderzoeken en documenten die nog niet gereed waren. De tijdens de raadssessie gestelde vragen zijn in hoofdstuk 4 verwerkt.
Raadssessie
Datum
Aanwezigen
Onderwerpen
1
3 november 2020
Raadsinformatiesessie Leidschendam-Voorburg
Proces van Verkenning en toelichting op NRD
2
10 maart 2021
Gezamenlijke raadsinformatiesessie met raden van Leidschendam-Voorburg, Rijswijk en Den Haag
Toelichting op de historie, doelen en proces van de Verkenning en toelichting op de eerste aandachtspunten voor het ontwerp van de tracévarianten
3
12 juli 2021
Gezamenlijke raadsinformatiesessie met raden van Leidschendam-Voorburg, Rijswijk en Den Haag
Toelichten Bestuurlijk Besluit van 12 juli om drie tracés toe te voegen aan de Verkenning
4
13 januari 2022
Raadsinformatiesessie Rijswijk
Toelichting op schetsontwerpen tracévarianten en intentieverklaring
5
18 januari 2022
Raadsinformatiesessie Leidschendam-Voorburg
Toelichting op schetsontwerpen tracévarianten en intentieverklaring
Tabel 3. Raadsinformatiesessies
21
3.5 Projectmail en brieven Naast de verschillende bijeenkomsten, zijn ook via mail vragen gesteld over het proces en inhoud van de Verkenning. De input die via de mail is geleverd, is verwerkt in hoofdstuk 4. Daarnaast is van meerdere vertegenwoordigende partijen een (al dan niet) aangetekend schrijven ontvangen. Deze documenten zijn in bijlage E opgenomen en in tabel 4 kort toegelicht.
Datum
Afzender, namens
Geadresseerde
Onderwerp
16 mei 2021
Bewonersorganisatie Binckhorstlaan Voorburg
Wethouder mw. Van Eekelen, Gemeenteraad Leidschendam-Voorburg
Deelname bewonersplatform CID-Binckhorst
28 juni 2021
Bewoners Overburgkade Voorburg
Projectteam CID-Binckhorst
Krap tijdpad voor reactie op tracé document (Zeef-1) + aanvulling tracé-varianten
29 juni 2021
Wijkvereniging Oud Voorburg
Projectteam CID-Binckhorst
Ondergrondse aanlanding station Voorburg + aanvulling tracévarianten
2 juli 2021
Geestbrugwegbewoners, aangaande presentaties tracékeuze van 2 juli 2021
Projectteam CID-Binckhorst
Nut- en noodzaak HOV, afweging korte- lange termijn investeringen, toepassing criteria bij beoordeling, aanvulling tracé-varianten. Ook is een reactie gegeven op de presentatie van 22 juni 2021.
12 augustus 2021
De bewoners van de Prinses Mariannelaan, Laan van Middenburg, Westeinde en de omliggende wijken in Voorburg-West.
Projectteam CID-Binckhorst Bestuurders en gemeenteraadsleden betrokken gemeenten
Reactie op besluit tracé afweging dd. 12 juli 2021
31 augustus 2021
De bewoners Geestbrugweg
Projectteam CID-Binckhorst
Reactie op besluit tracé afweging dd. 12 juli 2021
12 oktober 2021
De bewoners Broekslootkade
Projectteam CID-Binckhorst
Argumenten tegen aanleg HOV over de Broekslootkade
14 december 2021
Geestbrugwegbewoners, reactie op uitstel rapport onderbouwing tracé afweging
Projectteam CID-Binckhorst
Proces rond (niet) verstrekken rapportage Zeef-1, de tracé afweging
29 maart 2022
We Think Binck
Gemeente Den Haag, college B&W
Voorkeur voor tracé Binckhorstlaan-Maanweg
13 april 2022
Bedrijvenvereniging BLF
Gemeente Den Haag, college B&W Projectteam CID-Binckhorst
Zorgen bereikbaarheid bedrijven Binckhorst
Tabel 4. Ingekomen brieven
22
HOOFDSTUK 4
4. Inbreng omgeving
23
4.1 Inbreng platformbijeenkomsten, persoonlijke gesprekken, inloopsessies en raadsbijeenkomsten Er zijn tussen april 2021 en april 2022 ca. 800 vragen gesteld en beantwoord, aandachtspunten benoemd en suggesties meegegeven voor de Beoordelings- en Besluitvormingsfase en Planuitwerkingsfase. Veel vragen zijn gesteld over de uitgangspunten van de Verkenning, nut- en noodzaak en toegevoegde waarde, de schetsontwerpen en de technische inpassing. Veel vragen konden tijdens de bijeenkomsten, of via een vraag- en antwoord document achteraf, worden beantwoord, voor zover het antwoord bekend was. Vragen die de lopende onderzoeken betroffen, konden niet altijd worden beantwoord. Hiervoor is verwezen naar de zienswijze procedure medio 2022 als alle onderzoeken en rapportages beschikbaar zijn. Deze rapportages en onderzoeken zijn niet vóór de ter inzagelegging gedeeld. Regelmatig is in gesprekken aan de orde geweest dat men niet overtuigd is van nut en noodzaak van de beoogde HOV-verbinding. De belangrijkste vragen, reacties, zorgen en aandachtpunten die naar voren kwamen tijdens de platformbijeenkomsten, inloopsessies, persoonlijke gesprekken met platformleden en binnengekomen vragen via de projectmailbox worden hieronder per thema toegelicht.
