CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

3095 Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026

Raadsvergadering 30 mei 2023, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsvoorstel: Vaststellen Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 en de 1e herziening van het Bestedingsplan bestemmingsreserve duurzaamheid en energietransitie en addendum.16.120 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ook moet 75% van het afval als grondstoffen worden ingezameld om via recycling gebruikt te kunnen worden voor, bijvoorbeeld, nieuw verpakkingsmateriaal, papier of (verpakkings)glas. Door op een juiste manier te recyclen, besparen we grondstoffen en verkleinen we de uitstoot van CO2 die vrijkomt bij verbranding van restafval.

5.2. Afvalscheiding Als afvalinzamelaar van gemeente Leidschendam-Voorburg ondersteunt Avalex de gemeente bij het scheiden van afval en het op een juiste manier verwerken van de grondstofstromen en het (rest)afval. Avalex werkt onder meer samen met HVC, sinds 1 januari 2022 de verwerker van fijn en grof huishoudelijk afval en gft. Bij de verbranding van het huishoudelijk afval wekt HVC-energie op. Het gft wordt verwerkt tot compost of biogas. In 2022 is bovendien gestart met de nascheiding van PMD (plastic, metaal en drankpakken) vanuit de ondergrondse containers bij hoogbouw. Terwijl bij

30

laagbouwwoningen goede resultaten voor scheiding vanuit minicontainers worden geboekt, is dit voor PMD uit ondergrondse containers niet het geval. De afvalsorteeranalyse (2022) van het fijn huishoudelijk restafval toont aan dat de afvalscheiding in Leidschendam-Voorburg nog niet goed verloopt. Veel afval dat in het restafval terechtkomt, is eigenlijk geen restafval. In onderstaande tabel geeft de tweede kolom inzicht in het % van het totaal aan restafval (211 kg per inwoner) dat eigenlijk in een andere stroom (PMD, GFT, glas) had moeten zitten. De derde kolom geeft het aantal kilo’s weer van die stroom. De daadwerkelijke hoeveelheid restafval per inwoner zou, wanneer de afvalscheiding helemaal goed verloopt, dus niet 211 kilo moeten zijn maar ‘slechts’ 73,1 kilo. Fractie

% van 211 kg

In kilo’s

Restafval

34,7

73,1

GFT+e

36,6

77,1

PMD

9,7

20,4

Oud papier

11,4

24

Textiel

3,9

8,1

Glas

4

8,3

Totaal

100

211

In vervolg op Grip op Grondstoffen, het beleidskader voor het verzorgingsgebied (2015), heeft Avalex met de 6 inliggende gemeenten een nieuw gezamenlijk beleidskader opgesteld. Het beleid is gericht op verdere verlaging van het restafval door implementatie van verschillende inzamelmethodieken. Hierbij wordt een afweging gemaakt tussen gevolgen van keuzen voor 3 aspecten van afvalinzameling: kosten, service, en milieu (de zogenoemde afvaldriehoek). Het jaar 2023 staat in het teken van komen tot een verbeterde inzamelmethodiek die recht doet aan de doelen van de gemeente en de bestaande uitdagingen met betrekking tot afvalinzameling. Een nieuwe inzamelmethode kan worden ingevoerd in 2025. Tijdens de eerste maanden vindt actieve monitoring plaats om na te gaan of bijgestuurd moet worden. Voor formulering en goedkeuring van nieuw beleid is onder meer van belang tijdig te weten hoe belangrijk de gemeenteraad het behalen van de VANG-norm vindt. Hierbij staan de kosten van afvalscheiding, het beleefde serviceniveau en de milieueffecten centraal. Een goed werkend afvalbeleid staat of valt met de medewerking van inwoners. Hiervoor is het van belang dat inwoners de noodzaak van goede afvalscheiding begrijpen en kunnen meedenken over het afvalbeleid zodat dit zo goed mogelijk aansluit op hun behoeften. Ook hiervoor speelt de afweging tussen kosten, service en milieu een grote rol.

Het serviceniveau kan omhoog, maar daar hangt een prijskaartje aan.

5.3. Sturen op kwaliteit grondstoffen In oktober 2022 is Avalex gestart met een project Sturen op kwaliteit grondstoffen. Gebleken is dat zowel het GFT+e afval (GFT+ etensresten) als het PMD-afval ernstig is vervuild. Dit betekent dat er verkeerde afvalstromen worden aangeboden, wat ertoe leidt dat de verwerker de stroom afkeurt waarna het als restafval wordt verwerkt.

31

In opdracht van de gemeente voert Avalex in Q4 2022 en Q1 2023 enkele acties uit, waaronder een 100%-controle op de aangeboden minicontainers. Bij ondergrondse containers is een onderverdeling gemaakt tussen schone en vervuilde containers die via andere routes worden opgehaald en daarmee ook andere verwerkingstrajecten ondergaan om de kans op afkeuring te beperken. Op basis van de eindevaluatie in maart 2023 worden vervolgacties besproken.

5.4. Campagnes afvalscheiding Uit de afvalsorteeranalyse (2022) blijkt dat afvalscheiding in Leidschendam-Voorburg nog niet naar wens verloopt. Er vallen nog vele kilo’s aan materialen en grondstoffen te scheiden uit het (fijn) huishoudelijk restafval. Avalex en de gemeente werken samen om gedragsverandering te bewerkstelligen via campagnes. De eerste campagne is gericht op GFT+e. Uit de afvalsorteeranalyse (73 kilo restafval per inwoner) blijkt dat veel winst valt te behalen. In combinatie met het sturen op de kwaliteit van de grondstoffen kan een campagne meer grondstoffen opleveren voor verwerking tot biogas of compost. Daarnaast start een nieuwe campagne voor PMDinzameling, met als doel de resterende PMD in het restafval bij laagbouwwoningen (met een minicontainer voor PMD) verder te verlagen.

5.5. Ondersteuning initiatieven Op het gebied van circulair bouwen ondersteunt de gemeente ook initiatieven die bijdragen aan een circulaire bouweconomie. Zo onderzoeken we bijvoorbeeld wat de potentie is voor het creëren van een bouwhub. De gemeente wil marktpartijen stimuleren een dergelijke voorziening in Leidschendam-Voorburg te realiseren en exploiteren. Wanneer gewerkt wordt aan de warmtetransitie komen materialen en installaties beschikbaar die bruikbaar zijn in wijken waar de warmtetransitie pas later wordt uitgevoerd. Door bewoners de mogelijkheid te bieden gebruikte materialen en installaties toe te passen wordt onnodige verspilling van materialen en grondstoffen voorkomen.

5.6. Activiteiten In onderstaande tabel staat welke activiteiten de gemeente in de periode 2023-2026 ontplooit om circulariteit te bevorderen, waaronder een betere afvalscheiding.

Tabel activiteiten Activiteit Ontwikkelen circulair beleid

2023

2024

x

x

Uitvoeren projecten circulariteit

x

Evaluatie project verbeteren kwaliteit grondstoffen

x

Verder ontwikkelen afvalbeleid

x

Opname aangepast afvalbeleid in dienstverleningsovereenkomst

2025

2026

x

x

x x

2025 Uitvoeren publiekscampagne

x

Afsluiten dienstverleningsovereenkomst met Avalex

x

Uitvoering nieuw afvalbeleid door Avalex op basis van jaarlijkse dienstverleningsovereenkomst Educatie en communicatie over grondstoffengebruik en voorkomen (zwerf)afval

32

x

x

x

x

x

x

6.