Ook wordt toegelicht in welke documenten eventuele antwoorden zijn verwerkt, wat er met de suggesties is gedaan en welke punten in een volgende fase zullen worden meegenomen.
4.1.1 Uitgangspunten MIRT-Verkenning In juli 2021 zijn de uitkomsten van de herziening tracéafweging Zeef-1 gepresenteerd aan het platform, maar vervolgens niet met een formele rapportage gedeeld of gepubliceerd. Deze rapportage is pas in het 2e kwartaal van 2022 bestuurlijk vastgesteld. Tussen juli 2021 en april 2022 is de manier waarop de onderzochte tien kansrijke varianten in de Zeef-1 zijn beoordeeld meerdere malen ter sprake geweest. Platformdeelnemers hebben aangegeven zich niet te kunnen vinden in de manier van beoordelen en wegen. Daarnaast heeft het lange wachten op deze rapportage, terwijl andere onderzoeken al volop door zijn gegaan, geleid tot ontevredenheid over de transparantie rond deze rapportage.
Er zijn verder vragen gesteld over de volgende onderwerpen: • • • • • • • • •
Waarom zijn voorgestelde varianten wel/niet overwogen en onderzocht? Voor wie wordt het HOV aangelegd? Wat is de relatie van de Verkenning met de Koningscorridor? Wat zijn de financiële criteria waarop wordt beoordeeld? Blijft lijn 1 voor Rijswijkse bewoners behouden? Waarom is de Broekslootkade toegevoegd, ondanks een negatieve score in Zeef-1? Is ontlasten Rijswijkse Plein een primair doel van de Verkenning? Waarom is de route naar Delft onderdeel van de Verkenning? Waarom wordt er niet naar een alternatieve oplossing voor ontlasten Rijswijkse Plein gekeken?
Men heeft zorgen over, vraagtekens bij: • • • • •
Het actueel zijn van de inhoud van de NRD en het toepassen van de beoordelingscriteria Beoordeling van de criteria in zeef-1 Hoogwaardigheid van het OV in verband met de vele bruggen in de tracés. Hoe realistisch het is om te denken dat het mogelijk is om autogebruik terug te dringen door beter OV De beschikbaarheid van financiële middelen voor aankoop van panden/gronden bij een aantal tracés 24
• • • • • •
•
De toegevoegde waarde voor Rijswijk en Leidschendam-Voorburg Hoe wordt omgegaan met de moties van gemeenteraden Het afvallen van de Rotterdamsebaan als tracé, terwijl ontlasten Rijswijkse Plein een van de doelstellingen is Nut en noodzaak, en de woningbouw- en vervoersprognoses Het ontbreken van formele rapportages en uitleg volgens de eisen aan participatie in de omgevingswet De kans dat nu een keuze wordt gemaakt (bij een hoog abstractieniveau) die later de verkeerde blijkt te zijn. Er is zorg dat er dan ‘om het proces’ besloten wordt om toch door te gaan met de gemaakte keuze Het risico dat er voor een suboptimale (kostbare) oplossing wordt gekozen gericht op de korte termijn De volgende suggesties voor de Besluitvormings- en Planuitwerkingsfase zijn gedaan:
• • • • • •
Overweeg alsnog een variant met een lus door de Binckhorst Overweeg alsnog een optie door de Rotterdamsebaan Overweeg een kopstation op de Maanweg Neem het ‘nieuwe thuiswerken’ door Corona mee in de afwegingen en berekeningen Pas de uitgangspunten rond de vaarklasse aan2 Overweeg fasering in uitrol HOV door bestaande buslijnen uit te breiden en pas bij voorziene overbelasting uit te breiden naar de voorkeursvariant
4.1.2 Ontwerp Over het ontwerp van de tien kansrijke varianten, toegelicht in platform 5, 6 en 7, zijn veel vragen gesteld die tijdens de sessies beantwoord konden worden. Zo is bijvoorbeeld het verschil in aantal passagiers, snelheid en dergelijke tussen de modaliteiten.