6. Thema: Lucht- en waterkwaliteit De gemeente werkt aan gezondere lucht door de uitstoot van fijnstof en stikstofdioxide terug te dringen. De luchtkwaliteit is sinds 1990 sterk verbeterd en voldoet sinds 2011 overal in de gemeente aan de wettelijke (Europese) normen. Dit geldt echter niet voor de laatste WHO-advieswaarden voor luchtkwaliteit.

Voor een gezonde lucht blijft dus verdere verbetering nodig. De huidige luchtkwaliteit zorgt voor een verlies van gemiddeld 12 tot 13 maanden aan gezonde levensduur. Dit vergt ingrijpende transities naar minder uitstoot op alle niveaus en bij alle sectoren. De gemeente zet, naast maatregelen die onder energiebesparing en opwek vallen, in op het terugdringen van houtstook en het bevorderen van duurzame mobiliteit. Schoon, gezond en levend water is van belang voor onze gezondheid en de biodiversiteit. De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW, 2000) schrijft voor dat in 2027 al het water schoon en gezond moet zijn. Aan de geldende normen wordt niet voldaan. Onder coördinatie van de waterschappen werkt de gemeente aan verbetering van de ecologische en chemische waterkwaliteit, bijvoorbeeld door watergangen meer in lijn met ecologische principes te beheren, vervuiling vanuit landbouw, riool en de straat tegen te gaan en meer waternatuur aan te leggen.

6.1. Vertrekpunt Een schone en gezonde leefomgeving bepaalt mede de volksgezondheid. lucht-, bodem en waterkwaliteit moeten goed zijn. In deze uitvoeringsagenda zetten we in op de onderdelen die nog niet in orde zijn en een sterke samenhang hebben met de klimaattransitie: lucht- en waterkwaliteit. Om verbetering te realiseren is verduurzaming van onze mobiliteit, energiebronnen en economische activiteiten noodzakelijk. Het overgrote deel (circa 90%) van de luchtvervuiling is afkomstig van bronnen waarop de gemeente geen directe invloed heeft, zoals verkeer op de rijkswegen, industrie, scheepvaart, luchtvaart en vervuiling uit het buitenland. Daarom heeft de gemeente zich aangesloten bij het Schone Lucht Akkoord. Voor gezonde lucht moet naast plaatselijke maatregelen ook de vervuilingsdeken die over heel Nederland ligt, teruggedrongen worden. Dit gebeurt door middel van steeds strengere Europese eisen aan de uitstoot van schadelijke stoffen door motorvoertuigen, het faciliteren van elektrisch rijden, de toepassing van roetfilters, uitbreiding en verbetering van fiets- en OV-voorzieningen, aanbesteding van zero emissie OV-bussen en doelgroepenvervoer, emissiearme werktuigen bij projecten en door bewustwordingscampagnes over gezondheidseffecten van houtstook.

Maatregelen die CO2-uitstoot reduceren - zoals bij verkeer en de energietransitie - dragen ook bij aan reductie van stikstofoxiden en fijnstof en zijn ook nodig voor een gezondere lucht.

34

Uitstoot van stikstof in de vorm van ammoniak (NH3), vooral vanuit veeteelt en industrie, draagt bij aan de vorming van fijnstof. Daarom is reductie van ammoniak ook belangrijk voor gezondere lucht. De reductie van stikstof (oxide én ammoniak) is ook belangrijk om de achteruitgang van de natuur/ biodiversiteit (de stikstofcrisis) te stoppen. De gemeente doet mee in de gebiedsprocessen van de provincie in het Provinciaal Programma Landelijk Gebied om samen met partijen stikstofuitstoot terug te dringen, maar ook om waterkwaliteit en klimaatadaptatie opgaven te bereiken. Tot slot zorgt hitte voor extra gezondheidsschade door vervuilde lucht. Dus ook met het oog op gezondere lucht is het belangrijk dat extreme hitte wordt afgezwakt door uitbreiding en versterking van groenstructuren en vermindering van verhard oppervlak.

Hoofddoelstelling De hoofddoelstelling van het Schone Lucht Akkoord is: in 2030 minimaal 50% gezondheidswinst ten opzichte van 2016 realiseren door reductie van luchtvervuiling uit binnenlandse bronnen. Dit wil de gemeente bereiken door de uitstoot van stikstof en fijnstof terug te dringen, de emissie van CO2 in verkeer en gebouwde omgeving (energietransitie) te reduceren en extreme hitte te matigen. Concreet betekent dit: 2,25 maanden langer gezond leven in 2030 ten opzichte van 2016. Voor de CO2-reductie in verkeer (die gepaard gaat met reductie van fijnstof en stikstofoxide) heeft de gemeente zich gecommitteerd aan het maatregelenpakket van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). Het doel houdt in dat verkeer in 2025 30% minder CO2-uitstoot in 2025 dan in 2015. Dit komt overeen met het klimaatakkoord van Parijs uit 2015 en het nationale Klimaatakkoord uit 2019. De maatregelen richten zich op het verminderen, veranderen en verschonen van de automobiliteit. Bijvoorbeeld door het gebruik van de fiets en het OV of de aanschaf van elektrische auto’s en schone bussen te stimuleren.

6.2. Luchtkwaliteit 6.2.1. Schone energie Alle maatregelen in het kader van de energietransitie – energiebesparing, opwek van duurzame energie en duurzaam materiaalgebruik – die zorgen voor minder uitstoot van CO2 dragen ook bij aan minder uitstoot van stikstofdioxide en fijnstof. Hout is een duurzaam bouwmateriaal en kan vanwege de schadelijke effecten niet worden beschouwd als een duurzame energiebron.

6.2.2. Duurzame mobiliteit Emissiearm gemeentelijk wagenpark en zakelijk verkeer In het vervangingsprogramma van het wagen- en machinepark is de doelstelling opgenomen dat het eigen wagenpark of geleaset materieel per 2025 voor 84% zero emissie is. Per 2030 streven we naar 100%. De doelstelling voor zakelijk verkeer van de gemeente is 100% zero emissie per 2025.

Aanbesteden inzet emissiearme mobiele werktuigen Bij aanbestedingen waarbij inzet van mobiele werktuigen nodig is, neemt de gemeente gunningscriteria op in de vorm van bonuspunten voor emissiearme werktuigen, met een maximale score voor zero-emissie werktuigen. Deze zijn gebaseerd op MVI-criteria van het Expertisecentrum Aanbesteden van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (PIANOo).

35

Verbeteren OV-bereikbaarheid Leidschendam-Zuid Onderzoek naar een mogelijke extra halte van lijn 19 in de gebiedsontwikkeling Overgoo heeft geleid tot de conclusie dat de vervoerwaarde in relatie tot de hoge kosten onvoldoende is. Als alternatief worden maatregelen genomen om de toekomstige wijk Overgoo en Leidschendam-Zuid beter te laten aansluiten op het bestaande openbaar vervoer. In samenwerking met de metropoolregio willen we de OV-knoop LeidschendamVoorburg beter ontsluiten op Leidschendam-Zuid, door de route voor het langzaam verkeer te verbeteren (fietsstraat), een vervoershub te realiseren aan de Vliet (met P+R functie, goede fietsparkeervoorzieningen en deelmobiliteit) en de toegankelijkheid van de halte te verbeteren. De verkenning wordt in 2023 gestart.

Metropolitane fietsroutes Er lopen 2 metropolitane fietsroutes door onze gemeente, namelijk tussen Pijnacker – Den Haag en tussen Den Haag en Leiden (Velostrada). Voor de fietsroute PijnackerDen Haag wordt gewerkt aan een schetsontwerp en samenwerkingsovereenkomst, waarvan de vaststelling in 2023 gepland staat. Voor de fietsroute Den Haag-Leiden wordt de herinrichting van het kruispunt Appelgaarde-Populierendreef-Hofzichtlaan gecombineerd met werkzaamheden voor de komst van nieuw materieel op tramlijn 6 in 2025. De uitvoering van beide start naar verwachting in 2025. Daarnaast vindt onderzoek plaats naar de optimalisatie van de regionale fietsroute Sijtwende, gekoppeld aan het Rijkswaterstaatproject A4 Haaglanden – N14. Hierover wordt in 2023 een besluit genomen.

Elektrische auto’s Voor de uitbreiding van de openbare laadinfrastructuur zijn wij onderdeel van de regionale concessie, welke in 2021 van start is gegaan. Het openbaar laadnetwerk breidt zich steeds verder uit. Aandachtspunt hierbij is dat het energienet ook moet meegroeien met deze stijgende behoefte. Rijders van elektrische voertuigen (zonder parkeren op eigen terrein) kunnen een openbare laadpaal aanvragen op maximaal 200 meter van hun woon- of werklocatie. Daarnaast zal in 2023 een pilotproject worden gedaan met verlengd privaat laden vanuit de woning (met kabelgoten). Ten slotte wordt in 2023 beleid voor elektrisch laden (laadkader) ter vaststelling aangeboden aan het college van B en W, inclusief de wenselijkheid van laadstraten, snellaadpalen en bidirectionele laadpalen.

Mobiliteits- en parkeerbeleid De Nota Parkeerbeleid en de Bouwsteen Mobiliteit en Bereikbaarheid zijn in 2021 vastgesteld. Uitgangspunt is dat realisatie van woningen, arbeidsplaatsen en voor­ zieningen niet meer altijd tot extra infrastructuur en parkeerplaatsen kan leiden als we de leefbaarheid en het groene karakter van de gemeente willen behouden. Daarom is het beleid gericht op beter benutten van de bestaande capaciteit en stimuleren van alternatieve vervoersmiddelen (geleidelijke mobiliteitstransitie). Dit wordt toegepast in diverse uitwerkingsnota’s, zoals het Plan van aanpak uitwerking parkeerbeleid en de Nota parkeernormen, die in 2023 ter besluitvorming worden voorgelegd aan de gemeenteraad.

Fietsen en lopen De gemeente zet zich in om met name op korte ritten duurzame mobiliteitsvormen te stimuleren. Jaarlijks wordt meegedaan aan de Schoolbrengweek, waarbij kinderen worden gestimuleerd lopend of fietsend naar school te komen. Ook wordt ieder jaar het fietsverkeersexamen georganiseerd. In 2023 wordt een Verkeersveiligheidsplan opgesteld, waarin aandacht zal zijn voor de schoolomgeving en het stimuleren van fietsen en lopen.

36

Deelmobiliteit Een pilot met deelscooters van Felyx wordt in 2023 geëvalueerd. Per 1 februari 2023 is de HTM gestopt met het aanbieden van deelfietsen omdat het gebruik achterbleef bij de verwachtingen. Voor deelauto’s wordt in 2023 een pilot in Leidschendam Centrum opgestart. In 2023 wordt deelmobiliteitsbeleid opgesteld, zowel voor deelauto’s als deelfietsen en -scooters.

Woon-werkverkeer en zakelijk verkeer De gemeente informeert en adviseert werkgevers over mogelijkheden voor het stimuleren van duurzame mobiliteit. Daarnaast geeft de gemeente zelf het goede voorbeeld door medewerkers te stimuleren fiets en OV te gebruiken in woon-werkverkeer en zakelijk verkeer.

Snelheidsverlaging snelwegen Samen met regionale partners lobbyt de gemeente bij het Rijk voor snelheidsverlaging naar 80 km/u op de rijkswegen A4 en A12.

Milieuzones In 2023 onderzoekt de gemeente de effectiviteit en haalbaarheid van milieuzones inclusief een zero emissiezone vrachtverkeer. Het instellen daarvan is een maatregel in het CO2-reductieplan van de MRDH. De potentie van logistieke hubs en slimme bevoorrading wordt in het haalbaarheidsonderzoek meegenomen.

6.2.3. Houtstook, vuurwerk en andere bronnen Houtstook Bij de verbranding van hout komt rook vrij die schadelijk is voor de gezondheid en hinder kan veroorzaken. Vooral mensen met luchtwegaandoeningen, hart- en vaatziekten, ouderen en kinderen kunnen meer en eerder klachten ontwikkelen als zij met houtrook in aanraking komen. Houtrook is een mengsel van stoffen waaronder fijn stof, koolmonoxide, vluchtige organische stoffen, PAK’s en roet. De uitstoot van fijn stof door houtstook is in Nederland groter dan die van wegverkeer. De gemeente zet in op voorlichting over en bewustwording van de gezondheids- en hinderimpact van houtstook. Dit gebeurt via de eigen website en (social) media met behulp van door het Rijk beschikbaar gesteld materiaal. Een regionaal stookalert van het RIVM bij ongunstig weer geeft de gemeente actief door. Via de app Stookwijzer.nu kunnen inwoners op elk moment checken of houtstoken mag of dat je dat beter niet kunt doen. Met behulp van de Routewijzer houtstook en overlast gaat de gemeente de aanpak van uitstoot of overlast van houtstook bij woningen verder verbeteren.

Vuurwerk Het eindejaarsvuurwerk zorgt vooral in de eerste uren na de jaarwisseling voor sterk verhoogde concentraties schadelijke stoffen. De bijdrage van vuurwerk aan de jaar­ gemiddelde concentraties fijnstof bedraagt enkele procenten. De gemeente zet in op voor­ lichting en bewustwording en het faciliteren van vrijwillige vuurwerkvrije straten en buurten.

Andere bronnen Andere lokale bronnen zijn bedrijven. De gemeente faciliteert lokale bedrijven waar mogelijk bij de verduurzaming inclusief emissiereductie. Ten aanzien van verduurzaming en emissiereductie bij veehouderijen werkt de gemeente mee aan de provinciale gebiedsprocessen gericht op toekomstbestendige, natuurinclusieve landbouw.

37

6.3. Waterkwaliteit Rijk, provincie, waterschappen en gemeenten staan samen aan de lat om in 2027 te voldoen aan de waterkwaliteitseisen uit de Europese Kaderrichtlijn Water. Een enorme opgave omdat de waterkwaliteit zich niet makkelijk laat sturen. Klimaatverandering (hogere temperaturen), emissies uit landbouw, tuinbouw en van zuiveringsinstallaties, emissies uit de bodem… allemaal hebben zij invloed op waterkwaliteit en de ecologische toestand van watergangen. Als gemeente kunnen wij de waterkwaliteit en de ecologische toestand verbeteren door natuurvriendelijke oevers en vispaaiplaatsen aan te leggen, de doorstroming te verbeteren, riooloverstorten te beperken door schoon regenwater af te koppelen en door andere vormen van waterbeheer toe te passen. Met partners werkt de gemeente ook aan het reduceren van emissies uit de landbouw, tuinbouw en bedrijven. Het actief verwijderen van kroosdekken draagt bij aan de verbetering van waterkwaliteit. In 2018 is hier via een pilot een begin mee gemaakt door het kroosvrij maken van circa 11.000 m2 aan wateroppervlak. In 2023 wordt dit uitgebreid naar 18.000 m2 en dan met name in de parken en op overlastlocaties.