Er zijn verder vragen gesteld over de volgende onderwerpen: • • • • • •
Worden nu al locaties van haltes vastgelegd? Voldoet de afstand van het tracé tot de naastliggende bebouwing? Blijven bestaande fietsroutes gehandhaafd? Waarom is voor een hefbrug over de Trekvliet gekozen? Worden de haltes toegankelijk voor minder validen? Waarom wordt gemengd verkeer bij een bestaand tracé (Geestbrugweg en Prinses Mariannelaan, Laan van Middenburg en Westeinde) wel geaccepteerd en bij een nieuw tracé niet?
In de uitgevoerde vervoerwaardestudie is de aanleiding, nut & noodzaak en toegevoegde waarde van de Verkenning in beeld gebracht. Ten aanzien van de Koningscorridor is geantwoord dat er bij de Verkenning vanuit wordt gegaan dat een toekomstige ontwikkeling, waaronder doortrekking naar Zoetermeer, niet onmogelijk wordt gemaakt. Ten aanzien van het ontlasten van het Rijswijkse Plein is geantwoord dat dit onderdeel is van een van de drie doelstellingen van de Verkenning, namelijk het ontlasten van bepaalde OV- en verkeersknelpunten in de regio.
Er zijn ook voordelen aan het behouden van de huidige vaarklasse. Immers: Voor het voortbestaan van bv. de maak-industrie en een mogelijke uitbreiding vergroening van (vracht)verkeer en gebruik van de 2
Figuur 10. Belangrijkste verschillen tussen modaliteiten
kwaliteit water voor en door de Binckhorst en den Haag in het algemeen is de huidige vaarklasse over de Vliet van levensbelang.
25
Men heeft zorgen over, vraagtekens bij:
•
• • • • • •
Maatvoering van de hefbrug, de onderdoorgang en de hellingbaan in de Broekslootkade en hoe dit in de visualisaties is weergegeven. Dit geeft een te rooskleurig beeld, gezien de benodigde overspanning en daarmee benodigde constructie (mede in verband met de bodemgesteldheid), zie Figuur 11. Inpassing Binckhorstlaan zuid bij optie Lightrail ‘skihelling’ Beperkte resterende ruimte bij een aantal tracés voor autoverkeer èn langzaam verkeer (Met langzaam verkeer worden voetgangers, (brom)fietsers etc. bedoeld) Of alle toekomstige bouwprojecten goed in beeld zijn (Melkwegstraat)? Bereikbaarheid van bestaande bedrijven langs het tracé, met name op de Binckhorstlaan Verdere verslechtering van nu al onveilige locaties De afstemming met de beoogde herinrichting van de Geestbrugweg
De volgende suggesties voor de Besluitvormings- en Planuitwerkingsfase zijn gedaan: • • • • • • • •
Maak het mogelijk om voor een mix van tracés te kiezen Optimaliseer bestaande lijnen, door bijvoorbeeld lijnen te koppelen Verbeter het fietsnetwerk Combineer werkzaamheden, bijvoorbeeld groot onderhoud Geestbrug Houd bij de keuze voor halte locaties rekening met de beschikbare ruimte (er is bijvoorbeeld meer ruimte op het Maanplein dan bij Melkwegstraat) Koppel de plannen met het ruimtelijk kader Trekvlietzone Pas de functionaliteit van de Geestbrug aan Accepteer een ruimere scope aangaande de aanlanding bij station Voorburg
Veel van de antwoorden op de vragen zijn terug te vinden in het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid, de Plan-MER bijlages en/of de Overzichtsrapportage Beoordelingsfase MIRT-verkenning Bereikbaarheid CID-Binckhorst. Ook zal een deel van de vragen pas
Figuur 11. Impressie hefbrug Jupiterkade
4.1.3 Technische inpassing In deze fase van de Verkenning is alleen de technische inpassing van de schetsontwerpen onderzocht en is er nog veel onduidelijk over de uiteindelijke inpassing. Dat betekent dat veel vragen nog niet beantwoord konden worden, bijvoorbeeld het exacte, mogelijke, verlies aan parkeerplaatsen en bomen. Tijdens de sessies zijn wel veel vragen op een wat hoger abstractieniveau beantwoord.