Als onderdeel van de herontwikkeling Vlietvoorde worden extra natuurvriendelijke oevers en een natte ecologische zone aangelegd alsmede een helofytenfilter waarmee het grijze afvalwater van nieuwe woningen op natuurlijke wijze gezuiverd kan worden. Met het Hoogheemraadschap verkent de gemeente of er ruimte langs de oeverlijn van de Vliet is voor vispaaiplaatsen of vissenbossen.

6.4. Activiteiten Activiteit

2023

2024

2025

2026

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Luchtkwaliteit: Uitvoeren maatregelenpakket CO2 -reductie vanuit MRDH (onder andere emissiearm onderhoud en stimuleren duurzame mobiliteit in woon-werkverkeer) Met MRDH verkennen van mogelijkheden beter ontsluiten Leidschendam-Zuid op OV-knoop Leidschendam-Voorburg Uitwerking en realisatie maatregelen metropolitane fietsroutes Stimuleren elektrisch rijden door uitbreiden openbare laadpalen en pilot kabelgoten Deelmobiliteit: evalueren pilot deeltweewielers, opzetten pilot deelauto’s Damcentrum en opstellen deelmobiliteitsbeleid Haalbaarheidsonderzoek milieuzones inclusief logistieke hubs

x

x

Waterkwaliteit: Ecologisch beheer en onderhoud watergangen en oevers

x

x

x

x

Kroosverwijdering bij 18.000 m2 watergang

x

x

x

x

Aanleg natte ecologische zone Vlietvoorde

x

x

Aanleg helofytenfilter Vlietvoorde

x

Verkenning kansen vispaaiplaats/vissenbos oeverlijn Vliet Samenwerking/ bevordering reductie emissies vanuit riool, openbare ruimte, landelijke gebied Onderzoek met waterschap naar meer natuurlijke inrichting watersysteem Voorkomen riooloverstorten/ emissies vanuit stedelijk gebied door afkoppelen en wegwerken problematische overstorten

38

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x x

7.

7. Thema: Duurzame gemeentelijke organisatie In de ontwikkeling naar een toekomstbestendig Leidschendam, Stompwijk en Voorburg geeft de gemeentelijke organisatie zelf het goede voorbeeld. Daarom werkt de gemeente aan het verankeren van duurzaamheid in de eigen bedrijfsvoering, van inkoop- en personeelsbeleid tot en met het beheer van het eigen vastgoed en wagenpark.

7.1.

Vertrekpunt

In 2050 wil Nederland klimaatneutraal zijn. Dat wil zeggen dat de netto uitstoot van broeikasgas in 2050 nul is. In het nationale Klimaatakkoord is afgesproken dat overheden de eigen vastgoedportefeuille aanpakken. In de LES is de doelstelling opgenomen dat het eigen vastgoed in 2040 energieneutraal en in 2050 CO2-neutraal is. In de LES is ook de doelstelling opgenomen dat de gemeentelijke bedrijfsvoering in 2040 CO2-neutraal is. De gemeente stuurt aan op een CO2-reductie in lijn met de landelijke doelen van 55% in 2030 (60% waar mogelijk) ten opzichte van 1990. Als in 2040 het doel niet is bereikt, zal de gemeente haar eigen CO2-footprint compenseren. Een routekaart toont de mogelijkheden en beperkingen voor een energieneutrale gemeentelijke vastgoedportefeuille in 2040. In de afgelopen jaren heeft de gemeente onder meer zonnepanelen geplaatst, groene daken aangelegd, extra isolatie aangebracht en waar mogelijk duurzame warmteoplossingen geïnstalleerd. Ook bij nieuwbouw geeft de gemeente het goede voorbeeld. Bij de bouw van scholen wordt gestreefd naar energieneutrale gebouwen (ENG) en wordt minimaal de wettelijke eis BENG (Bijna Energieneutrale gebouwen) gehanteerd. We stellen middelen beschikbaar om stappen naar ENG te maken. Elk nieuw schoolgebouw wordt aardgasvrij opgeleverd. Ook wordt bij nieuwbouw ingezet op groene en klimaatrobuuste schoolpleinen.

Doordat klimaatadaptatie in het Handboek Beheer Openbare Ruimte is opgenomen en er een handreiking duurzaam bouwen is opgesteld zijn beide thema’s verankerd in het gemeentelijk beleid en beheer. De handreiking duurzaam bouwen is ook het uitgangspunt voor ontwikkeling en beheer van het eigen vastgoed. Vanaf 2023 worden medewerkers van de gemeente getraind in de werkwijzen van duurzaam bouwen. Circulariteit is een belangrijk onderdeel van duurzaamheid in de gebouwde omgeving. Hiervoor gelden 5 uitgangspunten: • Zo mogelijk gebruiken we een bestaand gebouw of de bestaande constructie. • We gebruiken bij voorkeur hernieuwbare, biobased materialen, zoals hout. • We minimaliseren de milieu-impact door te kiezen voor hergebruikt materiaal en een zo laag mogelijke milieubelasting tijdens het bouwproces, bijvoorbeeld door de inzet van elektrische bouwmachines. • Bij utiliteitsbouw houden we er rekening mee dat de functie van een gebouw kan wijzigen, zodat er een langere levensduur van materiaal wordt bereikt. • We streven naar onderdelen van gebouwen die losmaakbaar of demontabel zijn, zodat de onderdelen op termijn op een andere manier opnieuw kunnen worden ingezet.

40

In de komende jaren is verduurzaming van de gemeentelijke organisatie voornamelijk gericht op CO2-reductie en de toename van circulair gebruik van materialen in de organisatie en bedrijfsvoering.

7.2. Naar structurele verduurzaming Inzicht in de CO2-uitstoot van de organisatie, gekoppeld aan de beschikbare middelen, bepaalt welke reductiemaatregelen worden uitgevoerd. Daarom wordt een meetinstrument gekozen en een nulmeting gedaan. Het geleidelijk verduurzamen van de openbare verlichting draagt bij aan de doelstelling om in 2030 50% energiebesparing ten opzichte van 2013 te realiseren. Zoals in paragraaf 6.3 is aangegeven, streeft de gemeente naar zero emissie van het eigen wagen- en machinepark in 2030. Daarom worden voertuigen van de dienst Stadsbeheer omgebouwd tot elektrische voertuigen en worden gefaseerd nieuwe elektrische voertuigen aangeschaft. Er is eerder een krediet beschikbaar gesteld voor de verduurzaming van een aantal gemeentelijke panden. Dit krediet kan tot en met 2024 worden gebruikt. In 2024 wordt een beleidskader voor de verduurzaming van het overige gemeentelijk vastgoed vastgesteld, inclusief de benodigde financiële middelen. Uitgangspunt is dat verduurzaming een logisch onderdeel is van onderhoud of nieuwbouw van gemeentelijk vastgoed. De gemeente zal bij het verder verduurzamen van haar vastgoed in de pas lopen met de planning van de wijkaanpak energietransitie. Op 1 juli 2023 treedt het ‘Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit’ in werking. Dit besluit vloeit voort uit het Klimaatakkoord.

Op grond van het Besluit zijn werkgevers verplicht jaarlijks over de werkgebonden reisgegevens van werknemers te rapporteren. Medewerkers worden gestimuleerd om het autoverkeer te verminderen door meer gebruik te maken van de fiets en het OV. In de komende jaren wordt beleid opgesteld en uitgevoerd voor circulariteit in de eigen organisatie en bedrijfsvoering. Duurzaamheid zal als overkoepelend thema in toenemende mate bepalen welke afwegingen en beleidskeuzes binnen de gemeentelijke organisatie worden gemaakt. Dit vraagt om: • Goede begeleiding van medewerkers • Overdracht van relevante kennis • Een duidelijk afwegingskader voor duurzaamheidscriteria dat medewerkers in staat stelt duurzaamheid in projectmatig werken en besluitvorming te integreren.

7.3. Verantwoording realisatie doelstellingen Gemeenten gaan in de toekomst rapporteren over de realisatie van duurzaamheidsdoelstellingen. Naar verwachting wordt de ESG-methodiek gebruikt om duurzaamheidsprestaties meetbaar te maken. De gemeente zal daarom bij de ontwikkeling van het monitoringsinstrument van het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 zorgdragen voor aansluiting bij de relevante onderdelen van de ESG-methodiek. ESG staat voor Environmental, Social & Governance. Milieuaspecten omvatten onder andere water- en energieverbruik, circulariteit en CO2-uitstoot. Sociale aspecten zijn leefbaarheid, diversiteit en de omgang met medewerkers of huurders. Governance draait om het waarborgen van de processen, zoals hoe je corruptie voorkomt en privacy en gegevensbescherming waarborgt.

41

7.4. Activiteiten Activiteiten

2023

Onderzoeken en bepalen meetinstrument CO2-uitstoot gemeentelijke organisatie Nulmeting CO2-uitstoot gemeentelijke organisatie organisatie Nulmeting circulariteit gemeentelijke organisatie

2025

2026

x x

Onderzoek en opstellen meetinstrument circulariteit gemeentelijke

2024

x

x x

Beleid opstellen circulariteit gemeentelijke organisatie

x x

x

Beleidskader verduurzaming gemeentelijk vastgoed ontwikkelen in relatie tot de planning wijkaanpakken energietransitie en

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

aanvragen financiële middelen Uitvoeren beleid verduurzaming vastgoed (actieplan 2021-2024 + actieplan 2025-2028) Bepalen en uitvoeren duurzaamheidsmaatregelen per afdeling Rapportage werkgebonden reisgegevens

x

CO2-reductie woon-werkverkeer en dienstreizen realiseren Ontwikkelen van een afwegingskader voor integratie duurzaamheidsaspecten in investeringen, bedrijfsvoering en

x

projecten Uitvoeringsplan bewustwording en betrokkenheid duurzaamheid

x

x

x

x

x

Verduurzamen wagenpark

x

x

x

x

Verduurzamen openbare verlichting

x

x

x

x

Training duurzaam bouwen organiseren

x x

x

x

x

x

x

interne organisatie Circulariteit en verduurzaming sloop/nieuwbouw stadsbeheer locatie (pilot)

Training duurzaam bouwen organiseren Uitvoeren Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven & Inkopen (MVOI) Ontwikkelen monitoringsinstrument in relatie tot ESG-methodiek

42

x x

8.

8. Financiën In dit hoofdstuk wordt per thema toegelicht welke financiële middelen worden ingezet voor de realisatie van de activiteiten in dit uitvoeringsprogramma. Uitgangspunt is dat verduurzaming zo veel mogelijk als onderdeel van het reguliere werk wordt bekostigd. Om verandering in gang te zetten en te versnellen wordt gebruik gemaakt van de middelen van het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid. Een deel van de activiteiten wordt dan ook gefinancierd vanuit de lijnafdelingen en een deel vanuit het programma.

De komende jaren zetten we, in lijn met het Coalitieakkoord 2022-2026 en de gestegen urgentie, in op intensivering en versnelling. De combinatie van huidige middelen vanuit de exploitatiemiddelen, de reserve en extra middelen vanuit het Rijk maakt dat mogelijk. Dit betekent bijvoorbeeld dat we in de komende 4 jaar: • Extra mensen inzetten voor de energietransitie en de wijkaanpak • Een onderzoek naar schone energie in de eerste transitiewijk kunnen laten uitvoeren • Meer middelen inzetten voor het ondersteunen van initiatieven in de samenleving • Meer middelen beschikbaar stellen voor subsidies voor isolatie en groene daken • Middelen beschikbaar stellen voor vergroening en het herstellen van de biodiversiteit • Extra middelen inzetten voor de aanpak van energiearmoede • Extra projecten starten voor een circulaire samenleving • Extra capaciteit inzetten om gericht te sturen op de CO2-reductie van onze organisatie en een beleidskader gemeentelijk vastgoed ontwikkelen • Naast de cofinanciering van duurzaamheidsmaatregelen voor bestaande onderwijsinstellingen, ook bovenwettelijke maatregelen voor nieuwbouw zullen ondersteunen We volgen de ontwikkelingen op het vlak van duurzaamheid op de voet en spelen waar nodig en mogelijk flexibel op veranderingen in. Dat kan betekenen dat er in de komende 4 jaar aanvullende financiering of wijzigingen aan de raad worden voorgelegd.

Daarnaast zijn een aantal acties en activiteiten uit het uitvoeringsprogramma gericht op het uitvoeren van onderzoeken, het verkrijgen van inzicht en het op gang helpen van projecten. Voor het uitrollen van activiteiten en projecten zal, per onderdeel, vanuit het programma of de lijnafdeling, apart budget worden aangevraagd. Het programma wordt uitgevoerd met middelen uit een aantal financieringsbronnen. De uitvoeringsmiddelen tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaaten energiebeleid (CDOKE), andere subsidies van het Rijk, exploitatiemiddelen en de bestemmingsreserve duurzaamheid en energietransitie worden optimaal ingezet om de doelen voor de korte (2026) en lange termijn (2050) te behalen. Vanaf 2023 ontvangt de gemeente extra middelen van het Rijk (CDOKE). Dit brengt een herziening met zich mee van zowel het bestedingsplan van de bestemmingsreserve als de begroting.

44

In de komende 4 jaar zijn de volgende middelen begroot, opgesplitst naar financieringsbron: Financieringsbron

2023

2024

2025

2026

totaal

€ 1.701

€

5.571

228

–

€

1.058

–

–

€

460 1.150

Rijksmiddelen CDOKE

€

866

€ 1.382

€ 1.622

Nationaal isolatieprogramma

€

430

€

400

€

Rijkssubsidie SPUK 2022

€

130

€

330

Rijksbijdrage PAW

€

175

€

175

€

400

€

400

€

Exploitatiemiddelen

€

500

€

500

€

500

€

500

€ 2.000

Bestemmingsreserve duurzaamheid en energietransitie

€ 1.963

€ 3.185

€ 1.753

€ 1.953

€ 8.854

Eindtotaal

€ 4.064

€ 5.972

€ 4.503

€ 4.554

€ 19.093

Noot: bedragen zijn x € 1.000

8.1.