Er zijn onder andere vragen gesteld over de volgende onderwerpen: • • • •
beantwoord kunnen worden tijdens de volgende fase, de Planuitwerkingsfase. • •
Is het nodig de bodem op de Prinses Mariannelaan, Laan van Middenburg en Westeinde te versterken? Hoe wordt in de beoordeling rekening gehouden met andere mogelijke verbeteringen? Moeten er gebouwen worden gesloopt en verdwijnen er woonarken? Wat is de exacte afstand (en hoogte) van de tracés ten opzichte van omliggende bebouwing? Waarom is er een verschil in haltes per tracé? Hoe wordt gekozen voor wel/niet meerijden met het verkeer in relatie tot de beschikbare ruimte?
26
Men heeft zorgen over, vraagtekens bij: • • •
Hoe de afweging wordt gemaakt tussen inpasbaarheid en criteria als groen en leefbaarheid Ontsluiting wijken langs de tracés Het besef dat het bestaande spoor op een aantal locaties niet voldoet en moet worden aangepast voor het bredere materieel
4.1.4 Vervoerwaarde Een belangrijk onderdeel van de Verkenning is het onderzoek naar het effect van de verschillende varianten op het verkeer. Hoe groot is het effect van de aanleg van een HOV en is het überhaupt wel nodig? Deze vragen leefden ook bij de omwonenden. Tijdens platform 8 is de methodiek van de verkeersonderzoeken toegelicht.
Er zijn onder andere vragen gesteld over de volgende onderwerpen: •
De volgende suggesties voor de Besluitvormings- en Planuitwerkingsfase zijn gedaan: • •
Benut de kans om de huidige onveilige kruisingen te verbeteren (bijv. met de Haagweg) Onderzoek de mogelijkheid voor optimalisaties door het doorgaand autoverkeer van het tracé te weren.
De vragen ten aanzien van de effecten op de omgeving (waaronder geluid, trillingen, sloop van gebouwen, verplaatsen van woonarken) worden in de Plan-MER beantwoord. De keuzes rond haltes en wel/niet meerijden met het verkeer zijn terug te vinden het Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid, de Plan-MER bijlages en de Overzichtsrapportage Beoordelingsfase MIRT-verkenning Bereikbaarheid CID-Binckhorst. Ook zal een deel van de vragen pas beantwoord kunnen worden tijdens de volgende fase, de Planuitwerkingsfase.
• • • • • •
Welke gegevens worden gebruikt en wordt rekening gehouden met de corona effecten? Wordt er wel of niet rekening houden met aansluiten op Koningscorridor? Wat zijn de verwachte reizigersaantallen Wat is de bij de verschillende modaliteiten het verschil in reistijd? Wat is de verwachte invloed op het auto gebruik? Wordt de flexibiliteit van de verschillende modaliteiten meegewogen in de onderzoeken? Leiden oplossingen van Haagse knelpunten tot knelpunten elders?
Men heeft zorgen over, vraagtekens bij: • • • • •
Bereikbaarheid Haagse Hogeschool als lijn 1 over de Binckhorst gaat rijden Impact op het verkeer in omliggende gebieden Invloed van verlaging snelheid naar 30 km/uur Overlast van verkeer naar en van de Binckhorst op de Geestbrugweg als het drukker wordt Of de gewenste verbinding in een breder vervoergebied, bijvoorbeeld ook naar de Mall of the Netherlands en relatie met omliggende gemeenten, wordt bekeken
De volgende suggesties voor de Besluitvormings- en Planuitwerkingsfase zijn gedaan: • •
Kijk ook naar hoe je gedrag kunt beïnvloeden Zorg ook voor een goede OV-situatie op de Binckhorst gedurende de komende 5 jaar (totdat HOV is gerealiseerd)
Veel van de antwoorden op de vragen zijn te vinden in de vervoerwaardestudie van Goudappel, of zullen pas tijdens de planuitwerkingsfase kunnen worden beantwoord.