Thema: Participatie, samenleving en educatie

De in paragraaf 2.2 beschreven activiteiten, faciliteren, communiceren en samenwerken, zijn in de begroting samengebracht in het onderdeel ‘gemeentebrede aanpak energietransitie’. Met deze activiteiten richten we ons op alle inwoners, bedrijven, instellingen en stakeholders. In paragraaf 2.3 staan de wijkaanpakken beschreven. De middelen voor de participatie en communicatie in de wijken zijn in de begroting samengebracht in het onderdeel ‘wijkaanpakken energietransitie’. De middelen voor de wijkaanpak groenbeheer zijn ondergebracht in de begroting van de afdeling stadsbeheer. Voor de Heuvel-/Amstelwijk is gericht onderzoek gedaan naar de haalbaarheid van aquathermie. Hierbij gaat het om de winning van warmte en koude uit de rivierwaterleiding van Dunea. Naar aanleiding van deze verkenning heeft het college besloten een subsidieaanvraag in te dienen voor een aardgasvrije wijk. Deze aanvraag is in 2022 gehonoreerd door het landelijke Programma Aardgasvrije Wijken. Voor deze eerste transitiewijk heeft de rijksoverheid een PAW-subsidie van € 3.930.579 exclusief BTW toegekend. De uitkering kan worden ingezet voor de projectaanpak en de financiering van de onrendabele top bij de uitvoering van het project en eventuele opschaling naar wijkniveau zodat de oplossing voor bewoners haalbaar en betaalbaar is.

De kosten moeten direct gerelateerd zijn aan de betreffende proeftuin en het – al dan niet stapsgewijs – aardgasvrij maken daarvan. Van de PAW-subsidie kan € 400.000 worden besteed aan het financieren van het proces en de benodigde onderzoeken. In paragraaf 2.4 zijn de activiteiten voor de scholen beschreven. De benodigde middelen staan bij het onderdeel ‘educatie’. In de volgende tabel staan de financiële middelen voor de duur van dit uitvoeringsprogramma beschreven. Per onderdeel staat aangegeven uit welke financieringsbronnen de middelen afkomstig zijn.

45

Onderdeel

Financieringsbron

2023

2024

2025

2026

Onderdeel energietransitie Gemeentebrede aanpak

Bestemmings­reserve D&ET

€ 144 € 144 € 144 € 144

Energietransitie

Exploitatie programma

€

25 €

5 €

5 €

5

duurzaamheid Rijksmiddelen CDOKE

€ 331 € 481 € 481 € 481

Wijkaanpakken

Rijksbijdrage PAW

€

Energietransitie

Rijksmiddelen CDOKE

€ 148 €

Educatie

Bestemmings­reserve D&ET

€

6 €

6

Verenigingen

Exploitatie programma

€

15 €

15 €

175 €

175 € 400 € 400 231 €

471 € 520

Onderdeel participatie overig

15 €

15

duurzaamheid Totaal

€ 824 € 1.057 € 1.516 € 1.565 € 4.962

Noot: bedragen zijn x € 1.000 Noot: bij educatie staan de reeds geplande lesmodules begroot. De benodigde middelen voor extra lespakketten worden verkregen uit ‘overige uitgaven duurzaamheid’, zie thema Energie.

8.2. Thema: Energie De activiteiten die beschreven zijn in paragraaf 3.1, 3.2, 3.3 en 3.6 zijn in de begroting ondergebracht in onderstaande subthema’s.

Gemeentebrede aanpak energietransitie In het onderdeel gemeentebrede aanpak energietransitie zijn de volgende activiteiten ondergebracht: • Personele kosten van het programma, RES en TVW • Stimuleren van energiebesparing of duurzame opwek bij vastgoed • Faciliteren van duurzaamheidsinitiatieven • Begeleiding van VvE’s bij het aanvragen van subsidie voor een DMJOP en het vervolgtraject • Organisatie van collectieve inkoopacties • Onderzoeken, advies en begeleiding

Nationaal isolatieprogramma In het onderdeel Nationaal Isolatieprogramma zijn de activiteiten opgenomen voor energiebesparende maatregelen voor huishoudens met energiearmoede en de isolatiemaatregelen van huurwoningen met lage labels. De komende jaren kunnen vanuit het Rijk nog extra financiële middelen ten behoeve van de energietransitie volgen. Zo zal de gemeente in 2023 nog een aanvraag doen bij het Rijk voor een bedrag van € 400.499 en in 2024 een bedrag van € 228.443 ten behoeve van isolatie van woningen om meer energiebesparing te realiseren. Met deze gelden vanuit de Nationale Isolatieaanpak kunnen de slechtst geïsoleerde woningen (label D en lager) versneld worden aangepakt. De bedragen zijn alvast opgenomen in onderstaand overzicht.

Stimuleringsregelingen energietransitie In het onderdeel stimuleringsregelingen energietransitie zijn het beleid en de uitvoering van subsidiemaatregelen opgenomen, de kosten van het verstrekken van de subsidies

46

isolatie en groen dak en de rentekorting op de lening van het Warmtefonds. We blijven ook de komende jaren alert op de mogelijkheid om extra subsidies van het Rijk of Provincie Zuid-Holland aan te vragen en we gaan door met collectieve inkoopacties. In dit onderdeel stimuleringsregelingen zijn ook de middelen voor de regeling voor de eerste transitiewijk voor de financiering van de DMJOP’s en de begeleiding van de VvE’s opgenomen. De verwachte lasten zijn € 120.000 en worden gedekt uit de reserve duurzaamheid en energietransitie.

Verduurzaming onderwijsvastgoed Met het onderwijsveld zijn nadere afspraken gemaakt over het verduurzamen van onderwijsvastgoed. De gemeente ondersteunt de begeleiding van de scholen in het proces en met financiële middelen. Er is een voorziening verduurzaming onderwijshuisvesting gemaakt. Onderwijsinstellingen kunnen voor bestaand vastgoed gebruikmaken van deze stimuleringsregeling voor betere isolatie, ventilatie en het terugdringen van energieverbruik, waarbij 50% van de investeringskosten worden vergoed door de gemeente. Voor nieuwbouw van onderwijsvastgoed stelt de gemeente extra middelen beschikbaar om te investeren in bovenwettelijke maatregelen met als doel de gebouwen richting ENG te brengen. In de volgende tabel staan de financiële middelen voor de duur van dit uitvoerings­ programma beschreven. Per onderdeel staat aangegeven uit welke financieringsbronnen de middelen afkomstig zijn. Onderdeel