27
4.1.5 Gelijkwaardige beoordeling Het onderzoek levert een grote hoeveelheid informatie op. Bij de presentaties tijdens platform- en inloopsessies is daarom niet altijd alle informatie gedeeld, omdat dit simpelweg teveel tijd zou kosten. Soms is daardoor het beeld ontstaan dat niet alle varianten op dezelfde manier worden beoordeeld. In de beantwoording van de vragen is benadrukt dat alle varianten op dezelfde wijze worden beoordeeld op alle aspecten. De meeste vragen over een gelijkwaardige beoordeling van varianten zijn gesteld ten aanzien van de tracés over de Geestbrugweg, Jupiterkade/Junopark en Broekslootkade. In de huidige fase van de Verkenning werken we van grof naar fijn en bekijken we hoeveel ruimte er is om een HOV in te passen en wat er nodig is om het inpasbaar te maken. De impact hiervan brengen we in beeld en kunnen we per variant met elkaar vergelijken. Dit gebeurt op alle aspecten. Als er gekozen is voor één van de varianten, wordt in de volgende fase de inpassing van deze variant in detail uitgewerkt en wordt onderzocht hoe eventuele negatieve effecten verholpen kunnen worden en tegemoet kan worden gekomen aan alle wensen vanuit de omgeving.
•
•
extreem negatief scorend aspect kan worden opgeheven door een elders extreem positief scorend aspect? Dat alle andere aspecten dan de vervoerswaarden en -doelen alleen een rol spelen bij de uitwerking van een voorkeurstracé en niet bij de afweging en keuze tussen varianten De zorg dat een gelijke beoordeling op alle onderzochte aspecten alleen maar eerlijk werkt als de juiste criteria worden toegepast.
Dit thema betreft de huidige fase. Er zijn daarom geen suggesties gedaan voor de volgende fases. In de effectonderzoeken van de Plan-MER is voor meerdere milieuaspecten onderscheid gemaakt in deelgebieden om de effecten beter te duiden en locatie specifiek te maken. Daarbij is een vergelijkbaar detailniveau nagestreefd voor de beoordeling van de plansituatie ten opzichte van de referentie situatie.
Er zijn onder andere vragen gesteld over de volgende onderwerpen: • • •
Wordt het effect op de leefbaarheid bij alle tracés even zwaar gewogen? Waarom wordt het verlies aan groen in de ene situatie zwaarder gewogen dan in de andere situatie? Waarom zijn de technische tekeningen en de aandachtspunten niet volledig en uniform voor de verschillende tracés opgesteld? Men heeft zorgen over, vraagtekens bij:
• • • •
•
De objectieve weging van het effect op de leefbaarheid Vergelijking van de verschillende tracés op basis van objectieve criteria (bijvoorbeeld concreet aantal te kappen bomen of verlies aan parkeerplaatsen) Hoe wordt de afweging gemaakt tussen kosten en leefbaarheid? De objectiviteit van het onderzoek. Men heeft de indruk dat er al een keuze is gemaakt voor de Geestbrugweg, omdat het verschil met de huidige situatie kleiner is dan bij de andere varianten. Hoe om wordt gegaan met ‘gemiddelden’. Wordt per variant goed gekeken naar specifieke locaties? Of wordt beoordeeld op een gemiddelde waardoor een
Figuur 12. Huidige situatie Geestbrugweg
28
4.1.6 Verkeersveiligheid Verkeersveiligheid kwam als thema tijdens de sessie over de schetsontwerpen nadrukkelijk naar voren. Ook zijn hier per mail vragen over gesteld. Vooral de veiligheid van langzaam verkeersdeelnemers heeft prioriteit bij zowel de omwonenden als de ontwerpers. Een aantal tracés doorkruist immers de route tussen woningen en scholen. En een aantal tracés, met name bij de locaties in Rijswijk en Leidschendam-Voorburg waar een HOV-verbinding in een bestaande situatie moet worden ingepast, heeft een dusdanig smal profiel dat meerdere verkeersdeelnemers (waaronder bijvoorbeeld bezorgdiensten) gelijktijdig van dezelfde ruimte gebruik moeten maken met potentieel gevaarlijke situaties tot gevolg. Gesteld kan worden dat technische inpasbaarheid, waar de varianten in deze fase van de Verkenning op worden beoordeeld, onlosmakelijk is verbonden met een verkeersveilige oplossing.