Financieringsbron

Gemeentebrede

Bestemmings­reserve

aanpak

D&ET

energietransitie

Exploitatie programma

Isoleren woningen

2023

2024

2025

2026

€

35

€

35

€

35

€

35

duurzaamheid

€

152

€

147

€

147

€

147

Rijksmiddelen CDOKE

€

332

€

545

€

545

€

575

€

130

€

430

€

400

Totaal

Rijkssubsidie SPUK 2022

€ 330

–

–

€

228

–

Nationaal isolatieprogramma Stimulerings­

Bestemmingsreserve

regelingen

D&ET

€

870

€

1.100

€

1.100

€

1.100

energietransitie

Rijksmiddelen CDOKE

€

25

€

50

€

50

€

50

Verduurzaming

Bestemmings­reserve

€

433

€ 1.483

€

394

€

594

onderwijsvastgoed

D&ET

Overige uitgaven

Exploitatie programma

€

47

€

€

30

€

30

duurzaamheid

duurzaamheid

Totaal

€ 2.454

Noot: bedragen zijn x € 1.000

47

47

€ 4.137

€ 2.529

€ 2.531

€ 11.651

8.3. Thema: Klimaatadaptatie, vergroening en biodiversiteit In hoofdstuk 4 zijn de activiteiten voor klimaatadaptatie, vergroening en biodiversiteit beschreven. Een deel van de maatregelen, zoals beheer en onderhoud, wordt meegenomen in het reguliere werk en daarmee in de begroting van de lijnafdelingen. De personele lasten van het maken van het GroenActiePlan zijn opgenomen in de begroting van MRO. Voor het realiseren van de extra ambities en maatregelen voor klimaatadaptatie, vergroening en biodiversiteit worden beschikbare exploitatiemiddelen ingezet. Door de extra rijksmiddelen voor de energietransitie is het mogelijk om deze ambities vanuit de exploitatiemiddelen te realiseren. Vanuit de middelen van het programma duurzaamheid zijn ook financiële middelen gereserveerd voor het ondersteunen van initiatieven van stakeholders voor dit thema. We bekijken samen met scholen de mogelijkheden van groene schoolpleinen. Realisatie kan plaatsvinden door een combinatie van onderstaande middelen en de benutting van subsidies via waterschap, provincie en fondsen. In onderstaande tabel staan de totale kosten die vanuit de middelen van het programma worden bijgedragen aan klimaatadaptatie, vergroening en biodiversiteit. Onderdeel

Financieringsbron

2023

2024

2025

2026

Totaal

Klimaatadaptatie,

Exploitatie programma

€ 231

€ 266

€ 283

€ 283 € 1.063

vergroening en biodiversiteit

duurzaamheid

Noot: bedragen zijn x € 1.000

8.4. Thema: Circulariteit In hoofdstuk 5 zijn de activiteiten voor het verminderen van het gebruik van grondstoffen in de gemeente beschreven. De kosten van het ontwikkelen van het circulair afvalbeleid zijn opgenomen in de begroting van MRO. Vanuit het programma duurzaamheid worden de kosten van het ontwikkelen van het beleid gedekt en er zijn beperkt financiële middelen voor het starten van projecten. Als uit het beleid volgt dat deze middelen niet toereikend zijn, wordt een voorstel ter besluitvorming naar de raad gebracht. Onderdeel

Financieringsbron

2023

Ontwikkelen circulair beleid

Rijksmiddelen CDOKE

€ 20

Uitvoeren circulair beleid

Rijksmiddelen CDOKE

Totaal

2024

2025

2026

€ 20

€ 55

€ 55

€ 55

€ 40

€ 55

€ 55

€ 55

Totaal

€ 205

Noot: bedragen zijn x € 1.000

8.5. Thema: Lucht- en waterkwaliteit In hoofdstuk 6 zijn de activiteiten voor de verbetering van de lucht- en waterkwaliteit beschreven. Het grootste deel van de kosten is reeds ondergebracht in de begroting van de lijnafdelingen. De kosten van het formuleren van beleid en de uitvoering zijn opgenomen in de begroting van MRO. Daarnaast is er in de begroting van het programma beperkte ruimte voor het bijdragen aan onderzoek en advies, zie de navolgende tabel. Onderdeel

Financieringsbron

2023

2024

2025

2026

Totaal

Onderzoek en advies

Exploitatie programma

€

€

€

€

€ 60

duurzaamheid

Noot: bedragen zijn x € 1.000

48

15

15

15

15

8.6. Thema: Duurzame gemeentelijke organisatie In hoofdstuk 7 zijn activiteiten beschreven ten behoeve van het verduurzamen van de gemeentelijke organisatie. Er zijn beperkt middelen beschikbaar voor initiatieven die bijdragen aan de verduurzaming van de organisatie. Ook vanuit reguliere budgetten binnen de gemeentebegroting worden activiteiten uitgevoerd die bijdragen aan verduurzaming van de gemeente. Deze middelen zijn verspreid in de begroting van de diverse afdelingen terug te vinden en betreffen de toepassing van duurzaamheid in alle activiteiten in de gemeentelijke organisatie, zoals inkoop, vastgoed en openbare verlichting. Afdelingsmanagers zijn verantwoordelijk voor deze middelen. In dit uitvoeringsplan zijn nieuwe activiteiten opgenomen, namelijk de 0-meting van de CO2-uitstoot en circulariteit en het opstellen van een plan van aanpak voor de CO2-reductie en de vermindering van het gebruik van grondstoffen (die ook bijdraagt aan CO2-reductie). De personele middelen hiervoor worden gefinancierd vanuit het programma duurzaamheid. Het plan van aanpak en een voorstel voor de dekking van de kosten van de uitvoering zal in 2024 aan de raad worden voorgelegd. De ontwikkeling van de monitoringstool wordt gefinancierd vanuit het programma duurzaamheid.

Lasten Verduurzaming gemeentelijk vastgoed Vanuit de bestemmingsreserve zijn middelen gereserveerd om te starten met het verduurzamen van een aantal specifieke gemeentelijke panden. In eerdere besluitvorming is expliciet de keuze gemaakt om dit te doen als eerste stap om verduurzaming van panden binnen de organisatie aan te jagen en hiervan te leren. Van 2021 tot en met 2024 is hiertoe een krediet van € 890.000 beschikbaar gesteld. Na uitputting van dit krediet moet verdere verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed vanaf 2025 worden verankerd in de meerjarige onderhoudsplannen en de meerjarenbegroting op basis van het beleidskader gemeentelijk vastgoed. Aan deze eerdere besluitvorming houden we vast vanuit het uitgangspunt dat duurzaamheid onderdeel moet zijn van de reguliere aanpak van alle onderdelen in de organisatie. Om dit proces aan te jagen en te faciliteren wordt vanuit dit programma geld vrijgemaakt voor capaciteit voor het maken van het beleidskader gemeentelijk vastgoed (afdeling MRO) en voor het kunnen maken van een start bij de uitvoering ervan (afdeling SB). Onderdeel

Financieringsbron

2023

2024

2025

2026

CO2-reductie en

Bestemmingsreserve D&ET

€ 33

€ 80

€ 80

€ 80

circulariteit

Rijksmiddelen CDOKE

€

10

€ 20

€ 20

€ 20

Verduurzaming eigen

Bestemmingsreserve D&ET

€ 442

€ 337

–

–

Exploitatie programma

€

€

Totaal

gemeentelijk vastgoed Monitoring

15

5

€

5

€

5

duurzaamheid Totaal

€ 500

Noot: bedragen zijn x € 1.000

49

€ 442

€ 105

€ 105 € 1.152

bijlagen

Bijlage 1 – Overzicht doelstellingen middellange en lange termijn Onderdeel

Huidige situatie

2026

2030

2050

Energie

– RES 1.0 + LES

Wijkuitvoeringsplan

Realisatie 49% minder

– CO2-neutraal

– TVW

De Heuvel-Amstelwijk

CO2-uitstoot t.o.v. 2010

– Gestart met 1e

gereed en gestart met

– Circa 1500 woningen

transitiewijk

4e transitiewijk

in transitiewijken aardgasvrij. – 40% van geschikt dakoppervlak benut voor zonne-energie

(incl. opwek buiten gemeente) – 24% van elektriciteitsvraag opwekken in gemeente – Duurzame warmte: aardgasvrij – 35% energie­ besparing in bestaande woningen in 2050 t.o.v. 2015 – 100% van geschikt dakoppervlak benut voor zonne-

Klimaat-

– Bij werkzaam­

– 21.000 m2 groendak

adaptatie en

heden aan riolering

vergroening

vergroening en/

openbare ruimte via

of maatregelen

Operatie Steenbreek

klimaatadaptatie

vanaf 2023

26.000 m2 groendak

– 4.000 m2 onthard in de

energie –D  uurzaam en robuust watersysteem – Alle wijken klimaatbestendig

– Uitvoerings­programma Circulaire

Natuur in de Stad VANG-norm

Nieuw afvalbeleid om

Volledig circulaire

afval-

100 kg restafval per

VANG-norm beter te

afvalverwerking

verwerking

inwoner op jaarbasis

borgen

waarvan 75 kg Lucht-

recyclebaar – SLA

In 2025 een reductie van

kwaliteit,

– MRDH-menukaart

30% CO2-uitstoot ten

gezondheidswinst t.o.v.

duurzame

– Verwijderen

opzichte van 2015

2016 door reductie

mobiliteit en

kroosdekken

– Minimaal 50%

Emissieloze mobiliteit

luchtvervuiling

Water-

binnenlandse bronnen

kwaliteit

– In 2027 voldoen aan Europese Kaderrichtlijn

Duurzame

– Het eigen wagenpark

Water – Zakelijk verkeer van de

gemeen­

of geleased materieel

gemeente is per 2030

te­lijke

is per 2025 84% zero

100% zero emissie

eigen vastgoed

organisatie

emissie

– 50% energiebesparing

energieneutraal

openbare verlichting

en in 2050 CO2-

t.o.v. 2013 – Vastgoed in beheer van

– Circulaire economie – In 2040 is het

neutraal – Gemeentelijke

gemeente heeft in 2030

bedrijfsvoering in

energielabel A

2040 CO2-neutraal, indien nog niet bereikt: vanaf 2040 compenseren.

51

Bijlage 2 – Overzicht mijlpalen per thema Mijlpalen participatie, samenleving en educatie

2023

Start wijkaanpak Leidschendam-Zuid

2024

2025

2026

x

Start wijkaanpak Essesteijn

x

Start Wijkaanpak Klein Plaspoelpolder

x

Resultaten onderzoek Haagse Hogeschool

x

Klimaatakkoord opgesteld

x

Groenbeheerplan Veursehout vastgesteld

x

Groenbeheerplan Prinsenhof vastgesteld

x

Mijlpalen Energie

2023

2024

Vaststellen RES 2.0

n.t.b.

n.t.b.

Evaluatie LES & TVW

x

Pilot zonne-energie op parkeerplaatsen

x

2025

Besluit zonne-energie langs de A4

2026

x

Wijkuitvoeringsplan gereed voor de eerste transitiewijk, de Heuvel-/Amstelwijk.

x

Wijkuitvoeringsplan gereed voor Leidschendam-Zuid

x

Mijlpalen klimaatadaptatie, vergroening en biodiversiteit

2023

Vaststellen GroenActiePlan

x

Biodiversiteit knelpunten en verbeterpunten in beeld

x

2024

2025

2026

Groene bestemming buitengebied in omgevingsvisie verankerd

x

Klimaatstresstest en risicodialoog gereed

x

x

2025

2026

Nieuwe Bomennota

x

Mijlpalen circulariteit

2023

Vaststellen circulair beleid

2024 x

Evaluatie project Verbeteren kwaliteit grondstoffen

x

Start campagne afvalscheiding

x

Vaststelling nieuw afvalbeleid

x

Start nieuw afvalbeleid

x

Mijlpalen luchtkwaliteit, duurzame mobiliteit en waterkwaliteit

2023

Pilot verlengd privaat laden vanuit de woning middels kabelgoten

x

Opstellen deelmobiliteitsbeleid

x

Samenwerkingsovereenkomst metropolitane fietsroute Pijnacker – Den Haag

x

Opstellen Verkeersveiligheidsplan met aandacht voor stimulering schone vervoerwijzen

2024

2025

2026

x

Aanleg natte ecologische zone Vlietvoorde

x

Aanleg helofytenfilter Vlietvoorde

x

Mijlpalen duurzame gemeentelijke organisatie

2023

2024

Inzicht in CO2-uitstoot gemeentelijke organisatie

x

Inzicht in circulariteit gemeentelijke organisatie

x

Vastgesteld afwegingkader duurzaamheidsaspecten

x

Start bewustwordingsactiviteiten medewerkers LV

x

Start cursus duurzaam bouwen

x

Start uitvoering manifest MVOI

x

52

2025

2026

Bijlage 3 – Stimuleringsmaatregelen energietransitie Actuele regelingen zijn online te vinden, het merendeel op de websites van gemeente Leidschendam-Voorburg en het Regionaal Energie Loket.

Particulieren (eigenaren, VvE’s en huurders) • • • • • • •

• • • • • • • • • • •

•

• •

Informatie via eigen website en het Regionaal Energieloket Energieadvies online via Regionaal Energieloket Energiecoach gesprekken via Energy Common Energiecoaches via woningcorporaties Subsidieregeling isolatie en groendak Rentekorting Warmtefonds Mensen met beperkte leencapaciteit kunnen lenen tegen 0% rente bij het Nationaal Warmtefonds. En mensen met geen leencapaciteit kunnen tot € 5.000 lenen zonder de eerste 5 jaar af te lossen en tegen 0% rente Collectieve inkoopacties isolatie en glas, zon in 2023 Grote zonnedakenactie Wijkaanpak VVE-advies Energiebespaaradvies en aanbrengen kleine energiebesparende maatregelen voor huishoudens met energiearmoede Witgoedregeling lage inkomens Extra isolatiemaatregelen door corporaties Subsidie Energiebesparing eigen huis (SEEH) voor o.a.

isolatie en (hybride) warmtepompen BTW-vrijstelling zonnepanelen (sinds 2023) BTW 0-tarief op zonnepanelen vanaf januari 2023 Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) woningeigenaren voor (hybride) warmtepomp, zonneboiler, een aansluiting op een warmtenet en isolatiemaatregelen (15% bij 1 maatregel en 30% bij 2 of meer) Subsidieregeling verduurzaming voor Vereniging van Eigenaars (SVVE) woningeigenaren voor (hybride) warmtepomp, zonneboiler, een aansluiting op een warmtenet en isolatiemaatregelen (15% bij 1 maatregel en 30% bij 2 of meer) Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) voor VvE’s (zonnepanelen en kleine windturbines) Subsidie Energiebesparing eigen huis (SEEH) VvE’s (advieskosten, oplaadpunt en isolatiemaatregelen)

MKB/ bedrijven • • • •

Energiescans Q4 2022 (20) Subsidieregeling verduurzaming MKB Tegemoetkoming energiekosten energie-intensief MKB (Tijdelijke Regeling i.v.m. Energiekosten) Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) zakelijk (hybride warmtepomp en zonneboiler)

Scholen • •

Subsidieregeling 50% investering maatregelen + ventilatie Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed (DUMAVA)

Sportverenigingen • • •

Regeling LED-verlichting Gratis energiescan / energiecoaches Stimuleringsregeling bouw en onderhoud sportaccommodaties (BOSA)

53

Colofon Dit is een uitgave van de gemeente Leidschendam-Voorburg. Postbus 1005, 2260 BA Leidschendam www.leidschendam-voorburg.nl T 14 070 April 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=d10ee047-4989-449a-96f3-576fc7f60a7d